ENS Zomernota 2025 - 17-6-2025
Tekst van het document
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ......................................................................................................................................2 Leeswijzer ..............................................................................................................................................3 1. Beleidsbrief - Koersvast, ook in onzekere tijden; ..........................................................................4 2. Financiële hoofdlijnen 2026-2029 ....................................................................................................8 2.1. Uitgangspunten financieel beleid......................................................................................................9 2.2. Gemeentefonds ..............................................................................................................................10 2.3. Loon- en prijscompensatie .............................................................................................................12 2.4. Knelpunten .....................................................................................................................................13 2.5. Prioriteiten ......................................................................................................................................22 2.6.
Dekkingsmaatregelen .....................................................................................................................22 2.7. Lokale belastingen en heffingen .....................................................................................................33 2.8. Structureel saldo.............................................................................................................................34 2.9. Bezuinigingsmonitor .......................................................................................................................35 2.10. Strategische investeringsagenda .................................................................................................35 2.11. Risico's .........................................................................................................................................36 Bijlage 1: Afkortingen en verklaringenlijst........................................................................................37
blz. 2 (van 38)
Leeswijzer Voor u ligt de Zomernota 2025. De zomernota is hét integrale afwegingsmoment van het jaar en vormt een belangrijk sturingsinstrument voor de gemeenteraad. Met het vaststellen van de zomernota bepaalt de raad de kaders voor het beleid en de financiën voor de komende jaren. In november wordt vervolgens de begroting in uw raad besproken. Deze is een uitwerking van de besluitvorming bij de zomernota. Er vindt dan niet opnieuw een integrale afweging plaats. Alleen ontwikkelingen die zich ná de zomernota voordoen én budgettaire gevolgen hebben, worden in de gemeentebegroting nog verwerkt. Opbouw Zomernota Deze zomernota bestaat uit drie onderdelen: 1. Beleidsbrief De beleidsbrief vormt het politiek-bestuurlijke kader. Hierin schetsen we onze ambities en richtinggevende keuzes voor Enschede. Dit jaar tegen een achtergrond van financieel lastige omstandigheden. We benoemen de dilemma’s waarvoor we stonden en lichten toe hoe we tot keuzes zijn gekomen. 2. Financiële hoofdlijnen 2026–2029 Dit hoofdstuk geeft een toelichting op de stand van zaken van het meerjarige financiële kader. We lichten de uitgangspunten toe waarmee de meerjarenbegroting is opgesteld. Daarbij staan we stil bij ontwikkelingen in het gemeentefonds, loon- en prijsstijgingen, knelpunten, dekkingsmaatregelen en aanpassingen van lokale heffingen.
We benoemen ook nog kort de hoofdlijnen van onze strategische investeringsagenda en belangrijkste financiële risico’s. 3. Bijlagen In de bijlagen vindt u een verklarende lijst van gebruikte afkortingen en begrippen. Routekaarten Vorig jaar zat in de Zomernota ook een hoofdstuk strategische analyse. Daarin analyseerden we de voortgang op de vier grote strategische opgaven voor de stad: Inclusief, Groen & Duurzaam, Aantrekkelijk en Open Enschede. Dit aan de hand van routekaarten. Vanwege de grote financiële opgave waarvoor we stonden en de grote inspanning die is gezet op het programma Begroting en Organisatie in Balans hebben we ervoor gekozen de routekaarten dit jaar bij de begroting te actualiseren.
blz. 3 (van 38)
1. Beleidsbrief - Koersvast, ook in onzekere tijden; Van ambitie naar realisatie: zichtbare vooruitgang op het coalitieakkoord In 2022 gingen we voortvarend aan de slag met het coalitieakkoord "Samen trots op Enschede". In de jaren daarna is veel in gang gezet en gerealiseerd. Zo is een nieuw Integraal Veiligheidsplan vastgesteld waarin de prioriteiten uit het coalitieakkoord zijn vertaald naar concreet gebiedsgericht beleid. Mede dankzij onze inzet binnen de Twenteboard is een toekomstvisie tot 2050 ontwikkeld, waarmee we Twente met succes op de kaart hebben gezet. Dit leidde tot opname in het Nationaal Programma Vitale Regio’s. Internationaal is de samenwerking met Münster versterkt, zowel bestuurlijk als tussen universiteiten en ziekenhuizen. Onder de noemer Techland is een grensoverschrijdend programma gestart dat innovatie in energie, gezondheid en technologie stimuleert. In onze stad zelf blijven we, onder andere via de investeringsagenda, doelgericht bouwen aan een aantrekkelijke, toekomstbestendige stad. Een recente mijlpaal is de aanwijzing van Enschede, samen met Hengelo, als grootschalige woningbouwlocatie door het Rijk. Dit opent de weg voor tienduizend nieuwe woningen in de Spoorzone Hengelo–Enschede en versterkt onze capaciteit om te blijven bouwen aan een bruisende en inclusieve stedelijke leefomgeving.
We hebben daarnaast merkbare stappen gezet in de bereikbaarheid van de stad, met onder andere verbetering van de fietsinfrastructuur via de F35 en de verdere ontsluiting van Enschede Oost. Ook hebben we geïnvesteerd in een groener en klimaatbestendiger Enschede, onder meer met de aanleg van de Zuiderspoorbeek en andere maatregelen gericht op vergroening en waterberging. Verder staan projecten zoals de herontwikkeling van het Diekmanterrein, met realisatie van een topsportcampus en nieuw zwembad, en de realisatie van multifunctionele sport- en evenementencluster (MFSA) in de steigers. Ook in het sociaal domein hebben we grote stappen gezet. Met de nota Onze Jeugd, Onze Zorg geven we jongeren sneller de juiste zorg, verbeteren we de samenwerking in de jeugdketen en versterken we de betrokkenheid van ouders. Met de nota Samen leven, samen zorgen leggen we de basis voor een toekomstbestendige Wmo: sociaal en zorgzaam waar nodig, maar ook doelmatig en collectief waar het kan. We investeren in bestaanszekerheid, gezondheid, huisartsenzorg, opvangvoorzieningen en kansengelijkheid. Met resultaat: er zijn minder huishoudens onder het sociaal minimum, de participatiegraad neemt toe en samenwerking met maatschappelijke partners gaat beter.
De netwerksamenwerking Rondkomen met je Inkomen is daarvan een krachtig voorbeeld, met als tastbare uitkomst een gezamenlijke huisvesting van partners en een effectieve, toegankelijke aanpak. Ook de invoering van één overheidsloket draagt bij aan betere en meer toegankelijke dienstverlening voor inwoners. We zijn trots op wat er is bereikt. We hebben geïnvesteerd in mensen, voorzieningen en verbindingen. In wijkteams, ontmoetingsclusters, onderwijshuisvesting, zorg en het terugdringen van eenzaamheid en armoede. In betere bereikbaarheid, een klimaatbestendige leefomgeving en toegankelijke dienstverlening. Daarmee geven we invulling aan het gezamenlijke streven uit ons coalitieakkoord: een stad waarin iedereen mee kan doen, talenten tot bloei komen en waar ruimte is voor ambitie én aandacht. De financiële context verandert ingrijpend Tijdens deze raadsperiode is de financiële situatie wezenlijk gekanteld. In het voorjaar 2023 werd duidelijk dat gemeenten vanaf 2026 met fors minder middelen moeten doen. Het kabinet was van plan een landelijke korting van 4 miljard euro door te voeren op het gemeentefonds. Dat is fors gezien de totale omvang van dat fonds circa 40 miljard euro is. Tegelijkertijd
blz. 4 (van 38)
hebben gemeenten te maken met oplopende tekorten in de Jeugdzorg door een blijvend hoge en groeiende vraag. De landelijke Hervormingsagenda Jeugd moest deze trend doorbreken, maar voldoet (nog) niet aan de verwachtingen. Een onafhankelijke commissie stelt dat structurele oorzaken zoals armoede, prestatiedruk en gezinsstress onvoldoende worden aangepakt. Hierdoor is het onzeker of de landelijke beoogde besparing van 1 miljard euro op Jeugdzorg haalbaar is. Intussen heeft het Rijk dat besparingsdoel wel verhoogd naar 1,8 miljard euro vanaf 2028. Voor gemeenten betekent dit fors krimpende financiële middelen terwijl de maatschappelijke opgaven op het gebied van woningnood, klimaat, energietransitie, bestaansonzekerheid en zorg juist toenemen. Ook de personeelsschaarste neemt toe. Er is druk van alle kanten. Enschede vecht voor haar belangen in Den Haag Het college voert intensief lobby, samen met VNG en G40, en met resultaat. De bezuinigingen op het gemeentefonds wordt deels teruggedraaid en er is sprake van tijdelijke verlichting bij de Jeugdzorg. Toch blijft Enschede vanaf 2026 geconfronteerd met een structureel tekort van 30 miljoen euro, bovenop 20 miljoen uit de vorige begroting. Deze financiële druk dwingt ons om lokale voorzieningen en investeringen te schrappen, waardoor maatschappelijke problemen zoals woningnood, bestaansonzekerheid en zorg onder druk komen te staan.
