CConstaterende datGeldrop-Mierlo
Koppel je AI →
Document · PDF

200923 VNG Model Verordening op de gemeentelijke adviescommissie_nieuwe versie 2020__243154__.pdf

Commissie Ruimte 22 juni 2022, gemeente Geldrop-MierloBij agendapunt: Verordening op de Adviescommissie omgevingskwaliteit gemeente Geldrop-Mierlo16.472 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het borgt ook de wettelijke eis dat enkele leden die deskundig zijn op het gebied van de monumentenzorg in ieder geval worden betrokken bij de advisering over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit (artikel 17.9, eerste lid, van de wet). Vierde lid Met deze bepaling wordt verstrengeling van belangen tegengegaan. Vijfde lid Dit lid verwijst naar de Awb die uitvoerders van wetten een geheimhoudingsplicht oplegt ten aanzien van gegevens waarvan zij het vertrouwelijke karakter kennen of redelijkerwijs moeten vermoeden. Op grond van artikel 2:5, tweede lid, van de Awb is de plicht tot geheimhouding ook van toepassing op instellingen die een wettelijke taak uitvoeren. Daaronder vallen ook adviesorganen. Dit lid plaatst buiten twijfel dat de geheimhoudingsplicht ook op de commissie en de daarvoor werkzame personen van toepassing is. Artikel 9. Afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissie Dit artikel geeft de mogelijkheid om de advisering namens de commissie over te laten aan een of meer leden, al dan niet in een vaste samenstelling als subcommissie. De commissie blijft verantwoordelijk voor het advies. Een goede omschrijving van de volmacht is nodig om aan het advies een doorslaggevende betekenis toe te kennen. Dit kan worden opgenomen in het reglement van orde (artikel 12).

Daarbij moet wel rekening worden gehouden met de wettelijke eis dat enkele leden die deskundig zijn op het gebied van de monumentenzorg in ieder geval worden betrokken bij de advisering over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit (artikel 17.9, eerste lid, van de wet) [en de door de raad vastgestelde taakomschrijving van de stadsbouwmeester (artikel 2, derde lid)]. De commissie kan ervoor kiezen de volmacht te beperken tot de plannen met relatief geringe ruimtelijke betekenis, of plannen waar gelet op meer dan één vergelijkbare vallen de mening van de commissie als bekend mag worden verondersteld. Een ruimere volmacht is mogelijk indien de betrokken leden of de subcommissies volledig beschikken over de professionele deskundigheid die in een specifiek geval nodig is voor de advisering (bijvoorbeeld deskundig op het gebied van cultuurhistorie, bouw- en architectuurhistorie, restauratiearchitectuur, landschap, stedenbouw, Bijlage 1/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

architectuur en archeologische monumentenzorg). Ook hier blijft gelden de wettelijke eis dat enkele leden die deskundig zijn op het gebied van de monumentenzorg in ieder geval worden betrokken bij de advisering over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit (artikel 17.9, eerste lid, van de wet). Artikel 10. Adviseurs Dit artikel geeft de commissie de bevoegdheid zich ten behoeve van de advisering te laten voorlichten door ambtenaren (eerste lid) of door externe deskundigen (tweede lid). Een ambtenaar of een andere deskundige kan ingevolge het derde lid op uitnodiging van de commissie aanwezig zijn bij de vergaderingen of als adviseur deelnemen aan de beraadslagingen. Deze regeling sluit aan op de gegroeide praktijk, waarbij de commissies afhankelijk van de behoefte, specifieke adviseurs inschakelen (bijvoorbeeld een specialist op het gebied van historische interieurs of een specialist op het gebied van duurzaam bouwen). Artikel 11. Verwerking van het advies [Eerste lid Dit lid ziet toe op het vragen van een second opinion aan een gemeentelijke adviescommissie van een andere gemeente in geval het college zich niet kan verenigen met het advies van de commissie. Om oneindig ‘shoppen’ te voorkomen is dit slechts één keer per activiteit toegestaan.

Een advies van de commissie dat voldoet aan de wettelijke eisen van zorgvuldigheid en motivering als bedoeld in artikel 17.9, derde lid, van de wet, behoeft in beginsel geen nadere motivering. Een nadere motivering is wel vereist in geval een aanvrager of een derde-belanghebbende een contra-advies heeft overgelegd, dan wel gemotiveerd aanvoert dat het advies in strijd is met de geldende beoordelingscriteria (zie bijvoorbeeld de uitspraak van 6 mei 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BI2952).] Tweede lid Dit lid is opgenomen met het oog op een goede vervulling van de adviestaak. Daarvoor is nodig dat de commissie voortdurend inzicht heeft in hoe het college omgaat met de uitgebrachte adviezen. Artikel 12. Reglement van orde Eerste lid De commissie stelt een reglement van orde vast. Tweede lid Dit lid geeft aan welke onderwerpen in ieder geval in het reglement van orde worden opgenomen. Derde lid Dit lid regelt de bekendmaking van het reglement van orde. Dat kan als bijlage bij deze verordening, of als aparte bekendmaking met een goede verwijzing naar deze verordening. Juridisch gezien behoeft het reglement van orde niet in de verordening zelf te worden opgenomen. Artikel 13. Relatie met andere adviseurs Dit artikel regelt een goede afstemming tussen de werkzaamheden van andere adviseur(s) op het gebied van de omgevingskwaliteit en de commissie. Artikel 14.

