2023-NieVieWie Woonvisie Enschede Voortgangsrapportage versie NieVieWie
Tekst van het document
We werken met een regietafel vastgoed wonen en zorg Enschede waarin we samenwerken met corporaties en zorgorganisaties.
27
3
Inzicht in de woonzorgopgaven
Vergrijzing Het aantal ouderen in de gemeente Enschede neemt de komende jaren sterk toe. Naast een stijging van het aantal ouderen (als gevolg van de babyboom) leven mensen tegenwoordig ook steeds langer. Het aandeel ouderen in Enschede wordt hierdoor steeds groter (dubbele vergrijzing). Zo was in 2020 17,8% van de inwoners van Enschede 65 jaar of ouder. In 2050 zal dit naar verwachting 25,7% zijn (zie figuur 1). Het aantal ouderenhuishoudens groeit van een kleine 19.000 in 2019 naar bijna 26.000 huishoudens in 2040. In veel gevallen gaat het hier om eenpersoons huishoudens. Pas na 2040 stabiliseert zowel de bevolkings- als de huishoudengroei voor 65-plussers.
Figuur 1
Lang niet al deze ouderen hebben een zorgvraag en lang niet alle ouderen hebben behoefte aan een specifiek soort woning vanwege die zorgvraag. Verreweg de meeste 65-plussers (94%) wonen thuis en zijn daarbij niet afhankelijk van langdurige zorg en ondersteuning. Ook van de 85-plussers woont nog 70% thuis, overigens vaak met ondersteuning vanuit de wijkverpleging. Dit betekent niet dat ouderen tot hoge leeftijd in dezelfde woning kunnen en willen blijven wonen. De zelfstandig wonende oudere komt, al dan niet gedwongen door omstandigheden, op een bepaald moment voor een keuze te staan: in de huidige woning blijven of op zoek gaan naar een andere woning (bv kleiner, levensloopgeschikt, geclusterde woonvorm met zorg of ondersteuning nabij) of een andere woonomgeving (bv dichterbij voorzieningen, dichterbij familie). Deze veranderende woonwens hangt vaak samen met een afname van de fysieke of geestelijke gezondheid of met het wegvallen van een partner, waardoor de zelfredzaamheid afneemt. Zorgopgave ouderen Extramuralisering De rijksoverheid zet in op het scheiden van wonen en zorg. Een onderdeel van de extramuralisering is de voorwaarde van het Rijk dat het aantal intramurale verpleeghuisplekken landelijk niet mag toenemen. Daarnaast is de tendens dat mensen een steeds hogere zorgindicatie nodig hebben, om naar het verpleeghuis te kunnen.
Als gevolg van de dubbele vergrijzing in combinatie met extramuralisering neemt zowel het aantal mensen dat thuis zorg en ondersteuning ontvangt als de zwaarte van de ondersteuning de komende jaren toe. Via het programma Wonen, Ondersteuning en zorg voor Ouderen (Wozo) stimuleert de Rijksoverheid het langer thuis (zelfstandig) wonen van ouderen. Zij hanteert hierbij de norm “Zelf als het kan, Thuis als het kan, Digitaal als het kan”.
28
Inzet op preventie wordt steeds belangrijker. Denk hierbij aan inzet op positieve gezondheid, zowel fysiek (oa. beweging) als geestelijk (oa. cultuuraanbod). Maar ook door rekening te houden met omgevingsfactoren zoals hittestress als gevolg van klimaatverandering. Daarnaast wordt ingezet op een langer behoud van zelfstandigheid door oa. reablement en (thuis-)technologie.
Reablement: in plaats van hulp bieden naar het behoud van zelfstandigheid faciliteren Bestaande voorbeelden: • Niet jarenlang steunkousen aantrekken, maar iemand leren de steunkousen zelf aan te trekken • Niet tafeltje dekje leveren als de kokende partner overlijdt, maar iemand leren koken • Geen scootmobiel leveren, maar een elektrische driewieler zodat iemand blijft bewegen
Arbeidsmarkt De arbeidsmarkt in de zorg is gespannen. Voorspellingen laten zien dat tekorten in de zorg en ondersteuning in Twente oplopen tot ca. 2500 vacatures in 2030. Het is en blijft een grote uitdaging om voldoende zorg- en ondersteuningspersoneel aan te trekken en te behouden (zie figuur 3). Figuur 3: Bron ABF Research
Door de krapte in de arbeidsmarkt wordt het beroep op mantelzorgers groter. Het aantal potentiële mantelzorgers per hulpbehoevende persoon neemt de komende twintig jaar echter fors af. Nu zijn per hulpbehoevende 14 potentiële mantelzorgers beschikbaar, over twintig jaar zijn dat er nog maar 6. Dit is een gevolg van de procentuele afname van het aandeel mensen dat mantelzorg verleent (over het algemeen 50-74 jarigen). Woonopgave ouderen De typische 65+-plusser bestaat niet. Er is onder ouderen een grote verscheidenheid aan woonwensen. In Enschede is geen specifiek woonwensen onderzoek uitgevoerd onder de doelgroep ouderen2. In algemene zin kan er over de woonwensen wel iets worden gezegd.
Betaalbaarheid De betaalbaarheid van de woningen speelt een rol bij de woonwensen. In Enschede is de groep inwoners met een lager inkomen relatief groot. Deze groep woont voornamelijk in een huurwoning en heeft niet altijd de middelen om te wonen zoals zij het liefst zouden willen. Ze zijn financieel niet in staat te kiezen voor collectieve woonzorgvormen in het duurdere (particuliere) segment. Hierdoor zijn zij vaker aangewezen op verpleeghuiszorg. Aan de andere kant zien we een ontwikkeling dat 2 In het kader van het landelijke Woononderzoek Nederland (WoON) heeft Enschede wel een zogenaamde
oversampeling laten doen, zodat op lokaal niveau betrouwbare informatie wordt verkregen over de huidige woonsituatie van huishoudens en eventuele verhuisbehoefte en woonwensen. Dit is niet specifiek voor ouderen.
