Groenplan
Tekst van het document
GROENPLAN ETTEN-LEUR
Inhoud Inleiding .................................................................................................................................3 Samenvatting .........................................................................................................................5 Deel I: We bekijken het eens door een groene bril .....................................................................9 1.
Duurzaam denken en doen in het groen ......................................................................10
2.
Wonen en werken in het groen ...................................................................................15
3.
Mobiliteit in het groen ................................................................................................17
4.
Verblijven en ontmoeten in het groen .........................................................................19
5.
Samenwerken en leren over groen .............................................................................21
6.
Hoofdgroen- en hoofdbomenstructuur .......................................................................23
7.
Kwaliteit en kwantiteit in het openbaar groen: De groennorm ......................................24
8.
Bomenbeleid ............................................................................................................29
Deel II: We zijn op de groene weg ...........................................................................................34 1.
Duurzaamheid, natuur en ecologie ............................................................................35
2.
Wonen en werken in het groen ...................................................................................39
3.
Mobiliteit in het groen ................................................................................................41
4.
Verblijven en ontmoeten in het groen .........................................................................42
5.
Samenwerken en leren over groen .............................................................................45
6.
Kwaliteit en kwantiteit in het openbaar groen: De groennorm ......................................46
7.
Bomenbeleid ............................................................................................................50
8.
Knelpunten en bedreigingen ......................................................................................56
9.
Metingen en volgen van resultaten .............................................................................58
Deel III: Geld maakt niet gelukkig, maar groen wel ..................................................................59 1.
Toelichting op de kostensoorten voor groen ................................................................60
2.
Benodigde financiële middelen ..................................................................................61
2
Inleiding Openbaar groen draagt bij aan de leefbaarheid en kwaliteit van de leefomgeving. Etten-Leur wordt er een aantrekkelijkere plek door. Bij duurzaamheid, klimaat en biodiversiteit is groen een onmisbaar onderdeel. Ook is groen, vaak in combinatie met water, belangrijk bij ontmoeten, gezondheid, recreatie en herkenbaarheid van de leefomgeving. We willen daarom alle voordelen van groen in Etten-Leur behouden en uitbreiden. Daar hoort actueel groenbeleid bij en daarom maakten wij dit groenplan. Het gaat over het beschermen, behouden, versterken en aanpassen van openbaar groen. Daarom stellen we visies, beleid, uitgangspunten en afspraken op en voeren die uit. Voor het opstellen van het plan raadpleegden we interne en externe vakcollega’s. Ook zetten we een vragenlijst uit onder inwoners, ondernemers en organisaties in Etten-Leur. De uitkomsten daarvan en hoe we die gebruiken in het groenplan staan op Etten-Leur maken we samen1.
Randvoorwaarden en kaders Hier houden we rekening mee In dit groenplan ook verschillende keren naar andere (beleids)documenten.
Lokaal -
Gemeentelijke Omgevingsvisie Gemeentelijk Omgevingsplan Gemeentelijk Omgevingsprogramma Gemeentelijk Waterplan Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid Visie Klimaatadaptatie Hemelwaterverordening Nota Grondbeleid Etten-Leur
Provinciaal en landelijk -
Provinciale en nationale Omgevingsvisie Provinciaal en nationaal Omgevingsplan Provinciaal en nationaal Omgevingsprogramma
Europees -
1
Vogel- en habitatrichtlijn Gemeenschappelijk landbouwbeleid Europese Unie Kaderrichtlijn Water Nitraatrichtlijn Verdrag van Malta
https://etten-leurmakenwesamen.nl/ruimte+voor+wonen+en+leven/het+groenplan/default.aspx
3
Het kan voorkomen dat er extra regelgeving bij komt of juist vervalt. Op verzoek leveren we een actuele lijst van dat moment.
Begraafplaatsen en sportparken zijn geen onderdeel van het groenplan Dit komt omdat zij geen deel uitmaken van het openbaar groen. We zorgen met op maat gemaakte beheer- en onderhoudsplannen wel goed voor de begraafplaatsen en sportparken.
Reikwijdte en geldigheid Het groenplan vervangt de oude methode “Beheren op Niveau” voor het onderdeel openbaar groen. Ook vervangt het de “Groenbeleidsnota 2013-2018”. Het groenplan gaat hoofdzakelijk over het stedelijk gebied en legt verbindingen met het beleid voor het buitengebied. De looptijd van het plan is van 2024 tot en met 2033. Afhankelijk van bestuurlijke of klimatologische veranderingen zullen we het groenplan eventueel eerder herzien.
Participatie- en onderzoekstraject We brachten in beeld hoe Etten-Leurenaren en belanghebbenden denken over groen in de gemeente. Daarvoor gebruikten we een vragenlijst en hielden we een gesprek met IVN. In de vragenlijst stonden vragen centraal over hoeveelheid en soorten groen, hoe mensen denken over biodiversiteit en vragen over klimaatbestendigheid. Een uitgebreid verslag daarvan staat op www.etten-leurmakenwesamen.nl2. Ook voerden we bureauonderzoek uit waarbij we keken naar ontwikkelingen rondom groen in brede zin. Vanuit de gedachte van de Omgevingsvisie zijn we ons bewust van de invloed die groen heeft op Etten-Leurenaren. We keken daarom terug op de gemeentelijke plannen over groen uit het verleden. Dan weten we waar we vandaan komen. Ook keken we vooruit en lazen plannen van andere gemeenten. Daaruit haalden we inspiratie voor de opzet, thema’s en nieuwe ontwikkelingen. Alle informatie uit het bureauonderzoek gebruikten we voor het opzetten van dit plan.
De opzet van het groenplan Het groenplan is verdeeld in drie delen: -
2
In deel I delen we onze visie op groen. Deel II bestaat uit alle plannen en projecten. In deel III staat onze financiële aanpak.
https://etten-leurmakenwesamen.nl/ruimte+voor+wonen+en+leven/het+groenplan/default.aspx
4
Samenvatting Duurzaam denken en doen in het groen We kiezen voor een samenhangend netwerk van groen met meer biodiversiteit. Daarbij besteden we ook aandacht aan klimaatbestendigheid.
Onze visie Biodiversiteit in openbare ruimte wordt de norm. Etten-Leur sluit zich aan bij deze opvatting die vanuit zorg voor de natuur wereldwijd steeds vaker als uitgangspunt wordt genomen. Daar passen we onze aanleg en beheer op aan. Om voldoende groen te behouden zijn we zuinig op bestaand groen en voegen we meer en diverser groen toe. Al het nieuwe groen is toekomstbestendig. Als het mogelijk is om groen en water te combineren doen we dat. We versterken het groene netwerk in het stedelijk gebied en verbinden dit netwerk waar mogelijk met het buitengebied. We zetten in op samenwerking met inwoners en bedrijven waar dit kan. De positie van dieren verbeteren we met het Soorten Management Plan. We streven naar natuurlijke biotopen voor plant en dier.
Dit gaan we doen We breiden de soorten, typen en structuren bij het groen dat we plaatsen uit. Daarbij testen we ook met nieuwe soorten en vormen, ook op plekken waar standaard groen lastig te plaatsen is. We voeren het beheer ecologisch uit waar dit kan. Ook planten we meer bloembollen en vormen we gras deels om naar beplanting of kruidenvegetaties. We brengen in beeld waar overbodige verharding is en vervangen dat door groen. Zo willen we bij elke reconstructie als het mogelijk is extra groen toevoegen. Voor het groennetwerk brengen we de knelpunten en kansen in beeld. We stimuleren inwoners en bedrijven om gevelgroen toe te passen. Daar stellen we ook regels voor op. Op plekken waar we willen proberen of groen in plaats van parkeren kan komen zetten we voor langere tijd mobiel groen in. Ook bestrijden we ongewenste kruiden en exoten.
Wonen en werken in het groen We kiezen voor een groene en duurzame leef- en werkomgeving.
