CConstaterende datGeertruidenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 preventie- en handhavingsplan alcohol en drugs 2025-2028

De raad debatteert 12 juni 2025, gemeente GeertruidenbergBij agendapunt: Concept Preventie- en handhavingsplan alcohol en drugs 2025-2028 - bespreekstuk12.948 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

T P E C

N O C Preventie- en

handhavingsplan Alcohol en drugs 2025-2028 Versie 0.1

-1-

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028

Inhoudsopgave

Leeswijzer .................................................................................................................................................- 4 Verklaring van begrippen .........................................................................................................................- 5 Inleiding .....................................................................................................................................................- 5 Nationaal Preventieakkoord Alcohol ...........................................................................................................- 6 GALA en IZA ...................................................................................................................................................- 6 De Alcoholwet ................................................................................................................................................- 6 Samen werken aan Preventie- en handhavingsplan ..................................................................................- 6 1.

Probleemanalyse alcohol- en drugsgebruik onder jongeren .........................................................- 7 1.1.

De schadelijkheid van alcohol en drugs ..........................................................................................- 7 -

1.2.

Alcohol- en drugsgebruik onder scholieren ....................................................................................- 9 -

1.3.

Alcohol- en drugsgebruik onder jongvolwassenen ......................................................................- 10 -

1.4.

Ouders...............................................................................................................................................- 11 -

1.5.

Nalevingsonderzoek ........................................................................................................................- 12 -

1.6.

Het perspectief van jongeren op middelengebruik ......................................................................- 13 -

1.7.

Het perspectief van ouders op middelengebruik .........................................................................- 14 -

1.8 Het perspectief van samenwerkingspartners op middelengebruik ................................................- 14 1.9. Evaluatie voorgaand Preventie- en handhavingsplan .......................................................................- 15 Op verzoek van de gemeenteraad heeft de Rekenkamer Geertruidenberg in 2024 onderzoek uitgevoerd naar de effectiviteit van het vorige preventie- en handhavingsplan alcohol en drugs. De bevindingen zijn opgenomen in het rapport "Stap uit de roes!" (Rekenkamer Geertruidenberg, 2024). ..................- 15 Hoewel de Rekenkamer constateert dat niet alle afspraken en acties uit het plan vanaf 2020 zijn nagekomen, benadrukt het college dat er binnen de mogelijkheden wél degelijk inspanningen zijn geleverd. De uitvoering vond plaats in een uitzonderlijke context: de coronapandemie bracht landelijke beperkingen met zich mee en tegelijk kende de organisatie personele uitdagingen zoals onderbezetting. Ondanks deze omstandigheden is er actief gewerkt aan preventie, samenwerking en signalering.

...................................................................................................................................................- 15 Zo zijn de vaste overleggen met ketenpartners als politie, BOA’s, Halt, Novadic-Kentron, jongerenwerk en het CJG structureel doorgegaan — onder meer in de vorm van het straathoekoverleg en de veiligheidskamer. In deze overleggen is regelmatig gesproken over actuele signalen rondom alcoholen middelengebruik en zijn gerichte acties afgestemd. Ook is er extra geïnvesteerd in het jongerenwerk en zijn er uiteenlopende activiteiten uitgevoerd op het gebied van voorlichting, preventie en handhaving. Zoals gastlessen binnen het onderwijs en het starten met de nulmeting horecabeleid vanuit de BOA’s. Desondanks waren er ook knelpunten zichtbaar in de uitvoering. ............................- 15 Tegelijkertijd erkent het college dat de regie en samenhang in de uitvoering beter hadden gekund. Zo kwam de werkgroep verslavingsbeleid na 2019 niet meer bijeen. Veel acties werden ad hoc uitgevoerd of liepen na een eenmalige inzet af. Preventieve activiteiten bereikten met name de gemakkelijk

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 2 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 bereikbare doelgroepen; ouders werden in beperkte mate betrokken. Ook werd het beleid uit het oorspronkelijke plan in de tussenliggende periode niet bijgesteld of geactualiseerd. ........................- 15 Een belangrijk aandachtspunt was het ontbreken van structurele monitoring en evaluatie. Hierdoor is het effect van inspanningen onvoldoende in beeld gebracht en was bijsturing nauwelijks mogelijk. De Rekenkamer noemt verder dat de ambitieuze doelstellingen in het vorige plan (zoals “0% middelengebruik onder jongeren”) niet realistisch waren. ......................................................................- 15 De aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport vormen een belangrijke bouwsteen voor dit nieuwe plan. We kiezen bewust voor een realistische en integrale aanpak, met duidelijke rolverdeling, inspanningsgerichte doelstellingen en structurele samenwerking met partners. Monitoring en evaluatie zijn daarin vaste onderdelen (zie hoofdstuk 5), zodat voortgang zichtbaar is en bijsturing mogelijk blijft................................................................................................................................................- 15 Door voort te bouwen op de lessen uit het verleden, leggen we een stevig fundament onder een uitvoerbaar, effectief en gedragen alcohol- en drugsbeleid.

...................................................................- 15 1.10. 2.

Samenvatting probleemanalyse .................................................................................................- 15 -

Ambitie en doelstellingen ...............................................................................................................- 17 2.1.

Ambitie..............................................................................................................................................- 17 -

2.2. Doelstellingen .......................................................................................................................................- 18 3.

Uitgangspunten van beleid .............................................................................................................- 18 3.1 Een integrale beleidsvisie als fundament ...........................................................................................- 18 3.2 Vroegsignalering ...................................................................................................................................- 19 3.3 Een integrale aanpak ............................................................................................................................- 19 3.4 Niet alleen op de jongeren gericht .......................................................................................................- 19 3.5 Betrekken van de gemeenschap: community building ......................................................................- 20 3.6 Van visie naar actie ...............................................................................................................................- 20 -

4.

Activiteiten.......................................................................................................................................- 20 4.1.

Regelgeving ......................................................................................................................................- 20 -

4.2.

Toezicht en handhaving ..................................................................................................................- 22 -

4.3.

Educatie en communicatie .............................................................................................................- 25 -

4.4 Verbinding preventie en handhaving ...................................................................................................- 27 5.

Samenwerking, uitvoering en evaluatie .........................................................................................- 28 5.1.

Samenwerking met externe partners.............................................................................................- 28 -

5.2.

Organisatie en uitvoering ................................................................................................................- 29 -

5.3.

Monitoring en evaluatie...................................................................................................................- 29 -

6. Financiën .............................................................................................................................................- 31 Bijlage 1: Afkortingen .............................................................................................................................- 32 Bijlage 2: Overzicht huidige instrumenten ............................................................................................- 33 Bijlage 3: Literatuur en bronnen ............................................................................................................- 34 Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 3 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028

Leeswijzer Dit concept Preventie- en Handhavingsplan Alcohol en Drugs biedt een integrale aanpak voor het terugdringen van middelengebruik onder jongeren en jongvolwassenen in de gemeente Geertruidenberg. Het plan opent met een voorwoord en een korte inleiding op het thema, gevolgd door een uitgebreide probleemanalyse in hoofdstuk 1. Hierin worden op basis van cijfers, signalen en gesprekken met jongeren, ouders en professionals de landelijke- en lokale ontwikkelingen in kaart gebracht. Op basis van deze analyse zijn in hoofdstuk 2 de ambitie en doelstellingen geformuleerd, als basis voor het verdere beleid. Hoofdstuk 3 beschrijft de beleidsuitgangspunten die richting geven aan de gekozen aanpak. Met nadruk op vroegsignalering, omgevingsgerichte interventies en samenwerking met de gemeenschap. Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 4 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 In hoofdstuk 4 worden de voorgenomen maatregelen concreet uitgewerkt. Deze zijn geordend langs de drie pijlers van het preventiemodel: educatie, regelgeving en handhaving. Hoofdstuk 5 gaat in op de uitvoering, de betrokken partners, en de wijze waarop de gemeente de voortgang wil monitoren, evalueren en waar nodig bijsturen. Tot slot beschrijft hoofdstuk 6 de financiële randvoorwaarden en beschikbare middelen voor de uitvoering van het plan. Verklaring van begrippen

