CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

361332 Bijlage Annex2 Zorgproductenboek

Gemeenteraad 9 december 2021, gemeente EpeBij agendapunt: Vaststelling Lijst ingekomen stukken29.415 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

▪

Professional heeft aantoonbare kennis van de specifieke doelgroep en complexe problematiek waarvoor hij/zij wordt ingezet

▪

Professional kan goed samenwerken met alle betrokkenen

▪

Professional kan schakelen op verschillende niveaus

▪

Indien de pleegzorgaanbieder niet zelf is aangesloten bij Pleegzorg Nederland heeft deze een aantoonbare samenwerking met Pleegzorg Nederland.

5.1.5 PRODUCTDEFINITIES RESPIJTOPVANG JEUGD Respijtopvang Laag Jeugd

C P Cliënt

Opdracht

Respijtopvang Basis Jeugd

I D

C P

Respijtopvang Hoog Jeugd

I D

C P

I D

De cliënt is door zijn of haar

De cliënt is door zijn of haar

De cliënt is door zijn of haar

zorgbehoefte aangewezen op zorg

zorgbehoefte (tijdelijk) aangewezen

zorgbehoefte (tijdelijk) aangewezen

die gepaard gaat met toezicht (24

op zorg die gepaard gaat met

op zorg die gepaard gaat met

uur). De ontlasting van de persoon

permanent toezicht (24 uur). Het

permanent toezicht (24 uur). De

die gebruikelijke zorg of mantelzorg

ontlasten van de persoon die

ontlasting van de persoon die

levert aan de cliënt is noodzakelijk.

gebruikelijke zorg of mantelzorg

gebruikelijke zorg of mantelzorg

Deze hulp kan zowel op een locatie

levert aan de cliënt is noodzakelijk.

levert aan de cliënt is noodzakelijk.

van een opdrachtnemer geboden

Deze hulp kan zowel op een locatie

Deze hulp kan zowel op een locatie

worden als ook in de thuissituatie of

van een opdrachtnemer geboden

van een opdrachtnemer geboden

in een logeergezin. Er is geen

worden als ook in de thuissituatie of

worden als ook in de thuissituatie of

sprake van zware problematiek,

in een logeergezin.

in een logeergezin.

cliënt kan redelijk zelfstandig

Er is (nog) geen sprake van zware

Er is sprake van zware

functioneren in een groep.

problematiek, cliënt heeft enige

problematiek, cliënt heeft veel

individuele begeleiding nodig en

individuele begeleiding nodig en

kan functioneren in een groep.

kan functioneren in een groep.

De opdrachtnemer die respijtopvang

De opdrachtnemer die respijtopvang

De opdrachtnemer die respijtopvang

laag levert, levert zorg in de

basis levert, zorgt voor permanent

hoog levert, zorgt voor permanent

nabijheid van de locatie van de

toezicht op de locatie, thuissituatie

toezicht op de locatie, thuissituatie

opdrachtnemer, in de thuissituatie of

of in het logeergezin. Dit product

of in het logeergezin. Dit product

in een logeergezin.

wordt ingezet om:

wordt ingezet om:

Dit product wordt ingezet om: ▪

De betrokken(en) die

▪

De betrokken(en) die

gebruikelijke zorg of

gebruikelijke zorg of

gebruikelijke zorg of

mantelzorg levert te

mantelzorg levert te

mantelzorg levert te

ontlasten. En/of

ontlasten. En/of

ontlasten. En/of ▪

▪

De betrokken(en) die

▪

Een zwaardere interventie

▪

Een zwaardere interventie

Een zwaardere interventie

op een later moment in het

op een later moment in het

op een later moment in het

cliënttraject te voorkomen.

cliënttraject te voorkomen.

cliënttraject te voorkomen.

En/of

En/of

En/of

▪

De cliënt te ondersteunen bij het afschalen van een

Annex 2 Zorgproductenboek

▪

De cliënt te ondersteunen bij het afschalen van een

48

▪

De cliënt te ondersteunen bij

zwaarder (intramuraal)

het afschalen van een

zwaarder (intramuraal)

product.

product.

zwaarder (intramuraal)

Er is 24 uur pedagogische

Er is 24 uur pedagogische

product.

begeleiding aanwezig voor

begeleiding aanwezig voor

Er is 24 uur pedagogische

ondersteuning aan de cliënt en/of

ondersteuning aan de cliënt en/of

begeleiding aanwezig voor

voor het organiseren van

voor het organiseren van

ondersteuning aan de cliënt en/of

dagactiviteiten. Het wordt ingezet

dagactiviteiten. Het wordt ingezet

voor het organiseren van

als aanvulling op het wonen in de

als aanvulling op het wonen in de

dagactiviteiten.

thuissituatie.

thuissituatie. Professionele en

Het wordt ingezet als aanvulling op

Professionele en informele

informele ondersteuning die al

het wonen in de thuissituatie.

ondersteuning die al betrokken is bij

betrokken is bij de cliënt en/of

Professionele en informele

de cliënt en/of cliëntsysteem wordt

cliëntsysteem wordt zo optimaal

ondersteuning die al betrokken is bij

zo optimaal mogelijk benut c.q.

mogelijk benut c.q. betrokken.

de cliënt en/of cliëntsysteem wordt

betrokken

zo optimaal mogelijk benut c.q. betrokken. Resultaat

▪

▪

Betrokken(en) die gebruikelijke

▪

Betrokken(en) die gebruikelijke

zorg of mantelzorg levert is

zorg of mantelzorg levert is

ontlast. En/of

ontlast, en/of

ontlast; En/of

Zwaardere interventies zijn Cliënt is ondersteund bij het afschalen van een zwaarder (intramuraal) product.

Verblijf

▪

zorg of mantelzorg levert is ▪

voorkomen. En/of ▪

Betrokken(en) die gebruikelijke

Zwaardere interventies zijn

▪

voorkomen, en/of ▪

Cliënt is ondersteund bij het afschalen van een zwaarder (intramuraal) product.

Zwaardere interventies zijn voorkomen; En/of

▪

Cliënt is ondersteund bij het afschalen van een zwaarder (intramuraal) product

Standaard.

Standaard.

Standaard.

Hieronder vallen in een all-in tarief:

Hieronder vallen in een all-in tarief:

Hieronder vallen in een all-in tarief:

▪

Hotelmatige kosten

▪

Hotelmatige kosten

▪

Hotelmatige kosten

▪

Kapitaallasten

▪

Kapitaallasten

▪

Kapitaallasten

▪

Het agogisch klimaat

▪

Het agogisch klimaat

▪

Het agogisch klimaat

▪

Specifieke vigerende

▪

Specifieke vigerende

▪

Specifieke vigerende

wetgeving ten aanzien van

wetgeving ten aanzien van

wetgeving ten aanzien van

gebouwen en terreinen in de

gebouwen en terreinen in de

gebouwen en terreinen in de

(Jeugd)hulp.

(Jeugd)hulp.

(Jeugd)hulp.

Agogisch

Het agogisch klimaat is onderdeel

Het agogisch klimaat is onderdeel

Het agogisch klimaat is onderdeel

klimaat en

van dit product. Het accent van zorg

van dit product. Het accent van zorg

van dit product. Het accent van zorg

Begeleiding

verschilt per individu. Een cliënt kan

verschilt per individu. Een cliënt kan

verschilt per individu. Een cliënt kan

Individueel

bijvoorbeeld meer gebaat zijn bij

bijvoorbeeld gebaat zijn bij een

bijvoorbeeld gebaat zijn bij een

tijdens het

een prikkelarme omgeving en

prikkelarme omgeving en vraagt

prikkelarme omgeving en vraagt

verblijf

vraagt daarom om meer individuele

daarom om individuele begeleiding

daarom om meer individuele

begeleiding of meer persoonlijke

of persoonlijke verzorging, maar het

begeleiding of meer persoonlijke

verzorging, maar het kan ook zijn

kan ook zijn dat een cliënt baat

verzorging dan in het geval van

dat een cliënt meer baat heeft bij

heeft bij een duidelijke structuur met

Respijtopvang (basisvariant), maar

een duidelijke structuur met diverse

diverse dagactiviteiten in

het kan ook zijn dat een cliënt meer

dagactiviteiten in groepsverband.

groepsverband. Veiligheid van cliënt

baat heeft bij een duidelijke

Veiligheid van cliënt binnen het

binnen het agogisch klimaat is

structuur met diverse dagactiviteiten

agogisch klimaat is geborgd.

geborgd.

in groepsverband. Veiligheid van

Er is een agogisch klimaat dat naast

Er is een agogisch klimaat van

cliënt binnen het agogisch klimaat is

het bieden van ontspanning en

belang wat, naast het bieden van

geborgd.

activiteiten ook gericht is op het

ontspanning en activiteiten, ook

Annex 2 Zorgproductenboek

49

ontwikkelen van competenties en/of

gericht is op het ontwikkelen van

Er is een agogisch klimaat van

het zoveel als mogelijk vergroten

competenties en/of het zoveel als

belang wat, naast het bieden van

van zelfstandigheid/

mogelijk vergroten van

ontspanning en activiteiten, ook

zelfredzaamheid.

zelfstandigheid/zelfredzaamheid.

gericht is op het ontwikkelen van competenties en/of het zoveel als

Begeleiding Individueel is onderdeel

Begeleiding Individueel is onderdeel

mogelijk vergroten van

van het product respijtopvang.

van het product respijtopvang.

zelfstandigheid/zelfredzaamheid. Begeleiding Individueel is onderdeel van het product respijtopvang.

