CConstaterende datEtten-Leur
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 5 Nota van beantwoording reacties deelnotitie Omgevingsvisie bouwlocaties en wegvarianten dd 01 nov 2021.pdf

Raad debatteert 6 december 2021, gemeente Etten-LeurBij agendapunt: Besluit vrijgegeven concept omgevingsvisie/MER voor inspraak33.377 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

NOTA BEANTWOORDING REACTIES BOUWLOCATIES EN WEGVARIANTEN (d.d. 1 november 2021) Uitkomst participatie Deelnotitie Omgevingsvisie: bouwlocaties en wegvarianten, 1e herziening versie 17 mei 2021 (periode 24 juni 2021 tot en met 31 augustus 2021) De gemeente Etten-Leur wil in haar omgevingsvisie de grote bouwlocaties tot 2040 opnemen en ook hoe ze die wil ontsluiten. De wijze waarop ze dit voor ogen heeft, is verwoord in de deelnotitie Omgevingsvisie: bouwlocaties en wegvarianten, 1e herziening versie 17 mei 2021. Voordat deze notitie als hoofdstuk in de omgevingsvisie wordt verwerkt, zijn inwoners en belangengroepen in de gelegenheid gesteld daarop te reageren. De wijze waarop dat is gedaan is vooraf (op 22 juni 2021) besproken in de gemeenteraad. De periode van inspraak liep van 24 juni tot en met 31 augustus 2021. Deze notitie is de uitwerking van die inspraak. In deze notitie geeft het college van burgemeester en wethouders de aandachtpunten weer die tijdens de bijeenkomsten naar voren zijn gekomen. Daarna volgen de reacties die buiten de bijeenkomsten bij ons zijn ingediend. Deze zijn samengevat en voorzien van onze beantwoording. Tot slot volgen opmerkingen en reacties die zijn achtergelaten op ons internetforum. Ook die voorzien wij van een antwoord.

Opmerkingen, suggesties tijdens de (digitale) bijeenkomsten De (digitale) bijeenkomsten Er zijn vier bijeenkomsten gehouden. In totaal hebben ongeveer tweehonderd personen hieraan deelgenomen. Tijdens die bijeenkomsten is de denkrichting toegelicht en is aan de aanwezigen naar hun meningen gevraagd. Om mogelijke vragen en opmerkingen uit de samenleving over een specifiek gebied te bundelen, konden inwoners zich aanmelden voor een specifieke bijeenkomst. Tijdens alle bijeenkomsten hebben wij steeds dezelfde informatie verstrekt. De bijeenkomsten vonden plaats op: -

Donderdag 8 juli 2021 (specifiek voor inwoners met grondpositie binnen de bouwlocaties); Donderdag 15 juli 2021 (met als thema Hoge Haansberg/noordelijke rondweg); Dinsdag 20 juli 2021 (met als thema Lage Vaartkant/oostelijke rondweg); Woensdag 21 juli 2021 (met als thema verbinding afslag 18 - Rijsbergseweg).

De vooraf geplande vijfde bijeenkomst op donderdag 22 juli 2021 (met als thema Bedrijventerrein Vosdonk) is op geannuleerd vanwege weinig aanmeldingen. De personen die zich daarvoor hadden aangemeld zijn in de gelegenheid gesteld om de bijeenkomst van 20 of 21 juli bij te wonen. Daarnaast konden inwoners die op geen enkele datum gelegenheid hadden, een opname van de gehouden presentatie terugkijken. 8 juli 2021 Inwoners met grondeigendommen binnen de beoogde bouwlocaties of wegvarianten zijn apart uitgenodigd op 8 juli. Grondeigenaren geven aan dat zij graag snel duidelijkheid willen over het al dan niet definitief doorgaan van de bouwprojecten. Zo kunnen zij tijdig een strategie bepalen voor hun eigen toekomst. Een lang proces om de omgevingsvisie vast te stellen helpt daar dan niet bij. Het blijkt lastig om een mening te geven over de bouwlocaties en wegvarianten op dit abstractieniveau. Daarbij werkt niet mee dat nog niet alle (verkeers-) onderzoeken afgerond en beschikbaar zijn. Via een vraag wordt aangegeven dat het vreemd is dat de richting die het college in eerste instantie niet wilde ingaan: ‘een noordelijke randweg is niet haalbaar’, nu tóch de voorkeur geniet. 15 juli 2021 De locatie Hoge Haansberg staat centraal op 15 juli. Dit is de drukste avond, met twintig personen in de zaal en 46 via een Zoom-verbinding.

Het is duidelijk dat men vreest voor aantasting van het woongenot vanwege een toename van (sluip)verkeer door de woningbouw. De angst is dat de huidige infrastructuur en kruisingen de verkeerstoename onvoldoende kunnen verwerken. Daarnaast is er twijfel over het nut van de noordelijke randweg op de positie zoals die nu wordt voorgesteld. Een pleidooi om op grotere afstand om Etten-Leur een echte rondweg aan te leggen, een verbinding tussen de N640

en de N389, komt een paar keer aan de orde. Men vindt de huidige oplossing van randwegen niet toekomstbestendig. Ook wordt de suggestie gedaan om toch de Aletta Jacobslaan te benutten om de nieuwe woningen op de Hoge Haansberg te ontsluiten. Er is zorg of met het toevoegen van 3.800 woningen het huidige karakter van Etten-Leur niet te veel wordt aangetast en of de provincie wel zal meewerken aan de transformatie van natuur en landschap naar woningbouw. Tegelijkertijd horen we dat men het fijn vindt dat Etten-Leur de woningcrisis aan wil pakken. De gemeente wordt verweten niet transparant te zijn. Met de gebruikte kaartbeelden wordt volgens sommigen een verkeerde indruk gewekt. Er is behoefte aan meer gedetailleerde informatie op de kaart over de nieuwe woonwijken. Tevens moet op de kaart duidelijk worden gemaakt dat langs de bestaande wegen het woongenot kan verslechteren vanwege extra verkeer. 20 juli 2021 De locatie Lage Vaartkant/oostelijke randweg heeft 20 juli de bijzondere aandacht. Er zijn in totaal zo’n 55 deelnemers. Waar we de week ervoor nog het verwijt krijgen niet transparant te zijn en een vooropgezet plan door te drukken, krijgen we deze keer vanuit verschillende kanten complimenten over de transparantie en de wijze waarop we dit proces insteken (ondanks dat ook zij zien dat met deze denkrichting hun omgeving in negatieve zin verandert).

De onderwerpen die de boventoon voeren zijn toch wel de woningen (aantal, typen, regionale afstemming), verkeer (overlast, sluipverkeer, echte rondweg), natuur/water en ook wel beetje proces (wel/niet transparant, vakantieperiode). We besluiten op korte termijn een aantal korte filmpjes te maken waar een onderwerp in en minuut wordt verklaard door de betreffende gemeentelijke specialist. 21 juli 2021 Deze avond wordt gedomineerd door vragen over de rand/rondwegen, het onderzoek naar een aansluiting van afslag 18 met de Rijsbergseweg en bedrijventerrein Vosdonk. In verband met deze laatste is een stevige delegatie bewoners van de Hoge Donk aanwezig (acht personen). De boodschap van de gemeente is: ‘wij willen bedrijventerrein Vosdonk niet uitbreiden, maar gebruik maken van bestaande percelen en panden. Voor de restzones neemt de gemeente geen initiatief, maar zal wel positief staan tegenover particuliere initiatieven’. Dit maakt de bewoners erg onrustig: wij willen weten waar we aan toe zijn. Blijft het zo? Wordt het wonen? Wordt het bedrijventerrein? ‘Stel dat ik mijn huis wil verkopen. Dan moet ik zeggen tegen de koper dat het kan zijn dat het groene uitzicht weldra verandert in bedrijfspand’. Er is veel begrip voor deze zorg. Het advies aan de buurtgenoten: ‘vertel wat jullie wel willen op deze restzones. Doe wellicht een voorstel namens de buurt’.

Er zijn veel zorgen over te hard rijdend verkeer en onveilige situaties voor vrachtverkeer. Zoals ook vorig jaar al bleek uit de bewonersparticipatie is vooral verkeer het belangrijkste aandachtspunt.

