Bijlage 3 Inkoopstrategie WBO Jeugd
Tekst van het document
Inkoopstrategie Regio WBO Jeugd Regio West-Brabant Oost (WBO), bestaande uit de gemeenten: Gemeente Altena Gemeente Breda Gemeente Drimmelen Gemeente Geertruidenberg Gemeente Oosterhout
De juiste en beste hulp voor de jeugdige, zo dichtbij mogelijk Samen met strategische partners
Pagina 1 van 36
INHOUDSOPGAVE Voorwoord
5
1. Wie zijn we en waar staan we voor? • Wie zijn we? • Regiovisie: samen en koersvast • Norm voor Opdrachtgeverschap • Acht leidende principes • Kernwaarden samenwerking
6
2. Jeugdhulp Regio WBO • Inkoop tot nu toe • Jeugdhulp in cijfers • Wat zien we?
11
3. Naar een nieuwe Inkoopstrategie • Inkoop: wat vinden we belangrijk • Wat betekent dit voor de Inkoopstrategie vanaf 2023?
14
4. Contracteren van een beperkt aantal strategische partners • Samenwerking tussen aanbieders • Ruimte voor innovatie • Afspraken en vertrouwen
18
5. Faciliteren van hulp op maat en vergemakkelijken op- en afschaling • Ontschotten • Ketenbrede samenwerking • Jeugdhulpvormen • Dichtbij • Reikweidte
19
6. Flexibele overeenkomsten met de focus op ontwikkelopgaven • Strategisch partnerschap: samen ontwikkelen • Urgentie op een aantal thema’s • Administratieve lasten, zorgvuldigheidseisen en reële tarieven
21
7. De impact van verbinding • Verbinding met de toegang • Verbinding tussen jeugdhulp en het onderwijs • Een sterk voorliggend veld • Met het onderwijs • Eén gezin, één plan, een regisseur: verbinding met Wmo • Verbinding met jeugdigen: participatie als intrinsieke motivatie
23
Pagina 2 van 36
8. Nieuwe inkoopstrategie • Wettelijk kader • Stappen • Planning
26
9. Visie op kwaliteit • Sturingsuitgangspunten • Sturingsmodel • Monitoring • Evaluatie • Ontwikkeling • Kwaliteitseisen
28
10. Visie op Bekostiging • Taakgerichte bekostiging • Minimum aantal jeugdhulpvormen • Onderhandelingsfase • 11. Budgettaire kader
33
35
Pagina 3 van 36
INTRO BINNENKANT KAFT De juiste en beste hulp voor de jeugdige, zo dichtbij mogelijk en binnen het vastgestelde budget. Dát doel staat voor alle partijen in het jeugdhulplandschap van Regio WBO centraal; voor gemeenten, jeugdhulpaanbieders, verwijzers, ketenpartners en onderwijs. Daarbij is de insteek om de jeugdige 'zo thuis mogelijk’ te laten opgroeien. De passie, inzet en kwaliteit waarmee jeugdhulpaanbieders hulpverlenen is evident. Maar de jeugdhulp staat ook onder druk. Om de kwaliteit en de hulp op de juiste plek te kunnen waarborgen, gaan we samen aan de slag met drie grote opgaves: een gezamenlijke Regiovisie, een andere manier van contracteren en inkoop, en een intensievere regionale samenwerking. Want we werken al samen en dat gaan we nog meer doen. Zo zorgen we ervoor dat er geen jeugdigen in de knel komen. Daar gaat deze Inkoopstrategie over.
Pagina 4 van 36
VOORWOORD Voor u ligt de Inkoopstrategie Jeugdhulp van Regio West-Brabant Oost waarin de gemeenten Altena, Breda, Drimmelen, Geertruidenberg en Oosterhout samenwerken, ook op het gebied van jeugdhulp. In dit document vertalen wij de Regiovisie van Regio WBO naar een concretere inkoopopdracht. We beschrijven in dit document de belangrijkste inkoopstrategische keuzes om invulling te geven aan de Regiovisie. Een verdere concretisering van deze Inkoopstrategie is te lezen in de Inkoopleidraad. Dat document beschrijft het proces en de criteria waaraan jeugdhulpaanbieders moeten voldoen. Een goede inkoop van jeugdhulp draagt bij aan een goed jeugdhulpbeleid. Inkopen doen we al vanaf 2015 samen en vanuit dezelfde waarden. In 2020 stelden de individuele colleges een Inkoopvisie vast. Er was bij gemeenten en bij andere partijen uit het jeugdhulplandschap behoefte aan sturing op de kwaliteit, effectiviteit en efficiëntie van de ingezette jeugdhulp. Ook bleek het nodig om door te gaan met transformeren om het hoofddoel te bereiken: jeugdhulp in dienst van de jeugdige, zodat deze op kan groeien tot een zo zelfstandig mogelijke volwassene. Deze transformatie wordt ook vanuit het Rijk gestimuleerd. Met een nieuwe Regiovisie jeugdhulp en aflopende inkoopcontracten is er een noodzaak tot het doen van een nieuwe inkoop.
We gebruiken deze noodzaak voor het formuleren van een Inkoopstrategie welke weer een hogere ambitie kent dan de vorige. Een inkoopstrategie die mede tot stand is gekomen door overleg met partners uit het jeugdhulplandschap. Een inkoopstrategie die het mogelijk maakt de kansen die er liggen te verzilveren en de uitdagingen die er zijn aan te pakken. In deze Inkoopstrategie zetten we uiteen hoe we het aanbod aan niet vrij toegankelijke jeugdhulp vanaf 2023 gaan inrichten. Met deze inkoop willen we op lange termijn rust en stabiliteit in het jeugdhulpstelsel brengen zodat de regio en haar aanbieders beter in staat worden gesteld de juiste dingen te doen voor onze jeugdigen en hun ouders. Net als in de Regiovisie is in deze Inkoopstrategie een sleutelrol weggelegd voor intensieve samenwerking. We kiezen voor strategisch partnerschap: samen met jeugdhulpaanbieders – en de rest van het jeugdhulplandschap – gaan we uitdagingen en opgaven detecteren, ontwikkelen en oplossen. We vragen van aanbieders dat ze samen met ons ontwikkelen, leren, innoveren en inspireren. Op die manier kunnen we tegelijkertijd passende jeugdhulp bieden én de transformatiekracht in het jeugdhulplandschap versterken. Namens de gemeenten Altena, Breda, Drimmelen, Geertruidenberg en Oosterhout, Team WBO
Deze Inkoopstrategie gaat over niet vrij toegankelijke jeugdhulp. Wanneer we het hebben over jeugdhulp, dan bedoelen wij daarmee deze hulp waarvoor een verwijzing nodig is. De ingekochte jeugdhulp stellen we via de verwijzers beschikbaar aan de jeugdigen in de regio. De vrij toegankelijke jeugdhulp en andere algemene voorzieningen organiseren we lokaal. Met de inkoop hebben we tot doel dat binnen Regio WBO zowel kwalitatief als kwantitatief voldoende en passende niet vrij toegankelijke jeugdhulp aanwezig is voor jeugdigen en ouders.
Pagina 5 van 36
1. WIE ZIJN WE EN WAAR STAAN WE VOOR? Wie zijn we? Regio WBO bestaat uit de vijf gemeenten Altena, Breda, Drimmelen, Geertruidenberg en Oosterhout. Samen vormen ze een prachtige regio die gekenmerkt wordt door diversiteit én eenheid. De gemeenten verschillen in grootte, historische oorsprong, demografische samenstelling en economische infrastructuur. We zetten deze diversiteit in als krachtbron. De inwoners van WBO staan met elkaar in verbinding door snel- en waterwegen, maar ook door tradities en gebruiken. En ook tussen de gemeenten is veel verbinding. Op het gebied van jeugdhulp bijvoorbeeld. Alle gemeenten hebben een sterke intrinsieke motivatie om de beste hulp voor de jeugdige te realiseren. De manier waarop de gemeenten dat doen kenmerkt zicht door slagkracht en oplossingsgerichtheid. We hebben de basis op orde en er wordt steeds meer samen op inhoud ontwikkeld. De gedeelde geschiedenis die we hebben met het ingrijpende faillissement van een grote jeugdhulpaanbieder, heeft ons nog dichter tot elkaar gebracht en heeft ons lef doen groeien. En we zijn af en toe best eigenwijs. We hebben kortom een goede basis om nóg intensiever met elkaar te gaan samenwerken op het gebied van de jeugdhulp. We gaan kansen verzilveren om er zo optimaal mogelijk te zijn voor de jeugdigen in onze regio die hulp nodig hebben.
