Bijlage 2 Nota van Zienswijzen anonieme versie inclusief bijlagen
Tekst van het document
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Het Veerse Dok’ te Raamsdonksveer
Datum: 30 april 2024
Status: Definitief
Inhoudsopgave 1. Inleiding
pagina 2
2. Beantwoording zienswijzen
pagina 3
3. Lijst van (ambtshalve) wijzigingen
pagina 59
Bijlagen: 1. Raadsbesluit d.d. 24 september 2020 inclusief bijlagen 2. Notitie ‘Emissies oppervlaktewater’
1
Status: Definitief
Inleiding Het ontwerpbestemmingsplan voor het project ‘Het Veerse Dok’ heeft vanaf 14 december 2023 voor een periode van zes weken ter inzage gelegen (tot 24 januari 2024). In deze periode zijn vijf zienswijzen ontvangen door de gemeente Geertruidenberg, evenals een ambtelijke reactie. Eén van de binnengekomen zienswijzen is buiten de ter inzage termijn binnengekomen en derhalve niet ontvankelijk. Gelet op de inhoud van de zienswijze is echter toch besloten de zienswijze mee te nemen in de beantwoording. In dit document is een reactie voorzien op de binnengekomen zienswijzen inclusief de ambtelijke reactie. Leeswijzer In hoofdstuk 2 van deze nota zijn de zienswijzen opgenomen en voorzien van beantwoording en conclusie met betrekking tot het aanbrengen van wijzigingen aan het bestemmingsplan. Hoofdstuk 3 bevat het overzicht van (ambtshalve) wijzigingen.
2
Status: Definitief
Hoofdstuk 2: Zienswijzen 1.
Indiener(s):
Betreft:
Bestemmingsplan “Het Veerse Dok”
Ingediende zienswijze Naar aanleiding van het voornemen van de gemeente Geertruidenberg om medewerking te verlenen aan de wijziging van het bestemmingsplan toestemming te geven aan de woningbouwontwikkeling in het buitendijks gelegen plangebied, ‘Het Veerse Dok Raamsdonksveer’ maken wij hierbij onze zienswijze kenbaar. a.
Wij, als bewoners van de Kartuizerstraat, maken ons vooral zorgen om de parkeerbelasting die in onze wijk gaat toenemen als deze woningbouwontwikkeling doorgaat. Op dit moment zijn er al vaak te weinig parkeerplaatsen beschikbaar op het Sandoel en in de omliggende straten van Dok 12. Bewoners uit andere straten parkeren al regelmatig op de parkeerplaatsen bij ons voor de deur, o.a. omdat er ook al reguliere parkeerplaatsen zijn vervallen omdat er laadpalen zijn geplaatst. Is er überhaupt onderzocht hoe de parkeerbelasting in onze wijk (Sandoel) er voor staat en hoe lang geleden heeft dat onderzoek plaatsgevonden? Vindt zo’n onderzoek overdag plaats (als de meeste mensen naar hun werk zijn) of wordt dat ’s avonds gedaan wanneer vrijwel iedereen thuis is? In de berekeningen voor Het Veerse Dok wordt uitgegaan van 135 benodigde parkeerplaatsen, waarvan er 117 in dit plangebied vallen. Dat betekent dat er nog 18 plaatsen in de wijk ondergebracht moeten worden, terwijl we die hier dus al tekort komen.
b.
En de nieuwe woningen liggen in een buitendijks gelegen plangebied. Wat gebeurt er als de waterstanden weer te hoog worden? In het plan wordt beschreven dat het wonen boven het parkeren plaatsvindt, op de veilige hoogte boven het extreem hoogwaterpeil. De parkeerplaatsen zitten echter niet op deze hoogte. Hoog water steeds vaker voor en de dijken moeten hiervoor zelfs verhoogd worden. Als het dan extreem hoog water wordt moeten alle auto’s van Het Veerse Dok dan ook de wijk in. Wordt daar ook rekening mee gehouden?
c.
We hebben tevens begrepen dat er ook nog een flink aantal ligplaatsen beschikbaar komt. Wie garandeert dat deze alleen voor de bewoners van het Veerse Dok bestemd zijn en hoeveel vrije ligplaatsen komen er dan nog? We hebben hierover geen informatie of definitieve aantallen kunnen ontdekken in het ontwerpplan. 3
Status: Definitief Vrije ligplaatsen betekent dat ook deze mensen met hun auto naar Het Veerse Dok komen als ze een dagje (of langer) gaan varen en hun auto kwijt moeten en daar is volgens ons helemaal geen rekening mee gehouden.
Beantwoording a. De realisatie van woningen brengt verkeersbewegingen met zich mee en zorgt voor een parkeerbehoefte. Dit zijn belangrijke aandachtspunten geweest bij de afweging van de herontwikkeling. De nieuwe woningen dienen goed bereikbaar te zijn en mogen niet leiden tot een onevenredig hoge druk op de lokale (bestaande) verkeersstructuur. Met behulp van het parkeerbeleidsplan (zie toelichting bestemmingsplan 4.11) is het aantal te realiseren parkeerplaatsen vastgesteld. Dit is een totaal van 135 parkeerplaatsen. Conform gemeentelijke normen bestaat op basis van het beoogde woningbouwprogramma een parkeerbehoefte van in totaal afgerond 135 parkeerplaatsen. Deze parkeerplaatsen dienen te worden voorzien binnen het plangebied. Conform raadsbesluit (zaaknummer 2020060868353) heeft de gemeente echter toestemming gegeven om in openbaar gebied in de omliggende wijk 18 parkeerplaatsen op te vangen. Hieraan liggen een parkeerdrukmeting en berekening bezetting openbare ruimte ten grondslag, welke zijn opgenomen in de aanpassing van de startnotitie van 24 september 2020. Het raadsbesluit, inclusief bijlagen waaronder de betreffende parkeerdrukmeting en berekening bezetting openbare ruimte, is als bijlage opgenomen bij deze Nota van Zienswijzen.
In artikel 12.1 van onderhavig bestemmingsplan is bovendien een dynamische parkeerregeling opgenomen om te borgen dat voorzien wordt in voldoende parkeerplaatsen. Er dienen inderdaad 117 parkeerplaatsen in het plangebied gerealiseerd te worden en de overige 18 parkeerplaatsen worden door de directe omgeving opgevangen. Deze 18 parkeerplaatsen zijn volgens een parkeerdrukonderzoek (zoals omschreven in de beantwoording van punt a) beschikbaar in het openbaar gebied (conform raadbesluit heeft de gemeente toestemming gegeven om in het openbaar gebied rondom de planlocatie parkeerplaatsen op te vangen). b.
Hoog water betreft gezien de buitendijkse ligging inderdaad een risico. Om de ontwikkeling veilig te laten plaatsvinden hebben initiatiefnemers een onderzoek laten uitvoeren door Sweco. In dit onderzoek (tevens als bijlage bij het bestemmingsplan gevoegd) is onderzoek gedaan naar: a. Een veilige woonhoogte; b. Een veilige maaiveldhoogte. 4
Status: Definitief
Uit dit onderzoek is gebleken dat het maaiveld opgehoogd dient te worden om te voldoen aan een veilige ontwikkeling. Door deze ophoging zal het maaiveld slechts incidenteel (zie rapportage Sweco) onder water lopen. Hierdoor hoeven de auto’s in het plangebied slechts incidenteel en beperkte tijd buiten het plangebied geparkeerd te worden, waardoor de overlast voor omwonenden tot een minimum is beperkt. Daarnaast is het bekend wanneer we te maken krijgen met (te) hoog water, waardoor tijdig (en niet abrupt) er gezocht kan worden naar een parkeerplaats voor de bewoners van het plangebied. In dit geval gaat het dus incidenteel om het verplaatsen van de auto’s voor een korte periode. Om die reden in combinatie met de lange tussenperiodes, 1x per 10 jaar in het jaar 2100, achten wij het niet noodzakelijk daarvoor nu een plan op te stellen of een locatie aan te wijzen. In deze tijdsperiodes kan de omgeving namelijk ook veranderen. Op het moment dat het zich voordoet zullen we dan moeten beoordelen welke locatie het meest voor de hand ligt om de bewoners naar te verwijzen. c.
