CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting Wallenbeekweg 22

Raadsvergadering 27 september 2021, gemeente enschedeBij agendapunt: Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Wallenbeekweg 2222.177 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Toelichting Bestemmingsplan Wallenbeekweg 22

Status: Vastgesteld

Wallenbeekweg 22

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding bestemmingsplan 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Geldende juridische regelingen 1.4 Wettelijk kader 1.5 Adviezen, vooroverleg en procedure

3 3 3 6 10 10

Hoofdstuk 2 Planologisch beleidskader 2.1 Ruimtelijk beleid en regels van het Rijk 2.2 Ruimtelijk beleid en regels van de provincie Overijssel 2.3 Gemeentelijk ruimtelijk relevant strategisch beleid

12 12 13 17

Hoofdstuk 3 Gebiedsbeschrijving 3.1 Ruimtelijke structuur 3.2 Functionele structuur 3.3 Cultuurhistorie

23 23 23 23

Hoofdstuk 4 Planbeschrijving 4.1 Beschrijving plan 4.2 Ladder Duurzame Verstedelijking (artikel 3.1.6, 2e lid Bro) 4.3 Cultuurhistorie in relatie tot nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen 4.4 Welstand en beeldkwaliteit 4.5 Duurzaamheid

26 26 30 31 32 32

Hoofdstuk 5 Omgevingsaspecten 5.1 Milieu 5.2 Water 5.3 Natuur

36 36 41 43

Hoofdstuk 6 Juridische planopzet 6.1 Algemeen 6.2 Indeling planregels 6.3 Beschrijving van het plan 6.4 Handhaving

47 47 47 48 55

Hoofdstuk 7

56

2

Economische uitvoerbaarheid

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

Toelichting Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding bestemmingsplan

Bij de gemeente Enschede is een aanvraag om herziening van het bestemmingsplan ingediend ten aanzien van het perceel Wallenbeekweg 22 in Enschede. Het perceel betreft Erve Wallenbeek, een landgoed. Het landgoed bestaat uit een bouwkavel voor een woning, bos, cultuurgrond en natuurterrein. De wens van initiatiefnemer is om een woning van 1500 en 200 m3 bijbehorende bouwwerken te mogen realiseren. Op grond van het geldende bestemmingsplan 'Buitengebied Zuidoost' is ter plaatse reeds een woning toegestaan. De inhoud van een woning mag maximaal 750 m3 bedragen, met een oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken van maximaal 100 m2. Om een woning mogelijk te maken met een inhoud van 1500 m3 worden elders in de gemeente Enschede voormalig agrarische bebouwing gesloopt. Deze bebouwing ligt op de percelen Kersdijk 155 en Helmersweg 410. In ruil voor deze sloopmeters kan de nieuwe woning aan de Wallenbeekweg worden vergroot naar 1500 m3. Hiervoor is wel een herziening van het bestemmingsplan vereist, zodat zowel een passende planologisch-juridische regeling voor de Wallenbeekweg als voor de slooplocaties Kersdijk 155 en Helmerstraat 410 gaat gelden. In dit bestemmingsplan wordt een onderbouwing van het plan gegeven en wordt aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het plangebied waarop het bestemmingsplan “Wallenbeekweg 22” betrekking heeft bestaat uit drie delen. Het perceel aan de Wallenbeekweg is gelegen in het noordoostelijk buitengebied van Enschede, nabij de bestaande woning Wallenbeekweg 22. Dit plangebied wordt begrensd door de Wallenbeekweg en begeleidend groen langs deze weg in het noorden en door agrarische gronden en natuurgronden ten zuiden, oosten en westen van het plangebied. Het perceel Kersdijk 155 is gelegen in ten zuiden van Glanerbrug, eveneens in het buitengebied. Het plangebied wordt in het zuiden begrensd door de Kersdijk, aan de oostzijde door een woonperceel en ten westen en noorden door agrarische gronden. Het perceel Helmerstraat 410 is gelegen in het buitengebied, ten zuiden van Usselo. Dit perceel wordt omgeven door agrarische gronden. De locaties die betrokken zijn in dit bestemmingsplan zijn indicatief weergegeven in afbeelding 1.1 (middels rode pijl met stip). In de daaropvolgende afbeedingen zijn luchtfoto's van de locaties, evenals de indicatieve begrenzingen van de plangebieden weergegeven. Deze zijn rood omlijnd.

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

3

Afbeelding 1.1: ligging locaties Wallenb eekweg 22, Helmerstraat 410 en Kersdijk 155 (bron: geo.overijssel.nl)

Afbeelding 1.2: indicatieve grenzen plangeb ied Wallenbeekweg 20 en 22 De begrenzing van het plangebied omvat ook het perceel Wallenbeekweg 20. Dit komt omdat op dit moment ter plaatse binnen het geldende bouwvlak maximaal twee wooneenheden zijn toegestaan. De bouwvlakken worden gesplitst, waarbij in beide bouwvlakken maximaal één wooneenheid wordt toegestaan.

4

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

Afbeelding 1.3: indicatieve grenzen plangeb ied Helmerstraat 410

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

5

Afbeelding 1.4: indicatieve grenzen plangeb ied Kersdijk 155

De precieze planbegrenzingen zijn weergegeven op de verbeelding behorend bij dit bestemmingsplan.

1.3

Geldende juridische regelingen

Wallenbeekweg nabij nummer 22 Het perceel aan de Wallenbeekweg valt onder het bestemmingsplan 'Buitengebied Zuidoost”, dat op 27 mei 2013 is vastgesteld door de gemeenteraad van Enschede.

6

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

Afbeelding 1.2: uitsnede b estemmingsplan Buitengebied Zuidoost, locatie Wallenbeekweg 22 (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) In dit bestemmingsplan heeft het perceel de bestemming 'Wonen'. Ter plaatse zijn maximaal twee wooneenheden toegestaan. Tevens geldt de gebiedsaanduiding 'archeologisch onerzoeksgebied a'. Eveneens geldt een specifieke bouwaanduiding met volgnummer b op het perceel. Ter plaatse van deze specifieke bouwaanduiding op de verbeelding (Wallenbeekweg 20) mogen twee wooneenheden met maximaal één woning per wooneenheid gebouwd worden, dan wel aanwezig zijn, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: - De agrarische activiteiten op het adres Wallenbeekweg 20 zijn beëindigd; - De pachtovereenkomst tussen pachter en verpachter, die rust op de betreffende percelen aan de Wallenbeekweg 20 te Enschede, is door de bevoegde pachtrechter beëindigd dan wel ontbonden. - Milieuvergunningen in relatie tot het uitoefenen van het agrarisch bedrijf ter plaatse zijn ingetrokken, dan wel van rechtswege opgehouden te bestaan. - Een in het kader van de Rood voor Rood regeling opgestelde exploitatieovereenkomst is gesloten tussen de aanvrager en de gemeente Enschede.

- In het kader van de Rood voor Rood regeling zijn de daarvoor in aanmerking gekomen gebouwen op het perceel op de locatie Wallenbeekweg 20, kadastraal bekend gemeente Lonneker, sectie E, nummer 8493 en op de locatie Harberinksweg 561, kadastraal bekend gemeente Lonneker, sectie U, nummers 3535 en 3536 inclusief de daarbij behorende erfverharding, putten en funderingen gesaneerd. - Door middel van een rapport wordt aangetoond dat er sprake is van een goede landschappelijke inpassing en handhaving en verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. De voormalige bedrijfswoning is gehandhaafd gebleven na afbraak van het agrarisch bedrijf. Dit betreft de eerste wooneenheid (Wallenbeekweg 20). Aan de voorwaarden voor het aanwezig zijn van twee wooneenheden is inmiddels ook voldaan. Een wooneenheid van maximaal 750 m3 is op grond van het geldend bestemmingsplan buitengebied Zuidoost' toegestaan. Dit betreft een wooneenheid voor initiatiefnemer. Om een grotere wooneenheid en een groter bijbehorend bouwwerk toe te kunnen staan is een bestemmingsplanherziening vereist. Dit wordt middels onderhavig bestemmingsplan mogelijk gemaakt. Helmerstraat 410

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

7

Het perceel Helmerstraat 410 valt binnen de grenzen van het bestemmingsplan 'Buitengebied Zuidoost-wijziging 2'. Dit bestemmingsplan betreft een wijziging op het bestemmingsplan 'Buitengebied Zuidoost'. Middels de wijziging is de agrarische bestemming, waarbij een bouwvlak aanwezig was, omgezet naar een woonbestemming. Onderdeel van de wijziging is de sloop van landschapsontsierende schuren. deze sloop is middels een voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan vastgelegd. Tenslotte is een klein gedeelte van het voormalige agrarische bouwvlak omgezet naar een agrarische bestemming zonder bouwvlak (de lichtgroene kleur in afbeelding 1.3). Conform de gronden er om heen wordt in onderhavig bestemmingsplan de bestemming aangepast in 'Agrarisch gebied met landschappelijke waarden'.

