CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport effectmeting Buurtteam Stevenfenne (def).pdf

Stadsdeelcommissie West 29 november 2022, gemeente enschedeBij agendapunt: Informerend: Buurtteam Stevenfenne18.479 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Na het opruimen van de tuin wordt Thea ook geholpen met het opruimen van het huis. Samen met de medewerker van het buurtteam maakt ze een begin met de wasruimte. Het resultaat motiveert Thea om zelf verder te gaan, omdat het letterlijk en figuurlijk lucht geeft. In het voorjaar van 2022 is Thea nog steeds bezig met het opruimen, al gaat het langzaam wegens de emotionele waarde van spullen. Het buurtteam helpt bij het legen van de bakken en de afvoer van overtollige spullen. Ook proberen ze haar te motiveren om een re-integratie traject via UWV te gaan volgen, om te kijken of ze middels scholing ander beter passend werk kan vinden. In mei 2022 start Thea met een coachingstraject bij het UWV, maar in het gesprek met de onderzoeker in juni 2022 blijkt dat ze dit traject kort na de start heeft afgebroken omdat haar relatie uitging; ze kan het emotioneel even niet aan.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

26

De situatie van Thea blijft zo erg kwetsbaar. Hulp voor het huis en de tuin blijft nodig en het buurtteam houdt preventief contact met het oog op haar wisselende relaties en de twee kinderen. Eindsituatie juni 2022 Thea heeft voldoende vertrouwen in het buurtteam om praktische hulp te accepteren. Zo krijgt ze binnenkort een nieuwe vloer en wordt haar tuin opnieuw aangepakt. Hulp bij de achterliggende problematiek houdt ze nog af en daarom blijft het buurtteam haar monitoren, mede omdat er jonge kinderen in het gezin zijn. Een buurman met bijbedoelingen vormt een risicofactor, temeer omdat Thea weinig oog heeft voor de motieven van sommige mannen. Hopelijk komt er binnenkort een moment dat ze meer hulp accepteert voor haar eigen problemen en kan het buurtteam haar motiveren toch de coaching van het UWV weer op te pakken, zodat ze perspectief op beter werk creëert. Referentiescenario zonder ondersteuning van het buurtteam In het alternatieve scenario is de beginsituatie van Thea hetzelfde. Ze ziet geen kans haar huis en tuin aan te pakken en heeft veel kortdurende relaties. Na meerdere waarschuwingen van Domijn ontvangt Thea een rekening voor het opruimen van haar tuin door de woningcorporatie. Die rekening kan ze niet betalen. De kinderen vertonen gedragsproblemen en raken betrokken bij wat overlast in de buurt.

De stress over geldzorgen, rommel, kinderen en relaties wordt Thea te veel. Ze gaat naar de huisarts om medicatie te krijgen waardoor ze beter slaapt en rustiger wordt. De huisarts heeft Thea doorverwezen naar een praktijkondersteuner voor hulp. Thea haakt na drie gesprekken af; ze heeft een nieuwe vriend en geen zin in lastige gesprekken. Van een vriendin hoort Thea dat je via de gemeente een opruimcoach kunt krijgen. Dat vraagt ze aan en de hulp wordt toegewezen. De opruimcoach laat Thea zien hoe je systematisch op kan ruimen en vertrekt daarna. Thea heeft geen energie en motivatie om er zelf mee aan de slag te gaan. Door haar eigen problematiek kan Thea de zorg voor haar opgroeiende kinderen niet meer aan. De inzet van Jeugd en Gezin wordt noodzakelijk en Thea heeft hulp nodig van de GGZ. Een coachingstraject dat ze opstart bij de UWV breekt ze kort na de start af, omdat haar relatie uitgaat en ze het emotioneel niet aankan.

3.4.2

Werkzame elementen

Bij deze casus wordt er door praktische hulp gewerkt aan een vertrouwensbasis om achterliggende problematiek te kunnen aanpakken. Nu wijst Thea alle verdergaande hulp nog af of verbreekt snel het contact. Laagdrempelige contacten rond kinderen of praktische hulp worden wel geaccepteerd en dragen bij aan vertrouwen. De situatie van Thea is echter nog steeds erg kwetsbaar, zowel voor haarzelf als voor haar opgroeiende kinderen. Als de kinderen binnenkort in de puberteit komen en naar voortgezet onderwijs gaan, lopen ze veel risico’s om in de jeugdcriminaliteit terecht te komen. Daarom is het belangrijk om bij dit gezin vinger aan de pols te blijven houden, ook al zijn er tot dusver geen spectaculaire resultaten geboekt. Monitoring is belangrijk om indien nodig tijdig in te kunnen grijpen en erger te voorkomen.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

27

We zien de volgende werkzame elementen: •

Vinger aan de pols: Door praktische hulp te bieden wordt Thea gemotiveerd zelf ook met

oplossingen aan de slag te gaan, met name met betrekking tot het opruimen van het huis. Daarnaast bouwt het Buurtteam hiermee aan een vertrouwensbasis om achterliggende problematiek op termijn te kunnen aanpakken. •

Op tijd hulp bieden: Door op tijd hulp te bieden en vroegsignalering (bij Politiekids) wordt voorkomen

dat Thea en haar kinderen zwaardere extra ondersteuning nodig hebben, bijvoorbeeld bij van Opvoedingsondersteuning, GGZ of POH. •

Drempel verlagen: Door de outreachende manier van het buurtteam wordt de drempel om hulp te

vragen verlaagd en worden signalen over zorgbehoeftes goed opgemerkt, ook al is Thea nog niet bereid al haar problemen aan te pakken. •

Een luisterend oor: Door een luisterend oor te bieden en letterlijk te helpen het leven op orde te

krijgen, wordt verdere psychische problematiek voorkomen en wordt Thea gestimuleerd om zelf weer actief te worden, bijvoorbeeld met werk.

3.4.3

Maatschappelijke baten en kosten

Omdat Thea haar echte problemen (nog) niet onder ogen wil zien en haar leefsituatie veel stress geeft, is het waarschijnlijk dat ze zonder het buurtteam meer medicatie zou hebben gebruikt en vaker de huisarts bezocht zou hebben. Ook zou er meer inzet van opvoedingsondersteuning en politie in dit gezin geweest zijn en zou de woningcorporatie kosten gemaakt hebben voor onderhoud van de tuin. In anderhalf jaar tijd is er sprake van een besparing van circa 5.000 euro ten opzichte van het scenario zonder buurtteam. Casus 3: Foute mannen Uitvoerende

Aanpak

partij

Buurtteam

Referentie

Saldo Buurtteam

Domijn

€

130

€

630

€

500

Alifa

€

129

€

0

€

- 129

Gemeente – Werk & Inkomen

€ 16.200

€

16.200

€

0

Buurtteam Stevenfenne

€

5.224

€

0

€

- 5.224

UWV

€ 4.500

€

5.000

€

500

Gemeente – WMO

€

0

€

300

€

300

Huisarts

€

0

€

7.920

€

7.920

Opvoedingsondersteuning

€

66

€

1.168

€

1.102

Politie

€

45

€

264

€

219

Sportaal

€

66

€

0

€

- 66

Stichting TRAI

€

200

€

0

€

- 200

GGZ

€

0

€

320

€

320

€ 31.802

€

5.242

€ 26.560

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

28

We zien dat de huidige aanpak ten opzichte van het alternatieve scenario op dit moment goedkoper is en meer effect heeft. Hoe zich dat op de lange termijn ontwikkeld is onzeker. Als het lukt het buur-team lukt om Thea weer richting werk te begeleiden, zal ze meer structuur in haar leven krijgen en heeft dat hopelijk een positieve invloed op alle levensgebieden. Maar dat er in de toekomst extra psychologische en evt. opvoedhulp nodig zal zijn is vrij zeker; vandaar dat op de langere termijn de kosteneffectiviteit waarschijnlijk iets lager uitvalt. Maar het risico bestaat ook dat de situatie echt uit de hand loopt als er bijvoorbeeld sprake is van huiselijk geweld of ernstige opvoedingsproblematiek. Daarom is de huidige monitoring door het buurt-team van belang.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