In de bestemmingsplanregels (3.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, punt c) is het volgende omschreven: “het aantal ligplaatsen niet meer mag bedragen dan het totaal aantal woningen binnen de bestemmingen Woongebied - 1 en Woongebied 2 samen”. Hiermee is juridisch gewaarborgd dat er maximaal 59 ligplaatsen gerealiseerd mogen worden. Daarnaast zal er in het plangebied geen “botenhelling” worden aangelegd/aanwezig zijn. Hierdoor is het niet mogelijk voor “dagrecreanten” om met hun eigen boot het water te betreden, wat vaak gepaard gaat met parkeerproblematiek (gezien een auto met trailer hierdoor in de omliggende omgeving zal worden geparkeerd). Ook is in de regels van het bestemmingsplan (punt 9.2 Strijdig gebruik, punt e) het volgende aangegeven: “commerciële verhuur van ligplaatsen is ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone - commerciële verhuur ligplaatsen uitgesloten’ niet toegestaan”. Deze aanduiding treft u aan op de verbeelding van het bestemmingsplan. Hiermee is geborgd dat de belasting op de bestaande woonwijk tot een minimum is beperkt.
5
Status: Definitief Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot het aanbrengen van wijzigingen aan het bestemmingsplan. Het betreffende raadsbesluit, inclusief bijlagen, is als bijlage opgenomen bij deze Nota van Zienswijzen.
6
Status: Definitief 2.
Indiener(s):
Betreft:
Ontwerpbestemmingsplan Het Veerse Dok
Ingediende zienswijze Het betreft de plannen voor woningbouw aan de Kartuizerstraat 4-6 en 12 te Raamsdonksveer. Bij raadsbesluit van 25 oktober 2018 heeft uw raad besloten om te starten met de planologische procedure voor de ontwikkeling van woningen op het terrein van de huidige jachthaven Dok 12 aan de Kartuizerstraat, tevens gelegen aan het Zuidergat van de Donge, te Raamsdonksveer en is een startnotitie vastgesteld. Tussentijds hebben de plannen stil gelegen waarna onlangs het voorontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd. Zoals namens cliënten in eerdere brieven/zienswijzen ook is benadrukt staan cliënten niet afwijzend ten opzichte van de plannen, mits het definitieve plan met de juiste waarborgen is omkleed en de gerechtvaardigde belangen van cliënten hierin een plek hebben gekregen. In de huidige opzet vragen cliënten uw nadrukkelijke aandacht voor een aantal belangrijke onderdelen, die haar belangen en gemeenschappelijke belangen raken. Namens cliënten wens ik graag nog een aantal belangrijke punten naar voren te brengen. a.
Ladder voor duurzame verstedelijking In vergelijking met de startnotitie is het thans voorliggende voorontwerpbestemmingsplan toch aanzienlijk gewijzigd. Waar de startnotitie nog uitging van de realisatie van 50 appartementen/woningen, waarvan zes woningen in het water en maximaal 44 op het land, gaat het gewijzigde raadsvoorstel uit van maximaal 60 appartementen/woningen. Dit behelst een toename van 10 appartementen/woningen, ofwel ca. 20% toename van het aantal woningen/wooneenheden in vergelijking met de oorspronkelijke plannen. Hoewel in de plantoelichting wel is beschreven dat de vraag naar woningen binnen de gemeente flink zal toenemen, en dan met name voor de oudere doelgroepen, blijkt niet op welke wijze dit project daaraan bijdraagt in relatie tot andere woningbouwprojecten binnen de gemeente die in de afgelopen járen zijn 7
Status: Definitief gerealiseerd en/of nog op de planning staan. Daarnaast valt 93% van het aanbod aan koopwoningen binnen het middeldure en dure segment. Een cijfermatige onderbouwing voor dit type woningen en de daarbij behorende doelgroepen ontbreekt echter in de plantoelichting en of de daarbij behorende bijlagen. Hierdoor is niet toetsbaar of dit project noodzakelijk is om in de stijgende woningbehoefte binnen de gemeente te voorzien. b.
Buitendijks bouwen - Kabinetsbeleid en relatie met dijkversterkingsproject Het plan gaat uit van het buitendijks aanleggen van woningen, zowel vrijstaand, aaneengesloten als in appartementencomplexen op een lager dan huidig dijkniveau. Cliënten vragen zich af of dit wel verstandig is gelet op de (toekomstige) klimaatveranderingen, die gepaard gaan met langere perioden van droogte of extreme regenval. Het voornemen om buitendijks te gaan bouwen druist ook in tegen het kabinetsbeleid, verankerd in de kamerbrief van 25 november 2022 van de minister van Infrastructuur en Waterstaat, met kenmerk: IENWW/BSK2022/283041. Deze brief is aangehecht als bijlage 1. De minister geeft aan dat het kabinet een aantal uitgangspunten gaat hanteren om 'water en bodem' sturend vorm te geven. Deze uitgangspunten zijn o.a.: - Niet afwentelen op toekomstige generaties, naar andere gebieden of functies of van privaat naar publiek; - Meer rekening houden met extremen ten gevolge van klimaatverandering; - In samenhang omgaan met wateroverlast, droogte en bodem; - Meerlaagsveiligheid; - Integrale aanpak in de leefomgeving; Eén van de structurerende keuzes behelst dat er meer ruimte gecreëerd moet gaan worden voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water in de ruimtelijke inrichting, landgebruik en landbeheer.
Daarnaast zal geen nieuwe bebouwing meer worden toegestaan in de uiterwaarden van de grote rivieren en zullen de huidige reserveringszones rond primaire waterkeringen (dijken en kust) worden geactualiseerd. Ruimtelijke plannen van de gemeenten en waterschappen dienen hierop te worden aangepast. Cliënten vragen zich af of de huidige plannen hiermee niet in strijd zijn. Door het bebouwen van de jachthaven vermindert het waterbergend vermogen van het plangebied. Daarnaast wordt er buitendijks gebouwd in een zijtak van de rivier de Donge (een a-waterloop) en kan de vraag worden gesteld of en zo ja op welke wijze met dit plan wordt aangesloten op het dijkversterkingstraject Geertruidenberg en Amertak van het waterschap dat reeds járen in voorbereiding is. In de plantoelichting is opgenomen dat rekening dient te worden gehouden met de toekomstige dijkversterkingsopgave van het waterschap (zie p. 13 en p. 35 van de plantoelichting). Aangegeven wordt dat in het plan rekening wordt gehouden met een eventuele dijkverhoging en wordt er gezorgd voor een veilig woonniveau, hoger dan thans noodzakelijk. Op welke wijze dat zal worden uitgevoerd is echter nog ongewis. Daarnaast is het een gegeven dat het plangebied buitendijks is gelegen. Dat brengt sowieso al extra risico’s met zich mee, en al helemaal met het oog op de huidige ontwikkeling van het klimaat.
Gewezen zij nog op het feit dat in de publicatie staat vermeld dat bij het opstellen van dit 8
Status: Definitief plan de provincie Noord-Brabant en het waterschap Brabantse Delta om advies zijn gevraagd. Dit advies ontbreekt echter nadrukkelijk in de plantoelichting en/of de bijbehorende bijlagen. Op p. 53 van de plantoelichting staat bovenaan de pagina de volgende opmerking opgenomen: Een beschrijving of onderbouwing van dit vooroverleg en de opmerkingen van het waterschap en/of de provincie ontbreekt echter. Verzocht wordt om dit alsnog aan de plantoelichting en de bijbehorende bijlagen toe te voegen. Dat er (grote) zorgen spelen bij zowel het waterschap als Rijkswaterstaat over het buitendijks bouwen is echter evident. Niet voor niets hebben zij, naast het gevoerde vooroverleg, ook een inspraakreactie ingediend om hun zorgen bij u kenbaar te maken. U geeft aan dat er mogelijke verscherpingen komen in de Beleidslijn grote rivieren en dat deze in het voorjaar van 2024 verwacht worden. Wij verzoeken u om daar uitdrukkelijk rekening mee te houden en dienaangaande overleg met Rijkswaterstaat te voeren. Nogmaals zij benadrukt dat cliënten het buitendijks bouwen onverstandig achten en aansturen op een verlegging van de primaire waterkering, waarmee het volledige bouwplan zou kunnen worden gerealiseerd zonder de negatieve gevolgen voor derden.
