CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen openbare raadsvergadering van 25 september 2025

Raadsvergadering 30 oktober 2025, gemeente EmmenBij agendapunt: Notulen openbare raadsvergadering van 25 september 202530.063 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Maar meestal wordt de wapenstok gezien als de eerstmogelijke stap in de treden die omhoog kunnen gaan. Mevrouw Van der Woude (GroenLinks): De heer Katerbarg zei het inderdaad zo alsof ik zou benoemen dat de boa’s helemaal ongeschikt zouden zijn voor hun taak of wat dan ook. Wat ik dan bij de heer Katerbarg proef – dan kan ik het misschien mis hebben – is dat de opleiding van de boa’s gelijkgetrokken wordt met die van de politie. Maar als moeder van een zoon die als boa heeft gewerkt en die nu de politieschool doet, zie ik toch wel degelijk verschil en is de opleiding tot boa heel wat anders dan die van de politieagent. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Ja, dat is ook logisch. Want boa’s zijn geen politieagenten. Dus natuurlijk is die opleiding anders. Maar als het gaat om die geweldsbevoegdheid, de bevoegdheid om geweld te gebruiken en om bepaalde middelen te gebruiken, dan zijn daar dezelfde eisen aan verbonden. Een politieagent heeft een algemene opsporingsbevoegdheid. Dus logisch dat die opleiding compleet anders is. Want een boa heeft een specifieke opsporingsbevoegdheid. Dus daar wordt de boa in getraind. Dus ja, dat die opleidingen niet hetzelfde zijn, ja, dat snap ik ook nog wel. Maar de eisen aan het gebruik van het geweld zijn hetzelfde. Want die volgen ook uit dezelfde wet en uit dezelfde ambtsinstructies. De wnd. voorzitter: Dank u wel, meneer Katerbarg.

Ik wil nu toch wel verdergaan met de eerste termijn voor de raad. Ja, u moet een motie indienen, ja. Anders kan dat niet. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Ik was nog niet helemaal klaar met mijn betoog. Een klein stukje nog. Ja, dat waren de antwoorden op vragen, voorzitter.

31

De wnd. voorzitter: Nee nee nee, we hebben geteld. U bent al ruim over de tijd als het goed is. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Nou, daar ben ik het niet helemaal mee eens. Want ik werd onderbroken door de interrupties en ik heb sindsdien ook niet verder met mijn betoog kunnen gaan. De wnd. voorzitter: U zit op vijf minuten en vijf seconden nettospreektijd. U krijgt nog even een paar regels, maar dan moet u toch écht afronden. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Nou, ik ben gelukkig al bij de laatste alinea. Voorzitter, boa’s zijn gemeentelijke medewerkers die dagelijks in onze wijken en in het centrum zijn. Zij houden toezicht, zorgen voor leefbaarheid en worden daarbij geconfronteerd met agressie en geweld. Het is onze verantwoordelijkheid, hen voldoende uit te rusten. Tot slot: hoewel er geen argument is en ook geen argument mag zijn richting de bewapening van boa’s, vinden we dat hiermee de gemeente ook een duidelijk signaal afgeeft. Een gemeente die verantwoordelijkheid neemt en doet wat mogelijk is. Hiermee zal ook niet al het geweld worden opgelost, dit is geen wondermiddel. Wij willen een gemeente zijn die niet alleen zegt dat het veiliger moet worden, maar ook een gemeente die daadwerkelijk stappen zet.

