CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Hengelosestraat 381_Toelichting

Raadsvergadering 7 juni 2022, gemeente enschedeBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" en beeldkwaliteitsplan "Newtonpark Enschede"22.250 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De herontwikkeling van de voormalige ROC locatie biedt aan bijna alle thema's kansen en is daarmee erg welkom.

DIA en het bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" Het bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" draagt bij aan de beoogde aanpak in het kader van de DIA. Met de invulling van de voormalige ROC-locatie aan de Hengelosestraat 381 met de beoogde woningbouw draagt

24

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

het bij aan de doelen van de DIA. Het programma bestaat uit een divers aanbod aan woningtypes met een verscheidenheid aan kapvormen wat zal bijdragen aan een gevarieerd straatbeeld en een kwaliteitsverbetering van de wijk. Daarnaast zal er een parkje aangelegd worden met een ontmoetingsplek voor de buurt.

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

25

Hoofdstuk 4 4.1

Planbeschrijving

Stedenbouwkundig plan

In deze paragraaf wordt ingegaan op de toekomstige ruimtelijk-stedenbouwkundige hoofdopzet en invulling van de nieuwe ontwikkeling.

Stedenbouwkundig plan

Inleiding De ontwikkeling van de voormalige ROC locatie gelegen aan de Hengelosestraat 381, hierna Newtonpark, draagt bij aan het verder versterken van de stadsrand van Enschede. De locatie ligt aan de zuidzijde met de voeten in de woonwijk Twekkelerveld. De ontwikkeling sluit aan de noordzijde aan bij een belangrijke radiaal van de stad, de Hengelosestraat. Deze oorspronkelijke ontginningsas kenmerkt zich van oorsprong door haar groene en voorname karakter. In de huidige tijd vormt de campus van de Universiteit Twente en de hieraan verbonden bedrijvigheid, Kennispark Twente, een nieuw groenstedelijk en dynamisch beeld dat de identiteit van deze zone bepaalt. De locatie vraagt om een zorgvuldige invulling en inpassing met aansluitingen op de omgeving. Doelstelling van Newtonpark is een woonpark te creëren dit zich voegt in de stedelijke context van Twekkelerveld; een stadse buurt in een groene context. Dit wordt bereikt door het plan te laten reageren op de contextuele kenmerken van de straten waar het gebied onderdeel van uitmaakt. Aan de Hengelosestraat kent het plan een ritme van ensembles in een verspringende rooilijn. Aan de Zuiderkruisstraat en Wegastraat worden straatwanden gemaakt met een passende bloklengte. De Schietbaanweg krijgt een herkenbare hoekoplossing, die betekenis geeft aan een zicht vanuit de Van Limborchstraat.

En aan de Herculesstraat wordt een doorzicht vrijgehouden die het plan opspant tussen de Noorderkroonstraat en de kop van het appartementengebouw aan de Herculesstraat. Het onderscheidende aspect van het plan is dat we een stedenbouwkundige typologie van gesloten bouwblokken toepassen. Hiermee kunnen we een helder onderscheid maken tussen een autovrij en collectief woonpark en een binnenhof waarin private tuinen en parkeerplaatsen zijn gesitueerd.

Programma

26

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

De inzet is om op de voormalige ROC locatie langs de Hengelosestraat een duurzame en onderscheidende woningbouwontwikkeling te realiseren, die bestaat uit drie woonblokken in een parkachtige omgeving. De parkachtige structuur van de ontwikkeling biedt ruimte voor zowel mens, als flora en fauna. Twekkelerveld is de verbindende schakel tussen de binnenstad en de kennisas van Enschede. De verbinding met de omliggende parken in de wijk zorgen voor een groene onderbreking aan het drukke stadse gevoel. Het programma van de woningbouwontwikkeling bestaat uit een divers aanbod aan woningen in zowel het huurals het koopsegment. Daarnaast zal de verscheidenheid aan kapvormen van de woningen bijdragen aan een gevarieerd straatbeeld. Uitgangspunt is dat de wijk een plek wordt voor zowel de huidige Twekkelervelders als ook voor nieuw talent en gezinnen.

Zuidzijde ontwikkellocatie Het meest zuidelijk gelegen blok sluit aan op de architectuur van Twekkelerveld. Deze wijk is gebouwd in een sobere jaren '50 stijl: de zogenaamde “Delftse School”. In veld 1 komen sociale- en beleggershuurwoningen. De beleggershuurwoningen vallen binnen het middenhuur segment. Er worden 21 sociale huurwoningen en 19 beleggershuurwoningen gerealiseerd. Zuidzijde: “Delftse School”

Noordzijde:”Wederopbouwstijl

Noordzijde ontwikkellocatie De noordelijk gelegen bouwblokken 2 en 3 zijn gelegen aan de Hengelosestraat. De noordelijke zijde van deze blokken vormen het gezicht van de nieuwe woonbuurt langs de Hengelosestraat. Ze krijgen elk een unieke expressieve uitstraling. Deze architectuur wordt gekenmerkt door een positieve functionele wederopbouwstijl. Op de hoeken van het bouwblok komen accenten. In lijn met de voormalige school zijn de woningen aan de noordrand (Hengelosestraat) plat afgedekt. De velden 2 en 3 kennen een grote verscheidenheid aan woningtypologieën allen in het middel dure koopsegment: In totaal worden er in de bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

27

velden 2 en 3, 54 woningen gerealiseerd

Openbare ruimte- Verb onden park In de beoogde woningbouwontwikkeling wordt de verbinding met groen, water en herkenbare architectuur centraal gesteld. De locatie is de ultieme plek voor de natuurliefhebber, met het groen van het Ledeboerpark en het Twekkelerpad om de hoek. Er is geprobeerd het plan zo groen mogelijk te maken. Doordat de auto via de buitenranden van het gebied de woning benaderd, is de centrale parkzone autovrij en veilig te benutten. Toekomstige bewoners kunnen genieten in het park of een ontspannen wandeling maken door de groene oase. De ruime maat van groene verbindingen creëert een klimaat adaptieve openbare ruimte. Er is in het park ruimte voor waterberging, biodiversiteit en verblijf. De parkzone in het gebied wordt verbonden met de omliggende groenstructuren en paden in de omgeving. Dit creëert extra mogelijkheden om te ontmoeten en te wandelen door de wijk. Referentiebeelden openbare ruimte

ontwerp openbare ruimte

Hoogte en afdekkingen Vanuit de plek en stedenbouwkundige context is er gekozen voor afwisselend platte- en schuine daken. Het meest zuidelijk blok is vrijwel geheel voorzien van woningen met een kap zodat de aansluiting kan worden gevonden met de bestaande woonbuurt daar. In lijn met de voormalige school zijn de woningen aan de noordrand (Hengelosestraat) plat afgedekt. De woningen in de oost-west-as langs het park krijgen ook een kap. Wat ook een prettige begeleiding van dat groen geeft. Op beeldbepalend gelegen hoeken zijn de woningen plat afgedekt.

28

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

Mobiliteit

De groene ruimtes van Newtonpark worden autovrij ingericht. De ontsluiting van de woningen vindt daarom vanaf de buitenzijde van het plan plaats. De doodlopende wegen Wegastraat en Herculesstraat worden ingericht als erftoegangswegen.

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

29

De uitstraling van de wegen sluit aan bij de parkachtige kwaliteit van het plan, de materialisering is gericht op het vormgeven van een verblijfsruimte waarin de auto te gast is. Bestaande materialen en bestaande inrichting worden zoveel mogelijk gehandhaafd. De bouwblokken worden toegankelijk gemaakt via herkenbare en kwalitatief vormgegeven entrees. Binnen in het bouwblok parkeren de auto's van de bewoners. Bezoek parkeert langs de Wegastraat, Herculesstraat en Schietbaan. Er worden voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd. Voor bewoners zelf zijn voornamelijk de binnen-terreintjes aangewezen als parkeervoorziening. Voor bezoekers de parkeerplaatsen aan de randen van het gebied. Veld 1 als uitzondering. Zie voor meer informatie onderstaande tabel en de parkeerbalans die als bijlage 12 bij deze toelichting is opgenomen.

