Verantwoording toekomstbeeld omgevingsvisie fase 3
Tekst van het document
VER ANT WOOR DING T OE K O M S T B EEL D O M G E V I N G S V I S IE
FA S E 3 JA N U A R I 20 2 4
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
I N H O U D S O P G AV E INLEIDNG & LEESWIJZER
3
PARTICIPATIE
4
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
5
REGELGEVING
10
PROCES MET DE RAAD
14
NAWOORD
20
BIJLAGE 1: VERANTWOORDING PARTICIPATIE FASE 3
22
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
2
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
I NL E I D I N G
LEESWIJZER
De stad die we in de toekomst willen zijn, is verwoord en verbeeld in het document
staat uitleg over het Omgevingseffectrapport (OER) en hoe dit bijgedragen heeft aan
Toekomstbeeld Omgevingsvisie. Dit toekomstbeeld vormt het inhoudelijke kader voor de
keuzes voor het toekomstbeeld. Hoofdstuk 3 gaat over nieuwe landelijke wet- en
Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie is een strategische lange termijn visie op de fysieke
regelgeving die invloed heeft op ruimtelijke keuzes in Enschede. Het proces dat in de
leefomgeving van heel Enschede.
afgelopen maanden met de raad doorlopen is, staat in hoofdstuk 4.
NAWOORD
In hoofdstuk 1 gaan we in op de participatie en de opbrengsten daarvan. In hoofdstuk 2
Het toekomstbeeld is zorgvuldig opgebouwd op basis van de eerder geformuleerde verhaallijnen rondom de huidige identiteit van Enschede. Deze verhaallijnen zijn gebaseerd op de Citymarketingvisie en heten Groene leefstad, Ondernemende kennisstad en Internationale cultuurstad. Het toekomstbeeld bevat de uitgangspunten van alle relevante beleidsstukken en ambities geformuleerd in een integraal verhaal waarin we vooruitkijken tot 2050. Het Toekomstbeeld Omgevingsvisie omvat voor een groot deel uitspraken die in eerder vastgesteld sectoraal beleid zijn verwoord. Op enkele punten staan er ook nieuwe beleidsuitspraken. Het is belangrijk dat de raad deze omarmt om in de vervolgfase tot een goede afronding te komen van de Omgevingsvisie. In dit verantwoordingsdocument wordt toegelicht hoe dit toekomstbeeld tot stand is gekomen en welke afwegingskaders hierbij zijn gehanteerd.
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
3
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
PA R T I C I PAT I E Participatie is een belangrijk en wettelijk verplicht onderdeel van de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Door participatie kan de Omgevingsvisie kwalitatief beter worden, want inwoners en ondernemers, maatschappelijke organisaties, regiogemeenten en samenwerkingspartners kunnen met hun kennis van de directe leefomgeving inhoudelijk bijdragen. Ook weten zij goed wat er speelt en wat er in de gemeente nodig is. Bovendien kan participatie leiden tot meer gedragen oplossingen en biedt het proces ruimte om meer verbinding met genoemde belanghebbenden aan te gaan. Tijdens participatiemomenten, zowel fysiek als online, hebben we de vier ruimtelijke verkenningen uit fase 2 besproken. Er tekende zich een duidelijke lijn af in hoe deelnemers de toekomst van Enschede zien: ▬ mens en landschap centraal; ▬ voortbouwen op de identiteit van Enschede; ▬ meer groen in de stad; ▬ oproep tot stevige keuzes die helpend zijn voor een toekomstbestendig Enschede. Bovenstaande komt volgens de deelnemers het beste tot z’n recht in een combinatie van de verkenningen ‘internationale corridorstad’ en ‘bronpuntenpuntenstad’. Een concept van het Toekomstbeeld Omgevingsvisie hebben we getoond tijdens één van de participatiemomenten. De deelnemers bevestigden dat het geschetste toekomstbeeld overeenkomt met hun eigen beeld.
In het document ‘Verantwoording participatie fase 3’ (zie bijlage) staat een uitgebreid verslag van alle participatie onderdelen die we in fase 3 hebben uitgevoerd.
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
4
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
O M G E V I N G S EFF E C T R A P P O R T De Omgevingsvisie geeft richting aan de toekomstige ontwikkeling van Enschede. Ook
leefomgeving in de geest van de Omgevingswet.
stelt het kaders voor de uitwerking van diverse opgaven in Enschede. Omdat deze
Het OER voor de Omgevingsvisie van Enschede wordt opgesteld door Witteveen+Bos. Om
opgaven en toekomstige ontwikkelingen effecten hebben op de fysieke leefomgeving, is
te komen tot het OER zijn de ruimtelijke verkenningen uit fase 2 beoordeeld op hun
het voor de Omgevingsvisie verplicht om een Omgevingseffectrapportage (OER) te
effecten, kansen en risico’s.
doorlopen.
Uit die beoordeling deed Witteveen+Bos een aantal aanbevelingen. Deze aanbevelingen bleken het beste te realiseren in een combinatie van de verkenningen 'internationale
Door het opstellen van een OER brengen we effecten van gemaakte en te maken keuzes
corridorstad' met 'bronpuntenstad'. Deze informatie gebruikten we voor het vormen van
in de Omgevingsvisie in beeld. Omgevingsbelangen wegen daardoor volwaardig mee. Het
het toekomstbeeld.
gaat niet alleen om geluid, luchtkwaliteit en water, maar bijvoorbeeld ook om thema’s als gezondheid, welzijn en klimaat. Hiermee sluiten we aan op de bredere kijk op de fysieke
In fase vier wordt het volledige OER opgeleverd en het toekomstbeeld beoordeeld. bron: ruimtelijke toekomstverkenningen, bouwsteen omgevingsvisie, november 2022, gemeente Enschede
RADIALENSTAD
UITBREIDENDE STAD
BRONPUNTENSTAD
INTERNATIONALE CORRIDORSTAD
In deze verkenning kijken we hoe de stad eruit ziet over 30 jaar als we de huidige
In deze verkenning kiezen we voor een traditionele groei van de stad en de
In deze verkenning kiezen we voor een meerkernige aanpak waarbij de stad niet
In deze verkenning kiezen we voor maximale verdichting langs het spoor, waarbij
ruimtelijke ontwikkelingskoers blijven volgen.
dorpen met beperkte sturing vanuit ruimtelijk beleid.
langer één centrum heeft, maar er meerdere zogenaamde bronpunten zijn.
verschillende vervoersknooppunten verder worden ontwikkeld.
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
5
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
Tabel 3.1 Beoordelingskader OER Omgevingsvisie Enschede
BEOORDELINGSKADER
Cluster
Het beoordelingskader voor het OER is gebaseerd op het zogeheten ‘Rad van de
Thema
Aspecten
bodem en water
bodemkwaliteit ondergrond
Leefomgeving’. Dit kader is ook gebruikt bij de Nationale Omgevingsvisie (NOVI).
waterkwantiteit Goede omgevingskwaliteit
waterkwaliteit natuur
biodiversiteit beschermde natuurgebieden en ecologische hotspots
landschap en openbare ruimte
waardevolle landschappen cultureel erfgoed
Milieukwaliteit en gezondheid
gezondheidsbescherming
veiligheidsrisico’s
externe veiligheid waterveiligheid
Veilige en gezonde fysieke leefomgeving
verkeersveiligheid klimaat
emissie en vastlegging broeikasgassen hittestress en droogte wateroverlast
wonen en woonomgeving
wonen voorzieningen
Aantrekkelijke woonomgeving
recreatie welzijn
inclusie gezondheid sociale samenhang
Rad van de Leefomgeving (HaskoningDHV Nederland B.V, 2019)
sociale veiligheid natuurlijke hulpbronnen
drinkwater circulariteit (grondstoffengebruik)
Het kader is geschikt gemaakt voor de specifieke Enschedese situatie met het oog op de
Vitale, economische omgeving
strategische opgaven van Enschede: 1.
Inclusief Enschede;
2.
Groen en duurzaam Enschede;
3.
Aantrekkelijk Enschede;
4.