Dat wat wij de jeugdigen meegeven, passen we als Regio WBO ook zelf toe. Wij kijken terug, we vallen en we staan weer op. Regio WBO levert, verbetert en speelt snel in op de veranderende wereld op ons heen. We passen ons aan de tijdsgeest aan en we innoveren waar nodig. Regio WBO doet dit samen met de jeugdigen, ouders, partners en jeugdprofessionals.
Regiovisie: samen en koersvast De samenwerking tussen de vijf gemeenten onderling en met het jeugdhulplandschap van Regio WBO heeft geresulteerd in een Regiovisie voor de komende jaren. In deze Regiovisie schetsen we de inhoudelijke koers die wij samen met onze strategische partners gaan volgen. We gaan volop inzetten op intensieve samenwerking met jeugdhulpaanbieders en de andere partners in het jeugdhulplandschap. Aan de hand van onze kernwaarden voor samenwerking en onze leidende princpipes die we in dit hoofdstuk toelichten, gaan we samenwerken aan zogenaamde ontwikkelopgaven (zie hoofdstuk 6). De Regiovisie en de Inkoopstrategie vormen de basis voor afspraken met partijen over hoe we e komende jaren binnen de regio willen samenwerken.
Norm voor opdrachtgeverschap Medio 2020 stelde de Vereniging van Nederlandse Gemeenten een Norm voor Opdrachtgeverschap vast. Het doel van deze NvO is een duurzame beweging op gang te brengen om betaalbare en kwalitatief goede, beschikbare en betaalbare hulp voor jeugdigen, ouders en gezin te waarborgen. In de norm staan regionale samenwerking en de Regiovisie centraal. Ook is er veel aandacht voor een zorgvuldige transformatie van het jeugdhulplandschap en vermindering van de bureaucratie. Op het gebied van de samenwerking zijn drie zaken in de NvO opgenomen: beperken van de administratieve lasten, zorgvuldigheidseisen voor inkoop en reële tarieven. In deze Inkoopstrategie gaan we op deze thema’s in.
Pagina 6 van 36
Acht leidende principes De juiste en de beste hulp voor de jeugdige, zo dichtbij mogelijk. Die uitdaging gaan we met alle spelers in het veld aan. We hanteren daarbij acht leidende principes, vanuit de Regiovisie, die duidelijk maken waar wij als Regio WBO voor staan. De actielijnen die zijn vastgesteld in het Beleidskader 2020-2023 zijn hier vanzelfsprekend in verwerkt. De te contracteren strategische partners moeten straks ook achter deze leidende principes staan.
Pagina 7 van 36
Pagina 8 van 36
Pagina 9 van 36
Kernwaarden van samenwerking We zetten met deze inkoop in het versterken van de samenwerking met een beperkter aantal te contracteren strategische partners. We geloven dat we daarmee een meer intensieve vorm van samenwerken kunnen vormgeven en het onderlinge vertrouwen kunnen vergroten. Dit zijn belangrijke voorwaarden om de jeugdhulp in de regio te verbeteren. Samen detecteren, samen onderzoeken, samen ontwikkelen en samen oplossen. Voor alle verbindingen tussen gemeenten en het jeugdhulplandschap (en de spelers onderling) gelden dezelfde kernwaarden voor samenwerking: • Openheid: we staan open voor verschillende benaderingen.
•
•
•
•
•
Vanuit een open houding en in vertrouwen gaan we een samenwerking aan. Ook al is sprake van een opdrachtgever-opdrachtnemer relatie, we staan open voor elkaars benaderingen en inzichten. Discipline: we doen wat we zeggen. Wanneer we een samenwerking aangaan komen we onze afspraken na. We proberen onze doelstellingen samen te halen. Mocht er een kink in de kabel komen, dan gaan we tijdig het gesprek aan om een oplossing te zoeken. We doen wat we zeggen en we zeggen wat we doen. Afspraak is afspraak. Assertiviteit: we communiceren open en eerlijk. We communiceren open en eerlijk naar elkaar. Vanuit onze gezamenlijke doelstellingen en binnen ons afsprakenkader voelen we ons vrij om open te communiceren. We zijn assertief en kaarten tijdig eventuele knelpunten aan. Verbinding: we doen het samen. Wij, gemeenten en jeugdhulpaanbieders, verbinden ons met elkaar en vinden elkaar in de Regiovisie en ambities van Regio WBO, zoals o.a. in de Regiovisie beschreven. Door verbinding krijgt samenwerking en innovatie een kans, wordt ondersteuning geboden en leren we van elkaar. Ontspannen: we bouwen rust en reflectie in. We staan voor de plannen en doelen die we hebben. Op het moment dat iets onverwachts of afwijkends gebeurt, delen we dit en gaan we met elkaar in gesprek. Op basis van een analyse zoeken we gezamenlijk een adequate oplossing.
Eigenaarschap: iedereen werkt vanuit eigen rol en verantwoordelijkheid aan een gemeenschappelijk doel. Wij delen eigenaarschap vanuit vertrouwen. Vanuit dit vertrouwen gaan we ervan uit dat we hetzelfde doel hebben met het belang van het de jeugdige voorop. Onze organisaties, achtergronden en methodieken kunnen verschillen, ons doel blijft hetzelfde.
De samenwerking vormgeven is onderdeel van de route die we als gemeenten met de rest van het jeugdhulplandschap lopen. De route ligt nog niet precies vast maar met ons kompas van kernwaarden in de hand - en helderheid over onze leidende principes - begrijpen we elkaar snel en kunnen we de juiste stappen zetten en duurzame beslissingen nemen.
Pagina 10 van 36
2. JEUGDHULP IN REGIO WBO Met deze nieuwe Inkoopstrategie gaan we de uitdagingen van nu aan. Omdat het nodig is én omdat er kansen liggen. We willen onze dienstverlening transformeren naar een meer ontschot en betaalbaar ondersteunings- en jeugdhulpsysteem. In dit hoofdstuk lichten we toe dat de huidige manier van inkopen niet meer voldoet tegen de achtergrond van onze ervaringen, ambities en uitdagingen waarvoor we gesteld worden.
Inkoop tot nu toe Op basis van de Jeugdwet zijn gemeenten verplicht om zorg te dragen voor de jeugdhulp. Vanaf 1 januari 2015 trekken de vijf gemeenten in Regio WBO hierin samen op. Sindsdien is er veel werk verzet door gemeenten en jeugdhulpaanbieders in de regio om de jeugdhulp in de regio goed en passend te maken. In 2020 stelden de vijf colleges de inkoopvisie WBO 2021 vast. Met deze visie is ingezet op de transformatie naar een krachtig jeugdhulpstelsel in dienst van de jeugdige, zodat deze kan opgroeien tot een zo zelfstandig mogelijke volwassene. In de Inkoopvisie 2021 is een belangrijke rol weggelegd voor de aansluiting tussen het voorliggend veld en de niet vrij toegankelijke jeugdhulp. Ook zijn de inspanningen gericht geweest op het naar een hoger niveau tillen van het contractmanagement. Daarnaast is er gewerkt aan sturing op kwaliteit en efficiëntie van de ingezette jeugdhulp. Het meten van kwaliteit en de voortgang van de transformatie van de jeugdhulp stond hoog op de agenda. Hiertoe zijn drie categorieën jeugdhulp onderscheiden. 1.
2.
3.
Ontwikkeling: Dit is ondersteuning die zich primair richt op de ontwikkeling van de jeugdige. Oorzaak van deze ondersteuning zijn problemen die de jeugdige ervaart waardoor zijn ontwikkeling wordt belemmerd. Stabilisatie/ ondersteuning: Soms lukt het niet om de problematiek van de jeugdige en/of zijn gezinssysteem weg te nemen. In deze situaties is het van belang dat de jeugdige en zijn/haar netwerk leert omgaan met de problematiek. Veiligheid: I sommige gevallen komt (de ontwikkeling van) de jeugdige in de knel, soms dreigt hierdoor gevaar voor de jeugdige zelf of zijn omgeving. Dit zijn situaties waarin uitstel van ingrijpen schade toe kan brengen aan de jeugdige en/of zijn omgeving.