Afbeelding 1.3: uitsnede b estemmingsplan 'Buitengebied Zuidoost-wijziging 2' (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) Daarnaast gelden de volgende gebiedsaanduidingen voor het gehele plangebied: ''overige zone - archeologisch onderzoeksgebied A': ten behoeve van de bescherming van archeologische waarden. Hier geldt een onderzoeksplicht voor bodemverstorende werkzaamheden bij een nieuwe ontwikkeling met een diepte van meer dan 50 cm én een oppervlakte van meer dan 250 m2; 'vrijwaringszone molenbiotoop': deze aanduiding is bedoeld om het huidige en toekomstige functioneren van de molen als werktuig door windbelemmering en/of de waarde van de molen als landschapsbepalend element te beschermen; 'overige zone - stadsrandzone': in dit gebied gaat het onder andere om het versterken van de belevingswaarde en landschappelijke waarde, het beter inrichten van de stadsrand voor recreatief gebruik, natuur en water en het bevorderen en toelaten van passende functies, zoals natuureducatie, kunst en cultuur en lichte vormen van horeca. Nieuw- en verbouw moet in lijn zijn met deze doelstellingen.

Kersdijk 155 Het perceel Kersdijk 155 is gelegen binnen de grenzen van het bestemmingsplan 'Buitengebied Zuidoost'. Daarin heeft het de bestemming 'Wonen', met de aanduiding 'specifieke vorm van wonen-agrarische woning'.

8

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

Daarnaast kent het perceel de gebiedsaanduidingen 'geluidzone-weg' voor een gedeelte van het perceel en 'stadsrandzone'.

Afbeelding 1.4: uitsnede www.ruimtelijkeplannen.nl)

b estemmingsplan

'buitengeb ied

Zuidoost', locatie

Kersdijk

155

(bron:

Voor de drie locaties gelden daarnaast een aantal paraplu-bestemmingsplannen: "Bedrijven met milieuzones (vuurwerk, risicovol, geluid)". Dit bestemmingsplan is op 18 november 2014 vastgesteld. Dit bestemmingsplan sluit vestiging van risicovolle inrichtingen uit. De locaties hebben de gebiedsaanduidingen 'overige zone - risicovolle inrichtingen uitgesloten' en 'overige zone - vuurwerk uitgesloten'. Deze aanduidingen met bijbehorende regels blijven gelden na in werking treding van voorliggend wijzigingsplan. "Cultuurhistorie". Dit bestemmingsplan is vastgesteld op 6 februari 2017. De locaties vallen binnen de gebiedsaanduiding 'overige zone - cultuurhistorie'. De aanwezige bebouwing op de locaties is niet aangeduid als 'karakteristiek'. Wel is het erf Helmerstraat als een gemeentelijk monument aangemerkt. Monumenten zijn reeds beschermd op grond van de gemeentelijke Monumentenverordening. In het bestemmingsplan is er daarom geen regeling ten aanzien van monumenten opgenomen. Zonnepanelen: in het parapluplan 'Buitengebied-zonnepanelen' (vastgesteld 2 juli 2018) zijn de drie locaties aangeduid als 'overige zone-zonnepanelen'. Het bestemmingsplan 'Buitengebied-zonnepanelen' maakt het onder voorwaarden mogelijk om binnen verschillende bestemmingen zonnepanelen te realiseren.

De regels van het parapluplan zijn, voor zover van toepassing en gewenst, doorvertaald in onderliggend bestemmingsplan. De regels van deze paraplu-bestemmingsplannen zijn voor zover relevant vertaald in onderliggend bestemmingsplan.

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

9

1.4

Wettelijk kader

Het wettelijk kader van een bestemmingsplan is de Wet ruimtelijke ordening (hierna Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (hierna Bro).

Wet ruimtelijke ordening (Wro) De Wro schrijft voor dat de gemeenteraad "voor het gehele grondgebied van de gemeente een of meer bestemmingsplannen vaststelt, waarbij ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening de bestemming van de in dat plan begrepen grond wordt aangewezen en met het oog op die bestemming regels worden gegeven". Besluit ruimtelijke ordening (Bro) In het Bro is geregeld hoe een bestemmingsplan en andere ruimtelijke plannen er uit moeten zien, wat vastgelegd moet worden en wat meegewogen moet worden (artikelen 3.1.2 t/m 3.1.7 en artikelen 3.2.1 t/m 3.2.4 Bro). In artikel 3.1.6 van het Bro is bepaald dat elk bestemmingsplan vergezeld gaat van een toelichting. In de toelichting moet worden vermeld wat de uitkomsten zijn van onderzoeken over ecologie/flora/fauna, hoe het is gesteld met de waterhuishouding, of de Wet milieubeheer van toepassing is voor bijvoorbeeld een Milieu Effect Rapport (MER), of sprake is van archeologische/cultuurhistorische waarden, welke milieukwaliteitseisen wat betreft lucht, bodem, geluid bij het plan betrokken zijn en welk beleid van gemeente, provincie en Rijk een rol speelt.

Een bestemmingsplan is daarom een juridisch ruimtelijk beleidsdocument, waarin de bestemming van de gronden met inbegrip van de daarop van toepassing zijnde gebruiks- en bouwregels en de daarop aanwezige bebouwing worden vastgelegd, maar waarin ook ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden zijn opgenomen.

Digitalisering Alle ruimtelijke plannen moeten voor iedereen digitaal beschikbaar en raadpleegbaar zijn. Daarvoor is een landelijke voorziening in het leven geroepen. Er moet gewerkt worden via landelijk vastgestelde regels (artikel 1.2.1 en 1.2.2 Bro, nader uitgewerkt in de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening). Kosten In de wet is bepaald dat de kosten voor het maken van een bestemmingsplan verhaald kunnen worden op de aanvrager. Die kosten worden vastgesteld in een exploitatieplan, maar ze kunnen ook op een andere wijze verhaald worden bijvoorbeeld door het sluiten van een overeenkomst (afdeling 6.4 Wro).

1.5

Adviezen, vooroverleg en procedure

Adviezen Voorafgaand aan het in procedure brengen van een bestemmingsplan vragen burgemeester en wethouders aan het binnen het plangebied werkzame erkende wijkorgaan advies uit te brengen over het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan. Dit is geen wettelijke procedurestap maar een binnen de gemeente Enschede gehanteerde werkwijze die is vastgelegd in de Regeling Wijkorganen 2008 en nader uitgewerkt in de notitie Wijkorganen en Adviesafspraken. Binnen het plangebied van het bestemmingsplan “Wallenbeekweg 22” is het erkende wijkorgaan Dorpsraad Lonneker actief. De Dorpsraad Lonneker is gevraagd schriftelijk advies uit te brengen. De dorpsraad heeft op 2 maart 2021 via email aangegeven in te kunnen stemmen met het plan en een positief advies uit te brengen.

