361231 TransitieVisie Energie en Warmte DEF
Tekst van het document
energie en warmte
2
2
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
Inhoud Voorwoord van de wethouder Samenvatting Leeswijzer
5 7 12
1. 1.1. 1.2.
Inleiding Waarom gaan we naar een CO2-neutraal en aardgasvrij Epe? Wat is de Transitie Visie Energie en Warmte, en wat is het niet? • Energie – naar een CO2-neutrale gemeente • Warmte – In welke buurt gaan we starten met aardgasvrij? Hoe is deze Transitievisie Energie en Warmte tot stand gekomen? Voor wie is de Transitievisie Energie en Warmte?
14 14 15 16 16 17 20
2.1. 2.2. 2.3.
Belangrijkste uitgangspunten voor de energie- en warmtetransitie in de gemeente Epe Wat voor de gemeente Epe belangrijk is Wat voor de betrokken stakeholders belangrijk is Wat voor de inwoners van de gemeente Epe belangrijk is
22 22 23 25
3. 3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5. 3.6. 3.7. 3.8. 3.9.
Energietransitie in de gemeente Epe Analyse van CO2-uitstoot Gebouwde omgeving Mobiliteit Industrie en bedrijvigheid Landbouw Hernieuwbare energieopwekking Bovengemeentelijke overkoepelende taken Ondersteunende taken Samenvatting
28 28 30 32 34 35 36 38 38 39
4. 4.1. 4.2. 4.4. 4.5.
Aan de slag met de energietransitie Invloedsfeer gemeente Fasering projecten per oplossing Indicatief verloop De rol van de gemeente
42 42 42 45 46
5. 5.1. 5.1.1. 5.1.2. 5.2. 5.2.1. 5.2.3. 5.3. 5.3.1. 5.3.2. 5.4. 5.5.
De warmtetransitie in de gemeente Epe Strategische keuzes ten aanzien van de warmtetransitie Rolopvatting gemeente en tijdspad De opgave, startbuurten en (gemeentebreed) isoleren De opgave Aardgasvrij maken gebouwde omgeving Terugdringen van de warmtevraag Welke hernieuwbare warmtebronnen zijn in de gemeente Epe beschikbaar? Collectieve oplossingen Individuele oplossingen Match van warmtevraag en aanbod Hoofdstrategie en aanbevelingen voor de warmtetransitie in de gemeente Epe
49 49 50 50 52 52 52 53 53 57 58
1.3. 1.4. 2.
G EMEEN TE EPE
59
3
6. 6.1. 6.2. 6.3. 6.4. 6.5.
Selectie van startbuurt(en) Wanneer is een buurt kansrijk om te starten? Het afwegingskader De buurtvolgorde volgens het afwegingskader Beschrijving van de startbuurten De overige buurten
62 62 63 64 65 68
7. 7.1. 7.1.1. 7.1.2. 7.2. 7.2.1.
Aan de slag met de warmtetransitie Wat is er nodig om te komen tot Wijkuitvoeringsplannen? Gemeentelijke inzet Aanbevelingen voor de uitvoeringsorganisatie Hoe gaat de gemeente ondersteunen? ‘No-regret’ maatregelen
70 70 71 72 72 75
Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7
Begrippenlijst De organisatiestructuur Overzicht van mogelijke maatregelen in de energietransitie per sector Huidige en verwachtte inzet gemeentelijke organisatie in de energietransitie Beschrijving van hernieuwbare warmtetechnieken Overzicht restwarmtebronnen gemeente Epe Volledige buurtvolgorde gemeente Epe
77 79 81 86 88 91 92
4
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
Voorwoord van de wethouder De gemeente Epe is een bijzonder mooie gemeente. Er is veel om dankbaar voor te zijn: veel groen, veel natuur en binnen de gemeente zijn mooie dorpen met hun eigen karakter. Daar willen we zorgvuldig mee omgaan. Als we willen dat we deze eigenschappen voor de toekomstige generaties behouden blijven, moeten we aan de slag. Aan de slag met een visie en programma om de klimaatverandering en haar gevolgen tegen te gaan. We staan voor twee grote uitdagingen. De eerste is om ervoor te zorgen dat de gemiddelde temperatuur op aarde maximaal 2 graden stijgt, liever maar 1,5 graad. De tweede is overstappen op duurzame brandstoffen, want fossiele brandstoffen zijn de belangrijkste oorzaak van de CO2-uitstoot. In de Transitievisie Energie en Warmte vertalen wij deze opgaven naar wat dit voor de gemeente Epe, haar inwoners, ondernemers en andere organisaties in de gemeente Epe betekent. Met andere woorden: “Hoe zorgen we er voor dat bedrijven, instellingen, verkeer en de gebouwen in de gemeente Epe zo min mogelijk CO2-uitstoten, er duurzame energieprojecten worden ontplooid en dat inwoners op een zorgvuldige wijze begeleid worden bij de overstap naar het anders verwarmen van een woning dan met aardgas”.
Deze transformatie is niet van vandaag op morgen gerealiseerd en hangt nauw samen met andere onderwerpen, zoals de landbouwtransitie, vernatting, tegengaan van hittestress (klimaatadaptatie) en afspraken die gemaakt worden op mondiaal en nationaal niveau. Maar los daarvan is het een gegeven dat wij uiterlijk in 2050 alleen duurzaam opgewekt energie en geen aardgas meer gebruiken om onze woningen en bedrijven te verwarmen. 2050 Lijkt nog ver weg, maar het aardgasvrij maken van ruim 15.000 woningen en andere gebouwen is een enorme opgave. We hebben de tijd hard nodig om de warmtetransitie gefaseerd uit te voeren. Hoe gaan we dit doen? In het collegeprogramma hebben we de afspraak gemaakt om te komen tot een actuele lokale visie op de brede invulling van duurzaamheid. En voor u ligt een belangrijke stap hierin: de Transitievisie Energie en Warmte van de gemeente Epe. Een visie waarin wij aangeven met welke projecten wij de komende jaren aan de slag gaan om de CO2-uitstoot terug te dringen tot 0 in 2050. Maar het is het ook document waarin wij aangeven met welke warmte wij verwachten dat woningen en andere gebouwen in de nabije toekomst verwarmd gaan worden. De definitieve keus voor de warmte waarmee wij een woning gaan verwarmen is nog niet definitief. We stellen wel belangrijke uitgangspunten vast.
We staan voor een betaalbare, betrouwbare, realistische en een gedragen transitie. De gemeente gaat per buurt, samen met professionals en inwoners op zoek naar de meest haalbare en betaalbare alternatieven. Met haar belangrijkste stakeholders, die ook meeschreven, -dachten en input leverden aan de visie worden projecten uitgevoerd om de CO2-uitstoot te verkleinen. Als wethouder ben ik trots op deze gecombineerde visie. Een Transitievisie Warmte zonder Energie bestaat in mijn ogen niet. Door beide visies in één document te vatten, kunnen onderlinge verhoudingen en effecten goed gemonitord worden. Daarnaast is het een visie die wij niet alleen hebben opgesteld. Een opgave als deze kunnen wij niet alleen. Met kennis van partners en inwoners verwachten wij dat het programma daadwerkelijk uitgevoerd kan worden. We zijn dan ook erg blij dat onze inwoners via onder andere Epe Spreekt, het Energiecafé en de Energietafel hebben bijgedragen aan het opstellen van deze Transitievisie Energie en Warmte. Hen wil ik ontzettend bedanken voor hun inzet.
G EMEEN TE EPE
5
Ook veel anderen hebben ons geholpen met het opstellen van visie. Woonstichting Triada, netbeheerder Liander, Stichting Energie Coöperatie Epe, de Industriekring Eekterveld Vaassen, Bedrijvenkring Gemeente Epe, de ondernemersverenigingen, het Waterschap Vallei en Veluwe, de Omgevingsdienst Veluwe IJssel, ambtenaren van de gemeente Epe en onze Gebiedsregisseurs die onze tentakels in de wijken zijn: allemaal partners die onmisbaar zijn in de transitie. Ook hen wil ik graag bedanken. Maar het mag niet alleen bij mooie woorden blijven. De komende tijd zal de gemeente samen met haar partners gaan werken aan de uitvoering van deze visie. Ik hoop van harte dat iedere inwoner, ondernemer en organisatie van en in de gemeente Epe zich samen met ons wil gaan inspannen en de schouders onder deze uitdaging wil zetten.