Begeleiding

Is onderdeel van dit product.

Is onderdeel van dit product. Accent

Is onderdeel van dit product.

Groep

Accent van zorg kan verschillen.

van zorg kan verschillen.

Accent van zorg kan verschillen.

Zie hierboven.

Zie hierboven.

Zie hierboven.

Behandeling

Zo nodig apart te beschikken,

Zo nodig apart te beschikken,

Zo nodig apart te beschikken,

(Jeugd)

hiervan zal naar verwachting in

hiervan zal naar verwachting in

hiervan zal naar verwachting in

uitzonderlijke gevallen sprake zijn.

uitzonderlijke gevallen sprake zijn.

uitzonderlijke gevallen sprake zijn.

Indien sprake is van behandeling

Indien sprake is van behandeling

Indien sprake is van behandeling

gebeurt dit vaak (al) vanuit een

gebeurt dit vaak (al) vanuit een

gebeurt dit vaak (al) vanuit een

andere aanbieder (bijvoorbeeld als

andere aanbieder (bijvoorbeeld als

andere aanbieder (bijvoorbeeld als

het gaat om GGZ-behandeling).

het gaat om GGZ-behandeling).

het gaat om GGZ-behandeling).

•

•

•

Eisen aan professionals

De professional is in staat goed

in te schatten welke zorg de

cliënt nodig heeft en is in staat

cliënt nodig heeft en is in staat

cliënt nodig heeft en is in staat

om de al aanwezige

om de al aanwezige

om de al aanwezige

betrekken.Begeleiding wordt

professionals te betrekken. •

professionals te betrekken. •

Begeleiding door enkel

minimaal 80% door hbo-

minimaal hbo- geschoolde

professionals geboden.

professionals geboden.

professionals.

Het vereiste agogisch klimaat is

•

De groepsgrootte is maximaal

•

De groepsgrootte is maximaal 8

cliënt per dag.

•

cliënten.

•

Bij bepaling van het tarief is uit

Het vereiste agogisch klimaat is minimaal 3,3 netto uren per

cliënt per dag.

•

10 cliënten. Bij bepaling van het tarief is uit

Het vereiste agogisch klimaat is minimaal 2,9 netto uren per

cliënt per dag.

•

Begeleiding wordt voor

voor minimaal 20% door hbo–

minimaal 2,1 netto uren per

•

De professional is in staat goed

in te schatten welke zorg de

professionals te

•

De professional is in staat goed

in te schatten welke zorg de

De groepsgrootte is maximaal 8 cliënten.

•

Bij bepaling van het tarief is uit

gegaan van een groepsgrootte

gegaan van een groepsgrootte

gegaan van een groepsgrootte

van 10 cliënten die samen

van 8 cliënten die samen 165,0

van 8 cliënten die samen 185,0

147,0 netto roosteruren per

netto roosteruren per week

netto roosteruren per week

week agogisch klimaat

agogisch klimaat ontvangen.

agogisch klimaat ontvangen.

ontvangen.

5.1.6 PRODUCTDEFINITIES JEUGDRECLASSERING EN JEUGDBESCHERMING De jeugdbescherming en jeugdreclassering zijn een essentieel onderdeel binnen de Jeugdwet die specifieke eisen stelt aan de uitvoering. Jeugdbescherming en jeugdreclassering moeten worden uitgevoerd op basis van een rechterlijke maatregel binnen bepaalde normtijden. Wachttijden zijn dan ook uitgesloten. Gecertificeerde instellingen (verder: GI’s) moeten jeugdbescherming en jeugdreclassering op tijd kunnen leveren, ook bij fluctuaties in het aantal rechterlijke maatregelen.

Annex 2 Zorgproductenboek

50

Gemeenten hebben de wettelijke taak om ervoor te zorgen dat er altijd jeugdbescherming en jeugdreclassering van goede kwaliteit beschikbaar zijn. Gemeenten willen toekomstbestendige GI’s die meebewegen in de transformatie, zoeken naar innovatie en openstaan voor de vraag van gemeenten. De GI’s beschikken over specifieke expertise ten aanzien van de veiligheid van kinderen. Die expertise kan op meerdere plekken in het lokale, sociale domein worden ingezet. Met het aangaan van deze raamovereenkomst spreken partijen het onderstaande af. Kwaliteit ▪ Gemeenten nemen het actuele Normenkader zoals dat door het Keurmerkinstituut wordt gehanteerd als uitgangspunt voor de jeugdbescherming en jeugdreclassering. Gemeenten stellen geen aanvullende eisen bovenop dit Normenkader. ▪ De GI waarborgt de veiligheid van het kind conform wet en regelgeving en het landelijk Normenkader. Samenwerking ketenpartners ▪ De GI werkt samen met de ketenpartners als de gemeentelijke toegang, Veilig Thuis, de Jeugdbeschermingstafel en de Raad voor de Kinderbescherming. ▪ Ketenpartners werken toe naar een gedeelde risicotaxatie. Dit betekent het werken met dezelfde risicotaxatie-instrumenten en het voorkomen van herhaaldelijk uitvoeren ervan. Gemeenten nemen hiertoe het initiatief. ▪ De GI werkt mee aan de regionale Jeugdbeschermingstafel.

▪ De GI zorgt voor afstemming en samenwerking met de gemeentelijke toegang, jeugdhulpaanbieders en partners in het preventieve veld. Samenwerking gemeentelijke toegang bij inzet jeugdhulp ingeval van een maatregel ▪ De GI bepaalt of, en zo ja welke jeugdhulp is aangewezen in het kader van de uitvoering van jeugdbescherming en jeugdreclassering. ▪ Wanneer sprake is van jeugdhulp in het kader van jeugdreclassering die al rechtstreeks voortvloeit uit de strafrechtelijke beslissing, neemt de GI dit over en informeert de gemeentelijke toegang hierover. ▪ In alle andere gevallen voert de GI overleg en stemt af met de gemeente (i.c. de gemeentelijke toegang) over de in te zetten jeugdhulp. Dit overleg is er op gericht om te weten welke jeugdhulp bij welke aanbieders door de gemeente is gecontracteerd. ▪ Het overleg tussen GI en gemeente (i.c. de gemeentelijke toegang) vindt plaats binnen de geldende privacywetgeving. ▪ In die gevallen dat de GI jeugdhulp noodzakelijk acht die niet is gecontracteerd vindt overleg plaats met de gemeente (i.c. de gemeentelijke toegang). De GI kan deze jeugdhulp niet zonder meer aanwijzen. ▪ GI en gemeente (i.c. gemeentelijke toegang) treden per casus in overleg over de in te zetten jeugdhulp. De GI neemt de uitkomst van dit overleg mee in haar besluitvorming. ▪ Overeenstemming per casus met de gemeente (i.c.

gemeentelijke toegang) is niet vereist maar partijen spannen zich in om tot overeenstemming te komen over de in te zetten jeugdhulp. Het is uiteindelijk de GI die beslist welke jeugdhulp, in omvang en duur, wordt ingezet, mochten partijen niet tot overeenstemming komen. ▪ De voorkeur van cliënten voor een bepaalde aanbieder die de jeugdhulp gaat leveren wordt meegewogen in de besluitvorming.

Annex 2 Zorgproductenboek

51

Delen van expertise ten aanzien van veiligheid ▪ De GI kan met consultatie en advies aan de gemeentelijke toegangen dan wel wijkteams bijdragen aan de bevordering van de kennis over veiligheidsvraagstukken. ▪ Ingeval van beëindiging van een maatregel zorgt de GI voor een goede overdracht en nazorg bij de beëindiging van de maatregel. Zij informeert hiertoe de gemeentelijke toegang door middel van een ‘warme overdracht’.

