Ruimtelijke onderbouwing e250002439
Tekst van het document
In het plan zijn deze programma's verder uitgewerkt in maatregelen, in samenhang met economische, milieu- en maatschappelijke opgaven. Dit heeft geleid tot een integrale visie op de ontwikkeling van de provincie Gelderland. Waterschapsbeleid – Blauw Omgevingsprogramma 2022-2027 Waterschap Vallei en Veluwe In november 2021 is het Blauw Omgevingsprogramma (BOP) van waterschap Vallei en Veluwe vastgesteld. In dit plan is beschreven welke doelstellingen het waterschap nastreeft in de periode 20222027 en hoe zij die doelstellingen wil gaan halen. Het BOP is uitgewerkt in vijf verschillende doelen: • Waterveiligheid: Het waterschap werkt aan de bescherming van inwoners en het gebied tegen overstromingen. De waterkeringen voldoen aan de wettelijke normen. Bij het op orde houden Gemeente Ermelo November 2024
•
•
•
•
en brengen van waterkeringen wordt rekening gehouden met andere functies en waarden op en aan de dijk, zoals natuur en biodiversiteit, ruimtelijke kwaliteit en recreatie. Watersysteem: Het werken aan een toekomstbestendig en klimaatrobuust grond- en oppervlaktewatersysteem, dat passend is ingericht naar de veranderende gebiedswensen. Meer focus op ecologie en waterkwaliteit en de toenemende vervlechting van functies vraagt om een nieuwe kijk op waterbeheer. Daarbij is het waterschap zich bewust van de eindige maakbaarheid en het toenemend belang van bewustwording en acceptatie bij gebiedspartners. Wonen en zuiveren: Hier valt het hele proces onder van het verwerken van (extreme) neerslag en inzameling van stedelijk en industrieel afvalwater in bebouwd gebied, tot aan het lozen van effluent in het watersysteem. In het stedelijk gebied houden we water zoveel mogelijk lokaal vast en infiltreren het in de bodem door meer groen en water in de stad. Deze klimaatadaptatie bevordert de biodiversiteit en draagt bij aan het waterbewustzijn en het verhogen van de leefbaarheid. In samenwerkingsverbanden met gemeenten wordt gewerkt aan uitvoeren van klimaatadaptieve maatregelen en het verbeteren van het huidige watersysteem en rioolstelsel.
We werken aan het efficiënt onderhouden, optimaliseren en verduurzamen van bestaande installaties en streven naar circulariteit door terugwinning van energie en grondstoffen. Circulaire economie: Waterschap Vallei en Veluwe wil in 2050 volledig circulair zijn. We dragen daarin actief bij aan de transitie naar een regionale, circulaire economie. Het Beleidskader Circulaire Economie is hierbij het vertrekpunt. Dat betekent een omwenteling in de manier waarop wordt omgegaan met grondstoffen, samenwerkingen en leefomgeving. Energietransitie: Waterschap Vallei en Veluwe is het eerste energieneutrale waterschap in Nederland. In 2050 winnen wordt alle energie uit hernieuwbare bronnen en is de CO 2-uitstoot met 95 procent verminderd. Nu wordt gestreven naar een klimaatpositieve bijdrage aan de leefomgeving. Daarmee wordt bedoeld dat de uitstoot van broeikasgassen minimaliseren, compenseren en/of opslaan in bodem of biomassa.
Deze vier thema's zijn uitgewerkt in verschillende deelgebieden, waarmee de doelstellingen vertaald zijn in concrete opgaven en maatregelen. Deze doelstellingen vinden onder andere een doorwerking in de beschikbare instrumenten van het waterschap; verordening, legger, communicatie en stimuleringsmiddelen. Het plangebied valt onder het deelgebied ‘Noord-Veluwe’. De watertoets Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. Het doel van de watertoets is waterbelangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van Rijk, provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. De toets omvat het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de in ruimtelijke plannen voorkomende waterhuiskundige aspecten. Via de digitale watertoets is beoordeeld of en welke waterbelangen voor het plan relevant zijn. Onderzoek Ten behoeve van voorliggend plan is de digitale watertoets ingevuld, zie bijlage 6. Hieruit volgt dat de korte procedure gevolgd kan worden. Dit betekent dat het plan een beperkte invloed heeft op het watersysteem. Waterschap Vallei en Veluwe heeft een uitgangspuntennotitie opgesteld. In navolgende paragraaf is beschreven hoe daarin voor dit plan is voorzien.