Erik Visser Wethouder Duurzaamheid en Energietransitie
6
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
Samenvatting Het klimaat verandert als gevolg van de manier waarop wij met de aarde omgaan. Om deze verandering tegen te gaan moeten we overstappen op een CO2-neutrale energievoorziening. Daarbij hoort het aardgasvrij verwarmen van onze woningen, bedrijven en instellingen. Deze Transitievisie Energie en Warmte beschrijft hoe de gemeente Epe, samen met haar inwoners en stakeholders, de transitie naar een CO2-neutrale en aardgasvrije gemeente wilt vormgeven. De Transitievisie Energie en Warmte bestaat in feite uit een gemeenschappelijk deel, een energievisie en een warmtevisie. In het gemeenschappelijk deel is beschreven hoe en met wie deze visie tot stand gekomen is. De energievisie beschrijft de visie en aanpak van de gemeente Epe om in 2050 CO2-neutraal te zijn. Deze aanpak is gebaseerd op de vijf sectortafels uit het Klimaatakkoord, te weten de Gebouwde Omgeving, Industrie, Elektriciteit, Mobiliteit en Landbouw & Landgebruik. Daarbij wordt eerst de CO2-uitstoot per sector in kaart gebracht. Vervolgens worden er per sector bijpassende maatregelen geïdentificeerd om de CO2-uitstoot terug te dringen, met als stip op de horizon een CO2-neutrale gemeente in 2050. Na vaststelling van deze visie gaat de gemeente Epe samen met de belangrijkste stakeholders per sector aan de slag om deze maatregelen in de praktijk te brengen.
In de warmtevisie geeft de gemeente Epe aan wanneer welke buurt van het aardgas afgaat en met welke alternatieve warmtechniek de buurt (bij voorkeur) wordt verwarmd. De warmtevisie beschrijft daarmee de route tot een aardgasvrije gemeente en markeert de start voor de vervolgstap in de warmtetransitie: het opstellen van Wijkuitvoeringsplannen voor de startbuurten. De warmtevisie is geen definitief besluit voor warmtetechnieken of jaartallen waarop het aardgas wordt afgesloten. De keuze voor de voorlopige aardgasvrije variant is immers niet bindend. De definitieve variant, en de definitieve uitfasering van het aardgas, wordt vastgelegd in de Wijkuitvoeringsplannen voor alle buurten. De Transitievisie Energie en Warmte wordt uiteindelijk onderdeel van de gemeentelijke omgevingsvisie en de daarmee samenhangende uitvoeringsprogramma’s en omgevingsplannen. De Transitievisie Energie en Warmte wordt iedere vijf jaar geactualiseerd aan de hand van de laatste inzichten en ontwikkelingen Belangrijkste uitgangspunten voor de energie- en warmtetransitie in de gemeente Epe Deze Transitievisie Energie en Warmte is het resultaat van een uitgebreid proces, welke samen met de belangrijkste stakeholders en inwoners (in het geval van de energievisie) uit de gemeente Epe is doorlopen.
Daarbij hebben de gemeente Epe, betrokken stakeholders en geraadpleegde inwoners uitgangspunten meegegeven over hoe de energie- en warmtetransitie tot een succes kan worden gemaakt. Daarbij vinden zowel gemeente als betrokken stakeholders het in de energie en warmtetransitie van belang dat: • De transitie betaalbaar is en blijft voor alle inwoners van de gemeente Epe; • Inwoners gelegenheid krijgen om mee te denken en te doen; • Er oog is voor het Epese landschap en de leefomgeving; • Inwoners de mogelijkheid hebben financieel te participeren in de transitie.
G EMEEN TE EPE
7
Voor de energievisie zijn de inwoners van Epe via een burgerpanel en bewonersavond geraadpleegd over wat zij belangrijk vinden in de energietransitie. Zij hebben via een reeks stellingen uitgangspunten kunnen meegeven voor de energievisie. De uitkomsten van de raadpleging hebben tot de volgende uitgangspunten voor de energievisie geleid: • Energiebesparing is een belangrijke component van de energietransitie; • We zetten fors in op zon op dak, zowel bij woningen als bedrijven en instellingen; • We nemen een realistische ambitie op voor windmolens en zonneparken in de gemeente Epe. Bij de totstandkoming van de warmtevisie zijn inwoners geïnformeerd over het proces en de uitkomsten. In de warmtevisie wordt immers geen definitief besluit genomen over warmtetechnieken of jaartallen waarop het aardgas wordt afgesloten. Het definitieve besluit hierover wordt pas genomen in de stap die volgt op het vaststellen van de warmtevisie, namelijk het opstellen van Wijkuitvoeringsplannen. Daarom is bij het opstellen van de Wijkuitvoeringsplannen een uitgebreid participatietraject met inwoners voorzien.
Energie: de opgave en top-3 maatregelen per sector In de gemeente Epe wordt 225.991 ton CO2 uitgestoten in 2019. Daarbij nemen de sectoren mobiliteit en gebouwde omgeving de meeste uitstoot voor hun rekening, gevolgd door industrie en tot slot de landbouw. Om een CO2-neutrale gemeente te worden, moeten we ook onze energievoorziening verduurzamen. Daarmee geldt hernieuwbare energieopwekking als de vijfde sector. Per sector zien we de volgende top-3 maatregelen en de volgende actoren (partners) om gezamenlijk de maatregelen mee uit te voeren. Sector
Top 3 maatregelen
Actoren
Mobiliteit
Aanleg van laadinfrastructuur
Voertuigeigenaren
Meer woon-werkverkeer per fiets en OV
Logistieke sector en Transport
Verduurzamen aanbestedingen wegonderhoud
Netbeheerder Liander
Gebouwde
Stimuleren verduurzamen woningvoorraad
Woningeigenaren
omgeving
Aanpak maatschappelijk vastgoed
Woningcorporatie Triada e.a.
Toekomstbestendig maken E-infrastructuur
Eigenaren maatschappelijk vastgoed Liander Energieloket
Industrie
Collectieve aanpak bedrijventerreinen (met aandacht voor alternatief gas, restwarmte en energieopwekking (zon en wind)
Bedrijfseigenaren Ondernemersverenigingen, industriekring en bedrijvenkring
Handhaven erkende maatregelen
Netbeheerder Liander
Stimuleren circulaire economie:
Omgevingsdienst OVIJ
Procesindustrie en reststromen verduurzamen Landbouw
Natuurinclusieve kringlooplandbouw
Boeren
Uitbreiding van bosareaal
LTO
Stimuleren productie biogas door mestvergisting
Energiecoöperatie Omgevingsdienst OVIJ Netbeheerder Liander
8
Hernieuwbare
Stimuleren en vergunningverlening zonneparken
Energieloket
energie-
Stimuleren en vergunningverlening windparken
Taskforce Zon
opwekking
Stimuleren aanpak Grootschalig Zon op Dak.
Liander
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
Energie: wanneer gaan we met welke maatregelen aan de slag en wat is de rol van de gemeente in de energietransitie? Omdat we toewerken naar een volledig CO2-neutrale gemeente in 2050, moeten we met alle sectoren aan de slag. We kunnen echter niet overal tegelijk beginnen. Daarom brengen we volgordelijkheid aan op basis van de input van betrokken stakeholders, inwoners en verwachtte realisatiesnelheid. De focusgebieden tot en met 2030 zijn energiebesparing, zon op dak en realisatie van een collectief warmtenet. Betreft besparing zetten we in het bijzonder in op de sectoren industrie en gebouwde omgeving, omdat hier de invloed van de gemeente en partners relatief groot is. Inzetten op zon op dak is van belang om draagvlak in de transitie te behouden en toch de benodigde hoeveelheid duurzame energie op te wekken. Daarbij bezitten grote daken op industrieterreinen de meeste potentie. Door tijdig een warmtenet te realiseren, krijgen we zicht op het vervolg en verloop van de transitie. Op de langere termijn zetten we in op (een verkenning naar) geothermie als bron voor warmtenetten in de gemeente. Het is vooralsnog onzeker of inzetten op windenergie resultaat oplevert. Dit is onzeker door de complexiteit van de ruimtelijke inpassing in de buurt van natuurgebieden en onder behoud van maatschappelijk draagvlak.