10

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

Vooroverleg In het Bro is voorgeschreven (artikel 3.1.1) dat burgemeester en wethouders voorafgaand aan het in procedure brengen van een nieuw bestemmingsplan overleg moeten plegen met de besturen van eventueel betrokken andere gemeenten, het waterschap, de provincie en met die diensten van het Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Van het wettelijke vooroverleg met Rijk en provincie kan in de praktijk in veel gevallen worden afgezien. De provincie Overijssel en het Rijk hebben beleid vastgesteld, waarin is bepaald dat zij een bestemmingsplan alleen nog voor vooroverleg willen ontvangen, indien dat bestemmingsplan ontwikkelingen mogelijk maakt die raken aan bepaalde ruimtelijke belangen van de provincie of het Rijk. Het plan is voorgelegd aan de provincie, in het kader van vooroverleg. De reactie hierop is dat het bestemmingsplan past in het provinciale ruimtelijk beleid.

Procedure Vooraankondiging Burgemeester en wethouders moeten burgers en anderen informeren over het voornemen een bestemmingsplan voor te bereiden op verzoek van een derde of uit eigen beweging. Dat voornemen wordt gepubliceerd in het gemeentelijk huis-aan-huisblad en op internet. In Enschede wordt geen gelegenheid geboden om zienswijzen hieromtrent naar voren te brengen (artikel 1.3.1 Bro). In dit geval is het voornemen om een nieuw bestemmingsplan genaamd: “Wallenbeekweg 22” in voorbereiding te nemen op 19 augustus 2020 gepubliceerd in het gemeentelijk blad “Huis aan Huis" en op de website van de gemeente Enschede.

Terinzagelegging ontwerpplan In de Wro staat dat op de procedure van een bestemmingsplan de uniforme openbare voorbereidingsprocedure uit afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is. Dit betekent dat het ontwerp van een bestemmingsplan gedurende een periode van zes weken ter inzage moet worden gelegd. Deze terinzagelegging biedt iedereen de mogelijkheid om gedurende die periode zienswijzen naar voren te brengen bij de gemeenteraad. Die terinzagelegging wordt gepubliceerd in de Nederlandsche Staatscourant en in het gemeentelijk blad "Huis aan Huis" en langs “elektronische weg”, dus internet. De aankondiging van de terinzagelegging van dit ontwerpbestemmingsplan “Wallenbeekweg 22” en de mogelijkheid om tijdens die periode een zienswijze naar voren te brengen is op 28 april 2021 gepubliceerd in "Huis aan Huis", op de website van de gemeente Enschede en in de Staatscourant.

Zienswijzen Van de ingekomen zienswijzen en de gemeentelijke beantwoording daarvan is een verslag gemaakt dat als bijlage bij het vaststellingsbesluit van het bestemmingsplan wordt gevoegd.

Rechtsb escherming Na vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad staat voor belanghebbenden nog de mogelijkheid open om bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State beroep in te stellen tegen het bestemmingsplan.

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

11

Hoofdstuk 2

Planologisch beleidskader

2.1

Ruimtelijk beleid en regels van het Rijk

2.1.1

Nationale omgevingsvisie

Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld als structuurvisie. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Alles met zorg voor een gezonde bodem, schoon water, behoud van biodiversiteit en een aantrekkelijke leefomgeving. De NOVI schetst een duurzaam toekomstperspectief voor de leefomgeving in Nederland in 2050.

Dit toekomstperspectief voor Nederland is: Een klimaatbestendige delta, waarbij Nederland beschermd is tegen de negatieve gevolgen van klimaatverandering, waterveiligheid (ook voor de laaggelegen gebieden in het westen) gegarandeerd is en voldoende zoetwater beschikbaar is van goede kwaliteit; Duurzaam, concurrerend en circulair: een toekomstbestendige en volledig circulaire economie zonder vervuilende manieren van produceren en consumeren, met een uitstekend vestigingsklimaat en een hoge quality of life, met een zo goed mogelijke inpassing van duurzame energie in onze leefomgeving en slimme combinaties van functies zonder de risico's en milieunadelen te vergroten. Een economie die veel maatschappelijke winst oplevert in termen van banen, innovatie en nieuwe bedrijvigheid en exportmogelijkheden; Kwaliteit van leven in stad en dorp: met een aantrekkelijke woon- en leefomgeving en een goede verbondenheid van stad en land. De ontwikkelingen zijn gericht op kwaliteit, met gecontroleerde en doordachte groei waar dat nodig is, waardoor diversiteit in wonen, een stedelijk netwerk, prettige woonmilieus, met rust en ruimte maar ook vitale en leefbare regio's ontstaan. Nabijheid en betrouwbare verbindingen: een uitstekende bereikbaarheid wordt met een goede en betrouwbare infrastructuur gegarandeerd, waarbij wordt ingespeeld op locatiekeuzes voor wonen en werken (nabijheid).

De infrastructuur is onderdeel van een mobiliteitssysteem dat een meer divers patroon van mobiliteit veilig, robuust en duurzaam afhandelt. Luchthavens blijven belangrijk voor een sterk internationaal netwerk voor de lange afstanden. De uitdaging is om het vliegverkeer net als het goederenvervoer op een zo veilige, efficiënte en duurzame manier vorm te geven. Veilig en gezond, herkenbaar en natuurlijk: een veilig en gezond leven voor iedereen staat voorop. De leefomgeving nodigt uit om te bewegen, elkaar te ontmoeten en te ontspannen. Daarbij horen een goede milieukwaliteit, robuuste natuur, klimaatbestendigheid en voor iedereen goede toegang tot wonen, werken en voorzieningen. Het realiseren van een fysieke leefomgeving die dit toekomstperspectief mogelijk maakt, is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle overheden. In de NOVI benoemt het Rijk 21 nationale belangen voor het omgevingsbeleid, inclusief de opgaven en de rol van het Rijk in het realiseren van deze opgaven. Deze opgaven komen samen in vier prioriteiten. Deze prioriteiten vormen complexe, omvangrijke en dringende opgaven die voortkomen uit of samenhangen met grote transities. Deze prioriteiten zijn: 1. 2. 3. 4.

Naar een ruimte voor klimaat adaptatie en energietransitie; Naar een duurzaam economisch groeipotentieel; Naar sterke en gezonde stedenen regio's; Naar een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied;

Deze vier opgaven kunnen alleen in samenhang verder worden gebracht wanneer aandacht is voor thema's die hier dwars doorheen lopen, zoals omgevingskwaliteit, gezondheid, cultuurhistorie, klimaatadaptatie, water, bodem, (nationale) veiligheid en milieukwaliteit.

12

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

2.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening en Besluit ruimtelijke ordening

De basis van juridische borging van de realisatie van de nationale belangen ligt in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en het Bro. Het Barro is in werking sinds 2011 en bevat onderwerpen die van rijksbelang zijn, zoals defensie, de ecologische hoofdstructuur, de elektriciteitsvoorziening en toekomstige uitbreiding van het hoofd(spoor)wegennet. Per onderwerp bevat het Barro regels waaraan bestemmingsplannen moeten voldoen. Binnen drie jaar moet het onderwerp zijn opgenomen in een bestemmingsplan.

2.1.3

Toetsing bestemmingsplan aan beleid en regels van het Rijk

Met de uitvoering van dit bestemmingsplan (sloop van landschapsontsierende bebouwing wordt bijgedragen aan een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijke gebied. Het plan is in overeenstemming met de uitgangspunten voor het landelijke beleid.

2.2

Ruimtelijk beleid en regels van de provincie Overijssel

2.2.1

Omgevingsvisie Overijssel

Het ruimtelijk beleid van de provincie Overijssel staat vooral in de Omgevingsvisie en Omgevingsverordening. Op 12 april 2017 hebben Provinciale Staten van Overijssel een herziening van de visie en verordening vastgesteld en op 1 mei 2017 zijn deze in werking getreden. De Omgevingsvisie is een integrale visie waarin de beleidsambities en doelstellingen staan die van provinciaal belang zijn voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Overijssel. Het uitgangspunt is gericht op het jaar 2030. De visie biedt kaders in de vorm van ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Daarbinnen krijgen gemeenten, waterschappen, maatschappelijke organisaties en andere initiatiefnemers mogelijkheden om ruimtelijke ontwikkelingen te realiseren. De hoofdambitie van de visie is, net als in de oorspronkelijke omgevingsvisie van 2009, een toekomstvaste groei van welvaart en welzijn met een verantwoord beslag op de beschikbare natuurlijke hulpbronnen en voorraden. De opgaven en kansen waar de provincie Overijssel voor staat heeft men vertaald in centrale beleidsambities voor negen beleidsthema’s. Deze benadert zij vanuit de drie overkoepelende 'rode draden': duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en sociale kwaliteit.

Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Om te bepalen of een initiatief bijdraagt aan de ambities, gebruikt de provincie het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel. In dit uitvoeringsmodel staan de stappen of, waar en hoe centraal. Bij een initiatief kan aan de hand van deze drie stappen bepaald worden of een initiatief binnen de geschetste visie voor Overijssel mogelijk is (generieke beleidskeuzes), waar het past (ontwikkelperspectieven) en hoe het uitgevoerd kan worden (gebiedskenmerken) In onderstaande afbeelding is het uitvoeringsmodel weergegeven. Vervolgens zijn de niveaus toegelicht. De '“vishaak” met de drie niveaus uit de Omgevingsvisie van 2009 is daarbij behouden gebleven. Boven het uitvoeringsmodel (in de paraplu) staan de rode draden en centrale beleidsambities weergegeven.

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

13

Afbeelding 2.1: uitvoeringsmodel Provincie Overijssel Generieke beleidskeuzes (of) Generieke beleidskeuzes vloeien voort uit beleid van EU, Rijk of provincie. Het zijn keuzes die bepalen of een ontwikkeling nodig is of mogelijk. De generieke beleidskeuzes zijn veelal normstellend. De herziene Omgevingsvisie maakt daarbij onderscheid in: Generieke beleidskeuzes voor heel Overijssel. Dit heeft zij gevat onder de ' Overijsselse ladder voor duurzame verstedelijking'. Dit is een nadere invulling van de nationale Ladder voor duurzame verstedelijking welke voor 'nieuwe stedelijke ontwikkelingen' verplicht moet worden doorlopen. De Overijsselse ladder geeft onder andere aan dat alle belangen die bij een ontwikkeling betrokken zijn, zorgvuldig tegen elkaar moeten worden afgewogen ('integraliteit'; is ook een eis uit het Bro). Ook wordt onder andere ingegaan op zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik (voorheen verwoord in de 'SER-ladder') en '(boven)regionale afstemming' (gemeenten moeten hun ruimtelijke ontwikkelingsplannen afstemmen met buurgemeenten om te voorkomen dat inefficiënte concurrentie tussen gemeenten ontstaat). Gebiedsspecifieke beleidskeuzes, zoals aanduidingen voor grondwaterbeschermingsgebied, Natuurnetwerk Nederland (NNN) en Nationale Landschappen.

Ontwikkelingsperspectieven (waar) Na de toetsing aan de generieke beleidskeuzes komen de ontwikkelingsperspectieven aan de orde. In de Omgevingsvisie staan zes ontwikkelperspectieven beschreven: drie voor de groene en drie voor de stedelijke omgeving. Daarbinnen is nog een onderverdeling gemaakt. De ontwikkelperspectieven zijn flexibel voor de toekomst en geven richting aan wat waar ontwikkeld zou kunnen worden.

Gebiedskenmerken (hoe) Tot slot zijn de gebiedskenmerken van belang, die bestaan uit vier lagen (natuurlijke laag, laag van agrarische cultuurlandschappen, stedelijke laag en laag van de beleving. Voor elke laag gelden specifieke kwaliteitsvoorwaarden en -opgaven voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het is de vraag 'hoe' een ontwikkeling invulling krijgt. 14

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

In het resterende deel van deze paragraaf wordt nader ingegaan op de generieke beleidskeuzes, de ontwikkelingsperspectieven en de gebiedskenmerken.

2.2.2

Omgevingsverordening Overijssel

De hoofdlijnen van de Omgevingsvisie zijn juridisch geborgd in de Omgevingsverordening. Het gaat om de onderwerpen uit de visie die de provincie zo belangrijk vindt dat deze dwingend worden opgelegd. In de verordening staan algemene regels op het gebied van de ruimtelijke ordening, mobiliteit, milieu, water en bodem. De verordening als juridisch instrument om de doorwerking van provinciaal beleid af te dwingen, is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening geeft regels aan gemeenten die bij het maken van bestemmingsplannen in acht genomen moeten worden. 2.2.3

Toetsing bestemmingsplan aan beleid en regels van de provincie Overijssel

Helmerstraat 410 Generieke beleidskeuzes Het plan past binnen de generieke beleidskeuzes voor heel Overijssel, zoals gevat onder de 'Overijsselse ladder voor duurzame verstedelijking'. Bij de keuze voor de nieuwe ontwikkeling zijn alle relevante belangen zorgvuldig afgewogen. De beoogde ontwikkeling is toekomstbestendig (over 20-30 jaar heeft het project zeker nog haar toegevoegde waarde) en heeft geen nieuw ruimtebeslag tot gevolg (zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik). Het betreft enkel de sloop van enkele landschapsontsierende schuren op het erf. Voor het plangebied gelden geen gebiedsspecifieke beleidskeuzes. Ontwikkelingsperspectieven Voor het plangebied geldt het ontwikkelingsperspectief 'Wonen en werken in het kleinschalige mixlandschap': Ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit staat hier de ambitie 'voortbouwen aan de kenmerkende structuren van de agrarische cultuurlandschappen' voorop. Het beleid richt zich op het in harmonie met elkaar ontwikkelen van de diverse functies in het buitengebied. Het plan is hiermee in lijn aangezien het cultuurhistorisch waardevolle erf voor de langere termijn behouden kan blijven en enkele vervallen, landschapsontsierende opstallen gesloopt zullen worden. Daarnaast geldt de bijzondere gebiedsconditie 'stads- en dorpsrandgebieden'. Deze vormen de overgang tussen de stedelijke en de groene Omgeving.

Het vormgeven als entree van zowel de groene als de stedelijke omgeving is een belangrijk kwaliteitsdoel. Onder andere recreatieve functies en culturele voorzieningen kunnen op specifieke plekken in de stads- en dorpsrandgebieden de kwaliteit en aantrekkelijkheid verhogen. Ook kunnen nieuwe woon- en werkmilieus worden ingezet om de kwaliteit en aantrekkelijkheid van de stads- en dorpsrandgebieden te verhogen en de landschappelijke structuur in deze gebieden te versterken. Met de gebiedsaanduiding 'stadsrandzone' wordt in bestemmingsplan 'Buitengebied Zuidoost' aangesloten bij deze 'gebiedsconditie' uit de Omgevingsvisie Overijssel. Gebiedskenmerken In het plangebied zijn de volgende gebiedskenmerken aangeduid binnen de diverse lagen: 'Natuurlijke laag': "Dekzandvlakten en ruggen". 'Laag van het agrarisch cultuurlandschap': 'Essenlandschap'. 'Laag van de beleving': 'Stads en dorpsrandgebieden' De beoogde sloop van de landschapsontsierende schuren en het opknappen van landschapsontsierende schuren, heeft ruimtelijk gezien een positieve impact. Het heeft geen relevante invloed op de hiervoor genoemde gebiedskenmerken. De ontwikkeling op zichzelf heeft mogelijk wel een kleine positieve invloed op de laag van de beleving, aangezien het cultuurhistorisch waardevolle erf aantrekkelijker wordt en voor de langere termijn behouden kan blijven.

