Zomernota 2021, DEFINITIEF
Tekst van het document
Zomernota 2021
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ...................................................................................................................................... 2 1. Beleidsbrief ........................................................................................................................................ 3 2. Strategische analyse opgaven van de stad .................................................................................... 6 3. Middelenkader 2022-2025 ................................................................................................................. 9 3.1. Externe effecten ............................................................................................................................. 12 3.2. Overzicht dilemma's ....................................................................................................................... 14 3.3. Risico's ........................................................................................................................................... 26 3.4. Investeringsagenda ........................................................................................................................ 28 3.5. Structureel saldo ............................................................................................................................. 32 3.6.
Bezuinigingsmonitor ....................................................................................................................... 32 3.7. Weerstandsvermogen .................................................................................................................... 36 4. Stand van zaken 2021 ..................................................................................................................... 39 4.1 Samenleving en bestuur .................................................................................................................. 43 4.2 Duurzaam wonen, leven en werken ................................................................................................ 50 4.3 Vitaal en sociaal .............................................................................................................................. 59 4.4 Financiën en organisatie ................................................................................................................. 69 Bijlage 1 Beslispunten ........................................................................................................................ 76 Bijlage 2 Technische wijzigingen.......................................................................................................
78 Samenleving en bestuur ........................................................................................................................ 78 Duurzaam wonen, leven, werken .......................................................................................................... 78 Vitaal en sociaal..................................................................................................................................... 80 Financiën en organisatie ....................................................................................................................... 84 Bijlage 3 Begrotingswijzigingen ........................................................................................................ 86 Bijlage 4 Toelichting onderwerpen niet opgenomen in Middelenkader ........................................ 97
blz. 2 (van 102)
1. Beleidsbrief Zomernota 2021: Met lef en trots bouwen aan kansrijk Enschede Het college presenteert de gemeenteraad een Zomernota met als focus om Enschede sterker uit de crisis te laten komen en te investeren in de toekomst. Meer dan in het verleden gaat het in deze Zomernota om perspectief. Er is nog veel onzeker, dus we handelen meer dan we gewend zijn op basis van aannames. Tegelijkertijd geldt ook dat we grote risico’s lopen als we nu geen stap vooruit zetten om te investeren. Juist ook in de leefdomeinen van mensen; wonen, werken, leren en waar nodig helpen. We laten niemand vallen. We willen dat Enschede op een goede manier uit de coronacrisis komt. We willen ook dat de veerkracht en draagkracht waar Enschede bekent om staat, blijft. Dat vraagt lef. Lef om keuzes te maken. Lef om te investeren in onze Trots: Enschede. We blijven bouwen aan een kansrijk Enschede, het is nooit klaar. We denken daarbij aan kansen voor onze inwoners en investeringen in bestaande wijken. Onze partners zijn daarbij belangrijk: de grote instellingen in de stad en regio hebben wij goed op ons netvlies. Daarnaast zien wij ook de waarde van de plekken die zich meer in de haarvaten van de wijken (speeltuinen, huiskamers) bevinden. Die optelsom en interactie tussen groot en klein, maakt Enschede wie zij is.
We zien de gevolgen van gebrek aan investeringsruimte De afgelopen jaren hebben we al vaker geconstateerd dat de opgave voor Enschede in het sociaal domein fors is. We constateren ook al een aantal jaren dat het Rijk ons hiervoor onvoldoende compenseert. Na jarenlange lobby zien we dat we niet alleen staan in dat standpunt. Onafhankelijke onderzoeksbureaus, de door het Rijk ingestelde adviescommissie en een arbitragecommissie delen het standpunt dat er substantieel extra geld naar gemeenten moet om de taken op jeugdzorg uit te voeren. Als we de last van deze tekorten zelf moeten dragen, gaat dat ten koste van onze kans om te investeren in de fysiek economische doorontwikkeling van onze stad. Dat hebben we nu jaren zo gedaan. We zijn op het punt waarop we de consequenties daarvan ook echt zien: gebrek aan betaalbare woningen, achterblijvende (door)ontwikkeling van onze topwerklocaties, onvoldoende voortgang op onze duurzaamheidsopgave, het achterblijven van de groei van de stad, etc. Daarbovenop komt de mogelijke middellange termijn impact van de coronacrisis op de economie en werkgelegenheid. We hebben dus niet alleen een probleem in het sociaal domein, maar ook in de fysieke stad. We willen koste wat het kost voorkomen dat Enschede stil komt te staan. Daarom zet het college vol in op investeren in wonen en werken.
Het college is er volledig van overtuigd dat daarmee ook gewerkt wordt aan opgaven in het sociaal domein. Als onze inwoners op een fijne, duurzame, groene en betaalbare plek wonen en aan het werk zijn hebben zij ook minder sociale ondersteuning nodig. Sterker uit de crisis vraagt om actie We zullen actie móéten ondernemen; grotere gemeenten krijgen meer geld uit het gemeentefonds. Maar als andere gemeenten groeien en Enschede blijft achter, daalt de bijdrage uit het gemeentefonds juist en zullen we jaar in jaar uit moeten blijven bezuinigen. We willen mee in de vaart der volkeren, en liever nog; iets sneller groeien dan andere gemeenten. We zien hier grote kansen, de coronacrisis heeft werken op afstand een impuls gegeven. Bovendien bevestigde de crisis de waarde van wonen in een bruisende stad met prachtige parken en landelijk gebied om de hoek. Daarom moeten we de plannen waar we de afgelopen jaren aan hebben gewerkt nu gaan uitvoeren. Daarvoor maken we substantieel
blz. 3 (van 102)
middelen vrij. We zetten er vol op in om met onze plannen ook cofinancieringsgelden naar Enschede te halen zodat elke euro die we investeren een veelvoudig effect heeft. Ook in het belang van Twente. De coronacrisis versterkt ons gevoel van actie. Op de korte termijn lijkt de impact van die crisis op de werkgelegenheid mee te vallen. Tegelijk zien we dat in verschillende sectoren ondernemers het zwaar voor hun kiezen hebben gekregen. Dat kan, zeker op de middellange termijn, consequenties hebben voor de werkgelegenheid. Het is nu of nooit. We hebben de keuze tussen investeren aan de voorkant of afwachten tot we als stad de rekening moeten betalen. Die keuze is voor het college wat dat betreft helder. Investeren om Enschede verder te helpen We willen juist nu (anticyclisch) investeren en de piketpalen uitzetten voor de toekomst van Enschede. Daarom is een eerste opzet gemaakt van een investeringsagenda. Richting de begroting zal deze concreter worden uitgewerkt. In deze agenda zijn projecten opgenomen die in de visie van het college en vanuit de focus op wonen en werken en onze strategische opgaven prioritair zijn. Uiteraard wordt de raad op elke afzonderlijke investering in positie gebracht om afwegingen te maken en haar budgetrecht toe te passen. Enschede zit nog steeds niet in de luxe positie om alles wat we op ons lijstje hebben staan te kunnen doen.
Wel zijn we de afgelopen jaren spaarzaam geweest. De ruimte die we daarmee in onze reserves hebben opgebouwd zetten we nu in om investeringen mogelijk te maken. We willen versnellen op die onderwerpen waarvan wij denken dat zij voor Enschede het verschil kunnen maken. Concreet zijn we van plan op korte termijn al aan de slag te gaan met een aantal projecten. Het zijn projecten die al verder gevorderd zijn in hun besluitvormingsproces(sen). We richten ons op investeringen in de stad. Om zo te werken aan de brede welvaart in Enschede. Dus niet alleen aan de ontwikkeling van nieuwe plekken in de stad. Het is belangrijk dat ook mensen die al in Enschede wonen hier hun plek blijven vinden. Gezondheid, werk en de leefomgeving zijn bepalend in het leven van onze inwoners (brede welvaart). Het middelenkader: Offensief begroten Ook voor deze Zomernota geldt dat de optelsom van de verschillende ambities, afspraken en taken niet in verhouding staat tot de middelen die we tot onze beschikking hebben. We moeten (wederom) keuzes maken. We zijn wel op het punt gekomen dat we (meer) risico durven te nemen om onze doelstellingen te bereiken. We begroten offensiever: We gaan uit van meer geld vanuit het Rijk. Die aanname baseren wij op verkiezingsprogramma’s van de afgelopen Tweede Kamerverkiezingen en de diverse onderzoeken.