Vergoeding Dit artikel regelt de vergoeding die de leden en de adviseurs, als bedoeld in artikel 10, tweede lid, ontvangen. Dit kan op basis van een gemeentelijke vergoedingsregeling zijn, of van een overeenkomst met een adviesorganisatie. Bijlage 1/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Artikel 15. Jaarverslag Het jaarverslag als bedoeld in artikel 17.9, zesde lid, van de wet kan voor de raad aanleiding zijn voor bijstelling van het gemeentelijk beleid. De commissie kan naar aanleiding van de verrichte werkzaamheden beleidsaanbevelingen doen. Bijvoorbeeld over de in het omgevingsplan op te nemen beoordelingscriteria met betrekking tot de omgevingskwaliteit. Om die reden verschijnt het jaarverslag tijdig vóór de jaarlijkse beleids- en begrotingscyclus in de gemeente. De specifieke bepalingen over het jaarverslag van het college zijn onder de wet vervallen. In verband met de politieke verantwoordelijkheid voor de omgevingskwaliteit heeft het college het voornemen om de bestaande praktijk van verantwoording en terugkoppeling voort te zetten en deze mee te nemen in de verplichte evaluatierapportage over de uitvoering van het omgevingsrecht aan de raad. In de gemeentelijke evaluatierapportage kan bijvoorbeeld aandacht worden besteed aan hoe is omgegaan met de adviezen van de commissie en aan het (tijdig) inwinnen en ontvangen van advies binnen de afdoeningstermijn. Daarnaast wordt de werking van deze verordening ten minste éénmaal in de [aantal (bijvoorbeeld vier)] jaar samen met de commissie geëvalueerd. Artikel 16.

Overgangsrecht [Eerste lid Op grond van dit lid gaan de bestaande leden van de welstands- en monumentencommissies of adviescommissies ruimtelijke kwaliteit zonder aparte benoemingsbesluiten over naar de commissie.] Tweede lid Dit lid regelt dat aanvragen ingediend voor het inwerkingtreden van deze verordening volgens het oude recht door de commissie worden afgedaan. Artikel 17. Vervallen [en intrekking] oude regeling Eerste lid Alleen de regels met betrekking tot de commissies in de [citeertitel Bouwverordening] en de [citeertitel Erfgoedverordening] vervallen op grond van dit lid. [Tweede lid Dit lid ziet toe op de intrekking van de [citeertitel gecombineerde Verordening op de gemeentelijke adviescommissie].] Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel Dit artikel bepaalt het tijdstip van inwerkingtreding en de citeertitel van de verordening.

Bijlage 1/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Leeswijzer modelbepalingen - […] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 2, eerste lid. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 6. - [(iets)] = een duiding ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 4, vijfde lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 5, vierde lid, dat facultatief is en waarbij door gemeente keuzes gemaakt moet worden (uiteraard alleen als besloten wordt het lid over te nemen). Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief (zie ook de implementatiehandleiding, bijlage bij de VNG ledenbrief).

Model Verordening op de gemeentelijke adviescommissie

(nieuw model, september 2020)

Besluit van de raad van de gemeente [naam gemeente] tot vaststelling van de Verordening op de

gemeentelijke adviescommissie [naam gemeentelijke adviescommissie, naam gemeente en eventueel jaartal] (Verordening op de gemeentelijke adviescommissie [naam gemeentelijke adviescommissie, naam gemeente en eventueel jaartal])

De raad van de gemeente [naam gemeente];

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van [datum en nummer]; gelet op de artikelen 108 en 149 van de Gemeentewet en afdeling 17.2 van de Omgevingswet; gezien het advies van de [naam commissie];

besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de gemeentelijke adviescommissie [naam gemeentelijke adviescommissie, naam gemeente en eventueel jaartal]

Paragraaf 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - commissie : gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in artikel 17.9 van de wet, genaamd [naam gemeentelijke adviescommissie]; - goede omgevingskwaliteit: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.3 van de wet; [ - stadsbouwmeester : het lid van de commissie aan wie door de raad op grond van deze verordening specifieke taken zijn opgedragen; ] - wet : de Omgevingswet.

Paragraaf 2. Adviestaak Artikel 2. Taak en werkzaamheden Bijlage 2/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Leeswijzer modelbepalingen - […] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 2, eerste lid. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 6. - [(iets)] = een duiding ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 4, vijfde lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 5, vierde lid, dat facultatief is en waarbij door gemeente keuzes gemaakt moet worden (uiteraard alleen als besloten wordt het lid over te nemen). Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief (zie ook de implementatiehandleiding, bijlage bij de VNG ledenbrief).

1 . De commissie heeft als taak de raad en burgemeester en wethouders te adviseren bij de uitoefening van hun taken en bevoegdheden op grond van de wet met het oog op het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit en al hetgeen daarmee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. [Daaronder wordt in elk geval begrepen het geven van voorlichting over de doelstelling van een goede omgevingskwaliteit en over de werkzaamheden van de commissie.] 2 . Ter uitvoering van haar taak: a . adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over een aanvraag om of een ontwerpbesluit voor een omgevingsvergunning voor: 1 .̊ een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een monument; 2 .̊ een omgevingsplanactiviteit die betrekking heeft op een voorbeschermd gemeentelijk monument of een gemeentelijk monument; 3 .̊ een omgevingsplanactiviteit in geval de commissie in het omgevingsplan als adviseur is aangewezen; 4 .̊ een andere activiteit in geval burgemeester en wethouders een advies nodig achten met het oog op het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit; b .

adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over het door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap aanwijzen van een onroerende zaak als rijksmonument ingevolge artikel 3.1, tweede lid, van de Erfgoedwet of over het aan een locatie geven van de functie-aanduiding gemeentelijk monument op grond van artikel 4.2, eerste lid, van de wet; c . adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders [of uit eigen beweging] over het ontwikkelen van beleid inclusief omgevingsvisie, omgevingsplan en maatwerkregels voor de omgevingskwaliteit; [ d . adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders in een geval van een verkenning als bedoeld in artikel 5.48, tweede lid, van de wet en in andere gevallen waarin burgemeester en wethouders een advies nodig achten in verband met een verkenning van een mogelijk bestaande of toekomstige opgave in de fysieke leefomgeving; ] [ e . informeert en begeleidt de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders planindieners en ontwerpers gedurende het ontwerpproces; ] [ f . voert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders vooroverleg met planindieners over een in te dienen aanvraag om een omgevingsvergunning; ] [ g . adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over:

Bijlage 2/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Leeswijzer modelbepalingen - […] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 2, eerste lid. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 6. - [(iets)] = een duiding ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 4, vijfde lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 5, vierde lid, dat facultatief is en waarbij door gemeente keuzes gemaakt moet worden (uiteraard alleen als besloten wordt het lid over te nemen). Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief (zie ook de implementatiehandleiding, bijlage bij de VNG ledenbrief).

