Quick scan gem. regelingen 2022
Tekst van het document
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen 2022
Quick scan gemeenschappelijke regelingen 2022 In opdracht van de Rekenkamer(commissie)s van Almelo, Dinkelland, Enschede, Haaksbergen, Hengelo, Hof van Twente, Losser, Oldenzaal en Tubbergen alsmede van de gemeenteraden van Borne, Hellendoorn, Rijssen-Holten, Twenterand en Wierden.
1 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
J.A.M. de Kruijf 4 mei 2022
1
INLEIDING
3
2
KERNPUNTEN 3 2.1 Algemeen 3 2.2 GBTwente 4 2.3 Omgevingsdienst Twente 2.4 Recreatieschap Twente 4 2.5 Samen Twente 4 2.6 Stadsbank 4 2.7 Veiligheidsregio 4 2.8 Businesspark XL Almelo 4 2.9 SWB Midden Twente 4 2.10 Technology Base Twente
3
4
5
REGIONALE TAAKUITVOERING 3.1 3.2 3.3
6
Organisatie van taakuitvoering 6 Verbonden partijen 6 Gemeenteraad en GR 7
4
ALGEMENE BEVINDINGEN
5
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELINGEN MET VEEL DEELNEMERS 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7
6
9
GBTwente 11 Omgevingsdienst Twente (ODT) 13 Openbaar Lichaam Crematoria Twente (OLCT) Recreatieschap Twente 15 Samen Twente 17 Stadsbank Oost Nederland (SON) 20 Veiligheidsregio Twente (VRT) 21
15
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELINGEN MET ENKELE DEELNEMERS 6.1 6.2 6.3
11
24
Businesspark XL Almelo 24 SWB Midden Twente 25 Technology Base Twente (TBT) 26
2 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
1
Inleiding
Jaarlijks maakt de financieel deskundige van de Rekenkamer Enschede in opdracht van de gezamenlijke Twentse Rekenkamers een rapport bij de concept begrotingen en jaarrekeningen van de zogenaamde Gemeenschappelijke Regelingen [hierna: GR(n)]. Dit rapport heet een quick scan. De naam zegt het al: het gaat om een snelle beoordeling van de documenten die u zijn voorgelegd. Dat betekent dat een quick scan niet vergelijkbaar is met een regulier rapport van een rekenkamer dat op basis van onderzoek tot stand komt. Het is ook niet vergelijkbaar met een accountantsrapport dat is gebaseerd op de onderliggende cijfers uit een organisatie of gemeenschappelijke regelingen. In een accountantsrapport staat een uitspraak over de juiste weergave van cijfers (getrouwheid) en correcte toepassing van regelgeving (rechtmatigheid). Doel van een quick scan is om u als raadsleden handreikingen en suggesties te geven zodat u via het college vragen kunt stellen over de dienstverlening en de financiële resultaten van een GR. Volgens de wet heeft u de gelegenheid om een zogenaamde ‘zienswijze’ in te dienen bij de begroting. Het bestuur van de GR dient daar bij de vaststelling van de begroting rekening mee te houden. De vragen die u naar aanleiding van de quick scan zou kunnen stellen zijn een bijdrage aan het debat in uw raad over die zienswijze.
Uiteraard kunt u ook vragen stellen of uw mening geven over zaken met betrekking tot GRn die niet in de quick scan aan de orde komen. Over de jaarstukken heeft u geen zeggenschap: deze documenten dienen als verantwoording over de taakuitvoering in het afgelopen jaar. Jaarstukken kunnen wel aanknopingspunten bieden voor vragen over de toekomstige taakuitvoering en in die zin zijn ze ook relevant voor de beoordeling van de voorliggende begrotingen. De inhoud van deze quick scan is iets uitgebreider dan normaal. Na deze inleiding is in kernpunten een samenvatting van de bevindingen opgenomen. Na de verkiezingen van maart 2022 zijn veel nieuwe raadsleden beëidigd. Daarom vervolgt deze quick scan in hoofdstuk 3 met een korte inleiding over de positie van uitvoeringsorganisaties waar uw gemeente mee samenwerkt en zeggenschap over heeft. Hoofdstuk 4 bespreekt een aantal algemene, GR overstijgende, onderwerpen. Daarna volgt in hoofdstuk 5 voor elk van de gemeenschappelijke regelingen waarin de meeste Twentse gemeenten samenwerken een paragraaf met bevindingen. In een aantal gevallen werkt slechts een klein deel van de Twentse gemeenten samen met een GR. Op verzoek van sommige gemeenten is ook voor die GRn in hoofdstuk 6 een korte paragraaf met bevindingen opgenomen. 2
Kernpunten
In dit hoofdstuk staan per GR de belangrijkste opmerkingen samengevat. Andere punten dan hier genoemd kunt u uiteraard ook overnemen in een zienswijze. De besturen van de Gemeenschappelijke Regelingen kunnen eveneens op alle in de tekst genoemde punten reageren. Reactie college: Onze reactie treft u aan vanaf hoofdstuk 3, grijs gearceerd. 2.1 • • •
Algemeen Vraag als gemeenteraden om vroegtijdige betrokkenheid bij keuzes die voortvloeien uit de bij diverse GRn te ontwikkelen strategische notities. Vraag uw college een proces in gang te zetten dat zienswijzen op kadernota’s ter voorbereiding op begrotingen van GRn mogelijk maakt Vraag uw college in de paragraaf verbonden partijen bij de gemeentelijke begroting en rekening aandacht te besteden aan regionale taken die via een specifieke gemeente namens meerdere gemeenten worden uitgevoerd.
3 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
• • • 2.2 • • 2.3 • • 2.4 • • 2.5 • • • 2.6 • • 2.7 • • 2.8 • 2.9 • •
Bij Samen Twente is sprake van kosten voor pensioen van voormalig DB-leden. Bij welke GRn kan zich dit ook voordoen? Overweeg de aanpak rondom de ‘Begroting in een Oogopslag’ en de scenario-analyse bij het weerstandsvermogen zoals Samen Twente dat toepast elders over te nemen. Wordt er nagedacht over een rol voor bibliotheken om digitaal minder vaardige burgers te helpen bij hun contact met GRn? GBTwente Vraag GBTwente meer inzicht te laten geven in de kosten die verband houden met commerciële bureaus die bezwaarschriften indienen. Vraag om meer helderheid over de ambitie om 99% foutloos te werken en de verbetering van dienstverlening: wanneer is goed goed genoeg? Omgevingsdienst Twente Welke maatregelen denkt ODT te gaan nemen om de productie beheersbaar en binnen de begroting te houden? Overweeg het bestuur van ODT mee te geven om het rekeningresultaat 2021 aan de deelnemende gemeenten uit te keren.
Recreatieschap Twente Op welke termijn verwacht het Recreatieschap de bestaande beleidsnota’s te gaan actualiseren? Welke argumentatie heeft het bestuur voor de inschatting dat de baten in 2023 duidelijk hoger liggen dan in de jaren daarvoor en daarna? Samen Twente Wat is de relatie tussen de groei van het aantal contractpartijen in de zorg, het additioneel gevraagde budget voor OZJT en eventuele besparingen in de zorgkosten? Vraag aandacht voor inhoudelijke prestatiegegevens op het domein van Veilig Thuis, bijvoorbeeld rondom uit huis plaatsingen. Op welke termijn verwacht Samen Twente het koersdocument voor OZJT uit 2016 te kunnen actualiseren? Stadsbank Is er aanleiding om als gevolg van hoge energieprijzen en inflatie rekening te houden met extra beroep op de Stadsbank in 2022 en volgende jaren? Hoe verhoudt een claim voor extra personeel in 2023 zich tot de afbouw van de formatie ten opzichte van de formatie per eind 2021? Veiligheidsregio Welke gevolgen heeft de verschuiving in hulpverlening van traditioneel brand bestrijden naar hulp bij water- en stormschade voor de organisatie van VRT en de financiën? Waar komt het initiatief voor het benoemen van het thema cyberweerbaarheid vandaan en welke inbreng van gemeenteraden acht de Veiligheidsregio daarbij mogelijk? Businesspark XL Almelo Wat zijn de voor- en nadelen van een gedeeltelijke verlaging van de schuldenpositie van
businesspark XL als aanvullend riscobeheersingsinstrument? SWB Midden Twente (Enschede is geen deelnemer.) Vraag SWB om gemeenteraden actief te betrekken bij het vraagstuk van de afbakening van de doelgroepen waarvoor SWB in de toekomst gaat werken. Vraag het bestuur van SWB om het ontbreken van een voorziening voor onderhoud kapitaalgoederen te heroverwegen.