We kozen voor een open house-constructie: alle aanbieders die voldeden aan de (kwaliteits-)eisen en bereid waren vastgestelde producten te leveren tegen bijbehorende tarieven, kregen een contract. Jeugdigen die werden doorverwezen moesten vervolgens uit een gecontracteerde aanbieder kiezen. De regio kent momenteel meer dan 240 verschillende gecontracteerde aanbieders. Jeugdhulp in cijfers Sinds de decentralisatie is het gebruik van de jeugdhulp toegenomen. Dit is een landelijk beeld dat ook geldt voor Regio WBO. Onderstaande cijfers zijn van 2021. Jeugdhulpvorm Ambulant JB/JR Jeugdzorgplus Pleegzorg Gezinshuizen Crisiszorg Verblijfszorg
Aantal unieke jeugdigen 8787 818 24 352 120 74 278
Pagina 11 van 36
Totale declaratie €38.500.000 €4.700.000 €1.300.000 €3.750.000 €4.350.000 €630.000 €11.40.000
Wat zien we? De bedoeling was om bij de volgende ‘inkoopronde’ (2023/2024) de Inkoopvisie verder vorm te geven en beleidsrijker te maken. Deze bestuurlijke wens is werkelijkheid aan het worden. Maar we zijn er nog niet. Het stelsel voor jeugdhulp is nog niet zo effectief als we voor ogen hadden. Een doelmatige uitvoering is nodig voor een betere en ook op de lange termijn houdbare jeugdhulp. Meer instroom, minder uitstroom Ook in onze regio groeit de vraag naar jeugdhulp en lijken meer jeugdigen langdurige hulp nodig te hebben. De laatste jaren is de uitstroom achtergebleven op de instroom en dit heeft gezorgd voor groeiende wachtlijsten. Voor veel ouders en jeugdigen is het nog lastig om de hulp te krijgen die nodig is. Dat komt ook omdat er steeds meer druk op de jeugdigen wordt gelegd: school, studie en social media staan in het teken van presteren, toetsen goed maken en voldoen aan het ideale plaatje. De coronaperiode heeft ook effect op de jeugdigen. Hoewel hobbels bij het leven horen, zijn er zeker ook jeugdigen die hierbij extra ondersteuning nodig hebben. De afgelopen jaren is gebleken dat de beschikbaarheid van hulp voor jeugdigen met complexe en specialistische hulpvragen onder druk staat. Regio WBO heeft gemiddeld langere jeugdhulptrajecten dan het landelijk gemiddelde. Dat valt op en vraagt om collectieve daadkracht van het veld.
Stijgende kosten Hoewel budgetten niet leidend moeten zijn in de jeugdhulp, zijn de uitgaven de afgelopen jaren fors toegenomen. Dit heeft grote impact op de gemeentelijke begrotingen. We staan voor de grote uitdaging om enerzijds kwalitatief goede jeugdhulpvoorzieningen te willen bieden en anderzijds de kosten beter te willen beheersen. Dat is ook tegen de achtergrond van de aangekondigde bezuinigingen op de jeugdhulp door het kabinet Rutte IV een relevante uitdaging! Jeugdige krijgt niet altijd de hulp die hij nodig heeft Ons huidige open house-model, heeft niet geleid tot het volbrengen van onze ambitie om snel de juiste vorm van jeugdhulp in te kunnen zetten. We zien dat het op- en af schalen van hulp langzaam gaat en dat ons stelsel weinig flexibel en soms traag is. We zien de volgende oorzaken: 1. schotten en bureaucratie 2. veel verschillende betrokken organisaties 3. veel verschillende producten 4. specialisaties in doelgroepen 5. gedetailleerde manier van verwijzen/beschikken Jeugdigen moeten daardoor soms lang wachten op de juiste vorm van hulp. Op- en afschalen is nog steeds een ingewikkelde uitdaging, terwijl dat nu juist zo belangrijk is voor passende en tijdige hulp voor onze jeugdigen. Ook komt het de zo belangrijke uitstroom niet ten goede.
De indeling in jeugdhulpvormen die we hanteerden (zie vorige paragraaf) heeft aanpassing nodig zodat op- en afschalen makkelijker wordt. Iets waaraan ook jeugdhulpaanbieders behoefte hebben. Slagkracht kan groter Het aantal jeugdhulpaanbieders groeit fors. Het huidige stelsel van 240 aanbieders maakt dialoog, ontwikkeling en slagkracht binnen het veld lastig en het verzilveren van de innovatiekracht in de regio ingewikkeld. We merken dat een beheersbaar jeugdhulpstelsel continu veel aandacht vraagt en dat een jeugdhulplandschap met een groot aantal aanbieders de slagkracht niet ten goede komt. Daarnaast heeft de ervaring geleerd dat afhankelijkheid van één aanbieder die het totaalpakket levert, de jeugdhulp in de regio enorm kwetsbaar maakt.
Pagina 12 van 36
Kortom, we moeten de manier van contracteren verbeteren in het belang van de juiste hulp voor de jeugdige. Een groot deel van de huidige contracten met jeugdhulpaanbieders loopt binnenkort af. Ook om die redenen is dit hét moment om de inkoop opnieuw te bezien en in te zetten op strategisch partnerschap.
Pagina 13 van 36
3. NAAR EEN NIEUWE INKOOPSTRATEGIE
In het vorige hoofdstuk schetsten we de uitdagingen waar Regio WBO voor staat. Tegen die achtergrond blijven wij ons doel voor ogen houden: de juiste en beste jeugdhulp, zo dichtbij mogelijk. Dat doel hebben niet alleen gemeenten, maar ook de andere spelers in het jeugdhulplandschap: jeugdhulpaanbieders, verwijzers, ketenpartners en onderwijs. We zijn ervan overtuigd dat de uitdagingen die er zijn alleen aangepakt kunnen worden met strategische en langdurige samenwerking tussen de spelers in het jeugdhulplandschap. We zetten daarom in op strategisch partnerschap. We lichten in dit hoofstuk toe wat we daaronder verstaan. Door samenwerking te intensiveren naar strategisch partnerschap kunnen we rust en stabiliteit in het jeugdhulplandschap brengen en zorgen dat we de juiste dingen goed doen voor onze jeugdigen en hun gezinnen. Deze nieuwe Inkoopstrategie is daarnaast een belangrijk instrument om de uitgangspunten van de Regiovisie te implementeren. Een nieuwe Inkoopstrategie is daarmee geen doel op zich maar een gevolg van de ervaringen, ambities en visie.
Inkoop: wat vinden we belangrijk? Met deze Inkoopstrategie veranderen we meer dan alleen de manier van inkopen. Ook de manier waarop we gaan samenwerken en doelen bereiken met de aanbieders ontwikkelen we door. Door de samenwerking te intensiveren naar strategisch partnerschap brengen we rust en stabiliteit in het jeugdhulplandschap en geven we aanbieders meer ruimte om de goede dingen te doen op het goede moment voor onze jeugdigen en hun gezinnen. Wij vinden daarbij het volgende belangrijk. Jeugdige centraal Goede en passende jeugdhulp is jeugdhulp die om de jeugdige heen wordt georganiseerd in plaats van andersom. Het is in dit kader belangrijk dat op- en afschalen van jeugdhulp (goed en snel) kan gebeuren, zonder dat er steeds weer nieuwe beschikkingen moeten worden afgegeven. Deze ketenbrede samenwerking vraagt om onderling vertrouwen, kennen en benutten van elkaars expertises en over eigen schaduwen heen stappen. Daarom willen meer integraal gaan werken. Dit biedt de jeugdhulpaanbieders de mogelijkheid om te kijken naar de behoefte van de jeugdige en daarop het aanbod te organiseren, in plaats van te kijken of er een product is wat past bij de behoefte van de jeugdige. Dit kan alleen als jeugdhulpaanbieders onderling intensief en langdurig samenwerken. Dit vertrouwen en deze samenwerking is ook nodig in de relatie met de gemeenten.
