2023-03-23 Notulen gemeenteraad
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE EPE d.d. 23 maart 2023
Aanwezig: Voorzitter: T.C.M. Horn plv. riffier: M. Haarman CDA: B. Hendriks, H. van Elst-van den Esschert, A.H. Oortgiesen, P. Siwabessij, Z. van der Weerd Nieuwe lijn: A. Vos K. Aldemir, L. Rodijk, M. Zweekhorst VVD: L. Halkers M. Tibben, dhr. N. van den Berg SGP/CU: H. Boon, F. de Ruiter W. van den Berg D66: J.H. Boermans, N. Doorn Gemeentebelangen: G.J.J. van Limburg, V. Griep-Pont PvdA: J. van Nuijs Forum voor Democratie: P. Vermaas
Verder aanwezig: Wethouders: de dames Van Loon en de WaardOudesluijs en de heren Heere en Kerkmans Gemeentesecretaris: N. Dusink
Met kennisgeving afwezig: GroenLinks: J.W. van der Baan D66: H. de Goede
1. Opening/ mededelingen De voorzitter: Goedenavond, dames en heren. Ik open de vergadering van de gemeenteraad van Epe van vandaag, 23 maart. En ik heet u van harte welkom, raadsleden, mensen op de publieke tribune, collegeleden, maar uiteraard ook de mensen thuis. Want we weten dat er toch aardig wat mensen toch kijken en als ze al niet live kijken, dan kijken ze het terug. Dus ook van harte welkom. Met kennisgeving zijn afwezig vandaag Jan Willem van der Baan, de heer Van der Baan van GroenLinks en de heer De Goede van D66. Die zijn afwezig. En u ziet naast mij zitten de plaatsvervangend griffier, mevrouw Haarman, die ons vanavond gaat ondersteunen. En dat is om ervaring op te doen als griffier. Nou, dat is toch alleen maar goed dat we dat met elkaar ook doen, want we hebben natuurlijk een zeer betrouwbare griffier, maar die kan ook wel eens een keertje afwezig zijn. Maar Marion gaat ons helpen om goed de avond door te komen. 2. Vaststelling raadsagenda De voorzitter: En dan beginnen we, als u dat goed vindt en er geen andere mededelingen zijn, bij het vaststellen van de agenda, want bij de vaststelling van agenda, u is een agenda aangeboden, gaan we ook altijd even een proefstemming doen om te zorgen dat we ook weten dat iedereen weer ingelogd is. Dus als u wil inloggen, dan ga ik ... Tenzij iemand een wijziging van de agenda wil voorstellen? Niet.
Dan is de stemming nu geopend. Ja, zegt. De stemming is gesloten en twintig leden van de raad zijn voor deze agenda en één is tegen. We zullen er geen debat over voeren, maar het is toch altijd bij een proefstemming dat iemand toch denkt van, ik kijk of het ook klopt als ik tegenstem. Nou, dan klopt het weer. Dank, maar we gaan toch deze agenda afwerken, mijnheer Boermans.
1
3. Vragen raadsleden De voorzitter: Dan zijn we al aan punt drie van de agenda gekomen. En dat zijn de vragen van de raadsleden. Er zijn een viertal vragen ingediend. En de eerste vraag is van het CDA en die gaat over een fietspad tussen Oene en Epe. De heer Oortgiesen. Aan u het woord. De heer Oortgiesen: Ja hoor, dank u voorzitter. We hadden twee vragen. Moet ik ze meteen stellen of één tegelijk? Eén tegelijk. Prima. Ja. We hebben een persbericht gekregen van de gemeente en daar heeft de pers ook aandacht aan gegeven, over een nieuw fietspad tussen Epe en Oene. En dat borduurt denken wij voort op een motie van het lokaal CDA en andere in de raad maart 2022, die oproept om naar mogelijkheden te kijken. Uiteraard zijn we heel erg blij met positieve ontwikkelingen. Alleen wilden wij als raad wel graag geïnformeerd zijn en blijven. Volgens mij zijn we dat nog niet, bij mij weten. En de vraag daarom in deze raad is van, kunt u ons even bijpraten over wat hier exact gaat gebeuren en wanneer? De voorzitter: Dank u wel. En dan gaan we voor het antwoord namens het college naar wethouder Kerkmans. Aan u het woord. De heer Kerkmans: Dank u wel, voorzitter. En uiteraard ook dank aan de heer Oortgiesen voor het stellen van deze vraag. Het is een mooi moment om het er nu ook over te hebben. Uiteraard, we zijn als college ook heel blij met de toegekende subsidieaanvraag.
U refereert aan de ingediende motie. Dat klopt, daar zijn we inderdaad uitvoering aan het geven op dit moment. Daar wordt nog ambtelijk aan gewerkt. Daar was de subsidieaanvraag ook onderdeel van. Nou, we zijn druk bezig met de mogelijkheden om die te verkennen omtrent de aanpak van die fietsroute Epe Oene, dus om die uitvoering werkelijk te gaan geven aan de motie. De toegekende subsidie, die brengt ons ook een hele mooie stap dichterbij naar het uiteindelijk kunnen realiseren en uitvoering kunnen geven aan die motie. Uiteraard, u vraagt om geïnformeerd te worden, zullen wij dat doen als college. Wat ik er ook bij wil aangeven, uiteindelijk het budgetrecht voor het deel wat wij als gemeente nog zullen moeten betalen, daar staat u zelf als raad bent u daar het bevoegd orgaan voor. Op hele korte termijn zullen wij een voorbereidingskrediet zullen we aanvragen bij u als raad, maar uiteraard ook zodra de planvorming verder concreet en gereed is voor dat werkelijke deel wat we als gemeente zullen moeten bijdragen. Dus we komen nog met een tweetrapsraket richting de definitieve ontwikkeling van dat fietspad. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dat lijkt me al een helder antwoord, maar ik kijk even of de heer Oortgiesen dat met mij eens is. De heer Oortgiesen: Ja, zeker hoor. Dank u. De voorzitter: Dan mag u ook uw tweede vraag stellen. Dat gaat over de GGD.
De heer Oortgiesen: Ja dank u, voorzitter. Eveneens de Stentor, daarin lezen we een artikel ‘Vertrouwenscrisis bij de GGD in Gelderland’. De hele afdeling is naar de puntje, puntje, puntje geholpen. Daar lezen we over problemen bij onze GGD die veroorzaakt worden door het conflict en het vertrek van infectieartsen. En onze vragen hierover zijn ook dus naar aanleiding van dat artikel. Verzaakt de gemeente Ede mogelijk een wettelijke plicht, want uiteindelijk moeten wij zorgen voor goede GGD-uitvoering? En zeker infecties, die zijn nogal hot de laatste jaren. En tweede vraag is natuurlijk, is er uitzicht op een oplossing. En zo ja, op welke termijn? Dat waren ze.
2
De voorzitter: Dank u wel daarvoor. Gaan we voor de beantwoording naar mevrouw De Waard, onze wethouder zorg. Mevrouw De Waard-Oudesluijs: Ja, dank u wel. Dank u wel ook voor de vraag. Op uw vraag, verzaakt de gemeente Epe mogelijk een wettelijke plicht? Nee. De GGD Noord- en Oost-Gelderland voert de infectieziektebestrijding voor onder meer de gemeente Epen uit. In de wet publieke gezondheid en het besluit publieke gezondheid wordt deze taak omschreven en worden deskundigheidseisen gesteld. De inspectie voor de gezondheidszorg en jeugd houdt toezicht op die kwaliteit van de zorg. Over de capaciteitsproblemen bij team infectieziektebestrijding heeft de GGD in september 2022 bij de IGJ een melding gemaakt. Op verzoek van de IGJ is een eigen onderzoek uitgevoerd met een onafhankelijke voorzitter. In dit onderzoek is beschreven wat voor zover bekend, dat er, voor zover bekend, geen signalen zijn dat de zorg voor onze inwoners in gevaar is gekomen. Ook zijn er maatregelen getroffen die daarop gericht zijn om de continuïteit van de zorg te waarborgen. Bij grootschalige uitbraak van infectieziekte zal de GGD NOG in de huidige situatie een beroep doen op de samenwerking van collega GGD'en en andere netwerkpartners waarover afspraken zijn gemaakt.