4 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
2.10 Technology Base Twente •
•
Vraag een toelichting op de gevolgen van een eventuele vertraging van investeringen in het onderdeel bedrijventerrein, gegeven de huidige inflatie en de verwachting dat gronduitgifte pas vanaf 2026 betekenisvol is. Welke gevolgen hebben de nieuwe ontwikkelingen rondom de landingsbaan (onderhoud en standpunt ILT over bermen) bezien vanuit de al lopende evaluatie over de luchthaven?
5 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
3
Regionale taakuitvoering
Deze paragraaf bevat een inleiding op de wijze waarop gemeenten onderling samenwerken. In paragraaf 3.1 volgt een toelichting op samenwerkingsvormen. Paragraaf 3.2 gaat in op het begrip ‘verbonden partijen’ zoals u dat in de gemeentebegroting en -rekening tegenkomt. Paragraaf 3.3 gaat in op het verband tussen verbonden partijen en gemeenschappelijke regelingen en uw rol als gemeenteraad bij de besluitvorming over deze organisaties. 3.1
Organisatie van taakuitvoering
Gemeenten zorgen op allerlei verschillende manieren ervoor dat diensten voor de burgers beschikbaar komen. Veel doet de gemeente zelf, maar er kunnen redenen zijn om taken door andere partijen te laten uitvoeren. Zo zijn diensten voor jeugdzorg en WMO op contractbasis ingekocht bij zorgdienstverleners. De brandweer is op grond van de Wet Veiligheidsregio’s op regionaal niveau georganiseerd. Voor omgevingsdiensten geldt hetzelfde, maar dan op basis van de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht. Andere samenwerkingsverbanden zijn vrijwillig tot stand gekomen, bijvoorbeeld de Stadsbank Oost Nederland. Voor zowel brandweer, omgevingsdienst en Stadsbank geldt dat het in alle drie de gevallen gaat om een zogenaamde Gemeenschappelijke Regeling op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen (WGR). Het bestuur van een GR bestaat uit een Algemeen Bestuur en een Dagelijks Bestuur. In de regel bestaat het bestuur uit wethouders van de betrokken gemeenten. In uitzonderingsgevallen hebben raadsleden zitting in een Algemeen Bestuur. Het bekendste voorbeeld daarvan is de in 2022 opgeheven Drechtraad. Een andere vorm van samenwerken is dat gemeenten samen een bedrijf oprichten en aandeelhouder van dat bedrijf zijn. Dat geldt in Twente bijvoorbeeld voor Twente Milieu en Twence. De wettelijke basis hiervoor ligt in de gemeentewet en het burgerlijk wetboek.
De gemeentewet (artikel 160, lid 2) bepaalt dat een college van B&W een privaatrechtelijke rechtspersoon mag oprichten nadat u als gemeenteraad in de gelegenheid bent gesteld daar ‘wensen en bedenkingen’ over te delen met het college. Een bedrijf kan voor meerdere gemeenten werken, maar dat hoeft niet zoals uit het voorbeeld van het Sportbedrijf Almelo of Sportaal in Enschede blijkt. De laatste vorm van samenwerken gaat formeel ook op grond van de WGR, met als onderscheidend kenmerk ten opzichte van de andere vormen dat er nu geen organisatie is opgericht. Een gemeente vervult de rol van penvoerder namens alle gemeenten. Zo doet Enschede dat sinds 2022 voor arbeidsmarktvraagstukken en verzorgt Hengelo de regionale taken voor verkeer en vervoer.1 Deze vorm van samenwerken gold tot en met 2021 ook voor beschermd wonen en krijgt op termijn een groter belang wanneer het Rijk met regio’s meer zogenaamde regio-deals gaat afsluiten. Voor die deals is voor zover nu bekend het idee dat er geen organisatie wordt opgericht. Gemeenten zorgen onderling voor afstemming. Het toezicht van gemeenteraden op regio-deals is punt van discussie en nog niet uitgekristalliseerd. 3.2
Verbonden partijen
In de gemeentelijke financiële voorschriften (BBV)2 is vastgelegd dat gemeenten bepaalde informatie over verbonden partijen in de begroting en de jaarrekening moeten opnemen. Het doel daarvan is om u een overzicht te geven van organisaties waar de gemeente een financieel én bestuurlijk belang bij
1 Zie jaarverslag Samen Twente, p. 23. 2 Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV), artikel 1 sub b. en artikel 15.
6 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
heeft. Daarnaast krijgt u informatie over de financiële middelen van die verbonden partijen en eventuele risiso’s die zich voor kunnen doen bij een verbonden partij. Het voert te ver om alle details te bespreken. Een organisatie die enkel subsidie van de gemeente ontvangt is geen verbonden partij omdat de gemeente geen bestuurlijke zeggenschap heeft. Pas wanneer er sprake is van een vorm van bestuurlijke zeggenschap - bijvoorbeeld door benoemingsrechten - én een financieel belang, voldoet een organisatie aan de definitie van een verbonden partij. Dat betekent dat samenwerking in andere vormen dan via een afzonderlijke organisatie ook niet binnen de definitie van verbonden partij valt. In algemene zin zijn er drie groepen organisaties die binnen de definitie verbonden partij kunnen vallen: 1. Organisaties opgericht op grond van de WGR, zogenaamde openbare lichamen. 2. NV’s en BV’s waar de gemeente aandeelhouder is én opdrachten aan verstrekt 3. Stichtingen waar de gemeente benoemingsrechten voor het bestuur heeft én betalingen aan verricht, al dan niet gekoppeld aan prestaties. Elke gemeente rapporteert op een eigen manier over verbonden partijen. De minimaal vereiste informatie is in het eerder genoemde BBV opgenomen. De rapportages die de gemeente opstelt zijn gebaseerd op de rapportages die de verbonden partijen zelf maken.
In Twente bestaat een ambtelijke werkgroep die intensief contact houdt met verbonden partijen om tijdig signalen over prestaties te kunnen opvangen. Deze werkgroep zorgt ook voor onderlinge afstemming tussen gemeenten over uitgangspunten bij de beoordeling van de prestaties van verbonden partijen. Het verantwoordings- en begrotingsproces voor verbonden partijen is voor Stichtingen en NV’s en BV’s anders dan voor Gemeenschappelijke Regelingen. Kort gezegd is de jaarvergadering voor Stichtingen, NV’s en BV’s het moment voor het college om eventueel invloed uit te oefenen op het gevoerde beleid. Idealiter betrekt het college de raad bij de voorbereiding daarvan, mochten er belangrijke kwesties spelen. Het verantwoordingsproces rondom Gemeenschappelijke Regelingen kent wel een directe rol voor de gemeenteraad. De volgende deelparagraaf licht dat toe. 3.3
Gemeenteraad en GR
Gemeenteraden zijn bij de oprichting van GRn betrokken. Is een GR eenmaal opgericht, dan kent die een planning en control cyclus waarin ook een rol voor de individuele gemeenteraden is voorzien. De beschrijving die hieronder volgt is gebaseerd op de huidige WGR, tussen haakjes zijn data genoemd die in een inmiddels gepubliceerde wijzigingswet zijn opgenomen. Die wet is nog niet van kracht.3 Het begrotingsproces begint voor de gemeenteraden met de voor 15 april (30 april) t-14 aan de gemeenteraden toe te sturen ‘algemene financiële en beleidsmatige kaders’. Die kaders zijn formeel ter kennisname maar er zijn regio’s waar deze kaders al eerder voor de gemeenteraden beschikbaar komen. In die gevallen kunnen gemeenteraden ook voorafgaand aan een ontwerp begroting zienswijzen geven. In Twente is dat niet het geval. Op 1 augustus (15 sept.) moet het bestuur van de GR de goedgekeurde begroting hebben ingediend bij de provincie die de rol van toezichthouder, net zoals voor gemeenten, heeft. Het bestuur van de GR moet 8 weken (12 weken) voorafgaand aan de besluitvorming over de begroting de begroting voor zienswijze naar de gemeenteraden sturen. In de praktijk komt dat er nu neer op dat u omstreeks 1 mei documenten ontvangt. Gedurende die 8 weken heeft u de tijd om een zienswijze ofwel een commentaar bij de voorstellen in te dienen. Dat
3 Kamerstukken II 35513, Staatsblad 2022 nr. 18 4 T-1 staat voor het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar, T+1 voor het jaar na afloop van het begrotingsjaar.