29

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

30

3.5 3.5.1

CASUS 4: LUISTEREND OOR Het verhaal van Ria

Beginsituatie Ria is een vrouw van 49 jaar oud. Ze heeft een zoon van 33 en een dochter van 19 die ze als alleenstaande moeder heeft opgevoed. Inmiddels is ze ook oma van één kleinkind. Ria heeft een licht verstandelijke beperking. Ze leeft van een bijstandsuitkering. Hoewel ze geen schulden heeft staat ze vrijwillig onder bewind, omdat ze anders geld uitgeeft aan anderen zoals haar kinderen. Op deze manier kan ze toch een beetje sparen. Ria heeft veel meegemaakt. Zo is ze een aantal jaar geleden met chemotherapie behandeld voor borstkanker. Hier ondervindt ze nog steeds lichamelijke klachten van en gaat daarvoor eens per week naar de fysiotherapeut. Ria is stressgevoelig en heeft bijvoorbeeld last van dwanghandelingen en haar opstapelende post, waar ze gelukkig haar bewindvoerder heeft. Soms zit haar hoofd erg vol met zorgen over haar kinderen en over de gezondheidssituatie van haar ouders, waar ze mantelzorger voor is. Als haar hoofd te vol wordt kan ze zich soms agressief uiten. Haar vader heeft de ziekte van Parkinson en haar moeder moet veel voor hem zorgen, maar is zelf ook erg druk – vooral met schoonmaken. Ria heeft meerdere keren meegemaakt dat mensen misbruik van haar hebben gemaakt, doordat ze te lief voor hen was. Hiervoor heeft ze onder andere een weerbaarheidstraining gevolgd en staat nu steviger in haar schoenen.

Ria heeft veel ervaring met hulpverleners, maar dit pakte vaak niet erg positief uit omdat de hulp niet passend bleek. Ongeveer vijf jaar geleden is ze in contact gekomen met een wijkteammedewerker. Deze heeft haar geholpen met allerlei zaken, zoals het regelen van een bewindvoerder en ondersteuning bij de opvoeding van haar kinderen. Maar het belangrijkste voor Ria was dat de wijkteammedewerker een luisterend oor bood. Scenario met ondersteuning van het buurtteam (maart 2021 – juni 2022) Via de wijkteammedewerker wordt Ria in maart 2021 in contact gebracht met het buurtteam. Het buurtteam houdt een vinger aan de pols en helpt haar af en toe met praktische zaken; zo regelen ze vervoer naar het ziekenhuis (of gaan zelf mee) en hulp in huis en tuin. Zo moet Ria een andere voordeur, omdat ze soms erg angstig is doordat ze niet kan zien wat er voor haar huis gebeurt. Daarnaast lukt het Ria niet om haar tuin bij te houden en is blij als door bemiddeling van het buurtteam studenten haar komen helpen met het onderhoud. Het buurtteam biedt tevens een luisterend oor indien nodig en let erop dat Ria haar grenzen bewaakt rondom haar sociale netwerk. Ze wil graag vrijwilligerswerk doen om nieuwe contacten op te doen en wat meer dagritme te krijgen.

In de zomer van 2021 gaat ze samen met het buurtteam langs verschillende organisaties om te kijken of ze daar terecht kan, maar helaas vinden zij geen geschikte plek voor haar. Ria is veel bij haar ouders in verband met de mantelzorg. Soms slaapt zij daar op een oud matras op de grond, maar krijgt daardoor wel last van pijnlijke botten. Het Buurtteam regelt daarom een goede matras, zodat zij geen nieuwe lichamelijke problemen ontwikkelt. In mei 2022 wordt haar moeder in het ziekenhuis opgenomen. Dit betekent dat veel extra mantelzorg voor Ria, omdat ze nu haar tijd moet verdelen over haar vader thuis en haar moeder in het ziekenhuis. Ze weet niet goed hoe ze dit allemaal voor elkaar moet krijgen en ervaart hiervan veel stress. Het biedt haar verlichting om hierover haar hart luchten bij het buurtteam.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

31

Ria wilde ook graag meer onder de mensen komen, maar haar bewegingsvrijheid was beperkt doordat ze geen fiets had. Het buurtteam heeft haar geholpen om een fiets te krijgen. Huidige situatie Ria blijft een kwetsbare vrouw door haar slechte lichamelijke conditie. Ze kan situaties niet goed overzien en is soms erg naïef is in haar contacten met onbekenden. Misbruik ligt daardoor altijd op de loer. Bij het Buurtteam vindt ze een uitlaatklep als ze stress ervaart en dat vindt ze fijn. Verder geniet ze met volle teugen van de vrijheid die ze heeft met haar fiets en gaat ze graag de stad in om een ijsje te halen. Het gaat best goed met Ria. Referentiescenario zonder ondersteuning van het buurtteam De mantelzorg voor haar ouders valt Ria zwaar, ook omdat ze daar niet goed slaapt. Ze vindt het moeilijk om hierin haar grenzen te bewaken. Ria is psychisch kwetsbaar en als ze haar verhaal niet goed kwijt kan, raakt haar hoofd te vol, wat zich kan uiten in angst, frustratie en agressie. Mensen in haar omgeving maken soms misbruik van haar goedgelovigheid. Er verdwijnen allerlei spullen uit haar huis en er staan soms vreemde mensen voor de deur. Ria wordt daar erg angstig van en ze sluit zich op in haar huis. Ze is bang om haar huis te verlaten en gaat niet naar de afspraak met haar bewindvoerder. Als de bewindvoerder haar belt, houdt Ria een verward verhaal aan de telefoon.

De bewindvoerder maakt zich zorgen en neemt contact op met het wijkteam. Een medewerker van het wijkteam bezoekt Ria thuis en constateert dat ze zichzelf en haar huis verwaarloost. Daarbij maakt Ria een verwarde en angstige indruk. Een wijkteammedewerker Wmo geeft na een gesprek met Ria een indicatie voor ambulante thuisbegeleiding af, omdat ze anders niet zelfstandig kan blijven wonen. Ria krijgt een keer per week begeleiding thuis. Ze krijgt hulp bij persoonlijke verzorging, het huishouden, relaties en dagritme. Het gaat redelijk met Ria, al voelt ze zich eenzaam en heeft ze vaak last van depressieve gevoelens.

3.5.2

Werkzame elementen

Dit betreft geen spectaculaire casus, maar een verhaal zoals er vele zijn in oude stadswijken; kwetsbare inwoners met een licht verstandelijke beperking, voor wie de huidige samenleving te complex is om daar geheel zelfstandig hun weg in te vinden en die door problemen snel uit het lood geslagen zijn. We zien de volgende werkzame elementen terug in deze casus: •

Vinger aan de pols: Door praktische hulp te bieden kan een vertrouwensrelatie worden opgebouwd

met Ria. Het is belangrijk hier goed in te investeren wegens eerdere negatieve ervaringen met hulp of naasten die misbruik van haar maakte. Hiermee kan ook achterliggende problematiek worden aangepakt en kan Ria worden beschermd in haar sociale contacten. •

Op tijd hulp bieden: Door op tijd hulp te bieden en vroegsignalering wordt voorkomen dat Ria

zwaardere extra ondersteuning nodig heeft, bijvoorbeeld voor de inzet van ambulante thuis-begeleiding. •

Drempel verlagen: Door de outreachende manier van het buurtteam wordt de drempel om hulp te

vragen verlaagd en worden signalen over ondersteuningsbehoeften tijdig opgemerkt. •

Een luisterend oor: Door een luisterend oor te bieden kan Ria regelmatig haar hart luchten en

worden haar angstige en agressieve gevoelens verminderd.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

