Voorlopige jaarstukken VNOG 2024
Tekst van het document
Voorlopige
Jaarstukken 2024
27 maart 2025
Inhoudsopgave Voorwoord 1. Inleiding 2. Het resultaat 2024
3 4 7
I. Jaarverslag 3. Programmaverantwoording Programma 1. Risico- en Crisisbeheersing Programma 2. Brandweerzorg Programma 3. GHOR Programma 4. Meldkamer Oost Nederland Programma 5. Directie, Control en Staf Programma 6. Bedrijfsvoering Programma 7. Algemene Dekkingsmiddelen Programma 8. Brandweerkazernes in eigendom, etc.
10
4. Paragrafen 4.1. Weerstandsvermogen en risicomanagement 4.2. Onderhoud kapitaalgoederen 4.3. Financiering 4.4. Crisesparagraaf 4.5. Voortgang besteding extra BDuR-middelen 4.6. Bedrijfsvoering 4.7. Verbonden partijen 4.8. Openbaarheidsparagraaf 4.9. Toekomstparagraaf
32
II. Jaarrekening 5. Balans per 31 december 2024 6. Overzicht van baten en lasten 6.1. Verklaring resultaat 2024 op hoofdlijnen 6.2. Specificatie per programma
65 67
7. Waarderingsgrondslagen 8. Toelichting op de balans 9. Incidentele baten en lasten 10. Single Information Single Audit (SISA) 2024 11. Wet Normering Topinkomens (WNT) 12. Rechtmatigheidsverantwoording 13. Overzicht taakvelden en beleidsindicatoren 14. Overzicht af te sluiten en over te hevelen kredieten
83 85 96 97 98 100 101 102
Bijlagen – niet behorende tot de gecontroleerde jaarrekening Bijlage 1. Kerngegevens Bijlage 2. Stand Toekomstvisie-Opdrachten Bijlage 3. Prestatiekaart 2024
105
Pagina 2 van 108
Voorwoord Voor u liggen de Jaarstukken 2024 van Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG). De onrust in de wereld houdt aan en er vinden ingrijpende veranderingen plaats. Ook in 2024 hebben we dit ervaren. De dreigingen en risico’s veranderen, de samenleving verandert en ook VNOG moet zich daarop aanpassen. In 2024 zijn thema’s als de weerbaarheid van de samenleving, veerkracht en zelfredzaamheid nadrukkelijk op de agenda gekomen. De veiligheidsregio’s spelen hier al een rol in en die rol gaat in afstemming met het Rijk mogelijk groter worden. Hoe dan ook is samenwerking cruciaal en dat blijft het ook. VNOG heeft hier in 2024 dan ook weer aan gewerkt: internationaal, nationaal, regionaal en lokaal; met onze gemeenten, de GGD, onze buurveiligheidsregio’s in de Oost-5 samenwerking, met landelijke partners zoals het Nederlands Instituut voor Publieke Veiligheid (NIPV) en met de Duitse collega’s. In 2024 is het nieuwe regionale beleidsplan voor de periode 2025-2028 tot stand gekomen, na uitgebreide afstemming met de raden en de hulpverleningspartners. Ook het regionaal risicoprofiel is vernieuwd. Voor de komende beleidsperiode hebben we de ontwikkelingen in beeld gebracht en hebben we nieuwe speerpunten benoemd, aansluitend op de gesignaleerde risico’s en ontwikkelingen. Het nieuwe beleidsplan vormt de basis voor ons werk voor de komende vier jaren.
We zijn trots op het plan dat we in samenwerking met onze partners hebben opgeleverd en willen hier graag mee aan de slag. VNOG heeft in 2024 ook belangrijke stappen gezet op vele andere dossiers. In deze jaarstukken wordt daar uitgebreid over gerapporteerd. Tenslotte heeft VNOG in 2024 haar kerntaken uitgevoerd. We hebben gewerkt aan het voorkomen en beperken van incidenten, door goede advisering, voorlichting en versterking van de zelfredzaamheid, het risicobewustzijn en veilig gedrag. VNOG stond in 2024 ook altijd paraat als er een beroep op ons werd gedaan. Er is enorm veel waardering voor alle mensen die dit mogelijk maken, zowel vrijwillig als beroeps. Het gaat dan om de mensen die op straat of vanuit een actiecentrum een ongeval, ramp of crisis bestrijden, maar ook om de vele mensen die achter de schermen deze inzet mogelijk maken: van meldkamer tot informatievoorziening, van logistiek, onderhoud en aanschaf tot training en opleiding, en van de administratie, financiën en secretariaten tot de bestuursondersteuning en het archief. Vele collega’s hebben aan onze missie gewerkt; daar past een woord van grote dank bij. Alle schakels zijn nodig en waardevol, zodat VNOG onze regio in 2024 een stukje veiliger heeft gemaakt. Namens het dagelijks bestuur VNOG, J.
Joon portefeuillehouder Middelen Medewerkers van VNOG staan dag en nacht klaar om te kunnen optreden bij noodsituaties. Bij heftige incidenten, ongevallen, branden en protestacties. Daarbij laten de collega’s van de brandweer, de crisisorganisatie en GHOR zich van hun professionele kant zien. Ook leveren we een stevige bijdrage aan langdurige crises. Daarbij vervullen we steeds vaker een centrale en verbindende rol. In het online magazine Voorop in Veiligheid lees je hoe we samen werken aan veiligheid! Scan de QR code om het magazine te lezen.
Pagina 3 van 108
1. Inleiding VNOG heeft in 2024 haar Opgaven uitgevoerd, als antwoord op de vragen die de samenleving aan haar stelt. De Opgaven vormden de basis van de begroting 2024 en alle doelstellingen en activiteiten van VNOG zijn aan de Opgaven gerelateerd. Deze Opgaven zijn: − Opgave 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises (maatschappelijke opdracht) − Opgave 1. Zelfredzaam en risicobewust − Opgave 2. Vakbekwaam en deskundig − Opgave 3. Sterke informatiepositie − Opgave 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers (randvoorwaarde) VNOG heeft onder andere het volgende gedaan en bereikt op haar Opgaven in 2024: −
−
−
−
−
Opgave 0. Het voorkomen, beperken, bestrijden incidenten, rampen en (langdurige) crises Brandweer, GHOR en Crisisbeheersing zijn altijd in actie gekomen als er een beroep op ons werd gedaan. Diverse nieuwe voertuigen zijn geleverd, na de intensieve voorbereiding en aanbestedingsprocedures in het afgelopen jaar. De ‘Officieren van dienst Geneeskundige Zorg’ zijn sinds 1 januari in dienst van VNOG. En er zijn weer stappen gezet in de versterking van de internationale en interregionale samenwerking. Verder blijft VNOG de opvang van ontheemden uit Oekraïne coördineren voor de 22 gemeenten. Opgave 1. Zelfredzaam & risicobewust In het kader van de nieuwe Omgevingswet is er een Roadshow geweest langs onze gemeenten om de insteek van VNOG bij haar advisering en (on)mogelijkheden te bespreken. In samenwerking met partners is de Denk-vooruit campagne gestart alsmede de uitvoering van de projectfase van de Gebiedsgerichte aanpak Natuurbrand. De GHOR heeft haar beleid omtrent evenementenadvisering vastgelegd. Opgave 2. Vakbekwaam & deskundig Naast de uitvoering van de reguliere oefeningen, trainingen en opleidingen worden aan de operationele crisisorganisatie meer vakbekwaamheidsmomenten aangeboden en ook andere, innovatieve manieren van trainen en oefenen. De insteek is een divers en modern aanbod op zowel individueel als teamniveau. Opgave 3.
Sterke informatiepositie Er zijn voorbereidingen getroffen voor het inrichten van een innovatieve tijdelijke afdeling overstijgende werkvorm, de ‘Proeftuin Informatiegestuurd werken’. Er zijn diverse pilots gestart: in de Meldkamer de pilot ‘Virtuele Assistent’, bij de brandweer een pilot met bodycams, voor de GHOR een eerste prototype van de witte informatiebron voor Oost-5. Alle vrijwilligers (ca 1400) hebben een VNOG-account gekregen. Het verwerkingsregister is geactualiseerd. Opgave 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers (randvoorwaarde) Als opvolger van het afgeronde organisatie-ontwikkelprogramma is gewerkt aan een nieuw programma voor de komende 4 jaren (o.a. duurzame inzetbaarheid, leiderschap). De leerpunten uit de evaluatie van het vorige programma worden daarbij meegenomen. De Financiele verordening en de Controleverordening zijn geactualiseerd n.a.v. nieuwe wet- en regelgeving.