Het erf zal er meer aantrekkelijk uitzien na de sloop van de landschapsontsierende opstallen en het opknappen van de landschapsontsierende schuren. Kersdijk 155 In het plangebied zijn de volgende gebiedskenmerken aangeduid binnen de diverse lagen: Natuurlijke laag: Stuwwallen bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

15

Laag van het agrarisch cultuurlandschap: jong heide- en broekontginningslandschap Laag van de beleving: stads- en dorpsrandgebied De sloop van de bebouwing aan de Kersdijk past binnen de uitgangspunten van de gebiedskenmerken van de natuurlijke laag en de laag van het agrarisch natuurlandschap. Ambitie is dat als ontwikkelingen plaats vinden in de agrarische ontginningslandschappen, deze bij dragen aan het behoud en versterking van de dragende lineaire structuren van lanen, bosstroken en waterlopen en ontginningslinten met erven en de kenmerkende ruimtematen. De sloop van de bebouwing verandert niets aan de bestaande landschappelijke structuren. De aanwezige landschapsstructuren rondom het perceel blijven gehandhaafd. Met de sloop van de bebouwing wordt bijgedragen aan een beter aanzicht en verbetering van het erf en de aantrekkelijkheid van het stads- en dorpsrandgebied. Wallenbeekweg 22 Ontwikkelingsperspectief Het perceel aan de Wallenbeekweg is gelegen in het ontwikkelingsperspectief 'Wonen en werken in het kleinschalig mixlandschap'. Het beleid richt zich op het in harmonie met elkaar ontwikkelen van de diverse functies in het buitengebied, waarbij het voortbouwen op de kenmerkende structuren van de agrarische cultuurlandschappen van belang is. Op de locatie is reeds een woning toegestaan.

Met het verwijderen van landschapsontsierende bebouwing wordt de kwaliteit van bestaande erven verbeterd en tegelijkertijd een groter bouwvolume op deze locatie toegestaan. De nieuwe woning wordt in het landschap ingepast. De erftoegangsweg is gelegen in het ontwikkelingsperspectief 'Zone ondernemen met natuur en water' en ligt binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN) Behoud en versterking van de natuurkwaliteit staat centraal binnen de bestaande natuur van het natuurnetwerk. Voor initiatieven die niet passen binnen de doelstelling van het Natuurnetwerk Nederland is binnen het natuurnetwerk geen ruimte, tenzij er sprake is van een groot openbaar belang waar niet op een andere manier aan voldaan kan worden (het ‘nee, tenzij’-principe). Daarbij worden zogenaamde NNN-spelregels gehanteerd, die zijn opgenomen in de Omgevingsverordening. Onderhavig plan in relatie tot de NNN wordt verderop in deze paragraaf nader besproken en in paragraaf 4.3 en 5.3.

Afbeelding 2.2: uitsnede kaart ontwikkelingsperspectieven Omgevingsvisie (www.overijssel.nl) Laag van het agrarisch cultuurlandschap Het plangebied is in de Laag van het agrarisch cultuurlandschap gelegen in het 'oude hoevenlandschap'. Het oude hoevenlandschap betreft een landschap met verspreide erven. Het werd ontwikkeld nadat de complexen met de grote essen ‘bezet’ waren en een volgende generatie boeren nieuwe ontwikkelingsruimte zocht. Die vonden ze bij kleine dekzandkopjes die individueel werden ontgonnen. Dit leidde tot een landschap dat de

16

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

zelfde opbouw kent als het essenlandschap, alleen in een meer kleinschalige, meer individuele en jongere variant. Als ontwikkelingen plaats vinden in het oude hoevenlandschap, dan dragen deze bij aan behouden accentuering van de dragende structuren (groenstructuur en routes) van het oude hoevenlandschap, en aan de samenhang en de karakteristieke verschillen tussen de landschapselementen: de erven met erfbeplanting open es(je), beekdal, voormalige heidevelden, de mate van openheid en kleinschaligheid. Natuurlijke laag In de 'Natuurlijke laag' is het plangebied gelegen binnen 'Stuwwallen'. De stuwwallen zijn tijdens de ijstijd opgestuwde aardlagen. Door de vaak grote hoogteverschillen zijn ze nu nog steeds goed zichtbaar. De ambitie is het eigen karaker van deafzonderlijke stuwwallen te behouden en versterken. De inzet is het reliëf daarbij ruimtelijk beeldbepalend te laten zijn. Door bijvoorbeeld de overgangen naar andere landschappen te accenturen en door de zichten erop en er vanaf te versterken. Het plangebied is gelegen op een overgang van hoog naar laag gebied. Vanaf het erf wordt de relatie van het erf richting de omgeving en het zicht op het landschap versterkt door een doorkijk te maken richting zuidoosten. Laag van de b eleving De Wallenbeekweg is in de Laag van de beleving gelegen in 'stads- en dorpsrandgebied'.

Voor deze gebieden is onder meer de ambitie om ontwikkeling van woon-,werk- en recreatiemilieus in de stads- en dorpsranden te verbinden aan hun omgeving met landschappelijke structuren en routes. Het tegengaan van verrommeling in de randzones en het bijdragen aan aantrekkelijke mix aan woon-, werk-en recreatiemilieus is daarbij ook van belang. De ontwikkeling aan de Wallenbeekweg wordt op passende wijze in het landschap ingebed waardoor een aantrekkelijk woonmilieu aanwezig is. De ontwikkeling past binnen de uitgangspunten van het stads- en dorpsrandgebied. Natuurnetwerk Nederland De gronden tussen het erf en de Wallenbeekweg in en de gronden aan de oostzijde van het erf zijn aangemerkt als bestaande NNN (in de afbeeling met een donkergroene kleur weergegeven). In titel 2.7 van de Omgevingverordening zijn bepalingen omtrent de NNN opgenomen. Het beschermingsregime voor gebieden die als NNN zijn aangemerkt worden vastgelegd in een bestemmingsplan, waarbij de regels gericht zijn op het behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van de wezenlijke kenmerken en waarden van deze gebieden.

Bestemmingsplannen die betrekking hebben op NNN wijzen geen bestemmingen aan of stellen geen regels die activiteiten mogelijk maken die leiden tot een significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden, of tot een significante vermindering van de oppervlakte van die gebieden, of van de samenhang tussen die gebieden (artikel 2.7.3). Er is in dit geval geen sprake van nieuwe bebouwing of het verminderen van de oppervlakte areaal NNN, maar van het weer in gebruik nemen van een bestaande toegangsweg richting het erf. Deze toegangsweg is de afgelopen jaren niet in gebruik geweest en wordt in het kader van de ontwikkeling van het erf weer in ere hersteld. In onderhavig bestemmingsplan krijgt de toegangsweg een aanduiding 'toegangsweg' binnen de bestemming 'Bos', met de daarbij behorende beschermende regels. Vastgesteld kan worden dat er geen sprake is van signficante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van de NNN of anderszins. Hierop wordt nader ingegaan in paragraaf 4.3 en 5.3. Conclusie: Geconcludeerd kan worden dat de in dit voorliggende bestemmingsplan besloten ruimtelijke ontwikkeling in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Overijssel 2017 verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid.

2.3

Gemeentelijk ruimtelijk relevant strategisch beleid

Deze paragraaf bevat een korte beschrijving van het algemene ruimtelijke relevante beleid van de gemeente Enschede. De inhoud van deze toelichting is zodanig opgebouwd dat eerst algemene informatie aan de orde komt en vervolgens onderwerpen die specifiek aan dit bestemmingsplan zijn toegeschreven. Het sectorale beleid wordt daarom verderop in deze toelichting behandeld.

