CConstaterende datEnkhuizen
Koppel je AI →
Document · PDF

EP LIOR 104 Richtlijn Toegankelijkheid openbare ruimte

gemeenteraad 21 juni 2022, gemeente EnkhuizenBij agendapunt: Uitwerkingsplan en Exploitatieplan Gommerwijk West-West11.480 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Richtlijn ‘Toegankelijkheid openbare ruimte’ minimum kwaliteitsniveau gemeente Enkhuizen

Deze richtlijn ‘Toegankelijkheid openbare ruimte' is een uitgave van gemeente Enkhuizen. De richtlijn bevat specifieke achtergrond informatie en technische criteria voor de uitvoering van de toegankelijkheid in de openbare ruimte voor mensen met een beperking. De criteria zijn zodanig beschreven dat de toegankelijkheidsambitie van de gemeente Enkhuizen in meetbare waarden van toepassing is te verklaren. Voor het van toepassing verklaren van de richtlijn is er een specifieke versie zonder alle overlappende criteria met het Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) en de daarin benoemde ASVV 2012. Omdat die overlap vooral de ASVV 2012 betreft, dient de nieuwste versie van de ASVV nog in het HIOR van toepassing verklaard te worden.

Colofon

BATZwolle Bouwadvies Toegankelijkheid Anjerweg 26 8242 CS Zwolle Telefoon: 038 – 422 77 94 fransschuurman@telfort.nl

Teksten: Frans Schuurman Versie - maart 2014

De eigendomsrechten rusten bij BAT Zwolle. Met bronvermelding mogen delen uit de richtlijn worden gebruikt.

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Voorwoord Een goede toegankelijkheid van de gemeente Enkhuizen is belangrijk. Voor alle inwoners van Enkhuizen en natuurlijk ook voor alle bezoekers van Enkhuizen. Wij, het college van Burgemeester en Wethouders van Enkhuizen, zijn dan ook vereerd dat sinds juli 2011 ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ is opgericht. Deze werkgroep bestaat uit vrijwilligers die zeer betrokken zijn bij Enkhuizen en haar inwoners. De werkgroep geeft regelmatig advies aan de gemeente Enkhuizen over haar toegankelijkheid in de openbare ruimte.

Maar wat verstaan we onder een goede toegankelijkheid? Wat voor de één goed toegankelijk is, is voor de ander niet goed genoeg. Denk aan iemand met een visuele beperking, of iemand die aan een rolstoel gebonden is. Maar ook iemand die met een kinderwagen naar de winkel wil, kan opeens letterlijk tegen obstakels aanlopen. We leven in een participatiemaatschappij, iedereen hoort, ondanks zijn of haar beperkingen, mee kunnen doen met de samenleving. Een goede toegankelijkheid is hier een voorwaarde voor.

Hoe kunnen we met een goede toegankelijkheid rekening houden in een stad als Enkhuizen? Enkhuizen heeft sinds het jaar 1356 stadsrechten. Dit zegt iets over hoe de binnenstad is ingericht en kan de mogelijkheden voor het toegankelijk maken van de stad beperken. Toch zijn er ook kansen. De hierboven genoemde vragen hebben we proberen te beantwoorden in dit document. Deze richtlijn toegankelijkheid openbare ruimte omschrijft heel concreet en meetbaar hoe wij de toegankelijkheid in Enkhuizen willen zien. Daarnaast staat ook zeer nauwkeurig aangegeven welke delen van de gemeente Enkhuizen nog meer aandacht behoeft als het gaat om toegankelijkheid. Het gaat hierbij om onder andere de Westerstraat en de Molenweg. De gebruikers van deze richtlijn zijn de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ en de gemeente Enkhuizen zelf. De ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ zal deze richtlijn gebruiken bij het adviseren over de toegankelijkheid van de gemeente Enkhuizen. Zij gebruiken een versie van de richtlijn waarin ook de regels die voortkomen uit de ASVV 2012 (Aanbevelingen Stedelijke Verkeersvoorzieningen) en de HIOR (Handboek Inrichting Openbare Ruimte) staan omschreven. De gemeente Enkhuizen zal de richtlijn gaan gebruiken bij de inrichting van de openbare ruimte en gebruiken de beknopte versie. In de beknopte versie staan alleen de regels die niet omschreven staan in de ASVV 2012 en de HIOR.

De ASVV 2012 en de HIOR worden standaard gebruikt bij de inrichting van de openbare ruimte. De Richtlijn toegankelijkheid openbare ruimte is hier een oplegger voor. Deze richtlijn heeft niet kunnen bestaan zonder de nauwe samenwerking tussen de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ en de gemeente Enkhuizen. Wij willen dan ook de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ bedanken voor haar inzet, de samenwerking en de adviezen die hier uit voort zijn gekomen. Daarnaast willen we Bouwadvies Toegankelijkheid bedanken voor ondersteunen van dit proces. Enkhuizen, 25 februari 2014 Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van E n k h u i z e n Namens dezen,

M.W. Olierook, wethouder

Gemeente Enkhuizen - 3

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Gemeente Enkhuizen - 4

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Inhoud Voorwoord ....................................................................................................... 3 Inhoud ............................................................................................................ 5 1.

Inleiding.................................................................................................. 6

2.

Het begrip ‘Toegankelijkheid’ ..................................................................... 8

3.

Ambitie toegankelijkheid ........................................................................... 9

4.

Rollen en verantwoordelijkheden ............................................................. 10

5.

Uitvoeringsniveaus ................................................................................. 11

6.

Toegankelijkheidseisen ........................................................................... 13 6.1 Toegankelijkheidseisen aan voetpaden en trottoirs .............................. 14 6.2 Toegankelijkheidseisen aan voetgangersoversteekplaatsen .................. 18 6.3 Toegankelijkheidseisen aan fietspaden ............................................... 20 6.4 Toegankelijkheidseisen aan pleinen ................................................... 21 6.5 Toegankelijkheidseisen aan parkeren en GPA's ................................... 22 6.6 Toegankelijkheidseisen aan bushaltes ................................................ 24 6.7 Toegankelijkheidseisen wijk- en buurtparken (en natuurgebieden) ........ 26 6.8 Toegankelijkheidseisen aan straatmeubilair ........................................ 28 6.9 Toegankelijkheidseisen aan trappen ................................................... 30 6.10 Toegankelijkheidseisen aan hellingen in loopzones ............................ 32

Bijlage 1: Maatregelen voor mensen met een visuele beperking .......................... 34 Bijlage 2: Relevante toegankelijkheidseisen uit Bouwbesluit 2012 ........................ 37 Bijlage 3: Afkortingen en websites.................................................................... 38 Bijlage 4: Uitvoeringsniveaus op plattegrond van de stad ................................... 39

Gemeente Enkhuizen - 5

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

1.

Inleiding

Voor u ligt de richtlijn ‘Toegankelijkheid openbare ruimte’ van de gemeente Enkhuizen. Deze richtlijn is een aanvulling op het Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) en geeft het minimum kwaliteitsniveau voor de praktische uitvoering van de toegankelijkheid voor mensen met een beperking. AANLEIDING Op het gebied van zorg- en welzijn is er de laatste jaren een kanteling gaande in het denken, de uitvoering en de financiering. Het kabinet spreekt van een participatiemaatschappij. Een maatschappij waarin zonder tussenkomst van de overheid gezamenlijke initiatieven van burgers ontstaan om zelf knelpunten op te lossen. Van individuele burgers wordt verwacht dat ze zoveel mogelijk hun eigen mogelijkheden benutten en moeilijkheden oplossen (Eigen regie en Eigen kracht) of ondersteuning organiseren uit het eigen netwerk. Bij die denkwijze vormt de gebouwde omgeving een belangrijke voorwaarde om daadwerkelijk te kunnen participeren en de eigen mogelijkheden optimaal te kunnen benutten. Onder die voorwaarde kunnen mensen langer zelfstandig functioneren met voldoende kwaliteit van leven. Met prestatieveld 5 vraagt de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) van gemeenten dat zij met inclusief beleid, op algemene collectieve wijze, de deelname aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig functioneren bevorderen.

ONDERWERP Omdat het huidige Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) de toegankelijkheid maar beperkt meetbaar beschrijft, is daarom besloten het minimum kwaliteitsniveau in een specifieke richtlijn te beschrijven en deze in de HIOR te verankeren. De gemeente kan een soortgelijke aanpak niet aan derden opleggen, maar hen wel stimuleren het zelfde te doen als burgers er gebruik van gaan maken. Dit zal mogelijk in een later stadium worden opgepakt. DOEL Door de toegankelijkheid goed in beeld te brengen, het in meetbare criteria te beschrijven, heldere afspraken te maken en het onderwerp vanaf de start in de planvorming mee te nemen, zullen nieuwe projecten veel minder of geen belemmeringen opwerpen. Door een integrale aanpak kan dit vrijwel budgettair neutraal, terwijl er sprake zal zijn van een beter eindproduct doordat er niet in een laat stadium of achteraf iets aan een bestaand concept wordt toegevoegd. De benodigde uitvoering van een goede toegankelijkheid kan conflicteren met het historische stadsbeeld. Omdat ook die waarde van groot belang is voor Enkhuizen, zal per keer een afweging gemaakt moeten worden en een next best oplossing vastgesteld. BURGERINSPRAAK Gemeente Enkhuizen hecht aan burgerinspraak. Op actieve wijze zal zij op strategische momenten plannen voorleggen aan de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’.