29
steeds meer woningeigenaren in de huidige woningmarkt vermogen opbouwen en juist wel ruimte hebben om te kiezen voor de collectieve woonzorgvormen of particuliere zorg aan huis. Naar verwachting wordt de kloof tussen deze twee groepen de komende jaren groter. Eenzaamheid De mogelijkheid tot ‘ontmoeten’ in de woonomgeving speelt een rol bij de woonwensen. De Ouderenmonitor GGD (2020) geeft aan dat 53% van de ouderen in Enschede matig tot (zeer) ernstig eenzaam is. Ouderen zijn eenzamer dan andere volwassenen. Binnen de groep ouderen neemt de eenzaamheid aanzienlijk toe met de leeftijd. Dit komt o.a. doordat meer dierbaren zijn overleden, het sociale netwerk kleiner wordt, de zelfredzaamheid (daardoor grotere gebondenheid aan huis) vermindert en ouderen meer kampen met langdurige ziekten3. Ontmoetingsmogelijkheden dragen bij aan vermindering van de eenzaamheid. Geschiktheid van de woning / woonomgeving De geschiktheid van de woning en woonomgeving spelen een rol in de woonwensen van ouderen. Een geschikte woning is een woning die geschikt is voor ouderen of andere zorgvragers met een (lichte) lichamelijke beperking. Alle primaire voorzieningen liggen gelijkvloers en zijn zonder traplopen bereikbaar. Naast de woning is ook de geschiktheid van de woonomgeving van belang bij het langer zelfstandig wonen. Denk hierbij aan toegankelijkheid, ontmoeten en voorzieningen.
Doordat ouderen steeds langer zelfstandig thuis wonen wordt de geschiktheid van een woning ook steeds belangrijker. Door Companen4 is becijferd dat in Enschede momenteel ca. 24% van de woningvoorraad geschikt is voor ouderen. Nog eens ca. 25% is geschikt te maken (zie figuur 4). Daarvan bestaat het grootste gedeelte uit koopwoningen, ca 41%. En een kleiner deel uit (sociale) huurwoningen (9% resp. 13%). De aanwezigheid van geschikte woningen voor ouderen wil nog niet automatisch zeggen dat deze woningen ook daadwerkelijk door deze doelgroep worden bewoond (zie figuur 5)
Figuur 4
Figuur 5
Geclusterde woonvormen Ook het type woonvorm speelt een rol bij de woonwensen van ouderen. In het rapport van Companen is de trend beschreven van een toenemende vraag naar geclusterde woonvormen voor ouderen. Sommige ouderen sorteren daarbij voor op een toekomstige zorgvraag. Voor anderen is het met anderen samenwonen in een geclusterde ‘vernieuwende woonvormen’ (zoals hofjeswonen) juist aantrekkelijk vanwege het niet direct afhankelijk zijn van de zorg en het verminderen 3 SOEK- Resultaten Ouderenmonitor Enschede - Twentse Gezondheidsverkenning 4 Gezond wonen in Enschede, Companen (april 2020)
30
van eenzaamheid. Geclusterde woonvormen dragen daarnaast ook bij aan de efficiëntie van de zorg Companen heeft de behoefte aan geclusterde woonvormen onderzocht. Gesteld wordt dat het gaat om een extra vraag van 1000 – 2000 geclusterde eenheden (zowel met als zonder zorg) Hierbij is geen rekening gehouden met de verdergaande extramuralisering, waarbij het aantal verpleeghuisplekken niet mag groeien en een hogere zorgindicatie nodig is voordat inwoners naar het verpleeghuis kunnen gaan. Er vindt momenteel aanvullend onderzoek plaats om de kwantitatieve behoefte aan geclusterde woonvormen scherper in beeld te krijgen In Nederland zijn diverse voorbeelden van geclusterde woonvormen. Hierbij zijn er verschillen in de doelgroep (bv alleen > 65+ of een mix tussen jong en oud) en in het type nabije zorg. Hoe de geclusterde woonconcepten in Enschede vormgegeven moeten worden staat nog niet vast. Het is een uitdaging om de woonvariaties zo goed mogelijk te laten aansluiten op de kwantitatieve én kwalitatieve behoeften van inwoners. Hiervoor is, naast inzicht in de kwantitatieve behoefte, ook inzicht nodig in de kwalitatieve behoefte. Doorstroming Algemeen geldt dat ouderen de neiging hebben hun verhuizing naar een meer passende en geschiktere woning/woonomgeving uit te stellen.
Vooral een (te) beperkt aanbod van passende woonruimte (in de vertrouwde omgeving) en verhuisangst spelen hierbij een rol. Vaak wordt de stap naar verhuizen pas gezet, nadat er een ingrijpende gebeurtenis, zoals een toenemende zorgvraag of het overlijden van de partner, plaatsvindt. Dit heeft een stagnerende werking op de doorstroming in de totale woningmarkt. Verleiding van ouderen om eerder te verhuizen naar een geschikte woning / woonomgeving vindt in Enschede nog niet op grote schaal plaats. Intramuraal wonen Uit een onderzoek naar de behoefte ontwikkeling van verpleegzorg in Enschede5 volgt dat, als de huidige uitbreidingsplannen van ongeveer 475 plekken worden gerealiseerd, er op stedelijk niveau tot in ieder geval 2040 grotendeels kan worden voorzien in de behoefte aan intramurale verpleegzorg. Op wijkniveau is het aanbod in vergelijking met de behoefte nog niet passend: in enkele wijken is een overschot of tekort. Dit is niet per definitie een probleem. Specialistische zorg (bv Korsakov, niet aangeboren hersenletsel) wordt in Enschede bewust alleen gecentraliseerd aangeboden om de kwaliteit van de zorg te kunnen garanderen. Een verdieping op de cijfers op wijkniveau is nog niet uitgevoerd.
5 Behoefteontwikkeling Verpleegzorg en geclusterd wonen, Mondria Advies, oktober 2022
31
4
Visie op wonen en zorg ouderen
In de vorige paragraaf zijn de opgaven op het gebied van wonen en zorg voor ouderen beschreven. Het mag duidelijk zijn dat we (zowel gemeente als partners) voor een flinke opgave staan. Zorg kan soms nu al niet voor iedereen gegarandeerd worden. Het is niet zeker dat we dit in de toekomst helemaal kunnen voorkomen, maar als we niets doen wordt dit probleem alleen maar groter. Deze paragraaf beschrijft de gezamenlijke ambitie van de partners aan de hand van vier hoofdlijnen. De eerste drie hoofdlijnen sluiten aan op de hoofdlijnen die zijn gepresenteerd in het Programma Wonen en Zorg voor ouderen van de ministeries BZK en VWS6. Per hoofdlijn zijn gemeentelijke beleidsuitspraken geformuleerd (zie paragraaf 1.1) Ambitie Enschede is een betrokken en daadkrachtige stad, waarin wonen en passende ondersteuning voor ouderen integraal en toekomstgericht zijn georganiseerd. De wensen en behoeften van de ouderen (en hun netwerk) vormen het uitgangspunt en overstijgen organisatiebelangen. Hierbij staat zelfstandigheid en (samen)redzaamheid voorop en wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de identiteit en kracht van wijken en buurten. Dit doen we door samen - als partners - plannen te maken en deze te vertalen naar acties die we gaan uitvoeren.