En als u dan aan mij vraagt, is er inzicht in een oplossing en zo ja, op welke termijn? Ja, naast de maatregelen op korte termijn werkt de GGD aan een structurele aanpak. En dan schiet hij weg. De GGD NOG bouwt aan een nieuw team infectieziektebestrijding, met ondersteuning van de interne taskforce en een externe arts adviseur. Het aantrekken van infectieziekteverpleegkundigen en vooral infectieziekteartsen is lastig in de huidige arbeidsmarkt. De IGJ heeft in een brief aan de GGD aangegeven dat het voor de continuïteit van de zorg op lange termijn essentieel is dat de zorg anders georganiseerd wordt. De inspectie geeft ruimte en het vertrouwen om het werk in de zorg anders te organiseren, zodat het ook met andere of minder medewerkers kan. En daarom zoekt de GGD NOG ook naar andere oplossingen, zoals de samenwerking met het Gelre ziekenhuis en ze denken aan taaksubstitutie. Tot slot worden werkprocessen herzien en op orde gebracht en heeft de GGD van VWS een subsidie gekregen voor versterking van de pandemische paraatheid, een onderdeel van het rijksbeleid om te leren van de lessen uit de covid-bestrijding. Het is een wat langer antwoord, maar ik denk volledig, maar dat laat ik aan de vraagsteller. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Oortgiesen, is hijvolledig genoeg? De heer Oortgiesen: Het klinkt zeker volledig.
Het klinkt ook alsnog heel veel werk te verzetten, dus ik wens u daar veel sterkte mee. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de volgende vraag en die is van Nieuwe Lijn en die gaat over flexwoningen. Ik denk dat mevrouw Rodijk … Ja, mevrouw Rodijk, aan u het woord. Mevrouw Rodijk: Dank je wel, voorzitter. Omwonenden aan de Apeldoornseweg Vaassen hebben enkele weken geleden een brief ontvangen over flexwoningen. Daarin worden omwonenden ingelicht over het feit dat het weiland naast Apeldoornseweg 85 wordt gebruikt voor flexwoningen. We vinden het fijn dat de omwonenden op de hoogte worden gebracht. Echter zorgde deze brief voor wat onrust en vragen. Ik citeer uit de brief: Flexwoningen zijn, tussen haakjes, sociale huurwoningen. Ze zijn in het beginsel bestemd voor de inwoners van de gemeente Epe die op zoek zijn naar een sociale huurwoning en dus ingeschreven staan bij Triada. De omwonenden hebben contact gehad met de ondergetekenden van de brief. Echter werd hun verteld dat de flexwoningen bedoeld zijn voor statushouders en vluchtelingen.
De vraag die bij ons en bij omwonenden naar boven kwam is, wat is het eerlijke verhaal van de flexwoningen en hoe transparant is de gemeente met deze brief? Dus eigenlijk is onze vraag, wie worden er bedoeld met de inwoners van de gemeente Epe? Zijn dat onze huidige inwoners of onze toekomstige inwoners? Of gaat de gemeente juist misschien op zoek naar 3
een plek waar zowel nieuwe inwoners, statushouders, vluchtelingen en huidige inwoners geplaatst kunnen worden? Een mooie mix zou dat zijn voor hun beiden. En mag ik ook gelijk aanvullende vragen eigenlijk stellen? Twee gewoon? De voorzitter: Als het over hetzelfde onderwerp gaat. Ja, gaat uw gang. Mevrouw Rodijk: Ja, oké. En eigenlijk aanvullend in het algemeen over een brief richting onze inwoners. Als de gemeente omwonenden gaat inlichten over het plaatsen van flexwoningen, wat is dan de boodschap die de gemeente wil meegeven? Wat wil je ze vertellen over de flexwoningen en de aankomende bewoners daarvan? Dank je wel. De voorzitter: Dank. Voor beantwoording namen college de heer Kerkmans. De heer Kerkmans: Ja voorzitter, dank u wel. Ook wederom dank voor de vraag van mevrouw Rodijk ditmaal. Ik wil even starten voordat ik inhoudelijk op de inhoud of in ieder geval op de vraag inga, door aan te geven dat, er is natuurlijk ook een andere locatie die qua naam heel erg lijkt op deze locatie. Dat is de Oude Apeldoornseweg. Het gaat wel echt over twee verschillende onderwerpen. Nou, ik wil even beginnen met eigenlijk ook even stapsgewijs zoals u de vraag stelt om hem zo door te nemen.
Het is inderdaad wat u aangeeft, is correct dat we omwonenden op de hoogte gebracht hebben, maar het is absoluut nog geen feit dat op die locatie ook daadwerkelijk flexwoningen geplaatst zullen worden. Het was een open uitnodiging. Wij als gemeente zien mogelijkheden op die locatie. Echter willen we daar uiteraard, zoals bij elke ontwikkeling, ook met de buurt over in gesprek en uiteindelijk ook de intentie om te zien of het mogelijk is. Tijdens die uitvraag, terwijl we aan het wachten waren op de reacties erop, kregen wij de reacties vanuit de omgeving dat daar een dassenburcht en een aantal dassenfamilies zouden leven. Bij ons staat dat niet direct zwart op wit gedocumenteerd. We kregen ook de vraag van goh, wat heeft het voor zin om nu in gesprek te gaan? Stel dat die dassen er zitten, dan gaat het feest wellicht niet door. Daar hebben we voor gekozen om het even terug te nemen en eerst onderzoek te doen naar die dassenburcht en die dassenfamilies. En u gaf aan, ik pak me eventjes eerst het stukje omtrent de nieuwe bewoners voor wie daar de flexwoningen gebouwd zullen gaan worden en hoe transparant de gemeente is. Nou, ik kan u hierbij aangeven dat wij als gemeente honderd procent transparanter geweest zijn in de brief die we hebben uitgestuurd.
Dat is ook een van de speerpunten die we natuurlijk als college hebben om wel het eerlijke verhaal naar onze inwoners te vertellen op het moment dat we met zo'n brief of uitnodiging komen. We hebben de wens, die is ook door u als raad is die meerdere malen uitgesproken en ook in de motie is die verweven, om ook tot flexwoningen in ieder geval te onderzoeken welke mogelijkheden we hebben hier in de gemeente. Flexwoningen, praten we wel echt over iets anders dan de tijdelijke huisvesting statushouders, waar we ook met u als raad over gesproken hebben. Flexwoningen, praten we echt over de kwalitatief hoogwaardige flexwoningen. Nou ja goed, u begrijpt wat ik bedoel denk ik. Die zullen uiteindelijk toegevoegd worden aan de woningvoorraad van Triada. Ze zullen aan de sociale woningvoorraad toegevoegd worden. En ja, dan kan het zijn, want Triada wijst inderdaad ook toe aan statushouders, maar die hebben uiteindelijk een huisvestingsbeleid die we samen met Triada hebben opgesteld. Daar zullen ze zich ook nog steeds aan moeten houden, ook voor de toewijzing van flexwoningen. Dus dat zou kunnen betekenen, het is niet de doelgroep waar we voor bouwen, maar het zou kunnen betekenen inderdaad dat naast andere mensen die lang op de lijst staan, er ook voor een statushouder gezin bijvoorbeeld wel een zou komen.
Maar daar kunnen we nu uiteraard geen garanties op geven, want uiteindelijk de toewijzing die zal Triada doen volgens de geldende regels. Nou, heb ik eigenlijk ook de vraag al redelijk meegenomen van goh, de huidige inwoners of toekomstige inwoners die u stelde. De vraag daarna ook, de mix. Ja, dat zou een resultaat kunnen zijn vanuit de toewijzing van Triada. Maar goed, daar kunnen we nu geen harde garanties op geven. En u vroeg, mevrouw Rodijk vroeg nog van goh, wat die boodschap is die we 4
mee willen geven. Dat is eigenlijk de boodschap die we ook in de brief en de uitnodiging wel concreet hebben proberen te formuleren. Wat ik net ook aangaf, het betreft geen woonunits, maar kwalitatief hoogwaardige flexwoningen. En de reden dat we hiermee bezig zijn, is omdat we een schrijnend woningtekort hebben. En dat schrijnende woningtekort willen we snel, tijdelijk al dan niet oplossen. En ik zeg net, al dan niet tijdelijk. De reden dat ik dat op die manier aangeef, heeft ermee te maken dat we in eerste instantie volgens een tijdelijke ontheffing is de bedoeling om flexwoningen te plaatsen, maar gaandeweg zou er de mogelijkheid kunnen zijn dat het idee ontstaat om het bestemmingsplan te wijzigen, maar dat is niet anders dan elke andere uitbreidingslocatie waar we mee bezig zijn binnen de gemeente. Maar goed, dat is voor de verdere toekomst naarmate het project wel of niet slaagt. Voorzitter, ik denk dat ik, ik had zes vragen geteld. Volgens mij heb ik ook op zes vragen antwoord gegeven, dus ik hoop dat ik volledig ben en anders hoor ik het graag van mevrouw Rodijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank. Dan ga ik inderdaad naar mevrouw Rodijk. Bent u voldoende geïnformeerd? Mevrouw Rodijk: Ja hoor, dank je wel.