Eveneens onzeker is de inzet van biomassa omwille van de maatschappelijke discussie over dit onderwerp. Tot slot is ook de inzet biogas onzeker, omdat realisatie hier berust bij de vrijwillige medewerking van boeren en intensieve voorbereidingstijd. Richting 2050 zetten we constant, maar met lagere intensiteit in op zon op de realisatie van zonneparken op land, zonthermiek en biobrandstoffen. De gemeente heeft een aanjagende en stimulerende rol in de energietransitie. Op dit moment werkt de gemeente Epe in meerdere sectoren en met meerdere partners aan de energietransitie. Om de hierboven genoemde maatregelen volledig uit te voeren, is een het benodigd de huidige capaciteit van 2,9 fte uit te breiden naar 5,9 fte.
Warmte: oplossingsrichtingen voor de buurten De gemeente Epe kent zo’n 14.500 woningen en andere gebouwen verspreid over een aantal woonkernen en het buitengebied. De eerste stap bij het aardgasvrij maken van deze woningen en andere gebouwen is het nemen van zogenaamde ‘no-regret’ maatregelen door de gebouweigenaren. Dat betekent dat alle inwoners van de gemeente Epe worden aangespoord om op natuurlijke momenten hun woning, bedrijf of andersoortig gebouw te isoleren en over te schakelen op een hybride warmtepomp. Deze stappen helpen bij het terugdringen van de warmtevraag (en dus de CO2-uitstoot) en bereiden het gebouw voor op de overstap naar een volledig aardgasvrije warmtevoorziening. Bij het volledig aardgasvrij maken van de buurten in de gemeente Epe genieten collectieve oplossingen (warmte wordt bij de afnemers gebracht via een warmtenet) de voorkeur boven individuele oplossingen omwille van de beoogde kosten. Collectieve oplossingen lijken mogelijk voor buurten in de nabijheid van bedrijventerrein Kweekweg en bedrijventerrein Eekterveld. Er is meer onderzoek nodig naar de potentie en de kansrijkheid van collectieve oplossingen in deze buurten in de Wijkuitvoeringsplannen. Ook loont het om verder onderzoek te doen naar de potentie en kansrijkheid van geothermie voor delen van Vaassen.
G EMEEN TE EPE
9
Voor de overige buurten is de individuele oplossing het eindbeeld voor 2050. Dit heeft enerzijds te maken met de afwezigheid van hernieuwbare collectieve warmtebronnen, anderzijds door buurtkenmerken als een te lage woningdichtheid. Ondersteunend aan de buurtoplossingen is het van belang dat de gemeente Epe inzet op de productie van biogas als duurzaam alternatief voor oude (monumentale) gebouwen.
Warmte: Waar gaan we starten met aardgasvrij maken van de gemeente Epe? Samen met de stakeholders heeft de gemeente Epe clusters met startbuurten aangewezen. De term ‘startbuurt’ wil zeggen dat we daar voor 2030 aan de slag willen met het opstellen van Wijkuitvoeringsplannen. De gemeente Epe kent de volgende startbuurten. We starten in 2022 met het cluster Kweekweg en cluster Eekterveld. Voor beide clusters geldt, dat ze zich centreren rond een bedrijventerrein. Deze bedrijventerreinen kunnen hun restwarmte (in combinatie met warmte gewonnen uit respectievelijk afvalwater en oppervlaktewater) via een warmtenet terugleveren aan de omliggende buurten. Voor beide bedrijventerreinen geldt ook dat er met een groep enthousiaste betrokkenen op het terrein al een verkenning is uitgevoerd naar de mogelijkheden rondom duurzame warmte. Dat maakt deze twee clusters een natuurlijk startpunt bij het aardgasvrij maken van de gemeente.
Cluster
Buurten
Voorkeursoplossing
Wanneer starten?
Kweekweg
Epe Centrum, Kweekweg,
Collectief (warmtenet)
2022
Gildehoek, Vegtelarij Eekterveld
Eekterveld, Heggerenk, Oosterhof
Collectief (warmtenet)
2022
Epe-Oene
Buiten Epe Noord, Epe Noord, Kern
Individueel all-electric,
2024
Oene
optioneel hybride tussenstap
Vaassen-
Klaarbeek, Vaassen Centrum,
Individueel all-electric
Klaarbeek
Vulcanus – De Pirk
2026
In 2024 gaan we vervolgens van start met het cluster Epe-Oene. Dit cluster is niet ontstaan vanuit een gemeenschappelijke bron, maar vanuit de opgave: we willen hier de CO2-uitstoot terugdringen en (met optioneel een hybride tussenstap) toewerken naar de all-electric eindoplossing. In 2026 starten we in het cluster Vaassen-Klaarbeek. Dit cluster is samengesteld op basis van de oplossingsrichting. De oplossingsrichting voor deze buurten is all-electric, zonder tussenstap zoals dat bij het Cluster Epe-Oene het geval is. Dit is mogelijk door het gemiddeld hoge energielabel. Dit cluster kenmerkt zich door een bovengemiddeld woningbezit door Woonstichting Triada. In alle overige buurten van de gemeente Epe starten we na 2030. Bij de herijking van deze warmtevisie (in 2026) wordt een doorkijk gegeven voor de buurten die in de periode na 2030 aan de beurt komen.
10
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
Warmte: vervolgstappen en wat kunt u nu al doen om uw woning of bedrijfspand te verduurzamen? Vanaf 2022 gaan we van start met het aardgasvrij maken van de gemeente. De eerste stap hierin is het opstellen van Wijkuitvoeringsplannen. Per cluster wordt er één Wijkuitvoeringsplan (WUP) opgesteld. Voor het opstellen van een Wijkuitvoeringsplan staat twee jaar. We willen deze plannen opstellen met alle inwoners, bedrijven en instellingen uit de betrokken buurten. Na het opstellen van de plannen is er maximaal acht jaar nodig voor de uitvoering. Zowel opstellen (0,8-1,1 fte per Wijkuitvoeringsplan) als uitvoeren (1,7-2,1 fte per Wijkuitvoeringsplan) van de Wijkuitvoeringsplannen vraagt de nodige capaciteit van de gemeente. De bedoeling is dat uiterlijk 2030 de eerste wijken volledig aardgasvrij zijn gemaakt in de gemeente Epe. De gemeente biedt ondersteuning aan inwoners, bedrijven en instellingen die vandaag nog aan de slag willen met de verduurzaming van hun huis of andersoortig pand. Zo voert de gemeente de komende jaren onder andere warmtescans uit bij inwoners, biedt het energiebesparingsadviezen aan, zijn er energiecoaches beschikbaar, heeft de gemeente een aantrekkelijke lening voor inwoners en non-profit organisaties beschikbaar en kunnen inwoners met vragen terecht bij het regionaal of lokaal energieloket.
G EMEEN TE EPE
11
Leeswijzer
ENERGIEVISIE
GEMEENSCHAPPELIJK DEEL
Voor u ligt de Transitievisie Energie en Warmte van de gemeente Epe. Dit document zal door inwoners, stakeholders, volksvertegenwoordigers en andere geïnteresseerden worden gelezen. Om deze verschillende doelgroepen van dienst te zijn is deze leeswijzer opgesteld. De leeswijzer geeft beknopt weer wat in welk hoofdstuk aan de orde komt.
In hoofdstuk 1 beschrijven we waarom we toewerken naar een CO2-neutrale en aardgasvrije gemeente en wat een Transitievisie Energie en Warmte precies is. Verder bevat dit hoofdstuk een beschrijving van hoe en met wie de Transitievisie Energie en Warmte tot stand gekomen is en tot welke lezersdoelgroepen we ons richten. In hoofdstuk 2 beschrijven we de belangrijkste uitgangspunten in de energie- en warmtetransitie. Daarin beschrijven we de uitgangspunten van de gemeente Epe, van de belangrijkste stakeholders die betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van deze visie en van de (geraadpleegde) inwoners uit de gemeente.
Hoofdstuk 3 biedt een overzicht van de CO2-uitstoot in de gemeente Epe, verdeeld over een vijftal sectoren. Hierop volgen de top drie maatregelen per sector. Met de ‘top drie’ maatregelen bedoelen we de belangrijkste maatregelen die de gemeente, samen met de betrokken stakeholders kan nemen om CO2-uitstoot terug te dringen.