Het overkoepelende doel is dat ouderen in Enschede zo lang mogelijk en zelfstandig in de eigen omgeving kunnen blijven wonen, zonder eenzaam te zijn.
Om dit te bereiken hanteren we vier hoofdlijnen: 1. We zorgen voor een gevarieerd woonaanbod dat ook voor ouderen geschikt is 2. We richten ons op het behouden en versterken van de zelfredzaamheid van ouderen 3. We werken aan zorgzame buurten 4. We werken samen: Samen bereiken we meer! A. Gevarieerd woonaanbod dat ook voor ouderen geschikt is Vanuit het programma Wonen en Zorg voor ouderen wordt ingezet op het versnellen van woningbouw of transformatie voor ouderen. In Enschede wordt deze ambitie ondersteund. We willen hierbij niet alleen een groter (in aantal), maar ook een gevarieerder woonaanbod dat aansluit bij de kwalitatieve behoeften van ouderen. De woonwensen van de Enschedese ouderen (zowel kwantitatief als kwalitatief) zijn op dit moment nog onvoldoende inzichtelijk en worden op korte termijn verder onderzocht. Een toename van het aanbod voor geclusterd wonen is in ieder geval noodzakelijk. Naast nieuwbouw kan dit aanbod ook worden gerealiseerd in bestaande bouw, waaronder bestaande gebouwen met gemengde doelgroepen. Bij de realisatie van woonvormen voor ouderen zijn betaalbaarheid voor de bewoner en ontmoeten van belang. Het realiseren van deze woonvormen die hieraan voldoen is een serieuze opgave vanwege de kosten die gepaard gaan bij het creëren en exploiteren van ontmoetingsruimten. Dit vraagt om een nauwe samenwerking met partners, waaronder ook welzijn.
Daarnaast speelt ook de inrichting van de omgeving en de relatie met de wijk/buurt een rol (verder uitgewerkt in hoofdlijn 2 en 3). Aangezien demografische opbouw en inrichting per wijk verschillen, betekent dit dat ook het woonaanbod per wijk verschillend kan en zal zijn. Het realiseren van voldoende woonaanbod voor ouderen wil nog niet automatisch zeggen dat ouderen daar ook daadwerkelijk gaan wonen. De overstap naar een geschikte woning moet aantrekkelijk en makkelijk genoeg zijn. Als de doorstroming van ouderen naar geschikte woningen tot stand komt heeft dit
6 Programma Wonen en Zorg voor ouderen, 23 november 2022, Ministerie Volksgezondheid Welzijn en Sport &
Ministerie Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
32
niet alleen een positieve impact op het woongenot, maar ook op de kwaliteit van zorg en op de woningmarkt voor overige inwoners. Inzetten op doorstroming heeft prioriteit, maar alleen inzetten op doorstroming is onvoldoende. Niet elke oudere zal willen verhuizen. Dit betekent dat naast doorstroming ook ingezet moet worden op het levensloopgeschikt maken van het huidig woonaanbod voor ouderen. Voor ouderen die niet meer zelfstandig kunnen wonen en specialistische zorg nodig hebben, is en blijft het van belang om ook daarvoor voldoende (in capaciteit en in kwaliteit) aanbod van verpleegzorgplekken te hebben. De bestaande plannen van de zorgaanbieders voorzien de komende jaren in de stijgende behoefte aan verpleegzorgplekken. Om voor de toekomst voldoende aanbod te kunnen blijven leveren is een periodieke monitoring wenselijk. Voor alle toekomstige ontwikkelingen geldt dat we meer en meer willen sturen op kwaliteit en op het creëren van meerwaarde voor de stad. Daartoe actualiseren we (doorlopend) het afwegingskader voor woon-zorg initiatieven en investeren we in partnerschap gericht op het langdurig werken aan de gezamenlijke opgaven van de stad (verder uitgewerkt in hoofdlijn 4). B. Behouden en versterken van zelfredzaamheid Het behoud van eigen regie en mobiliteit zijn de belangrijkste factoren voor ouderen om lang(er) thuis (zelfstandig) te kunnen blijven wonen.
Dit vraagt om een gezonde leefomgeving waarin gezond zijn en blijven (preventie), in combinatie met ontmoeten (bv cultureel of in bewegingsactiviteiten) worden gestimuleerd. Dit komt terug in bijvoorbeeld het (in ontwikkeling zijnde) gemeentelijk ambitieplan Gezond, Gelukkig en Vitaal Enschede. Daar waar ondersteuning nodig is om thuis te kunnen blijven wonen hanteren we het credo “zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan”. We ondersteunen door het geven van advies en informatie, maar ook met de inzet van zorgtechnologie (door zorgorganisaties of via Wmo middelen) en nieuwe woonproducten of -diensten van corporaties. Hiermee stimuleren we ouderen om zelf de regie te pakken en deze ook zo lang mogelijk te kunnen houden. Daarnaast is het ook van belang dat mensen op het juiste moment in hun leven op de juiste plek wonen. Daar hoort ook bij dat mensen op een voor hen juist moment (qua woonwensen en zorgwensen) daadwerkelijk verhuizen naar die andere, beter passende woning. Ouderen hebben hierbij ondersteuning nodig, zowel informatief als praktisch (bv in de vorm van voorrang of financiële ondersteuning). Met de verschillende partners worden momenteel pilots uitgevoerd die moeten leiden tot een integraal doorstromingsbeleid voor ouderen.