Groene kracht De 'groene' langzaam verkeersverbinding vanuit de van Limborchstraat heeft op de schaal van de wijk (van spoor tot en met het Abraham Ledeboerpark) een belangrijke betekenis. Het maakt een nieuwe wandelrondje mogelijk. Daarmee wordt ook een belangrijke wens vanuit de wijk vervuld. Het groen is interessant voor de recreatieve meerwaarde en ontmoeting (buurtpark) maar ook belangrijk voor de klimaatadaptatie. De zone biedt namelijk ruimte voor de aanleg van waterberging als overgang naar het bekensysteem van het Abraham Ledeboerpark. Een tweede belangrijke groenverbinding ontstaat door het visueel doortrekken van de Noorderkroonstraat. Samen met de forse groenmaat parallel aan de Hengelosestraat en het weghalen van infrastructuur (door introduceren van doodlopende straten, Herculesweg, Wegastraat en Zuiderkruisstraat) ontstaat een groen raamwerk waarbinnen bebouwingsvelden zijn opgenomen. De definitieve inrichting van het groen zal een uitwerking zijn.

Waterhuishouding Er is een watergang aan de noordzijde van de Hengelosestraat in het Abraham Ledeboerpark. Om overbelasting te voorkomen is aansluiting daarop niet wenselijk.

30

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

De bodem bestaat uit een sterk geroerde bodemlaag (humeuse grond). Vanaf 1,5 m. diepte is overwegend matig fijn zand aanwezig. Infiltratie van hemelwater is op basis van de gemeten doorlatendheid beperkt mogelijk. Een wadi of zaksloot zijn daarbij als voorziening het meest geschikt. Ter plaatse van het plangebied zijn grondwaterstanden tot circa 0,6 a 0,9 m-mv te verwachten. Aan de zuidzijde worden hogere waarden verwacht ten opzichte van de noordzijde. Het maaiveld aan de oostzijde van het plangebied ligt hoger dan het maaiveld aan de westzijde. Door gerichte ophoging van het maaiveld leidt dit niet tot bijzondere situaties. In de straten rondom het plangebied is een gemengd rioolstelsel aanwezig. Er wordt gestreefd naar voldoende ontwatering en geleidelijke afwatering van de bouwkavels. Het maaiveld zal daarom 15 tot plaatselijk 50 cm. opgehoogd worden. De vloerpeilen liggen daarmee naar verwachting ruim 70 cm. boven de gemiddeld hoogste grondwaterstand. Binnen het plangebied worden wadi's met drainage aangelegd om het regenwater te bergen en te laten infiltreren. Vanaf de woningen wordt voorzien in de aanleg van Infiltratieriolen waarmee regenwater richting de wadi's stroomt. Het nieuwe vuilwaterstelsel van het plangebied zal op het gemengde rioolstelsel in de Schietbaanweg, Wegastraat en Herculesweg aansluiten.

Bij hevige regenval zal ook het regenwater vanuit de wadi's hier naar toe afvoeren. Om het vuile en schone water gescheiden te houden zal (op termijn) in genoemde straten een apart hemelwaterriool aangelegd worden.

4.2

Cultuurhistorie in relatie tot nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen

Binnen het plangebied zijn geen aanwezige rijks- of gemeentelijke monumenten of overige cultuurhistorisch waardevolle gebouwen, objecten en structuren.

4.3

Archeologie

Ten behoeve van de beoogde realisatie van 94 woningen op het perceel Hengelosestraat (voormalige ROC locatie) heeft er een archeologisch vooronderzoek plaatsgevonden. Het betreft een ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van boringen (verkennende fase) Vestigia Rapport V2078 5 juli 2021. Het vooronderzoek is als bijlage 7 bij de toelichting opgenomen. Op basis van het bureauonderzoek had het noordelijk deel van het plangebied een middelhoge archeologische verwachting, en het zuidelijk deel een lage archeologische verwachting. Om dit archeologisch verwachtingsmodel te toetsen is een inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen uitgevoerd op 18 maart 2021. Binnen het plangebied zijn in totaal 17 verkennende boringen gezet in een verspringend grid met de vereiste dichtheid van 6 boringen per hectare, plus enkele extra boringen in het noordelijk deel binnen 'Onderzoeksgebied B' om het grid daar wat te verdichten. De boringen zijn zowel binnen als buiten de contouren van de voormalige bebouwing gezet om een goed beeld te krijgen van de mate van intactheid of verstoring binnen het plangebied. Hierbij is geconstateerd dat er binnen het plangebied grootschalige verstoringen zijn opgetreden, o.a. tijdens de bouw- en sloopwerkzaamheden van de textielvakschool.

Deze verstoringen waren zodanig van aard dat er binnen het plangebied geen archeologische waarden meer worden verwacht. Op basis van de resultaten van onderhavig onderzoek is de archeologische verwachting voor het gehele plangebied bij te stellen naar 'laag'. Er is geen nader onderzoek noodzakelijk.

Conclusie Binnen het plangebied geldt een lage archeologische verwachting. Het plangebied kan, op basis van het uitgevoerde archeologische onderzoek, vrijgegeven worden. Mochten bij de graafwerkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen geldt, volgens de Erfgoedwet, art. 5.10 een meldingsplicht. Dit kan bij de gemeente Enschede, bij de regio-archeoloog of via het meldingsformulier van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

31

4.4

Welstand en beeldkwaliteit

In de Welstandsnota "Bouwen aan identiteit" is aangegeven aan welke welstandseisen bouwwlannen moeten worden getoetst. Daartoe zijn in de Welstandsnota voor het gehele grondgebied van de gemeente Enschede welstandsidentiteiten opgenomen.

Beeldkwaliteitplan Voor het plangebied van het bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" is een beeldkwaliteitsplan opgesteld. Het beeldkwaliteitsplan Newtonpark Enschede is als bijlage 6 bij de toelichting opgenomen. Door het vrijkomen van de locatie is ruimte ontstaan om het gebied te herontwikkelen voor woningbouw. Dit beeldkwaliteitsplan beschrijft de gewenste uitgangspunten voor het ontwerp. Hierbij wordt in gegaan op de architectonische verschijningsvorm van de nieuwbouw en de inrichting van de openbare ruimte. Doelstelling is om een woonbuurtje te maken die zich voegt in de omgeving van Twekkelerveld, maar tegelijkertijd een eigen identiteit heeft; de identiteit van een woonpark. Het stedenbouwkundige kenmerk van dit woonpark is om een park te maken waarin een drietal gesloten bouwblokken zijn ingepast. Uitgangspunt van de architectonische uitstraling in dit document is dat de nieuwe architectuur qua schaal en uiterlijk een relatie aangaat met de omliggende bebouwing (architectuurstijl Delftse School) en een knipoog is naar de wederopbouwarchitectuur van de voormalige textielvakschool die op de locatie heeft gestaan. Procedure wijziging Welstandsnota Het ontwerpbesluit met betrekking tot de wijziging van de Welstandsnota en vaststelling van het beeldkwaliteitplan zal gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan "Hengelosestraat 381" ter inzage worden gelegd.

Gedurende een termijn van zes weken kunnen dan zienswijzen ingediend worden. Daarna zal de gemeenteraad een besluit nemen. Dit besluit zal gepubliceerd en terinzagegelegd worden voor een termijn van zes weken. Tegen dit besluit staat geen mogelijkheid tot bezwaar of beroep open.