Actieve participatie aan innovatie van jeugdbescherming en jeugdreclassering ▪ Gemeenten en GI’s bevorderen en bieden ruimte voor onderzoek en ontwikkeling van de jeugdbescherming en jeugdreclassering. Aanleiding voor onderzoek kunnen maatschappelijke ontwikkelingen zijn (zoals bijvoorbeeld de toename van complexe vechtscheidingen) en plaatsvinden in de vorm van bijvoorbeeld pilots, proeftuinen en werkplaatsen. Bijdrage aan resultaten ▪ De GI levert een aantoonbare bijdrage aan de ketenresultaten en maakt hierover resultaatafspraken met de opdrachtgever: ▪ Een verschuiving van de inzet van dwang naar preventieve jeugdbescherming. ▪ Een afname van het aantal maatregelen kinderbescherming. ▪ Een kortere gemiddelde duur van de maatregelen kinderbescherming. ▪ Minder uithuisplaatsingen buiten het sociale netwerk waar mogelijk, mede afhankelijk van de betreffende doelgroep. ▪ Een kortere duur van de uithuisplaatsingen. ▪ Afstemming en samenwerking met de gemeentelijke toegang, de medewerkers in het preventieve veld, Jeugdbeschermingstafel, Veilig Thuis en Raad voor de Kinderbescherming. ▪ Het gebruik van gevalideerde risicotaxatie instrumenten. Resultaten ondertoezichtstelling: ▪ De ontwikkelingsbedreiging is, waar mogelijk, zodanig afgewend dat inzet van de GI in het gedwongen kader niet meer nodig is. ▪ Fysieke en/of psychische onveiligheid is weggenomen.

▪ De stabiliteit en continuïteit in de opvoedingssituatie is georganiseerd. ▪ De GI behaalt deze doelen door gebruik te maken van evidence- en practice-based methoden. ▪ Wanneer deze maatregel onvoldoende is, wordt zo nodig een gezagsbeëindigende maatregel overwogen en verzocht. Resultaten voogdij: ▪ De ontwikkelingsbedreiging is afgewend. ▪ De fysieke en/of psychische veiligheid is geborgd. ▪ De stabiliteit en continuïteit in de opvoedingssituatie is gegarandeerd vanuit wettelijk vertegenwoordigerschap. Resultaten jeugdreclassering: ▪ De criminogene factoren zijn verminderd, waardoor de kans op herhaling van delinquent gedrag wordt verkleind.

Annex 2 Zorgproductenboek

52

▪ ▪ ▪

Het handelingsrepertoire en/of gerichtheid op duurzame gedragsverandering bij de betrokken jeugdige is vergroot. De jeugdige houdt zich aan opgelegde afspraken. Stabiliteit en continuïteit in de leefen/of opvoedingssituatie is georganiseerd. Juist ingeval van detentie en terugkeer van de jeugdige naar plaats van herkomst is tijdige afstemming met de gemeentelijke toegang noodzakelijk.

Regie in het gedwongen kader Wanneer sprake is van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering dan ligt de regie over de jeugdige en het gezin bij de professional van de GI. Deze regie is systeemgericht. Dit houdt in dat de problematiek van het gezin in kaart wordt gebracht, een integrale probleemanalyse en een integraal plan voor het gezin wordt opgesteld, dit plan wordt uitgevoerd en ook geëvalueerd. De regisseur betrekt andere professionals die bij het gezin zijn betrokken. De regisseur heeft basiskennis over relevante leefgebieden zoals bijvoorbeeld werk, inkomen en financiën, maatschappelijke ondersteuning, wonen en onderwijs en signaleert eventuele problemen op dit terrein bij het wijkteam of gemeentelijke toegang. Het wijkteam of gemeentelijke toegang kan vervolgens extra aanvullende ondersteuning vanuit deze relevante leefgebieden inzetten. Waarborgen voor continuïteit Gemeenten en GI’s hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de continuïteit van de jeugdbescherming en jeugdreclassering. Daarvoor gelden de volgende afspraken. 1. Alleen nieuwe casussen naar een eventuele nieuwe GI: ingeval van inschrijving van een nieuwe GI die een substantieel deel van de maatregelen gaat uitvoeren, zal dit leiden tot krimp bij de reeds gecontracteerde GI’s. Deze krimp moet gecontroleerd plaatsvinden om de continuïteit te waarborgen.

Mochten nieuwe GI’s toetreden dan zal deze mogelijke verschuiving door de regio en de reeds gecontracteerde GI’s gezamenlijk worden gemonitord. Opdrachtgever vindt het niet wenselijk om verschillende GI’s in te zetten voor de uitvoering van maatregelen bij kinderen uit 1 gezin. 2. Informatieplicht over certificering: voor opdrachtgever is het van belang te anticiperen op eventuele discontinuïteit bij een GI. Wanneer er risico’s bestaan of ontstaan met betrekking tot de certificering, informeert de GI direct de opdrachtgever. GI’s delen de rapportages van (tussentijdse) audits van het Keurmerkinstituut met opdrachtgever. Opdrachtgever waarborgt de vertrouwelijkheid van deze informatie. 3. Doorlooptijden justitiële keten bij overdracht van zaken: ingeval van faillissement van een GI en/of verlies van certificaat, vindt overdracht plaats van cliënten naar een andere GI. Een soepele overgang vraagt om afspraken tussen de Raad voor de Kinderbescherming, het OM en de rechterlijke macht. Die afspraken gaan over de doorlooptijden in de justitiële keten. Gemeenten bevorderen dat afspraken tot stand komen over (maximale) doorlooptijden en de vormgeving van dit proces en maken dit kenbaar bij VNG en ministerie van J&V. Het ministerie van Justitie en Veiligheid is in dit geval eindverantwoordelijke. 4.

Structurele bovenregionale afstemming en borging van ‘early warning’: een GI heeft verschillende zorgregio’s als opdrachtgevers. Opdrachtgever verplicht zich tot afstemming met deze andere zorgregio’s. Die afstemming vindt plaats in een bovenregionaal overleg dat minimaal twee keer per jaar plaatsvindt. Deze bovenregionale afstemming vervult een functie in het tijdig signaleren van problemen die een bedreiging vormen voor de continuïteit.

Annex 2 Zorgproductenboek

53

Producten De GI’s zijn de uitvoerders van de jeugdbescherming en jeugdreclassering. Het gaat hier om de producten zoals OTS, Voogdij en jeugdreclassering. Gemeenten volgen de landelijk geldende omschrijvingen van deze producten. Die omschrijvingen zijn dus hieronder niet opgenomen. Hieronder staat een overzicht van specifieke producten die door gemeenten aanvullend zijn ingekocht.

Consultatie en advies Cliënt

Professionals van gemeentelijke toegang, wijkteams en jeugdhulpaanbieders met korte vragen over veiligheidsaspecten omtrent kind en gezin.

Opdracht

Dit product creëert de mogelijkheid om de expertise van de GI in te zetten in het lokale veld of de praktijk van de jeugdhulpaanbieder.

Inhoud

De professional van de GI geeft antwoord, denkt mee en adviseert de gemeentelijke toegang, het wijkteam of de jeugdhulpaanbieder over veiligheidsaspecten omtrent kind en gezin.

Aanvullende

▪

eisen

Veilig Thuis (VT) is per 1 januari 2019 de eerst aangewezen partij om deze vragen op te pakken. Dit product kan dan ook alleen bij de GI worden ingezet indien blijkt dat Veilig Thuis de betreffende vraag niet binnen 3 dagen kan oppakken; VT meldt binnen 3 dagen of zij dit wel of niet kunnen uitvoeren

▪

Voor deze dienst geldt een maximum van 5 uur per consult en/of advies.

▪

Deze werkwijze zal medio juni 2019 worden geëvalueerd.

Zicht op veiligheid (vrijwillig kader) Cliënt

Jeugdigen en hun ouders waarbij sprake is van zorgen en/of vermoedens dat de veiligheid van kinderen onvoldoende is gewaarborgd en waar al dan niet al vrijwillige hulpverlening aanwezig is.

Opdracht

Het doel van dit product (in het vrijwillig kader) is tijdig die kinderen en gezinnen in beeld te krijgen waar zorgen zijn over de veiligheid van kinderen. Op basis van een risico-taxatie over de veiligheidssituatie van kinderen kan extra hulpverlening worden ingezet of kan met de gemeentelijke toegang of aan de Jeugdbeschermingstafel (JBT) worden besproken of de inzet van preventieve jeugdbescherming aan de orde is. Risicotaxatie houdt in dat er informatie wordt opgevraagd in het netwerk en er een completer beeld ontstaat over de veiligheidssituatie en oplossingsrichtingen.

Inhoud

Vanuit haar expertise over de veiligheid van kinderen voert de professional van de GI een risico-taxatie uit over de veiligheidssituatie van kinderen en rapporteert en adviseert hierover aan de opdrachtgever (dit kan de gemeentelijke toegang of de JBT zijn). De professional van de GI houdt gedurende de looptijd van dit product zicht op de ontwikkeling van de veiligheidssituatie voor de kinderen.

Aanvullende

▪

eisen

Veilig Thuis is per 1 januari 2019 de eerst aangewezen partij om deze vragen op te pakken. Dit product kan dan ook alleen bij de GI worden ingezet indien blijkt dat Veilig Thuis de betreffende vraag niet binnen 3 dagen kan oppakken; VT meldt binnen 3 dagen of zij dit wel of niet kunnen uitvoeren.

