Ruimtelijke onderbouwing
Tekst van het document
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
4.5
Blad 32 van 63 juli 2024 ontwerp
Luchtkwaliteit
Tussen de luchtkwaliteitseisen uit de Wet milieubeheer en de Wet ruimtelijke ordening is een koppeling gelegd. Zo dienen ruimtelijke plannen te worden getoetst aan de in de Wet milieubeheer opgenomen richtwaarden en grenswaarden voor een aantal luchtvervuilende stoffen. Wet milieubeheer Voor luchtkwaliteit is de Wet luchtkwaliteit van toepassing. Deze Wet, onderdeel van de Wet milieubeheer, is onder meer verder uitgewerkt in het Besluit niet in betekenende mate en de Regeling niet in betekenende mate. In het Besluit niet in betekenende mate is vastgelegd dat wanneer een ontwikkeling niet meer bijdraagt dan 3% aan de grenswaarde, deze niet hoeft getoetst te worden aan de wettelijke grenswaarden. Doorvertaald betekent dit dat meer dan 1,2 microgram per m3 wordt aangemerkt als in betekenende mate. In de Regeling niet in betekenende mate is dit vertaald naar bijvoorbeeld de bouw van 1.500 woningen. Wet ruimtelijke ordening Ruimtelijke plannen die procedures doorlopen conform de Wet ruimtelijke ordening dienen te voldoen aan het beginsel van een goede ruimtelijke ordening. De definitie van het beginsel van een goede ruimtelijke ordening is: ‘het coördineren van de verschillende belangen tot een harmonisch geheel dat een grotere waarde vertegenwoordigt dan het dienen van de belangen afzonderlijk’.
Een goede luchtkwaliteit is een van de belangen, ofwel de luchtkwaliteit dient geschikt te zijn voor de beoogde functie. Daarom is het wenselijk om inzicht te hebben in de situatie van de luchtkwaliteit en te bepalen of de mate van blootstelling acceptabel is. Het luchtkwaliteitsonderzoek dient te zijn uitgevoerd zijn voor het besluit omgevingsvergunning waarin onderhavige ontwikkeling is opgenomen.
Tabel: Grenswaarden hoofdstuk 5, titel luchtkwaliteitseisen Wet milieubeheer
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 33 van 63 juli 2024 ontwerp
Ten aanzien van het project Door de realisatie van een appartementencomplex bestaande uit 23 appartementen is er sprake van extra verkeer aantrekkende werking. Afgezet tegen het toevoegen van 1.500 woningen is er geen sprake van een in betekenende mate bijdrage aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Het aantal extra verkeersbewegingen in de nieuwe situatie is nader toegelicht in paragraaf 4.12 ‘Verkeer en parkeren’. Daarnaast vallen woningen niet onder een van de gevoelige bestemmingen zoals benoemd in artikel 3 van het Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen). Onderhavig project voldoet dus aan de normen voor luchtkwaliteit. Het verdient de voorkeur voor het betreffende project om inzicht te geven in de luchtkwaliteit in het kader van een goede ruimtelijk ordening. In het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) werken het rijk, provincies en gemeenten samen om de gezondheidsschade voor burgers als gevolg van luchtverontreiniging te verminderen. Sinds 1 januari 2023 is het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK) het nieuwe instrument voor de ondersteuning van monitoring van de luchtkwaliteit in het kader van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) en per 1 januari 2024 de Omgevingswet (Ow).
In het kader van een goede ruimtelijke ordening is een indicatie van de luchtkwaliteit ter plaatse van het projectgebied gegeven. Dit is gedaan aan de hand van de monitoringstool (www.cimlk.nl) die bij het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit hoort. Navolgend zijn afbeeldingen weergegeven uit de bijbehorende kaarten voor NO2 (stikstof), PM-2.5 en PM-10 (fijnstof).
Afbeelding: Kaart Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit, NO2-concentratie
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9
Blad 34 van 63
Gemeente Etten-Leur
Afbeelding: Kaart Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit, PM2.5-concentratie
Afbeelding: Kaart Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit, PM10-concentratie
juli 2024 ontwerp
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 35 van 63 juli 2024 ontwerp
De dichtstbijzijnde meetlocaties zijn in bovenstaande afbeeldingen weergegeven in het turquoiseblauw. Het projectgebied is aangeduid met een blauwe pijl. De concentratie voor fijnstof PM2.5 bedraagt ter plaatse van de dichtstbijzijnde meetlocatie 9 tot 10 µg/ m3. De concentratie voor fijnstof PM10 bedraagt ter plaatse van de dichtstbijzijnde meetlocatie van 15 tot 20 µg/ m3. De concentratie voor stikstof NO2 bedraagt ter plaatse van de dichtstbijzijnde meetlocatie 10 tot 20 µg/ m3. Conclusie Uit de metingen ter plaatse blijkt dat de jaargemiddelde concentratie van fijnstof en stikstof onder de grenswaarden uit de wetgeving blijft. Het aspect stikstof in het kader van de Wet natuurbescherming wordt nader toegelicht in paragraaf 4.9. De ontwikkeling van het projectgebied is derhalve in het kader van fijnstof en stikstof geen bezwaar. Het project draagt niet in betekenende en te weinig mate bij aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. Daarnaast voldoet de luchtkwaliteit ter plaatse om op dat punt een goede ruimtelijke ordening te waarborgen.
4.6
Bodem
Het doel van de bodemtoets bij ruimtelijke plannen is de bescherming van de bodem en de gebruikers ervan. Een bodemonderzoek moet worden uitgevoerd om te kunnen beoordelen of de bodem geschikt is voor de geplande functie en of sprake is van een eventuele saneringsnoodzaak. Ten aanzien van het project Door MILON B.V. is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Het volledige onderzoeksrapport is bijgevoegd als bijlage 3. De belangrijkste onderzoeksresultaten worden navolgend weergegeven. Het onderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen ontwikkeling van de locatie.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 36 van 63 juli 2024 ontwerp
Uitsnede: Onderzoeksgebied in het rood In de grond zijn maximaal licht verhoogde gehalten zware metalen, PAK en PCB gemeten. In het grondwater zijn geen verhogingen aangetoond. De bodemkwaliteit geeft geen belemmeringen voor de toekomstige herontwikkelingen en gebruik. Conclusie Het aspect ‘bodem’ vormt geen belemmering voor onderhavig project.
4.7
Water
In ruimtelijke plannen dient aandacht besteed te worden aan waterhuishoudkundige aspecten. Daarbij staan naast een duurzaam waterbeheer de integrale afweging en het creëren van maatwerk voorop. Water moet altijd bekeken worden in het licht van het watersysteem of stroomgebied waarin een stad of een dorp ligt. Een goede afstemming van waterbeleid en ruimtelijke ordening, ook in het direct aangrenzende gebied, is daarom noodzakelijk. De integratie van water in ruimtelijke plannen vindt plaats via de zogenaamde watertoets. Concreet betekent de watertoets, dat een plan een zogenaamde waterparagraaf dient te bevatten, die keuzes ten aanzien van de waterhuishoudkundige aspecten gemotiveerd beschrijft. Daarin dient een wateradvies van de waterbeheerder te worden meegenomen. De watertoets is wettelijk verankerd in artikel 3.1.6 lid 1, sub b Bro.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 37 van 63 juli 2024 ontwerp
Beleid In deze paragraaf is het relevante vigerende beleid opgenomen. Nationaal Waterprogramma 2022-2027 Op 18 maart 2022 is het Nationaal Waterprogramma 2022-2027 (hierna: NWP) vastgesteld. Het NWP is de opvolger van het nationaal Waterplan 2016-2021. Het NWP beschrijft de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid voor de periode van 2022-2027 en geeft een doorkijk naar het jaar 2050. Verder geeft het NWP een overzicht van de ontwikkelingen binnen het waterdomein en legt nieuw ontwikkeld beleid vast. In het plan worden ambities opgenomen om te werken aan schoon, veilig en voldoende water dat klimaatadaptief en toekomstbestendig is. Ook is er aandacht voor de raakvlakken van water met andere sectoren. Het NWP geeft het integrale kader voor het waterbeleid- en beheer van het Rijk. Het Rijk is in Nederland verantwoordelijk voor het hoofd-watersysteem. Een aantal belangrijke onderdelen van het NWP zijn de stroomgebiedbeheerplannen, het overstromingsrisicobeheerplan en het Programma Noordzee. Het NWP bestaat uit een aantal doelen, deze worden navolgend opgesomd. 1. Klimaatadaptie; 2. waterveiligheid; 3. zoetwater en waterverdeling; 4. waterkwaliteit en natuur; 5. scheepvaart; en 6. de functies van de rijkswateren. Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptie De relevante beleidsontwikkelingen op het gebied van water worden bij het Rijk opgenomen in het Deltaprogramma.