7 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
commentaar moet het bestuur van de GR meenemen in de besluitvorming en zo nodig er gemotiveerd van afwijken. De nieuwe wet is op dit punt overigens iets scherper geformuleerd dan de huidige wet. Het begrotingsproces van een GR is zo vroeg in het jaar om te zorgen dat de individuele gemeenten hun eigen begroting en de benodigde uitgaven daarop kunnen afstemmen. Nadeel van het proces is dat de informatie voor de begroting eigenlijk zo vroeg in de tijd ligt dat sommige zaken nog niet bekend zijn. De praktijk laat zien dat vaak tussentijdse begrotingswijzigingen (meestal prijsontwikkelingen) bij GRn nodig zijn om actuelere informatie te verwerken. Daar heeft u als gemeenteraad geen invloed op. U wordt er in de praktijk mee geconfronteerd bij de begrotingswijzigingen van uw eigen gemeente. Het begrotingsproces van een GR eindigt bij de jaarrekening. U krijgt de concept jaarrekening uiterlijk 15 april (30 april) t+1 ter informatie. Die informatie helpt u om de zienswijze bij de nieuwe begroting van de GR op te stellen. Het bestuur van de GR zorgt er voor dat de formele jaarrekening uiterlijk 15 juli, net zoals bij gemeenten, bij de provincie ligt. Het belangrijkste onderdeel van uw rol als gemeenteraad in het proces is het indienen van een zienswijze bij de begroting.
In de praktijk bereidt het college een zienswijze voor op basis van de kennis vanuit de ambtelijke werkgroep en de eigen ambtelijke organisatie. In de meeste gevallen leidt dat tot een voorstel om geen zienswijze in te dienen. Op het moment dat een gemeente – meestal het college - de indruk heeft dat de plaatselijke belangen of gemaakte kanttekeningen onvoldoende recht zijn gedaan volgt vaak wel een zienswijze. Dat kan zijn omdat de gemeentelijke vertegenwoordiger in het bestuur van de GR een minderheidsstandpunt innam bij de voorbereiding van de stukken en dat zwaarwegend genoeg vindt om dat ook aan u voor te leggen. Het is ook mogelijk dat u als raad zelf een zienswijze opstelt, al dan niet ondersteund door de griffie, het college en de ambtelijke organisatie. Dan is er waarschijnlijk een politieke aanleiding om ergens aandacht voor te vragen. De quick scan die de gezamenlijke rekenkamers maken is bedoeld om u informatie te geven die aanleiding kan zijn voor het indienen van een zienswijze. Het gaat dan om meer strategische onderwerpen rondom de taakuitvoering van een GR. Sturen op de dagelijkse gang van zaken is voorbehouden aan het dagelijks bestuur van de GR en daar heeft u geen directe invloed op. U kunt wel uw eigen wethouder vragen om in het bestuur van de GR kritische vragen over de bedrijfsvoering te stellen mocht dat nodig zijn.
Tot zover deze korte toelichting op regionale samenwerking, verbonden partijen en uw rol als gemeenteraad bij het toezicht op in het bijzonder gemeenschappelijke regelingen. Het vervolg van deze quick scan bespreekt per GR enkele opmerkelijke bevindingen. Reactie college: De gemeenteraad van Enschede heeft op 31 januari 2022 een actueel Beleidskader verbonden partijen (Beleidskader verbonden partijen 2021 (overheid.nl)) vastgesteld alsook de Notitie Samenwerken (Notitie Samenwerken (overheid.nl)). De bovenstaande omschrijving komt overeen met onze werkwijze. Wel merken wij op dat we naast de focus op sturen en grip meer aandacht willen besteden aan het samenwerken met deze partners aan onze maatschappelijke opgaven. Dat laatste gaat verder dan het indienen van zienswijzen, dat gaat over dialoog en gezamenlijk werken aan maatschappelijk rendement.
8 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
4
Algemene bevindingen
De begroting van een GR wordt door de GR opgesteld waarbij een ambtelijke werkgroep van diverse gemeenten algemene kaders over bijvoorbeeld prijsontwikkeling stelt. In deze quick scan is daar niet veel aandacht voor, prijsontwikkeling is min of meer een gegeven in het proces en geborgd via de ambtelijke werkgroep. Wel blijft van belang dat de huidige inflatie her en der in begrotingen, ook die van uw eigen gemeente, gevolgen kan hebben. Reactie college: Het college monitort de de mogelijke gevolgen en de omvang van de huidige prijsstijgingen, mede naar aanleiding van de oorlog in Oekraïne. Gevolgen voor 2022 worden gemeld in de tussentijdse rapportages over 2022. Financïele gevolgen bij de GR-en en overige verbonden partijen maken hier onderdeel vanuit zodra deze informatie beschikbaar is. Ondertussen is hierover een vraag opgenomen in de risico-uitvraag via Naris self-assessment bij alle verbonden partijen (waarvan het resultaat wordt opgenomen in de paragraaf verbonden partijen in de Gemeentebegroting 2023). Bij de Omgevingsdienst Twente, GBTwente, Stadsbank Oost Nederland, SWB Midden Twente en Veiligheidsregio Twente zijn in de teksten passages te vinden die duiden op het opstellen van nieuwe strategische notities in de loop van 2022/2023.
Dergelijke notities kunnen gevolgen hebben voor de taakuitvoering van de organisaties en daarmee ook voor de financiën en het budgetrecht van gemeenteraden. Alhoewel er geen formele regels zijn rondom strategische keuzes van GRn zou een proces rondom zienswijzen op dergelijke documenten passen omdat ze uiteindelijk de basis zijn voor de toekomstige begrotingen van de GRn. Reactie college: Het college is het eens met deze oproep. Over het algemeen worden de strategische nota’s van verbonden partijen al ter zienswijze bij de gemeenteraden van de deelnemers aangeboden. De wetgever heeft hier ook oog voor. Met de komst van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 juli 2022, krijgen gemeenteraden van de deelnemers nu ook formeel de bevoegdheid om een zienswijze in te dienen voorafgaand aan het nemen van besluiten door het bestuur van een gemeenschappelijke regeling. Dit kunnen besluiten zijn met een aanzienlijk financieel belang, politiek gevoelige besluiten of beleidsmatige keuzes. De wetgever laat het aan de deelnemers van de gemeenschappelijke regelingen over om te bepalen welk type besluiten dit betreft. Wij kunnen ons voorstellen dat de Twenteraad hierover een advies formuleert richting de gemeenschappelijke regelingen. In de begroting van ODT staat een opmerking (p.
55) over een wijziging van de WGR die de planning & control cyclus van GRn in relatie tot de gemeentelijke planning & control cyclus raakt. De wetswijziging is bedoeld om gemeenten meer tijd te geven zienswijzen bij de begrotingen van GRn in te dienen en in paragraaf 3.3 toegelicht. ODT plaatst de kanttekening dat de wetswijziging de gemeentelijke P&C cyclus verstoort omdat gegevens later beschikbaar zijn en benoemt een op te stellen kadernota als oplossingsrichting. Het instrument kadernota staat nu al in de wet, maar wordt door Twentse GRn nog niet gebruikt. Alhoewel nog niet van kracht, betekent de nieuwe wettelijke termijn voor zienswijzen op begrotingen van GRn dat wanneer het bestuur van de GR na de zomervakantie over een begroting zou besluiten, dat betekent dat begrotingen omstreeks midden juni aan gemeenteraden moeten zijn aangeboden. Effectief betekent dit dat er dan ongeveer 4 weken overblijven om een zienswijze in de gemeenteraad te behandelen. Dat is een kortere tijdsperiode dan die nu gebruikelijk is. Om die reden lijkt het van belang dat u via uw colleges aandringt op het ontwikkelen van een proces rondom kadernota’s voor GRn waarbij u evenals bij de begrotingen een recht van zienswijze krijgt. Reactie college: Het college constateert, net als de rekenkamercommissie, dat de nieuwe WGR niet per definitie een verbeterslag kent voor de P&C cyclus.
