Concept Milieueffectrapportage omgevingsvisie Etten-Leur.pdf
Tekst van het document
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 definitief 27 oktober 2020
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 definitief 27 oktober 2020
Auteurs Bastian van Dijck Daan Hollemans
Opdrachtgever Gemeente Etten-Leur
datum vrijgave 27-10-2020
beschrijving revisie definitief
goedkeuring drs. B. van Dijck
vrijgave Ing. E. Boonman
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Inhoudsopgave
Blz.
1
Inleiding
1
1.1 1.2 1.3
Aanleiding en context Dit milieueffectrapport (MER) Leeswijzer
1 1 2
2
M.e.r.-procedure Omgevingsvisie Etten-Leur
4
2.1 2.2 2.3 2.5
Waarom een plan-m.e.r.? De Omgevingsvisie Etten-Leur en de m.e.r.-plicht Procedurele en inhoudelijke eisen aan m.e.r. Wijzigingen in de uitgangspunten van dit MER ten opzichte van de NRD
4 4 5 9
3
De Omgevingsvisie Etten-Leur: Ambities, deelgebieden en locatieverkenningen 10
3.1 3.2 3.3 3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.3.4 3.3.5 3.4 3.5
Algemeen Leidende principes Ontwikkelstrategieën deelgebieden Algemeen Woongebieden Centrumgebied Werklocaties Buitengebied Mobiliteit Milieudoelen
4
De referentiesituatie: de huidige en toekomstige staat van de leefomgeving 37
4.1 4.2 4.2.1 4.2.2 4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.2.4 4.2.5 4.2.6 4.2.7 4.2.8 4.2.9 4.2.10 4.2.11 4.2.12 4.2.13
Definitie referentiesituatie Staat van leefomgeving Staat van Etten-Leur algemeen Staat van het centrumgebied Staat van de woongebieden Staat van de werkgebieden Staat van het buitengebied Staat van landschap en groen Staat van natuur Staat van cultuurhistorie en archeologie Staat van bodem Staat van water en klimaat Staat van verkeer en mobiliteit Staat van geluid Staat van luchtkwaliteit Staat van trillingen Staat van geur
10 11 12 12 14 20 21 26 29 33
37 38 38 42 43 45 46 48 50 52 52 54 56 57 58 60 61
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 30 september 2020 Gemeente Etten-Leur
4.2.14 4.2.15 4.2.16 4.2.17
Staat van licht Staat van veiligheid Staat van energie Staat van gezondheid
62 63 65 67
5
Beoordelingskader en onderzoeksmethodiek
70
5.1 5.2 5.3 5.4 5.4.1 5.4.2 5.5
Welke activiteiten worden in het MER onderzocht? Welke alternatieven, varianten en scenario’s worden in het MER onderzocht? Maximale ontwikkelingen en cumulatie Welk beoordelingskader wordt in het MER gebruikt? Beoordelingskader ambities Omgevingsvisie Beoordelingskader locatieverkenningen wonen, werken en mobiliteit Wat is het detailniveau van het MER en hoe worden effecten bepaald?
70 71 71 71 72 73 73
6
Beoordeling ambities Omgevingsvisie
76
6.1 6.1.1 6.1.2 6.2 6.2.1 6.2.2 6.3 6.3.1 6.3.2 6.4 6.4.1 6.4.2 6.5 6.5.1 6.5.2 6.6 6.6.1 6.6.2 6.7 6.7.1 6.7.2 6.8 6.8.1 6.8.2 6.9 6.9.1 6.9.2 6.10 6.10.1 6.10.2 6.11
Landschap en groen Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Natuur Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Cultuurhistorie en archeologie Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Bodem Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Water en klimaat Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Verkeer en mobiliteit Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Geluid Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Luchtkwaliteit Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Trillingen Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Geur Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Licht
76 76 77 77 77 78 79 79 79 80 80 80 81 81 81 82 82 82 83 83 84 85 85 86 87 87 87 88 88 88 89
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 30 september 2020 Gemeente Etten-Leur
6.11.1 6.11.2 6.12 6.12.1 6.12.2 6.13 6.13.1 6.13.2 6.14 6.14.1 6.14.2
Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Veiligheid Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Energie Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen Gezondheid Effecten van Omgevingsvisie Conclusies en aanbevelingen
89 89 90 90 91 92 92 92 93 93 94
7
Locatieverkenningen wonen, werken en infrastructuur
96
7.1 7.1.1
96
7.3.2 7.3.3
Locatieverkenning wonen Groenblauwe thema’s: Natuur, Landschap, Cultuurhistorie & Archeologie, Bodem, Water & Klimaat. Grijze thema’s: verkeer, hinder, veiligheid en gezondheid Bijdrage aan en aandachtspunten voor ambities Omgevingsvisie Locatieverkenning werken Groenblauwe thema’s: Natuur, Landschap, Cultuurhistorie & Archeologie, Bodem, Water & Klimaat. Grijze thema’s: verkeer, hinder, veiligheid en gezondheid Bijdrage aan en aandachtspunten voor ambities Omgevingsvisie Variantenverkenning infrastructuur Groenblauwe thema’s: Natuur, Landschap, Cultuurhistorie & Archeologie, Bodem, Water & Klimaat. Grijze thema’s: verkeer, hinder, veiligheid en gezondheid Bijdrage aan en aandachtspunten voor ambities Omgevingsvisie
8
Conclusies en aanbevelingen
110
8.1 8.2
Beoordeling ambities Omgevingsvisie Locatieverkenningen wonen, werken, infrastructuur
110 116
9
Leemten in kennis en monitoringsprogramma
125
9.1 9.1.1 9.1.2 9.2 9.2.1 9.2.2
Leemten in kennis Beoordeling ambities Omgevingsvisie Locatieverkenningen wonen, werken, infrastructuur Monitoringsprogramma Beoordeling ambities Omgevingsvisie Locatieverkenning wonen, werken, infrastructuur
125 125 125 125 125 127
7.1.2 7.1.3 7.2 7.2.1 7.2.2 7.2.3 7.3 7.3.1
Gebruikte bronnen, Afkortingen en begrippen, Bijlagen
96 98 101 101 101 103 105 105 105 107 109
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 30 september 2020 Gemeente Etten-Leur
gemeente Moerdijk
Mark
gemeente Breda
rijksweg A16
gemeente Halderberge
spoorlijn
Etten-Leur
rijksweg A58
gemeente Rucphen gemeente Zundert
Figuur 1.1. Plangebied Omgevingsvisie Etten-Leur
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020 Gemeente Etten-Leur
1
Inleiding
1.1
Aanleiding en context Omgevingsvisie Etten-Leur De gemeente Etten-Leur stelt een omgevingsvisie op. Dit voor het hele grondgebied van de gemeente en voor alle aspecten van de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie stelt kaders voor de ruimtelijke en fysieke omgevingskeuzes die in de komende jaren worden gemaakt. De omgevingsvisie van de gemeente Etten-Leur legt daarnaast op hoofdlijnen een aantal concrete keuzes vast. Onder andere op het gebied van toekomstige extra woongebieden, werklocaties en mobiliteit. In de omgevingsvisie van Etten-Leur zijn het huidige beleid en reeds gemaakte keuzes verwerkt en waar nodig en wenselijk geactualiseerd. Niet alles wat in de omgevingsvisie wordt beschreven, is nieuw. Onder het motto ‘wat goed is willen we behouden’ is de koers in de komende jaren voor een belangrijk deel gericht op het behoud en de verdere versterking van de huidige kwaliteiten van de gemeente. Voor sommige onderwerpen worden in de omgevingsvisie echter ook nieuwe afwegingen gemaakt. De gemeente vindt het belangrijk dat aspecten als milieu, gezondheid, veiligheid en duurzaamheid volwaardig worden meegewogen bij het maken van deze afwegingen. De omgevingsvisie krijgt daarom- meer dan een traditionele structuurvisie – een integraal karakter. De omgevingsvisie richt zich primair op de periode tot 2030 en is zelfbindend voor het handelen van de gemeente.