Omdat het om een (on)gevraagde adviesrol gaat zijn de adviezen niet bindend. Wanneer een advies niet gehonoreerd kan worden, zal dit besluit in een schriftelijke reactie worden onderbouwd. Van dergelijke reacties zal dossiervorming plaatsvinden om later op de argumentatie terug te kunnen vallen.

Gemeente Enkhuizen - 6

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Wanneer werken zijn afgerond kan de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ op eigen initiatief de situatie toetsen en bevindingen terugkoppelen. De onderlinge betrokkenheid zal ook blijken uit het elkaar op de hoogte houden van komende werkzaamheden. PROCES Om de toegankelijkheidsambitie SMART/meetbaar te verwoorden dient er een minimum kwaliteitsniveau beschreven te zijn. BouwAdviesToegankelijkheid (BAT) heeft een onderlegger voor dit doel geschreven, waardoor gemeenten met deze blauwdruk een eigen minimumniveau kunnen samenstellen. Deze blauwdruk is voorgelegd aan de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’. Hun opmerkingen op de criteria vanuit het gebruikersperspectief, zijn verwerkt tot de eerste versie van de Enkhuizer richtlijn. Met die versie zijn gesprekken gevoerd met medewerkers van de afdelingen Stedelijke ontwikkeling en Stedelijk beheer. Met het doorvoeren van hun opmerking is de definitieve versie ontstaan. Omdat er sprake is van 3 uitvoeringsniveaus heeft de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ op een stadsplattegrond aangegeven welke straten binnen Enkhuizen tot uitvoeringsniveau ‘Hoog’ behoren. De plattegronden zijn in bijlage 4 toegevoegd. Het HIOR wordt momenteel herschreven en daarin wordt het van toepassing kunnen verklaren van het minimum kwaliteitsniveau meegenomen.

Omdat een groot deel van de criteria van het minimumniveau al zijn opgenomen in de ASVV 2012 en deze richtlijn van toepassing wordt verklaard in de nieuwe versie van het HIOR, is er voor gekozen ook een beknopte versie van de richtlijn op te stellen. In deze beknopte versie staan alleen de criteria die niet in de ASVV 2012 staan vermeld of een afwijkende waarde hebben. Als daar aanleiding toe is zullen de bevindingen en praktijkervaringen worden vertaald naar verbeterpunten. Eens per jaar zal er een update van de richtlijn plaatsvinden. Op deze manier en door het toevoegen van praktijkvoorbeelden zal de richtlijn zo dicht mogelijk bij de dagelijkse praktijk komen te staan. De nieuwste editie zal steeds gepubliceerd staan op website www.enkhuizen.nl. LEESWIJZER In hoofdstuk 2 wordt het begrip ‘Toegankelijkheid’ beschreven met in hoofdstuk 3 de daaruit voortvloeiende ambitie. In hoofdstuk 4 worden de verschillende rollen en verantwoordelijkheden rond toegankelijkheid benoemd. Dit kan beknopt omdat de structuur van het HIOR hierin al voorziet. In hoofdstuk 5 staan drie verschillende uitvoeringsniveau beschreven. Hoofdstuk 6 is het inhoudelijke deel van de richtlijn. De technische criteria zijn opgedeeld in 10 verschillende onderdelen van de openbare ruimte en de onderdelen weer in aandachtsgebieden. Het hoofdstuk is daarmee bruikbaar als meetlat, kennisbron en als checklist.

Achter elk item is te zien of het ‘Enkhuizer niveau’ ook voldoet aan de criteria van het Internationaal Toegankelijkheidssymbool (ITS), de HIOR en de ASVV - versie 2012 (een CROW publicatie). Bijlage 1 geeft een globaal overzicht van specifieke maatregelen en de voorzieningen voor mensen met een visuele beperking en in bijlage 2 staat een opsomming van de toegankelijkheidsartikelen van het Bouwbesluit welke invloed hebben op de openbare ruimte. In bijlage 3 staan de afkortingen en belangrijke websites. In bijlage 4 staan de plattegronden weergeven met de straten en gebieden met uitvoeringsniveau ‘Hoog’, zoals de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ dit heeft vastgelegd. Dit handboek is bedoeld voor iedereen die bezig is met de inrichting van de openbare ruimte. De criteria dienen gebruikt te worden bij inrichtingsplannen voor nieuwe openbare ruimte en renovaties.

Gemeente Enkhuizen - 7

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

2.

Het begrip ‘Toegankelijkheid’

Mensen willen kunnen participeren in sociale, economische en culturele activiteiten. Ze willen wonen, werken, consumeren en recreëren. De toegankelijkheid van de gebouwde omgeving is hiervoor essentieel. Dit hoofdstuk is een passage uit de aanbevelingsbrief van de CG-raad aan de minister voor de verdere uitwerking van het begrip toegankelijkheid in het Bouwbesluit. Dit om er voor te zorgen dat de bouwwetgeving betere voorwaarden schept voor zelfredzaamheid en participatie.

‘Toegankelijkheid van de gebouwde omgeving is de eigenschap van buitenruimten, gebouwen en woningen die maakt dat mensen er kunnen doen wat ze volgens de bestemming moeten kunnen doen’. OVERAL Volgens deze definitie uit het ‘Handboek voor Toegankelijkheid’ is toegankelijkheid overal aan de orde waar we iets te doen hebben. Buiten, waar we onderweg zijn, op de bus wachten, de auto parkeren of een brief posten. Toegankelijkheid is aan de orde in gebouwen, waar we werken of bezoeker zijn. Toegankelijkheid is aan de orde in de woning waar we ontspannen, eten, koken, slapen, vrienden ontvangen en onszelf verzorgen. IEDERS BELANG Op iedere plek willen we zo goed mogelijk kunnen doen wat we er te doen hebben. Het houdt in dat we ons gezond en veilig voelen, ons kunnen verplaatsen, dat we er onze handelingen kunnen verrichten, kunnen zien en horen wat we moeten kunnen waarnemen en informatie begrijpen die we moeten begrijpen. Toegankelijkheid is aldus een kwestie van ergonomie en heeft betrekking op vele omgevingsvariabelen, zoals bewegingsruimte, loopruimte, trappen, liften, hellingen, hoogtes en noem maar op. Toegankelijkheid is ieders belang.

Gemeente Enkhuizen - 8

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

3.

Ambitie toegankelijkheid

Toegankelijkheid is de basis voor het functioneren van mensen in hun fysieke leefomgeving en raakt talloze omgevingsvariabelen. De vraag is welke kwaliteit we mogen verwachten van openbare buitenruimten, gebouwen en woningen en hoe deze kwaliteit meetbaar wordt gemaakt. De ontwikkeling die het begrip de afgelopen decennia heeft doorgemaakt heeft geresulteerd in de volgende omschrijving:

‘De gebouwde omgeving moet zodanig bruikbaar, veilig en gezond zijn vormgegeven en ingericht, dat iedereen er onafhankelijk en gelijkwaardig kan functioneren. Plekken voor gezamenlijk gebruik moeten hiertoe ‘toegankelijk’ zijn en plekken voor individueel gebruik ‘aanpasbaar’. IEDEREEN, ONAFHANKELIJK en GELIJKWAARDIG Iedereen heeft behoefte aan bruikbaarheid, veiligheid en gezondheid. De ambitie is dan ook de gebouwde omgeving zodanig in te richten we er feitelijk kunnen doen wat we er moeten kunnen doen, ongeacht de fysieke bouw, vaardigheden en beperkingen.

Obstakel is verwijderd

Fietsen hinderen bij entree apotheek

Versmalling Molenweg door: oprit, stoep en conniferen

Gemeente Enkhuizen - 9

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

4.

Rollen en verantwoordelijkheden

In een realisatietraject van nieuwe openbare ruimte, volgen de initiatieffase, de definitiefase, de ontwerpfase, de voorbereidingsfase en de uitvoeringsfase elkaar op. Na oplevering volgt de overdracht naar beheer en onderhoud. De initiatieffase heeft een plan van aanpak als resultaat en in de definitiefase worden projectkaders en een Programma van eisen opgesteld. De tekeningen, de materiaalkeuzes, het schrijven van het bestek en de aanbesteding volgen in de ontwerp- en voorbereidingsfase. Tijdens de uitvoering is er directievoering met het toezicht. Gemeente Enkhuizen kent onder andere de afdeling ‘Stedelijke ontwikkeling’ en de afdeling ‘Stedelijk beheer’. WERKWIJZE Het eindresultaat van een project is van meerdere medewerkers en/of ingehuurde krachten afhankelijk. De invoering van dit nieuwe onderwerp zal de nodige aandacht vragen voor de borging in de werkprocessen. Het Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) biedt hiervoor voldoende mogelijkheden omdat gemeente Enkhuizen de werkprocessen en verantwoordelijkheden erg duidelijk in dit handboek beschrijft. Het opstellen van een minimum kwaliteitsniveau met borging in de HIOR is daarom afdoende. In de ASVV 2012 worden al veel toegankelijkheidscriteria meegenomen en omdat deze richtlijn onderdeel van de nieuwe versie van het HIOR zal zijn, is er voor gekozen om ook een beknopte versie van de richtlijn te maken.