Voorts wordt aangegeven dat het project is gelegen in het drinkwaterwingebied van Evides, maar dat met Evides nog geen afstemming heeft plaatsgevonden (zie p. 5 van de Notitie - Veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok'). Cliënten achten dat erg onzorgvuldig in het kader van een deugdelijke voorbereiding en informatievoorziening aan derden. Voorts achten cliënten het onzorgvuldig dat niet de laatst beschikbare KNMIscenario's, gebaseerd op het meest recente IPPC-rapport uit 2021, zijn meegenomen in de beoordeling en het thans ter inzage liggende ontwerpbestemmingsplan. Ongeacht het vooroverleg dat reeds heeft plaatsgevonden vragen cliënten zich af of de recente ontwikkelingen met betrekking tot de uitgestelde leggerherziening (betreffende oppervlaktewaterlichamen en primaire waterkeringen) van het waterschap Brabantse Delta d.d. 7 december 2022 niet noopt tot nader overleg.1 Immers, deze leggerherziening leidde tot ingrijpende wijzigingen van de beschermingszones behorende bij de primaire waterkeringen, waaronder die aan het Zuidergat. Mede naar aanleiding van een namens cliënten ingediende zienswijze heeft het waterschap aangegeven dat de gehele legger en de bijbehorende procedure zal worden herzien, omdat "onvoldoende rekening is gehouden met de rechtspositie van bedrijven en particulieren die getroffen worden door het veranderde waterbeschermingsprogramma".
Ook voorzag de voorziene regeling niet in mogelijke (nadeel) compensatie. Het lijkt dan ook raadzaam om de uitkomst van deze leggerherziening af te wachten en om vervolgens een nader (voor)overleg met het waterschap en de provincie in te lassen alvorens tot een (ontwerp)planvaststelling voor dit project over te gaan. Het dijkversterkingsproject zal naar waarschijnlijkheid in gaan houden dat de primaire waterkering, welke parallel loopt aan de Kartuizerstraat, met minimaal 70 cm verhoogd dienen te worden. Met als gevolg dat de inritten, evenals de opritten naar deze inritten, navenant dienen te worden opgehoogd. Hierdoor zal onvermijdelijk worden om de straat op te hogen, hetgeen voor de doorstroming van het (vracht)verkeer naar de gevestigde bedrijven tot grote problemen zal gaan leiden. 9
Status: Definitief De vraag is of het plangebied na realisatie van het dijkversterkingstraject wel bereikbaar blijft en/of welke kosten daarmee gepaard gaan. Niet is inzichtelijk of het bestemmingsplan wel uitvoerbaar is als het waterschap/de rijksoverheid ervoor kiest om de primaire waterkering welke parallel loopt aan de Kartuizerstraat met 70 cm zal ophogen. Het voorgaande klemt temeer daar in de Kamerbrief van 25 november 2022 wordt benadrukt dat rondom dijken, dammen, duinen en waterkerende kustwerken er voldoende ruimte nodig is om versterkingen ook na 2050 te kunnen blijven uitvoeren. Daarmee wordt met deze plannen geenszins rekening gehouden.Dit geldt overigens eveneens voor hetfietspad bij de Centraleweg I de Stationsweg, die dienst doet als primaire waterkering aldaar. Bij nieuw maategevend hoogwater dient ook dit fietspad (aanzienlijk) te worden verhoogd. Cliënten vragen zich af waarom er niet tevens is gekeken naar de mogelijkheid om het plan binnendijks te realiseren en om derhalve de damwand van de primaire waterkering aan het Zuidergat (parallel lopend aan de Aakschipper) door te trekken. Niet voor niets wordt in de Kamerbrief van 25 november 2022 op p.
18 door de minister expliciet benoemd dat met betrekking tot bebouwd gebied de risico's van overstromingen, wateroverlast, bodemdaling en drinkwaterbeschikbaarheid sturend bij de locatiekeuze en inrichting van woningebouw in kaart zal worden gebracht, om aldus te voorkomen dat er nieuwbouw wordt gerealiseerd op plaatsen "waar we later spijt van krijgen". Ook wordt benadrukt dat "locaties waar in de toekomst ruimte nodig is voor waterberging, rivierafvoer en toekomstige dijkversterkingen niet (meer) benut mogen worden voor bebouwing". Ook wordt het buitendijks bouwen langs dijken, keringen en het rivierbed, maar ook voor beekdalen met een groot overstromingsrisico als onverstandige locatiekeuzes aangemerkt voor bebouwing (zie p. 19 van de Kamerbrief van 25 november 2022). Deze problemen zouden worden verholpen als gekozen zou worden voor de optie om (grotendeels) binnendijks te bouwen, waarbij de damwand van de primaire waterkering wordt doorgetrokken. c.
Parkeren In het raadsvoorstel wordt aangegeven dat op basis van de gemeentelijke parkeernota 'Parkeren doen we zo!' bij het beoogde woningbouwprogramma voor de planlocatie een parkeerbehoefte geldt van in totaal 135 parkeerplaatsen. Dit kan niet gerealiseerd worden, omdat dit anders ten koste zou gaan van het groene karakter en de leefbaarheid. Met veel puzzelen ligt er nu een plan waarbij 126 parkeerplaatsen kunnen worden gerealiseerd binnen het plangebied. Dat zijn dus minimaal 9 parkeerplaatsen te weinig. Om in die parkeerbehoefte te voorzien worden 18 parkeerplaatsen beschikbaar gesteld in het openbaar gebied. Dat is gelet op de huidige parkeersituatie om en nabij het plangebied onaanvaardbaar en zal leiden tot grotere problemen in de toekomst. Cliënten wensen te benadrukken dat aan de Aakschipper thans al sprake is van parkeerdruk en bijbehorende problemen. Regelmatig staat het vol met geparkeerde auto's. Zo vol zelfs dat er zelfs geparkeerd wordt op plekken waar dit niet is toegestaan, bijvoorbeeld in de bocht van de straat ter hoogte van de Aakschipper 10. In bijlage 2 zijn een aantal foto's bijgevoegd om dit nader te verduidelijken. Dit heeft tot gevolg dat de bereikbaarheid van het perceel aan de Aakschipper 10 in het gedrang komt. Aan dit adres is o.a. een vrijstaand woning, een loods, 10
Status: Definitief insteekhaven en kraan gesitueerd. Op dit adres zijn namelijk ook enkele bedrijven gevestigd. De toegang tot het perceel kan worden verleend via een brede toegangspoort. Doordat echter met enige regelmaat auto's of bestelbussen in de bocht ter hoogte van de Aakschipper 10 (illegaal) staan geparkeerd kunnen vrachtauto's deze bocht niet meer halen, met schade aan de poort en het hekwerk aan de Aakschipper 10 en 12 tot gevolg. Het bouwplan van de Aakschipper gaf aan woning met garage, zodat in de garage en op de oprit geparkeerd kon worden. De parkeerdruk in de Aakschipper is inmiddels dusdanig toegenomen doordat vele woningen aan de Aakschipper de oorspronkelijke aanwezige garages hebben verbouwd tot kantoor-/woonruimte (zoals een keuken). Enkel de woningen aan de Aakschipper 12 en 18 beschikken thans nog over een parkeergarage, welke ook als zodanig nog wordt gebruikt. Ook is het aantal auto's toegenomen, doordat sommige huishoudens in de Aakschipper over 3 auto's beschikken. Daarnaast staan in de zomermaanden regelmatig campers en caravans en auto's met botentrailers in de straat de Aakschipper geparkeerd, met als aanvoerroute Landonk/Sandoel/Kartuizerstraat, waarbij sprake is van trailers van o.a. 16 tot 18 meter lang. Bewoners van het Sandoel parkeren ook dagelijks met meerdere auto's in de Aakschipper. De gegevens waarmee o.a.
voor de Kartuizerstraat, de Aakschipper en Sandoel zijn gerekend om de parkeerdruk in kaart te brengen zijn dus gedateerd. Deze stammen namelijk uit 2015. Er dient gerekend te worden met meer recente gegevens (o.b.v. de huidige situatie), zeker nu de parkeerdruk ten gevolge van het voorliggende plan in en rondom het plangebied fors zal gaan toenemen. Uit deze gegevens blijkt echter al dat de parkeerdruk in de Kartuizerstraat, en omliggende straten (zoals Landonk), zelf al zeer hoog is. Niet voor niets hebben daar reeds boa's moeten optreden. Grasvelden (openbaar groen) werden als parkeerplaatsen gebruikt en kapot gereden. Het verslechteren van deze te hoge parkeerdruk is niet alleen onwenselijk, maar ook in strijd met een goede ruimtelijke ordening. Dat een bestemmingsplan op die grond kan sneuvelen bleek uit in een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 2 september 2020 (ECLI:NL:RVS:2020:2087). Daarnaast zij opgemerkt dat het bestemmingsplan in artikel 12 verwijst naar de beleidsregels "Parkeren doen we zo!", vastgesteld op 29 december 2015, verwijzen naar een verouderde CROW-publicatie. De gemeente Geertruidenberg heeft in de huidige situatie geen beleid voor concrete parkeernormen vastgesteld.