Tegelijkertijd ontbreekt bij het Rijk nog steeds een duurzame en realistische visie op Jeugdzorg en lokale beleidsvrijheid. Wij blijven daarom onvermoeibaar pleiten voor volledig herstel van het gemeentefonds, een houdbaar jeugdzorgstelsel en meer autonomie voor gemeenten om lokaal het verschil te maken. Gemeenten verdienen geen tijdelijke pleisters, maar duurzaam vertrouwen. Gerichte keuzes zijn onvermijdelijk We staan aan de vooravond van een nieuwe raadsperiode. Hoewel een beleidsarme begroting gebruikelijk is, dwingt de huidige situatie ons om wél scherpe keuzes te presenteren. Wij leggen u een zorgvuldig en realistisch pakket aan maatregelen voor dat recht doet aan deze complexe context. Hiermee waarborgen we dat we onze ambitie en maatschappelijke doelen blijven realiseren, terwijl we het financieel meerjarenperspectief weer gezond maken. Met dit pakket ontstaat op termijn ook ruimte voor de nieuwe raadsperiode voor eigen accenten. Mits alle voorgenomen maatregelen daadwerkelijk worden gerealiseerd en onze aannames rondom de ontwikkelingen van jeugdgelden zich bevestigen. Leidende principes als kompas Aan de voorkant hebben we uw raad gevraagd ideeën en overwegingen mee te geven. We hebben goed geluisterd en zijn gekomen tot zes principes die als kompas fungeren: 1.
Zorg voor een toekomstbestendige stad – We blijven gericht investeren in de lange termijn: woningbouw, kansengelijkheid, onderwijs, werkgelegenheid, gezondheid, vergroening en duurzaamheid. 2. Bewaak de ondergrens van de sociale en fysieke basis – We zorgen voor voldoende ondersteuning van kwetsbare inwoners én goed beheer van de openbare ruimte. 3. Voorkom kwetsbaarheid, ondersteun wie dat nodig heeft – We blijven nadrukkelijk verantwoordelijkheid nemen voor wie niet op eigen kracht mee kan komen. 4. Houd de lasten zo laag mogelijk, maar zorg voor voldoende inkomsten – We passen enkel een inflatiecompensatie toe op belastingen met uitzondering van enkele lokale belastingen waar een concrete tegenprestatie tegenover staat. 5. Zorg voor samenhang en maatwerk waar dat meerwaarde heeft – We blijven inzetten op gebiedsgericht werken, integrale dienstverlening en minder verkokering. 6. Onderneem met partners en geef ruimte aan maatschappelijke kracht – We bouwen voort op ‘Open Enschede’ en benutten initiatieven en samenwerking.
blz. 5 (van 38)
Koersvast en zorgvuldig maatregelenpakket Het maatregelenpakket dat wij uw Raad voorleggen bestaat uit drie onderdelen: beleidsmatige keuzes, organisatieontwikkeling en begrotingsoptimalisaties. A. Beleidsmatige keuzes We blijven vasthouden aan de strategische koers en ambities uit het coalitieakkoord, maar maken binnen de opgaven bewust scherpere keuzes: • Inclusief Enschede: We blijven bouwen aan een stad waarin iedereen kan meedoen en gezond kan leven. Investeringen in kansengelijkheid, preventie en een sterke sociale basis blijven essentieel. Met Onze Jeugd, Onze Zorg en Samen Leven, Samen Zorgen verbeteren we de kwaliteit van ondersteuning én versterken we grip op de zorgkosten. We reserveren middelen voor volumegroei en indexatie in de zorg. De eerder aangekondigde bezuiniging op arbeidsmarktparticipatie en bijzondere bijstand (Zomernota 2024) draaien we deels terug, omdat volledige realisatie in de praktijk niet haalbaar blijkt. Tegelijkertijd versoberen we waar het kan en brengen we voorzieningen terug naar het wettelijke minimumniveau (o.a. ROZ, jongerenregeling, Vizier). Zo behouden we de balans tussen financiële noodzaak en bescherming van de sociale basis. • Groen & Duurzaam Enschede: Binnen deze opgave hebben we gekozen voor terughoudendheid in de bezuinigingen.
De energietransitie en het Groenambitieplan blijven onverminderd prioriteit — beide zijn cruciaal voor de leefbaarheid van onze stad op lange termijn. Wel stoppen we met de gebiedsgerichte aanpak voor het landelijk gebied, vanwege het ontbreken van heldere landelijke kaders. • Aantrekkelijk Enschede: We blijven gericht investeren in woningbouw, werkgelegenheid en maatschappelijke en culturele voorzieningen. Via de investeringsagenda dragen we bij aan structurele verbeteringen: van betaalbare woningen en toekomstbestendige wijken tot een aantrekkelijke stad en sterke lokale economie. In financieel zwaardere tijden doorgaan met investeren voorkomt stilstand en verstevigt de ruimtelijke en sociale basis van Enschede. De intensivering van het evenementenbeleid draaien we deels terug, waarbij we zoveel mogelijk vasthouden aan de kaders van de vastgestelde evenementennota. We schrappen ondersteunende budgetten voor organisatoren en kijken kritisch naar onze organisatie en financiering rondom citymarketing. • Open Enschede: De dienstverlening blijft grotendeels intact, wel verkorten we de openingstijden van het KCC enigszins. Participatie wordt meer gefinancierd vanuit projecten, zodat inwoners betrokken blijven. Een open en transparante overheid blijft voorop staan. Hier hebben we nog een stap te zetten, bijvoorbeeld in het actief openbaar maken van informatie.
Onze organisatie is daar onvoldoende op ingericht. In deze zomernota geven we een extra impuls aan ons informatiebeheer en archivering. B. Organisatieontwikkeling We investeren in een efficiënte, wendbare en toekomstgerichte ambtelijke organisatie. Met meer uitstroom door pensionering in het vooruitzicht, komt behoud van kennis en ervaring onder druk. Door in te zetten op modernisering en aantrekkelijk werkgeverschap behouden we cruciale expertise. We versimpelen processen, benutten digitalisering, beperken externe inhuur en versterken concernsturing. Beleid en uitvoering brengen we dichter bij elkaar. Door werkprocessen te vereenvoudigen en teams te versterken, verlagen we de werkdruk, verbeteren we de werk-privébalans en vergroten we de duurzame inzetbaarheid. Verjonging in het loongebouw en herverdeling van taken dragen bij aan een toekomstbestendige organisatie. De structurele besparing bedraagt naar verwachting 7,6 miljoen euro. Op basis van deze zomernota verwachten we circa 50 fte van werk naar werk te begeleiden.
blz. 6 (van 38)
C. Begrotingsoptimalisaties Tot slot treffen we financieel-technische maatregelen die voortkomen uit meevallers, striktere begrotingsdiscipline en slim gebruik van bestaande ruimte binnen de kaders. Dit levert extra financiële ruimte op, zonder ingrijpende beleidskeuzes. Van BOB naar borging Het traject Begroting en Organisatie in Balans (BOB) is in 2023 gestart om de oplopende werkdruk te verlagen én een structureel sluitende begroting te realiseren. De uitvoering vond plaats langs zes inhoudelijke lijnen, gericht op: 1. Snelle financiële verbetering vanaf 2025 2. Beheersing van zorggebruik en -kosten 3. Balans tussen opgave en inzet bij stedelijke ontwikkeling 4. Verscherping van de bedrijfsvoeringsagenda 5. Realisme en deregulering in beleid 6. Verlaging van werkdruk In de Zomernota 2024 zijn de opbrengsten van lijn 1 en 2 verwerkt. Toen was de financiële opgave afgedekt. Met het oog op een verder oplopend tekort vanaf 2026 zijn later twee extra lijnen toegevoegd: 7. Invulling van het VNG-begrotingsadvies 8. Verkenning van alternatieve oplossingsrichtingen In deze Zomernota landen de lijnen 3 t/m 8: • Lijn 7, mede ondersteund door bestuurlijke lobby, leidde tot een eerste bijstelling van het Rijksmiddelenkader voor jeugdzorg, nog onvoldoende maar een stap in de goede richting. • Lijn 8 vormt de basis voor de scherpe keuzes die nu worden voorgelegd deze nota.