Dat zorgt niet alleen dat een oudere langer comfortabel thuis kan wonen, het helpt ook om starters en gezinnen in de huidige woningmarkt meer ruimte te geven. C. Zorgzame buurten Naast een geschikt woonaanbod en zelfredzaamheid is tenslotte de omgeving van de oudere een randvoorwaarde om langer thuis te kunnen blijven wonen. Met de omgeving wordt hier zowel de inrichting van de directe fysieke woonomgeving als aan de sociale woonomgeving van de oudere (zowel het informele netwerk als de professionele ondersteuning) bedoeld. Omdat iedere wijk verschillend is in opbouw, inrichting, cultuur en demografie is een goed beeld van de situatie per wijk essentieel. Op basis van gegevens van alle partners (zoals bv demografie, bestaand corporatiebezit van geclusterde woonvormen, aanwezigheid van voorzieningen en zorgvastgoed) kan per wijk de benodigde bijdrage aan de fysieke en sociale woonomgeving worden bepaald. Bij nieuwbouw moet al in de plan- en ontwerpfase voldoende aandacht zijn voor de fysieke en sociale behoeften van ouderen om zo een veilige, toegankelijke en prettige woonomgeving te kunnen realiseren met voldoende voorzieningen in de nabijheid. Dit vraagt onder andere om een gemeentelijke voorzieningenprogrammering. 33
Maar ook in de bestaande bebouwing en woonomgeving willen we de mogelijkheden die er zijn om veiligheid, toegankelijkheid en nabijheid voor ouderen te creëren benutten. Dit gaan we vooral doen door goed aan te sluiten op wat er al aan voorzieningen en activiteiten in een wijk/buurt is. En ook door slimme combinaties te maken met bijvoorbeeld het Sociale Basis; het sport-, beweeg en leefstijlakkoord Enschede en uitdagingen op het terrein van duurzaamheid, klimaatadaptatie- en energietransitie en vergroenen & biodiversiteit. In de uitvoering en in het verbindingen leggen op wijk- en buurtniveau zien we hierbij een belangrijke rol voor o.a. (vrijwilligers)verenigingen en welzijnsorganisaties. Ontmoeting stimuleert de zelfredzaamheid, vermindert eenzaamheid en is daarmee een essentieel onderdeel van een zorgzame buurt. Het type ontmoetingsmogelijkheden kan divers zijn (van een bankje bij het park tot een buurtcentrum), maar zowel bij nieuwbouw als bij bestaande situaties moet hier oog voor zijn. Ouderen zijn vaak op enig moment in hun leven afhankelijk van informele zorg (mantelzorg). Dit betekent dat bij het realiseren van een zorgzame buurt ook oog moet zijn voor de behoeften van mantelzorgers. Denk hierbij bijvoorbeeld aan mogelijkheden om, indien gewenst, in de nabijheid van de mantelzorgvrager te kunnen wonen.
Maar ook aan ontmoetingsmogelijkheden waar ouderen en potentiële mantelzorgers elkaar kunnen ontmoeten. Een prettige fysieke en sociale woonomgeving voor ouderen vraagt om meer partnership op wijkniveau (bv minder versnippering van zorg- en ondersteuningsaanbod door veel verschillende aanbieders) en meer domeinoverstijgende financiering (o.a. door gemeente en zorgkantoor gezamenlijk). D. Samen bereiken we meer! Deze woonzorgvisie is tot stand gekomen in een nauwe samenwerking tussen Zorgkantoor Menzis, Woningcorporaties: Domijn, De Woonplaats, Ons Huis en Woonzorg Nederland, Zorgorganisaties: Liberein, Livio, Zorggroep Manna, De Posten en de gemeente Enschede. De samenwerking op zowel ambtelijk als bestuurlijk niveau heeft gezorgd voor een beter begrip voor elkaar en elkaars organisatie. Dit vraagt weliswaar enige investering in tijd/capaciteit, maar draagt uiteindelijk bij aan een betere samenwerking in het faciliteren van ouderen in hun woon- en zorgbehoefte. De doelgroep ouderen is bewust in deze fase nog niet intensief betrokken in de samenwerkingsstructuur. Zij hebben in de aanloop naar het vaststellen van de visie wel meegelezen en input geleverd. Dit geldt ook voor de welzijnsorganisaties. De samenwerkende partners zijn zich ervan bewust dat ouder worden voor iedere inwoner anders gaat.
De een blijft vitaal en de ander wordt steeds kwetsbaarder en afhankelijker van (medische) zorg en ondersteuning. Het is daarom belangrijk om zicht te krijgen en te houden op persoonlijke vragen en behoeften van ouderen. Deze zijn leidend, maar tegelijkertijd moeten we rekening houden met de beschikbare mogelijkheden. In de uitvoering van deze visie worden ouderen en ook de welzijnsorganisaties, lokale huisartsen ed. nauwer betrokken. De opgave die voor ons ligt is omvangrijk, maar biedt ook kansen. Het is essentieel dat de organisaties in de keten van wonen, zorg, ondersteuning en welzijn hun samenwerking en partnerschap zo (blijven) organiseren dat ze domeinoverstijgend werken voor een optimaal resultaat. Dit vraagt lef om het organisatorisch anders te doen en een bereidheid tot het nadenken over nieuwe financieringsvormen. Uitvoeringsafspraken leggen we met elkaar vast, vergelijkbaar zoals dat nu al gebeurt in de prestatieafspraken met corporaties. De opgebouwde samenwerking van de afgelopen periode heeft geleid tot een gezamenlijke regietafel vastgoed wonen en zorg Enschede. In deze regiegroep zitten corporaties, zorgorganisaties en gemeente 34
met als doel om vraag en aanbod rondom woonzorgvastgoed zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen voor zowel de korte als lange termijn. Daarnaast werken we samen op andere terreinen die raken aan de woon-zorgbehoefte van ouderen. Denk bijvoorbeeld aan Samen1Enschede!, waarin we in samenwerking in wijken proberen eenzaamheid tegen te gaan. Een ander voorbeeld is de gezamenlijk aanpak op het gebied van de arbeidsmarkt in de zorg. Via het project “Banen in de zorg” zijn we begonnen anders naar werk in de zorg te kijken. Gaandeweg is een nieuwe manier van denken ontstaan over werken in de zorg die er kortgezegd op neerkomt dan niet voor iedere taak een gediplomeerd professional noodzakelijk is. We hebben hierdoor meer samenwerking en nieuwe banen gecreëerd (medewerker mooie dag, medewerker woonplezier) wat bijdraagt aan het verminderen van de werkdruk bij de professionals. Hiernaast is het Huis van zorg uitgewerkt. Het Huis van Zorg bouwt verder aan het werven en behouden van talent in de zorg door meer in te zetten op vaardigheden dan op diploma’s en het faciliteren van (technologische) innovatie in de zorg. Dit wordt gedaan door her-, om- en bijscholing van mensen die in de zorg werken of willen werken, de inzet van een makelaarsfunctie en het opzetten van een expertisecentrum.