In de loop van 2024 werd de vernieuwde gemeenschappelijke regeling VNOG van kracht. Het uitgebreide (wettelijke) traject hier naartoe liep sinds 2023. Met de vernieuwde regeling voldoet VNOG aan de eisen in de aangepaste Wet gemeenschappelijke regelingen. De raden zijn
Pagina 4 van 108
uitgebreid betrokken geweest bij de totstandkoming van de vernieuwde gemeenschappelijke regeling. In 2024 zijn ook de wettelijk verplichte regionale documenten voor de komende vier jaar (20252028) weer opgesteld. Het gaat om het regionaal risicoprofiel, regionaal beleidsplan (incl. dekkingsplan brandweer) en actualisatie regionaal crisisplan. Bij het opstellen van deze documenten waren in 2024 de raden en partners nauw betrokken; zij hebben zienswijzen en input gegeven. De documenten zijn in december door het AB vastgesteld. Er is in 2024 ook weer verder gewerkt aan de 40 Opdrachten uit de Toekomstvisie. Het overgrote deel van de Opdrachten (35) is inmiddels in de afgelopen jaren afgerond. De resterende vijf Opdrachten zijn opgenomen in het nieuwe regionaal beleidsplan 2025-2028. Het document Toekomstvisie is eind 2024 afgesloten, zodat nu het nieuwe regionaal beleidsplan als richtsnoer voor de komende beleidsperiode beschikbaar is. Er zijn ook weer stappen gezet voor de nieuwe één-post voor Apeldoorn (Veiligheidscentrum/Brandweerkazerne, tevens kantoorlocatie voor VNOG) en voor het thema “duurzaamheid” (o.a. opstellen Klimaatplan). Het overgrote deel van de VNOG begroting bestaat uit de gemeentelijke bijdrage. Maar ook het Rijk doet een bijdrage aan ons werk. Dit is de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR).
In 2022 hebben de veiligheidsregio’s met het Rijk afspraken gemaakt over het verder versterken van (bovenregionale) crisisbeheersing en informatievoorziening. Hiervoor hebben we van het Rijk een structurele aanvulling op de BDuR ontvangen die vanaf 2023 in vier tranches wordt uitgekeerd. Echter, in het najaar van 2024 werd duidelijk dat er mogelijk per 2026 een korting komt op deze BDuR van het Rijk. In het hoofdlijnenakkoord van het nieuwe kabinet was namelijk opgenomen dat alle specifieke doeluitkeringen, waar de BDuR ook onder valt, in de reguliere gemeentefonds-uitkering zou worden gestort en tegelijk zou daarover een korting van 10% worden toegepast. Dit strookt uiteraard niet met de afspraken die de regio’s met het Rijk hebben gemaakt omtrent de versterkingsopgave, noch met wat in de wet Veiligheidsregio’s hierover is opgenomen, noch met de maatschappelijke ontwikkelingen. De minister erkende dit eind 2024 en heeft laten weten dat de BDuR als specifieke rijksuitkering blijft bestaan. Echter, de 10% korting is intussen al wel per 2026 ingeboekt in de Rijksbegroting en de minister moet op zoek naar dekking wil hij dit terugdraaien (voor VNOG gaat het om € 1,1 mln.). In de Kadernota 2026 zijn eind 2024 diverse scenario’s geschetst hoe deze korting op te vangen, maar lopende de onzekerheid over deze korting is hij nog niet structureel in de begroting verwerkt.
Wel zijn de acties voor de versterkingsopgave rondom crisisbeheersing en informatievoorziening tijdelijk ‘on hold’ gezet, zodat er incidenteel per 2026 wel dekking voor de korting is, mocht hij doorgaan. In de loop van 2025 komt er naar verwachting meer duidelijkheid vanuit het Rijk en kan worden bepaald hoe hier structureel (2027 en verder) mee om te gaan Uitkomsten 2024 - financieel Het resultaat van ca. € 1,8 miljoen komt voort uit diverse oorzaken. Door omstandigheden konden niet alle plannen uit de begroting (helemaal) worden uitgevoerd. In tegenstelling tot voorgaande jaren liggen deze niet in de sfeer van de algemene personeelskosten. De personele lasten zijn volledig besteed (-74k) maar het vrijwilligersbudget hoefde over 2024 niet volledig ingezet te worden (454k). Binnen de exploitatiekosten zijn een aantal posten incidenteel meegevallen (773k)1 en hoefde ook de post Onvoorzien niet te worden aangesproken (250k). Daarnaast is er een positief renteresultaat gerealiseerd (390k): we hebben zowel minder rente op onze 1
Bestaande uit o.a. vakbekwaamheid, verzekeringen/schadelast.
Pagina 5 van 108
leningen betaald dan we (in het najaar van 2022 bij het opstellen van de kadernota) hadden voorzien, als meer rente op onze reserves ontvangen. Dit alles leidt tot ca. € 1,8 miljoen saldo (minder uitgaven dan begroot). Dit is 2% van de totale begroting. Het verwachte resultaat is in lijn met de prognose in de Halfjaarrapportage 2024. De prognose was toen € 2 miljoen waarbij het verschil onder andere wordt veroorzaakt door de door het bestuur eind 2024 besloten overheveling van een aantal budgetten naar 2025. Dit is ten behoeve van activiteiten die al wel in 2024 gestart zijn, maar hun afronding krijgen in 2025. Bij de verdere overwegingen rondom de begroting spelen de (wereldwijde) ontwikkelingen een grote rol. De hele wereld heeft te maken met een onstabiele situatie. Er is een groeiende onzekerheid op allerlei vlakken, zoals grondstofprijzen, energiekosten, klimaatverandering, kosten vanwege de energietransitie, cybercriminaliteit, (geopolitieke) instabiliteit, versterking weerbaarheid en veerkracht van de samenleving, rente & inflatiestijging, vergrijzing, etc. Er treden daarnaast vertragingen op door schaarste. Deze schaarste strekt zich ook uit naar de arbeidsmarkt, waar de krapte het lastig maakt om vacatures in te vullen. Dit alles heeft in potentie grote effecten voor VNOG; voor haar voorbereiding van crisisbeheersing (nieuwe crises, nieuwe taken i.v.m.
het weerbaar maken van de samenleving), de uitvoering van haar bestrijdende taken, maar ook op de realisatie van de begroting. Voor de VNOG als crisisorganisatie is dit een zeer relevante context, die zich echter niet onmiddellijk laat vertalen in financiële termen, zoals in de precieze omvang van de gemeentelijke bijdrage en de grootte van onze reserves en voorzieningen. Voor de bestemming van het resultaat van de jaarrekening volgt een afzonderlijk voorstel aan het algemeen bestuur. Leeswijzer Hoofdstuk 2 bevat een samenvattend overzicht van het resultaat 2024. De nadere onderbouwing van het resultaat, alsook de bereikte doelstellingen ten opzichte van de begroting 2024 vindt u terug in hoofdstuk 3. Daar wordt per programma ingegaan op de bereikte doelstellingen en met welk resultaat het programma is afgesloten. Daarna volgen de verplichte paragrafen in hoofdstuk 4. Het tweede deel van de jaarstukken bevat de jaarrekening 2024. Dit deel is vooral financieel van aard. Eerst volgt de balans. In hoofdstuk 6 staat een totaaloverzicht met daarin het resultaat, gesplitst in ‘resultaat voor inzet reserves’ en ‘resultaat na inzet reserves’, zoals de wetgeving voorschrijft. Ook is hier een detailtoelichting op de resultaten per programma opgenomen. Tot slot volgen de waarderingsgrondslagen, een onderbouwing van de balans, diverse verantwoordingen en enkele bijlagen.