WARMTEVISIE
In hoofdstuk 4 zijn de maatregelen per sector in de tijd weggezet, zodat een concrete aanpak met handelingsperspectief zichtbaar wordt. Ook wordt hier in het bijzonder stilgestaan bij de gevraagde inzet van de gemeente en andere stakeholders om de energietransitie in de gemeente Epe mogelijk te maken. Oftewel, dit hoofdstuk geeft antwoord op de vraag wanneer we welke maatregelen inzetten en wie daarvoor aan de lat staan.
Hoofdstuk 5 bevat de technische (warmte-) analyse. In dit hoofdstuk wordt antwoord gegeven op de vraag welke warmtebronnen er beschikbaar zijn in de gemeente en hoe we deze bronnen kunnen koppelen aan de toekomstige warmtevraag (de zogenaamde ‘warmtematch’). Ook bespreken we hier de zogenaamde strategische keuzes die we maken ten aanzien van de warmtetransitie, bijvoorbeeld of we zo snel mogelijk richting een aardgasvrije gemeente willen of dat CO2-besparing prioriteit geniet. Dit hoofdstuk wordt afgesloten met een conclusie in de vorm van een hoofdstrategie en actiepunten. In hoofdstuk 6 beschrijven we wanneer we in welke buurt starten en op basis van welke criteria daartoe besloten is. Buurten die niet als startbuurt genoemd zijn, staan gepland na 2030 en komen in een volgende Transitievisie Warmte aan de beurt. In hoofdstuk 7 beschrijven we het traject na de vaststelling van deze Transitievisie Warmte in de gemeenteraad: het opstellen van Wijkuitvoeringsplannen en wat inwoners zelf al kunnen doen die aan de slag willen met hun eigen huis of andersoortig gebouw.
12
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
Doel 2050: 2050:CO CO neutraal aardgasvrij Doel -neutraal aardgasvrij 2 2 AFSTEMMEN
Inwoners (energie) Stakeholders (energie & warmte) Gemeentelijke ambities
Transitievisie energie & warmte gemeente Epe
Omgevingsvisie Regionale energie strategie Klimaatakkoord
randvoorwaarden snelheid landschap
betaalbaarheid
participatie
integrale aanpak van opgaven lokaal eigendom
realisme
WAAR GAAT HET OVER? Transitievisie warmte
Transitievisie energie
Doelgroep
Waar en wanneer gaat welke buurt van het aardgas af?
Wanneer is welke sector aan de beurt?
Inwoners
Welk alternatieven voor aardgas?
Welke maatregelen kunnen we treffen om CO2 te besparen?
Bedrijven en instellingen Gemeenteraad
WAAR IS OVER BESLOTEN? Transitievisie warmte = buurten waarin we starten om een aardgasvrije gemeente te worden Transitievisie energie = maatregelen per sector waarmee we aan de slag gaan om een CO2 neutrale gemeente te worden
G EMEEN TE EPE
13
1. Inleiding In deze Transitievisie Energie en Warmte beschrijft de gemeente Epe de route naar een CO2-neutrale en aardgasvrije gemeente. In paragraaf 1.1. beschrijven we waarom we een CO2-neutrale en aardgasvrije gemeente nastreven. Vervolgens beschrijven we in paragraaf 1.2. wat een Transitievisie Energie en Warmte is en in paragraaf 1.3. hoe deze tot stand gekomen is. Tot slot staan we stil bij de verschillende lezersdoelgroepen van deze visie in paragraaf 1.4.
1.1. Waarom gaan we naar een CO2-neutraal en aardgasvrij Epe? Het klimaat verandert als gevolg van de manier waarop wij met de aarde omgaan. Bijna alle wetenschappers zijn het er over eens dat deze verandering wordt veroorzaakt door de uitstoot van CO2. Om klimaatverandering tegen te gaan, is in 2015 het Klimaatakkoord van Parijs gesloten. In Nederland zijn de afspraken van Parijs uitgewerkt in het nationale Klimaatakkoord. Het Klimaatakkoord gaat uit van een beperking van de CO2 van 49% in 2030. In 2050 loopt dit op tot bijna 100% (95% minder CO2-uitstoot ten opzichte van 1990). Daarbij wekken we alle energie die we gebruiken hernieuwbaar op. Dat geldt ook voor het verwarmen van onze woningen, bedrijven en instellingen. We verbranden daar geen aardgas meer voor maar stappen over op hernieuwbare warmtebronnen. Naast het tegengaan van klimaatverandering, stappen we ook over om versneld de aardgaswinning in Groningen te stoppen. Deze overstap heeft ook bijkomende voordelen, zoals een schonere leefomgeving en extra wooncomfort. Om deze doelen te realiseren moeten wij, met zijn allen, flink aan de slag. Dat doen we om de internationale en nationale doelen te behalen, maar ook om energie- en warmtetransitie in de gemeente Epe op een zorgvuldige wijze te laten voltrekken. We starten niet op 0.
De afgelopen jaren is hard gewerkt aan de doelen van de Duurzaamheids nota Epe en het Duurzaamheidsprofiel Epe 2014. Dit heeft geleid tot een veelheid aan activiteiten en maatregelen, die we samen met partners hebben uitgevoerd. De opgave is echter groot en noopt tot een heldere visie en concrete stappen om de doelen te realiseren. Voor de realisatie is inzet van de hele samenleving nodig. Daarmee maakt de transitie in Epe onderdeel uit van de transitie in de Cleantech Regio, in de provincie Gelderland en van ons land als geheel. Ondanks de vele duurzaamheidsambities van zowel overheidsorganisaties, bedrijven en instellingen is er een levendige maatschappelijke discussie over de energie- en warmtetransitie. Het gaat hier onder andere over in hoeverre er draagvlak is voor de transitie onder bewoners, de betaalbaarheid ervan, solidariteit en energiearmoede (worden de kosten en baten wel evenredig verdeeld over groepen). Voor de gemeente Epe zijn integrale aanpak van opgaven, participatie, betaalbaarheid, waardevolle leefomgeving en lokaal eigendom de belangrijkste voorwaarden waaronder de energie- en warmtetransitie mogelijk gemaakt kan worden. In hoofdstuk 2 gaan we nader in op deze voorwaarden, waarbij niet enkel de voorwaarden van de gemeente Epe ter sprake komen, maar ook die van de stakeholders en inwoners uit de gemeente die bijgedragen hebben aan deze visie.
De gemeente heeft een voorbeeldfunctie. Daarom verduurzamen we de gemeentelijke eigendommen en onze eigen bedrijfsvoering, bijvoorbeeld door duurzaam te gaan inkopen. Wij stimuleren ook medewerkers om op een schone wijze naar het werk te komen en werkgerelateerde kilometers per fiets, openbaar vervoer of met de elektrische auto te overbruggen. We werken aan bewustwording van de samenleving. Samen met inwoners en bedrijven zorgen we dat de gemeente Epe een groene, gezonde en duurzame gemeente is om in te wonen, werken en recreëren. 14
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
De energie- en warmtetransitie komt niet vanzelf en vindt ook niet zonder slag of stoot plaats. Sommige initiatieven gaan veel energie opleveren, letterlijk en figuurlijk. Maar er zullen ook besluiten genomen worden die niet het gewenste effect hebben. Met vallen en opstaan zal de energie- en warmte transitie vorm krijgen. In onze aanpak van de energie- en warmtetransitie stellen wij een vijftal uitgangspunten centraal. Deze vinden wij van uitdrukkelijk belang om de energie- en warmtetransitie te kunnen realiseren. 1. Gemeente als voorbeeld De energie- en warmtetransitie vraagt om behoorlijke investeringen van de hele samenleving. De gemeente Epe heeft een belangrijke rol als regisseur van dit proces. De gemeente heeft de rol om de Epese samenleving te stimuleren en te faciliteren om de juiste besluiten te nemen om te komen tot een CO2-neutraal Epe in 2050. Zolang de gemeente niet doet wat zij wel van anderen verwacht, ondermijnen we onze eigen rol als stimulator en facilitator. 2. Integrale aanpak (inbedding in Omgevingsvisie en ander beleid) De doelstelling om als Epe CO2-neutraal te zijn in 2050 heeft duidelijke en ingrijpende ruimtelijke implicaties. Hiermee is het noodzakelijk dat de Epese energie- en warmtetransitie ingebed wordt in de Omgevingsvisie van Epe.