Onze visie We zetten in de leef- en werkomgeving in op behoud en uitbreiding van het aantal groene plekken. Daarmee maken we de leef- en werkomgeving in Etten-Leur gezonder en aantrekkelijker. We willen hittestress tegengaan en water vasthouden. Bij bedrijventerreinen kijken we waar extra groen mogelijk is. Ook versterken en behouden we de groene buffers in Etten-Leur. Per gebied stellen we een eindbeeld voor het groen op. Dit eindbeeld past bij het karakter van het gebied.
Dit gaan we doen We stellen gebiedspaspoorten op. Met de verkoop van snippergroen stoppen we na afronding van de lopende verkoopprojecten. Eerder kan niet omdat we de lopende projecten en contracten moeten uitvoeren. 5
Dat doen we omdat we meer flexibiliteit willen om ook rekening te houden met toekomstige ontwikkelingen. Het beheer wordt over de hele gemeente nog meer gelijk, er is beperkt ruimte voor accenten op bijzondere locaties. Voor de verbetering van groen op Vosdonk is er het project Grote Oogst. Daarin doen we mee met de daar gevestigde bedrijven en andere samenwerkingspartners. We werken aan bestaande en nieuwe plukroutes en informeren daarover. Ook kiezen we voor meer aaneengesloten stukken groen. Die zijn beter voor biodiversiteit en beter te beheren.
Mobiliteit in het groen We willen een herkenbare wegenstructuur. Daarin is het fijn fietsen en wandelen. Groen draagt eraan bij dat deze routes aantrekkelijker worden. Daarmee stimuleren we het vaker gebruiken ervan. En dat leidt weer tot een gezondere omgeving.
Onze visie We zetten op het fietspad bij het Bolwerk een schaapskudde in voor ecologisch beheer. Langs wegen en op de rotondes is groen. Dat kan met een afscheiding of door een vorm van laanbeplanting toe te passen. In woonwijken staat groen met sierwaarde. Ook combineren we daar waar het kan groen en parkeren. Dat is goed voor de biodiversiteit en plezierig om naar te kijken. We maken wandel- en fietsroutes groen waar dat nog niet zo is en groener waar al wel groen is. Daarmee stimuleren we wandelen en fietsen als de manier om in Etten-Leur ergens heen te gaan.
Dit gaan we doen We versterken de herkenbaarheid van alle soorten wegen in Etten-Leur door er passend groen te maken of uit te breiden. Dit bekijken we per situatie. Bij parkeerplaatsen doen we ervaring op met halfverharding en verharding met groen erin. Op die manier willen we van nieuwe technieken bewezen technieken maken. Ook kijken we bij andere gemeenten en bedrijven.
Ontmoeten en verblijven in het groen Een groene omgeving draagt bij aan ontmoeting, beweging en spel. Ook maakt het Etten-Leur aantrekkelijk voor toeristen. Daarnaast is het de basis van de biodiversiteit. Daarom gaan we goed om met het groen dat we hebben en maken er groen bij als dat kan en/of nodig is.
Onze visie We gaan zuinig om met ons cultuurhistorisch waardevol groen. Stads- en wijkparken zijn plekken voor ontmoeting. Daarom zijn ze voor iedereen toegankelijk en is er gevarieerd groen. De sfeer per park kan verschillen tussen rustig en druk in. Ook zijn er parken geheel of deels specifiek voor evenementen: het Brabantpark, het Schoenmakerspark en het Oderkerkpark Bij speelplekken zorgen we voor groen. Recreatieve routes maken we aantrekkelijker en interessanter met groen. Daar staan ook voorzieningen zoals een bankje met een boom of andere beschutting. In het centrum gaan we samen met ondernemers aan de slag om extra groen toe te voegen in verschillende vormen. 6
Dit gaan we doen We doen verder onderzoek naar het cultuurhistorisch waardevol groen. Bij speellocaties die we willen aanpassen vanuit het speelplan kijken we gelijk naar het groen. Dan kunnen we meer en/of interessanter groen aanbrengen. In het centrum proberen we verschillende soorten groen uit. Dat doen we om ervoor te zorgen dat het centrum aantrekkelijk is en blijft. Bezoekers blijven dan langer en ook voor alle inwoners wordt het daarmee een aantrekkelijker gebied. Daarnaast zorgen we voor meer en diverser groen langs recreatieve routes omdat ze daardoor interessanter worden.
Samenwerken en leren over groen Communicatie, participatie en samenwerking draagt bij aan de waardering en beleving van openbaar groen.
Onze visie We werken samen met anderen in Etten-Leur aan natuur- en milieueducatie. Ook gaan we meer en op verschillende manieren communiceren en voorlichten over groen en het beheer ervan. We geven zelf het goede voorbeeld en inspireren met onder andere een demotuin. Bij projecten vergroenen we waar dat mogelijk is. We stimuleren dan ook omwonenden om hun tuin te vergroenen. Ook op langere termijn kunnen inwoners en ondernemers bijdragen aan groen. Door een stuk openbaar groen te beheren of een geveltuintje aan te leggen.
Dit gaan we doen We stellen een communicatieplan op dat aansluit en gebruik maakt van de projecten Vergroen Etten-Leur en Grote Oogst.
Groen en bomen We kiezen voor een nieuwe oppervlaktenorm voor groen. Die is bepaald op gebiedsniveau. Ook stellen we een werkbare en reële bomennorm op. Deze gaat over bomen van de 1e, 2e en 3e grootte. Een toelichting daarover is te uitgebreid voor deze samenvatting, die staat op pagina 28. De groennorm gaat over openbaar groen en berekenen we straks per wijk. Als er onvoldoende ruimte is om aan de groennorm te voldoen kijken we specifiek naar de kwaliteit van het openbaar groen. Ook werken we een groenscorekaart uit om gebieden ook in de toekomst goed te kunnen beheren voor groen. Door een boom van kweek tot en met beheer goed te verzorgen heeft die een lange levensduur. Een goede standplaats met genoeg ruimte hoort daar ook bij. Daar maken we afspraken over, die staan in de uitgebreide tekst verderop over groen en bomen. We laten ons over boombeheer informeren door het Norminstituut Bomen. We willen graag een toekomstbestendig bomenbestand, daar doen we onderzoek naar.
7
We zijn zuinig op de bomen die we hebben en behouden die zoveel als mogelijk. Daarom hebben we ook duidelijke werkwijzen voor klachtenafhandeling en de relatie tot zonnepanelen. Wanneer een boom overlast geeft zullen we die overlast op natuurlijke wijze proberen te bestrijden. Ook passen we de kapverordening en de algemene plaatselijke verordening (APV) aan. Wat we aanpassen lichten we in de uitgebreide tekst verderop toe. We volgen daarnaast de ziekten en plagen, voeren veiligheidscontroles uit en passen boombescherming toe bij werkzaamheden.
Financiën Dit hoofdstuk begint met een inhaalslag. Om het beheer van het niveau dat we volgden voor dit groenplan goed uit te voeren is extra inzet van personeel nodig. Daarnaast willen we de ambities van dit groenplan uitvoeren. Dat leidt tot inzet van extra personeel, kosten voor aanleg en kosten voor bijvoorbeeld ondersteuning bij dagelijks (beleids)werk. Het geheel uitvoeren van dit groenplan kost € 4.147.000 euro per jaar. De jaarlijkse kosten ten opzichte van de huidige situatie stijgen, bij instemming met alle aanvullingen, met € 847.000 om aan alle afspraken en ambities te voldoen. Als de jaarlijkse kosten stijgen door indexeringen maken we gebruik van een budget in de begroting om die te compenseren. Als dat budget op is melden we de overschrijding en verantwoorden die.
8
Deel I: We bekijken het eens door een groene bril Visie over aanleg en beheer van openbaar groen
9
1. Duurzaam denken en doen in het groen 1.1.
Onze visie: (Bio)diversiteit in het openbaar groen is de norm
In onze visie op groen houden we rekening met de Omgevingsvisie en landelijke en regionale ontwikkelingen. We behandelen de visie per thema en is een eindbeeld waar we in stappen naartoe werken. Welke stappen hiervoor nodig zijn en waar we de komende jaren aan gaan werken is opgenomen in deel II: het uitvoeringsplan.