En daarom dienen wij samen met de VVD en de SP deze motie in: Motie vreemd aan de orde van de dag ‘Uitrusting Buitengewoon Opsporingsambtenaren’ (ingediend door de fracties van Wakker Emmen, de VVD en de SP) ‘De raad van de gemeente Emmen, in vergadering bijeen op 25 september 2025, Bij de behandeling van agendapunt B4b, Constaterende dat • de afgelopen jaren binnen de gemeente Emmen sprake is geweest van ernstige incidenten en onveiligheid, waaronder: o aanhoudende overlast van veiligelanders in Nieuw-Weerdinge; o aanhoudende overlast door verschillende groepen rondom het stationsgebied; o ernstige geweldsincidenten, waaronder een mishandeling en een schietpartij in Angelslo; o ernstige geweldsincidenten in het centrum van Emmen; • buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) in toenemende mate taken uitvoeren die feitelijk tot het takenpakket van de politie behoren; Overwegende dat • het waarborgen van de veiligheid van inwoners een kerntaak van de overheid is; • handhaving een essentieel instrument is voor het creëren van een veilige leefomgeving; • boa’s in domein 1 actief zijn in onder meer Nieuw-Weerdinge, het stationsgebied en het horecagebied in het centrum; • boa’s in hun werkzaamheden regelmatig geconfronteerd worden met situaties waarin sprake is van (dreigend) geweld; • het de verantwoordelijkheid van de gemeente is om ervoor te zorgen dat boa’s hun werk effectief en

bovenal veilig kunnen uitvoeren; Verzoekt het college van burgemeester en wethouders om • zich ervoor in te zetten dat boa’s in domein 1 in de gemeente Emmen worden uitgerust en adequaat getraind voor het gebruik van een wapenstok; En gaat over tot de orde van de dag.’ De heer Wittendorp (CDA): Ja, ik kan de vraag nu wel stellen, want de motie is nu pas ingediend. Daarin wordt geconstateerd dat boa’s in toenemende mate taken uitvoeren die feitelijk tot het takenpakket van de politie behoren’. Ik zou graag van Wakker Emmen willen horen wat de bron is van die constatering. En als dat dan zo is, wat vindt Wakker Emmen van – ja, ik noem het maar – een glijdende schaal? Een andere vraag is of Wakker Emmen niet vindt dat je die taakomschrijving eigenlijk op elkaar af moet stemmen, voordat je die leemte gaat vullen – welke kant ook op. En ten

32

slotte de vraag waarom de naam van de motie is gewijzigd van ‘Bewapening boa’s’ in ‘Uitrusting boa’s’. Tot zover. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Ja, voorzitter, ik wou gaan zitten, maar er komt nu waarschijnlijk wel weer een lang antwoord. Want het is ook een wat langere vraagstelling. Ja, wat is die vragen ook weer? Ik ben het oprecht even kwijt. Inderdaad. Nee, sorry. Excuses, ik was het oprecht even kwijt. De bron is onder andere het Veiligheidsplan van de gemeente Emmen. Daar staat het ook in. Er is ook een brief van de burgemeester die volgens mij gericht was aan de VVD: daar wordt het ook in genoemd. En daarnaast zijn er ook landelijke onderzoeken waaruit blijkt dat boa’s steeds vaker terechtkomen in situaties waar eigenlijk de politie voor bedoeld is. Er is ook een heel mooi onderzoek, dat heet ‘Buitengewoon veilig’, waarin de verhouding tussen boa en politie benoemd wordt. En dat onderzoek geeft ook wel aan dat aan de ene kant er een strikte scheiding zou moeten zijn, maar er aan de andere kant ook een heel groot grijs gebied is. Dat is ook logisch, want soms overlappen die taken gewoon. En als we kijken naar de politiecapaciteit in Nederland, dan merk je toch wel dat boa’s soms ingezet worden op taken waar ze dus eigenlijk niet voor bedoeld zijn. In de commissievergadering destijds heb ik ook gezegd: dat is een ontwikkeling waar je van alles van kunt vinden.