32

3.5.3

Maatschappelijke baten en kosten

In het alternatieve scenario zonder Buurtteam zou Ria ambulante thuisbegeleiding krijgen, omdat ze het anders niet redt. Dat maakt dat de inzet van het buurtteam beduidend goedkoper is dan wanneer ambulante zorg zou worden ingezet. De besparing bedraagt circa 11.000 euro (over 16 maanden). De huidige aanpak door het Buurtteam is ten opzichte van het alternatieve scenario veel goedkoper bij een gelijke effectiviteit. Op de langere termijn lijkt de ondersteuning door het Buurtteam iets positiever uit te pakken, omdat Ria meer eigen regie ervaart en het Buurtteam haar actief ondersteunt in het opbouwen van sociale contacten. Daardoor is haar gevoel van welbevinden groter. Casus 4: Luisterend oor Uitvoerende partij

Aanpak Buurtteam

Referentie

Saldo Buurtteam

SVEN

€

0

€

130

€

130

Gemeente – Werk & Inkomen

€ 11.104

€

11.104

€

0

Buurtteam Stevenfenne

€

2.080

€

0

€

- 2.080

MBO school

€

40

€

0

€

- 40

Gemeente – WMO

€

0

€

13.419

€

13.419

Huisarts

€

0

€

183

€

183

Fysiotherapeut

€

3.200

€

3.200

€

0

Bewindvoerder

€

0

€

65

€

65

Stichting Present

€

130

€

130

€

- 130

€ 16.554

€

28.101

€

11.547

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

33

3.6 3.6.1

CASUS 5: ALLES VOOR DE KINDEREN Het verhaal van Ana

Beginsituatie Ana is een 47-jarige vrouw met drie kinderen die ze als alleenstaande moeder opvoedt. Ze heeft één kind van 8 jaar en een tweeling van 15 jaar. De tweeling heeft beide een schisis (hazenlip), en één van de twee is doof aan één oor. Ze houden vooral van gamen en komen niet graag het huis uit. Op school worden ze gepest. Ana komt uit Colombia en heeft een tijd in Aruba gewerkt en gewoond samen met de vader van haar kinderen, die inmiddels is overleden. Ze spreekt Spaans, en een heel klein beetje Engels en Nederlands. Op Aruba was het moeilijk om goede medische zorg te krijgen voor de tweeling. Ana heeft alles over voor hun gezondheid. Daarom besloot ze ongeveer drie jaar geleden naar Nederland te komen. Ze heeft eerst een aantal jaar met haar gezin in de noodopvang in Den Haag gewoond.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

34

Hoewel Ana destijds wel werkte als schoonmaker, had ze in die tijd veel stress. Het was erg druk in de noodopvang en de zorg voor haar kinderen viel haar zwaar. Daardoor lukte het haar niet om de Nederlandse taal te leren, ondanks dat zij een aanbod voor lessen kreeg. Daarnaast heeft Ana in de noodopvang contact met een “vriendin” met verkeerde intenties. Hoewel het lukt om het contact met haar te verbreken heeft dit voor Ana wel invloed op het aangaan van vertrouwensrelaties. Begin 2022 kreeg Ana de mogelijkheid om in Enschede te gaan wonen. Het was voor haar kiezen tussen de stabiliteit van werk of van een huis. Vanwege haar kinderen koos ze voor het huis. Met de verhuizing naar Enschede verliest Ana haar baan en moet ze met haar kinderen leven van een bijstandsuitkering. Ana heeft altijd het sterke verlangen gehad om te werken en onafhankelijk te zijn. Ze leunt echter zwaar op de tweeling om voor haar te tolken en haar te begeleiden bij allerlei afspraken. Dit leidt helaas ook tot schoolverzuim van de kinderen. Scenario met ondersteuning van het buurtteam (januari 2022 – juni 2022) In januari 2022 gaat Ana met de tweeling naar een inloop bij Wijkwijzer om hulp te vragen bij het aanvragen van toeslagen e.d. Haar zoons hebben het adres van de Wijkwijzer op internet gevonden.

Tijdens dit eerste contact met het buurtteam wordt een bredere ondersteuningsvraag geconstateerd, waarop een wijkteammedewerker wordt betrokken. De wijkteammedewerker heeft een gesprek met Ana en betrekt vervolgens een netwerkcoach van SVEN die Spaans spreekt bij de ondersteuning om de communicatie vlotter te laten verlopen. Zij begeleiden Ana bij het invullen van formulieren, het regelen van financiële zaken, het contact met school en met de zoektocht naar werk. Eind maart 2022 hoort de wijkteammedewerker vanuit de afdeling Werk & Inkomen van de gemeente Enschede dat naar hun mening Ana kansloos is op de arbeidsmarkt, omdat ze de taal niet spreekt. Het buurtteam laat het hier niet bij zitten en gaat samen met Ana naar uitzendbureau 4Minutes voor een kennismakingsgesprek om te kijken of zij haar wel aan werk kunnen helpen. Binnen enkele dagen kan zij al aan de slag als schoonmaker. Via dit uitzendbureau heeft Ana vervolgens diverse uitzend-banen als schoonmaker. Ze is erg blij dat ze weer aan de slag kan, voelt zich nuttig en heeft plezier in het werk. Om de begeleiding vanuit het Buurtteam wat te kunnen afschalen wordt er een maatje gezocht bij Humanitas Samen Actief. Hoewel eind juni een maatje wordt gevonden die tevens Spaans spreekt verloopt dit contact niet heel soepel. Ana leunt toch nog erg op het Buurtteam.

Huidige situatie Ana is erg blij dat ze kan laten zien dat ze wel degelijk kan werken. Dit vergroot ook haar zelfvertrouwen. Inmiddels is ze zelf begonnen om via YouTube Nederlands te leren en ze pakt dit snel op. Ook met haar kinderen gaat het goed. De tweeling krijgt passende zorg via school en doordat hun moeder ondersteuning krijgt worden zij minder belast. Het buurtteam verwacht dat het contact met het maatje via Humanitas binnenkort beter gaat lopen. Ana ziet de toekomst positief tegemoet. Haar droom is om een vaste baan te vinden als huisschilder. Referentiescenario zonder ondersteuning van het Buurtteam Nadat Ana in januari 2022 met de tweeling bij Wijkwijzer binnenstapt krijgt ze ondersteuning van een wijkteammedewerker bij het invullen van formulieren en het regelen van financiële zaken. Vanwege de taalbarrière verloopt dit contact moeizaam en het kost de wijkteammedewerker dan ook veel tijd.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

35

Ana blijft zwaar afhankelijk van haar kinderen voor het tolken bij bijvoorbeeld doktersbezoeken of gesprekken met instanties. Dit geeft Ana en haar kinderen stress en het verstoort hun onderlinge relatie. Ook leidt het tot ongeoorloofd schoolverzuim van de kinderen. Daarnaast moet Ana verplicht taalonderwijs gaan volgen en raakt ze in financiële problemen. De wijkteammedewerker koppelt haar aan een vrijwilliger van budgetbeheer en schuldhulp die Ana begeleidt bij haar financiële problemen. Ana heeft last van slaapproblemen en stressklachten, waardoor ze aanklopt bij de huisarts. Deze schrijft haar medicatie voor. De stress neemt verder toe doordat Ana regelmatig gesprekken moet voeren met de directeur van de middelbare school van haar tweeling wegens het ongeoorloofde schoolverzuim. In mei wordt de leerplichtambtenaar ingeschakeld. Ana krijgt een waarschuwing en de leerplichtambtenaar dreigt met een boete bij herhaaldelijk verzuim. De afhankelijkheid van haar zoons blijft aanwezig en enkele weken later verschijnt de boete op de deurmat. Dit leidt tot verdere stress binnen het gezin en toenemende financiële problemen. Hoewel Ana blij is met haar huis, maakt ze zich zorgen om haar kinderen en de dreigende schooluitval. Ze wil niets liever dan werken en haar kinderen een zorgeloos bestaan bieden.

Onder deze omstandigheden lukt het haar niet om Nederlands te leren en werk te vinden. Ana is erg onzeker over de toekomst van haar gezin.