Tot slot, Deze visie is tot stand gekomen op basis van actuele data en actuele omstandigheden over de toekomst. Omstandigheden kunnen wijzigen. We blijven daarom regelmatig monitoren en passen onze ambities zo nodig aan.
35
Bijlage 3: moties
1
2
Titel en dictum 11 puntenplan - focus op doorstroming! Concrete acties ondernemen met focus op doorstroming en hierbij volgende punten mee te nemen ter overweging en hierover periodiek terugkoppeling te geven aan de raad, in ieder geval bij het eerstvolgende woondebat. <Er worden vervolgens 11 punten genoemd>. Toezegging brief Nationale bouw- en woonagenda en bijbehorende programma's
Voortgang We zijn met alle genoemde onderwerpen bezig. Over de inhoud van deze moties zijn verschillende gesprekken gevoerd. Onder deze tabel zijn de resultaten te lezen.
Afgehandeld? Afgedaan
De brief is op 15 november 2022 verzonden. Daarnaast heeft u op 23 januari 2023 een brief ontvangen over de Woondeal.
Afgedaan
Punt 1: Containerwoningen en andere snelle woonoplossingen Inmiddels is er gebruik gemaakt van containerwoningen bij de tijdelijke huisvesting op de UT. Daarnaast hebben we een beleidsuitspraak over flexwoningen toegevoegd. Punt 2: Tiny houses Zijn mogelijk, we sturen op collectieven in plaats van individuele aanvragen. Punt 3: Innovatieve/alternatieve woningbouw Zie punt 1. Punt 4: Maak creatief gebruik van ruimte rondom bestaande woningen Hiervoor hebben diverse inventarisaties plaats gevonden o.a. in de zoektocht naar ruimte voor flexwoningen. Punt 5: Scheefwonen duur en goedkoop In De Posten is een experiment gestart vanuit de coalitie Onze Buurt de Posten (zorgaanbieder de Posten, woningcorporatie Domijn en gemeente Enschede) waarbij in gesprek met ouderen met een zorgvraag wordt gekeken waar de belemmeringen liggen om te verhuizen naar een meer geschikte woning. In het experiment wordt geprobeerd om deze ouderen, buiten de vastliggende kaders en regels om, te laten doorstromen naar een geschikte woning. De bedoeling is om hiervan te leren en te onderzoeken of en hoe belemmeringen in de toekomst zoveel mogelijk weggenomen kunnen worden. Het experiment is kleinschalig opgezet. Het experiment wordt in 2023 uitgebreid naar alle zuid-wijken waarbij ook de andere woningcorporaties worden betrokken.
Het doel hiervan is te onderzoeken hoe doorstroming vanuit een (grotere) woning van de ene corporatie naar een meer geschikte/kleinere woning van een andere corporatie mogelijk kan worden gemaakt. Punt 6: Transformatie van woningen voor ouderen in niet passende woonruimte In het kader van de “uitvoeringsagenda -woonzorgvisie voor ouderen” wordt stadsbreed en op wijkniveau in beeld gebracht waar behoefte is aan (extra) levensloopbestendige woonvormen. Daar waar behoefte is, worden de levensloopbestendige woonvormen gecreëerd. Waar mogelijk wordt bestaand vastgoed getransformeerd. Punt 7: Seniorenhofjes -> zie voortgangsrapportage Punt 8: Ruimte voor kangoeroewoningen of mantelzorgers In de woonzorgvisie is de aandacht voor woonbehoeften van mantelzorgers opgenomen. Punt 9: Sportvelden
36
Er wordt serieus gekeken naar potentiële locaties om sportvelden te herontwikkelen t.b.v. woningbouw. Punt 10: Sta open voor initiatieven Uiteraard doen we dit. Punt 11: Zorgbuurthuizen In het kader van de woonzorgvisie voor ouderen wordt met alle partners (zorgaanbieders, corporaties, zorgkantoor, gemeente) en in overleg met ouderen zelf nader in beeld gebracht aan welk type geclusterde woonvormen behoefte is in Enschede. Geclusterde woonvormen voor ouderen zijn er in vele variëteiten, waaronder zorgbuurthuizen
37
Bijlage 4: overzicht beleidsuitspraken Woonvisie per hoofdstuk NB: in de gepubliceerde versie van de Woonvisie zijn de nieuwe beleidsuitspraken die in 2021 zijn toegevoegd, niet in de lopende tekst opgenomen maar enkel in bijgevoegde infographic. 2
Aantrekken en vasthouden van talent – “keeping talent in Twente” Beleidsuitspraken Vasthouden van talent en wooncarrière 1. Enschede voorziet in aantrekkelijke huisvestingsmogelijkheden voor talent in midden en hogere inkomensgroepen. En daarnaast voor (net) afgestudeerden en (internationale) kenniswerkers. 2. Enschede biedt talent kansen voor een doorlopende wooncarrière. 3. We gaan in gesprek met partijen die concepten kunnen realiseren voor deze groepen en sturen actief op ontwikkelingen op plekken die voor deze groepen aantrekkelijk zijn, daaronder met name: de binnenstad en rondom Kennispark. Het gaat onder meer om concepten in de middenhuur, zowel appartementen als grondgebonden woningen. Corporaties worden hierbij als eerste gevraagd een aanbod te doen. 4. We maken met de corporaties afspraken over geschikte woonruimte voor internationale kenniswerkers met een inkomen kleiner dan 38.035 euro. Plek, voorzieningen en clustering zijn hierbij van belang. Studenten 5. Enschede voorziet in aantrekkelijke huisvestingsmogelijkheden voor studenten. 6. We betrekken samen met onze partners studenten en afgestudeerden om mee te blijven praten over huisvesting en carrièreperspectief in de regio. 7. We faciliteren onze partners, waaronder met name de corporaties, studenteneenheden te bouwen en transformeren gericht op de kwalitatieve vraagontwikkeling.
