CConstaterende datEnkhuizen
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2021-2025 Enkhuizen - versie definitief na college 25-5

gemeenteraad 29 juni 2021, gemeente EnkhuizenBij agendapunt: Kadernota, inclusief Voorjaarsnota10.699 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kadernota 2021-2025

1

1.

Inleiding

Algemeen Voor u ligt de Kadernota 2021 - 2025. In deze Kadernota zijn de uitgangspunten voor het opmaken van de ontwerp begroting 2022 en meerjarenraming opgenomen, evenals voorstellen voor nieuw beleid voor 2022. Verder zijn in dit stuk actuele ontwikkelingen opgenomen, welke (nu nog) geen aanvullend budget vragen. Nieuw onderdeel in de Kadernota is de Voorjaarsnota 2021; deze is in hoofdstuk 5 onder de autonome mutaties opgenomen. Door de provincie Noord Holland zijn in een Kaderbrief uitgangspunten opgenomen hoe gemeenten moeten omgaan met verwachtingen inzake herijking van het gemeentefonds, compensatie inzake duurzaamheid, klimaatmaatregelen, Omgevingswet e.d. De hoofdlijn is dat gemeenten zich niet “rijk moeten rekenen” en in feite moeten uitgaan van wat op dit moment zeker is. Per saldo heeft dit een nogal “donker scenario” tot gevolg. De Meicirculaire 2021 wordt eind mei 2021 verwacht. De financiële gevolgen hiervan konden niet in deze kadernota worden verwerkt. U wordt via raadsbrief geïnformeerd en de gevolgen worden uiteraard wel verwerkt in de Begroting 2022. Inmiddels is wel bekend dat het kabinet heeft besloten om voor Jeugdhulp extra geld vrij te maken in 2021. Dit betreft een toevoeging aan het gemeentefonds van € 613 miljoen en voor Enkhuizen is dit in 2021 een bedrag van € 766.000.

Daar in dit kader door de raad reeds een structurele inkomst van € 238.000 was geraamd, is in de Voorjaarsnota 2021 € 528.000 bijgeraamd (€ 766k -/- 238k). Wellicht enigszins strijdig met het hiervoor genoemde kader van de provincie stellen wij in deze Kadernota voor dit bedrag structureel op te nemen. Wij achten het namelijk ondenkbaar dat het Rijk deze toevoeging beperkt tot 2021 en verwachten dat de structurele toevoeging in dit kader vanaf 2022 uiteindelijk de € 613 miljoen zal overtreffen. Ook de financiële gevolgen van de Voorjaarsnota 2021 en de ontwerp Begroting 2022 van de SED organisatie zijn verwerkt (in onderdeel Voorjaarsnota 2021/Autonome mutaties). Gevolgen van de nieuwe verdeelsleutel en extra budget voor personeel zijn hier onderdeel van. In deze inleiding treft u verder een korte passage aan inzake de Corona-pandemie, gevolgd door een totaaloverzicht op hoofdlijnen van de financiële consequenties van deze kadernota, met een korte toelichting per onderdeel.

Inhoudsopgave - Leeswijzer In Hoofdstuk 2 zijn de beslispunten inzake deze Kadernota gepresenteerd In hoofdstuk 3 zijn de uitgangspunten voor de Begroting 2022 opgenomen In Hoofdstuk 4 treft u recente beleidsontwikkelingen per programma aan In Hoofdstuk 5 treft u de Voorjaarsnota 2021/Autonome ontwikkelingen aan In Hoofdstuk 6 treft u de voorstellen voor nieuw beleid aan In Hoofdstuk 7 treft u voorstellen inzake nieuwe investeringen aan In Hoofdstuk 8 treft u de geraamde ontwikkeling van de reserves aan In Hoofdstuk 9 treft u het voorstel inzake het Subsidieplafond 2022 aan

2

pagina 5 6 8 16 26 30 31 32

Corona Ook in 2021 worden we nog geconfronteerd met het Corona-virus en de financiële gevolgen daarvan. Bij de Najaarsnota 2020 heeft de raad besloten de geraamde financiële gevolgen voor 2020 ook te ramen in 2021. Dat betekent dat ook in 2021 € 1.265.000 aan Corona-gerelateerde uitgaven en gederfde inkomsten is geraamd, evenals compensatie vanuit het Rijk ad € 595.000. Wij hopen dat het einde van de maatregelen in zicht is en dat in de Najaarsnota 2021 een 'afrekening' van deze ramingen kan worden opgenomen. In de Voorjaarsrapportage 2021 in deze Kadernota zijn de geraamde uitgaven als gevolg van de Coronapandemie bijgesteld. Voor 2022 is in deze Kadernota geen rekening gehouden met eventuele financiële gevolgen van Corona. Financiële consequenties van de Kadernota 2021 – 2025 In deze Kadernota worden in verschillende hoofdstukken de voorgestelde mutaties toegelicht. In dit hoofdstukje wordt een totaaloverzicht van alle voorstellen gepresenteerd, met daarbij een korte toelichting van de onderdelen en -waar van toepassing- een verwijzing naar de uitgebreide toelichting in de nota. Een negatief bedrag betekent afname van de financiële ruimte; zwarte bedragen zijn een toename van de financiële ruimte; bedragen x € 1.000. Financieel overzicht Kadernota

2021

2022

2023

2024

2025

11

-248

88

70

761

57

88

108

-90

Financiële ruimte na de raad van mei 2021 Financiële gevolgen indexatie Financiële gevolgen SED Organisatie

-496

-608

-514

-491

-667

Financiële gevolgen Voorjaarsnota 2021

250

365

433

424

456

0

-120

-201

-191

-279

-235

-554

-106

-80

181

Financiële gevolgen nieuw beleid Financiële "ruimte" in meerjarenperspectief

De financiële ruimte na de raad van mei 2021 is de ruimte in meerjarenperspectief, waarin de financiële gevolgen van raadsbesluiten tot en met mei 2021 zijn verwerkt. Deze financiële ruimte is gelijk aan de Financiële bijlage bij de raad van mei 2021 en is het “startpunt” voor deze Kadernota. Nieuw in deze Kadernota is dienstjaar 2025. De structurele budgetten 2024 zijn naar dienstjaar 2025 'gekopieerd' en de mutaties ten opzichte van 2024 verwerkt. De toename van financiële ruimte in 2025 (t.o.v. 2024) ad € 691.000 betreft een hogere algemene uitkering ad € 636.000 (op basis van de Meicirculaire 2020), lagere rentelasten en overige kleine mutaties. De financiële gevolgen indexatie is toepassing van de nieuwe indexatie in de meerjarenraming. Op basis van de begroting 2021 is cumulatief voor de jaren 2021 tot en met 2024 voor loon 2,6% toegepast, voor prijs 1,7% en voor GR-en en subsidies 2,3% (het gewogen gemiddelde). Op basis van de Macro Economische Verkenningen van het Centraal Plan Bureau voor 2022 wordt vanaf 2022 cumulatief 1,3% voor loon en 1,4% voor prijs toegepast en een gewogen gemiddelde voor GR-en en subsidies van 1,33% (zie ook Uitgangspunten begroting 2022). Als gevolg van deze lagere indexatie is van 2021 tot en met 2024 sprake van lagere uitgaven in de meerjarenraming en derhalve toename van de financiële ruimte. 3

In 2025 is geen sprake van vrijval maar van hogere uitgaven: 2025 is een nieuw dienstjaar, waarbij structurele budgetten 2024 zijn gekopieerd naar 2025. Vervolgens moet daar nog de indexatie 2025 op worden toegepast. De financiële gevolgen SED Organisatie zijn in de Kadernota opgenomen onder de autonome gevolgen in hoofdstuk 5. Immers, begrotingswijzigingen van Gemeenschappelijke regelingen zijn voor gemeenten verplichte uitgaven. Ten behoeve van overzicht en transparantie worden de gevolgen van de Voorjaarsnota 2021 en ontwerp Begroting 2022 van de SED Organisatie in dit hoofdstukje apart gepresenteerd. De financiële gevolgen autonome mutaties betreft de overige bijstelling van de begrotingen op basis van de Voorjaarsnota 2021. Voor aansluiting met het totaaloverzicht in hoofdstuk 5 moeten de financiële gevolgen SED Organisatie hier bij worden opgeteld. De financiële gevolgen nieuw beleid betreft het totaal van voorstellen voor nieuw beleid in hoofdstuk 6.

4

2.