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

17

2.3.1

Toekomstvisie Enschede 2020 en uitwerkingsvisies

De gemeenteraad heeft op 17 december 2007 de Toekomstvisie Enschede 2020 vastgesteld, waarin de hoofdlijnen en doelstellingen voor het gemeentelijke beleid tot 2020 staan. Het document geeft richting aan het beleid, dat nader uitgewerkt wordt in andere beleidsstukken. De ruimtelijk relevante aspecten van de hoofdlijnen en beleidsdoelstellingen in de Toekomstvisie zijn uitgewerkt in de Herijking van de Ruimtelijke Ontwikkelingsvisie, die op 22 juni 2009 door de gemeenteraad is vastgesteld. Integraal onderdeel hiervan is een visie op de binnenstad (Binnenstadsvisie) en mobiliteit (Mobiliteitsvisie). Vervolgens is de inhoud van het document Herijking RO-Visie, binnenstadsvisie inclusief mobiliteitsvisie ruimtelijk vertaald in de Structuurvisie Enschede, die in één van de volgende paragrafen aan de orde komt. 2.3.2

Stedelijke Koers

Onder de noemer "Stedelijke Koers" heeft de gemeenteraad op 24 september 2012 ingestemd met een andere koers voor Enschede. Dat was nodig omdat vraag en aanbod in de vastgoedmarkt op het gebied van wonen, bedrijventerreinen en kantoren flink uit balans zijn. De maatschappij is veranderd. Het aantal projecten, de ambities en de plannen in Enschede die werden voorbereid en uitgevoerd pasten niet meer bij de huidige en toekomstige vraag. Om dit terug te brengen naar een realistisch aanbod heeft de gemeenteraad gekozen voor de plannen en projecten die het meest waardevol zijn voor de toekomst van Enschede en die de economie van Enschede en de regio zoveel mogelijk stimuleren. De financiële uitwerking hiervan vond plaats tijdens de behandeling van de Programmabegroting op 12 november 2012. In Enschede zullen niet alleen minder woningen worden gebouwd, maar ook andere soorten: minder appartementen en meer woningen met een tuin. De prognose voor de verkoop van grond voor bedrijventerreinen wordt naar beneden bijgesteld. Voor de kantorensector wordt naast verlagen van het aantal te bouwen kantoren ook gekeken naar hergebruik van bestaande kantoren, omdat er sprake is van leegstand. 2.3.3

Richting aan Ruimte

Op 5 april 2016 hebben burgemeester en wethouders van Enschede 'Richting aan Ruimte' (RAR) vastgesteld. Dit is een richtinggevend ontwikkelingskader waarin wordt verduidelijkt hoe Enschede omgaat met de programmering. Niet langer de kwantitatieve aspecten staan centraal maar er wordt gestuurd op kwaliteit. Daarbij wordt gekeken naar de totale stedelijke programmering maar ook naar de behoefte van het gebied. Een integrale afweging van alle relevante belangen (o.a. ruimtelijke kwaliteit, duurzaamheid, economie, welzijn) op basis van het 'RAR-kompas' leidt uiteindelijk tot een besluit over de (on)wenselijkheid van een nieuw ruimtelijk initiatief. Ongewijzigd onderdeel van het integrale afwegingskader is het 'versterken vanuit het hart'.

18

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

Afbeelding: het 'RAR kompas'

2.3.4

Structuurvisies

De Wro verplicht iedere gemeente om voor het hele grondgebied één of meer structuurvisies vast te stellen voor een goede ruimtelijke ordening. Een soortgelijke verplichting geldt ook voor de provincies en het Rijk. In een gemeentelijke structuurvisie staan de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling van dat gebied en de hoofdzaken van het ruimtelijk beleid. De structuurvisie bevat ook een uitvoeringsparagraaf waarin de raad aangeeft via welke instrumenten en bevoegdheden de voorgenomen ontwikkeling gerealiseerd zal kunnen worden.

Structuurvisie Enschede De gemeenteraad van Enschede heeft op 26 september 2011 de Structuurvisie vastgesteld. Hierin is het bestaande ruimtelijk beleid uit de hieronder genoemde gemeentelijke nota's opgenomen en met elkaar in relatie gebracht. Groenstructuur Actieplan, bevat de belangrijkste gemeentelijke ambities op het gebied van behouden en versterken van parken en groenstructuren; Beleidskader kleine windturbines, hierin zijn mogelijke locaties voor kleine windturbines aangewezen; Mobiliteitsplan 2004-2015, bevat de gemeentelijke ambities voor de verkeerscirculatie en bereikbaarheid van de stad. Hieruit zijn de belangrijkste verkeersprojecten voor auto, openbaar vervoer en fiets in de Structuurvisie opgenomen; Nieuwe Energie voor Enschede, bevat de gemeentelijke duurzaamheidsambities voor nieuwe ontwikkelingen, herstructurering en renovatie. Hierbij staat de reductie van CO2 centraal. Gids Buitenkans, bevat op basis van landschapstypologieën en -plekken het kwalitatieve kader voor ontwikkelingen in het buitengebied; Hotelnota, hierin zijn de ontwikkellocaties voor hotels aangewezen; Structuurvisie Luchthaven Twente en omgeving, bevat het ruimtelijke ontwikkelingskader voor de herontwikkeling van het terrein van de voormalige militaire vliegbasis Twente; Ruimtelijke Ontwikkelingsvisie 2001, bevat belangrijke gemeentelijke ontwikkellocaties en infrastructuurprojecten.

Hieruit zijn de nog actuele projecten en locaties in de Structuurvisie opgenomen; Ruimtelijke Ontwikkelingsvisie en Binnenstadsvisie 2009, bevat het actuele integrale kader voor ruimtelijke ontwikkeling, verkeer, economie en de ontwikkeling van de binnenstad; Ontwikkelingskader Horeca 2005-2015, hierin zijn de horecaconcentratiegebieden en horeca-ontwikkellocaties aangewezen. Met uitzondering van de Ruimtelijke Ontwikkelingsvisie 2001 zijn de individuele beleidsnota's nog steeds van kracht omdat deze meer bevatten dan wat is opgenomen in de Structuurvisie. In de Structuurvisie gaat het om de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen voor de toekomst op het gebied van wonen, groen, economie, verkeer, milieu en gebiedsontwikkeling. Het doel van de Structuurvisie is het in samenhang presenteren van de hoofdlijnen van sectoraal of gebiedsgericht beleid. Het gaat om de hoofdlijnen van ruimtelijk beleid op de lange termijn, zodat er op projectniveau voldoende flexibiliteit is om in te kunnen spelen op veranderingen. De Structuurvisie is continu in ontwikkeling. Bij nieuwe gebiedsontwikkelingen en nieuw stedelijk beleid wordt de Structuurvisie aangevuld of nader uitgewerkt, zodat het een actueel strategisch en integraal kader vormt.

Sectorale en gebiedsgerichte structuurvisies In aanvulling op de eerder genoemde integrale Structuurvisie, heeft de gemeenteraad van Enschede ook diverse sectorale structuurvisies en een gebiedsgerichte structuurvisie vastgesteld. Hierin worden specifieke onderwerpen geregeld. Woonvisie Op 12 maart 2012 is de Woonvisie Enschede 2025 vastgesteld. De Woonvisie vormt een nadere uitwerking van de Structuurvisie, specifiek toegespitst op de gemeentelijke beleidsdoelstellingen ten aanzien van het bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

19

wonen. Watervisie Op 27 mei 2013 is de Watervisie 2013-2025 vastgesteld. Deze sectorale structuurvisie richt zich op het samen met partners in de waterketen aanpakken van waterknelpunten in Enschede op het gebied van hemelwateroverlast, grondwateroverlast, grondwaterverontreiniging en waterkwaliteit. De Watervisie heeft twee sporen, het oplossen van knelpunten en het realiseren van een zestal waterambities. De op te lossen knelpunten zijn: Overbelasting van het rioolstelsel. Grondwateroverlast. Problemen met waterkwaliteit. De Enschedese waterambities zijn: Daar waar het kan is het regenwater afgekoppeld van het gemengde riool. De beleving van de groene en blauwe kwaliteit van Enschede versterken door water zichtbaar te maken. Water in de buitenruimte wordt zoveel mogelijk benut voor het opvangen van extreme regenbuien en om bij warme perioden de stad te verkoelen. De watergerelateerde component van de (woon)lasten blijft beheersbaar. Enschedeërs gaan bewuster met water om en zijn meer betrokken bij de watervoorzieningen in de stad. De waterpartners zorgen samen voor een goede waterkwaliteit en – kwantiteit in Enschede.

Structuurvisie Cultuurhistorie Op 8 december 2014 is de Structuurvisie Cultuurhistorie vastgesteld. In deze sectorale structuurvisie staat het gemeentelijk beleid voor het bij ruimtelijke plannen en ontwikkelingen omgaan met het aanwezige cultuurhistorisch erfgoed. Daarbij wordt onder cultuurhistorisch erfgoed verstaan: alle cultuurhistorisch waardevolle gebouwen, objecten en structuren in de gemeente Enschede, met uitzondering van gemeentelijke monumenten, rijksmonumenten en archeologische waarden. Voor monumenten en archeologische waarden is reeds in afzonderlijke gemeentelijke beleidskaders vastgelegd hoe daarmee dient te worden omgegaan in het kader van ruimtelijke plannen en ontwikkelingen.