Zorggeld = zorggeld De Inkoopstrategie zet in op een zo doelmatig en efficiënt mogelijk jeugdhulpsysteem. We kijken daarbij naar het gehele systeem, en niet alleen naar de inkooptransactie zelf. Kosten komen daardoor mogelijk elders in de keten te liggen. De kosten binnen het totale systeem moeten naar beneden. We contracteren strategische partners die samen met ons blijvend werken aan verbetering van de efficiency van het jeugdhulpsysteem, juist ook na de contractering. Aanbieders zijn straks verzekerd van een kostendekkende overeenkomst met de kanttekening dat efficiencyverbeteringen weer ten goede komen aan de gemeenschap. Aanbieders voeren daarom, net als de regio, een sobere op efficiency gerichte bedrijfsvoering. Vanuit partnerschap samen zoeken naar verbeteringen. Transparantie in de bedrijfsvoering, datagedreven samenwerking maar ook controles die leiden tot verbetering zijn daarom noodzakelijk. Daarnaast geldt de Wet Normering Topinkomen (WNT) die de beloning aan bestuurders maximaliseert (met uitzondering van eenmanszaken, Vof's en maatschappen. De spelregels van
Pagina 14 van 36
beloning topinkomen zijn voor WBO in alle organisatievormen gelijk: jeugdhulpgeld is voor de jeugdige. We willen daarom inzicht in de onderlinge verhoudingen in een groep van bedrijven/instellingen. Daarnaast willen we inzicht in welke natuurlijke personen belanghebbende zijn. Ook willen we inzicht in relaties rondom vastgoed en services die uit gelieerde instellingen of ondernemingen worden verstrekt en waar zorggeld naar toe kan gaan. Regio WBO normeert eveneens de vergoedingen voor diensten van gelieerde ondernemingen. Bovendien vragen we transparantie in de beheersvergoedingen. Winsten hoger dan branchenormen (5%) moeten ten goede komen van de jeugdhulp. We verwachten van de jeugdhulpaanbieder deze besteding inzichtelijk te maken. Winstmarges van meer dan 15% (of het vermoeden dat een jeugdhulpaanbieder streeft naar winstmaximalisatie ten koste van kwaliteit) leiden tot gesprekken met contractmanagement. Bij deze gesprekken kan een materiële en/of detailcontrole ingezet worden. Doelmatig kwalitatief goede jeugdhulp binnen het beschikbare budget De uitgaven aan de jeugdhulp moeten beheersbaar zijn, er moet effectieve hulp beschikbaar zijn voor jeugdigen die dat nodig hebben en gemeenten moeten hun taken goed kunnen uitvoeren. Gezamenlijke keuzes en een meer doelmatige uitvoering zijn nodig om het jeugdstelsel, ook op de lange termijn, beter en houdbaar te maken.
Samen ontwikkelen: ontwikkelopgaven Bij het afronden van de inkoop begint het echte werk pas. Dat is ook de reden waarom wij de overeenkomsten gedurende de looptijd continu willen doorontwikkelen. We maken deze doorontwikkelingen concreet met gezamenlijk benoemde ontwikkelopgaven zodat we weten waar t het jeugdhulplandschap inclusief de aanbieders aan gaan werken. Ontwikkelopgaven zijn niet zomaar denkrichtingen om de jeugdhulp in de regio te versterken, maar vooral uitdagingen waar we samen met strategische partners aan gaan werken. Van strategische partners verwachten wij dat ze achter onze leidende principes staan en met woord en daad een bijdrage leveren aan deze ontwikkelopgaven. De ontwikkelopgaven worden in hoofdstuk 6 genoemd. Samenwerken: duurzaam, innovatief en met vertrouwen Door duurzame strategische samenwerking kunnen we verder bouwen aan vertrouwen en op basis daarvan maximaal innoveren. Overeenkomsten met een duur van 5 tot 7 jaar zijn dan passend. Met langdurige contracten worden aanbieders in staat gesteld te investeren in de jeugdhulp en kunnen gemeenten investeren in de aanbieders. De samenwerking wordt hiermee écht wederkerig. Samen zorgen we ervoor dat we het juiste voor de jeugdige doen. En duurzaam samenwerken schept ruimte voor vernieuwend samenwerken en het vergroten van de innovatiekracht in de regio. We omarmen goede innovatieve ideeën.
Dankzij nieuwe methodes en aanpak zorgen we dat we aansluiten bij de hulpvraag van de jeugdige. Een voor iedereen begrijpbaar jeugdlandschap Het huidige jeugdlandschap is voortdurend in beweging. Het jeugdhulplandschap kent nu ongeveer 240 aanbieders, uitgesmeerd over tal van hulpvormen en categorieën. Het stelsel is complex en onoverzichtelijk geworden, ook voor jeugdigen, hun ouders/verzorgers en verwijzers. We gaan dit verbeteren. Met deze Inkoopstrategie willen we terug naar de bedoeling. Wat heeft een jeugdige nodig en wie kan daarbij helpen? Door te werken met een beperkt aantal strategische partners die naar het hele systeem rondom de jeugdige kijken en meerdere vormen van hulp kunnen bieden, maken we het systeem eenvoudiger en voor iedereen begrijpelijker. We verwachten dat onze jeugdhulpaanbieders hieraan meewerken.
Pagina 15 van 36
Goede poortwachtersfunctie richting jeugdhulplandschap Jeugdigen die een vorm van hulp nodig hebben, komen daar op twee manieren bij terecht: via de gemeente of via een andere route (zoals huisarts, jeugdarts of rechter). De toegang willen wij eenduidiger vormgeven en optimaal outlilleren zodat de beste en juiste hulp kan worden ingezet. Dit willen we bereiken door: • Meer eenduidigheid in werken tussen de verschillende toegangen, gemeente en andere verwijzers maar ook meer eenduidigheid in de manier van werken. Zo wordt het stelsel overzichtelijker en kunnen we de samenwerking verbeteren. • Meer deskundige toeleiding naar passende jeugdhulp plaats te laten vinden. Hierdoor wordt de effectiviteit van de lokale toegangen en verwijzers in WBO groter. • Versterken van de verbinding (de onderlinge samenwerking) tussen de verschillende toegangen en verwijzers (sociaal domein, medisch domein, gedwongen kader, rechterlijke macht).
Pagina 16 van 36
Meer werkruimte voor de jeugdprofessional (verlagen regeldruk) De jeugdprofessional is de spil binnen de jeugdhulp. Hun expertise, vakmanschap en ervaring zijn cruciaal voor de beste en juiste hulp voor onze jeugdigen. De professionals moeten de ruimte krijgen om hun talenten en competenties optimaal in te zetten. Daarbij is gezamenlijk investeren in kennis, tijd, ruimte en een lerende omgeving belangrijk. We gaan aan de slag met leren van (complexe) casuïstiek, in de hele keten. Mocht een professional een andere aanpak willen toepassen, dan is hier binnen onze regio ruimte voor. Uiteraard binnen de financiële-, wettelijke- en beleidskaders. Kwaliteit dichtbij Hulp aan de jeugdigen moet zo dichtbij mogelijk worden aangeboden. Dat betekent dat een strategische partner de jeugdhulp in de nabijheid van de jeugdige moet organiseren. Samenwerking kan niet zonder vertrouwen: vertrouwen geven en wederzijds betrouwbaar zijn. Samen hebben we het belang van de jeugdigen voor ogen en handelen daarnaar. In onze rol van overheid kunnen we niet blind vertrouwen. We blijven onze verantwoordelijkheid nemen en zullen dus controleren. Niet uit wantrouwen maar om de inzet van zorggeld te verantwoorden. Vertrouwen geven betekent ook transparant zijn in je intenties en manier van werken. Ook dit is wederzijds.
Als overheid zijn we altijd bereid en verplicht verantwoording af te leggen over onze werkwijze.
Wat betekent dit voor de Inkoopstrategie vanaf 2023? De ambitie is een jeugdhulpstelsel vormgeven waarin strategische partners verantwoordelijkheid voelen voor en verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit, nabijheid en beschikbaarheid van jeugdhulp voor diegenen die dat nodig hebben. Hiervoor is een nieuwe manier van inkopen nodig en zullen er nieuwe afspraken gemaakt moeten worden. De ontwikkelingen in de jeugdhulp in de regio, de ervaringen met de huidige inkoop en de ambities die we hebben, hebben geresulteerd in drie kernelementen voor een nieuwe Inkoopstrategie: 1. Contracteren van een beperkt aantal strategische partners. 2. Faciliteren van hulp op maat en vergemakkelijken van op- of afschaling (ontschotten). 3. Flexibele overeenkomsten met de focus op ontwikkelopgave (i.p.v. uitvoering en detail). We lichten deze kernelementen in de volgende hoofdstukken toe. Specificaties en kwaliteitseisen zijn in een ander document uitgewerkt en gepubliceerd: de Inkoopleidraad.