Bingedrinken: minstens één keer per maand ten minste vijf glazen alcohol drinken bij één gelegenheid. Jongere: minderjarige persoon, in leeftijd jonger dan 18 jaar. Jongvolwassene: persoon in de leeftijd van 18 tot 25 jaar. Middelengebruik: het gebruik van middelen als alcohol, drugs, tabak en vapes. Ouders: ouders en/of verzorgers Overmatig drinken: het drinken van meer dan 21 glazen per week (mannen) of meer dan 14 glazen per week (vrouwen). Problematisch alcoholgebruik: al het alcoholgebruik door jongeren onder de 18 jaar, drinken door zwangere vrouwen, overmatig drinken, zwaar drinken, regelmatig bingedrinken, een drinkpatroon dat leidt tot lichamelijke klachten en/of psychische of sociale problemen en dat een adequate aanpak van bestaande problemen verhindert. Wederverstrekking: het doorgeven van alcohol aan een minderjarige door iemand die wél 18 jaar of ouder is. Op een publiek toegankelijke plaats, volgens artikel 45a van de Alcoholwet. Zwaar drinken: minstens één keer per week ten minste vier glazen (vrouwen) of zes glazen (mannen) alcohol op één dag drinken.

Inleiding Met dit Preventie- en handhavingsplan geeft de gemeente Geertruidenberg invulling aan een belangrijke wettelijke taak (artikel 43a) in de uitvoering van de Alcoholwet (tot 1 juli 2021 de Drank- en Horecawet, DHW). De Alcoholwet is een bijzondere wet die de verstrekking van alcoholhoudende dranken regelt en onze jeugd beschermt tegen de negatieve effecten van alcohol op gezondheid en veiligheid. Een van de verplichtingen die de wet oplegt is het opstellen van een preventie- en handhavingsplan, met name gericht op jongeren. In het plan moeten de doelstellingen, de activiteiten op het gebied van preventie en handhaving en te behalen resultaten neergelegd worden In ons Preventie- en handhavingsplan ligt de focus op het voorkomen van gebruik en problematisch gebruik onder jongeren (tot 18 jaar) en jongvolwassenen (18-25 jaar). Gelet op de zorgen die er zijn om onze jeugd, is dit plan niet alleen gericht op alcohol- maar ook op drugsgebruik. Wel wordt vooraf opgemerkt dat de gemeente minder mogelijkheden en bevoegdheden heeft als het gaat om drugs. Toch nemen we het onderwerp drugs integraal mee in dit plan.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 5 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 Nationaal Preventieakkoord Alcohol In het Preventie- en handhavingsplan sluiten we zoveel als mogelijk aan op de doelstellingen van het Nationaal Preventieakkoord. In dit akkoord, dat in 2018 door meer dan 70 partijen is afgesloten, is preventie van problematisch1 alcoholgebruik een van de drie speerpunten, naast preventie van roken en overgewicht. Een veelheid aan organisaties en maatschappelijke partners waaronder bedrijfsleven, sportorganisaties en onderwijsinstellingen verbond zich met het Akkoord aan het terugdringen van problematisch alcoholgebruik in 2040. Graag leveren we samen met onze maatschappelijke partners en inwoners onze bijdrage aan het realiseren van deze doelstellingen. GALA en IZA Het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) omvat afspraken die gemaakt zijn tussen VWS, GGD’en, zorgverzekeraars en gemeenten. Het doel is het bereiken van een gezonde generatie in 2040. Met het GALA akkoord gaat de gemeente aan de slag met een samenhangende integrale aanpak op gezondheid, sport, bewegen én sociale basis. Deze gezonde generatie kan behaald worden door het ontwikkelen van een gezonde leefomgeving waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten én sporten/bewegen. Zo versterken we de sociale basis, blijven inwoners mentaal gezond en weerbaar én kunnen inwoners vitaal ouder worden.

Het GALA streeft daarnaast ook naar het bevorderen van lokale en regionale ketenaanpak. Een ander onderdeel van het nieuwe landelijke gezondheidsbeleid is het Integraal Zorgakkoord. Het IZA heeft het doel om de zorg betaalbaar, toegankelijk en goed te houden. Hierbij gaan ze uit van waarde gedreven en passende zorg. Eén van de IZA opgaven is zowel het bevorderen van mentale vaardigheden en een gezonde leefstijl als het versterken van zelfredzaamheid en de sociale omgeving. Deze opgave sluit aan op onze preventieve aanpak om alcoholgebruik onder jongeren terug te dringen, zoals het vergroten van de weerbaarheid en bewustwording onder jongeren en hun omgeving. De Alcoholwet De Alcoholwet beperkt beschikbaarheid- en regelt een verantwoorde verstrekking van alcohol. Het beperken van de beschikbaarheid van alcohol is één van de meest effectieve maatregelen om alcoholgebruik te verminderen en de daaraan gerelateerde schade te voorkomen (Babor e.a., 2010; Burton e.a., 2017). De Alcoholwet richt zicht op de verstrekking van alcoholhoudende dranken en verantwoorde verstrekking daarvan. De Alcoholwet heeft als doel om schadelijke gevolgen van alcoholgebruik tegen te gaan en alcohol gerelateerde overlast terug te dringen en is hiermee vooral een gezondheidswet. Het toezicht op de naleving van de Alcoholwet is sinds 2013 een verantwoordelijkheid van de gemeente.

Samen werken aan Preventie- en handhavingsplan Preventie van alcohol- en drugsgebruik onder jongeren kan niet zonder een sterke samenwerking tussen gemeente, maatschappelijke organisaties, onderwijs, ouders en de jongeren zelf. Alleen door gezamenlijke inzet kan een gezonde en veilige omgeving worden gecreëerd waarin middelengebruik niet vanzelfsprekend is. We kiezen nadrukkelijk voor een netwerkgerichte aanpak, waarin onze ketenpartners actief worden betrokken bij zowel de uitvoering, als de monitoring en evaluatie van het beleid. Dit concept Preventie- en handhavingsplan is tot stand gekomen in samenwerking met verschillende partners binnen de domeinen gezondheid en veiligheid, onder andere: GGD, Jongerenwerk, NovadicKentron, handhaving, politie en Bureau Halt. Daarnaast is ook input opgehaald bij jongeren en ouders. Op basis van hun eigen ervaring en kennis van de dagelijkse praktijk hebben zij een waardevolle bijdrage geleverd aan dit plan.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 6 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 Bij de verdere uitvoering van het plan worden ook onderwijs, horecaondernemers en sportorganisaties betrokken. De gemeente heeft hierin een coördinerende en deels uitvoerende rol. Een stakeholdergroep zal twee tot vier keer per jaar samenkomen om het uitvoeringsplan voor het betreffende jaar vast te stellen, de uitvoering te monitoren en de evaluatieresultaten van dat jaar te bespreken en te duiden. In dit stakeholderoverleg komen vertegenwoordigers van de gemeente, GGD, de preventieafdeling van de instelling voor verslavingszorg, politie, horeca en het onderwijs samen.