Alleen wat we nog wel een beetje, of wat wij van omwonenden hoorden is dat wel vanuit de gemeente echt wordt gezegd dat het voor statushouders en vluchtelingen is, dus dat is nog even de … Ja, en er zijn inmiddels volgens mij informatieavonden geweest op die datums die in de brief stonden. Dus misschien zijn ze inmiddels al wat bijgepraat, maar dat, ik weet niet of de wethouder daar nog iets over kan zeggen, maar dank je wel. De voorzitter: Ik ga even kijken of de heer Kerkmans nog even nog duidelijk kan maken waar het echt toe dient. De heer Kerkmans: Ja, dank u wel voorzitter. De vraag was netjes van tevoren ingestuurd, dus ik heb ook met projectleider en ambtelijke ondersteuning die hierbij betrokken is gesproken. Die hebben gegarandeerd dat er op deze locatie niet over gesproken is. Maar wat ik ook aangaf, de locatie waar we wel over statenhouders hebben, die ligt wel heel dichtbij. En ik kan me voorstellen dat in uiteindelijk de gesprekken met buren en dergelijke dat die twee projecten heel erg op elkaar lijken in beginsel, maar het zijn twee totaal verschillende projecten. Nogmaals, ja, ik kan erbij aangeven, de lijn die wij hebben aangehouden in de communicatie is echt flexwoningen, die kwalitatief hoogwaardige woningen, voor mensen die nu ook al op de lijst staan bij Triada. En zal ik nog even toevoegen, dat hoeven geen mensen natuurlijk te zijn hier uit de gemeente.
Dat gaat om de mensen die bij Triada ingeschreven staan. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank en ik denk dat daarmee de vraag wel beantwoord is. Mevrouw Rodijk? Mevrouw Rodijk: Dankjewel. Ja. De voorzitter: Oké. Goed, dat waren de … Nee, ik heb nog één vraag. Die staat nog op het lijstje, van de SGP/ ChristenUnie, over stempassen. De heer De Ruiter, aan u het woord. De heer De Ruiter: Dank u wel, voorzitter. Vorige week hebben we weer de verkiezingen meegemaakt voor de Provinciale Staten. Verkiezingen zijn altijd een feestdag van de democratie. Daar zijn we het met zijn allen wel over eens. Maar wat is het dan jammer dat niet iedereen mee kan doen met die feestdag. Mij hebben van diverse kanten zijn er berichten toegekomen dat er verschillende mensen geen stempels hebben ontvangen. En deze mensen, deze personen, de inwoners wisten eigenlijk ook niet goed wat ze ermee aan moesten. Nou is mijn vraag, is dat bij de gemeente ook binnengekomen dat er stempassen die bezorgd zijn of verloren zijn, dat weet ik verder niet, maar is er een mogelijkheid dat we dat kunnen publiceren voorafgaand aan verkiezingen, als 5
mensen geen stempas ontvangen hebben, dat ze zich kunnen melden en dat ze dan de procedure voorgeschoteld krijgen om alsnog een stempas te krijgen, waardoor ze mee kunnen doen met de feestdag van de democratie? Dank u wel. De voorzitter: Dank voor uw vraag. Ik zal hem namens het college beantwoorden. Het is inderdaad bij het gemeentelijk stembureau, dat is het orgaan dat de verkiezingen organiseert, bij het gemeentelijk stembureau bekend geraakt dat er helaas een aantal, waarschijnlijk een aantal stempassen niet zijn bezorgd. In die zin dat er een twintigtal vervangende stempassen zijn uitgerekt. En dat zegt wat, want het was ook een beetje in dezelfde buurt. We hebben, dat doen we al jaren, we maken gebruik van de diensten van PostNL. Dat is niet de goedkoopste dienst, maar wel de dienst met de meeste zorgvuldigheid. Maar u zult begrijpen dat dit uitgezocht wordt. Dit hebben we bij PostNL neergelegd en we verwachten een rapportage over of zij ons kunnen duiden waarom er waarschijnlijk in één of twee straten geen stempassen zijn bezorgd, want dat is kwalijk. Dat ben ik helemaal u eens. Het is overigens zo dat als er geen stempassen zijn bezorgd, kunnen mensen natuurlijk een vervangende stempas aanvragen, als ze daar op tijd mee zijn. Dat kunnen ze hier gewoon op het gemeentehuis doen. Je kunt het ook digitaal doen als het lang van tevoren is.
En dat staat ook op onze website, dus dat staat bij verkiezingen op onze website, staat ook uitgebreid bij de website van de van de Rijksoverheid. En ze kunnen natuurlijk ten alle tijden de gemeente gewoon bellen. En gelukkig hebben daar in ieder geval een twintigtal mensen gebruik van gemaakt. Maar u kunt zich voorstellen dat dit niet de bedoeling is en dat we dit tot op de bodem proberen uit te zoeken, want dit willen we geen, hier willen we geen herhaling van zien als we de volgende keer weer met PostNL in zee gaan. En uiteraard wordt het ook, is de hoeveelheid vervangende stempassen ook meegenomen in het proces-verbaal van het gemeentelijk stembureau. Ik hoop hiermee uw vraag voldoende te hebben we beantwoord. Mijnheer De Ruiter. De heer De Ruiter: Dank u voor dit uitgebreid antwoord. 4. Vaststelling Lijst ingekomen stukken De voorzitter: Dank. Dan zijn wij door de vragen van de raadsleden heen. Dan zijn we bij punt vier van de agenda en dat is vaststelling lijst ingekomen stukken, de dato 23 maart 2023. Is er iemand … De heer Boermans, D66. De heer Boermans: Ja voorzitter, dank u wel. Per buis heb ik mijn vragen niet van tevoren door kunnen geven, dus ik hoop niet dat ik iemand verras hiermee. Dat is ook helemaal niet de bedoeling.
Het is ook een kleine vraag, want ik denk dat de wethouder al weet dat ik met veel interesse uiteraard de informatienota voortgang regionaal fietswerk route F50 heb gelezen over zo'n mooi stuk. Maar daar gaat het nu even niet om. Ik miste daar één klein ding in. Er werd ergens een opmerking gemaakt over een passend tijdstip en ik zou de wethouder willen verzoeken, mag ook schriftelijk op een ander moment, om daar iets van een tijdlijn aan te koppelen, aan de verschillende projecten die daar in dat stuk worden genoemd. De voorzitter: Dank. Nou, had ik begrepen dat ook vanuit Nieuwe Lijn een dergelijke vraag, dus misschien kan die meteen over hetzelfde onderwerp meegenomen worden. De heer Vos, Nieuwe Lijn. De heer Vos: Ja, dank u wel voorzitter. Ja klopt, ik heb ook iets over het stuk over de F50. En deze nota, die is tot stand gekomen mee … Nee. Vraag. Punt. Mijn vraag is, is deze nota mede tot stand gekomen door de gesprekken die de casemanagers destijds gehouden hebben met omwonenden en belanghebbenden in het najaar van 2021? Of is het onderzoeksteam geheel op eigen wijze manier 6
deze vraagstelling aangevlogen? En in het expertise judgement worden veel getallen genoemd van verkeersbewegingen en dergelijke, maar er ontbreekt een overzicht van de gevaarlijke situaties en ongevallen die mogelijk hebben plaatsgevonden. Is dit overzicht beschikbaar en kan dat tot de stukken toegevoegd worden? Dank u wel. De voorzitter: Dank. Dan gaan we kijken of de wethouder daar een antwoord op kan geven. De heer Kerkmans namens het college. De heer Kerkmans: Ja, dank u wel voorzitter. Ik ga mijn best doen en we gaan straks horen of het voldoende is. De eerste vraag, ik kom bij de heer Boermans, die zal ik even als laatste behandelen. Dan zal ik eerst even ingaan op de vragen van de heer Vos van Nieuwe Lijn. Hij vraagt van goh, de inbreng, is die meegenomen? Absoluut. De inbreng uit het voortraject is betrokken in alle stappen die we tot nu gezet hebben. En juist daarom is in het ontwerpproces een stap teruggedaan door eerst alle mogelijkheden, maar ook absoluut de onmogelijkheden in de vorm van oplossingen opnieuw, maar ook absoluut verdiepend te gaan verkennen. Ten aanzien van de expert judgement is onder andere gebruik gemaakt van een klankbordgroep. Daarvoor zijn diverse organisaties uitgenodigd en denk daarbij onder andere aan de Fietsersbond, maar ook de Veilig Verkeer Nederland consulenten die een grote groep daarin ook vertegenwoordigen.