Thematische beantwoording naar aanleiding van de (digitale) bijeenkomsten en ingediende reacties In de opmerkingen tijdens de (digitale) bijeenkomsten en uit de ingediende reacties die daarna zijn ingediend, zien wij terugkerende thema's waar onze inwoners zich zorgen over maken of meer over willen weten. Het betreft opmerkingen over het hoge abstractieniveau en de onderzoeken die nog lopen. Inwoners geven aan dat zij zich geen goed beeld kunnen vormen van wat de plannen concreet voor hen gaan betekenen en wat de vervolgstappen zijn. Daarnaast zien we terugkerend inwoners die ervoor pleiten om minder woningen te bouwen en/of vooral binnen de bestaande woonkernen ruimte te zoeken voor de behoefte. Daarop volgt dat er vragen zijn over de wijze waarop in de locaties Hoge Haansberg en Lage Vaartkant wordt omgegaan met de bestaande kwaliteiten. Daarbij wordt in de Lage Vaartkant veel gerefereerd naar de aanwezige natuurwaarden en de lage ligging waardoor woningbouw in dat gebied tot wateroverlast zou leiden. Ook zien we een terugkerend thema in de gekozen structuur van de randwegen. Er worden verkeerskundige alternatieven aangedragen en gevraagd naar oplossingen voor huidige verkeersknelpunten tot de randweg er daadwerkelijk ligt. Hierna lichten wij die thema's verder toe en gaan wij in op bepaalde keuzes die wij hebben gemaakt.

Dat maakt het ook mogelijk bij de beantwoording van de individuele reacties over die onderwerpen kort te verwijzen naar deze uitgebreide toelichting. Thema's 1. 2. 3. 4.

Abstractieniveau Woningbouwprogramma Bouwlocaties Structuur van randwegen

1. Abstractieniveau Een omgevingsvisie is een strategisch document op hoofdlijnen. Dit geldt ook voor de notitie ‘denkrichting bouwlocaties en wegvarianten’ die we als apart hoofdstuk ‘Strategische ontwikkellocaties’ in de omgevingsvisie verwerken. Het geeft richting aan vraagstukken en gaat niet over de inrichting van een gebied. Het geeft daarom met een globale begrenzing aan waar we willen bouwen (Hoge Haansberg en Lage Vaartkant) en hoe we die gebieden willen ontsluiten (met een stelsel van randwegen). Wij willen niet de indruk wekken dat we de begrenzing van deze gebieden en de ligging van de randwegen nu

al precies weten. In een aantal reacties wordt verzocht om op het kaartbeeld meer ondergrond te laten zien zodat men zich beter kan oriënteren waar bepaalde ontwikkelingen worden voorgesteld. Dat verzoek nemen wij over, waarbij we aantekenen dat de begrenzingen globaal van karakter zijn. We hebben daarom op kaart globaal en indicatief de betreffende randwegen opgenomen. Het tracé is indicatief en wordt een volgende fase verder verkend en nader bepaald. Wij hebben ervoor gekozen om gelijktijdig met de uitvoering van het verkeersonderzoek de samenleving (alvast) te vragen naar hun mening over de denkrichting op de bouwlocaties en wegvarianten. Daarmee houden we vaart in het proces om een ontwerp-omgevingsvisie aan te bieden aan de raad en ter inzage te leggen. Met de terinzagelegging van het ontwerp van de omgevingsvisie start het formele inspraaktraject. Op dat moment zijn ook alle onderliggende onderzoeken en gegevens (zoals verkeersonderzoek en de milieueffectrapportage) als bijlage van de ontwerp-omgevingsvisie beschikbaar. Ten behoeve van het huidige (en globale) karakter van de woongebieden en wegvarianten, is het niet nodig om nu al in detail onderzoeken te verrichten en alles uit te zoeken. Bij een visie tot 2040 met een koers op hoofdlijnen passen ook kaartbeelden en onderzoeken op hoofdlijnen.

Tijdens de terinzagelegging van de ontwerp-omgevingsvisie kunnen inwoners en andere belanghebbenden reageren op de richting die de gemeente Etten-Leur tot 2040 wil opgaan. Na deze terinzagelegging wordt de ontwerp-omgevingsvisie, al dan niet in gewijzigde vorm, ter vaststelling aangeboden aan de gemeenteraad. Dat is volgens planning gaat de gemeenteraad de omgevingsvisie halverwege 2022 vaststellen. Tegen de vastgestelde omgevingsvisie staat geen beroep open. Een omgevingsvisie bindt alleen de gemeente zelf en heeft geen directe juridische gevolgen voor inwoners. Het geeft de richting aan die de gemeente op wil. Als de gemeenteraad in 2022 met de vastgestelde omgevingsvisie de richting heeft bepaald komen we in een volgende en concretere fase terecht. Dan voeren we onderzoeken uit en houden we gesprekken met de omgeving over de mogelijke inrichting van de gebieden. Onderwerpen zoals de specifieke locatie van de nieuwe woningen en voorzieningen, de ligging en het ontwerp van de wegenstructuur, verwerving van de gronden en de preciezere betekenis voor de natuur- en waterhuishouding komen dan ter sprake. Meer onderzoek en concretere uitspraken over die inrichting is ook nodig om een bestemmingsplan (onder de nieuwe Omgevingswet een ‘omgevingsplan’) op te stellen en omgevingsvergunningen af te geven die de realisatie van de nieuwe woningen en wegen juridisch mogelijk maken.

Met inwoners die vinden dat hun grond of huis minder waard wordt door de ontwikkeling, bekijken we de mogelijkheden voor financiële compensatie door zogenaamde planschade (onder de nieuwe Omgevingswet ‘nadeelcompensatie’). Ook in die volgende fase (dus ná vaststelling van de omgevingsvisie in 2022) gaan we in gesprek met omwonenden en andere belanghebbenden om te bezien op welke wijze we een woonwijk en randweg het beste kunnen vormgeven. En bijvoorbeeld hoe we woningen en wegen zo gunstig mogelijk kunnen inpassen en zodoende rekening houden met bestaande woningen en eigendommen. Dit betekent dat in de volgende fasen ruimte is om invloed uit te oefenen op de wijze waarop de bouwlocaties en wegvarianten worden ingericht. De richting zoals verwoord in de dan vastgestelde omgevingsvisie (lees de principiële keuze waar we woonwijken en randwegen willen) hanteert de gemeente dan als uitgangspunt. De processen om te komen tot een

bestemmingsplan (ook wel omgevingsplan) en het afgeven van omgevingsvergunningen zijn formele juridische trajecten waartegen wél bezwaar en beroep kan worden aangetekend bij de rechtbank en Raad van State. Dit zijn namelijk procedures die gebaseerd zijn op de omgevingsvisie. In het vervolgtraject om te komen tot een bestemmingsplan (ook wel omgevingsplan) moeten wij de economische uitvoerbaarheid aantonen. Dán geven wij aan op welke wijze we de aanleg van de randwegen en woningbouwlocaties daadwerkelijk bekostigen. Om een beeld te krijgen van de aanlegkosten van de randwegen en de zogenaamde jaarlijkse kapitaallasten hebben wij een berekening uitgevoerd. In die berekening gaan wij niet in op de bekostiging daarvan. Dergelijke voorstellen leggen wij in een later stadium ter besluitvorming voor aan de gemeenteraad. De omgevingsvisie is een document op hoofdlijnen. Daarmee blijven onderzoeken en uitspraken over de uitvoering van die visie ook op hoofdlijnen.

2. Woningbouwprogramma We doen elke drie jaar een woningbehoeftenonderzoek. Het laatste lokale onderzoek dateert van eind 2019, in 2022 is het volgende moment. De resultaten van het onderzoek zien we terug in de nieuwbouwplannen waar we nu aan werken. In de praktijk bouwen we woningen voor alle leeftijden, uiteenlopende woningtypen, in alle prijsklassen huur en koop. We weten dat momenteel meer dan 6.000 inwoners op zoek zijn naar een passende, betaalbare, huurwoningen. We weten ook dat het aantal 1 en 2 persoonshuishoudens in Etten-Leur de komende jaren fors groeit. Voor een belangrijk deel heeft dat te maken met de toenemende vergrijzing. Ook zijn er heel wat verschillende (bijzondere) doelgroepen die we, deels verplicht door het rijk, moeten huisvesten. Daarnaast zijn er ook nog huishoudens die ‘gewoon’ een andere woning willen omdat de samenstelling van hun huishouden wijzigt. We bouwen nu en de komende jaren in diverse wijken heel wat appartementen. De mogelijkheden om appartementen in bestaand stedelijk toe te kunnen voegen nemen vanaf 2025 af. Samen met verhuurder Stichting Alwel zien we nog enkele mogelijkheden om na 2025 appartementen toe te voegen in enkele wijken en buurten. Leidend daarbij is dat de gemeenteraad duidelijk heeft aangegeven dat, met uitzondering van enkele (centrum)locaties, niet hoger dan vier lagen gebouwd mag worden.