Aansluiting op het programma Mens & Zorg Dit Preventie- en handhavingsplan staat niet op zichzelf. Het sluit aan op landelijk beleid zoals neergelegd in het Nationaal Preventieakkoord, het IZA en GALA. Ook raakt het aan verschillende andere gemeentelijke taken en beleidsterreinen. De beleidskaders voor het sociaal domein zijn vastgelegd in het programmaplan Mens & Zorg. Het algemene uitgangspunt van de opgave Mens en Zorg is: Iedereen in de gemeente Geertruidenberg doet naar vermogen mee, en draagt naar vermogen bij. We kijken naar elkaar om en voelen ons verbonden. De uitwerking daarvan vindt plaats in vijf inhoudelijke programmalijnen: 1. Bewust (samen)leven 2. Werken met talent 3. Gelukkig opgroeien 4. Financieel zelfredzaam 5. Vrije inloop Binnen het programma staan het welzijn en de zelfredzaamheid van onze inwoners centraal. Ook is er specifiek aandacht voor jongeren. Omdat het programma Mens & Zorg zich ook op de overige inwoners richt, ligt in dit Preventie- en handhavingsplan de focus op het voorkomen van gebruik en van problematisch gebruik onder jongeren en jongvolwassenen.

1. Probleemanalyse alcohol- en drugsgebruik onder jongeren Dit hoofdstuk beschrijft de stand van zaken met betrekking tot alcoholgebruik onder jongeren en jongvolwassenen. Werken op basis van cijfermatige en andere data over gebruik en naleving van de wet- en regelgeving zorgt ervoor dat mensen en middelen doelmatig ingezet kunnen worden. In de paragrafen 1.1. tot en met 1.3 staat de belangrijkste informatie over gebruik van alcohol door jongeren (scholieren) en jongvolwassenen. In paragraaf 1.4. wordt de rol van ouders besproken. Paragraaf 1.5. bevat informatie over de naleving van de alcoholwetgeving door verstrekkers van alcohol. Paragraaf 1.6. tot en met 1.8 geeft inzicht in het perspectief op middelengebruik van respectievelijk jongeren, ouders en samenwerkingspartners. In paragraaf 1.9. wordt de evaluatie van het voorgaand Preventie- en handhavingsplan genoemd. Paragraaf 1.10. bevat tenslotte een samenvatting van de probleemanalyse. 1.1.

De schadelijkheid van alcohol en drugs

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 7 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 Het is niet zonder reden dat de gemeente haar jeugdige inwoners wil beschermen tegen de schadelijke gevolgen van alcohol en drugs. Er is steeds meer kennis over deze schadelijkheid, maar die is nog niet bij iedereen goed bekend of wordt regelmatig onderschat (Schouten e.a., 2020; Trimbos-instituut, 2023). Het gebruik van deze middelen gaat gepaard met een breed scala aan fysieke, mentale en maatschappelijke risico’s. De mate van schade is grotendeels dosis-gerelateerd: hoe vaker of intensiever het gebruik, hoe groter de kans op problemen. Bij alcohol is er eigenlijk geen veilige ondergrens; zelfs licht en matig gebruik worden al in verband gebracht met onder meer hartritmestoornissen en verschillende soorten kanker. Zwaar drinken verhoogt het risico op acute schade zoals alcoholvergiftiging, verkeersongelukken en hersenschade. Ook bij drugs geldt dat frequente of intensieve inname leidt tot verhoogde gezondheidsrisico’s. Zo kunnen stimulerende middelen zoals amfetamine en cocaïne leiden tot hartritmestoornissen, psychoses en agressie, terwijl cannabis invloed heeft op concentratievermogen en psychisch functioneren. Overmatig gebruik van alcohol of drugs vergroot bovendien de kans op verslaving.

De afhankelijkheid kan zowel lichamelijk als geestelijk zijn en heeft vaak ingrijpende gevolgen voor het dagelijks functioneren, relaties en toekomstperspectief. Het psychisch functioneren komt onder druk te staan; depressie, angstklachten en zelfs suïcide komen vaker voor bij jongeren met problematisch gebruik. Daarnaast kunnen beide middelen de hersenontwikkeling verstoren – een proces dat bij jongeren pas rond het 24e levensjaar is voltooid. De maatschappelijke impact is eveneens aanzienlijk. Alcohol en drugs spelen regelmatig een rol bij huiselijk geweld, uitgaansgeweld, verkeersincidenten, agressie en overlast in de openbare ruimte. In gezinnen waar sprake is van problematisch gebruik door ouders, worden risico’s vaak van generatie op generatie doorgegeven. Jongeren die gebruiken, vertonen vaker agressief, asociaal of delinquent gedrag dan hun niet-gebruikende leeftijdsgenoten. Voor jongeren en jongvolwassenen zijn de risico’s van alcohol- en drugsgebruik extra groot. Niet alleen zijn de acute gevolgen voor hen ernstiger – zoals bewusteloosheid, ongewenste seksuele ervaringen of vergiftiging – maar ook zijn de langetermijngevolgen indringender. Denk aan blijvende schade aan het brein, grotere kans op schooluitval, studievertraging, problematische schulden en sociaal isolement.

Door de combinatie van groepsdruk, experimenteergedrag en onvoltooide hersenontwikkeling is deze groep extra kwetsbaar.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 8 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 Het voorkomen van gebruik, het tijdig signaleren van risicogedrag en het bieden van passende ondersteuning zijn daarom van essentieel belang in een samenhangende preventie- en handhavingsaanpak.- en langduriger verzuim, studievertraging, afname van de studieprestaties en studie-uitval.

1.2. Alcohol- en drugsgebruik onder scholieren Landelijk In de groep 12- tot en met 16-jarigen was tussen 2003 en 2015 een afname zichtbaar in het alcoholgebruik: van ongeveer 70% naar 25%. Vanaf 2015 echter, is de afname van het alcoholgebruik gestagneerd. In zowel 2015, 2017 als 2019 bleef ongeveer een kwart (25%) van de 12- tot en met 16jarige scholieren maandelijks alcohol drinken. Ook bingedrinken en dronkenschap zijn sinds 2015 niet verder afgenomen (Rombouts e.a., 2020). Van de scholieren die in de maand voorafgaand aan het onderzoek dronken, heeft bijna drie op de vier bij één gelegenheid vijf of meer glazen alcohol gedronken. Het bingedrinken in de afgelopen maand neemt sterk toe tussen de 13 en 14 jaar: van 4,6% bij de 13-jarigen naar 18% onder de 14jarigen). Onder de 16-jarigen drinkt één op de vijf (19%) 5-10 glazen alcohol in het weekend. Jongens en scholieren van het vmbo-b en vmbo-t drinken vaker dan hun leeftijdgenoten (Rombouts e.a, 2020a). Binnen het speciaal onderwijs is het alcoholgebruik onder leerlingen van cluster 4 scholen (gedrags- of ontwikkelingsstoornissen en psychiatrische problemen) vergelijkbaar met VMBOb; in cluster 3 (LVB) ligt het alcoholgebruik lager dan in het reguliere onderwijs (Rombouts e.a, 2020b). Sommige groepen jongeren (en jongvolwassenen) zijn extra kwetsbaar en lopen daardoor een groter risico op problematisch alcoholgebruik.