We baseren ons bij de monitoring op de rapporten van Kences, het kenniscentrum studentenhuisvesting. 8. We hebben aandacht voor de specifieke woonbehoefte van de groep internationale studenten en scheppen samen met de partners voorwaarden dat ze zich thuis voelen in Enschede.
38
3
Duurzame stad – verduurzaming woningvoorraad en klimaatbestendig leefomgeving Beleidsuitspraken Energietransitie woningvoorraad 1. We zetten samen met onze partners in op het vergroten van de bewustwording rondom duurzaamheid in de woonomgeving. 2. We maken optimaal gebruik van de kennis en ervaring die in onze regio aanwezig is m.b.t. duurzaam bouwen en renoveren, we stimuleren duurzame innovaties in de bouw en we creëren ruimte om deze innovaties in onze regio als pilots toe te passen en verder door te ontwikkelen. Hiermee stimuleren we niet alleen duurzaamheid maar versterken we ook de economische kracht van onze regio door trendsettend te worden in duurzaam bouwen en renoveren. 3. De energietransitie staat niet los van onze andere doelen. Waar mogelijk benutten we koppelkansen. In ieder geval leggen we verbinding tussen het proces van de energietransitie en stedelijke vernieuwing. 4. We koppelen de transitieagenda zoveel mogelijk aan een nieuwe gezamenlijke aanpak voor de vernieuwing en verduurzaming van wijken en buurten. We doen daarvoor een pilot in Twekkelerveld (zie hoofdstuk 7). 5. Participatie en communicatie zijn van groot belang bij de warmtetransitie. We geven dit zoveel mogelijk vorm vanuit een gebiedsgerichte aanpak. 6. We zetten actief in op de lobby voor aanvullende financiële middelen.
De middelen voor stedelijke vernieuwing en voor de energietransitie (proces- en uitvoeringsgelden) schieten zowel bij gemeenten als bij de corporaties en huiseigenaren vergaand te kort om de opgaven succesvol aan te pakken. 7. De gemeente heeft vanuit het Klimaatakkoord een regierol bij het opstellen van de transitieplannen. We doen dit samen met woningcorporaties, netwerkbeheerders, warmteleveranciers, gebouweigenaren en inwoners. We werken op basis van concrete ervaringen en toekomstige regelgeving verder uit wat de inbreng en rol van de verschillende partijen is in deze opgave. 8. De corporaties hebben roadmaps voor de verduurzaming van hun bezit opgesteld (op basis van AEDES-afspraken). We vragen deelname van de corporaties in de totstandbrenging van warmteoplossingen voor hele gebieden. Uitgangspunt is dat we de maatschappelijke kosten zo laag mogelijk houden. Ook de bijdrage aan verlaging van de energielasten, comfort en waardevastheid van de woningen zijn onderdeel van de afweging. 9. We werken een aanpak uit waarbij we inwoners meer kunnen ondersteunen in de aanschaf van zonnepanelen. Dit doen we in samenhang met een ‘ontzorgingsaanbod’ om aardgasloos te worden of daar stappen in te zetten (2021). Woonomgeving & klimaatadaptatie, biodiversiteit en groen: 10. Bij het ontwikkelen van stedelijke plannen geven we extra ruimte aan waterberging en “kwalitatief” groen.
Ook werken we aan het versterken van een schone, hele, veilige, duurzame en biodiverse woon- en leefomgeving. 11. We geven samen met onze partners invulling aan het oplossen van wateroverlast in Enschede. De basis daarvoor ligt in het gemeentelijke rioleringsplan. 12. We nemen samen met partners maatregelen om verharding te vervangen door groen, zoals het aanleggen van groene daken om water op te vangen. 13. We zetten in op natuur-inclusief bouwen. 14. We onderzoeken hoe we bij nieuwbouw maatregelen kunnen stimuleren die het drinkwatergebruik beperken en/of hergebruik van regenwater bevorderen. 15. Circulair bouwen. Dit thema is erg in ontwikkeling. De corporaties realiseren binnenkort de eerste circulaire woningen. Partijen spannen zich in om nieuwe ontwikkelingen rondom dit thema mee te nemen in de uitvoering.
39
4
Inclusieve stad – over wonen en het sociaal domein
Beleidsuitspraken 1. We ontwikkelen een Woon/Zorg monitor om inzicht te krijgen in trends en ontwikkeling op het gebied van intra- en extramuraal vraag en aanbod. 2. We faciliteren zelfstandig wonen voor inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsvraag. 3. We zorgen voor het juridisch kader om sociale (kamer)verhuur door corporaties voor doelgroepen van beleid mogelijk te maken en maken afspraken met de corporaties over de realisatie van kamerverhuur. 4. We onderzoeken welk instrumentarium we kunnen ontwikkelen en inzetten om slecht verhuurderschap tegen te gaan. 5. We stimuleren (de bewustwording van) huiseigenaren om zelf aanpassingen te doen met het oog op zowel de energietransitie als het langer zelfstandig thuis wonen. 6. Levensloopbestendig bouwen wordt de uitdaging bij nieuwbouw van woningen. 7. We herijken de spelregels voor het beoordelen van ruimtelijke initiatieven en nemen daarin de draagkracht van een buurt en/of wijk mee. 8. We faciliteren de zoektocht naar een locatie voor de realisatie van een ‘Knarrenhof’ of een vergelijkbare vorm van seniorenhuisvesting; de ervaring die we hierbij opdoen nemen we mee naar toekomstige ontwikkelingen voor de doelgroep senioren (2020). 9. Wonen is een mensenrecht en een eerste levensbehoefte, daarom stelt Enschede in haar woonvisie het recht op huisvesting centraal (2021).
40
5
Groei van Enschede en programmering Beleidsuitspraken 1. Overeenkomstig de Ruimtelijke Ontwikkelingskoers (2019) zet Enschede in op een verdere groei van de stad naar 170.000 inwoners, waarbij we groeien vanuit het hart van de stad. Iedere nieuwe woning moet daarbij “raak” zijn: duurzaam bijdragen aan de kwaliteit van de stad. 2. We gaan uit van het Trendscenario waarbij voor de langere termijn het groeien naar 170.000 inwoners de stip op de horizon is. We herijken de aantallen steeds aan de hand van nieuwe prognoses en onderzoeken. We programmeren dan ook “adaptief”. 3. De doelgroepen van programmering zijn: talent, met name in midden- en hogere inkomensgroepen, inwoners met een zorg- of ondersteuningsvraag en inwoners waarvoor het aanbod nu niet goed aansluit op de vraag, waarbij extra aandacht uitgaat naar de doelgroep 30-54 jarigen en/of gezinnen. 4. We doen, waar mogelijk samen met onze partners, onderzoek, monitoren en duiden dit zodat we adaptief en consumentgericht kunnen programmeren voor alle doelgroepen, met bijzondere aandacht voor de doelgroepen onder 3. 5. We onderzoeken de mogelijkheden om een fonds voor stedelijke transformatie op te richten. De transformatie waaronder de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad van 75.000 woningen in combinatie met stedelijke vernieuwing en de aanpak van “rotte plekken” in de stad is de grootste opgave. 6.