Beslispunten

Wij stellen u voor: 1. In te stemmen met de uitgangspunten voor het opstellen van de begroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025; 2. Daarmee in te stemmen met het structureel opnemen in de meerjarenraming van de extra middelen inzake de jeugdzorg 2021; 3. Daarmee in te stemmen met incidentele bijstelling van het WMO-budget in 2021 en pas over te gaan tot bijstelling in volgende jaren als het Rijk daarvoor financiering verstrekt; 4. Daarmee in te stemmen dat benodigd extra budget vanaf 2023 inzake duurzaamheid pas wordt geraamd als het Rijk daarvoor financiering verstrekt; 5. In te stemmen met de voorgestelde autonome mutaties in de Voorjaarsnota 2021 en de begroting 2021 en de meerjarenraming 2022-2025 conform te wijzigen; 6. In te stemmen met de voorstellen voor nieuw beleid en deze opnemen in de begroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025; 7. In te stemmen met de gevraagde investeringsbudgetten en de financiële gevolgen opnemen in de begroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025; 8. In te stemmen met de hoogte van de subsidieplafonds per werksoort, zoals aangegeven in deze kadernota;

5

3.

Uitgangspunten Begroting 2022 en de meerjarenraming

Voor te verwachten prijs- en looninflatie wordt de volgende indexering toegepast: Algemene prijsinflatie Salarissen Rente op nieuwe investeringen Rente op bestaande investeringen Secretarieleges

+ 1,4% + 1,3% + 1,0% Rente omslagpercentage + 1,4%

Onroerendezaakbelastingen

+ 1,4%

Campinggelden (indien nog van toepassing) Havenrechten Marktgelden Rioolheffing Afvalstoffenheffing

+ 1,4% + 1,4% + 1,4% + 1,4% nog te bepalen

(Inzake afvalstoffenheffing worden de tarieven van de HVC doorberekend, deze zijn nog niet bekend).

Algemene uitkering gemeentefonds Bijdrage Gemeenschappelijke regelingen * Subsidies (alle sectoren) * Bijdrage SED organisatie

verwerking Meicirculaire 2021 in begroting 2022 + 1,33% + 1,33% Voorjaarsnota 2021 en ontwerp Begroting 2022 SED

Toelichting uitgangspunten Loon- en prijsinflatie Voor loon- en prijsgevoelige budgetten wordt rekening gehouden met een inflatiepercentage gebaseerd op de Macro Economische Verkenningen van het Centraal Plan Bureau van september 2020 voor het jaar 2022. Voor loonontwikkeling is dat 1,3% (prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers) en voor prijsontwikkeling is dat 1,4% (Prijsontwikkeling Bruto Binnenlands Product). Deze indexatie wordt cumulatief toegepast (indexatie prijs 2022: 1,4%; 2023 2,8%; 2024 4,2%, etc) Rente op nieuwe investeringen Interne beleidslijn: rente over nieuwe investeringen wordt gebaseerd op de gemiddelde rente van kort geld (1 week) en lang geld (15 jaar) bij de BNG over de afgelopen 7 jaar. Rente op bestaande investeringen Omslagrente: Het saldo van te betalen rente wordt omgeslagen over de boekwaarde van bestaande investeringen Algemene uitkering gemeentefonds De Algemene Uitkering uit het gemeentefonds voor 2022 en volgende jaren wordt gebaseerd op de Meicirculaire 2021. In de Algemene Uitkering worden loon- en prijsontwikkelingen verwerkt op basis van de landelijke cijfers. In de meerjarenraming van de Algemene Uitkering voor de jaren 2022 t/m 2025 wordt uitgegaan van het systeem van lopende prijzen. Dit betekent 6

dat rekening wordt gehouden met de compensatie voor loon- en prijsstijgingen in de jaren 2022 t/m 2025 (prijsontwikkeling Bruto Binnenlands Product). Bijdrage Gemeenschappelijke regelingen + 1,33 % Voor indexatie van de bijdrage aan gemeenschappelijke regelingen wordt aangesloten bij de Financiële Uitgangspunten gemeenschappelijke regeling Noord Holland Noord van de Regietafel GR-en NH-N. Deze zijn gelijk aan de Macro Economische verkenningen van het CPB van september 2020: loonindexatie 1,3% ; prijsindexatie 1,4% ; gewogen gemiddelde 1,33%. Subsidies (alle sectoren) Voor subsidies wordt -evenals bij gemeenschappelijke regelingen- uitgegaan van een gewogen gemiddelde van loon- en prijsindexatie, waarbij de loonindexatie voor 70% meetelt en de prijsindexatie voor 30%. He gewogen gemiddelde is 1,33%. SED organisatie Voor de bijdrage aan de SED organisatie wordt uitgegaan van de Voorjaarsnota 2021 en ontwerp Begroting 2022 van de SED organisatie.

7

4.

Beleidsontwikkelingen

Programma 1 Bestuur en ondersteuning Wachtgeld wethouders De raming van eventueel wachtgeld inzake voormalig wethouder Struijlaart is nog niet bekend. Eventuele financiële gevolgen worden in de najaarsnota 2021 meegenomen.

Programma 2 Veiligheid Geen ontwikkelingen te melden.

Programma 3 Beheer Openbare ruimte Openbare ruimte Het beheer van de openbare ruimte zal in de toekomst veranderen. De gevolgen van het klimaatakkoord vereist een nieuwe vorm van beheer waarbij regie in het beheer van de openbare ruimte een belangrijke rol gaat spelen. Naast de klimaatadaptatie zijn de warmtetransitie en het plaatsen van meer laadvoorzieningen en het gebruik van deelauto's in de openbare ruimte van invloed op de inrichting van onze openbare ruimte. Groen De opgave uit het uitvoeringsprogramma om biodiversiteit te vergroten en de bezuinigingsopdracht van 2020 zullen hun weerslag hebben op het beeld en de beleving van het openbaar groen. Het openbaar groen zal een natuurlijker uitstraling krijgen die voor sommigen wellicht als een versobering zal worden ervaren. Daarnaast krijgt het onderhoud van het groen steeds meer te maken met de gevolgen van de klimaatsverandering. Bestrijding van plagen, de verlenging van het groeiseizoen en extreme weersomstandigheden hebben een steeds grotere impact op het beheer en onderhoud van het openbaar groen. Groen - actualiseren bomenbeleidsplan Uitwerking van de -in het Uitvoeringsprogramma genoemde- opgave "actualiseren bomenbeleidsplan" kan resulteren in maatregelen en doelstellingen die extra kosten met zich mee kunnen brengen. Wegen In 2021 zal medio juni een nieuwe weg-inspectie plaatsvinden.

Met de nieuwste data van deze inspectie -waarbij ook de winterschade van dit seizoen meegenomen wordt- zal er een beter beeld van de staat van de wegen zijn. De hieruit voortvloeiende maatregelen, kosten en planjaar worden dan inzichtelijk. In verband met onder andere de winterschade zullen we de asfaltwegen die veel winterschade hebben gehad met voorrang behandelen. De kosten voor het onderhoud maken onderdeel uit van de lopende begroting.

8

Motie parkeer- en verkeersontwikkelplan In de raad van maart 2021 is -via een motie- € 80.000 beschikbaar gesteld voor een haalbaarheidsonderzoek voor uitbreiding van parkeerareaal aan de buitenranden van de binnenstad -te dekken uit de reserve stadsuitleg-, hiervoor een raadsvoorstel op te stellen en dit in juni 2021 aan de raad voor te leggen. Naast de toegezegde € 80.000- wordt een aanvullend budget gevraagd voor de herziening van het parkeer- en verkeersontwikkelplan, het aanpassen van het vergunningsbeleid en het opstellen van de parkeerverordeningen. Voorgesteld wordt ook dit te dekken uit de bestemmingsreserve Stadsuitleg. Overheveling onderhoud wegen van HHNK naar de gemeente Het Hoogheemraadschap Hollands Noorder Kwartier wil het onderhoud van binnenwegen overhevelen naar de gemeenten. Dekking van het onderhoud hiervan door de gemeenten kan dan worden geregeld vanuit de Uitkering Wet herverdeling wegen (welke niet meer wordt doorbetaald aan HHNK) en gemeentelijke heffingen. Immers, heffing van waterschapsrechten voor inwoners en bedrijven dalen, zodat gemeenten -bij gelijkblijvende belastingdruk- inkomsten kunnen genereren ter dekking van de onderhoudskosten. Daarbij zal in financiële zin sprake zijn van "voordeelgemeenten en nadeelgemeenten". Voorstel van het HHNK is dat gedurende de eerste twaalf jaar de voordeelgemeenten de nadeelgemeenten financieel compenseren.

Daar deze voorgenomen overheveling in de regio en ook in Enkhuizen nog veel vragen oproept, zijn de eventuele financiële gevolgen hiervan niet in deze Kadernota opgenomen. Voor deze overheveling is een separaat raadsvoorstel in voorbereiding.