1 .̊ het stellen van maatwerkvoorschriften in verband met het uiterlijk van bouwwerken, de zorg voor cultureel erfgoed [en werelderfgoed] en andere zaken die de omgevingskwaliteit betreffen; 2 .̊ […];] [ h . adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over het geven van beschikkingen op grond van regels in verordeningen op grond van artikel 149 van de Gemeentewet die een eis ten aanzien van de omgevingskwaliteit bevatten, te weten [… (bijvoorbeeld regels over reclame in de openbare ruimte, voorwerpen op of aan de weg, standplaatsvergunning, exploitatievergunning horecabedrijven en ligplaatsvergunning)]. ] [ 3 . De raad kan werkzaamheden als bedoeld in het tweede lid aanwijzen die door de stadsbouwmeester worden uitgevoerd. De stadsbouwmeester werkt onder de verantwoordelijkheid van de commissie. Dit lid is niet van toepassing op de advisering als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, onderdelen 1 ̊ en 2, ̊en onder b. ]

Paragraaf 3. Aanwijzing van besluiten waarover verplicht advies moet worden gevraagd Artikel 3. Verplichte advisering Burgemeester en wethouders winnen advies van de commissie in omtrent een te nemen beslissing als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, onderdelen 1 t̊ ot en met 3 ̊, en onder b.

Paragraaf 4. Samenstelling en inrichting Artikel 4. Samenstelling 1 . De commissie bestaat uit maximaal [aantal] leden, de voorzitter [en ondervoorzitter[s]] daaronder begrepen. De raad kan daarnaast maximaal [aantal] plaatsvervangers benoemen die hen bij afwezigheid kunnen vervangen. 2 . De leden en de plaatsvervangers worden benoemd op persoonlijke titel op grond van de professionele deskundigheid die nodig is voor de advisering, alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. [ 3 . In afwijking van het tweede lid kunnen maximaal [aantal] burgerleden en hun plaatsvervangers worden benoemd. Zij worden benoemd op persoonlijke titel op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. ] 4 . De commissie telt gelet op artikel 17.9, eerste lid, van de wet enkele leden deskundig op het gebied van de monumentenzorg. Bijlage 2/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Leeswijzer modelbepalingen - […] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 2, eerste lid. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 6. - [(iets)] = een duiding ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 4, vijfde lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 5, vierde lid, dat facultatief is en waarbij door gemeente keuzes gemaakt moet worden (uiteraard alleen als besloten wordt het lid over te nemen). Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief (zie ook de implementatiehandleiding, bijlage bij de VNG ledenbrief).

5 . De disciplines die de leden in gezamenlijkheid vertegenwoordigen zijn: [disciplines (bijvoorbeeld cultuurhistorie, bouw- en architectuurhistorie, restauratiearchitectuur, landschap, stedenbouw, architectuur en archeologische monumentenzorg)]. [ 6 . De leden en de plaatsvervangers zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur. ] Artikel 5. Benoeming 1 . De leden en de plaatsvervangers kunnen voor een termijn van ten hoogste [aantal] jaar worden benoemd. 2 . Herbenoeming van leden kan eenmaal voor ten hoogste [aantal] jaar plaatsvinden. Dit is niet van toepassing op de plaatsvervangers. 3 . Afgetreden leden zijn [aantal] jaar na hun aftreden weer benoembaar. [ 4 . De voorzitter[, de ondervoorzitters, de stadsbouwmeester en de plaatsvervangers] [wordt OF worden] in functie benoemd. ] 5 . De leden worden op eigen aanvraag ontslagen. Zij kunnen voorts door burgemeester en wethouders worden geschorst en door de raad worden ontslagen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden. [Artikel 6. Ondersteuning van de commissie 1 . De commissie heeft een ambtelijk secretaris. 2 . De secretaris is voor zijn werkzaamheden voor de commissie uitsluitend verantwoording schuldig aan de commissie. 3 .

De secretaris kan worden ondersteund door andere ambtelijke medewerkers, die voor hun werkzaamheden voor de commissie uitsluitend verantwoording schuldig zijn aan de secretaris. 4 . De secretaris noch de medewerkers zijn lid van de commissie. OF

1 . Het secretariaat van de commissie berust bij [naam regionale adviesorganisatie]. 2 . Het secretariaat wordt bij de uitoefening van zijn taak rechtstreeks aangestuurd door de voorzitter.]

Paragraaf 5. Advisering en standpuntbepaling Bijlage 2/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Leeswijzer modelbepalingen - […] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 2, eerste lid. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 6. - [(iets)] = een duiding ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 4, vijfde lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 5, vierde lid, dat facultatief is en waarbij door gemeente keuzes gemaakt moet worden (uiteraard alleen als besloten wordt het lid over te nemen). Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief (zie ook de implementatiehandleiding, bijlage bij de VNG ledenbrief).

Artikel 7. Adviestermijn 1. Burgemeester en wethouders kunnen aangeven binnen welke termijn een advies wordt verwacht. 2 . In geval burgemeester en wethouders geen termijn hebben gesteld brengt de commissie advies uit binnen een termijn van vier weken. Artikel 8. Beraadslaging en standpuntbepaling 1. De vergaderingen waarin een of meer adviezen over aanvragen om omgevingsvergunning door of namens de commissie worden vastgesteld zijn openbaar. De agenda voor de vergadering van de commissie wordt tijdig op een geschikte wijze bekendgemaakt. Indien burgemeester en wethouders – al dan niet op verzoek van de aanvrager – een verzoek doen tot niet-openbare behandeling, dan dienen burgemeester en wethouders daaraan klemmende redenen op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur ten grondslag te leggen. De openbaarheid geldt zowel voor de beraadslagingen, de beoordeling als de adviezen. [ 2 . De aanvrager van de omgevingsvergunning of zijn gemachtigde heeft de mogelijkheid tot toelichting van de aanvraag ten overstaan van de commissie. Tijdens de beraadslagingen is er geen spreekrecht. OF 2 . Belanghebbenden hebben in toelichtende zin spreekrecht in door de commissie gehouden openbare vergaderingen. Tijdens de beraadslagingen is er geen spreekrecht.] 3 . Over de uit te brengen adviezen wordt niet besloten dan in aanwezigheid van ten minste [aantal] leden.