Sterker nog, wanneer het zomerreces vroeg valt in het jaar, is het niet mogelijk om de ontwerpbegrotingen voor het zomerreces van zienswijze te voorzien. Het college wil er bij de Twenteraad dan ook op aandringen om samen met de GRn een gezamenlijk Twents proces op te stellen waarbij we een optimale P&C cyclus voor gemeenten en
9 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
gemeenschappelijke regelingen borgen. De eerste stappen daartoe zijn ambtelijk gezet in het Twents griffiersoverleg 22 april jl en wordt via de Twenteraad van 18 mei en verder voortgezet. In breder verband is van belang dat er een ontwikkeling gaande is waarbij via regiodeals middelen vanuit het Rijk beschikbaar komen. De besluitvorming over die middelen is niet altijd zichtbaar voor gemeenteraden. Het is te overwegen om om de paragraaf verbonden partijen uit te breiden met een passage over de taken die uw gemeente in samenwerking met of namens andere gemeenten uitvoert zodat u als gemeenteraad op één plaats overzicht houdt over alle vormen van regionale samenwerking. Reactie college: Indachtig de uitgangspunten door de gemeenteraad op 31 januari 2022 vastgesteld in het Beleidskader verbonden partijen en de Notitie Samenwerken, gaat het om balans vinden tussen sturing, toezicht én samenwerking. We hanteren de wettelijk verplichte lijn dat we de formele verbonden partijen opnemen in onze paragraaf verbonden partijen. Het opnemen van andere vormen van samenwerking nemen we op in onze gemeentebegroting maar dan bij de beleidsprogramma’s aangezien het samenwerken met partners een middel is en geen doel op zich. Zo ook de regiodeals. Daarvan hebben we er drie: - Kennispark - Creatieve Broedplaatsen - Twents fonds voor het vakmanschap.
Uw Raad wordt over deze regiodeals en de voortgang regelmatig geïnfomeerd.
10 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
5
Gemeenschappelijke regelingen met veel deelnemers
In dit hoofdstuk staan per gemeenschappelijke regeling waar vrijwel alle gemeenten aan deelnemen enkele opmerkingen gebaseerd op het jaarverslag 2021 en de meerjarenbegroting 2023-2026. Sommige GRn hebben vorig jaar in een brief aan de gemeenteraden gereageerd op bevindingen in de toen opgestelde quick scan. Indien daar aanleiding toe is, is een verwijzing daarnaar opgenomen. De doorlooptijd tussen beschikbaarheid van documenten, opstellen van de quick scan en aanbieden aan gemeenteraden laat geen ruimte voor formeel hoor en wederhoor zoals bij een rekenkamerrapport gebruikelijk. In de bestuurlijke reactie van de stadsbank was daar vorig jaar om gevraagd. Mocht er aanleiding toe zijn dan zou het denkbaar zijn dat de directie van de organisatie op basis van de opmerkingen een voorlopige reactie aan de gemeenteraden aanbiedt, eventueel in afstemming met de voorzitter van het DB. Waar nodig zijn verwijzingen naar paginanummers zoals vermeld op de documenten opgenomen, waarbij <JV> verwijst naar het jaarverslag en <Begr> naar de meerjarenbegroting. 5.1
GBTwente
GBTwente verzorg voor een groot aantal gemeenten de inning van de lokale belastingen. De begroting is in 2023 ruim € 13 mln. en in 2021 is een positief resultaat van € 0,2 mln. gerealiseerd. Een en ander is in een compacte aanbiedingsbrief met de hoofdlijnen van de begrotingsvoorstellen opgenomen. In de jaarrekening meldt GBTwente dat men een systeem heeft ontwikkeld om via QR-codes het indienen van bezwaren te vergemakkelijken (JV, p. 3). Op die manier wil de organisatie proberen de kosten die ontstaan door commerciële bezwaarbureau’s te beperken. In de stukken is geen informatie te vinden over de aantallen (gehonoreerde) bezwaren, kosten die ontstaan door commerciële bureau’s en andere aan het bezwaarproces gerelateerde informatie. Het punt van hoge kosten door commerciële bezwaarbureau’s speelt landelijk. In Limburg maakt zusterorganisatie BsGW de kosten van bezwaren wel publiek.5 Reactie college: In 2021 is voor het eerst een QR-code op de aanslag geplaatst, zodat laagdrempelig bezwaar kan worden ingediend door de inwoner. Dit heeft mede gezorgd voor een afname van het aantal ingediende no cure no pay-bezwaren (hierna: NCNP-bezwaren). Het handhavingspercentage van de afgehandelde reguliere en QR-bezwaren is gestegen van 47,6 % in 2020 naar 52,8 % in 2021.
Hieronder geven we de uitkomsten van alle 10.859 WOZ-bezwaren, gepresenteerd over de reguliere en de QR-bezwaren in tabel 5 en de NCNP-bezwaren in tabel 5.1, dit betreft de stand van zaken op 10 februari 2022; Er is sprake van 4.661 gehonoreerde bezwaren. Tabel 5: Afgehandeld reguliere en QR-bezwaren Gemeente
Zaken in bezwaar
Reeds afgehandeld Handhaven Wijzigen
%Handhaven %Handhaven 2021 2020
Almelo
975
971
523
448
53,9%
50,7%
Berkelland
721
720
355
365
49,3%
41,9%
Borne
411
410
274
136
66,8%
35,5%
5 https://www.nvrr.nl/rekenkamerrapport/9267/rekenkameronderzoek-bsgw/
11 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
Bronckhorst
430
425
193
232
45,4%
40,7%
Enschede
1534
1523
914
609
60,0%
50,1%
Haaksbergen
412
412
234
178
56,8%
44,2%
Hengelo
1538
1535
758
777
49,4%
59,8%
Losser
554
550
239
311
43,5%
46,9%
Oldenzaal
496
495
225
270
45,5%
46,0%
Twenterand
552
430
231
199
53,7%
42,9%
Totaal
7623
7471
3946
3525
52,8%
47,6%
Tabel 5.1: Afgehandelde bezwaren ingediend door gemachtigden (inclusief NCNP-bureau’s) Gemeente
Zaken in bezwaar
Reeds afgehandeld
Handhave n
Wijzigen
%Handhaven 2021
%Handhave n 2020
Almelo
422
418
269
149
64,4%
62,5%
Berkelland
370
369
216
153
58,5%
50,6%
Borne
171
171
124
47
72,5%
52,9%
Bronckhorst
249
248
148
100
59,7%
47,7%
Enschede
763
759
529
230
69,7%
69,5%
Haaksbergen
203
203
137
66
67,5%
64,7%
Hengelo
513
513
325
188
63,4%
72,0%
Losser
139
137
78
59
56,9%
54,3%
Oldenzaal
206
206
135
71
65,5%
55,4%
Twenterand
200
183
110
73
60,1%
56,6%
Totaal
3236
3207
2071
1136
64,6%
61,8%
GBTwente kan de proceskosten niet presenteren in haar begroting omdat de uit te betalen proceskosten-vergoedingen door de gemeenten worden betaald sinds 2021 (en dus niet meer bij GBTwente in de begroting zijn opgenomen). De toegekende proceskosten bedroegen 774.800 euro in 2021 en zijn gedaald t.o.v. 2020. (798.300 euro), dit ondanks de toename van het aantal binnengekomen WOZ-bezwaren met ruim 3.500 stuks. Tabel 3.1: Uitgekeerde proceskosten Gemeente
Over 2021
Over 2020
Almelo
€
98.562
€
105.872
Berkelland
€
88.340
€
74.878
Borne
€
30.466
€
54.920
Bronckhorst
€
60.919
€
95.584
Enschede
€
203.721
€
181.497
Haaksbergen
€
42.225
€
35.567
Hengelo
€
116.404
€
99.159
Losser
€
34.592
€
39.015
Oldenzaal
€
49.240
€
53.650
Twenterand
€
50.380
€
58.143
Totaal
€
774.849
€
798.286
12 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
Verder merkt GBTwente graag op dat het aantal WOZ-bezwaren in 2022 een lichte stijging vertoont ten opzichte van het jaar 2021. Het aandeel NCNP-bezwaren is daarin, mede door de grote mediacampagnes van de NCNP-bureaus toegenomen van 32% in 2021 naar 48% in 2022. Los van het kostenaspect speelt bij dit onderwerp ook de vraag wanneer diensten van GBTwente als goed genoeg zijn te kwalificeren. In de begroting (p. 10) staat de ambitie om 99% foutloos te werken, maar hoe verhoudt dat zich dan tot de discussie over bezwaarschriften of de ambities rondom de verbetering van de dienstverlening (Begr., p. 17)? Immers, bij nagenoeg foutloos werken zou naar verwachting het aantal bezwaarschriften ook vrij klein moeten zijn. Reactie college: Op zich is dit een logische redenering. Door procesoptimalisatie wordt er hard gewerkt aan verdere kwaliteitsverbetering bij GBTwente. Ook de verplichte omzetting van waardes van m3 naar m2 zorgt voor een kwaliteitsslag. Echter, de verhoogde landelijke aandacht voor de WOZwaarden door bijvoorbeeld NCNP-bureaus en een verhoging van de OZB tarieven door de gemeenteraad, zorgen voor extra bezwaren. Daarnaast moet opgemerkt worden dat de WOZ-waarde niet persé één bedrag is. Bij bijvoorbeeld een woning met een vastgestelde WOZ-waarde van 300.000 euro, zou de waarde wellicht ook 295.000 euro of 305.000 euro kunnen zijn. Kleine marges zijn mogelijk.