Pagina 6 van 108
2. Het resultaat 2024 Het financieel technisch resultaat bedraagt + € 1.793.000. Dit is 2,2% van de begrote lasten ad € 78.000.000. In de programmaverantwoording vanaf hoofdstuk 3 worden de resultaten van de diverse programma’s (na mutaties in de reserves) beschreven. Een voorstel tot bestemming van het resultaat wordt, zoals gebruikelijk in een afzonderlijk voorstel, voorgelegd aan het algemeen bestuur. Het resultaat wordt nader toegelicht bij de betreffende programma’s (in hoofdstuk 3 op hoofdlijnen inhoudelijk; hoofdstuk 6 bevat een verschillenanalyse). In navolgende tabel staan de jaarresultaten over 2022, 2023 en 2024 met een verklaring op hoofdlijnen: Verklaring resultaat op hoofdlijnen
2022
2023
2024
Verschil
Verschil
Verschil
Personeel
313.000
1.105.000
-74.000
Vrijwilligers
402.000
338.000
454.000
Exploitatie
1.023.000
1.539.000
980.000
Kapitaallasten
0
0
0
Renteresultaat
256.000
409.000
390.000
2.510.000
2.832.000
1.793.000
Totaal
Personeel Het budget voor personeel (circa 38,0 mln inclusief MKON-MKBM) is in 2024 volledig besteed. Dit betreft de kosten voor salarissen & sociale lasten, inhuur en detachering. Binnen de begroting van VNOG is vrijwel geen structureel budget voor inhuur opgenomen. Tijdelijke overbrugging als gevolg van verzuim en vacatures en tijdelijke invulling van specialistische functies voor projecten dient hierdoor grotendeels gefinancierd te worden uit het beschikbare budget voor salarissen en sociale lasten en daarnaast uit onttrekkingen aan reserves of voorzieningen. Gezien de huidige situatie op de arbeidsmarkt wordt verwacht dat deze situatie niet op korte termijn verandert. Vrijwilligers Op het vrijwilligersbudget (circa 9,4 mln) zijn minder uren gedeclareerd dan geraamd, dit voor een bedrag van € 509.000,- Hiervan heeft € 320.000,- betrekking op de uren voor de uitruk (incidenturen). Conform beleid kan een bedrag van € 55.000,- worden toegevoegd tot aan het maximum van de egalisatiereserve die het AB hiervoor heeft ingesteld. Daarmee komt het resultaat per saldo uit op € 454.000,- De vakbekwaamheidsprogramma’s voor vrijwilligers worden conform planning uitgevoerd en ook de exploitatiebudgetten voor vakbekwaamheid vrijwilligers worden goed benut. Exploitatie Op het exploitatiebudget (circa 22,0 mln) worden binnen een aantal programma’s incidentele voordelen behaald.
Hierbij is veelal sprake van logische jaarlijkse schommelingen zoals de kosten voor onder andere vakbekwaamheid en verzekeringen/schadelast. Kapitaallasten Het resultaat op kapitaallasten wordt, conform vastgesteld beleid, toegevoegd aan de egalisatiereserve afschrijvingen waardoor het saldo hierop neutraal is. Rente VNOG betaalt rente over haar langlopende leningen. Deze kosten worden toegerekend aan de vaste activa en de programma’s waar deze betrekking op hebben. VNOG ontvangt echter ook Pagina 7 van 108
rente op haar uitzettingen in de Rijks schatkist. Deze renteopbrengst is momenteel hoger dan vooraf geraamd. Vergelijking met Halfjaarrapportage 2024 In de Halfjaarrapportage 2024 (opgemaakt in augustus 2024) werd een positief resultaat van € 2.014.000 voorspeld. Het resultaat van deze jaarrekening is € 1.793.000. Het verschil betreft onder andere de budgetoverheveling van een aantal nog niet bestede budgetten naar uitvoering in het jaar 2025. Het algemeen bestuur heeft hiertoe eind 2024 de begroting gewijzigd.
Pagina 8 van 108
I. Jaarverslag
Pagina 9 van 108
3. Programmaverantwoording Dit hoofdstuk bevat een nadere onderbouwing van het resultaat en de bereikte doelstellingen ten opzichte van de programmabegroting 2024. Per programma wordt ingegaan op de bereikte doelstellingen en wordt aangegeven met welk resultaat het programma is afgesloten.
Programma:
1. Risico- en Crisisbeheersing
Programmahouder:
mevr. A.H. Bronsvoort
Welke Opgaven voert Risico- en Crisisbeheersing primair uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 1. Zelfredzaam en risicobewust 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie Wat hebben we bereikt? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises a. In samenwerking met partners is gewerkt aan het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises door informatiegestuurd en risicogericht te werken. Bij incidenten, rampen, etc. heeft VNOG flexibel en slagvaardig opgetreden. b. De afdeling heeft, naar aanleiding van landelijke afspraken, samen met andere afdelingen en buurregio’s gewerkt aan de versterking van crisisbeheersing, informatievoorziening en samenwerking tussen regio en Rijk. Deze versterkingsopgaven zijn bekostigd uit een ophoging van de rijksbijdrage BDUR, zie de separate paragraaf hierover (4.5.). 1. Zelfredzaam en risicobewust a. Het risicobewustzijn van de inwoners, bedrijven/instellingen en crisispartners in de regio is vergroot, door gerichte campagnes en voorlichting ter bevordering van zelfredzaamheid. b. De ontvangers van onze risicogerichte adviezen zijn zich bewust van de risico's die zich voordoen in hun leefomgeving. Op basis van deze inzichten zijn zij beter in staat om gerichte beheersmaatregelen te treffen. 2. Vakbekwaam en deskundig a.
VNOG is als netwerkpartner beter toegerust om integrale veiligheidsadvisering te verlenen aan gemeenten en andere partners, zodat zij vroegtijdig ondersteund worden bij ontwikkelingen in het fysieke domein. b. Deelnemers aan de multidisciplinaire crisisorganisatie zijn adequaat opgeleid, getraind en geoefend en hebben geleerd van incidenten die zich voordeden. 3. Sterke informatiepositie a. Risico's en potentiële veiligheidswinst zijn geïdentificeerd en geduid via verzamelde, gekoppelde en geanalyseerde gegevens. Dit is de basis voor de risicogerichte advisering geweest. b. VNOG heeft zowel in de voorbereiding op, als gedurende inzetten, op basis van een actueel informatiebeeld en scenario’s geacteerd. Wat hebben we ervoor gedaan? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises. RCB heeft: − uitvoering gegeven aan het regionaal crisisplan, beleidsplan en risicoprofiel;
Pagina 10 van 108
− − −
− − −
− −
het proces begeleid om te komen tot een nieuw regionaal risicoprofiel en regionaal crisisplan die beide per 2025 ingaan (zie ook paragraaf 4.9.); de afsprakenlijsten bij de convenanten beheerd en de verbinding met het netwerk aan crisispartners onderhouden; verder gebouwd aan goede samenwerkingsrelaties met onze 22 gemeenten, de omgevingsdiensten, GGD en het samenwerkingsverband van veiligheidsregio’s “Oost-5” en werkt aan nieuwe allianties om daarmee een basis te leggen voor integrale veiligheidsadvisering (o.a. gezondheid-, water-, milieu-, evenementen- en brandveiligheid) aan gemeenten; de VNOG gemeenten ondersteund in hun verantwoordelijkheid bij crisistaken op het gebied van bevolkingszorg en crisiscommunicatie in het kader van ongevallen, rampen of crisis; bijgedragen aan de regionale coördinatie van de opvang van ontheemden uit Oekraïne in VNOG voor 22 gemeenten; een verkenning gestart naar verdere mogelijkheden om een breed regionaal/Oost5 platform te faciliteren waar kennis vanuit de samenleving op specifieke terreinen wordt samengebracht en crisispartners bijeenkomen ter bevordering van het zelf-organiserend vermogen in relatie tot langdurige crisis; gewerkt aan de verdere samenwerking in Oost Nederland, met het Rijk en Duitsland op het gebied van onder andere onze gezamenlijke informatiepositie en vakbekwaamheid; gewerkt, naar aanleiding van landelijke afspraken,
aan de versterking van crisisbeheersing, versterking van informatievoorziening en versterking samenwerking tussen regio en Rijk. Deze versterkingsopgaven worden bekostigd uit een ophoging van de rijksbijdrage BDUR (zie de separate paragraaf hierover (4.5.).
1. Zelfredzaam en risicobewust a. Vergroten van de zelfredzaamheid en het zelf-organiserend vermogen. RCB heeft: − een excelleerplan uitgewerkt en kenbaar gemaakt bij het bestuur voor het onderwerp en tevens speerpunt ‘Gedrag en veilige leefomgeving’ in het nieuwe beleidsplan 2025-2028; − gewerkt aan het versterken van het netwerk rondom gedrag en veilige leefomgeving en kansen benut om samen te werken, zoals de campagne ‘Denk vooruit’ met de NCTV; − de campagne ‘Voorkomen van Vuur is jouw Natuur’ opgezet door risico- en doelgroepen in de natuurlijke omgeving te analyseren o.b.v. het regionale gedragsmodel. Deze campagne wordt ondertussen landelijk uitgedragen door Brandweer Nederland; − de toolkit voor de campagne Iklaadaccuraat uit 2023 gedeeld waardoor deze campagne in 2024 landelijk geadopteerd is; − innovaties in het kader van veilig leven ondersteund en bevorderd, zoals bijv. de afronding van het traject Leefsamen, de oplossing voor vroegtijdige signalering van brandgevaar van accu’s vanuit het innovatietraject StartUp Achterhoek; − gewerkt aan een plan van aanpak voor kwalitatieve en projectmatige uitvoering van risicogerichte objectbezoeken. Op basis van de risico’s kan praktisch worden nagedacht over de aspecten waar de veiligheidsregio zich proactief op voor kan bereiden en welke handelingsperspectieven er geboden kunnen worden. b. Risicogericht adviseren.