Hierin is voor verschillende thema’s beschreven wat het beleid is en hoe het Rijk dat in overleg met overige partners wil gaan bereiken. Het Deltaprogramma bestaat uit verschillende onderwerpen op het gebied van water. Voor ruimtelijke ontwikkelingen is het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie het meest relevant, omdat hierin de consequenties van de klimaatontwikkelingen voor Nederland zijn opgenomen, evenals de maatregelen die we moeten nemen om ‘klimaatadaptief’ te worden. Een deel van deze maatregelen zal ruimtelijke impact hebben. Met ‘klimaatadaptief’ wordt bedoeld: het klimaatrobuust en klimaatbestendig inrichten van Nederland, gegeven de klimaatontwikkelingen die op ons afkomen. Op basis van de internationale en nationale klimaatmodellen is de verwachting dat het weer in Nederland extremer gaat worden. Dat betekent: meer hevige regenbuien (veel neerslag in korte tijd) en langere periodes met droogte en hitte. Dit heeft consequenties voor de leefbaarheid in steden en dorpen en voor bijna alle (economische) sectoren in Nederland.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 38 van 63 juli 2024 ontwerp
Met het nemen van klimaatrobuuste maatregelen wordt ingespeeld op deze veranderingen waarmee we steden en dorpen leefbaar houden en (economische) schade door wateroverlast, droogte en hitte beperken. Provinciaal Regionaal Water- en Bodem Programma (RWP 2022-2027) Het RWP is de opvolger van het Provinciaal Milieu en Waterplan. Het is onderdeel van het planstelsel voor de wateropgaven in Nederland, samen met het Nationaal Water Programma en de waterbeheerprogramma’s van de waterschappen. Doel van het RWP is een klimaatadaptief Brabant met veilig, schoon en voldoende water en een vitale bodem. Het geeft invulling aan het op orde houden van de basis van het natuurlijk water- en bodemsysteem. Een belangrijke rode draad in het programma is het herstellen van de systeemwerking. Vele generaties lang had het waterbeleid als doel wateroverlast te voorkomen en water zo snel mogelijk af te voeren. Inmiddels is dit gewijzigd naar water zo veel mogelijk vasthouden. Verder vraagt het plan een meer systeemgerichte aanpak in plaats van een probleemgerichte aanpak. De Brabantse Omgevingsvisie kent kernwaarden voor het handelen van de provincie.
Deze kernwaarden zijn vertaald in zeven handelingsprincipes, specifiek voor het beleid en de uitvoering op het vlak van water en bodem: - Watervoorraad in balans - Elke druppel telt - Niet alles kan overal - Brabant is in staat extreme weersituaties op te vangen - Bescherming van water- en bodemkwaliteit - Gebruikers zijn maximaal verantwoordelijk - Circulair denken en doen Waterbeleid waterschap Brabantse Delta Het projectgebied is gelegen binnen het stroomgebied van waterschap Brabantse Delta. De visie van waterschap Brabantse Delta is vervat in het Waterbeheerplan 2022 –2027 en geldt vanaf 22 december 2021. Het waterschap richt zich op het creëren van een klimaatbestendig en veerkrachtig waterbeheer. In het waterbeheerprogramma neemt het waterschap enkele kerntaken als uitgangspunt. De kerntaken zijn: de bescherming tegen overstromingen en zorgen voor schoon en gezond water dat voldoende voorhanden is. Daarnaast is klimaatadaptie een belangrijk onderwerp in het waterbeheerprogramma.
Het waterbeheerprogramma ziet op de volgende belangrijke speerpunten: - Het beperken van de overstromingsrisico’s ter bevestiging van de waterveiligheid; - Het verbeteren van de waterkwaliteit; - Het vasthouden en infiltreren van water om verdroging tegen te gaan en de beschikbaarheid van grond- en oppervlaktewater te vergroten; - Betrouwbaar scheepvaartverkeer mogelijk maken door middel van goed onderhoud;
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
-
Blad 39 van 63 juli 2024 ontwerp
Het onderhouden en waar nodig vervangen van waterketen op een duurzame en efficiënte manier.
Keur Het waterschap Brabantse Delta heeft haar regels vastgelegd in de Keur. In navolgende Keurkaart is de ligging van beschermde zones weergegeven. Het projectgebied is globaal in het blauw omcirkeld in navolgende afbeelding.
Afbeelding: Uitsnede keurkaart waterschap Brabantse Delta Zoals op bovenstaande afbeelding te zien is het projectgebied niet gelegen in een beschermde zone. Het waterschap hanteert bij nieuwe ontwikkelingen het principe van waterneutraal bouwen. Er wordt gestreefd naar het behoud of herstel van de ‘natuurlijke’ waterhuishoudkundige situatie. Vanuit dit principe wordt bij uitbreiding van verhard oppervlak voor de omgang met hemelwater uitgegaan van de voorkeursvolgorde infiltreren, bergen en afvoeren. Bij een toename van het verhard oppervlak tussen 500 m2 en 10.000 m2 geldt een compenserende regel van het waterschap. Riolering Bij nieuw- en verbouw moet, sinds het rioleringsplan van 2012, de perceelseigenaar het afvalwater apart verwerken van het hemelwater. Afvalwater voert de perceelseigenaar af tot het overdrachtspunt. Vanuit daar draagt de gemeente zorg voor het inzamelen en afvoeren van het afvalwater. Daarnaast dient te worden voldaan aan de Hemelwaterverordening. Dat wordt navolgend toegelicht.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 40 van 63 juli 2024 ontwerp
Hemelwaterverordering Etten-Leur Op 19 december 2022 is de 'Hemelwaterverordening Etten-Leur' vastgesteld door de raad van de gemeente Etten-Leur. Deze nieuwe verordening gaat in op het gemeentelijke beleid met betrekking tot de opvang en verwerking van hemelwater en vervangt daarmee het Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2019-2023 (VGRP). De hemelwaterverordening past een nieuwe compensatieregel toe, waarmee in principe 60 liter waterberging per vierkante meter verharding moet worden gerealiseerd. De regels van de hemelwaterverordening zijn vanaf april 2023 van toepassing. Nieuwe situatie Hierna wordt de nieuwe situatie van het projectgebied en de gevolgen voor de waterhuishouding besproken. In de nieuwe situatie wordt een appartementencomplex bestaande uit 23 appartementen en een wijkfunctie met aanvullende parkeerplaatsen in openbaar gebied gerealiseerd. Verdeling verhard oppervlakte In navolgende tabel is de verdeling van de (half)verharde en onverharde oppervlakte in de nieuwe situatie weergegeven. Nieuwe situatie 518,8 m² Daken zonder sedum 124,9 m² Daken met sedum 976,5 m² Terrein verharding 422,1 m² Terrein onverhard 2.042,3 m2 Totaal Tabel: verdeling verhard en onverhard oppervlakte projectgebied De sedumdaken kunnen 30 liter per m2 bergen. Daarom zijn de sedumdaken voor de helft als onverhard oppervlak meegeteld.