Maar als wij die ontwikkeling accepteren, dan vinden wij dus ook dat je boa’s daar adequaat voor moet kunnen uitrusten. Maar dan nog de vraag waarom de naam van de motie gewijzigd is. Ja, ‘Bewapening boa’s’ klinkt wat zwaarder. Uiteindelijk gaat het om de uitrusting. Ik heb ook wel gelijk gedacht: ja, het is ook een beetje een semantische discussie. Ja, wapenstok: het woord ‘wapen zit er wel in. Dus ja, maar het gaat om de uitrusting uiteindelijk en dit is een van de middelen die je daarvoor kunt gebruiken. De heer Wittendorp (CDA): De heer Katerbarg zegt: ‘Daar kun je van alles van vinden.’ Ik vroeg wat Wakker Emmen daarvan vindt. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Als ik me niet vergis, heb ik dat destijds ook toegelicht, maar ik zal het dan nog even kort samenvatten. Het punt is natuurlijk: als je zegt ‘dat vinden wij een slechte ontwikkeling, wij willen niet dat boa’s die taken gaan uitvoeren’, dan constateer je dus ook dat we de boa’s eigenlijk niet bijvoorbeeld in Nieuw-Weerdinge en het stationsgebied zou moeten inzetten. Dat zijn die verhoogd-risicogebieden. Maar ja, als je dan zegt, dan denk ik wel dat je de vraag krijgt: hoe gaan we dan die veiligheid daar dán waarborgen? Dus dat is de andere kant van de medaille.

Daarom heb ik in het betoog nu ook gezegd dat wij niet principieel voor of tegen zijn, het gaat ons erom dat als je constateert dat boa’s vaker in dat soort situaties terechtkomen, wij vinden dat je boa’s ook op de juiste manier moet uitrusten en ook een middel moet geven waarmee ze zich bijvoorbeeld kunnen verdedigen als ze in dat soort vervelende situaties terecht zouden komen. De heer A. de Vries (PvdA): Ja, veiligheid: het is al heel vaak voorbijgekomen vanavond. Ik heb dus gezocht naar een definitie en daar kom je vele van tegen. Ik vond deze wel aardig: ‘Veiligheid betekent een toestand vrij van gevaar, schade of risico of de aanwezigheid van maatregelen om deze te voorkomen en te beperken. Het is een relatief abstract begrip dat zowel objectief aantoonbaar is bij risico’s, als subjectief als een gevoel van geborgenheid en vertrouwen kan worden ervaren.’ Tot zover de definitie. Emmen is een grote gemeente, Emmen is een stad. Daarbij komen toch soms ook de stadse problemen. Desondanks is Emmen volgens de cijfers der statistieken – er is al genoeg over gezegd – nog steeds een van de veiligste van de grote gemeenten. Dat wil niet zeggen dat wij de laatste tijd helaas wel een aantal ernstige incidenten hebben gezien: ze zijn stuk voor stuk genoemd vandaag. Onze fractie vroeg hier zelf ook nog aandacht voor onlangs.

En laten we duidelijk zijn: deze vreselijke incidenten veroordelen wij natuurlijk als PvdA Emmen ook ten zeerste. Maar dan naar onze boa’s. Wij waarderen onze boa’s zeer. Zij zijn de ogen en oren in de gemeente. Zij treden waar nodig handhavend op. Hun belangrijkste wapen is hun mond. Hiermee kunnen zij deescalerend optreden, wat ook heel erg vaak ook gewoon goed gaat. Maar wij realiseren ons ook wel terdege dat boa’s in een dreigende situatie terecht kunnen komen. De vraag die dan voorligt, is: draagt het dragen en het eventuele gebruik van de korte wapenstok hier dan bij aan het de-escaleren of het

33

controleren van de situatie? De meningen daarover zijn toch wel wat verdeeld. Wij vragen ons af of het toestaan van de wapenstok juist niet escalerend werkt. Voorzitter, dan misschien nog wel iets heel anders. Volgens onze informatie hebben boa’s in de gemeente Westerwolde, grenzend aan Nieuw-Weerdinge, geen wapenstok. En hoe ziet Wakker Emmen deze scheiding in samenwerking dan voor zich in die gebieden? En verder, voorzitter, lazen wij een bericht van de boa-bond en de boa-bond is er een voorstander van om de boa’s uit te rusten met geweldsmiddelen als pepperspray en wapenstok. Ze reageren op een wetenschappelijk rapport van de Wetenschappelijke Adviesraad Politie – WARP, kort ik het maar even af – die in september 2024 het rapport ‘Geweldsmonopolie onder vuur’ uitbracht. De WARP is géén voorstander van het toekennen van geweldsmiddelen aan boa’s. Zij pleiten echter wel voor ‘beschermingsmiddelen’, maar laten in het midden wat deze dan precies zijn. Dan weer terug naar onze gemeente, voorzitter. Voor de zomervakantie hadden wij ook een discussie over dit onderwerp. Tijdens een informatiebijeenkomst, waar onze fractie mede om verzocht had, hoorden wij inderdaad ook van onze eigen boa’s dat zij niet echt op een wapenstok zaten te wachten op dat moment.