We kunnen ook offensiever begroten omdat onze financiële positie er heel anders uit ziet dan in het verleden. Onze reservepositie is sterk en dus kunnen we ook iets minder voorzichtig begroten omdat we eventuele tegenvallers beter op kunnen vangen. Op basis van een analyse van de positieve jaarrekeningresultaten van afgelopen jaren kunnen we vooruitkijkend voor bijna 3 miljoen euro ruimte in budgetten vrijmaken. Dat geeft lucht om op andere onderwerpen te kunnen investeren. Denk daarbij aan kansengelijkheid en realisatie van vastgestelde visies. Het huishoudboekje met onze jaarlijkse inkomsten en uitgaven blijft zich echter in een zorgelijke situatie bevinden. Hoewel we ons maximaal willen inspannen om met investeringen de gevolgen van de coronacrisis voor de stad te bestrijden zorgt het middelenkader wel voor een financiële begrenzing. De financiële foto is opgenomen in hoofdstuk 3. Wanneer we geen risico’s zouden nemen, zouden we zelf de Zomernota ‘op slot’ draaien. Dat gaat ten koste van onze ambitie voor de stad en bovenal de kansen die we voor Enschede zien. En het zijn juist die kansen waar dit college voor gáát.
blz. 4 (van 102)
De nadruk in deze Zomernota ligt dus vooral op het perspectief. Daarom is het extra van belang om heldere financiële kaders te stellen. Uitgangspunten van het college hierin zijn onder andere dat realistische aannames gedaan worden met betrekking tot de genoemde onzekerheden en dat de financiën niet mogen verslechteren ten opzichte van de begroting 2021. Er is nog veel onzeker. Wat komt er uit de herijking van het verdeelmodel gemeentefonds? Hoeveel extra middelen jeugd stelt het kabinet beschikbaar? Wat zit er voor gemeenten in de plannen van het nieuwe kabinet? We sluiten niet uit dat bij de begroting de situatie dusdanig anders is dat we onze plannen op onderdelen nog moeten herzien. We staan als stadsbestuur ook nog aan de lat om de taakstellingen die in het verleden in de begroting zijn opgenomen in te vullen. Daarbij blijft transformatie van het sociaal domein essentieel. We gaan er vanuit dat het Rijk gemeenten ook structureel gaat compenseren voor tekorten op jeugd. Desondanks blijven we ons inzetten voor het zo effectief en efficiënt mogelijk werken in het sociaal domein. Waarbij we blijven zorgen voor de mensen in de stad, we blijven de goede dingen doen. Juist ook nu bijvoorbeeld de jeugd onze extra aandacht verdiend.
Trots en met lef bouwen aan kansrijk Enschede Het college is in deze Zomernota in staat geweest om aflopende reeksen te verlengen, onhaalbare taakstellingen af te voeren en ruimte voor nieuw beleid te creëren. Omdat het saldo van de nieuwe begroting voldoet aan de gestelde uitgangspunten concluderen we dat we een balans hebben gevonden tussen investeren en een gezond financieel beleid. Een situatie van waaruit we samen aan de slag kunnen om Enschede nog mooier te maken.
blz. 5 (van 102)
2. Strategische analyse opgaven van de stad Om te weten of we de juiste beslissingen nemen voor de lange termijn, hebben we dit jaar de zomernota voorbereid vanuit de vijf strategische opgaven van de stad. Goed bestuur, bereikbaarheid van banen, talent aantrekken en vasthouden, inclusieve stad en groene en duurzame stad[1]. Deze opgaven zijn ook terug te vinden in de doelenboom van de begroting. We hebben in de voorbereiding op deze zomernota (landelijke) onderzoeken betrokken bij de analyse van de opgaven voor de langere termijn[2] en een scenariostudie uitgevoerd. Tot slot hebben we gewerkt met signalensessies (ambtelijk, met het college en met de raad). In deze zomernota geeft het college antwoord op de motie “Enschede sterker uit de crisis” . Voor alle vijf strategische opgaven is geïnventariseerd: waar staan we met de opgave? Wat hebben we er voor gedaan? Wat was de impact van corona op de opgave? En: waar moeten we dan op bijsturen? Deze vragen waren ook de basis voor de signalensessies. Doel van deze inhoudelijke benadering is om voor de lange termijn te prioriteren op de inhoud. Door de prioriteiten per opgave af te zetten tegen de middelen en mogelijkheden, worden dilemma’s duidelijk. Deze dilemma’s vormen de basis voor keuzes in deze zomernota. Waar staan we met de opgaven, terugblik Alle vijf strategische opgaven zijn lange termijn opgaven.
Ze stoppen niet aan het einde van een raadsperiode. De opgaven zijn bovendien met elkaar verweven. De talentopgave heeft bijvoorbeeld effecten op het sociale domein (arbeidsmarkt, inkomen), de duurzaamheidsopgave (meer groen) heeft effect op de gezondheid (gezonde lucht), goed bestuur is een voorwaarde om de andere opgaven te bereiken etc. De opgaven zijn complex. We zijn steeds meer een partner in een netwerk dat aan een opgave werkt. Dit vraagt van ons een open houding en dat we duidelijker worden in: waar zijn wij van? Wat doen wij als gemeente? Waar hebben wij invloed op? Met wie werken wij samen aan onze opgaven? En wat doen onze partners? Dit vraagt om loslaten, maar ook meer dialoog en het bewust kiezen van passende allianties. In sommige opgaven (bijvoorbeeld de duurzaamheidsopgave) zijn andere partners soms meer aan zet dan wij. In de afgelopen drie jaar hebben de opgaven gezorgd voor meer focus in acties en beleid, maar het kan nog scherper. Binnen alle opgaven zijn veel beleidsvisies opgeleverd. Met deze zomernota gaat het college ervoor om voor realisatie van deze visies ook middelen vrij te maken.
We zien ook duidelijke resultaten: Het is de afgelopen 3 jaar gelukt om steeds meer jongeren en mensen in de gezinsfase te binden aan onze stad, de banen groeiden ieder jaar (vooral in het MKB en in de binnenstad en Kennispark), er zijn nieuwe woonmilieus gerealiseerd, de stad groeide in aantal inwoners, er zijn grote projecten op klimaatadaptatie gerealiseerd, wij zijn wijkgerichter gaan werken aan sociale en duurzaamheidsopgaven en het aandeel huishoudens met een uitkering is gedaald. Actuele ontwikkelingen binnen de opgaven zorgen ervoor dat we zaken anders moeten gaan bekijken. Bij de opgave “inclusieve stad” zien we dat de uitgangspunten van de decentralisaties ter discussie worden gesteld. Hoe zelfredzaam zijn de inwoners? En bij “goed bestuur” spelen de thema’s “vertrouwen”, “inwoner centraal” en “behoefte aan
blz. 6 (van 102)
menselijke maat en maatwerk” heel sterk op dit moment. Thema’s die ook het sociale domein weer raken. Maar ook invloed zullen hebben op de uitvoering van de Omgevingswet. In het algemeen zien we bij alle opgaven dat de rol van de gemeente aan het veranderen is en dat brede welvaart meer en meer voorop komt te staan. Invloed van corona op de opgaven De vijf strategische opgaven zijn lange termijn opgaven. Deze veranderen niet door corona. De coronacrisis beïnvloedt wel de weg er naartoe. Door corona komen er op de korte termijn andere accenten te liggen binnen de opgaven. Deze korte termijn accenten zijn goed te koppelen aan kansen om nu te investeren in duurzame wederopbloei. De grootste invloed van corona zien we bij de jongeren en bij de binnenstad. De impact van de coronacrisis op jongeren is groot: onderwijs op afstand, flexibele banen, minder mogelijkheden tot ontmoeting, activiteiten of sporten etc. In Enschede is vooral de binnenstad hard getroffen: veel door corona getroffen sectoren zoals horeca, cultuur en winkels of activiteiten (evenementen) zijn gebundeld in de binnenstad. We hebben gezien dat de verbinding met de inwoners belangrijker werd tijdens de lockdown. Deze verbinding was belangrijk voor draagvlak voor maatregelen en het vertrouwen[3]. Aan de andere kant werden we ook verrast door de kracht die in de stad aanwezig was en door positieve ontwikkelingen.