Biodiversiteit, ofwel soortenrijkdom, is waaruit onze natuurlijke wereld bestaat. Het omvat alle soorten planten, dieren en micro-organismen. Biodiversiteit zorgt voor een schone bodem, schone lucht en schoon water, zorgt voor CO2-opslag en draagt bij aan onze gezondheid. Voldoende biodiversiteit kan ziekten en plagen voorkomen en is van levensbelang om natuurlijke processen en ecosystemen te behouden. Investeren in biodiversiteit is ook investeren in de omgeving. Bij de inrichting en beheer van het openbaar groen zetten we stappen in het verbeteren van de biodiversiteit in de stedelijke omgeving. Dat kan door er bijvoorbeeld voor te kiezen om in een straat meerdere soorten bomen en planten toe te passen en oudere bomen zoveel als mogelijk te behouden. Ook is aandacht voor schuilmogelijkheden en aanbod van voedsel voor vogels, insecten en kleine zoogdieren van belang.
Ook bij het beheer van het openbaar groen benutten we kansen om de biodiversiteit te verbeteren. Dit kan door bijvoorbeeld bermen, oevers en grasvelden minder en gefaseerd te maaien. We hebben daarbij aandacht voor de uitstraling. Deze locaties kunnen zich dan ontwikkelen tot een interessante en gevarieerde vegetatie van wilde grassen, kruidachtige en bloeiende planten. Dit zorgt ervoor dat insecten, vlinders en andere diersoorten een leefgebied hebben.
1.2.
Onze visie: Het openbaar groen draagt bij aan een klimaatbestendig Etten-Leur
Met onder andere de aanleg van meer en gevarieerder openbaar groen maken we Etten-Leur beter bestand tegen de gevolgen van klimaatverandering. Groen biedt een oplossing voor extremer weer als stortbuien en een warmer en droger wordend klimaat. Het zorgt voor verkoeling en vangt een deel van het overtollige regenwater op. Het bestaande groen en water in Etten-Leur is een goede basis om te functioneren als klimaatbuffer. Dit willen we behouden en ontwikkelen voor de toekomst. We gaan daarom kansen benutten om de openbare ruimte meer en beter met groen en water in te richten. Hierbij zijn we zuinig op het bestaande groen en voegen we er nieuwe groene elementen aan toe. Als we op zoveel mogelijk plekken regenwater opvangen en vasthouden kunnen we droogte tegengaan en grondwatervoorraden aanvullen. Zo krijgen bomen en planten weer voldoende water beschikbaar. De neerslag die af en toe in zware piekbuien valt wordt in ieder geval tijdelijk opgevangen en waar mogelijk ook vastgehouden in het gebied.
10
Dit is vanwege de samenstelling van de grond, aanwezige leemlagen en de overgang van zandnaar kleigrond niet overal in Etten-Leur mogelijk. Het ontwikkelen van een samenhangend netwerk van groen is daarom noodzakelijk. Meer groen, met name bomen, heeft een aantal positieve effecten. Er ontstaat meer schaduw, gebouwen en verharding warmen minder op en het stedelijk klimaat blijft aangenamer. We gaan daarom sterk versteende gebieden vergroenen. We willen daarbij ervaring opdoen met nieuwe vormen van groen. Daarom testen we maatregelen als gevelbeplanting, tijdelijke en mobiele plantvakken, groene parkeerplaatsen en nieuwe plantsoorten. Ook bij herontwikkelingen in of uitbreidingen van het stedelijk gebied is het noodzakelijk om voldoende groen aan te brengen en het groene netwerk te versterken. Om te bepalen of er voldoende openbaar groen in het stedelijk gebied aanwezig is stellen we een nieuwe groennorm op. Deze bestaat uit een vernieuwde beoordeling van de hoeveelheid groen en de kwaliteit ervan.
1.3.
Onze visie: We streven naar een toekomstbestendig groenbestand
In het verleden pasten we weinig variatie in beplanting van bomen en heesters toe in het openbaar gebied. Met name doorgaande wegen werden over de volledige lengte met dezelfde boomsoort aangeplant. Deze wijze van aanplant leidt tot snellere verspreiding van ziekten en plagen bij groen. Door de steeds vaker voorkomende internationale uitwisselingen en de klimaatverandering, krijgen we ook steeds meer te maken met invasieve plagen. Dit zijn soorten die zich buiten hun oorspronkelijke verspreidingsgebied hebben gevestigd (exoten) en door hun aanwezigheid of door de explosieve groei tot problemen kunnen leiden. Over de aanpak van veelvoorkomende situaties staat op pagina 55 een tabel. Om het groenbestand toekomstbestendig te maken is het daarom van belang om af te stappen van deze uniforme wijze van inrichten van het openbaar groen en meer diversiteit toe te passen. Een landelijk veelal gehanteerde vuistregel hiervoor is: 10% bomen van een soort, 20% van een geslacht en 30% van een familie. Deze vuistregel lichten we verder toe in het uitvoeringsplan. Ook diversiteit in leeftijd verhoogt de toekomstbestendigheid van groen. Bij de inrichting van de openbare ruimte moeten we enige vorm van uniformiteit loslaten. Echter is het nog steeds mogelijk om het beeld van een doorgaande laanbeplanting te realiseren.
We kiezen dan bijvoorbeeld voor verschillende soorten linden om een lindenlaan te maken. Of door verschillende boomsoorten met dezelfde uitstraling toe te passen. De overlast van bijvoorbeeld luizen is echter minder en bij het uitbreken van een ziekte is het risico meer gespreid. Daarnaast geeft het loslaten van de laanstructuur en het ritmisch toepassen van boomcombinaties ook een heldere structuur en vaak een afwisselender beeld.
1.4.
Onze visie: Ecologisch waardevol groen in stedelijk gebied behouden we en vormt een netwerk
In het binnenstedelijk gebied zijn diverse waardevolle plekken voor natuur en ecologie. Deze plekken worden ook op een meer ecologische wijze onderhouden. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de Oude Leemput, het Koninginnebos, het Gildebos en de Oude Kwekerij. 11
Het onderhoud is op deze locaties over het algemeen minder intensief en de natuur krijgt hier meer ruimte zich te ontwikkelen. In het Koninginnebos zetten we hiervoor bijvoorbeeld een schaapskudde in voor het onderhoud. Om de waarde voor de natuur van deze gebieden te vergroten, is het van belang om deze met elkaar te verbinden door middel van een samenhangend netwerk van groen. Dit is in Etten-Leur al aanwezig en willen we versterken. Dat kunnen we realiseren met lintstructuren, zoals laanbeplantingen en bermen. Maar ook groene stapstenen in de vorm van parken en stroken bosplantsoen leveren hier een bijdrage aan. Een combinatie met water levert een grote meerwaarde. We zetten in op een uitbreiding van het groene netwerk door het aanbrengen van meer groen en waar mogelijk het groen op een meer ecologische wijze te onderhouden.
1.5.
Onze visie: Samen vergroenen we Etten-Leur
Het aanbrengen van meer groen in het stedelijk gebied beperkt zich niet tot het openbaar gebied. Ook particulieren, bedrijven en ondernemers kunnen hier een bijdrage aan leveren door bijvoorbeeld tuinen te vergroenen door verharding te verwijderen en geveltuintjes of gevelgroen aan te leggen. We stellen voor geveltuintjes en gevelgroen regels op. Ook dit groen draagt bij aan het versterken van het groene netwerk. Met verschillende acties onder de naam “Vergroen Etten-Leur” maken we inwoners enthousiast om met (openbaar) groen aan de slag te gaan. Een samenwerking met verhuurders, zoals Alwel kan het vergroenen van het stedelijk gebied verder versnellen.
1.6.