Naast de inpassing van ongeveer 1.500 woningen van ons huidige programma op locaties zoals Juvenaat, Couperuspark, Haansberg Oost, Van Bergenpark en Kloostervelden zijn er geen grootschalige binnenstedelijke locaties voor woningbouw. Waar we nog wel naar kijken zijn opties als het verbouwen van

kantoorpanden en ander (zoals meervoudig) gebruik van bestaande woningen. In sommige wijken en buurten zien we beperkte mogelijkheden voor woningsplitsing en andere vormen van meervoudig gebruik. Op dit moment is het nog te vroeg om al te spreken over transformatie van kantoorpanden naar woningbouw. In Etten-Leur hebben we de laatste jaren namelijk al kantooroppervlakte verminderd. En er is bewust een concentratie aangebracht aan de oostzijde van Etten-Leur, bij afrit 18 van rijksweg A58. We zien hierbij ook dat kantoren door verschillende gebruikers worden gedeeld. Het kan zo zijn dat er meer kantoorruimtes vrij gaan komen als gevolg van onder andere COVID-19. Met name de kleinere locaties (oppervlakten) zijn dan weer interessant en geschikt voor bedrijven die minder grote locaties zoeken in verband met het meer thuiswerken. Per saldo komt het erop neer dat we ons gewenste programma maar gedeeltelijk binnenstedelijk kunnen realiseren. Woningbouw na 2025 zal dus, eventueel versneld, moeten plaats vinden op de locaties Hoge Haansberg (ca. 1.300 woningen) en Lage Vaartkant (ca. 1.000 woningen). Daarbij staan we open voor de optie om kantoorpanden te verbouwen naar woningen als de vraag naar kantoorruimte aantoonbaar afneemt. De nu geformuleerde lokale bouwopgaven dragen bij aan actuele lokale woningbehoeften.

Voor een beperkt deel dragen de opgaven bij aan afname van het regionale woningtekort. Alles bij elkaar dragen we zo ook bij aan het inmiddels forse landelijke woningtekort. Samen met gemeenten van deze regio maken we afspraken met de provincie en het rijk over een versnelling in de woningbouw. Hiervoor hebben we samen met die partijen in 2021 de zogeheten regionale investeringsagenda opgesteld. Die agenda is gedeeld met het rijk en daarin is voor Etten-Leur de toevoeging van 3.800 woningen tot 2040 opgenomen. 3.800 woningen is omgerekend 200 woningen per jaar. Dat aantal is grofweg gelijk aan hetgeen we de afgelopen tien à twintig jaar bouwden. Bovendien is 3.800 de door de raad uitgesproken ambitie. Tot 2040 bouwen we dus gemiddeld circa 200 woningen per jaar. De eerste jaren bouwen we, waar mogelijk versneld, iets meer woningen. Beperkt bouwen we als één van de vijf stedelijke gemeenten van West-Brabant in die periode ook voor de behoeften van inwoners van kleinere gemeenten van de regio. Bij alle woningbouw houden we rekening met het karakter van Etten-Leur: we zijn en blijven een gemeente met diverse groenstedelijke wijken en een combinatie van stadse en dorpse allure. Zodra de ontwerp omgevingsvisie gereed is gaan we verder in gesprek met de provincie en gemeenten van de regio waar we deel van uitmaken.

Onze intentie is goede afspraken te maken over aantallen te bouwen woningen. Belangrijk voor ons daarbij is dat we voldoende ruimte krijgen om ons programma te realiseren. We zijn daarbij bereid om waar nodig te schuiven in de uitvoering van onze plannen.

3. Bouwlocaties De keuze om het gebied Hoge Haansberg te ontwikkelen als woongebied is bepaald door diverse factoren. In de eerste plaats ligt het gebied relatief dicht bij het centrum en de voorzieningen zoals zwembad en Nobelaer. Ook het treinstation ligt in de nabijheid van de locatie. Zowel centrum als station zijn met de fiets of te voet goed bereikbaar. De Hoge Haansberg sluit enerzijds aan op bestaande wijken als Klein en Groot Sander en de Griend en anderzijds op het buitengebied. Met de locatie Lage Vaartkant als woonlocatie kan (ook in financieel opzicht) de combinatie worden gemaakt met de aanleg van een tunnel en oostelijke randweg. Deze zijn nodig om de bestaande verkeersproblematiek in Etten-Leur noord en op de Lage vaartkant op te lossen. De locatie is ook gunstig gelegen ten opzichte van de A58 en ook de voorzieningen in het centrum zijn via de bestaande wegen en fietspaden goed te bereiken. Beide woonlocaties zijn op verzoek van de gemeenteraad onderzocht. In eerste instantie gingen wij daarbij uit van een woningbouwopgave van 600 woningen tot het jaar 2030. Wij hebben met onze deelnotitie Omgevingsvisie Bouwlocatie en wegvarianten geconstateerd én gecommuniceerd dat zowel de Hoge Haansberg als de Lage Vaartkant ruimte biedt voor dit aantal. In februari 2021 heeft de raad besloten de horizon met tien jaar te verlengen en een bouwopgave tot 2040 te hanteren.

Met een jaarlijkse toevoeging van 200 woningen, betekent dit ook een verruiming van het aantal woningen met ongeveer 2.000. Voor een klein deel is daarvoor ruimte binnen bestaand stedelijk gebied. Het houdt echter ook in dat wij in onze denkrichting bouwlocaties en wegvarianten het woningbouwprogramma op de locaties Hoge Haansberg en Lage Vaartkant hebben verruimd naar respectievelijk 1.300 en 1.000 woningen (indicatief). De projectlocatie Hoge Haansberg hebben wij daarbij groter gemaakt en overschrijdt de Goorstraat om dit bouwvolume te kunnen realiseren. Deze aanpassingen hebben wij verwerkt tot de denkrichting Bouwlocaties en wegvarianten, 1e herziening d.d. 17 mei 2021. Over die denkrichting zijn wij in de periode juni tot en met augustus 2021 het gesprek aangegaan met de samenleving. Op basis van de reacties uit de samenleving om bij Hoge Haansberg de Goorstraat als noordgrens te blijven hanteren, hebben wij dit gebied nog eens nader bekeken. Wij zien goede mogelijkheden om het bouwvolume (indicatief 1.300 woningen) te realiseren met de Goorstraat als noordgrens. Wij nemen dit op in de ontwerp omgevingsvisie. Wij zien ook dat bouwen buiten bestaand stedelijk gebied (natuur)waarden en kwaliteiten verloren kunnen gaan. Wij willen daar rekening mee houden. Daarom hebben wij onderzocht welk effect de woningbouwlocaties en wegvarianten hebben op het milieu.

Deze milieueffectrapportage is een onderzoek op hoofdlijnen, dat past bij het abstractieniveau van de omgevingsvisie. Het is kwalitatief beschrijvend, verkennend en agenderend. Uit de milieueffectenrapportage blijkt dat er geen aantasting is van beschermde natuurgebieden of van een gebied waarbij we op voorhand al kunnen weten dat aanwezige natuurwaarden de locatie voor woningbouw uitsluit. Effecten op beschermde soorten zijn niet op voorhand uit te sluiten, maar naar verwachting kunnen negatieve effecten worden voorkomen door een goede fasering dan wel compensatie van vervangende stand-/verblijfplaatsen dan wel bestaande groenstructuren waar mogelijk te handhaven. Allemaal met als doel dat daarmee geen wezenlijk negatief effect op populatieniveau optreedt. Detailonderzoek en toetsing vindt plaats bij verdere uitwerking van de planning in vervolgprocedures.