RCB heeft: − gewerkt aan risicogerichte dienstverlening binnen en in samenwerking met de gemeenten; − een bijdrage geleverd aan het risicobewustzijn van stakeholders in de natuurlijke omgeving; − risicogericht geadviseerd, uit de overtuiging dat dit bijdraagt aan een veiligere leefomgeving, waarbij regionaal beleid aansluit op de landelijke Uniforme Benadering Veiligheidsrisico’s. 2. Vakbekwaam en deskundig a. Als netwerkpartner toegerust voor (integrale) veiligheidsadvisering. RCB heeft: Pagina 11 van 108
− − − − −
geïnvesteerd in het versterken van de vaardigheden van adviseurs, gericht op het toepassen van de risicogerichte advisering; kennis en vaardigheden ‘risicogericht werken’ ontwikkeld aan de hand van de routekaart; de kwaliteit van advisering ruimtelijke-, omgevings- en industriële veiligheid gewaarborgd door intern voldoende continuïteit te organiseren; haar kennispositie vergroot op de nieuwe risico’s uit energietransitie en klimaatverandering; een bijdrage geleverd aan het proces ‘Lerend vermogen’ van VNOG.
b. Deelnemers multidisciplinaire crisisorganisatie zijn adequaat opgeleid, getraind en geoefend. RCB heeft: − de rol- en taakverdeling op Bevolkingszorg uit 2023 geïmplementeerd; − randvoorwaarden gecreëerd voor de doorontwikkeling naar een moderne MOTO-organisatie door functionarissen in dienst te nemen met opleidingskundige expertise; − regionale poules onderhouden voor operationele informatievoorziening (informatiemanagers, beleidsondersteuners, loggers, plotters en andere ontkleurde functionarissen) inclusief de faciliteiten die hiervoor nodig zijn. − Door herprioritering van werkzaamheden is de start van de ontwikkeling van een multidisciplinaire kennisbank ter ondersteuning van de diverse operationele crisisfunctionarissen uitgesteld tot 2025. 3. Sterke informatiepositie a. Risicogerichte advisering. RCB heeft: − de Risico Analyse Monitor – Kenmerkenschema (RAM) geïntroduceerd en daarbij is een trainingstraject uitgevoerd. De RAM is een hulpmiddel in het risicogesprek met burgers, instellingen en bedrijven in het kader van de objectbezoeken; − de RAM landelijk geïntroduceerd en vijf veiligheidsregio's zijn aangesloten aan hetzelfde informatieplatform; − een inhoudelijke bijdrage geleverd aan de succesvolle aanbesteding van het nieuwe zaaksysteem waarmee de aansluiting op het Digitaal Stelsel Omgevingswet geborgd blijft; − gevraagd en ongevraagd advies uitgebracht o.b.v.
de risico’s uit de periodiek herijkte risicoprofielen, zowel in de ontwerp- als de gebruiksfase van de publieke/fysieke leefomgeving. b. VNOG acteert op basis van een actueel informatiebeeld. RCB heeft: − gegevens verzameld, gekoppeld, geanalyseerd en gebruikt t.b.v. regionaal risicoprofiel en gewerkt aan (en met) dynamisch/actueel risicobeeld (Veiligheidsinf. Knooppunt, VIK); − gezorgd dat de risico’s en dreigingen continu gemonitord en dynamisch beschikbaar gesteld worden aan de operationele organisatie (inclusief de netwerkpartners); − scenariodenken toegepast, in lijn met de ontworpen methodiek, bij (dreigende) crisis/crises; − de crisisruimten onderhouden, zich voorbereid op de aanstaande (tijdelijke) verhuizing van de crisisruimten, en technische hulpmiddelen tijdig vervangen om aan te blijven sluiten bij interregionale en nationale standaarden en het informatiegestuurd werken; − gezorgd dat object- en omgevingsinformatie vanuit verschillende databronnen beschikbaar is in een infoplatform (te gebruiken bij adviseren, informeren en operationele voorbereiding); − Bijgedragen aan het inrichten van een tijdelijke afdeling overstijgende werkorganisatie, onder de naam ‘Proeftuin Informatiegestuurd werken’ ter bevordering van het informatiegestuurd werken.
Indicatoren: hoe hebben we dit gemeten? Tweemaal per jaar zijn de prestaties op de Opgaven / een aantal doelstellingen gemeten via indicatoren op de prestatiekaart. De prestatiekaart staat in bijlage 3 van deze jaarstukken. Pagina 12 van 108
Wat heeft het gekost? Programma
L/B
1.0 Risico- en crisisbeheersing
Baten
0
36.700
714.649
677.949
Lasten
8.834.200
10.361.660
9.613.369
-748.291
Saldo
-8.834.200
-10.324.960
-8.898.721
1.426.239
-8.834.200
-10.324.960
-8.898.721
1.426.239
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
125.000
651.000
410.845
240.155
25.000
738.427
-713.427
125.000
626.000
-327.582
-953.582
125.000
626.000
-327.582
-953.582
voordeel
voordeel
nadeel
nadeel
-8.709.200
-9.698.960
-9.226.303
472.657
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
Totaal saldo baten en lasten
Begroting 2024
Begroting na wijziging 2024
Realisatie 2024
Verschil 2024
Mutaties reserves 1.0 Risico- en crisisbeheersing
Onttrekkingen Toevoegingen Saldo
Saldo reserves
Resultaat
In de jaarrekening (hoofdstuk 6) is een verdere specificatie van de financiële begroting en realisatie per programma opgenomen.
Pagina 13 van 108
Programma:
2. Brandweerzorg
Programmahouder:
dhr. M. Boumans
Welke Opgaven voert Brandweerzorg primair uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie Wat hebben we bereikt? 0. Beperken en bestrijden − Alle 56 posten zijn volgens de paraatheidsregeling paraat. De afdeling BWZ heeft: o Incidenten bestreden en hulp geboden, altijd als er een beroep op ons werd gedaan; o Vanaf 1 september 2023 voor de posten Doetinchem en Zutphen middels de "Regeling Kazerne dagdiensten" een sluitend rooster geregeld volgens de Arbeidstijdenwet (ATW) en Arbeidstijdenbesluit (ATB); o De samenwerkingsovereenkomst tussen Stadt Isselburg en VNOG voorbereid, zodat deze op 23 januari 2025 getekend kan worden; o Een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de Veiligheidsregio Flevoland over interregionale alarmering; o Een viertal introductiebijeenkomsten voor nieuwe aspiranten georganiseerd waarin de eed of belofte is afgenomen; o Korpsavonden en Postcommandanten-overleggen gehouden (boeien en (ver)binden); o De pilot bodycam gestart (District Midden) en verlengd met een half jaar. In februari 2025 worden de eerste resultaten gepresenteerd; o Definitief ontwerp voor de nieuwe kazerne / veiligheidscentrum Apeldoorn opgeleverd; o De nieuwe kazernes Oldebroek en Twello opgeleverd en officieel geopend (zie ook paragraaf 4.6.).
− Materieel en materiaal is 24/7 beschikbaar geweest voor uitruk en vakbekwaam worden en -blijven, dit conform het dekkings- en spreidingsplan. Er kan doeltreffend en veilig mee worden gewerkt. De afdeling BWZ heeft: o De eerste 4 nieuwe blusvoertuigen op posten in gebruik genomen. Er zijn inmiddels 17 nieuwe blusvoertuigen geleverd; o Twee nieuwe koeriersvoertuigen en vijf boten ten behoeve van waterongevallen afgeleverd; o Een nieuw voertuig ten behoeve van de duikploeg ter bestrijding van waterongevallen afgeleverd; o Nieuwe voertuigen in productie ten behoeve van redding groot vee; o Materieel afgevoerd en verplaatst op basis van het Materieel Spreidingsplan (MSP); o Het project Vervanging blushelmen afgerond; o Het operationeel uniform uitgeleverd voor alle medewerkers Brandweerzorg. 2. Vakbekwaam en deskundig − Het personeel is vakbekwaam en geoefend om operationeel op te treden; − Processen en procedures zijn afgestemd op de aanwezige risico’s in het gebied; − Er is adequate nazorg geleverd aan de repressieve medewerkers en er is een nieuwe blauwdruk “Nazorg” vastgesteld. 3. Sterke informatiepositie − Deze is verder versterkt door het verder ontwikkelen van BI-dashboards.
