Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Broekheurne V5
Tekst van het document
•
Er wordt zorg gedragen voor een periodieke controle van de zonnepanelen, bekabeling en overige componenten. De minimale afstand tussen zonnepanelen/ overige componenten en aangrenzende bebouwing gelijk of groter is aan de afstand van ‘kans op overslag: gering’ zoals bepaald in het kennisdocument Brandoverslag (2018). Het zonnepark is niet algemeen toegankelijk en als zodanig fysiek gescheiden van de omgeving.
Daarnaast is het van belang dat de kans op verdere branduitbreiding zo klein mogelijk wordt gehouden. De volgende preventiemaatregelen worden in acht genomen: •
• • •
Componenten anders dan zonnepanelen en bekabeling worden zo veel mogelijk op voldoende afstand van omliggende installatiedelen geplaatst. Er kan geen brandoverslag naar panelen zijn. Hooguit naar de (droge) onderbegroeiing. Bekabeling wordt vlamdovend uitgevoerd. Er worden zonnepanelen toegepast met aan de buitenzijde glas en aluminium, waardoor ze niet brandbaar zijn. Het aantal aanliggende panelen in een rij wordt beperkt en er is 3,5 meter afstand tussen elke rij met zonnepanelen. De verharde paden die het gehele zonnepark doorsnijden fungeren tevens als brandgang om brandoverslag te beperken .
Naar aanleiding van adviezen van Brandweer Twente zijn er een aantal wijzigingen doorgevoerd in de inrichting van het zonnepark: • •
• •
De hulpdienstroutes zijn minimaal 3,5 meter breed en hebben een vrije hoogte van 4,2 meter. De toegangspoort is 6 meter breed. De onderhoudspaden bestaan uit halfverharding, hebben voldoende draagkracht en de bochtstralen voldoen aan de daarvoor geldende afmetingen (wat betreft de binnenbochtstraal en buitenbochtstraal). De onderhoudspaden zijn met elkaar verbonden, waardoor er een mogelijkheid is om rond te rijden op het zonnepark. In verband met de inzetdieptes is ieder zonnepaneel tot op maximaal 60 meter bereikbaar voor brandweervoertuigen.
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING | Zonnepark Broekheurne
48
•
•
De brandweer accepteert geen externe sleutels meer. Na realisatie van het zonnepark zal daarom een sleutelhouder of externe partij de toegang voor de brandweer verlenen in geval van calamiteiten. Met betrekking tot de batterijen, deze: o voldoet aan de veiligheidseisen en maatregelen van de publicatiereeks gevaarlijke stoffen (de PGS 37-1). Dit is aangetoond en bespreken met de brandweer middels een GAP-analyse. o is ingericht volgens de benodigde veiligheidsafstanden. o is van alle kanten open en zal afdoende afgeschermd worden voor onbevoegden. o wordt op een fundering geplaatst en rondom halfverharding i.v.m. de bereikbaarheid. o is op verzoek van de brandweer op 50 meter afstand van de weg geplaatst, zodat deze bereikbaar is met een tankautospuit en brandoverslag naar naastgelegen objecten wordt voorkomen. o hebben als aanvullende maatregel een bluswateraansluiting in de vorm van een geboorde put met een capaciteit van 60m3/uur.
Conclusie Het plan is in overeenstemming met wet- en regelgeving ter zake van externe veiligheid.
