Bijlage 1 Omgevingseffectrapport Geertruidenberg definitief OER rev.01.docx
Tekst van het document
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg
projectnummer 452348.100 definitief OER rev.01 22 maart 2021
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg
projectnummer 452348.100 definitief OER rev.01 22 maart 2021
Auteurs W.J. (Wendy) Daggenvoorde R.J. (Rick) Last J.J. (Just) Verhoeven
Opdrachtgever gemeente Geertruidenberg Vrijheidstraat 2 4941 DX Raamdonksveer
datum vrijgave 22-03-2021
beschrijving revisie definitief OER rev.01
goedkeuring J.J. Verhoeven, MSc
II
vrijgave drs. T. Artz
Samenvatting Aanleiding en doel Aanpak van het OER Resultaten
III III VII
Aanleiding en doel De gemeente Geertruidenberg is bezig met het opstellen van een omgevingsvisie. De omgevingsvisie schetst op hoofdlijnen het beleid ten aanzien van de fysieke leefomgeving en bepaald dus de koers van de gemeente. Omdat de omgevingsvisie kaderstellend is voor toekomstige ontwikkelingen in de gemeente Geertruidenberg moet de milieueffectrapportage (m.e.r.) worden doorlopen. Als onderdeel van deze procedure is een Omgevingseffectrapport (OER) opgesteld. Het OER heeft als doel om het omgevingsbelang mee te wegen bij de besluitvorming rondom de omgevingsvisie. Dit is tweedelig. Ten eerste zijn de verschillende botsproeven beoordeeld op de impact op de leefomgeving. Deze effectbeoordelingen zijn gebruikt bij het maken van keuzes voor de omgevingsvisie. Zo heeft het omgevingsbelang een nadrukkelijke rol gespeeld in de besluitvorming. Het tweede onderdeel van het OER is de beoordeling van keuzes die uiteindelijk gemaakt zijn, zodat een integrale en consistente omgevingsvisie ontstaat.
Aanpak van het OER Leefomgevingsfoto Om de gevolgen voor de omgeving te kunnen onderzoeken wordt gebruik gemaakt van een referentiesituatie. De referentiesituatie is de toekomstige situatie in de gemeente Geertruidenberg wanneer het bestaande beleid (dus zonder de keuzes die in de omgevingsvisie worden gemaakt) wordt voortgezet. Ook autonome trends en ontwikkelingen die al in gang zijn gezet, horen bij de referentiesituatie. De referentiesituatie is voor de gemeenten Drimmelen, Altena en Geertruidenberg beschreven aan de hand van een online leefomgevingsfoto. Deze bevat kaarten en toelichtingen voor alle relevante thema’s en heeft voor het OER gediend als naslagwerk om beoordelingen te concretiseren. De leefomgevingsfoto is online te raadplegen via https://leefomgevingsfoto.anteagroup.nl/dag-gemeenten/. De leefomgevingsfoto is niet alleen gebruikt als referentiesituatie voor de beoordelingen in het OER, maar heeft ook een rol gespeeld bij het maken van keuzes voor de omgevingsvisie. In de keuzesessie met de gemeenteraad zijn kaartbeelden gebruikt voor de beeldvorming van raadsleden en het onderbouwen van beleidsopties. Tot slot is in de omgevingsvisie per deelgebied een omschrijving van de huidige situatie met kansen, risico’s en aandachtspunten opgenomen. De leefomgevingsfoto heeft hiervoor als basis gediend.
De botsproeven Ten behoeve van de omgevingsvisie is informatie opgehaald is door middel van participatie, de beleidsanalyse en de leefomgevingsfoto. Uit deze informatieverzameling is gebleken dat niet alle wensen en belangen tegelijkertijd te verwezenlijken zijn. Er dienen nadere keuzes gemaakt te worden. Deze keuzes zijn in het OER vormgegeven als botsproeven en gekoppeld aan een van de
III
deelgebieden in de gemeente Geertruidenberg. In het OER zijn 14 botsproeven opgenomen. Elke botsproef bestaat uit twee of drie alternatieven. In het OER is elk alternatief beoordeeld op de gevolgen voor de leefomgeving. De impact van het alternatief is beoordeeld op vier domeinen. Dit betreffen de domeinen gezondheid en veiligheid, omgevingskwaliteit, leefbaarheid en duurzaamheid. Gezamenlijk omvatten de domeinen de gehele fysieke leefomgeving. De beoordeling op domeinen leidt per alternatief tot een dashboard, waarmee in één oog opslag de impact op de leefomgeving inzichtelijk wordt. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de deelgebieden, botsproeven en alternatieven. In de dashboards is steeds dezelfde volgorde van de domeinen aangehouden: gezondheid & veiligheid, omgevingskwaliteit, leefbaarheid en duurzaamheid. Deelgebied Buitengebied
Bedrijventerr einen
Botsproef Alternatieven 1. Mogelijkheid tot flexibiliteit in het buitengebied
2.
Ruimte voor energieopwekking in het buitengebied
3.
Mogelijkheden voor verduurzaming voor bedrijven
4.
Multimodale bereikbaarheid
IV
Amergebied
5.
Locatie Heulweg
6.
Locatie Omschoorweg
7.
Locatie Rivierkade
8.
Keuzes maken in toekomstperspectieven
V
Centra
9.
Autobereikbaarheid van de centra
10. Levendigheid in de centra
Kernen
11. Energieopwekking in de kernen
12. Groen in de kernen
Gehele gemeente
13. Een gezonde leefomgeving
VI
14. Ruimte voor evenementen
Resultaten De botsproeven zijn met de beoordeling op de vier domeinen voorgelegd aan de gemeenteraad van Geertruidenberg op 22 juni 2020. Deze beoordelingen hebben samen met de input uit het participatieproces, de beleidsinventarisatie en de leefomgevingsfoto geleid tot strategische keuzes voor de omgevingsvisie. Vervolgens is in het OER onderzocht of de gemaakte keuzes voldoende bijdragen aan de opgaven waar de gemeente Geertruidenberg voor staat en of de keuzes in samenhang zijn met elkaar. De aanbevelingen die hieruit voortgekomen zijn, zijn verwerkt in de omgevingsvisie. Tot slot zijn in het OER de effecten van de gehele omgevingsvisie op de leefomgeving beschouwd. Hierbij zijn aanbevelingen meegegeven voor monitoring. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de keuzes die gemaakt zijn door de gemeenteraad van de gemeente Geertruidenberg. Deelgebied
Gemaakte keuze
Buitengebied
1. Er is gekozen voor meer flexibiliteit in het buitengebied. In het buitengebied worden nieuwe functies in beperkte mate toegevoegd. Zo wordt er, op uitzondering van enkele aangewezen voorkeurslocaties, geen ruimte geboden voor zonnevelden in het buitengebied. Vrijgekomen agrarische bebouwing (VAB) is wel geschikt voor nieuwe functies, zoals een woonbestemming. Dit betreffen ontwikkelingen op bestaande erven. 2. Er zijn enkele voorkeurslocaties aangewezen voor zonne-energie. Op de eerste plaats wordt ruimte gezocht in het Amergebied, daarna op de landerijen RWE. Als daar geen zonne-energie gerealiseerd kan worden, wordt gekeken naar aansluiting op het geplande zonnepark van gemeente de Oosterhout.
Bedrijventerrei 3. Bedrijven krijgen meer ruimte om duurzaamheidsmaatregelen te nemen in hun eigen bedrijf en op eigen terrein, maar hierbij wordt niet onbeperkt ruimte geboden. De nen duurzaamheidsinitiatieven moeten ruimtelijk/landschappelijk inpasbaar zijn om overlast te voorkomen. 4. De gemeente Geertruidenberg investeert in een goede bereikbaarheid van haar bedrijventerreinen met OV, fiets en te voet. Daarbij blijft ook goede bereikbaarheid voor auto en vrachtverkeer geborgd. Nieuwe OV-voorzieningen moeten wel rendabel zijn. Voor het bedrijventerrein Dombosch wordt bijvoorbeeld verwacht dat nieuwe OV-voorzieningen niet rendabel zijn voor het aantal passagiers dat ervan gebruik zal maken. Hier zijn combinaties van vervoerswijzen mogelijk, bijvoorbeeld het realiseren van een OV-fietssysteem.