Pagina 17 van 36
4. CONTRACTEREN VAN EEN BEPERKT AANTAL STRATEGISCHE PARTNERS Willen we de transitie werkelijk verstevigen en ontschotten, dan is strategisch en duurzaam partnerschap met jeugdhulpaanbieders nodig. Het huidige inkoopmodel met 240 aanbieders past daar niet bij. Door te kiezen voor een beperkt aantal gecontracteerde partners kiezen we voor intensief samenwerken. Middels ervaringseisen en kwalitatieve criteria hopen we te komen tot maximaal 20 strategische partners, die zonder inzet van andere aanbieders minimaal 10 van de 13 jeugdhulpvormen kunnen bieden (zie hoofdstuk 5 voor een toelichting op de jeugdhulpvormen). Dat betekent niet dat er straks maar 20 jeugdhulpaanbieders actief zullen zijn in de regio. We vragen aanbieders nadrukkelijk om aansluiting in het lokaal veld en stimuleren samenwerking waar dit vanuit het perspectief van de jeugdige of het gezin gewenst is.
Samenwerking tussen aanbieders De beoogde strategische partners moeten allen minimaal 10 van de 13 jeugdhulpvormen kunnen bieden. Wij vragen jeugdhulpaanbieders dan ook waar nodig de samenwerking met elkaar op te zoeken. Samen kunnen jeugdhulpaanbieders dan een strategisch partner worden in het jeugdhulplandschap van Regio WBO. Het realiseren van samenwerkingsverbanden zal merkbaar zijn in het aanbiedersveld. Daarom faciliteert Team WBO deze beweging in de voorbereidingsfase van deze aanbesteding door sessies te organiseren en waar gewenst onderlinge contactinformatie te delen. De regio zal zich tijdens de aanbesteding, en ook daarna, steeds meer gaan opstellen als een netwerkorganisatie die aanbieders helpt elkaar te vinden.
Ruimte voor innovatie Met deze nieuwe Inkoopstrategie stimuleren we innovatie en werken we gezamenlijk in en aan een innovatief jeugdhulplandschap. We streven naar een landschap dat logisch en overzichtelijk is, waar sprake is van ontschotting zodat makkelijker de juiste hulp kan worden ingezet en waar kwaliteit geboden wordt. Met deze inkoop willen wij de meest geschikte strategische partners aan ons verbinden. Data zijn partners die willen en kunnen bijdragen aan een innovatieve jeugdhulp.
Afspraken en vertrouwen Samenwerken op een belangwekkend thema als jeugdhulp vraagt enerzijds om vertrouwen en anderzijds goede afspraken vooraf over de samenwerking en monitoring. Als Regio WBO maken we bijvoorbeeld afspraken over op- en afschalen en sturen we op het verkorten van de behandel- en verblijfsduur.
Pagina 18 van 36
5. FACILITEREN VAN HULP OP MAAT EN VERGEMAKKELIJKEN OP- EN AFSCHALING
Ontschotten We willen doen wat nodig is om de jeugdige te helpen. Goede en passende jeugdhulp is jeugdhulp die om de jeugdige heen wordt georganiseerd in plaats van andersom. Het is in dit kader belangrijk dat op- en afschalen van jeugdhulp vlot kan gebeuren. Het proces van beschikken en hulp toewijzen zoals dit nu is georganiseerd is niet helpend hierin Een ketenbrede samenwerking waar ontschotting een belangrijk streven is, is nodig. Dit houdt in dat een strategisch partner in staat is het beste voor de jeugdige te doen, zonder dat hier steeds een nieuwe beschikking voor nodig is. Voor deze aanbesteding kiezen we voor een ontschotte opdracht. Dit houdt in dat we strategische partners contracteren die meerdere vormen van jeugdhulp kunnen leveren. Deze strategische partner kan een jeugdhulpaanbieder of een samenwerkingsverband van jeugdhulpaanbieders zijn. Hoe een samenwerkingsverband tot stand komt of hoe deze georganiseerd is, is aan de jeugdhulpaanbieder. Wanneer aanbieders willen samenwerken, ondersteunen wij deze aanbieders met het leveren van kennis en informatie over wat er voor nodig is bij de inkoop.
Ketenbrede samenwerking Deze ketenbrede samenwerking vraagt partijen in het jeugdhulplandschap om elkaar te vertrouwen, elkaars expertises te kennen en over eigen schaduwen heen te stappen. Met deze nieuwe Inkoopstrategie willen we de integrale verantwoordelijkheid voor het leveren van passende jeugdhulp bij onze strategische partners neerleggen. Met een ketenbrede samenwerking verwachten we een afname van het aantal doorverwijzingen en beschikkingen. Op- en afschalen gaat makkelijker en dat past bij de bedoeling: passende jeugdhulp voor onze jeugdigen. Ook is de verwachting dat de inzet van intensieve jeugdhulp verminderd kan worden. Zo werken we aan een doelmatige en rechtmatige besteding van jeugdhulpmiddelen. Daarnaast denken we dat een integrale aanpak zorgt voor meer ruimte en energie voor het gezamenlijk ontwikkelen én meer autonomie creëert voor de jeugdhulpaanbieder en jeugdhulpprofessionals. Kortom, met een ketenbrede samenwerking kunnen we een betere gezamenlijke sturing realiseren op inhoudelijke en financiële middelen. Jeugdhulpvormen Regio WBO beschrijft voor de nieuwe inkoop 13 jeugdhulpvormen: Specialistische GGZ Basis GGZ en/of individuele behandeling Dagbehandeling Dagbesteding Begeleiding Persoonlijke verzorging Logeren
Enkelvoudige dyslexie Vaktherapie MST Verblijfszorg Crisiszorg Pleegzorg
Een strategisch partner moet straks minimaal 75% van de beschreven jeugdhulpvormen kunnen leveren om in aanmerking te komen voor een overeenkomst (dus 10 jeugdhulpvormen). Hierbij wordt geen onderscheid gevraagd in doelgroep (GGZ, LVB, opvoed- en opgroeiproblematiek). Uiteraard heeft het de voorkeur dat alle doelgroepen vertegenwoordigd zijn.
Pagina 19 van 36
Dit geeft kleinere (lokale) jeugdhulpaanbieders de ruimte om zich te organiseren met behoud van identiteit. Jeugdhulpaanbieders die meer gericht zijn op hoogcomplexe vormen van jeugdhulp zijn hierdoor niet verplicht enkelvoudige vormen van jeugdhulp te organiseren. Elke strategische partner is dus verantwoordelijk voor een samenhangend jeugdhulpaanbod en voor het leveren van voldoende capaciteit. De regio ondersteunt de strategische partners bij het organiseren van voldoende capaciteit wanneer dat nodig is. In uitzonderlijke gevallen kan de regio buiten de strategische partners om inkopen.
Dichtbij De strategische partners organiseren jeugdhulp zoveel mogelijk thuis of in de directe leefomgeving van de jeugdige. Na contractering zijn de regio én de gecontracteerde strategische partners verantwoordelijk voor een dekkend jeugdhulpaanbod waarbinnen alle jeugdhulpvragen snel kunnen worden opgepakt. Op het moment dat dit niet het geval is, gaan strategisch partners onderling en/of met de regio in overleg om oplossingen en maatwerk te organiseren. Dichtbij betekent ook dat we zorg willen dragen voor het behoud van lokaal aanbod. De beginselen van het aanbestedingsrecht weerhouden de regio ervan (kleine) lokale partijen op titel aan te wijzen. Dergelijk favoritisme is niet toegestaan. Daarom willen we de aanbesteding ook bereikbaar houden voor dergelijk specifieke lokale aanbieders. De ervaring leert echter dat dergelijke kleine partijen zich moeilijk door het aanbesteden heen kunnen worstelen. We doen daarom een beroep op onze strategische partners om dergelijke aanbieders, wanneer zei niet willen of kunnen meedoen aan de inkoop, niet buiten de boot te laten vallen. We vragen ze werk te maken van het betrekken van lokaal aanbod. Zo kunnen we innovatief blijven, van elkaar leren en de belangrijke coleur locale behouden.
Reikwijdte Deze Inkoopstrategie heeft betrekking op het bieden van de niet vrij toegankelijke ambulante jeugdhulp binnen de categorieën Ontwikkeling, Ondersteuning, pleegzorg, verblijfszorg en crisiszorg conform voorgaande algemene beschrijving. De overige niet vrij toegankelijke jeugdhulpvormen worden op de volgende wijze ingekocht en maken geen deel uit van deze Inkoop: 1. Gezinshuiszorg – Open House-model nieuwe aanbesteding per 01-01-2023 . 2. Verblijfszorg in gesloten jeugdhulp/Jeugdzorgplus, lopende contracten, ingang 01-01-2020 voor een periode van 4 jaar. 3. Gecertificeerde instellingen, lopende contractering per 01-01-2020 voor 4 jaar excl. Verlengingsopties. 4. Landelijke functies zoals opgenomen in het Landelijk Transitiearrangement (VNG).