Omdat een rechter dit verschil veelal ook niet kan bepalen, wordt van partijen verwacht dat ze tot een compromis komen. De WOZ-waarde wordt dan minimaal verlaagd, hetgeen voor de eigenaar nagenoeg niks oplevert, maar de proceskosten moeten wel vergoed worden. Dit is dan ook het verdienmodel van de NCNP-bureaus. Een aanpassing van de WOZ waarde wil dus niet noodzakelijkerwijs zeggen dat de initiële WOZ-waarde niet correct was vastgesteld. Dus ook al is de waarde correct vastgesteld, bezwaren zullen altijd blijven binnenkomen. In de gegevens over de nog openstaande vorderingen op belastingplichtigen (JR, p. 13-14) valt op dat in Almelo, Hengelo, Oldenzaal en Twenterand de openstaande vorderingen ten opzichte van vorig jaar zijn opgelopen. Dat kan op lokaal niveau aanleiding zijn om nader onderzoek te doen naar die openstaande vorderingen, mogelijk gecombineerd met gegevens over ontwikkelingen bij schuldhulpverlening bij de Stadsbank. Zowel in de begroting (p. 5 en 18) als in de jaarrekening (p. 26 en 52) zijn aanwijzingen te vinden over de kosten van ingehuurd personeel. GBTwente probeert die kosten terug te dringen door meer in te zetten op personeel in ambtelijke dienst. Vanuit kostenperspectief is deze ambitie begrijpelijk, maar lijkt te staan gepland voor 2023. In de begroting 2022 stond een dergelijke ambitie niet zo expliciet.
Het roept de vraag op of er geen aanleiding is om gelet op de huidige arbeidsmarkt al in 2022 stappen te zetten in de gewenste richting, eventueel ten laste van het financieel resultaat 2022. Reactie college: Het klopt dat deze ambitie niet in de begroting 2022 staat opgenomen. Dit heeft te maken met het tijdstip van opstelling van de begroting (maart 2021). De stappen worden nu gezet en dit zal in de 1e Berap 2022 middels een begrotingswijziging (zonder wijziging in de bijdragen van de deelnemers) in juli 2022 aan het Algemeen Bestuur wordt voorgelegd. De begroting 2023 en ook de meerjarenbegroting laat telkens een klein overschot zien (Begr., p. 14). Op dezelfde pagina staat ook dat in 2022 naar verwachting de Algemene Reserve het toegestane maximum van 5% van het begrotingstotaal zal overschrijden. De tekst gaat verder met een opmerking dat bekeken wordt hoe de overschotten in de tarieven te verwerken. De overschrijding van het maximum van de Algemene Reserve is iets eenmaligs. Verwerken van die overschrijding in de tarieven wekt de suggestie dat de tarieven permanent omlaag kunnen. Het geraamde positieve resultaat in de meerjarenbegroting ligt tussen 0,3% en 0,1%. Dat zou een zeer beperkte tariefaanpassing betekenen, met daarbij de vraag of dat voor alle tarieven of voor enkele tarieven geldt.
U zou het bestuur in uw zienswijze kunnen meegeven om bij eventueel teruggeven van een bedrag uit de Algemene Reserve een eenvoudiger en eenmalige oplossing te zoeken. Reactie college: Het GBTwente dankt de opsteller voor de suggestie en geeft aan dit nader uit te werken en voor te leggen aan het Algemeen Bestuur. 5.2
Omgevingsdienst Twente (ODT)
De Omgevingsdienst Twente (ODT) is de organisatie die voor alle gemeenten vergunningverlening en toezicht in het ruimtelijk domein verzorgt. De begroting voor 2023 is ongeveer € 13 mln. met 13 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
daarbinnen een bezuinigingsopdracht voor ruim € 0,3 mln.. Gemeenten betalen vanaf 2023 anders voor de dienstverlening omdat de grondslag verschuift van ingebrachte capaciteit (Begr., p. 8) naar geleverde prestaties. Dat kan per gemeente leiden tot verschillen ten opzichte van de tot nu toe betaalde jaarlijkse bijdragen, zeker wanneer de te leveren prestaties hoger zijn dan vooraf gedacht (Begr., p. 8). Rode draad in zowel begroting als jaarrekening is de stijgende productie (JV, p. 7) en de werkvoorraden. Dat roept vragen op over stuurbaarheid van het takenpakket. Het hele idee achter de per 1 januari 2023 in te voeren Omgevingswet is dat er meer samenhang is en dat procedures eenvoudiger worden. De stukken van de Omgevingsdienst Twente stralen eerder het omgekeerde uit: meer en complexere taken. De centrale vraag bij de nu voorliggende stukken is daarom hoe de Omgevingsdienst denkt te kunnen sturen op de vraag naar diensten en de benodigde inzet. De opdracht die bij bureau Seinstra & Partners (Begr., p. 3) is neergelegd lijkt volgens de tekst eerder te suggereren dat een opdracht naar benodigde capaciteit is gegeven dan een vraag hoe de productie beheersbaarder te houden. Reactie college: Inderdaad zou door de invoering van de Omgevingswet procedures eenvoudiger moeten worden. Dat in de stukken van de ODT wordt uitgegaan van meer en complexere taken, wordt door ons onderkend.
Niet alleen gaat de Omgevingswet uit van de verschillende activiteiten die moeten worden beschouwd in plaats van een inrichting, ook maken nieuwe thema’s de problematiek complexer. Thema’s als Pfas en met name stikstof zijn hier voorbeelden van. In de jaarrekening 2021 is € 0,9 mln. extra opdrachten verwerkt (JV, p. 7) die nog bij gemeenten in rekening moeten worden gebracht. Tegelijkertijd is het financieel resultaat van ODT in 2021 € 1,0 mln. positief. Over dat overschot moet nog besluitvorming plaatsvinden. ODT zegt in de begroting (p. 45) dat de Algemene Reserve eind 2022 toereikend is. Elders blijkt dat ook het weerstandsvermogen op orde is (Begr., p. 50). Dat kan voor u aanleiding zijn om als zienswijze aan te geven dat het positieve rekeningresultaat 2021 aan de deelnemende gemeenten moet worden uitgekeerd. Reactie college: Het overschot waarover wordt gesproken is het totaal dat door de ODT is besteed aan werkzaamheden, bovenop het vastgestelde uitvoeringsprogramma. Enkele deelnemers hebben echter minder geleverd gekregen dan in het uitvoeringsprogramma is vastgelegd zodat een verrekening reëel is. Bovendien moeten de opgelopen achterstanden bij de ODT worden weggewerkt, de genoemde 900.000 euro zou hier voor gebruikt kunnen worden. Zoals staat aangegeven moet hier nog besluitvorming over plaatsvinden.