4.5

Woonvisie

De gemeenteraad heeft op 19 juni 2019, met herzieningen op 15 december 2020 een nieuwe Woonvisie vastgesteld. Met dit plan wordt ingezet op de doelen vanuit de Woonvisie: een goed aanbod van woningen en wooncarrière realiseren voor starters en net afgestudeerden, gezinnen met lage en midden inkomens en inwoners waarvoor het aanbod nu niet goed aansluit op de vraag: de doelgroep 30-54 jarigen en/of gezinnen. Dit ook met de ambitie om door te groeien naar 170.000 inwoners. Ook wordt met de toevoeging van deze woningen bijgedragen aan twee van de vijf strategische opgaven van de stad: het vasthouden van talent en een inclusieve samenleving.

4.6

Duurzaamheid

Duurzaamheid is een centraal thema in het gemeentelijk beleid van Enschede. Duurzaam handelen is daarbij meer dan het ontzien van natuur en milieu. In dat opzicht vraagt duurzaam handelen bijvoorbeeld ook om een solide financieel beleid. Voor 2015 werd onder de noemer van het duurzaamheidsbeleid vooral gewerkt aan maatregelen die gericht zijn op het tegengaan van gevolgen voor de klimaatverandering. Daarmee is niet gezegd dat er voor thema's die op andere plaatsen wel onder het beleidsveld duurzaamheid worden geschaard, zoals afval, water en bodem, geen aandacht was maar van een breed en samenhangend duurzaamheidsbeleid was toen nog geen sprake. Om daar verandering in te kunnen brengen is het Actieplan Duurzaamheid opgesteld. Hierin wordt uitgewerkt aan welke doelen onder de noemer van het duurzaamheidsbeleid actief wordt gewerkt, welke aanpak daarvoor is vereist, welke partijen bij de realisatie daarvan een rol spelen en welke rol de gemeente daarbij voor zichzelf ziet weggelegd, alsmede de toewijzing van mensen en middelen om de gestelde doelen te realiseren.

32

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

4.6.1

Speerpunten van het duurzaamheidsbeleid

In het Actieplan duurzaamheid, dat op 8 juni 2015 door de gemeenteraad van Enschede is vastgesteld, heeft de gemeenteraad er voor gekozen om het duurzaamheidsbeleid toe te spitsen op de volgende punten:

Energie Eigen organisatie Verhogen van het op eigen grondgebied Zelf het goede voorbeeld geven. opgewekte aandeel hernieuwbare energie tot minimaal 12 procent in 2030 en minimaal 27 procent van het voor 2050 voorziene gebruik van energie. Biodiversiteit Behoud en versterken van de verscheidenheid aan dier- en plantsoorten in de leefomgeving

Groene groei Groei van de economie zonder dat dit nadelig is voor klimaat, water, bodem, grondstoffen en biodiversiteit.

Circulaire economie Verminderen van de hoeveelheid (rest-)afval door afvalpreventie en het beter scheiden van restafval.

Klimaatadaptatie Negatieve gevolgen die gepaard gaan met klimaatverandering beperken en de kansen die de klimaatverandering biedt benutten.

Duurzame mobiliteit Verhoging van het aandeel fietsgebruik in het totaal aantal verplaatsingen, stimuleren van het gebruik van het openbaar vervoer en stimuleren van het gebruik van elektrische auto's.

WEconomy Bewoners in Enschede dragen in collectief verband actief bij aan een of meer van de duurzame doelstellingen.

Aanpak van het duurzaamheidsbeleid Binnen de aanpak van het Actieplan Duurzaamheid staan de begrippen 'duurzame daden', 'duurzame deals' en 'duurzaam doen' centraal.

Duurzame daden De gedachte hierbij is dat het zichtbaar maken van bestaand duurzaam gedrag de beste manier is om anderen te inspireren en aan te zetten tot duurzaam handelen. We richten ons daarbij op de groep die in beginsel bereid is tot duurzaam gedrag.

Duurzame deals Duurzame deals, oftewel afspraken over duurzaam handelen, zijn een middel om nieuw duurzaam gedrag uit te lokken. Bij de uitvoering van duurzame initiatieven lopen bedrijven, instellingen en groepen inwoners soms tegen barrières aan. De gemeente wil die belemmeringen wegnemen. Soms kunnen we daar zelf voor zorgen. In andere gevallen doen we daarvoor een beroep op anderen. De deals maken duidelijk dat verduurzaming van de samenleving een opgave is die we samen moeten oppakken.

Duurzaam Doen Zelf het goede voorbeeld geven is binnen de gekozen aanpak een belangrijk uitgangspunt. Verduurzaming van de eigen organisatie is in dit Actieplan duurzaamheid verder uitgewerkt onder de noemer Duurzaam Doen.

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

33

Voor deze benadering is gekozen, omdat het een positieve benadering is, die anderen inspireert en stimuleert tot duurzame handelingen (gedrag, het doen van investeringen etc.). Het voordeel van deze aanpak is bovendien dat het gedrag voor de doelgroep herkenbaar en dichtbij is, de communicatieboodschap hierdoor aansluit bij de belevingswereld van mensen en de huidige doeners de afzender/ambassadeur zijn (in plaats van de gemeente). Hierdoor is het een aanpak van de stad, in plaats van de gemeente. 4.6.2

Duurzaamheidsbeleid en het bestemmingsplan

In deze paragraaf wordt aan de hand van het Actieplan Duurzaamheid bekeken in hoeverre het bestemmingsplan kan bijdragen aan de realisatie van de gemeentelijke duurzaamheidsambities.

Algemeen Bij elke nieuwe ruimtelijke ontwikkeling zal, afhankelijk van de opgave en de locatie, bezien moeten worden welke duurzame energiebronnen aangeboord worden. Dit kan er toe leiden dat in het ene geval ingezet wordt op een zongerichte verkaveling, terwijl in het andere geval gekoerst wordt op het gebruik van bodem- en/of windenergie, dan wel aansluiting op het warmtenet. Ook de aanpassing aan de klimaatverandering is in hoge mate een ruimtelijk vraagstuk. Meer warme zomers en een toenemende kans op extreme weersituaties vragen bij een verdere ontwikkeling van de stad om het vergroten van afvoer- en absorptievermogen in stedelijke watersystemen en het voorkomen van 'hitte-eilanden' en hittestress.

Energie: Voor het realiseren van veel energie besparende maatregelen of voorzieningen in, aan of op gebouwen, zoals isolatie van vloer, muren of dak, het plaatsen van zonnepanelen of een zonnecollector op het dak, is geen omgevingsvergunning vereist. Voor warmte-koude opslag en bodemenergiesystemen is de provincie Overijssel het bevoegd gezag. Voor nieuwbouw geldt dat moet worden voldaan aan de energieprestatienormen uit het Bouwbesluit. Voor dat soort maatregelen en voorzieningen hoeven in een bestemmingsplan geen regels te worden opgenomen. Een bestemmingsplan kan wel regels bevatten voor bijvoorbeeld het realiseren van windturbines of zonneparken en andere voorzieningen en bouwwerken met een mogelijke impact op de kwaliteit van de woon- en leefomgeving.

Klimaatadaptatie: Voor het realiseren van relatief eenvoudige klimaatadaptieve maatregelen en voorzieningen als groene dakbedekking op gebouwen en het in de bodem infiltreren van hemelwater is geen omgevingsvergunning vereist. Voor dat soort maatregelen en voorzieningen hoeven in een bestemmingsplan geen regels te worden opgenomen. Een bestemmingsplan kan wel regels bevatten voor het realiseren van voorzieningen voor de berging van hemelwater, het vrij houden van bebouwing van overloopgebieden (bij overstroming), het vrij houden van bebouwing langs beken of van lage plekken die natuurlijke waterbergingen vormen, het ophogen van gronden of het realiseren van bouwwerken ter voorkoming van overstromingen en andere voorzieningen en bouwwerken met een mogelijke impact op de kwaliteit van de woon- en leefomgeving.

Circulaire economie: Voor het realiseren van afvalcontainers voor het gescheiden inzamelen van afval en herbruikbare materialen is geen omgevingsvergunning vereist. Voor dat soort voorzieningen hoeven in een bestemmingsplan geen regels te worden opgenomen. Een bestemmingsplan kan wel regels bevatten voor het realiseren van voorzieningen en bedrijven voor de verwerking van afval.