Daar werd aangegeven dat onder andere de vrees voor meer escalatie bestond, terwijl ze juist zijn opgeleid om de-escalerend op te treden. En, voorzitter, we zijn nog benieuwd, als wij kijken naar de genoemde situaties onder de constateringen in de motie, of die volgens Wakker Emmen dan voorkomen hadden kunnen worden als boa’s een korte wapenstok hadden gehad. Hoe kijkt Wakker Emmen hiernaar? Voorzitter, boa’s zouden eigenlijk zo veel mogelijk niet in die situatie van gevaar terecht moeten komen. Want uiteindelijk is het aan de politie om die situaties van gevaar op te lossen. Maar er is te weinig politiecapaciteit beschikbaar en dat is niet goed. Moeten boa’s dat gat dan opvullen? Het lijkt ons van belang dat landelijke partijen – daar horen wij zelf ook bij – hun fracties ook oproepen om die politiecapaciteit juist te vergroten. En voorzitter, dan keren we weer terug naar het begin. Veiligheid is een objectief en subjectief begrip. Als Partij van de Arbeid-fractie snappen dat deze wens leeft onder onze inwoners en de lokale politiek. Graag vernemen wij uiteraard ook een reactie van de burgemeester op dit onderwerp en tijdens de schorsing zullen wij alle beraadslagingen tot ons nemen om een besluit te nemen over hoe wij precies in deze motie staan. De wnd. voorzitter: Heb ik goed begrepen dat u na de eerste termijn om een schorsing vraagt? De heer A. de Vries (PvdA): Ja.

De wnd. voorzitter: Prima, dan gaan we daar rekening mee houden. De heer Wittendorp (CDA): Het CDA is kritisch op het bewapenen van boa’s, maar wij zijn zeker wel voorstander van beschermingsmiddelen voor boa’s. Wij spreken heel bewust over ‘beschermingsmiddelen’, want het uitoefenen van het geweldsmonopolie ligt volgens ons toch nog steeds bij de politie. Wij hoorden ook al over de standpunten van de WARP in dezen. Bodycams zijn voorbeelden van beschermingsmiddelen. Bodycams kunnen bewijs verzamelen en kunnen de-escalerend werken zonder dat boa’s bevoegdheden van de politie overnemen. En die wapenstok – Wakker Emmen zei het net ook al – betitelen wij nog steeds als een wapen en niet alleen omdat dat in het woord zit. Je zou het natuurlijk als beschermingsmiddel kunnen omschrijven. Dan denken wij toch wel dat we wel een andere discussie hebben. Wij vinden dat wij eerst de fundamentele grens tussen de taken van de boa’s en de politie moeten vastleggen en dan moet je ook aan blijven vasthouden. Daarna moet je volgens ons een discussie voeren over bewapening. Die discussie staat volgens ons helemaal los van bescherming, want dat moet eigenlijk te allen tijde goed geregeld zijn. Tot zover, voorzitter. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Ja, voorzitter, eerst even een korte reactie als het gaat om of die wapenstok nu verdedigend is.