Het verhard oppervlak in de nieuwe situatie bedraagt daarmee (518,8 + 62,5 + 976,5 =) 1.557,8 m2. Dit betekent dat er (1.557,8 x 0,06 =) 93,47 m3 dient te worden opgevangen. Binnen de projectlocatie wordt een wadi en infiltratiekratten gerealiseerd die gezamenlijk voldoende capaciteit hebben. Hierin kan de wateropgave gecompenseerd worden. De exacte dimensionering van de waterberging wordt in de bouwtekeningen opgenomen. Oppervlaktewater In de nabijheid van het projectgebied is geen oppervlaktewater aanwezig dat van invloed kan zijn op onderhavig project. Conclusie Het aspect water vormt geen belemmering voor onderhavig project.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
4.8
Blad 41 van 63 juli 2024 ontwerp
Cultuurhistorie en archeologie
Op grond van de Wet ruimtelijke ordening (inclusief Besluit ruimtelijke ordening en Modernisering Monumentenzorg) dient er rekening te worden gehouden met de cultuurhistorische waarden bij alle ruimtelijke ontwerpen en besluitvorming hierover. Dat wil zeggen dat deze cultuurhistorische, bouwhistorische, (historisch) stedenbouwkundige/landschappelijke en archeologische waarden onderzocht worden en wordt aangegeven in hoeverre ze worden ingepast en gerespecteerd bij de projectvorming. De cultuurhistorische waarden vormen een inspiratiebron en tevens afwegingskader voor de doorontwikkeling van nieuwe toekomstige ontwikkelingsplannen. Ze mogen niet onevenredig worden aangetast. De ontwikkeling mag dus niet leiden tot een onevenredige aantasting van deze waarden. De cultuurhistorische waarden vallen uiteen in meerdere deelaspecten die betrekking hebben op de ontwikkelingsgeschiedenis van: • archeologie/ geomorfologie; • historische (steden) bouwkundige structuur. 4.8.1
Archeologie
Wettelijk toetsingskader In Europees verband was het zogenaamde ‘Verdrag van Malta (Valletta)’ tot stand gekomen. Uitgangspunt van dit verdrag was het archeologisch erfgoed zo veel mogelijk in situ te behouden. Sindsdien geldt dat waar dit niet mogelijk is, het bodemarchief met zorg ontsloten dient te worden. Bij het ontwikkelen van ruimtelijk beleid moet het archeologisch belang vanaf het begin meewegen in de besluitvorming. In Nederland heeft dit geleid tot een herziening van de Monumentenwet 1988 alsmede een aanvulling op of wijziging van bepaalde artikelen in enkele andere wetten. Deze wijzigingswet is beter bekend als de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMZ), die op 1 september 2007 van kracht werd. Sinds de invoering van deze wet zijn gemeenten belast met de zorgplicht voor het archeologisch erfgoed. Dit is niet veranderd met de inwerkingtreding van de Erfgoedwet in 2016. Sindsdien is het behoud en beheer van het Nederlandse erfgoed geregeld door één integrale wet. De omgang met archeologie in de fysieke leefomgeving is sinds 2024 in de nieuwe Omgevingswet geregeld. Het uitgangspunt is dat de beschermingsniveaus zoals die in de eerdere wetten en regelingen golden, worden gehandhaafd.
Gemeentelijk beleidskader Artikel 3.1.6, tweede lid, onder a, Bro schrijft voor dat gemeenten een beschrijving geven van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 42 van 63 juli 2024 ontwerp
De gemeente kan in het belang van archeologische monumentenzorg regels stellen in het omgevingsplan over behoud van archeologische vindplaatsen in de bodem of archeologisch onderzoek. Om het archeologisch erfgoed te kunnen beschermen heeft de gemeente een gemeentelijke archeologiekaart opgesteld. Navolgend is een uitsnede van de gemeentelijke archeologiekaart opgenomen waarbij de projectlocatie globaal met een blauw cirkel is aangeduid.
Afbeelding: Uitsnede archeologiekaart gemeente Etten-Leur Te zien is dat het projectgebied is gelegen in de beleidscategorieën ‘bekende vindplaatsen’ en ‘zones met een lage kans op vindplaatsen, verstoringen en na onderzoek vrijgegeven en/of opgegraven zones’. Binnen de beleidscategorie ‘bekende vindplaatsen’ is het de beleidslijn dat onderzoek in vroege fase van de planvorming benodigd is indien de vrijstellingsgrens van < 100 m2 en 40 cm-mv wordt overschreden. Binnen de beleidscategorie ‘zones met een lage kans op vindplaatsen, verstoringen en na onderzoek vrijgegeven en/of opgegraven zones’ is het de beleidslijn dat er geen restricties zijn.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 43 van 63 juli 2024 ontwerp
Ten aanzien van het project Door Transect B.V. is een archeologisch bureauonderzoek (BO) en inventariserend Veldonderzoek (IVO) verkennende fase uitgevoerd. Het volledige onderzoek is bijgevoegd als bijlage 4. Navolgend worden de belangrijkste bevindingen uit het onderzoeksrapport toegelicht. Op basis van het bureau- en verkennend booronderzoek kent Transect aan het plangebied een lage verwachting toe op resten uit de periode midden paleolithicum tot en met mesolithicum, en een hoge verwachting voor de periode neolithicum tot en met nieuwe tijd. De verwachting voor de periode neolithicum tot en met vroege middeleeuwen is gebaseerd op de ligging van het plangebied op een relatief hooggelegen dekzandrug. De dekzandrug is nooit bedekt geweest met veen, waardoor het een aantrekkelijke vestigingsplaats is geweest. De verwachting voor de late middeleeuwen en de nieuwe tijd is gebaseerd op het feit dat het plangebied gelegen is in de historische kern van Etten. Binnen het plangebied is in ieder geval vanaf de 16e eeuw sprake van bebouwing. Het is niet uitgesloten dat deze nog verder teruggaat in de tijd. Op basis van het uitgevoerde onderzoek heeft de gemeente Etten-Leur besloten om vervolgonderzoek uit te voeren in het projectgebied. Het vervolgonderzoek is een verplichting voor de initiatiefnemer en zal plaatsvinden voor de start van de bouw.
Het besluit valt uiteen in verschillende onderdelen: • Het zuidelijke deel van het plangebied (rood op onderstaande kaart): hier geldt een hoge verwachting op resten uit de late middeleeuwen/nieuwe tijd. Het advies luidt om deze verwachting te toetsten middels een proefsleuvenonderzoek. • Het centrale deel van het plangebied is reeds onderzocht tijdens een archeologische begeleiding (in 2018, grijs op onderstaande kaart). De resultaten hiervan geven geen aanleiding om nader onderzoek uit te voeren. Dit deel van het plangebied is reeds vrijgegeven op basis van de resultaten van de begeleiding. Het huidige onderzoek geeft geen aanleiding daar op terug te komen. • De zone aan de noordkant van het plangebied, ter plaatse van de huidige parkeerplaats (groen op de kaart), is niet meegenomen in het booronderzoek. Hier blijft de verwachting uit het bureauonderzoek (hoge verwachting op resten uit de periode neolithicum tot en met nieuwe tijd) vooralsnog gehandhaafd. Bij bodemingrepen in dit deel van het plangebied dient vervolgonderzoek plaats te vinden. Dit kan bijv. door enkele aanvullende verkennende boringen te zetten tijdens het proefsleuvenonderzoek in de rest van het plangebied. Als de boringen daar aanleiding toe geven, kan in overleg met het bevoegd gezag worden overgegaan tot het aanleggen van proefsleuven.