Programma 4 Economie Ondernemersfonds In 2022 vindt een doorstart plaats van het Ondernemersfonds. In principe duurt een periode ca. 4 á 5 jaar. Afhankelijk van de afspraken die gemaakt worden kan een Ondernemersfonds budgetneutraal uitgevoerd worden. De raad neemt daar in november/december een besluit over. Daarbij moet bedacht worden dat de gemeente financieel bijdraagt d.m.v. de OZB-heffing niet-woningen voor zover de gemeente eigenaar is van panden. De hoogte van de heffing is daarbij afhankelijk van de gewenste jaarlijkse omvang van het Ondernemersfonds. Gesprekken daarover zijn nog niet gevoerd. Dit kan meegenomen worden in de bespreking van de eindevaluatie die nu wordt opgesteld en over een paar maanden aan de raad zal worden voorgelegd. Verder zijn er geen beleidsontwikkelingen die invloed hebben op de kadernota/begroting. Inhoudelijk wordt er wel bijgestuurd omdat er een evaluatie van Holland Boven Amsterdam en het Ontwikkelingsbedrijf plaatsvindt. Ook wordt er een meerjarenprogramma voor de Regionaal Economische Agenda gemaakt.

9

Programma 5 Samenleving Nieuwe Wet Inburgering Op 1 januari 2022 treedt de nieuwe Wet Inburgering in werking. De ingangsdatum van deze nieuwe wet is meerdere keren uitgesteld. Gemeenten krijgen in het nieuwe stelsel de regie over inburgering. Het doel is dat nieuwkomers vanaf het eerste moment meedoen in de samenleving, door middel van participatie en integratie. De Wet inburgering moet aansluiten bij de bestaande verantwoordelijkheden van gemeenten, zodat gemeenten integraal en op maat kunnen werken. De nieuwe wet wordt in Westfries verband voorbereid. In december 2020 hebben de Westfriese gemeenteraden het regionale beleidskader inburgering vastgesteld. Hiermee is vastgesteld dat de nieuwe wet regionaal wordt uitgevoerd met een sterke lokale verbinding. Dit behelst ook een nauwe samenwerking met WerkSaam Westfriesland vanwege de raakvlakken met de Participatiewet. Middels het regionale beleidskader inburgering is bepaald dat de middelen die het Rijk beschikbaar stelt voor de uitvoering van de nieuwe wet taakstellend zijn. Anders dan aanvankelijk werd verondersteld, is de verwachting dat de nieuwe taken uitvoerbaar zijn met de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen. Dit komt doordat het Ministerie van SZW na onafhankelijk onderzoek extra middelen heeft vrijgemaakt voor de uitvoering van de wet.

Wetsvoorstel ‘Prenataal huisbezoek door de JGZ’ Met de wijziging worden gemeenten verplicht een prenataal huisbezoek aan zwangeren en/of gezinnen in een kwetsbare situatie aan te bieden. De gemeente moet deze taak opdragen aan c.q. inkopen bij dezelfde organisatie die voor de gemeente de jeugdgezondheidszorg uitvoert. Voor de uitvoering van het wetsvoorstel wordt jaarlijks € 5,3 miljoen in het gemeentefonds gestort. Momenteel is de parlementaire behandeling van het wetsvoorstel nog niet gepland. Daarom wordt uit gegaan van een inwerkingtredingsdatum van 1 januari 2022. Woonplaatsbeginsel Jeugdwet De oorspronkelijke gemeente waar een kind of jongere vandaan komt - alvorens er een vorm van ‘verblijf’ wordt ingezet - is vanaf 2022 verantwoordelijk voor de financiering van jeugdhulp. Dit zou oorspronkelijk per 2021 ingaan en is uitgesteld om gemeenten meer tijd te geven zich voor te bereiden op deze wijziging. Een gevolg van de aanpassing van het woonplaatsbeginsel is ook dat het budget voor voogdij en 18+ objectief verdeeld kan worden. Hierover moeten gemeenten uiterlijk in de meicirculaire voorafgaand aan de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel geïnformeerd worden. Regionaal beleidskader jeugd In 2020 is de regio Westfriesland gestart met de voorbereiding voor het opstellen van een Regionaal beleidskader Jeugd.

De regiovisie, norm voor opdrachtgeverschap en de vijf basisfuncties van de toegang zullen hier onderdeel van zijn. Het regionaal beleidskader geeft inzicht aan de inwoners van de regio en professionals werkzaam binnen de regio over de visie op de uitdagingen in de uitvoering van de jeugdwet. Deze visie zal uiterlijk in het vierde kwartaal van 2021 worden voorgelegd aan de gemeenteraden van de zeven Westfriese gemeenten. Beleidslijn inzake WMO-ramingen Wij hebben -gelet op de huidige financiële situatie- te verwachten kostenstijgingen na 2021 vooralsnog niet opgenomen in de meerjarenraming. Ons standpunt is dat we deze kostenstijgingen na 2021 alleen opnemen als daarvoor financiering door het Rijk wordt geboden. 10

Transformatiefonds Om de transformatie in de jeugdhulp te ondersteunen en te versnellen, hebben de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Veiligheid en Justitie, de Verenging Nederlandse Gemeenten en de Branches Gespecialiseerde Zorg voor Jeugd, gezamenlijk met gemeenten, instellingen en cliëntenvertegenwoordiging een actieprogramma opgezet. Dit actieprogramma is door Westfriesland vertaalt naar diverse projecten verdeeld over de regio gemeenten. De projecten worden volledig uit het regionale transformatiefonds jeugdhulp bekostigd. Eind 2021 zal er voor elk project een implementatieplan worden opgeleverd voor de overige gemeenten van de regio. Ondank de COVID-19 crisis lopen de projecten op schema. Integrale Crisisdienst Jeugd De achttien Noord-Holland-Noord gemeenten hebben besloten een bestuurlijke opdracht te verstrekken aan het consortium van de Integrale Crisisdienst Jeugd en Veilig Thuis om in 2021 tot een uitwerkingsscenario en een businesscase te komen voor de integratie van hun diensten. Op basis van een gezamenlijk opgestelde en gedragen voorstel, kunnen de gemeenten een besluit nemen over de toekomstige invulling van de crisisfunctie jeugd. In het derde kwartaal van 2021 zal dit plan worden voorgelegd om tot besluitvorming te komen in de colleges.

Resultaat Gericht Werken In juni 2021 zal het evaluatierapport over het eerste jaar Resultaat Gericht Werken worden opgeleverd en gepresenteerd aan de bestuurders, alvorens deze met de gemeenteraad gedeeld wordt. Tevens zal er een verbeteragenda worden opgesteld. Hierin wordt onder andere meegenomen dat er gesprekken gevoerd gaan worden met inwoners en zorgaanbieders. Schuldhulpverlening Schuldhulpverlening richt zich voor 2022 op doorontwikkeling van preventie, vroeg-signalering en schuldhulpverlening. Nieuwe werkzaamheden die ontstaan zijn door de wetswijzigingen van 1 januari en 1 april 2021 worden geëvalueerd en indien nodig bijgesteld. Kinderopvangtoeslagaffaire Sinds december 2020 is de gemeente verantwoordelijk voor de inwoners die gedupeerd zijn door de kinderopvangtoeslagaffaire. In 2022 verwachten wij deze taak verder voort te zetten en is de ambitie om een systeem aan te schaffen voor de registratie. Registratie is van belang om te kunnen verantwoorden welke hulp is ingezet en deze kosten vergoed te krijgen van het Rijk. Hertenkamp Uit de concept begroting 2021 van MEC de Witte Schuur/Hertenkamp, blijkt een tekort in 2021.

Dit wordt veroorzaakt door tegenvallende inkomsten (geen horeca inkomsten, het achterblijven van opbrengsten dagbesteding door Corona) en hogere kosten (begeleidingskosten cliënten, onderhoud lama’s, kosten dierenverzorgers, uurtarief zorgaanbieder). Aan de externe onderzoeker wordt gevraagd het onderzoek te verdiepen met als uitkomst een advies om toe te groeien naar (meer) kostendekkendheid.

11

Programma 6 Milieu Afval Onder invloed van marktontwikkelingen en Corona is verwerking van verschillende afvalstromen duurder geworden. Samen met HVC monitoren we de kosten doorlopend. De ontwikkelingen hebben niet geleid tot het bijstellen van de uitgaven.