Onze visie: We behouden en verbeteren het binnenstedelijk groenblauwe netwerk
De watergangen en-partijen in zowel stedelijk als landelijk gebied zijn belangrijke elementen voor de afvoer en berging van hemelwater. Ze dragen ook bij aan het reguleren van de grondwaterstand. Daarnaast hebben water en het omliggende groen ook een belangrijke waarde voor een goede biodiversiteit. En levert het interessante en verkoelende plekken op voor mens en dier. De waarde van water in de leefomgeving is nog groter als we dit combineren met groen. Waterberging en -afvoer krijgt in de toekomst een steeds belangrijkere rol, omdat regenbuien naar verwachting steeds heftiger worden. We leggen daarom bij stedelijke ontwikkelingen een norm voor regenwaterberging op. Dit is vastgelegd in de hemelwaterverordening. De aanwezigheid van voldoende groen draagt ook bij aan het voorkomen van wateroverlast. Meer groen zorgt ervoor dat er meer water in de bodem opgenomen kan worden, waardoor er minder hemelwater in korte tijd in het riool terecht komt. Hierdoor neemt de druk op het rioolstelsel af. We zoeken naar een allesomvattende oplossing met ruimte voor water, het gebruik van overtollig water tegen verdroging en het bewaken van de waterkwaliteit. Voor de verwerking van hemelwater wordt de voorkeursvolgorde gehanteerd: vasthouden – bergen – afvoeren.
12
Watergangen- en partijen gecombineerd met groen zijn waardevol voor de ecologie, natuur en biodiversiteit. Ze verbinden groengebieden met elkaar en vormen een netwerk van groen en water. Daarnaast dragen ze door hun hoge belevingswaarde bij aan de leefbaarheid van de stedelijke omgeving. We hebben het over waardevolle waterelementen als het aan een of meer van de volgende eisen voldoet: - Het is een watergang of -partij met cultuurhistorische waarde; - Het water vervult een belangrijke functie voor de ecologie; - Het water heeft, door de opzet van het stedelijk gebied, een zeer hoge belevingswaarde. Het water in dit groen-blauwe netwerk zijn de waardevolle waterelementen. Deze waterelementen mogen niet zondermeer opgeheven worden.
1.7.
Onze visie: We behouden en versterken de landschaps- en groenstructuren in het landelijk gebied
Dit is een samenvatting van het beleid zoals opgenomen in de Omgevingsvisie. Het huidige landschap is een product van eeuwenlange ontwikkeling en menselijk ingrijpen. De turfwinning, de inpoldering en de landbouw vormen de basis van het huidige landschap. Door dit landschap lopen vanuit het zuiden vaarten, beekdalen en lagergelegen gebieden naar rivier de Mark aan de noordzijde. De bossen in het zuiden maken van oudsher deel uit van dit landschap. Kenmerkend is het verschil tussen enerzijds het noordelijke, lager gelegen, vlakke gebied met klei en veenafzettingen en anderzijds het zuidelijke, hoger gelegen, glooiende dekzandgebied. Daartussen ligt een overgangszone. Door menselijk ingrijpen is het karakteristieke verschil qua reliëf en landschapselementen zoals bomen, houtwallen, dijken en poelen afgenomen. Landschapselementen behorend bij de diverse landschapstypen die Etten-Leur kent, zijn belangrijk voor de karakteristiek en daarmee herkenbaarheid van het landschap. Het beleid is dan ook gericht op bescherming en waar mogelijk versterking van de kenmerken van het landschap. Een aantal elementen van het oorspronkelijke landschap, zoals waterlopen en bomenlanen, zijn ook nog goed herkenbaar in het stedelijk gebied. Het is van (cultuur)historisch belang deze elementen te behouden.
Het kenmerkende onderscheid in harde, directe overgangen en zachte randzones tussen stedelijk en landelijk gebied, is een kwaliteit die eveneens om behoud vraagt. We zetten voor het buitengebied in op behoud en versterken van landschaps- en groenstructuren. Dat doen we onder andere door: -
Samen met de provincie, waterschap en natuurbeheerders in te zetten op het afronden van het Natuurnetwerk Brabant, zoals het natuurontwikkelingsproject Noordrand Midden in het noordelijk buitengebied;
13
-
-
-
-
Een ecologisch goed en in samenhang functionerend stelsel van vaarten/beken en natuurgebieden te realiseren in de vorm van ecologische verbindingszones, onder andere tussen de robuuste natuurgebieden zoals de Pannenhoef, het Liesbos, De Berk, Kelsdonk/Zwermlaken, de Haagse Dijk en de Mark; Natuur- en wateropgaven met elkaar te combineren, bijvoorbeeld door de te realiseren ecologische verbindingszones ook een functie te geven bij bestrijding van wateroverlast en het tegengaan van verdroging; Ook buiten natuurgebieden een toename van natuur en landschap te stimuleren door onder andere agrarisch en particulier landschapsbeheer, bloemrijke bermen en andere vormen van bermbeheer; Landschappelijke inpassing van gebouwen en erven bij ruimtelijke procedures; Het behouden en vormen van groenverbindingen en passende overgangen tussen het stedelijk gebied en het buitengebied (randzones).
1.8.
Onze visie: We leggen een verbinding met het openbaar groen tussen stedelijk en landelijk gebied
Groene verbindingen tussen stedelijk en landelijk gebied zijn van groot belang. Zo bereiken we een goede ruimtelijke samenhang en een duurzaam behoud van de biodiversiteit. Een groene verbinding trekt de natuur het stedelijk gebied in en maakt hiermee onderdeel uit van het stedelijk ecologisch netwerk. Deze verbindingen bestaan meestal uit bermen en laanbeplantingen. Het is van belang deze groene verbindingen te behouden en zo mogelijk te versterken. Daarnaast stellen we een visie op waarin staat hoe we met de stedelijke uitloopgebieden omgaan.
Afbeelding 1.1: Water en groen vormen in Schoenmakershoek een verbinding tussen stedelijk gebied en buitengebied – Bron: Gemeente Etten-Leur
14
1.9.
Onze visie: We versterken de positie van de doelsoorten uit het Soorten Management Plan
Huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen voelen zich thuis in de bebouwde omgeving. Ze wonen onder dakpannen en dakranden of wonen in de gevel en dakconstructies. Deze diersoorten en hun verblijfplaatsen zijn wettelijk beschermd in de Wet Natuurbescherming. Het Soorten Management Plan (SMP) is gericht op het behoud en zo mogelijk de versterking van bepaalde diersoorten binnen een gebied. Dit is gerelateerd aan ruimtelijke ingrepen en rekening houdend met de eisen vanuit Wet Natuurbescherming. Ook worden er verbindingen gemaakt tussen biodiversiteitsherstel en andere ontwikkelingen in de bebouwde omgeving. In het SMP van Etten-Leur staan de volgende doelsoorten centraal: -
Huismus; Gierzwaluw; Vleermuis
Omdat deze dieren in onze huizen wonen, leven ze ook in onze openbare ruimte. Bij de inrichting en het beheer van de openbare ruimte moeten we daarom rekening houden met deze doelsoorten. Dit kan bijvoorbeeld door water en beplanting aan te leggen die aantrekkelijk is voor insecten. Dat is weer een voedselbron voor de doelsoorten.
2. Wonen en werken in het groen 2.1.
Onze visie: Het is fijner wonen in een groene omgeving
Groen in de stad heeft veel voordelen. Het verbetert het milieu, vermindert luchtvervuiling, zorgt voor waterberging en verkoelt in warme periodes. Daarnaast is er een aangetoond positief effect op de gezondheid en sociale verbindingen van mensen die in een groene omgeving wonen, werken en recreëren. In groene straten, parken en natuurgebieden is het leuker en prettiger om erop uit te gaan. Het kan mensen verleiden om meer te bewegen en dat draagt bij aan de gezondheid. De aanwezigheid van groen zorgt verder voor verlaging van stress en verbetering van het concentratievermogen. Een aantrekkelijke groene omgeving biedt ook volop gelegenheid om elkaar te ontmoeten. Denk aan de wijk- en stadsparken en speellocaties. Daarom zetten we in op behoud en uitbreiding van het netwerk van groene plekken in het stedelijk gebied. Daarom stoppen we ook met de verkoop van snippergroen. Lopende projecten voor verkoop van snippergroen ronden we volgens afspraak af. Bomen en beplantingen vormen ook de groene aankleding van de openbare ruimte. Het draagt bij de stedenbouwkundige opzet en herkenning van het stedelijk gebied. Groen is medebepalend voor het karakter van een wijk. Hierdoor kunnen ook de groene doelen en behoeften per wijk verschillen.