Structuurvisie Externe Veiligheid Op 8 december 2014 is de Structuurvisie Externe Veiligheid vastgesteld. In deze sectorale structuurvisie staat het gemeentelijk beleid met betrekking tot het beheersen van risico's die mensen lopen door de opslag, de protectie, het gebruik en het vervoer van gevaarlijke stoffen. Daarbij is vastgelegd wat in Enschede nog als een toelaatbaar risico wordt beschouwd en hoe ongewenste situaties zoveel mogelijk kunnen worden voorkomen of beperkt. In deze structuurvisie is tevens het beleid voor opslagplaatsen en verkooppunten van consumentenvuurwerk vastgelegd. 2.3.5

Toetsing bestemmingsplan aan het gemeentelijk ruimtelijk relevant strategisch beleid

In de strategische beleidsdocumenten Toekomstvisie, Stedelijke Koers en de diverse structuurvisies zijn voor het plangebied van het bestemmingsplan "Wallenbeekweg 22" geen specifieke beleidsdoelstellingen of ontwikkelingsrichtingen benoemd. Toetsing aan overig beleid Woonvisie In de Woonvisie is de beleidslijn opgenomen dat er alleen woningen mogen worden toegevoegd in het buitengebied, als sprake is van een bijdrage aan de hoofdopgaven van de stad. Dit betreft vooral situaties waarin woningbouw ruimschoots wordt gecompenseerd door investeringen in de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. In onderhavig plan wordt geen nieuwe woning toestaan, maar kan een groter bouwvolume worden gerealiseerd. Daar tegenover staat de investering in ruimtelijke kwaliteit middels sloop van landschapsontsierende bebouwing op twee locaties in het buitengebied en een goede inpassing van de bouwlocatie aan de Wallenbeekweg. Het plan is daarmee in lijn met de Woonvisie. Gids Buitenkans De Gids Buitenkans biedt het kader om te kunnen beoordelen of nieuwe initiatieven in het buitengebied

20

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

wenselijk zijn. Het uitgangspunt bij het toetsen van initiatieven is de versterking van de ruimtelijke kwaliteit. Het tegengaan van verdere verstening is daarbij een belangrijk principe. Daarbij zijn, los van het feit dat bestaande bouwrechten gerespecteerd worden, een aantal uitzonderingen mogelijk,. Een daarvan is de rood voor roodregeling. De Gids gaat na of er bij nieuwe ideeën, wensen en ontwikkelingensprake is van een kwaliteitsimpuls. Hierbij hanteert de gemeente de weegschaal: is er sprake van een evenwicht tussen privébelang van individuele bewoners en gebruikers van het buitengebied en het publieke belang? De weegschaal is gebaseerd op het gedachtengoed van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO). De KGO is ontstaan binnen de Omgevingsvisie Overijssel en biedt de mogelijkheid tot initiatieven in de Groene Omgeving, zolang ze bijdragen aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Een aantal regelingen, waaronder rood voor rood, zijn nader uitgewerkt en betreffen concrete uitwerkingen van de weegschaalgedachte. Regeling rood voor rood Rood voor Rood is gebaseerd op het volgende principe: als in het buitengebied landschapsontsierende bedrijfsgebouwen worden afgebroken, kan de eigenaar het recht op een bouwkavel krijgen. Uit de waarde van de bouwkavel worden de sloopkosten, kosten van verwijdering van asbest en bepaalde advies-, onderzoeksenplankosten betaald.

Dertig procent van de gecorrigeerde vervangingswaarde van de gesloopte gebouwen mag de eigenaar behouden. Het restant van de opbrengst van de bouwkavel moet worden besteed aan maatregelen ter verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Op een voormalig (meestal agrarisch) bedrijf moeten alle landschapsontsierende bedrijfsgebouwen worden afgebroken. Dit moet in principe 850 m2 zijn. Minimaal 75% van de oppervlakte aan af te breken landschapsontsierende schuren moet zijn gelegen op één of twee erven binnen de gemeente Enschede, waarbij op beide erven alle landschapsontsierende schuren moeten worden afgebroken. De overige 25% kan eventueel elders binnen de gemeente worden gesloopt. Het college van burgemeester en wethouders kunnen toestemming geven bedrijfsgebouwen te handhaven die van belang zijn voor het karakter van een erf. Beeldbepalende, cultuurhistorisch waardevolle en karakteristieke bedrijfsgebouwen en gebouwen die van essentieel belang zijn voor het karakter van een erf, mogen niet worden afgebroken. Om te voorkomen dat op een locatie waar de bedrijfsgebouwen worden afgebroken opnieuw agrarische bedrijfsgebouwen worden gebouwd, wordt de bestemmingsregeling voor deze locaties aangepast. De waarde van de kavel dient in evenwicht te zijn met de kosten van de sloop van de schuren en de investeringen in de ruimtelijke kwaliteit.

De investering in ruimtelijke kwaliteit moet worden verantwoord in een erfinrichtingsplan en beeldkwaliteitsplan. De nieuwe bouwkavel kan liggen op een boerenerf, aansluitend op bestaande dorpskernen of lintbebouwing of in het stedelijke gebied. Een bouwkavel heeft een standaard oppervlakte van 1000 m2 en er kan een woning van maximaal 750 m3 en een bijgebouw van maximaal 100 m2 worden gebouwd. Toetsing plan De rood voor rood regeling in de Gids Buitenkans 2014 gaat uit van het verkrijgen van een bouwrecht voor een woning van 750 m3 met bijbehorend bouwwerk van 100 m2 door het slopen van voldoende landschapsontsierende bebouwing. Onderhavig plan wijkt daarmee in die zin van de rood voor rood regeling af dat binnen het plangebied geen extra woning van maximaal 750 m3 wordt gerealiseerd met een bijgebouw van maximaal 100 m2, maar dat

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

21

750 m3 extra bouwvolume in een woning (in totaal 1500 m3) mag worden gerealiseerd, met daarbij een grotere oppervlakte bijgebouwen van 200 m2. Er wordt daarbij voldaan aan de doelstellingen van de Gids Buitenkans, namelijk het terugdringen van verstening en het doen van investeringen in ruimtelijke kwaliteit. De Gids Buitenkans vermeldt niet expliciet dat een woning groter mag zijn dan 750m3. Echter, de compensatie door middel van landschapsontsierende bebouwing maakt de bouw van twee woningen van 750 m3 mogelijk. Het is dan te rechtvaardigen dat ook een woning met het volume van twee reguliere woningen mogelijk kan zijn. Gebleken is dat een grotere woning van 1500 m3 aanvaardbaar is op deze locatie op basis van de analyse van omliggende bebouwing. Er wordt 963 m2 landschapsontsierende bebouwing binnen de gemeente Enschede gesloopt. Dit is ruim meer dan de vereiste 850 m2 die als voorwaarde in de Gids is opgenomen. Met deze sloop wordt op de Wallenbeekweg op een locatie waar reeds een woning toegestaan is, meer volume (maximaal 1500 m3) toegestaan. Daarnaast wordt daarmee extra oppervlakte bijbehorende bouwwerken (maximaal 200 m2) toegestaan. Het perceel wordt met een aantal landschappelijke ingrepen zodanig ingepast dat de ontwikkeling op gaat in het landschap. Voor de beschrijving van de landschappelijk inrichting wordt verwezen naar paragraaf 4.1.

Als basis voor de begroting dient in een 'regulier' rood-voor-rood project de waarde van de compensatie bouwkavel te worden bepaald. In dit geval wordt aan een bestaande woonlocatie bouwvolume toegevoegd en is geen sprake van een nieuwe bouwkavel. Door vergroting van het toegestane bouwvolume is sprake van toename van de waarde van de bestaande bouwkavel. De private opbrengst is hierdoor lager dan in andere gevallen van rood voor rood. Aangezien tegelijkertijd wel ruim voldaan wordt aan de sloop van minimaal 850 m2 landschapsontsierende bebouwing (inclusief asbest) is er in dit geval sprake van een groot negatief saldo.