Het gaat bijvoorbeeld om kinderen van ouders met een verslaving of psychische problematiek en kinderen met een licht verstandelijke beperking (Expertisecentrum Alcohol, 2020). Geertruidenberg Het alcoholgebruik onder jongeren (12 tot 18 jaar) in onze gemeente wordt gemeten aan de hand van de vierjaarlijkse GGD Gezondheidsmonitor. De monitor geeft inzicht in onder meer leeftijd, schooltype, frequentie van gebruik, dronkenschap, wijze van verkrijgen van alcohol en de rol van ouders. De meest recente rapportage bevat de uitkomsten van vragenlijst die in het najaar van 2023 is afgenomen bij alle tweede- en vierdeklassers van het regulier voortgezet onderwijs in Nederland door de GGD ’en, GGD GHOR Nederland en het RIVM. In 2021 was er een extra meting vanwege corona. De cijfers uit de gemeente Geertruidenberg vergelijken we met de cijfers van de regio West-Brabant. Het algemene beeld laat zien dat het alcoholgebruik onder jongeren in Geertruidenberg aanmerkelijk hoger is dan in de regio West-Brabant. Uit de laatste meting bleek het volgende: • • • •

65% van de jongeren heeft ooit alcohol gedronken, minimaal een paar slokjes. (In West-Brabant is dit 57%) 42% van de jongeren heeft ooit een heel glas, of meer, alcohol gedronken (In West-Brabant is dit 32%) 35% van de jongeren heeft in de afgelopen vier weken alcohol gedronken (In West-Brabant is dit 30%) 21% van de jongeren is in de afgelopen vier weken dronken of aangeschoten geweest (In West-Brabant is dit 17%) Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 9 - van 36

• • • •

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 24% van de jongeren heeft in de afgelopen vier weken aan bingedrinken gedaan. Oftewel, vijf of meer drankjes bij één gelegenheid gedronken. (In West-Brabant is dit 20%) 53% van de ouders vindt dat een eerste glas alcohol onder de 18 jaar een verantwoorde leeftijd is. (In West-Brabant is dit 46%) 8% van de jongeren heeft ooit wiet/hasj gebruikt (In West-Brabant is dit 7%) 3% van de jongeren heeft ooit andere drugs (XTC, cocaïne, lachgas etc.) gebruikt (In West-Brabant is dit 3%)

Kernboodschap uit de GGD Gezondheidsmonitor 0-11 jaar (2023); Uit de Jongerenmonitor (12-18 jaar) blijkt dat het alcoholgebruik onder jongeren in West-Brabant blijvend hoog is en hoger ligt dan in de rest van Nederland. Daarnaast zien we in de GGD monitor dat meer dan de helft van de ouders het verantwoord vindt dat een kind onder de 18 zijn/haar eerste glas alcohol nuttigt. De basis voor alcoholgebruik wordt in belangrijke mate in de jeugd gelegd. Ouders hebben grote invloed op het alcoholgebruik van hun kind. Want we weten: zien drinken doet drinken. Op jonge leeftijd weerbaar maken kan ervoor zorgen dat jongeren op latere leeftijd beter bestand zijn tegen groepsdruk bij het gebruik van alcohol en makkelijker ‘nee’ durven zeggen. 1.3.

Alcohol- en drugsgebruik onder jongvolwassenen

Landelijk Er zijn verschillende onderzoeken die informatie geven over het drinkgedrag van jongvolwassenen of van subgroepen daarbinnen: • Binnen de totale volwassen bevolking valt op dat schadelijk gebruik van alcohol het meest voorkomt in de leeftijdsgroep 20-29 jaar (NDM, 2022, peiljaar 2020). • De meerderheid van de mbo- en hbo-studenten drinkt en ruim 70 procent doet dat regelmatig (van Dorsselaer e.a., 2020). Van degenen die drinken, drinkt 19 procent gemiddeld meer dan 10 glazen alcohol op een weekenddag. De 17-jarigen op het mbo drinken meer dan hun leeftijdgenoten op het hbo of voortgezet onderwijs. • Jongvolwassenen die regelmatig uitgaan drinken op een uitgaansavond ruim 12 glazen, op andere dagen dat zij alcohol drinken consumeren zij bijna drie glazen (Monshouwer e.a, 2021). • Een kwalitatief onderzoek onder plattelandsjongeren geeft inzicht in hun kennis, houding en gedrag met betrekking tot alcohol (Paternotte & Prooij, 2019). Hoewel de jongeren overmatig lijken te drinken, zien zij dit zelf niet als een probleem. Zij hebben een positieve houding ten opzichte van alcohol mede omdat drinken in hun omgeving als normaal wordt gezien. Hun kennis over de schadelijkheid van alcohol is beperkt. Geertruidenberg In 2024 heeft de GGD een regionale gezondheidsmonitor voor jongvolwassenen afgenomen.

De vragenlijsten zijn ingevuld door jongeren in de leeftijd van 16 tot 25 jaar. Hier is een vergelijking gemaakt met cijfers uit de regio West-Brabant. Als we kijken naar de resultaten uit dit onderzoek blijkt dat: • 74,4% van de jongvolwassenen de afgelopen 4 weken alcohol heeft gedronken (In West-Brabant is dit 73,2%) • 32% van de jongvolwassenen aangeeft dat vrienden het normaal vinden om 10 glazen alcohol of meer op één avond te drinken (In West-Brabant is dit 35%)

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 10 - van 36

• • •

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 27% van de jongvolwassenen een zware drinker is (In West-Brabant is dit 21%) 12% van de jongvolwassenen de afgelopen 4 weke drugs heeft gebruikt In West-Brabant is dit 18% Uitgesplitst naar soort drugs: • 6% cannabis (In West-Brabant is dit 12%) • 7% harddrugs (In West-Brabant is dit 9%)

Cijfers vertellen niet het hele verhaal De jongeren- en jongvolwassenen die we gesproken hebben, geven aan dat deze cijfers waarschijnlijk te laag zijn. Zij zien om zich heen dat meer leeftijdsgenoten alcohol- en drugs gebruiken dan de cijfers laten zien. Dit kan mogelijk komen doordat niet iedereen eerlijk of volledig antwoord geeft op vragenlijsten, of omdat jongeren die vaker alcohol- en drugs gebruiken, minder snel meedoen aan dit soort onderzoeken. Dit beeld wordt ook door de samenwerkingspartners onderschreven. Ondanks dat, blijft de GGD monitor ons belangrijkste meetinstrument. En is het belangrijk om bij de uitvoering van het beleid ook goed te blijven luisteren naar wat jongeren zelf zeggen over hun leefwereld – en daar bij aan te sluiten. 1.4.

Ouders

Landelijk Ouders zijn soms nog toegeeflijk met betrekking tot alcoholgebruik door hun kinderen. Zo krijgt een kwart van de 12 tot 16-jarige scholieren die wel eens drinken, alcohol van hun ouders (Rombouts e.a., 2020). Dat aantal is niet gedaald sinds 2016. Maar er zijn meer ouders die hun rol oppakken. Driekwart van de ouders heeft in 2015 expliciet als regel dat hun minderjarige kind niet mag drinken; in 2007 was dat nog 50% (van Dorsselaer e.a., 2016). Ouders die zelf veel drinken, zijn toleranter ten aanzien van alcoholgebruik bij hun kinderen. Hoewel de invloed van peers (leeftijdgenoten, vrienden) op het gedrag toeneemt met de leeftijd, blijven ouders invloed houden op het drinkgedrag van hun opgroeiende kind (Engels e.a, 2013) bijvoorbeeld via hun houding ten opzichte van alcohol of door de afspraken die zij met hun kind maken. Geertruidenberg In Geertruidenberg keuren ouders het alcoholgebruik van jongeren die drinken vaak niet af. Uit de jeugdmonitor van 2023 geven jongeren zelf aan dat 54% van de ouders het goed vinden dat hun kind alcohol drinkt. De overige 46% van de ouder keuren het alcoholgebruik af, of weten er niets van. Daarnaast valt op dat de meeste jongeren alcohol verkrijgen via hun ouders (59%), via vrienden (52%) of andere volwassenen kopen het voor ze (25%). Slechts 12% koopt zelf alcohol.

Wanneer ze alcohol drinken doen ze dat vooral bij vrienden of vriendinnen (69%) en thuis (47%).