VII
5. De Heulweg blijft zo lang mogelijk behouden als groene agrarische zone. Wel blijft de mogelijkheid open om de locatie in te zetten voor de opwekking van duurzame energie indien dit gecombineerd wordt met groen. Er wordt ruimte geboden aan één of twee bedrijven om uit te breiden. Voor deze uitbreidingen moeten randvoorwaarden opgenomen worden in het omgevingsplan. 6. De locatie Omschoorweg blijft aangemerkt als ontwikkellocatie voor woningbouw. De verantwoordelijkheid voor het creëren van een gezonde leefomgeving wordt bij de ontwikkelaar gelegd. 7. De Rivierkade wordt (deels) getransformeerd naar een aantrekkelijk gebied voor recreatie met meer groen, waarbij de watergebonden bedrijvigheid behouden blijft. Indien er ruimte beschikbaar komt aan de Rivierkade pakt de gemeente deze kans om de transformatie van het gebied in gang te zetten. Een deel van de Rivierkade valt al onder het Programma Donge Oevers Amergebied
8. Voor het Amergebied is gekozen voor het scenario vervlechting. Dit betekent dat ingezet wordt op maximale kleinschaligheid en gemengde milieus. Het Amergebied ontwikkelt zich op de lang termijn tot een veelzijdig landschap van recreatieve routes, nieuwe natuurontwikkelingen en diverse technieken voor opwekking van hernieuwbare energie. Het ademt innovatie en duurzaamheid en wordt toegankelijk voor eenieder.
Centra
9. Voetgangers en fietsers worden nog beter gefaciliteerd in het centrum van Geertruidenberg en Raamsdonksveer. Raamsdonksveer behoudt als voorzieningen centrum een goede bereikbaarheid voor de auto. Deze bereikbaarheid voor de auto is minder van belang voor het historisch centrum van Geertruidenberg. 10. Er wordt werk gemaakt van de ambitie voor meer levendigheid in het centrum van Geertruidenberg, ook als dit meer hinder door geluid geeft. De levendigheid heeft betrekking op zowel evenementen als bedrijvigheid, zoals de horeca.
Kernen
11. De gemeente pakt een stimulerende/faciliterende rol bij initiatieven vanuit inwoners om hun eigen woning te verduurzamen. Er is hiervoor al een stimuleringsregeling. 12. In het omgevingsplan wordt een richtlijn opgenomen voor een minimum m2 groen per woning in de wijken. Dit heeft betrekking op zowel bestaande als nieuwe woonwijken. In het huidige woningbouwprogramma zijn alleen locaties binnen het stedelijk gebied opgenomen.
Gehele gemeente
13. De gemeente toont ambitie op het gebied van de gezonde leefomgeving en gaat maatregelen treffen om overal onder de wettelijke normen te komen. Hierbij worden geen normen vastgesteld die strenger zijn dan de wettelijke norm. 14. De gemeente geeft evenementen de ruimte (binnen de kaders) om levendigheid en woongenot te versterken. Kaders worden geen maximum, maar bijvoorbeeld een maximum aantal bezoekers en maximaal geluidsniveau.
Keuzes in relatie tot de Regionale Energiestrategie (RES) Uit de concept-RES van de regio West-Brabant volgt voor de gemeente Geertruidenberg een opgave van 24 hectare zonneveld. Om tot zoekgebieden voor deze opgave te komen zijn verschillende gebieden afgewogen. Voor elk gebied is, aanvullend aan het RES-proces, een impactbeoordeling opgesteld om inzichtelijk te maken wat de impact van een zonneveld is op het betreffende gebied. De resultaten van deze impactbeoordeling zijn hieronder weergegeven. Zoekgebied zonne-energie
Beoordeling
VIII
Amergebied
Landerijen RWE
Aansluiting op zonnepark gemeente Oosterhout
Agrarisch gebied met open landschap
Agrarisch gebied met waarden
De impactbeoordeling en het RES-proces hebben geleid tot drie zoekgebieden. De agrarische gebieden (zowel het open landschap als de gebieden met waarden) zijn middels de omgevingsvisie uitgesloten van zonnevelden. Daarmee gaat het agrarische karakter van het gebied niet verloren en kunnen de landschappelijke en cultuurhistorische waarden behouden blijven. Beoordeling van de omgevingsvisie als geheel Gezondheid en veiligheid Er wordt in de gemeente Geertruidenberg ingezet de mobiliteitstransitie. Hiermee wordt beweging gestimuleerd (wandelen en fietsen). Specifiek voor de Omschoorweg ligt een kans om een nieuwe verbinding aan te leggen door middel van het Halve Zolenpad, en daarmee beweging te stimuleren. Daarnaast leiden de investeringen in de gemeente tot minder autoverkeer en daarmee minder belasting op het milieu door bijvoorbeeld geluid en luchtkwaliteit. In het kader van de ambitie om een gezond leefklimaat te creëren kan de overlast van het autoverkeer verder beperkt worden, bijvoorbeeld door het aanleggen van geluiddempend asfalt. Er wordt in de gemeente ook ingezet op de vergroening van de bebouwde gebieden. De vergroening van woonwijken stimuleert beweging en zorgt voor een afname van gezondheidsrisico’s door hittestress.
De mobiliteitstransitie en het vergroenen van de kernen draagt zeker bij aan een gezondere leefomgeving, maar grote veranderingen met betrekking tot de geluidbelasting en de luchtkwaliteit worden niet verwacht.
IX
In de gemeente Geertruidenberg wordt ook ingezet op levendigheid. Dit kan leiden tot meer (geluid)overlast. Daarom kan gemonitord worden hoeveel evenementen georganiseerd worden en welke mate van overlast als ongewenst wordt beschouwd. Doordat de Heulweg behouden blijft als reserve bedrijventerrein kunnen bedrijven verplaatst worden van andere locaties in de gemeente naar de Heulweg. Hiermee kunnen milieutechnische knelpunten in de gemeente verbeterd worden en kunnen positieve effecten op het domein gezondheid en veiligheid ontstaan. De transformatie van de Rivierkade draagt ook bij aan gezondheid en veiligheid. Enkele milieubelastende bedrijven die in dit gebied te vinden zijn worden verplaatst. Het gebied wordt ingericht met groen en recreatie. Hiermee ontstaan positieve effecten omdat de milieubelasting wordt beperkt en gezond gedrag wordt gestimuleerd. Tot slot is een keuze gemaakt voor het Amergebied. De keuze voor vervlechting gaat gepaard met gezondheidsrisico’s doordat woningbouw wordt toegestaan in een gebied met zware milieubelasting. Er wordt geadviseerd de woningen zoveel mogelijk te plaatsen, al dan niet met mitigerende maatregelen, in de relatief gezonde delen van het Amergebied. Omgevingskwaliteit De inzet op vergroening van de kernen zorgt voor een betere infiltratie in de bodem en verkleint daarmee het risico op wateroverlast.
Daarnaast zorgt deze vergroening ook voor positieve effecten op de biodiversiteit. De biodiversiteit krijgt niet alleen kansen in de bestaande bebouwde gebieden. De toegestane flexibiliteit kan ook bijdragen aan de biodiversiteit omdat landbouwbedrijven meer mogelijkheden krijgen om nevenactiviteiten op te zetten en daarmee hun agrarische werkzaamheden kunnen extensiveren. De transformatie van de Rivierkade draagt ook bij aan deze vergroening. Zo ontstaat er meer gebruiksgroen binnen de kern van Geertruidenberg. Ook aan de Omschoorweg bestaan kansen om het gebruiksgroen te verbeteren. Daarnaast draagt de transformatie van de Rivierkade bij aan het aan de cultuurhistorische kwaliteiten van Geertruidenberg omdat het aangezicht van het historisch centrum beter tot uiting komt. Vanuit de RES staat de gemeente Geertruidenberg voor een energieopgave van 24 hectare zonneveld. Enerzijds leidt de realisatie van een zonneveld tot risico’s voor de landschappelijke waarden, anderzijds bestaan er juist kansen om energieopwekking te koppelen met natuurontwikkeling en recreatie. De effecten van energieopwekking binnen de kernen is afhankelijk van het type opwekking. Wanneer (kleinschalige) windturbines mogelijk worden gemaakt of zonnepanelen op cultuurhistorische gebouwen worden geplaatst ontstaan nadelige effecten op de omgevingskwaliteit.