Pagina 20 van 36
6. FLEXIBELE OVEREENKOMSTEN MET DE FOCUS OP ONTWIKKELOPGAVEN
Strategisch partnerschap: samen ontwikkelen Tot in detail vastgelegde contractuele voorwaarden en resultaten passen niet bij strategisch partnerschap. Inspanningsverplichting op de ontwikkelopgaven past wel. En bij strategisch partnerschap past een overeenkomst die gericht is op het partnerschap zelf. We staan samen aan de lat om het beste voor de jeugdige te doen. Om deze reden richten we ons op contracten met een duidelijke focus op de ontwikkelopgaven en doen we een stap terug in de beschrijving van de wijze van uitvoering van jeugdhulp. Uiteraard is een goede uitvoering van jeugdhulp en een dekkend landschap een essentieel onderdeel van het partnerschap. Bij partnerschap horen wat ons betreft ook langlopende contracten. We gaan daarom contracten aan met een initiële looptijd van vijf jaar, met tweemaal een verlengingsoptie van een jaar. De mogelijke totale contractduur is dus zeven jaar.
Urgentie op een aantal thema’s Maatschappelijke ontwikkelingen en ontwikkelingen in ons jeugdhulpstelsel vragen extra energie en urgentie voor bepaalde thema's. We gaan samen met aanbieders onderzoeken, proberen en bouwen. De volgende ontwikkelopgaven zijn in samenspraak met het jeugdhulplandschap zelf geagendeerd. In dialoogsessies, werkconferenties, ontwikkeltafels en individuele gesprekken met jeugdhulpaanbieders, onderwijspartners, verwijzers en de jeugdigen zijn de zes ontwikkelopgaven geladen en verrijkt. De Regiovisie bevat een uitgebreide toelichting op de ontwikkelopgaven. 1- Zo thuis mogelijk 2- Innovatiekracht 3- Participatie jeugdigen 4- Ervaringsdeskundigheid als kracht 5- Onderwijs en jeugd in verbinding 6- Samenwerking, triage en verwijzen De ontwikkeling naar een betere en inzichtelijkere bedrijfsvoering is van belang om de dienstverlening duurzaam uit te kunnen voeren. In de inkoopleidraad zal deze ontwikkelopgave separaat worden uitgewerkt.
Administratieve lasten, zorgvuldigheidseisen en reële tarieven Ons uitgangspunt voor de inkoop is het beperken van administratieve lasten voor zowel aanbieders als gemeenten. Dit werken wij verder uit in aanbestedingsdocumenten. Als Regio WBO staan we al voor lage administratieve lasten en voeren als we al een gezamenlijke administratie/verantwoording. Bij de inkoop zien wij kansen om de administratieve lasten verder te verlagen wanneer het gaat om productomschrijvingen en beschikkingen. Met de zorgvuldigheidseisen hebben wij aandacht voor het werken met langdurige overeenkomsten. Zoals gezegd gaan we voor contracten met een contractduur tussen de vijf en zeven jaar. We realiseren ons dat de tijd tot contractering kort is en we zijn ons bewust van de risico's die hierbij komen kijken. We houden hier rekening mee. Bijvoorbeeld door met duidelijke ontwikkelopgaven te
Pagina 21 van 36
werken en een tijdige afronding van de technische implementatie. De inrichting zal gedurende de contractperiode verder geoptimaliseerd worden en ook inhoudelijk eindigt de implementatie niet op 1 januari 2023. In de nieuwe contractering werken we met duidelijke tarieven. We maken met aanbieders expliciete en heldere afspraken en leggen deze vast in een set aan (gedrags-)normen waar aanbieders met regelmaat aan worden getoetst. We creëren contractuele voorwaarden om hierin op te treden. Aanbieders die misbruik maken, pakken we aan en sluiten we waar nodig direct uit.
Pagina 22 van 36
7 DE IMPACT VAN VERBINDING De transformatie die de Regiovisie en de Inkoopstrategie in gang zetten vraagt iets van het gehele jeugdlandschap. Dit geldt voor jeugdhulpaanbieders, verwijzers en het onderwijs. Maar ook de verschillende afdelingen van de vijf gemeenten moeten straks nog meer de verbinding zoeken. Want we hebben naast een consistente koers een duurzame bemanning nodig om te blijven ontwikkelen in een dynamisch veld. De Inkoopstrategie is hierin het startpunt van de verbinding die we met het jeugdhulplandschap én de vijf gemeenten gaan intensiveren.
Verbinding met de toegang De toegang heeft een belangrijke positie in het jeugdhulplandschap. Wanneer wij spreken over toegang bedoelen wij de wettelijke verwijzers uit de Jeugdwet. Zij verwijzen waar nodig naar specialistische jeugdhulp. Dit zijn: • • • •
gemeentelijke toegangen (CJG, sociaal wijkteam, e.d.) medische verwijzers (huisartsen, jeugdartsen en medisch specialisten) gecertificeerde instellingen rechters
De toegang is de schakel tussen het vrij toegankelijke jeugdhulpaanbod en de gecontracteerde, niet vrij toegankelijke (gespecialiseerde) jeugdhulpaanbieders. De verbinding hiertussen moet goed geregeld zijn om optimaal mogelijk te kunnen op- en afschalen. Jeugdigen kunnen gebruik maken van ondersteuning bij jeugdhulpverlener(s) als ze worden doorverwezen. De gemeentelijke toegang is momenteel verantwoordelijk voor circa 40 % van de verwijzingen. Maar de gemeentelijke toegang informeert, verbindt en faciliteert ook andere verwijzers. Dit zijn bijvoorbeeld huisartsen, kinderrechters of jeugdartsen. Bovendien houdt de gemeentelijke toegang regie in multicomplexe casuïstiek. Een goede toegang is dus cruciaal voor het verlenen van tijdige en passende jeugdhulp. Een nieuwe Inkoopstrategie betekent ook een hierop aangepaste inrichting van de (gemeentelijke) toegang. Momenteel zijn de gemeentelijke toegangen lokaal georganiseerd. Om onze ambitie te realiseren – de beste en juiste jeugdhulp, zo dichtbij mogelijk – is het belangrijk dat we de komende jaren gaan onderzoeken op welke wijze de toegang past in de nieuw in te richten werkwijze. We moeten daarin rollen en verantwoordelijkheden beleggen en inzetten op heldere communicatie. Maar minstens zo belangrijk is het leren kennen van elkaars expertise, vertrouwen en gebruiken.
Alleen zo kunnen we vastgelopen casuïstiek gezamenlijk aanpakken. Zo willen we inzet op de beschikbaarheid van aanvullende, specialistische expertise, zoals het Regionaal Expert Team en consultatiefunctie GGZ. Ook vinden we eenduidigheid in de toegang heel belangrijk. We willen dat jeugdigen, ouders, jeugdhulpaanbieders en andere verwijzers dezelfde werkwijze aantreffen in de verschillende gemeenten. Waar het de jeugdige zo goed mogelijk helpt, kan deze ook regionaal terecht voor hulp. Hierin trekken we samen op en leren we van elkaar. Deze transformatie willen we gaan monitoren op maatschappelijke impact en de tevredenheid van jeugdigen en ouders. Op die manier denken we ook (daar waar de privacywet de ruimte biedt) praktische aspecten als administratie en regeldruk te kunnen aanpakken door informatie, taken en
Pagina 23 van 36
terugkoppeling met de regionale toegangen te delen. Denk hierbij aan eenzelfde aanmeldformulier voor verwijzers naar de jeugdhulpaanbieders. Verbinding tussen jeugdhulp en het onderwijs Zoals we aangaven in de ontwikkelopgaven, gaan we het onderwijs en de jeugdhulp beter verbinden. Om jeugdigen de kans te geven zo goed mogelijk op te groeien, is (regionale) samenwerking tussen (samenwerkingsverbanden passend) onderwijs, zorgverzekeraars, jeugdhulpaanbieders en de vijf gemeenten hard nodig. De laatste jaren zijn vanuit de gemeenten en het onderwijs al meerdere initiatieven gestart om dit te realiseren. We willen dit uitbreiden en gaan dat regionaal uitdenken en lokaal uitproberen. En we doen dat vanzelfsprekend samen met scholen en samenwerkingsverbanden passend onderwijs. We onderzoeken wat werkt en dat breiden we uit. En zetten in op de juiste mix van inzet van het eigen netwerk, de sociale basis en aanvullende jeugdhulp. Ook hier is een uniforme werkwijze van aanbieders belangrijk. Op die manier kunnen we regionaal het onderwijs en de jeugdhulp verbinden. De beste ondersteuning voor de jeugdige vindt plaats buiten en binnen de klas. School vormt dan de veilige basis, naast de thuissituatie. Alle jeugdigen kunnen zich steeds optimaler ontwikkelen, ook wanneer ze daarbij extra hulp of ondersteuning nodig hebben.