Open Enschede.
economische vitaliteit
werkgelegenheid aantrekkelijk vestigingsklimaat
ruimtelijk economische structuur
vestigingslocaties mobiliteit en bereikbaarheid energienetwerk
3.4
Wijze van beoordelen
Beoordelingskader OER Omgevingsvisie Enschede
In het OER is de informatie over de aspecten van de leefomgeving beschreven en beoordeeld. De beoordeling vindt primair plaats aan de hand van de schaal uit tabel 3.2. Deze beoordelingsschaal geeft door V E R A N T W O O R D I N G T O E K O M S T B E E L Dmiddel OMGE V Ivijf N G categorieën S V I S I E - aan F Awat S E de 3 staat van de leefomgeving is (goed tot en met slecht) in het licht van van doelen voor het betreffende aspect. Het is daarmee een absolute beoordelingsschaal die direct ook inzicht geeft in de mate waarin doelen en ambities bereikt worden (overal gehaald tot en met nergens gehaald). De
6
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
AANBEVELINGEN
ACHTERGROND BIJ DEZE AANBEVELINGEN
De vier ruimtelijke verkenningen zijn beoordeeld aan de hand van eerder genoemd
Aan de hand van de eerder genoemde beoordelingstabel gaan we in op de achtergrond
beoordelingskader. Daaruit kwamen de volgende aanbevelingen voor het toekomstbeeld:
van deze aanbevelingen.
▬ het landschap scoort bovengemiddeld hoog en kan dienen als een GOEDE OMGEVINGSKWALITEIT
onderscheidend kenmerk; ▬ het principe ‘water en bodem sturend’ blijft in de ruimtelijke verkenningen
▬ Bodem en water Een algemene waarheid is dat intensief ruimtegebruik zorgt voor druk op de ondergrond.
(fase 2) nog onderbelicht; ▬ heb aandacht voor biodiversiteit en de daarvoor benodigde (natuur) verbindingen;
Zowel in ruimte die ondergrondse infrastructuur of (parkeer)kelders kosten, als in ruimte die nodig is voor infiltratie en klimaatadaptatie. Dit vraagt oplossingen op systeemniveau.
▬ investeer in en bescherm je cultureel erfgoed;
Inbreiding en verdichting biedt echter ook kansen om bestaande verontreinigingen te
▬ stikstof zorgt voor beperkingen, houd hier rekening mee;
saneren.
▬ zet in op een goede benutting van de milieuruimte in het Havengebied en voeg
Op verschillende plekken in Enschede is sprake van grondwaterproblematiek. Door klimaatverandering kan deze problematiek verergeren. In alle verkenningen bleef dit
hier niet zomaar andere functies toe; ▬ het voorzieningenniveau in Enschede is bovengemiddeld op orde vergeleken bij
thema onderbelicht. In het hoofdstuk Regelgeving van deze verantwoording staat meer uitleg over hoe we dit thema nu een plek geven in het toekomstbeeld.
andere universiteitssteden, profileer je daarmee; ▬ zet in op lopen, fietsen en openbaar vervoer als logische mobiliteitskeus, dit is
▬ Natuur
cruciaal voor het bereiken van andere opgaven; ▬ mens centraal betekent de wijk centraal. Gebruik het sociale profiel van de wijk
Een goede biodiversiteit is gebaat bij goede verbindingen zodat (rode lijst) soorten zich
als vertrekpunt voor de inzet op stedelijke vernieuwing met aandacht voor alle
kunnen voortbewegen. Ook op regionaal niveau zijn ecologische netwerken van belang
leefomgevingseffecten.
om de juiste leefomgeving voor planten en dieren te waarborgen. Het beschermen en ontwikkelen van het NatuurNetwerk Nederland (NNN) zorgt voor de nodige ecologische verbindingen. Door stedelijke verdichting blijft er veel ruimte voor groen in het landelijk gebied. Hoe meer we uitbreiden richting natuurgebieden, hoe groter de belasting op die natuur en de biodiversiteit. Uitbreiding zorgt ook voor meer (gemotoriseerde) vervoersbewegingen en daardoor een hogere stikstofbelasting.
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
7
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
▬ Landschap en openbare ruimte
gebied ligt. De externe veiligheid wordt in alle verkenningen als goed beoordeeld.
Het behoud van het landschap is verknoopt met andere opgaven zoals de
Inbreiding kent het risico dat er grotere gevolgen zijn bij een eventuele milieuramp en dat
landbouwtransitie en de klimaatopgave. Waardevolle landschappen vallen samen met
transport van gevaarlijke stoffen door dichter bewoond gebied gaat.
(nieuwe) NNN verbindingen. Het aanwezige landschap rondom de stad en het groen dat
We willen de verkeersveiligheid voor alle verkeersdeelnemers beter maken. Als alles
via de wiggen tot ver in het stedelijk gebied door dringt is uniek. Hiermee kun je je als
zich op loop- en fietsafstand bevindt, is de auto minder vanzelfsprekend en nemen
stad profileren.
conflicten tussen de verschillende typen verkeersstromen af. Daardoor wordt Enschede
Enschede kent veel cultureel erfgoed. Daar zijn we zuinig op. Iedere verkenning kent
veiliger voor voetgangers en fietsers.
kansen en risico’s voor wat betreft cultuurhistorie. Ontwikkeling is belangrijk, maar het kan ook een risico of bedreiging vormen. Veel hangt af van de uitwerking van de
▬ Klimaat
ontwikkeling. Daarom verkennen we vooraan in het proces de aanwezige
CO2 reductie en de daaraan verbonden energietransitie in verschillende sectoren blijft
cultuurhistorische waarden en waar mogelijk benutten en versterken we deze. Zie ook
onderbelicht in de verkenningen.
pagina 11.
In alle verkenningen nemen risico’s toe door klimaatverandering. De manier waarop het gebruik van de auto in de toekomst gefaciliteerd wordt, speelt hierin een grote rol. De
VEILIGE EN GEZONDE FYSIEKE LEEFOMGEVING
auto vraagt veel ruimte op verhard oppervlak. Die ruimte kan dan niet op een andere
▬ Milieukwaliteit en gezondheid
manier gebruikt en ingericht worden.
In Enschede is de huidige situatie van milieukwaliteit goed. De milieugezondheidsrisico’s uiten zich in onder andere geur- en geluidhinder, trillingen en luchtverontreiniging. De
AANTREKKELIJKE WOONOMGEVING
gezondheidsbescherming moet voldoen aan wettelijke normen voor luchtkwaliteit en
▬ Wonen en woonomgeving
geluid. Het streven is een afname van hinder door trillingen, geur en licht. De
Als je vraagsturend kijkt naar de woonbehoefte en inspeelt op nieuwe groepen en
verkenningen gaan allemaal uit van groei. In de verkenning 'uitbreidende stad' zijn de
mogelijke toekomstige behoeftes, zoals het vasthouden van talent, dan is een wat hoger
risico’s om dit streven niet te bereiken het grootst. Dit komt vooral door de verwachte
aandeel centrumstedelijk wonen nodig. Tegelijkertijd is er vraagvolgend behoefte aan
toename van autobezit en vanwege de vele uitbreidingslocatie aan de rand van de stad.
groenstedelijk wonen. We kiezen er voor om vooral vraagsturend te zijn. In het voorliggende toekomstbeeld sluiten we onze ogen niet voor de huidige behoefte aan
▬ Veiligheidsrisico’s
groenstedelijk wonen en is er ruimte voor beide woonmilieus. Er wordt zowel ingezet op
Bij veiligheidsrisico’s gaat het met name om externe veiligheid en verkeersveiligheid.
verdichten met centrumstedelijk wonen als op een aantal plekken waar het
Waterveiligheid is niet aan de orde omdat Enschede niet in een overstromingsgevoelig
groenstedelijke milieu gerealiseerd kan worden. In de nieuwe Woonvisie wordt deze lijn ook gevolgd.
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
8
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
Het voorzieningenniveau in Enschede is al overwegend goed. De positie van het centrum
De verwachting is dat de totale vraag naar drinkwater in een uitbreidende stad meer
van Enschede is sterk. Behoud van deze pluspunten vraagt een evenwichtig
toeneemt omdat er dan meer woningen in een groenstedelijke setting gebouwd worden,
voorzieningen aanbod dat het beste uit bronpuntenstad -de dagelijkse levensbehoeften
waar ruimte is voor zwembadjes en tuinen die gesproeid worden.
op loopafstand- en corridorstad -een sterk centraal centrum- combineert. Hiervoor is een scherpe ruimtelijke sturing nodig.
▬ Economische vitaliteit Aan de hand van de aspecten werkgelegenheid, aantrekkelijk vestigingsklimaat en
▬ Welzijn
vestigingslocaties kan je iets zeggen over de economische vitaliteit.
