Notulen gemeenteraad d.d. 21 mei 2026
Tekst van het document
En dat ga ik ook niet op papier aan u toevertrouwen, zodat u daar wel of niet in beslotenheid kennis van gaat nemen. Want dat vind ik … Dat is aan mij toevertrouwd en dat heb ik nodig om mijn werk te kunnen doen, maar dat is niet bedoeld om daar de nationale geschiedschrijving mee te dienen. Voorzitter, laatste vraag. Als ik kijk naar het verschil informatie en
proces, mijnheer Van Vessem had het daar nog over, de burgemeester, dat zit inderdaad dan in taalgebruik. Ik heb niet meer en niet minder gedaan als de burgemeester bijgepraat over mijn stand van zaken. Ik ben begonnen met inventariserende gesprekken. Ik heb me georiënteerd op het vraagstuk. En dat leidt tot een aantal acties. En een daarvan was ook aan de burgemeester, en dan hebt u in het rapport gelezen. Dan heb je dingen vanuit de verantwoordelijkheid die de burgemeester heeft, openbare orde, veiligheid of anderszins, die van belang kunnen zijn, die je mee wil geven aan de onderhandelende partijen. En datgene wat de burgemeester aanreikt, zal ik ook, voor zover dat kan, maar dat is aan de burgemeester vooral ook om dat te bewaken, gewoon delen in mijn rapportage met u. Openbaarheid, transparantie, openheid, eerlijkheid, allemaal van dat soort termen hoor ik wel veel in dit huis, maar soms ook wel wat slordig. Omdat men de ene term gebruikt en men lijkt in de context te bedoelen iets anders. Misschien wel goed om dat soort terminologie ook zuiver te gebruiken, om ook het politieke debat, dat toch al ingewikkeld is, ook te helpen richting oplossing van vraagstukken in plaats van in woordenspelletjes belanden van, maar ik bedoelde dat, maar ik zei dat. Het viel mij wel op. Wilde ik toch ook nog maar even kwijt als een kleine observatie.
Ik heb volgens mij voor nu in de tweede lijn daarmee antwoorden gegeven. De voorzitter: Volgens mij heeft u nog één punt van de heer Van Vessem overgeslagen. Maar misschien kunt u dat zelf even … De heer Van Vessem, Nieuwe Lijn. De heer Van Vessem: Ik doe het even vanaf de plek, als het mag. Ik heb de vraag gesteld, u heeft het een aantal keren gehad over een formatieproces, terwijl u aangesteld bent als informateur. Ik vraag me even af of u daar nog een goed antwoord op heeft. De voorzitter: De heer Bos. De heer Bos: De opdracht zoals die op papier is toevertrouwd, gaat over onderzoek of er een samenwerking is en een coalitievorming een coalitieakkoord kan ontstaan. Daar ben ik mee bezig. En welk etiket u daarop plakt, vind ik minder interessant. De voorzitter: De heer Van Vessem. De heer Van Vessem: Dat kan mijnheer Bos inderdaad wel vinden en dat is op zich prima. Ik vind het juist wel interessant. Want volgens mij is de opdracht dat we een informateur aan hebben gesteld en geen formateur Dan blijf je toch bij de vraag waarom dat nu al een formatieproces is. Een formatieproces is na een informatiefase. Daar toch even graag een echt antwoord. De voorzitter: Mijnheer Bos.
De heer Bos: Voorzitter, voordat ik een hele exegese ga geven over het onderscheid formatie, informatie, dat soort dingen, ben ik graag toe bereid, maar laten we dat op een ander moment in andere context doen. Op het moment dat gevraagd wordt, onderzoek of er een coalitie te vormen is met deze vijf partijen en onderzoek of daar een coalitieakkoord uitkomt, dat doe ik. En dat is in een motie een informatieproces genoemd. Ik denk dat dat veel meer het karakter heeft van feitelijk een doorlopende opdracht. Maar welk etiket, nogmaals, u daar als raad op wil plakken, als ik buiten mijn boekje ga, dan hoor ik dat graag van de raad, maar tot nu toe heb ik dat niet begrepen. En dan nog één opmerking, voorzitter, over de 22 e, de uitnodiging voor morgen. Voorzitter, het was nu juist de bedoeling van mij om op korte termijn aan u de mogelijkheid te bieden om met mij om tafel te gaan. Niet om u te overvallen, niet om te zeggen van, maar waar dan, wanneer en dan moet ik maar zien wanneer die afspraak ontstaat. Morgen is een eerste gelegenheid. Lukt u dat morgen niet en u wilt
wel van die gelegenheid gebruikmaken, geef dat aan, dan zoeken we een ander moment om daarover met elkaar te spreken. Ik heb juist geprobeerd in het proces zoveel mogelijk voortgang te creëren en zoveel mogelijk duidelijkheid te creëren en te voorkomen dat we in allerlei procesafspraken belanden van, wanneer ga ik met wie spreken? Vind ik een beetje zonde van mijn tijd. En vandaar het zo alvast in mijn rapportage. Nogmaals, op een ander moment, ik ben beschikbaar binnen zekere grenzen. De voorzitter: Dank u wel voor de wederom uitgebreide toelichting en verhelderend op de vragen die er in ieder geval leefden. Volgens mij hebben we in twee termijnen goed met elkaar gesproken over dit tussenproduct eigenlijk, want dat is het toch wel. En ik denk dat iedereen die erbij betrokken is, met name de heer Bos, veel succes toewensen om dit ook tot een afronding te krijgen. En dan hopen we hem ook hier weer te mogen ontvangen. 11. Sluiting De voorzitter: Ik sluit de vergadering op 22.05 uur. Dank u wel.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 18 juni 2026 de voorzitter,
de griffier,
dr. T.C.M. Horn
J.T.J.J. van Zwam