Naast de mogelijkheid dat er kwaliteiten verloren gaan, zien we met de ontwikkeling ook kansen om aanwezige kwaliteiten van gebieden te benutten en te vergroten. Wij zien kansen om, in navolging van Schoenmakershoek en de Streek, hier unieke en duurzame woonmilieus te maken. Met name in het gebied Lage Vaartkant zien wij een opgave en kans om het beekdallandschap beter zichtbaar te maken en de stad in te trekken. En waarbij de bestaande verkeersen waterproblemen niet worden vergroot maar juist verbeterd worden. Toekomstgerichte duurzame wijken waar het goed wonen en verblijven is. Wij willen woonwijken creëerden die iets unieks toevoegen aan en voor Etten-Leur. Bij de gefaseerde ontwikkeling van deze wijken zien we het voor ons dat we starten met Hoge Haansberg en vervolgens Lage Vaartkant. In beide gebieden willen wij de realisatie van de randweg gelijk laten oplopen met de ontwikkeling van de wijk. Vooral bij Lage Vaartkant is het daarbij van belang dat wij de wijk pas willen aanleggen als er zekerheid is dat de betrokken partijen (zoals de ProRail (beheerder van het spoor)) daar aan meewerken. 4. Structuur van Randwegen De bestaande verkeersstructuur binnen onze gemeente wordt intensief gebruikt. Dit uit zich door diverse knelpunten binnen en buiten de spitstijden. Vanwege de beperkte ruimte is optimalisering van de doorstroming niet of nauwelijks mogelijk.

De toevoeging van woningen gaat leiden tot meer verkeersbewegingen. De bestaande verkeersstructuur kan dat niet overal opvangen. De aanleg van nieuwe wegen is daarom nodig als we een grote hoeveelheid woningen toevoegen. Wij kiezen niet voor een ontsluiting van de beoogde woonwijk Hoge Haansberg via de verlengde Aletta Jacobslaan. Dat was vanuit het college wel een variant die de voorkeur genoot. In het gesprek met de gemeenteraad in februari 2021 is duidelijk naar voren gekomen dat de raad de Aletta Jacobslaan niet wil belasten met extra verkeer van en naar de nieuwe woonwijk. Om die reden is die variant ook niet in de denkrichting opgenomen en gaan we die ook niet opnemen in de omgevingsvisie. De gedachte is om Hoge Haansberg te ontsluiten via de noordelijke randweg, die de rand van de nieuwe woonwijk vormt. Door de nieuwe weg dicht tegen de bestaande bebouwing te leggen, kan ook het lokale verkeer, dat in de bestaande woonwijken moet zijn, daar gebruik van maken. Het idee van de randweg Noord is dat die óók een bijdrage biedt aan het oplossen van verkeersknelpunten ín onze bestaande kernen. De Concordialaan en Aletta Jacbobslaan en Statenlaan krijgen door een randweg minder verkeer te verwerken.

En een randweg verplaatsen op een enige afstand van de woonkern (de verbinding tussen de N640 en N389), zal niet tot nauwelijks leiden tot vermindering van verkeerdrukte in onze bestaande woonwijken. Juist omdat die weg dan te ver van de bestaande woningen en wegen is verwijderd. Men is dan relatief veel reistijd kwijt om op de randweg te komen en kiest als alternatief een route door de kern. Een randweg op enige afstand van onze kern zal daarom vooral dienen om doorgaand verkeer om Etten-Leur te leiden. Op basis van een kentekenonderzoek uit begin 2020 (net voor de eerste corona lockdown uitgevoerd en daarom representatief) weten we dat circa

2% via het traject N640 - N389 (en vice versa) als doorgaand verkeer onze kern doorkruist. Dat zijn ongeveer tweehonderd voertuigen en zes vrachtwagens per dag. Het weren van vrachtverkeer in onze kernen raakt dus vooral de bevoorrading van onze winkels en leidt niet tot een substantiële afname van het doorgaand vrachtverkeer. Deze aantallen vinden wij ook te laag om een randweg tussen de N640 en de N389 aan te leggen, omdat het voor het lokale verkeer geen knelpunten oplost. Kortom; een randweg op enige afstand van Hoge Haansberg leidt niet tot een grote afname van verkeer in onze kernen. Een randweg dicht tegen de kern biedt die voordelen wel. Op de Lage Vaartkant en het Lichttorenhoofd is het erg druk, onder andere door de aanwezigheid van het spoor en de verkeerslichten. Een relatief oude (en bekende) variant is een tunnel onder het spoor en aansluiting op de Ambachtlaan. Bij de ontwikkeling van Attelaken is daarvoor ook ruimte gereserveerd. Wij zijn ervan overtuigd dat wij een goede en veilige onderdoorgang kunnen realiseren die voldoet aan de ontwerpeisen (waaronder de hellingshoek voor auto- en fietsverkeer). Bij de uitwerking bezien we de beste inpassing.

Op verzoek van de gemeenteraad hebben we onderzocht in welke mate een meer oostelijke ontsluiting via de Pleinstraat Oost in combinatie met een tunnel en een mogelijke nieuwe wijk bij de Lage Vaartkant een oplossing biedt voor het knelpunt bij het Lichttorenhoofd en op de Lage Vaartkant zelf. Inmiddels weten wij uit onderzoek van Goudappel dat een randweg verder naar het oosten minder goed functioneert en minder verkeer afwikkelt dan de oorspronkelijke variant. Daarnaast leidt het tot extra (en ongewenst) verkeer op de wegen Plantijnlaan en Schoonhout en Attelakenseweg. Daar komt nog bij dat omwonenden geen voorstander zijn van dit onderzochte alternatief. Om deze redenen nemen we de variant van een randweg nabij de Pleinstraat niet op in de ontwerp omgevingsvisie. De variant van een tunnel nabij de Ambachtlaan houden wij in beeld als zoeklocatie. In de fase waarin we een stedenbouwkundig ontwerp maken voor de wijk Lage Vaartkant, wordt ook duidelijk hoe het tracé van deze randweg gaat lopen. Dán wordt ook duidelijk hoe deze randweg goed inpasbaar is en waar deze het spoor passeert. Ook de verbindingsweg tussen afslag 18 van Rijksweg A58 en de Rijsbergseweg hebben wij onderzocht op verzoek van de gemeenteraad. De gemeenteraad wilde weten in welke mate daarmee de Bredaseweg en de Couperuslaan worden ontlast.

Uit verkeersonderzoek van Goudappel blijkt dat met deze verbindingsweg de doorstroming op de Bredaseweg tijdens de spits verbetert. Ook leidt het tot een vermindering van verkeer op de Couperuslaan. Op deze straat zijn echter op dit moment geen problemen met de doorstroming of klachten bekend over geluid of onveilige situaties. Het verkeersonderzoek laat ook zien dat deze verbindingsweg leidt tot negatieve effecten elders in onze gemeente. Het leidt tot een toename van ca. 1.000 motorvoertuigen per dag op de Bisschopsmolenstraat / Achter de Molen. Dit zijn beide 30 km/u straten en een toename van deze aantallen op deze wegen is daarom niet wenselijk. Daar komt nog bij dat omwonenden geen voorstander zijn van deze verbinding. Vanwege een verschuiving van een verkeersprobleem en tegenstand uit de omgeving nemen wij deze verbinding niet op de ontwerp omgevingsvisie.

Het profiel van de randweg ontwerpen wij in samenhang met de uitwerking van de woningbouwplannen. Dan bepalen we op welke wijze de randweg aansluit op de bestaande wegstructuur en hoe bijvoorbeeld voet- en fietspaden komen te liggen. Wij hebben het idee om de randweg bij zowel de Hoge Haansberg als de Lage Vaartkant ook in samenhang (en daarmee gefaseerd) met de realisatie van de woningen aan te leggen. Voor locatie Lage Vaartkant geldt dat wij absolute zekerheid moeten hebben dat de spoortunnel wordt aangelegd voordat wij starten met de realisatie van die woonwijk en randweg. De spoorwegbeheerder is daarom een van de belangrijke gesprekspartners. Verkeersknelpunten worden goed opgelost met een stelsel van randwegen. Op dit moment zijn er nauwelijks mogelijkheden om voorafgaand aan die realisatie het bestaande knelpunt van verkeer in Etten-leur (Noord) goed op te lossen. We hebben in het verleden al diverse keren gezocht naar ingrepen binnen de bestaande infrastructuur die zouden leiden tot een betere doorstroming in Etten-Leur Noord. Kruisingen vervangen door rotondes, andere afslagen of het anders afstellen van verkeerslichten zijn daar voorbeelden van. Ook recent hebben wij daar een verkeerskundig bureau naar laten kijken. Steeds blijkt weer dat er geen mogelijkheden zijn om de situatie goed en verkeersveilig aan te passen.