3.6.2

Werkzame elementen

In deze casus zien we de volgende werkzame elementen: •

Vanzelfsprekend en dichtbij aanwezig zijn – het inloopspreekuur Wijkwijzer is laagdrempelig en

dichtbij, waardoor inwoners makkelijk binnenlopen. •

Korte lijnen – door snel te schakelen en een Spaanssprekende collega in te zetten zijn veel

communicatiemoeilijkheden overwonnen en is er tijd bespaard in de aanpak. Bovendien is het vertrouwen van de inwoner sneller gewonnen. •

Activeren van inwoners door motivatie van mensen aan te boren en te vergroten – het buurt-team

had oog en oor voor de behoefte van Ana aan van betekenis zijn, werk, zelfstandig zijn. Zij hebben zich ingespannen om daarin perspectief voor haar te creëren en dit heeft ook op andere terreinen tot verbetering geleidt (meer zelfvertrouwen, motivatie om Nederlands te leren, minder financiële stress).

3.6.3

Maatschappelijke baten en kosten

In deze casus met een relatief korte looptijd van 6 maanden zien we een besparing van ruim 5.000 euro die hoofdzakelijk komt doordat Ana nu werkt en dus geen uitkering nodig heeft. Weliswaar zijn het uitzendbanen, maar ze bieden wel een basis om verder te groeien. We zien dat de boost in zelfvertrouwen die het haar geeft ook leidt tot motivatie om de taal beter te gaan leren. Een gelukkig toeval in deze casus is natuurlijk dat er een Spaanssprekende medewerker beschikbaar was die door het Buurtteam ingeschakeld kon worden – dat heeft zeker bijgedragen aan de succesvolle aanpak tot nu toe.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

36

Casus 5: Alles voor de kinderen Uitvoerende partij

Aanpak Buurtteam

Referentie

Saldo Buurtteam

SMD

€

0

€

7.087

€

7.087

Gemeente – Werk & Inkomen

€

4.500

€

5.400

€

900

Buurtteam Stevenfenne

€

4.419

€

0

€

- 4.419

VO school

€

0

€

480

€

480

Gemeente – Leerplicht

€

0

€

520

€

520

Huisarts

€

0

€

240

€

240

Uitzendbureau

€

500

€

3.200

€

- 500

Taalonderwijs

€

0

€

752

€

752

Budgethulp

€

0

€

600

€

600

€

9.419

€

15.079

€

5.660

Ook op de langere termijn verwachten we dat de kosten van het huidige scenario flink lager liggen dan die in het alternatieve scenario. Op termijn zou Ana misschien via een andere weg uiteindelijk ook de taal geleerd hebben en werk gevonden hebben en zijn de effecten deels gelijk, maar de tussenliggende periode van stress en schulden zou meer kosten met zich meegebracht hebben. We zien dat de huidige aanpak ten opzichte van het alternatieve scenario nu goedkoper is, en wat meer effect heeft. Op de langere termijn neemt de kosteneffectiviteit weliswaar toe, maar het is de vraag of de huidige ondersteuning inhoudelijk hetzelfde effect blijft hebben.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

37

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

38

4

KOSTEN EN BATEN VAN HET BUURTTEAM STEVENFENNE

4.1

FINANCIEEL

Alle onderzochte cases zijn typische voorbeelden van sociaal werk, waarin zorg voor het individu en werken aan verbinding en leefbaarheid in de wijk door collectieve interventies hand in hand gaan. Dat maakt het in een kosten-baten analyse lastig om te berekenen wel deel van de collectieve investering nu precies ten goede komt aan deze inwoner. Er is immers sprake van wederkerigheid: je helpt het individu door te werken aan het collectief en je verstevigt het collectief door het individu te ondersteunen. Uit de overkoepelende analyse van de verschillende casussen blijkt het volgende: •

Bij elke afzonderlijke casus wordt door de inzet van het buurtteam volgens de inschatting van de

aanwezigen geld bespaard. Dit bedrag varieert van rond de € 4.000 tot rond de € 24.000. Er is één uitschieter naar boven: de casus Muziek doet leven van Paul, omdat hiermee naar verwachting een uithuiszetting en zware psychische hulp wordt voorkomen. In totaal leveren de vijf onderzochte casussen een geschatte besparing op van ruim € 50.000. •

Gemiddeld wegen de kosten van het Buurtteam dus zeker op tegen de baten. Het gemiddelde

positieve saldo per casus is rond de €10.000 euro. De mediaan van de besparing per casus door de inzet van het Buurtteam ligt rond de €5.600. •

Ook op de langere termijn lijkt de inzet van het Buurtteam meer kosteneffectief dan de alternatieve

scenario’s volgens de inschatting van de betrokken experts. N.B. in de tabel hierna staat de term sociaal werk organisaties (welzijn); deze term doet niet helemaal recht aan de organisaties die in deze categorie meegenomen zijn. Het gaat hierbij ook om de inzet van wijkteams bijvoorbeeld. Als je de tabel zo leest zien we dat de aanpak van het Buurtteam Stevenfenne leidt tot meer inzet van de betrokken organisaties (SVEN Incluzio, Alifa en SMD Wijkteams) – zowel door hun inzet in het Buurtteam als aanvullende ondersteuning vanuit de eigen organisatie (€ 11.081)4 Overall zien we dat de meeste opbrengsten van de inzet van het Buurtteam terecht komen bij de gemeente Enschede door besparingen op uitkeringen en Wmo-voorzieningen, maar ook in belangrijke mate bij andere partijen zoals het UWV, de woningcorporatie en bij diverse zorgverleners (GGZ, huisartsenzorg, ambulante begeleiding). Zonder het Buurtteam hadden genoemde organisaties aanzienlijk meer kosten moeten maken. De investering van de gemeente in het Buurtteam vanuit het sociale en welzijnsdomein zorgt dus voor besparingen in andere sectoren zoals wonen, zorg en werk en inkomensvoorzieningen.

4

Helaas is de Effectencalculator applicatie niet in staat om dit in het totaaloverzicht uit te splitsen.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

39

4.2

EFFECTEN VOOR INWONERS EN VOOR DE BUURT STEVENFENNE

De financiële kosten en baten kunnen en mogen niet los worden gezien van de inhoudelijke effecten en opbrengsten van de aanpak. Hierbij is het van belang om naast de individuele effecten oog te hebben voor de collectieve effecten voor de wijk en de effecten voor de betrokken organisaties. De casusbeschrijvingen met de Effectencalculator leveren hier slechts zijdelings informatie over, maar vanuit de theorie zijn deze effecten wel te beredeneren. Uit de casusbeschrijvingen wordt duidelijk wat het belang is van collectieve interventies als bijvoorbeeld de Pop-up acties, Sociaal Tuinieren of Politiekids; het zijn niet alleen middelen om leefbaarheid in een wijk te vergroten door te werken aan het verfraaien van de leefomgeving of het scheppen van een prettig, veilig woonklimaat, maar ze dragen ook in hoge mate bij aan de bekendheid van diverse buurtprofessionals

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

40

(welzijn, zorg, politie, e.d.) bij wijkbewoners. Daarmee bieden deze collectieve interventies tevens laagdrempelige contactmogelijkheden aan bewoners die aarzelen om hulp te zoeken voor hun problemen. Op het niveau van de inwoners zien we verschillende typen effecten van de inzet van het buurtteam: •

doorbreken van sociaal isolement

•

rust in het hoofd door wegnemen stressfactoren

•

meer bereidheid om hulp te accepteren door vertrouwde gezichten

•

meer zelfvertrouwen en gevoel van eigen regie

•

grotere zelfredzaamheid door passende ondersteuning

•

activering naar werk of vrijwilligerswerk

•

grotere betrokkenheid bij de wijk door contacten met andere bewoners en buurtprofessionals

•

voorkomen van escalatie van problematiek

•

meer toekomstperspectief, door oplossen van problemen of beter kunnen omgaan met situatie