En op basis van die expert judgement zijn, er worden op dit moment diverse mogelijke varianten ambtelijk verder uitgewerkt. Op basis van die uitkomsten gaan we ook weer opnieuw samen met de omgevingsmanager die hier ook heel druk mee is, die ook in contact is met eigenlijk iedereen die zich in het voortraject gemeld heeft, één op één gesprekken aan. En dat doen we zodat we een duidelijk beeld hebben op basis van de onderzoeken van goh, wat zijn nou die mogelijkheden en onmogelijkheden in ook die verschillende varianten en oplossingen die we straks gaan treffen? In de afgelopen periode, zal ik even, en dat gaf ik net ook wel even aan, zijn we echt veel in contact geweest met de direct belanghebbenden die we kennen, die zich al gemeld hebben en waar we al contact mee hebben en dat contact verloopt naar ons idee spoedig. Als dat niet zo loopt, dan vernemen wij dat uiteraard graag. En nu vraagt u zich af van goh, de geregistreerde ongevallen. Ja, we hebben voor de hele gemeente hebben we actueel overzicht beschikbaar voor de geregistreerde ongevallen. Echter het Treinbaanpad waar we het over hebben, dus het huidige fietspad, hebben we geen specifieke, en met specifieke daar doel ik op geregistreerde ongevallen die daar nou echt eruit springen of locaties die de er specifiek uitspringen.
Zijn maar wat kleine incidenten geweest die gemeld zijn, maar dat zijn geen, die springen er niet uit ten opzichte van andere locaties. Echter in de huidige situatie, daarin heeft de fiets op dit traject de ondergeschikte positie. Auto heeft namelijk voorrang bij elk kruispunt en overgang die er is. Nou is het wel zo en dat is ons bekend, maar ondanks dat dat niet direct uit de cijfers springt, maar dat er een sterk gevoel van onveiligheid heerst op drie kruisingen binnen de kernfase. Dan praten we over de Eekterweg, Deventerstraat. Constateren we ook mede op basis van de reacties we afgelopen jaren gehad hebben en ook de reacties die bijvoorbeeld op mobiliteitsplan 2022 tot 2032 die vorig jaar vastgesteld is, de reacties die we daarop hebben gekregen. Dus dat zijn de punten die we ook nog aan het onderzoeken zijn, om die kruispunten wel met fietser in de voorrang, zodat dat ook aansluit op het tracé in Apeldoorn waar in Apeldoorn reeds besluit over genomen is. Maar in welke vorm dat ook dit werkelijk zal worden, welke mogelijkheden er zijn, dat wordt u nog ambtelijk uitgereikt. Ik zou willen dat ik daar nu het antwoord op kon geven, maar we gaan nog echt het verdiepende gesprek met elkaar aan, want dit gaat nog terugkomen op de raadsagenda. Maar ik ben absoluut blij met de vragen die gesteld worden. Ik denk dat het goed is om hier eventjes bij stil te staan vandaag.
En dan ga ik even over naar de belofte die ik naar de Boermans maakte, want die had ook nog recht op een antwoord. En u haalde een zin aan, het was een vrij lange informatienota, dus ik moest hem er even bij zoeken waar u precies op doelde. En u doelt dan denk ik op het stukje voortgang bij Epe. U knikt, dus ik zit goed gelukkig. Ja, daar is de koppeling gemaakt tussen de nieuwbouwlocaties Het Slath en Zuukerenk. En dat binnen het ontwerp van deze wijk, waar we nu druk mee bezig zijn, de fietsroute 7
integraal meegenomen gaat worden op een passend tijdstip. Als ik nu zelf even zo lees, is dat tegelijk met de ontwikkeling van die woonwijken. Ik weet niet of dat voldoende is of dat u zegt van goh, ik wil juist een hele groot schema inclusief de woningbouwlocaties. Wanneer komt dat eraan? Daar schudt hij nee op, even voor de beelden, dan heeft iedereen door wat er gebeurt hier. Maar die zullen daarmee echt integraal opgepakt worden. Die zult u ook terugzien straks in de bestemmingsplannen die we aan u als raad gaan aanbieden rondom Het Slath en Zuukerenk. Ik hoop dat ik daarmee volledig ben geweest en zo niet, dan hoor ik het graag. Dank wel voorzitter. De voorzitter: Dank. Het is dat we een wat magere agenda hebben vandaag, maar ik heb het idee dat we soms in een commissievergadering zitten, maar daar mag u zelf wel iets van vinden. Is er nog iemand die een … Ja, mevrouw Griep, GemeenteBelangen. Mevrouw Griep-Pont: Dank u wel, voorzitter. Ik had eigenlijk op twee puntjes, maar misschien is het ook wat uitgebreid voor de lijst van de ingekomen stukken. En dat gaat over een informatienota achttien min, achttien plus jongeren- en jeugdzorg. Daar hebben we het over een Quickstart app. Ik zou graag willen weten wat dat precies inhoudt. En het gaat over zwerfjongeren, onzichtbare jongeren en spookjongeren.
Zijn deze allen niet ingeschreven bij de basisadministratie? Dat is mijn vraag. En dan heb ik straks een ander puntje. Zal ik die gelijk stellen? De voorzitter: U bedoelt over een ander onderwerp? Mevrouw Griep-Pont: Ja. De voorzitter: Dan gaan we eerst deze proberen af te handelen. Kijk ik even of de wethouder zorg iets kan zeggen en anders wordt het schriftelijk afgedaan. Mevrouw De Waard namens het college. Mevrouw De Waard: Ja, dank u wel voorzitter. De Quickstart app kunt u gewoon vinden in uw Appstore en die is bedoeld voor jeugdige die net nog geen achttien zijn en achttien gaan worden en voor hun ouders. En daarin wordt overzichtelijk weergegeven welke zaken je moet regelen op het moment dat je achttien bent, omdat je een hele andere rechtsvorm krijgt zeg maar. Je bent volwassenen, je bent zelf verantwoordelijk. Op uw vraag of deze jongeren ingeschreven zijn bij de basisadministratie, dat weet ik niet. Daar ga ik vanuit, want anders kunnen we ze wellicht niet eens in beeld hebben. En anders moeten we dat schriftelijk doen, weet ik niet. De voorzitter: Ik kijk even. Dank. Ik kijk even naar mevrouw Griep. Mevrouw Griep-Pont: Het is namelijk wel zo dus dat een groep dus wel vermeld wordt dat hij niet zeg maar dus in de basisadministratie staan ingeschreven.
