EP LIOR 104 Richtlijn Toegankelijkheid openbare ruimte
Tekst van het document
x
–
x
- Beide uiteinden horizontaal ≥ 0,30 m voorbij de trede rand laten steken.
x
–
x
- De leuning liefst ook boven tussenbordessen door laten lopen.
–
–
x
Nvt
n n
n
Loopoppervlak
Gebruiken Nvt
Tip
'Verplaatsen' onderdeel 'Loopoppervlak'.
Tijdens momenten van gladheidbestrijding is er op trappen extra aandacht nodig.
Gemeente Enkhuizen - 30
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
Uitvoeringsniveau 'Hoog' extra aandachtspunten: - De minimale breedte 2,40 m. - Maximale optrede 0,13 m. - Voor de geleiding van mensen met een visuele beperking op de trappen is de PBT richtlijn 'Routegeleiding' van toepassing (zie bijlage 1).
Loopzone van trap wegleiden
Gemeente Enkhuizen - 31
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
6.10 Toegankelijkheidseisen aan hellingen in loopzones Uitvoeringsniveau: Basis
HIOR
ASVV 12
- Hellingen flauwer dan 1:25 *] worden niet als helling aangemerkt.
ITS
Definitie
Betekenis tekens zie bijlage 3
x
–
x
x
–
x
- Bij hellingen steiler dan 1:25 dient binnen 50 m een trap aanwezig te zijn.
x
x
x
In elke situatie is de verlichting afgestemd op hetgeen mensen er willen zien.
n n
n
Kleurcontrast Nvt
n n
n
Horen
Nvt
Nvt
n n
n
Tasten
Nvt
Nvt
n n
n
Ver-
Loopruimte
- Vrije breedte tussen leuningen ≥ 1,20 m.
x
x
x
- ≥ 1,20 x 2,00 m als men recht op de helling aan komt rijden.
x
–
x
- ≥ 2,10 x 2,10 m bij een aanrijdroute van opzij en bij bocht (HIOR 2 x 2 m)
x
x
x
- In bocht van hellingbaan dient loopzone horizontaal te liggen.
x
–
x
- Een bocht kost extra energie. Hellingbanen daarom zo gestrekt mogelijk.
x
–
x
- Geen dwarshelling op hellende vlakken toepassen (HIOR maximaal 1:50).
x
–
x
Hoogtever-
≤ 0,02 m kan zonder helling. Een afgeronde rand maakt oprijden lichter.
x
–
x
schillen
≥ 0,02 en ≤ 0,05 m: helling 1:6 (16,6%) (HIOR: alle helling oude formule).
x
± –
≥ 0,05 en ≤ 0,10 m: helling 1:10. Zie ook 6.1 voor uitvoering trottoiroprit.
x
± x
≥ 0,10 en ≤ 0,25 m: helling liefst 1:16 (6,25%), maar flauwer 1:12.
x
± x
≥ 0,25 en ≤ 0,50 m: helling liefst 1:20 (5%), maar flauwer 1:16.
x
± x
≥ 0,50 en ≤ 1,00 m: helling liefst flauwer 1:25, maar flauwer 1:20 *].
x
± x
≥ 1,00 m: helling flauwer dan 1:25 (4%). Deze hellingshoek heeft voorkeur.
x
± x
*] Realiseer u dat met de opgegeven hellingshoeken een hoogteverschil ≥ 0,30 m een groot obstakel is voor mensen met weinig kracht en uithoudingsvermogen. Ook bij 1:25 kosten hoogteverschillen veel energie die men liever in het doel van de rit stopt. Randvoor
- Behalve bij tunnels dient binnen 50 m van elke hellingbaan het hoogtever-
waarde
schil ook met een trap (of lift) overbrugd te kunnen worden. - Conform het Bouwbesluit maximaal 1,00 m hoogteverschil met hellingbaan overbruggen. Dit betreft het totaal te overbruggen hoogteverschil. Hoger dan 1 m is alleen geschikt voor elektrische rolstoel en scootmobiel.