Het waterschap vraagt om in het plan met de volgende drie aandachtspunten rekening te houden: Vasthouden - bergen - afvoeren Een belangrijk principe is dat een deel van het hemelwater binnen het plangebied wordt vastgehouden en/of geborgen en dus niet direct afgevoerd wordt naar de riolering of het oppervlaktewater. Hiermee wordt bereikt dat de waterzuiveringsinstallatie beter functioneert, verdroging wordt tegengegaan en piekafvoeren in het oppervlaktewater (met eventueel wateroverlast in benedenstrooms gelegen gebieden) wordt voorkomen. Bij lozing op oppervlaktewater zal hiervan een melding gedaan moeten worden bij het waterschap. Dit plan betreft slechts het planologisch toekennen van 41 appartementen binnen het plangebied. Binnen het plangebied is voldoende ruimte voor hemelwater om direct te infiltreren in de bodem of voor berging op eigen terrein met een wadi of infiltratiekratten. In de aanvraag omgevingsvergunning voor de bouw van de woningen zal hier een nadere invulling aan worden gegeven. Gemeente Ermelo November 2024
Grondwaterneutraal bouwen Om grondwateroverlast te voorkomen adviseert het waterschap om boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) te ontwerpen. Dit betekent dat aspecten zoals ontwateringsdiepte en infiltratie van hemelwater, beschouwd worden ten opzichte van de GHG. Het structureel onttrekken/ draineren van grondwater is geen duurzame oplossing en moet worden voorkomen. Het waterschap adviseert de initiatiefnemer dan ook om voorafgaand aan de ontwikkeling een goed beeld te krijgen van de heersende grondwaterstanden en GHG. Eventuele grondwateroverlast is in eerste instantie een zaak voor de betreffende perceeleigenaar. Dit plan betreft slechts het planologisch toekennen van 41 appartementen binnen het plangebied. In de aanvraag omgevingsvergunning voor de bouw van de woningen zal nadere invulling worden gegeven hoe boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) wordt gebouwd. Schoonhouden – Scheiden – schoon maken Om verontreiniging van bodem, grond- en/of oppervlaktewater te voorkomen is het van belang dat het afstromende hemelwater niet verontreinigd raakt. Dit kan door nadere eisen/ randvoorwaarden te stellen aan bijvoorbeeld de toegepaste (bouw)materialen. Wij vragen de initiatiefnemer om duurzame bouwmaterialen te gebruiken. De gemeente kan u hiermee verder helpen.
In de aanvraag omgevingsvergunning voor de bouw van de woningen zal nadere invulling worden gegeven met welke materialen gebruikt worden bij de bouw van de appartementen. Grondwaterfluctuatiezone Daarnaast raakt het plangebied een grondwaterfluctuatiezone. Hiervoor dient rekening te worden gehouden met de verwachtte stijging van de grondwaterstanden in de grondwaterfluctuatiezone. Dit is een zone langs de flanken van het Veluwemassief, waar de grondwaterstanden naar verwachting op termijn zullen stijgen. Afhankelijk van de verwachtte stijging kan het raadzaam zijn daar nu rekening mee te houden, om toekomstig grondwateroverlast te voorkomen. Afstemming met de provincie Gelderland is vereist om te bepalen wat dit voor het plan betekent. In de aanvraag omgevingsvergunning voor de bouw van de woningen zal nadere invulling worden gegeven hoe wordt omgegaan met de Grondwaterfluctuatiezone en zal afstemming worden gezocht met de provincie Gelderland. Te treffen maatregelen Nadere uitwerking voor het vasthouden - bergen - afvoeren van hemelwater, grondwaterneutraal bouwen, schoonhouden – scheiden – schoon maken hemelwater en omgaan met de grondwaterfluctuatie wordt aangeleverd bij de aanvraag omgevingsvergunning bouw van de appartementen. Regels Er zijn geen regel van toepassing.
5.2.12 Natuur Wettelijk kader Doelen van de Omgevingswet zijn onder meer de natuurbescherming en het beheer van ecosystemen (artikel 2.1, lid 3, onder h en o) en natuurgebieden (artikel 2.1, lid 3, onder h en q). De bescherming van habitats (en soorten) is geregeld in afdeling 3.7 en afdeling 4.4 (programma's natuur) Bkl. Soortenbescherming In de Omgevingswet (Bal; Besluit activiteit leefomgeving) is de soortenbescherming in Nederland geregeld. In de wet zijn lijsten opgenomen met beschermde soorten. In de Omgevingswet worden drie verschillende beschermingsregimes gehanteerd waaraan verschillende verbodsbepalingen zijn gekoppeld: • Soorten Vogelrichtlijn (Artikel 11.37 t/m Artikel 11.40 Bal); • Soorten Habitatrichtlijn (Artikel 11.46 t/m Artikel 11.48 Bal); • Andere Soorten (Artikel 11.54 Bal). Gemeente Ermelo November 2024
Een flora- en fauna-activiteit kan nadelig zijn voor bijvoorbeeld natuurbescherming. Iemand die dat weet of kan weten, moet zich altijd houden aan de specifieke zorgplicht bij het verrichten van de activiteit (artikel 11.27, Bal). De specifieke zorgplicht geldt bij alle dier- en plantensoorten, dus bij (inter)nationaal beschermde soorten én bij andere soorten. De soortenbescherming kan met behulp van de volgende tools worden getoetst: • Quickscan ecologie; • Aanvullend onderzoek specifieke soorten; • Werkprotocol/ontheffing/activiteitenplan. Gebiedsbescherming Het gebiedsbeschermingsdeel van de Omgevingswet heeft als doel het beschermen van Natura 2000gebieden (Vogelrichtlijn- en/of Habitatrichtlijngebieden) in Nederland. Projecten die significante gevolgen voor deze gebieden kunnen hebben, zijn in beginsel – zonder vergunning – niet toegestaan. Ook het vaststellen van plannen is niet toegestaan, indien het betreffende plan significante gevolgen kan hebben voor Natura 2000-gebieden. Naast directe effecten (bijv. ruimtebeslag), dient ook gekeken te worden naar indirecte effecten als gevolg van externe werking (bijv. door geluid, licht en stikstofdepositie). De eerste stap in de toetsing is vaak een voor toets. Als significante gevolgen in de voor toets niet op voorhand met zekerheid kunnen worden uitgesloten, dan is een passende beoordeling noodzakelijk.