Ook is de omgevingsvisie een inspiratiedocument en dient de visie als afwegingskader voor initiatieven vanuit de gemeente, burgers, bedrijven en (maatschappelijke) organisaties. De omgevingsvisie is een kaderstellend plan, dat in de jaren na de vaststelling periodiek wordt geactualiseerd en dat verder wordt uitgewerkt in onder meer het omgevingsplan, programma’s en te verlenen omgevingsvergunningen.
1.2
Dit milieueffectrapport (MER) In het kader van de omgevingsvisieprocedure wordt een m.e.r.-procedure doorlopen (waarbij m.e.r. staat voor milieueffectrapportage) en is dit milieueffectrapport (MER) opgesteld. Het doel van de m.e.r.-procedure is om de belangen vanuit (onder andere) milieu, gezondheid, veiligheid en duurzaamheid vroegtijdig en volwaardig in te brengen in de plan- en besluitvorming. De m.e.r.procedure is bij uitstek geschikt om effecten van ambities en afwegingen in de omgevingsvisie in beeld te brengen en om van daaruit input te leveren voor de keuzes die in de omgevingsvisie worden gemaakt. Dit MER is daarom gelijktijdig met de omgevingsvisie opgesteld, zodat de aspecten die in het MER worden onderzocht, kunnen worden meegenomen bij het opstellen van de omgevingsvisie. De m.e.r.-procedure is gestart met publicatie op 13 juni 2019 van een startdocument, de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). In de NRD staat wat in dit milieueffectrapport (MER) wordt onderzocht en op welke manier.
Conform wet- en regelgeving, zijn betrokken bestuursorganen en adviseurs (de vooroverleg partners in het kader van de bestemmingsplanprocedure en enkele specifieke m.e.r.-adviseurs) geraadpleegd over de inhoud (reikwijdte en detailniveau) van het MER: wat moet in het MER worden onderzocht en op welke manier? De NRD heeft tevens van 13 juni tot 24 juli 2019 ter inzage gelegen zodat eenieder heeft kunnen reageren.
Blad 1 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Op basis van de NRD en de ontvangen reacties en adviezen is voorliggend MER opgesteld. Dit MER wordt samen met het ontwerp van de omgevingsvisie ter inzage gelegd. Eenieder kan zijn/haar reactie op dit MER geven. Ook wordt het MER in de tervisieleggingsperiode ter toetsing voorgelegd aan de Commissie m.e.r. Zij komt met een onafhankelijk advies over de compleetheid en kwaliteit van het MER en of in haar optiek het milieubelang voldoende in beeld is gebracht voor de besluitvorming in de omgevingsvisie.
1.3
Leeswijzer Het MER is als volgt opgebouwd: • De m.e.r.-procedure is toegelicht in hoofdstuk 2. • Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving voor de voorgenomen ambities en locatieafwegingen ten aanzien van wonen, werken en mobiliteit. • In hoofdstuk 4 is (op hoofdlijnen) de huidige en toekomstige situatie van Etten-Leur beschreven: de huidige en toekomstige staat van de leefomgeving. Dit is de referentiesituatie (vergelijkingsbasis) voor de effectbeschrijvingen verder in het MER. Bij hoofdstuk 4 hoort bijlage 5 Staat van leefomgeving, waarin meer uitgebreid en met kaartmateriaal wordt ingegaan op de huidige waarden in Etten-Leur, de toekomstige ontwikkeling bij voortzetting van het huidige beleid en trends, en de knelpunten en kansen die dit met zich meebrengt. • Hoofdstuk 5 geeft een overzicht van de beoordelingsmethodiek: wat is in het MER onderzocht en op welke manier. • Hoofdstuk 6 geeft een analyse en beoordeling van de (algemene) ambities voor de omgevingsvisie zoals in hoofdstuk 3 beschreven. • In hoofdstuk 7 volgen effectbeschrijvingen en –beoordelingen voor de concrete(re) locatieverkenningen op het gebied van wonen, werken en infrastructuur. • In hoofdstuk 8 is een samenvattende conclusie gegeven en worden aanbevelingen gedaan voor vervolg plan- en besluitvorming.
• Hoofdstuk 9, tot slot, beschrijft of er leemten in kennis zijn en of deze relevant zijn voor de besluitvorming over de omgevingsvisie. Ook is in hoofdstuk 9 een voorstel gedaan voor een monitorings- en evaluatieprogramma om na het MER de voorspelde effecten te kunnen blijven volgen en als nodig aanvullende maatregelen dan wel bijstelling van keuzes mogelijk te kunnen maken. • Achtergrondinformatie is in de vorm van bijlagen aan dit MER toegevoegd. In dit MER zijn enkele woorden en afkortingen veelvuldig gebruikt. In het onderstaande overzicht zijn deze veelgebruikte woorden en afkortingen kort toegelicht. Voor de overige afkortingen en begrippen zie het overzicht aan het eind van dit MER.
Blad 2 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Afkortingen en begrippen MER
Het milieueffectrapport
Plan-MER
Het milieueffectrapport voor kaderstellende plannen
m.e.r.
De procedure waarbinnen het milieueffectrapport opgesteld wordt
Plan-m.e.r.
De procedure waarbinnen het milieueffectrapport voor plannen opgesteld wordt
Ambitie
Doelstelling van het bevoegde gezag, in dit geval de gemeente EttenLeur, voor de toekomstige ontwikkeling van Etten-Leur
Huidige situatie
De momentele situatie (zonder toekomstige ontwikkelingen en zonder voornemen) De huidige situatie aangevuld met autonome ontwikkelingen
Referentiesituatie
Autonome ontwikkeling Ontwikkeling die onafhankelijk van de uitvoering van de Omgevingsvisie plaats zal vinden en waarover een definitief besluit is genomen Plansituatie De toekomstige situatie met de voorgenomen activiteit, in dit geval de Omgevingsvisie Zoekgebied Het gebied waarbinnen gezocht wordt naar mogelijkheden voor het voornemen Plangebied Het uiteindelijke deel van het zoekgebied waar het voornemen gerealiseerd gaat worden en dat vastgelegd wordt in de Omgevingsvisie Studiegebied Het gebied waar als gevolg van het voornemen effecten kunnen optreden. Het studiegebied kan groter zijn dan het plangebied en het kan per aspect verschillen Alternatieven
De mogelijke ‘manieren’ waarop het voornemen kan worden gerealiseerd
Varianten
Kleine variaties binnen een alternatief
Blad 3 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
2
M.e.r.-procedure Omgevingsvisie Etten-Leur
2.1
Waarom een plan-m.e.r.? M.e.r. In Nederland is het verplicht om voor ontwikkelingen met mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen een m.e.r.-(milieueffectrapportage)procedure te doorlopen en een MER op te stellen. De m.e.r. - procedure is bedoeld om het milieubelang en de belangen vanuit onder meer gezondheid, duurzaamheid en veiligheid volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming in te brengen. Een m.e.r. is gekoppeld aan een plan of besluit, bijvoorbeeld een structuurvisie (omgevingsvisie), een bestemmingsplan (omgevingsplan) of een omgevingsvergunning. In de Wet milieubeheer en het Besluit milieueffectrapportage (het Besluit m.e.r.) is vastgelegd of, en zo ja, welke verplichtingen er gelden ten aanzien van een m.e.r. Er kan vanuit twee sporen sprake zijn van verplichtingen ten aanzien van een m.e.r.-verplichting: 1. De voorgenomen activiteit komt voor in het Besluit m.e.r.; 2. Voor de voorgenomen activiteit moet een passende beoordeling worden opgesteld, omdat niet op voorhand kan worden uitgesloten dat er significant negatieve effecten zijn op Natura 2000gebieden.