Nou, daar kun je natuurlijk over van mening verschillen. Nu is het wel zo dat tot voor kort, een klein poosje terug, in de wet een wijziging is geweest waarbij ook expliciet werd toegevoegd dat die wapenstok als verdedigingsmiddel gebruikt zou moeten worden. Dat klinkt misschien gek. Je zou denken: je kunt zo’n stok gebruiken om te verdedigen, maar de wet

34

stond dat eigenlijk niet toe. Er stond niet in dat het een verdedigingsmiddel zou moeten zijn en dat is juist expliciet toegevoegd met natuurlijk een reden: dat je zo’n stok kunt gebruiken om af te weren of om bijvoorbeeld groepen uit elkaar te halen. Ik ben wel benieuwd hoe het CDA daartegenaan kijkt. U geeft aan dat het niet zo is, maar er zijn natuurlijk best veel argumenten – en het staat natuurlijk ook wel zo in de wet – waarom die wapenstok een verdedigende werking heeft. De heer Wittendorp (CDA): Ja, voorzitter, het is een toevoeging. Dus het is een toevoeging op een geweldsmiddel, het is niet alleen een verdedigingsmiddel. Dus dat vertroebelt die discussie enigszins. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Nou, voor een deel klopt dat inderdaad. Maar de heer Wittendorp stelde mij net ook een vraag welke keuze Wakker Emmen daarin maakt. En ik zou die vraag dan ook terug willen kaatsen, Als we inderdaad constateren dat boa’s in Emmen vaker politietaken moeten uitoefenen of in ieder geval in die situaties terechtkomen, welke keuze maakt het CDA dan om toch die boa’s beter uit te rusten of te beschermen? En bodycams hebben boa’s natuurlijk meestal al. De heer Wittendorp (CDA): Tegen beschermen zeggen wij altijd ja. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): En op welke manier dan? De heer Wittendorp (CDA): Ik heb net het voorbeeld gegeven van de bodycams.

En als we de wapenstok zouden gaan omschrijven als een beschermingsmiddel, dan willen wij die discussie nog weleens een keer voeren. De heer De Jonge (VVD): Ik geef als eerste de complimenten aan de heer Katerbarg, want die heeft het prima verwoord. En wij als mede-indiener kunnen ons daar natuurlijk helemaal bij aansluiten. Dus dat scheelt voor mij een heel stuk van mijn verhaal. Ja, ik hoor allerlei termen voorbijkomen over ‘escalerend werken’: een wapenstok of een stok die escalatie oproept. Nou, volgens mij is de politie uitgerust met een taser. Volgens mij is dat ook niet gaan escaleren, is daar niet meer geweld door gekomen. De politie heeft een pistool: volgens mij wekt dat niet escalerend. Dus waarom zou een wapenstok in dit geval wél escalerend zijn? Daarnaast gaat het om een stukje zelfbescherming. Wij hebben dit punt al vaker aangehaald. Wij hebben er al eerder een discussie over gevoerd, ook met de burgemeester die zegt dat hij hier het hek zet, dat dit voor hem niet im Frage is. Maar goed, het gaat wel om de veiligheid van onze boa’s en die veiligheid is wel de eerste paar minuten als er iets gebeurt. En in die eerste paar minuten is de politie er niet bij. Dan is toch wel fijn dat een boa zichzelf kan gaan beschermen.

Dan kunnen wij de discussie voeren: is het een zelfbeschermingsmiddel? Is het een wapen? Het is in ieder geval geen aanvalsmiddel, want je hebt verdedigen en je hebt aanvallen. Ik werk in het leger, dus daar doen we dat ook. Maar goed, dat terzijde. Wat ik al zei: het gaat om die zelfbescherming en daarvoor moet je ze dus goede middelen geven. ‘Uitrusting’ om het maar zo te noemen. Er werden al voorbeelden aangehaald door de heer Katerbarg. Er zijn nog veel meer middelen waarmee je ze zou uit kunnen gaan rusten, maar dat is in dit geval wat ons betreft ook nog niet nodig. Dit is een eerste prima zet. En wij zien natuurlijk de maatschappelijke verharding. Als we even terugkijken naar Den Haag: het is niet verwonderlijk dat de ME daarna ook vraagt om extra middelen om hun taak uit te kunnen voeren. Want ook zij komen steeds voor zwaardere vuren te staan – om het maar zo te zeggen. Dus wat dat betreft zie je de hele tendens: dan is het gewoon nodig dat mensen goed uitgerust worden. Ik heb het al gezegd: ik heb zelf met de boa’s meegelopen. Daar heb ik signalen over gekregen. De burgemeester heeft andere signalen gekregen. Maar goed, het zal misschien ook schelen of de burgemeester het vraagt of ik – maar ook dat weer terzijde. Maar goed, de ervaring leert wel dat er gewoon behoefte aan is. Tenminste, die signalen heb ik in ieder geval gekregen.