In deze beknopte versie worden alleen de criteria genoemd die niet in de ASVV 2012 staan. De toegankelijkheid zal gedurende het gehele werkproces bij de reguliere kwaliteitstoetsen en evaluatiemomenten worden meegenomen. INTEGRALE AFWEGING Tijdens de procesvoortgang dient de richtlijn ‘Toegankelijkheid openbare ruimte’ in alle fases consequent te worden toegepast. Wanneer de beoogde uitvoering echter niet mogelijk blijkt, dient besluitvorming in het ontwerpteam plaats te vinden. Bij dit besluit dient rekening te worden gehouden met het feit dat de zwakste schakel in een route de bruikbaarheid van de gehele keten (bv. straat) bepaald. Zoals in hoofdstuk 5 bij uitvoeringsniveau ‘Hoog’ staat beschreven zal op locaties waar de uitvoering niet mogelijk is, of het behouden van het authentieke stadsbeeld een hogere prioriteit heeft dan de toegankelijkheid, vooraf en in samenspraak met de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ een (haalbaar) wensniveau worden bepaald. Een wensniveau is dus situatie gebonden en zal voor elke situatie opnieuw besproken moeten worden. De ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ geeft in dezen een niet bindend advies. Bij complexe situaties is het raadzaam een deskundige in te schakelen.

EVALUATIES Met name bij de eerste projecten zal er na afloop van elke fase terug worden gekeken naar leermomenten die vertaald worden naar verbeterpunten voor de ontwikkeling van vergelijkbare nieuwe projecten. Ook de resultaten van de reguliere en mogelijk extra kwaliteitstoetsen zullen bij de evaluaties worden betrokken.

Gemeente Enkhuizen - 10

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

5.

Uitvoeringsniveaus

Gemeente Enkhuizen heeft de nodige openbare ruimte, waar de inwoners, bezoekers en toeristen zich verplaatsen langs voetpaden, trottoirs, fietspaden, wegen, pleinen en parken. Ook het buitengebied is openbare ruimte met verbindingswegen, erfontsluitende wegen en natuur. Voor het bepalen van een minimaal kwaliteitsniveau is de openbare ruimte opgedeeld in 3 uitvoeringsniveaus, als het om toegankelijkheid gaat. Een basis uitvoeringsniveau voor de gehele stad, dat in centrumgebieden wordt opgeplust naar uitvoeringsniveau ‘Hoog’. Voor het buitengebied is uitvoeringsniveau ‘Laag’ vastgesteld. Het toekennen van uitvoeringsniveaus aan de openbare ruimte volgt uit overleg met de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’. De eisenpakketten dienen als hulpmiddel en niet als doel. De situatie dient immers op het werkelijke gebruik te zijn afgestemd. Wie komen er en wat heeft men nodig? Bij conflicterende belangen gaat de verkeersveiligheid altijd boven ‘Toegankelijkheid’. UITVOERINGSNIVEAU 'BASIS' De openbare ruimte is zo uitgevoerd dat mensen er zelfstandig en gelijkwaardig gebruik van kunnen maken. Zo vallen de voetpaden/trottoirs, oversteekplaatsen, pleinen, wijk- en buurtparken onder dit uitvoeringsniveau. Voor mensen met een visuele beperking is er op actieve wijze voorzien in zoveel mogelijk gidslijnen. Geleidelijnen liggen alleen op bushaltes naar gidslijnen richting de woonbuurten.

UITVOERINGSNIVEAU 'HOOG' Uitvoeringsniveau ‘Hoog’ kenmerkt zich door extra aandachtspunten en aanvullende en/of verscherpte eisen. Het gaat daarbij om bredere looproutes, meer rustbanken en bredere en flauwere trottoiropritten en hellingbanen. Voor mensen met een visuele beperking is er een sluitend net van gids- en geleidelijnen tot het openbaar vervoer en naar en tussen belangrijke publiekstrekkers. De straten met uitvoeringsniveau ‘Hoog’ zijn op de plattegronden van bijlage 4 met rood aangeven. Buiten deze zones ligt er een geleidelijn van bushaltes naar belangrijke publiekstrekkers als bibliotheek, buurtcentra, apotheek, stadskantoor e.d.. Rond een gebouw in uitvoeringsgebied ‘Basis’ (bv. een apotheek) kan uitvoeringsniveau ‘Hoog’ nodig zijn. Tijdens de startfase van projecten daarom een moment inbouwen waarop met logisch nadenken wordt bepaald of het aantal verplaatsingen noodzaakt tot een opschaling.

Gemeente Enkhuizen - 11

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

WENSNIVEAU Waar de authenticiteit van het oude stadscentrum of verkeersveiligheid, conflicteert met de belangen van de toegankelijkheid zal met een wensniveau worden gewerkt. De vestingwallen zullen bv. onder dit wensniveau vallen. In dergelijke situaties zal de projectleider (een niet bindend) advies inwinnen bij de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ voor het vaststellen van het wensniveau. Per situatie is het wensniveau dus maatwerk en dient uitvoeringsniveau ‘Hoog’ optimaal te benaderen. UITVOERINGSNIVEAU 'LAAG' Buiten de bebouwde kom is het niet altijd mogelijk en ook niet nodig om aan het basisniveau te voldoen. De grote verbindingswegen en erfontsluitende wegen buiten de bebouwde kom en de natuurgebieden vallen daarom onder dit lage uitvoeringsniveau. De wegen buiten de bebouwde kom zijn in onderhoud en beheer van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en vallen daarmee buiten de invloedsfeer van de gemeente. Als ze puur voor autoverkeer zijn bedoeld, kunnen binnen bebouwde kom ook delen van wijkontsluitingswegen onder uitvoeringsniveau ‘Laag’ vallen. In natuurgebieden zal ten minste één bruikbare route volgens uitvoeringsniveau ‘Basis’ zijn uitgevoerd, waarlangs men een representatieve beleving van het hele gebied kan krijgen.

Gemeente Enkhuizen - 12

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.

Toegankelijkheidseisen

Er zijn verschillende landelijke richtlijnen in omloop met toegankelijkheidscriteria voor de openbare ruimte. Gemeente Enkhuizen heeft er voor gekozen om aan het Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) een specifieke richtlijn ‘Toegankelijkheid openbare ruimte’ toe te voegen. Alle uit te voeren werken in de openbare ruimte dienen hier in principe aan te voldoen. Afwijken van de richtlijn volgt uit een onderbouwde keuze. De gemeente wil derden stimuleren deze richtlijn ook te gebruiken voor aansluitend particulierterrein met toegang tot gebouwen met een openbare functie. De aspecten zien, horen, tasten, verplaatsen en gebruiken worden als leidraad gebruikt. Om het gebruik van de criteria te vergemakkelijken zijn ze opgebouwd in modules. Door modules samen te voegen kan er voor iedere situatie een op maat gesneden informatie/eisenpakket worden samen gesteld. De modules zijn: 1

Voetpaden en trottoirs

2

Voetgangersoversteekplaatsen

3

Fietspaden

4

Pleinen

5

Parkeren

6

Bushaltes

7

Wijk- en buurtparken en natuurgebieden

8

Straatmeubilair

9

Trappen

10

Hellingen

Tips Bij veel modules staan tips. Deze zijn niet bedoeld als vrijblijvend hoger uitvoeringsniveau, maar willen de aandacht vestigen op zaken die in de praktijk worden vergeten of bieden beproefde slimme oplossingen.

Gemeente Enkhuizen - 13

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.1

Toegankelijkheidseisen aan voetpaden en trottoirs

Uitvoeringsniveau: Basis

HIOR

ASVV 2012

- Loopzones zijn onder te verdelen in: voetpad (vrijliggend) en trottoir (met-

ITS

Definitie

Betekenis tekens zie bijlage 3

n

–

–

- Ruimte voor / situering van loopzones is niet ondergeschikt aan snelverkeer.

n

–

–

- Alleen over korte afstanden is elkaar niet te kunnen passeren aanvaardbaar.

n

–

–

- Alleen bij éénzijdige bebouwing is 1 loopzone aan 1 kant v/d weg afdoende.

n

–

x

een naast de rijbaan). Een route is een aaneenschakeling van loopzones. - Looproutes zijn bedoeld voor voetgangers (met rollator), kinderwagens, rolstoelen, scootmobielen en ander rollend materieel. Voor-

- Loopzones verbinden alle woningen met de hoofdroutes naar voorzieningen

waarden

Zien

en de wijkontsluitende voet- en fietspaden.