Daarnaast wordt het ook voor het onderwijs eenduidiger en helpt de intensievere samenwerking met het bieden van tijdige en juiste hulp.
Een sterk voorliggend veld Elke gemeente binnen Regio WBO is verantwoordelijk voor het lokale aanbod van vrij toegankelijke preventieve voorzieningen. Hierbij gaat het om het totale aanbod van algemene voorzieningen dat beschikbaar is in een wijk of gemeente waarvoor geen verwijzing of beschikking nodig is. Dit noemen wij het voorliggend veld. Soms is (niet vrij toegankelijke) jeugdhulp niet meer nodig maar is het nog te vroeg om los te laten. Door af te schalen naar het voorliggend veld blijft de jeugdige in beeld en kan deze verder begeleid en versterkt worden. Andersom heeft het voorliggend veld een belangrijke signalerende (en opschalende) functie wanneer er wel zwaardere hulp nodig is. Regio WBO wil samen met de lokale gemeenten investeren in een sterk voorliggend veld. Samen willen we kleine opvoed- en ontwikkelproblemen klein houden en voorkomen dat problemen (onnodig) escaleren. Hierbij streven we naar een hechte samenwerking tussen deze (lokale) voorzieningen onderling. Daarin zien we een sleutelrol voor de toegangen en de praktijkondersteuners van de huisartsenpraktijken (POH-jeugd). Dit doen we zoveel mogelijk lokaal. Maar de jeugdige kan ook gebruik maken van het grote aanbod van de jeugdhulp in de regio, als dit passender is.
Eén gezin, één plan, een regisseur: verbinding met Wmo Bij sommige hulpvragen is sprake van gezinsproblematiek die niet direct door de jeugdhulpaanbieders is op te pakken. Vaak wordt een beroep gedaan op de Wmo en wordt een professional ingeschakeld om te helpen met psychosociale problematiek of ondersteuning in het huishouden. We vinden het belangrijk dat we in dit soort casussen gezamenlijk en integraal naar de jeugdige en het gezin kijken. Maatwerk dus maar ook vanuit meerdere perspectieven kijken wat de beste en passende hulp is. Het moet daarbij niet uitmaken of jeugdigen of ouders vanuit de Jeugdwet of vanuit Wmo komen. We willen werken met één gezin, één plan en één regisseur. Dat is nodig om écht integraal te kunnen werken.
Pagina 24 van 36
Zo willen we bijvoorbeeld de overgang van de jeugdige naar volwassenheid beter faciliteren. Bij de overgang van 18- naar 18+ houden we rekening met het feit dat een jeugdige in een aantal gevallen tot zijn 23ste levensjaar onder de Jeugdwet valt. We willen ervoor zorgen dat Wmo de verbinding vindt met jeugdhulpaanbieders om zo gezamenlijk tot oplossingen te komen. Bovendien willen we meer ruimte voor jeugdhulpaanbieders die werken vanuit het kader van veiligheid (vanuit Wmo of de Jeugdwet) om langdurig bij een jeugdige of gezin hulp te verlenen. Bij bijvoorbeeld huiselijk geweld is duurzame veiligheid en stabiliteit cruciaal. We willen zorgen dat voorwaarden aan duurzame hulp de veiligheid van de jeugdige of het gezin niet in de weg staan. We werken op deze manier samen, in plaats van langs elkaar heen. Op deze manier komt de juiste hulp in gezamenlijkheid terecht bij de jeugdigen en ouders.
Verbinding met jeugdigen: participatie als intrinsieke motivatie We kunnen geen jeugdhulp bieden zonder te weten wat jeugdigen nodig hebben. De inbreng van en samenwerking met de jeugdigen en hun systeem is ontzettend belangrijk. Door te luisteren naar hun zorgen, adviezen en ideeën kan de hulp verbeterd worden. Vóór de hulpvraag, tijdens de hulp en erna. De stem van jeugdigen en ouders gaan we beter organiseren en implementeren. Bijvoorbeeld door ervaringsdeskundigheid in te zetten als expertise en door jeugdigen en ouders actief te betrekken bij hun hulptraject. We maken deze ervaringen meetbaar en passen ons beleid hierop aan. Hierbij communiceren wij en alle andere betrokken in een taal die begrijpelijk is en aankomt. Deze participatie zal een een intrinsieke motivatie zijn van alle spelers in het jeugdhulplandschap, ook de toegang, het voorliggend veld, onderwijs en WMO. Op deze manier luisteren we écht naar jeugdigen en ouders en neemt ook de kwaliteit van de jeugdhulp toe.
Pagina 25 van 36
8 NIEUWE INKOOPSTRATEGIE
Wettelijk kader Binnen de inkoopprocedure moeten we ons houden aan een aantal belangrijke wettelijke kaders: • • •
In acht nemen van de aanbestedingsbeginselen en ‘gids proportionaliteit’. Publiek aankondigen van de aanbesteding op Tenderned. Publiek delen aan welke partijen is gegund op Tenderned.
Daarnaast schrijft de Jeugdwet voor dat een aanbesteding volgens Economisch meest voordelige Inschrijving (EMVI) moet gebeuren. We vullen dat binnen deze inkoop zo in dat we alle inschrijvingen binnen de inkoopprocedure beoordelen op de kwaliteit, in plaats van op basis van tarieven. Het tarief wordt tijdens de procedure niet beoordeeld, maar door de regio vastgesteld. Stap 1: Route tot publicatie aanbesteding De nieuwe Inkoopstrategie wijkt af van de wijze waarop wij de afgelopen jaren jeugdhulp hebben ingekocht. Veel jeugdhulpaanbieders hebben naast ervaring in Regio WBO ook ervaring in andere regio’s. Om de kennis van de aanbieders te gebruiken, maar ook om hen mee te nemen in het proces van Regio WBO zijn er tijdens de strategie- en voorbereidingsfase diverse inhoudelijke en inkooptechnische sessies georganiseerd. In deze sessies werden en worden voorlopige keuzes voorgelegd aan aanbieders, wordt input opgehaald en wordt informatie over het inkoopproces gedeeld.
Stap 2: De aanbestedingsprocedure Na publicatie van de aanbesteding start het formele inkoopproces. Tijdens dit inkoopproces vindt communicatie op een wat meer geformaliseerde wijze plaats middels een gestructureerde en transparante Vraag & Antwoord-systematiek, waarbij de antwoorden op vragen van aanbieders publiek gedeeld worden. In deze fase organiseren wij uiteenlopende sessies waarin wij meer uitleggen over de inkooptechnische formaliteiten en ruimte bieden voor het stellen van vragen. Na de eerste selectie van strategische partners start de onderhandelingsfase.
Stap 3: Selectie van aanbieders De opdracht willen we aanbesteden door middel van een aanbestedingsprocedure met onderhandelingsfase. Deze aanbesteding vangt formeel aan met een Europese aankondiging op basis van het verlichte regime voor sociale en andere specifieke diensten (SAS-procedure). Bij deze procedure geldt dat iedere geïnteresseerde die voldoet aan de gestelde eisen, een inschrijving mag indienen en mag meedingen naar gunning van de opdracht. Alle gegadigden die voldoen aan de door ons in de inkoopleidraad gestelde minimum geschiktheidseisen en waarop geen uitsluitingsgronden van toepassing zijn, worden beoordeeld aan de hand van een aantal kwalitatieve gunningscriteria welke toezien op het selecteren van de partijen die het beste bijdragen aan onze ontwikkelopgaven. De 20 best scorende gegadigden selecteren we voor de onderhandelingsfase.
Pagina 26 van 36
Stap 4: Onderhandelingsfase In deze fase gaan we verder in onderhandeling over de ontwikkelopgave en afronding van de contracten. We maken afspraken. Na onderhandeling selecteren we aanbieders voor voorlopige gunning.
Stap 5 en 6: Definitieve gunning & Implementatie Indien er geen bezwaren komen en de gegunde partijen de gevraagde bewijsstukken aanleveren wordt er definitief gegund. Vervolgens start de implementatiefase, waarin de daadwerkelijke invoering van de nieuwe werkwijze wordt uitgerold.