De studentenaantallen namen ondanks alles toe in 2020, ons inwoneraantal bleef gelijk, de projecten voor klimaatadaptatie werden niet gehinderd door corona en de buitenruimte werd belangrijker. Daarnaast zagen we dat de bijstand bijna niet toenam, het aantal banen tegen alle verwachting in zelfs iets gestegen is in 2020 en we zagen geen toename in schulden. Er is ook veel onduidelijk. Dit vraagt om het voorbereid zijn op onzekerheden. De consequenties van het stopzetten van de steunmaatregelen van de overheid zijn nog niet in te schatten. Hetzelfde geldt voor de ondersteuningsvragen van inwoners. We kunnen ook nog niet voorspellen of thuiswerken na corona een trend blijft. En of dat van invloed is op de digitale bereikbaarheid van banen en woon- werkbewegingen. Kortom: corona vraagt op korte termijn om andere accenten in wat we doen, de effecten zijn zowel positief als negatief, versnellend of vertragend, maar er blijven ook nog veel zaken onzeker. Daarom is het belangrijk om bij alle keuzes de blik vooruit vast te houden: we willen sterker uit de crisis komen. Sterker uit de crisis, blik vooruit Om sterker uit de crisis te komen, zijn anticyclisch investeren, groen herstel en plannen op de plank hebben liggen voor als de economie weer aantrekt, belangrijke uitgangspunten. Wat we doen, moet goed zijn voor de hele stad en bijdragen aan de brede welvaart.
Als we keuzes maken, dan kiezen we voor acties die bijdragen aan meerdere opgaven. We moeten profiteren van de kansen die er liggen, van onze ligging als groene woonstad, mogelijkheden tot kwalitatieve groei, samenwerken met partners in de stad of in de regio om opgaven te realiseren en meer inzetten op subsidies en succesvolle lobby. De dialoog met de inwoner moet worden versterkt. Kennisinstellingen en de studenten worden steeds belangrijker voor de innovatie (en daarmee economische groei) en voor het meedenken in
blz. 7 (van 102)
oplossingen voor de uitdagingen in onze stad. We zijn daarbij datagedreven maar ook databedreven. We hebben het afgelopen jaar gezien dat er slagkracht mogelijk is. Door dingen los te laten hebben we snel kunnen handelen tijdens de coronacrisis. Uitdaging is om dit door te vertalen naar meer slagkracht in de toekomst. [1] Link naar infographics opgaven van de stad [2] Deze onderzoeken betreffen onder andere: “koers van Enschede” (door Atlas voor Gemeenten, 2020), “kracht van Oost II” (2020), “Corona en de stad” (Platform 31, 2020), “sociaal domein op koers?” (SCP, 2020), “stelsel in groei” (AEF, 2020), [3] In dit kader hebben we afgelopen jaar ingezet op nieuwe vormen van dialoog met de inwoners via stadsgesprekken en een initiatief als “octopus”
blz. 8 (van 102)
3. Middelenkader 2022-2025 In dit hoofdstuk wordt het middelenkader gepresenteerd voor de periode 2022 t/m 2025. Grote onzekerheden in het meerjarenbeeld Aan de voorkant is een grote disclaimer nodig. Ons meerjarenbeeld is nog nooit zo troebel geweest als dit jaar. Daar waar andere jaren grotendeels een 1-op-1 vertaling van de keuzes in de zomernota gemaakt kon worden naar de begroting is deze zomernota meer dan voorheen een echte perspectiefnota. Van diverse majeure ontwikkelingen is de impact op het middelenkader namelijk nog onduidelijk. Denk hierbij aan: •
•
•
•
•
Jeugdhulp. Wat gaat het kabinet doen met de rapporten, adviezen en arbitrage rondom de tekorten op jeugdzorg? De arbitragecommissie jeugd heeft geoordeeld dat er structureel vanaf 2028 voor 800 miljoen euro ophoging budget moet komen. De jaren daarvoor ligt dat bedrag nog hoger. We gaan ervanuit dat het kabinet het enige juiste doet en besluit tot een substantiële structurele ophoging van jeugdgelden. Ten tijde van het opstellen van deze zomernota heeft het kabinet reeds besloten om voor 2022 totaal 1,3 miljard euro extra middelen beschikbaar te stellen. Dit bovenop de 300 miljoen euro eerder toegezegde middelen voor 2022. Daarnaast worden ook maatregelen uitgevoerd met gemeenten om de in totaal 214 miljoen euro aan kosten te besparen. Voor de jaren na 2022 zal het nieuwe kabinet moeten voorzien in een structurele financiële oplossing. Klimaat. Komen er extra middelen voor uitvoering van het klimaatakkoord? De Raad van Openbaar Bestuur heeft in een rapport aan het kabinet aangegeven dat als er geen extra middelen aan gemeenten ter beschikking worden gesteld de gemeenten niet in staat zullen zijn de taken uit te voeren die wel in het kader van het klimaatakkoord van hen verwacht worden. Het kabinet heeft zich op dit moment nog niet uitgesproken over dit rapport. Omgevingswet.
Uit onderzoek uitgevoerd in opdracht van de VNG blijkt dat met de invoering van de omgevingswet flink hogere invoeringskosten gemoeid zijn. Het uitgangspunt dat deze kosten binnen 10 jaar terugverdiend worden door gemeenten lijkt daarmee niet meer stand te houden. De VNG heeft het Rijk opgeroepen met compensatie te komen voor de hogere invoeringskosten en daarnaast na enkele jaren te evalueren of aanvullende compensatie nodig is. Het Rijk heeft laten weten dat tegemoetkoming van een deel van de invoeringskosten een optie is, maar gaat niet in op concrete bedragen. De verdere invulling laten ze aan het nieuwe kabinet. Verdeelmodel gemeentefonds. Wat is de financiële uitwerking van een nieuw verdeelmodel gemeentefonds voor Enschede? De laatste keer dat het verdeelmodel is geupdate gaat terug naar 1996. Het kabinet werkt aan een nieuw verdeelvoorstel. Begin 2021 leek dit voor Enschede tot een financieel nadeel te leiden, maar het kabinet heeft dat voorstel ingetrokken naar aanleiding van vele vragen vanuit gemeenten en de Raad van Openbaar Bestuur en het signaal dat de uitkomst contraintuïtief is. Het Rijk heeft aangekondigd dat er in juni een aangepast verdeelvoorstel komt inclusief een doorrekening van de financiële effecten voor gemeenten. Daarna zal de ROB dat voorstel opnieuw beoordelen. Na het zomerreces zal de VNG dan de consultatie bij gemeenten doen. Opschalingskorting.
Deze jaarlijks oplopende bezuiniging op het Gemeentefonds is door het tweede kabinet-Rutte ingevoerd als financiële tegenhanger van een plan om gemeenten verplicht te laten fuseren tot een grootte van minimaal 100.000 inwoners. De aanname was dat door die opschaling gemeenten efficiënter kunnen werken. Per saldo is een oplopende korting op het gemeentefonds opgenomen die vanaf 2015 structureel 975 miljoen euro bedraagt. In de praktijk is van het plan voor opschaling
blz. 9 (van 102)
•
•
van gemeenten niets terecht gekomen, maar de korting bleef wel overeind. Al jaren loopt er een lobby om deze korting terug te draaien. Zal het nieuwe kabinet daartoe besluiten? Er lijkt steeds meer bewustwording te zijn bij het Rijk dat de financiële positie van gemeenten niet houdbaar is en dat gemeenten hard nodig zijn voor de uitvoering van cruciaal beleid. Coalitieakkoord nieuwe kabinet. De onderhandelingen voor een nieuw kabinet zijn momenteel in volle gang. De uitkomsten daarvan zijn op dit moment nog onduidelijk maar kunnen grote invloed hebben op het beleid voor de komende jaren. Op welke thema's zet het nieuwe kabinet in en welke rol ligt daar voor gemeenten? Wat doet dit financieel? Corona. Hoewel vaccinatie ertoe leidt dat beperkingen langzaam weer worden opgeheven is de verdere ontwikkeling van de pandemie nog steeds onzeker. Nieuwe varianten van het virus waar bestaande vaccins mogelijk niet goed bij werken kunnen onze werkelijkheid snel doen veranderen. Ook de middellange termijn effecten van corona zijn op dit moment nog onzeker.