We bouwen gezamenlijk met de corporaties aan een strategie voor de transformatie van het aanbod aan sociale huurwoningen. Randvoorwaarde is dat er geen overschot is aan sociale huurwoningen. 7. We beperken de toevoeging van appartementen tot een gebied in en direct om de binnenstad: “het gebied voor hoogstedelijk wonen” (zie bijlage 2 van de Woonvisie, ook voor uitzonderingssituaties). 8. We brengen Leuriks-Oost en vervolgens Eschmarkerveld in fases in ontwikkeling en doen met het oog op de middellange termijn onderzoek naar een nieuwe mogelijke locatie voor het realiseren van een woonmilieu als in het Vaneker. 9. Buiten alle plannen blijven we ruimte bieden aan kleinschalige projecten die bijdragen aan de kwalitatieve verbetering van buurten en wijken. 10. Voor “wonen in het buitengebied” wordt het huidige beleid gecontinueerd: er mogen geen woningen worden toegevoegd, tenzij sprake is van een bijdrage aan de hoofdopgaven van de stad. 11. Wonen in het horecaconcentratie-gebied is niet toegestaan. Bij nieuwe gevallen zal deze beleidslijn worden gehanteerd. 12. In de ontwikkeling van de stad komen soms binnenterreinen of achterterreinen vrij voor nieuwe functies. Aan initiatieven die op een dergelijke plek een woonfunctie willen realiseren wordt – uitzonderingen daargelaten – geen medewerking verleend. 13.
Op nieuw uit te geven bedrijfskavels willen we de functie wonen, uitzonderingsgevallen daargelaten, niet meer faciliteren. 14. Bij nieuwbouwprojecten willen wij, ook wanneer de grond niet van ons is, kunnen sturen op variatie in koop- en huurwoningen. Hiervoor stellen wij een verordening sociale huur op (2020). 15. We bereiden in co-productie met corporaties uitvoeringsbeleid voor op het gebied van flexwonen (2020). 16. We verhogen onze ambitie voor de komende 10 jaar naar het faciliteren van de bouw van 9300 woningen, 930 per jaar gemiddeld. Ook deze ambitie geven we vorm volgens adaptief programmeren, waarbij de prognose van de woningbehoefte richtinggevend is voor de daadwerkelijke kwantitatieve en kwalitatieve programmering. De prognose actualiseren we regelmatig (2021).
41
17. Enschede gaat haar stad betaalbaar houden, voor alle inkomens, zowel huur als koop en komt met een aanvalsplan ‘betaalbare stad’ dat onderdeel uitmaakt van de woonvisie en van de planvorming voor de toekomst (2021).
6
Woningcorporaties als vitale partner voor stedelijke doelen
Beleidsuitspraken Corporaties 1. We werken samen met corporaties in de huisvesting van studenten en kenniswerkers (zie hoofdstuk 2). 2. We werken samen met corporaties in de verduurzaming van de woningvoorraad (zie hoofdstuk 3). 3. We werken samen met de corporaties aan inclusieve wijken waaronder op het gebied van wonen en zorg (zie hoofdstuk 4). 4. We werken samen met corporaties in de stedelijke vernieuwing van buurten en wijken die de meeste aandacht vragen (zie hoofdstuk 7). 5. Corporaties, huurdersorganisaties en gemeente werken samen vanuit een gedeeld beeld van de toekomst van de woningvoorraad (zie hoofdstuk 5). 6. We werken samen met corporaties aan de vernieuwing van de woningvoorraad, waaronder sociale huur. Randvoorwaarden voor de omgang met de prognose van krimp in de sociale huur zijn: de betaalbaarheid en beschikbaarheid van sociale huurwoningen voor de doelgroep blijven op peil. Dit vraagt om een verbonden aanpak van “adaptieve planning” en goede jaarlijkse monitoring. Kritische factoren daarin zijn (1) de maximale wachttijden en tegelijk (2) de mogelijkheden om ondanks de goede betaalbaarheid en beschikbaarheid van sociale huurwoningen in Enschede een aantrekkende werking van buiten Enschede te voorkomen. De mogelijkheden om aantrekkende werking te voorkomen onderzoeken we gezamenlijk met de corporaties. 7.
We streven naar een wachttijd van maximaal 12 maanden voor actief woningzoekenden. Voor actief woningzoekenden die niet binnen 12 maanden een geschikte woning krijgen aangeboden, werken de woningcorporaties uit hoe deze woningzoekenden actief geholpen kunnen worden bij het vinden van een geschikte woning (2020). 8. We maken op stedelijk niveau “overkoepelende afspraken” over de maatregelen die de corporaties in hun portefeuille kunnen nemen; de hoofdlijnen van deze afspraken zijn in deze woonvisie benoemd. De overkoepelende afspraken vervangen het 1-op-1-principe (per gesloopte woning mag een woning worden teruggebouwd). 9. Met het oog op de middellange tot lange termijn opgaven maken we meerjarige prestatieafspraken die jaarlijks worden geactualiseerd. We maken daarnaast harde afspraken over het bouwprogramma voor de periode 1 t/m 5 jaar. 10. De gemeente heeft groot belang bij solide corporaties die kosteneffectief werken en die lokale betekenis en binding hebben. 11. De prestatieafspraken van 2022 zijn concreet geformuleerd, met cijfers en meetbare afspraken, zoals gesteld in het rekenkamer rapport (2021).