In dat geval is voor een project een Omgevingsvergunning noodzakelijk. Doelen van de Omgevingswet zijn onder meer de natuurbescherming en het beheer van ecosystemen (artikel 2.1, lid 3, onder h en o) en natuurgebieden (artikel 2.1, lid 3, onder h en q). De bescherming van habitats (en soorten) is geregeld in afdeling 3.7 en afdeling 4.4 (programma's natuur) Bkl. De gebiedsbescherming wordt getoetst aan de hand van de volgende punten: • Ligging projectlocatie ten opzichte van beschermde gebieden; • Eventuele effecten op Natura 2000; • Eventuele effecten op NNN, GNN, GO; • Beschermde houtopstanden. Stikstofdepositie Conform het overgangsrecht van de Omgevingswet (Ow) blijven de regels van artikel 5.5a van de Wet natuurbescherming (Wnb) gelden tot een bij koninklijk besluit te bepalen datum (artikel 22.20, Ow). Na deze datum moet stikstof worden gemonitord als omgevingswaarde. Onderzoek In februari 2024 is het veldbezoek uitgevoerd voor de quickscan natuurtoets op de locatie Wethouder Balverszaal. Voor de uitvoering van het plan is een omgevingsplanwijziging vereist. Volgens de natuurwetgeving moet vooraf worden getoetst of de geplande activiteiten conflicteren met beschermde natuurwaarden.
In deze quickscan zijn de effecten getoetst aan de Omgevingswet met betrekking tot: • Soortenbescherming • Natura 2000-gebieden • Houtopstanden • Natuurnetwerk Nederland (NNN) Tevens wordt advies gegeven over groen- en natuurinclusief bouwen volgens het beleid van gemeente Ermelo. Soortenbescherming • Flora: Tijdens het veldbezoek zijn geen plantensoorten aangetroffen waarvoor een vergunningplicht geldt. Op basis van de aangetroffen soortensamenstelling, de terreingesteldheid en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2024) worden deze soorten ook niet verwacht. • Zoogdieren: o Vleermuizen: Mogelijke verblijfplaatsen in de spouwmuur van de sporthal. Hiervoor is nader onderzoek uitgevoerd, zoals te zien is in bijlage 8. Hieruit blijkt dat er met de sloop van de sporthal geen rustplaatsen worden verstoord van de vleermuis. Daarnaast tast het plan geen essentiële vliegroutes of foerageergebied aan.
Gemeente Ermelo November 2024
Eekhoorn, kleine marterachtigen, Overige zoogdieren: Het nemen van vervolgstappen ten aanzien van verblijf- of foerageergebied van eekhoorn, kleine marterachtigen en overige zoogdieren is in het kader van de Omgevingswet niet aan de orde. Vogels: o Geen jaarrond beschermde nesten aanwezig (van huismus en gierzwaluw, en overige vogels. Het nemen van vervolgstappen ten aanzien van foerageergebied van huismus is in het kader van de Omgevingswet niet aan de orde. o Vervolgstappen zijn voor vogels zonder jaarrond beschermde nesten niet aan de orde, mits rekening wordt gehouden met het broedseizoen. Amfibieën: In het plangebied zijn geen wateren aanwezig waardoor voorplanting door amfibieën binnen het plangebied wordt uitgesloten. Indien de werkzaamheden uitgevoerd worden zonder voorbereiding, kan niet uitgesloten worden dat een beschermd amfibieën gedood wordt. Ook worden mogelijk vaste (winter)rustplaatsen van een beschermd amfibie beschadigd of vernield. Voor de beschermde amfibieënsoorten, die een vaste (winter)rustplaats in het plangebied bezetten, geldt een vrijstelling van de verbodsbepaling ‘beschadigen/vernielen van vaste rust- en voortplantingsplaats’. Er geldt geen vrijstelling voor het opzettelijk doden van amfibieën.