Enschede is kwetsbaar op het gebied van bestaanszekerheid, kansengelijkheid en
Er zijn in de stad onvoldoende bedrijventerreinen om aan de vraag te voldoen. Daarom
gezondheid. Een lokaal perspectief zoals de bronpunten en aandacht voor de wijken biedt
loopt er een onderzoek naar een geschikte locatie voor een nieuw bedrijventerrein in
veel mogelijkheden voor het versterken van inclusie. Bij te veel focus op alleen
Enschede. Het vergroten van de agglomeratiekracht van Enschede is het meest kansrijk
ontwikkelen in de corridor bestaat het risico op een tweedeling. In de zone rondom het
bij concentratie van functies.
spoor zijn allerlei ontwikkelingen, waardoor er op andere plekken minder investeringsmogelijkheden zijn.
▬ Ruimtelijk economische structuur
Tegelijkertijd levert de focus op de gebieden rond het spoor ook kansen voor het
Om de ruimtelijke economische structuur te beoordelen zijn de thema’s mobiliteit en
vasthouden van talent en het vergroten van de werkgelegenheid.
bereikbaarheid en de energienetwerken bekeken. De spreiding van functies heeft invloed
De mens centraal zetten betekent de wijk centraal zetten.Gezond gedrag wordt
op het gebruik van de auto en daarmee de leefbaarheid. Hoe meer spreiding hoe meer
gestimuleerd door de keuze voor inzet op lopen, fietsen en openbaar vervoer. Ook
risico op veel reisbewegingen die vooral met de auto gedaan worden. Dit komt door de te
klimaatadaptieve maatregelen, zoals meer groen, nodigen uit tot meer bewegen en
overbruggen afstand en vanwege het ontbreken van alternatieven zoals openbaar
spelen.
vervoer. Risico van heel erg verdichten is juist dat het huidige wegennet te weinig capaciteit heeft.
VITALE ECONOMISCHE OMGEVING
Daarom is inzetten op verplaatsen te voet, per fiets of met het openbaar vervoer een
▬ Natuurlijke hulpbronnen
slimme en gezonde keuze. Dit kost minder ruimte en die ruimte kunnen we groener
De beschikbaarheid van voldoende schoon drinkwater is zorgelijk. Onder andere door
inrichten.
klimaatverandering en toenemend gebruik door groei van het aantal inwoners in
Hoe we in de toekomst duurzaam blijven voorzien in de energievraag is nog niet duidelijk.
combinatie met de ligging van Enschede op de hoge zandgronden. Dit is niet alleen een
Toch geldt ook voor dit vraagstuk dat spreiding van functies om meer energie
probleem voor Enschede alleen. Ook in de gehele regio, de provincie en landelijk speelt
infrastructuur vraagt dan een geconcentreerde ontwikkeling. De verkenning
dit.
bronpuntenstad is kansrijk voor lokale energie initiatieven. VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
9
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
R E G EL G E V I N G
Dat goed in beeld hebben helpt bij verstandige locatiekeuzes en toekomstbestendige
Tijdens het proces om te komen tot een Omgevingsvisie staat de wereld niet stil. Vanuit
helpt om klimaateffecten op te vangen en zorgt voor een zo goed mogelijke
de Rijksoverheid werd bijvoorbeeld het sturen op bodem en water opgelegd. In dit
beschikbaarheid van water voor verschillende functies. Daarom starten we elke nieuwe
hoofdstuk gaan we dieper in op deze nieuwe regelgeving die impact heeft op onze manier
opgave met onderzoek naar de aspecten van de bodem en het watersysteem. Het bodem-
van werken en ons toekomstbeeld van Enschede.
en watersysteem passen we niet aan op nieuwe functies op de bovengrond. Locatiekeuze
gebiedsinrichting voor nieuwe ontwikkelingen. Een robuust bodem- en watersysteem
en inrichting van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen dienen zich aan te passen aan het WATER EN BODEM STUREND
bodem- en watersysteem ter plekke. Natuurlijke oplossingen gaan voor technische
In het document Toekomstbeeld Omgevingsvisie schrijven we bij het onderdeel
oplossingen.
Fundament van de stad – bron van leven, dat we onze ruimtelijke opgaven aanpassen op de natuurlijke systemen van water en bodem. De term ‘water en bodem sturend’ wordt
Door vanaf het begin met de aspecten van de bodem en het watersysteem rekening te
daarmee geïntroduceerd in Enschede. Het Rijk en de provincie Overijssel gebruiken deze
houden, bereiken we onder andere dat we:
term al in hun beleid en verordeningen.
▬ niet afwentelen (in tijd, geld of plaats); ▬ meer rekening houden met extreme weersomstandigheden;
De principes die hier bij horen zijn door ons beschreven in het vastgestelde Water- en
▬ in samenhang omgaan met wateroverlast, droogte en bodem;
Klimaatadaptatieplan (WeK).
▬ inzetten op meerlaagse veiligheid; ▬ de bodem minder afdekken, minder vergraven/grondverzet, niet verontreinigen;
Terug naar de basis begint bij de ondergrond, de bodem. Het gaat niet alleen om het
▬ de leefomgeving integraal aanpakken.
laagje aarde dat we in de tuin zien liggen. Het gaat vooral om wat daar onder zit. Die ondergrond verandert niet, het is het fundament voor alles wat we doen. We nemen dit
Zo voorkomen we dat problemen (incidentele of structurele kosten, overlast) zich
natuurlijk systeem als basis voor de ruimtelijke ordening. We kijken hiervoor letterlijk
voordoen door nieuwe stedelijke ontwikkelingen.
onder de grond. Hoe is de bodemopbouw en wat is de bodemkwaliteit? Hoe stroomt het water van nature? Hoe hoog staat het grondwater? Waar is het droog en waar is er wateroverlast?
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
10
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
In onze zoektocht om ‘water en bodem sturend’ concreter te maken, zijn we een kaart aan
structuren vraagt. Hier is veel ruimte voor nodig. De aanname is dat 25-30% uitgeefbaar
het ontwikkelen. Hiervoor is gekeken naar deze databronnen:
is.
▬ wateroverlast kaarten voor het vaststellen van potentieel natte gebieden; ▬ beekdalen voor het vaststellen waar we water kunnen vasthouden, waar we
Sturen vanuit de ondergrond met inrichtingsprincipes en afwegingscriteria voor de
kunnen vernatten en welke beeklopen we zouden moeten herstellen;
stedelijke ontwikkeling is een nieuw fenomeen. Dat betekent dat de kaart in ontwikkeling
▬ grondwaterstanden om vast te stellen waar drooglegging noodzakelijk is;
is. De indeling kan nog wijzigen gedurende het traject van de Omgevingsvisie en daarna.
▬ de bodemopbouw om de draagkracht en de infiltratiecapaciteit vast te stellen;
De eerste uitkomsten van deze kaart vormden de basis voor het kaartbeeld bij het
▬ droogtekaarten om de voeding van beken te verkennen, met gevolgen voor de
hoofdstuk Fundament van de stad - bron van leven in het Toekomstbeeld Omgevingsvisie.
natuur. ERFGOED De kaart geeft inzicht in gebieden waar:
De Omgevingsvisie is weliswaar vormvrij maar niet ‘inhoudsvrij’. Er zijn verplichte
1.
een traditionele wijze van bouwrijp maken mogelijk is, deze gebieden voldoen in
onderdelen die een plek moeten krijgen. Erfgoed en cultuurhistorie is zo’n verplicht
de huidige situatie al grotendeel aan de regels van water en bodem sturend;
onderdeel.