Let wel, dit geldt alleen als in dit deel van het plangebied bodemingrepen plaatsvinden. Die zijn vooralsnog niet voorzien.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 44 van 63 juli 2024 ontwerp
Afbeelding: Kaart archeologisch advies 4.8.2
Cultuurhistorie
Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) verplicht gemeenten om het aspect cultuurhistorie uitdrukkelijk mee te wegen bij het opstellen van ruimtelijke plannen. Cultuurhistorische waarden worden onderscheiden in (steden-) & bouwkundige/ landschappelijke waarden en archeologische/ aardkundige waarden. Cultuurhistorische waarden zijn waarden die niet zichtbaar zijn in het landschap en aanwezige (bebouwings-) structuur en 'iets vertellen' over het (cultuurhistorische) verleden van het gebied; het verhaal van de plek ofwel het DNA. In een ruimtelijke onderbouwing dient conform de Wro/Bro een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden rekening is gehouden (artikel 3.1.6, lid 5). Bij afwijking van het bestemmingsplan is het daarmee dus verplicht om breder te kijken dan alleen naar het facet archeologie en/of aangewezen monumenten. Ook de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie dienen te worden meegenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet-formeel beschermde objecten en structuren. Navolgende afbeelding geeft een uitsnede van de cultuurhistorische waardenkaart van NoordBrabant weer. Het projectgebied is aangeduid met de blauwe pijl.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 45 van 63 juli 2024 ontwerp
Afbeelding: Uitsnede van de cultuurhistorische waardenkaart Noord-Brabant Op de afbeelding is te zien dat het projectgebied niet in een cultuurhistorisch waardevol gebied ligt. Binnen het projectgebied is wel een monumentaal prieeltje aanwezig. Deze wordt gehandhaafd. Daarnaast ligt in de nabijheid van het projectgebied een rijksmonumentaal pand aan de Markt 9. Door BAAC is in 2021 een bouwhistorische verkenning van het pand Markt 9 uitgevoerd. In de achtertuin van dit pand bevindt zich, naast een aantal oude bomen, een klein prieel. Dit prieel, geheel achterin de tuin, werd tijdens het veldwerk in ogenschouw genomen en gefotografeerd. Omdat tuinhistorisch onderzoek geen deel uitmaakte van de verkenning, is in de rapportage van 2021 slechts kort verdere aandacht besteed aan het tuinelement. Recentelijk is het prieel in de aandacht komen te staan, omdat het achterste deel van de tuin wordt afgestoten. Hierdoor zal het prieel in de openbare ruimte komen te staan. De historische verbinding met het huis gaat hiermee verloren en er zijn zorgen omtrent het risico op vandalisme wanneer het prieel niet langer in een omsloten omgeving staat. Het is om die reden dat er inzicht is gevraagd in de monumentwaarde die het prieel vertegenwoordigt. Het volledige rapport van het onderzoek naar het prieeltje is bijgevoegd als bijlage 13. Navolgend worden de belangrijkste conclusies toegelicht.
Dat het prieel herinneringswaarde vertegenwoordigt, is wel duidelijk. Het prieel zal zijn gebouwd in opdracht van huisarts Mol, zo omstreeks 1910-1915. Vrijwel zeker is het prieel onderdeel van een groot tuinplan waar ook de tuingebouwen dicht op het huis bij horen. Het prieel maakt deel uit van een ensemble dat inzicht geeft in het gebruik van de diepe tuin door de arts én de (buiten)wooncultuur binnen hogere sociale klasse in de genoemde periode. Uitgangspunt is dan ook dat het prieel behouden dient te blijven. Zonder een uitvoerige inventarisatie van prielen in EttenLeur te hebben gemaakt, durven we ook wel te stellen dat een prieel uit de genoemde periode zeldzaam in het dorp zal zijn.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 46 van 63 juli 2024 ontwerp
Er moeten enkele kritische opmerkingen ten aanzien van het prieel en de herinneringswaarde die het vertegenwoordigt, worden gemaakt. Zo is wel zeker dat de mate van authenticiteit van het prieel enigszins is aangepast. Dit heeft vooral betrekking op het metselwerk van de borstwering, dat niet uit de bouwtijd van het prieel dateert. Ook kunnen we niet voorbijgaan aan de recente ontwikkelingen in de tuin. Een groot deel van de tuin wordt namelijk geschikt gemaakt voor de bouw van een appartementencomplex. De bouw van dit complex drijft een wig in het ensemble van de tuingebouwen en beëindigt de (zicht) relatie tussen Markt 9 en het prieel. Dit heeft gevolgen voor de herinneringswaarde van het prieel. Na uitvoer van de voorgenomen ontwikkeling, is de herinneringswaarde van het prieel dus kleiner dan vóór die ontwikkeling. Dat neemt niet weg dat het prieel op zichzelf, als (vrij) zeldzaam voorbeeld van een prieel uit omstreeks 1910-1915 herinneringswaarde voor het dorp blijft houden. Conclusie Voor het aspect archeologie wordt geadviseerd om een nader onderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek uit te voeren. Vanuit het aspect cultuurhistorie (erfgoed) bestaan er geen belemmeringen om het project uit te kunnen voeren.
4.9
Natuur
Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming van kracht in Nederland. Dit is een samenvoeging van de Flora- en faunawet, Boswet en de Natuurbeschermingswet 1998. In de wet worden eveneens de door de Europese Unie vastgestelde Vogel- en Habitatrichtlijnen geïmplementeerd. De soortbescherming richt zich primair op de in deze richtlijnen benoemde soorten. Daarnaast is een deel van de soorten van de ‘rode lijst’ beschermd via de nieuwe Wet natuurbescherming. Ook geldt er voor alle soorten de algemene zorgplicht zoals deze al bekend was in de Flora- en faunawet. Daarnaast worden op basis van de Vogel- en Habitatrichtlijnen Natura 2000-gebieden aangewezen, en kunnen gebieden als beschermd gebied of beschermd landschapsgezicht worden aangewezen. Ook zijn er gebieden als Ecologische Hoofdstructuur aangewezen. De aanwijzing hiervan vindt zijn grondslag in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Op basis van de onderzoeksplicht (Wro) en de plicht tot het vaststellen van een uitvoerbaar plan dient bij het afwijken van het bestemmingsplan beoordeeld te worden of er belemmeringen aanwezig zijn voor verlening van een eventuele ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming voor de activiteiten die het plan mogelijk maakt of veroorzaakt.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
4.9.1
Blad 47 van 63 juli 2024 ontwerp
Gebiedsbescherming
Het dichtstbijzijnde natuurgebied is ‘Ulvenhoutse Bos’. Dit gebied is gelegen op een afstand van ca. 11.6 km. Door AROM B.V. is een stikstofberekening opgesteld. Het volledige onderzoek is te vinden in bijlage 5. Geconcludeerd wordt dat er geen berekenbare stikstofdepositie plaatsvindt als gevolg van de realisatie- en gebruiksfase van het project. 4.9.2
Soortenbescherming
Door Brabant Eco is een ecologische QuickScan uitgevoerd. Het volledige onderzoek is bijgevoegd als bijlage 6. Navolgend zijn de belangrijkste conclusies en adviezen van het rapport toegelicht. Op basis van de uitgevoerde quickscan wordt geconcludeerd dat er geen beschermde flora en fauna in het projectgebied voorkomen. Met de voorgenomen werkzaamheden zijn geen overtredingen te verwachten ten aanzien van de Wet natuurbescherming. Er zijn geen overtredingen te verwachten ten aanzien van de Wet natuurbescherming met het kappen van de bomen in het noorden van de achtertuin. Een kapvergunning is aanbevolen. De ingreep zal naar verwachting leiden tot een zeer beperkt en tijdelijk verlies van leefgebied van enkele overige beschermde soorten. De ingreep heeft geen invloed op de gunstige staat van instandhouding van deze soorten omdat het erf geschikt blijft als leefgebied en het relatief algemene soorten betreft. Op basis van het veldonderzoek en de analyse van de bestaande situatie kan het voorkomen van beschermde flora en fauna worden uitgesloten. Hierdoor wordt dan ook niet aanbevolen om een nadere inventarisatie door middel van extra veldonderzoek uit te voeren. Conclusie Het project voorziet geen belemmeringen op het aspect ‘natuur’.