Om te voorkomen dat beschermde dieren gedood worden dient het werkterrein natuurvrij gemaakt te worden, zodat deze dieren op eigen beweging vertrekken of dienen ze weggevangen te worden (en elders losgelaten). Indien er zorgvuldig gehandeld wordt, worden er geen beschermde dieren gedood en leidt uitvoering van de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties. Overige soorten: Op basis van de terreinkenmerken, habitateisen en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2024) worden in het plangebied geen (vaste) verblijfplaatsen verwacht van vissen, reptielen en ongewervelden waarvoor een omgevingsvergunningplicht geldt.
Wel is (mogelijk) de specifieke zorgplicht van toepassing Specifieke zorgplicht: Bij het verwijderen van groenelementen/bosschages: o wordt rekening gehouden met broedende vogels door buiten het broedseizoen te werken; o vooraf de werkzaamheden de te verwijderen vegetatie kort gemaaid wordt (met de hand) en de strooisellaag wordt weggehaald in de minst kwetsbare periode om het gebied onaantrekkelijk te maken voor egels en andere grondgebonden zoogdieren en amfibieën; o vinden werkzaamheden plaats in een traag tempo, in één werkrichting, van zuid naar noord, zo-dat aanwezige fauna de tijd krijgt om te vluchten (richting te behouden singels); o wordt na het snoeien van houtige gewassen minimaal één nacht gewacht met vervolgwerkzaamheden zodat grondgebonden dieren uit zichzelf naar overgebleven bosschages kunnen trekken. Overige maatregelen: o Werken bij daglicht wordt als uitgangspunt genomen o Het groen dient zoveel mogelijk te worden ontlast door machines, bouwketen en afgegraven grond zoveel mogelijk te plaatsen op de parkeerplaats of op het voetbalveldje (na beschermen van veld met platen). o
•
•
•
•
Gebiedsbescherming • Natura 2000: Het plangebied ligt buiten een Natura 2000-gebied, op 440 meter afstand van de Veluwe. Negatieve effecten zijn uitgesloten, behalve voor stikstofdepositie, waarvoor aanvullend onderzoek nodig is. • Natuurnetwerk Nederland (NNN): Het plangebied ligt op 440 meter afstand van het NNN. Geen negatieve effecten verwacht, geen vervolgstappen vereist. Houtoptanden De bomen in het plangebied vallen onder de gemeentelijke bebouwingscontour, waardoor rijksregels voor houtopstanden niet van toepassing zijn. Gemeentelijke regels kunnen echter wel van kracht zijn.
Gemeente Ermelo November 2024
Natuurinclusief bouwen Voor vergroening en biodiversiteitsbevordering kunnen de volgende maatregelen worden geïmplementeerd: • Installatie van vleermuiskasten, huismus- en gierzwaluwkasten • Plaatsen van een waterschaal • Aanbrengen van een groen dak • Plaatsen van grasbetontegels op de parkeerplaats • Aanleggen van een geveltuin met inheemse planten • Meer groen aanleggen (bomen en struiken) • Afkoppelen van water, aanleggen van een wadi • Aanleggen van een bloemrijke tuin met een insectenhotel • Tuinen geschikt maken voor egels Deze maatregelen dragen bij aan de leefbaarheid en biodiversiteit van het gebied. Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning voor de bouw van de appartementen zal nader beschreven worden welke maatregelen worden genomen om natuurinclusief te bouwen. Stikstofdepositie De rapportage Stikstof voor dit plan is als bijlage 9 bijgevoegd, evenals de AERIUS berekeningen voor de ontwikkelfase (bijlage 9a) en gebruiksfase (bijlage 9b). De activiteiten in de ontwikkelfase leiden gezamenlijk tot een Nox-emissie van 5,5 kg/jaar en een NH3 emissie van 0,1 kg/jaar. Het uitvoeren van de voorgenomen activiteit gedurende de ontwikkelfase, leidt niet tot een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebied. Het resultaat van de AERIUSberekening voor de ontwikkelfase is als bijlage 9a toegevoegd.
De activiteit in de gebruiksfase leidt tot een Nox-emissie van 6,6 kg/j en een NH3-emissie van 0,4 kg/j. Het uitvoeren van de voorgenomen activiteit gedurende de gebruiksfase, leidt niet tot een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebied. Het resultaat van AERIUS-berekening voor de gebruiksfase is als bijlage 9b toegevoegd. Te treffen maatregelen Specifieke zorgplicht: Volg de voorzorgsmaatregelen zoals vastgelegd in paragraaf 3.6 en documenteer dit in een logboek of ecologisch werkprotocol. . Regels Er zijn geen regels van toepassing 5.13 Duurzaamheid Wettelijk kader Doelen van de Omgevingswet zijn onder meer het tegengaan van klimaatverandering, het beheer van geobiologische en geothermische systemen en ecosystemen en het beheer van natuurlijke hulpbronnen (artikel 2.1, lid 3, onder i, o en p Ow). Met het oog op die doelen moet het plan aan het omgevingsaspect duurzaamheid worden getoetst. In artikel 22.52 Omgevingsplan gemeente Ermelo zijn regels op het gebied van energiebesparende maatregelen opgenomen. Onderzoek Onderliggend plan draagt bij aan deze doelen van de Omgevingswet, want de woningen worden volgens de meest duurzame regels gebouwd conform het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Het Bbl kent voor energiezuinigheid een functionele eis: het bijna energieneutraal zijn van een bouwwerk (artikel 4.148, lid 1).