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 11 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 1.5.

Nalevingsonderzoek

Nalevingsonderzoek leeftijdsgrens Met nalevingsonderzoek wordt onderzocht in hoeverre de leeftijdsgrens voor alcohol wordt nageleefd door de verschillende alcoholverstrekkers. Landelijk Als minderjarigen aan drank willen komen is dat nog steeds gemakkelijk in Nederland. Tussen 2018 (37,7%) en 2020 (37.9%) is de totale naleving van de leeftijdsgrens bij alcoholverkoop niet veranderd (Bureau Objectief, 2020). Bij de afzonderlijke verkooppunten zijn wel veranderingen te zien, soms ten goede zoals bij cafetaria’s, horecagelegenheden en webshops. Bij supermarkten en slijterijen is de naleving echter gedaald. Naleving leeftijdsgrens door verkooppunten in % 2018

2020

Supermarkten

68,9

58,1

Slijterijen

73,3

66,3

Avondwinkels

34,7

41,0

Cafetaria’s

20,7

29,8

Horecagelegenheden

17,5

29,0

Sportkantines

20,2

23,9

Thuisbezorgkanalen

9,5

12,4

Webshops

2,2

8,8

Geertruidenberg In Geertruidenberg heeft nog geen nalevingsonderzoek plaatsgevonden. Nalevingsonderzoek dronkenschap en doorschenken Nalevingsonderzoek dronkenschap en doorschenken geeft een beeld van de mate waarin horecagelegenheden de wetgeving rondom dronkenschap en doorschenken naleven. Met het onderzoek wordt gekeken naar de naleving van het verbod om dronken personen toe te laten tot een horecagelegenheid als het verbod op doorschenken aan dronken klanten (Trimbos Instituut, 2019). Landelijk Er is geen landelijk onderzoek gedaan doorschenken bij dronkenschap. Wel zijn er enkele regionale onderzoeken waaruit blijkt dat de wettelijke bepalingen over doorschenken niet goed worden nageleefd. Horecapersoneel blijkt het lastig te vinden om dronkenschap te herkennen en om daar aansluitend op te acteren (Nijkamp e.a., 2020). Geertruidenberg In onze gemeente heeft geen onderzoek plaatsgevonden naar dronkenschap en doorschenken.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 12 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 1.6.

Het perspectief van jongeren op middelengebruik

Om het verhaal van jongeren zelf op te halen, hebben we in samenwerking met Jongerenwerk een bijeenkomst georganiseerd. Hierin gingen jongeren en jongvolwassenen open met elkaar en met de gemeente in gesprek. Deze ‘pizza-avond’ leverde waardevolle inzichten op. Over hoe jongeren middelengebruik ervaren, wat ze nodig hebben en waar ze tegenaan lopen. Hieronder een korte weergave daarvan: Waarom gebruiken jongeren? Jongeren noemen verveling, groepsdruk, nieuwsgierigheid en stress als belangrijke redenen om middelen te gebruiken. Veel jongeren geven aan dat zij middelen gebruiken om emoties te dempen of zich even te kunnen ontspannen. Bij jongere jongeren gebeurt dit vaker impulsief. Jongvolwassenen lijken bewuster te gebruiken, maar onderschatten soms nog steeds de risico’s. Opvallend is dat experimenteren minder vaak wordt genoemd als reden. Vooral jongeren die thuis spanningen ervaren (bijvoorbeeld na een scheiding), geven aan dat middelengebruik een manier is om te ontsnappen. Wat, waar en hoe? Het gebruik begint soms al op jonge leeftijd. Alcoholgebruik vanaf 12 of 13 jaar komt voor, net als vapen en blowen. Jongeren noemen daarnaast ketamine, 3MMC en snus als middelen die in hun omgeving worden gebruikt. Deze worden niet alleen gebruikt op feestjes, maar ook thuis, bij vrienden of in de openbare ruimte. Er worden verschillende plekken benoemd.

Opvallend is dat wordt verteld dat het gebruik vaak openlijk gebeurt -niet stiekem. Alcohol wordt verkregen via vrienden van 18 jaar of ouder, of van de ouders zelf. Drugs via vrienden of via online bestellingen en sociale media. Jongeren vertellen: “het is gewoon beschikbaar”. Wat hebben jongeren nodig? Jongeren geven duidelijk aan behoefte te hebben aan meer voorzieningen in de openbare ruimte en aan activiteiten. Zoals ruimere openingstijden van het jongerencentrum en dat het jongerenwerk ook in het weekend beschikbaar zou moeten zijn. Er blijkt behoefte aan een luisterend oor en wordt uitbreiding van de jongerenwerkers gevraagd. Hun ondersteuning wordt als erg waardevol benoemd. Ook geven de jongeren expliciet aan dat er meer te doen moet zijn in de gemeente om verveling tegen te gaan. Tot slot vragen ze om veilige chillplekken in de openbare ruimte. Voorlichting en communicatie De jongere groepen willen vooral weten wat de risico’s zijn, niet hoe een middel werkt. Oudere jongeren vragen om visuele en eerlijke voorlichting. Via posters, filmpjes, sociale media en met inzet van ervaringsdeskundigen. Zij benadrukken dat de toon niet te belerend of ‘ouderwets’ moet zijn. De rol van ouders Alcoholgebruik is vaak bespreekbaar met ouders, drugsgebruik veel minder. Jongeren zeggen dat ouders vaak niet weten wat ze moeten zeggen of doen. Ze vragen om meer handvatten voor ouders.

Hoe herken je gebruik, hoe stel je grenzen, hoe ga je het gesprek aan? Zij stellen ouderavonden voor op scholen of in de horeca. En benadrukken dat de informatie beter blijft hangen als die fysiek wordt meegegeven (bijvoorbeeld via een flyer), in plaats van alleen via digitale kanalen. Deze input vormt een belangrijk onderdeel van de probleemanalyse. Ook laat het zien dat een aanpak die zich alleen op verbieden richt, niet voldoende is. Jongeren vragen om een bredere benadering, waarbij ze zich gehoord, gezien en ondersteund worden. Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 13 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 1.7.

Het perspectief van ouders op middelengebruik

Tijdens een ouderbijeenkomst is waardevolle input opgehaald. Ouders gaven aan dat het belangrijk is om vroeg en regelmatig voorlichting te geven op school over alcohol en drugs. Ze willen betere samenwerking tussen politie, jongerenwerk, maatschappelijk werk en andere betrokken organisaties. Ouders benadrukten dat jongeren, vooral uit gebroken gezinnen, meer behoefte hebben aan steun en verbinding dan aan controle. Volgens ouders werkt wijkgerichte preventie beter dan algemene campagnes. Ze noemden Stichting Voorkom als positief voorbeeld van een preventieve aanpak. Ook werd het vroegere Bavo-project genoemd als succesvolle werkwijze, met de vraag of de GGD hier opnieuw bij betrokken kan worden. Verder vinden ouders het belangrijk om de weerbaarheid van jongeren te vergroten, zodat ze beter kunnen omgaan met groepsdruk. Ze adviseerden om kleinschalig en lokaal te starten en aan te sluiten bij wat ouders en de wijk zelf kunnen organiseren. De bijeenkomst werd als positief en waardevol ervaren. 1.8 Het perspectief van samenwerkingspartners op middelengebruik Om een goed beeld te krijgen van de actuele situatie rondom middelengebruik onder jongeren in Geertruidenberg, zijn gesprekken gevoerd met samenwerkingspartners die dagelijks met deze doelgroep werken.