4.10 Groen 4.10.1 Groenbeleidsnota Op 3 december 2013 heeft de gemeenteraad de Groenbeleidsnota 2013-2018 vastgesteld. De Groenbeleidsnota heeft als doelstellingen het beschermen en versterken van het openbaar groen in bestaand stedelijk gebied evenals het versterken van de samenhang van het groen met oog voor landschappelijke, ecologische, stedenbouwkundige en cultuurhistorische patronen. De nota dient als integraal beleidskader voor de stedelijke groenstructuur van de gemeente Etten-Leur, inclusief de randen tussen stedelijk gebied en buitengebied. De nota is in samenhang met andere beleidsterreinen een van de toetsingskaders voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 48 van 63 juli 2024 ontwerp
Ten aanzien van het project Het huidige groen binnen het projectgebied blijft zoveel mogelijk behouden. Doel is de bestaande bomen daarbij te behouden. Uitgangspunt voor de herinrichting van het projectgebied is een kwalitatief goed plan met een balans tussen verstening (bebouwing en verharding) en groen, waarbij zoveel mogelijk gebouwd wordt op de plek waar geen bomen zijn gesitueerd. Het gebied is en blijft een groene uitstraling hebben en is op grond van de APV beschermd. 4.10.2 Beschermde bomenlijst 2014 De gemeente Etten-Leur heeft een beschermde bomenlijst. Navolgend is de kaart van de beschermde bomenlijst 2014 weergegeven waarbij het gebied globaal met een blauwe cirkel is aangeduid.
Afbeelding: Uitsnede kaart beschermde bomenlijst 2014 Ten aanzien van het project Niet te behouden bomen Er zijn meerdere Bomen Effect Analyses uitgevoerd naar de kwaliteit van de bestaande bomen. De meest recente Bomen Effect Analyse uit 2023 is bijgevoegd als bijlage 7. Hieruit bleek dat meerdere bomen en houtopstanden in slechte staat verkeerde. Dit betrof onder andere de beschermde bomen die in bovenstaande afbeelding in het rood omcirkeld zijn. Deze zijn na het verkrijgen van een kapvergunning (kenmerk nummer 2021OG0776-01 en 20240207-0011900) inmiddels gekapt.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 49 van 63 juli 2024 ontwerp
Aan de zijde van de Binnentuin zijn een aantal bomen aanwezig waarvan de kwaliteit op basis van de BEA’s in slechte zijn of de staat van andere bomen aantasten. Aangezien er geen sprake is van acuut gevaar en deze bomen ook geen beperking vormen voor de ontwikkeling zijn hiervoor nog geen maatregelen genomen. Wel zijn deze meegenomen in de herplantplicht. Beschermen duurzaam te behouden In de BEA’s uit 2022 en 2023 is opgenomen welke bomen duurzaam behouden dienen te worden en welke maatregelen genomen dienen te worden. Voorafgaande aan de bouw zal een zogenaamde werkplan bescherming bestaande bomen worden opgesteld en getoetst door de gemeente. Hierin dient te worden aangetoond hoe de bomen tijdens de uitvoering beschermd worden. Het is van groot belang dat de werkzaamheden rondom de boom worden begeleid door een deskundige. Hiervoor kan een boomtechnisch toezichthouder worden ingezet. Dit is een persoon met aantoonbare boomtechnische kennis (niveau European Tree Technician), die ingezet kan worden om werkzaamheden rondom de boom te begeleiden en te controleren. Deze toezichthouder moet sturend optreden en controleert op het naleven van de hier beschreven voorschriften om eventuele problemen tijdig te signaleren en (ondergrondse of bovengrondse) schade aan de boom te voorkomen.
Daarnaast kan de toezichthouder zorgen voor vaktechnische input en beoordelen, bij knelpunten, welke wortels wel of niet verwijderd kunnen worden. Door zelf, indien nodig, deze wortels deskundig af te zetten, wordt onnodige schade aan wortels voorkomen, wat een goede hergroei na afronding van de werkzaamheden bevorderd. Een van de beschermde bomen betreft de grote beuk. Vanaf de huidige erfgrens loopt het maaiveld sterk af richting het zuiden. Hierdoor is bij deze boom een fors hoogteverschil aanwezig van circa 50 tot 60 cm. Indien het maaiveld nabij deze boom wordt genivelleerd kan dit ernstige gevolgen hebben voor de zuurstofhuishouding van de boom. Tevens kan het aanbrengen van de ontsluiting naar de ingang van het gebouw leiden tot onder- en of bovengrondse beschadiging van de boom. Er is daarom voor gekozen om naast de boom een vlonderconstructie aan te leggen om het hoogteverschil op te vangen. Hiermee wordt voorkomen dat de wortels van de boom worden aangetast. Aanplant nieuwe bomen/ herplantplicht In de BEA uit 2022 en 2023 is de herplantplicht opgenomen. Navolgend wordt dit toegelicht en hoe hier in het plan mee wordt omgegaan. 2 bomen in de tuin van Markt 9 Deze bomen zijn reeds aangeplant. Aanvullend zijn extra bomen (Portugese laurieren) aan de achterzijde van het pand Markt 9 gepland.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 50 van 63 juli 2024 ontwerp
2 bomen in openbaar gebied naast de parkeerplaatsen Deze zijn meegenomen op tekening. De exacte locatie wijkt daarbij iets af ten opzichte van hetgeen is opgenomen in de BEA. Conform het advies in de BEA wordt de soortkeuze afgestemd op andere bomen die reeds in het gebied aanwezig zijn. Zoals op tekening aangegeven is de verwachting dat meer bomen kunnen worden aangeplant. In overleg met de eigenaar van Markt 17 wordt de aanplant en exacte locatie van een boom aan achter Markt 17 bepaald. Leilindes in openbaar gebied op westelijke gevel (achterzijde Markt) Conform het advies uit de BEA 2022 worden tussen de gevel en de ontsluitingsweg naar de achterzijde van Markt leilindes geplaatst. Deze bomen dienen ook als camouflage van de gevel. Conclusie Met de ontwikkeling wordt geborgd dat de toekomstige bomen behouden worden en dat de kwalitatief slechte bomen vervangen door nieuwe bomen. Hierdoor verbetert de groenkwaliteit in het gebied.