3. Versterking communicatie Het realiseren van de energie- en warmtetransitie in Epe is een gezamenlijke verantwoor delijkheid van gemeente en onze partners en stakeholders in de samenleving zoals, bedrijven, inwoners, maatschappelijke organisaties, woningcorporaties en initiatiefnemers voor het opwekken van duurzame energie. Daarnaast moeten we de samenwerking zoeken met de Cleantech Regio en provincie Gelderland. Wij faciliteren de interactie tussen en samenwerking met deze partijen en spannen ons in om te komen tot uitvoering van de juiste communicatie en maatregelen. 4. Samen doen! In de samenleving is veel kennis en ervaring aanwezig. De gemeente wil daarom iedereen uitnodigen en enthousiasmeren; denk mee en neem zelf initiatief! We trekken op met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Samen geven we invulling aan de aanpak voor energie en duurzaamheid. Want voor de beste oplossingen hebben we elkaar nodig. 5. Programmatisch werken; meerjarig programma energie- én warmtetransitie Epe De komst van het landelijke klimaatakkoord en de rol die wij hierin als gemeente hebben gekregen maakt het noodzakelijk om een actueel programmaplan op te stellen voor de energie- en warmtetransitie in Epe. In dit programma maken we inzichtelijk hoe we kort cyclisch werken aan de doelstellingen binnen de komende collegeperiode en de mijlpalen op weg naar 2050.
Dit programmaplan stellen we samen met onze partners en stakeholders op. De gemeente heeft hierbij een regierol.
1.2. Wat is de Transitie Visie Energie en Warmte, en wat is het niet? Deze Transitievisie Energie en Warmte bestaat in feite uit drie delen die nauw met elkaar verweven zijn, te weten een gemeenschappelijk deel (hoofdstuk 1 en 2), een energievisie (hoofdstuk 3 en 4) en een warmtevisie (hoofdstuk 5, 6 en 7).
G EMEEN TE EPE
15
Energie – naar een CO2-neutrale gemeente De energievisie (hoofdstuk 3 en 4) beschrijft de visie en aanpak van de gemeente Epe om in 2050 CO2-neutraal te zijn. Daarmee voldoet de gemeente Epe aan de landelijke doelstelling van het Klimaatakkoord, waarin is gesteld dat in heel Nederland in 2050 de uitstoot van CO2 met 95% is teruggedrongen. Ook liggen we op koers om de tussendoelstelling van 49% CO2-reductie in 2030 te behalen. Deze aanpak is gebaseerd op de vijf sectortafels uit het Klimaatakkoord, te weten de Gebouwde Omgeving, Industrie, Elektriciteit, Mobiliteit en Landbouw & Landgebruik. Eerst identificeren we de CO2-uitstoot per sector. Vervolgens plaatsen we maatregelen in de tijd om deze CO2-uitstoot per sector terug de dringen naar 0 in 2050. Daarbij ligt de focus op de drie belangrijkste maatregelen per sector (de grote stappen), waarbij deze visie iedere 5 jaar wordt herijkt. Vervolgens zal de gemeente Epe samen met de belangrijkste stakeholders per sector aan de slag gaan om deze maatregelen in de praktijk te brengen. Uiteindelijk wordt de energievisie en het uitvoeringsprogramma wat hierop volgt onderdeel van de gemeentelijke omgevingsvisie, waarmee de samenhang met de OKER thema’s is geborgd (OKER: Omgevingsvisie Klimaatadaptatie, (Transitievisie) Energie en Warmte en de Regionale Energiestrategie (RES).
De Regionale Energiestrategie 1.0 van de Cleantech Regio heeft als input gediend bij de totstandkoming van deze visie. Bij de energievisie moet de kanttekening worden geplaatst dat we weliswaar toewerken naar CO2-neutraliteit (voor een beschrijving van deze term en hoe deze zich verhoudt tot de uitstoot van broeikasgassen, zie Bijlage 1 – Begrippenlijst), maar dat in de huidige visie enkel wordt gerekend met energetische CO2-uitstoot. Dat betekent dat niet-energetische CO2-uitstoot niet is meegenomen. Onder energetische CO2-uitstoot verstaan we broeikasgassen die vrijkomen in het kader van energieverbruik. Denk hierbij aan verbranding van aardgas in een Cv-ketel voor ruimteverwarming, het verbruik van (met behulp van fossiele brandstoffen opgewekte) elektriciteit voor huishoudelijke apparaten en verbranding van voertuigbrandstoffen in een auto. Onder niet-energetische CO2-uitstoot verstaan we de uitstoot van broeikasgassen door bodemdaling of emissies van broeikasgassen die vrijkomen bij het verteringsproces in koeien. Dit is een verondersteld klein aandeel van het totaal, maar het is wel belangrijk om te weten dat er mogelijk nog een (kleine) restopgave resteert richting 2050. Deze vormen van broeikasgasemissie zijn niet meegenomen omdat de gegevens hierover (op lokale schaal) vooralsnog ontbreken.
In een toekomstige herijking van deze visie is er ruimte om ook deze cijfers mee te nemen.
Warmte – In welke buurt gaan we starten met aardgasvrij? De warmtevisie (hoofdstuk 5, 6 en 7) beschrijft de aanpak van de gemeente Epe en haar partners om in 2050 al haar woningen en gebouwen te hebben voorzien van aardgasvrije verwarming. Daarmee staat de warmtevisie gelijk aan een Transitievisie Warmte. De Transitievisies Warmte zijn verplicht gesteld voor alle gemeenten in Nederland door het Rijk en moeten uiterlijk eind 2021 gereed zijn. De Transitievisie Warmte gaat over het aardgasvrij maken van alle gebouwen in de gemeente, met uitzondering van grote agrarische bedrijven, energiebedrijven en industriële bedrijven. Uiteindelijk wordt de Transitievisie Warmte onderdeel van de gemeentelijke omgevingsvisie en daarmee samenhangende uitvoeringsprogramma’s en omgevingsplannen, waarmee de integraliteit met de OKER thema’s is geborgd. De Transitievisie Warmte wordt iedere vijf jaar geactualiseerd aan de hand van de laatste inzichten en ontwikkelingen. De Transitievisie Warmte beschrijft daarmee de route om te komen tot een aardgasvrije gemeente en markeert de start voor het aardgasvrij maken van de eerste buurten via de Wijkuitvoeringsplannen. Het is geen definitief besluit voor warmtetechnieken of jaartallen waarop het aardgas wordt afgesloten in een buurt. 16
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
De keuze voor de voorlopige aardgasvrije variant (ook wel voorkeursoplossing genoemd) is immers niet bindend. De definitieve variant, en de definitieve uitfasering van het aardgas, wordt vastgelegd in de Wijkuitvoeringsplannen voor alle buurten. Voor alle buurten geldt dat allereerst werk wordt gemaakt van doelgerichte energiebesparing, waaronder isolatie: enerzijds omdat in de gemeente een schaarste aan hernieuwbare warmtebronnen is en deze schaarse warmte zo goed mogelijk moet worden verdeeld, anderzijds omdat het inwoners helpt om geld te besparen op hun energieverbruik. Voor de netbeheerder Liander en aanbieders van warmte is het zeer waardevol dat alle gemeenten een plan opstellen voor de warmtetransitie. Dit biedt een indicatie van de mogelijke alternatieve warmtestrategieën, de energie-infrastructuur die daarvoor nodig is en de termijn waarbinnen ze deze mogelijk moeten realiseren. Hierop kunnen zij hun werkzaamheden aanpassen. Ook voor bezitters van grote aantallen woningen, zoals Woonstichting Triada, is een Transitievisie Warmte van belang. Zo kunnen zij hun werkzaamheden afstemmen op de volgorde waarin er buurten aardgasvrij worden gemaakt in de gemeente. Input voor de Transitievisie Warmte is de Regionale Structuur Warmte (RSW). Dit is een onderdeel van de Regionale Energiestrategie (RES). De gemeente Epe doet mee in de RES van de Cleantech Regio.
Op RES-niveau vindt afstemming plaats over de warmtebronnen die voor meerdere gemeenten interessant zijn en over de benodigde regionale energie-infrastructuur. De Transitievisies Warmte en de RSW worden daarom goed op elkaar afgestemd in een stapsgewijs proces.