2.2
De Omgevingsvisie Etten-Leur en de m.e.r.-plicht Omgevingsvisie Etten-Leur en het Besluit m.e.r. Een omgevingsvisie is een kaderstellend plan waarin beleid wordt geformuleerd en keuzes worden gemaakt ten aanzien van verschillende aspecten van de fysieke leefomgeving. De Omgevingsvisie Etten-Leur geeft kaders aan voor (de toekomstige ontwikkeling van) de leefomgeving en doet onder meer uitspraken over duurzaamheid en innovatie, over de kwaliteit van de leefomgeving en over gezondheid en leefbaarheid. Nieuwe ontwikkelingen en heroverwegingen van bestaand beleid kunnen (nadelige) gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving. Afhankelijk van de aard en omvang van een activiteit moet te zijner tijd in het kader van het bestemmingsplan (omgevingsplan) of een concrete vergunningaanvraag mogelijk een m.e.r.-procedure of m.e.r.beoordelingsprocedure worden doorlopen. In die procedure worden de effecten van de individuele activiteit onderzocht en afgewogen. Als een omgevingsvisie kaderstellend is voor activiteiten die m.e.r.-plichtig of m.e.r.beoordelingsplichtig zijn, moet voor de omgevingsvisie een plan-m.e.r.-procedure worden doorlopen. In de plan-m.e.r.-procedure worden de effecten van de ontwikkelingsmogelijkheden die de omgevingsvisie biedt, op een hoger schaalniveau onderzocht en afgewogen.
De Omgevingsvisie Etten-Leur is kaderstellend voor een aantal categorieën van activiteiten die voorkomen op de C- en D-lijst van het Besluit m.e.r. (woningbouwlocaties en bedrijventerrein). De ondergrenzen van deze categorieën worden naar verwachting niet overschreden. Er is vanuit het Besluit m.e.r. daarom geen verplichting om een plan-m.e.r.-procedure te doorlopen. Gelet op de meerwaarde die een m.e.r. kan hebben voor het maken van (integrale) keuzes op het niveau van de hele gemeente, is besloten om voor de omgevingsvisie toch een m.e.r.-procedure te doorlopen. Het doel daarvan is om aspecten als milieu, gezondheid, veiligheid en duurzaamheid vroegtijdig in beeld te brengen en volwaardig mee te wegen in de omgevingsvisie.
Blad 4 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Omgevingsvisie Etten-Leur en Natura 2000 Er liggen geen Natura2000-gebieden in of in de directe nabijheid van de gemeente Etten-Leur. In de ruimere omgeving van de gemeente liggen wel Natura 2000-gebieden (Ulvenhoutse Bos, Hollands Diep en Biesbosch op 7 à 8 km, Krammer-Volkerak op circa 15,5 kilometer en Brabantse Wal op circa 17 km). Hoewel deze gebieden op ruime afstand van de gemeentegrens liggen, kunnen significant negatieve effecten op de Natura 2000-gebieden niet op voorhand worden uitgesloten. Veel effecten, zoals oppervlakteverlies, verontreiniging en verstoring door licht, geluid of betreding, zullen zich - gelet op de grote afstand tussen het plangebied en de Natura 2000gebieden - niet voordoen. Voor stikstof is dit echter niet het geval. De effecten van (een toename van) stikstofuitstoot kunnen namelijk zeer ver reiken. Omdat in de Natura 2000-gebieden stikstofgevoelige habitats aanwezig zijn en de ontwikkelingsmogelijkheden in de omgevingsvisie kunnen leiden tot een toename van stikstofuitstoot (direct door de activiteiten zelf en indirect door de toename van verkeer van en naar de activiteiten), kan sprake zijn van effecten. Er wordt daarom een passende beoordeling opgesteld. Vanwege de koppeling tussen de Wet natuurbescherming en de Wet milieubeheer is daarbij sprake van een verplichting om een plan-m.e.r.-procedure te doorlopen.
2.3
Procedurele en inhoudelijke eisen aan m.e.r. Een m.e.r.-procedure bestaat uit een aantal procedurele stappen en producten. Het startdocument van de procedure is de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). De eindproducten van de m.e.r.-procedure zijn dit milieueffectrapport (MER) en het toetsingsadvies van de Commissie m.e.r. De m.e.r.-procedure kent de volgende procedurele eisen: • Openbare kennisgeving van het voornemen; • Raadpleging van de betrokken bestuurlijke organen en adviseurs over de reikwijdte en het detailniveau van de m.e.r.; • Bieden van de mogelijkheid om zienswijze in te dienen; • Advies Commissie m.e.r. over reikwijdte en detailniveau (optioneel); • Opstellen milieueffectrapport; • Openbaar maken MER en opsturen aan de wettelijke adviseurs & commissie m.e.r.; • Bieden van de mogelijkheid om zienswijze op het MER in te dienen; • Toetsingsadvies Commissie m.e.r.; • Besluit nemen inclusief motivatie hoe de m.e.r. in de planvorming is betrokken en bekendmaking besluit; • Evaluatie van effecten tijdens en na de realisatie. Formeel is het bevoegd gezag voor het ruimtelijk plan, in dit geval de gemeente Etten-Leur verantwoordelijk voor de acties in het kader van de m.e.r. In de praktijk wordt voor het inhoudelijk vaak gebruik gemaakt van de diensten van een in m.e.r. gespecialiseerd adviesbureau.
Conform artikel 7.7 van de Wet milieubeheer bevat een plan- MER tenminste een beschrijving van: • hetgeen met de voorgenomen activiteit wordt beoogd (probleem en/of doelstelling); • de voorgenomen activiteit en redelijkerwijs te beschouwen alternatieven; • overzicht van eerder vastgestelde plannen (beleidskader); • de bestaande toestand van het milieu alsmede de te verwachten ontwikkeling (referentiesituatie ofwel huidige situatie en autonome ontwikkeling van het studiegebied);
Blad 5 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
• de gevolgen van de voorgenomen activiteit voor het milieu en een vergelijking van de gevolgen met de bestaande toestand (effecten); • van maatregelen om belangrijke nadelige gevolgen op het milieu te voorkomen (mitigerende maatregelen), te beperken of zoveel mogelijk teniet te doen; • een overzicht van leemten in kennis; • Samenvatting. Conform artikel 1.1, lid 2 lid onder a van de Wet milieubeheer worden onder gevolgen voor het milieu in ieder geval verstaan: “gevolgen voor het fysieke milieu, gezien vanuit het belang van de bescherming van mensen, dieren, planten en goederen, van water, bodem en lucht en van landschappelijke, natuurwetenschappelijke en cultuurhistorische waarden en van beheersing van het klimaat, alsmede de relaties ertussen”. Sinds een wijziging van de Wet milieubeheer (medio mei 2017) is hier in artikel 7.1 lid 6 aan toegevoegd: In afwijking van artikel 1.1, tweede lid, onder a, onder gevolgen voor het milieu verstaan gevolgen voor het fysieke milieu, waaronder de kwetsbaarheid voor risico’s op zware ongevallen of rampen, gezien vanuit het belang van de bescherming van: a. de bevolking en de menselijke gezondheid; b. de biodiversiteit, met bijzondere aandacht voor op grond van de Flora- en faunawet en de Natuurbeschermingswet 1998 beschermde habitats en soorten; c. land, bodem, water, lucht en klimaat; d.
materiële goederen, het cultureel erfgoed en het landschap; e. de samenhang tussen de onder a tot en met d genoemde factoren. Het beoordelingskader met onderzoeksthema’s, zoals beschreven in hoofdstuk 6 van dit MER, geeft invulling aan bovenstaande wettelijke eisen uit de Wet milieubeheer. De terminologie wijkt hier en daar enigszins af van de wettelijke, maar is conform hetgeen gangbaar is in milieueffectrapportage.
2.4
De m.e.r.-procedure voor de omgevingsvisie Etten-Leur Openbare kennisgeving De kennisgeving is het bekend maken van het voornemen voor het ruimtelijk plan met de daarbij horende m.e.r.-procedure aan eenieder die met de plannen te maken gaat krijgen of die hierin geïnteresseerd is. Voor de omgevingsvisie Etten-Leur is op 13 juni 2019 kennisgegeven van het project en de start van de m.e.r.-procedure. Conform de wettelijke eisen is in de kennisgeving aangegeven: • Aankondiging besluit en m.e.r.-procedure; • Welke stukken, waar en wanneer ter inzage; • Wie mag wanneer en op welke manier zienswijzen inbrengen; • Dat advies over de Notitie Reikwijdte en Detailniveau van de commissie m.e.r. is gevraagd (zie verder). Raadpleging Na de kennisgeving heeft de raadpleging plaatsgevonden. Raadpleging is het inwinnen van advies over de effecten die moeten worden beschouwd in het plan-MER en op welke wijze het detailniveau moet worden beschreven. Hiervoor zijn de volgende bestuurlijke en maatschappelijke organisaties geraadpleegd:
Blad 6 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
• • • • • • • •
Provincie Noord-Brabant; Gemeenten Breda, Rucphen, Halderberge, Zundert, Moerdijk; GGD; Veiligheidsregio; Waterschap Brabantse Delta; Prorail / NS; IKE, MKB, ZLTO; Gasunie.