Op het niveau van de wijk zien we: •

grotere betrokkenheid van inwoners bij hun straat of wijk door gezamenlijke acties

•

verbeteren van de kwaliteit van de woonomgeving door tuinprojecten

•

groter gevoel van veiligheid door laagdrempelig contact met politie en opvoedingsondersteuning

•

weinig afstand tussen inwoners en buurtprofessionals door vanzelfsprekende, laagdrempelige

aanwezigheid, waardoor vroegsignalering en preventie mogelijk worden

4.3

KENMERKEN VAN DE BUURTTEAM-AANPAK OP BASIS VAN DE CASUSANALYSE

De volgende elementen hebben wij geïdentificeerd als de meest belangrijke succesfactoren voor het werk van het buurtteam: Stressfactoren wegnemen om escalatie te voorkomen Zorgen voor rust in een complexe situatie door stressfactoren waar mogelijk weg te nemen en/of overzicht te creëren is een belangrijk werkzaam element die we in diverse cases terugzien. Bijvoorbeeld in het opruimen van tuin of huis of het regelen van andere praktische zaken zoals vervoer of inkomen. Uit de wetenschappelijke literatuur weten we dat chronische stress ertoe leidt dat mensen niet meer in staat zijn om verstandige keuzes te maken en te werken aan lange termijn doelen. In de methodiek van stress-sensitieve dienstverlening is het creëren van rust aan belangrijke factor. Zo ontstaat er ruimte om problemen te overzien en te werken aan meer structurele oplossingen. Bouwen aan vertrouwen De praktische hulp die het buurtteam biedt is in uiteindelijk altijd een opstapje naar meer. Inwoners die het vertrouwen in hulpverleners zijn kwijtgeraakt merken dat het niet bij mooie woorden en goede wil blijft, maar dat er concreet iets gedaan wordt aan hun situatie. Door samen aan de slag te gaan en inwoners de tijd te geven te wennen aan de aanwezigheid van de medewerker van het buurtteam, is de inwoner op een later moment bereid zich uit te spreken over verdere behoeftes en hulp daarvoor te accepteren.

Aan vertrouwen

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

41

wordt daarnaast ook gewerkt door de zichtbare aanwezigheid van buurtteammedewerkers in de wijk en de laagdrempelige activiteiten. Zo wordt koudwatervrees weggenomen. Eigen regie Door samen met inwoners praktisch aan de slag te gaan in eigen huis of tuin wordt het gevoel van eigen regie bij de inwoner vergroot: hij/zij denkt en werkt zelf mee aan de oplossing, die bij hem of haar past. Collectief en individu hand in hand In diverse casussen zien we de meerwaarde van het combineren van collectieve en individuele hulp. Door deze vormen van hulp met elkaar te verbinden, wordt een inwoner zowel geholpen door een hulpverlener als door de eigen omgeving. Daarnaast is de persoon in staat om het collectief weer verder te ondersteunen. Dit geeft inwoners het gevoel dat ze van betekenis zijn en draagt daardoor bij aan een beter gevoel van eigenwaarde. Korte lijnen bij de samenwerking In een aantal casussen zagen we dat door korte lijnen in het Buurtteam en met partners in de wijk een indicatie sneller en ook meer doelgericht kan worden afgegeven. Dit heeft als resultaat dat de inwoners sneller geholpen wordt, er minder gesprekken hoeven worden gevoerd en dat het vertrouwen van de inwoner in zichzelf en in de hulpverlener groter wordt. Preventie en vroeg signalering In sommige casussen lijkt het effect van de inzet van het Buurtteam minimaal, maar wie beter kijkt ziet dat dat niet zo is.

In alle gevallen gaat het om kwetsbare burgers die te maken hebben met een stapeling van problemen en een ontbrekend of slecht functionerend sociaal netwerk. Contact blijven houden, zelfs al is het maar een paar minuten per week is in deze cases van groot belang, omdat elk evenwicht wankel is. Een luisterend oor is soms al voldoende om te voorkomen dat een situatie escaleert. Vanzelfsprekend contact maakt dat instabiele situaties onopvallend gemonitord worden door het buurtteam en snelle interventie mogelijk is als het toch mis (dreigt) te gaan. Voor een groot aantal inwoners geldt dat hun problemen niet allemaal opgelost kunnen worden, maar dat wel voorkomen kan worden dat de situatie (veel) slechter wordt. Kortom: De werkwijze van het Buurtteam zoals die zichtbaar wordt in de beschreven cases levert kostenbesparingen op voor diverse partijen en is bovenal effectief voor de kwetsbare inwoners van de wijk Stevenfenne. De korte lijnen in het team en weinig bureaucratische aanpak zorgen voor vertrouwen bij wijkbewoners en leveren prachtige samenwerkingen op met verschillende organisaties in de wijk, zoals politie, scholen, woningcorporatie en bibliotheek.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

42

4.4

ORGANISATORISCHE VRAAGSTUKKEN

Op het niveau van de betrokken professionals en organisaties zien we zowel positieve als negatieve effecten. De nauwe samenwerking van professionals van verschillende organisaties in het Buurtteam leidt tot meer kennis over en waardering voor elkaars werk. Zo ontstaat ook meer duidelijkheid over ieders “”specialisme” en kan ondersteuning effectiever worden ingezet. De werkzaamheid van het Buurtteam kenmerkt zich door elementen uit het klassieke opbouwwerk waarvan het hart gevormd wordt door collectieve aanpakken. In de beweging die de gemeente Enschede wil maken naar een sterker voorveld met meer actief betrokken inwoners, kunnen de opbouwwerkers in het team andere professionals meenemen in hun aanpak vanuit het collectief. Zo leren professionals al doende van elkaar. Ook de samenwerking met allerlei partners in de buurt of op gemeentelijk niveau vanuit bijvoorbeeld wonen, onderwijs, zorg, sport of politie werpt z’n vruchten af. Men weet elkaar sneller te vinden en daardoor kan in sommige situaties snel(ler) worden ingegrepen en onrust of escalatie worden voorkomen.

In de drukte van het dagelijkse werk bestaat altijd het risico dat mensen teruggrijpen op hun oude routines, de oude manier van werken (“zo hebben wij dat altijd gedaan”); daarmee komt een vernieuwende aanpak als het Buurteam onder druk te staan en dreigt er onduidelijkheid voor medewerkers en buurtbewoners over wat je van het Buurtteam mag verwachten. Visie, concrete werkwijze en het functioneren als team moeten daarom terugkerende onderwerpen van gesprek zijn. De inzet van het Buurtteam is vormgegeven als een pilot en dat is (hoewel begrijpelijk voor een nieuwe aanpak) tegelijkertijd een zwak punt. Betrokken organisaties lijken bereid om voor een beperkte tijd te investeren in een dergelijke aanpak, maar het is de vraag of die commitment op de langere duur stand houdt gezien de caseload in het reguliere werk. De professionals in het Buurtteam ervaren ook nu al druk vanuit hun moederorganisaties om zich strikt aan de beschikbare uren voor het Buurtteam te houden; dit leidt soms tot onderlinge irritaties door verschillen in taakopvatting. Een Buurtteam bestaande uit professionals die voor verschillende organisaties werkzaam zijn vraagt daarom om duidelijke regie op dit soort randvoorwaarden (afspraken over taken, verantwoordelijkheden, tijdsinvestering en budgetten).