1.3. Hoe is deze Transitievisie Energie en Warmte tot stand gekomen? Deze Transitievisie Energie- en Warmte is opgesteld in samenwerking met betrokken stakeholders en inwoners van de gemeente Epe. Een belangrijk uitgangspunt hierbij is dat het voor de stakeholders en inwoners van de gemeente Epe een duidelijk en transparant proces is. In deze paragraaf geven we daarom inzicht in hoe deze Transitievisie Energie en Warmte tot stand is gekomen. Daarbij behandelen de energievisie en warmtevisie apart omdat het proces en de betrokkenen van elkaar verschillen. In Bijlage 2 – De Organisatiestructuur is meer te lezen over welke stakeholders zijn betrokken en via welke gremia zij hebben deelgenomen aan het proces.
Energie De energievisie gaat over alle facetten van de Epese samenleving: wonen, werken, reizen en recreëren. Daarom is er voor gekozen een brede stakeholdersgroep te betrekken via een reeks werksessies. Hieronder volgt een overzicht van de betrokken stakeholders en een schematische weergave van het verloop en doel van deze werksessies. Betrokken stakeholders: • Gemeente Epe; • Netbeheerder Liander; • Woonstichting Triada; • Waterschap Vallei en Veluwe; • Omgevingsdienst Veluwe IJssel; • EnergieCoöperatie Epe; • Bedrijvenkring Gemeente Epe; • Industriekring Eekterveld Vaasen; • Milieuzorg Epe; • Ondernemersvereniging Vaassen; • Gebiedsregisseurs gemeente Epe; • Ondernemersvereniging Epe; • KNNV/IVN.
G EMEEN TE EPE
17
Werksessies en resultaten Transitievisie Energie
RESULTATEN
Werksessie 1
Werksessie 2
Werksessie 3
Verkenning van
Inventarisatie
Opstellen van drie
Terugkoppelen
de CO2-opgave in
van mogelijke
scenario’s aan de
uitkomsten van
de verschillende
maatregelen om
hand van invloed
Energiecafé en
sectoren en
CO2-uitstoot te
stakeholders en
keuzes voor in
rolbepaling met
beperken in de
maatregelen
de Transitievisie
stakeholders
sectoren
Krachtenveld
Lijst van mogelijke
Drie scenario’s
Selectie van
analyse met
CO2-besparende
om voor te
CO2-besparende
invloed van
maatregelen per
leggen tijdens
maatregelen en
stakeholders op
sector gevraagde
Energiecafé
tijdspad naar een
Werksessie 4
Energie
de verschillende
inzet van
(inwoners-
CO2-neutrale
sectoren
stakeholders
consultatie)
gemeente
Omdat de energievisie veelomvattend is, zijn ook de Epese inwoners betrokken via het burgerpanel Epe Spreekt en een Energiecafé medio juni. In zowel Epe spreekt als het Energiecafé konden inwoners reageren op een reeks stellingen. Deze stellingen verhouden zich tot drietal scenario’s, die gezamenlijkheid met de stakeholders in werksessie drie zijn opgesteld.
CO2-neutraal tegen de laagst mogelijke kosten
Zo snel mogelijk CO2-neutraal
CO2-neutraal met zo veel mogelijk behoud van landschappelijke waarden
18
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
De (gecombineerde) antwoorden op deze stellingen leiden tot een plaats in de driehoek. Daarmee geven de antwoorden richting aan het soort maatregelen dat de voorkeur geniet en in welke sector we starten met het CO2-neutraal maken van de gemeente. De uitkomsten van de inwonersconsultatie zijn te lezen onder paragraaf 2.3.
Warmte De warmtevisie heeft een kleinere reikwijdte dan de energievisie. Zo gaat de warmtevisie enkel over een manier van verwarmen (en in sommige gevallen koelen) en heeft deze nagenoeg geen ruimtelijke impact. Ten slotte is de warmtevisie het startschot van een langer lopend proces, met als volgende mijlpaal de Wijkuitvoeringsplannen. Daarom is er bij de warmtevisie voor gekozen om een kleinere groep stakeholders te betrekken. Hieronder volgt een overzicht van de betrokken stakeholders en een schematische weergave van het verloop en doel van deze werksessies. Betrokken stakeholders: • Gemeente Epe; • Netbeheerder Liander; • Woonstichting Triada; • Waterschap Vallei en Veluwe; • Omgevingsdienst Veluwe IJssel; • Gebiedsregisseurs gemeente Epe.
Werksessies en resultaten Transitievisie Warmte
Werksessie 1
Werksessie 2
Criteria
Weging van de
Kwalitatieve
Definitieve
selecteren voor
kwantitatieve
criteria uit het
buurtvolgorde
Werksessie 3
Werksessie 4
afwegingskader,
criteria uit het
afwegingskader
vaststellen en
input ophalen
afwegingskader
toepassen op de
strategische
data-analyse
bepalen
buurten in de
keuzes bepalen
RESULTATEN
gemeente Epe
Afwegingskader
Gewogen
Een kwalitatieve
Definitieve
met kwantitatieve
kwantitatieve
(werksessie) en
buurtvolgorde
en kwalitatieve
criteria in het
kwantitatieve
en strategische
criteria. Verwerking
afwegingskader
(afwegingskader
keuzes voor in
in Startnotitie
toepassen) weging
de Transitievisie
sectoren
van buurten in Epe
Warmte
G EMEEN TE EPE
19
Zoals hierboven is beschreven, maakt de warmtevisie deel uit van een langer lopend proces. In de warmtevisie wordt geen definitief besluit genomen over warmtetechnieken of jaartallen waarop het aardgas wordt afgesloten. De keuze voor de voorlopige aardgasvrije variant (ook wel voorkeursoplossing genoemd) is immers niet bindend. De definitieve variant, en de definitieve uitfasering van het aardgas, wordt pas vastgelegd in de Wijkuitvoeringsplannen voor alle buurten. Om deze redenen is voor de warmtevisie gekozen als middel om inwoners te betrekken op het niveau van informeren. Bij het opstellen van de Wijkuitvoeringsplannen komen we bij de inwoners terug met een uitgebreid participatietraject.
1.4. Voor wie is de Transitievisie Energie en Warmte? De Transitievisie Energie en Warmte is een visiedocument van de gemeente Epe, gericht aan een viertal doelgroepen: Aan de gemeenteraad om een besluit te nemen over: • Via welke route en met welke maatregelen de gemeente CO2-neutraal kan worden in 2050; • In welke buurten wanneer wordt begonnen met welke warmteoplossing als alternatief voor aardgas. Aan inwoners zodat zij een beeld krijgen bij: • Op welke sectoren de komende jaren wordt ingezet om een CO2-neutrale gemeente te worden en welke maatregelen daarvoor worden ingezet; • Wanneer de gemeente gaat starten in welke buurt met het aardgasvrij maken van de gebouwen aldaar. Voor inwoners is een digitale kaart gemaakt waar de belangrijkste inhoud van de visie voor bewoners in staat. Bewoners weten na het bekijken van de kaart (en achterliggende informatie, zoals in hoofdstuk 7) op hoofdlijnen wat zij zelf kunnen doen en wie ze daarbij kan helpen. Aan bedrijven zodat ze kennis kunnen nemen van: • Welke maatregelen er genomen worden in hun sector (de sector industrie & bedrijvigheid) op het gebied van CO2-neutraliteit, nu in en in de toekomst; • Wanneer de gemeente gaat starten in welke buurt met het aardgasvrij maken van de gebouwen aldaar.
Bedrijven weten na het lezen van met name hoofdstuk 7 welke ondersteuning er op dit moment geboden wordt voor de verduurzaming van hun bedrijfspand. Aan overige stakeholders, zoals woningcorporaties: • Welke maatregelen er genomen worden in de verschillende sectoren om CO2-neutraliteit te bereiken; • Wanneer de gemeente gaat starten in welke buurt met het aardgasvrij maken van de gebouwen aldaar. De overige stakeholders weten na het lezen van met name hoofdstuk 7 wat ze zelf kunnen doen en waar ze terecht kunnen met vragen.
20
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
G EMEEN TE EPE
21
2. Belangrijkste uitgangspunten voor de energie- en warmtetransitie in de gemeente Epe Dit hoofdstuk geeft antwoord op de vraag wat voor de gemeente Epe, de betrokken stakeholders en geraadpleegde inwoners belangrijk is in de energie- en warmtetransitie. Oftewel, wat zijn de uitgangspunten en ontwikkelingen waarmee de energieen warmtetransitie gerealiseerd kan worden? Eerst worden in paragraaf 2.1. de gemeentelijke uitgangspunten behandeld. Daarna staan we in paragraaf 2.2. stil bij de belangrijkste stakeholders die hebben bijgedragen aan deze Transitievisie Energie en Warmte. In paragraaf 2.3. is het woord aan de geraadpleegde inwoners van de gemeente Epe.