In de ene wijk kan er behoefte zijn aan een grote hoeveelheid openbaar groen, terwijl in een andere wijk meer de nadruk gelegd moet worden op biodiversiteit. Deze behoeften en doelen brengen we met behulp van gebiedspaspoorten in beeld. 15
2.2.
Onze visie: We vergroenen bedrijventerreinen voor een beter werkklimaat
Etten-Leur kent verschillende bedrijventerreinen met allemaal een eigen gebruik, inrichting en karakter. Ze hebben wel als overeenkomst dat het grijze, versteende omgevingen zijn waar de groene ruimte onder druk staat. Dit is enerzijds het gevolg van de manier waarop in het verleden bedrijventerreinen werden uitgegeven en vormgegeven. Anderzijds is de behoefte aan parkeerruimte en optimaal gebruik van het perceel voor bedrijfsdoeleinden toegenomen. Op zeer versteende bedrijventerreinen is het lastig om water te bergen en wordt het op zomerse dagen erg warm. Groen heeft eigenschappen om deze nadelen tegen te gaan. Daarom willen we op bedrijventerreinen meer groen toevoegen. Dit kan ook een bijdrage leveren aan de vitaliteit en het welzijn van de personen die in deze gebieden werken. Ook levert het een bijdrage aan de uitstraling van de hier gevestigde bedrijven. Kortom, groen levert een positieve bijdrage aan het gehele werkklimaat op een bedrijventerrein. In Etten-Leur is bedrijventerrein Vosdonk het meest versteend. Op deze locatie is het toevoegen van groen het belangrijkst. Op Vosdonk is de hoeveelheid openbare ruimte beperkt. Ook liggen er in de ondergrond veel kabels en leidingen. Om het bedrijventerrein groener te maken zijn we daarom mede afhankelijk van de bedrijven op het terrein. We bekijken samen wat er mogelijk is om Vosdonk groener te maken.
Indien er groen verwijderd moet worden voor bijvoorbeeld een inrit of bij een verbouwing, wordt dit minimaal gelijkwaardig gecompenseerd in de directe omgeving of op het eigen terrein. Het vergroenen van Vosdonk is ook een van de speerpunten van het project Grote Oogst. Door hier samen mee op te trekken, bundelen we de krachten en is vergroening van Vosdonk sneller en beter te realiseren.
2.3.
Onze visie: We behouden en versterken groene buffers
Een bufferzone is een strook die twee gebieden met vaak verschillende functies van elkaar scheidt. Hierdoor ondervinden de verschillende functies minder hinder van elkaar. Bufferzones liggen bijvoorbeeld langs de spoorlijn en tussen het bedrijventerrein en de woonwijken. Deze buffers hebben vaak een groene inrichting en zijn een belangrijk onderdeel van het groene netwerk. Zo is de zone langs de Spoorlijn een langgerekte groene oost-west verbinding die ook nog doorloopt in het buitengebied. We behouden en versterken deze groene buffers om het groene netwerk te verbeteren. De groene buffers zullen dan ook met de ontwikkelingen en groei van Etten-Leur meegroeien.
2.4.
Onze visie: Elk gebied heeft en behoudt een eigen kenmerkend karakter
Elk gebied, van woonwijk tot bedrijventerrein, heeft een eigen karakter. Dit wordt hoofdzakelijk bepaald door de stedenbouwkundige opzet. Ook de groene inrichting en het onderhoud ervan draagt hieraan bij. In de ene wijk is het openbaar groen bijvoorbeeld meer gecentreerd, terwijl dit in een andere wijk meer verdeeld is. Voor al deze gebieden werken we een eindbeeld uit op basis van dit eigen kenmerkende karakter. Daarna brengen we in beeld wat we moeten doen om tot het eindbeeld te komen. Dat vormt de basis voor het beheerplan en voor uitgangspunten bij ontwikkelingen en grootschalig onderhoud in een gebied.
16
2.5.
Onze visie: Er komen meer en beter zichtbare plukroutes
Op diverse locaties in Etten-Leur, zowel in stedelijk als landelijk gebied, zijn initiatieven voor het opzetten van pluktuinen en plukroutes. Deze plukroutes kunnen initiatieven van particulieren of van de gemeente zijn. We sluiten niet uit dat in de toekomst ook een vorm van stadslandbouw een plek krijgt in Etten-Leur. Al deze initiatieven dragen bij aan de kwaliteit van de openbare ruimte, biodiversiteit, ontmoeting, kleinschalige voedselproductie en natuurbeleving. Meestal bestaan de plukroutes uit fruit- en notenbomen, maar ook bessenstruiken en frambozen maken hier onderdeel van uit. In de openbare ruimte zijn deze eetbare soorten niet voor iedereen herkenbaar. Ook is niet altijd bekend waar de plukroutes en -tuinen zich bevinden. Door de plukroutes uit te breiden en de herkenbaarheid te vergroten, komen meer mensen hiermee in aanraking. Hierdoor brengen we de natuur een stuk dichterbij en kunnen onder andere schoolkinderen leren over hoe fruit groeit. Zo stimuleren we onze inwoners in ontmoeting en om uiteindelijk om gezondere keuzes te maken.
3. Mobiliteit in het groen 3.1.
Onze visie: De groene inrichting van straten draagt bij aan herkenbaarheid en veiligheid
De wegen in Etten-Leur zijn onder te verdelen in drie wegcategorieën: stroomwegen, gebiedsontsluitingswegen en erftoegangswegen. Ieder wegcategorie heeft eigen inrichtingseisen, kenmerken en gebruik. Het groen langs de wegen draagt bij aan de herkenbaarheid, het aantrekkelijker maken van de omgeving en het verhogen van de verkeersveiligheid. Per wegcategorie bepalen we uitgangspunten voor de groene inrichting.
Stroomwegen De A58 is een belangrijke stroomweg langs Etten-Leur. Rijkswaterstaat zorgt voor aanleg, beheer en onderhoud van het groen direct langs deze weg. Tussen de weg en de bebouwde kom ligt een aarden geluidswal. Het groen en de bomenrijen op en langs deze aarden wal vormen een belangrijke groene oost-west verbinding. Deze verbinding behouden we door deze op een ecologische wijze te onderhouden. Momenteel wordt dit gebied daarom onderhouden door een schaapskudde. Dit beheer zetten wij ook in de toekomst op deze wijze voort.
Gebiedsontsluitingswegen Gebiedsontsluitingswegen verbinden erftoegangswegen met stroomwegen. Ze verbinden de verschillende delen van onze gemeente met elkaar. Voor de veiligheid en herkenbaarheid van deze wegen willen we ze, als dit ruimtelijk en technisch mogelijk is, altijd voorzien van: -
Een doorgaande laanbeplanting aan minimaal één zijde van de weg; Een groene afscheiding tussen fietspad en rijbaan.
17
Voor de herkenbaarheid en samenhang van het groene netwerk zijn laanbeplantingen belangrijke elementen. Daarom behouden en versterken we die. Daarbij kunnen we verschillende soorten groen en bomen toepassen om bij te dragen aan de biodiversiteit en een toekomstbestendig groenbestand. Een groene afscheiding tussen fietspad en rijbaan dient als een duidelijke begeleiding van de weg en draagt duidelijk bij aan de verkeersveiligheid. Deze groene afscheiding kan afhankelijk van de beschikbare ruimte variëren. Denk bijvoorbeeld aan een haag, brede berm met gras of de mogelijkheid voor waterberging.
Erftoegangswegen Erftoegangswegen liggen in een verblijfsgebied en bieden toegang tot onder andere woningen, bedrijven, scholen en winkels. Dat betekent dat de verblijfsfunctie hier belangrijker is dan de verkeersfunctie en dat hier allerlei soorten verkeer met elkaar mengen: voetgangers, fietsers, auto's, en soms vrachtwagens. De snelheid ligt er lager. De groene inrichting langs deze wegen dient als aankleding van een gebied. Het geeft een gebied vorm en maakt een onderverdeling tussen verschillende functies. Het geeft ieder gebied of wijk een eigen karakter en mag dan ook per wijk verschillen. Omdat dit groen onderdeel uitmaakt van de directe leefomgeving, behouden en versterken we het. Variatie in soort en structuur en toepassing van bloeiende soorten of soorten met een bijzondere sierwaarde maakt de leefomgeving aantrekkelijker. Ook biedt het vaak een meerwaarde voor de biodiversiteit.