Dus mijn vraag was eigenlijk, zijn dat, geldt dat voor alle drie de groepen dan? De voorzitter: Ik denk dat het verstandig is om deze even schriftelijk te beantwoorden. U had nog een vraag, mevrouw Griep. GemeenteBelangen. Gaat uw gang. Mevrouw Griep-Pont: Ja, dank u wel voorzitter. Het gaat over de subsidie , waar dan dus welzijnsactiviteiten georganiseerd worden, waaronder ook een jeugdhonk. En mijn vraag is eigenlijk, waarom is dat jeugdhonk niet in het centrum gelokaliseerd? Dus waarom op die locatie? Ik vind het een beetje meer naar het buitengebied toe. En de hangjongeren, die zie ik toch eigenlijk hier dus toch meer in het centrum hangen. De voorzitter: Dank voor deze vraag. Kijk ik naar de heer Heere denk ik. Er wordt eventjes overlegd waar de bal heen gaat. De bal gaat naar mevrouw De Waard. 8
Mevrouw De Waard: Onze welzijnspartner Koppel-Swoe verzorgt ook het jongerenwerk. En in overleg met het jongerenwerk en de jongeren zelf is gekomen tot deze keuze. En midden in het centrum was het vinden van een locatie heel ingewikkeld. Dus op een gegeven moment ga je dan verbreden. Maar het is met name met jongeren zelf en jongerenwerkers tot stand gekomen. De voorzitter: Dank. Lijkt mij een helder antwoord. Mevrouw Griep-Pont: Ja, dank u wel voor uw antwoord. De voorzitter: Is er nog iemand die … De heer Vos, Nieuwe Lijn, aan u het woord. De heer Vos: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik had eigenlijk op het vorige onderwerp nog een aanvullende vraag, maar die zal ik tijdens een of andere commissie wel stellen in de toekomst. Ik wilde het nu even hebben over de informatie, over de ontsluiting, de … Nee, niet goed opgeduwd. Over de informatienota evaluatie jaarwisseling 2022-2023. De genoemde beterpunten zijn helder en duidelijk. Maar een conclusie vindt Nieuwe Lijn opmerkelijk en dan vooral het deel van de laatste zin. De schade is aanzienlijk minder dan voorgaande jaren. Het geschatte bedrag van 7800 euro is altijd nog hoger dan het gemiddelde van 6300 euro over de laatste vijf jaarwisselingen. En dan is het bedrag van de preventieve maatregelen nog niet eens meegenomen in de berekeningen.
Kan het college ons haar optimisme over de afgelopen jaarwisseling toelichten? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar mevrouw Van Loon namens het college. Gaat uw gang. Mevrouw Van Loon: Dank, voorzitter. Ik moest even geduld hebben hoorde ik, met microfoon aanzetten. Ik heb het rekensommetje er even bijgehaald en het klopt dat het wat onduidelijk over kan komen. Maar er is een opsomming gemaakt en de 7700 euro die genoemd wordt, dat is een opsomming van kostenschade die is veroorzaakt aan eigendom van de gemeente, eigendom van Circles en eigendom aan bushokjes die weer eigendom zijn van Outdoor Furniture Nederland. De tabel die eronder staat, op basis waarvan u een opsomming en een gemiddelde heeft gemaakt, dat gaat uitsluitend over de schade die door de gemeente is geleden aan gemeentelijke eigendommen. En wat zien we dan? Dat, want ik heb hetzelfde rekensommetje nog even opnieuw gemaakt, dat van de laatste vijf jaren, dan komen we toch uit op een gemiddelde van 3500 euro per jaar en aan gemeentelijke eigendommen en dat is dit jaar 1828. Kunt u mijn rekensommetje volgen? Helemaal niet, maar dan kan ik hier de conclusie toch even stellen dat het afgelopen jaar, dat er aan gemeentelijke eigendommen de afgelopen jaarwisseling 1800,28 aan schade is geleden en de jaarwisseling daaraan voorafgaand was 14 duizend en het gemiddelde was dus veel hoger dan die 1800.
Bij een kop koffie wil ik het nog een keer uitleggen. Maar ons optimisme was terecht. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank voor het antwoord. Maar uiteraard is iedereen het met het college eens en de raad dat elke euro een te veel is bij schade door anderen aan onze spullen aangebracht. Maar het is dus een kwestie van definitie. Mijnheer Vos, bent u op de hoogte? De heer Vos: Nou, ik ga graag op uitnodiging van de wethouder om een keer bak koffie te komen drinken en mij dat een keer goed laten voorrekenen. Ik heb mijn best gedaan, maar ik kom niet verder dan wat ik heb kunnen vinden, maar we houden even contact. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Nou, die kop koffie is in ieder geval gratis. Maar het is een verschil van definitie. Maar dat wordt u dan nog wel nader uitgelegd. Ik kijk nog even of iemand anders bij de vaststelling van de lijst ingekomen stukken … De heer Vos, Nieuwe Lijn, gaat uw gang. 9
De heer Vos: Ja, ik heb er nog eentje. Die is niet ingediend, omdat ik vandaag pas de memo gekregen heb van wethouder Heere en ik ben even de richting kwijt. In het stuk wordt genoemd dat die onderzoeken naar aardwarmte zullen plaatsvinden in Zuidoost-Apeldoorn. En volgens mij is dat de kant van Klarenbeek. En als ik dan het tekeningetje doorkijk, dan zie ik ineens dat het daar het noordoosten is van Apeldoorn en dan valt inderdaad onze gemeente erbij. Dus ik ben bang dat er ergens een tekstueel probleem is in het hele verhaal. Of mijn richtingsgevoel is niet goed. Eén van de twee. Dank je wel. De voorzitter: Dank. Ik kijk even naar wethouder Heere, maar mijn ervaring is dat niet iedereen kompas kan lezen. De heer Heere: Dank u, voorzitter. Ik heb mij laten vertellen, dank voor de vraag mijnheer Vos, ik heb me laten vertellen dat het eerste zoekgebied tussen Apeldoorn en Deventer plaatsvindt. En als we op het moment dat ze daar dus een geschikte locatie vinden om het onderzoek te doen, dan zullen ze ook niet bij ons aankloppen als gemeente om binnen de grenzen van de gemeente die boring te doen. En ja, hoe dat in het kaartje zit, ik durf het u niet te zeggen. Maar ja, laten wij ook een kopje koffiedrinken. Dank u, voorzitter. De heer Vos: Dat wou ik net voorstellen, nog een kop koffie. Heel graag. Dank je wel. De voorzitter: En misschien was mijn conclusie te snel.
Misschien kunnen ze toch wel gewoon kompas lezen. Maar goed, dan ga ik nog een keertje proberen. Is er nog iemand die bij de vaststelling van de lijst ingekomen stukken van 23 maart nog iets wil vragen, zeggen, toegeven? Geen huiselijk geweld graag. Niemand niet. Dan mogen we vaststellen dat de voorgestelde afdoening ook gaat gebeuren. Dank. 5. Vaststelling notulen raadsvergadering en besluitenlijst d.d. 23 februari 2023 De voorzitter: Dan zijn we bij punt vijf van de agenda, vaststelling notulen en besluitenlijst raadsvergadering. Sorry. Vaststelling notulen en besluitenlijst raadsvergadering dato 23 februari 2023. Vanwege een technische storing tijdens de raadsvergadering, vorige raadsvergadering, ontbreekt de opening bij de notulen. Nou, excuus daarvoor. Maar goed, dat zal u mij, ons verontschuldigen. Is er iemand, er is niemand die iets heeft ingediend, maar is er iemand die, tenminste dat punt was al ingediend door de heer Van Limburg denk ik. Dat is dus bij deze ook verklaard toch? Dank voor uw opmerkzaamheid. Anderen niet? Dan stellen we deze ook vast. Dank u wel. 6. Rapport Rekenkamercommissie onderzoek Toezicht en Handhaving De voorzitter: Dan zijn we bij het eerste inhoudelijke punt van vanavond en dat is het rapport Rekenkamercommissie onderzoek Toezicht en Handhaving.