- In woonerf zijn geen specifieke loopzones (lastig bij visuele beperking.

n

–

x

Verlichting

In elke situatie is de verlichting afgestemd op hetgeen mensen er willen zien.

n

n

n

Kleurcon-

Obstakels in loopzones uitvoeren met voldoende kleurcontrast met de omlig-

x

–

x

trast

gende elementen. Het gehele obstakel of tussen 1,40 en 1,60 m hoogte een

x

–

–

opvallende band van ≥0,04 m. Tekens

Symbolen conform Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990.

n

–

–

Horen

Nvt

Nvt

n

n

n

Tasten

Routege-

- Bij hoofdroutes tijdens het ontwerp op actieve wijze bruikbare gidslijnen

n

–

x

leiding

realiseren door middel van vorm en / of materiaalkeuze (zie bijlage 1). - Gidslijnen zoveel mogelijk gestrekt en niet onderbroken door obstakels.

n

–

x

- Voorwaarden scheppen op min. risico op hinderlijk gestalde fietsen / auto's.

n

–

x

- Geleidelijnen alleen van OV-haltes naar dichtstbijzijnde bruikbare gidslijn.

n

–

x

- Vrije breedte: ≥ 1,80 m (incidenteel 1,50 m). Hierbij letten op ruimte voor

x

–

x

x

–

x

Verplaat-

Loopzone

sen

overgroeiende heggen en struiken. - Vrije breedte: plaatselijke vernauwing ≥ 1,20 m over maximaal 20 m lengte. - Vrije breedte: incidentele (weinig gebruikt) route ≥ 1,20 m.

– – –

- Vrije breedte: puntversmalling ≥ 1,00 m over maximaal 0,50 m lengte.

0,90

– 0,90

- Haakse bocht: Breedte van beide loopzones ≥ 0,90 m en opgeteld ≥ 1,95 m.

x

–

x

Voor een scootmobiel is deze maat ≥ 2,35 m. Zie plaatje 3 op bladzijde 15.

x

–

x

- Vrije hoogte: ≥ 2,30 m (luifel, reclamebord, zonnescherm, verkeersbord).

x

–

x

- Keerruimte: Tenminste eens per 100 m een draaicirkel van Ø 2,10 m.

–

–

x

Trottoirop-

- Bij uitwerken van looproutes bepalen waar oversteekbewegingen zullen zijn.

n

–

–

ritten

- Op die plekken voorzien in trottoiropritten bij hoogteverschil in oversteek.

x

–

x

- In woonwijken bij voorkeur verhoogde kruisingen toepassen.

n

–

–

- Verkeerdrempels kunnen als gelijkvloerse oversteek dienen (zie 6.2).

n

–

–

- Bij kruispunten met verhoogd trottoir de looproutes naar alle richtingen met

n

–

x

- Hellingshoek flauwer dan 1:10 (Hoogteverschil maximaal 0,10 m).

x

–

x

- Helling breder dan 1,2 m en het schuine vlak niet bol aanleggen.

x

–

x

- Onderaan de trottoiroprit geen klik (maximaal 0,01 m) toepassen.

x

–

x

- Hoogteverschil maximaal 0,10 m (ivm. benodigde hellinglengte).

n

x

x

trottoiropritten/verlaagde trottoirbanden mogelijk maken. Eisen trottoiroprit:

Ver volg op bladzijde 16

Gemeente Enkhuizen - 14

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

1

1000

2

4

max 20 m lengte

1500

Fietssluis: x+y = ≥ 1,95 m. x en y ≥ 0,90 m /bij scootmobielen x ≥ 1,50 m (bij tekening rechts boven is dit met a en b aangegeven)

3

5

1800

Oprit met voldoende lengte en zonder klik

Dwarshelling ≤ 1:50

Gemeente Enkhuizen - 15

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Vervolg van bladzijde 14

Betekenis tekens zie bijlage 3

Vervolg

Vervolg:

- Het trottoir bovenaan de oprit nog ≥ 1,2 m. Een verlaagde trottoirband toe-

verplaat-

Trottoirop-

x

x

x

sen

ritten

passen wanneer deze breedte niet beschikbaar is. Hierdoor kan meteen na –

–

x

- Hekken onderling op ≥ 1,50 m afstand (≥ 0,90 m bij handbewogen rolstoel).

–

–

x

- Naast beide hekken nog ≥ 0,90 m padbreedte breedte.

x

–

x

- De 'overlap' van de hekken maximaal 0,30 m.

–

–

x

- Sluislengte bij kissing gate: ≥ 1,75 m + lengte van het hek.

–

–

–

Loopop-

- Stroef: met waarde 55 conform NEN 2873 ook in natte situatie.

x

x

pervlak

- Vlak en egaal: Oppervlakteoneffenheden in hoogte ≤ 5 mm. Hobbelige op-

x

x

- Verhard en aaneengesloten (minimaal kwaliteit als bij 6.7 - loopoppervlak).

x

–

- Vrij van obstakels (zie o.a. 'Straatmeubilair' voor obstakelvrije zone).

x

–

- Maaswijdte roosters over één zijde of spleetbreedte ≤ 20 mm.

x

x

- Afschot dwars op de looprichting ≤ 1:50.

x

x

- Niveauverschil ≥ 0,02 m wordt gezien als trede (zie 6.9) en dient daarom

x

x

x

x

x

x

Scheidingen Bij een verhoogd trottoir minimaal 0,08 - 0,10 m hoogteverschil met wegdek

x

x

aanhouden. Tussen een fietspad en een trottoir geldt ≥ 0,05 m.

n

x

Loopafstand De loopafstand tussen zitelementen is locatie afhankelijk, maar ≤ 500 m. De

–

x

de trottoirband hellend naar beide zijkanten worden gewerkt (≤ 1:10). - Bij een oversteek de opritten recht tegenover elkaar situeren. Op minder drukke kruispunten kan de oprit in de lijn van diagonaal van kruising. Hierdoor van 4 naar 8 opritten en meestal is er meer ruimte bovenaan de oprit.

Fietssluis

Bij fietssluizen (fietsen weren in voetgangerszones):

pervlakken zijn erg hinderlijk en oncomfortabel voor mensen die zich op wielen voortbewegen. Dit belang kan in tegenspraak zijn met de authentieke bestrating in de binnenstad.

gecombineerd te worden met een hellingbaan (zie 6.10) of lift. - Helling: In de looprichting zoveel mogelijk flauwer dan 1:25. Tot maximaal 1,00 m hoogteverschil is een hellingbaan mogelijk. Hoe groter het hoogteverschil, hoe flauwer de hellingshoek. Voor hellingshoeken en andere uitvoeringseisen zie 6.10 (hellingen). Bruggen

Voor de uitvoeringseisen aan loopbruggen zie 6.7 – Bruggen.

Valbeveiligin Zie valbeveiliging bij 6.9 (trappen) en 6.10 (hellingen).

ASVV 2012 geeft ≤ 200 m. Gebruiken Nvt

Nvt

Tip

Wanneer een oversteek ook een parkeerstrook kruist, kunnen geparkeerde auto's de trottoiroprit blokkeren. Dit is te voorkomen door het trottoir ter plaatse van de trottoiroprit te verbreden tot de rand van de rijbaan (zie foto op volgende bladzijde).

Tip

Door buiten de loopzone ruimte voor afvalcontainers te houden, zullen ook die op de vuilophaaldag niet in de weg staan. Voor ondergrondse verzamelpunten zie hierboven bij ‘Loopoppervlak’.

Tip

Flauwe inritbanden naar privé woonerven (1:10) kunnen tevens als oversteekmogelijkheid dienen.

Tip

Trottoiropritten en eventuele gidslijn / geleidelijn niet combineren (routegeleiding daarbij zo gestrekt mogelijk laten en locatie trottoiroprit daar op afstemmen).

Gemeente Enkhuizen - 16

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Loopzone uitvoeringsniveau 'Hoog' In zones met uitvoeringsniveau ‘Hoog’ en bij loopzones met een hoge intensiteit van voetgangers, dient de loopzone tevens aan onderstaande punten te voldoen: - Vrije breedte ≥ 2,40 m en bij obstakels en versmallingen ≥ 1,80 m. - Obstakel vrije looproute in winkelstraat ≥ 2,40 m breed. Aandachtspunt: Straatmeubilair en andere obstakels zoveel mogelijk in 1 zone 'verzamelen', waardoor er gestrekte obstakelvrije zone(s) ontstaan. Wens: Omdat gevels goed als gidslijn kunnen dienen, heeft het de voorkeur de obstakelvrije zone langs de gevel te laten lopen. Omdat bij winkels uitstallingen in de weg zullen staan, dient dit per verordening geregeld te worden en gehandhaafd. Advies ASVV 2012: “Daartoe de obstakelvrije zone in de bestrating markeren”. Ook zorgen voor voldoende fietsklemmen om de gevels vrij te houden. Wanneer uitstallingen langs de gevel mogen is de tweede keus een gidslijn in de obstakelvrije zone. Om natte voeten te voorkomen is een afwateringsgoot geen goede combi (wel lijngoot). - Een halfverharding is onvoldoende. - In straten met trottoirs minimaal om de 100 m in een trottoiroprit voorzien of een verlaagde trottoirband (uitvoering zie basisniveau). - Hellingen met 0,10 tot 0,25 m hoogteverschil: 1:16. Hellingen met 0,25 tot 0,50 m hoogteverschil: 1:20. Trottoiropritten waar mogelijk 1:12.