Op pagina 13 van de begroting staat een verwijzing naar rapporten van de Algemene Rekenkamer over handhaving. ODT geeft aan te verwachten dat de bevindingen uit die rapporten6 ook effect gaan hebben op de taakuitvoering van de organisatie. De vraag hierbij is: wat kan de organisatie inhoudelijk nog aan? De invoering van de omgevingswet vraagt aandacht, de werkvoorraad is hoog en is het dan realistisch om te veronderstellen dat er nog meer nieuwe taken bijkomen in een organisatie die ook zegt te kampen met problemen rond het vinden van gekwalificeerd personeel (Begr., p. 12)? Reactie college: een vergelijkbaar signaal is reeds afgegeven in het Algemeen Bestuur van de ODT. De lijn moet zijn dat de ODT zich in eerste instantie richt op de primaire taken en het wegwerken van opgelopen achterstanden. Tot slot twee meer technische kanttekeningen. In de eerste plaats zou het helpen om in de meerjarenraming (Begr., p. 46) ook de cijfers van het laatst afgesloten boekjaar en de lopende
6 De titels van de rapporten spreken voor zich: “Een onzichtbaar probleem, gebrek aan kwaliteit van data over
milieucriminaliteit en -overtredingen” en “Handhaven in het duister, de aanpak van milieucriminaliteit en overtredingen, deel 2”, beide uit 2021 14 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
begroting voor vergelijkingsdoeleinden mee te nemen. In de tweede plaats staat op p. 11 van de begroting een passage over kostprijsberekening bij output-financiering. Hier bestaat een risico dat de organisatie op zoek gaat naar steeds nauwkeuriger en daardoor ook complexere rekenmodellen. De vraag is of de inspanningen die daarvoor noodzakelijk zijn opwegen tegen de te maken kosten. Onduidelijk is verder hoe zich de passage over kostprijsberekening verhoudt tot de eerder genoemde opdracht over de benodigde capaciteit aan Seinstra & Partners. Reactie college: ODT geeft aan de suggesties mee te nemen bij de verdere uitwerkingen over de outputfinanciering en de voorbereidingen op de ontwerp-begroting voor 2024. 5.3
Openbaar Lichaam Crematoria Twente (OLCT)
Het OLCT is een GR die de onderneming Crematoria Twente B.V. bestuurt. De begroting en jaarrekening van OLCT bevatten een overzicht van bestuurskosten en het ontvangen dividend uit de onderneming. De ambitie van de GR is om jaarlijks € 375.000 dividend te ontvangen uit de BV en die, na aftrek van kosten, uit te keren aan de deelnemende gemeenten. In 2021 is de realisatie € 150.000 en in 2020 was er geen dividend. Opvallend in de voorliggende documenten is dat er geen toelichting is waarom OLCT verwacht in 2022 weer op het niveau van € 375.000 dividend uit te komen. Verder valt op dat de jaarrekening een negatieve Algemene Reserve van bijna € 25.000 laat zien die per eind 2022 (Begr., p. 11) is omgezet naar een positief bedrag van ruim € 3.000. Gegeven de bron van inkomsten en de kosten van OLCT kan dit niet zonder dat in 2022 de uitkering aan gemeenten daalt. Aannemende dat de dividenduitkering van de onderneming in 2022 inderdaad € 375.000 zal zijn, zou op basis van de balansprognose 2022 de uitkering aan de gemeenten in de orde van grootte van € 330.000 moeten liggen in plaats van de nu genoemde € 360.000 (Begr, p. 8). Reactie college: De concept-begroting 2023 van het OLCT is opgesteld volgens de gemaakte afspraken inzake de uitkering van het zogenaamde basisdividend van jaarlijks 375.000 euro (aandeel Enschede 112.500 euro).
Op het dividend wordt een gering bedrag voor kosten (ruim 15.000 euro) van het OLCT (administratie en secretariaat) in mindering gebracht. Dan resteert 360.000 euro om uit te keren aan de deelnemende gemeenten. Inderdaad is per eind 2021 sprake van een negatieve algemene reserve (bijna 25.000 euro). Deze zal echter aangevuld worden ten laste van de dividenduitkering in 2022. Dit leidt niet tot een nadeel in 2022 aangezien er in de Gemeentebegroting 2022 geen rekening is gehouden met een dividendopbrengst van het OLCT. Tot slot stond in de vorige quick scan dat de ambtelijke verwachting was dat in 2021 een notitie aan de gemeenteraden zou worden voorgelegd over de toekomst van OLCT. Daar is in het nu voorliggende jaarverslag niets over terug te vinden. Reactie college: Inderdaad is hierover slechts zeer summier iets terug te lezen in de jaarrekening 2021. De Kadernotitie toekomst OLCT is echter wel degelijk aan de raad voorgelegd (na collegevergadering op 12 oktober 2021) waarbij ruimte is geboden voor het indienen van zienswijzen. Hiervan is geen gebruik gemaakt. Vervolgens is de raad geinformeerd over de definitieve uitkomsten (na de collegevergadering op 15 februari 2022). 5.4
Recreatieschap Twente
Per 2022 is een afzonderlijke GR ontstaan die verantwoordelijk is voor de drie recreatiegebieden Hulsbeek, Lageveld en Rutbeek, de recreatieve routes en recreatieve fietspaden in de regio. De organisatie is formeel een Bedrijfsvoeringsorganisatie waar de colleges van B&W in vertegenwoordigd zijn, in de praktijk is er weinig verschil met een Gemeenschappelijke Regeling waar ook raadsleden in vertegenwoordigd kunnen zijn. Het Recreatieschap is een afsplitsing uit de voormalige Regio Twente. De overige taken van de Regio Twente zijn grotendeels overgegaan naar de nieuwe organisatie Samen Twente. De begroting van het Recreatieschap is ongeveer € 4 mln. per jaar. Voor de prestaties in 2021 is het nodig om de jaarrekening van Samen Twente (als min of meer opvolger van de Regio Twente) te raadplegen. 15 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
In deze quick scan ligt het accent vooral op de nu voorliggende begroting omdat er geen integrale jaarrekening bestaat. In de eerste plaats valt op dat de belangrijkste beleidsnota’s die betrekking hebben op de recreatieparken ten minste 7 jaar oud zijn (Begr., p.6). Wellicht is dit aanleiding om op termijn na te denken over een actualisatie van beleidsnota’s wanneer de organisatie de doorstartfase die nu aan de orde is heeft afgerond. Dat kan bijvoorbeeld ook gevolgen hebben voor het op p. 7 van de begroting genoemde bungalowpark waar de stikstofproblematiek voor vertraging zorgt. Dat laatste is des te meer van belang omdat het Recreatieschap, ook in reactie op opmerkingen bij de quick scan in 2021, meldt dat de resterende taakstelling mede ingevuld zou kunnen worden door erfpachtopbrengsten uit dat bungalowpark. Reactie college: Het is de bedoeling, dat de beleidsnota’s dit jaar en volgend jaar worden geactualiseerd. In de afgelopen jaren lag de focus met name op de transitie van de voormalige organisatie Regio Twente en was er onduidelijkheid hoe de exploitatie, het beheer en het onderhoud van dagrecreatieparken, routenetwerken en fietspaden zou worden vormgegeven. De taakstelling van het Recreatieschap is in de afgelopen jaren teruggebracht van 628.000 euro naar bijna 157.000 euro.
Het resterende deel van deze taakstelling moet worden ingevuld door: • Toename van de parkeerinkomsten; • Toename van de inkomsten uit pacht, huur en evenementen • De opbrengst uit het bungalowpark aan de zuidzijde van het Rutbeek. De procedure voor het bungalowpark ligt op dit moment echter stil in verband met de stikstofdiscussie, mede ook omdat het extern salderen van stikstofuitstoot niet meer is toegestaan. Het project is echter niet van de baan; zodra er meer duidelijkheid is omtrent het stikstofbeleid, zullen de initatiefnemers het project een vervolg geven. Een tweede onderwerp raakt hieraan. In de financiële begroting (p. 24) zijn meerjarig baten opgenomen van ongeveer € 1,0 mln. per jaar. Terugblikkend op de afgelopen jaren7 is een daling van de baten te zien van € 1,3 mln. in 2019 naar € 1,0 mln. in 2021. De begroting 2022 kent een raming voor baten van € 0,9 mln. Des te opvallender is de verwachte stijging van de baten in 2023 naar ongeveer € 1,25 mln. De variatie in de verwachte baten roept de vraag op welk deel van de baten nu structureel is en waarom het Recreatieschap duidelijk en kennelijk eenmalig meer baten in 2023 verwacht dan voor 2022 zijn geraamd. Reactie college: De cijfers van de begroting voor 2023 zijn geactualiseerd zodat bij de start van de nieuwe organisatie deze weer volledig actueel zijn.