Afvalbeleidsplan Nieuw beleid wordt voorzien bij de behandeling van het afvalbeleidsplan. Eventuele kosten worden in het plan in kaart gebracht. Afval (CAW) Het CAW wordt omgevormd tot Afvalbeheer Westfriesland (ABWF), welke het afstemmingsoverleg vormt voor DVO-, beleids- en aandeelhouderszaken en het beheer van de voormalige stortplaats te Westwoud regelt. Zoals gepland is het secretariaat CAW per 1 januari 2021 overgedragen aan de SED organisatie. Wettelijke taakuitvoering Externe Veiligheid Deze taakuitvoering voor externe veiligheid (EV) betreft de risico's voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen. Het jaar 2020 was het laatste jaar waarin Rijksmiddelen middels een programmafinanciering beschikbaar werden gesteld voor de decentrale overheden. Vanuit deelprogramma 4 van het programma Impuls Omgevingsveiligheid ontving de omgevingsdienst financiële middelen voor EV-adviezen over vergunningverlening, toezicht, handhaving (VTH) en ruimtelijke ordening. Vanaf 2021 lopen de middelen via het gemeentefonds. Deze bijdrage is niet gelabeld. De provincie heeft dringend verzocht dit wel voor deze taak te doen. Het gaat om een bedrag van € 3.000. Dit bedrag wordt opgevangen binnen de begroting. Circulaire Economie In de VVRE is besloten om een Regionaal actieplan uit te voeren. Enkhuizen heeft ingestemd met het actieplan.

GRP Omdat de toerekening van straatvegen aan riolering scherper in het BBV staat, wordt het GRP in 2022 verlaagd. Er wordt gezocht naar een passende dekking buiten het riool. Duurzaamheid en klimaatbeleid In het Uitvoeringsprogramma is onder andere beleid inzake klimaat en duurzaamheid ingezet. In dit kader zijn aanvankelijk in deze Kadernota vanuit de portefeuille nieuwe structurele budgetten ingaande 2023 gevraagd. Wij hebben deze -gelet op de huidige financiële situatievooralsnog niet opgenomen. Ons standpunt is dat dit beleid alleen voortgang kan vinden als daarvoor financiering door het Rijk wordt geboden.

12

Programma 7 Volkshuisvesting en ruimtelijke ontwikkeling Omgevingswet Vanuit het programma invoering Omgevingswet zijn stappen gezet voor wettelijke invoering in 2022. Nadruk ligt op vergunningverlening en aansluiting DSO (digitaal stelsel). In het derde kwartaal van 2021 zal naar verwachting de Omgevingsvisie worden vastgesteld, waarna een transitieplan 2022-2029 wordt opgesteld. De Omgevingswet wordt beleidsneutraal ingevoerd. In de Omgevingsvisie 1.0 staan de ambities, kernkwaliteiten en kansen voor de gemeente. Deze visie moet worden gezien als het fundament om de Omgevingsvisie (versie 2.0) verder uit te werken. Dat zal moeten gebeuren tot 2024 (wettelijk bepaald). In die 2.0-versie zullen de opgaven, doelen en maatregelen staan waar de gemeente op langere termijn aan gaat werken. Voor deze versie komt er ook een omgevings-effect-rapportage en uitgebreide participatie. Bij het uitvoeringsdeel van de omgevingsvisie 2.0 zal t.z.t. ook een financiële vertaalslag moeten plaatsvinden. Verder is alle aandacht er nu op gericht om de vergunningverlening binnen de wettelijke termijn van acht weken te organiseren. Dat gaat gepaard met de nodige aanpassingen van de interne processen, aanschaf van de noodzakelijke softwarepakketten en voorbereiden van bestuurlijke besluitvorming. Later zal het duidelijk worden wat de inhoudelijke en financiële gevolgen zullen zijn.

Met het omgevingsplan wordt een start gemaakt. Het streven is om het omgevingsplan in definitieve vorm in 2026 gereed te hebben. Mogelijk kan dat leiden tot minder vergunningplichten. Daar is op dit moment weinig over te zeggen. We maken een start met het verbeteren van onze dienstverlening door betere informatie, snellere procedures en vroegtijdige betrokkenheid van ketenpartners bij beoordeling van initiatieven (intake- en omgevingstafel). Woningbouwproject Gommerwijk-west-west Met de raadsbrief van 6 april 2021 (Zaaknummer 865797) is de raad geïnformeerd over de uitspraak die de Raad van State heeft gedaan inzake een ingesteld beroep i.v.m. de uitwerking van het bestemmingsplan voor woningbouw. Dit heeft tot gevolg dat er aanvullende planologische instrumenten moeten worden ingezet. Ook voor een eventuele samenwerking met een projectontwikkelaar zullen advieskosten gemaakt worden. Als de woonwijk concreet genoeg is kunnen deze voorbereidingskosten worden verwerkt in een alsdan te openen grondexploitatie (kosten tot voor vijf jaar terug) en/of kostenverhaal anderzijds. Voorbereiding project Florapark / Westeinde-Zuid Het project Florapark is -na Waterweide- aan de beurt als woningbouwlocatie in Stede Broec. De huidige plancapaciteit is geraamd op 130 woningen. Het grenst aan het Enkhuizer plan Westeinde Zuid.

Het ligt voor de hand samen op te trekken, maar de mate waarin is nog onderwerp van gesprek. Op 26 mei jl. bent u bijgepraat over de stand van zaken van bovenstaande. SMC / Vijzeltuin / Mariahof De nieuwe eigenaar, De Lindengroep, maakt een doorstart met dit project en beoogd vooral een woonprogramma. Van gemeentezijde is -in overleg met De Lindengroep- in onderzoek of een school en extra parkeerplaatsen in een deel van dit plangebied ingepast kunnen worden. Zodra er volledig zicht is op die kosten zullen wij u een totaal inzicht verstrekken. Daarvoor is het nu nog te vroeg omdat de cijfers op dit moment nog onzeker en onvolledig zijn.

13

Herstructurering Bloemenbuurt In 2021 zullen wij het verzoek van Welwonen tot beginselmedewerking voorleggen aan de raad. Naast de stedenbouwkundige aanpassingen (bestemmingsplan) wordt ook om een financiële bijdrage gevraagd tot een bedrag van € 500.000. Herstructurering Zilver- Hoogstraat Het eerste deel van 2021 wordt benut voor het in beeld brengen van realistische programma’s, stedenbouwkundig laadvermogen en beeldkwaliteit van de locatie alsmede de financiële aspecten (scenario’s). Ook zal een keuze moeten worden gemaakt of de locatie Hoogstraat i.c. het Stadskantoor bij de herontwikkeling wordt betrokken. Een afzonderlijke werkgroep buigt zich over een eventuele herhuisvesting van de huidige, gemeentelijke dienstverlening. De tweede helft van 2021 kan de raad besluiten over het programma van eisen en wensen die de basis vormt voor een uitvraag aan ontwikkelaars waarna in 2022 een gunning kan plaatsvinden. Opgemerkt zij dat ten aanzien van het aspect ‘parkeren’ er een relatie is met de uitkomsten van de doorontwikkeling van het Parkeer- en de Verkeersplan.

De plankosten worden opgenomen in een te openen grondexploitatie bij besluitvorming van de raad over het Programma van eisen en wensen voor de ontwikkeling van de locatie Herstructurering Recreatiegebied Enkhuizer Zand (REZ) Tegen het in september 2020 vastgestelde bestemmingsplan is beroep ingesteld bij de Raad van State. Een (tussen)uitspraak wordt medio de maand mei 2021 verwacht. Mogelijk dat er opnieuw aanpassingen in het bestemmingsplan doorgevoerd moeten worden. Uitwerking ruimtelijk beleidskader zon-op-dak Uit de RES volgt een ambitie die lokaal ingevuld zal worden door realisatie van projecten. De basis voor enige besluitvorming rondom deze projecten vindt zich terug in een beleidskader waarin ruimtelijke keuzes t.a.v. locaties. Woonvisie De woonvisie van Enkhuizen is in 2014 vastgesteld door de gemeenteraad. De woningmarkt is sindsdien sterk veranderd. Om bijvoorbeeld te kunnen blijven sturen op de woonprogramma's van woningbouwontwikkelingen en prestatieafspraken te maken met de woningbouwcorporatie(s) is actualisatie van de woonvisie gewenst.

Programma 8 Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkering De besluitvorming over het invoeren van de nieuwe verdeling (herijking) van het gemeentefonds is opgeschoven naar 1 januari 2023. Reden hiervoor is de huidige financiële positie van gemeenten en de nog lopende gesprekken met gemeenten over onder andere toereikendheid van de financiering van de jeugdzorg. In dit document is geen financiële consequentie voor herijking opgenomen. Het kabinet heeft voor 2021 € 613 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten voor het oplossen van de acute problematiek in de jeugdzorg. Met dit geld komt er o.a. ruimte om de 14

crisiscapaciteit in de jeugd-ggz uit te breiden en wachttijden aan te pakken. Daarnaast is afgesproken dat gemeenten en Rijk aan de slag gaan met maatregelen om de structurele houdbaarheid van de uitvoering van de Jeugdwet te verbeteren. Het gaat om het stimuleren van tariefdifferentiatie en standaardisatie van de uitvoering, het versmallen van de medische verwijsroute door enkel te verwijzen naar gecontracteerd aanbod en het breder invoeren van een praktijkondersteuner jeugd-ggz bij de huisarts. Door dit laatste kunnen meer jongeren laagdrempelig in de huisartsenpraktijk geholpen worden en is voor hen een verwijzing naar gespecialiseerde GGZ-zorg niet nodig. Voor Enkhuizen betekent dit € 766.000, maar omdat in dit kader reeds € 238.000 als bate was geraamd wordt nu als incidentele inkomst aanvullend nog € 528.000 (766k -/- 238k) opgenomen in de Voorjaarsnota 2021. In de Voorjaarsnota 2021 in deze kadernota wordt voorgesteld deze middelen structureel bij te ramen.