Deze organisaties zijn geraadpleegd door middel van overleggen die met hen gevoerd zijn. Daarnaast konden de organisaties reageren op de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (bijlage 1). Terinzagelegging Notitie Reikwijdte en Detailniveau De NRD is vervolgens ter inzage gelegd. Eenieder heeft gedurende de periode van 13 juni t/m 24 juli 2019 kunnen reageren op de NRD: wat moet in het MER worden onderzocht en op welke manier. Reacties op de NRD Onderstaand is op hoofdlijnen ingegaan op de adviezen en reacties op de NRD en hoe hiermee omgegaan is in de MER. Voor een uitgebreidere motivatie wordt verwezen naar bijlage 2. De Brandweer Midden- en West Brabant vraagt (in het algemeen) aandacht voor een veiligere leefomgeving, afstand tot risico’s, bereikbaarheid voor hulpdiensten e.d. Reactie: De gevraagde punten worden als uitgangs- en aandachtspunten meegenomen in de omgevingsvisie. In het MER wordt daar waar relevant voor de besluitvorming ingegaan op veiligheidsaspecten (bij de locatieafwegingen wonen, werken en infrastructuurmobiliteit, hoofdstuk 7). Prorail vraagt om aandacht voor externe veiligheid en trillingen langs het spoor en om uit te gaan van recente gegevens van het Basisnet (Externe veiligheid) en Geluidproductieplafonds (Geluid) langs het spoor.
Reactie: In het MER wordt daar waar relevant voor de besluitvorming ingegaan op externe veiligheidsaspecten en trillingen langs het spoor (bij de locatieafwegingen wonen, werken en infrastructuur, hoofdstuk 7). Hierbij wordt opgemerkt dat de veiligheidsopgaven een gezamenlijke opgave is van Prorail en de gemeente Etten-Leur. Het waterschap vraagt om niet alleen bij nieuwe ontwikkelingen aandacht te hebben voor water en groen, maar ook bij bestaande knelpunten (in het watersysteem, riolering, opvang extreme regenval, wateropgaven Lage Vaartkant, Middendonk, Bankenstraat / Hoge Haansberg, Noordrand Midden). Reactie: in de analyse van de staat van leefomgeving (hoofdstuk 4 en bijlage 5) is (of hoofdlijnen) een analyse geven van waarden en knelpunten (ook voor water en groen). In het MER wordt daar waar relevant voor de besluitvorming ingegaan op water en groenaspecten (in het algemeen bij de toetsing van ambities in hoofdstuk 6, en specifiek(er) bij de locatieafwegingen wonen, werken en infrastructuur in hoofdstuk 7). Hierbij wordt opgemerkt dat de wateropgaven een gezamenlijke opgave is van het Waterschap en de gemeente Etten-Leur.
IVN vraagt om de indicatoren van de Monitor Brede Welvaart mee te nemen in het MER en vraagt aandacht voor de droogteproblemen, de balans tussen inbreiding, stedelijke uitleg en biodiversiteit, ruimte voor natuur en verbindingszones bij stedelijke uitleg, regulering van de landbouw, energietransitie, het versterken van het areaal bossen, natuur en oppervlaktewater.
Blad 7 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Reactie: Er is voor dit MER een op de omgevingsvisie toegespitst beoordelingskader gemaakt. Op hoofdlijnen komen de indicatoren uit de Monitor Brede Welvaart hierin terug, hoewel niet specifiek. De overige aandachtspunten zijn als input/aandachtspunt voor de omgevingsvisie meegenomen. In het MER wordt daar waar relevant voor de besluitvorming ingegaan op natuur en biodiversiteit (in het algemeen bij de toetsing van ambities in hoofdstuk 6, en specifiek(er) bij de locatieafwegingen wonen, werken en infrastructuur in hoofdstuk 7). Omwonenden vragen (globaal samengevat) aandacht voor: • Verkeer: de wijze van en alternatieven voor (nieuwe) ontsluiting van (nieuwe) ontwikkelingen en de (hinder)effecten die dit heeft op bestaande woongebieden (zie hoofdstuk 3 en hoofdstuk 7 van dit MER); • Nut en noodzaak en (niet meenemen) alternatieve locatie voor uitbreiding bedrijventerrein (zie hoofdstuk 3 en de omgevingsvisie); • Nut en noodzaak uitbreiding woongebieden in landelijk gebied (zie hoofdstuk 3 en de omgevingsvisie); • De luchtkwaliteit (zie hoofdstuk 7 van dit MER) • Aantasting van landelijk gebied, dorpse karakter en natuurwaarden (zie hoofdstuk 7 van dit MER) • De wateropgave in relatie tot nieuwe ontwikkelingen (zie hoofdstuk 7 van dit MER) • Huisvesting arbeidsmigranten (zie omgevingsvisie) De Commissie m.e.r. De Commissie m.e.r. heeft in een uitgebreid advies d.d.
12 september 2019, advies gegeven over in haar optiek in het MER onderzocht moet worden (zie bijlage 3). In een (voortgangs)brief aan de gemeenteraad d.d. 27 november 2019 (zie bijlage 4) is aangegeven hoe met het advies in dit MER is omgegaan: Een groot deel van de adviezen van de Commissie sluit aan op de al gepresenteerde aanpak in de NRD en wordt overgenomen in het MER. Op een aantal aspecten geeft de Commissie waardevolle aanvullingen, die worden overgenomen. De Commissie vraagt veel en op een detailniveau dat wellicht nog te gedetailleerd is voor een MER bij een Omgevingsvisie, maar eerder aansluit bij een plan- of besluitniveau (Omgevingsplan, projectbesluit, vergunning). Een aantal adviezen van de Commissie wordt dan ook overgenomen rekening houdend met het abstractieniveau van de afwegingen en te maken keuzes in de Omgevingsvisie. Uiteraard wordt hierbij onderscheid gemaakt tussen een algemene, globalere toetsing van ambities en beleidslijnen voor de Omgevingsvisie in het algemeen en een meer specifieker effectenonderzoek naar de ontwikkelingen op het gebied van wonen, werken en verkeer. Het advies van de Commissie lijkt “knelpunt-gericht”: verkennen van oplossingen voor huidige of toekomstige knelpunten.
Het MER toetst breder: niet alleen gericht op het oplossen van knelpunten, maar meer op bijdrage aan het halen van voor de toekomst gewenste doelstellingen en ontwikkelinrichtingen (ambities). Het advies van de Commissie m.e.r. om ook in het algemene visiedeel de effecten van alternatieven en scenario’s te onderzoeken wordt niet overgenomen: De ambities in de Omgevingsvisie wordt getoetst. Daar waar ambities niet gehaald worden en/ of knelpunten-risico’s optreden wordt dit vertaald in een monitoringsopgave en spelregels/randvoorwaarden voor het vervolg van de plan- en besluitvorming. De Commissie m.e.r. geeft adviezen voor een aantal thema’s waar in de gemeente Etten-Leur en/of regio separate beleidssporen lopen (bijvoorbeeld RES, klimaatadaptatie). Deze worden anders dan de Commissie m.e.r. vraagt niet apart / zelfstandig in de Omgevingsvisie en MER opgenomen. Wel
Blad 8 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
worden de ontwikkelingen in de andere beleidssporen gevolgd en gerelateerd aan de Omgevingsvisie en het MER (zie verder bijlage 4). Tervisielegging plan-MER bij het ontwerp omgevingsvisie Dit MER wordt samen met de ontwerp omgevingsvisie ter visie gelegd. Gedurende de tervisielegging kan eenieder zijn of haar reactie/zienswijze op het MER en de ontwerp omgevingsvisie indienen. In deze periode worden het MER en de ontwerp omgevingsvisie aangeboden aan verschillende bestuursorganen. Overigens is ook al gedurende het proces op basis van concept resultaten overlegd met betrokken partijen. Toetsing door de Commissie m.e.r. Het MER wordt ter toetsing voorgelegd aan de Commissie m.e.r. De Commissie toetst het MER op juistheid en volledigheid en geeft een onafhankelijk toetsingsadvies af dat betrokken wordt bij de verdere besluitvorming. Vervolgprocedure Na afloop van de tervisielegging worden de ontvangen reacties/zienswijzen op het MER en de ontwerp omgevingsvisie van een inhoudelijke beantwoording voorzien. Indien nodig worden het MER en de omgevingsvisie op punten aangepast of aangevuld. De omgevingsvisie (inclusief het MER en de reactie op zienswijzen) wordt aangeboden ter formele vaststelling aan de gemeenteraad van Etten-Leur.