Of het blijkt dat een ingreep op de ene locatie leidt tot een nieuw verkeersknelpunt elders in onze gemeente. Er zijn daarmee geen eenvoudige of goedkope mogelijkheden om het knelpunt van verkeer in Etten-Leur Noord op te lossen. Voor het inzicht dat de pandemie, als gevolg van COVID19, structureel gaat leiden tot minder autoverkeer en daarmee de noodzaak wegvalt om nieuwe randwegen aan te leggen is het nog te vroeg. Er zijn namelijk ook signalen dat het afgelopen jaar meer auto's zijn verkocht, omdat reizen met het openbaar vervoer minder aantrekkelijk was. Wij houden daarom in de omgevingsvisie vast aan het idee dat we met de aanleg van randwegen de woongebieden op een goede manier ontsluiten en knelpunten binnen de bestaande verkeersstructuur oplossen.

Ingediende reacties 01 Bewoner Opmerking Bewoner geeft aan dat er nog een vrij conservatieve gedachte heerst als het gaat om de verkeersstructuur. Hij stelt dat de gemeente er op basis van het bestaande gedrag van mensen vanuit gaat dat een wijk een bepaalde hoeveelheid verkeer genereert en faciliteren dit vervolgens met bijvoorbeeld een rondweg. Bewoner is van mening dat de gemeente ook daarin eerst een stap ervoor moet zetten. Wat voor type wijk willen we op deze uitbreidingslocaties? Er is een schone lei waardoor je ook op gebied van mobiliteit best wat gedurfdere keuzes kunt maken. Bewoner schets een paar voorbeelden: - Ontwikkel een sterk netwerk aan deelvervoer in de wijk en combineer dit met de aanleg van minder parkeerplaatsen. - Geef de fiets ECHT de ruimte door in te zetten op een netwerk met bijvoorbeeld fietsstraten - Communiceer met toekomstige kopers over het concept van de wijk en richt je daarmee op kopers die autobezit minder belangrijk vinden waardoor je er op voorhand op kunt sturen. Door dit in het ontwikkeltraject mee te nemen kun je een wijk ontwikkelen waar het autobezit/gebruik significant lager kan zijn. Heb je dan nog wel een rondweg nodig?

Reactie college Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze thematische beantwoording. Daar gaan wij in op de gekozen verkeersstructuur en de uitwerkingen op de ontwikkellocaties die nog volgen. De ontwikkelingen die u schets zoals een aanbod voor (elektrisch) deelvervoer bekijken we zeker bij de komst van een nieuwe wijk. Ook een goed netwerk van fietspaden is daarbij een vereiste. We nemen op een later moment een besluit over de invulling van de wijk en met welke gedachte we deze wijk inrichten. We gaan wel uit van een duurzame wijk. Dit geldt dan niet alleen voor de gebouwen maar zeker ook voor de openbare ruimte. De duurzaamheidsmaatregelen kunnen per gebied verschillen. Zowel lokaal als in de regio wordt voortdurend onderzocht aan welk type woning en in welke prijsklasse er behoefte is. In principe zullen de nieuwe woonwijken een diversiteit aan woningtypes krijgen.

Dit soort concepten meenemen in de planvorming verhoogt in mijn ogen het ambitieniveau op het gebied van een duurzame woonwijk. Bewoners geven aan dat bij nieuwbouwwijk De Streek veel aandacht uitgegaan naar een duurzame manier van bouwen en wonen in de wijk. In de omgevingsvisie worden weer nieuwe uitbreidingslocaties aangewezen voor de komende 5 à 10 jaar. Ook in deze wijken wil bewoner dat duurzaamheid een belangrijke rol speelt in de bouw van de woningen.

02 Bewoner Opmerking

Reactie college

Bewoner vraagt zich af of meer bouwen in het landelijk gebied de goede manier is. Hij vindt het vreemd dat de gemeente enerzijds duurzaamheid uitstraalt, maar wel plannen maakt om de natuur om zeep te helpen. Beter is het (zo stelt hij) om binnen het stedelijk gebied ruimte te zoeken en in de hoogte te bouwen of te renoveren.

Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze thematische beantwoording, met name Bouwen. Daarin leest u dat wij een grote opgave hebben op het gebied van woningbouw en wij die niet kunnen oplossen met alleen binnenstedelijk bouwen. En ook dat wij daar duurzame wijken willen ontwikkelen. Daar komt bij dat wij het groene en dorpse karakter van Etten-Leur willen behouden en daarom terughoudend zijn met hoogbouw.

Bewoner geeft ook aan dat vervoer niet meer gaat over oude wegen, maar via nieuwe manieren en mogelijkheden. Hij denkt daarbij aan het openbaar vervoer en de afname van woon-werkverkeer vanwege de digitale revolutie. Bewoner vindt dat nu een korte termijn visie wordt toegepast en te weinig rekening wordt gehouden met aanstormende innovaties. Bewoner vindt dat met de verbindingsweg naar de Rijsbergseweg het verkeer een niet noodzakelijke omweg wordt gegeven en een binnendoor route wordt gecreëerd.

Wij delen uw mening over het stimuleren van het gebruik van het openbaar vervoer en ook wij houden de gevolgen van digitale ontwikkelingen op het woon-werk verkeer in de gaten. Echter, onze huidige wegenstructuur wordt nu al volledig benut. En toevoeging van woningen gaat leiden tot een toename van het aantal verkeersbewegingen. Dat kan de huidige wegenstructuur niet verwerken. Met het stelsel van randwegen houden wij Etten-Leur ook voor de toekomst bereikbaar.

Uw verwachting dat met de verbindingsweg een binnendoor route wordt gecreëerd is juist. Het leidt tot onder andere meer verkeer op de Bisschopsmolenstraat. Dat vinden wij ongewenst en wij weten dat omwonenden van de verbindingsweg er op tegen zijn. Dit tracé nemen wij niet op in de ontwerp omgevingsvisie.

03 Bewoner Opmerking Bewoner geeft aan overrompeld te zijn door de 'alternatieve ontsluitingsweg' ten oosten van de Pleinstraat die hun woongenot enorm in de weg zou staan. Bewoner geeft aan dat juist altijd werd gesproken om de ontsluiting via de Ambachtenlaan te laten verlopen.

Reactie college Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Structuur van randwegen. Daar leest u dat de gemeenteraad ons de opdracht heeft gegeven om dit alternatief te onderzoeken.

Bewoner vraagt zich af hoe het idee van deze alternatieve ontsluitingsweg ontstaan en met welke reden.

U leest daar ook de argumenten dat wij, op basis van verkeersonderzoek en de reacties uit de omgeving, deze verbindingsweg niet opnemen in de ontwerp omgevingsvisie.

04 Bewoner Opmerking Bewoner geeft aan interesse te hebben in een woning op de Groene Wig. Bewoner vraagt op welke wijze hij op de hoogte gehouden kan worden en hoe hij zijn interesse kenbaar kan maken.

Reactie College De Groene Wig is mogelijk een locatie voor bijzondere woonvormen. Eco woningen zijn daarbij denkbaar. Overigens is het zo dat ook de nieuw te realiseren woonwijken in hoge mate duurzame wijken zullen worden. Dus ook daar passen straks vernieuwende concepten op het gebied van wonen. Wij raden u aan informatie van de gemeente in de gaten te houden.

05 Bewoner Opmerking

Reactie college

Bewoner vraagt zich af of de gemeente nu al concreet kan aangeven welke gevolgen de bouwplannen aan de Lage Vaartkant hebben op de bestaande percelen en eigendommen langs die straat. En wat andere gevolgen zijn om rekening mee te houden. Wat gaat er gebeuren met bedrijf Donkergroen?

Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Abstractieniveau. Daar leest u dat de omgevingsvisie een hoog abstractieniveau heeft en gaat over de richting (waar willen we woningen bouwen) en in een volgende fase gesprekken en onderzoeken volgen over de inrichting. Dán worden de concrete gevolgen van de bouwplannen in beeld gebracht en zullen daar ook gesprekken over voeren met de omgeving. Overigens wordt in de eerste plaats de ontwikkeling aan deze zijde van de Brandse Vaart bepaald door de verplaatsing van Life & Garden. Op dit moment wordt onderzocht of het betrekken van de aangrenzende gronden een goede optie is om dit woongebied verder uit te breiden. Dit zal in goed overleg met de omwonenden en de direct betrokkenen gebeuren. Het is dus belangrijk dat u voor uzelf bepaalt wat uw wensen zijn en deze inbrengt in het proces.