Doordat de Heulweg zo lang mogelijk een groene agrarische zone. De landschappelijke agrarische waarde en de biodiversiteiten met de bosschages in het gebied blijven daarmee behouden. Indien een zonneveld op deze locatie wordt gerealiseerd bestaan, net als in het Amergebied, kansen om dit de combineren met natuurontwikkeling. Tot slot is er een passende beoordeling opgesteld om te onderzoeken wat de effecten van de omgevingsvisie op de omliggende Natura 2000-gebieden zijn. Hieruit blijkt niet dat onderdelen van
X
de omgevingsvisie niet uitvoerbaar zijn en dat in de omgevingsvisie al passende maatregelen getroffen moeten worden. Wel zijn er beleidskeuzes die een groter risico op significante gevolgen en een verhoging van de milieudruk met zich meebrengen en waar in de vervolgbesluiten aandacht voor nodig is, omdat bijvoorbeeld mitigerende en/of compenserende maatregelen getroffen moeten worden. De stikstofeffecten van alle ontwikkelingen die mogelijk gemaakt worden met de omgevingsvisie (het cumulatieve effect) zijn lastig te voorspellen. Er wordt daarom geadviseerd om deze cumulatieve effecten te monitoren. Leefbaarheid De mogelijkheden om te verduurzamen voor zowel in de landbouwsector als op bedrijventerreinen leiden tot positieve effecten op de economie en werkgelegenheid. Bedrijven kunnen immers hun eigen (financiële) afwegingen maken, wat gunstig is voor de bedrijfsvoering. De keuzes voor de Omschoorweg en met name het Amergebied kan een significante bijdrage geleverd worden aan de woningbouwopgave. Deze gebieden bieden mogelijkheden om de woningvoorraad passend te maken naar de vraag binnen de gemeente. Hiermee ontstaan positieve effecten op het domein leefbaarheid. De transformatie van de Rivierkade leidt ertoe dat bestaande (watergebonden) bedrijvigheid verplaatst moet worden.
Met de keuze voor het Amergebied is er mogelijk te weinig ruimte binnen de gemeente beschikbaar voor deze bedrijven. Er bestaat daarom de kans dat deze bedrijven uit de gemeente wegtrekken, met negatieve effecten voor de werkgelegenheid als gevolg. Het mogelijk maken van watergebonden bedrijvigheid in het Amergebied is dan ook aan te raden. Het weren van auto’s in de centra leidt tot meer ruimte voor groen en levendigheid in de openbare ruimte, maar stimuleert ook ontmoetingen en de sociale inclusiviteit. Alternatieve vervoerswijzen, zoals het OV, fietsen en wandelen, dienen gefaciliteerd te worden om de bereikbaarheid van deze gebieden te waarborgen. Duurzaamheid De opgave uit de RES (24 hectare zonneveld) heeft nog niet de milieueffectrapportage doorlopen. Daarom is in het OER deze opgave nadrukkelijk meegenomen en zijn verschillende locaties afgewogen waar deze opgave gerealiseerd kan worden, zoals het buitengebied, de Heulweg, de kernen en het Amergebied. De gemaakte locatiekeuzes biedt voldoende ruimte voor 24 hectare zonneveld, maar het is nog onzeker of de ambitie om energieneutraal te worden behaald kan worden. Monitoring speelt een belangrijke rol bij het inzichtelijk maken of de doelstellingen gehaald worden. Een belangrijk aandachtspunt is echter wel de capaciteit van het elektriciteitsnetwerk.
Het toestaan van flexibiliteit in het buitengebied draagt bij aan verduurzaming van de leefomgeving. De verbreding in de landbouwsector biedt kansen voor de transitie naar kringlooplandbouw, het versterken van landschappelijke en natuurwaarden en het extensiever gebruik van de grond. Deze kansen kunnen benut worden als voorwaarden gesteld worden aan de ontwikkelruimte voor de landbouw. Tot slot leidt het weren van autoverkeer in de centra en het stimuleren verkeersbewegingen met het OV, de fiets en te voet tot positieve effecten op duurzaamheid. Een afname van het autogebruik leidt tot minder CO2-uitstoot. Daarnaast zijn de centra multifunctioneel in gebruik met groen, ontmoetingsplaatsen en bestaande functies zoals winkels en horeca. Hiermee wordt duurzaam ruimtegebruik in de hand gespeeld.
XI
Monitoring De volgende opgaven en ambities kennen onzekere factoren en uitkomsten, waarmee door monitoring, evaluatie en bijsturing passend kan worden omgegaan. • Energieopgave. De voortgang van plannen, de aanleg van (hectaren) zonnevelden en de totale opwek van duurzame energie zijn belangrijke parameters om te bepalen of de energiedoelstellingen worden behaald. • Vergroening. Het percentage verharding en percentage groen per buurt kunnen gemonitord worden. De monitoring maakt inzichtelijk waar de knelpunten in de gemeente liggen, waar de gemeente specifiek op kan inzetten. Daarnaast wordt door middel van monitoring bijgehouden of de vergroeningsdoelstelling ook daadwerkelijk wordt gehaald in de praktijk. • De ambitie om evenementen meer ruimte te geven. Door de vinger aan de pols te houden op de locatie en het aantal en type evenementen dat wordt georganiseerd en de hinderbeleving die daaruit voort komt, kan een beter beeld gevormd worden van wat een acceptabele mate van hinder is. Deze informatie kan worden gebruikt om te sturen in de evenementenprogrammering. • De beschikbare ruimte op en behoefte aan bedrijventerreinen. Is er vraag naar een extra bedrijventerrein of is er voldoende ruimte op bestaande bedrijventerreinen. Dit is met name relevant voor de keuzes voor de Rivierkade en het Amergebied.
Ook het type bedrijfslocatie waaraan behoefte is, is bepalend voor de kansrijkheid van nieuwe ontwikkelingen. • Het is nog onduidelijk hoe de verduurzaming van bedrijventerreinen en in de kernen eruit gaat zien. Welke initiatieven worden opgepakt en in welke mate dragen deze initiatieven bij aan de gewenste verduurzaming? • Flexibiliteit in het buitengebied. Welke initiatieven worden in het kader van flexibiliteit genomen? In welke mate dragen deze initiatieven in het buitengebied bij aan de doelstellingen en ambities, zoals de woningbouwopgave? Om verrommeling en kwaliteitsverlies tijdig tegen te kunnen gaan is een goede evaluatie van de uitwerking van het beleid in het buitengebied belangrijk. • De cumulatieve effecten van stikstof op Natura 2000-gebieden. Het cumulatieve effect van alle ontwikkelingen die met de omgevingsvisie mogelijk gemaakt worden is nog lastig te voorspellen omdat de ontwikkelingen nog niet concreet uitgewerkt zijn. Daarom wordt geadviseerd om deze effecten bij de nadere uitwerking van de omgevingsvisie te monitoren, bijvoorbeeld door een Programma Stikstof.
XII
Inhoudsopgave
Blz.