Dan wil ik nog een punt zeggen, maar dat ben ik even kwijt. Daar kom ik denk ik in de tweede termijn sowieso nog wel op terug. Tot zover even in de eerste termijn.

35

De heer A. de Vries (PvdA): Ik was wel benieuwd, want de heer De Jonge zei dat de wapenstok de eerste zet is wat de VVD betreft voor de uitrusting voor onze boa’s. Wat zijn uw volgende zetten dan? De heer De Jonge (VVD): Volgens mij heb ik niet gezegd dat het de eerste zet is. Ik zei: er zijn meerdere zetten misschien mogelijk. Ik zeg niet dat wij dat vinden of dat we dat willen. Ik zeg alleen: dit is wat we al een hele tijd bepleiten. Dit is voor ons een eerste stap. En als er een tweede stap nodig zou zijn, dan willen we dat in overweging gaan nemen. De heer Kuiper (SP): Eerst een compliment aan de heer Katerbarg, want hij heeft het heel erg goed verwoord. Wij zijn ook mede-indiener en hij heeft in feite heel wat weggenomen voor ons. Voor ons is het simpel: onze fractie wil dat de boa zichzelf zou moeten kunnen verdedigen. De maatschappij wordt steeds harder: er lopen steeds meer jongere mensen rond met messen en er is bendegeweld. Kijk naar het station: daar wordt het er ook niet leuker op. Mocht een boa aangevallen worden, moet hij toch wel in staat zijn om zichzelf te kunnen verdedigen. En daarom gaan we de motie ook mede indienen. De heer De Jong (Hart voor Emmen): Voorzitter, zoals we tijdens de bespreking in maart al hebben aangegeven, zijn wij niet direct onwelwillend tegenover het bewapenen van onze boa’s.

Als die noodzaak er is, dan zullen wij dat niet in de weg gaan staan. Binnen onze fractie is er wel enige discussie geweest over hoe ver wij hiermee om moeten gaan. En dat merk ik vanavond ook in deze discussie hier in de raadszaal. Dat was ook ongeveer ons fractieoverleg. Hierin zien wij dat dit een beladen onderwerp is, met grote verantwoordelijkheid en risico’s voor de boa’s. Wat ons betreft staat de veiligheid van onze boa’s niet buiten kijf. Maar we hebben ook nog wel een aantal vragen over de motie en over het vervolg. Wij hebben één vraag aan het college. Heeft het college voor het steunen van deze motie een volledig dossier klaar waarmee een aanvraag bij de minister een reële kans van slagen heeft? Meneer Katerbarg gaf al aan dat er een reële kans van slagen is, maar is het een incidentdossier, een goed advies van de korpschef of de Hoofdofficier van Justitie, een opleidings- en toetsingsplan en een begroting? Maar bovenal de vraag: is de burgemeester bereid dit binnen de driehoek op te gaan pakken? En dan hebben wij nog een vraag aan de indieners. De formulering van de motie is nu: ‘(…) zich ervoor in te zetten om ervoor te zorgen dat de boa’s binnen domein 1 in de gemeente worden uitgerust en adequaat worden getraind’. Wij hadden liever gezien dat er gewoon een gemotiveerde aanvraag wordt ingediend. Maar goed, dat is een kwestie van smaak.