Pagina 14 van 108
Wat hebben we ervoor gedaan? 0. Beperken en bestrijden − Voor de paraatheid heeft de afdeling BWZ: o Een start gemaakt met een eerste tussenevaluatie van de nieuwe Regeling Kazerne dagdiensten voor posten Doetinchem en Zutphen en met een onderzoek naar mogelijke knelpunten; o Contacten onderhouden voor internationale en interregionale samenwerking; o Verder gewerkt aan een overeenkomst Oost-5 voor interregionale alarmering; o Onderhandelingen gestart over mogelijke locaties voor de nieuwe internationale kazerne Dinxperlo-Suderwick; o Voorbereidingen getroffen voor het organiseren van aanstellingsdagen in 2025 voor nieuwe aspiranten; o Voor de nieuwe kazerne Apeldoorn verdere stappen gezet voor de inrichting van de repressieve organisatie met betrokkenheid van alle doelgroepen; o De pilot bodycam verlengd met een half jaar om nog meer resultaten te verkrijgen en te vergelijken. − Voor de beschikbaarheid van materieel en materiaal is: o Veel energie gestoken in de ondersteuning van de afname en in gebruik name van nieuwe blus- en specialistische voertuigen en materialen; o Ondersteund bij deelproject 3, het bepakken van de nieuwe blusvoertuigen; o Verder gewerkt aan het project Vervanging bluskleding, -laarzen en -handschoenen. 2. Vakbekwaam en deskundig − Opgeleid en geoefend personeel.
De afdeling BWZ heeft: o Les- en instructiemateriaal vernieuwd en aangepast naar huidige tijd en ontwikkelingen; o Een compleet nieuw programma Vakbekwaam worden en -blijven gemaakt en uitgerold voor de nieuwe 4x2 blusvoertuigen; o Een SharePoint-omgeving gemaakt voor de vrijwilligers waarop ze alles kunnen vinden wat ze nodig hebben; o Waar nodig de jaarprogramma's voor de diverse portefeuilles geëvalueerd en aangepast, zodat ze goed aansluiten bij de huidige ontwikkelingen; o Voorbereidingen getroffen voor de implementatie van de nieuwe landelijke elektronische leeromgeving; o Diverse themabijeenkomsten en vakbekwaamheidsdagen en -markten georganiseerd; o De opleidingskalender uitgevoerd conform opgave. − Nazorg. De afdeling BWZ heeft: o Het eigen personeel ondersteund bij o.a. traumatische ervaringen die zijn opgedaan tijdens het bestrijden van incidenten; o De nieuwe leerlijn geïmplementeerd; o Evaluaties van incidenten uitgevoerd in het kader van leren van incidenten. 3. Sterke informatiepositie.
Bij de doorontwikkeling van BI-dashboards heeft de afdeling BWZ specifieke focus gelegd op: o Vakbekwaamheid; o Strategische personeelsplanning; o Het doen en afronden van een aanbesteding voor een nieuw systeem van operationele informatievoorziening; o Het invoeren van dynamisch alarmeren; o Het beter in kaart brengen van de restdekking tijdens incidenten door de aanschaf en implementatie van een restdekkingsmonitor.
Pagina 15 van 108
Overig De afdeling BWZ heeft in 2024 bijgedragen aan de totstandkoming van het nieuwe regionaal beleidsplan 2025-2028, o.a. aan het ‘dekkingsplan brandweer’ dat een bijlage van het regionaal beleidsplan is. Zie paragraaf 4.9. voor een nadere toelichting op het nieuwe beleidsplan. Indicatoren: hoe hebben we dit gemeten? Tweemaal per jaar zijn de prestaties op de Opgaven / een aantal doelstellingen gemeten via indicatoren op de prestatiekaart. De prestatiekaart staat in bijlage 3 van deze jaarstukken. Wat heeft het gekost? Programma
L/B
2.0 Brandweerzorg
Baten
14.000
Begroting na wijziging 2024 14.000
363.959
349.959
Lasten
30.458.005
34.024.305
31.818.654
-2.205.651
Saldo
-30.444.005
-34.010.305
-31.454.696
2.555.609
-30.444.005
-34.010.305
-31.454.696
2.555.609
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
Totaal saldo baten en lasten
Begroting 2024
Realisatie 2024
Verschil 2024
Mutaties reserves 2.0 Brandweerzorg
Onttrekkingen
883.000
629.424
253.576
Toevoegingen
226.900
2.360.471
-2.133.571
Saldo
656.100
-1.731.047
-2.387.147
656.100
-1.731.047
-2.387.147
voordeel
nadeel
nadeel
-30.444.005
-33.354.205
-33.185.743
168.462
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
Saldo reserves
Resultaat
In de jaarrekening (hoofdstuk 6) is een verdere specificatie van de financiële begroting en realisatie per programma opgenomen.
Pagina 16 van 108
Programma:
3. Geneeskundige Hulpverlenings-Organisatie in de Regio (GHOR)
Programmahouder:
dhr. W. Jaeger
Welke Opgaven voert de GHOR primair uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 1. Zelfredzaam en risicobewust 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie Wat hebben we bereikt? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises − GHOR NOG heeft in 2024 een nieuwe missie en visie vastgesteld. − In het Koersdocument GHOR-NOG 2024-2026 is in kaart gebracht hoe de crisisorganisatie van de GHOR verder doorontwikkeld moet worden, om de parate, slagvaardige en wendbare operationele crisisorganisatie te worden/blijven, met vakbekwame crisisfunctionarissen. − De GHOR heeft beleid voor advisering omgevingsveiligheid vastgelegd in het document ‘Beleid Advisering Omgevingsveiligheid GHOR’. Dit biedt belangrijke aandachtspunten. − Het beleid voor evenementenadvisering is beschreven in het document ‘Beleid advisering evenementen’. Hiermee wordt de continuïteit/kwaliteit van advisering geborgd. − De Infographic Evenementen en Gezondheid is verbreed. Naast informatie vanuit GHOR en GGD is nu ook informatie vanuit de brandweer opgenomen. − De contacten en samenwerking met de zorgorganisaties en de drie ROAZ’en zijn versterkt. − Er is een concept document ‘Beleid advisering Zorgnetwerk’ opgesteld. Dit beschrijft hoe de GHOR adviseert/relaties onderhoudt, met welke zorgpartners wij samenwerken en waarom.
− Er is een Regionaal crisiscommunicatieplan opgesteld (met Veiligheidsregio Twente en Netwerk Acute Zorg Euregio) voor zorgorganisaties. Dit is vastgesteld in het tactisch en bestuurlijk ROAZ van Euregio. Hierin staan handvatten voor zorgorganisaties voor communicatie. 1. Zelfredzaam en risicobewust − De GHOR is betrokken geweest bij de actualisatie van het Regionaal Risicoprofiel (RRP) VNOG 2025-2028. Hierbij is het Zorgrisicoprofiel (ZRP) uit 2022 gebruikt als input. − In themabijeenkomsten voor het zorgnetwerk is aandacht besteed aan verschillende risico’s uit het zorgrisicoprofiel. 2. Vakbekwaam en deskundig − De operationeel crisisfunctionarissen van de GHOR zijn opgeleid en inzetbaar. − Vanuit boeien en binden van de GHOR crisisorganisatie is de operationeel functionarissendag GHOR ontwikkeld. Deze heeft in 2024 voor de eerste keer plaatsgevonden. 3. Sterke informatiepositie − Er is een Customer Relationship Management (CRM)-systeem ingericht om de communicatie met zorgpartners te structureren. Het wordt gebruikt voor het vastleggen van gesprekken, plannen van gesprekscycli en bieden van een overzicht van de belangrijkste zorgpartners. − Het prototype van de witte informatiebron Oost-5 is opgeleverd, waarmee het geneeskundige deel van het integrale veiligheidsbeeld breder en vollediger zal zijn.
