CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

362930 008 210728 BH4028 F50 ontwerptoelichting Apeldoorn-Epe DEF

Gemeenteraad 17 februari 2022, gemeente EpeBij agendapunt: Vlotte en veilige fietsroute F50 Apeldoorn - Epe33.681 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

F50 - Vlot en veilig fietsen tussen Apeldoorn en Epe

Project gerelateerd HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.

Jonkerbosplein 52 6534 AB NIJMEGEN Transport & Planning Trade register number: 56515154 +31 88 348 70 00 T +31 24 323 93 46 F reception.nij-jo@nl.rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W

Titel document: F50 - Vlot en veilig fietsen tussen Apeldoorn en Epe Ondertitel: Referentie: BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001 Status: P01.01/S0 Datum: 28 juli 2021 Projectnaam: Snelfietsroute F50 Apeldoorn-Epe Projectnummer: BH4028 Auteur(s): Wim van der Wijk Opgesteld door: W. van der Wijk, H. Zweers, C. ten Cate Gecontroleerd door: R. Huisman Goedgekeurd door: W. Smink Datum: 28 juli 2021 Classificatie Project gerelateerd

Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V. en dient voor publicatie of anderszins openbaar maken te worden geanonimiseerd. 28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

i

Project gerelateerd

Inhoud 1

Inleiding

1

1.1

Opgave en achtergronden

1

1.2

Doelstelling

2

1.3

Ontwerpproces met omgeving

2

1.4

Leeswijzer

3

2

De ambitie

4

2.1

Gebiedsopgave

4

3

De varianten

6

4

Ontwerpuitgangspunten

10

4.1

Omgevingsvriendelijk ontwerpen

10

4.1.1 4.1.2 4.1.3

Klankbordgroepbijeenkomsten Omgevingsgesprekken Praat Mee App

10 11 14

4.2

Kwaliteit fietsroute

15

4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.2.4 4.2.5

Dwarsprofielen Kruisingen Tunnels Verharding Overige aandachtspunten

15 18 19 21 21

4.3

Ruimtelijke kwaliteit

22

4.3.1 4.3.2 4.3.3 4.3.4 4.3.5

Landschappelijke inpassing Cultuurhistorische beleving Beekkruisingen Medegebruik en rustpunten Ecologische versterking

22 25 25 26 27

28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

iii

Project gerelateerd 4.3.6

Tunnels

30

4.4

Technische randvoorwaarden

30

5

Tracédeel Gemeente Apeldoorn: Variant Veluweflankroute

32

5.1

Apeldoorns kanaal

35

5.2

Stadhoudersmolenweg

36

5.3

Wenumseveldweg

38

5.4

Veldmaterweg

40

5.5

De Flesse

42

5.6

Aansluiting Spoorbaantracé

43

6

Tracédeel Gemeente Apeldoorn: Variant Baronnenlijn 2.0

46

6.1

Kruising Anklaarseweg

49

6.2

Apeldoorn Noord – Hommelbrink (Anklaarseweg-Hogekampweg)

50

6.3

Bebouwd buitengebied Wenum-Wiesel (Hogekampweg - Plasweideweg)

51

6.4

Wenum

52

6.5

Traject Wenumsche beek – Poelweg

56

7

Tracédeel Gemeente Epe; twee verschijningsvormen

59

7.1

Poelweg - Laan van Fasna

63

7.2

Kruising Laan van Fasna

65

7.3

Traject Laan van Fasna-Deventerweg

66

7.4

Kruising Deventerweg

68

7.5

Traject Deventerweg – Eekterweg

69

7.6

Kruising Eekterweg

73

7.7

Emst-Achterhegge (Eekterweg – Stationsweg)

76

7.8

Spoorstraat (Stationsweg – Brinkerweg)

79

7.9

Traject Brinkerweg – N309

81

28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

iv

Project gerelateerd 7.10

Tracévarianten Europalaan

87

8

Kostenraming

93

9

Conclusies en advies

94

9.1

Het belang van de fietsroute F50

94

9.2

Veluweflankroute versus Baronnenlijn 2.0

96

9.3

Tracévarianten in Epe

98

9.4

Advies

99

Bijlagen Ontwerptekeningen BH4028-TE-SO-6201 - F50-01 BH4028-TE-SO-6201 - F50-02 BH4028-TE-SO-6201 - F50-03 BH4028-TE-SO-6201 - F50-04 BH4028-TE-SO-6202 - F50 - Baronnenroute-01 BH4028-TE-SO-6202 - F50 - Baronnenroute-02 BH4028-TE-SO-6203 - F50 - Veluweflankroute-01 BH4028-TE-SO-6203 - F50 - Veluweflankroute-02 BH4028-TE-SO-6203 - F50 - Veluweflankroute-03 BH4028-TE-SO-6205 - F50 - Principes-01 BH4028-TE-SO-6206 - F50 - Lengte profielen tunnels-1 BH4028-TE-SO-6207 - F50 K&L-01 BH4028-TE-SO-6207 - F50 K&L-02 BH4028-TE-SO-6207 - F50 K&L-03 BH4028-TE-SO-6207 - F50 K&L-04 BH4028-TE-SO-6207 - F50 K&L-05 BH6623-TE-VO-6201-F Europalaan Epe BH4028-TE-SO-6208 - F50 3e variant Epe-01 Zip-file naar de dwg-bestanden

28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

v

Project gerelateerd

Visie- en themakaarten legenda Landschap – natuur legenda rustpunten legenda versterken beken Themakaart Landschap - natuur-01 Themakaart rustpunten-01 Themakaart versterken beken-01 Visie-Baronnenroute-02 Visie-Veluweflankroute-02 Visualisaties Baronnenlijn-plasweideweg Brakerweg Eekterweg Principes bruggen Veluweflankroute - afbuiging spoorbaantracé Veluweflankroute-De Flesse Veluweflankroute-Wenumseveldweg Bovenaanzicht Brakerweg Bovenaanzicht Emsterenk Bovenaanzicht Papegaaiweg Bovenaanzicht Vaassen Bovenaanzicht Veluweflank Kostenraming SSK - Apeldoorn-Epe F50 - VO - v04 Reviewformulier - SSK Apeldoorn-Epe F50 VO - v03 Opgehaald uit de omgeving Alle presentaties, verslagen en ontvangen informatie

28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

vi

Project gerelateerd

1 1.1

Inleiding Opgave en achtergronden

De oostelijke flank van de Veluwe is een prachtig gebied met veel landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden. Waarden die mede zijn ontstaan door de ligging tussen de hoger gelegen Veluwe en de lager gelegen IJssel. Dorpen en steden hebben zich er ontwikkeld en ze zijn onderling verbonden door routes die van noord naar zuid lopen. Apeldoorn, Vaassen en Epe liggen op de flank. Tussen deze plaatsen wordt veel gefietst. Forenzen die naar hun werk gaan, maar ook scholieren en recreanten. Een gemêleerd gezelschap, naar motief, persoonskenmerken en gedrag. De potentie van het fietsgebruik in dit gebied is echter hoger, zeker voor de dagelijkse fietsers als er veiliger en vlotter doorgefietst kan worden. Een hoger fietsgebruik, als alternatief voor de auto, draagt bij aan grote maatschappelijke opgaven, zoals verduurzaming van de mobiliteit en bevordering van een gezonde(re) leefstijl. Verbetering van de veiligheid maakt het ook voor recreatieve fietsers aantrekkelijker om in dit gebied te fietsen. Hiervoor moet de kwaliteit van de voorzieningen voor fietsers verbeterd worden. Die kwaliteitsslag mag echter niet ten koste gaan van de landschappelijke, cultuurhistorische, natuurwaarden, leefbaarheid en/of nieuwe onveiligheid.