Om de parkeervraag te bepalen, wordt gebruikt gemaakt van landelijke kencijfers, zoals vermeld in CROW publicatie 317 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie'. In december 2018 is echter de publicatie Toekomstbestendig parkeren. Van parkeerkencijfers naar parkeernormen' (publicatie 381) geïntroduceerd. Deze publicatie bevat de nieuwe parkeerkencijfers en vervangt de publicatie 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie' uit 2012 (publicatie 317). Hoewel artikel 12 een dynamische verwijzing naar de beleidsregels in de planregels betreft en hierin is opgenomen dat indien de beleidsregels wijzigen de gewijzigde regels gelden, neemt dit niet weg dat de beleidsregels al vanaf december 2015 niet meer zijn herzien terwijl in de tussentijd de CROW-publicatie, waarnaar verwezen wordt, wél is herzien. De beleidsregels van de gemeente verwijzen dan ook naar een verouderde publicatie en daarbij behorende verouderde normen.
11
Status: Definitief Tot slot zij nog gewezen op hetfeit dat de planlocatie buitendijks is gelegen. Bij hoog water dreigen kelders en eventuele ondergrondse parkeergarages onder water te lopen met alle gevolgen (zaakschade en parkeeroverlast in de nabije omgeving) van dien. De voertuigen zullen dan allemaal elders gestald moeten gaan worden. En dat terwijl er in de nabije omgeving geen (parkeer)ruimte is voor deze voertuigen. Dit probleem zou worden verholpen als gekozen zou worden voor de optie om (grotendeels) binnendijks te bouwen. Daarnaast geldt dat er reeds drie buitendijkse grote woon-/appartementencomplexen (Brandenpoort I Oranjebastion I Koninginnenbastion I de Vesting I De Werff) zijn gerealiseerd, met allen ondergrondse parkeergarages die eveneens bij hoog water onder zullen lopen. Dit betreffen honderden woningen/appartementen. Ook deze auto's dienen in geval van hoog water te worden geëvacueerd. Onduidelijk is echter waar al deze auto's in het geval van een noodsituatie heen moeten gaan. De ruimte daarvoor lijkt namelijk te ontbreken. In de plannen wordt daar ten onrechte geen aandacht aan besteed. d.
Bereikbaarheid bedrijven Aakschipper 2 -10 + alternatieven Cliënten vrezen dat bij de wijze waarop de ontsluiting van de toekomstige woningbouw aan de Kartuizerstraat 4 - 6 in de plannen is vormgegeven de bereikbaarheid van het bedrijventerrein aan de Aakschipper 2 - 10 in het gedrang komt. In de startnotitie is nu voorzien in een tweetal inritten over de primaire waterkering (stalen damwanden met betonsloof) aan de Kartuizerstraat 4-6 (zie foto 1; de inritten zijn aangeduid met 2 rode pijlen). Dit heeft te maken met het dijkversterkingsproject van het waterschap Brabantse Delta, waarbij naar verwachting de primaire waterkeringen met minimaal 70 cm en wellicht zelfs met 160 cm verhoogd dienen te worden (zoals cliënten inmiddels door het waterschap zijn geïnformeerd), en het feit dat het plandeel Kartuizerstraat 4 - 6 buitendijks ligt (en blijft). Hierdoor worden de inritten echter onbegaanbaar voor het doorgaande verkeer, zoals o.a. trailers en diepladers, hetgeen de economische bedrijfsbelangen van cliënten in het kader van hun bedrijfsvoering aan de Aakschipper 2-10 zou schaden. Cliënten verzoeken u dan ook nadrukkelijk om redelijke en relevante alternatieven in de besluitvorming te betrekken. Gewezen zij op de volgende mogelijke alternatieven: 1. Te werken met zogenaamde coupures, zodat de straathoogte en de overgang van de Kartuizerstraat blijft zoals deze thans is; 2.
Het dóórtrekken van de primaire waterkering vanaf de hoek van de waterzijde tussen de Aakschipper 24 en de Kartuizerstraat 4-6 naar het fietspad dat naast de huidige haven van Dok 12 loopt (eind Zuidergat van de Donge) richting de Koebrug (langs de Polder van Allard). Het doortrekken van de primaire waterkering heeft een aantal bijkomende voordelen: • Een veel kortere primaire waterkering (ca. 150 m in plaats van ca. 400 - 500 m), waardoor een eenvoudig en goed beheersbaar tracé ontstaat wat resulteert in minder onderhoudskosten in de toekomst; • Het gehele te bebouwen terrein kan volledig benut worden door de initiatiefnemers, waardoor nog veel meer woningen (zoals starterswoningen en gelijkvloerse, c.q. levensloop bestendige woningen/appartementen) kunnen worden gerealiseerd; • Ten tijde van hoogwater behoeven geen voertuigen etc. geëvacueerd te worden daar het gehele terrein na doortrekking binnendijks komt te liggen. Indien de primaire waterkering niet wordt doorgetrokken heeft te gelden dat het plangebied buitendijks komt te liggen 12
Status: Definitief
• • •
op een peil dat een stuk lager ligt dan de primaire waterkering. Bij hoog water dreigen kelders en eventuele ondergrondse parkeergarages onder water te lopen met alle gevolgen (zaakschade en parkeeroverlast in de nabije omgeving) van dien; De bewoners van de Kartuizerstraat I de Aakschipper worden niet geconfronteerd met verhoogde straat gedeelten om de twee voorziene inritten mogelijk te maken. Ontsluiting via het Sandoel is geen deugdelijk alternatief aangezien dan over de stoep en/of een plantsoen ingedraaid moet worden met mogelijke zaakschade tot gevolg. Er hoeven voor de aansluiting op het stadsverwarmingsnet (gasloos bouwen) en/of water-, elektra en rioolaansluitingen geen gaten in de damwand met betonsloof, die parallel aan de Kartuizerstraat loopt, van de primaire waterkering te worden geslagen; De kosten in het kader van een eventuele toekomstige dijkverhoging zullen lager uitvallen, vanwege de gunstigere ligging van de (nieuwe) primaire waterkering en een verkort tracé van deze waterkering.
Een invulling van een locatie waar geen draagvlak voor is zou reeds om die reden af dienen te vallen. Dit geldt temeer als (enigszins) vergelijkbare alternatieven met aanmerkelijk minder bezwaren aanwezig zijn, zoals hier het geval is. Het is vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat door verwezenlijking van één van de alternatieven een gelijkwaardig resultaat kan worden bereikt, met aanmerkelijk minder bezwaren, het college en/of de raad ertoe gehouden kan worden om medewerking aan een voorkeurslocatie te onthouden zelfs als die voorkeurslocatie op zichzelf aanvaardbaar is.2 Aangezien vergelijkbare alternatieven met aanmerkelijk minder bezwaren aanwezig zijn is uw college gehouden om voor een van deze alternatieve locaties te kiezen in plaats van de huidige voorkeurslocatie.
13
Status: Definitief
14
Status: Definitief
e.
Aantal ligplaatsen/aanlegsteigers & terrassen Daarnaast maken de plannen niet inzichtelijk hoeveel ligplaatsen/aanlegsteigers er zullen worden gerealiseerd. De informatie in de startnotitie en het gewijzigde raadsvoorstel bevat hierover enkele tegenstrijdigheden. Enerzijds staat op p.5 van de startnotitie vermeld dat de gehele jachthavenfunctie verwijderd moet worden. Voorts staat op p. 6 vermeld dat voor het toevoegen van ligplaatsen dan ook een goede onderbouwing moet worden gegeven. Daarin kunnen cliënten zich vinden. Anderzijds 15
Status: Definitief staat echter op p. 14 vermeld dat er een mogelijkheid zal komen om een ligplaats bij het huis of appartement te verkrijgen. Inmiddels hebben cliënten vernomen dat wordt gesproken over 50 of meer ligplaatsen, oftewel ruim 26X van de huidige 190 ligplaatsen, terwijl op p. 5 is weergegeven dat de gehele jachthavenfunctie moet worden verwijderd. In het schetsplan zijn wel het aantal parkeerplaatsen ingetekend op de planlocatie. Een dergelijk overzicht ontbreekt voor de ligplaatsen. Cliënten wensen te benadrukken dat zij gemerkt hebben dat binnen de gemeente en naburige gemeenten al een groot aantal ligplaatsen aanwezig is en dat deze vaak onder de marktprijs worden aangeboden. Dit is een zorgelijke ontwikkeling. Nu zowel de rijtjeswoningen, de appartementencomplexen en (vanzelfsprekend) de drijvende woningen aan het water zullen worden gerealiseerd en binnen de bestemming "Water" (art. 3) een ongemaximeerd aantal vlonders, vissteigers, aanlegsteigers en gelijksoortige voorzieningen mogen worden aangelegd, bestaat het risico dat het aantal ligplaatsen binnen het plangebied relatief hoog zal blijven. Ook bestaat het risico dat een groot deel van het wateroppervlak met deze voorzieningen bebouwd zal gaan worden en voor de (toeristische) verhuur zal worden aangeboden.