4.11 Bedrijven en Milieuzonering Bij de opstelling van een onderbouwing bij een uitgebreide omgevingsvergunning dienen ook de gevolgen voor het woon- en leefklimaat te worden meegenomen in het kader van de belangenafweging. Er dient te worden beoordeeld of, uitgaande van het uitgewerkte plan, geen onoverkomelijke problemen zijn te verwachten. Bij een ruimtelijke ontwikkeling dient rekening te worden gehouden met milieuzoneringen van bestaande en toekomstige bedrijven om zodoende de kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Bij de milieuzonering wordt gebruik gemaakt van de door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) opgestelde Lijst van Bedrijfsactiviteiten uit de handreiking ‘Bedrijven en Milieuzonering’. De lijst ‘Bedrijven en Milieuzonering’ geeft de richtafstanden weer voor milieubelastende activiteiten. In de lijst ‘Bedrijven en Milieuzonering’ worden richtafstanden gegeven voor de aspecten geur, stof, geluid en gevaar. De richtafstanden gelden tussen de grens van de bestemming en de uiterste grens van de gevel van een woning, of verblijfsruimte, die volgens het bestemmingsplan of via vergunning vrij bouwen mogelijk is. De richtafstanden zijn afgestemd op twee omgevingstypen: ‘rustige woonwijk’ en ‘gemengd gebied’. Het projectgebied kan getypeerd worden als ‘gemengd gebied’.
Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor, zoals winkels, horeca en kleine bedrijven.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9
Blad 51 van 63 juli 2024
Gemeente Etten-Leur
ontwerp
Ook een lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. Gebieden die direct langs de hoofdinfrastructuur liggen, behoren ook tot het omgevingstype gemengd gebied. Richtafstanden Voor alle typen bedrijven zijn in de handreiking ‘Bedrijven en Milieuzonering’ richtafstanden opgenomen. Het betreft de richtafstanden voor de vier ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. Bij het bepalen van deze richtafstanden zijn onder andere de volgende uitgangspunten gehanteerd: ➢ Het betreft ‘gemiddelde’ moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen. ➢ De richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van bedrijfsactiviteiten. De richtafstanden gelden ten opzichte van een rustige woonwijk en rustig buitengebied. Ten opzichte van een gemengd gebied kunnen de richtafstanden met één afstandsstap worden verkleind (behalve voor het aspect gevaar). Dit is toegelicht in navolgende tabel. Milieucategorie
Afstand tot rustige Afstand tot gemengd gebied woonwijk/buitengebied
1
10 m
0m
2
30 m
10 m
3.1
50 m
30 m
3.2
100 m
50 m
4.1
200 m
100 m
4.2
300 m
200 m
5.1
500 m
300 m
5.2
700 m
500 m
5.3
1.000 m
700 m
6
1.500 m
1.000 m
Tabel: richtafstanden per milieucategorie Bestaande bedrijven In de directe omgeving van het projectgebied zijn bedrijven gelegen. Van belang is om te bezien of er eventuele belemmeringen zijn. Navolgend is een overzicht van alle in de buurt gelegen bedrijven weergegeven. De richtafstanden in deze tabel zijn de richtafstanden die horen bij een gemengd gebied en daarom één afstandstrap terug gebracht dan aangegeven in de VNG brochure. Navolgend is een tabel weergegeven met de geïdentificeerde bestaande bedrijven in de nabije omgeving van het projectgebied.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 52 van 63 juli 2024 ontwerp
Tabel: Richtafstanden bestaande bedrijven Daarnaast is aan de Dreef 5a een trafohuisje aanwezig. Voor een trafohuisje geldt een richtafstand van 10 meter voor gevaar. De grootste richtafstand tot het projectgebied bedraagt 10 meter. Deze afstand is afkomstig van de bioscoop aan de Binnentuin 2 voor het aspect geluid en het trafohuisje aan de Dreef 5a voor het aspect geluid en gevaar. De beoogde woningen binnen het projectgebied liggen niet binnen de richtafstanden behorende bij milieubelastende functies in de omgeving. Inwaartse milieuzonering vormt geen belemmering voor het project. Navolgend is een uitsnede met de locatie van het trafohuisje en de bioscoop weergegeven met de richtafstanden.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 53 van 63 juli 2024 ontwerp
Afbeelding: Richtafstanden trafo en bioscoop Het project voorziet in een mogelijke milieubelastende functie door de realisatie van een wijkfunctie. De beoogde milieubelastende functie binnen het projectgebied en de bijbehorende richtafstanden zijn weergegeven in de navolgende tabel. Het betreft de richtafstanden tot een gemengd gebied.
Tabel: Richtafstanden milieubelastende functie binnen het projectgebied De beoogde wijkfunctie heeft voor het aspect geluid een richtafstand van 10 meter tot een gevoelig object binnen een gemengd gebied. Omliggende woningen zijn buiten de richtafstand van 10 meter gelegen. Ten aanzien van geluidsoverdracht binnen het gebouw wordt getoetst en voldaan aan het bouwbesluit. Conclusie Het aspect ‘Bedrijven en Milieuzonering’ vormt geen belemmering voor onderhavige ontwikkeling.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 54 van 63 juli 2024 ontwerp
4.12 Verkeer en parkeren Een goede verkeersafwikkeling en parkeervoorziening is van belang in het kader van een ‘goede ruimtelijke ordening’. Verkeer Het projectgebied wordt ontsloten door de Dreef. De nieuwe gewenste situatie zorgt volgens de normen van de CROW voor maximaal (23*3,8 =) 87,4 verkeersbewegingen per etmaal. Voor de wijkfunctie zijn geen specifieke verkeerskencijfers of -normen bekend. Hierbij is op basis van de wijkfunctie in Centrum West uitgegaan van 2 algemene gehandicaptenparkeerplaatsen (AGPP) en een 5 reguliere parkeerplaatsen. Dit betreft ook bezoekers. Voor elke parkeerplaats worden 2 verkeersbewegingen gehanteerd, waardoor de verwachte verkeersbewegingen voor de wijkfunctie (7 * 2 =) 14 per etmaal bedraagt. De weg is dusdanig ingericht dat deze de geringe hoeveelheid extra verkeersbewegingen als gevolg van voorgestane ontwikkeling eenvoudig kan verwerken. Parkeren Door de gemeente Etten-Leur zijn parkeernormen gesteld in de Nota parkeernormen Etten-Leur. De parkeernormen in Etten-Leur zijn gebaseerd op de kencijfers gepubliceerd door het CROW. EttenLeur hanteert daarbij het gemiddelde van deze kencijfers. Op basis van de adressendichtheid heeft het CROW de stedelijkheid van alle gemeenten in Nederland bepaald. De stedelijkheid van EttenLeur is ‘sterk stedelijk’. Onderhavig project is gelegen binnen ‘Centrum’.
Afbeelding: Uitsnede parkeernormen hoofdgroep ‘wonen’, Gemeente Etten-Leur Op basis van de parkeernormen geldt voor goedkope koopappartementen in het centrum een parkeernorm van 0,9 pp per woning voor bewoners en 0,3pp per woning voor bezoekers.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 55 van 63 juli 2024 ontwerp
Voor de wijkfunctie zijn geen specifieke parkeerkencijfers of -normen bekend. Hierbij is op basis van de wijkfunctie in Centrum West uitgegaan van 2 algemene gehandicaptenparkeerplaatsen (AGPP) en een 5 reguliere parkeerplaatsen (pp). Dit betreft ook bezoekers. Totaal bedraagt de theoretische parkeerbehoefte 35 parkeerplaatsen waarvan 21 pp voor bewoners en 14 bezoekers voor de appartementen en de wijkfunctie. Aangezien het een combinatie van functies betreft mag rekening worden gehouden met aanwezigheidspercentages. Voor de maatschappelijke ruimte zijn de percentages niet bekend en worden daarom volledig meegerekend. De werkdagavond is maatgevend en de parkeerbehoefte is dan 29 parkeerplaatsen in totaal waarvan 19 voor de bewoners van de appartementen. Voor het gebruik van de bestaande parkeerplaatsen aan De Dreef is een parkeeronderzoek in 2022 uitgevoerd door SOAB, in opdracht van de gemeente Etten-Leur. Het volledige parkeeronderzoek is bijgevoegd als bijlage 8. Daarnaast is in 2023 tevens een parkeeronderzoek uitgevoerd. De resultaten hiervan zijn opgenomen als bijlage 10. Navolgend worden de belangrijkste conclusies en adviezen toegelicht. Uit het parkeeronderzoek uit 2022 en 2023 blijkt in het projectgebied restcapaciteit aanwezig.