Overhead Communicatie We zetten we in op verdere ontwikkeling van onze online communicatie- en participatiemiddelen. Vanaf najaar 2021 gaan we actief reageren op berichten op sociale media. Door goed te monitoren wat er speelt willen we de communicatie beter laten aansluiten op de doelgroep. Verder willen we de online mogelijkheden om inwoners bij beleidsvorming te betrekken, vergroten. Dit heeft geen financiële consequenties. Juridische zaken Er is extra capaciteit op de afdeling juridische zaken nodig voor afhandeling van bezwaren en beroepen op het besluit van een aanvraag van een omgevingsvergunning. Dit betreft een specifiek dossier. De verwachting is dat - als gevolg van het inwinnen van extern juridisch advies- het budget van juridische zaken zal worden overschreden, maar nog niet duidelijk is met welk bedrag. Onderzocht wordt om vanaf 2022 te kunnen starten met een externe bezwaarschriftencommissie. Financiële consequenties daarvan zijn nog niet in te schatten.

15

5.

Autonome ontwikkelingen: Voorjaarsnota 2021

In de raadsvergadering van januari 2021 heeft u besloten de Voorjaarsnota te implementeren in de Kadernota. In dit hoofdstuk treft u de Voorjaarsnota 2021 aan. De Voorjaarsnota bevat in het algemeen 'autonome' mutaties en géén nieuw beleid. Autonome mutaties zijn in het algemeen ontwikkelingen die vooral 'van buiten komen' en die een onvermijdelijke kostenstijging tot gevolg hebben. Dit kunnen kostenontwikkelingen zijn, regelgeving van (hogere) overheden, aanbestedingsresultaten, open einde regelingen, wijzigingen in de algemene uitkering etc. In de Voorjaarsrapportage 2021 maken we onderscheid in mutaties met budgettaire gevolgen en budgettair neutrale mutaties. De budgettair neutrale mutaties betreffen over het algemeen overhevelingen van budgetten als gevolg van actuele inzichten. Daar deze vooral administratief van karakter zijn en bovendien geen effect op de financiële ruimte hebben, worden deze mutaties in een apart overzichtje aan het slot van dit hoofdstuk gepresenteerd en toegelicht. In de financiële overzichten in deze nota zijn de bedragen in duizendtallen aangegeven, met uitzondering van het financieel overzicht van de budgettair neutrale mutaties.

Een negatief bedrag in rood betekent een beperking van de financiële ruimte (hogere uitgaven en/of lagere inkomsten); de zwarte bedragen betreffen een verruiming van de financiële ruimte (lagere uitgaven en/of hogere inkomsten) Op de volgende pagina ’s treft u eerst de mutaties met budgettaire gevolgen aan en tot slot de budgettair neutrale mutaties.

16

Mutaties autonome ontwikkelingen/Voorjaarsnota 2021 1.

Mutaties met budgettaire gevolgen in de Voorjaarsnota 2021 lasten/ baten

2021

2022

2023

2024

2025

Programma 1 bestuur en ondersteuning Raadsvergoeding Griffier: inhuur Griffier: kosten werving en selectie portfoliobeheer Hogere kosten verkiezingen

L L L L L

-20 -45 -15 -67 -25

-20

-20

-20

-20

Programma 3 Beheer openbare ruimte Bestrijden eikenprocessie rups

L

-10

-10

-10

-10

-10

Programma 5 Samenleving Uitgaven inzake spec. uitkering stimulering sport Specifieke uitkering stimulering sport kansrijke start taalondersteuning inburgeraars Gesloten jeugdhulp - NHC TONK Uitwerking amendement programmabegroting 2021 Gemeentelijk schuldenbeleid Preventieve activiteiten dak- en thuislozen Tijdelijk huisvesten bewoners Begoniastraat DUVO Veilig Thuis AU Corona re-integratie AU Impuls re-integratie Arrangementenmonitor correctie ombuiging woonlastenfonds WMO Aframing “Corona-uitgaven” BUIG

L B L L L L L L L L L L L L L L L B

-20 20 -5 -27 -10 -66 -114 -31 -20 -25 38 -69 -37 -7 -38 -360 274 371

-38 0

-38 0

-38 0

0

Programma 6 Milieu Begraafplaats Schoonmaakkosten Begraafplaats, onkosten groenonderhoud Minder opbrengsten leges

L L B

-6 -34 -34

-6 -34 -34

-6 -34 -34

-6 -34 -34

-6 -34 -34

Programma 7 Volkshuisvesting en RO Aeriusberekening

L

-5

Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Algemene uitkering Algemene uitkering extra middelen Jeugd 2021 Rente langlopende lening € 6.000.000 De dividend uitkering BNG is lager dan geraamd OZB Woning Eigendom OZB niet-Woning Gebruik

L L L B B B

164 528 90 -136 89 -93

-4 528 84

-6 507 78

-9 507 72

-9 507 66

89 -93

89 -93

89 -93

89 -93

Omschrijving

17

-33

-5

-59

Omschrijving Overhead Gemeentesecretaris: inhuur Inhuur Digitaliseren Archief Stadskantoor onderhoud brandweerkazerne via Res kap goederen Beveiliging Coronamaatregelen Bijdrage SED op basis van VJN 2021 en BGR 2022 Saldo mutaties

lasten/ baten

2021

2022

2023

2024

2025

L L L L L

-60 -78 178 -55 -496

-608

-514

-491

-667

-246

-243

-81

-67

-211

Toelichting autonome ontwikkelingen

Programma 1 Bestuur en ondersteuning Gemeenteraadsverkiezingen (2022: € 10.000 nadeel) In 2022 zijn gemeenteraadsverkiezingen. Hierdoor zullen incidenteel uitgaven worden gedaan voor o.a. trainingen voor nieuwe raadsleden en de integriteitstoets van de wethouders. De incidentele uitgaven worden geraamd op €10.000. Raadsvergoeding (2021 e.v.: € 20.000 nadeel) Bijramen van de raadsvergoeding i.v.m. algemene salarismaatregelen. Griffie (2021: € 60.000 nadeel) Incidentele kosten voor tijdelijke inhuur en werving nieuwe griffier (per 01-06-2021). Hogere kosten verkiezingen (2021: € 25.000 nadeel) Door de corona-maatregelen zijn de verkiezingen voor de Tweede Kamer verspreid geweest over meerdere dagen en werd voor de 70-jarigen en ouder het briefstemmen mogelijk gemaakt. Er is uitgeweken naar andere locaties om aan de corona-maatregelen te kunnen voldoen en alle locaties moesten 'corona-proof' worden ingericht. Door de spreiding van de verkiezingsdagen en het tellen van deze stemmen en ook het tellen van de briefstemmen was het noodzakelijk meer stembureauleden in te zetten. Dit heeft allemaal extra kosten met zich meegebracht. Vanuit het Rijk krijgen de gemeenten een compensatie voor het organiseren van de Tweede Kamerverkiezingen.

Portfoliobeheerder (2021 nadeel € 67.000; 2022 nadeel € 33.000) Na het vertrek van een wethouder heeft de Raad een motie aangenomen om tot de verkiezingen door te gaan met twee wethouders. Ter ondersteuning van extra werkzaamheden voor de twee wethouders heeft de Raad ingestemd met een incidenteel budget van € 100.000 voor het aanstellen van een Portfoliobeheerder voor de duur van één jaar.

Programma 2 Veiligheid Geen mutaties

18

Programma 3 Beheer Openbare ruimte Bestrijding eikenprocessierups (2021 en verder € 10.000 nadeel) De afgelopen twee jaar zijn kosten van bestrijding van de eikenprocessierups opgenomen in de najaarsnota omdat er eerder te weinig zicht was welke kosten de bestrijding met zich mee zou brengen. De verwachting is dat de kosten in 2020 representatief zijn voor de komende jaren. Deze kosten zijn nu als structurele kosten meegenomen in deze voorjaarsnota.

Programma 4 Economie Geen mutaties.