Het is dan ook de kans en de opgave om te zoeken naar een win-win situatie voor zowel gebruikers (lees: fietsers) als bewoners (lees: aanwonenden langs beoogde tracé). De actuele (maatschappelijke) opgaven gaan onder andere over het behouden en versterken van de bereikbaarheid en leefbaarheid van steden en dorpen, het versterken van landschappelijke structuren, duurzaam behoud van cultuurhistorische waarden, maar ook opgaven als bestrijding van hittestress als gevolg van de klimaatverandering en vergroten van de biodiversiteit. 28 juli 2021

Cleantech regio werkt samen met de partners Provincie Gelderland, Gemeente Apeldoorn en Gemeente Epe aan de integrale opgave om de waarden van het gebied te benutten en te versterken. Onderdeel daarvan is het streven naar een vlotte en veilige fietsroute, waardoor het dagelijkse fietsgebruik wordt gestimuleerd en een bijdrage wordt geleverd aan de maatschappelijke vraagstukken, zoals de landelijke en regionale klimaatdoelstellingen en de bereikbaarheid en leefbaarheid van de steden en dorpen. In de voorgaande jaren heeft de Cleantech regio verkenningen uitgevoerd naar mogelijke tracés voor de fietsroute tussen Apeldoorn en Epe. Het voorkeurstracé dat daaruit voort is gekomen, volgt het voormalige spoorbaantracé, met op onderdelen twee of drie varianten. Tussen Apeldoorn en Vaassen ligt een variant die door het agrarische gebied tussen het Apeldoorns Kanaal en de voormalige spoorbaan loopt. Deze variant wordt de Veluweflankroute genoemd. Het alternatief, de Baronnenroute, volgt over de gehele lengte het spoorbaantracé. In Epe, ten noorden van de provinciale weg N309, zijn drie varianten in beeld: de route over het voormalige spoorbaantracé, de route door de akkers ten oosten van het voormalige spoorbaantracé en de route via de Europalaan. De eerste schetsontwerpen die van de varianten waren gemaakt, zijn verder uitgewerkt.

Doel hiervan is te onderzoeken hoe de fietsroute, die voldoet aan de kwaliteitscriteria van een vlotte en veilige fietsroute, het beste in het landschap ingepast kan worden, waarbij de landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden maximaal benut en versterkt kunnen worden. De ruimtelijke kwaliteit staat centraal, waarbij het gaat om drie waarden: de belevings- gebruiks- en toekomstwaarde van het gebied voor zowel mens, plant als dier. Daarnaast worden voor- en nadelen van de tracévarianten goed zichtbaar, zodat een weloverwogen bestuurlijke afweging en keuze gemaakt kan worden.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

1

Project gerelateerd Cleantech regio heeft Royal HaskoningDHV opdracht gegeven de schetsontwerpen uit te werken in een voorlopig ontwerp. De opgave is de inpassing van een goed functionerende fietsroute op de beoogde tracévarianten, waarop de omgeving maximaal beleefd kan worden. Het is daarom geen lijnopgave, maar een gebiedsopgave. Vanuit de waarden van het gebied wordt de fietsroute ingepast. In dit rapport wordt het ontwerp toegelicht. De ontwerpkeuzes worden hierin verantwoord, kansen en risico’s geadresseerd en voor- en nadelen benoemd.

1.2

Doelstelling

Het doel van het voorlopig ontwerp van de fietsroute F50 tussen Apeldoorn en Epe is: ‘Door middel van een integrale gebiedsbenadering te onderzoeken of en zo ja hoe een goed functionerende, vlotte en veilige fietsroute kan worden ingepast. Huidige waarden in het gebied moeten daarbij worden gerespecteerd en waar mogelijk versterkt.’ Primaire waarden hebben betrekking op landschap, cultuurhistorie en natuur, maar ook andere waarden en belangen zijn beschouwd, bijvoorbeeld van (agrarische) bedrijfsvoering, omwonenden en recreatief medegebruik. Waar waarden worden aangetast zijn mogelijkheden voor compensatie beschouwd. De kwalitatieve eisen die gesteld worden aan een vlotte en veilige fietsroute zijn als randvoorwaarde in het ontwerp meegenomen. Op locaties waar die randvoorwaarde knelt met de gebiedswaarden is zorgvuldig afgewogen of en zo ja hoe plaatselijk afgeweken kan worden van de eisen.

28 juli 2021

1.3

Ontwerpproces met omgeving

Het ontwerpproces van de fietsroute F50 is gekenmerkt door een open en transparante aanpak. Zeker in de beginfase is veelvuldig gecommuniceerd met diverse betrokkenen, om de waarden van het gebied zo volledig mogelijk te inventariseren en een compleet beeld te krijgen van sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen die door één of meerdere partijen gevoeld werden en worden. Gedwongen door de omstandigheden als gevolg van de Covid-19 pandemie heeft de participatie met de omgeving hoofdzakelijk in digitale vorm plaatsgevonden. De vormen van participatie waren divers, om zoveel mogelijk mensen te bereiken die zich betrokken voelen bij de fietsroute. En om iedereen die dat wilde de kans te geven zich over de plannen voor de fietsroute uit te spreken. Dat is op drie verschillende manieren vorm gegeven: • Via de klankbordgroep • Door omgevingsgesprekken te voeren met (afvaardigingen van) direct betrokkenen; • Via de Praatmee App – waar iedereen kon reageren op de waardenkaart. In paragraaf 3.3 worden de invulling, de uitkomsten en de uitgangspunten die dit heeft opgeleverd verder toegelicht.

Technisch is het ontwerpproces begeleid door de projectgroep F50, waarin de Cleantech regio samenwerkt met de betrokken gemeentes Apeldoorn en Epe en Provincie Gelderland, ondersteund door vertegenwoordigers van de Fietsersbond en op gezette tijden met de waardevolle input van diverse organisaties, die evenzovele, meer of minder specifieke belangen behartigen.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

2

Project gerelateerd

1.4 •

• •

•

• • •

• • •

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt de ambitie beschreven die de Cleantech regio, provincie en gemeenten gezamenlijk hebben, met de opgave om een fietsroute tussen Apeldoorn en Epe te realiseren. In hoofdstuk 3 worden de beide varianten die zijn onderzocht – de Baronnenroute en de Veluweflankroute – toegelicht. Hoofdstuk 4 bevat de integrale uitgangspunten voor de routes. Hierin zijn de uitgangspunten opgenomen met betrekking tot de ruimtelijke kwaliteit, de kwaliteit van de fietsroute en de punten die vanuit de omgeving zijn opgehaald. In hoofdstuk 5, 6 en 7 worden de Voorlopige Ontwerpen nader toegelicht. De varianten Baronnenroute en Veluweflankroute zijn beiden uitgewerkt tot een Voorlopige Ontwerp. De varianten hebben een eigen tracé tussen Apeldoorn (Anklaarseweg) en de Poelweg, ten zuiden van Vaassen. Noordelijk ervan, op het grondgebied van Gemeente Epe, hebben beide varianten hetzelfde tracé over het oude spoorbaantracé. Daar kent de fietsroute één verkeerskundige oplossing, maar kan deze twee verschijningsvormen hebben, afhankelijk van de gekozen identiteit van de route (zie hoofdstuk 2): is de cultuurhistorisch beleving van de Baronnenlijn leidend, of heeft de beleving van de landschapskenmerken de voorkeur? In hoofdstuk 5 wordt het ontwerp van de Veluweflankroute tussen Apeldoorn en de Poelweg toegelicht. In hoofdstuk 6 volgt de toelichting op het ontwerp van de Baronnenroute.

In hoofdstuk 7 wordt het traject in de gemeente Epe voor beide varianten toegelicht, waarbij de verschillen tussen beide verschijningsvormen nadrukkelijk aan de orde komen. In hoofdstuk 8 wordt de kostenraming van de route met daarin de verschillende tracédelen en varianten besproken. De rapportage wordt afgesloten met een advies om te komen tot een keuze. Naast dit rapport is een managementsamenvatting opgeleverd, welke is gebaseerd op dit rapport.

28 juli 2021

De leesbaarheid van sommige (fragmenten van) ontwerptekeningen, kaarten en visualisaties die in dit rapport zijn opgenomen is beperkt. Voor de leesbaarheid hiervan wordt verwezen naar de separaat meegeleverde tekeningen en afbeeldingen. Hierbij worden tevens ontwerpen en illustraties aangetroffen die niet in dit rapport zijn opgenomen.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

3

Project gerelateerd

2

De ambitie

•

2.1

Gebiedsopgave

•

Een lijnopgave als een gebiedsopgave beschouwen is niet vanzelfsprekend. De betrokken overheden zien echter een grote meerwaarde in deze aanpak omdat het meerdere (maatschappelijke) doelen dient.

Verhogen van de belevingswaarde van het gebied voor zowel de fietsers als de mensen die in het gebied wonen, werken en recreëren; Vormgeving van de fietsroute als een herkenbare entiteit, maar wel ondergeschikt aan het landschap.