Biodiversiteit: Natuurgebieden, bossen, parken en andere structurele, veelal openbaar toegankelijke, groenvoorzieningen worden in een bestemmingsplan als zodanig bestemd en voorzien van een passende beschermende gebruiks- en bouwregeling. Daarnaast maakt een bestemmingsplan het in nagenoeg elke bestemming mogelijk om groenvoorzieningen van ondergeschikte aard te realiseren.

34

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

Overige actiepunten: Voor de overige actiepunten uit het Actieplan Duurzaamheid kan kortheidshalve worden volstaan met de conclusie dat deze geen ruimtelijke relevantie hebben en als zodanig dus ook niet of hooguit indirect van invloed zijn op de kwaliteit van de woon- en leefomgeving.

Verplichte duurzame maatregelen voor de woningbouwontwikkeling op het perceel Hengelosestraat 381 - Aardgasvrije woningen - BENG In Nederland wordt al jaren hard gewerkt aan een duurzamer gebouwde omgeving. 2015 kenmerkte de verandering met een aanscherping van de EPC (EnergiePrestatieCoëfficiënt) naar 0,4 en in 2018 is de verplichte gasaansluiting van nieuwbouwhuizen komen te vervallen. Vanaf 1 januari 2021 is er een nieuwe wet- en regelgeving bij: de BENG. De besluitvorming omtrent BENG ligt op Europees niveau. Binnen de Europese Unie zijn afspraken gemaakt om de energieprestaties van onze gebouwen te verbeteren. De Europese richtlijn EPBD (Energy Performance of Buildings Directive) geeft aan dat vanaf 2021 alle nieuwe gebouwen ‘Nearly Zero Energy Buildings’ (NZEB) moeten zijn. BENG is daarmee een letterlijke vertaling.Hiermee maakt de EPC na vijfentwintig jaar plaats als meetinstrument voor de energieprestatie van woningen en utiliteitsbouw en wordt overgegaan op BENG: nieuwe regelgeving die moet zorgen voor Bijna EnergieNeutrale Gebouwen.

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

35

Hoofdstuk 5

Omgevingsaspecten

Op grond van artikel 3.1.6 van het Bro wordt in het kader van de voorbereiding van een bestemmingsplan nagegaan of dat plan uitvoerbaar is. In dat kader moet elk bestemmingsplan worden getoetst aan een aantal omgevingsaspecten. Het vaststellen van een bestemmingsplan kan namelijk gevolgen hebben voor de belangen van natuur en milieu en voor de waterhuishouding. In dit hoofdstuk wordt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" getoetst aan de belangen van milieu, natuur en waterhuishouding.

5.1

Milieu

In deze paragraaf wordt achtereenvolgens ingegaan op de milieuaspecten bodemkwaliteit, geluid, luchtkwaliteit en externe veiligheid. Daarnaast wordt in deze paragraaf verslag gedaan van de uitkomsten van de bedrijven- en milieu-inventarisatie en de toepassing van milieuzonering. 5.1.1

Milieueffectrapportage

Bij ruimtelijke plannen en besluiten die mogelijk gevolgen kunnen hebben voor het milieu dient te worden beoordeeld of ten behoeve van de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling een milieueffectrapportage moet worden opgesteld. Een milieueffectrapportage (m.e.r.) is bedoeld om milieubelangen bij verschillende ruimtelijke procedures een volwaardige plaats bij de besluitvorming te geven. Het wettelijk kader voor de m.e.r. is hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer (Wm) en het daarbij behorende Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.). In het Besluit m.e.r. is geregeld voor welke plannen en besluiten die nieuwe ontwikkelingen mogelijk maken daadwerkelijk een m.e.r.-(beoordelings)procedure doorlopen moet worden dan wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling dient te worden uitgevoerd. Bij het toetsen van plannen en besluiten aan het Besluit m.e.r. zijn er vier mogelijkheden: 1. 2. 3. 4.

het plan of besluit maakt geen activiteiten mogelijk die in het Besluit m.e.r. zijn genoemd. Er geldt geen m.e.r.-plicht of (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsplicht. m.e.r.-plicht: voor (onderdelen van) het plan of besluit is het uitvoeren van een m.e.r.-verplicht; m.e.r.-beoordelingsplicht: voor (onderdelen van) het plan of besluit moet eerst worden beoordeeld of er mogelijk aanzienlijke milieugevolgen optreden. Zo ja, dan is alsnog het uitvoeren van een m.e.r. verplicht; vormvrije m.e.r.-beoordeling: het plan of het besluit omvat een m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteit, maar deze activiteit ligt (ruim) beneden de daarvoor in het Besluit m.e.r. opgenomen indicatieve drempelwaarden. Het bevoegd gezag moet nagaan of die activiteit mogelijk aanzienlijke milieugevolgen zou kunnen hebben.Zo ja, dan moet er alsnog een volledige m.e.r.-(beoordelings)procedure worden doorlopen.

Toetsing bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" aan het Besluit m.e.r. Het bestemmingsplan maakt realisatie van 94 woningen mogelijk op een binnenstedelijk (braakliggend) perceel aan de Hengelosestraat in Enschede. De voorgenomen activiteit is mogelijk te scharen onder activiteit D 11.2 van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.): 'de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen'. De bijbehorende drempelwaarden (1° een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2° een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen en 3° een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer) worden ruimschoots niet overschreden. Dit vormt een eerste indicatie dat er geen belangrijke nadelige milieugevolgen te verwachten zijn. Op basis van de kenmerken van de voorgenomen activiteit geldt daarmee mogelijk een plicht tot een vormvrije m.e.r.-beoordeling voor het bestemmingsplan. Voor de zekerheid en zorgvuldigheid is uitvoering gegeven aan deze mogelijke plicht.

Vormvrije m.e.r.-beoordeling De vormvrije m.e.r.-beoordeling is een toets, waarin aan de hand van in de Europese m.e.r-richtlijn opgenomen criteria wordt beoordeeld of belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten en al of niet 36

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

sprake is van een m.e.r.-beoordelingsplicht. De criteria hebben betrekking op de kenmerken van het project, de locatie van de activiteit en de kenmerken van het potentiële effect. Bij de kenmerken van het project gaat het onder andere om de omvang en de cumulatie met andere projecten. Bij de locatie van de activiteit gaat het onder andere om de mate van kwetsbaarheid van het milieu in gebieden waarop de activiteit van invloed zou kunnen zijn. Bij de kenmerken van het potentiële effect gaat het onder ander om het bereik van de effecten.

Aanmeldnotitie ruimtelijke ontwikkeling Voor de ontwikkeling is door de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie ten behoeve van de vormvrije m.e.r.-beoordeling aangeleverd, welke in bijlage 2 bij deze plantoelichting is opgenomen. Uit de notitie blijkt dat de beoogde ontwikkeling geen belangrijke nadelige milieugevolgen heeft. Op basis van de notitie hebben burgemeester en wethouders besloten het besluit te nemen dat het niet noodzakelijk is om een (formele) m.e.r.-beoordeling uit te voeren of een milieueffectrapport op te stellen.

5.1.2

Milieuhinder van bedrijven en voorzieningen

In het kader van een goede ruimtelijke ordening is nagegaan of er bestaande bedrijfsactiviteiten en voorzieningen rondom het plangebied van het bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" aanwezig zijn, die van invloed kunnen zijn op het woon- en leefklimaat in het plangebied. Daarbij is gekeken naar de potentiële milieubelasting van deze bedrijfsactiviteiten en voorzieningen. De milieubelasting en de bijbehorende hindercontouren worden bepaald door verschillende ruimtelijk relevante milieuaspecten, zoals geur, stof, geluid en gevaar. Milieuhinder van bestaande bedrijfsactiviteiten rondom het plangebied voor woningen in het plangebied In de nabijheid van het plangebied zijn diverse bedrijven/voorzieningen aanwezig. Om te beoordelen of deze bedrijven/voorzieningen belemmeringen opleveren voor de geplande woningen binnen het plangebied is door Adviesbureau Lycens onderzoek verricht. Hiervan is verslag gedaan in de Notitie Quickscan Bedrijven & milieuzonering Project Newton Park d.d. 9 juli 2021. Deze notitie is als bijlage 5 opgenomen in de bijlagen bij de toelichting. Uit de notitie blijkt dat twee milieubelastende activiteiten mogelijk invloed kunnen hebben op het plangebied.