06 Bewoner Opmerking

Reactie college

Bewoner geeft aan dat senioren niet opgehokt willen worden: bouw patiowoningen/ bungalow met minimaal 2 slaapkamers en een berghok. Bewoner geeft aan dat een grote voortuin niet nodig is maar wel ruimte

Ook dit soort woningen worden gebouwd. De gemeente doet regelmatig onderzoek naar woningbehoeften en vertaalt dit naar te realiseren nieuwbouwplannen.

voor huis tot stoep. Visie op toekomstige woningen/ woningbehoefte voor senioren.

07 RED-O Development Opmerking

Reactie college

Red-O Development schets namens de eigenaar van het winkelcentrum de ontwikkelingen die zij met het centrum voor ogen hebben. Zij zien daarbij ook mogelijkheden om woningen aan het centrum toe te voegen die een aanvulling zijn op de woonlocaties Hoge Haansberg en Lage Vaartkant.

De ontwikkelopdracht van het winkelcentrum ligt niet in het gebied waar wij het in deze inspraakronde over hebben. De zogenaamde uitbreidingslocaties voor wonen en werken.

Zij geven daarbij aan dat hierover al gespreken worden gevoerd met de gemeente en deze reactie moet worden gezien als een mededeling die zij en in overleg met de gemeente gaan concretiseren.

Wij blijven graag met u in gesprek en nadenken over herontwikkeling van het winkelcentrum, want ook de ontwikkeling van het centrum is belangrijk voor onze toekomst.

08 Bewoner Opmerking

Reactie college

Bewoner geeft aan dat het hem al tijden verbaast dat alle omliggende gemeentes een actief beleid voeren met het weren van vrachtverkeer of zelfs verbieden, bijvoorbeeld Zevenbergen, Oudenbosch, Prinsenbeek, Sprundel, etc. Waarom vindt dit niet in Etten-Leur plaats? Volgens bewoner is er een heel mooi netwerk van snelwegen A16, A17 en A58 waar het vrachtverkeer gebruik van kan maken. Zo is het heel goed mogelijk om alleen bestemmingsverkeer toe te laten. Er zal dan beduidend minder belastend verkeer op de rondweg zijn”.

Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Structuur van randwegen. Daar leest u dat uit een verkeersonderzoek, dat we begin 2020 deden om doorgaand verkeer in beeld te brengen, blijkt dat er veel bestemmingsverkeer in Etten-Leur rijdt. In ieder geval op de verbinding tussen de Hoevenseweg en de Zevenbergseweg (N640-N389). Van doorgaand vrachtverkeer is daar nauwelijks sprake. Onze wegenstructuur is niet helemaal vergelijkbaar met

de gemeenten / kernen die u noemt. Daarnaast moet ons winkelhart bevoorraad worden. Vrachtverkeer verbieden is daarom geen optie.

09 Bewoner Opmerking

Reactie college

Bewoner geeft aan dat op pagina 5 van het rapport ‘denkrichting bouwlocaties en wegvarianten 1e herziening 17 mei 2021’ de Haansberg als oostgrens van dit project wordt genoemd. En dat dit project ook zo wordt ingekleurd op de plattegrond op pagina 4. Op pagina 8 wordt er echter, zo geeft bewoner aan, een plattegrond voor 2025 gepresenteerd waar een gebied ten oosten van de Haansberg geel gekleurd wordt.

Sinds 2006 is de locatie Haansberg Oost bij ons in beeld als locatie voor woningbouw. Dat is om verschillende redenen nog niet uitgevoerd, maar wel altijd in beeld gebleven als een locatie voor wonen. Wij denken dat de locatie geschikt is voor circa honderd woningen. Indien we de planvorming hiervoor weer opstarten, dan gaan we daarover in gesprek met de omwonenden. Die locatie kent dus een eigen proces en staat los van de projectlocatie Hoge Haansberg die nu wordt toegevoegd.

Bewoner leest hierover niets terug in het rapport en vraagt om een nadere toelichting. Bewoner vraagt zich af hoe in de nieuwe bouwplannen Hoge Haansberg rekening wordt gehouden met de geitenboer. Bewoner vraagt of het juist is dat er binnen een straal van 2km niet gebouwd mag worden.

Het is juist dat binnen een straal van twee kilometer van een geitenmoratorium er mogelijk gezondheidsrisico’s zijn voor kwetsbare groepen of langdurig verblijf. Het RIVM verricht onderzoek om daar een goed/beter beeld van te krijgen. De uitkomsten van dat onderzoek geeft ons dan weer inzicht in de ruimtelijke beperkingen en mogelijkheden om woningen te bouwen op de Hoge Haansberg.

10 Bewoner Opmerking

Reactie college

Bewoner stelt de volgende vragen:

1) Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Structuur van randwegen. Daar leest u dat de

1) Waarom een optie Alternatief Tunnel? Bij de eerste optie is er al een weg, Ambachtenlaan, tot de spoorlijn aanwezig 2) Als de plannen doorgaan, wanneer wordt er dan aangevangen? 3) Als het plan doorgaat, kan dan de huidige bebouwing van de Lage Bremberg/Turfstraat blijven bestaan?".

gemeenteraad heeft verzocht om dit alternatief te onderzoeken. U leest daar ook onze argumenten om dit alternatief niet op te nemen in de ontwerp omgevingsvisie. 2) Als er wordt besloten voor de aanleg van de oostelijke randweg en een tunnel zal het waarschijnlijk nog tot 2030 duren voor dat met de aanleg gestart wordt. Er zal nog veel onderzocht moeten worden. Ook zal er nog overlegd worden met partners zoals het waterschap, ProRail en de provincie. Mogelijk dat de verplaatsing van Life & Garden al wel eerder plaats kan vinden. 3) Een groot deel van de huidige bebouwing kan ingepast worden in de nieuwe plannen. Hier zal overleg over plaats vinden met de huidige bewoners. Een uitgebreidere toelichting op dat traject leest u bij onze beantwoording bij het thema Abstractieniveau.

10a, buurtvereniging Rondom de Bremberg

Opmerking

Reactie college

De buurtvereniging geeft aan geschrokken te zijn van de oostelijke rondweg en de bebouwing Lage Vaart/ Lage Bremberg. Zij vragen om een persoonlijk gesprek om diverse vragen te beantwoorden.

Met enkele bewoners van de Lage Vaartkant/ Lage Bremberg zijn ambtelijk gesprekken gevoerd en vragen beantwoord. Ook in de volgende fasen zetten wij gesprekken voort om af te tasten waar de ruimte zit om rekening te houden met wensen uit de omgeving.

11 Bewoner

Opmerking Bewoner wil graag meer duidelijkheid over het onderzoek naar de rondweg bij de Liesbosweg. Bewoner wil weten hoe concreet deze plannen zijn en of bekend is hoe de weg gaat lopen.

Reactie college Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Abstractieniveau. Daar leest u dat ideeën nog niet concreet zijn. We hebben onderzocht of we hier een tunnel kunnen aanleggen om het knelpunt bij het Lichttorenhoofd te ontlasten. U leest daar ook onze motivatie om de oostelijke variant van de randweg oost niet op te nemen in de ontwerp omgevingsvisie.

12 Bewoner

Opmerking

Reactie college

Bewoner is tegen het voorstel om een verbindingsweg aan te leggen tussen afslag 18 van de snelweg A58 en de Rijsbergseweg en geeft aan daar nooit aan mee te werken. Hij geeft aan dat daar ook bij andere omwonenden geen draagvlak voor is.

Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder de thema's Structuur van randwegen en Abstractieniveau. Daar leest u dat wij, vanwege verkeersonderzoek en reacties van omwonenden deze variant niet opnemen in de ontwerp omgevingsvisie.

Daarbij heeft hij de volgende vragen. 1. Waarom en waarvoor wilt u de genoemde verbinding eigenlijk aanleggen? 2. Zijn er al onderzoeken verricht die de noodzaak van genoemde verbinding aantonen? 3. Mochten er al rapporten zijn kunt u mij deze dan toesturen? 4. Hoe gaat het tracé van de verbinding exact lopen? 5. Gaat u voor de aanleg een stuk van mijn tuin afpakken? 6. Welke voorzieningen komen er tegen de geluidsoverlast van de aan te leggenverbinding?

Hieronder geven wij kort antwoord op uw vragen. 1. Om het verkeer op de Bredaseweg en de Couperuslaan te ontlasten. 2. Het verkeersonderzoek is afgerond. De uitkomsten zijn voor ons een aanleiding om dit tracé niet op te nemen in de ontwerp omgevingsvisie. 3. Verkeersonderzoeken over deze afslag worden (net als andere onderzoeken) beschikbaar gesteld via onze website www.ettenleurdoethetgewoon.nl/omgevingsvisie

7. Wordt de Bollenstraat al dan niet aangesloten op de verbinding? 8. Is de aanleg van de weg eigenlijk bedoeld als toekomstige toegangsweg voor te realiseren woningbouw c.q. industrie?