3.2.
Onze visie: We zetten in op wandelen en fietsen in het groen
In Etten-Leur zijn veel wandel- en fietsverbindingen. Daardoor kunnen inwoners prettig, veilig en gezond overal naar toe gaan. Omdat een groene omgeving aangenamer is om in te verblijven, verbeteren we de kwaliteit van deze verbindingen door deze groen aan te kleden. Daarbij letten we erop dat het groen niet te hoog wordt, zicht ontneemt of hinderlijk over de wandel- en fietspaden hangt. Daardoor wordt het voor verkeer en in sociaal opzicht niet onveilig.
3.3.
Onze visie: Parkeren doen we op en in het groen
Bij grootschalig onderhoud aan de openbare ruimte is er vaak een spanningsveld tussen groen en parkeren. Bewoners en ondernemers vinden beiden belangrijk, maar vaak is de beschikbare openbare ruimte beperkt. Een nieuwe inrichting of reconstructie van een straat is de gelegenheid om na te denken hoe groen en parkeren het beste te combineren zijn. Hierbij houden we onder andere rekening met zowel de groennorm als de parkeerbehoefte en de benodigde ruimte voor een duurzame aanplant van groen. Vooraf kunnen we al testen uitvoeren met mobiele plantenbakken op parkeerplaatsen. Zo krijgen we een beter beeld van het effect van groen en de invloed op de parkeerbehoefte. Het combineren van groen en parkeren op groene parkeerplaatsen is een duurzame en ecologische keuze. Er komen daarvoor doorlopend nieuwe materialen en producten op de markt. De ontwikkeling van geschikte kruiden en grassen gaat ook steeds door. We willen weten welke materialen het best geschikt zijn om in Etten-Leur toe te passen.
18
Daarom proberen we de aanleg van groene parkeerplaatsen op plekken waar dit mogelijk is. Hierbij merken we op dat een groene parkeerplaats een verhardingstype is en hierdoor niet meetelt met de hoeveelheid openbaar groen in een wijk.
3.4.
Onze visie: Rotondes hebben een bijzondere groene aankleding
Rotondes liggen vooral op de invalswegen van Etten-Leur. Ze zijn daardoor een blikvanger en visitekaartje voor Etten-Leur. De aankleding van het middengedeelte van een rotonde mag dan ook een bijzondere en groene uitstraling hebben. Op alle rotondes passen we daarom beplanting toe met een hogere sierwaarde. Vaak zijn dit bloeiende soorten die ook een bijdrage leveren aan de biodiversiteit. Op rotondes met een kunstwerk, zoals het Uilenbos en De Jacht behouden we de beplanting zoals we afspraken met de kunstenaar.
4. Verblijven en ontmoeten in het groen 4.1.
Onze visie: We zijn zuinig op cultuurhistorisch waardevol groen
De cultuurhistorische waarde heeft te maken met de geschiedenis van de plek waar planten of bomen staan. Vaak is er een relatie tussen de bomen en een gebouw of plein. Het meest sprekende voorbeeld van groen met een cultuurhistorische waarde is de Moeierboom. Ook vele historische laanstructuren en oude houtwallen zijn nog zichtbaar aanwezig in de bebouwde kom van Etten-Leur. Denk aan het lint van lindebomen langs het oude Leursestraatje dat van het centrum van Etten naar het centrum van Leur loopt. Daarnaast zijn de oude laanstructuren langs de Bisschopsmolenstraat en Achter de Molen nog herkenbaar. Ook in de toekomst kunnen er groene structuren met historische waarde bijkomen. De laanbeplanting langs de Parklaan, op het traject van de voormalige rijksweg, is bijvoorbeeld kenmerkend voor Etten-Leur. Daarnaast is er in het verleden een aantal bomen aangeplant bij bijzondere gebeurtenissen. Dit zijn de gelegenheids- of herdenkingsbomen. Voorbeelden hiervan zijn de Oranjeboom, de Amaliaboom en de 100 jaar Brabant bomen. Het is van belang om groen met een cultuurhistorisch waarde te behouden.
4.2.
Onze visie: De groene stads- en wijkparken zijn een plek voor ontmoeting
In de parken van Etten-Leur gebeurt van alles: spelen, bewegen en ontmoeten. Daarom moeten alle parken toegankelijk en (sociaal) veilig zijn. Er zijn plekken nodig met beschutting en rustpunten, maar ook plaatsen die uitnodigen tot beweging en ontmoeting. Genoeg en gevarieerd groen van goede kwaliteit mag op deze plekken niet ontbreken. Het maakt een park aantrekkelijk en aangenaam.
19
Afbeelding 4.1: De Moeierboom in het centrum van Etten-Leur – Bron: Gemeente Etten-Leur
Omdat elk park in Etten-Leur een eigen karakter en gebruik heeft, passen we het groen op de situatie aan. Afhankelijk van de inrichting bieden de parken rust, zijn een thuis voor evenementen of nodigen uit tot een actief leven. Daarmee leveren de parken niet alleen een bijdrage aan de groenstructuur. Ze zijn ook belangrijk voor de gezondheid en de sociale structuur. Het Oderkerkpark en Brabantpark hebben ook een functie als stadspark. De inrichting van het Brabantpark is aangepast om aan grotere evenementen plek te bieden. Het Oderkerkpark biedt hoofdzakelijk plek aan kleinere evenementen. Ook in het Schoenmakerspark is een locatie aangewezen voor kleinere evenementen. Als er in deze parken een evenement is, houden we rekening met het aanwezige groen. Ook zorgen we ervoor dat het groen zich weer goed kan herstellen. Om het groen in de parken op een goede manier te behouden, houden we steeds de balans tussen groen en evenementen in de gaten.
4.3.
Onze visie: Een groene omgeving zet aan tot spelen en bewegen
In het speelbeleid en de speelplannen per wijk is er veel aandacht voor het buitenspelen in het openbaar gebied. In die plannen is de behoefte aan speeltoestellen en -aanleidingen, zoals paaltjes, bomen en pleinplakkers, op een bepaalde locatie leidend. Door deze locaties daarnaast groen in te richten, worden deze nog aantrekkelijker om buiten te spelen, sporten en elkaar ontmoeten. Ook groene plekken zonder speeltoestel kunnen aanleiding geven om te spelen. Om goede en aantrekkelijke speellocaties te realiseren, bekijken we daarom per speelplan de mogelijkheid om groen toe te voegen of aan te passen.
20
4.4.
Onze visie: We stimuleren recreatief fietsen en wandelen door een groene omgeving
Er gaan diverse recreatieve fiets- en wandelroutes, zoals de knooppuntroutes, door en langs Etten-Leur. Ook recreatieve themaroutes, zoals de Van Goghroute van buiten de gemeente, komen op een aantal locaties door Etten-Leur. In de toekomst komen hier ook nog routes voor ruiters en menners bij. De recreatieve routes moeten in ieder geval goed toegankelijk zijn en voldoende rustpunten hebben. Ze worden nog beter gebruikt als er voldoende groen aanwezig is langs de route. Vrijwel alle routes hebben al een duidelijke bomenstructuur. Ook is er veel groen langs de routes dat gericht is op recreëren zoals speellocaties en parken. Om de recreatieve waarde te vergroten en de routes aantrekkelijker te maken, versterken wij de groenstructuur langs de routes en maken we deze gevarieerder.
4.5.