Het betreffen: Basisschool Twekkelerveld (Schietb aanweg 30) Muziekschool (Herculesstraat 10) Beide milieubelastende activiteiten zijn gelegen op circa 10 meter van de grens van het plangebied en circa 20 meter vanaf de dichtstbijzijnde gevel van een geprojecteerde woning binnen het plangebied. De grootste richtafstand voor beide activiteiten bedraagt 30 meter (volgens de VNG Publicatie Bedrijven en milieuzonering). Deze richtafstand is op basis van het aspect geluid. Op kortere afstand van deze locaties zijn reeds bestaande woningen gelegen. Op de gevels van deze bestaande woningen dient al voldaan te worden aan de geluidnormen van het Activiteitenbesluit c.q. geluidnota Enschede. Als op de gevels van de bestaande woningen al voldaan wordt dan zal ook voldaan worden op de gevels van de geprojecteerde woningen.

Conclusie milieuhinder bedrijven en voorzieningen Op basis van het bovenstaande kan geconcludeerd worden dat de voornoemde milieubelastende activiteiten geen belemmeringen opleveren voor de geplande woningbouw binnen het plangebied. Bovendien worden de muziekschool en de basisschool niet belemmerd in hun bedrijfsvoering door het realiseren van woningen binnen het plangebied.

5.1.3

Bodemkwaliteit

Bodemkwaliteit algemeen Bij de toetsing of een bestemmingsplan uitvoerbaar is, moet worden nagegaan of er mogelijk sprake is van bodemverontreiniging. Bij functiewijzigingen en nieuwe ontwikkelingen dient daarom te worden bekeken of de bodemkwaliteit past binnen het toekomstige gebruik van de bodem en of deze optimaal op elkaar kunnen bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

37

worden afgestemd. Het bodembeleid in Nederland heeft een hervormingsfase ondergaan. Er is sprake van een overgang van het saneren van vervuilde bodems naar het duurzaam beheren en bewust gebruiken van de bodem en de ondergrond. Het beleid richt zich niet uitsluitend meer op het wegnemen van bodemverontreiniging, maar de nadruk is komen te liggen op creatief, innovatief en integraal beheer en gebruik van de bodem en ondergrond. Het oude beginsel van niet bouwen op een vervuilde bodem is hiermee verlaten. Bouwen op een ernstig verontreinigde bodem is onder voorwaarden mogelijk. Functiegericht en kosteneffectief saneren is dan voldoende. Het uitgangspunt hierbij is dat aanwezige bodemverontreiniging geen onaanvaardbaar risico oplevert voor de gebruikers van de bodem.

Bodemkwaliteit en het bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" Het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” beoogt het planologisch mogelijk te maken dat er 94 woningen gerealiseerd worden met bijbehorende voorzieningen. Het bestemmingsplan betreft een nieuwe ontwikkeling. Dit houdt in dat er sprake is van een nieuwe planologische situatie. Hierdoor kan de huidige bodemgesteldheid de financiële uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan beïnvloeden. Het is bekend dat door het historisch gebruik in verstedelijkt gebied zoals in Enschede, er locaties aanwezig zijn of kunnen zijn waar de bodem verontreinigd is. Om dit in beeld te brengen is er in het kader van deze nieuwe ontwikkeling een bodemonderzoek uitgevoerd. Zie hiervoor de rapportage Verkennend en nader (asbest)bodemonderzoek Hengelosestraat 381 in Esnchede van 27 juni 2017 opgesteld door Envita. Aangezien er geen wijzigingen (bouw/gebruik) hebben plaatsgevonden op de betreffende gronden is dit onderzoek nog steeds van toepassing. Zie bijlage 8 van deze toelichting. Locatie is geschikt voor wonen met tuin In de bodem zijn voor de stoffen PCB, PAK, minerale olie en kwik gehalten aangetoond die de achtergrondwaarde overschrijden. Deze gehalten zijn aangetoond in het bodemtraject tot 0,5 meter minus maaiveld. De bodem dieper dan 0,5 meter minus maaiveld voldoet aan de achtergrondwaarde.

Asbest als aandachtspunt Op een deel van de locatie is asbest in de bodem aangetoond. Het gehalte asbest voldoet aan de norm waarbij woningbouw is toegestaan. Grofweg is asbest aangetoond ter hoogte van de voormalige bebouwing. Het betreft in dit geval zichtbare asbesthoudende plaatjes. Het asbest dat niet met het blote oog waarneembaar is, is niet aangetoond. Geadviseerd wordt om de zichtbare asbesthoudende/-verdachte plaatjes door middel van handpicking te verwijderen. Het verwijderen van de asbesthoudende grond is dus niet noodzakelijk. De ontwikkelaar mag deze grond kunnen herschikken, waarbij de asbesthoudende grond bijvoorbeeld onder de nog aan te leggen infrastructuur (wegen en parkeerplaatsen) verdwijnt.

Conclusie bodemkwaliteit Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat de bodemkwaliteit geen belemmering vormt voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

5.1.4

Wet geluidhinder

In artikel 3.3.1 van het Bro is bepaald dat in een bestemmingsplan moet worden aangegeven waar geluidgevoelige gebouwen en terreinen zijn gesitueerd ten opzichte van wegen, spoorwegen en industrieterreinen met een onderzoekszone als bedoeld in de Wet geluidhinder (Wgh). Wanneer het bestemmingsplan binnen deze onderzoekszones de realisatie van nieuwe geluidgevoelige gebouwen of terreinen en/of de transformatie van bestaande panden naar wonen of een andere geluidgevoelige functie mogelijk maakt, moet door middel van een akoestisch onderzoek worden nagegaan of de geluidsbelasting binnen de wettelijke normen blijft. De geluidsbelasting mag de in de Wgh genoemde grenswaarden niet overschrijden. Daarbij moet ook de doeltreffendheid worden onderzocht van de in aanmerking komende maatregelen ter voorkoming van in de toekomst optredende geluidsbelasting van de geluidgevoelige gebouwen en terreinen. In het kader van een goede ruimtelijke ordening kan het ook noodzakelijk zijn dat akoestisch onderzoek wordt uitgevoerd in situaties dat de Wet geluidhinder niet van toepassing is.

38

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

Wegverkeerslawaai Wettelijk kader In artikel 74 van de Wgh is bepaald dat zich aan weerszijden van een weg een zone bevindt. De breedte van de zone is afhankelijk van de ligging van de weg in stedelijk of buitenstedelijk gebied en van het aantal rijstroken. De zonering geldt niet voor wegen die gelegen zijn binnen een als woonerf aangeduid gebied en voor wegen waarvoor een maximumsnelheid geldt van 30 km per uur. Volgens artikel 76a/77 van de Wgh moet bij het vaststellen of herzien van een bestemmingsplan of een projectbesluit, waarin nieuwe woningen of andere geluidgevoelige functies mogelijk worden gemaakt, binnen onderzoekszones van wegen, als bedoeld in artikel 74 van de Wgh, akoestisch onderzoek worden verricht. De binnen het plangebied te realiseren woningen zijn gelegen in stedelijk gebied binnen de zone van bestaande wegen. Op woningen bedraagt de voorkeurswaarde 48 dB (artikel 82, eerste lid Wgh). Indien deze waarde wordt overschreden kan onder voorwaarden een hogere waarde worden verleend tot ten hoogste 63 dB (artikel 83, tweede lid Wgh). Voor vervangende woningen bedraagt de ten hoogste vast te stellen hogere waarde 68 dB (artikel 83, vijfde lid Wgh).