▪

Voor dit product is goedkeuring nodig (bij uitvoering door de GI) van de gemeentelijke toegang, eventueel op advies van de JBT. In overleg met opdrachtgever en GI wordt het vervolg bepaald. Gemeentelijke toegang of JBT zet eventueel door als Begeleiding Tijdens Raadsonderzoek (BTR) naar de Raad voor de Kinderbescherming.

▪

De toekenning kan maximaal 50 uur bedragen voor een maximale periode van 2 maanden. Dit product kan niet worden verlengd.

▪

Deze werkwijze zal medio juni 2019 worden geëvalueerd.

Annex 2 Zorgproductenboek

54

Preventieve Jeugdbescherming Client

Jeugdigen en hun ouders bij wie een professional van de gemeentelijke toegang, wijkteam of zorgaanbieder constateren dat er sprake is van een ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de jeugdige, van risico’s in een veilige opvoeding van de jeugdige of de jeugdige vertoont strafbaar gedrag. Vrijwillige hulpverlening bereikt te weinig resultaat en er dreigt een kinderbeschermingsmaatregel.

Opdracht

Preventieve jeugdbescherming is een kortdurende interventie en intensief begeleidingstraject, zonder dat sprake is van een uitspraak van de kinderrechter. Het doel van preventieve jeugdbescherming is de veilige ontwikkeling van het kind te herstellen, een kinderbeschermingsmaatregel te voorkomen en dat vrijwillige hulpverlening weer effectief kan worden gecontinueerd. Herstel en de versterking van de eigen kracht van de jeugdige en het gezin staan centraal.

Inhoud

De professional van de GI voert de volgende activiteiten uit: ▪

Neemt deel aan de Jeugdbeschermingstafel.

▪

Biedt inzicht aan het gezin dat de ontwikkeling van de jeugdige in gevaar is.

▪

Motiveert het gezinssysteem tot acceptatie van (professionele) zorg, als eigen oplossingen in gezin en netwerk onvoldoende zijn voor de ontwikkeling van de jeugdige.

▪

Stimuleert het gezinssysteem tot eigen oplossingen en motiveert tot meewerken aan de begeleiding.

▪

Taxeert de risico’s op het gebied van veiligheid (zoals verwaarlozing, geweld, kindermishandeling) en recidive (als er sprake is van delictgedrag).

▪

Ondersteunt zo nodig bij het maken van een familiegroepsplan.

▪

Stelt minimale eisen waar de opvoedingssituatie aan moet voldoen en maakt met het gezin afspraken over resultaten en termijnen.

▪

Houdt zicht op de veiligheid van het kind.

▪

Evalueert het effect van de inzet van preventieve jeugdbescherming.

Het resultaat is het herstel van de veilige ontwikkeling van de jeugdige en het voorkomen van een kinderbeschermingsmaatregel. Het gezin en de jeugdige kunnen op eigen kracht verder of maken gebruik van vrijwillige hulpverlening. Indien de ontwikkelingsbedreigingen niet worden afgewend, de veiligheid van het kind in gevaar is of het strafrechtelijk gedrag blijft bestaan, zal de Raad voor de Kinderbescherming gevraagd worden onderzoek te doen met als doel een kinderbeschermingsmaatregel te adviseren aan de rechtbank. Er is bij preventieve jeugdbescherming geen sprake van een juridische context, maar het gaat meer om het inzetten van de professionele houding en expertise: engageren en positioneren. De jeugdbeschermer verbindt zich respectvol en met begrip met het cliëntsysteem en doet alles om de eigen kracht en wensen van de cliënt te benutten. Positioneren houdt in dat de jeugdbeschermer zijn professionele kennis over veiligheid, ontwikkeling en relaties inzet, concreet aangeeft wat nodig is om de situatie weer veilig te maken en borgt dat de ondergrens van veiligheid niet overschreden wordt. Engageren en positioneren gebeurt vanuit een oplossingsgerichte houding. De regie over de algemene opvoedsituatie ligt bij preventieve jeugdbescherming altijd bij de ouders en/of de jeugdige. Rand-

Dit product kan alleen na goedkeuring door de gemeentelijke toegang, en eventueel op advies van de

voorwaarden

Jeugdbeschermingstafel, worden toegekend. Daarbij gelden bij de toekenning enkele richtlijnen: ▪

Er wordt bij toekenning van de duur en de omvang van preventieve jeugdbescherming onderscheid gemaakt naar doelgroep. De toekenning: ▪

Voor de reguliere doelgroep kan maximaal 100 uur zijn voor een maximale duur van 4 maanden.

▪

Voor de doelgroep met een licht verstandelijke beperking (kind en/of ouders) kan maximaal 150 uur zijn voor een maximale duur van 6 maanden.

De achtergrond hiervan is dat de inzet, bij de doelgroep met een licht verstandelijke beperking pas effect heeft bij een langere duur en grotere omvang.

Annex 2 Zorgproductenboek

55

▪

De opdrachtgever bepaalt binnen deze maximum duur en omvang de daadwerkelijke toekenning.

▪

De gemeentelijke toegang, en eventueel op advies van de Jeugdbeschermingstafel, kan na het bereiken van de maximale duur en omvang de inzet van preventieve jeugdbescherming verlengen.

▪

De uren van deelname aan de Jeugdbeschermingstafel zijn declarabel onderdeel van de toegekende uren.

Annex 2 Zorgproductenboek

56

Begeleiding tijdens Raadsonderzoek (BTR) Cliënt

Jeugdigen van wie de veiligheid in gevaar is en die ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd en waarbij andere middelen (zoals preventieve jeugdbescherming) onvoldoende resultaat hebben gehad.

Opdracht

Het doel van deze dienst is het houden van toezicht op de veiligheid van de jeugdige gedurende de periode van het onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming. Daarnaast is de inzet van de expertise van de professional van de GI nodig om zo goed en zo snel mogelijk de aanvraag van een jeugdbeschermingsmaatregel voor te bereiden. Het resultaat is een rapportage op basis waarvan de Raad voor de Kinderbescherming met minimale inspanning verder onderzoek kan doen.

Inhoud

Gedurende de periode van het onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming, tot aan een eventuele rechterlijke uitspraak, houdt de professional van de GI toezicht op de veiligheid van de jeugdige. ▪

Randvoorwaarden

Dit product kan alleen na overleg met en goedkeuring van de JBT worden ingezet. De maximale omvang bedraagt 20 uur en de maximale duur is 2 maanden.

▪

Dit product kan na het bereiken van de maximale duur en/of omvang verlengd worden.

Nazorg Cliënt

Ouders en/of jeugdige die verplicht hulp en begeleiding opgelegd hebben gekregen door de kinderrechter in de vorm van een ondertoezichtstelling, voogdijmaatregel of jeugdreclassering. Nazorg is alléén van toepassing wanneer na beëindiging van de maatregel nog verdere hulp en begeleiding van de jeugdbeschermer/ medewerker jeugdreclassering noodzakelijk is.

Opdracht

Nazorg heeft als doel dat de jeugdige en het gezin zelf verder kunnen, eventueel met behulp van het netwerk en/of vrijwillige hulpverlening.

Inhoud

De inzet van de expertise van de professional van de GI is er op gericht om een soepele overgang en overdracht naar het vrijwillig kader te bevorderen. De professional van de GI zorgt voor: ▪

Afstemming over de eventuele vervolghulp in het vrijwillig kader. Indien nodig maakt de professional een inschatting voor de nog in te zetten jeugdhulp in overleg met de gemeentelijke toegang.

▪

Borging van de afspraken omtrent de veiligheid.

▪

Overdracht van de regietaken aan de lokale toegang.

Nazorg wordt uitgevoerd door dezelfde professional van de GI die de maatregel heeft uitgevoerd. ▪

Randvoorwaarden

Dit product kan alleen na goedkeuring door de gemeentelijke toegang, en eventueel op advies van de JBT, worden toegekend.

▪

De maximale omvang bedraagt 12 uur en de maximale duur is 2 maanden. Dit product kan niet worden verlengd.

Forza Cliënt

Forza is gericht op jongeren:

Opdracht

▪

In de leeftijd van 12 tot en met 17 jaar die de status van signaalverzuimer hebben bereikt.

▪

Die ongeveer 16 uur per maand verzuimen.

▪

Waarbij het aanspreken van de jongere zelf en zijn/haar ouders op het verzuim onvoldoende effect heeft.

▪

Waarbij de ouders onvoldoende betrokken zijn bij school.

▪

Waarbij de indruk bestaat dat er op verschillende leefgebieden problemen zijn.

▪

Die het contact met hun mentor van school uit de weg gaan.

▪

Waarbij sprake lijkt van weinig zichtbare motivatie.

De Forza aanpak zet in op aanpak van schoolverzuim nog voordat een proces-verbaal wordt opgemaakt (het zogenoemde signaalverzuim), om de negatieve spiraal van verzuim te kunnen doorbreken en mogelijk langdurige hulp in een gedwongen kader te voorkomen. Het hoofddoel is dat de jongere zo snel als mogelijk weer naar school gaat. Hiermee kan strafrechtelijk ingrijpen worden voorkomen.