Over een advies over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een monument wordt niet besloten dan in aanwezigheid van ten minste twee leden met deskundigheid op het gebied van de monumentenzorg. 4 . Leden die als opdrachtgever, ontwerper of anderszins betrokken zijn bij de uitvoering van een activiteit waarvoor een aanvraag is gedaan waarover de commissie adviseert, onthouden zich van medewerking aan het desbetreffende advies en zijn tijdens de behandeling van en de besluitvorming over het advies niet in de vergadering aanwezig. 5 . De geheimhoudingsplicht als bedoeld in artikel 2:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de commissie en de daarvoor werkzame personen. Artikel 9. Afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissie De commissie kan onverminderd het bepaalde in artikel 17.9, eerste lid, van de wet [en artikel 2, derde lid,] de advisering over een aanvraag om een omgevingsvergunning of over Bijlage 2/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Leeswijzer modelbepalingen - […] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 2, eerste lid. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 6. - [(iets)] = een duiding ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 4, vijfde lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 5, vierde lid, dat facultatief is en waarbij door gemeente keuzes gemaakt moet worden (uiteraard alleen als besloten wordt het lid over te nemen). Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief (zie ook de implementatiehandleiding, bijlage bij de VNG ledenbrief).

de voorbereiding van een andere beschikking onder verantwoordelijkheid van de commissie overlaten aan een of meer daartoe aangewezen leden, of een subcommissie. Artikel 10. Adviseurs 1. De commissie kan zich voor het inwinnen van inlichtingen wenden tot daartoe door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren. 2 . De commissie kan zich doen bijstaan door [burgemeester en wethouders aangewezen] andere personen, voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is. 3 . De in het eerste en tweede lid bedoelde personen kunnen op uitnodiging van de commissie als adviseur deelnemen aan de beraadslagingen. Artikel 11. Verwerking van het advies [1. Burgemeester en wethouders kunnen eenmaal per activiteit een second opinion inwinnen bij een gemeentelijke adviescommissie van een andere gemeente. Zij stellen de commissie van het voornemen tot het plaatsen van die opdracht op de hoogte.] 2 . In geval burgemeester en wethouders een beschikking geven in afwijking van het door de commissie uitgebrachte advies verzenden zij een afschrift van die beschikking aan de commissie.

Paragraaf 6. Werkwijze Artikel 12. Reglement van orde 1. De commissie stelt haar werkwijze binnen de kaders van deze verordening nader vast in een reglement van orde. 2 . In het reglement van orde komt ten minste aan de orde: [ a . de werkwijze bij de advisering zoals genoemd in artikel 2, tweede lid, onder b, respectievelijk onder c; ] [ b . de inrichting van het vooroverleg zoals genoemd in artikel 2, tweede lid, onder f; ] c . de wijze waarop de agenda openbaar wordt gemaakt en belanghebbenden worden uitgenodigd; d . het vereiste quorum voor een besluitvormende vergadering, de vergaderorde en orde van de beraadslaging, waarbij er een onderscheid wordt aangebracht tussen de toelichtende fase waarin het spreekrecht wordt uitgeoefend en de beraadslagingen; e . de notulering en dossiervorming; f . de wijze waarop de adviezen openbaar worden gemaakt; g . de instelling van subcommissies; Bijlage 2/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Leeswijzer modelbepalingen - […] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 2, eerste lid. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 6. - [(iets)] = een duiding ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 4, vijfde lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 5, vierde lid, dat facultatief is en waarbij door gemeente keuzes gemaakt moet worden (uiteraard alleen als besloten wordt het lid over te nemen). Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief (zie ook de implementatiehandleiding, bijlage bij de VNG ledenbrief).

[ h . de werkwijze van de stadsbouwmeester;] i . de werkwijze bij afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissie als bedoeld in artikel 9; j . de selectie en voordracht van kandidaat-leden. 3 . Burgemeester en wethouders dragen zorg voor bekendmaking van het door de commissie vastgestelde reglement van orde in het gemeenteblad. Artikel 13. Relatie met andere adviseurs Bij het aanstellen van een supervisor, een kwaliteitsteam of een andere adviseur op het gebied van de omgevingskwaliteit, niet zijnde een lid of een adviseur van de commissie dragen burgemeester en wethouders zorg voor een goede afstemming tussen de werkzaamheden van deze adviseur en de commissie. Artikel 14. Vergoeding De leden en de adviseurs als bedoeld in artikel 10, tweede lid, ontvangen een vergoeding op grond van de regeling [naam vergoedingsregeling].

Paragraaf 7. Jaarverslag Artikel 15. Jaarverslag 1. De commissie brengt jaarlijks voor [datum (bijvoorbeeld 1 april)] verslag als bedoeld in artikel 17.9, zesde lid, van de wet uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar. 2 . In het jaarverslag komt ten minste aan de orde: a . de wijze waarop toepassing is gegeven aan de kaders als bedoeld in artikel 17.9, derde lid, van de wet; b . de wijze waarop uitwerking is gegeven aan de openbaarheid van vergaderen.

Paragraaf 8. Overgangs- en slotbepalingen Artikel 16. Overgangsrecht [1. De op grond van de [citeertitel Bouwverordening] en de [citeertitel Erfgoedverordening] benoemde leden worden geacht te zijn benoemd op grond van dit besluit. De termijn van ten hoogste [aantal] jaar als bedoeld in artikel 5, eerste lid, loopt vanaf de datum van de benoeming op grond van de [citeertitel Bouwverordening] en de [citeertitel Erfgoedverordening].] Bijlage 2/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Leeswijzer modelbepalingen - […] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 2, eerste lid. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 6. - [(iets)] = een duiding ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 4, vijfde lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 5, vierde lid, dat facultatief is en waarbij door gemeente keuzes gemaakt moet worden (uiteraard alleen als besloten wordt het lid over te nemen). Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief (zie ook de implementatiehandleiding, bijlage bij de VNG ledenbrief).