In hoeverre zal sprake zijn van een inhaaleffect van zorg die in de coronatijd niet geleverd kon worden? In welke mate zijn in de coronaperiode nieuwe zorg- en ondersteuningsbehoeftes ontstaan of zijn zorgvragen verzwaard? In welke mate zijn ondernemers en ZZP’ers in staat om zelfstandig hun bedrijf voort te zetten als de ondersteunende maatregelen vanuit het kabinet worden afgebouwd? Hoe snel herstelt de economie zich en zal er sprake zijn van blijvende economische schade? Welke structurele veranderingen gaan zich voordoen als gevolg van corona? Veel vragen die ook substantiële financiële consequenties kunnen hebben.
Beredeneerde aannames noodzakelijk Bovengenoemde niet limitatieve lijst van onzekerheden bemoeilijken de begrotingsvoorbereiding 2022 en het opstellen van een nauwkeurig meerjarenbeeld. Meer dan andere jaren moeten gemeenten aannames doen in het financiële kader. Te voorzichtig begroten leidt daarbij tot ingrijpende ombuigingsmaatregelen die het herstel uit de coronacrisis kunnen tegenwerken en op termijn mogelijk ook niet nodig blijken te zijn geweest. Te optimistisch begroten kan leiden tot het nemen van onverantwoorde risico's en de noodzaak om op lange termijn weer bij te sturen op de financiële positie. Het is zoeken naar een goede balans tussen prudent en offensief begroten. Rekening houden met structurele ophoging gemeentefonds Als college hebben we daarbij een beredeneerde inschatting gemaakt dat we rekening houden met 800 miljoen euro structurele ophoging in het gemeentefonds. We hebben vertrouwen dat we dat bedrag verantwoord op kunnen nemen. Dat vertrouwen ontlenen we aan de doorrekeningen van de verkiezingsprogramma's voor de tweede kamer verkiezingen, de uitspraak van de arbitragecommissie en de recente beweging van het kabinet op de tekorten rondom de jeugdzorg en recente uitspraken van de demissionair minister van Binnenlandse Zaken op het afschaffen van de opschalingskorting. We nemen hiermee een gecalculeerd risico.
Vanuit voorzichtigheidsprincipe hebben we in onze weerstandsratio daarom ook rekening gehouden met een risico dat het tegenvalt op onze aannames. Daarvoor wordt 10 miljoen euro weerstandsvermogen aangehouden zodat een onverhoopte tegenvaller tot dit bedrag incidenteel opgevangen kan worden. Bij structurele tegenvallers op onze aannames is bijsturing nodig. Op deze plek wordt ook toegezegd dat we de inschatting op extra rijksmiddelen bij de begroting opnieuw tegen het licht houden. Tegen die tijd is er hopelijk meer zekerheid op enkele thema's waarop nu onderbouwde aannames gemaakt moeten worden. Tevens gaan we met de provincie in haar rol als toezichthouder in gesprek over onze aannames in komende begroting.
blz. 10 (van 102)
Investeren en kaders voor het middelenkader Bij de vorige begroting is al besloten om een gat in de meerjarenbegroting te accepteren van bijna -8 miljoen euro structureel. Aanleiding daarvoor was dat de raad het niet wenselijk vond om in deze tijden met nieuwe bezuinigingen of lastenverzwaringen te komen. Onze inwoners, instellingen, verenigingen en ondernemers in de stad hebben het al flink voor de kiezen gekregen in de coronapandemie. Het gat van -8 miljoen euro structureel is net zo groot als ons spaarprogramma waarmee onze reserve vooruitkijkend nog wel stabiel blijft. Zoals in de beleidsbrief al benoemd kiest het college voor investeren om uit de crisis te komen. Onze reserves zijn goed op niveau door het spaarzame financiële beleid van de afgelopen jaren. Dat geeft ons nu de mogelijkheid om het overschot in die reserves in te zetten voor deze investeringen. Een randvoorwaarde daarbij is dat het gat in onze meerjarenbegroting niet groter mag worden. Dan kan dat tekort namelijk niet meer afgedekt worden met het spaarprogramma en zou een structureel beroep worden gedaan op de reserves. Het overschot in de algemene reserve is dan nodig om de komende jaren de tekorten zo lang mogelijk op te vangen totdat is bijgestuurd.
Met het besluit om te investeren kiest het college dus ook voor de volgende uitgangspunten: - Het saldo van het middelenkader in 2025 mag niet onder de -7,8 miljoen euro zakken; - Het structurele saldo van baten en lasten in 2025 mag niet onder 4,2 miljoen euro komen; - Als aan bovenstaande voorwaarden wordt voldaan kan het overschot in de reserves worden aangewend voor investeringen. Dit tot het niveau waarbij de weerstandsratio inclusief stille reserves meerjarig minimaal 1,0 blijft. Dit is de ondergrens voor de weerstandsratio die met de raad is afgesproken in onze financiële verordening en nota weerstandsvermogen. Actuele meerjarenbeeld Op basis van voorgenoemde aannames en kaders heeft het college in deze zomernota afwegingen gemaakt die leiden tot onderstaand meerjarenbeeld. In de volgende paragrafen wordt een nadere toelichting op deze keuzes gemaakt. Met dit middelenkader zou in totaal voor 21,1 miljoen euro aan middelen beschikbaar zijn voor de investeringsagenda. Dit wordt nader toegelicht in paragraaf 3.4. Bij de begroting wordt het middelenkader en de omvang van vrij te spelen investeringsgelden herijkt. In miljoen euro en afgerond op 1 cijfer achter de komma
2022
2023
2024
2025
Saldo Gemeentebegroting
-8,8
-6,8
-7,8
-7,8
Gemeentefonds, exclusief meicirculaire* (paragraaf 3.1)
0**
0
0
-2,1
Ontwikkelingen lonen, prijzen, rente, ozb (paragraaf 3.1)
1,3
1,7
1,7
1,0
Saldo dilemma's (paragraaf 3.2)
-1,8
0,4
0,6
1,3
Saldo financiële opgave (voorlopig)
-9,3
-4,7
-5,5
-7,6
* Er is voor gekozen om de meicirculaire op dit moment niet mee te nemen in het middelenkader. Nadere toelichting wordt gegeven in paragraaf 3.1. ** Dit bedrag is nog niet geactualiseerd op basis van de 1,3 miljard euro extra middelen die het Rijk op 3 juni 2021 heeft toegezegd aan gemeenten ter compensatie van tekorten in de jeugdzorg. De verdeling van die middelen is nog niet bekend en zal naar verwachting duidelijk worden bij de septembercirculaire. Wel is voor 2022 t/m 2025 dus al een aanname opgenomen van 800 miljoen ophoging rijksgelden.
blz. 11 (van 102)
3.1. Externe effecten Gemeentefonds In de Gemeentebegroting 2021-2024 was de stand van het Gemeentefonds berekend op basis van de septembercirculaire 2020. In deze zomernota is ook decembercirculaire 2020 meegenomen. Voor de meicirculaire wordt hieronder wel de doorrekening getoond. De meicirculaire is echter nog niet verwerkt in het saldo middelenkader en het college heeft hierop nog niet bijgestuurd. De redenen hiervoor zijn meerledig: •
•
•
De meicirculaire is dit jaar laat uitgekomen waardoor de doorrekening pas beschikbaar was vlak voor het moment waarop de zomernota in het college vastgesteld moest worden. Normaliter is dat geen probleem als de impact van de meicirculaire beperkt is. Deze meicirculaire bevat echter zo'n fors nadeel dat het niet meer gaat om kleine bijstellingen op alle voorbereidingen die zijn gedaan rondom de zomernota maar echt een nieuwe integrale afweging vraagt. Dat was op zo'n korte termijn niet meer mogelijk. Deze meicirculaire is daarmee opnieuw een voorbeeld van hoe grote schommelingen in de rijksuitkeringen het voor gemeenten erg lastig maken om te sturen. Voor nu is gekozen om de raad te informeren over de uitkomst van de meicirculaire maar nog niet bij te sturen in het middelenkader. Uit een historische analyse die is gedaan in het kader van een onderzoek naar ons financieel beleid blijkt dat kortingen in de meicirculaire vaak (deels) weer worden teruggedraaid bij de septembercirculaire. In de stedelijke commissie van 15 maart 2021 heeft de raad daarom ook al de voorkeur uitgesproken om, net als veel andere gemeenten, nog maar 1 keer per jaar bij te sturen op de verschillende circulaires die in een jaar uitkomen.