• Lijnen 3 t/m 6 zijn geborgd in de ingezette organisatieontwikkeling. De uitvoering ligt bij de concerndirectie en richt zich op procesvereenvoudiging, taakherverdeling, prioritering en digitale versterking. Deze maatregelen dragen bij aan structurele besparingen en verlaging van de werkdruk. Met deze zomernota is het BOB-traject afgerond. De ingezette lijnen worden voortgezet binnen de reguliere sturing en zijn verankerd in de organisatie. Trots op wat is, klaar voor wat komt De Zomernota 2025 vormt het sluitstuk van deze raadsperiode. We kijken terug op een periode waarin, ondanks grote onzekerheden en financiële druk, stevig is geïnvesteerd in de stad en belangrijke stappen zijn gezet op onze strategische opgaven. Daar mogen we trots op zijn. Tegelijkertijd konden we niet wegkijken van de realiteit: om onze koers vast te houden, was een stevige herijking onvermijdelijk. Met deze Zomernota maken we gerichte en moeilijke keuzes die nodig zijn om de financiën op orde te brengen én toekomstbestendig te blijven. Daarmee leggen we een solide basis voor de volgende raadsperiode met ruimte voor eigen accenten en keuzes, mits alle voorgenomen maatregelen daadwerkelijk worden gerealiseerd.
blz. 7 (van 38)
2. Financiële hoofdlijnen 2026-2029 In dit hoofdstuk presenteren we het middelenkader voor de periode 2026–2029. De financiële opgave is fors. Het kabinet-Rutte IV heeft vanaf 2026 een structurele korting van 4 miljard euro op het gemeentefonds doorgevoerd. Daarnaast zijn de middelen voor jeugdzorg al jaren ontoereikend. Onze begroting staat daardoor onder aanzienlijke druk. Enschede heeft een actieve rol gespeeld in de lobby richting het Rijk – met resultaat. Het huidige kabinet heeft het zogenoemde ‘ravijn’ deels afgezwakt en de druk op de jeugdzorg op korte termijn verlicht. Dat is een belangrijke stap, maar de structurele opgave blijft groot. Per saldo resteert vanaf 2026 nog steeds een uitname van 1,9 miljard euro uit het gemeentefonds. De opgave voor jeugdzorg is weliswaar op korte termijn kleiner maar per 2028 wel verhoogd van 1 miljard euro naar 1,8 miljard euro. Tegen deze achtergrond is eind 2023 het traject Begroting en Organisatie in Balans gestart. In de volle breedte van de begroting is gezocht naar scherpe keuzes. Uw raad is actief betrokken bij het opstellen van een afwegingskader. Op basis daarvan heeft het college een samenhangend pakket aan maatregelen opgesteld. Dit leidt tot een structureel sluitende begroting over de gehele periode 2026–2029, met evenwicht tussen structurele baten en lasten.
In 2026 en 2027 doen we nog wel incidenteel een beroep op de reserves. Deze begroting kent ook risico’s. Zo gaan we er vanuit dat bijna 9,6 miljoen euro aan rijksbezuinigingen op jeugdzorg voor Enschede budgetneutraal uitpakt. In paragraaf 2.2 gaan we hier dieper op in. Daarnaast moeten alle voorgestelde maatregelen daadwerkelijk worden gerealiseerd. Een groot deel zelfs al op korte termijn. Dit vraagt om actieve opvolging en bestuurlijke discipline. Mochten zich hierop tegenvallers voordoen dan kunnen onze reserves als remweg fungeren. Door solide financieel beleid de afgelopen jaren zijn die op orde. Met deze zomernota zetten we een belangrijke stap. Ondanks de forse financiële druk vanuit het Rijk is het gelukt een financieel houdbare begroting op te stellen. De komende periode is cruciaal om dit perspectief ook daadwerkelijk waar te maken. Middelenkader 2026-2029 (x miljoenen euro)
2026
2027
2028
2029
Saldo Gemeentebegroting 2025-2028
-24,8
-19,4
-9,5
-5,3
Gemeentefonds (inclusief vergoeding Jeugd
13,5
12,7
8,8
10,1
Loon- en prijscompensatie 2026-2029
-1,0
-4,4
-7,5
-7,6
Knelpunten
-16,6
-14,8
-14,5
-13,8
Prioriteiten
0,0
0,0
0,0
0,0
Dekkingsmaatregelen
16,4
18,7
21,7
22,5
Lokale belastingen
3,0
3,7
3,7
3,7
Saldo middelenkader 2026-2029
-9,5
-3,5
2,7*
9,6*
Structureel saldo 2026-2029
0,2
4,1
6,2*
9,9*
Weerstandsratio o.b.v. actuele middelenkader 2026-2029
1,45
1,38
1,21
1,15
* Let op, binnen dit saldo zitten ook stelposten rondom jeugdzorg van 9,6 miljoen euro. Daarbij verwachten we dat de provinciale toezichthouder voor 1 van die stelposten (5,7 miljoen euro indexatie hervormingsagenda) mogelijk een correctie toepast in haar oordeel. In paragraaf 2.2 wordt toegelicht waarom wij deze stelpost toch opnemen.
blz. 8 (van 38)
2.1. Uitgangspunten financieel beleid Voor deze Zomernota 2025 zijn de volgende grondslagen en uitgangspunten gehanteerd: Omschrijving
Grondslag
1. Lonen en sociale lasten - indexatie 2026
2,0%
2. Prijzen - indexatie 2026
2,1%
3. Algemene uitkering
Meicirculaire 2025
4. Lokale belastingen
4,0% (inflatiecorrectie op basis van 4-jarig gemiddelde)
5. Overige lokale heffingen: - Rioolheffing - Afvalstoffenheffing en overige heffingen
Inflatiecorrectie & maximaal kostendekkend
6. Omslagrente
1,5%
Toelichting op uitgangspunten financieel beleid: 1. en 2. Loon en prijs indexaties 2026 We moeten rekening houden met stijgende lonen en prijzen vanaf 2026. Voor de prijsindexatie sluiten we aan bij de ramingen van het Centraal Planbureau en gaan we uit van 2,1%. Voor de loonontwikkeling hanteren we de recent afgesloten cao gemeenten, die loopt van 1 april 2025 tot en met 1 april 2027. Deze cao bevat een loonstijging van in totaal 7% tot 8,5% voor de lagere loonschalen. De verhoging wordt stapsgewijs doorgevoerd: 2,0% per 1 april 2025, 1,85% per 1 oktober 2025, een nominale verhoging van 35 euro per 1 januari 2026, 1,25% per 1 juli 2026 en 1,6% per 1 januari 2027. Door deze gefaseerde opbouw komt de netto loonstijging voor 2026 uit op 2,0%. In paragraaf 2.3 gebruiken we deze indexatiepercentages om het beslag op de begroting in beeld te brengen. Conclusie is dat een financieel knelpunt ontstaat. Dit doordat in eerdere jaren al een beroep is gedaan op gereserveerde middelen als gevolg van de hoge inflatie. 3. Algemene uitkering Conform de financiële verordening wordt de begroting gebaseerd op de meicirculaire van dit jaar en alle circulaires daarvoor. De septembercirculaire 2025 wordt niet meegenomen en pas verwerkt bij de volgende zomernota. Hierdoor sturen we slechts 1 keer per jaar bij op het saldo van alle circulaires die in een jaar uitkomen.
Dat geeft rust in het bestuurlijke proces. 4. Lokale belastingen De lokale belastingen worden geïndexeerd op basis van de inflatie die voorzien wordt in het centraal economisch plan. Daarbij kijken we naar de gemiddelde inflatie over 4 jaren. Dit in lijn met het coalitieakkoord om eventuele exorbitante stijgingen af te vlakken. 5. Overige lokale heffingen De tarieven voor leges en retributies (onder andere afvalstoffen- en rioolheffing) worden bepaald op grond van de begrote kosten en de afgesproken 100% kostendekkendheid. Tariefaanpassingen zijn daarmee een resultante van kostenontwikkelingen. 6. Omslagrente De omslagrente is de gemiddelde rente van leningen die wij als gemeente hebben aangetrokken en aan investeringen in rekeningen worden gebracht. Deze kunnen we gelijk houden op 1,5%. Dit doordat de gemiddelde rente van onze leningenportefeuille laag is en voorlopig geen nieuwe leningen nodig zijn.