Samenvatting
III
Aanleiding en doel Aanpak van het OER Resultaten VII
III III
1
Inleiding
1
Aanleiding Proces naar de omgevingsvisie M.e.r.-plicht Doel van het OER Passende beoordeling Leeswijzer
1 2 4 4 4 5
De botsproeven
6
Beschrijving deelgebieden Totstandkoming van de botsproeven Beschrijving van de botsproeven
6 7 8
2
3
4
5
6
7 8
9
10
Aanpak van het OER
10
Referentiesituatie Opbouw van de beoordeling Het beoordelingskader
10 10 11
Buitengebied
14
Mogelijkheid tot flexibiliteit in het buitengebied Ruimte voor energieopwekking in het buitengebied
14 17
Bedrijventerreinen
21
Mogelijkheden voor verduurzaming voor bedrijven Multimodale bereikbaarheid Locatie Heulweg Locatie Omschoorweg Locatie Rivierkade
21 23 27 31 37
Het Amergebied
40
Keuzes maken in toekomstperspectieven
40
Centra
45
Autobereikbaarheid van de centra Levendigheid in de centra
45 47
Kernen
50
Energieopwekking in de kernen Groen in de kernen
50 52
Gemeente Geertruidenberg als geheel
56
Een gezonde leefomgeving Ruimte voor evenementen
56 59
De keuzes
62
De gemaakte keuzes
62
Samenhang van de keuzes De keuzes in relatie tot de RES
11
65 69
De omgevingsvisie als geheel
76
Ambities Effecten van de omgevingsvisie Monitoring Wisselwerking tussen OER en omgevingsvisie Conclusie
76 76 81 82 83
Bijlage 1: Passende beoordeling Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
1
Inleiding Aanleiding De Omgevingswet komt eraan. Met deze nieuwe wet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ordening vereenvoudigen en samenvoegen. Een van de instrumenten van deze nieuwe wet is de omgevingsvisie, de vervanger van de structuurvisie(s). In de omgevingsvisie schetst de overheid het beleid voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Onderwerpen zoals natuur, water, verkeer en economie komen in de omgevingsvisie terug. De gemeente Geertruidenberg (zie figuur 1.1) is bezig met het opstellen van de omgevingsvisie. De omgevingsvisie schetst op hoofdlijnen het beleid ten aanzien van de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie is geen blauwdruk voor de toekomst, maar bepaalt wel de koers. Hiermee stelt de gemeente kaders voor toekomstige ontwikkelingen. De gemeente wil bij het opstellen van deze kaders de belangen van de fysieke leefomgeving mee laten wegen. Hiervoor is het voorliggend Omgevingseffectrapport opgesteld. In dit rapport zijn de te maken keuzes voor de omgevingsvisie beoordeeld op de impact op de fysieke leefomgeving.
Omgevingseffectrapport
Figuur 1.1 De ligging van de gemeente Geertruidenberg
Blad 1 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
Proces naar de omgevingsvisie Bij het opstellen van de omgevingsvisie hebben bewoners, bedrijven en andere partijen kunnen meedenken over de inhoud van de visie. Hieronder is beschreven hoe het participatieproces is ingestoken. Voorbereiding Ter voorbereiding van het participatieproces is geïnventariseerd wat er op dit moment in de gemeente Geertruidenberg speelt. Vragen die hierbij centraal hebben gestaan zijn onder andere: Wat zijn de kwaliteiten? Welk beleid kent de gemeente? Welke nieuwe ontwikkelingen zijn in de gemeente te verwachten? De belangrijkste opgaven voor de gemeente Geertruidenberg zijn hiermee in beeld gebracht. VisieCafés Deze opgaven voor de gemeente Geertruidenberg zijn aan de hand van VisieCafés verder vormgegeven in het najaar van 2019. Inwoners, bedrijven en organisaties hebben meegedacht over hoe de gemeente de komende twintig jaar verandert en wat dat betekent voor de omgeving. Hierbij stonden de vragen centraal zoals: Hoe ziet u de toekomst van de gemeente? Wat vindt u belangrijk voor de gemeente, uw wijk en uw omgeving? Klankbordgroep Naast deze VisieCafés hebben ook de buurgemeenten, het waterschap en andere betrokken partijen meegedacht in het proces door middel van een klankbordgroep. De gemeente Geertruidenberg was hier zelf ook bij aanwezig.
Tijdens de bijeenkomst met de klankbordgroep werd aan de aanwezige partijen gevraagd hoe zij om willen gaan met ontwikkelingen die spelen in het gebied waar zij wonen of bij de onderwerpen waar zij zich mee bezig houden. SlotCafé In januari 2020 vond het SlotCafé plaats. Dit SlotCafé was het vervolg van de VisieCafés. Inwoners, bedrijven en organisaties zijn, met de resultaten van de VisieCafés in het achterhoofd, weer met elkaar in gesprek gegaan over de toekomst van de gemeente. Welke onderwerpen vinden we nu echt belangrijk, waar moeten we mee aan de slag en wat zijn de voor- en nadelen van deze maatregelen? Als belangen botsen, welke keuzes maken we dan? De opbrengsten van het SlotCafé hebben de input gevormd voor verdere besluitvorming. Besluitvorming en zienswijzen Niet alle informatie die in het participatieproces is verzameld gaat goed met elkaar samen. Op basis van de input van de VisieCafés, klankbordgroep en het SlotCafé zijn deze botsingen inzichtelijk gemaakt. Dit betreffen de 14 botsproeven die in het OER beoordeeld zijn. Deze botsproeven zijn samen met de impactbeoordeling uit het OER aan de gemeenteraad voorgelegd. In de gemeenteraad zijn keuzes gemaakt over hoe omgegaan wordt met deze botsingen. Met het maken van deze keuzes, heeft de gemeenteraad de ambities vastgesteld voor de ontwerp-omgevingsvisie.
Deze is vervolgens parallel aan het opstellen van het OER uitgewerkt, zodanig dat de informatie uit het OER direct kon worden gebruikt om de omgevingsvisie aan te scherpen. De ontwerpomgevingsvisie komt samen met het OER ter inzage te liggen, waarbij iedereen in staat
Blad 2 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
wordt gesteld zienswijzen in te dienen. De ontwerp-omgevingsvisie en het ontwerp-OER hebben vanaf 16 december 2020, gedurende 6 weken, ter inzage gelegen. Advies commissie m.e.r. Het OER is voorgelegd aan de commissie m.e.r. en de commissie heeft een advies uitgebracht. Hierin geeft zij aan dat de effectbeoordeling in het OER compact en overzichtelijk is. Het OER is daarmee zinvol voor het bestuurlijke proces dat is doorlopen. De vereenvoudiging van dilemma’s en de effectbeoordeling geeft de politiek en burgers snel inzicht in de consequenties van de te maken keuzes. De commissie heeft echter ook een aantal tekortkomingen gesignaleerd. Ten eerste ontbreekt een duidelijke en volledige analyse van de leefomgevingsfoto, waardoor inzicht in de huidige knelpunten mist. Ten tweede is de effectbeoordeling niet navolgbaar. Tot slot zijn de keuzes voor de energietransitie onvoldoende onderbouwd. Voor de keuzes die uit de RES volgen dient het milieubelang alsnog inzichtelijk gemaakt te worden. Op basis van dit advies is het OER aangepast op de volgende punten: 1. Als inleiding op de botsproeven is beschreven hoe deze tot stand zijn gekomen. Daarbij is ook landelijk en provinciaal beleid betrokken. 2. In het OER is per botsproef een beknopte omschrijving van de referentiesituatie toegevoegd.
Deze referentiesituatie is gebaseerd op het huidige beleid, de leefomgevingsfoto en de trends en ontwikkelingen. Deze informatie was per botsproef al beschreven op de keuzebladen, maar dit is ook aan het OER toegevoegd. Hiermee is inzichtelijk gemaakt welke knelpunten er op dit moment zijn en op welke beleidsonderdelen interventies nodig zijn. 3. In het OER is per botsproef toegelicht hoe de uiteindelijke keuze tot stand is gekomen. Bijvoorbeeld doordat deze keuze naar voren kwam in het participatieproces of dat een bepaald omgevingsaspect doorslaggevend was. Door informatie over dit proces aan het OER toe te voegen is de navolgbaarheid verbeterd en is verduidelijkt hoe het omgevingsbelang is meegewogen bij de keuzes. 4. De wisselwerking tussen het OER en de visie is nader toegelicht. De vraag die hierbij centraal staat is: welke adviezen uit het OER zijn overgenomen in de omgevingsvisie en hoe heeft dit vorm gekregen? Daarnaast is in het OER een overzicht opgenomen waaruit blijkt welk beleid met de omgevingsvisie wordt voortgezet. Hiermee ontstaat niet alleen inzicht in de nieuwe keuzes maar is duidelijk wat het totale pakket aan keuzes is dat in de omgevingsvisie is genoemd. 5. Om de energieopgave in te vullen is gekozen voor zonneparken, op basis van de opgave vanuit de RES. In het OER is beter inzichtelijk gemaakt hoe deze keuze tot stand gekomen is.