4. Wij hebben besloten om dit tracé niet op te nemen in de ontwerp omgevingsvisie. Voor beantwoording van de vragen onder 5 tot en met 9 verwijzen wij naar onze beantwoording onder 4.

13 Bewoner Opmerking Bewoner vraagt of er een globale planning is wanneer rondwegen en woonwijken worden gerealiseerd. Bewoner wil weten of een deze wijk eerst afgebouwd wordt voordat aan de volgende wijk wordt begonnen.

Reactie college Als globale planning denken wij om vanaf 2025 de woonwijk Hoge Haansberg te ontwikkelen. Dat doen we vanuit het zuiden in een tempo van ongeveer 200 woningen per jaar waarbij gefaseerd en vanuit het zuiden de noordelijke randweg wordt opgebouwd. Nadat deze wijk gereed is starten wij de ontwikkeling van de woonwijk Lage Vaartkant. Er kunnen zich natuurlijk ontwikkelingen voordoen waardoor we deze planning wijzigen.

14 Bewoner Opmerking Bewoner heeft de bijeenkomst bijgewoond en geeft aan dat de volgende vragen onbeantwoord zijn gebleven: 1. Waarom spoorovergang Lage Vaartkant niet openhouden voor fietsers en voetgangers als er een tunnel aangelegd wordt? Voor al het verkeer

Reactie college 1. Het is onze wens om deze spoorwegovergang open te houden voor voetgangers en fietsers. Het spoor vormt juist voor hen een grote barrière. Dit moeten we wel in overleg doen met de beheerder van de spoorlijn (ProRail).

2.

3.

4.

5.

vanuit de wijk richting de Leur en schooljeugd vanuit de Leur richting voorgezet onderwijs een essentiële spoorovergang lijkt me. Bovendien komt scheiden van gemotoriseerd verkeer van fietsverkeer de verkeersveiligheid ten goede lijkt me, waarom alles via de tunnel dan? De verkeersoverlast op de Lage Vaartkant is de laatste tijd aanzienlijk toegenomen. Wat de reden hiervan is, is ons niet bekend, wellicht een andere afstelling van verkeerslichten Lage Vaartkant/ Liesbosweg of meer treinverkeer. Bewoner is benieuwd naar de fasering van de woonwijk Lage Vaartkant in relatie tot de aanleg van de tunnel en verzoekt eerst de tunnel aan te leggen alvorens te gaan bouwen. In relatie tot vraag 2: Welke ‘tijdelijke’ (lees voor de komende 15 jaar) verkeersmaatregelen kunnen er worden genomen om de overlast voor ons bewoners aan de Lage Vaartkant te beperken? Hoe concreet is het plan al om een grote groenvoorziening aan te leggen op hoek Lage Vaartkant/ Liesbosweg tot aan waar de Brandse Vaart afbuigt zoals op het plaatje als getoond? (De toelichting over de doorgaande groene zone en afvoer water was overigens duidelijk) In relatie tot vraag 4: is lintbebouwing aan de overzijde van de Lage Vaartkant (tussen Liesbosweg en afbuiging Brandse Vaart) al uitgesloten?

2. De exacte fasering van de woningen in relatie tot de tunnel is nog niet bekend. Wél is duidelijk dat wij zekerheid moeten hebben dat de tunnel wordt aangelegd (en bijvoorbeeld de spoorwegbeheerder ProRail daar dus ook aan meewerkt), voordat wij starten met de woningbouwontwikkeling. 3. Er zijn geen gemakkelijke tijdelijke oplossingen door de aanwezigheid van het spoor en het ontbreken van goede alternatieve routes. In onze beantwoording bij het thema Structuur van randwegen leest u dat er geen goede mogelijkheden zijn om met de huidig wegenstructuur de doorstroming te verbeteren. 4. Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Abstractieniveau. Daar leest u dat de plannen nog niet concreet zijn. Vanwege de lage ligging van de gronden in dit beekdal denken wij overigens dat het logisch is om het een natuurlijke invulling te geven met een waterbergende functie. 5. Zie ook ons voorgaande antwoord. In een volgende fase worden de plannen stedenbouwkundig uitgewerkt.

15 Bewoner Opmerking Bewoner vraagt zich af wanneer de lopende onderzoeken (verkeer, milieu, financiën) zijn afgerond en openbaar worden gemaakt. Bewoner hoopt niet dat de gemeente daarmee wacht tot eind december 2021.

Reactie college De onderzoeken die in het verleden zijn uitgevoerd zijn nog altijd te raadplegen via internet via www.ettenleurdoethetgewoon.nl/omgevingsvisie. De onderzoeken die onlangs zijn uitgevoerd staan daar bij. Bewoners die een reactie hebben ingediend krijgen daarover een bericht.

16 Bewoner Opmerking Bewoner vindt het eerste plan voor de oostelijke randweg de beste optie omdat daar al een rotonde ligt. Bewoner geeft aan dat met het alternatief voor deze randweg oost er prachtige huizen gesloopt moeten worden. Als ander alternatief geeft bewoner de optie om de oostelijke randweg vanaf de Liesbosweg iets naar achter te schuiven door de onbewoonbaar verklaarde leegstaande boerderij (Bremberg 26).

Reactie college Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Structuur van randwegen. Daar leest u dat ook veel omwonenden dat de beste optie vinden. En uit verkeersonderzoek blijken er ook nadelen aan de optie die als alternatief is onderzocht. De oostelijke variant van de randweg oost nemen we niet op in de ontwerp omgevingsvisie.

17 Bewoner Opmerking

Reactie college

Bewoner dankt voor de gehouden presentatie die hij heeft bijgewoond en geeft aan de volgende vragen te hebben.

Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Structuur van randwegen. Hierna gaan wij kort in op uw reacties.

1. Wat is de bedoeling met de aanleg van een tunnel ter ontlasting van het vele verkeer op de Lage Vaartkant. 2. Het gaat er bij ons vooral om dat er eerst een rondweg (ontsluitingsweg) met tunnel wordt aangelegd alvorens over te gaan tot nieuwbouw. 3. Er is nu al erge overlast gevende drukte op de Lage Vaartkant, helaas zien wij dit terug in scheurvorming en verzakkingen van onze woning door het vele met name zware verkeer. 4. Tevens heb ik u gevraagd om te kijken of er voordat de tunnelversie is gerealiseerd al iets te verwezenlijken is zodat

1. Op dit moment is het erg druk op de Lage Vaartkant en het Lichttorenhoofd. Door een tunnel onder het spoor door en een nieuwe weg willen we het verkeer op de beide wegen verminderen. 2. Exacte fasering van de tunnel in relatie tot de woningbouw is nu nog niet bekend. Wel moeten wij van andere partijen (zoals de spoorwegbeheerder) absolute zekerheid hebben dat de tunnel gerealiseerd gaat worden voordat we starten met de woningbouw. 3. Het is druk op de lage Vaartkant. Maar niet buitenproportioneel voor dit type weg. De Lage Vaartkant is wel bedoeld als weg om veel verkeer te verwerken. Wij willen met de tunnel en randwegen verkeersknelpunten oplossen.

wij vanaf onze opritten op een veilige manier aan het verkeer deel kunnen nemen. 5. Het gebeurt regelmatig dat wij meer dan 10 minuten staan te wachten om ons tussen het verkeer te voegen. 6. Mijn gedachten gingen dan uit naar kruizen op de weg met een verbod om daar stil te staan zodat wij dan netjes in kunnen voegen, dit heb ik ook tijdens het zoomgesprek geopperd waarna het verzoek van u kwam om dit met een mail nog eens onder u aandacht te brengen. 7. Mocht u andere oplossingen voor ons probleem bedenken dan staan wij hier uiteraard altijd voor open.

4.

5. 6. 7.

Overigens, als u kunt aantonen dat de scheurvorming ontstaat door het verkeer, dan kunt u daar de gemeente voor aansprakelijk stellen. U heeft een (ambtelijke) reactie ontvangen dat we ingrepen (zoals een kruis op het wegdek) alleen op plaatsen aanbrengen waar het noodzakelijk is een stopverbod aan te geven. Zoals bij verkeerslichten. Dat is vervelend, maar helaas kunnen we daar op dit moment zonder een alternatieve route of tunnel weinig aan doen in de spits. Zie antwoord 5. Fijn dat u mee wilt blijven denken over passende oplossingen.