blz. 9 (van 38)
2.2. Gemeentefonds Het gemeentefonds is veruit de grootste inkomstenbron van de gemeente Enschede. Veranderingen daarin hebben grote invloed op onze financiële positie. Onderstaande tabel geeft de mutaties weer sinds de vorige begroting. Opgemerkt wordt dat in de meicirculaire 2025 zowel een algemeen accres (toename gemeentefonds) alsook een reparatie vanuit het Rijk op het ravijn en Jeugdzorg zit. Deze hebben we apart inzichtelijk gemaakt. Gemeentefonds ontwikkeling (in 1.000 euro)
2026
2027
2028
2029
Septembercirculaire 2024
-1.124
-1.436
-2.242
-2.852
Decembercirculaire 2024
916
1.544
2.181
2.836
Meicirculaire 2025*
3.894
4.319
4.391
5.263
Vergoeding Jeugd
9.823
8.266
4.490
4.872
Saldo accres gemeentefonds (inclusief afdracht Jeugd)
13.509
12.693
8.820
10.119
* BZK meldt dat in de meicirculaire nog een fout zit die een kleine afwijking geeft. Dit nemen we mee in de begroting. Toelichting belangrijkste ontwikkelingen gemeentefonds: 1. Structurele korting op het gemeentefonds Het kabinet Rutte IV heeft een structurele korting van 4 miljard euro per 2026 doorgevoerd. Deze generieke uitname is niet gekoppeld aan inhoudelijke keuzes en daarmee feitelijk een platte greep in de kas van gemeenten. Gemeenten hebben zich hier stevig tegen verzet. In de voorjaarsnota’s van 2023 en 2024 is voor circa 1,7 miljard euro gerepareerd, onder andere door het afschaffen van de in 2015 onterecht doorgevoerde opschalingskorting van 975 miljoen euro. In de voorjaarsnota 2025 is aanvullend 0,4 miljard euro gerepareerd. Per saldo resteert er nog steeds een structurele korting van 1,9 miljard euro. Voor Enschede betekent dit een aanzienlijke daling van de algemene uitkering in de jaren na 2025. 2. Jeugdzorg De jeugdzorg in Nederland staat al jaren onder grote druk. Sinds de decentralisatie is het aantal jongeren dat jeugdhulp ontvangt fors gestegen: landelijk krijgt één op zeven jongeren een vorm van ondersteuning. Tegelijkertijd ervaren jongeren dat passende hulp vaak te laat beschikbaar is. Gemeenten moeten zorg bieden, maar onder lastige omstandigheden: met oplopende tekorten, personeelsschaarste en een systeem dat vastloopt.
In 2023 is daarom de Hervormingsagenda Jeugd 2023–2028 gestart, met als doel passende hulp voor de meest kwetsbare jongeren, meer focus op preventie, minder bureaucratie en betere samenwerking met onderwijs, ggz en bestaanszekerheid. Een onafhankelijke deskundigencommissie oordeelde onlangs dat deze agenda weliswaar noodzakelijk is, maar niet voldoende. De focus ligt te veel op het anders organiseren van zorg waar een bredere benadering nodig is. Niet alleen de jeugdzorg, maar het hele jeugdbeleid moet op de schop. Armoede, prestatiedruk, woonproblemen en gezinsstress vragen om een overstijgende aanpak. De commissie pleit voor meer veerkracht in gezinnen, versterking van lokale ondersteuning en een brede maatschappelijke dialoog over opvoeden en opgroeien. Ook financieel zijn er zorgen. De commissie is niet overtuigd dat de beoogde besparing van 1 miljard euro wordt gerealiseerd. Het ontbreekt aan inzicht in wat werkt. Er zijn geen goede data, indicatoren of monitoring. Sturen op geld is nu sturen in de mist. De commissie stelt voor om besparingen tot 2028 als PM-post in de Rijksbegroting op te nemen. Onrealistische financiële druk mag een gezonde transformatie niet blokkeren. Daarnaast moet er een nieuw financieringsmodel komen met passende bekostiging voor specialistische zorg. Indexatie van jeugdzorgkosten moet aansluiten bij de ontwikkeling van de zorguitgaven in Nederland.
blz. 10 (van 38)
Het kabinet heeft deze adviezen deels overgenomen. Vanaf 2025 zijn 2 posten structureel toegevoegd aan het gemeentefonds. Allereerst 400 miljoen euro reparatie op de terugval van het gemeentefonds voor het deel Jeugdzorg. Verder 414 miljoen euro structureel voor 50% van het tekort op Jeugdzorg dat voor rekening van het Rijk komt. Ook is voor 2026–2027 incidenteel 1 miljard euro beschikbaar gesteld om het ingroeipad van de hervormingsagenda te verlengen tot 2028. Tegelijkertijd verhoogt het kabinet de structurele besparingsdoelstelling op Jeugdzorg met 800 miljoen euro naar 1,8 miljard euro en is de indexatiesystematiek niet aangepast. Dit betekent verlichting op korte termijn, maar een zwaardere opgave vanaf 2028. Het eindadvies van de deskundigencommissie is naar voren gehaald en wordt in 2027 verwacht. Tot die tijd blijft de bekostiging van Jeugdzorg op langere termijn onzeker. Gezien alle onzekerheden moeten we aannames doen over hoe baten en lasten jeugdzorg zich gaan ontwikkelen. De VNG en de provinciale toezichthouder hanteren daarbij andere kaders. De VNG gaat uit van volledige compensatie vanaf 2028, terwijl de provincie stelt dat gemeenten voor 1,5 miljard euro aan bezuinigingen aan de lat staan. Enschede kiest een evenwichtige benadering. We veronderstellen niet dat alle tekorten worden gecompenseerd, maar nemen ook niet het volledige risico op ons.
De eenzijdig verhoogde bezuinigingsopgave is onvoldoende onderbouwd. Zolang het eindadvies van de deskundigencommissie ontbreekt achten wij terughoudendheid gepast. Daarom ramen we stelposten met een omvang van 9,6 miljoen euro (waarin we de indexatie hervormingsagenda als budgetneutraal beschouwen). Deze inschatting sluit aan bij de bestuurlijke realiteit én financiële onzekerheid op dit dossier. 3. Wijziging accressystematiek De jaarlijkse groei van het gemeentefonds wordt ook wel het accres genoemd. Tot 2023 werd deze bepaald op basis van de uitgavenontwikkeling van het Rijk (de zogeheten ‘trap-op/trapaf’-systematiek). Sinds 2024 is deze systematiek gewijzigd: het accres wordt nu gebaseerd op de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (BBP). Deze nieuwe systematiek sluit onvoldoende aan bij de feitelijke kostenontwikkeling van gemeenten, met name in het sociaal domein. De volumegroei van taken zoals jeugdzorg en Wmo is structureel hoger dan de BBPgroei en staat los van conjuncturele schommelingen. Bovendien kent de BBP-raming van het CPB aanzienlijke onzekerheden. In de afgelopen jaren werd de economische groei steevast te laag ingeschat. Door het ontbreken van nacalculatie leidt dit tot een structureel nadeel. De VNG raamt dit verlies op circa 400 miljoen euro per jaar voor alle gemeenten samen. 4.
Afschaffing specifieke uitkeringen en korting bij overheveling Het kabinet heeft het voornemen uitgesproken om een groot aantal specifieke uitkeringen (SPUK’s) af te schaffen en onder te brengen in de algemene uitkering van het gemeentefonds. De bedoeling is om hiermee de bestedingsvrijheid van gemeenten te vergroten en de verantwoordingslast te beperken. In de praktijk gaat dit echter gepaard met een generieke korting van 10% op het totaalbedrag dat wordt overgeheveld. Dat betekent mogelijk een aanzienlijke structurele vermindering van beschikbare middelen. De VNG heeft hierover haar zorgen geuit en bepleit dat een dergelijke stelselwijziging plaats zou moeten vinden zonder generieke korting. Daarbij ziet het ernaar uit dat voorlopig nog slechts een beperkt aantal spuk’s ook daadwerkelijk overgaat naar het gemeentefonds. 5. Herijking verdeelmodel gemeentefonds Jaarlijks wordt via het gemeentefonds circa 40 miljard euro verdeeld over gemeenten. Dit op basis van een verdeelmodel met verschillende maatstaven (zoals bevolkingssamenstelling, sociaaleconomische kenmerken en centrumfunctie). Vanaf 2023 is dit model herijkt voor een eerlijkere verdeling van middelen. Voor Enschede pakt deze herverdeling per saldo gunstig uit, onder andere door onze sterke centrumfunctie en relatief zwakke sociaaleconomische structuur. De invoering van het nieuwe verdeelmodel verloopt gefaseerd.
Gemeenten
blz. 11 (van 38)
ontvangen het nadeel of voordeel niet in één keer, maar via een zogenoemd ingroeipad, met een maximum van 37,50 euro per inwoner per jaar. Enschede heeft vanaf 2025 nog 6,50 euro per inwoner tegoed. De volgende stap in het ingroeipad is echter uitgesteld tot 1 januari 2027. Voor die tijd wordt het verdeelmodel opnieuw geactualiseerd op basis van data uit 2025. Daarom is het resterende ingroeipad nog niet verwerkt in ons middelenkader.