De raad wordt voorgesteld om één, de aanbevelingen van de Rekenkamercommissie over te nemen en A, het college opdracht te geven om een uitvoeringsprogramma en rapportage op te stellen waarin een heldere verbinding wordt gemaakt tussen de doelen per prioriteit die volgen uit het handhavingsbeleid en de activiteiten van toezicht en handhaving. B, het college opdracht te geven om halfjaarlijks te rapporteren aan de raad in hoeverre het uitvoeringsprogramma is gerealiseerd. C, het college te vragen om de samenleving meer te betrekken naar de voorkant van het beleidsproces bij het stellen van prioriteiten. En twee, de raad voor 1 juli 2023 te informeren over de wijze van uitwerking van de aanbevelingen. Dit rapport van de Rekenkamercommissie is ook toegelicht door de Rekenkamer in de commissievergadering en er is
10
ook met het college over gesproken. Wie mag ik in eerste termijn het woord geven? De heer Oortgiesen, CDA. De heer Oortgiesen: Dank u, voorzitter. Ja, voor ons ligt het rapport van de Rekenkamercommissie Toezicht en Handhaving. En het lokaal CDA is heel blij met dit uitgebreide rapport van de Rekenkamer, want immers toezicht en handhaving is al jarenlang een onderwerp in de samenleving, maar ook hier in de raad een heel hot item is. Het ligt onder een vergrootglas en het is denk ik heel goed dat er een dergelijk onderzoek is gedaan. Maar wat doen we met dit rapport? Want dit rapport wordt uitgebracht aan de raad. Het is niet een rapport van het college, het is een rapport van ons als raad. En daarom is het ook aan de raad om uit te spreken wat we er verder mee gaan doen en daar kom ik zo nog even op terug. Eerst even het rapport. Het is een stevig rapport geworden. Een rapport dat aangeeft dat er voorbeelden zijn waarin het goed gaat, maar in de breedte is het niet best gesteld. Geen prioriteiten, geen doelen, geen samenhang met ander beleid, geen registratie, geen rapportage. Wat wel goed is om vast te stellen, dat de kritiek er is, dus de Rekenkamercommissie heeft ook heel nadrukkelijk naar de samenleving gekeken, dat de kritiek niet op de mensen is die daar werken. Die doen hun werk naar behoren, ondanks vele en snelle personeelswisselingen. Denk dat dat wel even goed is.
Dat gezegd hebbende, is er natuurlijk wel het een en ander aan de hand. Dat ligt dan niet bij de mensen, maar bij ons en het college. Ja, we hebben een raadsbesluit op de agenda staan. Denk ik een heel goed raadsbesluit, waarin opdracht wordt gegeven om een volledig en gedegen handhavingsplan te maken en in dat handhavingsplan staan de zaken als geplande aantallen controles per aandachtsgebied, verwacht aantal overtredingen, enzovoort, rapportages en om in verbinding te gaan met de samenleving over de prioriteiten. Een goede zaak en het college omarmt dat ook voor zover ik het kan zien. Echter in antwoord op een vraag van het lokaal CDA en de commissie geeft de auteur van het Rekenkamerrapport ook aan dat er niet alleen een handhavingsplan nodig is, maar dat er ook een omslag nodig is naar een meer integrale werkwijze. En het rapport geeft ook duidelijk aan wat dit betekent. Ik noem even de belangrijkste. Oplossingen voor problemen komen nu vaak laat in het proces tot stand. Dat is een gemiste kans. Door eerder oplossingen aan te bieden in een vroeg stadium kunnen kosten en langdurige procesgangen worden vermeden. Winst voor de gemeentelijke organisatie en winst voor onze inwoner en daar doen we het voor. Probleemoplossend handhaven. Dat vraagt om een samenhangend zicht op alle relevante factoren die zich in een bepaalde situatie voordoen. Een voorbeeldje ja.
Bij vakantieparken moet je niet alleen kijken naar illegale bewoning, maar ook bijvoorbeeld naar brandveiligheid. Nou, bouw idem. Een aantal voorbeelden staan in dat rapport genoemd. En input in de beleidscyclus. Ja, los van elkaar zeggen ze, regels zijn vaak prima uitlegbaar, maar de combinatie geeft vaak problemen. De handhavingsmedewerking moet daarom actief input geven in de gehele beleidscyclus. Blijven zij van zaak tot zaak lopen of denken ze mee over het nut en de noodzaak en over andere oplossingen? Gelukkig kon het college ons in de commissie vertellen dat er al veel verbeteringen, zoals het afdeling grensoverschrijdend werken en het bij te registreren nu al worden ingevoerd. En daar is natuurlijk het lokaal CDA heel blij mee. Ook het schrijven van een gedegen uitvoeringsplan wil het college oppakken, maar het invoeren van een integrale werkwijze is volgens het lokaal CDA iets wat daarboven uitstijgt, dat stijgt boven dat uitvoeringsplan uit. Dat gaat echt om de manier van werken. En eigenlijk is dat ook wel dat het college wil denken we en dat is eigenlijk wat we echt moeten hebben om echt problemen zoals we die allemaal de laatste jaren gekend te hebben in de toekomst te voorkomen.
Om het rapport van de Rekenkamercommissie recht te doen en dus om onze kader stellende taak als raad ook in te vullen wil het lokaal CDA in aanvulling op het raadsvoorstel dat er al ligt een motie indienen om die omslag naar een integrale werkwijze als opdracht aan het college mee te geven. En deze motie luidt als volgt. Mag ik hem voorlezen bij deze? De voorzitter: Zeker, gaat uw gang. 11
De heer Oortgiesen: De raad van de gemeente Epe in vergadering bijeen 22 maart, 23 maart, sorry, 2023 gehoord de beraadslagingen. Constaterende dat de Rekenkamercommissie een uitgebreid gebreid onderzoek heeft gedaan naar de gang van zaken rondom toezicht en handhaving in onze gemeente. Uit dit onderzoek blijkt dat er een nieuw handhavingsuitvoeringsplan moet worden opgesteld, zoals ook in het raadsbesluit is verwoord. Dat uit het rapport ook blijkt dat er behoefte is aan een veel meer integrale werkwijze op het gebied van toezeggingen, toezicht en handhaving om te komen door een probleemoplossend vermogen handhavingsprioriteiten beter moeten worden besproken en gedefinieerd, dat de gemeente werkt aan een plan om toezicht en handhaving al aan de voorkant onderdeel van het beleid te laten zijn. Van mening dat het wenselijk is om nu al in te zetten op integrale werkwijze van toezicht en handhaving binnen de gemeentelijke aanpak, alleen een handhavingsuitvoeringsplan deze integrale werkwijze niet realiseert, toezicht en handhavingsprioriteiten een gezamenlijke verantwoordelijkheid zijn van college en raad. Verzoekt het college parallel aan het schrijven van het handhavingsuitvoeringsplan een plan van aanpak te maken voor de invoering van een integrale werkwijze met betrekking tot toezicht en handhaving.
Hierbij gaat het om oplossingen voor problemen in een zo vroeg mogelijk stadium bieden, zodat kosten en een langdurig proces worden vermeden. Probleemoplossend handhaven, het hebben van een samenhangend zicht op alle relevante factoren die zich in een bepaalde situatie voordoen. Input in de beleidscyclus. Los van elkaar zijn regels vaak prima uitlegbaar, maar de combinatie kan problemen geven. Daarom moet een beleid, een uitvoering continu met elkaar in verbinding staan. En twee, om de raad te betrekken bij het bepalen van de topprioriteiten en gaat over tot de orde van de dag. Was getekend, lokaal CDA. De voorzitter: Daarmee maakt ook deze motie onderdeel uit van de beraadslagingen van vandaag. Gaat u verder met uw betoog. De heer Oortgiesen: Dank u. Nou, om even af te ronden. Als lokaal CDA zijn we blij met de stappen die worden gezet, maar we realiseren ons ook dat dit het begin is van een langdurig traject en zien het vervolg graag en met vertrouwen tegemoet. Met het voorgenomen besluit plus de motie maakt de raad duidelijk wat ze wil en dat is wat een dergelijk gedegen rapport van de Rekenkamercommissie aan de raad verdient. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank. Kijken wie ook in eerste termijn het woord wil voeren. De heer Halkers, VVD, aan u het woord. De heer Halkers: Ja, dank u voorzitter.
Voor ons ligt het besluit om de aanbeveling van de Rekenkamercommissie over te nemen betreffende toezicht en handhaving. Ik zal niet alle punten herhalen. Immers, u heeft het allemaal zelf kunnen lezen. Echter één puntje is voor onze VVD-fractie essentieel, namelijk de samenleving meer te betrekken aan de voorkant van het beleidsproces en het stellen van prioriteiten. Hoe zouden we dit kunnen doen? Wij zijn voor de inwoners en ondernemers, wat zijn voor de inwoners en ondernemers belangrijke prioriteiten, ook voor de onder ondernemers met name? Wat verwachten zij hierin van de gemeente? En wat kunnen de inwoners en ondernemers zelf bijdragen aan een leefbare, veilige en schone leefomgeving? Ook heel belangrijk voor ons. Dit voorgenomen raadsbesluit zal, indien aangenomen, juist aan deze mensen kunnen voldoen om zo onze inwoners en ondernemers meer te betrekken. Tevens vindt onze fractie dat de aanvulling, welke motie betreffende toezicht en handhaving van CDA zojuist heeft voorgelezen, een waardevolle om in te zetten op een integrale benadering van toezicht en handhaving binnen het gemeentelijk apparaat en dat hierbij een plan van aanpak hoort voor het maken van deze integrale benadering.