In de voorgaande jaren zijn een Landschapsvisie (Eelerwoude, september 2017) en Landschapsplan fietsroute Apeldoorn-Vaassen (Eelerwoude, december 2019) opgesteld. De visie grijpt terug op de situatie ten tijde van de aanleg van de spoorbaan. Het autonome, beeldbepalende karakter van de lijn werd afgezwakt door een sterk landschappelijk raamwerk, waarbinnen de verschillende landschapstypen die door de spoorbaan werden doorsneden herkenbaar waren. Het landschap was leesbaar. In de huidige situatie is het landschappelijk raamwerk afgezwakt, doordat landschapselementen zijn verdwenen als gevolg van ontwikkelingen in zowel landelijk als stedelijk gebied. In de visie wordt er daarom voor gekozen de fietsroute op een ‘natuurlijke’ wijze onderdeel uit te laten maken van het landschap. Dit gebeurt door bij de inpassing bij te dragen aan het behoud en herstel van de verschillende landschappen en het verhogen van de belevingswaarde van het buitengebied. Het autonome karakter van de lijn wordt gezocht in zijn ononderbroken doorgaande karakter en rechtlijnigheid en subtiele vormgeving middels materiaal- en kleurgebruik. Onderdeel van de visie zijn ontwerpprincipes per landschap/deelgebied. De Landschapsvisie vormt een goede basis voor de ruimtelijke inpassing van de varianten van de fietsroute.

De kernopgaven betreffen: • Behoud en herstel van de landschappelijke waarden en karakteristiek, de cultuurhistorische en natuurwaarden; Ligging varianten fietsroute in afwisselend landschap

28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

4

Project gerelateerd Bouwen aan nieuwe historie Er wordt naast een herkenbare fietsroute ook ingezet op verbetering van de leesbaarheid en kwaliteit van het landschap waar de route doorheen snijdt. Dit betekent dat langs onderdelen van het oude spoorbaantracé bij voorkeur beplantingen worden verwijderd om bijvoorbeeld de openheid van een enk weer herken- en beleefbaar te maken. Het verwijderen van beplanting is echter niet overal gewenst, ofwel vanwege de betekenis ervan voor flora en fauna, ofwel vanwege de maatschappelijke waarde die het heeft, ofwel vanwege de bijdrage die het levert aan een fijne fietsroute (wind, hitte, etc.). Daarom wordt integraal afgewogen welke aanwezige beplantingen langs het oude spoorbaantracé behouden of herplant moeten worden. Daarnaast wordt vooral ingezet op versterking van het landschap aan weerszijden van de route. Dit kan in de vorm van herstel van houtwallen, hagen op kavelgrenzen en verdere verdichting van laanbeplanting. De ambitie om de leesbaarheid van het landschap te verbeteren blijft echter overeind.

Deze ambitie laat zich vertalen naar twee varianten: de ‘Baronnenroute’ en de ‘Veluweflankroute’. Idealiter wordt de keuze voor één van deze varianten ook voortgezet in noordelijke richting, waar de fietsroute tot Zwolle wordt doorgetrokken.

Het oude spoorbaantracé is grotendeels in gebruik als fietsroute. Tracédelen van de varianten worden ook gebruikt door gemotoriseerd verkeer, waaronder landbouwverkeer. De beleving en het medegebruik van de tracés is zorgvuldig in beeld gebracht. Daar waar mogelijk wordt medegebruik door andere vervoerswijzen (waaronder wandelen) niet gecombineerd op de fietsroute. Indien het past binnen het profiel van bijvoorbeeld het dijklichaam van het oude spoorbaantracé wordt een alternatief pad ingericht naast de fietsroute. Het dijklichaam blijft zo maximaal mogelijk in stand en wordt dan niet verbreed. Indien de beschikbare ruimte te beperkt is, dan wordt een alternatieve route nabij de huidige route gezocht voor het betreffende medegebruik. Bij menging van vervoerswijzen wordt zorgvuldig gezocht naar veilige oplossingen.

28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

5

Project gerelateerd

3

De varianten

De Baronnenroute – ‘Baronnenlijn 2.0’ De fietsroute ligt in deze variant op het tracé van de oude spoorbaan. Het ligt dan ook in de rede dat de oude spoorbaan de inspiratie vormt voor deze variant. Kernkwaliteiten van de oude spoorbaan zijn de rechtlijnigheid van het tracé, de afwisselende doorsnijdingen van beekdalen, enkgronden en ontginningsgebieden en de ligging op een dijklichaam in de lager gelegen gebieden en op maaiveld of licht ingesneden in de hoger gelegen delen. Historische elementen zoals de oude landhoofden bij de vele beekkruisingen vertellen het verhaal van de plek; ze verdienen het maximaal beleefd te worden. Veel oude bouwwerken zoals stations, haltes en wachtershuisjes zijn verdwenen. Ook is de herkenbaarheid of leesbaarheid van het landschap met diverse beeklopen sterk afgenomen. De open bermen van de spoorbaan zijn overwegend kruidenrijk en worden tegenwoordig begeleid door bomen die op natuurlijke, organische wijze versprongen staan. Bij de Wenumse enk komen nog relicten van schrale en kruidenrijke vegetaties voor. De belangrijkste en bijzondere natuurwaarden zijn verbonden aan de beken en het kleinschalige landschap. Bijzondere soorten zijn onder meer de beekprik, rivierdonderpad, libellen, kamsalamander, vleermuizen en das.

• • •

Eenduidige profielopbouw van de fietsroute, binnen de kaders van het dijklichaam van de spoorbaan; Kleurstelling van de fietsroute roodbruin, verwijzend naar spoorstaven; Vormgeving en materialisering van meubilair zoals zitelementen, rustpunten, lichtmasten en de bruggen(leuningen) geïnspireerd op de oude spoorbaan. Ook Andreaskruisen (of daarop geïnspireerde markeringsobjecten) bij kruispunten en eenduidige toepassing van informatiepanelen draagt bij aan de herkenbaarheid van de fietsroute.

De functie en verschijningsvorm van de route van weleer, wordt nieuw leven ingeblazen. De oude spoorbaan wordt in een ‘nieuw jasje’ gestoken, passend bij het huidige en toekomstige gebruik: de Baronnenlijn 2.0. Het omliggende landschap kan vanzelfsprekend niet achterblijven en krijgt een facelift. De bijbehorende natuurwaarden worden zo veel mogelijk behouden en versterkt. Kenmerkend voor de Baronnenlijn 2.0: • Ononderbroken doorgaande karakter, rechtlijnigheid en breedte van het profiel; • Constante hoogteligging, afhankelijk van het landschapstype waar de route doorheen gaat op maaiveld of op een dijklichaam; • De oude landhoofden bij de vele beekkruisingen; 28 juli 2021

Historisch beeldmateriaal Baronnenlijn (De spoorweg Apeldoorn – Hattemerbroek 18871972, Onno de Vries)

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

6

Project gerelateerd

Sfeerimpressie Baronnenlijn 2.0

Visiekaart Baronnenlijn 2.0

28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

7

Project gerelateerd

De Veluweflankroute De Veluweflankroute ligt ter hoogte van het stedelijk gebied van Apeldoorn parallel aan het Apeldoorns kanaal. Tussen Apeldoorn en Vaassen ligt de route in agrarisch gebied, waarbij veelal gebruik wordt gemaakt van bestaande wegen. Kenmerkend zijn de vele onverharde wegen, maar ook de afwisseling van landschapstypen waar de route doorheen loopt. De beken in combinatie met het agrarisch landschap zijn van belang voor bijzondere soorten waaronder beekprik, libellen en vleermuizen. Ter hoogte van de Poelweg wordt het oude spoorbaantracé weer opgepakt en loopt de Veluweflankroute over dit tracé verder in noordelijke richting. De Veluweflankroute kan op twee manieren worden uitgewerkt: 1. De Landschapsroute 2. De Kameleonroute Ad 1. De Landschapsroute De Veluweflankroute krijgt tussen Apeldoorn en Vaassen een eigen, nieuw tracé, terwijl de route vanaf Vaassen tot Epe het tracé van de oude spoorbaan volgt. Om van de fietsroute een herkenbare structuur en route in het landschap tussen Apeldoorn en Epe te maken, krijgt het een eenduidige vormgeving, zorgvuldig ingepast in het waardevolle landschap dat wordt gekruist. De identiteit voor de hele route wordt ontleend aan het landschap door in te zetten op maximale beleving van de verschillende landschapstypen.

Dit betekent dat langs onderdelen van de route beplantingen worden verwijderd om bijvoorbeeld de openheid van een enk weer herkenbaar en beleefbaar te maken. In de omgeving worden de landschapstypen versterkt door toevoeging van gebiedseigen landschapselementen en -structuren. Zo ontstaat zowel een duurzaam en robuust landschap als een toekomstbestendige fietsroute.