2.3. Loon- en prijscompensatie In de meerjarenbegroting moet ruimte worden gereserveerd voor loon- en prijsstijgingen. In paragraaf 2.1 is reeds toegelicht dat we voor 2026 rekenen met 2,0% loonindexatie en 2,1% prijsindexatie. Voor 2027 en verder is op dit moment nog niet duidelijk hoe hoog de loon- en prijsstijgingen dan zullen zijn. Daarom rekenen we voor 2027 en verder op dit moment met een loon- en prijsstijging die rond het 20-jarig gemiddelde ligt. Hiermee ontstaat een tekort in de stelpost loon- en prijscompensatie welke meegenomen wordt in het middelenkader. Loon- en prijsontwikkelingen (in 1.000 euro)
2026
2027
2028
2029
1. Beschikbaar in stelpost loon- en prijscompensatie
10.777
21.341
32.151
32.078
2. Toevoeging aan stelpost 2029 (3,17% loon & 2,11% prijs)
13.929
Beschikbaar in stelpost loon- en prijscompensatie
10.777
3. Onttrekking uit stelpost 2026 (2,0% loon & 2,1% prijs)
-11.770 -11.803 -11.819 -11.847
4. Onttrekking uit stelpost 2027-2029 (3,17% loon & 2,11% prijs) Benodigd uit stelpost loon- en prijscompensatie Saldo loon- en prijsontwikkelingen
21.341
32.151
46.007
-13.929 -27.858 -41.787 -11.770 -25.732 -39.677 -53.634 -993
-4.391
-7.526
-7.627
Toelichting op loon- en prijsontwikkelingen 1. Beschikbaar in stelpost loon- en prijscompensatie Elk jaar reserveren we een deel van het accres op het gemeentefonds op een stelpost loonen prijscompensatie om over 4 jaren de loon- en prijsstijgingen te kunnen opvangen. Dat is de afgelopen jaren ook gebeurd voor de loon- en prijsstijgingen in 2026 tot en met 2028. Helaas was de afgelopen jaren sprake van een hoge inflatie waardoor de lonen en prijzen hard zijn gestegen. Aanvullend is de organisatie over deze periode gegroeid. Dit betekent dat we al een aanspraak hebben moeten doen op de middelen die beschikbaar waren in de stelpost loon- en prijscompensatie. Per saldo resteert voor de periode 2026 tot en met 2028 totaal 32 miljoen euro om loon en prijsstijgingen op te vangen. 2. Toevoeging aan stelpost voor 2029 De komende begroting reserveren we uit het accres op het gemeentefonds een bedrag op de stelpost loon- en prijscompensatie om de stijging in lonen en prijzen in 2029 op te vangen. Zoals ook in paragraaf 2.2 benoemd gaat dat om een bedrag van 13,9 miljoen euro. Daarbij is rekening gehouden met een 20-jarig gemiddelde loonstijging (3,17%) en prijsstijging (2,11%). 3. Onttrekking uit stelpost voor 2026 Zoals reeds toegelicht in paragraaf 2.1 leidt de doorrekening van de nieuwe Cao gemeenten voor 2026 tot een netto loonstijging van 2%.
Aanvullend wordt gerekend met 2% prijsstijging op basis van de inschatting vanuit het Centraal Economisch Planbureau. Binnen dit bedrag is ook de loon- en prijscompensatie voor Gemeenschappelijke Regelingen en verbonden partijen meegenomen. In de begroting 2025 is voor 2026 en verder als dekkingsmaatregel opgevoerd dat bij gemeenschappelijke regelingen voor 500.000 euro nacalculatie op loon- en prijscompensatie zou plaatsvinden. Dat heeft inmiddels plaatsgevonden en daarmee is deze stelpost komen te vervallen.
blz. 12 (van 38)
De gemeente past dezelfde loon- en prijsindexaties toe op de budgetten van gesubsidieerde instellingen in het culturele en sociale domein. Deze instellingen vallen echter vaak onder andere cao’s dan de Cao Gemeenten. Daardoor ontstaan op korte termijn verschillen tussen de gemeentelijke indexatie en de daadwerkelijke loonontwikkeling. Zo lag de loonstijging in cao’s als Kunsteducatie, Sociaal Werk, Jeugdzorg en Zorg & Verpleging recent hoger dan bij gemeenten, wat leidde tot onvoldoende compensatie voor partners. Extra bijspringen is lastig, omdat het Rijk ons alleen indexeert op basis van de overheidssector. Vorig jaar is daarom eenmalig extra gecompenseerd. Uit analyse blijkt echter dat deze verschillen zich op lange termijn uitmiddelen: in sommige jaren ontstaat overcompensatie, in andere ondercompensatie. Per saldo is het patroon evenwichtig. 4. Onttrekking uit stelpost voor 2027 - 2029 Voor de periode 2027 tot en met 2029 is op dit moment nog niet bekend hoe hard de lonen en prijzen stijgen. We zorgen dat in de stelpost loon- en prijscompensatie in ieder geval genoeg financiële ruimte zit om een 20-jarig gemiddelde loon- (3,17%) en prijscompensatie (2,11%) op te kunnen vangen. Daarom is 13,9 miljoen euro per jaar nodig in de stelpost.
2.4. Knelpunten Net als voorgaande jaren zijn er ook dit jaar enkele financiële knelpunten die meegenomen moeten worden. Daarbij wordt conform afgesproken spelregels nauwgezet beoordeeld of een knelpunt zogenaamd O&O is, onvermijdelijk en onuitstelbaar. De onderstaande onderwerpen zijn zodoende meegenomen in de financiële opgave. Ze zijn te verdelen in 3 categorieën: • Knelpunten die zijn ontstaan door de hoge inflatie van afgelopen jaren. Op de genoemde onderwerpen is dit niet op te vangen binnen bestaande budgetten. • Knelpunten gerelateerd aan volumeontwikkeling. Door een onontkoombare toename van het volume bij bijvoorbeeld jeugd of Wmo nemen de kosten ook toe. • Overige knelpunten, waaronder wettelijke vereisten, digitalisering / IT en bij verbonden partijen. De knelpunten hebben een structureel of incidenteel karakter. Structurele baten en lasten (S) zijn baten en lasten die jaarlijks in de begroting, meerjarenraming en jaarrekening zijn opgenomen. Bij incidentele baten en lasten (I) gaat het om eenmalige zaken of (meerjarige) projecten/subsidies die eveneens het karakter van tijdelijkheid met een eindig doel hebben. Programma Knelpunt (in 1.000 euro)
I/S
2026
2027
2028
2029
V&S
1. Loon- en prijsstijging tarieven Jeugd
S
765
765
765
765
V&S
2. Indexatie vervoer Jeugdhulp
S
-14
-14
-14
-14
V&S
3. Loon- en prijsstijging tarieven WMO Begeleiding & Dagbesteding
S
290
290
290
290
V&S
4. Loon- en prijsstijging tarieven WMO Huishoudelijke Ondersteuning
S
180
180
180
180
V&S
5. Loon- en prijsstijging tarieven WMO Hulpmiddelen
S
25
25
25
25
V&S
6. Hulpmiddelen (omd vervoer - cvv vervoer)
S
-42
-42
-42
-42
V&S
7. DierenOpvangCentrum/Dierenwelzijn
S
0
35
55
55
DWLW
8. Indexatie budget investeringsagenda
S
168
341
519
703
DWLW
9. Aanbesteding schoonmaak
S
150
150
150
150
1.522
1.730
1.928
2.112
Totaal knelpunten inflatie gerelateerd
blz. 13 (van 38)
Programma Knelpunt (in 1.000 euro)
I/S
2026
2027
2028
2029
V&S
10. Autonome groei Jeugdhulp - volume
S
3.000
3.000
3.000
3.000
V&S
11. Toename volume vervoer naar onderwijs
I
480
0
0
0
V&S
12. Overheveling voorzieningen vanuit MO naar lokale WMO (KamerRaad-Surplus-Nazorg)
S
750
600
600
600
DWLW
13. Areaaluitbreiding Openbare Ruimte
S
321
321
321
359
F&O
14. Areaal bedrijfsvoering
S
870
870
870
870
5.421
4.791
4.791
4.829
Totaal knelpunten volume gerelateerd V&S
15. Uitname GF (DU Jeugd) SPUK - vsv
I
793
0
0
0
V&S
16. Rijksbudget voor Inburgering onvoldoende
S
550
0
0
0
V&S
17. Offensief begroten Bijzondere Bijstand niet volledig realiseerbaar
S
250
250
250
250
V&S
18. Autonome groei Jeugdhulp - verzwaring zorgintensiteit
S
3.200
3.200
3.200
3.200
V&S
19. Samen Twente
S
95
344
344
344
V&S