Te treffen maatregelen Er zijn geen te treffen maatregelen Regels Er zijn geen regels van toepassing. Gemeente Ermelo November 2024
5.14 Gezondheid Wettelijk kader Doel van de Omgevingswet is ook het beschermen van de gezondheid (artikel 2.1, lid 3, onder b). In lid 4 benadrukt de wet dat bij het stellen van regels met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in ieder geval rekening gehouden met het belang van het beschermen van de gezondheid. Met het oog op dit doel kan de gemeente Ermelo in haar omgevingsplan ten aanzien van gezondheid omgevingswaarden vaststellen. Deze omgevingswaarden zijn op dit moment nog niet vastgesteld. Onderzoek Onderliggend plan draagt bij aan dit doel van de Omgevingswet. Zoals gebleken uit voorgaande paragrafen heeft het (planologisch) toestaan van 41 appartementen binnen het plangebied geleid tot een effectieve toedeling van functies aan locaties. Waar nodig zijn onderzoeken uitgevoerd om dit te onderbouwen. Er zijn verder geen bijzonderheden die de gezondheid van bewoners/gebruikers in gevaar brengen. Onderliggend plan draagt daarmee bij aan dit doel van de Omgevingswet. Te treffen maatregelen Er zijn geen te treffen maatregelen. Regels Er zijn geen regels van toepassing.
Gemeente Ermelo November 2024
6. Beperkingengebied Een beperkingengebied is een breed verzamelbegrip en wordt in de Omgevingswet gedefinieerd als een gebied dat bij of krachtens de wet (door Rijk of provincie) is aangewezen, waar vanwege de aanwezigheid van een werk of object, regels gelden over activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor dat werk of object. De Omgevingswet verplicht Rijk en provincie om beperkingengebieden aan te wijzen, zoals zones rond wegen, hoofdspoorwegen, waterkeringen, rijkswegen en vaarwegen. Binnen deze beperkingengebieden stelt de provincie eisen aan aanduidingen, informatieborden en uitwegen. Kortgezegd zijn dit de gebieden rondom wegen en waterstaatswerken waar beperkingen gelden. Dit betekent dat er beperkingen gelden voor activiteiten van derden, ter plaatse van de weg of het waterstaatswerk als ook in de daaraan grenzende (beschermings)zones. Een beperkingengebied is in feite wat nu de (beschermings)zones onder de huidige wetgeving zijn en in veel gevallen omvat het beperkingengebied ook de locatie van de weg of het waterstaatswerk of object zelf. Toets initiatief aan beperkingengebied Het plangebied valt niet binnen een beperkingengebied. Het ligt niet binnen een zone van wegen, hoofdspoorwegen, waterkeringen, rijkswegen en vaarwegen. Hierdoor gelden de bovengenoemde beperkingen niet voor het plangebied.
Gemeente Ermelo November 2024
7. Uitvoerbaarheid De bepaling over de uitvoerbaarheid uit het Besluit ruimtelijke ordening komt onder de Omgevingswet niet terug. De gemeente hoeft niet meer aannemelijk te maken dat een toegedeelde functie er ook zal komen. De gemeente geeft in haar omgevingsplan aan dat een functie op een zekere locatie ‘kan’ komen. Nu moet de gemeente veel mogelijkheden onderzoeken die feitelijk nooit gerealiseerd zullen worden. De Omgevingswet maakt het mogelijk dat onderzoek gefaseerd kan worden. Pas als zich een concreet, binnen de toegedeelde functie passend, initiatief aandient wordt onderzocht 'hoe' dat op een aanvaardbare wijze gerealiseerd kan worden. Dit heeft als voordeel dat de onderzoekslasten omlaag kunnen. De gemeente moet wel onderzoeken of ontwikkeling op de betrokken locatie in beginsel mogelijk is. Bij een Bopa die voldoende concreet is, moet de uitvoerbaarheid wel worden aangetoond. 7.1 Economische uitvoerbaarheid 7.1.1 Financieel economische uitvoerbaarheid In deze paragraaf wordt getoetst of de betreffende ontwikkeling niet evident onuitvoerbaar is. Vastgesteld moet kunnen worden dat er geen financieel-economische redenen zijn waardoor het op voorhand aannemelijk is dat de ontwikkeling niet uitgevoerd kan worden.