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING | Zonnepark Broekheurne
49
5. UITVOERBAARHEID 5.1
MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID
In het Klimaatakkoord zijn verschillende afspraken gemaakt over de participatie van burgers en bedrijven in hernieuwbare energieprojecten op land. Het primaire doel van deze afspraken is het verkrijgen van draagvlak en acceptatie voor hernieuwbare elektriciteitsprojecten op land. Het Klimaatakkoord beschrijft bewonersparticipatie daarom als een van de kritische succesfactoren voor de Nederlandse energietransitie. In het Communicatie- en Participatieplan (zie Bijlage 6) is onderbouwd hoe de omgeving is betrokken bij de inrichting van het project en op welke wijze het zonnepark bijdraagt aan sociale randvoorwaarden. Omdat deze aspecten bijdragen aan betrokkenheid en draagvlak, heeft dit participatieverslag als doel om meer inzicht te geven in wat wij onder participatie verstaan en op welke wijze omwonenden meedenken, meedoen en delen in de opbrengst van het beoogde Zonnepark Broekheurne. Er zijn verschillende stakeholders betrokken bij de ontwikkeling van een zonnepark, al kan hun rol en niveau van betrokkenheid wel onderling van elkaar verschillen. Er is geen landelijke standaard voor wat de omgeving van een energieproject is. Welke bewoners, (agrarische) grondeigenaren en bedrijven onderdeel zijn van de omgeving wordt lokaal en per energieproject bepaald.
Uiteindelijk beoordeelt het bevoegd gezag (gemeente of provincie) bij een omgevingsvergunningaanvraag of het proces goed doorlopen is en of de omgeving in voldoende mate betrokken is. In het voortraject van Zonnepark Broekheurne zijn op diverse manieren verschillende partijen betrokken om samen tot een gedragen ontwerp te komen. Grotendeels is dit gebeurd tijdens het gebiedsproces, maar ook vanuit de initiatiefnemer zelf.
5.2
ZIENSWIJZEN
De ontwerp omgevingsvergunning wordt gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. De aanvraag en de bijbehorende ruimtelijke onderbouwing zijn onderdeel van de (ontwerp) omgevingsvergunning. Gedurende de termijn van de ter inzagelegging kan eenieder een zienswijze indienen. Op basis van de zienswijzen neemt het college van B&W een definitief besluit over het al dan niet afgeven van de omgevingsvergunning. Na verlening van de omgevingsvergunning wordt deze voor de tweede maal voor een periode van zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden beroep instellen tegen de omgevingsvergunning. Op deze wijze worden eventuele zienswijzen vanuit de omgeving meegenomen in het proces.
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING | Zonnepark Broekheurne
50
5.3
FINANCIËLE UITVOERBAARHEID
Ruimtelijke plannen moeten (economisch) uitvoerbaar zijn. In principe dient bij vaststelling van een ruimtelijk besluit tevens een exploitatieplan vastgesteld te worden om verhaal van plankosten zeker te stellen. Dit is nodig tenzij het kostenverhaal via een overeenkomst wordt geregeld. Dit laatste zal bij dit project het geval zijn. De gemeente Enschede heeft met de initiatiefnemer een overeenkomst gesloten, waarin wordt vastgelegd dat de kosten die met de ontwikkeling van het zonnepark gemoeid zijn volledig voor rekening van de aanvrager komen. Ook eventuele planschade komt voor rekening van de initiatiefnemer en is geborgd in een planschadeovereenkomst.
5.3.1 FINANCIERING ZONNEPARK Een zonnepark-project kan op dit moment niet gerealiseerd worden zonder Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++). Totdat deze subsidie is toegekend, is er feitelijk sprake van een hypothetisch project. Alle inzet tot aan de SDE-aanvraag is erop gericht om de haalbaarheid zo groot mogelijk te maken, bij een acceptabele inspanning/risico. TPSolar doorloopt daartoe dan ook een gestructureerd en gefaseerd proces. Vóór de SDE-aanvraag is een omgevingsvergunning nodig. Sommige details kunnen in de planfase nog niet worden ingevuld, omdat deze pas in een veel later stadium van het proces worden bepaald. Zo wordt de definitieve keuze van type panelen, omvormers en onderaannemers pas gemaakt in de maanden na de SDE-toekenning. TPSolar is immers voor een dergelijk groot bouwproces afhankelijk van de voorraad, productiecapaciteit, levermogelijkheden en beschikbare menskracht van alle toeleveranciers, en die kan pas worden ingeschat wanneer de eerst mogelijke aanvangsmaand van de bouw bekend is. Wel kan worden gesteld dat er gebruik wordt gemaakt van op de markt courante en hoogwaardige zonnepanelen met een anti-reflectiecoating, zodat de beoogde prestaties gedurende de gehele exploitatieperiode kunnen worden gegarandeerd. In geen geval zal TPSolar gebruik maken van cadmium-houdende zonnepanelen.