2 . Als voor de inwerkingtreding van de wet een aanvraag om een besluit is ingediend, blijft het oude recht, met betrekking tot de commissies op het gebied van welstand en monumentenzorg van kracht, met dien verstande dat de [naam gemeentelijke adviescommissie] wordt geacht de in artikel 8 van de Woningwet, dan wel de in artikel 9.1, eerste lid, onder a, van de Erfgoedwet in samenhang met artikel 15 van de Monumentenwet 1988 bedoelde commissie te zijn. Artikel 17. Vervallen [en intrekking] oude regeling 1. De regels met betrekking tot de commissie in de artikelen […] van de [citeertitel Bouwverordening] en de artikelen [...] van de [citeertitel Erfgoedverordening] vervallen. [ 2 . De [ citeertitel gecombineerde Verordening op de gemeentelijke adviescommissie ] wordt ingetrokken. ] Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt tegelijk met de Wet van 23 maart 2016, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet) in werking. 2 . Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de gemeentelijke adviescommissie [ naam gemeentelijke adviescommissie, naam gemeente en eventueel jaartal ]. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van [datum]. De voorzitter, De griffier,

Bijlage 2/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Implementatiehandleiding bij Model Verordening op de gemeentelijke adviescommissie (nieuw model, september 2020)

Wettelijk kader De taken en bevoegdheden van de huidige monumenten- en welstandscommissies vervallen van rechtswege bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet (hierna: wet). Ter continuering van de advisering moet de gemeente een nieuwe gemeentelijke adviescommissie (hierna: commissie) instellen. Het Rijk legt daarbij enkele wettelijke regels op. De wettelijke taak van de commissie is het uitbrengen van advies over vergunningaanvragen met betrekking tot rijksmonumenten (uitgezonderd archeologische rijksmonumenten, zie artikel 17.9 van de wet) en over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een andere activiteit, in door de raad aangewezen gevallen of als het college van burgemeester en wethouders (hierna: college) daartoe aanleiding ziet. Het college kan de commissie advies vragen over het ontwikkelen van beleid (artikel 17.9, tweede lid, in samenhang met artikel 16.15, tweede lid, van de wet en artikel 4.22 van het Omgevingsbesluit). Voorts zijn er wettelijke voorschriften die betrekking hebben op de samenstelling en de benoeming van de commissie en over de wijze waarop de adviezen tot stand komen. In onderstaande tabel is aangegeven hoe daarmee in de verordening rekening is gehouden.

Onderwerp

Wettelijk kader

Uitwerking en/of aanvulling

Instelling en verplichte taak

De raad stelt een commissie in die in

Uitwerking: artikel 2, eerste lid

ieder geval tot taak heeft te adviseren

en tweede lid, onder a,

over de aanvragen om een

onderdeel 1 ̊ en artikel 3.

in de verordening

omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit, met betrekking tot een monument (artikel 17.9, eerste lid van de wet). Overige wettelijke taken

De commissie adviseert over een

Uitwerking en aanvulling: artikel

aanvraag om een

2, tweede lid, onder a,

omgevingsvergunning voor een andere

onderdelen 2 ̊ tot en met 4 ,̊

activiteit, in door de raad in het

onder b [en c OF tot en met h],

omgevingsplan aangewezen gevallen

en derde lid.

of als het college daartoe aanleiding ziet. Het college kan de commissie advies vragen over het ontwikkelen van beleid (artikel 17.9, tweede lid, in samenhang met artikel 16.15, tweede lid, van de wet en artikel 4.22 van het Omgevingsbesluit). Leden en benoemingstermijn

De raad stelt het aantal leden en de

Uitwerking: artikel 4, eerste lid,

benoemingstermijn vast (artikel 17.7,

en artikel 5, eerste en tweede

eerste lid, van de wet).

lid.

Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

Onderwerp

Wettelijk kader

Uitwerking en/of aanvulling in de verordening

Benoeming en ontslag

De raad benoemt en ontslaat de leden

Aanvulling: artikel 5, [vierde en]

(artikel 17.7, tweede lid, van de wet).

vijfde lid.

Onafhankelijkheid van het

De leden zijn geen lid van het

[Geen aanvulling.

bestuur

gemeentebestuur (artikel 17.8 van de

OF

wet).

Aanvulling: [artikel 4, zesde lid] (aanscherping van de onafhankelijkheid: de leden zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur).]

Deskundigheid van de leden

Enkele leden zijn deskundig op het

[Aanvulling: artikel 4, tweede tot

gebied van de monumentenzorg (artikel

en met vijfde lid (deskundigheid

17.9, eerste lid, van de wet).

die in de commissie aanwezig is) OF Aanvulling: artikel 4, tweede tot en met vijfde lid (deskundigheid die in de commissie aanwezig is en “burgerleden”).]

Betrokkenheid van de leden

Enkele leden die deskundig zijn op het

[Aanvulling: artikel 9 (afdoening

bij de uitvoering van de

gebied van de monumentenzorg

door leden of subcommissies

verschillende adviestaken

worden in ieder geval betrokken bij de

onder verantwoordelijkheid van

advisering over een

de commissie)

rijksmonumentenactiviteit (artikel 17.9,

OF

eerste lid, van de wet).

Aanvulling: [artikel 2, derde lid (het toedelen van adviestaken aan de stadsbouwmeester door de raad),] en artikel 9 (afdoening door leden of subcommissies onder verantwoordelijkheid van de commissie).]

Uitgangspunten voor het

De commissie baseert haar advies op

Aanvulling: artikel 15, tweede

advies

de omgevingsvisie, het omgevingsplan

lid, onder a (jaarverslag over

en de beleidsregels over het uiterlijk

o.m. de wijze waarop

van bouwwerken – voorheen de

toepassing is gegeven aan de

welstandsnota – als bedoeld in artikel

wettelijke kaders).

4.19 van de wet (artikel 17.9, derde lid, van de wet). Uitgangspunten bij

Bij een advies over een

Zie toelichting bij artikel 2,

rijksmonumenten

rijksmonumentenactiviteit neemt de

tweede lid, onder a, onderdeel

commissie voor zover van toepassing

1̊.

de volgende uitgangspunten in acht:

Aanvulling: artikel 15, tweede

Artikel 8.80 (beoordelingsregels

lid, onder a (jaarverslag over

rijksmonumentenactiviteit) van het

o.m. de wijze waarop

Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

2/8

Onderwerp

Wettelijk kader

Uitwerking en/of aanvulling in de verordening

Besluit kwaliteit leefomgeving (hierna:

toepassing is gegeven aan de

Bkl)

wettelijke kaders).

1. Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, wordt de omgevingsvergunning alleen verleend als de activiteit in overeenstemming is met het belang van de monumentenzorg. 2. Bij de beslissing op de aanvraag wordt rekening gehouden met de volgende beginselen: a. het voorkomen van ontsiering, beschadiging of sloop van monumenten en archeologische monumenten; b. het voorkomen van verplaatsing van monumenten of een deel daarvan, tenzij dit dringend is vereist is voor het behoud van die monumenten; c. het bevorderen van het gebruik van monumenten, zo nodig door wijziging van die monumenten, rekening houdend met de monumentale waarden; en d. het conserveren en in stand houden van archeologische monumenten, bij voorkeur in situ. (artikel 17.9, vierde lid, van de wet, in samenhang met artikel 5.22 van de wet en artikel 8.80 van het Bkl). Motiveringsplicht en

De adviezen van de commissie zijn

Uitwerking: artikel 8, eerste en

openbaarmaking

deugdelijk gemotiveerd en worden

tweede lid (openbaarheid),

schriftelijk openbaar gemaakt (artikel

artikel 8, tweede lid (motivering

17.9, vierde lid, van de wet).

van besluiten door het college) en artikel 12, tweede lid, onder f (de wijze waarop de adviezen openbaar worden gemaakt).

Openbaarheid van

De door de commissie gehouden

Uitwerking: artikel 12, tweede

vergaderen

vergaderingen zijn openbaar (artikel

lid, onder c tot en met e (de

17.9, vijfde lid, van de wet).

wijze waarop de agenda openbaar wordt gemaakt en belanghebbenden worden uitgenodigd; de regeling van het spreekrecht).

Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

3/8

Onderwerp

Wettelijk kader

Uitwerking en/of aanvulling in de verordening

Jaarverslag

De commissie zendt de raad elk jaar

Uitwerking: artikel 15 (tijdstip

een verslag over de door haar verrichte

waarop het verslag wordt

werkzaamheden (artikel 17.9, zesde lid,

verzonden en de verplichte

van de wet).

onderwerpen in het verslag).

Te maken keuzes De Model Verordening op de gemeentelijke adviescommissie kent diverse artikelen die facultatieve of nader door de gemeente in te vullen onderdelen of keuzemogelijkheden (varianten) bevatten. De toelichting bij de modelverordening is grotendeels zo opgesteld dat gemeenten deze kunnen overnemen als ze ook de bepaling waar de toelichting bij hoort overnemen. Hieronder wordt in aanvulling daarop ingegaan op de wettelijke grondslagen en op de keuzemogelijkheden die gemeenten hebben. Afhankelijk van de gemaakte keuzes zullen dus bepaalde onderdelen van de toelichting wel of juist niet geschikt zijn voor overname. Voor een goed beeld dient de toelichting in samenhang met de VNG ledenbrief en de implementatiehandleiding gelezen te worden. Uiteraard kan onafhankelijk van de keuzes die specifiek worden aangegeven in de modelverordening, ook op andere punten worden gekozen voor lokaal maatwerk en kunnen bepalingen worden aangepast of toegevoegd. Voor uitgebreide toelichting op beleidsmatige implementatie wordt verwezen naar de ‘Handreiking Adviesstelsel Omgevingskwaliteit’ (hierna: handreiking), opgesteld door de VNG, de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (februari 2020). Aanhef In de aanhef, na “gelet op”, dienen enkel die artikelen vermeld te worden waaraan in de verordening uitvoering gegeven wordt.

Artikel 108 van de Gemeentewet geeft de algemene bevoegdheid van het gemeentebestuur tot regeling en bestuur. Artikel 149 van de Gemeentewet (“De raad maakt de verordeningen die hij in het belang van de gemeente nodig oordeelt”) is de (autonome) grondslag van de verordening op de gemeentelijke adviescommissie. Afdeling 17.2 van de wet regelt de instelling en benoeming van gemeentelijke adviesorganen op het gebied van de fysieke leefomgeving. Artikel 1. Definities Gemeenten die een stadsbouwmeester benoemen nemen ook de definitie daarvan op. De stadbouwmeester (in sommige gemeenten dorpsbouwmeester of rayonarchitect genoemd) is lid van de commissie, met een door de raad aangewezen eigen takenpakket. Artikel 2. Taak en werkzaamheden Eerste lid: Dit lid beschrijft de adviestaak in algemene zin: het adviseren van de raad en het college van burgemeester en wethouders (hierna: college) op het gebied van de omgevingskwaliteit als bedoeld in artikel 1.3 van de wet. De commissie adviseert dus niet over andere aspecten van de fysieke leefomgeving, zoals een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Naar keuze kan aan de commissie ook een voorlichtende taak over de doelstelling van een goede omgevingskwaliteit en over de werkzaamheden van de commissie zelf worden gegeven.

Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

4/8

Tweede lid: Hier zijn de taken van de commissie uitgewerkt in concrete werkzaamheden. Daarbij is uitgegaan van een basispakket in de onderdelen a tot en met c en een aantal taken dat gemeenten naar keuze kunnen toevoegen (onderdelen d tot en met h). Tweede lid, onder d: Dit onderdeel gaat over de opgavegerichte advisering in verband met een verkenning van een mogelijk bestaande of toekomstige opgave, zoals die handreiking is beschreven. Tweede lid, onder e: Dit onderdeel betreft de ontwerpgerichte advisering, zoals die in de handreiking is beschreven. Deze taak is soms ondergebracht bij een ambtelijk ontwerpteam, een kwaliteitsteam, regievoerder of supervisor voor de planontwikkeling in (delen van) de gemeente. Dit onderdeel biedt de mogelijkheid deze adviseurs in de commissie op te nemen. Dit gebeurt door benoeming van deze adviseurs als lid van de commissie. Tweede lid, onder f: Dit onderdeel heeft betrekking op vooroverleg bij een vergunningaanvraag. Veel gemeenten kennen een procedure voor het aanvragen van een beginseluitspraak omgevingsvergunning, waarin ook de welstand- en monumentencommissies worden geraadpleegd. Die praktijk kan op grond van dit onderdeel worden voortgezet. Het belang van een goed vooroverleg neemt toe, aangezien het vereiste van onlosmakelijke samenhang vanuit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht niet is overgenomen in de wet.