2.
nader te verkennen aanvullende maatregelen nodig zijn;
3.
uitgebreide onderzoeken nodig zijn om de mogelijkheden voor bouwen te
De cultuurhistorische identiteit is net als de bodem een onveranderlijk gegeven. Het
verkennen.
verhaal van de plek kun je niet ontkennen of veranderen. Je kan er wel op voortbouwen en kwaliteiten benutten. Al in de eerste fase van de Omgevingsvisie beschreven we de
Op de kaart is te zien wat een passende verhouding is tussen de ruimte die nodig is voor
hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving ‘het ruimtelijk verhaal van
groeneblauwe functies en stedelijke functies zoals wonen of bedrijvigheid. We hanteren
Enschede’.
voorlopig vuistregels om de ruimtebehoefte te benoemen. In gebieden die liggen in categorie 1 gaan we er van uit dat 75% uitgeefbaar is en er 25%
De cultuurhistorische identiteit gaat verder dan een monumentenlijst of een beschermd
nodig is om bodem en water op orde te houden.
stads- of dorpsgezicht. Het gaat om de hele bestaande situatie, die ontstaan is door de
In gebieden die vallen in categorie 2 zijn de groenblauwe structuur en ontwikkelgebieden
verschillende hoofdstukken in de Enschedese geschiedenis.
in balans. We doen de aanname dat 50% van dit soort gebieden uitgeefbaar is. Voor gebieden die vallen in categorie 3 geldt dat groenblauw om stevige en robuuste
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
11
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
12
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
In deze fase van de Omgevingsvisie hebben we de beschrijving van het erfgoed in de verhaallijnen vertaald naar een waardenkaart. Parallel aan het opstellen van de Omgevingsvisie loopt het traject om de cultuurhistorische waardenkaart uit 2014 te actualiseren. Om het erfgoed integraal op te nemen in de voorgenomen ontwikkelingen hebben wij drie inhoudelijke pijlers opgesteld. We bouwen voort op onze identiteit en kennen de ziel van de plek. Daar voegen we een nieuwe tijdslaag aan toe. Dit doen we door het beleven, benutten en beschermen van de cultuurhistorische identiteit. ▬ BELEVEN Beleven is een basishouding. Bij alle ontwikkelingen benutten we het erfgoed van de plek en zijn omgeving - erfgoed als bron van waardecreatie. ▬ BENUTTEN Ontwikkelingen en erfgoed vullen elkaar positief aan. Bij alle ontwikkelingen houden we de identiteit en historie van de plek zichtbaar. Ontwikkelingen dragen bij aan de herkenbaarheid – unieke kenmerken als identiteit van de stad. ▬ BESCHERMEN Bij de kernkwaliteiten van de fysieke leefomgeving zetten we in op bescherming, behoud en herstel van het culturele erfgoed. De nieuwe ontwikkeling sluit aan op bestaande cultuurhistorische kwaliteiten en is een vanzelfsprekende volgende toevoeging. De cultuurhistorische waarden worden behouden en waar mogelijk verrijkt.
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
13
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
PROCES R A A D
▬ Dat betekent dat de visie alleen verplichtingen schept voor latere besluiten van de
In dit hoofdstuk staat het proces beschreven dat is doorlopen met raadsleden om te
toetsen we aan de visie of we mee willen werken.
komen tot het Toekomstbeeld Omgevingsvisie dat er nu ligt.
▬ Als een omgevingsplanwijziging of vergunningaanvraag níet in de visie past, maar we
Nadat het college van B&W dit toekomstbeeld in september had vastgesteld vond een
willen tóch graag meewerken, dan is dat nog wel mogelijk.
politieke behandeling in de Stedelijke Commissie plaats. Vervolgens zou het stuk worden
▬ De raad en het college hebben beslissingsruimte, maar moeten dat goed
geagendeerd voor een raadsvergadering van 7 november, waarin de raad zou worden
onderbouwen. Ook de afwijking van het eigen beleid zal goed onderbouwd moeten
gevraagd om dit toekomstbeeld als fase 3 van de Omgevingsvisie vast te stellen. Deze
worden. Er moet altijd een goede afweging zijn van alle betrokken belangen. Daar kijkt
vaststelling is juridisch niet noodzakelijk, maar de keuze is nadrukkelijk gemaakt dit wel
een bezwarencommissie of rechter naar als iemand bezwaar of beroep instelt tegen een
te doen om politieke steun op te halen voor de werkrichting met het oog op fase 4.
besluit dat niet in de visie past.
gemeente zelf. Voorbeeld: bij een aanvraag voor het wijzigen van het Omgevingsplan
▬ En wijken we te vaak af van de eigen visie, dan kan beter de visie zelf worden RAADSSESSIE 30 OKTOBER
bijgesteld. Dit zal bij de evaluaties van de visie worden afgewogen.
Omdat na behandeling in de Stedelijke Commissie bleek dat er vanuit de raad nog vragen waren, is in overleg met de griffie besloten om een technische informatiesessie te
RELATIE MET TOEKOMSTVISIE
organiseren. Deze bijeenkomst was nadrukkelijk niet politiek van aard en werd goed
Het lijkt er op dat onder andere de onduidelijkheid bij de raad rondom het opstellen van
bezocht. Tijdens deze bijeenkomst ontstond een goed gesprek en een levendige
een Toekomstvisie, het nemen van beslissingen over de Omgevingsvisie parten speelt.
discussie die zich met name toespitste op de juridische status van het toekomstbeeld en
Dat onze planning is opgeschoven, kan kansrijk zijn om duidelijkheid te verschaffen. Ook
de uiteindelijke Omgevingsvisie, de verhouding met andere visies zoals de nog op te
is het handig om momenten van besluitvorming op elkaar af te stemmen, zodat de raad
stellen Toekomstvisie en het detailniveau van (uitspraken in) het Toekomstbeeld
tijdig en duidelijk geïnformeerd kan worden over beide processen.
Omgevingsvisie.
We zien de Omgevingsvisie als een ruimtelijk kader voor de Toekomstvisie. Er is veel werk verricht om bestaand beleid in kaart te brengen en participatiebijeenkomsten te
JURIDISCHE STATUS
organiseren en dit kan goed fungeren als input voor het ruimtelijke deel van een
Het Toekomstbeeld Omgevingsvisie heeft als los document geen juridische status. Hier
Toekomstvisie.
bestond enige verwarring over, omdat de uiteindelijk vast te stellen Omgevingsvisie dat wel heeft, door middel van zogeheten zelfbindendheid:
OPERATIE STOFKAM
▬ De visie is alleen 'zelfbindend' voor het bestuursorgaan dat de visie vaststelt (en voor
Er is in goed overleg met aanwezige raadsleden en later met de griffie afgesproken om
de andere bestuursorganen die deel uitmaken van dezelfde organisatie)
met de zogenoemde stofkam door het stuk te gaan. Er is nogmaals getoetst of uitspraken
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
14
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
over het hoe en uitspraken met een hoog detailniveau, passen bij (het abstractieniveau
HOE?
van) de rest van het toekomstbeeld. Simultaan hieraan vroegen we via de griffie met
Tijdens deze stofkam exercitie zijn uitspraken die ingaan op het hoe, nogmaals tegen het
welke uitspraken raadsleden specifiek moeite hebben en keken we hoe dit zich verhoudt
licht gehouden. Een veelgenoemd voorbeeld hiervan is de beschreven ambitie voor een
tot bestaand beleid.
hoogwaardig openbaar vervoer (HOV)-verbinding tussen Hengelo en Enschede. In de
Tijdens deze stofkam exercitie zijn uitspraken uit het toekomstbeeld getoetst op:
legenda van één van de kaarten in het document staat in plaats van deze HOV-verbinding een tramverbinding vermeld. In samenspraak met de raad is vastgesteld dat dit
▬ Detailniveau
toekomstbeeld niet de plek is waar vooruit wordt gelopen op de (mogelijke) oplossing,
Past het detailniveau van de uitspraak bij het abstractieniveau dat hoort bij dit
maar voornamelijk de opgave in kaart brengt (wat).
toekomstbeeld? ▬ Hoe-uitspraken
NIEUW BELEID
Concentreert het stuk zich wel genoeg op de opgave (wat) en in plaats van op de
Ook worden er in het toekomstbeeld uitspraken gedaan die niet direct te herleiden zijn
oplossing (hoe)?
naar bestaand beleid en/of hoger overheidsbeleid. Dit kan komen door de integratie van
▬ Nieuw beleid
sectoraal beleid. Het samenvoegen van sectoraal beleid leidt tot dilemma’s waar in de
Komt een uitspraak uit bestaand (vastgesteld) beleid of is deze uitspraak een gevolg van:
huidige situatie per project een oplossing voor wordt gezocht. De Omgevingsvisie dient
- de integratie van sectoraal beleid;
als kader voor een integrale werkwijze, waarbij deze afwegingen niet in elk afzonderlijk
- ambities college;
project gemaakt worden. In dit toekomstbeeld wordt hierop voorgesorteerd.
- van hogere overheden opgelegd beleid (bodem & water sturend);
- andere externe factoren (netcongestie/drinkwatervoorziening).