2.5
Wijzigingen in de uitgangspunten van dit MER ten opzichte van de NRD Dit MER volgt grotendeels de onderzoekaanpak zoals gepresenteerd in de NRD. Op een aantal punten is sprake van aanscherping/aanpassing: • Bij de staat van leefomgeving is niet alleen gekeken naar de huidige situatie, maar ook naar de toekomstige ontwikkeling op basis van voortzetting van het huidige beleid en trends (zie hoofdstuk 4 Referentiesituatie en bijlage 5 Staat van Leefomgeving). Hiermee is mede invulling gegeven aan een wens van de Commissie m.e.r. • De ambities zijn verder uitgewerkt per deelgebied en hoofdambities en vertaald in onderzoekscriteria voor dit MER (zie hoofdstuk 3 Ambities, hoofdstuk 5 Beoordelingsmethodiek en hoofdstuk 6 Beoordeling ambities). Hiermee is mede invulling gegeven aan een wens van de Commissie m.e.r. • Voor mobiliteit heeft een knelpuntanalyse plaatsgevonden (zie hoofdstuk 4 Referentiesituatie Verkeer). Op basis hiervan zijn alternatieven en varianten voor de ontsluiting van nieuwe ontwikkelingen en oplossing van bestaande knelpunten geformuleerd (zie hoofdstuk 3) en onderzocht of doelbereik en effecten (zie hoofdstuk 7. Hiermee is mede invulling gegeven aan inspraakreacties van omwonenden.
Blad 9 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
3
De Omgevingsvisie Etten-Leur: Ambities, deelgebieden en locatieverkenningen
3.1
Algemeen De Omgevingsvisie Etten-Leur heeft betrekking op alle aspecten van de fysieke leefomgeving en stelt de kaders voor de keuzes die op de middellange (2030) en lange termijn (na 2030) worden gemaakt. De scope van de omgevingsvisie is breed, omdat die gaat over de hele leefomgeving: van bodem en water tot gezondheid, ruimtelijke kwaliteit, energie en mobiliteit. Beleid dat voorheen was opgenomen in afzonderlijke plannen en visies wordt samengevoegd in één integrale visie, waarin – afhankelijk van het onderwerp - richtinggevende uitspraken worden gedaan, beleidskeuzes worden gemaakt of concrete omgevingswaarden worden vastgesteld. De omgevingsvisie bevat daarmee het actuele beleid voor de hele fysieke leefomgeving, en vormt een vertrekpunt van waaruit het omgevingsbeleid in de komende jaren verder kan worden aangevuld en aangescherpt. Dit betekent dat – hoewel de omgevingsvisie een integraal karakter heeft – niet alle keuzes met betrekking tot de leefomgeving nu al in de omgevingsvisie worden gemaakt. Voor sommige beleidsaspecten zal nadere uitwerking plaatsvinden in latere actualisaties van de omgevingsvisie, in programma’s of in het omgevingsplan. Dit hoofdstuk vat de ambities uit de Omgevingsvisie Etten-Leur samen.
Voor een deel bestaan deze ambities uit algemeen geldende principes: • Iedereen kan meedoen; • Duurzame economische ontwikkeling; • Behoud en versterking basiskwaliteit leefomgeving; • Beschermen en herstel natuurlijke ecosystemen; • Zorg voor leefbaarheid, veiligheid en gezondheid; • Bevorderen van een goede bereikbaarheid; Voor het overige hebben de ambities betrekking op de volgende deelgebieden in de gemeente: • woongebieden, inclusief strategische ontwikkellocaties; • centrumgebied; • werklocaties, inclusief strategische ontwikkellocaties; • buitengebied; De algemeen geldende principes (de omgevingsvisie noemt dit de leidende principes) zijn op al deze gebieden van toepassing en krijgen per gebiedstype een specifieke uitwerking. In de volgende paragraaf wordt de inhoud van deze leidende principes toegelicht.
Blad 10 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
3.2
Leidende principes Iedereen kan meedoen Dit principe bepaalt dat de gemeente haar inwoners ongeacht leeftijd, levensstijl of beperking maximale ruimte geeft om zicht te ontplooien en waar nodig inwoners ondersteunt. Bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving staan eigen verantwoordelijkheid, zelfredzaamheid en gelijkwaardigheid voorop. Op basis van dit principe wil de gemeente in ieder geval voor alle doelgroepen een geschikt aanbod aan woningen en andere voorzieningen bieden. Verder bestaat dit principe uit opgaven om de sociale cohesie in stand te houden en te versterken alsmede uit een opgave om bewegen meer te stimuleren. Duurzame economische ontwikkelen Dit leidende principe voorziet in het vinden van een balans tussen: • het lichamelijk en geestelijk welzijn van bewoners (mensen); • een gezonde economische ontwikkeling (economie); • de veerkracht en kwaliteit van de natuur (leefomgeving). Dit principe bepaalt dat veranderingen in de fysieke leefomgeving niet ten koste mogen gaan van de balans tussen de bovengenoemde pijlers. De gevolgen van veranderingen mogen niet afgewenteld worden op toekomstige generaties en/of naar andere locaties. Dit principe gaat ook over het herstellen van de balans tussen het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving.
De belangrijkste opgaven in het herstellen van deze balans zijn: • de energietransitie; • het beperken van de nadelige gevolgen van klimaatverandering; • de omslag naar een circulaire economie. Behoud en versterking basiskwaliteit leefomgeving Dit principe gaat over het behouden van de basiskwaliteiten van de gemeente. Deze basiskwaliteiten bestaan uit water-, natuur-, landschappelijke-, cultuurhistorische- en aardkundige structuren en elementen in de gemeente. Ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving moeten bijdragen aan het behouden en versterken van deze structuren en elementen. Beschermen en herstel natuurlijke ecosystemen In dit principe is vastgelegd bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving een goede balans tussen de ontwikkeling en de bescherming alsmede het behoud van natuurlijke ecosystemen gevonden moet worden. De gemeente streeft naar robuuste ecosystemen en een rijke biodiversiteit om zowel de huidige als toekomstige generaties een leefbare wereld te bieden. Zorg voor de leefbaarheid, veiligheid en gezondheid Op basis van dit principe neemt de gemeente het voorzorgsbeginsel, het preventiebeginsel, het beginsel dat maatregelen zoveel aan de bron (van vervuiling) moeten worden toegepast en het beginsel dat de vervuiler betaalt in acht bij nieuwe ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. Deze beginselen zijn vastgelegd in artikel 3.3 van de Omgevingswet.
Als gevolg van andere belangen is het in bestaande situaties niet altijd mogelijk om deze beginselen direct toe te passen. In die gevallen geldt het standstillbeginsel en is de bestaande hinder maatgevend. Bij aanpassing of verandering van de activiteit moeten indien mogelijk verbetering doorgevoerd worden. Op basis van dit principe kiest de gemeente verder voor integrale oplossingen en het creëren van meerwaarde. Het in acht nemen van dit principe moet er toe leiden dat kwaliteit van de fysieke leefomgeving zodanig is dat deze een geschikte basis vormt voor het behouden en versterken van de gezondheid en alle activiteiten die de mens in die leefomgeving uitvoert.