20. Uitstel van afschaffing abonnementstarief Huishoudelijke Hulp
I
210
0
0
0
V&S
21. Verruiming regeling individuele studietoeslag
I
500
0
0
0
V&S
22. Offensief begroten P-budget niet realiseerbaar
S
1.000
1.000
1.000
1.000
DWLW
23. Graven onder de omgevingswet en uitvoering crow 400
S
50
50
50
50
DWLW
24. Applicatie/Functioneel beheerder Totallink
S
115
115
115
115
DWLW
25. Dekking 1 Fte Planjurist
S
120
120
120
120
DWLW
26. Technische vervanging en onderhoud speeltoestellen
S
0
310
381
451
DWLW
27. Inpassen evenementen op basis van planologisch kader in het omgevingsplan
I
80
80
0
0
DWLW
28. Omgevingsdienst Twente
S
250
250
250
250
DWLW
29. Digitalisering verkeersborden en aanschaf applicatie ten behoeve van wegen en mobiliteit
S
50
50
50
50
DWLW
30. Digitaal Stelsel Omgevingswet
S
194
221
246
246
DWLW
31. Technology Base Twente
S
-6
148
72
-374
S&B
32. Continueren beheer subsites
S
65
65
65
65
S&B
33. Functioneel beheer PgaX
S
100
100
100
100
S&B
34. Budget gemeenteraadsverkiezingen
I
450
0
0
0
F&O
35. Informatiebeheer / Zaakgewijs werken op orde
S
600
1.000
1.000
1.000
F&O
36. Informatiebeheer / Zaakgewijs werken op orde
I
1.000
1.000
500
0
Totaal knelpunten overig
9.666
8.303
7.743
6.867
Totaal alle knelpunten
16.609 14.824 14.462 13.808
blz. 14 (van 38)
Toelichting op de knelpunten 1. Loon- en prijsstijging tarieven Jeugd Indexatie vindt plaats op basis van de gemeentelijke loon- en prijsindexatie. Voor 2025 was dit 3,19% (obv 90%loon en 10% prijsgevoeligheid). De feitelijke indexering in 2025 bedraagt 3,94% op basis van de inkoopafspraken 2025. Dit tekort in percentage (0,75%) kan niet binnen de bestaande budgetten worden opgevangen. 2. Indexatie vervoer Jeugdhulp Indexatie vindt plaats op basis van de gemeentelijke loon- en prijsindexatie. Voor 2025 is deze index 3,19% (op basis van 100% prijsgevoeligheid). De feitelijke indexering is gekoppeld aan de NEA-index en deze bedraagt 1,5%. Daardoor ontstaat een voordeel in percentage van (1,69%). 3. Loon- en prijsstijging tarieven WMO Begeleiding & Dagbesteding Indexatie vindt plaats op basis van de gemeentelijke loon- en prijsindexatie. Voor 2025 was dit 3,19% (obv 90%loon en 10% prijsgevoeligheid). De feitelijke indexering in 2025 bedraagt 3,94% op basis van de inkoopafspraken 2025. Dit tekort in percentage (0,75%) kan niet binnen de bestaande budgetten worden opgevangen. 4. Loon- en prijsstijging tarieven WMO Huishoudelijke ondersteuning Indexatie vindt plaats op basis van de gemeentelijke loon- en prijsindexatie. Voor 2025 was dit 3,19% (obv 90%loon en 10% prijsgevoeligheid). De feitelijke indexering in 2025 bedraagt 3,94% op basis van de inkoopafspraken 2025.
Dit tekort in percentage (0,75%) kan niet binnen de bestaande budgetten worden opgevangen. 5. Loon- en prijsstijging tarieven WMO Hulpmiddelen Indexatie vindt plaats op basis van de gemeentelijke loon- en prijsindexatie. Voor 2025 is deze index 3,19% (op basis van 90% loon en 10% prijsgevoeligheid). De feitelijke indexering is gekoppeld aan de CEP index September '24 (hulpmiddelen) en deze bedraagt 3,5%. Daardoor ontstaat een nadeel in percentage van (0,31%) wat niet opgevangen kan worden binnen de bestaande budgetten. 6. Hulpmiddelen (omd vervoer - cvv vervoer) Indexatie vindt plaats op basis van de gemeentelijke loon- en prijsindexatie. Voor 2025 is deze index 3,19% (op basis van 100% prijsgevoeligheid). De feitelijke indexering is gekoppeld aan de NEA-index en deze bedraagt 1,5%. Daardoor ontstaat een voordeel in percentage van (1,69%). 7. DierenOpvangCentrum/Dierenwelzijn Het ophalen, opvangen en herplaatsen van zwerf- en gewonde dieren is een wettelijke verplichting. De gemeente Enschede voldoet aan deze verplichting, door het DierenOpvangCentrum (DOC) in Enschede de opdracht te geven deze taken uit te voeren. Hier is momenteel circa 300.000 euro per jaar mee gemoeid. Het DOC en de dierenambulance vallen onder de landelijke Dierenbescherming. Zij werken al jaren onder de kostprijs waarbij de landelijke Dierenbescherming het tekort aanvult.
Dit tekort groeit door stijgende kosten (denk aan kosten dierenarts, dierenvoeding, personeelslasten, brandstof en verzekeringen dierenambulance etc). Dit is financieel niet meer houdbaar. Het DierenOpvangCentrum vraagt ons daarom in stappen naar een kostendekkende vergoeding te komen – het is hun bedoeling dat ze vanaf 2028 (structureel) op een kostendekkend tarief uitkomen.
blz. 15 (van 38)
Deze opdracht omvat overigens niet het vervoer van kadavers als gevolg van vogelgriep. De afgelopen jaren hebben we dit wel bij gebrek aan een alternatief door het DOC uit laten voeren, maar deze werkzaamheden maken geen vast onderdeel uit van de opdracht aan het DOC. De kosten dus ook niet. Onderzocht wordt nog hoe we dit structureel goed kunnen organiseren. 8. Indexatie budget investeringsagenda In de strategische investeringsagenda is geen indexatie op het basisbudget van 5,6 miljoen euro opgenomen. Dit heeft tot gevolg dat projecten die vertragen meteen financieel niet langer gedekt zijn. Dit als gevolg van de jaarlijkse prijsstijgingen door inflatie. De reeks moet met de jaarlijkse index verhoogd worden. Het uitgangspunt is een jaarlijks percentage van 3%. 9. Aanbesteding schoonmaak De aanbesteding van de schoonmaakdienstverlening is conform verwachting hoger uitgevallen dan bij de vorige contractpartner. Dit heeft mede te maken met CAO- en prijsstijgingen. Het nieuwe bestek is uitgebreid ten opzichte van het vorige contract met als doel duurdere regieschoonmaak te beperken. Dit knelpunt is enkel bepaald op basis van het nieuwe bestek en is bestemd voor de budgetten van Facilitairbedrijf, Vastgoedbedrijf, en Exploitatie Maatschappelijk Vastgoed.
Eventuele schoonmaak op regiebasis is hierin niet meegenomen, omdat er door de uitbreiding van het bestek geen goede inschatting gemaakt kan worden op de nieuwe omvang. Mocht dit toch een aanzienlijke post worden, dan zal hiervoor in de zomernota 2026 een nieuw knelpunt worden ingediend. 10. Autonome groei Jeugdhulp In 2024 zijn de "autonome kosten" voor Jeugdhulp verder opgelopen door enerzijds volumestijging (3,5%) en anderzijds een stijging van de gemiddelde zorgkosten per kind (los van tariefeffecten). Vanuit de afgelopen jaren is gebleken dat de volumestijging structureel van aard is en dat wordt ook bevestigd vanuit de diverse recente onderzoeken. 11. Toename volume vervoer naar onderwijs De vervoersbewegingen rondom het taalonderwijs zijn sterk gestegen. Enerzijds door het toegenomen volume van statushouders, asielinstroom en expats. Anderzijds door het openen van een 2e locatie in Glanerbrug waardoor het aantal vervoerskilometers sterk is gestegen. In 2024 en 2025 kan dit incidenteel worden opgevangen vanuit budgetten Oekraïne en opvang ontheemden. Voor 2026 kunnen we niet meer bijsturen en is het een incidenteel knelpunt. In 2025 - 2026 trachten we bij te sturen op de klantstroom en bezien welk aanvullend beleid eventueel nodig is. De uitkomsten betrekken we bij de zomernota 2026. 12.