Onze visie: Groene centra zijn jaarrond aantrekkelijk
De centrumgebieden in Etten-Leur liggen midden in de leefomgeving. Alle bewoners, ondernemers, leveranciers, bezoekers en organisatoren van evenementen hebben belang bij een groene inrichting van die centrumgebieden. De aanwezigheid van groen maakt de centrumgebieden prettiger en aantrekkelijker om te verblijven. Ook vanuit de Centrumvisie is het groener maken van de centrumgebieden een uitgangspunt. Het structurele groen wat als vaste aankleding dient, zoals bij de entrees van de centrumgebieden, zijn een verantwoordelijkheid van de gemeente. De sfeerbepalende tijdelijke aankleding zoals hanging baskets en de aankleding rondom de feestdagen is de verantwoordelijkheid van ondernemers. Voor het vergroenen van de centrumgebieden is dus een goede samenwerking tussen ondernemers en gemeente noodzakelijk. Aandachtspunten bij het vergroenen van de centrumgebieden zijn de evenementen en warenmarkt die gebruik maken van het centrumgebied. Ook de ondergrondse parkeergarage vormt een randvoorwaarde voor het aanbrengen van meer groen in dit gebied. Dit vraagt om creatieve (nieuwe) groenvormen voor een groene omgeving.
5. Samenwerken en leren over groen 5.1.
Onze visie: Meer kennis over groen draagt bij aan de waardering en beleving ervan
Door natuur- en milieueducatie en een goede voorlichting over de natuur en het groen, wordt milieubewust gedrag gestimuleerd. En als men weet wat de voordelen van groen zijn en hoe de natuur werkt, dan zorgt men er over het algemeen ook beter voor. We zetten daarom in op natuuren milieueducatie voor iedereen. Op dit moment wordt dit voornamelijk verzorgd door KOEPEL.
21
In de toekomst kunnen ook andere organisaties zoals IVN en stichting NME hier een bijdrage aan leveren. Educatieve onderwerpen waaraan gedacht kan worden zijn plukfruit, bijen, duurzaamheid en biodiversiteit. De gemeenteraad steunt ook de ontwikkeling van een Milieu Educatief Centrum in Etten-Leur. Naast een brede educatie draagt ook een goede communicatie en voorlichting bij aan de waardering en beleving van het groen. Dit kan bijvoorbeeld door uitleg te geven over de ecologische maaiwerkzaamheden, bijzondere bomen te voorzien van informatie of ruimte te maken op de gemeentelijke website specifiek voor het (openbaar) groen.
5.2.
Onze visie: Wij geven het goede groene voorbeeld en dragen dit uit
Niet alleen openbaar groen, maar ook bomen en beplantingen op particulier terrein, zoals in tuinen en op werklocaties, dragen bij aan een groene gemeente. Om particulieren en bedrijven te stimuleren meer groen aan te brengen, geven wij het goede groene voorbeeld en bieden wij inspiratie. Door zelf meer groen aan te leggen en bomen aan te planten geven wij het goede groene voorbeeld en laten we zien dat groen belangrijk is voor een leefbare omgeving. Daarnaast stimuleren iedereen om over groen na te denken en iets met groen te doen. Dit doen we bijvoorbeeld door: -
Een mobiele demotuin met duurzame oplossingen te laten zien op verschillende locaties; Groene inrichting van schoolpleinen, in samenwerking met onderwijs Samen met Vergroen Etten-Leur informatie te verstrekken over vergroenen tijdens evenementen; Bij werkzaamheden in de openbare ruimte samen met omwonenden te bekijken of vergroenen op openbaar gebied en/of particulier terrein mogelijk is;
In de toekomst ontwikkelen we ook steeds nieuwe activiteiten. Op die manier zijn er veel mogelijkheden om groen onder de aandacht te brengen.
5.3.
Onze visie: We stimuleren dat iedereen bijdraagt aan een groene en goed onderhouden leefomgeving
Burgers en ondernemers zijn regelmatig zelf actief in de openbare ruimte. We betrekken ze bij het inrichten en beheren van de openbare ruimte. Soms nemen ze het beheer van de openbare ruimte ook over of lossen ze problemen in de eigen leefomgeving op. In het geval van openbaar groen gaat het bijvoorbeeld over adoptieovereenkomsten of een wijkdeal. Zulke initiatieven stimuleren wij en vinden wij waardevol. Burgers en ondernemers hebben hierdoor inbreng in de inrichting en uitstraling van de directe leefomgeving waardoor dit als gezamenlijke verantwoordelijkheid kan worden ervaren. Aandachtspunt blijft altijd de wettelijke aansprakelijkheid waardoor er altijd een heldere takenverdeling tussen gemeente en initiatiefnemer moet zijn. Wij staan in ieder geval altijd open voor initiatieven over inrichting, aanpassingen en beheer van de openbare ruimte door burgers en ondernemers.
22
6. Hoofdgroen- en hoofdbomenstructuur 6.1.
Gebieden
Gebieden zijn grotere aaneengesloten vlakken met een bepaald karakter of kenmerk zoals de verschillende woonwijken en het bedrijventerrein. De groene inrichting en het onderhoud ervan is medebepalend voor het eigen karakter van een gebied. Grauwe Polder en Hoge Neer zijn bijvoorbeeld beide groene wijken, maar verschillen van elkaar door de opzet. In Grauwe Polder is het groen verspreid door de wijk te vinden, terwijl het in Hoge Neer om groene centrale plekken gaat.
6.2.
Linten
De hoofdgroenstructuur geeft aan wat er minimaal nodig is voor een gezond groen netwerk. Het is een samenhangend geheel van ecologisch waardevolle gebieden, groene plekken en groene verbindingen. De hoofdbomenstructuur geeft dit aan voor het netwerk aan bomen en maakt uiteindelijk weer onderdeel uit van de hoofdgroenstructuur. Binnen de hoofdgroenstructuur zijn verschillende structuurelementen te onderscheiden. Dit zijn de gebieden, linten, plekken en randzones.
Linten zijn langgerekte elementen zoals een watergang met bijbehorende oeverzones of laanbeplantingen. De linten in de vorm van watergangen zijn veelal gelegen buiten de bebouwde kom zoals de Leurse Haven, Lokkervaart en Kibbelvaart en Laakse Vaart. De lintvormige laanbeplantingen bestaan meestal uit bomenrijen langs de doorgaande wegen. Duidelijk herkenbaar binnen de bebouwde kom zijn bijvoorbeeld de linten Parklaan-Bredaseweg-Roosendaalseweg en Couperuslaan-Schoonhout-Plantijnlaan.
6.3.
Plekken
Plekken zijn duidelijk begrensde kleine eenheden binnen een groter geheel die een geheel ander, specifiek karakter of inrichting hebben zoals parken, begraafplaatsen of grotere pleinen. In EttenLeur zijn dit bijvoorbeeld het Oderkerkpark, de Grote Toer, Schoenmakerspark, de begraafplaats Zundertseweg en het Brabantpark.
6.4.
Randzones
Randzones zijn de overgangszones tussen stedelijk en landelijk gebied. Enerzijds heeft het de functie om het stedelijk en landelijk gebied te verweven. Anderzijds heeft deze de functie om de woongebieden van bijvoorbeeld de snelweg af te schermen. Ook kan een randzone de functie van uitloopgebied vanuit het stedelijk gebied vervullen. Het groen in de hoofdgroen- en hoofdbomenstructuur is zeer waardevol. Het draagt bij aan het behalen van de doelstellingen zoals benoemd onder de thema’s van dit groenplan. Het is daarom van belang dat we de hoofdgroen- en hoofdbomenstructuur beschermen, behouden en versterken. De hoofdgroen- en hoofdbomenstructuur is weergegeven op de kaart aan het einde van dit Groenplan. 23
7. Kwaliteit en kwantiteit in het openbaar groen: De groennorm 7.1.
Oppervlaktenorm versus bomennorm
De tot nu toe geldende groennorm ging uit van een minimaal oppervlakte aan openbaar groen per woning. Bomen hadden in deze rekenmethode een bijrol en werden minimaal meegerekend. Nog steeds is een ondergrens aan de oppervlakte van openbaar groen belangrijk. Groen zorgt voor waterberging, dempt geluidshinder en verkoelt in warme periodes. We stellen daarom een nieuwe oppervlaktenorm voor openbaar groen op. Bomen zijn er in verschillende soorten, omvangen, leeftijden en verschijningsvormen. Hierdoor is het lastig om een eenduidige norm of omrekenfactor hiervoor te bepalen. Daarnaast willen we het belang van voldoende bomen en daarmee kroonvolume benadrukken. Een groter kroonvolume draagt beter bij aan het voorkomen van hittestress door een groter schaduwwerking en meer verdamping. Ook dragen bomen bij aan de doelstellingen van het Schone Lucht Akkoord. Naast een oppervlaktenorm voor openbaar groen, hanteren we daarom ook een aparte bomennorm.