Programma 5 Samenleving Specifieke uitkering stimulering sport (voordeel € 20.000; budgettair neutraal) Voor het opstellen en het uitvoeren van het Sportakkoord is aan de gemeente Enkhuizen door de rijksoverheid een uitkering ad € 20.000 toegekend: de Regeling Sportakkoord 2021. Uitvoering projecten inzake Specifieke uitkering stimulering sport (nadeel € 20.000; budgettair neutraal) De toegekende uitkering inzake Regeling Sportakkoord 2021 wordt besteed aan de uitvoering van in het sportakkoord opgenomen projecten, waarvoor nu budget beschikbaar is. Kansrijke start (2021 en 2022 nadeel € 5.000) Kansrijke Start is een landelijk actieprogramma. Kansrijke Start doet een beroep op gemeenten en alle professionals in het sociale en medische domein om het belang van de eerste 1000 dagen uit te dragen en er actief op in te zetten. Hierin zit de samenwerking tussen o.a. wijkteams, de geboorte- en jeugdgezondheidszorg. De gezondheid van een kind voor, tijdens en na de geboorte blijkt een belangrijke voorspeller te zijn van problemen – zowel fysiek als mentaal – op latere leeftijd. De eerste 1000 dagen van een kind zijn dus cruciaal voor een goede start.

Taalondersteuning inburgeraars (2021 nadeel € 27.000) De gemeenten kunnen in de geest van de nieuwe wet een aanbod creëren voor de groep inburgeraars die onder de huidige inburgeringswet vallen en een te laag taalniveau hebben ('ondertussengroep'). Daarnaast kan de gemeente voor de inburgeraars die al een groot deel van hun lening hebben gebruikt, zonder dat zij het inburgeringsexamen hebben afgerond (ELIPgroep) ondersteuning en advies bieden, zodat alsnog tijdig het examen behaald kan worden. De gemeente kan deze middelen inzetten om actief met de ELIP-groep aan de slag te gaan en er op die manier voor te zorgen dat, waar nodig via extra ondersteuning, inburgeringsplichtigen tijdig aan hun inburgeringsplicht kunnen voldoen. In regionaal verband (ambtelijke projectgroep inburgering) wordt hierop een voorbereiding gedaan. In de meicirculaire wordt bekend welk bedrag de gemeente gaan ontvangen voor de ondertussengroep (inburgeraars met een taalachterstand onder de huidige wet inburgering). Via de algemene uitkering ontvangt de gemeente een decentralisatie-uitkering. In de meicirculaire wordt het exacte bedrag bekend gemaakt. 19

Gesloten Jeugdhulp – NHC (€ 2021 nadeel € 10.000) Vanaf 2015 heeft het Rijk de huisvesting van de JeugdzorgPlus-instellingen bekostigd via de ‘Normatieve Huisvestings Component‘ (NHC). Deze bekostiging verloopt vanaf 2021 via de gemeenten. Het Rijk voegt het daartoe bestemde budget toe aan het Gemeentefonds. Op 20 april 2021 is in college vastgesteld dat de verdeling van de NHC- vergoeding onder de achttien Noord-Holland-Noord gemeenten plaats vindt op basis van inwonersaantal en de betaling aan Horizon wordt gedaan op basis van een lumpsum bedrag. De bijdrage van gemeente Enkhuizen betreft € 10.000 voor 2021. Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) (2021 nadeel € 66.000) Het kabinet creëert een Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) voor huishoudens die door omstandigheden in ernstige financiële problemen dreigen te komen. Voor deze tijdelijke ondersteuning wordt het bestaande instrument van de bijzondere bijstand gebruikt. In totaal is een bedrag van maximaal € 130 miljoen gereserveerd voor het eerste halfjaar van 2021. Voor het eerste kwartaal komt € 65 miljoen beschikbaar. Aan het einde van het eerste kwartaal van 2021 zal op basis van de dan geldende situatie rondom de maatregelen tegen het coronavirus de inzet voor het tweede kwartaal van 2021 worden gewogen.

De afspraken over de beleidsinzet zullen, net als de lopende steunpakketten, gelden tot 1 juli 2021. Uitwerking amendement begroting 2021 (nadeel 2021 € 114.000, 2022 € 59.000) Door het bij de begrotingsbehandeling 2021 vastgestelde amendement inzake de voorgestelde ombuigingen ontstaat een tekort in de jaren 2021 en 2022. Door het schrappen van ombuigingen in 2022 (o.a. HHT en Financiële tegemoetkoming) kunnen deze ombuigingen ook niet worden gerealiseerd in 2021. Daarnaast is de in het amendement opgenomen dekking van een aanvullende besparing op jeugdzorg van € 80.000 voor de jaren 2021 en 2022 niet realiseerbaar. Omdat op sommige andere beheersmaatregelen naar verwachting meer bespaard kan worden, blijft er per saldo een nadeel van € 114.000 over in 2021 en € 59.000 in 2022. Gemeentelijk schuldenbeleid (nadeel 2021 € 31.000) Vanaf 1 januari 2021 is de gewijzigde Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (Wgs) in werking getreden. Hierdoor komen er meer verantwoordelijkheden bij de gemeenten te liggen op het gebied van schuldhulpverlening. Dit brengt ook extra kosten met zich mee. In de decembercirculaire is extra geld beschikbaar gesteld voor deze wijzigingen. Daarnaast worden er ook extra aanmeldingen verwacht in de loop van het jaar 2021. Dit omdat veel mensen financieel in de problemen zijn geraakt door de Corona crisis.

Op dit moment ontvangen veel ondernemers financiële steun van de overheid. De verwachting is dat als dit stopt, er veel ondernemers financiële hulpverlening nodig hebben. Preventieve activiteiten dak- en thuisloosheid (2021 nadeel € 20.000) Het kabinet wil dak- en thuisloosheid zoveel mogelijk voorkomen en ervoor zorgen dat niemand op straat hoeft te slapen. Het kabinet stelt voor de aanpak van dak- en thuisloosheid een financiële impuls beschikbaar van in totaal € 200 miljoen voor de jaren 2020 en 2021. Hiervan wordt een bedrag van € 73 miljoen in 2020 en € 123 miljoen in 2021 aan gemeenten verstrekt. De bedragen worden via een decentralisatie-uitkering als volgt over gemeenten verdeeld. Zowel in 2020 als 2021 wordt een bedrag van € 67,5 miljoen verdeeld over 21 centrumgemeenten maatschappelijke opvang en beschermd wonen, in totaal € 135 miljoen.

20

Tijdelijk huisvesten bewoners Begoniastraat (2021 nadeel € 15.000) Op 23 februari 2021 heeft het college besloten om de bewoners van de Begoniastraat -die geen onderdak meer hadden als gevolg van renovatiewerkzaamheden door Welwonen- voor maximaal drie maanden tijdelijke huisvesting te bieden. De raad is hier middels raadsbrief over geïnformeerd. De geraamde kosten bedragen € 15.000. Duvo Veilig Thuis (2021 voordeel € 38.000) Uit het accres dat alle gemeenten ontvangen, is door het Rijk en de VNG overeengekomen om een deel over te hevelen naar DUVO (Decentralisatie-uitkering Vrouwen opvang/huiselijk geweld) welke aan de centrumgemeenten beschikbaar wordt gesteld. Deze jaarlijks beschikbaar gestelde extra DUVO-middelen worden toegevoegd aan het budget Veilig Thuis waardoor er dit jaar een voordeel van € 38.000 ontstaat op dit budget AU Re-integratie (2021 nadeel € 106.000) Het Rijk stelt in 2021 via de algemene uitkering extra middelen voor re-integratie van bijstandsgerechtigden ad € 69.000 beschikbaar. Daarnaast ontvangen gemeenten in 2021 een tijdelijk impuls voor re-integratie ad € 37.000. Deze incidentele middelen vallen buiten de reguliere afspraken met de GR WerkSaam WF, omdat het ‘tijdelijke Corona-gerelateerde afspraken’ betreft. Omdat deze middelen bedoeld zijn om werkloosheid als gevolg van Corona te bestrijden, worden deze middelen overgeheveld naar WerkSaam.