Het vaststellen van een hogere waarde is pas mogelijk indien aangetoond wordt dat maatregelen (bronmaatregelen, overdrachtsmaatregelen en/of maatregelen bij de ontvanger) om te voldoen aan de voorkeursgrenswaarde niet doeltreffend zijn (bezwaren stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard), en voldaan wordt aan de voorwaarden uit de Geluidnota Enschede 2009-2012 (verder Geluidnota). De Geluidnota is op 3 april 2018 door Burgemeester en Wethouders (gedeeltelijk herzien) vastgesteld. Bij de beoordeling van het geluid van 30 km-wegen wordt aangesloten bij de grenswaarden en systematiek van de Wet geluidhinder en het hogere waarde beleid uit de Geluidnota.

Resultaten akoestisch onderzoek Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat vanwege het wegverkeer op de Hengelosestraat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB (incl. aftrek artikel 110g Wgh) wordt overschreden. Vanwege het wegverkeer op de 30 km-wegen wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde. Vanwege het wegverkeer op de Hengelosestraat wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op 26 woningen overschreden. Op deze 26 woningen bedraagt de geluidsbelasting vanwege het wegverkeer op de Hengelosestraat ten hoogste 58 dB (incl. aftrek artikel 110g Wgh). Daarmee wordt voldaan aan de ten hoogste toegestane waarde van 63 dB. Onderzocht is of door middel van bron- en of overdrachtsmaatregelen de geluidsbelasting vanwege het wegverkeer op de Hengelosestraat kan worden gereduceerd. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat maatregelen die getroffen kunnen worden om aan de voorkeursgrenswaarde te voldoen onvoldoende effect hebben of bezwaren ontmoeten van verkeerskundige, stedenbouwkundige of financiële aard. Daarmee wordt voldaan aan de voorwaarden uit de Wet geluidhinder voor het toestaan van een hogere geluidsbelasting. Om een hogere waarde te kunnen vaststellen moeten grondgebonden woningen, op grond van de Geluidnota, over en geluidluwe gevel beschikken. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat alle woningen aan de achterzijde beschikken over een geluidluwe gevel.

Aan de achterzijde zijn tevens de tuinen gesitueerd. Daarmee wordt voldaan aan de voorwaarde uit de Geluidnota dat buitenruimten zo veel mogelijk aan de geluidluwe zijde zijn gelegen. Als derde en laatste voorwaarde is in de Geluidnota opgenomen dat verblijfsruimten zo veel mogelijk zijn gelegen aan de geluidluwe zijde. Omdat nog geen sprake is van een concreet bouwplan is vooralsnog onbekend waar de verblijfsruimten worden gesitueerd. Met de aanwezigheid van een geluidluwe gevel biedt het bestemmingsplan wel de mogelijkheid om verblijfsgebieden aan de geluidluwe zijde te situeren. Toetsing op dit aspecten zal plaatsvinden ten tijde van de beoordeling van de aanvraag voor een Omgevingsvergunning voor het onderdeel Bouwen. Uit het voorgaande blijkt dat aan de voorwaarden uit de Wet geluidhinder en de Geluidnota Enschede wordt voldaan om, voor de 26 woningen waar vanwege het wegverkeer op de Hengelosestraat een hogere geluidsbelasting wordt ondervonden dan de voorkeursgrenswaarde, hogere waarden vast te stellen. Daarmee is voor deze 26 woningen tevens, op grond van het Bouwbesluit, gegarandeerd dat in de woningen het binnenniveau niet meer dan 33 dB bedraagt. In het Bouwbesluit is voor de gevelwering van woningen een minimale eis van 20 dB opgenomen. Daarmee

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

39

is voor woningen die vanwege wegverkeer een geluidsbelasting ondervinden van ten hoogste 53 dB (excl. aftrek artikel 110g Wgh) gegarandeerd dat aan het binnenniveau van 33 dB wordt voldaan. Dit betekent dat voor woningen die een gecumuleerde geluidsbelasting van meer dan 53 dB (excl. aftrek artikel 110g Wgh) ondervinden en waarvoor geen hogere waarde is vastgesteld het binnenniveau niet is gegarandeerd. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dit voor diverse woningen (4) het geval is. Om ervoor te zorgen dat het binnenniveau in die woningen ten hoogste 33 dB bedraagt is het noodzakelijk om in de regels van het bestemmingsplan aanvullende eisen voor de gevelwering op te nemen.

Conclusie wegverkeerslawaai De realisatie van de woningen die vanwege het wegverkeer op de Hengelosestraat een geluidsbelasting van meer dan 48 dB (incl. aftrek artikel 110g Wgh) ondervinden is alleen mogelijk als daarvoor een hogere waarde wordt vastgesteld. Aan de voorwaarden, uit de Wet geluidhinder en de Geluidnota, voor het vaststellen van een hogere waarde wordt voldaan. Gelijktijdig met de procedure voor dit bestemmingsplan wordt een procedure gestart voor het vaststellen van de hogere waarden. Het (ontwerp)besluit Hogere grenswaarde is als bijlage 4 aan de toelichting gevoegd. Het gaat daarbij om een hogere waarde voor 26 woningen. De vast te stellen hogere waarden bedragen ten hoogste 58 dB (incl. aftrek artikel 110g Wgh). Door het vaststellen van de hogere waarde worden op grond van het Bouwbesluit eisen aan de gevelwering gesteld waardoor het binnenniveau is gegarandeerd. Om voor de woningen waarvoor vanwege het wegverkeer op de Hengelosestraat geen hogere waarde nodig is maar die vanwege wegverkeer wel een cumulatieve geluidsbelasting ondervinden van meer dan 53 dB (excl. aftrek artikel 110g Wgh) een goed woon- en leefklimaat te kunnen garanderen is het noodzakelijk om in de regels van het bestemmingsplan aanvullende eisen voor de gevelwering op te nemen.

Railverkeerslawaai Het plangebied van het bestemmingsplan Hengelosestraat 381 is niet gelegen aan of in de nabijheid van een op grond van de Wet geluidhinder gezoneerde spoorlijn.

Industrielawaai Het plangebied van het bestemmingsplan Hengelosestraat 381 is niet gelegen in de nabijheid van een gezoneerd industrieterrein. Bovendien voorziet het bestemmingsplan niet in bestemmingen waarop geluidzoneringsplichtige inrichtingen als bedoeld in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht ('grote lawaaimakers') gevestigd kunnen worden.

Conclusie Wet geluidhinder Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat de wet geluidhinder wel/geen belemmering vormt voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

5.1.5

Luchtverkeerslawaai

Het wettelijke kader met betrekking tot luchtverkeerslawaai is geregeld in de Wet luchtvaart en specifiek de wijzigingswet Regelgeving burgerluchthavens en militaire luchthavens (RBML). De consequenties met betrekking tot het geluid als gevolg van vliegverkeer zijn vastgelegd in het Luchthavenbesluit, dat op 1 maart 2017 door gedeputeerde staten van Overijssel is vastgesteld en op 30 maart 2017 in werking is getreden. Het plangebied van het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” is niet gelegen in de nabijheid van het vliegveld Twente en is ook niet gelegen binnen de geluidszone van het vliegveld. Een nadere toetsing aan het Luchthavenbesluit vanwege luchtverkeerslawaai kan daarom achterwege blijven.

Conclusie Luchtverkeerslawaai Het plangebied van het bestemmingsplan Hengelosestraat 381 is niet gelegen in de nabijheid van het 40

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

(voormalige) vliegveld Twente en ook niet gelegen binnen de geluidszone van het vliegveld.