− We hebben de doctrine netcentrisch werken bij onze acute partners versterkt. − Het nieuw operationeel informatievoorziening systeem is geïmplementeerd in de operationele voertuigen van de GHOR. Pagina 17 van 108
Wat hebben we ervoor gedaan? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises − We hebben voorzien in een flexibele 24/7 crisisorganisatie. − In de nieuwe Omgevingswet adviseert de GGD voortaan rechtstreeks aan de gemeente of omgevingsdienst, zonder tussenkomst van de GHOR. Om duidelijkheid te scheppen is in afstemming met de GGD een overzicht opgesteld van specifieke adviesaanvragen waarbij de GHOR betrokken wil zijn. Dit is verstrekt aan de adviseurs, zodat zij weten wanneer de GHOR te betrekken. Tot december 2024 zijn er op dit onderwerp 58 adviezen opgesteld. − Voor consistentie in advisering zijn ondersteunende documenten ontwikkeld/herzien: o Een (invul)format met agenda voor adviesgesprekken met zorgpartners; o Een checklist voor de planvorming van zorgpartners; o Een crisiskaart, een praktisch hulpmiddel met essentiële informatie die zorgpartners op locatie kunnen ophangen ter voorbereiding op calamiteiten; o Een informatiefolder met de werkzaamheden van de GHOR op het gebied van OTO en zorgcontinuïteit, zodat partners precies kunnen zien wat de GHOR voor hen kan betekenen in de koude fase. − Tot december 2024 zijn 464 evenementadviezen opgesteld. De verdeling is: o 49 A evenementen; o 337 B evenementen; o 14 C evenementen; o 64 evenementen, waarvan behandelcategorie niet opgegeven door gemeente.
− Het Preparatieplan voor de Zwarte Cross 2024 is opgesteld ter bevordering van de patiënten-spreiding en samenwerking van de (acute) zorg in de omgeving van de Zwarte Cross. − Er zijn accountgesprekken met de niet acute- en acute zorgorganisaties in de regio gevoerd. − Er is deelgenomen- en geadviseerd aan de drie ROAZ’en over voorbereiding van de zorgsector op rampen en crisissituaties. Specifiek is het belang benadrukt van voorbereiding hierop bij de transformaties in de zorg. Deze transformaties zijn ingezet vanuit het Integraal Zorgakkoord om de zorg toekomstbestendig te houden. − Bij alle activiteiten wordt nauw samengewerkt met GHOR-organisaties Oost-5 en landelijk. 1. Zelfredzaam en risicobewust − Het Regionaal Risicoprofiel VNOG 2025-2028 is geactualiseerd, waarbij de GHOR enkele scenario’s heeft uitgewerkt, o.a. langdurige hitte en droogte en uitbraak infectieziekte. − Er is aangesloten bij speciale thema’s vanuit Risicobeheersing, o.a. Veilige energietransitie. − Via de landelijke kopgroep Zorgrisicoprofiel van GGDGHOR Nederland is mede door ons een landelijk overleg georganiseerd voor doorontwikkeling zorgrisicoprofiel en meer uniformiteit. − Er zijn 2 themabijeenkomsten en verschillende tabletops voor zorgorganisaties georganiseerd om gezamenlijk voor te bereiden op risico’s uit RRP en ZRP, o.a. stroomuitval.
− Er is deelgenomen aan ‘Startup in Residence’ voor bevordering burgerparticipatie. 2. Vakbekwaam en deskundig − De Officieren van dienst Geneeskundige zorg (OVDG) zijn sinds 1 januari 2024 in dienst van VNOG (voorheen waren deze in dienst van de ambulancedienst Witte Kruis). − De oefenjaarkalender 2024 is uitgevoerd, zowel de mono- als multi activiteiten. De GHOR functionarissen namen deel aan RBT, GBT, ROT en COPI oefeningen. − Mono werd voor de OVDG-en een oefen tweedaagse realistisch oefenen georganiseerd. − Binnen het zorgnetwerk zijn oefenactiviteiten georganiseerd c.q. is aan deelgenomen. − Er heeft een “rode draden analyse OTO” plaatsgevonden. De algemene bevindingen zijn verwerkt in het koersdocument voor crisisorganisatie en vakbekwaamheid voor komende jaren.
Pagina 18 van 108
− − − − − − −
In ERMWIC en Euregio verband namen operationele GHOR functionarissen deel aan samenwerkingsoefeningen met de Duitse crisispartners. In oktober werd een grote grensoverschrijdende oefening in Enschede gehouden i.s.m. GHOR Twente en Duitse eenheden. In GHOR OTO Oost-5 verband werden bovenregionale scholingsdagen georganiseerd voor OVDG, ACGZ, HIN en DPG piketten. Ook werd een gezamenlijke waarneempool OTO Oost-5 opgezet om elkaar te ondersteunen tijdens de OTO activiteiten. Een systeem van ‘aandacht functionarissen’ GHOR is ontwikkeld en hiervoor is geworven. Voor de crisisorganisatie zijn nieuwe pagers aangeschaft ter vervanging van afgeschreven middelen. Hiermee is voorzien in een backfail-methode bij eventuele uitval P2000. Het beheer van de GHOR-voertuigen is belegd bij team Materieel en Logistiek van VNOG. Met de leverancier van uniformkleding werd een digitale webshop ingericht t.b.v. bestelling. Een structurele gesprekscyclus met Meldkamer Ambulancezorg Oost-Nederland werd opgezet ter verbetering van de samenwerking.
3. Sterke informatiepositie − Er is actief functioneel beheer op de LCMS-GZ applicatie geweest. − De GHOR heeft vaste deelname in het VIK voor overdracht witte informatie. − Een opschoon beurt in de applicatie GHOR4all op accounts en contacten heeft plaatsgevonden. De halfjaarlijkse verificatie is gestandaardiseerd. Indicatoren: hoe hebben we dit gemeten? Tweemaal per jaar zijn de prestaties op de Opgaven / een aantal doelstellingen gemeten via indicatoren op de prestatiekaart. De prestatiekaart staat in bijlage 3 van deze jaarstukken. Wat heeft het gekost? Programma
L/B
3.0 GHOR
Baten
48.000
Begroting na wijziging 2024 48.000
40.550
-7.450
Lasten
2.059.700
2.406.400
2.049.062
-357.338
Saldo
-2.011.700
-2.358.400
-2.008.512
349.888
-2.011.700
-2.358.400
-2.008.512
349.888
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
Totaal saldo baten en lasten
Begroting 2024
Realisatie 2024
Verschil 2024
Mutaties reserves 3.0 GHOR
Onttrekkingen Toevoegingen Saldo
Saldo reserves
Resultaat
68.729
-68.729
-68.729
-68.729
-68.729
-68.729
nadeel
nadeel
-2.011.700
-2.358.400
-2.077.241
281.159
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
In de jaarrekening (hoofdstuk 6) is een verdere specificatie van de financiële begroting en realisatie per programma opgenomen. Pagina 19 van 108
Programma:
4. Meldkamer Oost-Nederland – Meldkamer Brandweer / Multi (MKON-MKBM)
Programmahouder:
dhr. J.N. Rozendaal
Welke Opgaven voert de MKON-MKBM primair uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie Wat hebben we bereikt? Een zelfstandig organisatieonderdeel binnen de Meldkamer Oost-Nederland (MKON)2 is de Meldkamer Brandweer/Multidisciplinaire samenwerking (MKBM). Deze MKBM valt onder verantwoordelijkheid van de vijf veiligheidsregio’s in Gelderland en Overijssel. De MKBM verzorgt de meldkamerfunctie van de brandweertaak en ten behoeve van de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de GHOR. Het centrale werkgeverschap voor de MKBM is door de vijf veiligheidsregio’s belegd bij VNOG; de medewerkers zijn bij VNOG in dienst en uitgaven verlopen via de VNOG-begroting. Hoewel georganiseerd binnen VNOG, valt het functioneren van de MKBM onder de gezamenlijke verantwoordelijkheid van de vijf regio’s. Naast het werkgeverschap voert VNOG als werkgever bepaalde bedrijfsvoeringtaken voor de MKBM uit. 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises − De wettelijke kerntaak is uitgevoerd: het 24/7 aannemen, verwerken en begeleiden van noodmeldingen uiteenlopend van kleine incidenten tot rampen en crises. − De keten van melding, alarmering en begeleiding was snel en betrouwbaar en de continuïteit was gegarandeerd.