Inhoudelijk moet er echter voldoende ruimte overblijven voor de professionals in het team om te doen wat nodig is.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

43

5

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

5.1

WAARDE VAN HET BUURTTEAM STEVENFENNE

Conclusie: De inzet van het Buurtteam werpt haar vruchten af, zowel voor individuele inwoners als voor de wijk. De werkwijze van het Buurtteam past bij de populatie in de wijk; inwoners in kwetsbare situaties, die de weg naar de hulpverlening niet kennen en/of op grond van eerdere ervaringen of verhalen uit hun netwerk wantrouwen naar hulpverleners hebben opgebouwd, worden door de laagdrempelige aanpak “verleid” tot contact. Op basis van de werkzame mechanismen en de onderzochte casuïstiek mogen we concluderen dat het aannemelijk is dat de zichtbaarheid, vasthoudendheid en vanzelfsprekende nabijheid van de professionals van het Buurtteam bijdraagt aan het voorkomen van escalatie van hulpvragen en de vraag naar dure zorg verminderd. Het onderhavige onderzoek is in z’n omvang beperkt, maar de uitkomsten komen overeen met wat in onderzoek naar vergelijkbare initiatieven gevonden is, zoals de evaluatie van de buurtteams in Utrecht en de teams van WIJ Eindhoven en WIJ Dordrecht. Dit zijn weliswaar geen grootschalige effectevaluaties, maar wel zeer bruikbare procesevaluaties en maatschappelijke kosten baten analyses. Al deze evaluaties laten zien dat de buurtteam- aanpak gericht op laagdrempelig contact met inwoners, bouwen aan vertrouwen, uitgaan van eigen kracht en talenten en werken aan verbindingen in de buurt succesvol is.

Het Verwey-Jonker Instituut heeft twee buurtteams in Utrecht geëvalueerd5. Zij concluderen dat de effectiviteit van de buurtteams ontstaat door een integrale, domein overstijgende aanpak, snel en pro-actief werken zonder indicatie en het benutten van eigen kracht en netwerk van inwoners. Als belangrijkste effecten van de buurtteams zien zij eerder en meer vertrouwen van inwoners, meer kwaliteit voor inwoners en goedkopere hulp met minder overhead. Een initiatief dat heel veel overeenkomsten vertoond met het Buurtteam Stevenfenne is de werkwijze van WIJ Eindhoven. gericht op terugdringen van gebruik ‘dure’ zorg, preventie bij risicogroepen en het vergroten van de participatie van alle inwoners. Het ontwerp van deze aanpak stoelt op wetenschappelijk kennis over de kracht van wederkerigheid, de kracht van dichtbij, ondernemingskracht, het belang van talentontwikkeling en veerkracht, de kracht van netwerken en de kracht van professionals.6 Een kernwaarde daarin is de aandacht voor verbinding, voor sociale netwerken als drager van levenskwaliteit: “Verbinding heeft in veel gevallen een positieve invloed op zelfredzaamheid en participatie. De oorzaak van het ontbreken van zelfredzaamheid en een gevoel van sociale afstand is het ontbreken van sociale netwerken en kennis hebben van het bestaan van informele hulpbronnen.”

5 6

Meere, F. de, Hamdi, A., & Deuten, J. (2013) Goede hulp is veel waard. Utrecht: Verwey-Jonker Instituut Heijden, S. van der. e.a.(2021) Buurt in Bloei, een waardevolle aanpak? Eindhoven: WIJEindhoven

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

44

De belangrijkste conclusie uit dit evaluatieonderzoek is dat WIJ Eindhoven inspeelt op de behoefte van de buurt en daarmee waarde creëert voor de inwoners en helpt om talenten van inwoners te ontwikkelen en daarmee maakt dat inwoners steviger in het leven staan. Het onderzoek naar WIJ Dordrecht7, aan de hand van 6 casussen met behulp van de Effectencalculator, laat zien dat er sprake is van kostenbesparingen waarvan de omvang soms lastig in te schatten is, maar dat evident is dat de effecten voor inwoners enorm positief zijn (doorbreken sociaal isolement, meer geestelijk welzijn, meer sociale contacten, beter daginvulling en – structuur. De inzet van deze teams leidt tot vroegsignalering en preventief een meer integrale aanpak en meer sociale samenhang in de wijk. Alle drie de onderzoeken onderstrepen dus de conclusies uit het onderhavige onderzoek naar het Buurteam Stevenfenne; een pro-actieve benadering die zoekt naar verbindingen in de wijk en aansluit bij mogelijkheden en wensen van inwoners draagt bij aan kwaliteit van leven en werkt preventief en vaak ook nog kostenbesparend. Tegelijkertijd concluderen alle onderzoekers dat de werkelijke waarde van een initiatief als een buurtteam moeilijk te bepalen is. Het is eenvoudig om de kosten van een buurtinterventie te berekenen door uren en de kosten van middelen.

Maar het is veel moeilijker, zo niet onmogelijk, om de waarde te bepalen van een leefbaarder buurt, met meer veiligheid en meer sociaal contact tussen bewoners. Laat staan van de lange termijn effecten als de afname van huiselijk geweld en afname van gezondheidsklachten, als ook verbeterde schoolprestaties. Het gaat hier om effecten die doorsijpelen in andere gebieden, waardoor het onmogelijk is om opbrengsten van maatschappelijke inspanningen in een exact getal vast te leggen. Een onderbouwing van de werkzame elementen vanuit wetenschappelijke literatuur kan echter wel zeer aannemelijk maken dat bepaalde effecten bereikt worden. Daarom is het van belang om te zoeken naar een passende vorm van monitoring; geen ingewikkelde registratiesystemen die vooral tellen, maar een instrument dat laat zien welke betekenis het werk van het Buurtteam heeft voor mensen in de buurt. Movisie ontwikkelde samen met de buurtteams in Utrecht en WIJ Eindhoven het instrument Wat telt8; dit instrument gaat uit van de beleving van de inwoner, welke problemen hij ervaart en hoe de inwoner die zelf aan wil pakken en kan onderdeel zijn van het reguliere gesprek tussen professional en inwoner. Qua inhoud sluit het instrument aan bij concepten als Positieve gezondheid9 en Sociale Kwaliteit10. Momenteel wordt in samenwerking met WIJ Eindhoven gewerkt aan een versie die ook past op collectieve interventies.

Ook de toepassing van de Effectencalculator (bij voorkeur met gebruikmaking van een lokale variant van de Maatschappelijke Prijslijst) kan behulpzaam zijn met name ook het kostenbewustzijn bij betrokken professionals te bevorderen. Bij de Hogeschool Arnhem Nijmegen is een versie voor gebruik bij collectieve interventies in de maak: het Effectenplein.

7

Kwakernaak, M. e.a. (2021) De waarde van WIJm Utrecht: Verweij Jonker Instituut https://www.movisie.nl/tool/instrument-wat-telt 9 https://mijnpositievegezondheid.nl/ 10 https://www.socialevraagstukken.nl/wp-content/uploads/Sociale-Kwaliteit-in-de-Sociale-Basis-.pdf 8

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

45

Voor de verdere ontwikkeling van de aanpak van het Buurtteam kunnen casusbesprekingen met behulp van een methodiek gestoeld op de Effectencalculator bijdragen aan meer zicht op de effecten van de aanpak (en eventuele alternatieve scenario’s) en het ontwikkelen van een groter kostenbewustzijn bij professionals. Aanbeveling: Het is belangrijk om met enige regelmaat de waarde van het Buurtteam expliciet te bekijken. Monitoring van de resultaten en effecten is van belang omdat de context aan verandering onderhevig blijft en de activiteiten van professionals in het Buurtteam niet vooraf vaststaan. Ook zorgt monitoring ervoor dat betrokkenen met elkaar in gesprek blijven over de vraag of het Buurtteam nog steeds de goede dingen doet. Dit geeft richting aan het handelen van professionals, voorkomt goedbedoeld hobbyisme en maximaliseert de waarde voor inwoners, de buurt en de stad.