Annex 2 Zorgproductenboek

57

De Forza aanpak gaat uit van vrijwillige deelname. Deze is echter niet vrijblijvend. Inhoud

De professional voert de volgende activiteiten uit: ▪

Pleegt interventies en brengt de oorzaken van het verzuim in kaart en pakt deze aan.

▪

Werkt systeemgericht.

▪

Organiseert een schoolberaad in een vroeg stadium van de hulpverlening.

▪

Werkt intensief samen met iedereen die een bijdrage kan leveren aan het stoppen van het schoolverzuim.

▪

Randvoorwaarden

▪

Heeft een directe, duidelijke en vasthoudende aanpak.

▪

Oefent (sociale) vaardigheden met de jongere.

▪

Evalueert het effect van de inzet van Forza.

Dit product kan alleen na goedkeuring door de gemeentelijke toegang, en eventueel op advies van de JBT, worden toegekend.

▪

Bij leerplichtambtenaren (en gemeentelijke toegang) ligt het besluit en initiatief om casuïstiek waar sprake is van schoolverzuim en (als gevolg van) onderliggende opvoed-/opgroeiproblematiek in te brengen bij de JBT.

▪

De omvang van dit product bedraagt 36 uur en duurt 3 maanden. Verlenging ligt niet voor de hand. Mocht inzet van Forza geen effect hebben, dan bespreekt de gemeentelijke toegang en/of JBT de verdere stappen die nodig zijn.

5.1.7 PRODUCTDEFINITIES DYSLEXIE Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED) Pre-screening

C P Cliënt

Opdracht

Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED) Diagnostiek

I D

C P

I D

Er zijn vermoedens van EED doordat het kind op drie

Er zijn vermoedens van Ernstige Enkelvoudige

achtereenvolgende meetmomenten op het gebied van

Dyslexie en cliënt is de pre-screening doorgekomen;

lezen en/of spellen tot de zwakste 10% behoort.

dat wil zeggen, voldoet aan de eisen van de pre-

Ondanks doelgerichte en voldoende oefening door de

screening en komt op grond daarvan in aanmerking

school, volgens de heersende richtlijnen (Masterplan

voor een diagnostiektraject om vast te stellen of er

Dyslexie) blijven voldoende resultaten achterwege.

sprake is van Ernstige Enkelvoudige Dyslexie.

Voordat een kind in aanmerking komt voor een

Uitvoeren van diagnostisch onderzoek met daarvoor

diagnostiektraject voor EED, moet het leesdossier

betrouwbare instrumenten om vast te stellen of er bij

voldoen aan de gestelde eisen beschreven in het

een kind sprake is van Ernstige Enkelvoudige Dyslexie

Masterplan Dyslexie. De school is verantwoordelijk

(EED).

voor het leesdossier. Onvolledige of onjuiste

In het Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling

leesdossiers worden niet in behandeling genomen.

(PDD&B) staan aanwijzingen voor de wijze waarop

Het gaat bij dit product om de screening van het

Diagnostiek moet worden uitgevoerd en welke

leesdossier.

instrumenten hiervoor mogen worden gebruikt. Daarnaast worden zowel in het PDD&B als in de Veldnorm Dyslexiezorg richtlijnen gegeven voor de duur van een diagnostiektraject.

Eisen aan inhoud

▪

Pre-screening moet worden uitgevoerd volgens de

▪

Diagnostiek moet worden uitgevoerd volgens de

uitgangspunten van het Protocol Dyslexie

uitgangspunten van het Protocol Dyslexie

Diagnostiek en Behandeling (PDD&B 2.0). Dit

Diagnostiek en Behandeling (PDD&B 2.0). Dit

Annex 2 Zorgproductenboek

58

protocol is een leidraad voor het indiceren,

protocol is een leidraad voor het indiceren,

diagnosticeren en behandelen van EED.

diagnosticeren en behandelen van EED. ▪

Gebruik van gevalideerde en betrouwbare meetinstrumenten om EED vast te kunnen stellen. Geen herhaling van onderzoeken die binnen de geldigheidsduur door anderen zijn uitgevoerd. Zo mogelijk gebruik maken van nog geldige onderzoeksresultaten uitgevoerd door andere professionals.

Eisen aan

Zie Algemene voorwaarden Sociaal Domein.

professional

Zie Algemene voorwaarden Sociaal Domein.

Aanvullend hierop: ▪ ▪

Aanvullend hierop:

Scholen zijn verplicht om te werken volgens het

▪

Masterplan Dyslexiezorg.

worden gewerkt met de uitgangspunten van het

Voor de uitvoering van Dyslexiezorg voor EED moet

Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling

worden gewerkt met de uitgangspunten van het Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling

▪

(PDD&B 2.0). ▪

Naast het Protocol Dyslexie Diagnostiek en

(PDD&B 2.0). Dit protocol is een leidraad voor het

Behandeling zijn ook de uitgangspunten van de

indiceren, diagnosticeren en behandelen van EED.

zogenaamde Veldnorm dyslexiezorg (ontwikkeld

Gemeenten houden zich het recht voor bij opdrachtnemers inzicht te vragen in de beoordeelde

▪

Voor de uitvoering van Dyslexiezorg voor EED moet

door NRD en KD) van belang. ▪

Gemeenten houden zich het recht voor bij

leesdossiers.

opdrachtnemers inzicht te vragen in de behaalde

Opdrachtnemer hanteert de kwaliteitsnormen van

resultaten én cliënttevredenheid zoals aangeleverd

het Nederlands Kwaliteitsinstituut Dyslexie, inclusief de bijbehorende veldnormen voor de duur van de behandeling (voortvloeiend uit het protocol Blomert).

bij het NKD. ▪

Opdrachtnemer hanteert de kwaliteitsnormen van het Nederlands Kwaliteitsinstituut Dyslexie, inclusief de bijbehorende veldnormen voor de duur van de behandeling (voortvloeiend uit het protocol Blomert).

Omvang

Voor de pre-screening van een volledig en correct

Diagnostiek omvat afname testen, uitwerking,

zorgproduct

leesdossier (aan te leveren door de school) mag

interpretatie, verslaglegging en afrondingsgesprek

en tarief

maximaal 1 uur worden berekend.

met ouders en school. Het betreft een product van maximaal 14 uur.

Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED) Behandeling

C P Cliënt

I D

Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED) Verlenging behandeling

C P

I D

Via een diagnostiektraject EED is vastgesteld dat er bij

Via een diagnostiektraject EED is vastgesteld dat er bij

cliënt sprake is van EED. Daarmee komt cliënt in

cliënt sprake is van EED. Daarmee komt cliënt in

aanmerking voor een behandeltraject.

aanmerking voor een behandeltraject. Behandeling heeft nog niet het gewenste effect opgeleverd en er worden concrete resultaten verwacht door de behandeling met een aantal sessies te verlengen.

Annex 2 Zorgproductenboek

59

Opdracht

▪

Uitvoeren van een behandeling EED volgens de

Uitvoeren van een verlengde behandeling EED

uitgangspunten van het Protocol Dyslexie Diagnostiek

volgens de uitgangspunten van het Protocol Dyslexie

en Behandeling (PDD&B 2.0).

Diagnostiek en Behandeling (PDD&B 2.0). ▪

Behandeling omvat individuele behandeling aan het kind, en het actief betrekken en inzetten van ouders

het kind, en het actief betrekken en inzetten van

en onderwijs ten behoeve van de beoogde

ouders en onderwijs ten behoeve van de beoogde

resultaten. Eveneens vinden binnen deze tijd

resultaten. Eveneens vinden binnen deze tijd

tussentijdse toetsen plaats, afsluitende gesprekken

tussentijdse toetsen plaats, afsluitende gesprekken

met ouders en onderwijs. Ook nazorg is

met ouders en onderwijs. Ook nazorg is

onderdeel van het behandeltraject en wordt

onderdeel van het behandeltraject en wordt

verzorgd door de opdrachtnemer. Een actieve

verzorgd door de opdrachtnemer. Een actieve

houding en inzet van cliënt en ouders of netwerk

houding en inzet van cliënt en ouders of netwerk

(regelmatig oefenen) worden door opdrachtnemer

(regelmatig oefenen) worden door opdrachtnemer

gestimuleerd en vooraf vastgelegd in een contract

gestimuleerd en vooraf vastgelegd in een contract

met kind/ouders. ▪

met kind/ouders. ▪

Borgen van aangeleerde vaardigheden om resultaten na de behandeling te bestendigen.

▪

Behandeling omvat individuele behandeling aan

Borgen van aangeleerde vaardigheden om resultaten na de behandeling te bestendigen.

▪

Consult half jaar na afsluiting behandeling voor monitoring en bestendiging resultaten.