− De operationele taak van Calamiteitencoördinator (Caco) was 24/7 beschikbaar. 2. Vakbekwaam en deskundig De kennis en vaardigheden van de medewerkers MKBM zijn vergroot. 3. Sterke informatiepositie − Er kwam hoogwaardige informatievoorziening vanuit de meldkamer om de inzet van de hulpdiensten op straat zo goed mogelijk te laten verlopen. − De MKON-MKBM heeft een bijdrage geleverd aan het actuele veiligheidsbeeld van de veiligheidsregio’s. − De MKON-MKBM heeft ingespeeld op de landelijke ontwikkeling van de meldkamers naar informatieknooppunten. Wat hebben we ervoor gedaan? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises − De centralist meldkamer was verantwoordelijk voor het aannemen, verwerken, uitgeven en afhandelen van alle meldingen voor de vijf veiligheidsregio’s. − De MKON-MKBM heeft voorzien in een rooster (beheer en bewaking).
2
De MKON bestaat sinds maart 2023
Pagina 20 van 108
− − − − −
Er is een succesvolle pilot ‘zelfroostering’ gedraaid en die wordt geëvalueerd en naar verwachting gecontinueerd. Er heeft werving plaatsgevonden vanwege verloop en dit was succesvol; mensen zitten inmiddels in opleiding. Vanwege nieuw verloop zijn nieuwe procedures weer opgestart. De wettelijk bepaalde functie van Calamiteitencoördinator is ingevuld door vrijgestelde CaCo’s. Er is een nieuwe Caco-ring georganiseerd (landelijk): alle Caco’s hebben dezelfde uitrusting gekregen, wat van belang is voor uitwisseling en om met elkaar in contact te treden. De jaarwisseling is traditioneel de drukste dag/nacht. De jaarwisseling 2023/2024 is op de meldkamer relatief rustig verlopen, mede dankzij de inzet van meer personeel. Vanwege het feit dat de jaarwisseling op een zondag viel en het slecht weer was, was deze jaarwisseling qua meldingen wat a-typisch. De jaarwisseling 2024/2025 is voorbereid en zal naar verwachting een aanvullend beeld gaan geven.
2. Vakbekwaam en deskundig − Er is een missie/visie opgesteld t.b.v. onder andere vakbekwaamheidsbeleid en er is regie gevoerd op het mono- en multidisciplinair oefenen. − Het oefenplan is opgesteld en uitgevoerd. − Er was verbinding met het (inter)regionaal netwerk van vakbekwaamheid (veiligheidsregio’s). − Er is in toenemende mate uitwisseling geweest tussen de meldkamers onderling op het gebied van vakbekwaamheid, waaronder uitwisseling van oefenprogramma’s. − Al het personeel is gecertificeerd. − De MKON-MKBM heeft bijgedragen aan het leren van incidenten en doen van evaluaties. − Plannen zijn opgesteld en vertaald voor gebruik op de meldkamer in geval van evenementen en rampen (implementeren en actualiseren). − Leerpunten uit evaluaties zijn vertaald naar procedures en plannen, incl. implementatie. De planvorming is niet in GMS geïmplementeerd en geactualiseerd, maar in het nieuwere systeem dat hiervoor bedoeld is. − Waar nodig/relevant zijn incidenten geëvalueerd. 3. Sterke informatiepositie − De CaCo heeft op de meldkamer de rol van informatiemanager vervuld. − Er is gestart met een dagelijkse multi-briefing vanuit de Caco voor alle kolommen. − De meldkamer heeft een eigen veiligheidsbeeld bijgehouden, in aanvulling op het veiligheidsbeeld van de veiligheidsregio’s. − De pilot virtuele assistent is uitgevoerd.
− De informatievoorziening van de meldkamer kwam tot stand in wisselwerking met de vijf veiligheidsregio’s, op basis van hun bekendheid met verzorgingsgebied en inzetpotentieel. − Er is gewerkt aan afstemming en wisselwerking tussen de meldkamer en veiligheidsregio’s ten behoeve van de planvorming; Hier liggen nog wel verbetermogelijkheden die n.a.v. de 1e evaluatie van de MKON-MKBM (zie hierna) naar voren zijn gekomen. − Medewerkers hebben niet alleen meldingen aangenomen en eenheden gealarmeerd, maar hebben burgers en hulpverleners ook voorzien van handelingsperspectieven en andere relevante informatie. − De interne en externe communicatie over uitrukken en incidenten is door de veiligheidsregio’s zelf uitgevoerd. Overig − Er is gestart met de eerste jaarevaluatie van de nieuwe meldkamer. Doel is om met name de uitgangspunten en afspraken uit het organisatieplan te toetsen aan de dagelijkse praktijk. Pagina 21 van 108
− − −
Deze evaluatie maakt deel uit van een serie van drie. Per evaluatie zal de nadruk op andere elementen liggen. Het concept rapport van de 1e evaluatie wordt begin 2025 opgeleverd; daarna komt een vervolgtraject voor uitvoeren aanbevelingen. De MKON heeft aangesloten bij ontwikkelingen en vernieuwingen in de regio’s daar waar deze impact hebben op de meldkamer. Zo is eind 2024 onderzoek naar mogelijke overgang van de ZCC’s Arnhem-Nijmegen naar MKON in gang gezet. De MKON heeft geparticipeerd in de landelijke doorontwikkeling van het meldkamerdomein. Binnen de MKON zelf blijft de samenwerking met de andere diensten (politie, ambulance) onderwerp van aandacht en verbetering.
Wat heeft het gekost? Alle kosten van de primaire meldkamerorganisatie MKON-MKBM en de daarvoor benodigde bedrijfsvoering door VNOG worden gedragen door de vijf veiligheidsregio’s op basis van een vaststaande eerder bepaalde verdeelsleutel die gebaseerd was op het inwoneraantal als objectieve verdeelmethodiek. De bijdrage van de veiligheidsregio’s en de kosten verlopen via de VNOG-begroting. De financiële risico’s worden op basis van de gehanteerde verdeelsleutel verdeeld over de deelnemende partijen. Met VNOG zijn afspraken gemaakt voor de verwerking in de begroting, en daarmee voor de verrekening, van de (structurele en incidentele) kosten van ondersteunende taken op het gebied van onder andere HRM en Financiën. Programma
L/B
4.0 MON
Baten
3.533.000
Begroting na wijziging 2024 3.733.275
3.809.423
76.148
Lasten
4.739.000
5.349.075
5.026.199
-322.876
Saldo
-1.206.000
-1.615.800
-1.216.776
399.024
-1.206.000
-1.615.800
-1.216.776
399.024
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
391.400
351.400
40.000
359.024
-359.024
391.400
-7.624
-399.024
391.400
-7.624
-399.024
voordeel
nadeel
nadeel
-1.206.000
-1.224.400
-1.224.400
0
nadeel
nadeel
nadeel
Totaal saldo baten en lasten
Begroting 2024
Realisatie 2024
Verschil 2024
Mutaties reserves 4.0 MON
Onttrekkingen Toevoegingen Saldo
Saldo reserves
Resultaat
In de jaarrekening (hoofdstuk 6) is een verdere specificatie van de financiële begroting en realisatie per programma opgenomen. Pagina 22 van 108
Programma:
5. Directie en Control
Programmahouder:
dhr. A.J.M. Heerts
Welke Opgaven voeren Directie, Control en Staf primair uit? Directie, Control en Staf zijn verantwoordelijk voor alle Opgaven van VNOG en dragen zorg voor de ondersteuning van bestuur, directie en management. Dit betreft met name strategisch beleidsadvies, controle op het proces van planning en control, kwaliteit van besluitvorming en advisering over interne en externe communicatie. Wat hebben we bereikt? Opgaven 0 t/m 4 (alle opgaven) − Het behalen, borgen en evalueren van de in de Toekomstvisie beschreven opdrachten binnen de daarvoor beschikbaar gestelde middelen. − Het informeren van het bestuur, de directeur en het management over de mate van besturing en beheersing in de organisatie. o Dit is tot uiting gekomen in de schriftelijke voorstellen en informatienota’s, maar eveneens in het mondeling toelichten tijdens raads- en bestuursvergaderingen. − Het versterken van de relatie en samenwerking met de gemeenteraden en de colleges. − Het verder werken aan een verbeterde (financiële) transparantie door het toelichten van ontwikkelingen tijdens eerder genoemde vergaderingen, maar ook door bijvoorbeeld het organiseren van een bijeenkomst voor financieel ambtenaren en AOV’ers van de gemeenten op een werklocatie van VNOG. − Het verder versterken van de interne beheersing door middel van visitaties, het uitvoeren van audits, het toetsen van voorstellen resp.