Zien
Verlichting
plaatsen
- Boven en onderaan de hellingbaan een obstakelvrije ruimte:
Eén en ander is af te lezen in de figuur op de volgende bladzijde.
x
*] Let op: Na iedere 0,50 m hoogteverschil is een horizontaal vlak van minimaal 1,50 m lengte nodig. Wanneer dit vlak tevens wordt benut voor het maken van een bocht ≥ 2,10 x 2,10 m. Omdat een helling flauwer dan 1:25 niet als hellingbaan wordt aangemerkt, is er bij 1:25 geen horizontaal vlak nodig. Daarom kritisch kijken of 1:25 een kortere helling biedt. De hellingshoek is prettiger en het aanzicht is veel rustiger.
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Loopop-
Voor materiaalkeuze en uitvoering zie eerste 6 aandachtstreepjes bij '6.1 -
x
–
x
pervlak
'Verplaatsen' onderdeel 'Loopoppervlak'.
Valbeveili-
Verticaal hoogteverschil naast hellingbaan:
ging
- ≥ 0,05 en ≤ 0,25 m: Voorzien in een opstaande rand ≥ 0,05 m.
x
x
x
- ≥ 0,25 m: Voorzien in een stabiele vrij te omvatten leuning tussen 0,85 en
x
x
x
0,95 m hoogte. Omtrek te omvatten deel ≤ 0,15 m (zie tekening bij 6.9).
x
–
–
- ≥ 0,50 m en ≤ 1,00 m: Aan weerskanten van de helling een afrijdbeveiliging
x
x
x
van ≥ 0,90 m hoog. Deze eis vervalt als de 'berm' flauwer is dan 1:16.
x
–
–
Gemeente Enkhuizen - 32
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
Tip
Uitvoeringsniveau 'Hoog' extra aandachtspunten: - De minimale breedte 2,40 m. - Bij hoogteverschil groter 0,10 m de hellingshoek flauwer 1:25. - Voor de geleiding van mensen met een visuele beperking is PBT richtlijn 'Routegeleiding' van toepassing (zie bijlage 1). - Waar mogelijk de overgangen van vlak naar hellend markeren met kleurcontrast.
Gemeente Enkhuizen - 33
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
Bijlage 1: Maatregelen voor mensen met een visuele beperking LANDELIJKE RICHTLIJN PBTconsult heeft een richtlijn opgesteld met routegeleiding voor mensen met een visuele beperking. Dit in nauw overleg met belangrijke landelijke belangenbehartigingsorganisaties voor mensen met een beperking. Namelijk Iederin (voorheen CG-raad) en de Oogvereniging ondersteunen de uitwerking (het gaat niet om een commercieel product). Prorail past de richtlijn toe bij het aanbrengen van routegeleiding op alle treinstations in Nederland. Hieronder de hoofdlijnen uit de richtlijn. De gehele richtlijn is in te zien op www.PBTconsult.nl/ontwerprichtlijnen. GEMEENTE ENKHUIZEN gaat bushaltes en straten in uitvoeringsniveau ‘Hoog’ (rood op de plattegrond bijlage 4) voorzien van een sluitende routegeleiding. Vooral met gidslijnen en waar nodig verbindende geleidelijnen. Bij uitvoeringniveau ‘Basis’ zal op actieve wijze worden voorzien in gidslijnen. ASVV 2012 Ook in de ASVV 2012 wordt onderscheid gemaakt in onderstaande gebieden: - Centrumgebied met compleet netwerk van gids- en geleidelijnen met bijbehorende markeringen. - Op wijkontsluitende wegen, woonstraat e.d. wel gidslijnen, maar niet verbonden met geleidelijnen.