Een voorbeeld van een uitspraak in het toekomstbeeld die niet direct terug te herleiden valt naar bestaand beleid is: "We ontwikkelen concepten waarin we woonwensen van
DETAILNIVEAU
mensen en ontwikkelingsvragen van bedrijven zoveel mogelijk in stedelijke woonmilieus
Een van de kritiekpunten die naar voren kwam tijdens de eerste informatiesessie met de
mogelijk maken. Door het bieden van extra woon- en werkruimte in de stad sparen we
raad was het (verschil in) detailniveau. Een goed voorbeeld hiervan is de uitspraak ‘’we
ons landschap. Ook voorkomen we dat reisafstanden groot worden." Dit is een logisch
leggen fietspaden aan op bedrijventerreinen die dat nog niet hebben’’. Deze uitspraak is
gevolg van inbreiden voor uitbreiden dat weer volgt uit de gehanteerde lagenbenadering.
geschrapt vanwege het lage detailniveau dat niet strookt met het abstractieniveau van dit
Later in dit hoofdstuk wordt dit nader toegelicht en aan het eind van dit hoofdstuk staat
toekomstbeeld, ook al is dit bestaand beleid.
een overzicht van alle nieuwe uitspraken in het toekomstbeeld. Met kleuren wordt aangegeven waar deze uitspraak op is gebaseerd.
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
15
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
RAADSSESSIE 11 DECEMBER
INBREIDING VOOR UITBREIDING
Er is afgesproken om na deze stofkam exercitie wederom een informele sessie met
Een ander punt van discussie tijdens deze bijeenkomst was de uitspraak inbreiden voor
raadsleden te organiseren. Deze vond plaats op 11 december en ook hier was de opkomst
uitbreiden. De angst bestond dat eventuele uitleglocaties hiermee werden uitgesloten.
hoog en ontstond een goed gesprek. De werkwijze naar aanleiding van de bijeenkomst op
Dat is niet zo. Deze uitspraak volgt vanuit de onderstaande lagenbenadering:
30 oktober, zoals hierboven beschreven in operatie stofkam, werd gepresenteerd. 1: wettelijk beschermde gebieden Natuur Netwerk Nederland (NNN); Daarnaast werd nogmaals stilgestaan bij de totstandkoming van het toekomstbeeld op
2: water en bodem sturend;
basis van participatiebijeenkomsten, het integreren van bestaand (sectoraal) beleid en
3: gebiedswaardering vanuit de cultuurhistorische waardenkaart,
externe factoren zoals Rijksbeleid en netcongestie. Ook is voorafgaand aan deze bijeenkomst actief uitgevraagd aan de raad of er nog ergens onduidelijkheid over bestond. In de presentatie is hier zo goed mogelijk antwoord op gegeven.
landschapswaardering; 4: duurzaam omgaan met ruimte en voorraden: inbreiding voor uitbreiding, meervoudig ruimtegebruik voor enkelvoudig ruimtegebruik; 5: aansluiting bij netwerken zoals snelle infrastructuur en energienetwerken;
Tijdens de sessie werd duidelijk dat er onduidelijkheid bestond over de wijze waarop en
6: beleid en brede welvaart.
de redenen waarom gekozen is voor twee van de vier verkenningen: corridorstad en bronpunten. Deze keuze is gemaakt omdat deze verkenningen uit de
Hierboven staat de lagenbenadering zoals beschreven in het toekomstbeeld. De kleuren
participatiebijeenkomsten als wenselijk naar voren kwamen. En omdat de keuze voor de
geven aan waar de beleidsuitspraak vandaan komt en geeft daarmee een onderbouwing
corridorstad in combinatie met bronpunten een logisch gevolg is van de uitkomsten in het
van gemaakte keuzes.
OER en huidig sectoraal beleid.
=keuze gemeente =deels keuze gemeente deels opgelegd door hogere overheid =opgelegd door hogere overheid BRONPUNTEN Tijdens deze bijeenkomst kwam ook naar voren dat de term bronpunten voor onduidelijkheid zorgde. Dit concept is daarom scherper gedefinieerd en er is een helder onderscheid gemaakt tussen bronpunten, (OV-)knooppunten en ontmoetingsplekken. In het toekomstbeeld wordt inzichtelijk gemaakt wat dit betekent voor de rol die de
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
16
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
LAND-GOED ENSCHEDE gemeente op zich neemt in deze verschillende gebieden. In fase 4 wordt een technische
Eke ruimtelijke ontwikkeling moet kwaliteit toevoegen voor de thema’s van
sessie georganiseerd waarin wordt ingezoomd op de verschillende bronpunten, (OV-)
Land-Goed Enschede.
knooppunten en ontmoetingsplekken.
Wij ontwikkelen de Usseler wig als volwaardige groene corridor langs het havengebied, via Kop Westerval en Volkspark, ten zuiden langs het centrum
OVERZICHT NIEUWE BELEIDSUITSPRAKEN
richting de Eschmarke wig.
In dit overzicht staan de uitspraken uit het toekomstbeeld die niet direct te herleiden zijn
Wij ontwikkelen langs de spoorlijn een robuuste oost-west corridor als
uit bestaand beleid. De uitspraken worden per thema weergegeven en met onderstaande
groenblauwe ader door de stad voor mens, plant en dier.
kleuren is aangegeven waarop de uitspraak is gebaseerd:
Bij inwonergroei, ontwikkelt de beschikbaarheid van cultuur, ontmoetingsplekken, (sport- en spel) voorzieningen evenredig mee.
=keuze gemeente
we beschermen onze inwoners tegen geluidsoverlast en een slechte
=deels keuze gemeente deels opgelegd door hogere overheid
luchtkwaliteit. Dit doen we gebiedsgewijs kijkend naar het type leefmilieu.
=opgelegd door hogere overheid
We stellen de voetganger centraal en gebruiken lopen als verbindende factor. Wij gebruiken lopen als strategie voor meer stedelijkheid. Wij ontwikkelen de groene spoorcorridor als drager van de verstedelijking in de SHE. We vinden door stedelijke vernieuwing en transformatie van gebieden meer ruimte voor groen, blauw, voetgangers en fietsers. Dit betreft de gebieden Kennispark, Twekkelerveld, Rigtersbleek, Kop Westerval, Schuttersveld en het verdere Binnensingelgebied. Wij kiezen ervoor om in de bronpunten van onze gemeente (grote voorzieningenclusters en winkelcentra) meer ruimte te geven aan groen en voetgangers. In een radius van 500 meter rondom het bronpunt zetten we in op meer stedelijkheid. Hier maken we ruimte voor verdichting en investeren we in voorzieningen voor het stadsdeel. Wij willen tussen de bronpunten groene levensaders ontwikkelen. Door de groene aankleding ontstaat een klimaatadaptieve straat die zorgt voor een fijn gevoel en bijdraagt aan de klimaatdoelstellingen. Wij zoeken deze ruimte door straatparkeren te verminderen. VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
17
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
CENTRUMSTAD
INNOVATIEF We concentreren de verstedelijking rondom OV-knooppunten en
inbreiden gaat voor uitbreiden. Uitbreiden in het landelijke gebied doen we alleen
ontmoetingsplekken
als het niet anders kan. Bij alle locatiekeuzes denken we vanuit de
We koesteren het Havengebied met de mogelijkheden voor circulaire economie.
lagenbenadering. We kijken naar:
Circulaire economie is duurzame economie waarin we bijna geen afval maken
1: wettelijk beschermde gebieden NatuurNetwerk Nederland (NNN)
doordat
2: bodem en water sturend
we grondstoffen opnieuw gebruiken. Ook koesteren we de watergebonden
3: gebiedswaardering vanuit de cultuurhistorische waardenkaart,
bedrijvigheid en bijbehorende milieuruimte van het Havengebied
Landschapswaardering;
we ontwikkelen een snellere, vaker rijdende en comfortabele OV-verbinding in
4: Duurzaam omgaan met ruimte en voorraden: inbreiding voor uitbreiding,
de spoorzone tussen Hengelo en Enschede
meervoudig ruimtegebruik voor enkelvoudig ruimtegebruik
in een latere fase onderzoeken we of we deze verbinding doortrekken naar
5: aansluiting bij netwerken zoals snelle infrastructuur en energienetwerken.