Nu de meicirculaire voor kennisgeving aannemen en pas bij de begroting, als ook de septembercirculaire bekend is, op het saldo van deze circulaires bijsturen draagt daarmee bij aan het creëren van rust. Zowel bestuurlijk, politiek als in de stad. De komende maanden komt naar verwachting nog informatie beschikbaar die, naast de meicirculaire en septembercirculaire, nog grote impact kan hebben op het middelenkader. Zo wordt uitgekeken naar een besluit door het kabinet ten aanzien van het structureel beschikbaar stellen van extra jeugdgelden, komt er nieuw verdeelvoorstel voor het gemeentefonds beschikbaar en zal een nieuw kabinet mogelijk een coalitieakkoord presenteren. Het is verstandiger om al deze ontwikkelingen in één keer te wegen en op één moment tot bijsturing in het middelenkader te komen.
Zoals in onderstaand overzicht te zien is valt de meicirculaire flink negatief uit. Dit komt omdat het rijk verwacht de komende jaren minder geld uit te geven door lagere loon- en prijsontwikkeling, lagere rentelasten en een lagere afdracht aan de EU. Daarbij valt het nadeel voor Enschede groter uit dan voor de referentiegroep van 100.000+ gemeenten omdat Enschede minder hard groeit. Gemeentefonds in duizend euro
2022
2023
2024
2025
Decembercirculaire 2020
-2.099
Totaal accreswijziging gemeentefonds tov begroting 2021
-2.099
Meicirculaire 2021
-1.653
-2.862
-4.017 -4.126
Nog niet verwerkt in middelenkader
-1.653
-2.862
-4.017 -4.126
blz. 12 (van 102)
Indexatie lonen, prijzen, rente en ozb Het middelenkader wordt jaarlijks aangepast op een aantal externe effecten, zoals ontwikkelingen op het gebied van lonen, prijzen, rente en ozb. Het betreft een actualisatie van ramingen, gebaseerd op cijfers van het CPB en andere parameters. In de onderstaande tabel zijn deze externe effecten benoemd. Indexatie lonen, prijzen, rente en ozb in duizend euro
2022
2023
2024
2025
1. Prijsontwikkeling
-2.240
-2.240
-2.240
-2.240
2. Ontwikkeling loonkosten
-3.750
-3.750
-3.750
-3.750
3. Premiestijgingen pensioen
-250
-250
-250
-250
4. Loon- prijscompensatie Gemeenschappelijke Regelingen
-168
-168
-168
-168
0
0
0
-192
6.400
6.400
6.400
6.400
7. Indexatie OZB
831
831
831
831
8. Treasury
478
835
857
347
1.301
1.658
1.680
978
5. Indexatie onderwijshuisvesting 6. Dekking vanuit stelpost loon-prijscompensatie
Totaal
1. Prijsontwikkeling Het CPB gaat in de prognoses uit van een inflatie van 1,4% in 2022. Dit leidt tot een stijging van de prijzen met 2,2 miljoen euro. 2. Ontwikkeling loonkosten Het CPB gaat in de prognoses uit van een loonstijging van 1,5% vanaf 2022. Dit percentage is overgenomen en zorgt voor een kostenstijging van 3,8 miljoen euro. De nieuwe gemeente CAO moet nog worden vastgesteld. Het kan dus zijn dat van dit bedrag moet worden afgeweken. 3. Ontwikkeling premiestijging pensioen Historisch gezien houden we gemiddeld genomen rekening met 1,4 % stijging. Omdat een forse premiestijging werd verwacht is vorig jaar rekening gehouden met een pensioenpremie stijging van 2%. Dit jaar wordt een percentage van 1% voorgesteld. Dat zorgt vanaf 2021 voor 500.000 euro aan extra lasten. 4. Loon- prijscompensatie Gemeenschappelijke Regelingen In de raadsbrief over de ontwerpbegrotingen van gemeenschappelijke regelingen d.d. 11 mei 2021 bent u geïnformeerd over loon- prijscompensatie bij gemeenschappelijke regelingen. De dekking hiervoor vanuit de begrote stelpost voor loon- en prijscompensatie is niet voor alle organisaties afdoende. Dit heeft te maken met de afwijking tussen de vermelde percentages en de indexaties die vanuit twents verband toegevoegd worden aan de budgetten.
Reden hiervoor is dat de gemeenschappelijke regelingen al vroeg in het jaar hun begrotingen opstellen en daarvoor de informatie gebruiken zoals deze is gepubliceerd op Prinsjesdag van het vorige jaar. De gemeente stelt pas later haar middelenkader op en benut de percentages die bij de voorjaarsnota van het rijk worden gepubliceerd. Dit is de reden dat de Regio Twente (98.000 euro) en de Veiligheidsregio (70.000 euro) zijn opgenomen voor loon- en prijscompensatie (totaal 168.000 euro).
blz. 13 (van 102)
5. Indexatie onderwijshuisvesting Als dekking voor de kapitaallasten van gedane onderwijsinvesteringen is in 2011 afgesproken dat het product onderwijshuisvesting jaarlijks geïndexeerd wordt. Dit heeft in 2025 een last van 192.000 euro tot gevolg. 6. Dekking vanuit de stelpost loon-prijscompensatie In de stelpost loon-prijscompensatie is voor 2022, 2023, 2024 en 2025 een bedrag van 6,4 miljoen euro beschikbaar voor het opvangen van loon- en prijsontwikkelingen vanaf 2021. 8. Indexatie OZB Uitgaande van inflatie zorgt indexatie van de ozb en overige belastingen voor een extra opbrengst van 831.000 euro. 9. Treasury Het positieve verschil t.o.v. de gemeentebegroting 2021-2024 ontstaat door lagere rentelasten als gevolg van neerwaarts bijstellen van de verwachte rentepercentages voor zowel de verwachte herfinanciering als voor de kortlopende financiering in deze jaren. Wel wordt rekening gehouden met een (beperkte) stijging van de rente in de komende jaren. Op dit moment is de rente al stijgende nu het lijkt dat de coronacrisis aflopend is en de economische groei weer aantrekt. De omslagrente is overigens ongewijzigd en blijft 1,5%. De rentebaten vanuit de kapitaallasten zijn naar beneden bijgesteld nu blijkt dat de omvang van de activa lager is dan waarmee eerder rekening is gehouden.
3.2. Overzicht dilemma's Anders dan voorgaande jaren kiest het college er dit jaar niet voor om de Raad beleidswensen en knelpunten voor te leggen. In deze paragraaf worden de keuzes voor het middelenkader van de zomernota in de vorm van dilemma's voorgelegd. Gestart wordt met de onderwerpen die aan het middelenkader worden toegevoegd. Gevolgd door onderwerpen die in mindering worden gebracht op het middelenkader. Deze dilemma's (wat niet meer doen om een toegevoegd onderwerp te kunnen bekostigen) zorgen per saldo voor onderstaand resultaat. Dit saldo wordt toegevoegd aan het saldo van het middelenkader zoals opgenomen in de inleiding van dit hoofdstuk. (x 1.000 euro)
2022
2023
2024
2025
Toevoeging aan middelenkader
15.059
12.430
11.720
11.041
Besparing op het middelenkader
-13.525 -12.554
-12.330
-12.330
-610
-1.289
Saldo
1.834
-424
De onderwerpen die worden toegevoegd zijn ingedeeld in de categorieën aflopende reeksen (taken waarvan de middelen stoppen of aflopen), wettelijke taak zonder voldoende middelen, onhaalbare taakstellingen en nieuw beleid en visies. Voor enkele onderwerpen zijn incidenteel middelen opgenomen (alleen in 2022 en/of 2023). Het college laat de keuze voor het continueren van deze onderwerpen (en het vinden van dekking) aan het nieuwe college. Alle onderwerpen uit onderstaande tabel worden toegevoegd aan het middelenkader. De toelichtingen op de onderwerpen staan onder de tabel. In bijlage 4 staan onderwerpen die op dit moment wel actueel zijn, maar door het college niet in het middelenkader zijn opgenomen.