Consult half jaar na afsluiting behandeling voor monitoring en bestendiging resultaten.

Eisen aan

Behandeling moet worden uitgevoerd volgens de

Behandeling moet worden uitgevoerd volgens de

inhoud

uitgangspunten van het Protocol Dyslexie Diagnostiek

uitgangspunten van het Protocol Dyslexie Diagnostiek

en Behandeling (PDD&B 2.0). Dit protocol is een

en Behandeling (PDD&B 2.0). Dit protocol is een

leidraad voor het indiceren, diagnosticeren en

leidraad voor het indiceren, diagnosticeren en

behandelen van EED.

behandelen van EED.

Zie Algemene voorwaarden Sociaal Domein.

Zie Algemene voorwaarden Sociaal Domein.

Eisen aan professional

Aanvullend hierop: ▪

Voor de uitvoering van Dyslexiezorg voor EED moet

Aanvullend hierop: ▪

worden gewerkt met de uitgangspunten van het

worden gewerkt met de uitgangspunten van het

Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling

Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling

(PDD&B 2.0). ▪

▪

▪

Voor de uitvoering van Dyslexiezorg voor EED moet

Naast het Protocol Dyslexie Diagnostiek en

(PDD&B 2.0). ▪

Naast het Protocol Dyslexie Diagnostiek en

Behandeling zijn ook de uitgangspunten van de

Behandeling zijn ook de uitgangspunten van de

zogenaamde Veldnorm dyslexiezorg van belang.

zogenaamde Veldnorm dyslexiezorg van belang.

Gemeenten houden zich het recht voor bij

▪

Gemeenten houden zich het recht voor bij

opdrachtnemer inzicht te vragen in de behaalde

opdrachtnemer inzicht te vragen in de behaalde

resultaten én cliënttevredenheid zoals aangeleverd

resultaten én cliënttevredenheid zoals aangeleverd

bij het NKD.

bij het NKD.

Opdrachtnemer hanteert de kwaliteitsnormen van

▪

Opdrachtnemer hanteert de kwaliteitsnormen van

het Nederlands Kwaliteitsinstituut Dyslexie, inclusief

het Nederlands Kwaliteitsinstituut Dyslexie, inclusief

de bijbehorende veldnormen voor de duur van de

de bijbehorende veldnormen voor de duur van de

behandeling (voortvloeiend uit het protocol Blomert).

behandeling (voortvloeiend uit het protocol Blomert).

Een gemiddelde behandeling EED omvat maximaal 69

Voor een klein aantal kinderen met EED (maximaal

uren (incl. behandelingen voor nazorg). Deze

10%) is een behandeling van de gemiddelde

behandeltijd is haalbaar voor tenminste 90% van de

behandelduur van 69 uren niet voldoende. In die

behandelingen. De 69 uren zijn inclusief

gevallen is het mogelijk om, in overleg met de

Annex 2 Zorgproductenboek

60

meetmomenten, eindevaluatie, afstemming met

gemeentelijke toegangsverlener, een verlenging van

onderwijs en nazorg.

de behandeltijd aan te vragen voor 12 uren.

Prestatieafspraken met Dyslexie aanbieders: ▪

▪

▪

▪

▪ ▪

Opdrachtnemer levert jaarlijks de resultaten zoals opgevraagd door het NKD, aan bij de opdrachtgever. Hierin worden o.a. resultaten van de EED-zorg en de cliënttevredenheid inzichtelijk gemaakt. Opdrachtnemer stelt voorwaarden aan ouders/verzorgers voor wat betreft het oefenen met het kind tijdens de behandeling. Hierbij wordt de richtlijn uit het protocol gevolgd: naast de behandelsessie investeren ouders/verzorgers in thuisoefeningen op alle andere werkdagen van 10-20 minuten per dag. Wanneer ouders niet in staat zijn om hierin te voorzien (door onvoldoende inzicht in de materie), kijkt opdrachtnemer of er in het netwerk van het gezin mogelijkheden zijn om dit oefenen te realiseren. Mocht dat niet het geval zijn stemt opdrachtnemer af met de gemeentelijke toegangsverlener om te zoeken naar mogelijkheden binnen het preventieve jeugdbeleid. Opdrachtnemers zorgen er gezamenlijk voor dat de prevalentie in de regio van de opdrachtgever niet hoger is dan het landelijk gemiddelde. Elke opdrachtnemer heeft daarin een gedeelde verantwoordelijkheid. Dit betekent dat kritisch wordt gekeken naar de instroom en het onderwijs wordt gewezen op haar verantwoordelijkheden. Opdrachtgever verwacht daarbij een onafhankelijke opstelling van alle opdrachtnemers.

Opdrachtnemer monitort de prevalentiegegevens in zijn eigen organisatie (aantallen instroom; doorstroom na pre-screening; doorstroom na diagnostiek) en kan deze, op aanvraag van de opdrachtgever, elk kwartaal leveren. Opdrachtnemer maakt inzichtelijk op welke wijze zij bijdraagt aan innovatie van de dyslexiezorg. Opdrachtnemer kan inzichtelijk maken op welke wijze zij bijdraagt aan de deskundigheidsbevordering in het onderwijs, zodat het onderwijs zorgt voor een goed en volledig leesdossier.

Annex 2 Zorgproductenboek

61

5.1.8 PRODUCTDEFINITIES OVERIG JEUGD Kindergeneeskunde ADHD-zorg (traject van 1 jaar)

C P Opdracht

Psychische en psychiatrische zorg (traject van 1 jaar)

I D

C P

I D

Consulten voor diagnose en behandeling van ADHD

Consulten voor de diagnostiek en behandeling van

en eventuele medicijncontrole.

specifiek psychiatrische stoornissen (waaronder

ADHD is een psychische stoornis die valt onder de

autisme en depressie) en eventuele

DSM-classificatie ‘Aandachtstekortstoornis met

medicijncontrole. Onderzoek naar mogelijk

hyperactiviteit. Kenmerken zijn impulsief gedrag,

lichamelijke oorzaken bij psychiatrische stoornissen.

concentratieproblemen, rusteloosheid en

Bijvoorbeeld als een kind wordt doorverwezen naar

leermoeilijkheden. De symptomen beginnen in de

de kinderarts met somatische klachten zoals

kindertijd en werken veelal belemmerend bij het

hoofdpijn of buikpijn waar uiteindelijk een psychische

dagelijks maatschappelijk functioneren.

oorzaak (bijvoorbeeld depressie) aan ten grondslag ligt. Uitsluiten van lichamelijke oorzaken.

Eisen aan inhoud

NB Gaat niet over verstrekken van Psychofarmaca

NB Gaat niet over verstrekken van Psychofarmaca

extramuraal; deze vallen niet onder de Jeugdwet.

extramuraal; deze vallen niet onder de Jeugdwet

Volgens de multidisciplinaire richtlijn16 uit 2005 is

Nauwe samenwerking kinderarts en psychologische

somatisch onderzoek een noodzakelijk onderdeel van

dienstverlening.

het diagnostisch proces. Het doel van het somatisch onderzoek is primair het uitsluiten van een aantal

Nauwe samenwerking met relevante betrokkenen in

somatische aandoeningen die de symptomen kunnen

het netwerk van cliënt.

verklaren en het opsporen van mogelijke contraindicaties en interferenties van medicatie. Nauwe samenwerking kinderarts en psychologische dienstverlening. Nauwe samenwerking met relevante betrokkenen in het netwerk van cliënt. Eisen aan professional

▪

Uitvoering door gekwalificeerd kinderarts.

▪

Uitvoering door gekwalificeerd kinderarts.

▪

Professional werkt volgens de richtlijnen en

▪

Professional werkt volgens de richtlijnen en

▪

kwaliteitseisen voor de kindergeneeskundige zorg

kwaliteitseisen voor de kindergeneeskundige zorg

van de Nederlandse Vereniging voor

van de Nederlandse Vereniging voor

Kindergeneeskunde (NVK).

Kindergeneeskunde (NVK).

De professional werkt integraal en hanteert het principe één gezin, één plan, één regisseur.

16

▪

De professional werkt integraal en hanteert het principe één gezin, één plan, één regisseur.

Multidisciplinaire richtlijn ADHD, Richtlijn voor de diagnostiek en behandeling van ADHD bij kinderen en jeugdigen, 2005

Annex 2 Zorgproductenboek

62

▪

De professional werkt binnen een netwerk van

▪

De professional werkt binnen een netwerk van

professionals en organiseert daar waar nodig een

professionals en organiseert daar waar nodig een

multidisciplinair overleg.

multidisciplinair overleg.

5.2 WMO 5.2.1 PRODUCTDEFINITIES HUISHOUDELIJKE HULP Schoon Huis17

C P Cliënt

Regie op gestructureerd huishouden18

I D

C P

I D

De cliënt is aangewezen op ondersteuning, omdat

De cliënt ervaart verlies van regie bij het organiseren

hij/zij de huishoudelijke werkzaamheden niet (meer)

en structureren van het huishouden. De regie van het

zelf kan uitvoeren. De werkzaamheden moeten

huishouden moet (deels) overgenomen worden. Het

worden overgenomen, omdat het cliëntsysteem niet in

cliëntsysteem is niet in staat dit (volledig) op te

staat is dit (volledig) op te vangen.

vangen.