Blad 11 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Bevorderen van een goede bereikbaarheid Een goede en veilige fysieke leefomgeving vraagt om een goede bereikbaarheid. De bereikbaarheid is ook bepalend voor het vestigingsklimaat in een gemeente. Bereikbaarheid gaat in dit principe niet alleen om de doorstroming van het auto- en landbouwverkeer. Op basis van dit principe wil de gemeente ook een goed netwerk voor langzaam verkeer en het openbaar vervoer bieden. Dit principe heeft ook betrekking op de digitale infrastructuur: ook op dit gebied wil de gemeente optimaal bereikbaar zijn. Samen met inwoners en ondernemers werkt de gemeente aan een slim een duurzaam mobiliteitssysteem dat voor alle gebruikers veilig is. Concreet streeft de gemeente daarbij naar nul verkeersdoden op de gemeentelijke wegen. Het bestaande wegennet biedt hiervoor de basis. De scheiding tussen verkeersstromen en -snelheden wordt door de gemeente gehandhaafd. Aanvullend kiest de gemeente voor de aanleg van comfortabele fietspaden en de inzet van nieuwe mobiliteitsconcepten. Dit principe houdt ook in dat de gemeente kiest voor een openbare ruimte die zodanig is ingericht dat deze voor iedereen veilig en toegankelijk is zodat alle inwoners van Etten-Leur volwaardig mee kunnen doen aan het maatschappelijk leven. Dit zijn allemaal langetermijnopgaven die nog een nadere uitwerking vragen voor de gevolgen voor Etten-Leur concreet gemaakt kunnen worden.
Daarom zijn in de omgevingsvisie langetermijndoelen opgenomen waarmee deze opgaven behaald kunnen worden. Deze doelen moeten ruimte bieden aan technologische innovaties. De gemeente stimuleert initiatieven die leiden tot meerwaarde, bijdragen aan de duurzaamheidsopgave en die de kwaliteit van de leefomgeving versterken. Dit moet leiden tot zowel een versterking van de economische positie als tot een verbetering van de kwaliteit van leefomgeving en de sociale samenhang.
3.3
Ontwikkelstrategieën deelgebieden
3.3.1
Algemeen De gemeente Etten-Leur heeft een heldere opbouw: één centrale kern met aan de zuidrand daarvan de A58, omringd door een afwisselend buitengebied. De gemeente wordt in oostwestrichting doorkruist door de spoorlijn Breda-Roosendaal. Op basis van de huidige opbouw van Etten-Leur wordt in de omgevingsvisie een indeling gemaakt in vier deelgebieden: De woongebieden dateren uit verschillende tijdsperiodes, hoofdzakelijk bebouwd met grondgebonden woningen in een groene woonomgeving.
Het centrumgebied rondom het dorpshart van het voormalige Etten. De werklocaties bestaan uit: o het westelijk van de woongebieden gelegen bedrijventerrein Vosdonk; o het aan de zuidoostzijde gelegen kantorenpark Trivium-Oostpoort; o de in het stedelijk gebied (noordoosten) gelegen woon-werklocatie Attelaken; o en in het noordelijk buitengebied, langs de Mark, bedrijventerrein Zwartenberg. Het buitengebied kent een verscheidenheid in landschapstypen: het noordelijk kleigebied, het overgangsgebied van zand naar klei en het centraal en zuidelijk gelegen zandgebied. Er is sprake van een verwevenheid aan functies als land- en tuinbouw, wonen, natuur, landschap, water en recreatie. Voor deze gebieden geldt gebiedspecifiek beleid waarmee wordt bedoeld dat de overkoepelende ambities in de omgevingsvisie voor ieder deelgebied een andere uitwerking hebben.
Blad 12 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Figuur 3.1 Gebiedsindeling Omgevingsvisie Etten-Leur
Figuur 3.1 Deelgebieden
Blad 13 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
3.3.2
Woongebieden Etten-Leur wil voor haar inwoners een passende duurzame woning. In een buurt waar men zich thuis voelt en welkom is. Iedereen kan meedoen. En waar jong en oud, gevestigde bewoners en nieuwkomers elkaar kunnen ontmoeten. Etten-Leur streeft naar zorgvriendelijke wijken waar gezonde leefomstandigheden heersen. De wijk is schoon, toegankelijk, veilig met aantrekkelijke plekken voor ontmoeting, ontspanning en beweging. Groen en water zorgen voor een natuurlijke uitstraling en helpen bewegen te stimuleren. De basisvoorzieningen zijn op orde en goed bereikbaar. Zij vormen ontmoetingspunten in de wijk en zorgen voor levendigheid. Etten-Leur wil wijken leefbaar houden en klaar zijn voor de toekomst. Daarbij gaat het niet alleen om het energieneutraal maken van woningen of maatregelen om wateroverlast of hittestress te voorkomen. Het gaat om het totale pakket; wijken moeten voldoen aan de wensen van bewoners. Beschermen en behouden groen stedelijk karakter De historische linten in de kernen Etten en Leur blijven de basis vormen voor de stedelijke groei. De wijken in Etten-Leur blijven een groen stedelijk karakter, met een minimale hoeveelheid openbaar groen van 80 m2 per woning. Het groen bepaald niet alleen de identiteit van elke wijk maar is mede belangrijk voor de natuur, de gezondheid, een aangenaam verblijf en woonomgeving en verkeersveiligheid.
De instandhouding, uitbreiding en bevorderen van biodiversiteit staat daarbij voorop. Behoud, versterken en verduurzamen van de bestaande woningvoorraad Etten-Leur blijft een compleet en gedifferentieerd woningaanbod voor alle inwoners houden, met een menging van verschillende woonmilieus met een menging van leeftijden, leefstijlen en woningtypen: behoud van kwaliteiten en een goede mix tussen huur en koop en aanbod voor jong en oud. Een blijvend passende woningvoorraad voor Etten-Leur vraagt om: • meer kleinere woningen als gevolg van vergrijzing, scheidingen en andere maatschappelijke ontwikkelingen. Nog op te stellen wijkprofielen bieden voor de middellange termijn handvatten voor nieuwe initiatieven en herontwikkeling; • nieuwe woningen in de sociale huur of koop én in de midden huur; • inzet op de bouw van duurdere woningen, nieuwe woonvormen en wonen met zorg. Verruimen van dit aanbod bevordert de doorstroming; • het benutten van vrijkomende plekken en gebouwen in de wijken voor woningen. Herbestemmen is het nieuwe bouwen; • afstemming van de hoogte van gestapelde woningen op de omgeving; • nieuwbouw welke energieneutraal, aardgasvrij, levensloopbestendig, natuurvriendelijk, waterbesparend, flexibel en van herbruikbare materialen zijn gebouwd; • goed geregeld parkeren met een norm passend bij de locatie.
De beschikbare parkeerruimte benutten we zo efficiënt mogelijk zodat er voldoende ruimte overblijft voor groen en openbare verblijfsruimte. Verdiept, half verdiept of inpandig parkeren bevordert de kwaliteit van de leefomgeving. Daarnaast zijn voorzieningen nodig voor het moderne rijden, zoals laadpalen, flexibele routegeleiding en deelauto’s; • goede digitale infrastructuur. Met het nieuwe werken verandert de functie van de woning. De woning is ook een werkplek. We bieden aanbieders daarvoor ruimte. Etten-Leur zorgt ervoor dat de bestaande woningvoorraad eigentijds en passend blijft en stimuleert innovatie en verduurzaming van woningen.