Hierbij zijn de parkeerinkomsten structureel verhoogd en na onderzoek naar de huur- en erfpachtovereenkomsten, zijn deze ook structureel naar boven bijgesteld. Dit sluit meer aan met de werkelijke realisatie van de baten in vergelijking met voorgaande jaren (excl. corona). Daarnaast worden de baten zoals van o.a. huur, erfpacht, evenementen, terreinverhuur naar boven bijgesteld met een gemiddelde van de gehanteerde loon- en prijsindexatie. Al met al zijn de baten in de begroting van 2023 daarmee realistischer geraamd. Op pagina 29 staat een overzicht van voorgenomen investeringen. Daar valt op dat de investeringen in 2025 circa € 0,5 mln. hoger zijn dan in de andere jaren. Een verklaring ontbreekt. Zoiets zou kunnen passen in de hierboven benoemde actualisatie van de beleidsnota’s. Tot slot een opmerking rondom presentatie. Net zoals de meeste andere GRn laat het Recreatieschap een begroting op kostensoorten zien. Dat vergemakkelijkt het inzicht in de ontwikkeling van kostencomponenten. Wat hier opvalt is dat de kosten voor salarissen op € 1,4 mln. zijn geraamd en dat voor € 0,8 mln. inhuur plaatsvindt. In de beeldvorming gaat het bij inhuur veelal over consultants. Is dat hier ook het geval? Hoe verhouden de kosten voor inhuur zich tot bijvoorbeeld de inzet van
7 Op basis van de jaarrekeningen van de regio Twente 2019 en 2020 waar vergelijkbare informatie is opgenomen
16 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
vrijwilligers en mogelijk ook tot de inzet van mensen met afstand tot de arbeidsmarkt waarover in de jaarstukken 2020 van de Regio Twente (p. 37) werd gesproken? Reactie college: De geraamde investeringen in 2025 betreffen investeringen waarvan de afschrijvingsduur op dat moment afloopt en waarvan wordt verwacht dat er dan sprake zal zijn van vervangingsinvesteringen. De dekking van deze investeringen komt uit de geraamde afschrijvingslasten. Het grootste deel van de 800.000 euro aan inhuur betreft de samenwerking met SamenTwente voor inhuur van PIOFJACH-diensten (ca. 600.000 euro.). Bij de veranderopdracht Regio Twente heeft het algemeen bestuur van Regio Twente besloten dat SamenTwente (voorheen Regio Twente) de bedrijfsvoerings-diensten blijft leveren voor de nieuwe GR (Recreatieschap Twente). Dit zorgt ervoor dat de frictiekosten voor de gemeenten worden voorkomen. Voor Recreatieschap Twente blijft de kwaliteit en kwantiteit van de dienstverlening behouden ondanks dat het een kleine organisatie is geworden. Tenslotte heeft de inhuur betrekking op inhuur van specialistische onderhoudsmedewerkers en inhuur van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. 5.5
Samen Twente
Samen Twente komt voort uit de voormalige Regio Twente. In de kern bestaat de organisatie uit drie onderdelen: GGD, Veilig Thuis Twente (VTT) en de inkooporganisatie voor zorg OZJT. Daarnaast faciliteert zij wat kleinere taken van de voormalige Regio Twente die niet elders konden worden ondergebracht. De corona-pandemie heeft veel invloed gehad op het werk van de organisatie, in het bijzonder de GGD. In financiële zin waren in 2021 € 46 mln. van de € 122 mln. lasten van Samen Twente benodigd voor corona-gerelateerde activiteiten. In een normale situatie zijn de lasten van de GGD ongeveer € 25 mln. tegenover € 73 mln. in 2021. De begroting 2023 gaat uit van een zich normaliserende situatie. Ongebruikelijk is dat naast de begroting van de GR een addedum voor zienswijze wordt voorgelegd. Samen Twente ziet daar aanleiding toe omdat de inkooporganisatie OZJT het kerntakenpakket volgens het bestuur niet aankan. Het concrete voorstel is (zie adviesnota) om € 1,2 mln. structureel aan de begroting van OZJT toe te voegen. Daarmee zou de begroting 2023, inclusief het addendum, uitkomen op circa € 3,6 mln. (Begr p. 16), ten opzichte van € 4,6 mln. in de jaarrekening 2021 (p. 18). In de adviesnota staat op p. 4 nog wel een opmerking dat niet-kerntaken nu niet in het verzoek voor verhoging van het budget zijn opgenomen.
Reactie college: De kerntaken OZJT, zoals verwoord in het meerjarenperspectief, hebben betrekking op de onderdelen jeugdhulp die gemeenten verplicht zijn om regionaal te organiseren. Voor de ambulante jeugdhulp en de Wmo-taken geldt dit niet. Ook voor de uitvoering van deze taken zijn door OZJT extra middelen gevraagd en toegekend voor de duur van deze contracten voor de jaren 2023 en 2024. Er is dus geen sprake van een structurele ophoging van het budget voor deze taken. Inhoudelijk is de opmerking in het jaarverslag over de groei van het aantal contractpartijen naar ruim 400 (p. 15) van belang. Het ligt in de rede te veronderstellen dat daling van uitvoeringskosten bij OZJT vooral haalbaar is bij een kleiner aantal contractpartijen. Hoe zich dat verhoudt tot beheersbaarheid van de zorgkosten is daarbij een politieke afweging. Reactie college: Het terugbrengen van het aantal aanbieders kan pas bij een nieuwe inkoopronde. Wel is, vanuit beheersing van het aantal aanbieders, de periodieke openstelling (4 maal per jaar) van de inkoop waarbij nieuwe zorgaanbieders zich kunnen aanmelden, tot nader orde opgeschort. In de Regiovisie Jeugdhulp Twente, die in het voorjaar door alle Twentse raden is vastgesteld (op 31 januari 2022 door Enschede), is opgenomen dat we in Twente een zorglandschap creëeren dat overzichtelijk, beheersbaar, voorspelbaar en transparant is.
Beheersbaar en overzichtelijk betekent voor gemeenten: kwaliteit, doelmatigheid en betrouwbaarheid van aanbieders staat voorop en er is sprake van een dekkend zorglandschap van aanbieders. Daarin spelen keuzemogelijkheden een belangrijke rol. De regiovisie vormt het kader voor de nieuwe inkoop jeugdhulp. Recent is gestart met de voorbereiding van een inkooptraject. Contracten moeten ingaan per januari 2025. Ook de regionale contracten Wmo – maatwerk lopen tot en met 2024. Ook de voorbereiding van een inkooptraject hierop is recent 17 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
gestart. Het contractmanagement voert OZJT samen met de Twentse gemeenten uit. OZJT richt zich daarbij met name op de grote aanbieders met een focus op jeugdhulp. Deze grote partijen zullen ook bij een nieuwe regionale inkoop per 2025 gecontracteerd worden. Aanvullend kan worden gemeld dat de structurele ophoging van de begroting OZJT in het kader van het meerjarenperspectief OZJT, waarvoor een addendumprocedure is gestart, betrekking heeft op de kerntaken OZJT (Jeugdhulp excl. ambulante hulp). Het merendeel van de 400 gecontracteerde partijen valt hier niet onder. Dan de begroting en de jaarrekening. In de eerste plaats is de ‘Begroting in een Oogopslag’ samen met de toelichting een voorbeeld voor andere GRn. Reactie college: Het college zal dit voorbeeld onder de aandacht brengen van de overige GR-en. Bestuurlijk is er op basis van de toelichting wel een kanttekening te maken. Er staat voor het Meldpunt Zorgwekkend Gedrag en de Jeugdbeschermingstafels (p. 7) dat het AB heeft besloten om de projecten om te zetten in structurele activiteiten. Dat roept de vraag op of gemeenteraden hier niet over zijn geïnformeerd c.q. een zienswijze op hadden mogen indienen.