5.2

DOORONTWIKKELING

Conclusie: De methodiek van het Buurtteam staat op hoofdlijnen (zie hoofdstuk 2) maar verdient verdere uitwerking en verdieping. Ook de organisatie van het Buurtteam loopt nog niet optimaal. De geschiedenis van het Buurtteam Stevenfenne is nog jong; het kost tijd om organisaties samen te brengen en een gezamenlijke werkwijze te ontwikkelen. Het Buurteam bevindt zich deels nog in de fase van experimenteren, een nieuwe visie doorleven en werkwijze ontwikkelen en invoeren. De coronacrisis heeft bovendien ook de nodige invloed gehad op het proces; enerzijds heeft het zaken in een stroomversnelling gebracht en creativiteit aangewakkerd, anderzijds is de ontwikkeling van het Buurtteam daardoor vertraagd door extra belasting van betrokken organisaties en ingewikkelde communicatielijnen. Mede door deze rommelige start is merkbaar dat de korte lijnen binnen het Buurtteam nog niet altijd optimaal benut worden; soms bestaat de neiging om op de oude manier te werken. Dat wordt versterkt doordat de medewerkers van het Buurtteam uit verschillende moederorganisaties afkomstig zijn en elk hun eigen cultuur meedragen. Qua inhoud achten we het wenselijk dat de werkzame elementen nadrukkelijker benoemd en onderbouwd worden en daarna dienen als basis voor aanscherping en concretisering van de methodiek. De werkwijze van WIJeindhoven kan daarvoor als inspiratie dienen.

De organisatie van het Buurtteam Stevenfenne loopt nog niet altijd even soepel en het is de vraag wat daarin helpt. In het verleden is er landelijk onderzoek gedaan door de gezamenlijke kennisinstituten naar verschillende organisatievormen en positionering van dergelijke teams.11 Daaruit blijkt dat welke positie (als onderdeel van gemeente, als zelfstandige organisatie of in een samenwerkingsverband op basis van een convenant) men ook kiest, elke vorm voor- en nadelen kent. De huidige vorm van het Buurtteam Stevenfenne waarin professionals van verschillende partners samenwerken heeft als voordeel dat de professionals elkaar qua expertise kunnen versterken en er snel geschakeld kan worden. De opbouwwerkers kunnen door hun opleiding en expertise, naast het ontsluiten van de kracht van de inwoners, ook hun teamgenoten leren om meer preventief en collectief te denken over een wijk. Deze vorm waarin de gemeente de taken extern belegd heeft als voordeel dat het de gemeente 11

Enden, Th. van den, e.d. (2017) Organisatievormen en positionering van (wijk) teams. Utrecht: IWW

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

46

niet sterk belast en de gemeente kan gebruik maken van reeds aanwezig expertise bij uitvoerders in de stad. Nadelen zijn dat de verdeling van taken en verantwoordelijkheden vaak minder duidelijk is, dat de gemeente minder kan sturen en dat medewerkers van het team moeten schipperen tussen de taken en eisen vanuit hun eigen organisatie en de vragen vanuit het Buurtteam. Het voelt soms alsof de taken voor het Buurteam extra zijn en los staan van je eigenlijke takenpakket. Ook de uitwisseling van gegevens t.b.v. casuïstiekoverleg kan problematisch zin, maar dit kan goed ondervangen worden door een convenant. Een andere vorm met het buurtteam bijv. als onderdeel van de gemeente lijkt soms aantrekkelijk omdat het een gemeente veel controle en sturingsmogelijkheden geeft (mits het team een duidelijke opdracht mee krijgt), maar kost ook veel tijd. Bovendien bestaat het gevaar dat het team te veel als instrument van bestaand beleid ingezet wordt, waardoor de buurt en haar inwoners uit het oog verloren worden en medewerkers het vertrouwen van inwoners verliezen. Andere organisaties in de stad zijn ook geneigd een dergelijk team eerder als concurrent dan als partner te zien. Tegelijkertijd kunnen deze risico’s geminimaliseerd worden als er goede afspraken gemaakt worden over verdeling van taken en verantwoordelijkheid en handelingsvrijheid van de teamleden.

Voordeel is wel dat de leden het werk voor dit team als hoofdtaak hebben en daar dus geen onduidelijkheid over kan bestaan. Zowel in Utrecht als in Eindhoven is deze vorm dankzij goede afspraken en voldoende ruimte voor de professionals succesvol gebleken. De werkwijze van het Buurteam wijkt in hoge mate af van het werken in reguliere wijkteams; een succesvol Buurtteam vraagt daarom ook om een ander type professional! Het vraagt om ondernemerschap, om creatieve mensen die kansen zien en benutten, om een gastvrije open houding ook als inwoners afwachtend of vijandig zijn of lijken. Bij de werving van medewerkers voor het Buurtteam zijn dat belangrijke aandachtspunten. De kwaliteit van de professional bepaalt in hoge mate het effect van een Buurtteam. Aanbeveling: Wij adviseren – gezien de ervaringen van de afgelopen periode - om de huidige structuur en positie van het Buurtteam Stevenfenne te continueren, maar de afspraken over beschikbare capaciteit vanuit de verschillende deelnemende partners nog eens aan te scherpen en vast te leggen. Belangrijk daarbij is dat alle partners in gelijke mate bijdragen en daar door de gemeente Enschede ook voor gefaciliteerd worden.

Tevens moet expliciet aandacht worden besteed aan werving, teamvorming en coaching om gedeelde waarden met elkaar te formuleren, de werkwijze verder te expliciteren en verder te groeien in de rol van “oliemannetjes/vrouwtjes” in de buurt Stevenfenne. Door met elkaar casuïstiek te bespreken en te reflecteren op de gekozen oplossingen en de effecten daarvan, kunnen de professionals in het Buurtteam meer naar elkaar toe groeien en het zelfvertrouwen ontwikkelen om soms te kiezen voor andersoortige oplossingen die meer regie laten bij de inwoner en/of slim gebruik maken van de sociale infrastructuur in de wijk.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

47

5.3

BELEID

Het werk van het Buurteam Stevenfenne is succesvol gebleken. De outreachende, pro-actieve aanpak, waarbij contact met inwoners op een laagdrempelige manier tot stand komt en de verbindingen tussen allerlei partijen in de buurt gestimuleerd worden past in de wens van politiek en beleid om de aandacht meer te verleggen naar het voorveld, naar wat inwoners zelf kunnen en willen en ze daarbij een steuntje in de rug te geven. Een gezonde sociale basis waarin inwoners en organisaties in een buurt samen zorgdragen voor de leefbaarheid levert een belangrijke bijdrage aan de behoefte van mensen om van betekenis te zijn. In het concept van positieve gezondheid gaat het dan niet alleen om meedoen, maar ook om zinvol leven; gezien en gehoord worden en ertoe doen. In de verhalen van de inwoners van Stevenfenne zien we dat alleen al een luisterend oor of simpele praktische hulp soms al voldoende zijn om te zorgen dat mensen niet uit balans raken. We zien ook dat mensen na verloop van tijd (zij het soms met hele kleine stapjes) zelf een actievere rol in hun straat of buurt oppakken en deelnemen aan activiteiten. Zo wordt de basis gelegd voor sociale netwerken waar mensen in moeilijke situaties steun aan kunnen ontlenen en zij niet onmiddellijk een beroep hoeven te doen op professionele zorg en ondersteuning.

Tegelijkertijd moeten we ook realistisch zijn in ons verwachtingspatroon; een sterke sociale basis gaat niet alles oplossen. Er blijven nu eenmaal inwoners die zo kwetsbaar zijn dat ze nooit zonder enige vorm van professionele ondersteuning zullen kunnen functioneren. Maar een buurt met goede sociale verbanden draagt wel bij aan leefbaarheid en kwaliteit van leven voor alle inwoners. Gezien het succes van het Buurtteam Stevenfenne ligt het voor de hand om deze aanpak ook in andere wijken of buurten in te zetten. Toch moet daar niet lichtvaardig over gedacht worden; elke buurt is anders en heeft een andere dynamiek. Bovendien weten we op dit moment maar beperkt wat er wel en niet werkt in de aanpak van het Buurtteam. We weten ook niet of de coronacrisis een versterkende dan wel een remmende invloed heeft gehad op de opbrengsten en ervaren effecten. Daarvoor moet het Buurteam Stevenfenne nog enkele jaren de kans krijgen om verder te groeien in haar rol. De samenwerking met partners in de buurt (ondernemers, partnerorganisaties en informele organisaties) zou nog verder uitgebouwd en geconsolideerd kunnen worden. In algemene zin is het van groot belang dat een methodiek als het Buurtteam de tijd krijgt om zichzelf te ontwikkelen en te bewijzen.