In de P&C documenten van WerkSaam wordt gerapporteerd over besteding van deze re-integratie middelen. Indien er minder aan re-integratie wordt uitgegeven dan ontvangen, wordt in de jaarrekening van WerkSaam WF een resultaatbestemmingsvoorstel gedaan. De gemeenteraad wordt jaarlijks in de gelegenheid gesteld om over de jaarrekening een zienswijze te geven aan het algemeen bestuur van WerkSaam. Arrangementenmonitor (2021 nadeel € 7.000) In 2019/2020 heeft de gemeente Enkhuizen (kosteloos) mee gedaan met de pilot van de arrangementenmonitor. De arrangementenmonitor wordt nu voorzien van gegevens vanuit geheel Westfriesland. Het biedt aanvullende data en gegevens op de reeds ontwikkelde kwartaalrapportages. Mede door het gebruik van deze data en de vergelijking met andere gemeentes, buiten Westfriesland, is het een waardevolle aanvulling om datagestuurde beleidsontwikkeling verder vorm geven. Correctie ombuiging woonlastenfonds (2021 t/m 2024 nadeel € 38.000) De gefaseerde ombuiging op het woonlastenfonds kan helaas niet in 2021 starten vanwege bestuurlijke afspraken. De ombuiging schuift een jaar op en start vanaf juli 2022. WMO (2021 nadeel € 360.000) De afgelopen twee jaar zijn de lasten Wmo behoorlijk gestegen. In 2019 is de inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor de Wmo-maatwerkvoorzieningen afgeschaft en ingeruild voor het Wmo-abonnementstarief.

Daarnaast zijn door de (dubbele) vergrijzing (enerzijds vormt de groep ouderen een relatief groter aandeel anderzijds komt de gemiddelde leeftijd steeds hoger te liggen) het aantal cliënten in 2019 gestegen en daarbij hebben ook prijsstijgingen plaatsgevonden. In 2020 is het aantal cliënten met een maatwerkarrangement ondanks de corona verder gestegen. De verwachting is dat het aantal cliënten in 2021 en 2022 en de lasten verder toenemen. De huidige indicaties geven al aan dat de verplichtingen hoger zijn dan in 2020. Het is op dit moment nog niet in te schatten in hoeverre het aantal cliënten 21

verder zal stijgen. De hogere lasten Wmo zijn in 2020 gecompenseerd door de lagere lasten jeugdzorg. Echter zullen de lasten in 2021 en 2022 verder stijgen. De verwachting is dat de kosten in 2021 met 10% ten opzichte van 2020 zullen stijgen en dat de kosten in 2020 met 10% ten opzichte van 2021 zullen stijgen. Vooralsnog is in de Voorjaarsnota 2021 uitgegaan van een incidentele stijging van 10% van de lasten t.o.v. 2020. Wij stellen voor het WMO-budget voor de jaren na 2021 bij te stellen als daarvoor financiering van het Rijk wordt ontvangen. Aframing van uitgaven Coronapandemie (voordeel 2021 € 274.000) Bij de Najaarsnota 2020 heeft de raad besloten de geraamde financiële gevolgen van de Coronapandemie voor 2020 ook te ramen in 2021. De aanname daarbij was dat de periode waarin Coronamaatregelen gelden in 2021 net zo lang zou zijn als in 2021. In 2020 is per saldo aan “Corona-uitgaven” € 595.000 opgenomen. In de Corona-bijlage bij de Jaarstukken 2020 blijkt dat het geraamde nadeel ad € 595.000 in werkelijkheid is uitgekomen op € 321.000; € 274.000 lager dan geraamd. Bij de Najaarsnota 2020 was de motivering voor raming van financiële gevolgen van Corona in 2021 dat we uitgaan van dezelfde kosten en dezelfde compensatie daarvoor als in 2020.

Nu blijkt dat het financieel nadeel in 2020 per saldo € 274.000 lager is dan geraamd, stellen wij voor –conform diezelfde aanname- om van geraamde Corona-uitgaven 2021 € 274.000 af te ramen. Baten BUIG (2021 voordeel € 371.000) Het rijk heeft de budgetten voor de BUIG opnieuw vastgesteld.

Programma 6 Milieu Schoonmaak algemene begraafplaats (nadeel € 6.000) Op basis van de juiste contractwaarde zijn de budgetten aangepast. Groenonderhoud en behoud beeldkwaliteit algemene begraafplaats (2021 e.v. nadeel € 34.000). Al enige jaren is een tekort te zien op de onderhoudsbudget voor groen en paden van de begraafplaats waardoor het budget jaarlijks wordt overschreden. Het budget is nu in lijn gebracht met de reële kosten om de begraafplaats op het afgesproken kwaliteitsniveau te kunnen onderhouden. Vermindering legesinkomsten algemene begraafplaats (2021 e.v. nadeel € 34.000) Er is een trend dat steeds meer overledenen gecremeerd worden in plaats van begraven. Bovendien doen rechthebbenden vaker afstand van een graf wanneer de reguliere termijn van het grafrecht is verlopen. Deze ontwikkelingen zorgen voor lagere opbrengsten.

Programma 7 Volkshuisvesting en ruimtelijke ontwikkeling Aeriusberekening bij bouwinitiatieven (2021 € 5.000 nadeel) De omgevingsdienst heeft de gemeente een voorstel gedaan om voor kleinschalige ruimtelijke 22

initiatieven door Sweco een Aeriusberekening te laten uitvoeren voor het gemeentelijk grondgebied, zodat voor deze kleinschalige bouwinitiatieven, per casus, geen afzonderlijke berekening hoeft te worden gemaakt. Een Aeriusberekening is noodzakelijk om te onderzoeken of de stikstof die vrijkomt bij het bouwinitiatief geen negatieve invloed heeft op het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied. De kosten hiervan komen voor rekening van de gemeente en worden geraamd op € 5.000 en is een serviceverlening van de gemeente aan indieners van kleinschalige initiatieven.

Programma 8 Algemene dekkingsmiddelen Baten Algemene uitkering (voordeel 2021 € 164.000) Op basis van de decembercirculaire 2020 kan voor 2021 € 164.000 worden bijgeraamd. U bent hier in de raadsbrief inzake de decembercirculaire reeds over geïnformeerd. Voor de jaren na 2021 worden vooralsnog kleine nadelen geboekt. Algemene uitkering extra middelen Jeugd (voordeel € 528.000) Het kabinet heeft voor 2021 € 613 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten voor het oplossen van de acute problematiek in de jeugdzorg. Voor Enkhuizen betekent dit € 766.000. Met dit geld komt er o.a. ruimte om de crisiscapaciteit in de jeugd-ggz uit te breiden en wachttijden aan te pakken. Daarnaast is afgesproken dat gemeenten en Rijk aan de slag gaan met maatregelen om de structurele houdbaarheid van de uitvoering van de Jeugdwet te verbeteren. Het gaat om het stimuleren van tariefdifferentiatie en standaardisatie van de uitvoering, het versmallen van de medische verwijsroute door enkel te verwijzen naar gecontracteerd aanbod en het breder invoeren van een praktijkondersteuner jeugd-ggz bij de huisarts. Door dit laatste kunnen meer jongeren laagdrempelig in de huisartsenpraktijk geholpen worden en is voor hen een verwijzing naar gespecialiseerde GGZ-zorg niet nodig.

Hoewel deze extra middelen in principe alleen voor 2021 beschikbaar zijn gesteld, achten wij het ondenkbaar dat het Rijk het daar -voor de jaren na 2021- bij laat. Vooruitlopend op bijstelling van de algemene uitkering als gevolg van "herijking sociaal domein" stellen wij daarom voor deze extra middelen ad € 766.000 structureel toe te voegen aan de meerjarenraming. In de Kadernota 2020 zijn eerder extra middelen in het kader van de Jeugdzorg opgenomen (specifieke uitkering Voogdij 18+), welke in de begroting 2021 (raadsvoorstel pagina 4) als volgt zijn bijgesteld: voor 2021 en 2022: € 238.000; voor 2023 en 2024: € 259.000. Gelet op deze ramingen wordt nu in 2021 en 2022 € 528.000 bijgeraamd (766k -/- 238k) en in de jaren na 2022 wordt € 507.000 bijgeraamd (766k -/- 259k). Rente langlopende lening Voor een opgenomen langlopende lening van € 6 miljoen kunnen -vanwege de lage rentestandrentelasten worden afgeraamd. Dividend BNG (nadeel € 136.000) De BNG stelt over 2020 een dividend van € 101 miljoen (2019: € 71 miljoen) ter beschikking voor uitkering aan aandeelhouders. Het dividend bedraagt € 1,81 per aandeel (2019: €1,27). Voor Enkhuizen is dat € 236.000, € 136.000 minder dan begroot.

23

Ozb eigenaren woningen (voordeel € 89.000) De opbrengsten zijn hoger dan begroot, de reden hiervan is dat er meeropbrengsten zijn als gevolg van extra werkzaamheden die hebben plaatsgevonden waarbij achterstanden zijn weggewerkt. OZB gebruikers niet woningen (nadeel € 93.000) De opbrengsten blijven achter bij de begroting. Dit wordt veroorzaakt doordat in het verleden verkeerde uitgangspunten zijn gehanteerd bij de opbouw van het tarief. Dit tarief is in de loop van de jaren geïndexeerd. Voor 2021 geldt dat de meeropbrengst woningen (€ 89.000) gebruikt kan worden om een deel van het tekort van € 186.000 af te ramen. De verwachting is dat lopende het jaar het tekort nog verder af zal nemen. Het uiteindelijke saldo zal in de najaarsnota meegenomen worden. In 2021 worden de budgetten op een dusdanige manier gemonitord zodat deze voor de begroting 2022 correct staan. Voor 2022 geldt dat de tarieven opnieuw opgebouwd worden. Dit leidt tot een transparante manier van budgetteren.