Dit is immers ook logisch aangezien de parkeercapaciteit niet is aangepast naar aanleiding van het verdwijnen van de vorige functie (supermarkt). Deze capaciteit is, in combinatie met de extra parkeerplaatsen die aangelegd worden, voldoende om de extra parkeerbehoefte voor bewoners en bezoekers van de appartementen en de maatschappelijke ruimte op te vangen. Voor onderhavig plan worden 22 nieuwe parkeerplaatsen gerealiseerd waarvan 2 mindervalide parkeerplaatsen. Daarnaast zijn er 2 bestaande parkeerplaatsen aanwezig aan de linkerzijde van het openbaar groen. Bezoek kan opgevangen worden op de reeds bestaande parkeerplaatsen in de directe omgeving alsmede de parkeergarage. Dit strookt met het parkeerbeleid van de gemeente waarin wordt aangemoedigd dat bezoek in de parkeergarage parkeert. Conclusie Voor het aspect ‘verkeer en parkeren’ worden ten aanzien van deze ontwikkeling geen problemen verwacht.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 56 van 63 juli 2024 ontwerp
4.13 Kabels en leidingen Kabels en leidingen kunnen een belemmering vormen ten aanzien van de uitvoerbaarheid van een project. Voor onderhavige ontwikkeling is een klic-melding uitgevoerd. De tekeningen van de klic-melding zijn opgenomen als bijlage 12. Uit de klic-melding blijkt dat er geen kabels of leidingen aanwezig zijn die een belemmering vormen voor de ontwikkeling. Ter plaatse van de nieuw te bouwen woningen waar de grondroeringen zullen plaatsvinden zijn geen leidingen of kabels aanwezig. Nabij het projectgebied zijn wel enkele kabels en leidingen aanwezig. Indien hier grondroeringen dienen plaats te vinden wordt hiermee rekening gehouden.
4.14 M.e.r.- plicht Onderhavig project ziet op de realisatie van 23 appartementen en een wijkfunctie. Dit kan leiden tot een m.e.r.(beoordelings)-plicht. Of een m.e.r.- procedure of m.e.r-beoordeling noodzakelijk is, hangt af van het feit of de ontwikkeling (activiteit) is opgenomen in lijst C en D van het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.). Per 7 juli 2017 is een wijziging van het Besluit m.e.r. in werking getreden. Wanneer de voorgenomen de ontwikkeling (activiteit) is opgenomen in lijst C en D van het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.) moet getoetst worden of er sprake is van nadelige milieugevolgen en moet wanneer hier sprake van is een vormvrij m.e.r.-beoordelingsbesluit genomen worden. Ten aanzien van het project Voor onderhavig initiatief is een vormvrije m.e.r.-beoordeling opgesteld. Deze is terug te vinden in bijlage 9. In deze toelichting worden de belangrijkste conclusies vermeld, voor de gehele motivering wordt verwezen naar de bijlagen. Het college van burgemeester en wethouders heeft op 2 juli 2024 besloten dat er geen milieueffectrapportage hoeft te worden gemaakt.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 57 van 63 juli 2024 ontwerp
4.15 Duurzaamheid De gemeente Etten-Leur hecht belang aan het aspect duurzaamheid. Samen met gemeenten in de regio heeft zij in 2007 de Verklaring van Dussen ondertekend en zich daarmee bereid verklaard om haar aandeel te leveren in de rijksdoelstellingen op het gebied van CO2-reductie, duurzame energieproductie en energiebesparing. De Rijksoverheid stelt dat Nederland in 2050 klimaatneutraal moet zijn. Nieuwe woningen mogen niet meer op het aardgasnet worden aangesloten en moeten aan de in het Bouwbesluit opgenomen normen voldoen van woningisolatie. In dit kader hebben de gemeenten, samen met een aantal marktpartijen en woningcorporaties, in mei 2014 het Convenant Duurzaam Bouwen West-Brabant ondertekend. Daarbij wordt GPR (een methode om de duurzaamheid van een gebouw of woning inzichtelijk te maken) ingezet als instrument om de duurzaamheid van gebouwen te kunnen meten. Ten aanzien van het project De nieuwe woningen en de wijkfunctie worden gasloos gebouwd. De woningen betreffen Nul op de Meter (NOM) woningen. Dit houdt in dat de woningen over het hele verbruiksjaar gezien net zoveel energie verbruiken als dat er lokaal op een duurzame manier energie wordt opgewekt. De woningen zijn voorzien van individuele warmtepompen. Op het dak van de nieuwbouw worden PV-panelen geplaatst.
Daarnaast is in paragraaf 4.7 ‘Water’ reeds toegelicht dat onderhavig project voldoet aan de hemelwaterverordening. Ook wordt er particulier groen omgezet naar openbaar groen in het project waarmee er qua groen een verbetering plaatsvindt ten opzichte van de huidige situatie. Dit is verder toegelicht in paragraaf 4.10 ‘Groen’. Het project voorziet geen belemmeringen op het aspect ‘duurzaamheid’.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
5
UITVOERBAARHEID
5.1
Economische uitvoerbaarheid
Blad 58 van 63 juli 2024 ontwerp
Er is een aan- en verkoopovereenkomst afgesloten waarin het kostenverhaal, de afspraken ten aanzien van planschade, tijdvak/fasering en locatie/uitvoering zijn opgenomen. Hiermee is conform artikel 6.12 tweede lid Wro het kostenverhaal over de in de omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan begrepen gronden verzekerd. Omdat naast de overeenkomst het stellen van nadere eisen en regels omtrent tijdvak/fasering en locatie/uitvoering niet noodzakelijk is, is het niet nodig om dit plan vergezeld te doen gaan van een in artikel 6.12 eerste lid Wro bedoeld exploitatieplan. Op basis van het programma is er een sluitende begroting op basis waarvan het plan uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid is gelet op het bovenstaande verzekerd.
5.2
Nut en noodzaak
Samenvattend kan geconcludeerd worden dat het initiatief inpasbaar is op de locatie, binnen het bestaande beleid past en voldoet aan de relevante planologische randvoorwaarden.