Blad 14 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Wijk- en buurtwinkelcentra zijn plek voor ontmoeting Behoud van wijk- en buurtwinkelcentra als plekken van voorzieningen en ontmoeting blijft het uitgangspunt. Belangrijk is om deze voorzieningen aan te passen aan de actuele wensen: De trend is inkrimping van het winkelaanbod en het onttrekken van panden aan de winkelbestemming. Passend bij de functie en de locatie wil Etten-Leur meewerken aan omzetting naar functies die de ontmoetingsfunctie versterken zoals bijvoorbeeld daghoreca of een zorgfunctie. De verkeersdrukte en het parkeren in en rondom de winkelgebieden vragen hiervoor om maatregelen om de verblijfskwaliteit en de toegankelijkheid voor kinderen, ouderen en kwetsbare inwoners te behouden en te versterken. Onderwijs, spel, sport en andere maatschappelijke voorzieningen Binnen de wijken streeft Etten-Leur naar blijvend goed bereikbare voorzieningen op loopafstand van woningen, naast de wijk- en buurtwinkelcentra, zoals voor het basisonderwijs, de kinderopvang, kleinere en grotere speel- en sportvoorzieningen en culturele voorzieningen. Innovaties en initiatieven op het gebied van onderwijs (een leven lang leren), jeugdzorg, sport en vrijetijdsbesteding van jong tot oud en zorg krijgen volop de ruimte, Gebruik van bestaande gebouwen en terreinen blijft de voorkeur houden (multifunctioneel gebruik).
In toenemende mate gebruiken ook volwassenen de openbare ruimte om te sporten. Bij de inrichting moeten we daarmee meer rekening houden. Verruiming van het aanbod met nieuwe voorzieningen als sportscholen en bewegingscentra is mogelijk. Zorgvriendelijke wijken Goede wijkcentra en voorzieningen zijn essentieel nu de zorg zich ontwikkelt van individuele maatwerkondersteuning naar algemene en collectieve voorzieningen. Een groeiende groep ouderen en kwetsbare inwoners is daarvan afhankelijk. Zeker nu ouderen langer zelfstandig (moeten) blijven wonen. De woonomgeving blijft veilig en toegankelijk, ook voor inwoners met een beperking. Dir vraagt om obstakel en drempelvrije openbare ruimte en openbare gebouwen. Behoud en versterken van het niveau van de woonservicezones staat voorop omdat ze bijdragen aan zorgvriendelijke wijken. Daarnaast blijft een goede spreiding van eerstelijns gezondheidsvoorzieningen belangrijk. Gezonde wijken met een goede omgevingskwaliteit Etten-Leur streeft naar een gezonde, veilige leefomgeving en inrichting van de openbare ruimte. • minimaal voldoen aan de wettelijke normen voor water, bodem en lucht; • scheiden van functies ter voorkoming/beperking van overlast van geluid, geur, trilling en de risico’s bij vervoer en gebruik van gevaarlijke stoffen. • maatregelen tegen overlast van hitte en (grond- en hemel)water (nader uit te werken in wijkprofielen).
• Stimuleren van bewegen in een comfortabel, groen, veilig en samenhangend wandel- en fietsnetwerk in en tussen wijken, voorzieningen en werklocaties: o door prioriteit te geven aan dit netwerk vormt het een volwaardig alternatief voor het gebruik van de auto; o stoepen en bushaltes zijn goed bereikbaar voor rolstoelen, kinderwagens en rollators; o woongebieden zijn verkeersveilig, er is ruimte voor verblijven en spelen; o straten vormen geen barrière maar een verbinding; o naar scholen en openbaar vervoerhaltes zijn doorlopende voetgangersroutes; o gezonde mobiliteit is daarnaast gebaat bij toegankelijk openbaar vervoer of andere mobiliteitsdiensten. • behouden en verbeteren van de verblijfskwaliteit van de openbare ruimte:
Blad 15 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
o o o o o o
meer groen: verbetert niet alleen de uitstraling, maar zorgt ook voor meer schaduw, verkoeling bij warmte en berging van regenwater. Dit heeft een positief effect op de gezondheid en draagt bij aan de leefbaarheid van een wijk. variatie in soort bomen en onderbeplanting zorgt voor meer natuur in de wijk en bevordert de biodiversiteit. bij herontwikkeling of verdichting van het aantal woningen gaan we uit van kwaliteitsverbetering. Uitgangspunt is behoud van de bestaande hoeveelheid groen (minimaal 80 m2 openbaar groen per woning). voldoende ruimte voor groen en opvang van regenwater in tuinen groene gevels: dragen bij aan schonere lucht en een koeler binnenklimaat; water in de wijk: zorgt voor verkoeling.
Locatieverkenning nieuwe woonlocaties Jaarlijks bouwt Etten-Leur nieuwe woningen. De komende tien jaar blijft dat zo. Naar verwachting komen er tot 2030 gemiddeld 200 woningen per jaar bij. Daarbij wordt eerst gezocht naar oplossingen in bestaande wijken. Het gaat bijvoorbeeld om terreinen en gebouwen die vrijkomen of vervanging van sterk verouderde woningen. Daarnaast wordt de bouw van woningen in de bestaande woningbouwplannen (‘De Streek’, ‘Schoenmakershoek’ en ‘Groot Sander’) doorgezet. De capaciteit van deze plannen is echter niet voldoende. Naast inbreiding en herontwikkeling ziet Etten-Leur zich genoodzaakt om een deel van de woningbouwopgave, 600 woningen, buiten de bestaande woongebieden te realiseren. In de omgevingsvisie zal een verkenning worden gemaakt welke locatie (of locaties) zich het beste leent voor de opvang van de woningbehoefte. Er zijn drie locaties in beeld: Hoge Haansberg (gronden ten noordwesten van Haansberg en Hoevenseweg), Groene Wig (tussen Rijsdijk en Sander) en Lage Vaartkant. Omdat niet op alle locaties het totaal van 600 woningen kan worden gerealiseerd, zijn in het MER de volgende scenario’s onderzocht: Scenario A B C
Hoge Haansberg 600 woningen 325 woningen
Groene Wig
Lage Vaartkant
175 woningen
100 woningen 600 woningen
De drie locaties waar woningbouw voorzien is, liggen alle aan de rand van Etten-Leur op de overgang van de kern/woongebieden naar het buitengebied. De drie locaties bevinden zich in de invloedssfeer van de kern/woongebieden alsmede in de invloedssfeer van de A58, de spoorlijn en/ofde werklocatie Vosdonk. De drie locaties dragen bij aan de realisatie van het woningbouwprogramma van Etten-Leur en daarmee aan de ambitie om het woningaanbod te verbreden teneinde inwoners een passende en duurzame woning te bieden.
Blad 16 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Figuur 3.2: locaties voor locatieverkenning wonen
Algemeen Bij de beoordeling van de locaties zijn de navolgende gelijke uitgangspunten gehanteerd: • Een groen-stedelijk woonmilieu met gemiddeld 80 m2 groen/water per woning. • Een gemengde differentie aan woningtypes met een beperkt aanbod aan hoogbouw. • Een (eventuele) hoofdontsluitingsweg bestaat uit twee rijbanen en vrij liggende fietspaden gescheiden voor een groenstrook. • De gevelbelasting op nieuw te bouwen woningen langs hoofdontsluitingswegen bedraagt voor de eerstelijnsbebouwing maximaal 53 dB (de standaardwaarde zoals opgenomen gaat worden in de Omgevingswet). • De gevelbelasting op de nieuw te bouwen woningen langs het spoor bedraagt voor de eerstelijnsbebouwing maximaal 55 dB (de standaardwaarde zoals opgenomen gaat worden in de Omgevingswet) en de tweedelijnsbebouwing maximaal 53 dB. • De nieuwbouw is levensloopbestendig, energieneutraal, natuurvriendelijk en circulair. • Voorziening voor gebiedseigen water. Hoge Haansberg De locatie ‘Hoge Haansberg’ ligt aan de noordwestzijde van de gemeente. Het gebied sluit aan op de lintbebouwing langs de Haansberg en de Hoevenseweg. Deze bebouwing blijft buiten het woongebied. Incidentele invulling van open gaten langs de weg is niet uitgesloten. De noordgrens van het woongebied ligt in een lijn in het verlengde van de Aletta Jacobslaan aan de westzijde afbuigend richting Kattestraat.