- Voorzien in een trottoiroprit ter hoogte van de toegang van publiekstrekkende voorzieningen. - Afstand tussen zitelementen ≤ 300 m (ASVV 2012 geeft ≤ 100 m). - De loopzones geschikt maken om snel en adequaat sneeuw te kunnen ruimen. - Het delen van de verkeersstrook volgens shared space principe, is minder wenselijk vanuit het belang van mensen met een visuele beperking. - De routegeleiding voor mensen met een visuele beperking voldoet aan de in bijlage 1 omschreven PBT richtlijn ‘Routegeleiding' (in te zien op www.PBTconsult.nl/ontwerprichtlijnen). In straten welke op de plattegronden van bijlage 4 in rood zijn aangeven, ligt een sluitende keten van routegeleiding. Dit houdt in dat: - ontbrekende stukken gidslijn met geleidelijnen worden ingevuld, - waar nodig de geleidelijn is voorzien van bijbehorende markeringen. De PBT richtlijn ‘Routegeleiding’ wordt reeds door Prorail gehanteerd en heeft aan de CROW publicatie over bushaltes (Addendum 233) ten grondslag gelegen. Ook in de nieuwe ASVV 2012 wordt naar de richtlijn verwezen.

Heg versmalt loopzone

Zo parkeren auto’s niet voor trottoiroprit

Gemeente Enkhuizen - 17

Bruikbaar model afvalverzamelpunt met rand

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.2

Toegankelijkheidseisen aan voetgangersoversteekplaatsen Betekenis tekens zie bijlage 3

Uitvoeringsniveau: Basis

HIOR

ASVV 2012

Een oversteekplaats in de hier bedoelde context, is op de rijbaan als zodanig

ITS

Definitie

Verlichting

In elke situatie is verlichting afgestemd op hetgeen mensen er willen zien.

n

n

–

Kleurcon-

De bedieningsknop van voetgangerslicht e.d. in signaal kleur.

–

–

–

trast

De zoneaanduiding met voldoende kleurcontrast op het wegdek aangeven.

–

x

–

Tekens

Symbolen conform Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990.

n

n

n

Voor mensen met audiovisuele beperking is er geen extra voorziening nodig.

n

n

n

Routegelei-

In het uitvoeringsniveau ‘Basis’ worden alleen gidslijnen toegepast en geen

n

–

ding

geleidelijnen. Het is wel een wens om het vinden van de oversteekplaatsen in

herkenbaar en voorzien van zoneaanduiding of zebra. Voor minder beduidende oversteken geldt de maatvoering zoals aangegeven bij 6.1. Voorwaar-

- De oversteekplaatsen zijn bedoeld voor voetgangers (met rollator), kinderwa-

den

gens, rolstoelen, scootmobielen en ander rollend materieel. - Een oversteek is de kortste afstand, veilig en met vrije zichtlijnen.

Zien

Horen Tasten

x –

belangrijke doorgaande looproutes, met een gidslijn te vereenvoudigen en: - Bij een vlakke overgang met de rijbaan dient de gidslijn wel over te gaan in

n

–

–

n

x

–

een waarschuwingsmarkering om te voorkomen dat men zonder het te weten op de rijbaan komt te staan. Voor de uitvoering zie bladzijde 19. - Een zoneaanduiding op de oversteek geeft veel duidelijkheid. Ook blindengeleidehonden zijn getraind ze als oversteekplaats te herkennen. Verplaat- Loopruimte

- Vrije breedte en eventuele trottoiroprit ≥ 1,80 m (HIOR 1,20 m).

x

–

x

sen

- Eventuele trottoiroprit flauwer dan 1:10 *1] en ≥ 1,20 x 1,20 m bovenaan.

x

x

x

- Oversteeklengte zonder verkeersregelinstallatie: ≤ 7,0 m /of middengeleider.

n

–

–

- Aan weerskanten van de oversteek vrije ruimte om te keren ≥ 2,30 x 2,30 m. n

–

–

- Belangrijke oversteken / drukke wegen voorzien van een middengeleider.

n

–

–

- Middengeleider in oversteek richting minimaal 2,00 m (HIOR 1,50 m).

n

–

x

- Loopzone middengeleider minimaal 1,80 m breed.

n

–

x

- Loopzone middengeleider vlak met beide rijbanen.

n

x

–

n

n

n

*1] Oversteektijd wordt sterk beïnvloed door hellingshoek oprit en klikdiepte. Loopopp.vlak

Zie eigenschappen bij 6.1.

Verplaatsen

Eventuele voetgangerslichten afstemmen op ≤ 0,8 m/sec loopsnelheid.

n

–

x

VRI’s bij voorkeur met een rateltikker uitrusten.

n

–

–

Eventuele gidslijn liefst in midden van de loopzone. Bedieningsknop voetgan-

x

–

x

Gebruiken Bedieningselementen

Tip

gerslicht tussen 0,90 en 1,20 m hoogte en ± 0,50 m naast de geleidelijn.

Een rollator is bedoeld als steun. Optillen dient daarom niet nodig te zijn. Zeker niet met een boodschappentas. Daarom een gelijkvloerse oversteek op locaties waar veel mensen met tassen lopen.

Tip

Bij een inritconstructie dient niet de zijstraat maar het kruisende trottoir visueel door te lopen.

Tip

Rateltikkers kunnen bij verkeersregelinstallatie (VRI) alternatief voor gidslijnen dienen om de oversteek /drukknop te vinden. Bij meerdere tikkers op één kruising klankonderscheid mogelijk maken.

Tip

Met het plaatsen van verkeersspiegels kunnen gevaarlijke punten veiliger worden gemaakt.

Tip

Verkeersdrempels kunnen als gelijkvloerse oversteek dienen (staat al in HIOR).

Gemeente Enkhuizen - 18

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Voetgangersoversteekplaatsen uitvoeringsniveau 'Hoog' In zones met uitvoeringsniveau 'Hoog' en bij een oversteek met hoge intensiteit van voetgangers, dient de oversteek tevens aan onderstaande punten te voldoen: - Vrije breedte ≥ 2,40 m breed ook bij een eventuele trottoiroprit. - Eventuele trottoiroprit flauwer dan 1:12. - De routegeleiding voor mensen met een visuele beperking voldoet in straten die in bijlage 4 in rood zijn aangeven en op OV haltes, aan de in bijlage 1 omschreven uitvoering. Bij voetgangersoversteekplaatsen komt dit in grote lijnen neer op: - De doorgaande routegeleiding voert met een geleidelijn naar de oversteek. - Niet meer dan één rijbaan + één fietsstrook oversteken. Dus altijd middengeleider toepassen. - Een waarschuwingsmarkering geeft de rand van de veilige loopzone aan en zo de overgang naar de rijbaan (tussen rijbaan en waarschuwingsmarkering 0,15 m). - In de looprichting is de waarschuwingsmarkering 0,60 m breed. - De breedte van de waarschuwingsmarkering is afhankelijk van de lengte van de oversteek. Men moet 5° kunnen afwijken zonder de waarschuwingsmarkering op de andere kant van de oversteek te missen. - Ook een middengeleider voorzien van waarschuwingsmarkeringen. Deze markeringen zijn met een geleidelijn verbonden. - De geleidelijn geeft de richting van de oversteek aan.

De waarschuwingsmarkering kan dus parallel aan de rijbaan liggen als er sprake is van een schuine oversteek. - Bij VRI’s is een rateltikker aanwezig. Bij meerdere rateltikkers op één kruising met klankonderscheid.

- Wens: Bij grote oversteken met verhoogd trottoir, de geleidelijn niet over maar langs de trottoiroprit laten lopen. De waarschuwingsmarkering ligt dan naast de oprit. Bij drukke oversteken wordt deze oplossing lastiger toe te passen omdat 1 richting tegen de stroom in loopt. - Een zebra maakt de oversteek veiliger. Omdat zebra’s niet binnen de ‘spelregels’ van een 30 km zone passen, daar de oversteek met zone aanduidingen uitvoeren.

zone aanduiding

Verkeersdrempel als gelijkvloerse oversteek

 Voorbeeld plaatje uit ‘Richtlijn – routegeleiding’ met informatie over inrichting van oversteek met geleidelijn en markeringsvlakken.