28 juli 2021

Kenmerkend voor de Landschapsroute: • Eenduidige profielopbouw van de fietsroute, bestaande uit twee karakteristieken: als fietsstraat of fietspad; • Kleurstelling van de fietsroute beige tint, verwijzend naar het zandlandschap. Het is een ingetogen kleur die de route een sterke eigen identiteit geeft. Bij de definitieve kleurkeuze moet rekening worden gehouden met voldoende onderscheidend kleurgebruik op kruisingen en met beheer en onderhoud; • Vormgeving en materialisering van meubilair zoals zitelementen, brug(leuningen), lichtmasten en informatiepanelen geïnspireerd op het landschap met toepassing van zoveel mogelijk natuurlijke uitstraling en toepassing van natuurlijke materialen zoals hout; • Rustpunten en elementen zoals markeringsobjecten bij kruispunten vormen verbijzonderingen langs de route. Het ontwerp van de rustpunten kan variëren, afhankelijk van de plek in het landschap waar deze staat. Markeringsobjecten geïnspireerd op Andreaskruisen komen alleen voor langs het tracé waar deze op de oude spoorbaan ligt. Ad 2. De Kameleonroute In deze optie reageert de fietsroute sterker op de omgeving en de historie. Dat betekent dat het tracé tussen Apeldoorn en Vaassen wordt ingericht conform de Landschapsroute. In dit tracé ligt de fietsroute in landelijk gebied.

Vanaf de fietstunnel onder de Laan van Fasna (daar waar de tunnel aan de zuidzijde begint) verkleurt het tracé; het profiel blijft gelijk, maar de kleur gaat over van de beige tint naar de roodbruine kleur. Op dit punt verandert de omgeving zodanig dat het een logisch moment is om de overgang vorm te geven. Lichtmasten en ‘Andreaskruisen’ bij kruispunten en vormgeving en materialisering van rustpunten, zitelementen, brugleuningen en informatiepanelen verwijzen naar de voormalige spoorfunctie. Ten noorden van Epe gaat de fietsroute verder richting Zwolle. Daar kan de route wederom verkleuren, als gevolg van de veranderingen in de omgeving en daarmee de karakteristiek en beleving van de route. Deze verkleuring is afhankelijk van het tracé dat er wordt gekozen.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

8

Project gerelateerd Voor de gebruiker van de fietsroute is het wenselijk om een herkenbare route te volgen. Daarom is ervoor gekozen de Veluweflankroute uit te voeren en vorm te geven als Landschapsroute. Er komt dus geen overgang in kleurverharding en vormgeving en materialisering van rustpunten en andere objecten langs de route.

Sfeerimpressie Landschapsroute

Visiekaart Veluweflankroute

28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

9

Project gerelateerd

4

Ontwerpuitgangspunten

In dit hoofdstuk worden algemene ontwerpuitgangspunten voor de fietsroute toegelicht vanuit de belangrijkste gebiedswaarden: landschap, cultuurhistorie en ecologie. Deze uitgangspunten bepalen de inpassing en vormen de basis voor de ontwerpen van de fietsroute en komen onder meer voort uit de input die betrokkenen uit de omgeving zelf gegeven hebben. De omgeving, de input vanuit deze omgeving en de beleving daarvan vormen het leidende perspectief voor het ontwerp. De benadering is integraal, vanuit een totaaloverzicht van gebiedswaarden. Dit hoofdstuk begint met alle informatie die uit de omgeving is opgehaald. Op die manier is er namelijk ook ontworpen: eerst ophalen, dan ontwerpen. Daarna volgt een toelichting van de eisen die aan de fietsroute gesteld worden om goed te kunnen functioneren en waarvoor de route beoogd is: vlot en veilig fietsen tussen Apeldoorn en Epe. Deze kwalitatieve eisen zijn randvoorwaardelijke ingrediënten voor beide routes; als daaraan niet (in voldoende mate) voldaan wordt schiet het resultaat zijn doel voorbij. Na de toelichting op de ontwerpuitgangspunten die de kwaliteit van de fietsroute en de ruimtelijke kwaliteit borgen wordt een aantal technische randvoorwaarden beschreven, die de ontwerpmogelijkheden beperken.

4.1

Omgevingsvriendelijk ontwerpen

Omgevingsvriendelijk ontwerpen vormt het uitgangspunt in dit ontwerpproces. Cruciaal daarvoor zijn de mensen die dagelijks betrokken zijn bij de fietsroute. Dit zijn de mensen die aan en rondom de route wonen, werken en recreëren. Voor de één is de route bijvoorbeeld zijn of haar achtertuin, voor de ander een belangrijke route voor het vee of een fijne plek om een rondje langs te wandelen. In het ontwerpproces zijn alle belangen opgehaald en zijn betrokkenen gehoord.

28 juli 2021

Dat wil overigens niet zeggen dat alle belangen zomaar in het ontwerp zijn verwerkt. Daarbij is altijd een integrale afweging voor nodig. De basis hiervoor vormt het werk dat al voor juni 2020 is verzet: er is in de SO-fase al veel informatie vanuit de omgeving opgehaald. Die informatie – onder andere uit de inspraakronde in maart 2020 (vastgelegd in het ‘Verslag van inspraak van 7 juli 2020 en raadpleegbaar via vlotveiligfietsen.nl) – is in deze fase op drie manieren aangevuld: 1. Klankbordgroepbijeenkomsten 2. Omgevingsgesprekken 3. Via de website vlotveiligfietsen.nl (Praat Mee App). Het doel hiervan is om de reacties te bundelen, op waarde te beoordelen en integraal te kunnen afwegen tot uitgangspunten en zo deze te kunnen verwerken in het ontwerp. En om op die manier te komen tot een zo gedragen mogelijk ontwerp dat waar mogelijk aansluit op de wensen vanuit de omgeving.

4.1.1

Klankbordgroepbijeenkomsten

De klankbordgroep voor dit project bestaat uit een afvaardiging van bewoners (Dorpsraad WWNNA, Emster Belang, Houd Wenum Groen, Wijkraad De Naald, Wijkraad Kerschoten, later toegevoegd is Landelijk Belang Wenum Wiesel, en Geen Verlenging Epe), natuurpartijen (IVN Apeldoorn, KNNV Epe-Heerde), landbouwsector (Cumela), veiligheidsdiensten (politie) en fietsers (Fietsersbond Apeldoorn, Fietsersbond Epe). De klankbordgroep voor de fietsroute Apeldoorn-Epe is in deze projectfase twee keer geraadpleegd. Daarnaast worden zij ook geraadpleegd om een reactie te geven op de ontwerpen die het product zijn van deze fase. Deze laatste reactieronde wordt vastgelegd en mee gegeven richting de besluitvorming. Eerste raadpleging: juli-augustus 2020 Deze eerste raadpleging heeft vanwege COVID-19 en de zomerperiode schriftelijk plaatsgevonden.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

10

Project gerelateerd Omdat de klankbordgroep ook in de eerdere fase is betrokken, is deze informatie gebundeld en gestructureerd voorgelegd aan elk klankbordgroeplid afzonderlijk. Daarbij is de vraag gesteld of dit de belangrijkste vraagstukken zijn en welke er mogelijk nog moeten worden toegevoegd. Hieruit zijn een aantal vraagstukken naar voren gekomen. De voornaamste vragen die naar voren zijn gekomen hebben betrekking op: • De verkeersveiligheid, waarbij in het bijzonder de huidige kruispunten al als onveilig worden ervaren. Wat betekent dit bij een toename van het aantal fietsers? • De impact van bepaalde routekeuzes op specifieke gebieden: o De route in en door Epe, met name op het Epense gedeelte bij de Europalaan, De Pal, de Leenhofweg en de aansluiting op de Kweekweg. o De Veluweflankroute en de mogelijke impact op de bedrijfsvoering. o De impact op het woongenot van anderen die aan de mogelijke route wonen. • De combinatie van verkeersstromen, zowel recreatief als dagelijks gebruik. Hoe combineren met medegebruik van bijvoorbeeld wandelaars (klompenpaden, hondenuitlaters), speedpedelecs, landbouwverkeer en vee. • Natuurwaarden, landschap en natuurcompensatie: Hoe wordt de route ingepast met respect voor flora, fauna en landschap? • De afweging van de benodigde investeringen tegenover de opbrengsten (Wat levert deze route op en voor wie?).