Daarnaast is per beoogde locatie voor een zonnepark toegelicht wat de belangrijkste omgevingsaspecten zijn en hoe de komst van een zonnepark het gebied kan beïnvloeden. Daarmee is het milieubelang expliciet meegenomen. 6. In de omgevingsvisie worden verschillende keuzes gemaakt op een hoog abstractieniveau. Het is daarom lastig om de cumulatieve effecten van stikstof te beschouwen. Dat neemt niet weg dat dit cumulatieve effect geagendeerd moet worden. In het OER is hierover een alinea toegevoegd. De gemeente kan dit in een later stadium uitwerken, bijvoorbeeld in een programma stikstof.
Blad 3 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
7.
In het OER is deze paragraaf opgenomen over het advies van de commissie m.e.r. en hoe dit advies is verwerkt in het OER.
M.e.r.-plicht In de Wet milieubeheer is vastgelegd dat kaderstellende plannen voor (mogelijk) m.e.r.-plichtige activiteiten de procedure van de milieueffectrapportage (m.e.r.)1 doorlopen moet worden. Het doel van de m.e.r. is het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming mee te nemen. De omgevingsvisie van de gemeente Geertruidenberg wordt kaderstellend voor toekomstige ontwikkelingen en is daardoor m.e.r.-plichtig. De m.e.r.-plicht houdt in dat een m.e.r.-procedure moet worden doorlopen, met als resultaat een milieueffectrapport (MER) dat met de ontwerp-omgevingsvisie ter inzage wordt gelegd. Omdat het gaat om een milieueffectrapport over de gehele fysieke leefomgeving wordt dit een omgevingseffectrapport (OER) genoemd. In het OER worden de gevolgen van de keuzes voor de gehele fysieke leefomgeving onderzocht, in plaats van enkel de gevolgen voor het milieu zoals in een MER wordt gedaan. Het OER sluit beter aan bij de reikwijdte van de omgevingsvisie dan het MER. Naast de gemeente Geertruidenberg zijn ook de naastgelegen gemeenten Altena en Drimmelen een omgevingsvisie aan het opstellen, waarbij de m.e.r.-procedure wordt doorlopen. De drie gemeenten pakken de m.e.r.-procedures gezamenlijk op. Dit houdt in dat een gezamenlijk advies wordt gevraagd aan de Commissie m.e.r., maar dat er wel drie afzonderlijke OER’en worden opgesteld.
Doel van het OER Het OER heeft als doel om het omgevingsbelang mee te wegen bij de besluitvorming rondom de omgevingsvisie. De te maken keuzes voor de omgevingsvisie worden in het OER beoordeeld op de impact op de leefomgeving. Op basis daarvan doet het OER aanbevelingen in het kader van het omgevingsbelang.. Het OER is daarmee ondersteunend aan het besluitvormingsproces rondom de omgevingsvisie. De informatie vanuit het OER is in het visievormingsproces op verschillende momenten ingebracht, bijvoorbeeld om keuzes aan te scherpen en afwegingskaders uit te werken of als reality check op de visie. De keuzes voor de omgevingsvisie zijn vormgegeven als botsproeven. Per botsproef zijn verschillende alternatieven ontwikkeld. Elk alternatief wordt afzonderlijk beoordeeld op de impact op de fysieke leefomgeving. Deze beoordeling draagt bij aan de afweging van de alternatieven en helpt daarmee de gemeente Geertruidenberg bij het maken van keuzes voor de omgevingsvisie. Nadat de keuzes zijn gemaakt wordt ook de samenhang van deze keuzes onderzocht.
1 Het is gebruikelijk de afkortingen (de) m.e.r. en (het) MER te gebruiken. De afkorting m.e.r. met kleine letters en puntjes
ertussen staat voor de volledige procedure, de milieueffectrapportage. MER met hoofdletters, zonder puntjes staat voor het milieueffectrapport, het rapport dat hierbij opgesteld wordt.
Blad 4 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
Passende beoordeling Naast het OER wordt een passende beoordeling opgesteld. De omgevingsvisie bevat richtinggevende beleidskeuzes, waarvan niet op voorhand uit te sluiten is dat deze afzonderlijk of in samenhang kunnen leiden tot significante gevolgen op Natura 2000-gebieden. Daarom dient op grond van de Wet natuurbescherming een passende beoordeling van de omgevingsvisie te worden opgesteld. De passende beoordeling is de wettelijke plantoets die hoort bij kaderstellende plannen waarvan significante gevolgen op voorhand niet uitgesloten kunnen worden. De passende beoordeling heeft als doel: • Het in beeld brengen van de risico’s op significante gevolgen op de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-netwerk als gevolg van het nieuwe beleid uit de omgevingsvisie. • Beschrijven van mitigerende maatregelen en/of beleidsaanpassingen die nodig zijn om significante gevolgen te voorkomen. Het gaat hier met name om aanbevelingen voor de uitwerking van de uitvoeringsbesluiten. • Waar relevant: kansen op positieve effecten. De gemeenteraad van Geertruidenberg heeft per botsproef een keuze gemaakt over hoe omgegaan wordt met de opgaven in de gemeente. In hoofdstuk 10 is een overzicht gegeven van de gemaakt keuze per botsproef. De keuzes zijn passend beoordeeld (zie passende beoordeling in bijlage 1).
Op basis van de keuzes is in beeld gebracht welke risico’s en kansen er zijn voor Natura 2000-gebieden en of significante effecten gevolgen voor de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-netwerk kunnen worden uitgesloten.
Leeswijzer Het OER is opgebouwd uit 12 hoofdstukken. In hoofdstuk 2 zijn de deelgebieden en botsproeven beschreven. Deze botsproeven zijn de keuzes die gemaakt moeten worden voor de omgevingsvisie. De botsproeven en de deelgebieden vormen de input voor het OER. Vervolgens is in hoofdstuk 3 toegelicht hoe de beoordeling van de botsproeven is opgezet en welk beoordelingskader daarvoor is gehanteerd. In de hoofdstukken 4 tot en met 9 zijn de botsproeven beoordeeld. Vervolgens is in hoofdstuk 10 een overzicht gegeven van de keuzes die de gemeenteraad heeft gemaakt op basis van deze botsproeven. Hierbij is onderzocht of de gemaakte keuzes in samenhang zijn met elkaar. In hoofdstuk 11 is de omgevingsvisie als geheel beoordeeld. Daarin worden kansen en risico’s benoemd voor de gehele visie en worden aanbevelingen gedaan voor nadere uitwerking van de omgevingsvisie.
2
De botsproeven Uit de informatie die opgehaald is ten behoeve van de omgevingsvisie is gebleken dat bepaalde belangen en/of wensen met elkaar botsen. Dit betreffen 14 botsproeven. De botsproeven betreffen de keuzes die nog gemaakt moeten worden voor de omgevingsvisie. Voor elke botsproef
Blad 5 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
worden twee of drie alternatieven afgewogen. Op basis van de beoordeling van de botsproeven in het OER heeft de gemeenteraad van Geertruidenberg strategische keuzes gemaakt, die in de omgevingsvisie met behulp van de informatie uit het OER verder zijn geconcretiseerd. De botsproeven zijn gekoppeld aan een deelgebied waar de botsproef invloed op heeft. In dit hoofdstuk is eerst beschreven welke deelgebieden in de gemeente Geertruidenberg te onderscheiden zijn. Vervolgens is beschreven hoe de botsproeven tot stand zijn gekomen. Tot slot is de inhoud van de botsproeven kort toegelicht.