Gemeente Enkhuizen - 19

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.3

Toegankelijkheidseisen aan fietspaden Betekenis tekens zie bijlage 3

Uitvoeringsniveau: Basis

ASVV 2012

Zien

HIOR

Fietspaden zijn in deze richtlijn ‘Openbare ruimte’ opgenomen om de toegankelijkheid voor gehandicaptenvoertuigen te waarborgen. Naast gehandicaptenvoertuigen zijn er 45 km auto’s. De maximale breedte van deze voertuigen is respectievelijk 1,10 en 1,20 m.

waarden

ITS

Voor-

Verlichting

In elke situatie is de verlichting afgestemd op hetgeen mensen er willen zien.

n

–

Kleurcon-

Objecten op de fietsroute in kleurcontrast met de omgeving of tenminste een

n

–

trast

opvallende band (≥ 0,04 m breed) op hoogte tussen 1,4 en 1,60 m. Autowerende paaltjes bovendien minimaal 0,70 m hoog.

n

x

Gebruik van leesbare en begrijpelijke symbolen conform Reglement Verkeers-

n

–

Tekens

regels en Verkeerstekens 1990. Horen

Nvt

Nvt

n

n

n

Tasten

Nvt

Nvt

n

n

n

Verplaat-

Vrije ruim-

Breedte vrij liggende fietspaden:

sen

te

- Eén richting tot 150 fietsen per uur ≥ 2,00 m.

n

x

- Eén richting tot 750 fietsen per uur ≥ 3,00 m.

n

x

- Twee richtingen tot 50 fietsen per uur ≥ 2,50 m.

n

x

- Twee richtingen tot 150 fietsen per uur ≥ 2,50 tot 3,00 m.

n

x

- Twee richtingen > 150 fietsen per uur ≥tot 3,50 m.

n

x

Bij eventuele autowerende paaltjes minimaal 1,20 m vrije doorgang.

n

x

Hellingen conform eisen voor fietsen in de ASVV 2012.

x

x

Bedienings- Minimale (sta)lengte op middengeleiders ≥ 1,80 m. elementen Bedieningsknop voetgangerslicht tussen 0,90 en 1,20 m hoogte.

n

x

ken

n

x

Tip

Let ook op minimale breedte voor strooivoertuigen.

Oppervlak Gebrui-

Fietspaden uitvoeringsniveau 'Hoog' Voor fietspaden zijn er bij het uitvoeringsniveau 'Hoog' geen specifieke kwaliteitseisen.

Gemeente Enkhuizen - 20

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.4

Toegankelijkheidseisen aan pleinen

Enkhuizen kent weinig echte pleinen. Pleinen als het Koperwiekplein, het Boschplein en het Chinaplein, zijn geen pleinen waar ander eisen naar voren komen dan bij de hiervoor genoemde modules van de openbare ruimte. Voor eventueel pleinen in de toekomst, in 6.4 de geldende eisen.

Uitvoeringsniveau: Basis

Betekenis tekens zie bijlage 3

niceerd met de projectmanager. Zien

Verlichting

In elke situatie verlichting afgestemd op hetgeen mensen er willen zien.

Kleurcon-

- Objecten in looproute met voldoende kleurcontrast met de omgeving.

trast

ASVV 2012

beperking. Afwijkingen hierop dienen onderbouwd te worden en gecommu-

HIOR

Gebruikelijke routes over pleinen ook bruikbaar maken voor mensen met een

waarden

ITS

Voor-

n

–

- Tenminste tussen 1,40 - 1,60 m hoogte een opvallende band van 0,04 m.

x

–

- Looproutes markeren door visueel waarneembare afwijkende verharding

x

x

(kleur en/of materiaal). Tekens

Symbolen conform de Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990.

n

–

Horen

Nvt

Nvt

n n

n

Tasten

Routege-

Er is advies op maat nodig voor het leggen van gidslijnen op pleinen waar-

n

–

leiding

mee mensen met een visuele beperking hun weg kunnen vervolgen.

Loopruimte - Vrije breedte looproute: ≥ 2,40 m.

-

–

- Vrije hoogte looproute: ≥ 2,30 m.

x

x

- Draairuimte: ≥ 2,0 x 2,0 m bv onder- en bovenaan helling ASVV: 2,1x2,1 m

x

x

- Gidslijnen niet onnodig onderbroken door geparkeerde auto's en fietsen ed.

n

–

- Bij terrasjes de maximale afmeting van terras in de bestrating weergeven.

n

–

Loopop-

- Helling in looprichting flauwer 1:25 of hellingshoek volgens hoofdstuk 6.10.

x

–

pervlak

- Hellingdwars op looprichting ≤ 1:50.

x

x

- Voldoende stroef met waarde 55 conform NEN 2873.

x

–

- Oppervlakteoneffenheden ≤ 0,005 m).

x

x

- Geen zachte ondergronden. Voor minimale kwaliteit voor verharding zie

x

–

Verplaatsen

‘Loopoppervlak bij 6.1 en 6.4.

Gebruiken

- Spleten en maaswijdte van roosters e.d. over één zijde ≤ 0,02 m.

x

x

Loopafstand

Minimaal één zitgelegenheid om de 100 m. Zie 6.8 voor uitvoering.

n

x

Nvt

Nvt

n n

n

Tip

Pleinen uitvoeringsniveau 'Hoog' Voor pleinen is maar één uitvoeringsniveau waardoor er bij uitvoeringsniveau 'Hoog' geen specifieke uitvoeringseisen zijn. Voor de begeleiding van mensen met een visuele beperking zie het hoge uitvoeringsniveau bij 'Voetpaden en trottoirs' en bij bijlage 1.

Gemeente Enkhuizen - 21

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.5

Toegankelijkheidseisen aan parkeren en GPA's Betekenis tekens zie bijlage 3

Uitvoeringsniveau: Basis

ASVV 2012

winkelcentra gelokaliseerd te zijn, waardoor minimale afstanden ontstaan tot

HIOR

Gehandicaptenparkeerplaatsen Algemeen (GPA) dienen goed verdeeld rond

waarden

ITS

Voor-

Verlichting

In elke situatie is de verlichting afgestemd op hetgeen mensen er willen zien.

n n

n

Visuele

Afmeting aangeven met duidelijke belijning.

x

–

–

markering

Parkeervak aanduiden met kruismarkering of rolstoel pictogram 0,3 x 0,3 m.

x

–

–

Tekens

Parkeerplaats aanduiden met verkeersbord E6 (conform Reglement Ver-

x

x

x

keersregels en Verkeerstekens 1990). Door het bord hoog te plaatsen kan

–

–

–

veel bezochte objecten. De locaties in overleg met ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen’ vaststellen. Bij specifieke gebouwen waar veel bezoekers (hotspots) met een parkeerkaart worden verwacht, voorzien in tenminste één GPA. Zien

het tevens als baken dienen. Waar nodig in extra verwijsborden voorzien. Horen

Nvt

Nvt

n n

n

Tasten

Nvt

Nvt

n n

n

Verplaat-

Loopruimte

Voor looproutes naar een GPA zie eisen bij '6.1 - Voetpaden en trottoirs'.

x

–

x

Maximale

- Wanneer de GPA bedoeld is voor een specifiek gebouw, dient deze maximaal

x

x

x

loopafstand

op 50 m (liefst 25 m) van de hoofdentree gesitueerd te zijn. In voetgangers gebieden is dit maximaal 200 m.

x

–

–

- Voor locaties rond voetgangersgebieden zie ‘Voorwaarden’ bovenaan bij 6.5.

-

–

–

- De route naar dichtstbijzijnde trottoiroprit maximaal 5,00 m over de rijbaan.

x

–

–

Bij drukke wegen in geheel niet over rijbaan, maar met een trottoiroprit

–

–

–

sen

vanaf de GPA. Hoogtever-

- De bij ‘Gebruiksruimte’ genoemde Ø 1,50 m (2 stuks) op parkeerniveau.

x

x

x

schillen

- Parkeervlak in beide richtingen niet te sterk aflopend om te voorkomen dat

x

x

–

de rolstoel weg gaat rijden (vlakker dan 1:50). Gebrui-

Gebruiks-

Afmeting GPA is gebaseerd op een standaard auto 4,5 x 2,0 m.

x

x

–

ken

ruimten

- Bij deze autoafmeting op één lange en één korte zijde van het vak op zelfde

x

x

–

Parkeervak daarom 3,50 m x 5,00 m. Bij parallel parkeren 3,50 x 6,00 m.

x

x

x

- Een half verharding is niet afdoende.

x

–

–

Minimale

Zie 'Maximale loopafstand' bij 'Verplaatsen'. Op parkeerterreinen 2% van het

x

x

x

aantallen

totaal aantal parkeervakken als GPA uitvoeren met een minimum van één.

x

x

x

Betalen

De parkeerbetaalautomaat dient bereikbaar te zijn volgens eisen van '6.1 -

x

x

x

x

–

x

niveau een gebruiksruimte van 1,50 m breed buiten rijbaan en/of fietspad.

Voetpaden en trottoirs'. Alle bedieningselementen tussen 0,70 m en 1,35 m

+

en ≥ 0,50 m uit inwendige hoeken (ASVV 2102: tussen 0,90 en 1,20 m. HIOR: idem + maximale reikhoogte 1,45 m).

Tip

Haaks parkeren heeft de voorkeur boven parallel parkeren. Bij een eenzijdige aanrijdroute heeft visgraad parkeren het voordeel dat men niet zover achterom hoeft te kunnen kijken bij het uitparkeren.

Tip

Bij voldoende ruimte kan het parkeervak op trottoirniveau worden aangebracht. Met de auto is de oprit veel makkelijker te nemen dan met de rolstoel. Ook hier het vak (3,50 x 5,00 m) met duidelijke lijnen aangeven.

Gemeente Enkhuizen - 22

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Tip

Voldoende verlichting in de parkeergarages om te voorkomen dat mensen in rolstoel in het 'schemer' over het hoofd worden gezien bij het uitparkeren.