In gevallen waarin een ontwikkeling alleen gerealiseerd kan worden met een financiële bijdrage vanuit de gemeente, dan wordt in deze paragraaf een passage daarover opgenomen. Ten eerste zal worden beoordeeld of een ontwikkeling binnen een redelijke termijn uitvoerbaar is, gelet op de aard en omvang van de voorziene ontwikkeling en het gebied waar deze ontwikkeling is voorzien. Ten tweede zal worden beoordeeld of deze ontwikkeling binnen die redelijke termijn financieel haalbaar is, en zo ja, hoe de gemeenteraad dat inzichtelijk heeft gemaakt. De nieuwe onuitvoerbaarheidstoets leidt tot minder mogelijkheden voor het gemeentebestuur om een bestemming te weigeren, omdat deze niet uitvoerbaar zou zijn. Toets initiatief aan het aspect Financiële uitvoerbaarheid De ontwikkeling is binnen een redelijke termijn uitvoerbaar is, gelet op de aard en omvang van de voorziene ontwikkeling en het gebied waar deze ontwikkeling is voorzien. Het plan betreft het planologisch toestaan van 41 appartementen, verdeeld over twee bouwblokken, in de vorm van sociale huurwoningen. De vraag naar sociale huurwoningen in Ermelo is groot, waardoor de woningen voldoende waarde hebben om de financieel economische haalbaarheid te kunnen garanderen.
De ontwikkeling is binnen redelijke termijn financieel haalbaar, omdat de gemeenteraad heeft bepaald dat een anterieure overeenkomst wordt afgesloten met de initiatiefnemer. Daardoor hoeft er geen exploitatieplan vastgesteld te worden en is de economische uitvoerbaarheid van het project verzekerd. 7.1.2 Kostenverhaal In deze paragraaf wordt toegelicht of er sprake is van nieuwe kostenverhaalplichtige activiteiten die met de BOPA worden mogelijk gemaakt en zo ja, op welke wijze het kostenverhaal verzekerd is. Kostenverhaal is aan de orde, indien de BOPA nieuwe kostenverhaalplichtige activiteiten (bouwplan onder de Wro) mogelijk maakt. Onderstaande activiteiten zijn kostenverhaalplichtig: a. de bouw van een of meer gebouwen met een woonfunctie; b. de bouw van een of meer hoofdgebouwen anders dan gebouwen met een woonfunctie; c. de uitbreiding van een gebouw met ten minste 1.000 m2 bruto-vloeroppervlakte of met een of meer gebouwen met een woonfunctie; d. de bouw van een gebouw dat geen hoofdgebouw als bedoeld onder b is, met ten minste 1.000 m2 bruto-vloeroppervlakte; e. de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen met andere gebruiksfuncties dan een woonfunctie tot gebouwen met een woonfunctie, mits het ten minste tien woonfuncties betreft; of f.
de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen met andere gebruiksfuncties dan een kantoorfunctie, een winkelfunctie of een bijeenkomstfunctie voor het verstrekken van consumpties voor het gebruik ter plaatse tot gebouwen met een of meer van deze gebruiksfuncties, mits de cumulatieve bruto-vloeroppervlakte van de nieuwe gebruiksfuncties ten minste 1.500 m2 bedraagt. Gemeente Ermelo November 2024
Toets initiatief aan het aspect Kostenverhaal Deze Bopa maakt een nieuwe kostenverhaalplichtige activiteit planologisch mogelijk. De kosten voor de ontwikkeling van 41 appartementen binnen het plangebied zijn volledig voor Uwoon. Zij nemen met het initiatief het risico. Bij de aanvraag omgevingsvergunning voor de bouwactiviteiten betreft het een nieuwe kostenverhaalplichtige activiteiten. Het kostenverhaal zal in de toekomst door middel van een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer van de kostenverhaalplichtige activiteit worden verzekerd. 7.1.3 Nadeelcompensatie De verlening van een omgevingsvergunning voor de sloop van de sporthal en de bouw van de 41 appartementen, is een nadeelcompensatierisicoanalyse opgesteld. De nadeelcompensatie voor wat betreft de planvorming en bouw worden afgestemd met de gemeente. Eventuele planschade is voor de rekening van Uwoon. 7.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.2.1 Participatie en belangenafweging Bewoners en omwonden zijn in het gehele proces meegenomen door middel van bijeenkomsten, nieuwsbrieven, een website1 en gesprekken tussen de gemeente Ermelo en enkele omwonenden. In deze paragraaf staat het proces van participatie beschreven. 1e inloopavond Op 24 mei 2024 is het participatieproces voor de herontwikkeling van de Balverszaal gestart. Op deze avond heeft de eerste inloopavond plaatsgevonden in het wijkontmoetingscentrum.