Beschrijving deelgebieden Enkele opgaven waar de gemeente Geertruidenberg voor staat hebben betrekking op de gehele gemeente. De meeste opgaven hebben echter betrekking op een van de volgende vijf deelgebieden (zie Figuur 2.1): • Buitengebied: dit gebied biedt plaats aan de agrarische sector, natuur en recreatie; • Bedrijventerreinen: dit betreffen de industrie- en bedrijventerreinen in de gemeente, met uitzondering van het Amergebied; • Amergebied: dit gebied betreft de Amercentrale en de landerijen van het bedrijf RWE Generation NL; • Centra: dit zijn de gebieden met de centra van Geertruidenberg en Raamsdonkveer. Hier staan cultuurhistorie en voorzieningen centraal. • Kernen: de kernen zijn de gebieden waar wonen centraal staat. Dit betreffen Raamsdonk, Raamsdonkveer en Geertruidenberg. De centra van Geertruidenberg en Raamsdonkveer horen hier niet bij.
Blad 6 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
Figuur 2.1 De deelgebieden in de gemeente Geertruidenberg
Totstandkoming van de botsproeven In paragraaf 1.2 is beschreven hoe er met het participatieproces informatie is opgehaald over de wensen en belangen die spelen in de gemeente. Naast dit participatieproces is het huidige beleid van de gemeente Geertruidenberg onderzocht. De visies, bestemmingsplannen en verordeningen bestaan uit beleidsuitspraken en regels. De uitspraken in het beleid, waarmee kaders en regels worden geschept voor een gebied of plek, worden beleidswaarden genoemd. De beleidswaarden zijn opgesomd en geanalyseerd. Dit betekent dat is onderzocht op welke waarden het huidige beleid is gericht en welke waarden juist ontbreken. Hierin zijn naast het gemeentelijke beleid ook de provinciale kaders meegenomen. Op basis van deze beleidsanalyse zijn keuzes gemaakt over welke thema’s in het participatieproces (met de samenleving) verder uitgediept moesten worden. Het vertrekpunt hiervoor waren de vier maatschappelijke opgaven van de Nationale Omgevingsvisie. Dit betreffen (1) duurzame en concurrerende economie, (2) gezonde en waardevolle leefomgeving, (3) toekomstbestendige en bereikbare woon- en werkomgeving en (4) klimaatbestendige en klimaatneutrale samenleving. Daarnaast heeft de leefomgevingsfoto voor aanvullende informatie gezorgd (zie paragraaf 3.1 voor meer informatie over de leefomgevingsfoto).
De informatie uit het participatieproces, de beleidsanalyse en de leefomgevingsfoto zijn door de gemeente, in samenwerking met Antea Group, samengebracht. Per gebied is een overzicht
Blad 7 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
ontstaan van de resultaten. Hieruit werd duidelijk dat er botsingen ontstaan omdat niet alles tegelijkertijd of in dezelfde ruimte gerealiseerd kon worden. Dit heeft geleid tot 14 botsproeven. Over deze botsproeven heeft de gemeenteraad op 22 juni 2020 nadere keuzes gemaakt. Daarbij is alle opgehaalde informatie aan de gemeenteraadsleden voorgelegd aan de hand van keuzebladen. De keuzes en resultaten zijn verwerkt in de omgevingsvisie tot integrale ambities.
Beschrijving van de botsproeven De opgaven voor de gemeente Geertruidenberg zijn aan de gemeenteraad voorgelegd in de vorm van 14 botsproeven. Hieronder is per botsproef kort beschreven welke keuze gemaakt moet worden in het kader van de omgevingsvisie. De botsproeven hebben betrekking op de deelgebieden die in paragraaf 2.1 zijn beschreven. Buitengebied 1. Mogelijkheid tot flexibiliteit in het buitengebied Hoe moet worden omgegaan met de komst van nieuwe ontwikkelingen in het buitengebied, zoals recreatie, cultuur, zorg en wonen? De botsproef bestaat uit enerzijds het behoud van de huidige agrarische aard van het buitengebied. Anderzijds kan meer flexibiliteit in het buitengebied worden toegestaan. 2. Ruimte voor energieopwekking in het buitengebied In het kader van de energietransitie en de afspraken in de Regionale Energie Strategie (RES) moet ruimte gezocht worden voor de opwekking van duurzame energie. Welke mogelijkheden worden in het buitengebied toegestaan? Bedrijventerreinen 3. Mogelijkheden voor verduurzaming voor bedrijven Meerdere bedrijven willen maatregelen nemen voor het verduurzamen van hun bedrijf en bedrijfslocatie, maar stuiten daarbij op beperkingen vanuit het gemeentelijk beleid. In hoeverre kan ruimte geboden worden aan deze bedrijven om te verduurzamen? 4.
Multimodale bereikbaarheid Bedrijven op bedrijventerreinen zijn niet goed bereikbaar met het OV, fiets of te voet. Wordt de huidige bereikbaarheid met de auto behouden of wordt er ingezet op multimodale bereikbaarheid? 5. Locatie Heulweg Er dient een keuze gemaakt te worden over de invulling van de locatie Heulweg. Deze locatie kan gebruikt worden als reserve bedrijventerrein, zonnepark of groen agrarisch gebied. De ligging van deze locatie wordt in paragraaf 5.3 toegelicht. 6. Locatie Omschoorweg De locatie Omschoorweg biedt mogelijkheden voor woningbouw, maar ligt dicht langs de A27. Wordt de Omschoorweg wel of niet als woningbouwlocatie ingezet? De ligging van deze locatie wordt in paragraaf 5.4 toegelicht. 7. Locatie Rivierkade Hoe wordt omgegaan met de locatie Rivierkade? Blijft de huidige invulling met bedrijvigheid en een aantal woningen behouden of wordt het gebied getransformeerd
Blad 8 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
naar een gebied met recreatie en groen? De ligging van deze locatie wordt in paragraaf 5.5 toegelicht.
Amergebied 8. Keuzes maken in toekomstperspectieven Er dient een keuze gemaakt te worden over het toekomstperspectief van het Amergebied. Hiervoor zijn drie scenario’s denkbaar: Zonering, Bundeling of Vervlechting. Het scenario Zonering is gebaseerd op een maximale ontwikkeling van grootschalige en gescheiden milieus. Het scenario Bundeling gaat ook uit van grootschalige en gescheiden milieus, maar minder extreem dan Zonering. Het scenario Vervlechting is de tegenpool van zonering waarbij ingezet wordt op kleinschalige en gemengde milieus. Centra 9. Autobereikbaarheid van de centra Hoe wordt omgegaan met de bereikbaarheid van de centra? Wordt de auto meer te gast in de centra waarmee meer ruimte ontstaat voor bijvoorbeeld alternatieve vervoersmiddelen of klimaatadaptatie, of blijft de huidige ruimte voor de auto in de centra behouden? 10. Levendigheid in de centra Worden toeristische activiteiten (zoals horeca en bedrijvigheid) in het historisch centrum van Geertruidenberg extra gestimuleerd of blijft de huidige regelgeving voor geluid behouden? Kernen 11. Energieopwekking in de kernen In het kader van de energietransitie en de afspraken in de RES moet ruimte gezocht worden voor de opwekking van duurzame energie in de kernen. Welke mogelijkheden voor energieopwekking worden in de kernen toegestaan? 12.
Groen in de kernen Hoe gaat vergroening van de kernen samen met woningbouw? Beide opgaven vragen namelijk ruimte. Wordt voldoende groen en/of compensatie van groen als voorwaarde gesteld bij woningbouw? En hoe wordt het bestaand bebouwd gebied vergroend? De gemeente Geertruidenberg als geheel 13. Een gezonde leefomgeving De gemeente heeft een gunstige ligging en is goed bereikbaar over de weg en over het water. Deze bereikbaarheid geeft echter druk op de gezonde leefomgeving. Worden extra maatregelen getroffen om een gezondere leefomgeving te creëren of blijft de huidige situatie behouden waarin de wettelijke normen leidend zijn? 14. Ruimte voor evenementen Het stimuleren van evenementen is belangrijk voor de aantrekkelijkheid van de gemeente maar kunnen ook voor overlast zorgen en het woongenot verminderen. In hoeverre worden restricties (bijvoorbeeld een maximaal aantal evenementen) gesteld?