Recent verscheen het essay “Het geheim van de lange relatie” waarin het gaat over de permanente vernieuwingsdrang (van bestuurders, beleidsmakers en organisaties) die de effectiviteit van het sociaal werk ondermijnt. De auteurs stellen daarin op basis van wetenschappelijke literatuur het volgende: (..) Wijken en buurten waar achterstanden zich concentreren, vragen om inspanningen die zich over een langere periode uitstrekken. Dat geldt in het bijzonder voor bewoners in een onzekere bestaanspositie. Achterstanden stabiliseren en inlopen kost tijd. De snel groeiende stapeling van anonieme, contextloze registraties in systemen, mede als gevolg van meldingen, leidt tot gefragmenteerde hulp en gebrek aan continuïteit. Soms is snel en hard ingrijpen nodig, maar belangrijker is het de aandacht te richten op duurzame relaties tussen hulpverleners/sociaal werkers en hun cliënten/bewoners. Relationele continuïteit betreft de persoonlijke relatie tussen een cliënt of inwoner en een hulpverlener of sociaal professional of een team van sociale professionals, die zich uitstrekt over een langere periode. De relatie krijgt daardoor voorspelbaarheid,

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

48

continuïteit en coherentie voor de cliënt. Hij of zij wordt niet steeds met nieuwe gezichten in nieuwe situaties geconfronteerd. (..) Effectief sociaal werk bestaat bij de gratie van relationele continuïteit. Dit geldt zowel voor het individueel gerichte sociaal werk (maatschappelijk werk) als voor vormen van sociaal werk gericht op gemeenschappen (buurtwerk, opbouwwerk).

Deze passage beschrijft de kern van het werk van het Buurtteam; langdurige verbintenissen aangaan met inwoners. Maar in datzelfde essay wordt tevens het belang geschetst van de context; organisatorische en beleidsmatige continuïteit. Niet te veel heil verwachten van reorganisaties of energie verspillen aan nieuwe aanbestedingen, maar langdurig investeren in vakmanschap en kwaliteit. En als beleidsmakers weerstand bieden aan de druk van politiek en publieke opinie om op elk incident reageren met een nieuwe taskforce of nieuw project. Mocht er toch gekozen worden voor verder uitrol, doe dat dan op beperkte schaal; in hooguit 1 of 2 wijken/buurten tegelijk. Waar de kernelementen van de aanpak bij een eventuele uitrol in andere wijken uiteraard overeind moeten blijven, kan afhankelijk van de demografie en problematiek in een wijk wel gekozen worden voor een iets andere samenstelling van een nieuw Buurtteam. Specifieke kennis over bijvoorbeeld ouderen of financiële problematiek zou kunnen worden toegevoegd aan het team om zaken vroegtijdig te signaleren. Ook moet de regierol duidelijk belegd worden. Aanbevelingen: Biedt weerstand aan de neiging tot vernieuwing – er is brede erkenning voor het belang van een sterke sociale basis een meer inzet in het voorveld.

Geef het Buurtteam Stevenfenne daarom de tijd en ruimte om haar aanpak verder te ontwikkelen; daarbij adviseren wij om de huidige structuur in stand te houden, maar hernieuwde afspraken te maken over verwachtingen en inzet van de betrokken organisaties. Kies een passend instrument, monitor de voortgang en blijf met elkaar in gesprek over de effecten om daarvan te leren en bij te sturen. Faciliteer de betrokken organisaties SVEN Incluzio, Alifa en SMD Wijkteams om een substantiële bijdrage te kunnen leveren een het Buurtteam. Wees daarbij duidelijk over wat dit betekent voor hun overige taken! Behoud de kernelementen van de aanpak bij een eventuele uitrol naar andere buurten, maar maak een goede analyse van demografie en problematiek om te bepalen wat dan de juiste teamsamenstelling is.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

49

BRONNENLIJST Arum, S. van, R. Broekroelofs en H. van Xanten (2020) Sociale (wijk)teams: vijf jaar later - vierde landelijke peiling onder gemeenten. Utrecht: Movisie Arum, S. van, S. Verweij, K. van der Veer (2018) Wat werkt bij integraal werken in de wijk. Utrecht: IWW/Movisie Beurskens, E, M. van der Linde, A. Baart (2019) Praktijkboek Presentie. Amsterdam: Coutinho Enden, T. van den, Kooiman, A., Udo, N. & Meijer, M. de (2017). Organisatievormen en positionering (wijk)teams. Overwegingen en ervaringen van gemeenten in beeld. Utrecht: Integraal Werken in de Wijk. Engbersen, R. (Movisie), T. Jansen (Stichting Beroepseer), R. Janssens (VNG) (2022) Het geheim van de lange relatie - Continuïteit als voorwaarde voor een effectief sociaal domein. Utrecht: Movisie Heijden, S. van der, e.a. (2021) Buurt in Bloei, een waardevolle aanpak? Ja! Eindhoven: Stichting WIJEindhoven i.s.m.WHISE Huygen, A., & Meere, F. d. (2008). De invloed en effecten van sociale samenhang. Retrieved from verweyjonker: https://www.verwey-jonker.nl/wp-content/uploads/2008/01/De-invloed-en-effecten-vansocialesamenhang_1169.pdf Janis, I.L. (1982) Decision making under stress. In: L. Goldberg and S. Breznitz, Handbook of stress: theoretical and clinical aspects. New York: Free Press. pp. 69 – 80 Janssens, R., G. Schout en B. Wienen (2021), De makke van meldpunten.

Ruimte voor een relationele benadering bij sociale problematiek. Den Haag: VNG Jungmann, N., Wesdorp, P., Madern, T. (eds) (2020) Stress-sensitief werken in het sociaal domein. Houten: Bohn Stafleu van Loghum Kwakernaak, M, e.a. (2021) De waarde van WIJ – casusonderzoek naar de kosten en baten van WIJ Dordrecht. Utrecht: Verwey Jonker Instituut Lans, J. van der (2010) Erop af! De nieuwe start van het sociaal werk. Amsterdam: Augustus Lazarus, R.C., Folkman, S. (1984), Stress, Appraisal and Coping. Springer Publishing Company New York, pp 1-21 Maat, J.W. van der (2016) Overbruggen van vooroordelen door kennismaking. Utrecht: KIS/Movisie Meere, F. de, A. Hamdi, J. Deuten (2012) Het is de integrale aanpak die werkt - Evaluatie na één jaar Utrechtse Buurtteams Krachtig. Utrecht: Verweij Jonker Instituut Naert, J. e.a. (2017), ‘Continuity of care in youth services: A systematic review.’ In: Children and Youth Services Review 75 (2017) 116-126. Omlo, J. (2017). Wat werkt bij outreachend werken. Utrecht: Movisie

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

50

Ryan, R.M., & Deci, E.L. (2000). Self-determination theory and the facilitation of intrinsic motivation, social development, and well-being. American Psychologist, 55, 68-78 Ruig, L. de, Talman J. en Engelen M. (De Beleidsonderzoekers), Persoonlijke begeleiding in de bijstand. Wat gemeenten en Rijk kunnen leren van pilots uit Tilburg, Leiden en Helmond. Schlatmann, T. (z.d.). Bewoners willen iets… met elkaar - Over het belang van groepsvorming en ‘presentie in community’ bij mensen in kwetsbare omstandigheden. Online via: http://www.korschippers.nl/wpcontent/uploads/2021/01/Presentie-in-community.pdf Geraadpleegd op 28.06.2022 WRR (2017). Weten is nog geen doen. Een realistisch perspectief op redzaamheid. Den Haag: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.

Movisie • Buurtteam Stevenfenne

51

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=ab7bd07d-9639-4102-92e5-ec88e84bd00e