KLEURCONTRAST EN GELEIDESTOK Bij voorzieningen voor mensen met een visuele beperking gaat het om het kunnen: - Oriënteren, - Waarnemen, - Gebruiken van informatie, - Gewaarworden van gevaarlijke situaties. Straatmeubilair met voldoende kleurcontrast
Verschillende visuele beperkingen met verschillende oplossingen: - Blinde mensen moeten de route tastend met de geleidestok kunnen volgen. - Voor slechtziende mensen is voldoende kleurcontrast tussen object en achtergrond belangrijk. De één heeft echter kokerfysis terwijl anderen juist de randen van het blikveld scherp zien. - Mensen met een geleidehond hebben een obstakelvrije zone van ≥ 1,20 m nodig om naast hun hond te kunnen lopen. Dit is erg belangrijk voor de onderlinge communicatie. - Maar weinig mensen met een visuele beperking beheersen het braille schrift. Aanduidingen in braille zijn dus niet efficiënt. - Voor mensen met kleurenblindheid de combinatie van groen en rood vermijden.
Lantaarnpaal met voldoende kleurcontrast
Er is geen ideale oplossing waarmee alle bovenstaande gezichtsbeperkingen zijn gecompenseerd, maar de PBT richtlijn biedt wel de meest optimale mix. De geleiding is op te delen in: - Routegeleiding (gidslijn en geleidelijn). - Attenderen op keuzes en veranderingen in de geleidelijn (attentievlak). - Waarschuwen voor gevaar (waarschuwingsmarkering). - Aanduiden van objecten (objectmarkering of een instapmarkering op bushaltes).
Gemeente Enkhuizen - 34
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
GIDSLIJN Een gidslijn is een aaneenschakeling van natuurlijke of reeds aanwezige structuren, die voor mensen met een visuele beperking kan dienen voor het bepalen van richting en plaats. Een gidslijn dient met de voet en geleidestok voelbaar te zijn en wordt niet speciaal aangelegd als routegeleiding. Door ontwerp- en materiaalkeus kunnen gidslijnen wel op actieve wijze worden gerealiseerd. Dit is conform de bedoelingen in ASVV 2012. Voorbeelden van een gidslijn: gevellijn, gazonrand, muurtje of voelbare verschillen in bestratingmateriaal. Opstaande randen zijn te volgen als ze meer dan 0,05 m hoog zijn. Een trottoirband kan niet als gidslijn dienen. Gidslijnen gelden in uitvoeringsniveau ‘Basis’ en ‘Hoog’. Bij ‘Hoog’ zijn ze met geleidelijnen verbonden tot een sluitende route. GELEIDELIJN Geleidelijnen zijn specifiek aangelegde lijnen met een ribbelpatroon. Er zijn 3 verschillende basistypen ribbels. Op de geleidelijn is het veilig en 0,60 m aan weerskanten. Die zone is dus obstakel vrij en ligt nooit op een rijbaan of fietspad. Geleidelijnen liggen daarom ook alleen in voetgangersgebieden. Ook markeringen om plaatsen van gevaar en keuze aan te geven, zijn onderdeel van een geleidelijn. In Shared space zones wordt verwacht dat gebruikers op elkaar inspelen. Dat lukt mensen met een visuele beperking niet.
UITVOERINGSNIVEAU ‘HOOG’ Voor dit uitvoeringsniveau gleden voor de routegeleiding onderstaande normeringen die in beknopte weergave zijn overgenomen uit de eerder genoemde richtlijn. Omdat het een beknopte weergave betreft, dient de detailkennis bij de uitwerking van de routegeleiding uit de richtlijn gehaald te worden. Bij het ontwerpen van routegeleiding kan er vanuit worden gegaan dat mensen met een visuele beperking nooit ongeoefend een route gebruiken. ATTENTIEVLAK Een attentievlak is een extra attendering dat er iets in de geleidelijn is op te merken. Het vlak van 0,60 x 0,60 m ligt in de geleidelijn en wordt gevormd door de zelfde bestrating als omliggend. Op specifieke plekken is een attentiemarkering maar 0,30 m x 0,60 m (zie richtlijn). MARKERINGEN In een geleidelijn zijn markeringen opgenomen als ‘codes’ voor bepaalde functies. Er zijn 3 verschillende: - De waarschuwingmarkering duidt de overgang aan naar een gevaarlijke zone of het einde van de geleidelijn zonder dat deze overgaat in een gidslijn (eindemarkering). Voor deze functie zijn de noppentegels. - De objectmarkering (0,60 x 0,60 m) ligt naast een geleidelijn ter hoogte van een object waar men belang in kan hebben (bv kaartjesautomaat). Meteen er naast ligt in de geleidelijn een attentiemarkering. Voor deze functie worden vlakke klanktegels gebruikt.