2.1. Wat voor de gemeente Epe belangrijk is Dat we over moeten schakelen naar schone energie is voor de gemeente Epe geen vraag meer. De raadswerkgroep energietransitie heeft wel haar advies gegeven over het tempo. Realisme is het woord dat de gemeenteraad gebruikt om aan te geven dat de wijze waarop en het tempo waarin woningen van het gas af gaan gefaseerd moet gaan. Aandacht voor een zorgvuldig proces waarin aandacht is voor iedere inwoner en iedereen ook mee kan doen (inclusieve transitie) is van groot belang. Voor de gemeente Epe zijn een integrale aanpak van opgaven, betaalbaarheid, participatie (en communicatie), waardevolle leefomgeving en lokaal eigendom belangrijke uitgangspunten bij de energie- en warmtetransitie: • Integrale aanpak van opgaven De energie- en warmtetransitie zijn geen op zichzelf staande opgaven. Het zijn transities die de Epese leefomgeving ingrijpend veranderen. Om een integrale blik op de verschillende opgaven te behouden werkt de gemeente Epe met de OKER-aanpak (zie voor een beschrijving van deze term Bijlage 1 – Begrippenlijst). Binnen deze aanpak streven wij er naar dat projecten en visie behorende bij de Klimaat, Energie en Warmte en de Regionale Energiestrategie passen binnen de wijze waarin de gemeente Epe zijn omgeving wil inrichten en gebruiken, zoals in de Omgevingsvisie is beschreven.
• Participatie Bij de totstandkoming van deze visies en het vervolg hierop (het uitvoeringsprogramma voor de energievisie en de Wijkuitvoeringsplannen die volgen op de warmtevisie) zijn communicatie en participatie een randvoorwaarde. We willen in gezamenlijkheid gedragen keuzes maken. De energie- en warmtetransitie slagen pas echt als iedereen (inwoners, bedrijven en instellingen) wordt betrokken. De gemeente Epe hanteert een eigen communicatie- en participatieaanpak en gebruikt de methodiek Factor-C. In 2019 ontving de gemeente Epe meerdere adviezen van inwoners. Deze adviezen gebruikt de gemeente om haar communicatie- en participatieaanpak te verbeteren. • Betaalbaarheid Inwoners en ondernemers moeten mee kunnen doen aan de transitie. Dit betekent onder andere dat gedurende activiteiten behorende bij het uitvoeringsprogramma (Transitievisie Energie) en de Wijkuitvoeringsplannen (Transitievisie Warmte) de financiële consequenties voor ondernemers en inwoners in beeld gebracht worden. We willen waken voor energiearmoede en de situatie dat inwoners niet mee kunnen doen aan de energietransitie. De betaalbaarheid van de warmtetransitie is met andere woorden een belangrijk punt van aandacht. 22
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
Daarom is betaalbaarheid als uitgangspunt opgenomen. Via gunstige financieringsconstructies moet het mogelijk worden om de investeringskosten op te brengen. Primair ligt hier een rol voor de landelijke overheid. De inzet van het Rijk is om een breed palet aan aantrekkelijke, toegankelijke en verantwoorde financieringsmogelijkheden te realiseren, zodat iedereen een vorm kan vinden die in de eigen situatie past. De gemeente Epe heeft hier aandacht voor. • Waardevolle leefomgeving De Transitievisie Energie en Warmte vertaalt zich via het uitvoeringsprogramma naar projecten die zichtbaar zijn in de Epese leefomgeving. Daarbij is het meest in het oog springende voorbeeld de realisatie van zonneweides en windmolenparken. In 2022 stelt de gemeente Epe het beleid ‘Grootschalige opwek zon- en windenergie’ vast. Hierin stellen wij regels op voor de landschappelijke inpassing van dergelijke initiatieven. Op deze wijze geven wij invulling aan de Omgevingsvisie en de Regionale Energiestrategie van de Cleantech Regio. • Lokaal eigendom Vanuit het Klimaatakkoord, de Regionale Energiestrategie van de Cleantech Regio als uit de Omgevingsvisie bestaat de wens om inwoners financieel te laten participeren in de energieen warmtetransitie. Hiermee scheppen we draagvlak voor de transities en zorgen we ervoor dat de baten eerlijk worden verdeeld.
Regels over lokaal eigendom zijn te vinden in het beleid ‘Grootschalige opwek zon- en windenergie’ welke medio 2022 wordt vastgesteld door de gemeente Epe.
2.2. Wat voor de betrokken stakeholders belangrijk is Deze Transitievisie Energie en Warmte is tot stand gekomen in samenwerking met stakeholders uit de gemeente Epe. Welke stakeholders er betrokken zijn geweest en hoe zij hebben bijgedragen aan de visies is te lezen in Bijlage 2 – De organisatiestructuur en Bijlage 3 – In acht stappen naar een Transitievisie Energie en Warmte. In deze paragraaf staan we stil bij de uitgangspunten in de energie- warmtetransitie van (een aantal) van de betrokken stakeholders uit de gemeente Epe. Energiegemeenschap-Epe De Energiegemeenschap-Epe, bestaat uit de Stichting-ECE (SECE) en de Energie Coöperatie Epe (ECE). De SECE zet zich in voor de ontwikkeling van nieuwe initiatieven, het monitoren en evalueren van relevante ontwikkelingen en als kennis, als netwerkorganisatie gericht op lokale en regionale samenwerking en als expertise centrum. De ECE is de uitvoeringsorganisatie die de exploitatie van de projecten verzorgt. De (S)ECE zet zich in voor de belangen van de lokale gemeenschap van de gemeente Epe. (Mede-)zeggenschap van de bevolking in de ontwikkeling van opwekinstallaties en delen in de opbrengsten hiervan spelen hierin een essentiële rol. Bijvoorbeeld door actief te participeren in opwekprojecten als lid van de ECE en te delen in de rendementen, of deel te nemen aan de financieringen van installaties tegen een aantrekkelijke rente.
Er wordt gestreefd naar minimaal 50% lokaal eigenaarschap van de hernieuwbare opwekinstallaties. Actieve participatie van bewoners en delen in de opbrengsten dient voor iedereen toegankelijk te zijn ongeacht zijn of haar financiële draagkracht.
G EMEEN TE EPE
23
De energiegemeenschap Epe ziet vier belangrijke elementen waarmee de energietransitie tot een succes kan worden gemaakt: • Een transitie voor en door de inwoners; • Een transitie in harmonie met de omgeving; • Een transitie middels lokale en regionale samenwerkingen; • Een transitie met actieve participatie van de Epese gemeenschap. Liander Liander is als netbeheerder verantwoordelijk voor de aanleg en het beheer van de elektriciteitsen gasnetten in de gemeente Epe. Daarnaast beschikt Liander over data en kennis van het energiesysteem, die kan helpen bij de te maken keuzes. Liander zoekt actief de samenwerking met de gemeente Epe, woningcorporaties, burgers en andere lokale stakeholders om hen te helpen beslissingen te nemen over een nieuwe duurzame energievoorziening. Samenwerking met de netbeheerder is essentieel om te borgen dat de energienetten in de toekomst een aardgasvrije warmtevoorziening mogelijk maken. Door vroegtijdig samen te werken, zorgen we ervoor dat de energie-infrastructuur op tijd wordt uitgebreid, tegen zo laag mogelijke (maatschappelijke) kosten en met zo min mogelijk overlast voor de omgeving. Voor Liander is het van belang om continu de impact op het elektriciteitsnet te monitoren en door te rekenen.