Namens cliënten zij gewezen op het rapport "Verkenning Herontwikkeling locatie Hermenzeil Raamsdonk" van projectenbureau Vrolijks d.d. 15 juni 2018, en in het bijzonder op p. 29, waarin is benadrukt dat er sprake is van een groeiende kloof tussen vraag en aanbod in de watersport en verblijfsrecreatie:
Cliënten zouden graag zien, mede met het oog op een goede ruimtelijke ordening, dat het aantal ligplaatsen/aanlegsteigers gemaximeerd worden, dan wel dat in de planregels wordt voorzien dat de vlonders, vissteigers en aanlegsteigers en gelijksoortige voorzieningen enkel voor privégebruik door bewoners mogen worden gebruikt en dat deze niet op enigerlei wijze bedrijfs- of hobbymatig mogen worden geëxploiteerd, 16
Status: Definitief zoals elders bij o.a. De Werf en bij het Dongepad wél plaatsvindt. Dit druist namelijk in tegen de belangen van commerciële exploitanten van ligplaatsen, zoals de jachthavens en cliënten. Ook zou dan aan de ruimtelijke winst van het verdwijnen van de jachthaven weleens (flink) afbreuk kunnen worden gedaan. Daarnaast zou dit ook (nog meer) problemen op kunnen leveren in het kader van de bereikbaarheid, de verkeersintensiteiten en de parkeerbehoefte. Als ligplaatsen aan derden worden verhuurd die niet tevens woonachtig zijn in het plangebied dan neemt logischerwijs de parkeerbehoefte namelijk toe. Voorts zij opgemerkt dat in art. 3.2.2 sub b van de planregels is opgenomen dat de oppervlakte van de terrassen niet meer mag bedragen dan 25 m2 per woning. Deze planregel laat het nagenoeg geheel volbouwen van het wateroppervlak toe, daar ook de appartementen onder de definitie "woning" vallen. Aangezien het plan de realisatie van maximaal 62 woningen/appartementen toestaat kan er in het uiterste geval 1.550 m2 aan terrassen worden gerealiseerd in het wateroppervlak. Dat kan redelijkerwijs niet de bedoeling zijn. Cliënten stellen voor om voor de appartementencomplexen op andere wijze in terrasmogelijkheden te voorzien en deze in omvang te beperken. f.
Baggeren & onderhoud Zuidergat van de Donge In de plantoelichting is opgenomen dat het baggeren en het onderhoud van het water binnen de jachthaven na het vertrek van de jachthaven geen verantwoordelijkheid meer is van de gemeente, maar van de toekomstige bewoners/eigenaren. Op pagina 35 staat hierover het volgende opgenomen:
Cliënten wensen te benadrukken dat het baggeren en het onderhoud van het Zuidergat van de Donge ongeacht of deze ontwikkeling nu wel of niet doorgaat een verantwoordelijkheid is en blijft van de gemeente. De gemeente heeft hierover in 2004 een overeenkomst gesloten met Rijkswaterstaat (zie bijlage 3). Voor de ligplaatsen bij de gevestigde bedrijven van o.a. cliënten aan het Zuidergat van de Donge blijft ook de toeristische functie van essentieel belang. Immers, de ligplaatsen van cliënten worden verhuurd en hebben een toeristisch oogmerk. Voorts heeft te gelden dat ook voor ligplaatsen bij de nieuw te realiseren woningen een afdoende vaardiepte dient te worden gewaarborgd. Het is een misvatting dat de toeristische functie zal verdwijnen daar cliënten hun ligplaatsen ook voor toeristische doeleinden exploiteren. Daarnaast 17
Status: Definitief is het algemeen bekend dat ligplaatsen nabij woningen elders binnen de gemeente ook toeristisch worden verhuurd. De kans is aanzienlijk dat zulks ook zal gebeuren binnen het plangebied van Het Veerse Dok na realisatie van de bouwplannen. Voorts zij verwezen naar de Ontgrondingsvergunning van de Provincie Noord-Brabant d.d. 2 mei 1990, welke aan Roroships B.V. is verleend voor de ter plaatse gelegen insteekhaven, gelegen aan het Zuidergat van de Donge. Deze vergunning is aangehecht als bijlage 4. Hierin is vergund dat de aanwezige insteekhaven en het aangewezen terrein mag worden ontgrond tot een diepte van -2,50 m NAP. Hetgeen door cliënte ook als zodanig is uitgevoerd en in stand wordt gehouden. Ten aanzien van de damwand ter hoogte van de Aakschipper heeft te gelden dat de stalen damwand versterkt is aangelegd voor een diepte van - 2,5 m NAP. Voor de stabiliteit van de damwandconstructies aan het eind van het Zuidergat van de Donge, bij Dok12, zij erop gewezen dat deze is berekend op een bodemdiepte van - 2,0 m NAP. Verwezen zij naar het rapport van Arcadis d.d. 19 december 2012 dat in opdracht van de gemeente Geertruidenberg is opgesteld. Cliënten pleiten ervoor dat een diepte van minimaal - 2,0 en bij voorkeur - 2,5 m NAP voor het Zuidergat van de Donge wordt aangehouden, conform de door de provincie afgegeven ontgrondingsvergunning d.d. 2 mei 1990.
Op deze diepte wordt regelmatig door cliënten onderhoud gepleegd en is thans ter plaatse aanwezig. Dit is essentieel om de bereikbaarheid van de insteekhaven van cliënten en de daarmee gepaard gaande bedrijfsmatige (financiële) belangen te waarborgen. In de langsVinsteekhaven, voorzien van een drijvende inrichting, worden regelmatig reparaties aan vaartuigen uitgevoerd. Cliënten hebben recht op een minimale bodemdiepte van - 2,00 m NAP in het Zuidergat van de Donge. Dat geldt temeer daar de waterspiegel vele schommelingen kent en meermaals geruime tijd (met name gedurende de zomer- en herfstperiode) niet in de buurt komt van een niveau van -i- 0,50 m NAP. Gelet op het feit dat jachtboten thans nog een gemiddelde diepteligging van -1,30 m NAP kennen, hetgeen in de toekomst alleen maar dieper zal worden aangezien de markt inzet op steeds grotere jachtboten en pleziervaartuigen met een grotere diepgang. Nu al is te pas en te onpas sprake van jachtboten pleziervaartuigen die vastlopen in het Zuidergat van de Donge. Het is niet voor niks dat ondernemers en omwonenden hier al reeds geruime tijd over klagen. Op de bijgevoegde tekening van Arcadis ("Plan Nieuw Sandoel" tracéverlegging van de primaire waterkering over de percelen van Hompus heen ) d. d.