- De instapmarkering ligt alleen op busperrons aan het eind van een geleidelijn op de plek waar de bus met de voordeur stopt. Het materiaal is het zelfde als een objectmarkering maar de afmeting is 0,90 x 0,60 m. Let op! Dit overzicht is zeer beknopt omdat het in de richtlijn ± 30 bladzijden betreft.
Gemeente Enkhuizen - 35
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
ONDERLINGE AANSLUITINGEN Als ze in elkaars verlengde liggen overlappen een gids- en een geleidelijn elkaar 0,60 m. Men loopt midden op de geleidelijn en een gidslijn ligt op één van uitzwaaikanten van de geleidestok. Om rechtuit te kunnen lopen dient de geleidelijn daarom op 0,60 m afstand van de gidslijn te liggen. Wanneer de geleidelijn haaks of schuin op de gidslijn staat, volstaat een attentiemarkering. In deze situatie is 0,30 x 0,60 m voldoende. Bij een einde van een geleidelijn zonder vervolg op een gidslijn dient een waarschuwingsmarkering (0,60 x 0,60 m) te liggen vooraf gegaan door een attentiemarkering met 0,30 m lengte. TRAPPEN Leuningen dienen dmv. een gids- of geleidelijn gemakkelijk te vinden zijn. Een geleidelijn 0,60 m naast de leuning uit laten komen: - Onderaan de trap (omhoog lopend) bij de linkerleuning. - Bovenaan (omlaag lopend) op de rechter leuning. Bovenaan de trap bovendien een waarschuwingsmarkering toepassen op 0,60 m voor de afstap. De afstap bij de bovenste en onderste trede over de volle trapbreedte markeren met voldoende kleurcontrast tussen verharding en trede. Bovenaan bovendien een waarschuwingsmarkering. Advies: Op tussenliggende treden alleen op de buitenste 0,30 m van de trede een opvallende lijn of stippen. HELLINGBANEN Geleidelijnen kunnen doorlopen over hellingbanen.
Bij hellingen steiler dan 1:20 in de geleidelijn, onder- en bovenaan de helling, op de knik een attentiemarkering van 0,30 m. BUSHALTE Onderstaand een principe van de routegeleiding op een bushalte vanaf een gidslijn met een gidslijn naar de instapmarkering.
Gemeente Enkhuizen - 36
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
Bijlage 2: Relevante toegankelijkheidseisen uit Bouwbesluit 2012 Op 1april 2012 werd een nieuwe versie van het Bouwbesluit van kracht. Er zijn grote wijzigingen in de inhoud. Het Bouwbesluit is niet bedoeld voor de openbare ruimte, maar geeft wel richtlijn op de aansluiting van gebouwen op de openbare ruimte. Bovendien kunnen onderstaande afdelingen van de wet als uitgangspunt voor de openbare ruimte dienen.
Hoogteverschillen
Noodzaak: Vanaf 0,21 m hoogteverschil voorzien in een vaste hellingbaan of trap.