Gronau
6: beleid en brede welvaart
wij verstedelijken langs deze lijn door te verdichten en verschillende functies
we ontwikkelen concepten waarin we woonwensen van mensen en
(denk aan wonen-werken) te mengen
ontwikkelingsvragen van bedrijven zoveel mogelijk in stedelijke woonmilieus
We concentreren verdichting eerst rondom de knooppunten (HOV en trein).
mogelijk maken. Door het bieden van extra woon- en werkruimte in de stad sparen we ons landschap. Ook voorkomen we dat reisafstanden groot worden. We ontwikkelen de stedelijke groei in de SHE en rondom bronpunten in wijken bijna 22% (35.000 inwoners) van onze bevolking is student. Enschede studentenstad moet overal in de SHE voelbaar zijn. Toch lijkt het alsof studenten minder zichtbaar zijn dan in andere studentensteden. Daarom gaan we functies voor studenten zoals werkplekken, horeca en wonen mengen. Dat doen we op logische plekken om zo het gevoel van een studentenstad te vergroten. Schuttersveld als levendige gemengde wijk die de brug slaat tussen Centrumkwadraat en Rigtersbleek / Kop Westerval; productiewijk Rigtersbleek: we beschermen het textielkarakter van het huidig bedrijventerrein Rigtersbleek. En we ontwikkelen een spannende stadswijk met volop ruimte voor cultuur, wonen én werken;
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
18
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
Nieuw Twekkelerveld als wijk waarin we de bestaande gemeenschap
We plaatsen kleinschalige woon- en zorgvoorzieningen in de wijken en
respecteren en een nieuwe impuls geven. Dat doen we door nieuwe woonplekken
grootschalige voorzieningen bij bronpunten en in de SHE
en kansen voor ontplooiing te ontwikkelen;
We onderzoeken hoe we de Kop van de Haven beter kunnen koppelen aan de
we vergroten het innovatiedistrict Kennispark Campus UT en maken plek voor
stedelijke en levendige wijken die in de SHE ontstaan. Wij willen ruimte vinden
innovatie, bedrijfsleven, wonen en verblijven;
voor meer groen, ontmoeting, dynamiek en recreatie.
bronpunt Deppenbroek als wijk waar we de stedenbouwkundige identiteit
We sturen in het Havengebied scherper op het gezoneerde bedrijventerrein.
behouden. We onderzoeken hoe we in de wijk kunnen inbreiden;
We zorgen voor efficiënter gebruik van bestaande bedrijventerreinen. Dat geven
bronpunt Wesselerbrink als kerngebied van heel Enschede Zuid. Hier
we prioriteit boven het ontwikkelen van nieuwe terreinen.
onderzoeken we hoe we kunnen verstedelijken rondom winkelcentrum
Waar door bevolkingsgroei tekorten zijn aan zorgvoorzieningen en persoonlijke
Wesselerbrink. Deze gebieden zijn de meest kwetsbare gebieden buiten de de
dienstverleningen, voegen we deze ruimte toe
corridor. Tegelijkertijd liggen er veel kansen om via verstedelijking investeringen
.
in deze gebieden los te trekken. We ontwikkelen op kleinere schaal nieuwe woningen en benutten de ruimte beter. Ook op natuurlijke plekken in de wijken, buiten de grote groeigebieden. We houden wonen, voorzieningen en werken in balans, want dat is een voorwaarde voor kwalitatieve groei. Het aantal banen stijgt evenredig met het aantal inwoners. Verbeteren van de bestaande woon- en werkmilieus is net zo belangrijk als nieuwbouw. De huidige inwoners zijn het belangrijkste onderdeel van de leefmilieus van de toekomst. We zorgen dat bestaande leefmilieus bij de tijd blijven om de stad gezond te houden. We willen de kwaliteiten van bedrijventerreinen beter benutten. Daarom willen we de juiste bedrijven op de juiste plek krijgen. Dat doen we om scheefwerken te verminderen. Daarom bieden we bedrijven die daar passen ruimte in gemengde woon-werkgebieden en buurten (wijkeconomie).
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
19
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
NAWOOR D Het Toekomstbeeld Omgevingsvisie s het kader voor de Omgevingsvisie. Na vaststelling van het toekomstbeeld door de gemeenteraad is fase 3 afgerond. In fase 4 organiseert het kernteam Omgevingsvisie een informele sessie voor de gemeenteraad over de uitwerking van het toekomstbeeld naar specifieke (type) gebieden. Tijdens deze sessie zullen we dieper ingaan op specifieke gebieden, type leefmilieus en de uitwerking van concepten als bronpunten, knooppunten en ontmoetingsplekken. Tijdens de participatie van deze fase betrekken we naast de gemeenteraad wederom inwoners, ketenpartners, collega’s en andere stakeholders. Samen werken we aan de Omgevingsvisie voor Enschede.
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
20
COLOFON TEKSTEN EN BEELDMATERIAAL gemeente Enschede/team Omgevingsvisie tenzij anders vermeld. JANUARI 2024 Aan deze uitgave kunnen geen rechten worden ontleend.
Wilt u reageren of meer lezen over de Omgevingsvisie voor Enschede? Kijk dan op de website: www.enschede.nl/omgevingsvisie
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
VER ANT WOOR DING PA R T IC IPAT IE FA SE 3 O M G E V I N G S V I S IE B I JL A G E 1 JA N U A R I 20 2 4
INLEIDING & LEESWIJZER
PARTICIPATIE
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT
REGELGEVING
PROCES MET RAAD
NAWOORD
I N H O U D S O P G AV E VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIEPROCES
3
1.0 INLEIDING
5
1.1
Omgevingsvisie
5
1.2
Participatieproces
5
1.3
Publieksanalyse
7
2.0 PARTICIPATIE FASE 3
10
2.1
Participatie met ketenpartners en maatschappelijke organisaties 10
2.2
Participatie met inwoners
13
2.3
Seperate participatie momenten
15
3.0 DOORKIJKJE NAAR FASE 4 3.1
Fase 4
VERANTWOORDING TOEKOMSTBEELD OMGEVINGSVISIE - FASE 3
16 16
23
VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIE PROCES
V I S U EL E S A M E N VAT T I N G PA R T I C I PAT I E P R O C E S
INLEIDING
PARTICIPATIE FASE 3
DOORKIJK NAAR FASE 4
wekelijks grotere overleg. Tijdens dat overleg maken we gezamenlijk keuzes die voor de Omgevingsvisie van belang zijn. Voor vakspecialistische kennis die niet in dit overleg was vertegenwoordigd, haakte het
We hechten waarde aan de input van inwoners bij het ontwikkelen van de Omgevingsvisie
kernteam geregeld de juiste collega’s aan. Verder informeerden we collega’s die
voor de gemeente Enschede. Daarom is er een Participatieplan Omgevingsvisie (2022)
inhoudelijk minder betrokken waren via lunchlezingen, adviescafés en sloten we aan bij
opgesteld. Hierin zijn de belangrijkste uitgangspunten van de participatie bij de
afdelingsoverleggen. Ook het college van B&W, de Stedelijke Commissie, kamer Fysiek
Omgevingsvisie vastgelegd.
en de raad informeren we in elke fase over de voortgang en deelproducten van de Omgevingsvisie.