5.3
Wettelijk vooroverleg
Op grond van artikel 6.18 Besluit omgevingsrecht juncto artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening is overleg nodig met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Provincie Noord-Brabant De provincie Noord-Brabant heeft per brief (d.d. 19 juni 2024) aangegeven dat het project in overeenstemming is met de provinciale belangen. Waterschap Brabantse Delta Het Waterschap Brabantse Delta heeft per mail (d.d. 11 juli 2024) aandachtspunten meegegeven. De aandachtspunten zijn, in het kort, als volgt: 1. De berekening qua retentie is voldoende. Graag aandacht voor het functioneren van krattensysteem, het moet mogelijk zijn dat het water voldoende snel kan infiltreren.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 59 van 63 juli 2024 ontwerp
Reactie Dit aandachtspunt wordt voor kennisgeving aangenomen. Hiermee wordt rekening gehouden bij de dimensionering van de infiltratiekratten. 2. In de toelichting wordt verwezen naar de Keur. Dit is echter sinds de invoering van de Omgevingswet de Waterschapsverordening geworden. Reactie Onderhavig project doorloopt nog de procedure volgens het oude recht. Daarmee dient er getoetst te worden aan de (beleids)regels die golden vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet. Om die reden is onderhavig project getoetst aan de Keur. Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant De Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant heeft per mail (d.d. 15 april 2024 en 1 juli 2024) opmerkingen gemaakt. De opmerkingen zijn, in het kort, als volgt: 1. Het plangebied voldoet aan de criteria van het standaardadvies. Qua bereikbaarheid dient het te voldoen aan de beleidsregels bereikbaarheid en bluswater. De twee aangegeven opstelplaatsen voor de brandweer dienen binnen 40 m te zijn voorzien van een brandkraan van 60 m3h. Daarnaast dient elke woning op maximaal 60 m van deze opstelplaats zijn gelegen om het snel blussen van kleine branden te garanderen. Wordt hier niet aan voldaan dan dient het plan opnieuw uitgewerkt te worden. We lopen via de trap naar boven en de totale lengte van de slangen is bepaald op 60 m. Reactie De woningen vallen binnen de afstand van 60 meter vanaf de opstelplaatsen.
Navolgend wordt ingegaan op de brandkraan. 2. Nu duidelijk is dat er geen waterleiding vanaf de Dreef over de parkeerplaats naar het nieuw te bouwen bouwwerk ligt, wil ik de gemeente verzoeken zich hard te maken bij Brabant Water voor het bijplaatsen van een ondergrondse brandkraan op het punt waar de waterleiding een hoek in zuidelijke richting maakt richting de bioscoop. Dat is in mijn beleving de meest gunstige en best haalbare plaats voor een bluswatervoorziening voor het wijkgebouw/appartementengebouw. Volgens onze Interregionale Adviesleidraad is de afstand tussen de ondergrondse brandkraan en de brandweeringang maximaal 40 meter. Ik verwacht dat met de voorgestelde positie ten opzichte van de hoofdentree van het appartementengebouw wordt voldaan aan deze afstand. Reactie In overleg met BrabantWater wordt een brandkraan aangelegd op het punt waar de waterleiding een hoek in zuidelijke richting maakt richting de bioscoop.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
5.4
Blad 60 van 63 juli 2024 ontwerp
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Omgevingsdialoog In 2021 is een startnotitie participatie opgesteld door de gemeente voor onderhavige ontwikkeling. Naar aanleiding van de uitkomsten van de omgevingsdialoog zijn ook de kaders door de raad vastgesteld. Deze kaders zijn toegelicht en getoetst in paragraaf 2.3 ‘Gewenste situatie’. Bij de participatie zijn de volgende partijen betrokken: • Bewoners appartementen Veemarktstraat/Binnentuin; • Omwonenden Dreef; • Omwonenden Markt; • Ondernemers Markt / Dreef; • Wijkvereniging Centrum West; • Overige geïnteresseerde personen en bedrijven. Op 9 maart 2022 en 7 juni 2022 zijn participatieavonden georganiseerd. De verslagen van deze participatieavonden zijn opgenomen als bijlage 11. Navolgend worden deze kort toegelicht. De belangrijkste zorgen van omwonenden betroffen de bouwplannen, parkeerproblematiek, het behoud van groen en de inrichting van de omgeving. Men wilde maximaal 2 à 3 bouwlagen en prefereerde één groter gebouw boven twee aparte. Er was behoefte aan voldoende parkeergelegenheid, met speciale aandacht voor elektrische laadpalen, en goede bereikbaarheid voor bestaande parkeerplekken en veiligheidsdiensten. Het behouden of herplanten van groen was een speerpunt, net als het inpassen van de wijkfunctie De Drempel en de twee jeu de boules banen in de nieuwe plannen. Er zouden in eerste instantie drie jeu de boules banen komen.
Vanwege het behoud van een boom in het kader van natuurwaarde en omdat de boom in de zichtlijn staat tussen de woningen aan de Binnentuin en de nieuwbouw is dit aangepast naar twee jeu de boules banen. In afstemming met de wijkvereniging en de bewoners van de Binnentuin wordt gekeken of nog een derde baan ingepast kan worden. Verder zijn er vragen vanuit bewoners aan de zijde van de Markt gesteld ten aanzien van de bereikbaarheid van de parkeerplaatsen. De breedte van de weg is in lijn met de norm. Daarnaast zijn de benodigde draaicirkels om de parkeerplaatsen aan de achterzijde van Markt 11 te bereiken in beeld gebracht. Aanvullend wordt naar aanleiding van het verzoek van Markt voor meer ruimte aan de achterzijde van Markt 11 een insparing gemaakt in de bossage en wordt een verkeersspiegel geplaatst. In het algemeen werd benadrukt dat de feedback van bewoners serieus wordt genomen en op meerdere punten tot aanpassingen in de plannen heeft geleid. De initiatiefnemer en de gemeente zette zich in om de opmerkingen van de omwonenden te integreren in een plan dat recht doet aan zowel de woningbehoefte als de leefbaarheid in het gebied.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 61 van 63 juli 2024 ontwerp
Verder is in augustus 2023 een informatiebrief verstuurd naar de omwonenden met betrekking tot de behandeling van het vaststellen van de financiële en ruimtelijke kaders in de raad. In december 2023 zijn de omwonenden geïnformeerd over de ingediende aanvraag omgevingsvergunning en is er een uitnodiging gestuurd van de bewonersavond die in januari 2024 is georganiseerd. Daarna is er nog direct contact geweest met de bewoners van Markt 11,13 en 15.
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9
juli 2024
Gemeente Etten-Leur
ontwerp
Colofon Projectgegevens Project Projectnummer Datum Revisie
Blad 62 van 63
Cambrinus, Dreef - Markt 9 22EL-RUOBMARKT juli 2024 04
Opdrachtgever De Winthont Projectontwikkeling & Vastgoed B.V. AROM B.V. Laan door de Veste 1 Vestepoort Brandevoort 5708 ZZ Helmond
Ruimtelijke onderbouwing Cambrinus, Dreef – Markt 9 Gemeente Etten-Leur
Blad 63 van 63 juli 2024 ontwerp
BIJLAGEN BIJLAGE 1
Laddertoets, AROM B.V., d.d. juli 2024.
BIJLAGE 2
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, De Roever Omgevingsadvies, d.d. 26 oktober 2023, referentie: 20221663.V02
BIJLAGE 3
Verkennend bodemonderzoek Markt 9 te Etten-Leur, MILON B.V., d.d. 27 januari 2023, projectnummer: 20221806.
BIJLAGE 4
Archeologisch bureauonderzoek (BO) en inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase versie 1.4, Transect, d.d. 27 juni 2024, projectcode: 22090008.
BIJLAGE 5
Stikstofberekening realisatie- en gebruiksfase, AROM B.V., d.d. november 2023
BIJLAGE 6
Ecologische QuickScan, Brabant Eco, d.d. 23 december 2022, rapportnummer: 2022BE-0411.
BIJLAGE 7
Bomen effect analyse, Arbor Consultancy, d.d. 24 november 2023.
BIJLAGE 8
Parkeeronderzoek De Dreef, SOAB, d.d. 2 juni 2022, kenmerk 26660.
BIJLAGE 9
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-procedure, AROM B.V.
BIJLAGE 10
Resultaten parkeeronderzoek De Dreef 2023, SOAB
BIJLAGE 11
Verslag participatieavonden 9 maart 2022 en 7 juni 2022
BIJLAGE 12
Tekeningen Klic-melding, d.d. 1 november 2023
BIJLAGE 13
Cultuurhistorisch onderzoek prieeltje Markt 9 Etten-Leur, BAAC, rapportnummer B21.0279a