Trappen (afd. 2.5) Trap nieuwbouw: afd 2.5
woongebouw
Minimale aantrede op klimlijn/haaks op voorkant trede Minimale treebreedte op klimlijn Minimale breedte van de trede Maximale optrede Leuning noodzaak Leuning hoogte Maximale totale traphoogte
vluchtweg
≥ 0,22 m
andere gebouwen ≥ 0,185 m
≥ 0,23 m ≥ 0,05 m ≤ 0,188 m
≥ 0,23 m ≥ 0,05 m ≤ 0,21 m
≥ 0,23 m ≥ 0,05 m ≤ 0,21 m
≥ 0.181
0,80 m+ en 1,00 m+ boven klimlijn ≤ 4,00 m
Hellingbanen (afd.2.6)
Minimale breedte: ≥ 1,10 m. Maximaal te overbruggen hoogteverschil: ≤ 1,00 m (het totale hoogteverschil). Hellingshoek 1:12 bij hoogteverschillen ≤ 0,25 m. Hellingshoek 1:16 bij hoogteverschillen ≥ 0,25 en ≤ 0,50 m. Hellingshoek 1:20 bij hoogteverschillen ≥ 0,50 en ≤ 1,00 m. Aan de bovenzijde een horizontaal obstakelvrij bordes van 1,40 x 1,40 m. Opstaande rand van ≥ 0,04 m hoogte als afrijbeveiling.
Bereikbaarheid gebouwen (afd. 6.10) Bij gebouwen met een toegankelijkheidszone dient de openbare ruimte gekoppeld te zijn aan de entree die de toegankelijkheidszone ontsluit. Dit geldt ook voor de route naar toegang(en) van een woongebouw met een toegankelijkheidszone.
Gemeente Enkhuizen - 37
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
Bijlage 3: Afkortingen en websites Afkortingen ASVV
Aanbeveling Stedelijke Verkeersvoorzieningen (handboek voor het inrichten van openbare ruimte binnen de bebouwde kom. Uitgegeven door het CROW, nieuwste uitgave 2012).
AWBZ
Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten. Financieringswet voor onverzekerbare ziektekosten
BB
Bouwbesluit (bouwwetgeving voor gebouwen en bruggen e.d.)
BWT
Bouw en woningtoezicht
CG-raad Chronisch zieken en gehandicaptenraad. Landelijke belangenbehartigingsorganisatie. CROW
Centrum voor Regeltechniek en Onderzoek in grond-, water- en wegenbouw en de Verkeerstechniek. CROW bundelt kennis en stelt richtlijnen op (zonder wettelijke status)
DO
Definitief ontwerp
GPA
Gehandicapten Parkeerplaats Algemeen
HIOR
Handboek Inrichting Openbare Ruimte van gemeente Enkhuizen
HvT
Handboek voor Toegankelijkheid uitgeven door de SDU. Dit handboek heeft het hoogste aanzien van de Nederlandse informatiebronnen over toegankelijkheid
ITS
Internationaal Toegankelijkheidssymbool
MO
Afdeling Maatschappelijke Ondersteuning
NEN
Nederlands norminstituut (NEN 1814 behandelt het onderwerp toegankelijkheid)
Nvt
Niet van toepassing
PBT
Projectbureau Toegankelijkheid
PvE
Programma van Eisen
SO
Schets ontwerp
VO
Voorlopig ontwerp
VRI
Verkeersregelinstallatie (stoplicht bij voetgangers oversteek)
Wmo
Wet maatschappelijk ondersteuning
Kissing gate: Fietssluis uitgevoerd met een draaihek in de sluis
Tekens in tabellen –
onderwerp staat niet beschreven in HIOR, ASVV 2012 of ITS-criteria
x
onderwerp staat wel beschreven en komt overeen met richtlijn Enkhuizen
n
onderwerp is niet van toepassing
≥
Groter dan
≤
Kleiner dan
Websites www.pbtconsult.nl www.cg-raad.nl www.oogvereniging.nl www.crow.nl www.enkhuizen.nl
Gemeente Enkhuizen - 38
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
Bijlage 4: Uitvoeringsniveaus op plattegrond van de stad Rode lijn: de hoofdroutes waarop kwaliteitsniveau ‘hoog’ van toepassing is. Groene lijn: belangrijke openbare bestemmingen (station, winkels, kerk, wijkcentrum). Blauwe lijn: gebouwen met een woonfunctie voor kwetsbare burgers.
Gemeente Enkhuizen - 39
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
Uitvergroting van het centrum
Gemeente Enkhuizen - 40
Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen
Uitvergroting Enkhuizen Noord
Gemeente Enkhuizen - 41