5.1.6

Luchtkwaliteit

Bij de toetsing of een bestemmingsplan uitvoerbaar is, moet worden nagegaan of de realisatie van beoogde ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk gevolgen kan hebben voor de luchtkwaliteit. Op grond van het bepaalde in hoofdstuk 5, titel 5.2 van de Wet milieubeheer en onderliggende algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen vormen de luchtkwaliteitseisen in ieder geval geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkelingen indien: a. b. c. d. e.

er geen sprake is van feitelijke of dreigende overschrijding van de grenswaarde; een project, al dan niet per saldo, niet leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; een project 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging; een project is opgenomen in een regionaal programma van maatregelen of in het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL); een project niet voorziet in de realisatie van gevoelige bestemmingen binnen de zone van een op grond van het Besluit gevoelige bestemmingen gezoneerde rijksweg of provinciale weg.

Luchtkwaliteit en het plangebied “Hengelosestraat 381” Het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” beoogt het planologisch mogelijk te maken dat er 94 woningen gerealiseerd worden met bijbehorende voorzieningen. Uit de 'Regeling niet in betekenende mate' blijkt dat woningbouwlocaties met één ontsluitingsweg en niet meer dan 1.500 woningen als niet in betekenende mate zijn aan te merken. De realisatie van 94 woningen is daarmee zondermeer een ontwikkeling die niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit. In de monitoringstool van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) zijn gegevens opgenomen met betrekking tot de huidige en toekomstige luchtkwaliteit in Nederland. Uit de monitoringstool 2020 blijkt dat op het plangebied in alle zichtjaren (2019, 2020 en 2030) aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit wordt voldaan.

Conclusie luchtkwaliteit Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat de luchtkwaliteit (art 5.16 WM, lid 1 onder b) geen belemmering vormt voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

5.1.7

Externe veiligheid

Bij externe veiligheid gaat het om het beheersen van de veiligheid van personen in de omgeving van activiteiten met gevaarlijke stoffen. Ook de risico's die zijn verbonden aan het gebruik van luchthavens vallen onder externe veiligheid. De risico's waar burgers aan worden blootgesteld door de aanwezigheid van risicovolle inrichtingen of transportroutes van gevaarlijke stoffen in hun leefomgeving dienen tot een aanvaardbaar minimum te worden beperkt. Daarom heeft de overheid regels opgesteld voor inrichtingen, buisleidingen en transportroutes van gevaarlijke stoffen die onaanvaardbaar grote risico's opleveren voor personen die zich bevinden in woningen, scholen en bejaardencentra die in de directe omgeving hiervan liggen. Kort samengevat heeft dit tot gevolg dat er veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden tussen risicovolle activiteiten en kwetsbare objecten zoals woningen en dergelijke. Bij externe veiligheid wordt onderscheid gemaakt tussen plaatsgebonden risico en groepsrisico. Het plaatsgebonden risico mag in principe nergens groter zijn dan een kans van 1 op 1 miljoen (ofwel 10 -6). Het groepsrisico legt een relatie tussen de kans op een ramp en het aantal mogelijke slachtoffers. De contour is daarom niet bepalend, maar het aantal mensen dat zich gedurende een bepaalde periode binnen een bepaalde afstand (effectafstand) van een risicovolle activiteit ophoudt.

Voor het groepsrisico geldt dat de actuele hoogte van het groepsrisico en de bijdrage aan het groepsrisico van ruimtelijke ontwikkelingen verantwoord moeten worden.

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

41

De wet- en regelgeving met betrekking tot externe veiligheid kan grofweg in twee categorieën worden ingedeeld: regelgeving met betrekking tot risicovolle activiteiten bij inrichtingen en regelgeving met betrekking tot het transport van gevaarlijke stoffen.

Risicovolle activiteiten bij inrichtingen Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) is het wettelijk kader voor risicovolle activiteiten bij inrichtingen. Binnen het plangebied van het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” of in de directe nabijheid daarvan zijn geen bedrijven of inrichtingen aanwezig waarop het Bevi van toepassing is. Op 400 meter ten oosten van het plangebied aan de Hengelosestraat 304 is het bedrijf Kuil Engineering gelegen. Het bedrijf valt vanwege de gassenopslag onder het Bevi. Het bedrijf kent geen plaatsgebonden risicocontour en geen effectafstand over het plangebied. Met betrekking tot externe veiligheid ten aanzien van dit plangebied vormt het bedrijf geen belemmering.

Transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen Voor het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen is het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) het wettelijk kader. Binnen of in de nabijheid van het plangebied van het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” zijn geen buisleidingen aanwezig waarop het Bevb van toepassing is. Een nadere toetsing aan het Bevb kan daarmee acherwege blijven.

Transport van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor en het water Voor het transport van gevaarlijke stoffen over de weg, per spoor of over het water is recentelijk nieuwe wet- en regelgeving in werking getreden voor het transport van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor en het water. De basis van deze nieuwe regelgeving wordt gevormd door het Basisnet vervoer gevaarlijke stoffen. Het Basisnet kent 3 vervoersmodaliteiten: Basisnet Water, Basisnet Spoor en Basisnet Weg.

Basisnet Weg Binnen het plangebied van het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” of in de directe nabijheid daarvan zijn geen wegen aanwezig die in het Basisnet zijn aangewezen als transportroute voor gevaarlijke stoffen over de weg. Een nadere toetsing aan het Basisnet Weg kan daarmee achterwege blijven.

Basisnet Water Binnen het plangebied van het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” of in de directe nabijheid daarvan zijn geen waterwegen aanwezig die in het Basisnet zijn aangewezen als transportroute voor gevaarlijke stoffen over water. Een nadere toetsing aan het Basisnet Water kan daarmee achterwege blijven.

Basisnet Spoor Binnen het plangebied van het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” of in de directe nabijheid daarvan is geen spoorweg aanwezig die in het Basisnet is aangewezen als transportroute voor gevaarlijke stoffen over het spoor. Een nadere toetsing aan het Basisnet Spoor kan daarmee achterwege blijven.

Conclusie externe veiligheid Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat de externe veiligheid geen belemmering vormt voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

42

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

5.1.8

Hoogspanningslijnen

Voor het grootschalige transport van elektriciteit wordt met name gebruik gemaakt van bovengrondse elektriciteitslijnen die op masten staan. Al naar gelang de capaciteit van de lijn, zijn de masten hoger. In het (rijks)beleid rond hoogspanningslijnen spelen twee zones een rol; de indicatieve zone en de belemmeringenstrook. Op grond van het voorzorgbeginsel, heeft het ministerie van VROM met een brief d.d. 3 oktober 2005 gemeenten, provincies en netbeheerders geadviseerd om nieuwe situaties waarbij kinderen worden blootgesteld aan magneetvelden hoger dan 0,4 microTesla (jaargemiddelde) zoveel als redelijkerwijs mogelijk is, te vermijden. Dit is de zogenaamde indicatieve zone. Daarnaast is er de belemmeringenstrook. Binnen deze zone is in principe geen bebouwing (of werkzaamheden) toegestaan en is altijd schriftelijk toestemming van de netbeheerder noodzakelijk. Deze zone is kleiner dan de indicatieve zone en is opgenomen om onder meer het onderhoud aan de lijnen met bijbehorende infrastructuur te kunnen plegen. De gemeente Enschede hanteert voor hoogspanningslijnen het beleid zoals dat door het Rijk wordt geadviseerd.

Hoogspanninglijnen en het bestemmingsplan "Hengelosestraat 381" Door het plangebied lopen geen hoogspanningslijnen en het plangebied is ook niet gelegen binnen een indicatieve zone en/of de belemmeringenstrook van een hoogspanningslijn.