blz. 14 (van 102)
Onderwerp in duizend euro
2022
2023
2024
2025
Aflopende reeksen 1. Samenwerking kennisinstellingen
50
100
0
0
2. Vertrouwenspersoon en Cockpit
223
223
223
223
3. Formatie accountmanagement Technology Base
60
0
0
0
4. Areaaluitbreiding
81
81
81
81
5. Maatschappelijke huisvesting Stroinkshuis
80
0
0
0
6. Vervolg geven aan Bed, Bad, Brood
130
0
0
0
7. VPB reclame
200
200
200
200
8. Leges evenementen niet kostendekkend
217
0
0
0
9. Foundersbijdrage Novel-T
0
275
275
0
10. Combinatiefunctionaris sport in de stadsdelen en sportregisseurs
70
70
0
0
11. Invoering omgevingswet
300
0
0
0
12. Duurzaamheidsinitiatieven
200
pm
pm
pm
13. Zonne-energie op daken versnellen
300
pm
pm
pm
14. Budget Voogdij/18+
900
0
0
0
15. Indexering SMD uit budget Jeugdhulp
400
400
400
400
16. Volumestijging Wmo
300
300
300
300
17. Privacy Officer
170
85
85
0
18. Zero emissie binnenstad
105
50
235
0
19. Structureel tekort jeugdhulp
3.500
3.500
3.500
3.500
100
100
100
100
21. Betaald parkeren FC Twente
50
0
0
0
22. Inspanningsverplichting zwembad
0
160
160
160
23. Ondersteuning Huishouden
300
200
0
0
24. Minder promotie voor de regio
160
160
160
160
25. Clustering sportaccommodaties
300
233
183
99
1.045
1.045
1.045
1.045
27. Financiering 0 en 1 fase
750
750
750
750
28. Uitbreiding BOA's
650
650
650
650
29. Aanpak kamerverhuurpanden (incidenteel)
135
0
0
0
30. Aanpak kamerverhuurpanden (structureel)
70
70
70
70
31. Impuls Groen Herstel: kwaliteit binnenstad (planvorming en eerste aanpak in 2022)
200
200
32. Kwalitatief vergroenen en herstel natuurlijk evenwicht
300
300
300
300
33. Beleidscapaciteit wonen en zorg
100
100
0
0
Wettelijke taak zonder middelen
20. FLO kosten Veiligheidsregio Twente Onhaalbare taakstellingen
Nieuw beleid en visies 26. Investeren in mobiliteit basisscenario (excl. Centrumkwadraat)
blz. 15 (van 102)
Onderwerp in duizend euro
2022
2023
2024
2025
34. Ondergronds brengen hoogspanningskabels
550
0
0
0
35. Toename taken OZJT
63
63
63
63
36. Investeren in kansengelijkheid
100
100
100
100
37. Impuls op samenlevingsgericht werken en participatie
250
250
pm
pm
38. Impuls groen herstel: toekomstbestendige bedrijventerreinen
100
0
0
0
39. Fietsvisie basis
135
375
750
750
40. Materieel budget opgaven en instrumenten visie Landelijk Gebied
350
350
350
350
41. Extra inzet voor vroeg-signalering schulden en nazorg detentie
140
140
140
140
42. Basisbaan
pm
pm
0
0
1.600
1.600
1.600
1.600
44. Emancipatie / inclusie-agenda
25
pm
pm
pm
45. Parkeerinkomsten 2022 en 2023
300
300
0
0
Totale toevoeging aan middelenkader
15.059
12.430
11.720
11.041
46. Extra inkomsten gemeentefonds
-6.000
-6.000
-6.000
-6.000
0
-300
0
0
-410
0
0
0
49. Structurele ruimte Vitaal en Sociaal
-2.298
-2.298
2.298
2.298
50. Stelpost Sociaal Domein
-3.500
-3.500
-3.500
-3.500
51. Incidentele ruimte inkomensondersteuning
-385
-124
0
0
52. Incidentele ruimte transformatiereserve
-100
-100
0
0
53. Correctie loon- en prijscompensatie maatschappelijke- en vrouwenopvang
-532
-532
-532
-532
-13.225
-12.854
-12.330
-12.330
43. Kapitaallasten investeringsagenda
47. Uitstel dotatie groot onderhoud parkeerbedrijf 48. Bodem gelden 2016-2020
Totale besparing op het middelenkader
Toelichting op de toevoeging van het middelenkader 1. Samenwerking kennisinstellingen Voor Enschede heeft de samenwerking met de kennisinstellingen, als drager van nieuwe kennis en innovatie en economische groei in de regio, hoge prioriteit. Tegelijkertijd zijn er structureel geen middelen om te voorzien in de personele capaciteit om die samenwerking vanuit de gemeente succesvol gestalte te geven. Voor continuering van het convenant met de vier kennisinstellingen zijn eveneens middelen nodig 50.000 euro structureel. 2. Vertrouwenspersoon en Cockpit Binnen de beleidsafdeling Strategie en Beleid is sprake van niet ad-gefinancierde inzet van beleidsadviseurs. Het gaat daarbij om taken waarbij gesproken wordt van nog te realiseren omzet. De taken worden wel verricht, de dekking ervoor is echter niet beschikbaar. Het gaat daarbij als eerste om de werkzaamheden voor de Cockpit. Dilemma is dat de Cockpit als onmisbaar wordt beschouwd in de advisering van Raad en college. Er is echter geen dekking (183.000 euro) voor de uitvoering van deze taak. De consequentie hiervan is dat uitvoering van deze werkzaamheden zou moeten stoppen. Tweede onderdeel betreft de werkzaamheden van de interne vertrouwenspersoon. Deze kosten bedragen 40.000 euro per jaar.
blz. 16 (van 102)
3. Formatie accountmanagement Technology Base Gezien de complexiteit van de ontwikkelingen bij Techbase is het wenselijk de inzet vanuit het team Economie in de rol van accounthouder/gedelegeerd opdrachtgever te continueren. Als hier geen middelen voor beschikbaar worden gesteld, komt adequate bestuursadvisering en interne coördinatie onder druk te staan. 4. Areaaluitbreiding Betreft de jaarlijkse optelsom van uitbreiding en krimp van de openbare ruimte. De benodigde kosten voor beheer en onderhoud van alle assets betreffen materiële kosten, kosten inzet derden, kosten vanuit fte inzet eigen personeel en fte inzet vanuit Onderhoud Enschede BV. 5. Maatschappelijke huisvesting Stroinkshuis Dit Doe-Mee-Huis is de afgelopen tien jaar gefinancierd, het contract met de Woningcorporatie loopt af. Verlenging is noodzakelijk totdat de visie maatschappelijk vastgoed gereed is. 6. Vervolg geven aan Bed, Bad, Brood Dit is een voortzetting van de huidige voorziening naar 2022. Deze afweging wordt jaarlijks gemaakt. 7. VPB reclame Per 1 januari 2016 is de vennootschapsbelastingplicht ontstaan voor overheidsondernemingen. Deze ondernemingen kunnen voor hun ondernemingsactiviteiten vennootschapsbelastingplichtig zijn.
Toetsing van ondernemingsactiviteiten heeft ertoe geleid dat de gemeente Enschede voor een aantal activiteiten aangifte doet voor de vennootschapsbelasting waaronder Reclame openbare terreinen. Er speelt een uitvoerige landelijke discussie over de vennootschapsbelastingplicht van reclame. De Gemeente Enschede heeft het standpunt ingenomen dat de reclame niet leidt tot heffing van Vennootschapsbelasting. De Belastingdienst heeft echter een ander standpunt. Om te voorkomen dat 8% belastingrente in rekening wordt gebracht is besloten om reclame met ingang van 2016 toch in de aangifte op te nemen om vervolgens in bezwaar te gaan tegen de eigen aangifte. Op grond van de reclame inkomsten is de gemeente jaarlijks ongeveer 200.000 euro aan vennootschapsbelasting verschuldigd aan de fiscus. In de risicoparagraaf is een kans opgenomen dat ons bezwaar gegrond wordt verklaard. 8. Leges evenementen niet kostendekkend Enschede ontwikkelt zich steeds verder tot een evenementenstad met een nationale uitstraling en aantrekkingskracht. Dit draagt bij aan de strategische doelen van de stad. Het is onduidelijk of er in 2022 weer sprake kan zijn van een volwaardig evenementenseizoen. Onze ambitie blijft onverkort overeind: we willen als evenementenstad verder groeien en daarmee bezoekers van buiten de regio trekken.