Overhead Gemeentesecretaris: interim (2021: € 60.000 nadeel) Voor inhuur gemeentesecretaris wordt voor het 1e halfjaar een bedrag opgenomen. Bij de najaarsnota wordt dit opnieuw bekeken en eventueel een aanvullend bedrag opgenomen. Inhuur Digitalisering Archief Stadskantoor (2021 € 78.000 nadeel) Er is personeel ingehuurd om achterstand in het archief in het stadskantoor weg te werken. (Zie ook onderdeel Vrijval groot onderhoud brandweerkazerne). Vrijval groot onderhoud brandweerkazerne (voordeel 2021 € 179.000) Bij amendement van 26 januari 2021 heeft de raad besloten het geraamd groot onderhoud aan de brandweerkazerne in 2021 ad € 179.000 te dekken uit de reserve groot Onderhoud gebouwen. Van de vrijgevallen € 179.000 wordt € 78.000 ingezet als dekking voor de inhuur digitaal archief stadskantoor (zie hierboven). Het restant wordt toegevoegd aan de financiële ruimte 2021. Beveiliging Coronamaatregelen (2021 nadeel € 55.000) Bij de Najaarsnota 2020 is besloten dat geraamde kosten 2020 (30K) ook geraamd worden in 2021. Dit bedrag wordt verhoogd i.v.m. de actuele situatie (verdere openstelling gebouwen) tot 01-10-2021. Bijdrage SED Organisatie (nadeel 2021 € 496.000; 2022 € 608.000; 2023 € 514.000; 2024 € 491.000; 2025 € 667.000) Op basis van de Voorjaarsnota 2021 en ontwerp begroting 2022 wordt de bijdrage aan de SED Organisatie bijgesteld.

In deze bijdrage is het "ingroeipad 2021-2023 reeds verrekend.

24

2.

Budgettair neutrale mutaties in de Voorjaarsnota 2021

Budgettair neutrale mutaties VJN 2021 Belasting Overige Aankopen Belasting Overige Perceptiekosten Riolering Perceptiekosten Afvalstoffenheffing Perceptiekosten OZB Woningen Uitbestede Werkzaamheden OZB Woningen Perceptiekosten OZB niet-Woningen Proceskosten vergoeding Afval/Reiniging Stadskantoor Schoonmaak Stadskantoor Subsidieregeling 17.1 naar programma 4 Subsidieregeling 17.1 van programma 5

A A A A A A A B B C C

2021 2022 2023 2024 2025 41.371 41.371 41.371 41.371 41.371 2.129 2.129 2.129 2.129 2.129 -6.000 -6.000 -6.000 -6.000 -6.000 -7.500 -7.500 -7.500 -7.500 -7.500 -11.000 -11.000 -11.000 -11.000 -11.000 -14.000 -14.000 -14.000 -14.000 -14.000 -5.000 -5.000 -5.000 -5.000 -5.000 6.200 6.200 6.200 6.200 6.200 -6.200 -6.200 -6.200 -6.200 -6.200 48.129 49.211 50.293 51.375 51.375 -48.129 -49.211 -50.293 -51.375 -51.375 0

0

0

0

Bij de tussenrapportages wordt beoordeeld of een noodzakelijke bijraming van uitgaven kan worden gecompenseerd door aframing van andere uitgaven binnen hetzelfde programma. Als dit niet mogelijk is dan gaat een bijraming van uitgaven ten laste van de financiële ruimte. Wanneer dit wel mogelijk is spreken we van budgettair neutrale mutaties. In het overzicht hierboven is -door middel van een letter- aangegeven welke hogere uitgaven kunnen worden gecompenseerd door lagere uitgaven. Soms is alleen sprake van overheveling van een budget omdat dit -bij nader inzien- op een verkeerd programma staat of om andere redenen moet worden overgeheveld. In dit overzicht is onder C. sprake van overheveling van een subsidieregeling van programma 4 naar 5. Onder A en B is sprake van hogere uitgaven welke kunnen worden gecompenseerd door lagere uitgaven. Het gaat daarbij om het volgende: A. Binnen taakveld heffingen moeten -op basis van huidige inzichten- op bepaalde budgetten kosten worden bijgeraamd tot een totaal van € 43.500. Deze bijraming kan worden gecompenseerd door een aframing van uitgaven op de budgetten Overige aankopen en Overige perceptiekosten binnen taakveld heffingen. B. Bij te ramen schoonmaakkosten voor het Stadskantoor kunnen worden gedekt uit af te ramen afval- en reinigingskosten Stadskantoor.

25

0

6.

Nieuw beleid

In dit hoofdstuk onze voorstellen voor nieuw beleid. De financiële gevolgen hiervan zijn doorberekend in de financiële ruimte. Uiteraard is het aan de raad om te beslissen welke voorstellen moeten worden uitgevoerd en welke eventueel niet. Daarnaast bent u uiteraard in de gelegenheid om -via amendement- andere voorstellen voor nieuw beleid in te dienen en hierover met elkaar de discussie aan te gaan. Wel wijzen wij er op dat als door de raad nieuwe voorstellen voor nieuw beleid worden ingediend, het gebruikelijk is dat de financiële dekking hiervan in het amendement wordt aangegeven.

In de tabel hieronder de voorstellen voor het nieuw beleid Omschrijving programma 1 bestuur en ondersteuning Gemeenteraadverkiezingen: opleiding en toets Griffie: loon VNG Congres

2022

2023

2024

2025

-10 -20 -20

-20

-20

-20

programma 3 beheer openbare ruimte kapitaallasten nieuwe investeringen

-88

kapitaallasten Investering Boschplein

-42

-42

-42

Programma 5 Samenleving subsidie ventilatie scholen (SUVIS) Tweemaster.

-13

financiering Taalhuis Westfriesland Additionele plekken beschut werk

-19 -23

-19 -23

-19 -23

-19 -23

Herdenking en viering 1572 1573 herontwikkeling Sportpark Immerhorn kapitaallasten

-15

-10 -87

-87

-87

Saldo mutaties

-120

-201

-191

-279

26

Toelichting nieuw beleid

Programma 1 Bestuur en ondersteuning Gemeenteraadsverkiezingen (2022: € 10.000 nadeel) In 2022 zijn gemeenteraadsverkiezingen. Hierdoor moeten incidentele uitgaven worden geraamd voor o.a. trainingen voor nieuwe raadsleden en de integriteitstoets van wethouders. Griffie (2022 e.v. € 20.000 nadeel) De reguliere loonkosten voor de griffie blijken al enige tijd niet binnen budget te passen. Dit is niet eerder geconstateerd omdat gedurende langere periodes sprake is geweest van inhuur, waarvoor aanvullend budget is gevoteerd. Mede vanwege de inschaling van de nieuwe griffier dient nu structureel € 20.000 te worden bijgeraamd. VNG congres (2022: € 22.000 nadeel) Incidentele uitgaven inzake het VNG Congres in 2022.

Programma 3 Beheer Openbare ruimte Herinrichting Boschplein In 2017 is aan omwonenden van het Boschplein de toezegging gedaan dat het Boschplein opnieuw wordt ingericht. Een deel van de omgeving van het Boschplein heeft hinder van water op straat bij de huidige zware buien. De wateroverlast is onderzocht waarbij het noodzakelijk is aanpassingen uit te voeren in de openbare ruimte. Nu de te nemen maatregelen voor het 'klimaatadaptief' maken van het Boschplein bekend zijn, kan een doorstart worden gemaakt met het project. In dit project wordt het Boschplein opnieuw ingericht en worden de direct aangrenzende weggedeeltes afgekoppeld van het vuilwaterriool. De inrichting, het groen en openbare verlichting op het Boschplein worden vervangen. De investering bedraagt € 450.000; de kapitaalasten vanaf 2023 bedragen € 42.000. Herinrichting Westerstraat De Westerstraat is een van de belangrijke toegangswegen van Enkhuizen. De bomen in de Westerstraat bepalen voor een groot deel het beeld van de Westerstraat. Uit onderzoek is gebleken dat de wegen, voetpaden en de riolering in de Westerstraat -van de Koepoort tot aan de Molenweg- aan vervanging toe zijn. De bomen in de Westerstraat zijn waardevol maar zorgen ook door wortelopdruk aan het wegdek. Door de wortelopdruk vormt de afwatering van de voet naar de weg een probleem.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10187192/1