Overheveling voorzieningen MO naar lokale WMO (KamerRaad-Surplus-Nazorg) Er worden binnen de regionale centrummiddelen voor maatschappelijke opvang een drietal voorzieningen bekostigd, die feitelijk individuele maatwerkvoorzieningen lokale WMO betreffen. Het betreft: 1. Begeleiding van inwoners met een combinatie van meervoudige problemen bij Surplus dagbesteding: Het gaat bij deze voorziening om een bedrag van 650.000 euro per jaar 2. De begeleiding van jongvolwassenen die gebruik maken van woonvoorziening "KamerRaad". Het Enschedees aandeel omvat 325.000 euro per jaar. 3. De begeleiding in de vorm van nazorg van inwoners die zijn uitgestroomd uit de maatschappelijke opvang. Hiervoor is eerder een begrotingscorrectie ten gunste van de lokale Wmo doorgevoerd, maar die blijkt (structureel) 140.000 euro te hoog te zijn geweest.
blz. 16 (van 38)
In het verleden zijn de kosten van deze voorzieningen voor rekening van maatschappelijke opvang gekomen omdat de financiële ruimte daar dat toeliet. De problematiek bij de opvang van dak- en thuislozen is echter fors toegenomen en binnen de maatschappelijke omvang is nu sprake van een tekort. Bijsturing is beperkt mogelijk. Ook binnen de lokale WMO is er sprake van een tekort. We zien bij het onderdeel van Surplus mogelijkheden de kosten terug te brengen naar circa 425.000 euro in 2027. In het jaar 2026 is er wel nog sprake van transitiekosten voor de voorziening van Surplus. Dat betekent dat er een structureel knelpunt resteert van afgerond 600.000 euro (425.000 euro + 325.000 euro -/- 140.000 euro). 13. Areaaluitbreiding Openbare Ruimte. Dit betreft de jaarlijkse optelsom van uitbreiding en krimp van openbare ruimte. De benodigde kosten voor beheer en onderhoud van alle assets betreffen materiële kosten, kosten inzet derden, kosten vanuit fte inzet eigen personeel en fte inzet vanuit Onderhoud Enschede BV. Door vergroening en tegelwippen is het areaal wegen verminderd en groen toegenomen. 14. Areaal bedrijfsvoering Conform vastgestelde systematiek ademt het budget voor bedrijfsvoering mee met de omvang van de organisatie. In 2024 is de bezetting toegenomen (vanwege toenemende taken en invulling van vacatureruimte).
Daardoor is extra budget nodig om de toegenomen ondersteuning te kunnen bekostigen (zoals laptops, telefonie, werkplek(middelen), licenties, opleidingen, P&O en Inkoopadvies, etc.). 15. Uitname GF (DU Jeugd) SPUK - vsv Invoering van het wetsvoorstel "van school naar duurzaam werk" leidt ertoe dat lokale gemeentelijke middelen, ooit toegevoegd in 2010, uit het gemeentefonds worden genomen. Daar staat tegenover dat er een SPUK wordt toegekend voor de aanpak van regionale jeugdwerkloosheid. In Enschede zijn deze middelen, vanaf 2010, gebruikt voor de inzet van de voorloper van de wijkteams voor de uitvoering van dat preventieve lokale jeugdbeleid (o.a. schoolgericht maatschappelijk werk, gezinscoaching, kortdurende pedagogische begeleiding). In 2025 – 2026 wordt onderzocht of de bestaande activiteiten binnen de nieuwe regelingen kunnen worden uitgevoerd. De uitkomsten betrekken we bij de zomernota 2026. 16. Rijksbudget voor Inburgering onvoldoende voor uitvoering wettelijke Inburgeringstaak en de oplopende taakstelling Dit knelpunt is bij Zomernota 2024 opgevoerd. Bij de Zomernota 2024 was de verwachting dat er mogelijk nog rijksmiddelen voor Inburgering zouden komen, daardoor is dit knelpunt uiteindelijk niet meegenomen. Er zijn echter geen extra middelen gekomen, terwijl de wettelijke Inburgeringstaak wel is gebleven.
Hierdoor ontstaat een knelpunt van 550.000 euro in 2025 en 2026. Vanaf 2027 staat dit knelpunt op PM, vanuit het uitgangspunt dat het rijk de komende jaren aanvullende middelen beschikbaar moet gaan stellen om de uitvoering van de Wet Inburgering kostendekkend te maken. 17. Offensief begroten Bijzondere Bijstand niet volledig realiseerbaar In het kader van offensief begroten is in de begroting 2025 bij gelijkblijvend beleid het product Bijzondere Bijstand gekort met 1,1 miljoen euro op basis van de resultaten in het verleden en de verwachting dat die onderschrijdingen structureel zijn. In 2024 blijkt de onderschrijding slechts 850.000 euro te zijn, daardoor ontstaat een knelpunt van 250.000 euro.
blz. 17 (van 38)
18. Autonome groei Jeugdhulp - verzwaring zorgintensiteit In 2024 zijn de "autonome kosten" voor Jeugdhulp verder opgelopen door enerzijds volumestijging (3,5%) en anderzijds een stijging van de gemiddelde zorgkosten per kind (los van tariefeffecten). De gemiddelde zorgkosten nemen toe door een combinatie van de gewijzigde mix van zorginzet (meer kinderen in duurdere zorgvormen), een oplopende zorgduur (meer kinderen langer in zorg) en een toename van de zorgintensiteit. Zie ook de Raadsbrief. 19. Samen Twente Het algemeen bestuur (AB) van SamenTwente heeft in februari 2024 besloten om een discussie te gaan voeren over de kerntaken van SamenTwente. Door de afname van rijksmiddelen enerzijds en grote maatschappelijke opgaven anderzijds ontstaat er spanning tussen ambitie en de inzet van middelen. De financiële ontwikkeling van gemeenten vraagt om een brede afweging op inzet van middelen om ambities te realiseren. Met de kerntakendiscussie worden keuzes gemaakt om het juiste te blijven doen en te blijven zorgen voor kwalitatieve dienstverlening voor de inwoners van Twente. SamenTwente heeft hiermee antwoord gegeven op de Kaderbrief Twentse zienswijze, die bij de behandeling van de begroting 2025 door diverse gemeenteraden is afgegeven.
Via de kaderbrief zijn alle gemeenschappelijke regelingen opgeroepen om te anticiperen op de gemeentelijke bezuinigingsopgaven in verband met het zogeheten ‘ravijn’. De kerntakendiscussie is gestart met het in beeld brengen van de taken/bouwstenen van SamenTwente, het afwegingskader per taak en de geldstromen. Hierbij is aansluiting gezocht bij de begroting 2024 van SamenTwente. Vervolgens zijn voorstellen ontwikkeld in ambtelijke werksessies waarbij iedere taak/bouwsteen tegen het licht is gehouden en gevraagd welke voorstellen denkbaar zijn kijkend vanuit drie scenario’s Kern, Koers en Ambitie. Het AB heeft besloten om op alle thema’s de huidige inzet te handhaven (scenario Koers). Aanvullend heeft SamenTwente wel scherpe (bedrijfsmatige) keuzes gemaakt die bijdragen aan een lagere gemeentelijke bijdrage. De gemaakte keuzes laten zich als volgt financieel vertalen voor Enschede: Knelpunt/meevaller/risico in 1.000 euro
I/S
2026
2027
2028
2029
Kerntakendiscussie: Veilig Thuis Twente (VTT)
S
248
248
248
248
Forensische dienstverlening
S
0
114
114
114
Advisering Milieu en gezondheid
S
34
34
34
34
Adviesrol publieke gezondheid (Gezondheidsbevordering)
S
25
25
25
25
Extra inzet meldpunt Woningvervuiling (volumeontwikkeling)
S
24
24
24
24
Extra inzet meldpunt zorgwekkend gedrag (volumeontwikkeling)
S
30
30
30
30
Bezuiniging Samen Twente
S
-131
-131
-131
-131
Vrijval risicoreserve MKB
I
-100
0
0
0
Vrijval voorziening WW
I
-35
0
0
0
95
344
344
344
TOTAAL
blz. 18 (van 38)
20. Uitstel van afschaffing abonnementstarief Huishoudelijke Hulp Als gevolg van uitstel invoering inkomensafhankelijke eigen bijdrage wordt in de zomernota 2024 opgenomen taakstelling van 210.000 euro niet gerealiseerd. 21. Verruiming regeling individuele studietoeslag Bij de Individuele Studie Toeslag (IST) is sprake van een wetswijziging waardoor meer aanspraak wordt gemaakt. Er wordt geen vermogenstoets meer uitgevoerd en de leeftijdsgrens is aangepast. Dit was vanaf 18 jaar, maar sinds 2024 is het toegankelijk voor alle studenten. Studenten kunnen nu dus aanspraak maken op deze toeslag met terugwerkende kracht tot april 2022. We zien de aanvragen en aangevraagde bedragen toenemen. Dit leidt tot een knelpunt van 500.000 euro. Voorlopig nemen we dit alleen op in 2026. We voeren samen met andere gemeenten een lobby richting het Rijk om ofwel extra middelen ter beschikking te stellen of deze taak terug te nemen. 22. Offensief begroten P-budget niet realiseerbaar In de begroting 2025 is in het kader van offensief begroten het Participatiebudget, bij gelijkblijvend beleid, gekort met 1 miljoen euro in de verwachting dat onderschrijdingen in het verleden ook in de toekomst zouden optreden.