Het aantal grote evenementen met bezoekersaantallen tussen de 10.000 en 50.000 zien wij toenemen. Veiligheid is daarbij een steeds groter thema geworden, waarbij de toetsing ook uitgebreider en diepgaander is geworden. Hierdoor maken wij al jaren gemiddeld veel meer kosten en zijn de leges niet kostendekkend. Het afgelopen jaar is in verband met de coronacrisis niet representatief geweest, maar de voorgaande jaren heeft de kostendekkendheid tussen de 15% en 20% geschommeld. Dat zorgt voor 217.000 euro extra kosten. Voor 2021 heeft het college door onder meer covid-19 afgezien van de in de coronanota 2020 aangekondigde verhoging van de leges voor (commerciële) evenementen. 2022 is waarschijnlijk weer een normaal jaar voor de evenementen. De sector heeft een extra impuls
blz. 17 (van 102)
nodig om weer op gang te komen. Dat verhoudt zich slecht met een legesverhoging specifiek voor deze sector. Daarom wordt gevraagd om een intensivering van 217.000 euro voor 2022. 9. Foundersbijdrage Novel-T Voortzetting rol als Founder van Novel-T. Met directe beïnvloeding van inzet totale begroting van Novel-T. Met toenemende rol van Novel-T in clusterontwikkeling in m.n. Enschede (op Kennispark / in Connect-U) is aparte bekostiging vanuit Enschede nodig. 10. Combinatiefunctionaris sport in de stadsdelen en sportregisseurs Het betreft de cofinanciering van de inzet van de sportregisseurs en de combinatiefunctionarissen voor naschoolse sportactiviteiten in de stadsdelen, in relatie met de stadsdeelagenda's. Het vervolg na 2023 wordt bepaald aan de hand van de evaluatie en de nieuwe sportnota. 11. Invoering omgevingswet De invoering van de Omgevingswet leidt tot onvoorziene kosten, waarin het beschikbare structurele budget van 300.000 euro niet voorziet. Dat structurele budget loopt in 2022 af en gaat met name naar extra medewerkerscapaciteit (voorbereiding Omgevingsvisie/Omgevingsplan, verbetering werkprocessen en begeleiding van versnelling/invoering Digitaal Stelsel Omgevingswet). Voor 2022 is er voor de verschillende onderdelen binnen de Omgevingswet extra geld nodig (o.a. in verband met de uitgestelde inwerkingtreding van de wet).
Deze kosten niet voorzien en noodzakelijk voor een goede implementatie van de wet en optimalisatie van dienstverlening. Dit draagt met name bij aan het strategische doel Goed Bestuur en is ook van belang voor alle strategische doelen. Hernieuwd uitstel van de Omgevingswet of andere onverwachte ontwikkelingen kunnen tot een verdere kostenverhoging in 2022 en verder leiden (pm-post). 12. Duurzaamheidsinitiatieven Duurzaamheidsinitiatieven worden middels een gebiedsgerichte aanpak zorgvuldig ingepast. Om dit op te pakken zijn middelen benodigd om in de opstartfase (0/1) begeleiding te geven aan alle (particuliere) duurzaamheidsinitiatieven waarbij het om de opwek van zonne- en windenergie gaat. Voor de overgangsperiode naar de nieuwe coalitie wordt gevraagd hier in 2022 voor 200.000 euro beschikbaar te stellen. Ondertussen agenderen we de zoektocht naar fondsen en middelen voor de totale uitvoering van de energietransitie, zodat we ook na 2022 door kunnen met de begeleiding van duurzaamheidsinitiatieven. 13. Zonne-energie op daken versnellen Het college wil aanvullend op de duurzaamheidsinitiatieven de duurzame energieopwekking op daken extra ondersteunen en faciliteren en stelt daar 300.000 euro extra voor beschikbaar.
De focus op daken volgt uit de wens om het gebruik van het landelijk gebied voor energieopwekking zo veel als mogelijk te beperken en daarom maximaal gebruik te maken van toch al bebouwd gebied. 14. Budget Voogdij/18+ Vanuit het nacalculatie-effect op dit onderdeel van het budget Jeugdhulp is Enschede de laatste 2 jaar structureel gekort op dit budget. Voor 2021 was de afspraak om het effect (ruim 900.000 euro) op te vangen binnen geheel sociaal domein. Dit effect zou meegenomen worden in het nieuwe verdeelmodel van het Gemeentefonds. De invoering hiervan is uitgesteld tot 2023. Dat betekent dat voor 2022 opnieuw incidenteel dekking nodig is.
blz. 18 (van 102)
15. Indexering SMD uit budget Jeugdhulp De indexering van de subsidie aan de SMD ten behoeve van de wijkteams is bij de overgang van de nieuwe taken niet goed opgenomen in de begroting. Dat moet voor 400.000 euro hersteld worden. 16. Volumestijging Wmo Dit betreft een autonome groei van het beroep op Wmo-voorzieningen die met name wordt veroorzaakt door vergrijzing. Voor dit knelpunt wordt een beroep gedaan op het accres van het Gemeentefonds. 17. Privacy Officer Doordat het informatiebeveiliging- en privacybeschermingsdomein groeit en ook bewustwording op dit gebied toeneemt komt er meer werk op de organisatie af. Voor een goede borging van de privacybescherming is naast kennis van de AVG ook specifieke kennis van sectorale wet- en regelgeving nodig. Dat vraagt om een decentrale aanpak om de privacybescherming in alle domeinen van de gemeente te organiseren. Hiervoor zijn gezamenlijk 2 fte's nodig. 18. Zero emissie binnenstad Conform motie 'Zero Emissie Binnenstad Distributie' en raadsvoorstel 'Zero Emissie Stadslogistiek en toegangsbeleid stadserf' zijn dit de investeringskosten voor het invoeren van een Zero Emissie zone op het Stadserf. Dit leidt tot minder en schoner verkeer en is in lijn met het klimaatakkoord waarin is vastgelegd dat de 30 tot 40 grootste gemeentes van Nederland zero emissie stadlogistiek moeten hebben. 19.
Structureel tekort jeugdhulp In 2020 heeft AEF in opdracht van het Rijk (ministeries van VWS, Financiën, BZK en JenV) en de VNG onderzocht of er structureel extra middelen nodig zijn voor de uitvoering van de Jeugdwet en welke maatregelen er genomen kunnen worden om de kosten te verlagen. Het onderzoek heeft aangetoond dat gemeenten al jaren onvoldoende middelen krijgen om de Jeugdwet uit te voeren. Dat constateren we ook in Enschede en daar maken we ons ook al jaren hard voor. We hebben een analyse uitgevoerd hoe groot het structurele tekort op jeugdhulp is dat we vooruitkijkend af te dekken hebben. We schatten dit in op 3,5 miljoen euro. Dit tekort bestaat uit 2 componenten: •
•
Lopende taakstellingen op Jeugdhulp niet haalbaar (1,7 miljoen euro). We hebben onze lopende taakstellingen afgezet tegen de 19 maatregelen uit het AEF rapport. Hieruit is op te maken dat 1,7 miljoen euro (van de in totaal 13,2 miljoen euro aan lopende taakstellingen in het sociaal domein) niet te realiseren zijn. Autonome ontwikkeling volume Jeugdhulp (1,8 miljoen euro). Uit de verdiepende analyse blijkt dat sprake is van een autonome groei van Jeugdhulp. Op basis van de toegenomen zorgvraag in de laatste 5 jaar gaat het om 16%. Dit blijkt ook uit de analyse van het AEF rapport. De verwachting is dat deze autonome groei zich de komende periode doorzet en dat dit zich vertaalt in 1,8 miljoen euro nadeel.