Te bereiken resultaat: een schoon huis.

Te bereiken resultaat: een schoon huis en een gestructureerd huishouden.

Opdracht

▪

Schoonmaken (stoffen, stofzuigen, dweilen, sanitair,

▪

Organisatie of regie op het huishouden.

etc.).

▪

Plannen en beheren van middelen m.b.t. het

▪

Boodschappen doen.

▪

Maaltijden klaarzetten of bereiden.

▪

Trainen en aanleren van vaardigheden.

▪

Wasverzorging.

▪

Signaleren afnemende zelfredzaamheid.

▪

Bij de uitvoering van de werkzaamheden

▪

Tijdelijk zorgen voor kinderen.

huishouden.

verwachten we een actieve signalering van de uitvoerende medewerker naar de gemeente bij bijzonderheden. Eisen aan

Zie Algemene voorwaarden Sociaal Domein.

Zie Algemene voorwaarden Sociaal Domein.

De ondersteuning wordt thuis bij de cliënt geboden.

De ondersteuning wordt thuis bij de cliënt geboden.

inhoud Als ondersteuning van dit niveau noodzakelijk is, vallen de taken uit product “Schoon Huis” óók onder dit product. Eén huishoudelijke hulp verzorgt dan alle taken. Overige

CAO VVT is van toepassing.

CAO VVT is van toepassing.

opmerkingen

17 18

Dit product zetten alleen de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Epe, Hattem, Heerde, Lochem en Voorst in. Dit product zetten alleen de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Epe, Hattem, Heerde, Lochem en Voorst in.

Annex 2 Zorgproductenboek

63

5.2.2 PRODUCTDEFINITIE PERSOONLIJKE VERZORGING Persoonlijke verzorging

C P Cliënt

I D

Het verrichten van de algemene dagelijkse levensbehoeften (ADL) is optimaal, dan wel toereikend, in samenhang met het sociaal netwerk en algemene voorzieningen. De doelen zijn geëvalueerd en bereikt. De professional kan zijn/haar rol beperken of beëindigen. De cliënt kan verder, al dan niet met passende ondersteuning.

Opdracht

Onderscheid tussen Wmo 2015 en Zorgverzekeringswet: Persoonlijke verzorging valt alleen onder de Wmo 2015 wanneer de behoefte aan persoonlijke verzorging samenhangt met de behoefte aan begeleiding. Voor de Wmo 2015 geldt het criterium van de behoefte aan ondersteuning bij de zelfredzaamheid. Voor de Zorgverzekeringswet geldt het criterium van de behoefte aan geneeskundige zorg, of een hoog risico daarop. Zodra er sprake is van gekwalificeerde/ medische (geneeskundige) handelingen of een verhoog risico daarop, dan komt de cliënt voor alle persoonlijke verzorging in alle gevallen geheel in de ZVW. ADL Opdrachtnemer ondersteunt de cliënt 1 op 1 bij het uitvoeren van de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) voor zover die vallen binnen het domein van de Wmo, waaronder:

Eisen aan inhoud

▪

In en uit bed komen

▪

Toiletbezoek

▪

Aan-en uitkleden

▪

Eten/drinken

▪

Bewegen

▪

Medicijnen aanreiken

▪

Lopen

▪

Ontspanning en

▪

Gaan zitten en weer opstaan

▪

Sociaal contact

▪

Lichamelijke hygiëne

Opdrachtnemer levert een bijdrage aan het vergroten en behouden van zelfredzaamheid in het dagelijks leven thuis. Dit gebeurt door het bieden van ondersteuning aan cliënt(systeem). Waar nodig wordt afgestemd met andere professionals die bij het cliënt(systeem) betrokken zijn.

Eisen aan professional

Aanvullend op Algemene voorwaarden Sociaal Domein: ▪

De professional gaat uit van wat een cliënt zelf kan of wellicht kan leren om zelfstandig te kunnen leven, wat mensen in de omgeving en/of vrijwilligers kunnen betekenen (samen) en pas daarna wat de professional daar aan kan toevoegen. Dit in combinatie met de individuele begeleiding die hij biedt.

▪

De professional werkt, voor zover van toepassing, integraal en hanteert het principe van één gezin, één plan, één regisseur.

▪

De ondersteuning is niet vrijblijvend maar resultaatgericht.

▪

De professional communiceert met cliënt(systeem) op verstaanbare wijze en voor cliënt begrijpelijk niveau.

Annex 2 Zorgproductenboek

64

5.2.3 PRODUCTDEFINITIES RESPIJTOPVANG WMO EN MO/BW19 Respijtzorg is zorg ter ontlasting van de informele zorg rond een cliënt. Respijtzorg wordt ingezet in het belang van de mantelzorger en de zorgvrager. De mantelzorger krijgt tijd voor zichzelf en de zorgvrager komt in contact met anderen. Er zijn diverse vormen van respijtzorg: ▪ Bij de cliënt thuis ▪ Op locatie van een opdrachtnemer ▪ In een logeergezin De gemeenten zien de meerwaarde van de inzet van een mix van professionals en nietprofessionals (vrijwilligers en/of ervaringsdeskundigen). Het is aan de opdrachtnemers hoe zij op deze mix inzetten, binnen de gestelde kwaliteitseisen en rekening houdend met de cliënt. Respijtopvang (thuis of buitenshuis) wordt ingepland en kan zo nodig structureel worden ingezet voor een aantal weekenden per jaar, voor enkele dagen per week of langer. Dit is ter beoordeling van de toegangsmedewerker.

Respijtopvang Thuis

C P Cliënt

I D

Respijtopvang Basis

C P

I D

Respijtopvang Hoog

C P

I D

De cliënt is door zijn of haar

De cliënt is door zijn of haar

De cliënt is door zijn of haar

zorgbehoefte aangewezen op zorg

zorgbehoefte (tijdelijk) aangewezen

zorgbehoefte (tijdelijk) aangewezen

die gepaard gaat met toezicht (géén

op zorg die gepaard gaat met

op zorg die gepaard gaat met

24 uur). De ontlasting van de

permanent toezicht (24 uur). Het

permanent toezicht (24 uur). De

persoon die gebruikelijke zorg of

ontlasten van de persoon die

ontlasting van de persoon die

mantelzorg levert aan de cliënt is

gebruikelijke zorg of mantelzorg

gebruikelijke zorg of mantelzorg

noodzakelijk. Deze hulp wordt in de

levert aan de cliënt is noodzakelijk.

levert aan de cliënt is noodzakelijk.

thuissituatie geboden. De

Deze hulp kan zowel op een locatie

Deze hulp kan zowel op een locatie

problematiek is zodanig dat de

van een opdrachtnemer geboden

van een opdrachtnemer geboden

cliënt, met inzet van dit product, in

worden als ook in de thuissituatie of

worden als ook in de thuissituatie of

de thuissituatie kan functioneren.

in een logeergezin. Er is (nog) geen

in een logeergezin. Er is sprake van

sprake van zware problematiek,

zware problematiek, cliënt heeft

cliënt heeft enige individuele

veel individuele begeleiding nodig

begeleiding nodig en kan

en kan functioneren in een groep.

functioneren in een groep. Opdracht

▪

De opdrachtnemer die respijtopvang

De opdrachtnemer die respijtopvang

De opdrachtnemer die respijtopvang

thuis levert, levert zorg in de

basis levert, zorgt voor permanent

hoog levert, zorgt voor permanent

thuissituatie van de cliënt.

toezicht op de locatie, thuissituatie

toezicht op de locatie, thuissituatie

Dit product wordt ingezet om:

of in het logeergezin. Dit product

of in het logeergezin. Dit product

wordt ingezet om:

wordt ingezet om:

De betrokken(en) die gebruikelijke zorg of mantelzorg

19

Voor Respijtopvang Jeugd gelden aparte producten, zie paragraaf 5.1.5.

Annex 2 Zorgproductenboek

65

levert te ontlasten. ▪

▪

▪

De betrokken(en) die

▪

De betrokken(en) die

En/of

gebruikelijke zorg of mantelzorg

gebruikelijke zorg of mantelzorg

Een zwaardere interventie op een

levert te ontlasten. En/of

levert te ontlasten. En/of

later moment in het cliënttraject te ▪

Een zwaardere interventie op een ▪

Een zwaardere interventie op een

voorkomen. En/of

later moment in het cliënttraject te

later moment in het cliënttraject te

De cliënt te ondersteunen bij het afschalen van een zwaarder

voorkomen. En/of ▪

(intramuraal) product.