Tijdens een interactieve bijeenkomst deelden vertegenwoordigers van onder meer jongerenwerk, GGD, HALT, politie, BOA’s, buurtsportcoaches, huisartsen, Moedige Moeders en Novadic-Kentron hun inzichten en ervaringen. Zij signaleren dat alcohol, blowen, snusgebruik en vapen steeds meer als normaal worden gezien – niet alleen door jongeren zelf, maar ook in hun sociale omgeving. Alcohol is vaak aanwezig op plekken waar jongeren komen, zoals bij sport, schoolactiviteiten en thuis. Ouders vinden het moeilijk om grenzen te stellen en vasthouden aan de NIX18-afspraak is in de praktijk lastig. Ouders die het middelengebruik van hun kind wel willen begrenzen, voelen zich daarin vaak alleen staan. Er is bovendien een verschuiving zichtbaar naar jongere leeftijden. Zo wordt vapen al gesignaleerd op basisscholen. Jongeren begeven zich in gemengde leeftijdsgroepen, waardoor ook jongere kinderen snel in aanraking komen met gebruik. Verveling wordt als belangrijke reden genoemd om te beginnen met alcohol of drugs. Opvallend is dat jongeren zelden spreken over experimenteren; zij gebruiken vooral om gevoelens te onderdrukken of om ergens bij te horen. Ouders blijken vaak handelingsverlegen te zijn, ook bij andere opvoedthema’s. Veel professionals geven aan dat juist deze ouders lastig te bereiken zijn met reguliere preventie-aanpakken.

Daarnaast wordt de digitale leefwereld van jongeren vaak onderschat: jongeren ervaren online net zoveel druk en verleiding als in het echte leven. Drugs zijn via sociale media eenvoudig te verkrijgen. Volgens de samenwerkingspartners ligt de sleutel tot effectieve preventie in de omgeving van jongeren. Ouders, sportcoaches, vrijwilligers en scholen spelen een cruciale rol. Er is behoefte aan een cultuuromslag waarbij het gesprek over middelengebruik normaal wordt, net als het stellen van grenzen. Ook wordt gepleit voor inzet van ervaringsdeskundigen, jongeren in herstel of positieve rolmodellen zoals sporters. De inzichten van jongeren zelf, die zijn opgehaald tijdens de pizza-avonden (zie paragraaf 1.6), alsook die van de ouders, worden breed herkend en bevestigd door de professionals.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 14 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 1.9. Evaluatie voorgaand Preventie- en handhavingsplan Op verzoek van de gemeenteraad heeft de Rekenkamer Geertruidenberg in 2024 onderzoek uitgevoerd naar de effectiviteit van het vorige preventie- en handhavingsplan alcohol en drugs. De bevindingen zijn opgenomen in het rapport "Stap uit de roes!" (Rekenkamer Geertruidenberg, 2024). Hoewel de Rekenkamer constateert dat niet alle afspraken en acties uit het plan vanaf 2020 zijn nagekomen, benadrukt het college dat er binnen de mogelijkheden wél degelijk inspanningen zijn geleverd. De uitvoering vond plaats in een uitzonderlijke context: de coronapandemie bracht landelijke beperkingen met zich mee en tegelijk kende de organisatie personele uitdagingen zoals onderbezetting. Ondanks deze omstandigheden is er actief gewerkt aan preventie, samenwerking en signalering. Zo zijn de vaste overleggen met ketenpartners als politie, BOA’s, Halt, Novadic-Kentron, jongerenwerk en het CJG structureel doorgegaan — onder meer in de vorm van het straathoekoverleg en de veiligheidskamer. In deze overleggen is regelmatig gesproken over actuele signalen rondom alcoholen middelengebruik en zijn gerichte acties afgestemd. Ook is er extra geïnvesteerd in het jongerenwerk en zijn er uiteenlopende activiteiten uitgevoerd op het gebied van voorlichting, preventie en handhaving.

Zoals gastlessen binnen het onderwijs en het starten met de nulmeting horecabeleid vanuit de BOA’s. Desondanks waren er ook knelpunten zichtbaar in de uitvoering. Tegelijkertijd erkent het college dat de regie en samenhang in de uitvoering beter hadden gekund. Zo kwam de werkgroep verslavingsbeleid na 2019 niet meer bijeen. Veel acties werden ad hoc uitgevoerd of liepen na een eenmalige inzet af. Preventieve activiteiten bereikten met name de gemakkelijk bereikbare doelgroepen; ouders werden in beperkte mate betrokken. Ook werd het beleid uit het oorspronkelijke plan in de tussenliggende periode niet bijgesteld of geactualiseerd. Een belangrijk aandachtspunt was het ontbreken van structurele monitoring en evaluatie. Hierdoor is het effect van inspanningen onvoldoende in beeld gebracht en was bijsturing nauwelijks mogelijk. De Rekenkamer noemt verder dat de ambitieuze doelstellingen in het vorige plan (zoals “0% middelengebruik onder jongeren”) niet realistisch waren. De aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport vormen een belangrijke bouwsteen voor dit nieuwe plan. We kiezen bewust voor een realistische en integrale aanpak, met duidelijke rolverdeling, inspanningsgerichte doelstellingen en structurele samenwerking met partners. Monitoring en evaluatie zijn daarin vaste onderdelen (zie hoofdstuk 5), zodat voortgang zichtbaar is en bijsturing mogelijk blijft.

Door voort te bouwen op de lessen uit het verleden, leggen we een stevig fundament onder een uitvoerbaar, effectief en gedragen alcohol- en drugsbeleid. 1.10.

Samenvatting probleemanalyse

In Geertruidenberg maken we ons zorgen, net als veel andere gemeenten, over het middelengebruik onder jongeren en jongvolwassenen. Alcoholgebruik onder scholieren is na een eerdere daling landelijk gestagneerd. In onze gemeente ligt het alcoholgebruik boven het regionale gemiddelde. Ook het gebruik van drugs – zoals cannabis, 3MMC en ketamine – lijkt toe te nemen en wordt op steeds jongere leeftijd gesignaleerd. Verveling, groepsdruk en het dempen van stress of negatieve gevoelens worden als de belangrijkste motieven genoemd. Jongvolwassenen drinken gemiddeld vaker, in grotere hoeveelheden en ervaren sociale druk om mee te doen. Eén op de vier jongvolwassenen is een zware drinker. Ouders spelen een bepalende rol: ruim de helft van de jongeren krijgt toestemming of hulp van ouders bij het gebruik van alcohol. De meeste jongeren verkrijgen alcohol via ouders, vrienden of andere volwassenen. Het gebruik van alcohol en (soft)drugs lijkt steeds meer genormaliseerd. Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 15 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 De Rekenkamer concludeerde dat het vorige Preventie- en handhavingsplan ambitieus was, maar dat uitvoering, handhaving en monitoring tekortschoten. Jongeren geven duidelijk aan behoefte te hebben aan meer voorzieningen. Zowel in de openbare ruimte, als aan activiteiten en jongerenwerk. Ook geven ze zelf aan behoefte te hebben aan een bredere aanpak, gericht op steun, vertrouwen en toekomstperspectief. Samenvattend kunnen we stellen dat: • Jongeren op steeds jongere leeftijd beginnen met het gebruiken van alcohol en drugs; • Alcohol- en (soft) drugsgebruik genormaliseerd is en vaak ondersteund wordt door de directe omgeving; • Ouders een bepalende rol spelen, maar ondersteuning missen; • Handhaving nog niet systematisch en zichtbaar is; • én dat jongeren zelf nadrukkelijk vragen om: • meer voorzieningen in de openbare ruimte, • gerichte activiteiten om verveling tegen te gaan, • bredere inzet van jongerenwerk en het jongeren centrum • een bredere aanpak, gericht op vertrouwen, steun en perspectief. Op basis van deze bevindingen is gekozen voor een integrale en uitvoerbare koers zoals beschreven in hoofdstuk 2 en verder.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 16 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 2.