Aanleiding voor deze avond was de intentieovereenkomst tussen Uwoon en de gemeente Ermelo om op de locatie van de Balverszaal woningbouw te realiseren. Aan de hand van projectborden, ingericht met verschillende thema’s en de uitgangspunten van het project, konden belangstellenden hun mening geven. De reacties van de belanghebbenden waren verschillend. Bij de eerste avond waren er 3 projectposters opgehangen: Een poster Woningen, een poster Groen en een poster Parkeren. Hierop konden de bewoners hun mening over geven, en eventuele wensen doorgeven. Poster Woningen: • Iedereen wil een balkon • Zorgen voor eenvormig aanzicht (door o.a. overal zelfde zonnescherm) • Zorgen om verkeersdrukte Groenling • Andere opstelling woonblokken Poster Groen: • Behoud groen(strook) (oostzijde) • Extra groen toevoegen • Ontmoetingsplek jong en oud • Voetbalveld/speelplaats • Realisatie pad Eksterstraat naar Volenbeekweg • Behoud waardevolle bomen • Voorkomen aantrekken verkeerde groepen bij speelvoorziening Poster Parkeren: • Extra parkeerplekken i.v.m. volle parkeerplekken Groenling/Eksterstraat/Arendlaan • Toevoegen fietsenstalling • Zorgen voor voldoende verlichting • Parkeren mag ook voor/naast de gebouwen • Parkeren in het groen 2e inloopavond Op 18 juni 2024 was de tweede inloopavond in het wijkontmoetingscentrum.
Op deze avond zijn verschillende varianten gepresenteerd, waar belangstellenden hun mening konden geven. Een groot deel van de bezoekers was ook de eerste inloopavond aanwezig. De feedback uit de 1 e avond is verwerkt in de getoonde varianten. Een vierde bouwlaag is acceptabel, vooral als dit leidt tot extra groen (en sport en spelruimte) en parkeerruimte. Het behoud van de olifantenpaadjes vanaf de 1
Nieuwbouw Balverszaal in Ermelo - Uwoon
Gemeente Ermelo November 2024
Eksterstraat en het eenduidige aanzicht kan nog worden meegenomen. Een aantal belangstellenden vindt 40 sociale huurwoningen aan de hoge kant en hebben twijfels over de grootte van het projectgebied. Variant E De oppervlakte van de gebouwen wordt als passend ervaren en de ruimte voor sport en spel wordt gewaardeerd. De hoogte van 4 wordt acceptabel gevonden. Enkele belanghebbenden geeft aan dat het westelijke gebouw te dicht op de Groenling staat. Daarnaast wordt het ontbreken van extra parkeerplekken als een gemis gezien. Enkele bewoners vinden dat 44 woningen te veel is. Variant F Belanghebbenden waarderen dat er ruimte is voor extra parkeerplaatsen. Een aantal belanghebbenden zijn echter niet positief over het rond kunnen rijden. Daarnaast wijzen enkele bewoners erop dat dat er extra bomen worden gekapt. Ook vinden enkele belanghebbenden dat het westelijke gebouw te dicht op de Groenling staat. Verder wordt de ruimte voor sport en spel gewaardeerd. Hoogte van 3 bouwlagen voor het oostelijke gebouw is gewenst. 3e inloopavond Op dinsdag 17 september was de 3e inloopavond. Ook deze bijeenkomst was georganiseerd bij het wijkontmoetingscentrum. Tijdens deze bijeenkomst is zijn de bouwmodellen uit het principeplan gepresenteerd.
Op deze plannen waren de volgende reacties van de belanghebbenden: • Er is duidelijk te zien dat er is geluisterd naar de meningen uit de 1 e en 2e bijeenkomst. • Fijn dat de gebouwen iets verder van de Groenling zijn gesitueerd. • Mooi dat de olifantenpaadjes zijn behouden, zodat fietsers en wandelaars makkelijk o.a. naar het sportveld kunnen. • Fijn dat er ruimte is voor extra parkeerplekken zonder dat je hierbij moet rondrijden. • Een aantal omwonenden zijn het niet eens met de uitgangspunten (aantal woningen en projectgebied) en zijn van mening hierover ook geparticipeerd had moeten worden. • Een deel van de bewoners geeft aan graag betrokken te blijven bij de planuitwerking (architectuur en planologie, als ook de verdere uitwerking van het openbaar groen, parkeren en sportveld). Als conclusie van dit hoofdstuk kan worden gesteld dat er tijdens dit project aandachtig is geluisterd naar de meningen van belanghebbenden en dat waar mogelijk wensen zijn meegenomen in de planvorming. Ook de gemeente Ermelo is tijdig geïnformeerd. De sloop van de uit functie geraakte sporthal en nieuwbouw van 41 sociale huurappartementen op deze locatie sluit aan op de behoefte naar 2-kamer en 3-kamer appartementen binnen de regio Noord-Veluwe.