42
Woonwagens Beleidsuitspraken 1. Lokale woonwagenbewoner is degene waarop het afstammingsbeginsel van toepassing is én die ofwel geboren is in een woonwagen in Enschede, of vijf aaneengesloten jaren in Enschede heeft gewoond of familieleden in de 1e of 2e graad in Enschede op een woonwagenlocatie heeft wonen; 2. We faciliteren het woonwagenleven voor de lokale woonwagenbewoners van Enschede; 3. We maken het toevoegen van woonwagenstandplaatsen ruimtelijk mogelijk, met de behoeftepeiling als basis; 4. We monitoren de wachtlijst voor een woonwagenstandplaats in Enschede en peilen 4 jaarlijks de behoefte van de lokale woonwagenbewoners; 5. We streven naar een maximale wachttijd van 5 jaar voor de actief zoekende lokale woonwagenbewoner; 6. Een corporatie realiseert en exploiteert de woonwagenlocatie Sleutelkamp en de nieuw te realiseren locatie(s) / standplaatsen; 7. Een corporatie voorziet in de huisvesting van woonwagenbewoners ook voor zover het huurders betreft die qua inkomen niet tot de primaire doelgroep van een corporatie behoren – altijd binnen de grenzen van wat wettelijk mogelijk is 8. Koopstandplaatsen worden niet aangeboden 9. We handhaven de huidige locatie aan de Robinson Crusoestraat en houden deze beschikbaar voor de doelgroep kermisexploitanten
Statushouders Beleidsuitspraak 1. De gemeente heeft een taakstelling voor de huisvesting van statushouders. Voor statushouders die niet zelfstandig in huisvesting kunnen voorzien, wordt deze taak via de corporaties uitgevoerd. Zij bieden voor de huisvesting maatwerkoplossingen.
7
Naar een nieuwe aanpak voor buurten en wijken Beleidsuitspraken Randvoorwaarden voor stedelijke vernieuwing nieuwe stijl via SIA & DIA: 1. Gemeente en corporaties delen strategische informatie over portefeuille strategieën; 2. We werken informatiegestuurd en gericht op maximaal maatschappelijk rendement daarom ontwikkelen gemeente, corporaties en Kennispunt Twente een buurtmodel dat dit faciliteert. Genoemde partijen hebben de intentie dit model meerjarig, via een continue proces, toe te passen en het model al werkende door te ontwikkelen op basis van nieuwe inzichten en kennis; 3. Opgave gericht samenwerken aan gebiedsontwikkeling vraagt een gemeentelijke organisatie die daarop is ingericht.
43
Bijlage 5: definities monitor Aantrekken van talent Percentage midden- en hoge inkomensgroepen van totaal aantal inwoners
Definitie
Bron
Woonvisie: mensen met een midden- en hoger inkomen die werkzaam zijn bij een bedrijf of ondernemer zijn. Mensen die werkzaam zijn bij een bedrijf of instelling of ondernemers in de creatieve sector.
Kennispunt
Gemiddeld inkomen
Inkomensverdeling van particuliere huishoudens met inkomen (excl. studentenhuishoudens) per 20%-groep van de landelijke verdeling van het gestandaardiseerde huishoudensinkomen. Het besteedbaar inkomen gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. Voor midden- en hoge inkomens kijken we naar de drie hoogste categorieen en het aandeel daarvan t.o.v. het totaal. Toelichting: Deze correctie vindt plaats met behulp van equivalentiefactoren. In de equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het gevolg zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met behulp van de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het inkomen van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze zijn de welvaartsniveaus van huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt. Het gestandaardiseerd inkomen is een maat voor de welvaart van (de leden van) een huishouden. Gemiddeld gestandaardiseerd huishoudensinkomen. CBS
Percentage nieuwe studenten t.o.v. totaal aantal studenten
% studenten dat in het studiejaar als instroom is geregistreerd bij DUO
Monitor Kences
Aantal uitwonende studenten
Personen die studeren aan een hoger onderwijsinstelling in Enschede en binnen de studiestad als uitwonend zijn geregistreerd bij DUO.
Monitor Kences
Aantal gerealiseerde plekken tussen-voorzieningen
Het aantal plekken dat als tussenvoorziening is gerealiseerd.
Aantal geholpen mensen woonstap
Het aantal mensen die met Woonstap zijn geholpen door het wegnemen van woonbelemmeringen.
Werkgroep te transformeren vastgoed Rapportage Woonstap
Inclusieve stad
44
Duurzame stad Percentage woningen zonder aardgasaansluiting tov totaal
Het percentage woningen zonder aardgasaansluiting ten opzichte van het totaal aantal woningen. Het percentage bestaat uit een optelsom van het percentage woningen in Enschede 'met stadsverwarming zonder aardgasgebruik' en 'elektrisch verwarmd zonder aardgasgebruik'.
Woningen 'met blokverwarming' zijn niet meegenomen in het totaalpercentage, een deel hiervan kan echter aangesloten zijn op het warmtenet. Verder het type installatie onbekend niet meegerekend. Gemiddelde energielabel/ De gemiddelde energieindex van het totale woningbezit van de energieindex woningcorporatie woningcorporaties Gemiddeld gasverbruik huurwoning in m3 Gemiddeld gasverbruik koopwoning in m3
Klimaatmonitor
Monitor woningcorporaties
Het gemiddeld gasverbruik van alle huurwoningen
Klimaatmonitor
Het gemiddeld gasverbruik van alle koopwoningen
Klimaatmonitor
Totaal aantal personen dat ingeschreven staat in het binnensingelgebied(BRP) Aantal opgeleverde nieuwbouwwoningen per jaar samen met het aantal naar wonen getransformeerde panden per jaar
Kennispunt
Groei van Enschede Toename aantal inwoners binnensingel-gebied Netto toename aantal woningen p/j
Kennispunt
Woningcorporaties als vitale partner Zoektijden sociale huur in Gemiddelde zoekduur van een woningzoekende naar maanden woonruimte in maanden Wachtlijst woonwagens (aantal Lijst met aantal wachtenden voor een woonwagen huishoudens)
Monitor woningcorporaties Gegevens de Woonplaats
Naar een nieuwe aanpak van wijken en buurten Aantal nieuwe wijkaanpakken
Interne informatie
Het aantal wijkaanpakken dat in het desbetreffende jaar is gestart. Aantal lopende wijkaanpakken Het aantal wijkaanpakken dat in het desbetreffende jaar loopt
Interne informatie
45
Bijlage 6: bestuurlijke rolverdeling, invloed van de Raad op (onderdelen van) het woonbeleid
46