18 Bewoner Opmerking Bewoner geeft aan dat reageren geen nut heeft omdat er niet geluisterd wordt naar de bewoners van Etten-Leur. Bewoners geven aan dat zij 4 jaar geleden verhuisd zijn naar de Lage Vaartkant met een supermooi uitzicht op de maisvelden/weilanden en Brandse Vaart. Ze zijn bij de eerste bijeenkomst geweest op het gemeentehuis omdat zij het bouwen aan de Lage Vaartkant tegen wilde gaan. Bewoners geven aan dat tijdens een eerdere bijeenkomst meerdere inwoners hadden gesproken die avond die ook VOOR het natuurgebied zijn waar vele broedende vogels in het voorjaar nestelen. Bewoners vragen zich af waarom alle leegstaande kantoorpanden niet omgebouwd worden tot appartementen zodat starters of ouderen daar kunnen genieten.

Reactie college Het is spijtig dat bewoners bij voorbaat vinden dat reageren geen nut heeft. Wij kunnen u melden dat wij, mede op basis van de inspraakreacties weldegelijk aanpassingen doorvoeren. Het is ook zo dat de gemeente diverse belangen moet afwegen die soms strijdig zijn met elkaar waardoor er een keuze moet worden gemaakt. In dit geval moeten we kiezen tussen de behoefte aan nieuwe woningen en het behoud van het agrarisch gebied rond de Brandse Vaart. Wij willen de grote krapte op de woningmarkt tegengaan door de nieuwe woonwijken aan te leggen. Bij de stedenbouwkundige opzet houden wij zo veel mogelijk rekening met de aanwezige landschappelijke en natuurlijke waarden. Maar het is duidelijk dat het beeld rond de Brandse Vaart daarmee wijzigt. Voor wat betreft de suggestie om kantoorpanden om te bouwen tot woningen verwijzen wij naar onze toelichting bij het thema

Woningbouwprogramma. Daar melden wij dat dit een optie is die kan bijdragen aan het woningbouwprogramma.

19 Bewoner Opmerking Bewoners vragen of zij het juist zien dat in de visie rond de Bremberg aan twee kanten van de weg vol gebouwd gaat worden. Bewoners stellen de volgende concrete vragen als de Bremberg wordt volgebouwd. -

Hoe groot mogen de kavels van de bestaande huizen blijven? Hoeveel m2 mogen de bijgebouwen blijven? Hoeveel m3 inhoud mogen de woningen blijven/worden? Hoe om te gaan met de nog op agrarische woningen, worden die gelijk particuliere gemaakt? Dat is in onze situatie van groot belang - Wat als bewoners hun eigen perceel willen behouden ondanks het wordt ingetekend als bebouwing? Daarnaast willen bewoners weten of voor of na de beslissing bij de gemeenteraad hier duidelijk over gegeven kan worden? Bewoners vragen zich af hoe de gemeente Etten-Leur bij de vorige uitbreidingen mee om is gegaan.

Reactie college U zien het goed dat wij het gebied aan de oostzijde én de westzijde van de Brandse Vaart aanwijzen voor woningbouw. Voor uw overige en concrete vragen verwijzen naar onze toelichting van het thema Abstractieniveau. Daar leest u dat we ná het besluit van de gemeenteraad om de omgevingsvisie vast te stellen, we diverse onderzoeken en gesprekken voeren om tot een goede inrichting te komen. Het voeren van gesprekken met omwonenden om te komen tot een stedenbouwkundige opzet is de gebruikelijk werkwijze in onze gemeente.

20 Bewoner Opmerking Bewoner geeft aan dat in juni 1979 over de plek aan de Lage Vaartkant nog het volgende in een toen belangrijke discussienota geschreven (Gemeente Etten-Leur, 1979; Discussienota ontwerpfase structuurplan, p. 14): “Tussen Breda en Etten-Leur en tussen Roosendaal en Etten-Leur zijn bufferzones gedacht, waarin het landschappelijke karakter gehandhaafd dient te blijven en waar onbebouwde ruimtes zo ongeschonden mogelijk moeten blijven. Vanuit het landelijk gebied zijn groene ruimten (geleidingszones) gedacht die tot in de stedelijke bebouwing doorlopen.”

Reactie college In 40 jaar is er veel veranderd. We kijken inmiddels anders tegen sommige zaken aan die u noemt. Wel is het zo dat ook bij een ontwikkeling van het gebied Lage Vaartkant er ook veel aandacht zal zijn voor landschap- en natuur. De bufferzone tussen Breda en Etten-Leur heeft op een aantal plaatsen al meer gestalte gekregen en zal zeker ook de komende periode belangrijk blijven.

Bewoner geeft aan dat in dit lijvige rapport dit gebied ook verder geheel wordt ontzien en stelt dat deze gedacht nu blijkbaar is verlaten.

21 Bewoner Opmerking

Reactie college

Bewoners geven aan dat het ontwikkelproces van de Omgevingsvisie EttenLeur, met het bijbehorend inspraakproces, tot februari 2021 zorgvuldig verliep. Daarna kenmerkt het zich voornamelijk door onduidelijke informatie en een strakke timing. Bewoners vinden dat de grote verandering (zoals aangestuurd door de gemeenteraad en vertaald in het document Denkrichting bouwlocaties en wegvarianten, 1e herziening d.d. 17 mei 2021) om goede bestudering door inwoners vraagt. Een inspraakproces in de zomervakantie is volgens bewoners dan niet handig. Bewoners wensen dat inwoners die met deze denkrichting geraakt worden

In februari 2021 heeft de gemeenteraad het voorstel van het college over bouwlocaties en wegvarianten op onderdelen herzien. Die wijziging is verwerkt in het document ‘bouwlocaties en wegvarianten, 1e herziening d.d. 17 mei 2021). De volgende logische stap in dat proces, is om deze denkrichting aan de samenleving voor te leggen en te vragen wat zij daarvan vinden. Wij hebben daarvoor de samenleving via onze gebruikelijke kanalen (website, wijkkrant, facebook) op de hoogte gebracht en ook BN-de Stem heeft een artikel gewijd aan de plannen en inspraakmogelijkheid.

in hun werk- of woonomgeving individueel en vooraf geïnformeerd worden. Bewoners zijn niet tegen de bouw van 1.300 woningen op de Hoge Haansberg, maar zien dat gebied graag begrensd door Hoevenseweg, Haansberg, Goorstraat en Bankenstraat. Bewoners geven aan dat de Hoge Haansberg al decennia als zodanig wordt begrensd. Bewoners vrezen dat met de gekozen oplossing van de noordelijke randweg de verkeersproblematiek niet wordt opgelost. Zij vragen een tracé van de rondweg te kiezen die ook de verkeerssituatie op de Hoevenseweg, Statenlaan, en Aletta Jacobslaan verbetert.

Daarnaast hebben wij eind juni circa 850 huishoudens in en om de bouwlocaties met een brief geïnformeerd. Op advies tijdens een bijeenkomst in juli, hebben wij op 29 juli nog eens ongeveer 675 huishoudens aangeschreven die langs doorgaande wegen wonen. Voor de reactietermijn hebben wij negen weken uitgetrokken (van 24 juni tot en met 31 augustus) en in juli (dus voorafgaand aan de schoolvakantie) vier (digitale) bijeenkomsten georganiseerd. Alle bekende en relevante informatie is beschikbaar op de website, waaronder een opname van de gehouden presentatie. Wij hebben daarmee de samenleving goede gelegenheid geven om zich te informeren en aan te geven wat ze van de denkrichting vinden. De mogelijke aanleg van de noordelijke randweg bepaald in belangrijke mate ook de begrenzing van de nieuwe wijk. Wij denken dat de noordelijke randweg niet exact het bestaande tracé van de Bankenstraat en de Goorstraat zal volgen, waardoor dus ook de grenzen van het woongebied en het aangrenzende stedelijk uitloopgebied veranderen. Mede naar aanleiding van binnengekomen reacties over Hoge Haansberg hebben wij nog eens naar de begrenzing van dit gebied gekeken. Wij zien goede argumenten om, zoals u ook voorstelt, het woongebied te verkleinen met de Goorstraat als noordelijke grens. Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar onze beantwoording onder het thema Structuur van randwegen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EttenLeur&id=4d8be8e0-a502-4d9b-8513-28b1e8ac2cf7