Ook voor de omvormers en andere installatiedelen hanteren wij de hoogste kwaliteitscriteria. De initiatiefnemer heeft de te verwachten kosten en inkomsten verwerkt in een businesscase en deze is positief. De initiatiefnemer werkt samen met nationale en internationale investeerders voor het benodigde eigen vermogen. De rest van het benodigde geld wordt bij voorkeur geleend bij een ‘groene’ bank (zoals Triodos Bank). Dankzij het feit dat de initiatiefnemers al meerdere parken hebben gefinancierd en gebouwd, is het krijgen van een lening voor volgende projecten zoals Zonnepark Broekheurne, vrij eenvoudig. De financiering wordt in 15 jaar afgelost. De inkomsten om dat te kunnen doen, bestaan uit de verkoop van elektriciteit aan een energiemaatschappij (tegen vaste afspraken voor 15 jaar), en de SDE-subsidie (eveneens een vast tarief voor 15 jaar). Doordat de hoeveelheid zon in Nederland al tientallen jaren wordt gemeten, en de gebruikte installatie een constante kwaliteit en opbrengstgaranties heeft, is vooraf nauwkeurig in te schatten hoeveel energie er per jaar gemiddeld wordt opgewekt. Op die manier is er geen twijfel dat de financiering kan worden afgelost.
5.3.2 NATUURINCLUSIEF ZONNEPARK SDE-REGELING In de Staatscourant van 16 juli 2024 heeft minister Jetten van Klimaat en Energie de definitieve indieningsvereisten voor de SDE++-ronde 2024 gepubliceerd. Om natuurinclusieve zonneparken te stimuleren, is hiervoor een nieuwe indieningscategorie gecreëerd. De letterlijke tekst in de Regeling luidt als volgt: “Voor de natuurinclusieve categorieën komen projecten in aanmerking die een vergunning
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING | Zonnepark Broekheurne
51
hebben waarin is opgenomen dat zij verplicht natuurinclusieve maatregelen moeten nemen. Deze maatregelen betreffen (1) minstens 25% afstand tussen de panelen, van bovenaf gezien; (2) het opstellen van een inrichtings- en beheerplan dat ten doel heeft om verslechtering van de bodemkwaliteit, waterkwaliteit en ecologische kwaliteit gedurende de subsidieperiode te voorkomen; (3) het uitvoeren van een nulmeting, waar de huidige waarde van de bodem- en waterkwaliteit en de ecologische kwaliteit wordt vastgesteld; en (4) het monitoren van de bodem- en waterkwaliteit en biodiversiteit en het indien nodig bijstellen van de maatregelen om verslechtering te voorkomen. Een project komt slechts in aanmerking voor de natuurinclusieve categorie als alle vier deze maatregelen in de vergunning zijn opgenomen.” Voor de SDE-ronde van 2025 worden deze vier maatregelen een verplichting. De exacte invulling van de vier punten zou in het komende jaar nog deels kunnen wijzigen. Wat vaststaat is dat projecten aan deze eisen moeten voldoen om in aanmerking te komen voor de SDE. Initiatiefnemer heeft aangetoond dat Zonnepark Broekheurne voldoet aan de vier voorgenoemde SDE-eisen. Van belang is dat de gemeente Enschede dit binnen de vergunningverlening opneemt. De financiële haalbaarheid van het plan is hiermee aangetoond.
5.4
CRISIS- EN HERSTELWET
Sinds 25 april 2013 heeft de Crisis- en herstelwet (Chw) een permanent karakter gekregen. Voor deze omgevingsvergunning is deze wet relevant. In Bijlage I Chw is een aantal categorieën ruimtelijke en infrastructurele projecten opgenomen. Eén daarvan is "Duurzame energie". Als een project onder één van de (sub)categorieën (en de bijbehorende voorwaarden) valt, dan is voor alle besluiten en dus ook besluiten op grond van de Wabo de stroomlijning van procedures voor projecten van afdeling 2, hoofdstuk 1 Chw van toepassing (zoals bijvoorbeeld toepassing van het relativiteitsbeginsel bij beoordelen beroepsgronden).