Voor een fijne leefomgeving is een goede balans tussen verharding, groen en water erg belangrijk. We kiezen in de omgevingsvisie voor meer groen. Daarom willen we de huidige hoeveelheid groen behouden en waar mogelijk uitbreiden. Bij nieuwe ontwikkelingen en projecten stimuleren we daarom de aanleg van extra groen en natuur inclusief bouwen. Om de hoeveelheid openbaar groen en de kwaliteit hiervan te kunnen toetsen stellen een kwantitatieve groennorm en een kwalitatief beoordelingsdocument vast. Momenteel zijn hier nog geen landelijke richtlijnen voor. Daarom ontwikkelen we, op basis van algemeen toepasbare gegevens, onze eigen Etten-Leurse groennorm.
Afbeelding 7.1: Bomen langs de Roosendaalseweg – Bron: Gemeente Etten-Leur
24
7.2.
Berekeningseenheid
In 2008 is voor Etten-Leur voor het eerst een groennorm vastgesteld. Hierbij is uitgegaan van een hoeveelheid van 80 m2 openbaar groen per woning. In de loop van de jaren is de samenstelling van de samenleving gewijzigd. Hierdoor is er een grote groei geweest van het aantal kleine, eenof tweepersoonshuishoudens. Als gevolg hiervan zijn er in Etten-Leur in verhouding veel kleinere woningen bijgekomen, zoals appartementen. Daarnaast is de bebouwingsintensiteit toegenomen en is het stedelijk gebied verdicht. Het is niet meer reëel om een hoeveelheid openbaar groen per woning aan te houden. Met de komst van alle appartementen, die allemaal tellen als één woning, zou een onhaalbare hoeveelheid openbaar groen moeten worden toegevoegd. De nieuwe rekeneenheid zal daarom uitgaan van een hoeveelheid openbaar groen per bebouwd oppervlak. Alleen het grondvlak van hoofdgebouwen, zoals opgenomen in de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT), nemen we hierin mee.
7.3.
Gebiedsgerichte benadering
Zoals in de omgevingsvisie aangegeven kent Etten-Leur verschillende typen gebieden. Ieder gebied kent andere kwaliteiten, activiteiten en een andere verschijningsvorm. Zo wordt er in het ene gebied vooral gewoond en in het andere gebied vooral gewerkt. Etten-Leur is hierdoor te verdelen in vier gebieden met een eigen karakteristiek en dynamiek: -
De woongebieden; Het centrumgebied; De werkgebieden; Het buitengebied.
Tussen deze gebieden onderling, verschilt de aanwezigheid en verschijningsvorm van het openbaar groen. Dit vraagt dan ook om een andere benadering van het openbaar groen en daarmee dus een andere groennorm. Het buitengebied is hierbij een aparte categorie. Groen is hier ruimschoots aanwezig, maar dit is niet altijd openbaar groen. Voor dit gebied bepalen we daarom geen harde groennorm. De woongebieden, de werkgebieden en het centrumgebied krijgen ieder een eigen groennorm.
7.4.
Wijkgebonden berekening
Iedere wijk, of deze nu gelegen is in een woongebied of een werkgebied, heeft een eigen karakter. Dit wordt onder andere bepaald door de stedenbouwkundige opzet en daarmee ook de groene inrichting. Hierdoor kan de ene wijk als veel groener worden ervaren dan de andere wijk. Om in beeld te brengen in welke delen van Etten-Leur voldoende openbaar groen aanwezig is en in welke delen openbaar groen toegevoegd zou moeten worden, maken we naast een gemeente brede berekening ook een berekening per wijk. Hiervoor maken we gebruik van de wijkindeling van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Uiteindelijk kunnen we met deze berekeningen in combinatie met klimaatanalyses zoals de hittestressmeting, knelpunten en zoekgebieden voor meer openbaar groen in beeld brengen. 25
7.5.
Bovenwijks groen
Voor een gedeelte van het openbaar groen is het lastig om dit toe te kennen aan een bepaalde wijk of bepaald gebied. Het groen kan ook een wijk overstijgende functie hebben. Dit groen nemen we niet mee in de berekening van de hoeveelheid groen per bebouwd oppervlak. Het gaat hierbij om de begraafplaats, gedenkparken, sportparken, Westpolderplas, het water van de Leurse Haven, het evenementterrein Brabantpark en het groen langs belangrijke hoofdwegen, zoals de Parklaan en de rijksweg.
7.6.
Bestaand gebied versus uitbreidingen en herontwikkelingen
De groene oppervlaktenorm en de bomennorm voor een bepaald gebiedstype (woongebied, werkgebied, centrumgebied) dienen als groene uitgangspunten voor onderhoudswerkzaamheden in de openbare ruimte. Bij deze onderhoudswerkzaamheden, zoals reconstructies en renovaties, toetsen we minimaal op wijkniveau of de omgeving voldoet aan de vastgestelde normen. Als dit niet het geval is, zoeken we naar mogelijkheden om groen en/of bomen toe te voegen. Het groeien naar de gewenste hoeveelheid openbaar groen kan in bepaalde wijken een langdurig proces zijn. Dit kan niet met bijvoorbeeld één reconstructie worden opgelost. Bij herontwikkelingen en uitbreidingen zijn de groene oppervlaktenorm en de bomennorm binnen de projectgrenzen de ondergrens voor de hoeveelheid in te passen openbaar groen. Het openbaar groen in de omgeving of op wijkniveau rekenen we hierbij niet mee. Zo voorkomen we dat de hoeveelheid openbaar groen per bebouwd oppervlak daalt.
7.7.
Kwalitatieve benadering
Het kan voorkomen dat vanwege de beperkte beschikbare ruimte zowel boven- als ondergronds het bij binnenstedelijke herontwikkelingen niet mogelijk is om voldoende oppervlakte aan openbaar groen aan te leggen. In deze situaties is het mogelijk om door middel van een kwalitatieve toetsing te bekijken of het openbaar groen wat wel aangelegd kan worden voldoende waarde heeft om de kleinere oppervlakte te compenseren. We kijken hierbij naar bijvoorbeeld aspecten als (bio)diversiteit, toepassing van gevelgroen en daktuinen, omvang en aantal bomen, inpassing van bestaande groenelementen en potentiële recreatieve en educatieve waarden. Deze kwalitatieve toetsingsmethode werken we uit in een groenscorekaart.
7.8.
Uitwerking groene oppervlaktenorm
Voor het bepalen van de groene oppervlaktenorm houden we voorgaande uitgangspunten aan. Ook de tot nu toe geldende norm van 80 m2 openbaar groen per woning nemen we mee in het bepalen van de nieuwe groene oppervlaktenorm. Het is daarbij gewenst dat er volgens de nieuwe norm niet opeens veel meer of minder groen in de openbare ruimte vereist is.
26
Woongebieden De eerder geldende norm van 80 m2 openbaar groen per woning was met name vastgesteld voor de woongebieden. Voor continuïteit in de gewenste hoeveelheid openbaar groen is het doortrekken van deze lijn, in een omgerekende vorm, het meest helder en zuiver. Om te bepalen wat deze nieuwe norm dan zou moeten zijn, hebben we eerst de hoeveelheid openbaar groen volgens de oude rekenmethode berekend. Met dezelfde gegevens als basis is ook de hoeveelheid openbaar groen volgens de nieuwe rekenmethode berekend. Met deze omrekening is geconcludeerd dat een norm van 1 m2 openbaar groen per m2 bebouwd oppervlak reëel is. De berekening volgens de nieuwe methode is terug te vinden in deel II onder “Metingen en volgen van resultaten”.