• De onderbouwing van de keuze voor deze geografische routevarianten. • Aandacht voor cultuurhistorische elementen en zo mogelijk versterken hiervan. • Kabels en leidingen onder en rondom het tracé. Tweede raadpleging: januari 2021 Op 21 januari 2021 is de klankbordgroep voor de tweede keer geraadpleegd. Via een digitale bijeenkomst is de opgehaalde

28 juli 2021

informatie uit de klankbordgroep, omgevingsgesprekken en de reacties op de waardenkaart (geanonimiseerd) gedeeld. Daarnaast zijn de eerste ontwerpen besproken. De voornaamste punten die hieruit naar voren gekomen zijn, zijn de volgende. Het verzoek van de klankbordgroep is om deze waar mogelijk op te nemen in het verdere ontwerpproces: • Een heldere voorrangssituatie voor alle verkeersdeelnemers op de kruisingen. • Een fietspad dat qua ontwerp, materialisering en kleurgebruik zo goed mogelijk past binnen de landschappelijke omgeving. • Aandacht voor de combinatie van verkeersstromen (medegebruik), ook in relatie tot snelheidsverschillen. • Een uitwerking die rekening houdt met de agrariërs aan de route, zowel qua vee als met het gebruik van gronden. • Aandacht voor de compensatie van groen: hoe en waar? • Aandacht voor de realiseerbaarheid van de verschillende varianten in relatie tot kosten en grondgebruik.

4.1.2

Omgevingsgesprekken

Er zijn vier Omgevingsgesprekken georganiseerd. Voor deze gesprekken en samenstelling is gekozen in nauw overleg tussen Cleantech Regio, gemeenten Apeldoorn en Epe en Royal HaskoningDHV. De Omgevingsgesprekken zijn bedoeld als aanvulling op de informatie uit het voorproces (voor juni 2020) en uit de klankbordgroep. De Omgevingsgesprekken zijn dan ook gericht op thema’s of gebieden die in het voorproces minder naar voren zijn gekomen. Voor alle Omgevingsgesprekken zijn de volgende afspraken gemaakt over het vervolgproces met de gesprekspartners: 1. De input uit de omgevingsgesprekken wordt sowieso toegevoegd aan de waardenkaarten; 2. De waardenkaarten worden openbaar gepresenteerd; 3. Dan start het ontwerpproces (met eventuele opties/varianten); 4. Daarna wordt dit ontwerp getoetst via de klankbordgroep en met een openbare inloopavond; BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

11

Project gerelateerd 5. Keuzes worden bestuurlijk voorgelegd inclusief de geluiden van klankbordgroep en bewoners op de openbare inloopavond. 1. Omgevingsgesprek Epe Datum van gesprek: 16 september 2020 Twee RHDHV-ers zijn in gesprek gegaan met de Kerngroep Geen Verlenging Epe. Hoofdpunten uit dit gesprek Als basis voor dit gesprek is de eerder door de bewonersgroep aangeleverde informatie gebruikt. De punten daaruit zijn besproken en aangevuld, met de punten die nog misten. Dit zijn de volgende punten: • De nut en noodzaak van het traject N309 – Kweekweg zonder zicht op vervolg; • Veiligheid; o Sociale veiligheid; o Verkeersveiligheid; Woongenot • o I.v.m. aanliggend industrieterrein; • Natuur/ecologie o Onduidelijkheid omtrent impact en compensatie. Daar heeft de Kerngroep Geen Verlenging Epe de volgende punten aan toegevoegd in het Omgevingsgesprek: • Eigenlijk weet je pas hoe je Epe in wilt, wanneer je weet hoe je Epe uit gaat. • Een fietspad dat grotendeels door tuinen gaat is sowieso onwenselijk, maar zeker bij de woningen aan De Pal die nauwelijks een tuin overhouden. • Er is sprake van geluidoverlast en stof vanuit het industrieterrein, dus laat de ‘bomenwal’ die een natuurlijke afscheiding vormt graag zo veel mogelijk in stand. • Er zijn twijfels bij de sociale veiligheid (diefstal, inbraak) bij een nieuwe route dicht achter de huizen langs.

Dit vraagt expliciet aandacht.

28 juli 2021

De Kerngroep Geen Verlenging Epe vraagt zich af of één van de volgende varianten niet een betere optie is en in hoeverre dit is onderzocht: 1. Langs de Meent en dan om Epe heen; 2. Aansluiting op de dorpenroute (langs de Brakerweg) en dan door de hoofdstraat; 3. Langs de geluidswal en dan over de hoofdstraat; 4. Over de Europalaan (fietsstraat); 5. Helemaal langs het kanaal (doorgaande route naar Heerde toe). Aanvullende vervolgafspraken RHDHV, gemeente Epe en Cleantech Regio hebben mede naar aanleiding van dit omgevingsgesprek een nadere studie laten doen naar de mogelijke doortrekking richting Heerde. Enerzijds is er gekeken naar de grote lijnen ten noorden van Epe richting Heerde. Anderzijds is er gekeken naar de mogelijke verbindingen door Epe zelf heen. Hierin zijn de door de Kerngroep voorgestelde varianten over De Meent, de Europalaan (twee subvarianten) en de oorspronkelijk getekende route vergeleken met elkaar. Daar is nog een variant aan toegevoegd, ten oosten van de oorspronkelijke variant, maar achter de tuinen langs. In een separaat onderzoek zijn de resultaten uitvoerig beschreven. Derhalve wordt verwezen naar dit separate onderzoek – Tracéstudie F50 Epe-Heerde – voor meer informatie. 2. Omgevingsgesprek Vaassen Datum van gesprek: 22 september 2020 Twee RHDHV-ers zijn in gesprek gegaan met een afvaardiging van betrokken bewoners van Vaassen.

Hoofdpunten uit dit gesprek Voor Vaassen is de fietsroute van en naar Epe en Apeldoorn erg belangrijk, mede omdat Vaassen zelf geen voortgezet onderwijs heeft. Veel ouders maken zich zorgen over de verkeersveiligheid.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

12

Project gerelateerd De verkeersveiligheid laat bij een aantal kruisingen te wensen over, zoals bij de Deventerstraat (rotonde Welkoop), Pastoorsweg en Eekterweg. Ook de sociale veiligheid van de route – die vaak als donker en onoverzichtelijk wordt ervaren – laat te wensen over op de huidige route. Veel ouders laten hun kinderen daarom fietsen over de Zwolseweg. Verder liggen er kansen rondom het Eekterveld, bereikbaar maken voor fietsers met een heldere route en het stukje langs de Laan van Fasna / voor de tennisvelden (brandweer). Tot slot wordt aangegeven dat de voormalige wattenfabriek, sprengen en beken mogelijk kans bieden om rondom de route meer aandacht aan te besteden. Aanvullende vervolgafspraken Geen aanvullende vervolgafspraken anders dan de afspraken die met alle gesprekspartners zijn gemaakt over het vervolgproces. 3. Omgevingsgesprek Veluweflankroute Datum van gesprek: 16 september 2020 Twee RHDHV-ers zijn in gesprek gegaan met een afvaardiging van aanwonenden van de Veluweflankroute, verenigd in Landelijk Belang Wenum Wiesel. Hoofdpunten uit dit gesprek • Belangrijk is dat de grondeigenaren tijdig worden geïnformeerd (en niet achteraf) over mogelijke plannen en hen als eerste te informeren. • Kans: Historische waarde verhogen, bijvoorbeeld bij de Wenumse watermolen (voormalig station) en andere cultuurhistorische waarden.

• Verzoek: Schakel met andere initiatieven waar de gemeenten bij betrokken zijn, zoals schaduwbomen, klompenpaden, e.d. • Vraag: Hoe verhouden de kosten, tijd en mogelijke procedures van het project zich tot de aantallen fietsers in beide varianten?

28 juli 2021

Veluweflankroute • De route hindert ernstig in de bedrijfsvoering. Dit gaat om drie elementen: 1. Gronden worden doorsneden door de fietsroute en dit hindert ernstig in de bedrijfsvoering en maakt veel uit voor hoe bruikbaar een perceel is. 2. Menging met groot verkeer op fietsroute: Dit is voor agrariërs onwenselijk, maar voor fietsers ook. Zeker in specifieke periodes (oogstseizoen, maaiseizoen) is er veel zwaar verkeer dat gebruikt maakt van de Veluweflankroute. 3. De wegen zijn noodzakelijk om met vee de percelen te bereiken. De momenten waarop dit nodig is overlappen met de spitsperiodes van de fietsroute. • De route wordt door verschillende groepen gebruikt. Vanuit de zorgboerderij, maar ook door andere recreanten (fietsers, wandelaars, hondenuitlaters). Het is wenselijk dat dit op een veilige manier mogelijk blijft. • Karakter van het gebied: er zijn meerdere grindwegen in het gebied, waarvan De Flesse er één is. Dit is een bewuste keuze om het karakter van het gebied te behouden Er zijn in de jaren ’70 zelfs wegen verhard, wat later weer is terug gedraaid. • Een mogelijk gevolg van deze route is de toename van zwerfafval, die impact heeft op de gezondheid van de dieren (met name vermalen blikafval (van scholieren) op koeien). • Bijzondere diersoorten: er leven onder andere steenuilen, kerkuilen en dassen langs de route. Hier moet rekening mee gehouden worden.