Daarnaast hebben wij de vraag: welke monitoringen en evaluaties stellen de indieners voor, zodat wij als raad ook zicht houden op de effecten, eventuele klachten en een incidentenrapportage, na eventuele toekenning – zoals ook geadviseerd wordt in het rapport naar aanleiding van de pilots die gedraaid zijn in de tien gemeenten? Voorzitter, wij willen best praten over bewapening, maar dan wel op een manier die klopt en die ook uitvoerbaar is en om de indieners een handje te helpen, maar ook onze burgemeester, hebben wij het aanvraag- en mutatieformulier voor het Categoriaal Besluit Buitengewoon Opsporingsambtenaar. Dus dat hebben wij alvast uitgeprint, dan kan het direct ingevuld worden. Tot zover. Mevrouw Van der Woude (GroenLinks): Allereerst wil ik hierbij mijn respect in ieder geval uitspreken voor het werk dat de boa’s doen hier in Emmen. Zichtbaar in de wijken, dorpen en op straat en vaak in situaties die niet gemakkelijk zijn. Er is wellicht een aantal incidenten geweest, zeker incidenten waarbij ook boa’s zich onveilig hebben gevoeld of zijn belaagd en dat is zorgelijk. Wij snappen dat dat wat doet met een handhaver en ook iets met je collega’s en met je omgeving. Want veilig werken is geen luxe, maar een basisvoorwaarde. We snappen de wens om je te kunnen verdedigen. Voorzitter, is het structureel bewapenen? Want een wapenstok blijft een wapenstok.

Is dat dan de juiste oplossing? Het is niet niks, het zijn serieuze geweldsmiddelen. Middelen die als ze een keer worden gebruikt, ernstig letsel kunnen veroorzaken. En niet voor niets volgen politieagenten een intensieve, meerjarige opleiding om hun bevoegdheden op een verantwoordelijke manier uit te dragen.

36

Voorzitter, de boa’s vervullen een andere rol in ons veiligheidsdomein. Ze zijn geen politie en het geweldsmonopolie ligt terecht bij de politie. En is het dan verstandig om die grens te laten vervagen? In onze visie is het dat niet. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Voorzitter, we hebben net, toen ik aan het woord had, ook al even kort die discussie gehad. Maar ik ben wel benieuwd, want er is dus een pilot geweest met de korte wapenstok in verschillende Nederlandse gemeenten. Daarvóór waren er al gemeenten waar boa’s met een wapenstok rondliepen, sindsdien zijn er ook meer gemeenten waar boa’s met een wapenstok rondlopen. Waar baseert u in die zin de angst op dat het geven van de korte wapenstok aan deze boa’s niet zou werken en zou leiden tot bijvoorbeeld escalatie? Zoals gezegd, er zijn al verschillende gemeenten waar die boa’s met de korte wapenstok rondlopen. Ik heb nog geen Rambo-boa’s met die wapenstok gezien. Misschien u ergens wel? Mevrouw Van der Woude (GroenLinks): Los van of ik al of geen Rambo-boa’s heb zien rondlopen, heb ik ook niet gezien of ze het wel of niet doen. Kijk, er zijn ook een heleboel gemeente waar de boa’s geen wapenstok hebben, waar dat ook niet wordt ingezet en waarbij het monopolie echt uitsluitend bij de politie ligt. Dus tegenover de gemeenten waar het wel gebeurt, zijn er ook een heleboel gemeenten die het niet doen.