Echter doordat die onderschrijdingen voortvloeiden uit incidentele corona-middelen en de uitgaven voor met name de openeindregeling Studietoeslag toenemen, blijkt deze verwachting niet uit te komen. Daardoor moet deze korting teruggedraaid worden. 23. Graven onder de omgevingswet en uitvoering crow 400 Volgens de nieuwe wetgeving is het verplicht om diverse bodemonderzoeken uit te voeren bij zowel kleine als grote werken. Team Bodem is verantwoordelijk voor de coördinatie en vastlegging van deze onderzoeken. Met de invoering van de Omgevingswet en CROW 400 neemt het aantal onderzoeken aanzienlijk toe, wat zorgt voor een extra werklast van 0,5 fte. 24. Applicatie/Functioneel beheerder Totallink Vanwege de uitbreiding van Totallink voor heel RO&B, en mogelijk op termijn ook voor andere afdelingen en clusters, is een extra functie voor applicatie- en functioneel beheer noodzakelijk. Tot het einde van de implementatieperiode wordt deze functie nog bekostigd vanuit IT. Vanaf 2026 ligt de verantwoordelijkheid echter bij het cluster zelf om dit te organiseren. 25. Dekking 1 Fte Planjurist Voor de implementatie van de Omgevingswet heeft de gemeente Rijksmiddelen ontvangen. Die reeks loopt in 2025 af. Vanuit die middelen is 1 Fte aangenomen ten behoeve van de transitie Omgevingsplan (die zeker nog tot 2032 loopt).
Dit is opgenomen in de formatie bij de afdeling Bestemmen maar structurele dekking is in de gemeentelijke begroting vooralsnog niet georganiseerd en wel structureel nodig. Indien formatie niet beschikbaar wordt gesteld, zal dit structureel effect hebben op de werkdruk (Bestemmen kampt al jarenlang met een hoge werkdruk, dat bleek ook uit het Verbeterplan 2023 en 2024) en op de productie van de afdeling. Dit laatste zal effect hebben op de buitenwereld: omgevingsplanwijzigingen gaan trager hetgeen vertragend werkt voor gebieds- en projectontwikkeling. Ook de beleidsmatige sporen (denk aan geluid, water, bodem, cultuurhistorie, evenementen) lopen vertraging op. Tot slot leidt een te lage formatie en productie tot vermindering van dienstverlening aan onze inwoners. Dit doordat juridische regels uit het Omgevingsplan vertraagd vertaald worden naar toepasbare regels voor het omgevingsloket.
blz. 19 (van 38)
26. Technische vervanging en onderhoud speeltoestellen Bij de zomernota 2024 is dit knelpunt deels gehonoreerd. In afwachting van nieuwe kaders en beleid zijn de benodigde middelen alleen voor de jaren 2025 en 2026 beschikbaar gesteld en niet structureel. Het nieuwe Beweeg-, speel- en sportbeleid is op 27 januari 2025 door de raad vastgesteld. Bij de vaststelling heeft de raad tevens besloten "Het knelpunt voor de noodzakelijke technische vervanging van de speel- en sporttoestellen in de openbare ruimte oplopend van 309.799 euro in 2027 naar 1.164.447 euro vanaf 2040 per jaar in de integrale afweging in de zomernota 2025 mee te nemen". Dit knelpunt op het bestaande areaal ontstaat doordat de beschikbare middelen voor het onderhoud en vervangen van speeltoestellen niet toereikend zijn om te blijven voldoen aan het warenwetbesluit attractieen speeltoestellen. Met als gevolg dat we speel- en sporttoestellen moeten verwijderen en/of er gevaarlijke situaties kunnen ontstaan. 27. Inpassen evenementen o.b.v. planologisch kader in het omgevingsplan Als fase 1 het opstellen van een planologisch kader per evenementenlocatie is afgerond, wordt fase 2 het inpassen van evenementen in het omgevingsplan opgestart. 28. Omgevingsdienst Twente Met de inwerkingtreding van Omgevingswet diende de productendienstencatalogus (PDC) van de Omgevingsdienst Twente te worden aangepast.
Onder andere het begrip inrichting bestaat niet meer. In de Omgevingswet wordt gewerkt met het begrip milieu belastende activiteit (mba). Ook de kengetallen van de productendienstencatalogus zijn geactualiseerd en leiden tot stijging van de kosten. Daarnaast is de jaarlijkse gemeentelijke bijdrage aan het sociaal plan (ca 70.000 euro) niet opgenomen in onze eigen begroting. Dit is nog exclusief de te verwachten loon en prijs compensatie voor de omgevingsdienst. 29. Digitalisering verkeersborden en aanschaf applicatie t.b.v. wegen en mobiliteit Vanaf 1 januari 2025 treedt de Europese RTTI-wetgeving in werking. Deze verplicht wegbeheerders om cruciale verkeersbordendata actueel te houden (niet ouder dan 6 tot 12 maanden) en deze nauwkeurig aan te leveren in de muteerapplicatie George van het Nationaal Dataportaal Wegverkeer (NDW). Deze digitalisering maakt het mogelijk om belangrijke wegkenmerken direct ‘in car’ beschikbaar te stellen. Een landelijke dekking is essentieel, wat betekent dat ook in Enschede de verkeersborden moeten worden gedigitaliseerd. Dit is noodzakelijk om up-to-date te blijven en voorbereid te zijn op nieuwe ontwikkelingen in smart mobility. Daarnaast vormt digitalisering een belangrijke basis voor datagedreven onderhoud van het verkeersbordenareaal.
Dit verkleint de kans op ontbrekende of onleesbare verkeersborden, waardoor de verkeersveiligheid in onze stad wordt verbeterd. 30. Digitaal Stelsel Omgevingswet Het Stelsel is een toepassing die landelijk opgelegd wordt voor alle gemeenten. De kosten voor het beheer van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) nemen ieder jaar toe. Vooralsnog is er geen compensatie in de begroting geregeld. Dit moet wel worden gedaan om overschrijding in de komende jaren te voorkomen. 31. Technology Base Twente In de Zomernota 2024 heeft de raad voor de GR Technology Base ingestemd met een meerjarige tekortreeks voor 2025-2028 (saldo luchthaven- en vastgoedexploitatie). Gebleken is dat de geraamde extra parkeeropbrengsten door aanleg van turnpads later op gang zijn gekomen. Ook blijkt dat we de opgenomen winst op de vastgoedexploitatie positief kunnen bijstellen. Over de periode 2025-2028 is het saldo 29.000 euro positiever dan begroot.
blz. 20 (van 38)
Eén kanttekening: de kapitaallasten voor het groot onderhoud van de baan die (ingaande 2028) in deze reeks zitten heeft Technology Base gebaseerd op het kostenniveau in 2022. Deze lasten gaan hoger uitvallen door stijging van kosten voor materieel en personeel. Mogelijke oplossingen liggen in de uitkomsten van de concessieverlening in 2025/2026 voor private exploitatie van de luchthaven, danwel een bijdrage van defensie in het kader van de NRD ruimte voor defensie. Een zienswijze hierop hebben wij inmiddels aan u voorgelegd. 32. Continueren beheer subsites Vanuit de Wet Digitale Overheid moeten onze websites aan strenge regelgeving voldoen. Daarvoor is centraal beheer met incidentele middelen ingericht. Om te blijven voldoen aan de wet- en regelgeving en om websites voor inwoners en ondernemers toegankelijk, betrouwbaar en actueel te houden moet beheer structureel worden ingevuld. In 2021 hadden wij 83 websites. Op dit moment hebben we nog 45 websites (waarvan 4 binnenkort worden uitgezet). Van dit totaal worden er 8 door het web team beheerd. De koers van de websites en het beheer daarop is nodig om hier grip op te houden. Zodat we beheer kunnen blijven doen en nieuwe wildgroei voorkomen. 33. Functioneel beheer PgaX PGAX wordt in Enschede ingezet voor casusbeheer binnen Sociaal Domein en Veiligheid.