Baronnenroute • De verkeersveiligheid op de kruisingen met de oost-west georiënteerde wegen verdient aandacht. • Aandacht voor de afweging tussen natuur (donker) en sociale veiligheid (verlichting). • Idee: Stel je maakt een oost-west doorsteek vanaf het Apeldoorns Kanaal naar de Baronnenroute over (of nabij) de Hommel. Dit maakt de fietsroute zelfs korter. Wellicht is hier ook een andere doorsteek mogelijk, die minder grootschalig en kostbaar is. Stel je doet dit: Is dan de Veluweflankroute nog wel nodig?

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

13

Project gerelateerd •

Verzoek: Goede visualisaties zouden helpen om een eerlijk, genuanceerd beeld te geven van hoe de fietsroute eruit komt te zien.

Aanvullende vervolgafspraken Op vrijdag 2 oktober 2020 is een afvaardiging van de projectgroep op bezoek geweest bij Landelijk Belang Wenum Wiesel om samen een deel van de Veluweflankroute te bekijken als vervolg op dit Omgevingsgesprek. Ter plekke is stil gestaan bij het medegebruik, de route van het vee, de doorsnijding van percelen en de verkeersveiligheid op bepaalde kruisingen (waar onder de Ramsbrugweg/Oude Zwolseweg en Ramsbrugweg/Veldmaterweg). Naar aanleiding daarvan hebben ze informatie en beeldmateriaal meegegeven om op te nemen in de waardenkaart en om rekening mee te houden in de verdere uitwerking. 4. Omgevingsgesprek Water-Natuur-Cultuurhistorie Datum van gesprek: 21 september 2020 Twee RHDHV-ers zijn in gesprek gegaan met een aantal experts op het gebied van water, natuur en cultuurhistorie: Waterschap Vallei en Veluwe, werkgroep De Prik, de Bekenstichting, de auteur van het boek over de Baronnenlijn en erfgoedplatform Apeldoorn. Hoofdpunten uit dit gesprek • Waterschap Vallei en Veluwe onderzoekt welke opgaven er spelen in en om de beken die de route kruisen en koppelt dit terug aan projectteam. • Van de voormalige spoorbaan zijn de funderingen/gemetselde landhoofden van de spoorbruggen over de beken een van de weinige overgebleven tastbare elementen die nog aanwezig zijn. Deze elementen graag behouden en weer zichtbaar maken.

Een mooi voorbeeld hiervan is het spoorbruggetje bij de Smallertsche beek. • Het waterschap controleert de staat van onderhoud van de overbruggingen, zodat deze indien nodig direct meegenomen kunnen worden bij de uitvoering van het fietspad. • Creëer indien mogelijk een duidelijke zichtrelatie tussen Station Vaassen en het fietspad. 28 juli 2021

• •

•

• •

Dit is het enige overgebleven voormalige stationsgebouw langs de route. Ook de voormalige wachtpost nabij Epe (Brakerweg 7) is een cultuurhistorisch element die aandacht verdient. Indien de Baronnenroute gekozen wordt, dan doet de naam ‘Baronnenlijnroute’ meer recht aan de historie dan de naam ‘Baronnenroute’. Een belangrijke winst voor de beken kan zijn om er meer bomen langs te plaatsen. Dit is goed voor de visstand, trekroutes van vogels en vleermuizen, CO2-uitstoot en biedt koelte en beschutting voor fietsers. Verder kunnen bomenrijen langs de beken helpen de landschapsstructuren te versterken. De breedte van de doorgangen van de beken verdienen aandacht. Zijn deze breed genoeg? En biedt dit behalve een natte onderdoorgang ook een droge onderdoorgang? Daar hebben allerlei dieren baat bij. Hoe breder, hoe beter. Versterk de zichtbaarheid en beleving van de beken, bijvoorbeeld met educatie. De Baronnenroute is vanuit cultuurhistorie gezien een mooie route, die echter wel verbreding behoeft. Bij die verbreding zijn de kruisingen met oost-westverbindingen een aandachtspunt qua verkeersveiligheid, net als de aansluiting op de Anklaarseweg.

Aanvullende vervolgafspraken Geen aanvullende vervolgafspraken anders dan de afspraken die met alle gesprekspartners zijn gemaakt over het vervolgproces.

4.1.3

Praat Mee App

Naast de informatie uit de eerdere projectfasen, de klankbordgroepbijeenkomsten en de omgevingsgesprekken, kon iedereen reageren via de Praat Mee App. Via de website van de Cleantech Regio (www.vlotveiligfietsen.nl) kon iedereen die zich betrokken voelt bij dit project zijn of haar reactie achterlaten. Hiervoor had men de kans tussen 14 december 2020 en 25 januari 2021. Deze reactie kon men achterlaten op een aantal thematische waardenkaarten: beken, cultuurhistorie, landschap, kruispunten, natuur (beleid), natuur (soorten) en routes en medegebruik.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

14

Project gerelateerd De waardenkaarten zijn opgesteld op basis van alle informatie uit de voorgaande projectfasen. Dat betekent dat er ook informatie is opgenomen uit de eerste klankbordgroep en uit de omgevingsgesprekken. Er zijn 91 reacties binnen gekomen. De hoofdlijnen van de reacties lagen in lijn met de al opgehaalde informatie uit de klankbordgroepbijeenkomsten en de omgevingsgesprekken. Zowel op inhoud als qua vertegenwoordigers. Bij veel reacties ging het om een nauwkeurig detailniveau voor een specifiek aandachtspunt, suggestie of een specifieke locatie. Elke reactie is binnen het projectteam door een aantal experts (ecoloog, landschapsdeskundige, verkeerskundig ontwerper, expert cultuurhistorie, integraal ontwerper) bekeken op basis van de inhoud. Op basis daarvan is per reactie beoordeeld of en zo ja, hoe dit in het ontwerp een plek kan krijgen.

4.2

Kwaliteit fietsroute

De kwaliteit van de fietsroute is geborgd als de route vlot en veilig gebruikt kan worden. Veiligheid is het belangrijkste criterium. De veiligheid van de fietsers en alle overige gebruikers van de route dient geborgd te zijn: wandelaars, ruiters, landbouwverkeer en kruisend verkeer op de wegen en paden die gekruist worden. Snelheid en snelheidsverschillen tussen weggebruikers zijn belangrijke indicatoren voor de risico’s die de diverse groepen verkeersdeelnemers lopen. Naast verkeersveiligheid gaat het ook om sociale veiligheid. ‘Vlot’ betekent zo weinig mogelijk oponthoud. Fietsers vinden het belangrijk dat ze door kunnen fietsen. Het is vervelend om fors in te moeten houden als gevolg van scherpe bochten of te smalle paden, of zelfs te moeten stoppen om voorrang te verlenen aan kruisend (auto) verkeer . Het ontwerp van de fietsroute moet de snelheidsverschillen op een veilige manier mogelijk maken.

28 juli 2021

Het snelheidsverschil en massaverschil tussen de rustige en snellere fietsers is kleiner dan tussen fietsers en auto’s. Daardoor is in de basis de veiligheid van een vrijliggend fietspad groter dan van een straat of weg waar fietsers en auto’s gezamenlijk gebruik maken van dezelfde ruimte. Echter door zulke straten en wegen in te richten als fietsstraat kan een veilige afwikkeling van fietsers en auto’s evenzeer geborgd worden. Dit vraagt andere inrichtingsmaatregelen om zo de snelheidsverschillen tussen auto’s en fietsers te beperken en onderlinge passage veilig te houden. Als de omgeving waar de route doorheen loopt aantrekkelijk is en er iets te beleven valt, dan willen fietsers daarvan genieten en zijn ze minder geneigd om hard door te fietsen. Vooral recreatieve fietsers zijn hier gevoelig voor, maar ook dagelijkse fietsers laten zich in een aantrekkelijke en belevingsvolle omgeving eerder verleiden om wat rustiger aan te doen. Des te meer reden om (de waarden van) de omgeving en de beleving daarvan als leidend perspectief voor het ontwerp te hanteren. De borging van de kwaliteit van de fietsroute vertaalt zich in ontwerpuitgangspunten en de hierna getoonde principedwarsprofielen en kruisingsoplossingen. Ook uitgangspunten t.a.v. verharding en landschappelijke inpassingen worden hierna uitvoerig getoond.