Het zal u niet verbazen dat VVD-fractie zowel het raadsbesluit om de aanbeveling van de Rekenkamercommissie die wij zeer waarderen, als wel de motie van aanmoediging te ondersteunen en dus positief zullen stemmen. Dank u, voorzitter. 12
De voorzitter: Dank u wel. Welke fractie … Nou, ik denk dat de heer Boermans eerder was. De heer Boermans, D66. En daarna mevrouw Zweekhorst van Nieuwe Lijn. De heer Boermans: Ja voorzitter, dank u wel. Ik denk ten eerste goed com de complimenten naar de Rekenkamer en de opstellers van het rapport te maken, want er ligt inderdaad, ik ben het eens met de Oortgiesen, een degelijk rapport. En dat was denk ik ook nodig. Ik denk dat het goed is dat dat zo bij ons, tot ons is gekomen. Zeker als je kijkt naar datgene wat er in het verleden is gebeurd in de gemeente Epe. Dan is het goed dat we de opdracht hebben gegeven om een dergelijk rapport te laten maken en dan is het nog belangrijker dat we ook iets met dat rapport gaan doen. En daarom denk ik dat het heel erg goed is dat datgene wat nu in bij de raad voorligt aan aanbevelingen in het raadsbesluit staat dat al die punten, en ook dat noemde de heer Oortgiesen al, dat die allemaal eigenlijk worden overgenomen. Het college neemt, althans als wij als raad dit voorstel aannemen, neemt het college en ik ga ervanuit dat college dat ook met volle enthousiasme gaat doen, alle aanbevelingen van de Rekenkamer over. En dat is volgens mij de grootste winst van deze avond als dit wordt aangenomen. Dat betekent dat er een uitvoeringsprogramma komt. Dat betekent dat er regelmatig in de raad wordt gerapporteerd, ieder half jaar tenminste.
En het allerbelangrijkste, en ook de VVD haalde dat al aan, is dat we de samenleving veel meer gaan betrekken aan de voorkant bij het beleid. Dus dat vinden wij als D66 alleen maar goed en eigenlijk al een aanmoediging op zich. Dus ik ben ook heel benieuwd of het college dat ook zo ziet. Ik vond het ook een zeer positieve aanbeveling of opmerking in het document, dat de opstellers van een document ook terecht aangeven dat dit niet iets is wat naar de organisatie zelf gericht is. Sterker nog, er wordt hard gewerkt binnen de organisatie en mensen werken niet alleen met plezier, maar met name ook kundig aan de onderwerpen waar ze aan werken op toezicht en handhaving. En ik denk dat dat ook gezegd mag worden. Dat wil niet zeggen dat altijd alles goed is gegaan, maar dat kan ook liggen aan hoe het beleid is opgesteld hoe we daarop sturen. Dan kom ik naar de motie van het CDA. U komt aan met een motie van aanmoediging. Nou, ik hoop eigenlijk dat iedere motie altijd met het woord aanmoediging begint, want ik hoop dat het college altijd wordt aangemoedigd om iets meer te gaan doen. Dus alleen om die reden zal D66 haast al voor stemmen. Maar, u hoort het maar in mijn in mijn stem wellicht, het zit toch een beetje dat we denken, is dit nog nodig? Eigenlijk kunnen we niet tegen die motie zijn, ik denk dat niemand in deze raad tegen de motie is.
Maar als ik het stuk lees, dan denk ik, dit is gewoon allemaal al verwoord in datgene wat wij als wij deze aanbevelingen overnemen, wat in het voorstel staat, u mag me interrumperen hoor, dat geen enkel probleem, dan wordt dat al meegenomen. En om nu te vragen om een apart plan van aanpak, ik ben er niet op tegen, maar ik zou niet in de vertraging willen schieten. En daar heeft het iets van weg. De voorzitter: U krijgt een interruptie. U heeft er zelf om gevraagd. Mijnheer Oortgiesen, CDA. De heer Boermans: Nee, ik had er niet om gevraagd, maar ik zei, als u wil, mag dat. De voorzitter: Dat wil hij. De heer Oortgiesen. De heer Oortgiesen: Bent u met mij eens dat het rapport aan de raad is gericht en dat het dus leuk is dat wij de aanbeveling overnemen, maar dat er ook om gaat wat het college gaat doen? En wat het college gaat doen, is wat in het raadsbesluit staat en dat stuk wat in de motie staat verwoord is wel, in het rapport staat alleen het rapport, maar is niet een opdracht aan het college en dat zou wel moeten zijn. Bent u dat met me eens? De voorzitter: De heer Boermans.
13
De heer Boermans: Dank u voorzitter. Ik ben het met eerste deel volledig met u eens. Volgens mij heb ik dit net ook al bij mijn begin aangegeven. Maar wij geven, zoals ik het interpreteer, de opdracht van het raadsbesluit door aan het college. En ik gaf net al aan als vraag aan het college, gaat het college hier dan ook voortvarend mee aan de slag? Mijn veronderstelling is dat het college dat gaat doen, want anders hebben we iets anders nodig dan een motie van aanmoediging. Ik ben het niet zozeer met u oneens, maar het klinkt enigszins overbodig om de motie nog apart aan te nemen, omdat naar mijn oordeel het al verwerkt is in het stuk zoals het is opgesteld. En u gaf zelf ook aan dat er al op deze wijze wordt gewerkt, dat het college daar al mee aan de slag is. Dus nogmaals, ik ben niet tegen de motie, maar ik wil ook niet de indruk wekken dat we niet integraal moeten werken. Integendeel, we moeten zeker integraal werken. Maar ik heb zoiets van ja, is het nog echt nodig? Maar ja, je kan aanmoediging op twee manieren lezen. De voorzitter: De heer Oortgiesen. De heer Oortgiesen: Ja. Dank u voor uw reactie. Ik begrijp wat u zegt, maar het verschil zitten hem in, het rapport is aan ons gericht en wij moeten het college een opdracht geven. En als we die motie niet aannemen, dan geven wij niet een opdracht tot integraal werken.
Wil niet zeggen dat het college er misschien niet mee aan de slag gaat, maar wij zouden dat als raad moeten uitspreken, willen we echt het Rekenkamerrapport recht doen. En ik weet niet of u het daarmee eens bent, misschien niet, maar dat dat is de vraag. De voorzitter: De heer Boermans. De heer Boermans: Dank u, voorzitter. Volgens mij hoeven we ook niet helemaal in een semantische discussie te komen, want nogmaals ik ben het met u eens dat we integraal moeten werken, dat we ook integraal moeten gaan werken. Dus die verbinding zoals u het heeft tussen beleid en uitvoering, die moeten er zeker komen. Maar ik had begrepen dat dat ook al inmiddels beleid is geworden. En nogmaals, het is inderdaad zo dat de Rekenkamer hebben wij de opdracht gegeven, dat rapport is aan ons gericht. Dus wij gaan er wat mee doen en wat we doen is datgene, we nemen het aan en we geven vervolgens het college een opdracht om daar verder handen en voeten aan te gaan geven en ons ook regelmatig terugkoppeling te geven. Dus daarmee wordt volgens mij uw motie eigenlijk al recht gedaan, maar ik ben heel benieuwd naar de reactie van het college op uw motie van aanmoediging en daarna zullen wij als D66-fractie ons definitief besluit over uw motie geven. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Zweekhorst van Nieuwe Lijn. Mevrouw Zweekhorst: Dank u wel, voorzitter.