De cliënt te ondersteunen bij het

voorkomen. En/of ▪

De cliënt te ondersteunen bij het

afschalen van een zwaarder

afschalen van een zwaarder

(intramuraal) product.

(intramuraal) product.

vormgegeven door vrijwilligers en/of

Er is 24 uur (pedagogische)

Er is 24 uur (pedagogische)

ervaringsdeskundigen. Het product

begeleiding aanwezig voor

begeleiding aanwezig voor

wordt ingezet als aanvulling op het

ondersteuning aan de cliënt en/of

ondersteuning aan de cliënt en/of

wonen in de thuissituatie. Het is aan

voor het organiseren van

voor het organiseren van

de aanbieder om te zorgen dat

dagactiviteiten. Het wordt ingezet

dagactiviteiten. Het wordt ingezet

cliënt zich thuis, ondanks

als aanvulling op het wonen in de

als aanvulling op het wonen in de

(gedeeltelijke) afwezigheid van de

thuissituatie.

thuissituatie.

Professionele en informele

Professionele en informele

De begeleiding kan deels worden

mantelzorger, voldoende begeleid voelt.

ondersteuning die al betrokken is bij

ondersteuning die al betrokken is bij

Professionele en informele

de cliënt en/of cliëntsysteem wordt

de cliënt en/of cliëntsysteem wordt

ondersteuning die al betrokken is bij

zo optimaal mogelijk benut c.q.

zo optimaal mogelijk benut c.q.

de cliënt en/of cliëntsysteem wordt

betrokken.

betrokken.

zo optimaal mogelijk benut c.q. betrokken. Resultaat

▪

Betrokken(en) die gebruikelijke

▪

zorg of mantelzorg levert is Zwaardere interventies zijn

Verblijf

Cliënt is ondersteund bij het

Zwaardere interventies zijn

ontlast; En/of ▪

voorkomen, en/of ▪

Cliënt is ondersteund bij het

Betrokken(en) die gebruikelijke zorg of mantelzorg levert is

ontlast, en/of ▪

voorkomen. En/of ▪

▪

zorg of mantelzorg levert is

ontlast. En/of ▪

Betrokken(en) die gebruikelijke

Zwaardere interventies zijn voorkomen; En/of

▪

Cliënt is ondersteund bij het

afschalen van een zwaarder

afschalen van een zwaarder

afschalen van een zwaarder

(intramuraal) product.

(intramuraal) product.

(intramuraal) product

De cliënt verblijft thuis.

Standaard.

Standaard.

Hieronder vallen in een all-in tarief:

Hieronder vallen in een all-in tarief:

▪

Hotelmatige kosten

▪

Hotelmatige kosten

▪

Kapitaallasten

▪

Kapitaallasten

▪

Het agogisch klimaat

▪

Het agogisch klimaat

Agogisch

Een agogisch klimaat is niet van

Het agogisch klimaat is onderdeel

Het agogisch klimaat is onderdeel

klimaat en

toepassing, omdat de cliënt thuis

van dit product. Het accent van zorg

van dit product. Het accent van zorg

Begeleiding

verblijft.

verschilt per individu. Een cliënt kan

verschilt per individu. Een cliënt kan

Individueel

Begeleiding Individueel is onderdeel

bijvoorbeeld gebaat zijn bij een

bijvoorbeeld gebaat zijn bij een

tijdens het

van het product respijtopvang.

prikkelarme omgeving en vraagt

prikkelarme omgeving en vraagt

daarom om individuele begeleiding

daarom om meer individuele

of persoonlijke verzorging, maar het

begeleiding of meer persoonlijke

kan ook zijn dat een cliënt baat

verzorging dan in het geval van

heeft bij een duidelijke structuur met

Respijtopvang Basis, maar het kan

diverse dagactiviteiten in

ook zijn dat een cliënt meer baat

groepsverband. Veiligheid van cliënt

heeft bij een duidelijke structuur met

verblijf

Annex 2 Zorgproductenboek

66

binnen het agogisch klimaat is

diverse dagactiviteiten in

geborgd.

groepsverband. Veiligheid van cliënt

Er is een agogisch klimaat van

binnen het agogisch klimaat is

belang wat, naast het bieden van

geborgd.

ontspanning en activiteiten, ook

Er is een agogisch klimaat van

gericht is op het ontwikkelen van

belang wat, naast het bieden van

competenties en/of het zoveel als

ontspanning en activiteiten, ook

mogelijk vergroten van

gericht is op het ontwikkelen van

zelfstandigheid/zelfredzaamheid.

competenties en/of het zoveel als mogelijk vergroten van

Begeleiding Individueel is onderdeel

zelfstandigheid/zelfredzaamheid.

van het product respijtopvang. Begeleiding Individueel is onderdeel van het product respijtopvang. Begeleiding

Als de cliënt al beschikte over een

Is onderdeel van dit product.

Is onderdeel van dit product.

Groep

toewijzing voor Begeleiding Groep,

Accent van zorg kan verschillen.

Accent van zorg kan verschillen.

wordt die tijdens de respijtopvang

Zie hierboven.

Zie hierboven.

gecontinueerd. Eisen aan

De professional is in staat goed in te

De professional is in staat goed in te

De professional is in staat goed in te

professionals

schatten welke zorg de cliënt nodig

schatten welke zorg de cliënt nodig

schatten welke zorg de cliënt nodig

heeft en is in staat om de al

heeft en is in staat om de al

heeft en is in staat om de al

aanwezige professionele en

aanwezige professionals te

aanwezige professionals te

informele ondersteuning te

betrekken.

betrekken.

betrekken.

▪

▪

Het product gaat uit van een

groepsgrootte van 20 cliënten

die samen 266,0 netto

die samen 266,0 netto

roosteruren per week agogisch

roosteruren per week agogisch

klimaat ontvangen. Dat komt

klimaat ontvangen. Dat komt

neer op 1,5 netto uren agogisch

neer op 1,9 netto uren agogisch

klimaat per cliënt per dag. ▪

Het product gaat uit van een

groepsgrootte van 25 cliënten

Het agogisch klimaat wordt

klimaat per cliënt per dag. ▪

Het gemiddeld aantal uren

minimaal voor 20% door

Begeleiding Individueel is 2,5

hbo-professionals geboden.

uren per cliënt per week. ▪

Begeleiding Individueel wordt minimaal voor 10% door hbo-professionals geboden.

▪

Het agogisch klimaat wordt minimaal voor 20% door hbo-professionals geboden.

5.2.4 PRODUCTDEFINITIES ‘WERKT MEE’ VOOR WMO EN MO/BW ‘Werkt mee’ bestaat uit het aanbieden van passende werkzaamheden inclusief de bijbehorende begeleiding, waardoor cliënten een bijdrage leveren aan de maatschappij (stabiele arrangementen). Wanneer de inwoner zich kan ontwikkelen naar een volgende trede op de participatieladder omvat ‘Werkt mee’ ook de begeleiding van het traject dat de inwoner hiervoor moet doorlopen (ontwikkelarrangementen). De mate van begeleiding is afhankelijk van de positie van de inwoner op de participatieladder.

Annex 2 Zorgproductenboek

67

De gewenste resultaten: • Maatschappelijke (her)integratie van de inwoner (participatie). • Inwoner levert naar vermogen een bijdrage; waar mogelijk betaald (met ondersteuning) of als vrijwilliger. • Ontwikkeling van de inwoner in brede zin met als basis participatie De uitgangspunten van ‘Werkt mee’ zijn:

• Zo passend mogelijk: de kracht, kwaliteiten, mogelijkheden en ondersteuningsvraag van de inwoner staan centraal in relatie tot de gestelde doelen.

• Zo lokaal mogelijk: werkplekken worden zoveel mogelijk in de nabijheid van de inwoner georganiseerd. • Zo regulier mogelijk: bij voorkeur vindt het werk plaats op een reguliere werkplek bij een ondernemer of maatschappelijke organisatie

• Gericht op ontwikkeling: waar mogelijk vergroten of anders versterken of behouden van de mate van participatie (gekoppeld aan de participatieladder) én op persoonlijk vlak: groei van zelfvertrouwen en sociale vaardigheden en betere zelfbeheersing en gezondheid. Voor het meten van de mate van participatie in de samenleving wordt de participatieladder gehanteerd: Trede 1

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

Trede 6

Geïsoleerd

Ontmoeten

Bijdrage leveren

Onbetaald Werk

Betaald Werk met ondersteuning

Betaald Werk

a l l een functionel e Het deel nemen a a n een Ui tvoeren va n taken met l a ge Voert zel fs tandi g taken ui t met a a nvul l ende ui tkeri ng contacten zoa l s bezoek a ctivi tei t (bv curs us / werkdruk en wei ni g ei gen en/of dra a gt en i ns trumenten UWV of hui s a rts of boods cha ppen taa l l es /s port en bewegi ng) vera ntwoordel i jkhei d vera ntwoordel i jkhei d s tudi efi na nci eri ng Ni et va n toepa s s i ng

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10828269/1