Dat geldt niet alleen bij de keuze voor een warmtenet of een all-electric oplossing maar ook bijvoorbeeld bij de vraag waar zonnepanelen en laadpalen komen. De uitkomsten van deze berekeningen stemmen we af met betrokkenen in een gezamenlijke zoektocht naar betaalbare keuzes én om tijdig vanuit Liander de juiste maatregelen te kunnen uitvoeren. Liander ziet haar input als een goed vertrekpunt voor de analyse en voor gesprekken met inwoners. Zij realiseert zich dat de keuze voor de laagste maatschappelijke kosten niet op voorhand betekent dat dit ook voor Liander de minst mogelijke kosten meebrengt. Voor Liander is het dan ook van belang om nauw betrokken te blijven bij de verdere planvorming. Omgevingsdienst Veluwe IJssel De Omgevingsdienst Veluwe IJssel (OVIJ) voert milieutaken uit in opdracht van de gemeente Epe en is verantwoordelijk voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. De OVIJ ziet voor zichzelf een rol weggelegd bij de uitvoering van de Transitievisie Energie en Warmte. De OVIJ kan deskundigheid inbrengen en ervaringen delen die zijn opgedaan in andere gemeenten. Ook kan de OVIJ specifieke kennis inbrengen over bijvoorbeeld zon op dak of de aanleg van warmtenetten.
Om de transitie tot een succes te maken, is het nodig om: • Consistent beleid te maken bij de (lokale) overheid, oftewel en betrouwbare en voorspelbaar te zijn; • Vaart te maken richting de doelstellingen CO2-neutraal en aardgasvrij in 2050; • Samen te werken met alle belangrijke partners; • Draagvlak te creëren bij het maken van keuzes; • De koppeling te maken met andere opgaven waar mogelijk; • De transitie betaalbaar te houden voor iedereen. Waterschap Vallei en Veluwe Het Waterschap Vallei en Veluwe is verantwoordelijk voor de waterhuishouding in de gemeente Epe en de regio. Vanuit haar taak met betrekking tot de waterhuishouding speelt zij ook een rol in de energie- en warmtetransitie, in het bijzonder bij hernieuwbare energietechnieken die gebruik maken van (afval-)water en ondergrond. 24
T R A N S I T I E V I SIE E NE R GIE E N WAR MT E
Het Waterschap stelt dat Thermische Energie uit Afvalwater (TEA) en Thermische Energie uit Oppervlaktewater (TEO) kansrijke warmtebronnen vormen, die een belangrijke plaats kunnen innemen en een voorkeur hebben boven warmtebronnen in de ondergrond. Waterschap Vallei en Veluwe (en Vitens) hebben zorgen over de sterke toename van Warmte-Koude-Opslag-systemen (WKO). Doorboringen van waterscheidende lagen in de ondergrond leiden tot een grotere kwetsbaarheid van het (grond)watersysteem voor verontreinigingen en wateroverlast. Ook voor geothermie geldt dat er risico’s bestaan voor het grondwater met grote impact op het (grond)watersysteem en de drinkwatervoorziening. Op basis van deze risico’s (onvoldoende putintegriteit, beperkte mogelijkheden voor beheersmaatregelen) wordt voor het hele beheersgebied van het waterschap opgeroepen om terughoudend te zijn bij het toepassen van geothermie. Waterschap Vallei en Veluwe en Vitens stellen graag hun kennis van het (grond)watersysteem beschikbaar en worden bij voorkeur betrokken om een brede afweging van warmtebronnen mogelijk te maken in de gemeentelijke warmtevisies en andere duurzame energie gerelateerde plannen. Woonstichting Triada Triada heeft al geruime ervaring met het verduurzamen van haar woningvoorraad.
Dat doet Triada om de CO2-uitstoot te reduceren, maar minstens zo belangrijk, om de woonlasten voor huurders betaalbaar te houden. Met het Klimaatakkoord en de daaruit voortvloeiende maatregelen en plannen is het belangrijk een strategie te ontwikkelen waarin Triada haar doelen voor een CO2-neutrale woningvoorraad in 2050 helder voor ogen heeft. Even belangrijk is het om ook de stappen te benoemen die we moeten zetten om dat doel te bereiken. De focus van Triada ligt hierbij niet alleen op energiereductie, maar we werken vanuit een breder duurzaamheidsperspectief. Het gaat naast energiebesparing ook om circulariteit, klimaatadaptatie, het verminderen van afval en bewustwording. Vanuit dit brede perspectief draagt Triada bij aan een verantwoorde realisatie en toekomstbestendige woonomgeving die blijvend betaalbaar is voor haar huurders. Verduurzaming is geen exclusieve verantwoordelijkheid van Triada maar een verantwoordelijkheid van de samenleving als geheel: Triada, partijen waar mee wordt samengewerkt zoals overheden en de netbeheerders, maar ook de huurders. Door die gezamenlijke verantwoordelijkheid en inspanning bereiken we een CO2-neutrale samenleving in 2050. Om in 2050 een CO2-neutrale woningvoorraad te hebben moet er de komende jaren nog fors geïnvesteerd worden in de bestaande woningvoorraad van Triada.
Hoewel het uiteindelijke doel, het bereiken van een CO2-neutrale woningvoorraad, nog ver in de toekomst ligt en er belangrijke technologische ontwikkelingen zijn te verwachten, houden we op de korte- en middellange termijn rekening met huidige technische en financiële inzichten en mogelijkheden. Om de juiste duurzaamheidsmaatregelen te kunnen nemen (zonder spijt achteraf) is het daarom van belang dat deze worden getoetst op haalbaarheid en betaalbaarheid.
2.3. Wat voor de inwoners van de gemeente Epe belangrijk is Inwoners zijn belangrijke betrokkenen bij de energietransitie: het gaat immers om hun leefomgeving. Voor de energievisie zijn de inwoners van Epe geraadpleegd over hun voorkeuren in de energietransitie via een digitale bewonersavond en het burgerpanel Epe Spreekt, tussen april en juni 2021.
G EMEEN TE EPE
25
Daarbij zijn de inwoners gevraagd een reeks stellingen te beantwoorden en (in het geval van de bewonersavond) over de stellingen en antwoorden met elkaar in gesprek te gaan. Hoe de inwonersparticipatie in het proces van de totstandkoming van deze visie past, is te lezen in paragraaf 1.3. In deze paragraaf staan we kort stil bij de uitkomsten van deze raadplegingen en hoe deze uitkomsten richting hebben gegeven aan de energievisie. Hieronder zijn de belangrijkste uitkomsten weergegeven.
Epe Spreekt (629 respondenten): • Meerderheid respondenten onderkent het belang van de energietransitie; • 70% van de respondenten geeft aan geen extra tempo te willen maken met de energietransitie; • Meerderheid van de respondenten vindt een betaalbare energietransitie voor alle inwoners belangrijk; • Meerderheid van de respondenten vindt behoud van Epese landschappelijke waarden belangrijk.
Energiecafé (circa 15 deelnemers): • Meerderheid van de deelnemers onderkent het belang van de energietransitie; • Meerderheid van de respondenten vindt een betaalbare energietransitie voor alle inwoners belangrijk; • Meerderheid van de respondenten vindt snelheid maken met de energietransitie belangrijker dan behoud van Epese landschappelijke waarden.
Met uitvoerige en lokale participatie worden bewoners en andere betrokkenen meegenomen in het proces en waar mogelijk kunnen ze input leveren en/of meebeslissen. Hierdoor wordt het draagvlak voor de energietransitie vergroot en is de kans van slagen groter. Om dit draagvlak te verkrijgen, zijn de uitkomsten van de raadpleging richtinggevend in de energievisie. Daarbij hebben we de uitkomsten van Epe Spreekt zwaarder laten wegen dan die van het Energiecafé omwille van de grotere respons. De uitkomsten van de raadpleging hebben tot de volgende uitgangspunten voor de energievisie geleid: • Energiebesparing is een belangrijke component van de energietransitie: hoe minder energie we gebruiken des te minder hoeft te worden opgewekt. Bedrijven en industrie hebben daarin vanwege hun energiegebruik een belangrijke rol. Door fors in te zetten op energiebesparing houden we de energietransitie betaalbaar voor alle inwoners; • We zetten fors in op zon op dak, zowel bij woningen als bedrijven en instellingen. Zon op dak ligt op bestaande bebouwing, waarmee het Epese landschap zoveel mogelijk wordt ontzien; • We nemen een realistische ambitie op voor windmolens en zonneparken in de gemeente Epe. We wonen in een waardevolle leefomgeving, die we allen koesteren.
We gaan daarom zorgvuldig, en in samenspraak met onze inwoners, om met onze waardevolle leefomgeving zonder de urgentie van de energietransitie uit het oog te verliezen. Windmolens en zonneparken maken deel uit van deze transitie.