Blad 9 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
3
Aanpak van het OER Referentiesituatie De alternatieven van de botsproeven worden in het OER beoordeeld. Om per alternatief de gevolgen voor de omgeving te kunnen onderzoeken wordt gebruik gemaakt van een referentiesituatie. De referentiesituatie is de toekomstige situatie in de gemeente Geertruidenberg wanneer het bestaande beleid (dus zonder de keuzes in die in de omgevingsvisie worden gemaakt) wordt voortgezet. Ook autonome trends en ontwikkelingen die spelen, horen bij de referentiesituatie. De referentiesituatie is voor de gemeenten Drimmelen, Altena en Geertruidenberg beschreven aan de hand van een online leefomgevingsfoto. Deze bevat kaarten en toelichtingen voor alle relevante thema’s en heeft voor het OER gediend als naslagwerk om beoordelingen te concretiseren. De leefomgevingsfoto is online te raadplegen via https://leefomgevingsfoto.anteagroup.nl/dag-gemeenten/#. De leefomgevingsfoto is op meerdere manieren gebruikt in het proces naar de omgevingsvisie. Ten eerste is de leefomgevingsfoto gebruik in de keuzesessie met de gemeenteraad. Op de keuzebladen die de raadsleden hebben ontvangen is informatie uit de leefomgevingsfoto opgenomen en gebruikt bij de beeldvorming en onderbouwing van de beleidsopties. Daarnaast is de leefomgevingsfoto een belangrijk onderdeel van de referentiesituatie.
In het OER zijn de alternatieven van de botsproeven beoordeeld ten opzichte van de referentiesituatie (huidige situatie, aangevuld met de trends en ontwikkelingen). Bij alle botsproeven is een korte beschrijving gegeven van de huidige situatie aan de hand van de leefomgevingsfoto en/of het bestaand beleid. Een omschrijving van de referentiesituatie met kansen, risico’s en aandachtspunten is in de omgevingsvisie opgenomen bij de gebiedsbeschrijvingen.
Opbouw van de beoordeling In het OER zijn per deelgebied de bijbehorende botsproeven toegelicht. Voor iedere botsproef worden de volgende zaken beschreven: • Een korte toelichting van de botsproef waaruit duidelijk wordt welke keuze er in de omgevingsvisie gemaakt dient te worden. • Beschrijving van de huidige situatie op basis van de leefomgevingsfoto. Hierbij wordt alleen ingegaan op de thema’s die relevant zijn voor de beoordeling van de betreffende botsproef. • De beoordeling van de alternatieven. Per botsproef worden alle alternatieven afzonderlijk beoordeeld volgens het beoordelingskader (zie paragraaf 3.3). De botsproeven, inclusief een voorlopige beoordeling van de alternatieven, zijn voorgelegd aan de gemeenteraad van Geertruidenberg. Dit vond plaats via een (digitale) sessie op 22 juni 2020. In deze sessie zijn keuzes gemaakt voor de omgevingsvisie. De gemaakte keuzes zijn vervolgens ook in dit OER onderzocht. Hierbij is gekeken of de gemaakte keuzes voldoende bijdragen aan de
Blad 10 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
opgaven voor Geertruidenberg. Daarnaast is onderzocht of de gemaakte keuzes in samenhang zijn met elkaar door na te gaan of er tegenstrijdigheden zitten in de gemaakte keuzes.
Het beoordelingskader De alternatieven van elke botsproef worden apart beoordeeld op de impact die de alternatieven hebben op de fysieke leefomgeving. Bij deze beoordeling wordt gebruik gemaakt van een integraal beoordelingskader dat bestaat uit vier domeinen van de fysieke leefomgeving: gezondheid en veiligheid, omgevingskwaliteit, leefbaarheid; en duurzaamheid. Per domein is een beoordeling gegeven naar gelang de verwachte impact van een alternatief. Het beoordelingskader is opgesteld conform de Europese m.e.r.-richtlijn. In de volgende paragraaf is beschreven welke criteria per domein gehanteerd zijn.
3.3.1
De vier domeinen Gezondheid en veiligheid Het eerste domein is ‘gezondheid en veiligheid’. Op dit domein treden positieve effecten op als sprake is van een afname van milieuhinder die optreedt door bijvoorbeeld luchtverontreiniging of geluidemissies. Ook zijn er positieve effecten als een maatregel leidt tot een omgeving die (meer) bijdraagt aan het stimuleren van gezond gedrag, zoals sport en bewegen. Het voorkomen van ongevallen en mitigeren van veiligheidsrisico’s wordt eveneens positief beoordeeld. Een negatieve beoordeling wordt gegeven als de keuze leidt tot een toename van verontreiniging en/of hinder, van gezondheidseffecten en/of van veiligheidsrisico’s. Ook wanneer een keuze ongezond gedrag stimuleert of leidt tot toename van risico’s voor kwetsbare groepen is dit aanleiding voor een negatieve beoordeling. Omgevingskwaliteit Het tweede domein is ‘omgevingskwaliteit’. Op dit domein treden positieve effecten op als een maatregel bijdraagt aan een toekomstbestendig natuurlijk systeem, waarbij de fysieke leefomgeving is afgestemd op de aanwezige functie(s) en het klimaat. Maatregelen waarmee verstoring van processen - als gevolg van klimaatverandering – wordt voorkomen worden positief beoordeeld. Daarnaast wordt een positieve beoordeling gegeven als de keuze leidt tot meer omgevingskwaliteit.
Die kwaliteiten kunnen betrekking hebben op landschap, cultuurhistorie, archeologie, ondergrond, water en natuur. Een negatieve beoordeling wordt gegeven wanneer de keuze bijdraagt aan toename van risico’s als gevolg van klimaatverandering, zoals droogtestress, hittestress en wateroverlast. Ook bij aantasting van historisch en landschappelijk kapitaal of van het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, waaronder effecten op de biodiversiteit, de kwaliteit en omvang van natuur- en groengebieden en het watersysteem leidt dit tot een negatieve beoordeling en (andere) aanwezige waarden in de fysieke leefomgeving wordt een negatieve beoordeling gegeven. Wanneer de (relatieve) kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen en ecosysteemdiensten wordt aangetast, is dat ook een reden voor een negatieve beoordeling.
Blad 11 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
Leefbaarheid Met het derde domein ‘leefbaarheid’ worden economische en maatschappelijke aspecten van de fysieke leefomgeving bedoeld. Een positieve beoordeling wordt gegeven als een maatregel leidt tot een betere afstemming van de woningmarkt op de behoefte. Of als deze bijdraagt aan een toekomstbestendige economie, met banen die passen bij het arbeidspotentieel en opleidingen die passen bij de vacatures. Ook keuzes die bijdragen aan de levendigheid, sociale cohesie en een passend voorzieningenniveau worden positief beoordeeld. Het bieden van een betere bereikbaarheid van woon- en werklocaties wordt eveneens positief beoordeeld. Een negatieve beoordeling wordt gegeven wanneer de toekomst van belangrijke economische sectoren in gevaar wordt gebracht en wanneer keuzes leiden tot knelpunten in de bereikbaarheid, scheve verhoudingen op de woningmarkt of een onvoldoende voorzieningenniveau. Ook wanneer keuzes leiden tot verlies aan sociaal kapitaal en sociale cohesie wordt dit negatief beoordeeld. Duurzaamheid Wanneer keuzes bijdragen aan de energietransitie, de transitie naar een circulaire economie en naar kringlooplandbouw, dan wordt dit positief beoordeeld voor het domein ‘duurzaamheid’.
Voorbeelden van positieve gevolgen zijn beperking van de CO2-uitstoot, vergroenen van de energiebalans; reductie van het gebruik van grondstoffen; stimulering van hergebruik en duurzaam en meervoudig ruimtegebruik. In principe worden maatregelen die bijdragen aan een goede balans tussen de (toekomstige) maatschappelijke behoeften en de draagkracht van de fysieke leefomgeving positief beoordeeld. Een negatieve beoordeling wordt gegeven aan maatregelen die deze balans (verder) in gevaar brengen, bijvoorbeeld doordat deze leiden tot onomkeerbare milieugevolgen, de productie van afvalstoffen of (onevenredige) uitputting van natuurlijke hulpbronnen. Ook wanneer een keuze de mogelijkheid tot duurzaam, doelmatig en meervoudig ruimtegebruik in de toekomst onmogelijk maakt, kan een negatieve beoordeling worden gegeven.