De initiatiefnemer is er verantwoordelijk voor dat hij of zij voor alle activiteiten beschikt over de vereiste vergunningen. Het is aan hem of haar om de verschillende eisen op elkaar af te stemmen. Vooral bij complexe projecten is vooroverleg van groot belang. De VNG ontwikkelt daarvoor het model van de Omgevingstafel waarbij (een lid van) de commissie ook een rol speelt. De mogelijkheid bestaat om voor het vooroverleg leges te heffen. Dit mag niet een bijkomende heffing zijn, maar een deel (bijvoorbeeld 10 tot 20%) van de totale leges zoals berekend op basis van de indieningsgegevens. Voor aanvragen die na het vooroverleg daadwerkelijk tot indiening komen, wordt het voor het vooroverleg in rekening gebrachte bedrag daarop in mindering gebracht. Men kan voor gevallen waarin het vooroverleg niet wordt gevolgd door een formele aanvraag een gedeeltelijke terugbetaling toepassen, zoals dat ook kan voor vergunningen, die na verlening op verzoek van de aanvrager worden ingetrokken. Dergelijke oplossingen behoeven uiteraard een formele grondslag in de te actualiseren Verordening leges. Tweede lid, onder g: Gemeenten kunnen ervoor kiezen ook met betrekking tot het stellen van maatwerkvoorschriften advies te vragen. Dit in verband met het uiterlijk van bouwwerken, de zorg voor cultureel erfgoed en werelderfgoed en andere zaken die de omgevingskwaliteit betreffen.

Tweede lid, onder h: Dit betreft de adviesvragen op grond van gemeentelijke verordeningen met regels over de fysieke leefomgeving die niet in het tijdelijke deel van het omgevingsplan zijn opgenomen. Het gaat bijvoorbeeld om de Ligplaatsenverordening of de regels over objecten in de openbare ruimte in de Algemene plaatselijke verordening. De gemeente kan deze regels tot het einde van de overgangsfase (2029) omzetten naar het nieuwe deel van het omgevingsplan. Het college kan op grond van dit onderdeel ook hierover advies vragen aan de commissie, ook al zijn deze regels nog niet overgeheveld naar het omgevingsplan. Derde lid: Dit naar keuze op te nemen lid opent de mogelijkheid voor het benoemen van een stadsbouwmeester (zie hierboven de toelichting op artikel 1). Het takenpakket van de

Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

5/8

stadsbouwmeester wordt aangewezen in het benoemingsbesluit als lid van de commissie, onder verwijzing naar een of meer taken genoemd in het tweede lid. Artikel 4. Samenstelling Eerste lid: De raad stelt het aantal leden vast. Het is ook mogelijk om plaatsvervangers te benoemen, zodat de commissie ook kan functioneren wanneer één of meer vaste leden zijn verhinderd. Derde lid: Dit lid wordt opgenomen indien ook burgerleden en hun plaatsvervangers worden benoemd. Vijfde lid: Dit lid ziet toe op de deskundigheidsgebieden die in de commissie vertegenwoordigd moeten zijn. De vijf gebieden die in de Memorie van toelichting zijn genoemd voor de advisering over rijksmonumenten zijn hier als basis opgenomen. Deze kunnen worden aangevuld met andere deskundigheden. Het is mogelijk dat één persoon meerdere disciplines in zich verenigt. De Handreiking Gemeentelijke Monumentencommissies legt er de nadruk op dat een duidelijk profiel van de commissieleden van belang is. Daar hoort ook het gewenste niveau van de deskundigen bij. “In aanmerking komen architectuur- en bouwhistorici, architecten, archeologen, stedenbouwkundigen, planologen, historisch geografen of landschapsarchitecten op HBO of WOniveau. Architecten, stedenbouwkundigen en landschapsarchitecten zijn bij voorkeur ingeschreven in het Register.

De gemeente kan bijvoorbeeld als eis stellen dat aspirant-leden hun verdiensten op hun vakgebied hebben bewezen.” (Handreiking Gemeentelijke Monumentencommissies, 2009, p.17-18). Het gewenste profiel van de leden wordt niet opgenomen in de verordening. Dit kan worden uitgewerkt in het reglement van orde (artikel 12). Zesde lid: Gemeenten kunnen kiezen voor een aanscherping van de wettelijke eis van onafhankelijkheid ten opzichte van het gemeentebestuur. Artikel 17.8 van de wet stelt slechts als eis, dat de leden van het gemeentebestuur geen lid zijn van een gemeentelijk adviesorgaan. Daarmee is naar het oordeel van de wetgever voldoende verzekerd dat de commissie niet door bestuurlijke belangen wordt geleid. Hoofdzaak is dat de samenstelling van de commissie zodanig dient te zijn dat een onafhankelijk en deskundig oordeel kan worden gevormd. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeente om ervoor te zorgen dat deskundigheid in de commissie voorhanden is. Gemeenten die dit lid overnemen, kunnen geen gemeenteambtenaren als lid benoemen. Artikel 5. Benoeming Eerste tot en met derde lid: Deze leden hebben betrekking op de benoemingstermijn als bedoeld in artikel 17.7, eerste lid, van de wet. Het eerste lid regelt de benoeming voor de eerste termijn. Het tweede lid ziet toe op de herbenoeming.

Gebruikelijk is een benoemingstermijn van drie jaar met eenmalige mogelijkheid voor herbenoeming. De regels voor de herbenoeming zijn logischerwijs alleen van toepassing op de leden, niet op hun plaatsvervangers. In het derde lid is de mogelijkheid opgenomen om leden een aantal jaar na hun aftreden opnieuw te benoemen. Ook hier kan een termijn van drie jaar worden aangehouden. Vierde lid: De wet schrijft niet voor dat de voorzitter, de ondervoorzitters, de stadsbouwmeester en de plaatsvervangers in functie worden benoemd. Dit lid voorziet in die mogelijkheid, in lijn met wat in veel gemeenten bij de bestaande commissies op gebied van welstand en monumentenzorg gebruikelijk is.

Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

6/8

Artikel 6. Ondersteuning van de commissie Dit artikel regelt de ondersteuning van de commissie. Er zijn twee varianten opgenomen: de commissie wordt bijgestaan door een ambtelijk secretaris of ondersteund door een regionale adviesorganisatie. De gemeente dient hier een keuze te maken. Artikel 8. Beraadslaging en standpuntbepaling Tweede lid: Met betrekking tot de openbaarheid van vergaderingen dient een onderscheid te worden gemaakt tussen openbaarheid voor enerzijds de aanvrager van de omgevingsvergunning en anderzijds andere belanghebbenden. Uit artikel 4:7 van de Algemene wet bestuursrecht volgt de beperkte verplichting dat de mogelijkheid tot toelichting van een plan ten overstaan van de commissie dient te worden geboden aan de aanvrager van de omgevingsvergunning. Gemeenten kunnen ervoor kiezen ook andere belanghebbenden spreekrecht te verlenen. Beide varianten zijn opgenomen. De gemeente dient hier een keuze te maken. Artikel 9. Afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissie In grotere gemeenten kan een gebiedsgerichte taakverdeling zinvol zijn. Ook is een aparte subcommissie met betrekking tot cultureel erfgoed denkbaar. Het is mogelijk de subcommissies al bij het vaststellen van deze verordening in te stellen.

In de praktijk zijn er heel veel varianten denkbaar, waardoor het niet mogelijk is om daarover een universeel toepasbare tekst op te nemen in de Model Verordening op de gemeentelijke adviescommissie. Bij alle varianten blijft gelden de wettelijke eis dat enkele leden die deskundig zijn op het gebied van de monumentenzorg in ieder geval worden betrokken bij de advisering over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit (artikel 17.9, eerste lid, van de wet). Artikel 2, derde lid, wordt opgenomen indien de gemeente een stadsbouwmeester heeft benoemd. Artikel 10. Adviseurs Tweede lid: Dit lid geeft de commissie de bevoegdheid zich ten behoeve van de advisering te laten voorlichten door externe deskundigen. Deze andere personen kunnen worden aangewezen door het college. Artikel 11. Verwerking van het advies Eerste lid: Dit facultatieve lid ziet toe op het vragen van een second opinion aan een gemeentelijke adviescommissie van een andere gemeente in geval het college zich niet kan verenigen met het advies van de commissie. Bij de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit is een protocol voor een zorgvuldige second-opinion procedure te verkrijgen. Artikel 12.

Reglement van orde Tweede lid: In de praktijk blijken er grote verschillen in werkwijze tussen de organisaties op het gebied van omgevingskwaliteit, waardoor het vrijwel onmogelijk is om een universeel toepasbare tekst voor een reglement van orde op te nemen in de modelverordening. De verschillen hebben onder meer betrekking op het al dan niet werken met een stadsbouwmeester of subcommissies en het al dan niet samenwerken met andere instanties die in opdracht van de gemeente actief zijn op het gebied van de omgevingskwaliteit. Commissies die zijn aangesloten bij een regionale adviesorganisatie stellen het reglement meestal op in samenwerking met de betreffende adviesorganisatie. Het tweede lid geeft aan welke onderwerpen in ieder geval in het reglement van

Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

7/8

orde aan de orde komen. Dit artikel moet worden afgestemd op de taken die aan de commissie, dan wel aan de stadsbouwmeester worden toebedeeld. Artikel 15. Jaarverslag Het jaarverslag als bedoeld in artikel 17.9, zesde lid, van de wet kan voor de raad aanleiding zijn voor bijstelling van het gemeentelijk beleid. Om die reden is het zinvol te streven naar het uitbrengen van het jaarverslag tijdig vóór de beleids- en begrotingscyclus in de gemeente. Artikel 16. Overgangsrecht Eerste lid: Gemeenten kunnen ervoor kiezen dit lid niet over te nemen. Benoeming van de leden van de nieuwe commissie gebeurt in dat geval in een apart benoemingsbesluit. Artikel 17. Vervallen [en intrekking] oude regeling Eerste lid: De Bouwverordening vervalt van rechtswege bij het inwerking treden van de wet. Gemeenten kunnen er ook voor kiezen deze als geheel in te trekken. Dat geldt niet voor de Erfgoedverordening. Alleen de bepalingen met betrekking tot de monumentencommissie vervallen. In plaats van de voorgestelde tekst is het ook mogelijk de te vervallen bepalingen van uw eigen gemeente expliciet te noemen (betreft de artikelen 8, 11, eerste lid, 17 en 18, tweede lid, van de VNG Model Erfgoedverordening 2016). Tweede lid: Voor zover er door de gemeente afzonderlijke verordeningen op de monumenten- of welstandscommissies zijn ingesteld, dienen ook deze te worden ingetrokken.

De Bouwverordening en de Erfgoedverordening enerzijds en de afzonderlijke verordeningen anderzijds bevatten veelal kruisverwijzingen. Daarom is het nodig om ook het eerste lid op te nemen. In de Model Verordening op de gemeentelijke adviescommissie is geen rekening gehouden met de mogelijkheid dat de monumentencommissie mede is aanwezen als een commissie als bedoeld in artikel 4.18 van de Erfgoedwet (adviseur bij vervreemding van een gemeentelijk cultuurgoed of gemeentelijke verzameling cultuurgoederen). In dat geval dient in de Erfgoedverordening de gemeentelijke adviescommissie als adviseur te worden aangewezen. Daarnaast dient de gemeentelijke adviescommissie qua wijze van samenstelling, deskundigheid en onafhankelijkheid ook te voldoen aan de vereisten van artikel 4.20 van de Erfgoedwet.

Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, september 2020

8/8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GeldropMierlo&id=edb0d94b-d4c3-458f-9b6a-17990fb05637