We hebben het proces om tot de Omgevingsvisie te komen opgeknipt in vijf fasen. In iedere fase staat een andere vraag centraal. Deze verantwoording is een verslag van het participatieproces in fase 3, dat we met dit document afronden. Het stappenplan hieronder geeft aan wie we op welk moment hebben betrokken. In het vormgeven van de participatie van de Omgevingsvisie zoeken we steeds de samenwerking op met andere projectteams en collega’s binnen de gemeente. In fase 3 betrokken we voor het eerst ketenpartners en maatschappelijke organisaties op een intensieve manier. Dat deden we -onder andere- door het organiseren van bijeenkomsten (Toekomstcarrousels). We werken zoveel mogelijk integraal aan de deelproducten van de Omgevingsvisie. Dat is namelijk de bedoeling van de Omgevingswet. In fase 3 versterkten we het integrale werken. Zo breidden we het kernteam uit met een collega uit het sociaal domein. En vanuit verschillende disciplines (economie, wonen, cultuurhistorie, mobiliteit, energie, duurzaamheid, bodem en water en buitengebied) sloot er een collega aan bij het
VERANTWOORDING PARTICIPATIE FASE 3 - OMGEVINGSVISIE
24
VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIE PROCES
ROUTEKAART OMGEVINGSVISIE
INLEIDING
PARTICIPATIE FASE 3
DOORKIJK NAAR FASE 4
ROUTEK A ART OMGEVINGSVISIE
OMGEVINGSVISIE
FA SE 1
FA SE 2
FA SE 3
FA SE 4
FASE 5
IDENTITEIT
AMBITIE
GEBIEDEN
STR ATEGIEËN
OMGEVINGSVISIE
GROOT TE AM OMGEVINGSVISIE
2 werksessies
2 werksessies
2 werksessies
2 werksessies
ALLE COLLEGA’S
Lunchlezing/adviescafé
Lunchlezing/adviescafé
Lunchlezing/adviescafé
Lunchlezing/adviescafé
COLLEGE VAN B&W EN R A ADSLEDEN
Informeren en besluitvorming
Informeren en besluitvorming
Informeren en besluitvorming
Informeren en besluitvorming
KETENPARTNERS EN MA ATSCHAPPELIJKE ORGANISATIES
—
—
Toekomstcarrousels
Sessie vormgeven samenwerking
Formele zienswijzen
INWONERS
Online platform
Kracht van Enschede
Online dillema''s voorleggen
Roadshow
Formele zienswijzen
DEELPRODUCTEN
» Verhaal van Enschede » Opgaven voor omgevingsvisie » Concept participatieplan
» NRD » Ruimtelijke Ambitie Enschede » Toekomstverkenningen Enschede » Definitief participatieplan » Verantwoording participatie fase 1 & 2
» Concept toekomstbeeld
» Concept omgevingsvisie
» Definitieve Omgevingsvisie
VERANTWOORDING PARTICIPATIE FASE 3 - OMGEVINGSVISIE
25
VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIE PROCES
I NL E I D I N G
1.1
INLEIDING
PARTICIPATIE FASE 3
DOORKIJK NAAR FASE 4
Uiteraard nemen we de gemeentelijke collega’s en het bestuur mee in het participatieproces. In dit document staat de aanpak en opbrengst van de participatie in
OMGEVINGSVISIE
fase 3 van de Omgevingsvisie centraal. De verantwoording uit eerdere fases zijn
Enschede verandert snel. De stad groeit en het aantal inwoners ook. We hebben te maken met een veranderend klimaat en gaan met z’n allen over op schone en duurzame energiebronnen. Al deze ontwikkelingen vragen om ruimte. Hoe kunnen we de schaarse ruimte zo goed mogelijk benutten? Wat vinden we daarbij belangrijk en welke keuzes zijn hiervoor nodig? Dat beschrijven we in de Omgevingsvisie. We doorlopen een werkwijze met verschillende fasen en uiteindelijk stelt de gemeenteraad de Omgevingsvisie vast.
beschreven in andere documenten.
1.2
PARTICIPATIEPROCES Fase 1 en 2 van de Omgevingsvisie zijn inmiddels afgerond. Fase 1 en 2 waren de onderzoeksfasen waarbij we de identiteit van Enschede onderzochten en de toekomstdromen analyseerden. In fase 3 en 4 stellen we de Omgevingsvisie op, op basis
De Omgevingsvisie geeft antwoord op twee vragen:
van alle inzichten uit de onderzoeksfasen. In fase 5 leggen we de Omgevingsvisie ter
▬ Hoe gaan we de bestaande leefomgeving en specifieke kwaliteiten daarvan
inzage en is er een formeel moment van inspraak.
beschermen, behouden en beheren voor een fijne toekomst? ▬ Wat gaan we doen om de stad nog mooier, gezonder en aantrekkelijker te maken?
Omdat iedere fase een andere focus heeft, geven we de participatie in elke fase passend vorm. In fase 3 hebben we met inwoners en ketenpartners samengewerkt aan een
Over die vragen laten we de inwoners van onze gemeente meedenken. Daarom is er een
gedragen concept toekomstbeeld.
Participatieplan Omgevingsvisie (2022) gemaakt. Door participatie wordt de Omgevingsvisie kwalitatief beter. Inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, regiogemeenten en samenwerkingspartners dragen bij met hun
FIGUUR 1 PROCESSTAPPEN OMGEVINGSVISIE
inhoudelijke kennis van de directe leefomgeving. Zij weten goed wat er speelt en wat er in de gemeente nodig is voor een fijne toekomst. Bovendien kan participatie leiden tot meer gedragen oplossingen. Daarnaast biedt het proces ruimte om meer verbinding met
FASE 1 IDENTITEIT
FASE 2 AMBITIE
FASE 3 GEBIEDEN
FASE 4 STRATEGIEËN
OMGEVINGSVISIE (FASE 5)
genoemde belanghebbenden aan te gaan.
VERANTWOORDING PARTICIPATIE FASE 3 - OMGEVINGSVISIE
26
VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIE PROCES
INLEIDING
PARTICIPATIE FASE 3
DOORKIJK NAAR FASE 4
Tabel 1.1 toont de opzet van het participatietraject, dat is vormgegeven op basis van de Relevant-gesprek-methodiek.
TABEL 1.1 OPZET PARTICIPATIETRAJECT
FASE 1: IDENTITEIT
FASE 2: AMBITIE
FASE 3: GEBIEDEN
FASE 4: STRATEGIEËN
Meedenken over de kwaliteiten van de gemeente
Meedenken over de verschillende toekomstbeelden voor de gemeente
Meedenken over ruimtelijke uitwerking van het gewenste toekomstbeeld
Inzicht verkrijgen in eventuele discussiepunten
Waarover in gesprek?
Dromen en zorgen voor de toekomst
Toekomstbeeld en vertaling naar specifieke gebieden
De conceptvisie en kaartmateriaal
▬ Inwoners ▬ Maatschappelijke organisaties ▬ Ketenpartners
▬ Inwoners ▬ Maatschappelijke organisaties ▬ Ketenpartners
Hoe in gesprek? ▬ Online participatieplatform ▬ T V-magazine ▬ Ingesprek met ketenpartners ▬ Enschede peiling d.m.v. Toekomstcarrousels ▬ Enquête ▬ Online voorleggen van ▬W ijkraden dilemma’s
▬ Online ‘roadshow’met het toekomstbeeld ▬ Werksessie met wijk- en dorpsraden ▬ Werksessie met ketenpartners om samenwerking uit te werken
Output
Gedragen visiekaart
Waarom in gesprek?
Kernwaarden en verhaallijnen van de gemeente
Met wie in gesprek? ▬ I nwoners ▬ I nwoners
Gezamenlijke taal over de kwaliteiten van Enschede
Een eerste idee over de gewenste toekomst voor Enschede
Een gedragen concept toekomstbeeld
VERANTWOORDING PARTICIPATIE FASE 3 - OMGEVINGSVISIE
27
VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIE PROCES
1.3
INLEIDING
PARTICIPATIE FASE 3
DOORKIJK NAAR FASE 4
PUBLIEKSANALYSE
Tabel 1.2 bevat een beschrijving van de belanghebbenden:
We maakten een inventarisatie van de belanghebbenden, ingedeeld naar de rol die ze
▬ Beslissers: dit gaat over de belanghebbenden die niet zozeer vanuit hun formele rol
hebben: beslisser, beïnvloeder, uitvoerder of gebruiker. Daarna maakten we een keuze in
(‘bevoegd gezag’) besliskracht hebben, maar vanuit hun bepalende invloed op het
de gewenste betrokkenheid: in hoeverre laten we de belanghebbenden meebepalen,
project of in de uitvoering;
meewerken, meedenken en mee weten? Dit was het vertrekpunt voor het verder uitwerken van de participatiestrategie voor fase 3.
▬ Gebruikers/afnemers: de belanghebbenden in deze cirkel spelen, althans in deze fase, geen actieve rol in het project, maar worden wel op de hoogte gehouden; ▬ Uitvoerders/leveranciers: hier komen de mensen die daadwerkelijk meewerken aan het project; ▬ Beïnvloeders: dit zijn de mensen waarvan het projectteam een bepaalde inhoudelijke
TABEL 1.2 BESCHRIJVING STAKEHOLDERS
inbreng wil krijgen.
BESLISSERS Gemeenteraad
De gemeenteraad stelt de Omgevingsvisie vast. Terwijl het participatieproces loopt informeren we de raadsleden over het proces en de resultaten. Ook nodigen wij hen uit om als toehoorder deel te nemen aan de sessies met de ketenpartners. Naast de geplande raadsvergaderingen, werkt de gemeenteraad in gespecialiseerde commissies, die we ook informeren over de voortgang en de aanpak. In fase 3 is de raad uitgenodigd voor de toekomstcarrousels. De stedelijke commissie is op 12 juni bijgepraat over de stand van zaken.
College B&W
Het College legt de concept Omgevingsvisie uiteindelijk ter besluitvorming voor aan de gemeenteraad. We betrekken het college bij de participatieaanpak en de bijbehorende resultaten. Voor het college gebruiken we de collegevergaderingen om hen bij te praten. Dat deden we één keer in fase 3. We houden de verantwoordelijk wethouder op de hoogte door aan te sluiten bij zijn portefeuille overleggen. Daarnaast praten we wethouders die raakvlakken hebben met de Omgevingsvisie bij in hun portefeuille overleggen.