Voor ons ligt het rapport Rekenkamercommissie onderzoek Toezicht en Handhaving. Nieuwe Lijn vindt het een mooi rapport, met duidelijke uitkomsten. Wij willen daarom ook de leden van de Rekenkamercommissie en het onderzoek adviesbureau, Partners en Pröpper bedanken voor dit heldere rapport en de goede aandachtspunten die worden geadviseerd. Concluderend, veel gaat goed en uiteraard kunnen er dingen beter. Laten we daar als gemeente ook voor blijven gaan. Graag maak ik van de gelegenheid gebruik om nog even extra aandacht te vragen voor een opmerking op pagina 41. De Rekenkamer benoemt hier de rol van de raad ten aanzien van vragen over kritische artikelen in de media. Ik citeer: “In een gesprek met een afvaardiging van de raad wordt aangegeven dat hier door de raad vooral aandacht heeft voor specifieke casussen die zich voordoen en die de aandacht trekken in de media en de lokale samenleving”. Oh. Sorry, ik maak mijn lettertype ineens heel klein. En ik heb een bril nodig, maar daar wil ik nog niet aan. De voorzitter: U krijgt een bril aangeboden. 14
Mevrouw Zweekhorst: Nee, ik heb wel hem op 140 procent gezet, mijnheer Boermans. Dank u wel. De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog. Mevrouw Zweekhorst: Waarom ik deze bevindingen hier extra aandacht wil geven, is omdat er door de media in de afgelopen jaren kritisch is uitgelaten op de wijze van handhaving op recreatie wonen, woningen en de permanente bewoningen in onze gemeente. We zijn blij te lezen dat een onafhankelijk bureau ons nu laat weten dat er uiteraard verbeterpunten zijn, maar dat de gemeente en dus handhaving een goede relatie heeft opgebouwd betreffende deze casussen. Ook wij ondersteunen de ingediende motie van het CDA, aangezien dit kan bijdragen aan het verbeteren van meer integraal handhaven in de toekomst. Maar zijn het wel eens met de woorden van de heer Boermans van D66 zojuist. Het is overbodig, maar nou ja, laten we het vooral meegeven extra boven op het rapport. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. En we gaan kijken of straks het college die aanmoediging nodig heeft. Wie in eerste termijn? Niet? Dan ga ik voor de eerste termijn naar het college naar mevrouw Van Loon. Aan u het woord. Mevrouw Van Loon: Dank, voorzitter. Ja. Al in de commissievergadering heeft de fractie van CDA hele heldere vragen gesteld aan het college.
Toen heb ik namens het college vooral verwezen naar de HUB die in de maak is, het handhavingsuitvoeringsprogramma en dat is een logisch vervolg op het beleidsplan wat er al lag. En dat plan is dus al in de maak. Dat wordt ook, dat is ook een aanbeveling van de onderzoekers. Daar roept het toe op. Maar dat waren we sowieso al van plan en daar zijn wel een heel eind mee op dreef. Dit HUB, dat geeft echter nog geen expliciet antwoord op de roep om een plan van aanpak voor een integrale werkwijze. Dat is geheel correct aangegeven ook door de heer Oortgiesen. Deze motie, die roept op om te komen tot een integrale werkwijze waarbij het probleemoplossend handhaven het meest vergaande is en ook het meest inwonergericht. Het is een verre stip aan de horizon waar we heel graag ook heen willen. De onderzoeker heeft dit in de commissie ook aangegeven. Dat is een mooie ambitie. Dat is een heel mooi streven om daarnaartoe te werken. In enkele gevallen gebeurt dit al, maar het vraagt om een doorontwikkeling. En wij hebben al stappen gemaakt met deze integrale werkwijze en we hebben nog heel veel stappen te gaan. Die beweging, die is er. Het probleemoplossend handhaven, dat is een verdere doorontwikkeling, dat wil het college ook, maar er is tijd voor nodig. En er is ook tijd voor nodig om een helder beeld te schetsen wat daar allemaal voor nodig is.
De onderzoeker heeft dit in de commissie ook benadrukt. Hij heeft erop gewezen dat dit heel, dat probleemoplossend handhaven is heel arbeidsintensief. Het vraagt niet alleen meer werk, het vraagt ook anders te werk gaan. Tijdens de commissie, toen wilde ik al veel meer roepen over hoe goed we bezig waren en daarom wil ik nu de raad ook al meegeven dat wij heel graag willen laten zien wat we al aan het doen zijn, waar we nu staan en waar we heen gaan. En daarvoor willen we graag ook een informatiebijeenkomst organiseren op niet al te lange termijn. Goed kijken natuurlijk waar het nog past in de drukke agenda van de raad, om daar veel meer inzicht in te geven om die integrale ambities, om die te schetsen en dat die problemen oplossende en inwonergerichte aanpak om die helder te maken. En een voorbeeld, wat ook ingaat overigens op wat de fractie van de VVD zojuist noemde, dat is hoe we al met vakantieparken omgaan, daar staat ook al een deel van in het rapport genoemd, maar waar we nu ook al integraal binnen het college aan werken.
Niet alleen toezicht en handhaving op illegale bewoning, maar ook aan de voorkant eigenaren van vakantieparken meenemen, hoe kunnen we met brandpreventie omgaan, met klimaatadapti… Wat een moeilijk woord, hè? Adaptieve inrichtingen en het ook deels overlaten, als gemeente schetsen we dan heel graag, wat is onze bedoeling met de vakantieparken, en we laten dat dan ook heel graag deels open aan de eigenaren van, hoe had u het zelf gedacht om een oplossing te bieden voor deze problemen? Om die stip aan de horizon te schetsen en samen op pad 15
te gaan, om de bedoeling helder te hebben. In reactie op de fractie van D66. Ja, het college heeft de aanbevelingen ook al omarmd. Dat is ook, die brief is ook al opgenomen in het rapport, dus dat wordt al omarmd. Dat hebben we gedaan. Ik heb hier een aardig betoog gehouden waarin ik heb aangegeven dat ik blij ben met de analyse van het CDA, dat dat een verre stip is aan de horizon, dat we nu eerst bezig zijn met die HUB, dat we komen met een informatiebijeenkomst voor de raad, maar ik zie het wel als een echte aanmoediging om die stip aan de horizon ook echt te schetsen. Door ontwikkelen naar een integrale werkwijze en het probleemoplossend willen handhaven, dat wordt door het college onderschreven. Het roept op tot het schetsen van een vergezicht wat verder kijkt dan die HUB. En dit is een stap die het college heel graag wil gaan zitten. En daarom is mijn conclusie ook dat wij deze motie graag aanmoedigen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Je zult het meemaken, een aanmoediging die aangemoedigd wordt. Ik kijk in tweede termijn of er iemand nog het woord wil voeren over het rapport van de Rekenkamer of over de motie. Nee? Dan zijn we toe aan de stemming daarover en dan wordt in stemming gebracht het rapport van de Rekenkamercommissie onderzoek, Toezicht en Handhaving en de stemming is geopend. De stemming is gesloten en de uitkomst is twintig voor en één tegen.
Daarmee is dit rapport ook aangenomen. Dank. Ja. Daar heeft u gelijk in, dat ik dat vergeten was. Maar excuus, ik dacht er is zo veel overeenstemming. Maar gaat uw gang. Ik sta toe dat u nu nog een stemverklaring geeft. De heer van Nuijs Ja, dank u wel. De voorzitter: Kort graag. De heer van Nuijs Dank u wel. Nou, het is heel kort, want ik vind dat deze motie werkelijk niets toevoegt. En het feit dat college het ook zou overneemt, dat is denk ik, dat onderstreept mijn argument. De voorzitter: Ik denk dat er een misverstand is, want de stemming ging over het rapport zelf en niet over de motie. De heer van Nuijs Oh, sorry. Ik ben een tijdje weggeweest. Dan heb ik bij deze mijn stemverklaring. De voorzitter: Ik wou net zeggen, u kunt nu de stemverklaring over de motie geven. Maar wilt u die nog aanvullen of … De heer van Nuijs Nee, nee, nee, nee, nee. De voorzitter: Zijn er anderen die een stemverklaring hebben over de motie van aanmoediging, toezicht en handhaving van het CDA?? De heer Vermaas, stemverklaring, Forum voor Democratie. De heer Vermaas: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, echt over motie voor de zekerheid. Nee inderdaad, wij vonden ook dat de motie wat overbodige trekjes had en met ook nog eens een keer een toezegging eigenlijk, dat maakt het misschien nog wel overbodiger.
Maar goed, als het een extra aanmoediging is en de strekking, daar zijn wij natuurlijk wel mee eens, dan kunnen wij ons er ook wel in vinden om toch voor te stemmen. De voorzitter: Dank. De heer Boermans, D66, stemverklaring. De heer Boermans: Ja voorzitter, de D66-fractie vond de motie overbodig, maar na het vlammende betoog van het college zijn we overstag. 16