besluiten op uitvoerbaarheid resp. uitvoering en het adviseren van directie en bestuur. Zo is een start gemaakt met het opstellen van een Visie op kwaliteitszorg. Dit vloeit enerzijds voort uit het in de Wet Veiligheidsregio’s genoemde kwaliteitszorgsysteem, maar draagt primair bij aan een kwalitatieve organisatorische ontwikkeling. Wat hebben we ervoor gedaan? Directie: − Heeft gestuurd op de ontwikkeling van de organisatie, dat onder meer blijkt uit: o Begeleiding van het traject naar 1-post Apeldoorn, zie nadere toelichting in paragraaf 4.6., onderdeel ‘huisvesting’. o De doorontwikkeling van het vorige organisatieontwikkelprogramma (‘De Expeditie’) in het programma VNOGinBeweging! Dit richt zich op het versterken van de toekomstbestendigheid, omgevingsbewustheid en wendbaarheid en weerbaarheid van de medewerkers en de organisatie. o Het verder vorm geven van kwaliteitszorg binnen VNOG. − Heeft innovatie gestimuleerd door: o Het inrichten van een integrale werkorganisatie (Proeftuin) voor de ondersteuning van het Informatie-gestuurd werken binnen de VNOG. Resultaten hiervan zijn onder meer de ontwikkeling van het natuurbrandvoorspellingsmodel en de ontwikkeling van de VIK-app. Deze app geeft een overzicht van de risico’s in de regio.
o Het faciliteren van start ups voor het aandragen van oplossingen voor vraagstukken bij VNOG, zoals de vraag hoe we onze oude veiligheids- en uniformkleding in een andere vorm, en/of functie van de materialen kunnen inzetten. − Heeft verwachtingen tussen medewerkers, posten, het MT en het bestuur afgestemd door: o Het bevorderen van overleg tussen MT en teamleiders; o Een frequent overleg tussen directeur en Ondernemingsraad; Pagina 23 van 108
Ondersteunen van bestuurders bij bestuursvergaderingen; Het voorstel voor het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie bestaande uit raadsleden te bespreken met griffiers uit de regio. Het voorstel ligt momenteel voor bij de gemeenteraden. Heeft de realisatie van de Toekomstvisie-Opdrachten gemonitord en eventueel bijgestuurd; o Eind 2023 resteerden nog 10 opdrachten uit de Toekomstvisie die tot en met 2026 loopt. Hiervan zijn er in 2024 5 afgerond binnen de daarvoor beschikbaar gestelde middelen. De eind 2024 nog lopende opdrachten zijn opgenomen in het nieuwe beleidsplan 2025-2028, zodat één meerjarig strategisch plan resulteert. Een verdere toelichting op de voortgang van de Toekomstvisie staat in paragraaf 4.9. Heeft alle raden in de regio bezocht om toelichting te geven op en informatie op te halen over het nieuwe beleidsplan 2025-2028. o o
−
−
Control: − Heeft over de uitvoerbaarheid van voorstellen aan het Management Team en bestuursorganen geadviseerd en toegezien op (het beleggen van) de evaluatie van de genomen besluiten; − Heeft verder invulling gegeven aan het in de Wet veiligheidsregio’s genoemde kwaliteitszorgsysteem, door het stimuleren (vanuit de gedachte van een adequate Kwaliteitszorg) van de vastlegging van relevante processen en de beoordeling van de geleverde kwaliteit van de organisatie door het lijnmanagement; − Heeft de visitatie aan VNOG in het kader van de Wet veiligheidsregio’s gecoördineerd. De in het intern opgestelde reflectieverslag beschreven drie thema’s vormden de leidraad voor de gesprekken door de visitatiecommissie. De commissie heeft aangegeven dat we op de goede weg zijn en belangrijke stappen hebben gezet. De aanbevelingen en aandachtspunten die zij in het visitatierapport heeft verwerkt, zijn intern uitgelopen; − Heeft zitting gehad in de visitatiecommissie en visitaties uitgevoerd uit bij andere veiligheidsregio’s waarbij een onafhankelijk advies wordt geven op gestelde organisatorische vragen. De samenwerking met en het elkaar informeren over gezamenlijke thema’s bij veiligheidsregio’s is hierbij een belangrijk uitgangspunt; − Heeft bij externe audits in het kader van de Planning & Control cyclus geadviseerd.
Indicatoren: hoe hebben we dit gemeten? Tweemaal per jaar zijn de prestaties op de Opgaven / een aantal doelstellingen gemeten via indicatoren op de prestatiekaart. De prestatiekaart staat in bijlage 3 van deze jaarstukken. Wat heeft het gekost? Programma
L/B
5.0 Directie en control
Baten
Begroting 2024
Begroting na wijziging 2024 152.000
Realisatie 2024 263.347
Verschil 2024 111.347
Lasten
972.500
1.269.500
1.287.591
18.091
Saldo
-972.500
-1.117.500
-1.024.244
93.256
-972.500
-1.117.500
-1.024.244
93.256
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
-972.500
-1.117.500
-1.024.244
93.256
nadeel
nadeel
nadeel
voordeel
Totaal saldo baten en lasten
Mutaties reserves 5.0 Directie en control
Onttrekkingen Toevoegingen Saldo
Saldo reserves
Resultaat
Pagina 24 van 108
In de jaarrekening (hoofdstuk 6) is een verdere specificatie van de financiële begroting en realisatie per programma opgenomen.
Pagina 25 van 108
Programma:
6. Bedrijfsvoering
Programmahouder:
dhr. J. Joon
Welke Opgaven voert Bedrijfsvoering primair uit? 3. Sterke informatiepositie 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers Wat hebben we bereikt? 3. Sterke informatiepositie Een goede informatiepositie van alle belanghebbenden (intern, bestuur, samenleving). De informatievoorziening is betrouwbaar, weerbaar en ‘bij de tijd’ ingericht. 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers a. We hebben een solide financiële positie en gewerkt aan een rechtmatige en transparante financiële huishouding. b. De facilitering van organisatie en medewerkers op gebied van huisvesting, services en projecten is verder geoptimaliseerd. c. We hebben onze medewerkers richting, ruimte en vertrouwen gegeven om zich te ontwikkelen en resultaten te behalen, die burgers, bestuur en partners van VNOG vragen. Wat hebben we ervoor gedaan? 3. Sterke informatiepositie.
Team Informatie van BV: − heeft gezorgd voor goed functionerende ICT-systemen en verstoringen opgelost; − is een VNOG brede afdelingsgrens overstijgende samenwerking op het gebied van (operationele) informatievoorziening gestart in een “proeftuin”; − heeft ervoor gezorgd dat alle vrijwilligers (ca 1.400) een VNOG-account hebben gekregen, waarmee zij snel en op een veilige manier informatie kunnen benaderen; − heeft projecten in het kader van informatieveiligheid en -continuïteit uitgevoerd en aanbestedingen rondom informatiesystemen, programmatuur en hardware; − heeft gezorgd voor een goede archivering van stukken. Team Beleid & Communicatie van BV: − heeft bijgedragen aan de integraliteit en kwaliteit van beleids- en bestuursvoorstellen; − heeft verder gebouwd aan versterking van de raadsbetrokkenheid, waaronder meedenken over mogelijke oprichting van een raadsadviescommissie; − heeft bijgedragen aan het nieuwe regionaal beleidsplan en het besluitvormingstraject hiervoor begeleid. Daarbij heeft VNOG meegedacht over de gevolgen van het in 2024 extra actueel geworden thema van de weerbare samenleving en de rol voor VNOG hierbij. Zo was VNOG intensief betrokken bij de campagne ‘Denk vooruit’, die nu landelijk is opgepakt.
De weerbaarheid krijgt een vervolg in de komende beleidsperiode; − heeft een Continuïteitsplan opgeleverd voor verstoringen die de organisatie zelf raken; − heeft 24/7 de in- en externe communicatie (regulier en bij crises) gecoördineerd en verzorgd; − heeft content en communicatiemiddelen gemaakt, (door)ontwikkeld, beheerd en bewaakt. Zo is er op de website een nieuwe pagina voor evenementenorganisatoren gemaakt; − heeft een interne podcast voor medewerkers ingevoerd om kennisdeling te vergroten; − heeft toezicht gehouden op de privacy- en gegevensbescherming en hierover geadviseerd; − Er zijn verschillende DPIA’s uitgevoerd. Zie ook toelichting in paragraaf 4.6. en 4.8.