3.3.2
Dashboard en beoordelingsmethode Op basis van de bovenstaande domeinen wordt elk alternatief van een botsproef afzonderlijk beoordeeld met behulp van de leefomgevingsfoto en expert judgement. Hierbij wordt aan elk domein een waarde verbonden volgens onderstaande scorebalk. De score kan variëren van zeer negatief tot zeer positief. Een neutrale beoordeling wordt toegekend als het betreffende alternatief geen wezenlijke impact heeft op het betreffende domein. Positieve en negatieve beoordelingen worden gegeven aan de hand van de beschrijving in de voorgaande paragraaf. Het verschil tussen een positieve (of negatieve) en een zeer positieve (of zeer negatieve) beoordeling is relatief. Een extremere beoordeling wordt gegeven wanneer een alternatief op meerdere thema’s significante effecten veroorzaakt, of bepalend is voor het doelbereik van de omgevingsvisie. Per alternatief wordt de beoordeling toegelicht. Zeer negatief
Negatief
Neutraal
Tabel 3.1 Scorebalk die gebruikt is bij de beoordeling van de alternatieven
Blad 12 van 84
Positief
Zeer positief
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
Hoewel in beginsel beoordelingen zijn gegeven ten opzichte van de referentiesituatie (de huidige situatie geëxtrapoleerd naar de toekomst aan de hand van bestaande beleid, trends en autonome ontwikkelingen), is het voor de wisselwerking met de omgevingsvisie wenselijk geweest om het verschil tussen alternatieven duidelijk uit te lichten, door een net wat stevigere beoordeling te geven. Elke beoordeling moet dan ook gelezen worden binnen de context van de botsproef. Voor verschillende botsproeven geldt daarnaast dat een alternatief overeenkomt met voortzetting van bestaand beleid. De gevolgen zouden dan theoretisch gezien neutraal moeten worden beoordeeld. Voor enkele thema’s wordt een keuze voor voortzetting van beleid gezien als een duidelijke keuze om bestaande trends te versterken. Omdat daardoor effecten worden vergroot, of op zijn minst minder onzeker worden, is in deze gevallen geen neutrale beoordeling gegeven, ook al zijn de effecten (deels) het gevolg van autonome trends. Voorbeelden zijn de optie van behoud van schaalvergroting in de landbouw (paragraaf 5.1.2) en het afzien van inzet op multimodale bereikbaarheid (paragraaf 6.2.2). Door middel van dashboards kunnen alternatieven met elkaar vergeleken worden, wat de gemeente helpt bij het maken van keuzes in de omgevingsvisie. Een voorbeeld van een dashboard is hieronder weergegeven.
Tabel 3.2 Een voorbeeld van een dashboard per alternatief
Blad 13 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
4
Buitengebied Mogelijkheid tot flexibiliteit in het buitengebied Toelichting op de botsproef In het buitengebied ontwikkelen zich steeds meer nieuwe functies, bijvoorbeeld recreatie, cultuur, zorg of wonen. Tegelijkertijd heeft het buitengebied een landschappelijke agrarische waarde. Nieuwe functies kunnen impact hebben op de agrarische functie van het buitengebied. Via meer flexibiliteit in functies kan het buitengebied toeristisch interessanter gemaakt worden. Het biedt ook ruimte aan natuurlijke ontwikkelingen en het verbeteren van de biodiversiteit. Er zijn bovendien veel combinaties mogelijk, bijvoorbeeld zorgboerderijen of kamperen bij de boer. Agrarische bedrijven zijn belangrijk voor het buitengebied, dus hoe wordt ervoor gezorgd dat nieuwe functies de bedrijfsvoering in de agrarische sector niet beperkt? Als er gekozen wordt voor meer flexibiliteit in het buitengebied (bv. wonen, meer toerisme) kan dit leiden tot meer diversiteit, maar ook tot meer verlies van de agrarische aard van het buitengebied. Nieuwe concepten bieden kansen, zeker met het oog op agrarische bedrijven die willen stoppen of veranderen. Nieuwe woonvormen zijn daarvan een voorbeeld. Dit leidt tot de volgende alternatieven: • Flexibiliteit in het buitengebied; • Behouden en versterken van de agrarische sector in het buitengebied.
Referentiesituatie Uit de leefomgevingsfoto blijkt in 2019 dat in de gemeente Geertruidenberg 37 landbouwbedrijven waren gevestigd. Dit zijn voornamelijk veeteeltbedrijven, maar er zijn ook enkele grote akkerbouwbedrijven in de gemeente te vinden. De landbouwsector is goed voor circa 1,6% van de banen in de gemeente. Net als de rest van Nederland heeft ook de gemeente Geertruidenberg te maken met stoppende landbouwbedrijven en schaalvergroting. De landbouwgrond van deze stoppende bedrijven wordt overgenomen door andere agrarische bedrijven. De verwachting is dat in de periode 2017 – 2030 slechts 1 hectare landbouwgrond vrijkomt. Wel verliest de agrarische bebouwing van de stoppende bedrijven hun functie. Hierdoor ontstaat Vrijgekomen Agrarische Bebouwing (VAB’s). Over het algemeen kan de landbouwsector zich op drie manieren ontwikkelen: • Verbreding: de landbouwsector richt zich hierbij op diverse activiteiten. Naast de landbouwfunctie richt de sector zich ook op activiteiten met betrekking tot recreatie, toerisme, zorg en wonen; • Verdieping: de landbouwsector richt zich op de productie van gespecialiseerde producten die lokaal worden afgezet; • Schaalvergroting: het verwijderen van landschapselementen en het toepassen van meer monoculturen.
Over het algemeen geldt: hoe intensiever en grootschaliger de landbouw wordt, hoe groter de belasting op de omgeving naar verwachting wordt. Het huidige beleid in het buitengebied heeft als doelstelling om de agrarische sector te behouden en te versterken. Met dit beleid is schaalvergroting van de landbouw jarenlang de trend geweest.
Blad 14 van 84
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie gemeente Geertruidenberg projectnummer 452348.100 22 maart 2021 gemeente Geertruidenberg
Deze schaalvergroting heeft geleid tot druk op het milieu en biodiversiteit. Wanneer het huidige beleid wordt voorgezet kan deze druk verder toenemen. Daarnaast wordt verwacht dat de komende jaren verschillende agrarische bedrijven zullen stoppen, bijvoorbeeld door een gebrek aan opvolging. Hierdoor komt agrarische bebouwing vrij. Deze bebouwing kan mogelijk een rol spelen bij andere opgaven waar de gemeente voor staat, zoals de woningbouwopgave.
4.1.1
Meer flexibiliteit in het buitengebied Beschrijving van het alternatief Dit alternatief geeft ruimte voor nieuwe functies die passen bij het gebied, zoals ‘kamperen bij de boer’, zorgboerderijen, kinderdagverblijven en andere toeristische invullingen. De ruimte wordt voornamelijk gezocht in de VAB’s. Het betreft daarmee ontwikkelingen op bestaande erven. Beoordeling Door diverse functies in het buitengebied toe te staan ontstaat meer ruimte voor wonen en toerisme. De ruimte voor deze functies wordt voornamelijk gezocht in VAB’s. Hierbij ontstaat verbreding in de landbouw, waarbij functies worden toegevoegd, zoals kamperen bij de boer of detailhandel vanaf het erf. Het toevoegen van recreatieve voorzieningen in het landelijk gebied biedt bovendien kansen voor een afzetmarkt voor kwaliteitsproducten. Gezondheid en veiligheid is voor dit alternatief beoordeeld als neutraal. De ruimte voor nieuwe functies worden echter op bestaande erven (VAB’s) gezocht, wat betekent dat de hoeveelheid landbouwgrond gelijk blijft en daarmee ook de huidige milieudruk. Alleen als de nieuwe functies in het buitengebied leiden tot een afname landbouwgrond kunnen positieve effecten op dit domein ontstaan. Een afname van landbouwgrond kan leiden tot minder emissie van ammoniak of bestrijdingsmiddelen, wat een positief effect heeft op de gezondheid.