Vanzelfsprekend blijven we sturen op effectieve en efficiënte uitvoering van jeugdzorg en het omlaag brengen van gemiddelde kosten per client. Samen met het Rijk en de VNG werken we aan een hervormingsagenda welke moet leiden tot een beter beheersbaar stelsel waarin zorg beschikbaar is voor kinderen die dat echt nodig hebben.
blz. 19 (van 102)
20. Extra kosten Veiligheidsregio Twente In het verleden zijn afspraken met de Brandweer gemaakt t.a.v. de financiering van personele voorzieningen, bijvoorbeeld de FLO (functioneels leeftijdsontslag). Wijzigingen in externe factoren en in de bekostigingssystematiek leiden tot aanpassing van de bijdrage. 21. Betaald parkeren FC Twente Betreft een voornemen om met FC Twente nieuwe gebruiksovereenkomsten aan te gaan met huurpenningen voor het gebruikt van de gemeentelijke parkeerterreinen tijdens voetbalwedstrijden. Mede door corona is 2021 niet haalbaar. 22. Inspanningsverplichting zwembad De inspanningsverplichting van 160.000 euro zoals opgenomen in het raadsbesluit is niet te realiseren. Sportaal heeft met behulp van externe expertise een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd in samenspraak met vertegenwoordigers van gebruikers naar zwembadconfiguraties en bijbehorende exploitatie (op basis van ‘Total Cost of Ownership’). In de gekozen configuratie met de meest rendabele exploitatie is de 160.000 euro niet te besparen. 23. Ondersteuning huishouden In het collegevoorstel met betrekking tot dit onderwerp is aangegeven dat de besparing pas na 2023 gerealiseerd kan worden. In 2022 en 2023 worden de besparingen al deels gerealiseerd. 24.
Minder promotie voor de regio Invulling van de taakstelling lijkt een onhaalbare zaak als we kijken naar de ontvlechting / herinrichting van de Regio. Bovendien is de inschatting dat de ondernemers eerder een impuls op promotie nodig hebben na deze coronacrisis. Alternatief zou zijn om de taakstelling in te vullen door verlaging van het budget van Enschede Promotie (EP). Die zijn afgelopen jaren bij bezuinigingen al gekort, op enig moment is toeristenbelasting ingevoerd om verdere kortingen op hun budget te voorkomen. De meeropbrengst van de toeristenbelasting was bestemd voor EP, maar dat is twee jaar geleden bij de zomernota teruggedraaid. Daarom wordt voorgesteld deze taakstelling te laten vervallen. 25. Clustering sportaccommodaties Op basis van de huidige plannen in combinatie met de investeringen in Diekman-Oost en de Multifunctionele Sportaccommodatie Zuid is een gefaseerde besparing mogelijk van 201.000 euro. Een bedrag van 99.000 euro is daarmee niet te realiseren. Hiervoor zijn de investeringen in de Multifunctionele Sportaccommodatie in Zuid en Diekman-Oost noodzakelijk in combinatie met de kosten voor het slopen en het afboeken van activa die bij clustering overtollig worden. Deze worden in de investeringsagenda opgenomen 26. Investeren in mobiliteit basisscenario (excl. Centrumkwadraat) Mobiliteit is cruciaal voor een leefbare, aantrekkelijke en bereikbare stad.
De mobiliteitsopgave die we hebben is fors. En de beschikbare middelen zijn ontoereikend om het basisniveau van doorstroming, verkeersveiligheid en onderhoud van verkeerslichten in stand te houden. Er is daarom behoefte aan structurele middelen hiervoor. De investeringsreeks voor het bassiscenario loopt tot 2032 op van 250.000 euro tot een structurele last van 1,2 miljoen euro (exclusief het basisscenario fiets van 750.000 euro. Die is apart opgenomen in het middelenkader). Gemiddeld is een reeks van afgerond 1 miljoen euro voor mobiliteit aan het middelenkader toegevoegd. Het restant van de structurele reeks welke in de beginjaren niet volledig benut wordt is aan het einde van de afschrijvingstermijn nodig om het tekort af te dekken. De reserve mobiliteit
blz. 20 (van 102)
functioneert voor dit deel als een egalisatiereserve vaste activa. Het niet benutte deel van deze reeks wordt in de reserve gestort en wordt onttrokken zodra de jaarlijkse kapitaallast boven de gemiddelde reeks komt. Deze werkwijze is conform BBV regels. 27. Financiering 0 en 1 fase De gemeente heeft AD budget (algemene dekkingsmiddelen) voor het aanjagen, beoordelen en toetsen van nieuwe initiatieven. Dit kunnen initiatieven van derden zijn (projectontwikkelaars maar ook particulieren) en eigen initiatieven. De zogenoemde 0 en 1 (kaderstellende) fase van projecten. Deze fase doorloop je altijd bij alle nieuwe projecten en initiatieven en hoort bij de basistaken van de gemeente in de ruimtelijke ontwikkeling. Deze werkzaamheden (en de uren die we daar dus in maken) kunnen we niet via kostenverhaal of anderszins op de initiatiefnemer afwentelen. Voor 2021 is ruim 1,7 miljoen euro budget beschikbaar voor de 0 en 1 fase. Terwijl alle geplande initiatieven die drukken op het 0 en 1 budget vragen om 2,3 miljoen euro. 2021 is daarmee geen uitzondering, in 2020 zijn we ook al gestart met meer initiatieven dan we middelen en capaciteit hadden. Het beeld is dat dit de komende jaren niet anders zal zijn, integendeel, de investeringsagenda, zal een extra beroep betekenen op de middelen voor 0 en 1 werkzaamheden. 28.
Uitbreiding BOA's De maatschappelijke vraag naar handhaving voor diverse aandachtsvelden neemt toe (zoals voor een veilige openbare ruimte, overlast van jongeren, gebiedsverboden in de binnenstad, drugsafval en de naleving van de drank & horecawet). Dit hangt samen met de verschuiving van taken van politie naar gemeente. De gemeentebegroting biedt onvoldoende ruimte om de benodigde capaciteit van bijzondere opsporingsambtenaren (BOA’s) op niveau te brengen en te houden. Daarom is structureel 650.000 euro nodig. Dit dilemma sluit aan bij het aangenomen amendement ‘Borgen van veiligheid & preventie: aantal BOA handhavers op (‘benchmark’)niveau brengen en houden’. 29 en 30. Aanpak kamerverhuurpanden (incidenteel en structureel) Eind 2019 is gestart met de evaluatie en herijking van het beleid voor kamerverhuurpanden. In het kader van ‘de basis op orde’ hebben we alle kamerverhuurpanden in Enschede in kaart gebracht. Dit vormt de basis voor het nieuwe beleid. In november 2020 heeft de Raad een nota besproken met welke stappen nodig zijn om tot een actueel en bruikbaar overzicht te komen van kamerverhuurpanden. Dit kunnen we niet binnen de huidige capaciteit doen en er zijn dus extra middelen nodig.
Het gaat om acties in het kader van (1) brandveiligheid van circa 300 panden, (2) handhaving op circa 350 vermoedelijk illegale kamerverhuurpanden en (3) actueel houden van het overzicht van alle kamerverhuurpanden. De eerste twee acties zijn incidenteel/projectmatig, waarvoor geen capaciteit beschikbaar is. Daarnaast is het actueel houden van het overzicht een structurele toevoeging van nieuwe werkzaamheden. Deze acties dragen bij aan een vermindering van woonoverlast, de veiligheid en leefbaarheid van de stad en daarmee aan een duurzaam woon- en leefklimaat. 31. Impuls Groen Herstel: kwaliteit binnenstad (planvorming en eerste aanpak in 2022) Plan voor (herstel van) de binnenstad: proces en lobby (onder andere in het kader van de 100 miljoen euro voor herstel binnensteden en provinciale middelen), kwaliteitssprong en vergroening openbare ruimte, doorzetten stimuleringsfonds, experimenten om de leegstand tijdelijk te vullen en middelen voor extra marketingactiviteiten. 32. Kwalitatief vergroenen en herstel natuurlijk evenwicht Er zijn structureel middelen nodig om grotere negatieve effecten van de verstening, verdichting en soortenverschraling in de stad tegen te gaan. De verstening in de stad leidt