Ter hoogte van dit punt sluit de hoofdontsluitingsweg met een rotonde op de Hoevenseweg aan. De aansluiting op bestaand wegennet aan de oostzijde is afhankelijk van de keuze tussen het doortrekken van de Aletta Jacobslaan of de aanleg van een noordelijke rondweg (zie beschrijving varianten voor aanpassing van het hoofdwegennet). Het woongebied biedt ruimte voor 600 woningen. Een doorgroei van het woongebied is mogelijk. In een combinatie met andere locaties wordt uitgegaan van 325 woningen op locatie Hoge Haansberg. In de verkeersanalyse is vooralsnog uitgegaan van de gevolgen bij 600 woningen of 325
Blad 17 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
bij eventuele combinatie met andere locaties. Het nabij gelegen bestaande bedrijventerrein ‘Vosdonk’ is niet direct van invloed op de aanwending van gronden voor woningbouw. Aan de oostzijde is een veehouderij aanwezig. Bij de beoordeling is uitgegaan van sanering van dit bedrijf. Andere bedrijven in de directe nabijheid zijn niet van invloed. Een uitzondering vormt een geitenhouderij. Het gebied deels binnen de zone van het (provinciale) moratorium voor de geitenhouderijsector. Hoewel er wetenschappelijk verband nog geen eenduidige relatie is aangetoond tussen geitenhouderijen en gezondheid gelden vanuit het voorzorgsbeginsel binnen 2 km rondom de geitenhouderij beperkende randvoorwaarden voor woningbouw.
Figuur 3.3 Hoge Haanberg (+ ontsluiting door Doortrekking Aletta Jacobslaan of Noordelijke rondweg)
Lage Vaartkant Het gebied ten oosten van de Lage Vaartkant tot aan de Lage Bremberg vormt de locatie ‘Lage Vaartkant’. In dit gebied ligt het beekdal van de Brandsevaart en de Bijloop. Aan beide zijden van deze watergangen is een ruime zone aangewezen voor retentie. Deze zone verdeelt de locatie in twee potentiële woongebieden. Aan de westzijde: een gebied gelegen tussen de huiskavels aan de Lage Vaartkant en de retentiezone. Aan de oostzijde: een woongebied tussen de retentiezone en een randzone van 100 meter langs de Lage Bremberg. Deze randzone vormt een buffer voor aan de oostzijde van de Lage Bremberg gevestigde agrarische bedrijven. Aan de noord- en zuidzijde van de locatie moet rekening worden gehouden met geluidzones (in de Omgevingswet: aandachtsgebieden geluid) langs het spoor en de rijksweg 58. In de zone langs de rijksweg ontstaat ruimte voor een andere invulling dan woningbouw zoals eventuele nieuwbouw voor het tuincentrum en een openbaar vervoerknooppunt. Het westelijk gebied heeft een capaciteit van 600 woningen. De ontsluiting van dit gebied vindt via de Bredaseweg plaats. Bij een totale ontwikkeling van het gebied wordt gedacht aan de aanleg van nieuwe hoofdontsluitingsweg die de Ambachtlaan via een tunnel onder het spoor met de Bredaseweg verbindt. De huidige weg Lage Vaartkant krijgt dan een geheel andere functie.
Het totale gebied biedt meer dan voldoende omvang voor de realisatie van een scenario met 600 woningen. Bij een combinatie met andere gebieden voorzien we voorlopig 100 woningen in dit gebied. In het gebied is er sprake van hoogteverschillen en kan in sommige delen niet worden gebouwd zonder (forse) ophoging en drooglegging met mogelijke gevolgen voor bestaande huiskavels.
Blad 18 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Figuur 3.4 Lage Vaartkant
Groene Wig De locatie ‘De Groene Wig’ ligt tussen de Rijsdijk, het Sander en het Slagveld. Buiten het gebied zijn gehouden de retentievoorziening aan de zuidzijde en de woningbouw aan de zuidwestzijde. Rondom het rijksmonument Slagveld 8 is een ruime huiskavel aangehouden. De hoofdontsluiting komt uit op de Rijsdijk. De ontsluiting op het Sander is ondergeschikt. De locatie biedt ruimte voor ca. 120 woningen (in de verkeersanalyse is aantal van 175 woningen aangehouden). Aan de randen van het gebied zijn geen (actieve) bedrijven gevestigd die van invloed zijn op de omvang van het gebied. Wel ligt het gebied volledig binnen de zone van het (provinciale) moratorium voor de geitenhouderijsector. Hoewel er wetenschappelijk verband nog geen eenduidige relatie is aangetoond tussen geitenhouderijen en gezondheid gelden vanuit het voorzorgsbeginsel binnen 2 km rondom de geitenhouderij beperkende randvoorwaarden voor woningbouw. Voor woningbouw moet het gebied tevens deels worden opgehoogd.
Figuur 3.5 Groene Wig
Blad 19 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
3.3.3
Centrumgebied Het centrumgebied van Etten-Leur blijft zich ontwikkelen als één van de belangrijkste plekken van ontmoeting. Winkels, horeca, maatschappelijke voorzieningen, toerisme en recreatie, maar ook wonen (op de verdieping) blijven in dit gebied bijeenkomen. Meerdere trends zijn van invloed op de functie van het centrum. Bijvoorbeeld online winkelen, concurrentie vanuit de grote steden en veranderende wensen van het winkelend publiek. Opgave is om het centrum een aantrekkelijke plek voor ontmoeting te laten blijven, niet alleen voor de eigen inwoners, maar ook voor inwoners van buurgemeenten, toeristen, ondernemers en andere in het centrum gevestigde partijen. Daarnaast blijft de leefbaarheid in het centrumgebied een aandachtspunt. We willen de centrumfunctie en het voorzieningenniveau behouden. Transformatie van voormalige winkelpanden en de aanpak van leegstand is daarvoor nodig. Het centrum moet een aantrekkelijk verblijfsgebied blijven. Het accent mag meer gericht zijn op horeca, beleving en verblijven, minder op winkelen. Zoeken naar de juiste balans tussen een dynamisch centrum en prettig wonen en verblijven. Aandacht voor vergroening en behoud van cultuurhistorie is belangrijk. Ook is een herontwikkeling van de as station – centrum (Anna van Berchemlaan) als één van de entrees van Etten-Leur van belang om het centrum als ontmoetingsplek te behouden.
Centrumgebied: plek voor ontmoeting Etten-Leur wil dat het centrum de plek voor ontmoeting blijft. Van winkelen naar beleving Het gedrag van de consument verandert. Hierop inspelen is nodig om vaste (lokale) bezoekers te blijven binden en nieuwe bezoekers (van buiten) aan te trekken: • Inzetten op beleving: De bezoeker is op zoek naar een onderscheidend en gevarieerd aanbod, gastvrijheid, persoonlijke aandacht en ontspanning; • Inzetten op een goed supermarktaanbod. Uitbreiding is alleen aan de orde als er sprake is van toegevoegde waarde en het de structuur van een compact winkelgebied versterkt; • Vervanging van een deel van de winkels door een mix van horeca, gezondheidszorg (zoals fitnesscentra), entertainment, (gedeelde) kantoorruimten en vrije tijdsbesteding; Naar een compact en aantrekkelijk winkelhart • Het huidige aanbod aan winkelruimtes sluit niet aan op de vraag. Functiemenging is niet voldoende om bestaande of toekomstige leegstand te bestrijden. Het aanbod kan omlaag door het winkelgebied te concentreren tot bijvoorbeeld:het overdekte winkelcentrum; • de panden aan het Hof van den Houte, de Markthof, het Burchtplein; • het gedeelte van de Bisschopsmolenstraat tot aan de Bijvang. Buiten dit gebied voegen we geen nieuwe winkels toe en gaan we met gevestigde ondernemers.
Rekening houdend met de cultuurhistorische waarden krijgen vrijkomende panden een woon- of andere passende bestemming. Mogelijk op termijn verdere verkleining van het winkelaanbod en mogelijk herontwikkeling van een deel van het overdekte winkelcentrum. Concentratie van (avond)horeca rondom de Moeierboom De avondhoreca concentreert zich verder in het gebied rondom de Moeierboom.
Blad 20 van 132