Ambitie en doelstellingen

2.1.

Ambitie

In Geertruidenberg streven we ernaar dat onze jeugd gezond, gelukkig, veilig en kansrijk kan opgroeien. Toch zien we dat dit niet vanzelfsprekend is. Er zijn uitdagingen op het gebied van overgewicht, mentale gezondheid, een gezonde leefomgeving én middelengebruik. Vooral dat laatste baart zorgen: het alcoholgebruik onder jongeren ligt in Geertruidenberg aantoonbaar hoger dan het regionale gemiddelde. Jongeren beginnen relatief vroeg met drinken en doen dat in zorgwekkend grote hoeveelheden. Ook het aantal jonge rokers ligt boven het landelijke gemiddelde. We zien dat roken vaak de opstap is naar wiet/hasj gebruik, wat de drempel verlaagt om andere vormen van drugs te ontdekken. Daarom is het van belang dat we de fysieke én sociale leefomgeving gezonder maken. Alcohol- en drugs horen daar niet bij — in elk geval niet vóór het achttiende levensjaar. De Gezondheidsraad (Gezondheidsraad, 2015) adviseert zelfs aan alle (jong)volwassenen om geen alcohol te drinken of in ieder geval niet meer één standaardglas alcohol per dag2. Een sociale- en fysieke omgeving die gezond gedrag stimuleert, waarin ouders, scholen, verenigingen en verstrekkers samenwerken aan duidelijke normen, is essentieel om deze ambitie te realiseren. Daarom kiezen we in dit plan voor een aanpak die inzet op het versterken van de sociale omgeving rondom jongeren.

Het faciliteren van een fysieke omgeving die uitnodigt tot gezond gedrag én het toezien op een adequate naleving van de Alcoholwet. Deze aanpak is in lijn met artikel 43a van de Alcoholwet, dat gemeenten verplicht om doelstellingen te formuleren in een preventie- en handhavingsplan. De gemeente Geertruidenberg wil het gebruik van alcohol en drugs onder jongeren structureel terugdringen. Daarbij kiezen we voor een realistische, uitvoerbare koers, gebaseerd op inspanningsverplichtingen in plaats van harde resultaatsverplichtingen. Deze lijn sluit aan bij het Nationaal Preventieakkoord. De voornaamste focus van ons beleid is het stimuleren van geen alcohol- en drugsgebruik door jongeren onder de 18 jaar. Door hier stevig op in te zetten, zal dit op termijn zijn vruchten afwerpen op het terugdringen van het overmatig alcoholgebruik door jongvolwassenen vanaf 18 jaar. Bij deze ambities gaat het om het stimuleren van een verandering van houding en gedrag ten aanzien van alcohol en drugs bij jongeren zelf, bij hun ouders en bij hun omgeving. Om deze gedragsverandering te bereiken is een lange adem nodig. Deze algemene beleidsdoelstellingen concretiseren wij hieronder op basis van de probleemanalyse, met aandacht voor gebruik onder jongeren en voor de setting waarin jongeren drinken.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 17 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 2.2. Doelstellingen Zoals ook uit de voortgangsrapportage van het Nationaal Preventieakkoord (2024) blijkt, laten de effecten van preventieve maatregelen zich pas over langere termijn meten. Daarom is er in dit beleidsplan gekozen voor inspanningsverplichtingen en het monitoren van procesindicatoren. Uiteindelijk wordt hiermee daling van de huidige percentages nagestreefd. We zetten de komende jaren in op de volgende drie doelstellingen, waarbij we zo veel mogelijk aansluiten bij de doelstellingen van het Nationaal Preventieakkoord. Doel 1: Daling alcohol- en/of drugsgebruik onder de 18 jaar • Een daling van het percentage jongeren in klas 2 en 4 VO dat recent alcohol heeft gedronken (35% in 2023). • Een daling van het percentage jongeren in klas 2 en 4 VO dat recent heeft gebinged (24% in 2023). • Een daling van het percentage ouders dat onder de 18 jaar een verantwoorde leeftijd vindt voor eerste glas alcohol (53% in 2023). • Een daling van het percentage jongeren in klas 2 en 4 VO dat ooit wiet/hasj heeft gebruikt (8% in 2023). Doel 2: De bewustwording van het eigen gedrag en de effecten daarvan nemen toe • De norm dat middelengebruik onder de achttien jaar onwenselijk is, wordt actief en eenduidig uitgedragen.

• Ouders, opvoeders, professionals en (Maatschappelijke) organisaties zijn zich meer bewust van wat zij kunnen doen om alcohol- en drugsgebruik in de samenleving te helpen verminderen. • Ouders en andere volwassenen met een voorbeeldfunctie zijn zich meer bewust dat hun houding over alcohol en eigen drinkgedrag van invloed is op kinderen en jongeren. Doel 3: De naleving van de leeftijdsgrens onder alcoholverstrekkers neemt toe • Een stijging van het nalevingspercentage van de leeftijdsgrens van alcoholverstrekking (62,6% in 2022) 3. Uitgangspunten van beleid Om deze doelstellingen goed te kunnen volgen maken we gebruik van de gegevens uit de GGD Gezondheidsmonitor Jeugd. Alle regionale GGD’en in Nederland verzamelen de gegevens op dezelfde manier, waardoor cijfers op landelijk, regionaal en lokaal niveau beschikbaar zijn. De digitale vragenlijst wordt op middelbare scholen afgenomen onder tweede- en vierdeklassers van het regulier voortgezet onderwijs. 3.1 Een integrale beleidsvisie als fundament Het Preventie- en Handhavingsplan is gebaseerd op een integrale benadering van alcoholproblematiek. Deze benadering vindt haar basis in de systeemtheorie van Holder (1998). Volgens deze theorie is alcoholgebruik nooit het gevolg van één enkele factor, maar van een dynamisch samenspel tussen de persoon zelf, diens sociale omgeving en het geldende overheidsbeleid.

Effectieve preventie richt zich dus niet alleen op het individu, maar juist op de omgeving waarin die zich bevindt. De omgevingsinvloeden rondom jongeren zijn hierbij van groot belang: denk aan alcoholverstrekkende locaties, de rol van verstrekkers zelf, de invloed van scholen en opvoeders. Het is daarom essentieel dat het gemeentelijk beleid zich richt op die omgevingsfactoren die het gedrag van jongeren beïnvloeden.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 18 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 Deze visie wordt verder onderbouwd door het preventiemodel van Reynolds (2003). Dit model onderscheidt drie samenhangende beleidspijlers: • Educatie – gericht op kennis en bewustwording • Regelgeving – het stellen van duidelijke grenzen • Handhaving – toezien op naleving en consequenties Het succes ligt in de overlap tussen deze pijlers: waar educatie, regelgeving en handhaving samenkomen, ontstaat een krachtig preventief beleid. Dat is precies waar dit plan zich op richt.

Figuur 1: Preventiemodel Reynolds (2003) 3.2 Vroegsignalering Een van de belangrijkste uitgangspunten van dit plan is vroegsignalering. Door beginnende alcoholproblematiek vroegtijdig te herkennen, kunnen we tijdig en effectief ingrijpen. Dit voorkomt zwaardere problematiek op latere leeftijd en verlicht de druk op zorg en ondersteuning. Professionals in zorg, onderwijs en jeugdwerk spelen hierin een cruciale rol. Zij moeten leren signalen te herkennen én weten hoe en waar zij kunnen doorverwijzen. Een goede samenwerking tussen zorgen preventiepartners is hierbij onmisbaar. 3.3 Een integrale aanpak Een samenhangend preventiebeleid beperkt zich niet tot voorlichting of losse acties. Een integrale aanpak combineert educatie met regelgeving en handhaving. Het gaat niet alleen om jongeren informeren over de risico’s van alcoholgebruik, maar ook om het stellen én naleven van duidelijke regels. Dit betekent dat verschillende gemeentelijke afdelingen moeten samenwerken: van handhaving tot jongerenwerk, en van communicatie tot openbare orde. Juist deze interdisciplinaire samenwerking maakt het beleid effectief. 3.4 Niet alleen op de jongeren gericht Effectieve preventie richt zich niet alleen op de jongere zelf, maar ook op diens omgeving.