Kernteam Omgevingsvisie
Het kernteam bestaat uit ambtenaren van de gemeente Enschede en een ingehuurd team van Witteveen+Bos (zij richten zich vooral op het schrijven van het OER (omgevingseffect rapport).
Schijf van zes
Vanuit verschillende disciplines is er wekelijkse afstemming met het kernteam. We noemen dat overleg de Schijf van zes, hoewel er meer collega’s aanschuiven. Zij zijn de ambassadeurs van de Omgevingsvisie richting hun team. Daarnaast leveren zij inhoudelijke input en schrijven mee aan de stukken. Door de betrokkenheid van deze groep mensen kunnen we binnen de Omgevingsvisie integrale keuzes maken. Dat is in deze fase waarin we werken aan het concept toekomstbeeld cruciaal.
Collega’s met vakspecialistische kennis
Deze collega’s leveren kennis en deskundigheid als het gaat om de diverse beleidsonderwerpen. Zij denken mee over de Omgevingsvisie. Bijvoorbeeld bij het beoordelen van het OER. We betrokken in fase 3 hiervoor collega’s die ervaring hebben met het opstellen/beoordelen van een MER (te vergelijken met OER).
VERANTWOORDING PARTICIPATIE FASE 3 - OMGEVINGSVISIE
28
VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIE PROCES
INLEIDING
PARTICIPATIE FASE 3
DOORKIJK NAAR FASE 4
BEÏNVLOEDERS Provincie Overijssel
Bestuurslaag tussen Rijk en gemeente die een eigen Omgevingsvisie ontwikkelt. Een belangrijke partij om te betrekken gedurende het proces. De provincie nam deel aan de twee Toekomstcarrousels in deze fase.
Regio
Bestuurders van het Bezirk Münster, de daar binnen liggende gemeentes, Stadt Münster, regio Twente en regio Achterhoek, provincie Overijssel en provincie Gelderland hebben met elkaar de ambitie uitgesproken om op basis van onderwerpen/thema’s te gaan samenwerken. Dit ligt vast in het memorandum Oost-Nederland-Münsterland. In het memorandum zijn samenwerkingsafspraken opgenomen over de thema’s economie, arbeidsmarkt, bereikbaarheid en onderwijs. Een aantal omliggende gemeenten en Gronau zijn aanwezig geweest bij een of beide toekomstcar- rousels in fase 3.
Waterschap De waterschappen hebben kennis en kunde in huis over het watersysteem. Het waterschap kan meedenken over de waterparagraaf in de Vechtstromen Omgevingsvisie en/of haar belangen inbrengen tijdens de totstandkoming van de visie. De uitdaging is om de waterwaarden te benoemen en die te koppelen aan de maatschappelijke opgaven in een gebied. De organisatie nam deel aan beide Toekomstcarrousels in deze fase. Omliggende gemeenten
De gemeenten Hengelo, Oldenzaal, Dinkelland, Haaksbergen, Losser en de Duitse buurgemeenten. Enschede ontvangt vanwege haar Duitslandagenda regelmatig bezoeken van (bestuurlijke) delegaties en organiseert vaak bijeenkomsten over het thema grensoverschrijdende samenwerking. Enschede werkt hierin nauw samen met o.a. Regio Twente en Provincie Overijssel. Een aantal omliggende gemeenten nam deel aan een of beide Toekomstcarrousels die onderdeel waren van deze fase.
UITVOERDERS Omgevingsdienst
Zet zich in voor het beschermen van de leefomgeving, het milieu en de natuur (controles, vergunningen en het adviseren van gemeenten vanuit expertise). De organisatie was uitgenodigd voor de twee Toekomstcarrousels die onderdeel waren van deze fase.
Regio Twente/ SamenTwente
Regio Twente is het samenwerkingsverband van de veertien Twentse gemeenten. Onderdeel hiervan zijn o.a. GGD Twente, OZJT (Organisatie voor Zorg en Jeugdhulp) en Veilig Thuis Twente. De GGD heeft een schriftelijke reactie geleverd op de stukken.
Veiligheidsregio Twente (VRT)
Voeren beleid uit en adviseren ons als gemeente hoe we een veilige en gezonde omgeving voor inwoners, bedrijven en bezoekers van de regio behouden. We houden deze partij goed op de hoogte van de ontwikkelingen. In fase 3 heeft er een apart overleg met de Brandweer plaatsgevonden waarin zij hun feedback hebben gedeeld op de stukken zoals die er toen lagen.
VERANTWOORDING PARTICIPATIE FASE 3 - OMGEVINGSVISIE
29
VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIE PROCES
INLEIDING
PARTICIPATIE FASE 3
DOORKIJK NAAR FASE 4
GEBRUIKERS Belangengroepen/ verenigingen
Denk hierbij aan sport, cultuur, onderwijs, etc. Het zijn georganiseerde groepen die opkomen voor de belangen van de inwoner. Natuur- en Milieuorganisaties, Landbouworganisatie, Monumentenzorg, Stichting Enschede promotie, etc. Deze organisaties hebben deelgenomen aan de twee Toekomstcarrousels die onderdeel waren van deze fase.
Jongerenraad
Een groep geïnteresseerde VO en MBO-scholieren die gevraagd en ongevraagd advies geeft over politieke en maatschappelijke onderwerpen. Op 3 juli hebben we dilemma’s aan jongeren voorgelegd die relevant zijn bij het opstellen van de Omgevingsvisie.
#JONG053praatmee
Een groep geïnteresseerde middelbare scholieren die gevraagd en ongevraagd advies geeft over politieke en maatschappelijke onderwerpen. Op 23 juni was er contact om te overleggen hoe zij willen participeren bij de Omgevingsvisie. We hopen hen na de zomer actief te betrekken bij de Omgevingsvisie.
UT studenten
Zij namen deel tijdens de Toekomstcaroussels op 22 maart en 7 juni. Daarnaast vulde op 22 maart een grote groep studenten onze enquête in.
Maatschappelijke organisaties
Denk hierbij aan sociale wijkteams, jeugdzorg instellingen, huisartsen, verzorgingstehuizen, woningcorporaties. Deze organisaties namen deel aan beide Toekomstcarrousels in fase 3.
Enschede panel
Betrokken in fase 2 toen het Kennispunt Twente een Stadspeiling uitvoerde. In fase 3 sloot de inzet van dit panel niet aan bij de manier waarop wij de dilemma’s wilde voorleggen aan respondenten.
Ondernemerspanel Enschede kent vele bedrijven. We willen ondernemers graag betrekken bij de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Vertegenwoordigers van de ondernemers in Enschede namen deel aan de twee Toekomstcarrousels in deze fase. Inwoners
De gemeente betrekt haar inwoners bij de ontwikkeling van de Omgevingsvisie. In deze fase hebben we via een online enquête verschillende dilemma’s voorgelegd, die invloed hebben op het vormgeven van een toekomstbeeld.
VERANTWOORDING PARTICIPATIE FASE 3 - OMGEVINGSVISIE
30
VISUELE SAMENVATTING PARTICIPATIE PROCES
INLEIDING
PARTICIPATIE FASE 3
DOORKIJK NAAR FASE 4
PA R T I C I PAT I E FA S E 3 Dit hoofdstuk beschrijft de participatiemomenten zoals we die in fase 3 van de Omgevingsvisie hebben uitgevoerd. In deze participatiefase betrokken we voor het eerst expliciet onze ketenpartners en maatschappelijke organisaties. Zij gaven input op basis van de ruimtelijke verkenningen (bouwsteen Omgevingsvisie fase 2). In een vervolgsessie vertaalden we met hen het concepttoekomstbeeld van Enschede naar verschillende gebieden in Enschede. Ook in deze fase betrokken we onze inwoners bij de Omgevingsvisie. Via een online enquête gaven zij hun mening over dilemma’s die zich voordoen bij het vormen van een toekomstbeeld.
2.1
PARTICIPATIE MET KETENPARTNERS EN MAATSCHAPPELIJKE ORGANISATIES
▬ z org-, cultuur-, sport- en onderwijsinstellingen ▬ o ndernemers
TOEKOMSTCARROUSEL 1
▬ s tudenten UT
Op 22 maart 2023 hebben we een Toekomstcarrousel Enschede georganiseerd. De opkomst was groot (ca. 60 aanwezigen) met vertegenwoordigers van onder andere:
We dachten met hen na over de toekomst van onze gemeente. Dit deden we aan de hand