11 -5-2004 is te zien, dat de gedempte haven delen (3 delen), aan de waterzijde conform de wet Ruimte voor de Rivier (bergingscapaciteit) tot een langshaven zijn vergraven. Deze bestektekening is aangehecht als bijlage 5. In de langs- en insteekhaven van cliënten is een drijvende inrichting gelegen, voorzien van een botenhuis en werkplaats met bijbehorende steigers, hydraulische kraan, een loods, krachtstroom etc. Dit betrof een zeer grote investering. Mede gelet op deze (grote) in het geding zijnde belangen zouden cliënten toch op (meer) rechtszekerheid mogen rekenen. Om de bereikbaarheid tot de eigen (zowel zakelijk als privé geëxploiteerde) aanlegsteigers en de langs- en insteekhaven te garanderen is het dan ook van groot belang voor cliënten dat een bodemdiepte van minimaal - 2,0 m NAP en bij voorkeur - 2,5 m NAP, en de bijbehorende bodembreedte, wordt opgenomen in de dwarsprofielen behorende bij de legger primaire waterkeringen Geertruidenberg. 18
Status: Definitief
De bodemdiepte en bodembreedte van het Zuidergat van de Donge zijn ook van belang in het kader van de waterbergingscapaciteit. Reeds nu moeten cliënten vaststellen dat er aanzienlijke slib- en sedimentaanwas is, vanwege een doodlopend stuk water, nering, eb- en vloedstromen en de zuigingen van de vele scheepsbewegingen. In dit kader zij nogmaals gewezen op de brief van 2 april 2019 die ik destijds namens cliënten heb opgesteld. Deze brief is aangehecht als bijlage 6. VERZOEK Gelet op het voorgaande verzoek ik u om de thans voorgelegde gewijzigde plannen voor woningbouw aan de Kartuizerstraat 4-6 aan te passen met inachtneming van het voorgaande. Een reactie op dit schrijven zie ik met belangstelling tegemoet en ik ontvang graag een ontvangstbevestiging. Beantwoording a. Ladder voor duurzame verstedelijking Op 1 februari 2024 is door de gemeenteraad het programma Wonen van de gemeente Geertruidenberg vastgesteld. In het programma Wonen is in beeld gebracht wat de woningbouwbehoefte is binnen de gemeente. Binnen het programma Wonen staat bouwen naar behoefte centraal. Op basis van diverse woningmarktbehoefteonderzoeken en provinciale prognoses blijkt dat Geertruidenberg een woningbouwopgave heeft van 685 woningen tot 2030. De plannen van Het Veerse Dok passen binnen deze woningbouwaantallen.
De woningbouwcategorieën middelduur (tot €342.100), zoals deze in de startnotitie is gehanteerd, komt overeen met de woningbouwcategorie betaalbare koopwoningen (tot €355.000) uit het programma Wonen en de Woondeal. Daarmee valt 55% van de te realiseren woningen binnen de categorie betaalbare koopwoningen. b.
Buitendijks bouwen – Kabinetsbeleid en relatie met dijkversterkingsproject Verwezen wordt naar de beantwoording van de zienswijzen van het Waterschap Brabantse Delta, Evides en de Provincie Noord-Brabant, waarin gestelde vragen en aangehaalde punten worden beantwoord. Overige aspecten worden hieronder nader toegelicht. KNMI-scenario’s (notitie Sweco) U geeft aan dat het niet gebruiken van de laatste KNMI-scenario’s naar uw mening onzorgvuldig is. Het niet hanteren van deze laatste scenario’s is echter toegelicht door Sweco (de laatste modellen uit oktober 2023 zijn nog niet beschikbaar, waardoor dit geen mogelijkheid betrof). Sweco heeft hierop volgend aangegeven welk scenario is aangehouden en waarom dit een realistisch uitgangspunt betreft.
19
Status: Definitief
Leggerherziening Verzocht wordt te wachten tot er meer duidelijkheid is ten aanzien van de leggerherziening. Initiatiefnemers hebben meerdere keren contact gehad met het Waterschap Brabantse Delta over de leggerherziening en de beoogde planning. Helaas kan het Waterschap Brabantse Delta hier tot op heden geen duidelijkheid (of ander inzicht) over verschaffen. Om flexibiliteit mogelijk te maken, wanneer de legger toch zal worden herzien is ervoor gekozen om flexibiliteit in het bestemmingsplan in te bouwen. Dit is gedaan door de bouwvlakken van de appartementengebouwen groter (ten opzichte van strikt noodzakelijk) in de verbeelding op te nemen. Om te voorkomen dat er een (te groot) bouwvolume zal worden gerealiseerd is per bouwvlak een maximaal bebouwingspercentage opgenomen. Mocht er meer ruimte (in de leggerherziening) noodzakelijk blijken dan is het mogelijk om de woningen op een andere plek (verder van de dijk) te positioneren. Daarnaast zal het bestaande restaurant (Smaakwater) worden gesloopt waardoor veel ruimte (in de primaire zone van de dijk) beschikbaar komt wat juist positief is voor toekomstige werkzaamheden aan de dijk. Daardoor is er sprake van een verbetering van de situatie. Voorstel verleggen primaire kering Het verleggen van een waterkering is niet een bevoegdheid van de gemeente of initiatiefnemers, deze bevoegdheid ligt bij het waterschap.
Het waterschap is vanaf het begin betrokken bij de planvorming, ook door hen is een dijkverlegging nooit als een optie benoemd. Tussen de ontwikkelaar en het waterschap Brabantse Delta is aanvullend contact geweest omtrent de mogelijke leggerwijziging. Hierbij is in het kader van de dijkversterkingsopgave en waterveiligheid gevraagd waarom het waterschap zelf nooit het idee heeft geopperd om de waterkering te verleggen zodat de woningbouw (mogelijk) binnendijks kan plaatsvinden. Hierop heeft het waterschap aangegeven voor een particulier initiatief niet zomaar een waterkering kan gaan verleggen. Er moet in Nederland ongeveer 2000 kilometer aan primaire waterkering versterkt te worden, waarin ook Geertruidenberg in de totale opgave staat. Het wonen aan het water, zoals nu opgenomen en weergegeven in het stedenbouwkundig plan is juist een kracht van het woningbouwplan. Daarnaast is door Sweco aangetoond dat onder bepaalde voorwaarden (welke zijn verwerkt en opgenomen in het bestemmingsplan) de ontwikkeling veilig kan plaatsvinden. Het verleggen van de primaire kering is dan ook geen optie voor de initiatiefnemers. c.
Parkeren Verkeer en Parkeren is een onderdeel van de Toelichting – Het Veerse Dok (paragraaf 4.11). Daarin staat uitgebreid weergegeven op welke wijze er wordt voldaan aan de geldende parkeernorm. De zienswijze doelt voornamelijk op de huidige situatie waarbij de jachthavenfunctie aan de Kartuizerstraat 12 nog van toepassing is. Met de komst van het woningbouwplan vervalt deze functie waardoor het aantal bezoekers dat het gebied bezoekt met een auto plus trailer significant afneemt. Dit is juist een van de redeneren om deze activiteiten (jachthaven, horeca, camperplaatsen en trailerhelling) uit de woonwijk weg te halen, de huidige parkeerdruk op zomerse dagen wordt door omwonende niet als prettig ervaren. Het verhuren van ligplaatsen (een jachthaven) benodigd een bestemming categorie bedrijf 3.1. Deze komt te vervallen
20
Status: Definitief waardoor er geen sprake meer is van commerciële activiteiten en/of verhuur van ligplaatsen. Van de genoemde voorbeelden als auto’s met trailers en campers is in de nieuwe situatie geen sprake meer. Gesuggereerd wordt dat er 126 parkeerplaatsen gerealiseerd kunnen worden binnen het plangebied. Dit is niet juist, in de toelichting staat aangegeven dat er 135 parkeerplaatsen beschikbaar dienen te zijn voor het realiseren van het plangebied. Hiervan worden er 117 gerealiseerd in het plangebied zelf en in de omliggende wijk worden 18 parkeerplaatsen toegewezen aan de ontwikkeling waardoor aan het aantal van 135 parkeerplaatsen is voldaan. Zie ook beantwoording zienswijze 1a. Verkeers- en parkeersituatie Aakschipper U geeft de verkeersproblemen (met foto’s) ter hoogte van de Aakschipper 10 aan. Dit is gelegen op een afstand van circa 200 meter van het plangebied aan de Karthuizerstraat. Op basis van de berekeningen die eerder zijn uitgevoerd blijkt dat er voldoende ruimte in de omgeving is. Zie ook beantwoording zienswijze 1a. Daarnaast blijkt uit bestaande jurisprudentie dat een nieuwe ontwikkeling niet hoeft te voorzien in een oplossing voor een bestaand parkeerprobleem. De opmerking over verkeerd geparkeerde auto’s en de verkeersonveilige situatie die hierdoor ontstaat is helder.