Onderzoek van het Expertisecentrum Alcohol (2023) laat zien dat strategieën die de sociale en fysieke omgeving beïnvloeden, het meest effectief zijn. Voorbeelden zijn: • Minder gelegenheid tot alcoholgebruik bieden • Alternatieven creëren voor het uitgaansleven • Ouders versterken in hun opvoedrol Door de omgeving minder uitnodigend te maken voor alcoholgebruik, wordt het voor jongeren gemakkelijker om ‘nee’ te zeggen. Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 19 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 3.5 Betrekken van de gemeenschap: community building Om tot duurzame resultaten te komen, is betrokkenheid van de hele gemeenschap noodzakelijk. Ouders, scholen, sportverenigingen, ondernemers én jongeren zelf hebben allemaal een rol in het voorkomen van problematisch alcoholgebruik. Het betrekken van deze partijen bij zowel beleidsontwikkeling als uitvoering is een bewuste keuze. Een goed voorbeeld hiervan is het programma Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO), waarin wordt gewerkt aan het versterken van het mentale welzijn van jongeren én het terugdringen van middelengebruik. Zulke interventies versterken de lokale infrastructuur en zorgen voor langdurige gedragsverandering. 3.6 Van visie naar actie Het uiteindelijke doel van deze beleidspijlers en uitgangspunten is het realiseren van een gezonde leefomgeving waarin jongeren veilig en kansrijk opgroeien. We streven naar: • Daling van alcohol- en drugsgebruik onder de 18 jaar • Verantwoorde verstrekking van alcohol aan en jongvolwassenen • Een cultuur waarin gezondheid, welzijn en gedeelde verantwoordelijkheid centraal staan Door deze uitgangspunten vast te leggen en te verbinden aan concrete acties, ontstaat een stevig fundament voor gemeentelijke samenwerking in de aanpak van alcoholgebruik onder jongeren. 4.

Activiteiten

Dit hoofdstuk bevat de aanpakken en interventies die de gemeente ter beschikking staan om de doelstellingen te realiseren op het gebied van regelgeving (4.1.), toezicht en handhaving (4.2.) en educatie en bewustwording (4.3.). In paragraaf 4.4. is beschreven hoe regelgeving, toezicht en educatie in samenhang ingezet worden om de doelstellingen te behalen. 4.1.

Regelgeving

Het overgrote deel van de regelgeving op het gebied van alcohol is vastgelegd in de Alcoholwet. De Alcoholwet is een volksgezondheidswet met als doel om, met name onder jongeren, gezondheidsschade door alcoholgebruik te voorkomen. Daarnaast stelt de Alcoholwet ook als doel om alcohol gerelateerde verstoringen van de openbare orde terug te dringen. De Alcoholwet geeft invulling aan beide doelstellingen door onder andere beperkingen te stellen aan de beschikbaarheid van alcohol. Zo mag er bijvoorbeeld niet worden verstrekt aan een jongere als niet is vastgesteld dat hij of zij 18 jaar of ouder is en de aanwezigheid van dronken personen is niet toegestaan in een horecagelegenheid of slijterij. Daarnaast sluit de wet ook bepaalde verkooppunten uit van het schenken en/of verstrekken van alcohol voor elders dan ter plaatse en is prijsstunten door de detailhandel aan banden gelegd. Deze bepalingen vormen samen de preventieve kern van de Alcoholwet. Aanvullend op deze bepalingen kent de Alcoholwet een aantal verordenende bevoegdheden en heeft de burgemeester aanvullende mogelijkheden om de beschikbaarheid van alcohol te beperken.

Versie 0.2 mei 2025 - pagina - 20 - van 36

Concept Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Drugs 2025-2028 Binnen de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) zijn de al volgende, aanvullende maatregelen opgenomen: • Beperken van happy hours • Voorwaarden aan alcoholverstrekking tijdens evenementen • Beperken van schenktijden paracommercie • Beperken alcoholverkoop in overlastgebied Beperken happy hours Met deze bevoegdheid kunnen de meest excessieve acties (meer dan 40% korting op alcohol) worden verboden. Onderzoek (Meier e.a., 2008) laat zien dat de prijs van alcohol een belangrijke voorspeller is voor gebruik en dat met prijsinterventies gebruik kan worden beïnvloed. Het verhogen van alcoholprijzen heeft specifiek impact op mensen die veel alcohol consumeren. De gemeente heeft daarom de volgende bepaling vastgelegd in artikel 2:34C van de APV: Het is verboden in een horecalokaliteit of op een terras bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank te verstrekken voor gebruik ter plaatse tegen een prijs die voor een periode van 24 uur of korter lager is dan 60% van de prijs die daar gewoonlijk wordt gevraagd. Voorwaarden aan alcoholverstrekking tijdens aan evenementen Artikel 35 lid 2 van de Alcoholwet biedt burgemeesters de mogelijkheid om voorwaarden te stellen aan het verlenen van een ontheffing ten tijde van bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard, zoals evenementen en buurtfeesten.

Er kunnen bijvoorbeeld voorwaarden worden gesteld aan de manier waarop de verantwoorde verstrekking wordt ingericht. Op evenementen is de naleving van zowel de leeftijdsgrens als dronkenschap vaak ingewikkelder dan in de horeca. Factoren als schaalgrootte, tijdelijke personeelskrachten en het gebrek aan een structurele controlesystematiek bemoeilijken de naleving van de wetgeving. In nieuw te ontwikkelen evenementenbeleid kan de gemeente vaststellen dat organisatoren bij de aanvraag van een ontheffing een ‘alcoholmodule’ opnemen. In een dergelijke alcoholmodule dienen aanvragers te omschrijven hoe de verantwoorde verstrekking van alcohol is geborgd, met specifiek aandacht voor de naleving van de leeftijdsgrens, wederverstrekking en het voorkomen van dronkenschap. De burgemeester kan de alcoholmodule toetsen en ziet toe op de uitvoering van het gepresenteerde plan. Tijdens de evaluatie van het evenement kan worden geëvalueerd in hoeverre het gewenste effect is bereikt Beperken van schenktijden paracommercie In de APV zijn regels gesteld waaraan paracommerciële rechtspersonen zich moeten houden bij de verstrekking van alcoholhoudende drank. Ook het vastleggen van de schenktijden in de paracommercie is één van deze verplichte regels.

Onderzoek laat zien dat het beperken van schenktijden de alcoholconsumptie en daaraan gerelateerde gezondheidsschade en verstoringen voor de openbare orde vermindert (Babor e.a., 2010). Daarnaast is het niet wenselijk dat jeugd tijdens sportieve, culturele of andere activiteiten geconfronteerd wordt met (overmatig) alcoholgebruik van volwassenen. Wan ander onderzoek laat onderzoek zien dat zien drinken, doet drinken (Smit e.a., 2020). De gemeente heeft daarom in artikel 2:34A van de APV de volgende, beperkte schenktijden vastgelegd voor paracommerciële instellingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Geertruidenberg&id=283d10da-9c01-4fd9-8a8a-dfc554d8833e