Waar relevant wordt aan het begin van een paragraaf verwezen naar de betreffende ontwerptekening(en), voor complete en beter leesbare principe oplossingen.

4.2.1

Dwarsprofielen

[Ontwerptekeningen: BH4028-TE-SO-6205 - F50 - Principes-01 en BH6623-TE-VO6201-F Europalaan Epe-A0]

Fietspad Het grootste deel van de route zal niet opengesteld zijn voor gemotoriseerd verkeer.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

15

Project gerelateerd Daardoor heeft het de juridische status van fietspad1. Op een vlotte en veilige fietsroute moeten twee fietsers naast elkaar kunnen fietsen en twee andere fietsers tegenkomen, zonder achter elkaar te hoeven gaan fietsen. Ook moeten twee fietsers naast elkaar door een snellere fietser eenvoudig kunnen worden gepasseerd. Daarvoor is een verhardingsbreedte van 4 meter gewenst. Aan weerszijden van de verharding is voor de veiligheid van de fietsers een bermbreedte van 2 meter gewenst, maar tenminste 1 meter obstakelvrij. Dat betekent dat bomen, paaltjes, bouwwerken, watergangen en andere obstakels tenminste 1 meter uit de kant van de verharding moeten staan. Op de verharding worden kantstrepen (doorgetrokken streep) en een asmarkering (onderbroken streep) aangebracht, ter geleiding van de fietser bij duisternis en slecht weersomstandigheden.

Principe dwarsprofiel fietspad

Fietsstraat buiten de bebouwde kom Op een aantal trajectdelen, met name op de Veluweflankroute (zie hoofdstuk 5), ligt medegebruik van de fietsroute door gemotoriseerd verkeer sterk in de rede. Het betreft hier erftoegangswegen buiten de bebouwde kom. Het aantal motorvoertuigen dat gebruik maakt van de betreffende trajectdelen is beperkt. 1

Uitgangspunt is dat de route -voor zover fietspad- niet toegankelijk is voor bromfietsers, vanwege het verstorende effect van de geluidsproductie op de rust in het gebied en ecologische waarden. Speed pedelecs, die juridisch eveneens worden aangemerkt als bromfiets, kennen niet dat verstorende effect. Om die reden, en omdat 28 juli 2021

speed pedelecs in potentie een substantiële bijdrage leveren aan het fietsgebruik op grotere fietsafstanden tot circa 25 kilometer, wordt deze categorie wel toegelaten op het fietspad.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

16

Project gerelateerd Een (relatief) groot deel betreft landbouwvoertuigen en -werktuigen; voertuigen met een grote breedte en massa. Voor de eenheid in het wegbeeld, en om de impact op de omgeving te beperken, wordt de verhardingsbreedte gelijk gehouden aan die van het fietspad: 4 meter. Ook de bermbreedte blijft gelijk. Aan weerszijden wordt de eerste 0,50 meter van de berm versterkt, bij voorbeeld door toepassing van grasbetonstenen. Zodoende blijft de berm groen, maar wel voldoende draagkrachtig voor motorvoertuigen om uit te wijken bij ontmoeten of passeren van fietsers. Twee fietsers kunnen bij passage van motorvoertuigen naast elkaar blijven fietsen. Alleen bij brede landbouwvoertuigen moeten de fietsers achter elkaar gaan fietsen. Voor de incidentele onderlinge passage van landbouwvoertuigen wordt, net als in de huidige situatie, gebruik gemaakt van locaties waar één van beide uit kan wijken. De kantmarkering wordt onderbroken en de asmarkering wordt vervangen door een 0,40 meter brede asstrook van afwijkende kleur. Daardoor ontstaat op natuurlijke wijze enige buffer tussen fietsers en motorvoertuigen bij onderlinge passage. Bovendien zijn dit onderscheidende kenmerken tussen fietspad en fietsstraat. Voor de eenheid in het wegbeeld blijft de kantstreep op dezelfde afstand van de kant verharding (0,10 meter).

Conform de richtlijnen van CROW wordt de snelheidslimiet 30 km/u (in afwijking van “normale” erftoegangswegen buiten de bebouwde kom). Principe dwarsprofiel fietsstraat buiten de bebouwde kom

Fietsstraat binnen de bebouwde kom Eén van de tracévarianten in Epe volgt de Europalaan. Dit gedeelte betreft een fietsstraat binnen de bebouwde kom, snelheidslimiet 30 km/u. Hier wordt het 4 meter brede profiel als loper in dezelfde kleur als de rest van de fietsroute voortgezet. De verhardingsbreedte is echter 4,80 meter, zodat ook motorvoertuigen onderling elkaar goed kunnen passeren. De 0,40 meter brede strook aan weerszijden van de loper fungeren als buffer voor het aansluitende trottoir en strook voor langsparkeren. 28 juli 2021

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

17

Project gerelateerd Langs de parkeerstrook is er voldoende bufferruimte om openslaande portieren te kunnen ontwijken. Er wordt eenzijdig voorzien in een langsparkeerstrook. De parkeerstrook is 2 meter breed en ligt verhoogd ten opzichte van de rijbaan, toegankelijk via schuine trottoirbanden. Voor voetgangers wordt aan weerszijden voorzien in trottoirs. De breedte is 2 meter aan de zijde zonder parkeerstrook en tenminste 1,20 meter aan de zijde met parkeerstrook. Op de fietsstraat binnen de bebouwde kom wordt geen asmarkering, asstrook, of kantstreep toegepast.

Principe dwarsprofiel fietsstraat binnen de bebouwde kom

4.2.2

Kruisingen

[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6205 - F50 - Principes-01]

Het fietsverkeer (en eventueel andere gebruikers) op de fietsroute krijgt op de kruisingen voorrang op het kruisende verkeer.

28 juli 2021

Van dat uitgangspunt wordt alleen afgeweken als dat nodig is voor de verkeersveiligheid en een ongelijkvloerse oplossing niet mogelijk of niet realistisch is. De verharding van de fietsroute (materiaal, kleur en maatvoering) wordt gecontinueerd over de kruising. Om het kruisende verkeer te attenderen op de fietsroute en de snelheid te beperken wordt een plateau (30 km/u) in de kruisende weg toegepast. De lengte van het plateau in de kruisende weg voor de fietsroute is tenminste 5 meter, zodat een personenauto horizontaal op het plateau tot stilstand kan komen om fietsers voorrang te verlenen en na de stop eenvoudig weer op kan rijden. Dit verkleind het risico op verstoring van de afwikkeling van het fietsverkeer als gevolg van optrekverliezen van kruisende auto’s. Waar de fietsroute de status van fietsstraat heeft wordt ook in de fietsstraat een plateau (met taludmarkering) aangebracht, om op deze belangrijke conflictpunten het attentieniveau te optimaliseren. De uitvoering van het plateau in deze richting is vloeiend (50 km/u). Als de rijbaan van de kruisende weg breder is dan 3,50 meter, dan wordt deze over de lengte van het plateau versmald, zodat tegenliggend verkeer op de kruisende weg dan niet tegelijkertijd de fietsroute kan kruisen. Dit heeft een extra snelheid verlagend en attentieniveau verhogend effect.

Gezien de lage verkeersintensiteiten op de betreffende wegen en de door het plateau afgedwongen lage rijsnelheid zal dit niet tot problemen in de verkeersafwikkeling leiden. Op locaties waar de intensiteit (te) hoog is worden passeerplekken net voor het plateau aangebracht, door toepassing van grasbetonstenen of andere (half)verharding in de berm. Waar (grote) motorvoertuigen afslaan (bij de fietsstraat) of manoeuvreren (bij perceel- en bedrijfstoegangen) wordt de benodigde ruimte in de afrondingsbogen buiten de verharding overrijdbaar gemaakt met afwijkende verharding, versterkte bermen of grasbetonstenen. De kruising wordt voorzien van haaientanden en aangeduid met voorrangsborden (RVV B06), waar de route de status van fietspad heeft tevens blokmarkering en voor extra attentiewaarde pijlen op het fietspad. BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

18

Project gerelateerd Bij een fietsstraat blijven de pijlen achterwege, omdat de asstrook daar doorloopt over de kruising, die de attentiewaarde van de pijlen evenaart. Bij een fietspad wordt verder de kantmarkering onderbroken, bij een fietsstraat gaat de kantmarkering over in een 1-1 streep en haaientanden.