De gemeente zal kijken op welke wijze hier op een goede manier een oplossing voor kan worden gevonden. De oplossing hiervoor hangt niet samen met de ontwikkeling van het Veerse Dok en zal buiten dit proces worden opgepakt. Overigens is de beredenering niet juist over de parkeertelling ten opzichte van garage + oprit. Volgens het vigerende parkeerbeleid “parkeren doen we zo!” is de geschetste situatie juist gewaarborgd. Een oprit + garage zou theoretisch gezien leiden tot 2 parkeerplaatsen. Er wordt aangegeven dat veel mensen de garage ombouwen tot woning en dus niet gebruiken om de auto in te parkeren. Juist om die reden is in het beleid bepaald dat deze ook niet als 2 parkeerplaatsen mogen worden geteld, maar slechts als 1 parkeerplaats. Zie onderstaand tabel, afkomstig uit vigerend beleid “parkeren doen we zo!”
21
Status: Definitief
CROW-Normen Het vigerend parkeerbeleid van de gemeente is vastgelegd in de Nota Parkeren doen we zo!. De parkeernormen die hier in zijn opgenomen zijn gebaseerd op de CROW-normen die destijds meest actueel waren. Er is voor de gemeente geen aanleiding geweest om op basis van de aangepaste CROW-normen van 2018 nieuw parkeerbeleid op te stellen. Inmiddels zijn de meest recente parkeernormen van het CROW 22
Status: Definitief vastgelegd in de nieuwe ASVV 2021. Voor de functie “Wonen” zijn deze per type woning niet veranderd t.o.v. het gemeentelijke parkeerbeleid uit 2015. Het enige verschil is de toevoeging van voor deze ontwikkeling niet relevante nieuwe woningtypen. Hoog water in relatie tot parkeren Hoog water betreft gezien de buitendijkse ligging inderdaad een risico. Om de ontwikkeling veilig te laten plaatsvinden hebben initiatiefnemers een onderzoek laten uitvoeren door Sweco. In dit onderzoek (tevens als bijlage bij het bestemmingsplan gevoegd) is onderzoek gedaan naar: c. Een veilige woonhoogte; d. Een veilige maaiveldhoogte. Uit dit onderzoek is gebleken dat het maaiveld opgehoogd dient te worden om te voldoen aan een veilige ontwikkeling. Door deze ophoging zal het maaiveld slechts incidenteel (zie rapportage Sweco) onder water lopen. Hierdoor hoeven de auto’s in het plangebied slechts incidenteel en beperkte tijd buiten het plangebied geparkeerd te worden, waardoor de overlast voor omwonenden tot een minimum is beperkt. Daarnaast is het bekend wanneer we te maken krijgen met (te) hoog water, waardoor tijdig (en niet abrupt) gezocht kan worden naar een parkeerplaats voor de bewoners van het plangebied. In dit geval gaat het dus incidenteel om het verplaatsen van de auto’s voor een korte periode.
Om die redenen in combinatie met de lange tussenperiodes, 1x per 10 jaar in het jaar 2100, achten wij het niet noodzakelijk daarvoor nu een plan op te stellen of een locatie aan te wijzen. In deze tijdsperiodes kan de omgeving namelijk ook veranderen. Op het moment dat het zich voordoet zullen we dan moeten beoordelen welke locatie het meest voor de hand ligt om de bewoners naar te verwijzen. d.
Bereikbaarheid bedrijven Aakschipper 2 -10 + alternatieven De startnotitie omschrijft inderdaad dat het plangebied ontsloten dient te worden door maximaal 2 inritten, wat in de huidige situatie ook het geval is. Eén inrit is in de huidige situatie beschikbaar voor het woonhuis en één voor de jachthaven. Ter plaatse van de bestaande inritten ligt de dijk nu ook lager ten opzichte van het hoogste deel van de dijk. Bij kans op overstromingen zullen hier plaatselijke maatregelen worden genomen om de dijk (plaatselijk) te verhogen zodat de dijk overal even hoog is. In de nieuwe situatie (nadat de woningbouwontwikkeling gereed is) zal hier niets aan veranderen. Hoe de wijze van ontsluiting (van het plangebied) een negatieve impact zou kunnen hebben op uw bereikbaarheid (en daarmee uw bedrijfsvoering) is hierdoor niet duidelijk. Mogelijke dijkversterking Het verhogen van de dijk (waardoor er een hoogteverschil ontstaat tussen de openbare weg op de dijk en uw bedrijf) kan inderdaad zorgen voor een slechter toegankelijk terrein. Het verhogen van de dijk is echter geen aangelegenheid van de initiatiefnemers van de woningbouwontwikkeling en staat daarmee los van de bestemmingsplanwijziging. Het dijkversterkingstraject en de mogelijke verhoging van de waterkering langs de Kartuizerstraat kan ervoor zorgen dat de twee inritten dienen te worden aangepast. Dit is ook het geval indien het 23
Status: Definitief bestemmingsplan niet wijzigt en de huidige jachthaven blijft. Mocht de situatie wijzigen door de verhoging van de kering is het logisch dat in beide gevallen er een passende oplossing moeten komen waar in ieder geval het plangebied en omliggende straten als de Kartuizerstraat en Aakschipper ten alle tijden bereikbaar zullen moeten blijven. Echter ontstaat er door de bestemmingsplanwijziging meer ruimte rondom de primaire kering (de situatie wordt gunstiger) waardoor de oplossing kan worden voorzien aan de kant van het plangebied. Het waterschap Brabantse Delta (bevoegd gezag voor dijkversterking) kan nog niets mededelen over een inrichting en/of verwachte hoogtes van de waterkering omdat de ontwikkelingen voor dit gebied nog niet zover zijn. Voorlopend op het mogelijke dijkversterkingstraject nemen de ontwikkelaars de bevindingen mee in het ontwerp van de inrit naar het plangebied. e.
Aantal ligplaatsen/aanlegsteigers & terrassen Het verwijderen van de jachthavenfunctie betekent dat de activiteiten (milieucategorie 3.1) die daarbij horen niet meer kunnen worden uitgevoerd op de locatie. Dit betekent echter niet dat zonder die functie er geen ligplaatsen mogen en kunnen worden gecreëerd. Het betreft een waterrijkplan met diverse woningen aan het water, vanzelfsprekend dat diverse woningen een mogelijkheid wordt geboden tot het plaatsen van een boot voor zijn/haar deur. De functie “water” in het bestemmingsplan maakt het onder andere mogelijk om een steiger te plaatsen, het plan maakt het mogelijk dat ligplaatsen bij de woningen gerealiseerd kunnen worden. Commerciële uitbating van de ligplaatsen is niet wenselijk, daarom is het aantal ligplaatsen ook gemaximaliseerd op het aantal woningen. Daarnaast is in de regels opgenomen dat commerciële verhuur van ligplaatsen niet toegestaan is. Daardoor wordt gewaarborgd dat er geen commerciële activiteiten ontstaan en dat de ligplaatsen enkel voor eigen gebruik zijn toegestaan. Het blijft wel mogelijk dat omwonenden, die niet in het plangebied wonen, een ligplaats gebruiken binnen het plangebied. De ligplaatsen zijn nog niet weergegeven in de planlocatie, aangezien nog niet duidelijk is waar deze exact gerealiseerd zullen.
Ten aanzien van het aandeel terrassen mag er volgens het bestemmingsplan 25m2 terras per woning gerealiseerd worden, wat volgens uw redenatie kan leiden tot 1.550 m2 aan terras. U geeft aan dat dit zou zorgen dat het gehele wateroppervlakte nagenoeg vol gebouwd zou zijn. Dit is echter niet het geval, aangezien het totale wateroppervlakte ruim 6.000m2 groot is. Een wijziging in deze regel wordt hierdoor niet noodzakelijk geacht. U geeft ook aan dat de terrassen mogelijk als ligplaats zouden kunnen worden gebruikt en daardoor dus meer ligplaatsen ontstaan. Dit is geen juiste beredenering. Het is mogelijk om een ligplaats te hebben aan een terras, maar het maximum aantal ligplaatsen van 59 blijft ten alle tijden van kracht. De plaats waar een boot ligt, blijft immers een ligplaats en géén terras.
f.