Uit voorgaande hoofdstukken en gelet op de participatie kan geconcludeerd worden dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De afweging van alle betrokken belangen is meegenomen in de planvorming. 7.2.2 Advies en instemming Er zijn verschillende gevallen aan te wijzen waarvoor bindend advies van de gemeenteraad nodig is, voor zover het gaat om een BOPA waarvoor de uitgebreide voorbereidingsprocedure volgens afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is of wordt verklaar. In dit geval is er geen sprake van bindend adviesrecht van de gemeenteraad Ermelo volgens de criteria uit de vastgestelde lijst. De activiteit past binnen de doelen van het omgevingsplan en/ of (overige) door de gemeenteraad gestelde kaders, omdat het hier 41 appartementen in twee bouwblokken betreft binnen de bebouwde kom. Echter, de gemeenteraad heeft richtinggevend advies gegeven over de verdere uitwerking van het project. Zodra het stedenbouwkundig ontwerp is vastgesteld, worden koopovereenkomst en het ruimtelijk plan in procedure gebracht, waarna de omgevingsvergunning kan worden aangevraagd. 7.2.3 Vaststellingsprocedure In dit onderdeel zal worden toegelicht welke procedure (regulier of uitgebreid) van toepassing is. Ook wordt ingegaan op de participatieplicht en het adviesrecht van de raad. Gemeente Ermelo November 2024
Reguliere procedure In dit geval is er sprake van de reguliere procedure. Er is geen instemming van een bestuursorgaan nodig. Dit betekent dat er een beslistermijn geldt van acht weken. Het is mogelijk de beslistermijn eenmalig met zes weken te verlengen. Het is mogelijk om bezwaar te maken tegen de beschikking en om vervolgens beroep en/of hoger beroep in te stellen. Uitgebreide procedure In dit geval is er geen sprake van de uitgebreide procedure. 7.2.4 Bezwaar en beroep De mogelijkheid van bezwaar komt alleen in de reguliere procedure voor. Het bezwaar dient ingediend te worden bij het bevoegd gezag dat het besluit heeft genomen. Wanneer iemand het niet eens is met het besluit op dat bezwaar, kan hij of zij nog in beroep gaan. In de uitgebreide procedure is bezwaar niet nodig. Daar bestaat namelijk de mogelijkheid om zienswijzen tegen het ontwerpbesluit in te dienen. In een beroepsprocedure geeft de rechter een oordeel over een besluit van het bevoegd gezag. In beginsel zal de rechtbank zich hierover buigen. Daarna kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtsspraak van de Raad van State. In bijlage 2 artikel 2 van de Algemene wet bestuursrecht staan besluiten opgenomen waarbij er geen beroepsmogelijkheid is. Belanghebbende kunnen eventueel ook een voorlopige voorziening vragen tegen een omgevingsvergunning.
7.3 Vergunningen en handhaving 41 appartementen in twee bouwblokken Er wordt toegestaan dat in totaal 41 appartementen mogelijk zijn binnen het plangebied: • Zeventien woningen in gebouw 1; • Vijftien woningen in gebouw 2; • Parkeren binnen het plangebied; Inrichting vindt plaats conform inrichtingsplan of gelijkwaardig, nadere uitwerking wordt bij de aanvraag omgevingsvergunning voor de bouw aangeleverd. Voor de appartementen geldt de maatvoering maximale bouwhoogte van 13 meter voor het westelijke woonblok (vier lagen) en 10 meter voor het oostelijke woonblok (drie lagen). Berging vindt plaats in de bouwblokken, bijgebouwen mogen daarom niet gebouwd worden. Gemeentegrond De inrichting van het plangebied wordt door de gemeente Ermelo gedaan. Deze grond is ook van de gemeente Ermelo. De twee woonblokken zijn in eigendom van Uwoon. Nadere stukken bij aanvraag omgevingsvergunning bouw Nader onderzoek voor archeologie en vleermuizenonderzoek, natuurinclusief bouwen, definitieve inrichting terrein en gebouwen. De nadere uitwerking van het terrein zal met waterschap worden overlegd voor de aanvraag omgevingsvergunning bouw. Dan zal ook de toets bij Welstand plaatsvinden.
Gemeente Ermelo November 2024
Bijlagen Bijlage 1 Inrichtingsplan Bijlage 2 Archeologisch onderzoek Bijlage 3 Akoestisch onderzoek wegverkeer Bijlage 4 Bodemonderzoek Bijlage 5 Onderzoek Externe veiligheid Bijlage 6 Watertoets Bijlage 7 QuickScan Flora & Fauna Bijlage 8 Vleermuizenonderzoek Bijlage 9 Stikstofrapportage Bijlage 9a Projectberekening ontwikkelfase Bijlage 9b Projectberekening gebruiksfase Bijlage 10 Nadeelcompensatierisicoanalyse
Gemeente Ermelo November 2024