Tip

In parkeergarages de GPA('s) nabij de lift situeren. NEN 1814 stelt ≤ 20 m.

Tip

Bij parkeergarages een representatief aantal GPA's buiten de parkeergarage situeren omdat men soms met hoge rolstoelbus komt. Ook kunnen niet alle mensen met een beperking, die zelf de auto besturen, ver genoeg uit het autoraam kunnen reiken om de parkeerticket te kunnen pakken.

Tip

In elke stad is het parkeerbeleid rond betalen op GPA's verschillend. Vaak is er nog verschil tussen centrum en wijkwinkelcentra. Daarom is het voor mensen die niet bekend zijn in de stad fijn als op een onderbord bij verkeersbord E6 staat aangeven of men moet betalen en hoeveel. Ook op parkeerbetaalautomaat het betalingsbeleid kenbaar maken.

GPA's uitvoeringsniveau 'Hoog' Voor Gehandicaptenparkeerplaatsen zijn er bij het uitvoeringsniveau 'Hoog' geen specifieke kwaliteitseisen aan het parkeervak. Bij specifieke bestemmingen met uitvoeringsniveau ‘Hoog’ (bijvoorbeeld bibliotheek) is de maximale afstand van GPA tot entree ≤ 50 m. Bij winkelcentra e.d. waar een GPA’s voor meerdere bestemmingen is bedoeld, dienen de onderlinge afstanden ook op een maximale loopafstand afgestemd te zijn. Omdat dit in de praktijk niet haalbaar zal zijn, dient de locatie en verdeling van GPA’s in overleg met de ‘Groep Toegankelijk Enkhuizen vastgesteld te worden.

Verkeersbord E6

 Oplossing met een verlaagd trottoir  Het gearceerde vlak geeft meer duidelijkheid

Gemeente Enkhuizen - 23

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.6

Toegankelijkheidseisen aan bushaltes

Uitvoeringsniveau: Basis

Betekenis tekens zie bijlage 3

CROW addendum 233

landelijke richtlijn ‘CROW addendum 233’ wordt deze ambitie SMART gemaakt

HIOR

In 2015 dient 48% van alle bushaltes bruikbaar te zijn voor iedereen. In de

waarden

ITS

Randvoor

- Het halteperron ligt 0,18 m hoger dan de rijbaan / insteekhaven.

n x

x

- Er is routegeleiding voor mensen met een visuele beperking aanwezig.

n x

x

- De in- en uitrij lengte van een haltekom is zodanig dat een bus op 0,05 m

n –

x

n –

x

met het benoemen van een minimum niveau waar bushaltes aan moeten voldoen. In deze CROW-richtlijn zijn aanwijzingen voor de routegeleiding voor mensen met een visuele beperking gebaseerd op de PBT richtlijn ‘Routegeleiding' (zie bijlage 1). Omdat de CROW richtlijn nog niet aan een nieuwe Europese richtlijn is aangepast, dient tevens de nieuwe uitgave (nov. 2013) van PBT richtlijn ‘Routegeleiding' van toepassing te zijn. De technische randvoorwaarden zijn:

van de halterand kan halteren. Hiervoor is ook een holle perronband nodig. Zien

Verlichting

Het haltebord voldoende verlichten voor het lezen van de vertrekstaat. Het halteperron zodanig verlichten dat reizigers zich veilig kunnen verplaatsen.

Visuele

- Het halteperron is voorzien van een instapmarkering (0,6 x 0,9 m) in con-

n x

x

markering

trast kleur.

n x

x

n –

x

n x

x

- Vanaf instapmarkering ligt een geleidelijn in contrast kleur naar een gidslijn waarmee men de route kan vervolgen. - De geleidelijn dient uitgevoerd te zijn volgens CROW addendum 233 en daarom inclusief waarschuwings-, attentie- en object-markeringen. - Op 0,30 m van de perronrand ligt een rij zwart-wit tegels. Horen

Nvt

Nvt

n n

n

Tasten

Bescher-

Wanneer de looproute een fietspad of rijbaan kruist eindigt de geleidelijn en

n

x

ming

is er voorzien in een waarschuwingsmarkering. x

x

Bij hoogteverschil van ≥ 0,25 m of bij parallellopend fietspad, een hekwerk plaatsen over de gehele lengte van het halte perron.

Verplaat-

Route be-

De geleidelijn voldoet aan de richtlijnen van CROW addendum 233.

n

x

geleiding

De geleidelijn eindigt op een gidslijn waarmee men de route kan vervolgen.

n

x

Reliëf

Braille aanduiding voor halteherkenning is een wens.

n

–

Loopruimte

Nabij een halte paar ligt een bruikbare en veilige oversteek (op de heen- of

sen

x

op de terugreis zullen mensen de weg moeten oversteken). Over de gehele lengte van het pad en het halteperron dient een obstakelvrije

x

zone van ≥ 1,20 m breedte aanwezig te zijn. Hoogtever-

Naar het verhoogde halteperron ligt een hellingbaan:

n

x

schillen

- tot 0,06 m hoogteverschil: 1:6

x

x

- tot 0,10 m hoogteverschil: 1:10

x

x

- tot 0,25 m hoogteverschil: 1:12

x

x

Oppervlakteoneffenheden in het loopoppervlak van het toegangspad en het

x

x

halteperron ≤ 0,005 m.

Gemeente Enkhuizen - 24

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Gebrui-

Elementen

ken

Op het halteperron of binnen 10 m van de instapmarkering voorzien in een

n

x

n x

x

n

x

x

x

zitgelegenheid. De vertrekstaat tussen 1,40 en 1,65 m hoogte met duidelijke cijfers van ± 5 mm hoogte. Gebruiks-

Een obstakelvrije draaicirkel Ø 1,50 m mogelijk maken ter hoogte van de plek

ruimte

waar achterdeur van de bus zich bevindt tijdens het halteren. Daarbij rekening houden met de uitrijplaat van de bus. De situering is gerelateerd aan de instapmarkering door de afstand tussen de voor- en achterdeur van de bus.

Gebruiks-

Zithoogte bankje ± 0,45 – 0,50 m.

hoogte

Tip

Uitvoeringsniveau 'Hoog' Voor bushaltes geldt bij busstations en daar waar meerdere lijnen samen komen, het uitvoeringsniveau 'Hoog'. Dit houdt in: - Goede verwijzing naar de juiste halte. - Tussen alle haltes ligt een sluitende keten van geleidelijnen met bijbehorende markeringen.

Gemeente Enkhuizen - 25

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.7

Toegankelijkheidseisen wijk- en buurtparken (en natuurgebieden)

Uitvoeringsniveau: Basis

(natuurgebieden vallen onder uitvoeringsniveau ‘Laag’)

ASVV 2012

Nabij verzorgingshuizen e.d. is uitvoeringsniveau ‘Hoog’ wenselijk.

HIOR

Natuurgebieden vallen onder uitvoeringsniveau ‘Laag’.

waarde

ITS

Randvoor

Betekenis tekens zie bijlage 3

Zien

Verlichting

In elke situatie is de verlichting afgestemd op hetgeen mensen er willen zien.

n n

n

Horen

Nvt

Nvt

n n

n

Tasten

Gidslijnen

- Routegeleiding alleen met gidslijnen (duidelijke padafscheiding).

n

–

- Geen overgroeiend groen of struiken die het volgen van de rand van het pad

n

–

- Breedte hoofd looproute ≥ 1,80 m.

x

x

- Breedte secondaire looproute ≥ 1,20 m.

x

x

- Plaatselijke vernauwingen ≥ 0,90 m.

x

x

- Gecombineerd fiets-, wandelpad ≥ 3,00 m.

n

–

- Geen overhangende takken lager 2,30 m (niet met romp en hoofd tegen

x

x

x

–

n

–

- Hellingen conform '6.10 - Toegankelijkheidseisen voor hellingen'.

x

x

Loopaf-

Om 500 m een zitgelegenheid. Goede verharding tot de zitgelegenheid en er

n

–

stand

naast verharding zodat rolstoeler bij een gezelschap aan te kunnen sluiten.

Gebruiken

Nvt

Nvt

n n

n

Bruggen

Uitvoering

- Brugdek even breed als pad.

n

–

- Bij het toepassen van een boogvorm is het eerste deel van de brug veel

x

–

- Voor hellingshoek zie '6.10 - Toegankelijkheidseisen aan hellingen'.

x

x

- De leuningen beginnen ≥ 0,30 m eerder dan de brug om te voorkomen dat

x

x

–

–

Wijk- en buurtparken vallen onder uitvoeringsniveau ‘Basis’.

bemoeilijken. De rand van een pad is als gidslijn te gebruiken door het klankverschil tussen verharding en grond/gras. Deze mogelijkheid vervalt wanneer de geleidestok daarbij steeds in de begroeiing verstrikt raakt. Verplaat-

Loopruimte

sen

takken lopen). Loopop-

- Minimaal een stabiele, gelijkmatige halfverharding (geen vervorming aan

pervlak

oppervlak door rolstoelband). - Bestand tegen doorgroei van onkruid. Tevens met padbreedte rekenen op door- en overgroei op de rand van het pad  pad in oorsprong 0,20 m breder dan bedoeld. Maar ook actief onderhoud bij boomwortels die verharding omhoog drukken.

steiler dan de rest. Ook deze hellingshoek ≤ dan de toegestane helling.

mensen met een visuele beperking aan de verkeerde kant van de leuning langs lopen. - Geen brugdek toepassen met planken met tussenruimte. Na het aanbrengen van split wordt het brugdek erg hobbelig.