Planning De voorlopige planning is als volgt: • • • • • •
Publicatie: juni 2022 Preselectie: augustus 2022 Onderhandelingen: september 2022 Gunning: september 2022 Implementatie: oktober 2022 Start uitvoering: 1 januari 2023
Pagina 27 van 36
9 VISIE OP KWALITEIT
De sturingsuitgangspunten Het uitgangspunt voor de inzet van niet vrij toegankelijke jeugdhulp is efficiëntere en effectievere hulpverlening binnen de te stellen financiële kaders. Met als doel om het maatschappelijk resultaat/effect voor de jeugdigen binnen onze regio te vergroten. We doen dit door te sturen op: • Continuïteit en kwaliteit • Financieel en administratief houdbaar stelsel • Partnerschap en rekenschap
Continuïteit en kwaliteit • Passende Jeugdhulp: Elke jeugdige met een hulpvraag krijgt passende jeugdhulp. Jeugdhulp is passend wanneer de zwaarte, aard en duur van de hulp aansluit op wat op dat moment voor de noodzakelijk is (normaal waar mogelijk, bijzonder waar nodig). Het uitgangspunt is dat de jeugdhulpaanbieders gaan over het hoe en het wat. De definitie van passende jeugdhulp, en hoe we deze kunnen meten, ontwikkelen we in de dialoogfase. (Passende Jeugdhulp) • Eigenaarschap en acceptatieplicht: Ten alle tijden is de jeugdhulpaanbieder aan wie de jeugdige als eerste is toegewezen primair verantwoordelijk. Elke aan de strategisch partner toegewezen jeugdige wordt verplicht geaccepteerd. De gemeenten verwachten van de jeugdhulpaanbieders dat zij in onderlinge samenwerking het hele pakket aan complexe jeugdhulp kunnen organiseren. Hiermee willen de gemeenten voorkomen dat jeugdigen met een complexe hulpvraag tussen wal en schip vallen. Maar ook wordt er hiermee gezorgd dat er geen tijd verloren gaat door onnodig verwijzen tussen jeugdhulpaanbieders. In de onderhandelingsfase wordt bepaald hoe deze acceptatieplicht eruitziet en op basis waarvan prioriteit wordt gegeven. • Kwaliteit: Aan de jeugdhulpaanbieders stellen wij de voorwaarde dat zij voldoen aan de kwaliteitseisen in de wetten die op de organisatie van toepassing zijn.
Daarnaast verwachten wij dat organisaties actief meewerken aan onderzoek en vormen van monitoring, die bedoeld zijn voor verantwoording en om bij te dragen aan kwaliteitsverbetering van de jeugdhulp in het kader van de Jeugdzorg. (Doelmatig kwalitatief goede jeugdhulp) Financieel en administratief houdbaar stelsel • Gemeenten blijven binnen het voor jeugdhulp beschikbare budget (Jeugdhulp binnen beschikbare budget)[1] • Verminderde administratieve lasten en verlagen regeldruk (Minder/ geen segmentatie in de contractering) Dit doen we door middel van partnerschap en rekenschap. Partnerschap en rekenschap • Optimaliseren van strategisch partnerschap met selecte club van samenwerkende jeugdhulpaanbieders (Geoptimaliseerd partnerschap; Duurzame overeenkomsten) • Samenwerken aan transformatie en concretisering in de uitwerking van de ontwikkelopgaven (Versterking transformatie in het Jeugdhulplandschap) • In transparantie samenwerken aan een integraal jeugdhulplandschap samen met jeugdhulpaanbieders, gemeentelijke toegangen, verwijzers, voorliggend veld en onderwijs • Als gemeente meerwaarde creëren voor- en rijkende hand bieden aan jeugdhulpaanbieders.
Pagina 28 van 36
• Innovatief leiderschap: Sturing op verantwoordelijkheid, eigenaarschap en verandervermogen • Aanbieders zijn vrij om professionele keuzes te maken en te doen wat nodig is (Meer
werkruimte voor de professional; verlagen werkdruk) Leren, ontwikkelen en innovatie stimuleren (Ruimte voor samen ontwikkelen; Samen problemen detecteren, erkennen en oplossen) • Duidelijke kaders meegeven om veiligheid en vertrouwen te kunnen waarborgen. Het overschrijden hiervan wordt niet geaccepteerd (high trust, high penalty) (Vertrouwen) •
[1]
Roze teksten zijn de uitgangspunten voor onze inkoop
Sturingsmodel Om het juiste evenwicht te kunnen vinden tussen het innovatieve ondernemerschap en de beheersing van de organisatie, maken we gebruik van de Levers of Control die horen bij het model Simons. Continue analyse zorgt ervoor dat potentiële kansen en problemen vroegtijdig worden gesignaleerd. Deze informatie wordt voortdurend in een dialoog tussen de aanbieder en de regio uitgewisseld en biedt dan ook ruimte om te ontdekken welke alternatieve businessmodellen helpend kunnen zijn om de organisatie succesvol aan de veranderende omgeving aan te passen. De Levers of Control vormen tezamen vier hefbomen om de spanning te managen tussen enerzijds de beheersing van de huidige organisatie en haar processen. En anderzijds de benodigde ruimte voor het creëren van succesvolle initiatieven. Voor de transformatie hebben wij gekozen voor een ontwikkelstrategie waarbij wij met een integrale blik en in samenwerking met alle betrokken (jeugdhulp)organisaties werken aan de verbetering van het jeugdhulpstelsel. Met elkaar bepalen wij welke ontwikkelopgaven er liggen, en werken wij die uit. Het is belangrijk datgene te doen of te ondersteunen wat het verschil maakt en het maatschappelijk effect verhoogt en borgt. Het sturen op maatschappelijk effect helpt ons de focus te leggen op wat we willen bereiken en niet alleen op wat we meten.
Veel overheidshandelen kan namelijk niet in kwantificeerbare prestaties worden uitgedrukt, omdat maatschappelijke ontwikkeling door veel factoren wordt beïnvloed. De cijfers helpen ons om de beweging in kaart te brengen, maar deze moeten dan wel verrijkt worden met duiding in de vorm van uitwisseling van ervaringen en verhalen tussen betrokken partijen. Sturen en verantwoorden gaat dan niet alleen om het afvinken van prestatie-indicatoren, maar juist om het realiseren van de opgaven binnen daarvoor afgesproken kaders. Met het sturingsmodel Simons zoeken wij een juiste balans binnen deze onderdelen. Deze manier van sturen en verantwoorden gaat uit van de bedoeling en doen wat nodig is. Het model kent vier verschillende onderdelen (Systems) die in onderling verband beschouwd moeten worden.
Pagina 29 van 36
Geloof De waarden van een organisatie Strategisch perspectief en commitment Kaders Risico’s die vermeden moeten worden Strategische positie en kaders Diagnostische controlesystemen Kritische succesindicatoren Strategische planning en zorgen dat het werk wordt gedaan Interactieve controlesystemen Strategische onzekerheden Strategie als actie inzetten
Monitoring Om de vraag te kunnen beantwoorden of we als Regio WBO beschikken over een compleet, integraal en sluitend jeugdhulpaanbod, dient er zicht te komen op het pad wat onze jeugdige met een hulpvraag doorloopt; de klantreis. Om dit te realiseren, moet de regionale monitoring van de niet vrij toegankelijk hulp, monitoringsinformatie van de lokale toegang en de lokale vrij toegankelijke voorzieningen met elkaar verbonden zijn. De trends en ontwikkelingen op het gebied van de aard van de problematiek, kwaliteit van de leefomgeving, functioneren van de jeugdigen, aanbod in hulpvormen, etc. horen samen te komen in een continue monitorings- en kwaliteitscyclus. De benodigde data om het verhaal te kunnen tellen en vertellen komt van de gemeente (vrij toegankelijk en toegang) als ook van de jeugdhulpaanbieder. Door informatie, waar praktisch en juridisch mogelijk, uit deze drie invalshoeken met elkaar te combineren, ontstaat er verbindend inzicht tussen de leefomgeving van onze jeugdigen in de wijk en de (niet) vrij toegankelijke jeugdhulp. Door de klantreis heen willen we de ervaring en het effect van inzet van jeugdhulp meten aan de hand van cliëntervaringsonderzoek. De ambitie is om een cyclisch proces op te zetten met aandacht voor zowel data als duiding (tellen en vertellen), zowel binnen de regiogemeenten als in samenwerking met partners in het veld.