Reactie college: Het AB heeft besloten deze onderdelen op te nemen in de begroting, waarmee alle ontwikkelingen integraal in beeld worden gebracht zodat de gemeenteraden ook integraal een afweging kunnen maken en eventueel een zienswijze in kunnen dienen. Juist om te voorkomen dat hiervoor separate procedures doorlopen moeten worden. Tegelijkertijd is de raad in de afgelopen 2 jaar regelmatig geïnformeerd over de ontwikkelingen op het gebied van jeugdhulp (raadsbrieven, beantwoording art 35 vragen). Daarin is ook aandacht besteed aan de jeugdbeschermingstafels. De jeugdbeschermingstafels hebben tot doel het zo veel mogelijk voorkomen dat kinderen uit huis geplaatst worden. Uit een recent uitgevoerde evaluatie blijkt dat alle betrokken partijen zeer tevreden zijn over de jeugdbeschermingstafels. De jeugdbeschermingtafels moeten daarnaast ook leiden tot inzet van minder tweedelijns jeugdhulp. De uitvoering ervan gebeurd binnen de lokaal beschikbare financiele kaders (budget jeugdhulp). Omdat betrokken partijen regionaal werken, is er gekozen voor regionaal organiseren. Op pagina 19 van het jaarverslag is aandacht voor Veilig Thuis Twente. Opvallend is dat hier vooral over werkprocessen is gerapporteerd, niet over de inhoud.
Omdat er in de publiciteit nogal veel aandacht is (geweest) voor gedwongen uit huis plaatsingen zou het in de lijn der verwachting liggen dat in het jaarverslag hier aandacht voor is. Aandacht voor wachttijden is belangrijk, maar het achterliggende doel van een veilige leefomgeving verdient ook aandacht. Reactie college: Het klopt dat er in de afgelopen periode veel tijd, energie en geld is gestoken in het wegwerken van de wachtlijsten bij Veilig Thuis Twente. Dat was ook een belangrijke en noodzakelijke stap. Nu de wachtlijsten zijn weggewerkt, is het belangrijk om nog meer in te zoomen op de inhoud en zo in te spelen op actuele ontwikkelingen (zoals toename uithuisplaatsingen). Daarnaast meer de aandacht naar buiten gericht; samenwerking met partners, voorlichtingen, bewustwording en andere activiteiten. Dit is door de werkdruk van de wachtlijsten wat ondergesneeuwd. Over OZJT is al wat gezegd. In de jaarstukken staat (p. 15) dat het koersdocument van de organisatie uit 2016 stamt. Dat is wellicht niet meer helemaal actueel op basis van huidige inzichten over jeugdzorg en discussies over zorgfraude. Wellicht een reden om na te denken over actualisering van het koersdocument, voor zover de capaciteit van de organisatie dat toestaat.
Reactie college: Het betreft het koersdocument integrale inkoop jeugdhulp en Wmo 2016 en is opgesteld ter voorbereiding op de inkoop en contractering 2019. Ter voorbereiding op de volgende inkoopronde wordt momenteel op basis van de huidige inzichten over jeugdhulp, waaronder ook zorgfraude, een strategisch inkoopdocument opgesteld. Ook de regiovisie jeugdhulp 2022-2028 die op 31 januari 2022 door de gemeenteraad is vastgesteld, is uitgangpunt voor de nieuwe inkoop. Onder gebeurtenissen na balansdatum staat een opmerking over het GGiD project (JV, p. 118). Dit lijkt een signaal dat het niet goed gaat met dit IT-project. Hoe zorgt het bestuur van Samen Twente er voor dat dit project beheersbaar blijft? Reactie college: Het systeem dat door de leverancier ter oplevering werd aangeboden, voldeed naar mening van de 3 betrokken GGD’en (GGD Twente, Hollands Noorden en Utrecht) niet aan de overeengekomen scope. Dit veroorzaakte een impasse. Om die impasse te doorbreken is gezamenlijk 18 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
met de leverancier, met inzet van externe partijen, eind februari 2021 een bindende adviesprocedure opgestart over de geschilpunten van het op te leveren eindproduct. Het bindend advies heeft echter, anders dan verondersteld, geen antwoord gegeven op het huidige verschil van inzicht tussen leverancier en GGD’en over de functionaliteit en kwaliteit van het GGiD. In 2021 leidden diverse opleverpogingen helaas nog niet tot een product dat in de ogen van de GGD’en aan de overeenkomst voldeed. Voor de GGD’en blijft het van groot belang dat het opgeleverde systeem moet worden getoetst aan de realisatie en correcte werking van bedrijfsprocessen. Daarnaast moet het systeem leiden tot het bereiken van de doelen die in overeenkomst met de leverancier zijn overeengekomen. De 3 GGD’en hebben daarom op 4 maart 2022 een aanvraag voor een voorlopig deskundigenbericht ingediend bij de rechtbank. De mondelinge behandeling van de aanvraag dient op 17 mei 2022. Een voorlopig deskundigenbericht is een middel om objectief door de rechtbank vast te stellen wat de status is van de oplevering. Eén of meer onafhankelijke deskundige(n) doen daar dan op last van de rechter onderzoek naar. Er worden meerdere scenario’s onderzocht om op zo kort mogelijke termijn tot een implementatie te kunnen komen.
Er wordt gestuurd op de implementatie van een werkbaar dossier voor de medewerkers van jeugdgezondheidszorg. Afhankelijk van de uitspraak van de rechtbank, worden de vervolgstappen bepaald. Bij toewijzing van de aanvraag volgt een periode van onderzoek door extern, door de rechtbank aangestelde, deskundige(n). De verwachting is dat na de zomer van 2022 dit onderzoek is afgerond en er meer helderheid gegeven kan worden over de verdere afronding van het GGiD. Zodra die duidelijkheid er is, worden de gemeenteraden hierover verder in kennis gesteld. Samen Twente heeft de paragraaf weerstandsvermogen in de begroting aangevuld met een vorm van scenario-analyse: wat gebeurt er met het weerstandsvermogen bij een eenmalige tegenvaller (Begr., p. 35). Een mooi initiatief dat navolging verdient, omdat het inzicht geeft in de onzekerheden waarmee het weerstandsvermogen is omgeven. Bij structurele tegenvallers ontstaat discussie met gemeenten over aanvullende middelen of bezuinigingen. Daarom lijkt een scenario met structurele tegenvallers in het weerstandsvermogen bij GRn minder noodzakelijk. Reactie college: Het college zal dit voorbeeld onder de aandacht brengen van de overige GR-en. Tot slot nog enkele kleinere financiële opmerkingen. In de eerste plaats staat in de aanbiedingsbrief bij de jaarstukken dat een bedrag van € 0,3 mln.
nodig is voor pensioenvoorziening van voormalige DBleden. Dat is opmerkelijk, omdat meestal wethouders en burgemeesters DB-lid zijn en voor hun rol – in ieder geval de laatste jaren - geen bezoldiging ontvangen. Dan zou een pensioenvoorziening niet nodig zijn. Maar als dat wel het geval is: wat betekent deze bevinding dan bij andere Gemeenschappelijke Regelingen? Reactie college: Het lijkt ons niet correct dat een pensioenvoorziening gevormd dient te worden voor voormalige DB-leden aangezien het hier gaat om (voormalig) wethouders van de deelnemende gemeenten. Hier zal nader onderzoek naar worden gedaan. Ten tweede is een suggestie om alle bedragen, ten minste in de tabellen, in € *1.000 uit te drukken. Dat voorkomt verwarring bij het doorlezen van de documenten. Reactie college: Inderdaad wordt er niet overal consequent omgegaan met de wijze van presenteren van getallen. In bepaalde gevallen afgerond in duizenden, in hele euro’s en ook xxk komt voor. Een aandachtspunt voor de volgende keer. Verder zou nog een verfijning kunnen zijn om de kosten van inhuur personeel (bijvoorbeeld tabel OZJT op p. 83 Jaarverslag) af te zonderen van de inkoop van diensten. Op die manier zijn alle personeelskosten inzichtelijk. Reactie college: De kosten van inhuur van personeel behoort tot de economische categorie van goederen en diensten.
Daarmee ligt de gehanteerde handelswijze van Samen Twente het meest voor de hand. Als laatste lijkt bij de hiervoor bedoelde toelichtende tabel niet altijd consequent met toelichtingen te zijn omgegaan. Zo is het programmaresultaat bij OZJT (p. 83) € 65.000 en is wel toegelicht en bij VTT
19 van 28
Quick Scan Gemeenschappelijke Regelingen Twente 2022
(p. 84) met een resultaat van € 84.000 niet, met als argument dat het programmasaldo lager is dan € 0,1 mln. Reactie college: Dit is inderdaad een terechte constatering en aandachtspunt voor de toekomst. 5.6