Conclusie Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat hoogspanningslijnen geen belemmering vormen voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

5.2

Water

Op grond van artikel 3.1.6 van het Bro wordt in een bestemmingsplan een beschrijving opgenomen van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de waterhuishouding. Hemelwater Uitgangspunt in het beleid van zowel gemeente als waterschap is het voorkomen van wateroverlast, ook bij hevige buiten. In het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) is als beleidsuitgangspunt vastgelegd dat in bestaand stedelijk gebied hemelwater zo min mogelijk wordt afgevoerd via de riolering en in het buitengebied hemelwater niet wordt afgevoerd via de riolering. Bij een toename van verhard oppervlak komt meer hemelwater versneld tot afvoer, hierop is het oppervlaktewatersysteem niet berekend. Het extra afstromend hemelwater moet op eigen terrein worden verwerkt. Indien dit aantoonbaar niet op doelmatige wijze mogelijk is, mag het hemelwater vertraagd worden afgevoerd naar een aanwezige greppel, oppervlaktewater of ander afwateringssysteem in de nabije omgeving. Hiervoor is het nodig het hemelwater tijdelijk op eigen terrein te bergen, zodat het vertraagd kan worden afgevoerd naar voorzieningen in de openbare ruimte. De tijdelijke bergingsopgave bedraagt in het bestaand stedelijk gebied tenminste 20 millimeter, oftewel 20 liter per vierkante meter verhard oppervlak.

In het buitengebied en bij uitbreiding van bebouwd oppervlak in bestaand stedelijk gebied bedraagt de tijdelijke bergingsopgave tenminste 40 millimeter, oftewel 40 liter per vierkante meter verhard oppervlak. Om een goede en doelmatige afvoer naar voorzieningen in de openbare ruimte te kunnen garanderen hanteert het waterschap Vechtstromen een maximum norm van 2,4 liter per seconde per hectare. Alleen wanneer het redelijkerwijs niet mogelijk is om op eigen terrein op doelmatige wijze hemelwater te bergen kan dit (deels) in de openbare ruimte worden gerealiseerd. Vervuiling van hemelwater dient zoveel mogelijk voorkomen te worden door geen uitlogende bouwmaterialen te gebruiken.

Afvalwater Uitgangspunt in het gemeentelijk beleid voor de waterhuishouding is dat het ontstaan van afvalwater wordt beperkt. In nieuwe situaties (nieuwbouw, herontwikkeling) wordt afvalwater gescheiden van het hemelwater aangeboden en afgevoerd. De gemeente zorgt er voor dat het afvalwater vanaf de perceelsgrens wordt bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

43

getransporteerd naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie van het waterschap Vechtstromen. In het buitengebied is niet overal in de openbare ruimte een systeem aanwezig voor de afvoer van afvalwater. In dat geval moet op eigen terrein een individuele behandeling van afvalwater (IBA), al dan niet met een helofytenfilter, worden ingericht.

Oppervlaktewater Uitgangspunt in het gemeentelijk beleid voor de waterhuishouding bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen is dat bestaand oppervlaktewater (sloten en vijvers) gehandhaafd blijft. Bij de herinrichting van het oppervlaktewatersysteem zijn de benodigde afvoercapaciteit, de streefbeelden en de kwaliteitsdoelstellingen van het waterschap Vechtstromen en de gemeente Enschede leidend. Het oppervlaktewater wordt liefst op fraaie wijze geïntegreerd in het stedenbouwkundig plan, zodanig dat het water beleefd kan worden en goed te beheren is. Eventueel nieuw oppervlaktewater mag geen permanente verlaging van de grondwaterstand veroorzaken, tenzij dit oppervlaktewater mede als doel heeft grondwateroverlast in bestaand stedelijk gebied te beperken. De aanleghoogte van nieuw oppervlaktewater dient zodanig te zijn dat de overstromingskans vanuit oppervlaktewater beperkt wordt tot eens per 100 jaar (T=100). Bij ontwikkelingen nabij watergangen geeft het waterschap Vechtstromen een aanleghoogte advies.

Grondwater en ontwatering In de Waterwet is vastgelegd dat perceeleigenaren zelf verantwoordelijk zijn voor het grondwater op hun perceel. De ontwatering van een perceel is afhankelijk van het gebruik van de grond. Onder ontwatering wordt verstaan: het verschil tussen het peil van de weg of van de bebouwing en de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG). Om ongewenste effecten van hoge grondwaterstanden te voorkomen wordt geadviseerd de in onderstaande tabel genoemde ontwateringshoogtes aan te houden: Grondgebruik

Ontwatering (m – GHG)

Primaire wegen

0,7

Secundaire wegen en erfontsluitingswegen

0,5

Bouwwerken met kruipruimten

0,7

Bouwwerken zonder kruipruimten

0,5

Groen

0,5

De gemeente zorgt in voorkomende gevallen in de openbare ruimte voor passende en doelmatige maatregelen indien er in een gebied sprake is van structureel nadelige gevolgen door de grondwaterstand en de te treffen maatregelen niet tot de zorg van de provincie of het waterschap behoren.

Afwatering Om op perceelsniveau te kunnen voorkomen dat afstromend regenwater problemen veroorzaakt gelden de volgende advieswaarden voor peilhoogtes: Het vloerpeil minimaal 0,20 m boven straatpeil (kruin van de weg t.o.v. toegang ter plaatse); Het perceel vlak of richting de weg af laten lopen; De maaiveldpeilen en vloerpeilen van de verschillende percelen op elkaar afstemmen.

Waterhuishouding en het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” Het bestemmingsplan “Hengelosestraat 381” beoogt het planologisch mogelijk te maken dat er 94 woningen gerealiseerd worden met bijbehorende voorzieningen. De gemiddelde maaiveldhoogte van het plangebied is 31.7 m +NAP. De omliggende straten liggen op 33.7 m +NAP (oostelijk) en 31.4 m +NAP (westelijk). In het plangebied ligt een deklaag tot 4 m -mv van matig fijn, zwak ziltig zand. Onder deze laag liggen kleiige tot zeer grove zandlagen tot ongeveer 6 m onder maaiveld. Daaronder bevindt zich een slecht doorlatende

44

bestemmingsplan Hengelosestraat 381 (vastgesteld)

kleilaag die beschouwd kan worden als een scheidende laag. Het onverzadigde deel van de bodem heeft een doorlatendheid (k-waarde) van gemiddeld 2 m/dag. De bodem is echter sterk geroerd waardoor er grote verschillen aanwezig zijn. Tijdens bodemonderzoeken (zomer 2020) is de grondwaterstand op ongeveer 1.4 m -mv aangetroffen. Dit komt overeen met de geschatte GLG op basis van peilbuizen in de omgeving van 1,7 m -mv (36,1 m +NAP). De gemiddelde grondwaterstand en de GHG worden geschat op respectievelijk 1.3 m -mv (36,5 m +NAP) en 0.9 m -mv (31,1 m +NAP). Ter plaatse van de projectlocatie worden met name aan de zuidzijde echter hogere grondwaterstanden gemeten, tot een verwachte GHG situatie van 0,6 m.-mv. Op basis van het stedenbouwkundigplan |(zie hoofdstuk 4.1) is bepaald dat er door de woningbouw 11.615 m2 verhard oppervlak ontstaat. Zie ook het waterhuishoudkundig plan dat als bijlage 11 is opgenomen bij deze toelichting. 6300 m2 voor de verharding in openbaar gebied en 5315 m2 zal bestaan uit woningen en bergingen. Dit laatste is exclusief verharding in tuinen en dakoppervlak van aan- en bijgebouwen op de particulier kavels). Om hemelwater op te vangen in het plangebied zijn 3 wadi's in de openbare ruimte voorzien met een bergingscapaciteit van ongeveer 230 m 3. Het water wordt hier ondergronds via infiltratieriolen vanuit de woonbuurten naar toe geleid.

Hiermee wordt voldaan aan de eis om 20 mm neerslag per m 2 verharding te bergen. Bij grotere neerslaghoeveelheden (20 tot 40 mm) is er ruimte voor waterberging (ongeveer 180 m3) op het open speelveld in de zuidwesthoek van het plangebied. Overtollig hemelwater wordt op drie plaatsen afgevoerd naar het gemengde stelsel in de Schietbaanweg, Herculesweg en Wegastraat. Het vuilwater kan op ditzelfde stelsel afgevoerd worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=6f27d075-532e-4fc1-9076-b81d19365d36