De theoretisch benodigde uitzichtdriehoeken worden niet overal gerealiseerd. De benodigde zichtlengtes voor voldoende stopzicht zouden leiden tot dermate overzichtelijke kruispunten, dat weggebruikers -vooral ter plaatse bekende- de kruising mogelijk met hoge snelheid benaderen en onvoldoende attentie hebben voor kruisende fietsers. Bovendien zouden de theoretisch uitzichtdriehoeken op verschillende locatie leiden tot een forse kaalslag in het bestaande bomenbestand, snoeien van particulier groen en mogelijk grondaankoop. Met name op de kruisingen van de fietsroute met de smallere en rustigere wegen in het gebied is een dergelijke ingreep niet wenselijk en, als gevolg van de overzichtelijkheid, ook niet effectief. Per kruispunt is afgewogen in hoeverre voldoende stopzicht opweegt tegen beperken van de naderingssnelheid en optimaliseren van het attentieniveau. Na realisatie worden weggebruikers gedurende een gewenningsperiode van 3 tot 6 maanden met tijdelijke bebording geattendeerd op de gewijzigde (voorrang)situatie. Door het verkeersgedrag gedurende die periode te monitoren kan worden afgewogen of aanvullende attentieniveau verhogende bebording en / of markering gewenst is. Onderstaande figuren geven voorbeelden van dergelijke bebording en markering.

Voorbeelden attentieniveau verhogende bebording en markering

4.2.3 Principe-oplossing kruispunten, respectievelijk fietspad en fietsstraat

28 juli 2021

Tunnels

[Ontwerptekeningen: BH4028-TE-SO-6205 - F50 - Principes-01 en BH4028-TE-SO6206 - F50 - Lengte profielen tunnels-1]

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

19

Project gerelateerd Aan de tunnels in het tracé worden hoge eisen gesteld voor verkeersveiligheid, sociale veiligheid en fietscomfort. Dit leidt tot de volgende ontwerpuitgangspunten: • De breedte van het fietspad blijft ongewijzigd (4,00 meter), met aan weerszijden tenminste 0,50 meter schrikruimte. • Bij (substantieel) medegebruik door wandelaars wordt aan één zijde voorzien in een 2,00 meter breed voetpad. • De wanden van de tunnel wijken (10:1). • Waar mogelijk worden de wanden vanaf maximaal circa 1,00 meter hoogte uitgevoerd als taluds (1:1), zowel in het open deel (groene taluds langs de hellingbanen) als in het gesloten deel.

Principe dwarsprofiel tunnel met voetpad

•

Principe dwarsprofiel tunnel met groene taluds

• •

•

Het maximale hellingpercentage van de hellingbanen bedraagt 4%. De doorrijhoogte van het gesloten deel is minimaal 2,60 meter.

•

•

28 juli 2021

Het doorzicht van de tunnels wordt geoptimaliseerd door de tunnel inclusief de hellingbanen zo gestrekt mogelijk te laten verlopen en de verdieping ten opzichte van het maaiveld tot een minimum te beperken. Verhoging van de kruisende weg wordt daarvoor afgewogen. Op de scheiding tussen fietspad en schrikstrook of voetpad wordt een bescheiden, eenvoudig en risicoloos overrijdbaar hoogteverschil aangebracht, zeker geen opstaande rand. Het hoogteverschil kan eventueel achterwege worden gelaten, mits kantstreep en afwijkende verharding (soort en/of keur) voor schrikstrook en voetpad worden toegepast. De toepassing dient eenduidig te zijn voor alle tunnels in de route. De tunnels worden voorzien van openbare verlichting, waarmee het verloop van het fietspad en andere weggebruikers optimaal zichtbaar zijn. Verstoring van flora en fauna door openbare verlichting wordt beperkt door gerichte verlichting en toepassing van vleermuisvriendelijke verlichting (kleurverlichting in het warme aspect 3000 K of minder).

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

20

Project gerelateerd Het leidmotief voor de identiteit van de route (beleving voormalige spoorlijn versus herkenning van de diverse landschapstypen) bepaald de kleurstelling. Vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid verdient een verhardingskleur met een (zacht) rode tint de voorkeur, omdat de rode tint in Nederland algemeen wordt geassocieerd met fietsvoorzieningen. Een rode tint is dus goed voor de herkenbaarheid en het verwachtingspatroon van weggebruikers. Vanwege de herkennings- en inpassingswaarde in het landschap wordt hiervan bij de variant Landschapsroute (Veluweflankroute) afgeweken. De asstrook bij fietsstraten buiten de bebouwde kom en de bufferstroken aan weerszijden bij de fietsstraat binnen de bebouwde kom worden uitgevoerd in hetzelfde verhardingsmateriaal (asfalt of beton), maar in een afwijkende kleur. Eventueel kan in deze stroken een bescheiden profilering worden aangebracht (streetprint).

4.2.5

Voorbeelden van faunapassages in tunnels

4.2.4

Verharding

De fietsroute wordt voorzien van een doorgaande, gesloten verharding, van asfalt of beton. Vanuit de optiek van wegbeheer verdiend beton de voorkeur: De kans op scheurvorming door ongelijke zettingen of wortelopdruk is bij toepassing van beton gering en de benodigde fundering is beperkt. Ter plaatse van bestaande asfaltverhardingen van voldoende breedte en kwaliteit brengt toepassing van beton aanzienlijk hogere realisatiekosten met zich mee. Voor de kwaliteit van de fietsroute is belangrijk dat de verharding vlak en stroef is. De verharding wordt uitgevoerd als doorgaande loper, van één kleur, die voldoende contrasteert met de verhardingskleur van kruisende wegen, maar niet detoneert in het landschap.

28 juli 2021

Overige aandachtspunten

Bochten Bochten in het tracé hebben bij voorkeur een straal van tenminste 25 meter, minimaal 15 meter. In bochten met een straal kleiner dan 25 meter wordt de asmarkering uitgevoerd als doorgetrokken streep. Kruisingen met grind/zandpaden Kenmerkend voor het gebied waar de fietsroute doorheen gaat zijn de vele onverharde wegen die gekruist worden. Om te voorkomen dat er grind op het fietspad terecht komt, worden bij de kruisingen grasbetonstenen (5m lengte) toegepast. Dit draagt bovendien bij aan het behoud van het landelijk karakter. Afsluitpalen en overgang tussen fietsstraat en fietspad [Ontwerptekeningen: BH4028-TE-SO-6205 - F50 - Principes-01]

Op de fietsroute worden in eerste instantie geen fysieke afsluitingen toegepast om motorvoertuigen te weren van het fietspad. Fysieke afsluitingen op fietsroutes in de vorm van afsluitpalen of andere objecten vormen een relatief groot risico voor fietsers op éénzijdige ongevallen.

BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

21

Project gerelateerd Op een aantal locaties langs de route is een verhoogd risico op ongeëigend gebruik van het fietspad, met name waar een fietsstraat overgaat in een fietspad. Mocht na openstelling van de betreffende trajectdelen dit ongeëigend gebruik blijken, dan worden alsnog passende maatregelen getroffen. De voergang tussen fietspad en fietsstraat wordt, naast de veranderingen in het profiel, aangeduid met bebording en dwarsmarkering.

Dit gaat over meer dan beleving, het gaat ook over de gebruikswaarde en toekomstwaarde voor zowel mens, plant als dier. Ook wel ruimtelijke kwaliteit genoemd. De verschillende waarden en daaraan gekoppelde ontwerpuitgangspunten staan in deze paragraaf beschreven.

Veepassages Op een aantal locaties wordt de fietsroute meer of minder frequent door vee overgestoken of over enige lengte gebruikt. Afhankelijk van het gebruik van de openbare ruimte door vee dienen passende maatregelen te worden genomen. Voor de tracévariant die gekozen wordt gebeurt dit in de definitieve ontwerpfase, in nauw overleg met de betrokken veehouders. Te denken valt aan een koetunnel of veeroosters bij frequent en/of langdurig overstekend vee. Bij frequent gebruik in lengterichting dient gezocht te worden naar mogelijke alternatieve routes, al dan niet over één of meer naastgelegen landbouwpercelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11114217/1