22

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

Hoofdstuk 3 3.1

Gebiedsbeschrijving

Ruimtelijke structuur

Erve Wallenbeek ligt, volgens de landschapstypenkaart in de Gids Buitenkans, op overgangen van het oude hoevenlandschap, boslandschap en buitenplaatsen. Het ligt in het gebied “Hooge Boekel”, waar landgoederen met volumineuze landhuizen, verspreide villas, oude hoeven en bossen elkaar afwisselen. Het erf ligt aan de rand van een kamp, op hoger gelegen grond. In de nabijheid van het erf was in het verleden een poel gelegen. Verspreid rondom de kamp zijn meerdere erven (waarvan er in de loop der jaren enkele zijn gesloopt en nieuw gebouwd). Oorspronkelijk waren de kamp en bijhorende erven omringd door de woeste gronden; de kamp lag afzonderlijk van de grotere, ten westen gelegen, essencomplexen. Gekoppeld aan de erven waren kleine bospercelen en langs de rand van de kamp bevonden zich bomenrijen en houtwallen. Rond 1900 zijn veel van de woeste gronden bebost waardoor het huidige landschap een kleinschalig karakter kent met afwisselend bos, landbouwgrond en erven. In deze periode zijn een aantal erven omgevormd naar een meer landhuisachtige bebouwing en zijn een aantal landgoederen met villa’s en landhuizen toegevoegd. Ook zijn de overblijvende heidevelden grotendeels in cultuur gebracht. Het resulterende landschap is gevarieerd en kent nog steeds een duidelijk, glooiend microreliëf. Verkeer/wegen Het perceel is gelegen aan de Wallenbeekweg.

De Wallenbeekweg is een erftoegangsweg buiten de bebouwde kom met een maximale snelheid van 60 km/uur. Tussen de weg en het erf is bosperceel gelegen. In het bosperceel is een toegangsweg naar het voormalige agrarische erf gelegen. Deze toegangsweg is de afgelopen jaren niet meer in gebruik geweest.

3.2

Functionele structuur

In het verleden was op het erf waar de nieuwbouw plaatsvindt een agrarisch bedrijf gelegen. De bedrijfsvoering is een tijd geleden gestaakt en de bedrijfsbebouwing is gesloopt in het kader van de rood voor rood regeling. De bestaande boerderij is gehandhaafd en betreft de eerste woning op het perceel (Wallenbeekweg 20). De tweede bouwmogelijkheid voor een woning is reeds aanwezig in planologische zin. Het geldende bestemmingsplan Buitengebied Zuidoost maakt de woning reeds mogelijk. Deze bouwmogelijkheid wordt middels onderhavig bestemmingsplan ingevuld, zij het met een groter bouwvolume. De nieuwe bebouwing is als het ware in een inham in het bos gelegen. De nieuwe bebouwing vormt gezamenlijk een eenheid. Op grotere schaal bekeken zijn er verschillende grotere en wat kleinere bebouwde clusters van gebouwen verscholen in de bosrand gelegen.

3.3

Cultuurhistorie

Archeologisch erfgoed Wallenbeekweg 22 Volgens het gemeentelijk archeologiebeleid heeft het gebied de aanduiding 'onderzoeksgebied A'. Zie paragraaf 4.3 voor een nadere uitwerking ten aanzien van het aspect archeologie. Helmerstraat 410 In het plangebied zijn geen archeologische monumenten of vindplaatsen aanwezig. Volgens het gemeentelijk archeologiebeleid heeft het gebied de aanduiding 'onderzoeksgebied A'. Zie paragraaf 4.3 voor een nadere uitwerking ten aanzien van het aspect archeologie. Kersdijk 155 Voor de Kersdijk 155 geldt op grond van het beleid de aanduiding 'onderzoeksgebied B'. Indien bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

23

werkzaamheden leiden tot verstoring van de ondergrond op een diepte van meer dan 50 cm en met een oppervlakte van meer dan 2500 m2 dient de aanvraag te worden voorgelegd aan de archeologisch adviseur van Gemeente Enschede.

Monumenten en overige cultuurhistorische elementen Wallenbeekweg 22 In het deelgebied Wallenbeekweg 22 en de omgeving zijn geen monumenten of aangewezen cultuurhistorisch waardevolle elementen aanwezig. Helmerstraat 410 Ten westen van het plangebied ligt het rijksmonument de 'Wissinksmolen'. De boerderij Helmerstraat 410 zelf (het woonhuis met zijvleugel) betreft, net als de 'molenschuur' aan de overzijde van de weg, een gemeentelijk monument. In afbeelding 4.1 zijn deze aangeduid.

Afbeelding 4.1: Rijksmonument Wissinksmolen (roze cirkel), gemeentelijke monumenten boerderij Helmerstraat 410 en 'molenschuur' (lichtblauwe kaders) en overige cultuurhistorisch waardevolle panden (donkerblauw) Het belang van de boerderij is vooral gelegen in de relatie tot de Wissinksmolen, welke naar de boerderij is genoemd. De oorsprong van de boerderij ligt in de 17e eeuw. Het woonhuis met zijvleugel is in het begin van de 19e eeuw gebouwd. De bouwgeschiedenis is volledig 'terug te lezen'. De aanduiding in afbeelding 3.2 betreft het hele erf. Dit heeft vooral een signaalfunctie. Als er bijvoorbeeld sloop- en nieuwbouw plaatsvindt, dan moet dat passen bij/geen afbreuk doen aan het monument. Bestemmingsplannen in gemeente Enschede (zo ook voorliggend bestemmingsplan) bevatten geen regels ten aanzien van gemeentelijke monumenten. Deze monumenten zijn beschermd op grond van de gemeentelijke Monumentenverordening. Op de woonerven in de omgeving zijn eveneens cultuurhistorische waardevolle gebouwen aanwezig (zie ook afbeelding 4.1). Dit betreffen geen monumenten. Kersdijk 155 Op het perceel Kersdijk 155 of in de omgeving daarvan zijn geen monumenten of karakteristieke objecten aanwezig.

24

bestemmingsplan Wallenbeekw eg 22 (vastgesteld)

Beschermwaardige bomen Op en rond de erven staan diverse bomen. De bescherming van bomen is geregeld in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Voor de bebouwde kom geldt een bomenoverzicht met beschermde bomen en boomgroepen. Voor het vellen daarvan is een omgevingsvergunning (kapvergunning) op grond van de APV vereist. Het plangebied ligt buiten de bebouwde kom. De definitie van beschermwaardige bomen buiten de bebouwde kom waar volgens de APV een kapvergunning voor nodig is luidt als volgt: 'alle bomen met een stamomtrek van minimaal 100 centimeter op 130 centimeter hoogte boven het maaiveld'. Ook voor het vellen van een houtwal of houtsingel kan een vergunning nodig zijn. Voor zowel beschermwaardige bomen als houtwallen/-singels gelden uitzonderingen. Wallenbeekweg 22 Op het perceel Wallenbeekweg 22 staan verschillende bomen. Het perceel is tegen bosgebied aangelegen. Bestaande bomen blijven grotendeels gehandhaafd. Het bos bestaat voornamelijk uit eiken. Er worden 5 beuken gekapt. De verwijdering van deze bomen wordt aanvaardbaar geacht, waarbij ook meeweegt dat de beuken zwakker zijn qua gezondheid. Door de verwijdering van deze bomen ontstaat een doorkijk naar het achterliggende landschap.

De woning is bewust met de noord-oostzijde tegen het bestaande bos geplaatst, zodat het volume van de woning wordt opgenomen in het groen en vanuit het landschap goed is ingepast (niet te dominant is en goed opgaat in het landschap). Met deze positie is er ook goed zicht op het achterliggende landgoed en wordt daarmee een verbinding gemaakt. Door de kap van de beuken krijgen de bestaande eiken alle ruimte om verder uit te groeien naar de toekomst. De provinciale status van NNN ter plaatse van deze bomen wijzigt daarbij niet en de onderliggende bestemming Bos blijft handhaafd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=9b2785e3-cb72-4329-a262-f42e34532bc7