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING | Zonnepark Broekheurne
52
6. VERVOLGPROCES De ontwikkeling van het zonnepark is onderverdeeld in een aantal fasen, zie Tabel 5. T ABEL 5: GLOBALE VERVOLGPLANNING Z ONNEPARK BROEKHEURNE.
Aanvragen en verkrijgen van de vergunning Aanvragen en verkrijgen van de SDE++ subsidie Bericht over al dan niet positieve SDE++ beschikking Het voorbereiden van de netaansluiting Het voorbereiden van de bouw van het zonnepark (projectfinanciering, financial close, offerte leveranciers) Bouw van het zonnepark Exploitatie van het zonnepark
december 2023-voorjaar 2025 september 2025-oktober 2025 Uiterlijk in het voorjaar van 2026 voorjaar 2026-voorjaar 2027 voorjaar 2026-najaar 2026
na de zomer/najaar 2026 voorjaar 2027
Bevoegd gezag Met de gemeente zal het plan verder uitgewerkt worden. Er zal afstemming met de gemeente plaatsvinden over de precieze invulling van de landschappelijke inpassing en andere ruimtelijke en participatieve elementen van het beoogde zonnepark. Zo zal er onder andere een anterieure overeenkomst worden opgesteld. Participatie De dialoog met de omgeving is met het aanvragen van een omgevingsvergunning niet afgerond. Ook daarna zullen er nog mogelijkheden zijn voor participatie met omwonenden en andere belanghebbenden. Als de omgevingsvergunning van het zonnepark is toegekend, kunnen ook de mogelijkheden voor financiële participatie en lokaal eigendom verder worden uitgewerkt in samenwerking met Enschede Energie. Met een omgevingsvergunning kan initiatiefnemer namelijk de SDE-subsidie aanvragen en zijn de financiële parameters (en dus de opbrengsten voor (lokale)investeerders) duidelijk.
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING | Zonnepark Broekheurne
53
7. CONCLUSIE De voorgaande afwegingen hebben duidelijk gemaakt dat het bouwen en 25 jaar lang exploiteren van Zonnepark Broekheurne op de voorgestelde projectlocatie: • • • • • •
past binnen nationaal, provinciaal en gemeentelijk beleid; past binnen de ruimtelijke structuur; vanuit omgevingsaspecten geen beperkingen of belemmeringen oplevert; aangesloten op het elektriciteitsnet kan worden; economisch en maatschappelijk realiseerbaar is; een bijdrage levert aan gemeentelijke energiedoelstellingen.
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING | Zonnepark Broekheurne
54
8.
BIJLAGEN BIJLAGE 1A: LANDSCHAPPELIJK ONTWERP BIJLAGE 1B: DOORSNEDEN LANDSCHAPPELIJK ONTWERP BIJLAGE 2: INRICHTINGSPLAN & BEHEERPLAN BIJLAGE 3A: TECHNISCH ONTWERP BIJLAGE 3B: BOUWTEKENINGEN BIJLAGE 3C: TECHNISCHE SPECIFICATIES BATTERIJ BIJLAGE 4A: QUICKSCAN FLORA EN FAUNA BIJLAGE 4B: NADER ONDERZOEK IJSVOGEL EN GELE KWIKSTAART BIJLAGE 5: AERIUS-CALCULATIE BIJLAGE 6: COMMUNICATIE- EN PARTICIPATIEPLAN BIJLAGE 7A: BEËINDIGINGSPLAN BIJLAGE 7B: BEËINDIGINGSTEKENING BIJLAGE 8: VERKENNEND BODEMONDERZOEK BIJLAGE 9: WATERTOETS
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING | Zonnepark Broekheurne
55