Tip

In teer ingewalste schelpen op asfalt ondergrond, benaderen de sfeer van los grind, maar de paden zijn goed berijdbaar.

Tip

Bij een halfverharding slijt omhoog gedrukt materiaal weg waardoor er geen hobbel ontstaat.

Gemeente Enkhuizen - 26

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Uitvoeringsniveau 'Laag' Voor natuurparken geldt het lage uitvoeringsniveau. Dit houdt in: - Tenminste 1 pad wat een representatief beeld van het gebeid geeft en over de gehele lengte aan de uitvoeringseisen ‘Basis’ voldoet. - Dit pad dient met een vorm van aanduidingen te volgen zijn. - Liefst een rondgaand pad met doorsteekmogelijkheden om de route te kunnen inkorten.

Uitvoeringsniveau 'Hoog' Voor paden op gemeentelijke grond in de directe nabijheid van verzorgingshuizen e.d. uitvoeringsniveau ‘Hoog’ aan te houden (zie geselecteerde objecten op de plattegronden in bijlage 4). Dit houdt in: - Paden zonder abrupte hoogteverschillen. - Hellingbanen flauwer dan 1:25. - Liefst meerdere paden om mogelijkheid tot variatie te bieden. - Bij grotere omlopen ook mogelijkheid tot doorsteek/afsnijden bieden voor momenten dat het lopen acuut wat lastiger wordt. - Zitbanken op ≤ 300 m afstand. - Zitbanken op plekken waar wat te zien is en gelegen op schaduw én zon locaties. - Verharding tot onder de zitbank en aan één zijde naast de zitbank verharding voor een rolstoel. Zodanig dat men in een zelfde lijn naast elkaar kan zitten. Zie 6.8 – Zitbank.

Gemeente Enkhuizen - 27

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.8

Toegankelijkheidseisen aan straatmeubilair

Uitvoeringsniveau: Basis

Betekenis tekens zie bijlage 3

- Door objecten in één zone te plaatsen ontstaat een overzichtelijke en ge-

ASVV

borden.

HIOR

Onder straatmeubilair valt ook de situering van straatlantaarns en verkeers-

waarde

ITS

Randvoor

x

x

- Straatmeubilair niet in een obstakelvrije loopzone plaatsen.

x

x

Verlichting

Nvt

n n

n

Kleurcon-

- Objecten in de looproute voorzien van kleurcontrast. Het gehele object of

x

–

- Bedieningsknoppen in signaalkleur (afmeting bij voorkeur ≥ 0,02 x 0,02 m).

x

–

- Hoogte van objecten (paaltjes e.d.) ≥ 0,75 m en in signaalkleur of nabij de

–

x

Nvt

n n

n

Tasten

In de vormgeving scherpe hoeken en randen vermijden.

x

x

Verplaatsen Vrije hoogte

Vrije hoogte bij bijvoorbeeld verkeersborden ≥ 2,30 m.

x

x

strekte obstakelvrije zone (staat in HIOR en ASVV 2012). Zien

trast

door middel van een band ter hoogte van 1,40 - 1,60 m (min 0,04 m breed).

top een reflecterende band rondom (minimaal 0,04 m breed). Horen

Nvt

Gebrui-

Gebruiks-

- Vrije breedte langs meubilair (paaltjes e.d.) ≥ 1,00 m (ASVV ‘12 ≥ 1,50 m).

x

x

ken

ruimte

- Route naar gebruiksobjecten (zitgelegenheid, parkeerautomaat) zoals om-

x

–

x

–

schreven bij '6.1 – Gebruiksruimte'. - Meteen voor gebruiksobjecten met bedieningselementen een obstakelvrij opstelvlak ≥ 0,90 x 1,40 m. Aansluitend de vrije draairuimte ≥ 2,1 x 2,1 m. Gebruiks-

- Bedieningselementen tussen 0,70 en 1,35 m hoogte.

x

–

hoogte

- Bedieningselementen ≥ 0,50 m uit inwendige hoeken / minder hoeven rei-

x

–

–

–

- Zithoogte tussen 0,45 tot 0,50 m en zitdiepte ± 0,40 m.

x

x

- Een toegankelijke zitplaats bevat 2 arm- én een rugleuning.

–

x

- Naast of voor een bank een horizontaal opstelvlak voor een rolstoel ≥ 0,90 x

x

x

–

–

ken dan 0,50 m over de voetensteunen.

Zitbank

Herken-

Gebruiksobjecten en bedieningselementen in voor de locatie karakteristieke

baarheid

en daarmee herkenbare kleur en vormgeving uitvoeren.

Eisen

1,40 m. Route en opstelplek goed verhard. Toilet

Eisen

Enkhuizen kent één openbaar toilet (bij HEMA). Dit toilet is ook bruikbaar voor veel mensen met een beperking.

Afvalverzamelpunt

Eisen

Ondergrondse afvalverzamelpunten dienen zonder abrupt hoogteverschil en obstakels bereikbaar te zijn. Voor de inworpklep een horizontaal vlak met een draaicirkel Ø ≥ 1,50 m. Zie middelste tip op de volgende bladzijde.

Gemeente Enkhuizen - 28

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

Tip

Aan weerskanten van een geleidelijn ligt een obstakelvrije zone. In gebieden met kwaliteit 'Hoog' obstakels daarom buiten die zone plaatsen.

Tip

Twee fabrikanten van ondergrondse afvalcontainer voor plaatsing in woonbuurten hebben een ‘ITS product’ goedkeuring. Dit getekend dat de afvalcontainer bruikbaar is voor de meeste mensen met een beperking.

Tip

De prullenbak niet aan de zelfde kant als de opstelplek voor rolstoel. Hij staat in de weg, stinkt en trek het wespen aan.

Uitvoeringsniveau 'Hoog' Voor straatmeubilair geldt in winkelstraten dat obstakels met een geleidestok zijn te traceren. Ook als het obstakel op een poot staat en de geleidestok aan de grond onder de breder vorm doorsteekt.

Gemeente Enkhuizen - 29

Toegankelijkheid openbare ruimte gemeente Enkhuizen

6.9

Toegankelijkheidseisen aan trappen

Uitvoeringsniveau: Basis

Betekenis tekens zie bijlage 3

HIOR

ASVV x

ITS

Verlichting

In elke situatie is de verlichting afgestemd op hetgeen mensen er willen zien.

n n

n

Kleurcon-

Over de volle trapbreedte voldoende kleurcontrast op de rand tussen pad en

x

–

x

trast

eerste en laatste optrede. Zie bijlage 1 voor uitvoering (voelbaar markeren).

x

–

x

Horen

Nvt

Nvt

n n

n

Tasten

Routegelei-

- Trap liefst 'vindbaar' maken met gidslijn.

x

- De leuning begint 0,30 m eerder dan de rand van de bovenste trede.

x

– –

x

ding Loopruimte

- Vrije breedte tussen leuningen ≥ 1,20 m (ook ter plaatse van een bordes).

x

x

x

- Vrije hoogte boven klimlijn ≥ 2,30 m.

x

–

x

- Boven- en onderaan de trap een vrije ruimte ≥ 1,20 x 1,20 m.

x

x

x

- In loopzones onder een trap altijd een vrije hoogte onder een trap van ≥

x

–

–

Randvoor

Binnen 50 m van elke trap dient het hoogteverschil ook met een hellingbaan

waarden

of lift overbrugd te kunnen worden.

Zien

Verplaatsen

x

2,30 m. Voor het deel van de trap waar deze hoogte niet wordt gehaald, de loopzone met fysieke maatregelen om de trap heen leiden. Hoogtever-

- Optrede ≤ 0,185 m (HIOR en ASVV ≤ 0,15 m).

x

x

x

schillen

- Aantrede ≥ 1xaantrede+2xoptrede= 0,60-0,65 m (HIOR en ASVV: ≥0,30 m)

x

x

x

- Maximale traphoogte zonder tussenbordes 4,00 m (HIOR en ASVV: 1,80 m).

x

x

x

- Voor materiaalkeuze en uitvoering zie eerste 6 aandachtstreepjes bij '6.1 -

x

–

–

- Geen transparante treden en bordessen toepassen (ook geen rooster).

x

–

x

- Gesloten stootborden.

x

–

x

- Welhoek ± 15°.

x

–

x

Valbeveili-

- Hoogte leuning tussen 0,85 en 0,95 m boven voorrand treden.

x

–

x

ging

- Aan weerskanten van trap een leuning.

x

–

x

-Het te omvatten deel van de leuning ≤ 0,15 m (zie tekening).

x

–

–

- Over de gehele lengte is er 0,05 m ruimte rond de leuning.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11597454/1