Baggeren & onderhoud Zuidergat van de Donge Aangegeven is dat het water dat op dit moment eigendom is van de jachthaven (Yachtlife Holding BV) in de toekomst niet zal worden gebaggerd door de Gemeente Geertruidenberg maar dient te worden onderhouden door de toekomstige bewoners. Enkel dit water dat nu in 24
Status: Definitief eigendom is van de jachthaven is onderdeel van het bestemmingsplan. Daarover wordt gesteld dat de toekomstige bewoners verantwoordelijk zullen zijn voor het onderhoud en baggeren daarvan, en niet de gemeente. Baggeren Zuidergat staat los van bestemmingsplanwijziging Het Veerse Dok De ontwikkeling en het daar bijhorende bestemmingsplan voorziet niet in het onderhoud van de Donge en/of Zuidergat. Om die reden is naar aanleiding van de zienswijze besloten de tekst “Als het gaat om het onderhoud van het Zuidergat zal de gemeente in de volgende fasen van planuitwerking en bestemmingsplanprocedure een heroverweging maken tot welke diepte hier gebaggerd dient te worden nu de toeristische functie zal verdwijnen” uit de toelichting van het bestemmingsplan te verwijderen. We geven daarmee aan het eens te zijn met de beredenering dat dit een losstaande kwestie is die niet samenhangt met de woningbouwontwikkeling die hier is voorzien. In het bestemmingsplan is niets opgenomen waarmee de gemeente juridische onderbouwingen zou hebben ten aanzien van het baggeren en onderhouden van het Zuidergat en de diepte daarvan.
Conclusie De zienswijze geeft aanleiding tot het aanbrengen van een wijziging in de toelichting van het bestemmingsplan. De tekst “voor wat betreft het onderhoud van het Zuidergat zal de gemeente in de volgende fasen van plantuitwerking en bestemmingsplanprocedure een heroverweging maken tot welke diepte hier gebaggerd dient te worden nu de toeristische functie zal verdwijnen” wordt uit paragraaf 3.4.6 van de toelichting van het bestemmingsplan verwijderd.
25
Status: Definitief 3.
Indiener(s):
Evides waterbedrijf Postbus 4472 3006 AL Rotterdam
Betreft:
Zienswijze op ontwerpbestemmingsplan het Veerse Dok
Ingediende zienswijze Wij hebben kennisgenomen van het ontwerpbestemmingsplan ‘Het Veerse Dok’ dat ter inzage ligt. Wij dienen hierbij een zienswijze in tegen dit plan, omdat wij vrezen voor de gevolgen voor de waterkwaliteit en de drinkwatervoorziening in de regio. Wij zijn als Evides Waterbedrijf verantwoordelijk voor de productie en levering van drinkwater aan ruim 2,5 miljoen klanten in Zuidwest-Nederland. Ons innamepunt voor oppervlaktewater ligt vlakbij de locatie van de jachthaven, waar wij water uit de rivier halen om te zuiveren tot drinkwater. In de aanloop naar de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan hebben wij reeds onze reactie gegeven op het voorontwerp (bijlage 1). Wij verzoeken u om de inhoud ervan hier als herhaald en ingelast te beschouwen. De beantwoording van onze reactie heeft niet geleid tot de door ons gewenste aanpassing van het voorontwerp bestemmingsplan. Derhalve zien wij ons genoodzaakt om een zienswijze in te dienen.
a.
Onze bezwaren zijn als volgt: Onvoldoende onderbouwing van de verwachte impact op de waterkwaliteit en ontbreken risico-analyse In de Nota van Beantwoording wordt bij de beantwoording van onze reactie gesteld: “Naar verwachting zal de bestemmingswijziging van jachthaven naar een woonbestemming niet voor een verslechtering van de waterkwaliteit zorgen.” Deze aanname is echter niet nader onderbouwd door een toelichting of door een uitgevoerde risicoanalyse. Wij zouden graag een risicoinventarisatie zien met daarin genoemd en uitgewerkt de mitigerende maatregelen om de risico’s voor ons innamepunt weg te nemen. Het betreft dan zowel de risico’s tijdens de bouwfase als gevolg van grondverzet, vertroebeling water, afbakening bouwterrein, afvoer reststoffen/afval etc., als de risico’s tijdens de bewoning. Hierbij moet onder meer worden gedacht aan de afwatering van de percelen, afstroming regenwater met (straat)vuil, gebruik chemicaliën door bewoners zoals bestrijdingsmiddelen in de tuin, tijdens calamiteiten (hoog water waardoor kelders en garages onderlopen). etc.
26
Status: Definitief Een risicoanalyse m.b.t. vóór, tijdens en na de bouwactiviteiten inclusief bewoningsfase is een vereiste en wij verzoeken u om deze analyse uit te (laten) voeren. b.
Geen alternatief voor een binnendijkse locatie Zoals reeds eerder aangegeven is niet onderbouwd waarom het plan niet binnendijks uitgevoerd kan worden. Het uitvoeren van het plan binnendijks zou veel bezwaren van diverse partijen weg kunnen nemen, aangezien een binnendijkse locatie minder invloed heeft op de waterkwaliteit, de ecologie, het landschap en de veiligheid. Wij verzoeken u om een onderbouwing te geven van de keuze voor een buitendijkse locatie en om aan te tonen dat er geen geschikte binnendijkse locaties beschikbaar zijn.
c.
Geen inhoudelijk overleg met Evides Het overleg met Evides is tot nu toe slechts beperkt gebleven tot een kennismakingsgesprek en van een inhoudelijk overleg over risico’s is nog geen sprake geweest. Het is zeer wenselijk dat een inhoudelijk overleg alsnog gevoerd wordt op basis van een gemaakte risicoanalyse. Wij zouden derhalve graag betrokken willen blijven bij het verdere planproces. Wij vertrouwen erop dat u onze bezwaren nadrukkelijk betrekt in de afweging omtrent vaststelling van het bestemmingsplan. Graag blijven wij op de hoogte van de verdere ontwikkelingen. Wij zien uw reactie met belangstelling tegemoet.
Beantwoording a. Op 15 maart 2024 heeft nader inhoudelijk overleg plaatsgevonden tussen Evides, initiatiefnemers en de gemeente Geertruidenberg. Hieruit is gebleken dat onderhavig plangebied gezien de kaartbeelden behorende bij de vigerende provinciale omgevingsverordening niet is gelegen binnen een beschermingszone van waterwinning voor menselijke consumptie / beschermingszone rivierwaterwinning.
27
Status: Definitief
28
Status: Definitief
Het plangebied is echter wel gelegen in het beschermingsgebied op basis van de kaartbeelden behorende bij het Nationaal Water Programma (NWP) 2022-2027. De provincie heeft aangegeven dat dit de juiste begrenzing betreft (en in de volgende wijzigingsronde van de OV gecorrigeerd dient te worden). Vanwege de ligging in het beschermingsgebied voor drinkwaterwinning is derhalve een risicoanalyse uitgevoerd ten aanzien van de risico’s tijdens de bouwfase en bewoningsfase met een nadere onderbouwing en uitwerking van mitigerende maatregelen om de risico’s voor het innamepunt weg te nemen. Deze memo “Notitie Emissies oppervlaktewater” is als bijlage opgenomen bij deze Nota van Zienswijzen en bij de toelichting van het bestemmingsplan. Uit de risicoanalyse volgt dat de totale emissies naar het oppervlaktewater zullen afnemen. De belangrijkste reden is de reductie van het aantal recreatievaartuigen (antifouling / motoremissies / afval).
29
Status: Definitief b .
Het verleggen van een waterkering is niet een bevoegdheid van de gemeente of initiatiefnemers, deze bevoegdheid ligt bij het waterschap. Het waterschap is vanaf het begin betrokken bij de planvorming, ook door hen is een dijkverlegging nooit als een optie benoemd. Tussen de ontwikkelaar en het waterschap Brabantse Delta is aanvullend contact geweest omtrent de mogelijke leggerwijziging. Hierbij is in het kader van de dijkversterkingsopgave en waterveiligheid gevraagd waarom het waterschap zelf nooit het idee heeft geopperd om de waterkering te verleggen zodat de woningbouw (mogelijk) binnendijks kan plaatsvinden. Hierop heeft het waterschap aangegeven voor een particulier initiatief niet zomaar een waterkering kan gaan verleggen. Er moet in Nederland ongeveer 2000 kilometer aan primaire waterkering versterkt te worden, waarin ook Geertruidenberg in de totale opgave staat. Het wonen aan het water, zoals nu opgenomen en weergegeven in het stedenbouwkundig plan is juist een kracht van het woningbouwplan. Daarnaast is door Sweco aangetoond dat onder bepaalde voorwaarden (welke zijn verwerkt en opgenomen in het bestemmingsplan) de ontwikkeling veilig kan plaatsvinden. Het verleggen van de primaire kering is dan ook geen optie voor de initiatiefnemers. Zie beantwoording zienswijze 5g. voor een nadere onderbouwing ten aanzien van de locatiekeuze en afweging.