En dan kun je kijken bij welke gemeenten je wilt horen. Ik ben dan liever een gemeente waar de wapenstok niet gehanteerd wordt. Daarnaast denken wij dat het brengen van meer geweldsmiddelen in het straatbeeld niet per se deescalerend werkt. Want als een boa een wapenstok gebruikt tegenover degenen die geweld gebruiken, wat gaan zij dan doen? Nemen zij wellicht messen mee? Hebben ze pepperspray... De wnd. voorzitter: Ik ga even door naar de heer Katerbarg, die u nog een keer wenst te interrumperen. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Ja, nog even als reactie. We kunnen hier natuurlijk van mening over verschillen. Maar mevrouw Van der Woude geeft wel aan dat die angst er is en ik ben dan wel benieuwd waar dat dan op gebaseerd is. Ja, er zijn gemeenten waar die boa’s niet met een wapenstok rondlopen. Maar zoals ik aangeef: in de gemeenten waar dat wel zo is, is het niet zo dat die boa’s buitenproportioneel die wapenstok aan het gebruiken zijn. Sterker nog, in die evaluatie van de korte wapenstok staat ook dat er geen sprake is van toenemend geweld door boa’s. Sterker nog, over het algemeen kon worden gezegd dat die boa’s juist terughoudend optraden met die korte wapenstok.

Dus waarom zouden die boa’s niet daarvoor geschikt zijn? Welke concrete voorbeelden of onderzoeken hebt u wellicht waar dat op gebaseerd is? Mevrouw Van der Woude (GroenLinks): Nou, daartegenover kun je ook de gemeenten stellen waar de wapenstok niet gehanteerd wordt. Wellicht kunt u uit onderzoek merken dat dan het geweld enorm toegenomen is omdat de boa’s geen wapenstok hebben. Mijn visie is dat het hebben van een wapenstok het niet per definitie ook veiliger maakt. Het is niet per se de-escalerend en dat is waar de inzet van een boa primair voor bedoeld is: die de-escalerende werking in de eerste minuten voordat de politie er is. En u kunt mij niet bijbrengen dat het hebben van een wapenstok dan een de-escalerende werking zou hebben, daar je gemeenten hebt waar de wapenstok niet gehanteerd wordt. Want daar ben ik het niet mee eens. De heer De Jonge (VVD): Volgens mij hebben we nog steeds geen duidelijk antwoord. U zegt: de vrees die u hebt, is dat als de boa’s een wapenstok krijgen, dat meer geweld zal gaan opleveren. Dus ik hoor gewoon graag van u: waar baseert u dat precies op? Want u komt niet met een duidelijk antwoord, daar wordt om gevraagd.

Dus nogmaals de vraag: waar baseert u dat op? Mevrouw Van der Woude (GroenLinks): Ik baseer dat op de ervaring die je om je heen ziet bij geweldsmiddelen en bij wat eigenlijk door u zelf al genoemd wordt: de verharding van de maatschappij en het toenemende geweld dat er is. Dus in die zin zal een wapenstok niet veel bijdragen.

37

De heer De Jonge (VVD): Ja, dan is het een aanname van u. En ten tweede: als we de politie meer gaan uitrusten of een militair op straat loopt die uitgerust is, roept dat toch ook niet extra kwaadaardigen op? Mevrouw Van der Woude (GroenLinks): De politie heeft het geweldsmonopolie. De politie is specifiek uitgerust met de middelen die zij heeft en zij heeft ook het geweldsmonopolie. En het is ook bekend in het straatbeeld dat de politie dat heeft. De boa’s zijn bestempeld c.q. bedoeld voor de deescalerende werking en die hebben niet de functie als politieman of –vrouw. Dat is een geheel andere beroepsgroep. Dus om die twee dan weer met elkaar te vermengen, dat vind ik een heel afglijdende schaal. De heer De Jonge (VVD): Ja, die vermenging snap ik en dat is een heel andere discussie. Want de boa’s worden steeds meer ingezet voor politietaken. Dat gebeurt hier in Emmen ook. En dat is een andere discussie. Maar wat u zegt: dat klopt echt niet. Maar goed, dat terzijde. En nog een vraag. Want als ze dan voor politietaken worden ingezet, vindt u dan niet dat ze ook op de juiste manier moeten worden uitgerust? Mevrouw Van der Woude (GroenLinks): Een boa beschermen: dat kan. Maar dat kan ook door andere middelen.

Het is al genoemd: je hebt de bodycam, je hebt de communicatiemiddelen richting politie die verbeterd zouden kunnen worden, je kunt kijken naar extra trainingen van de boa’s om voor de-escalerende werking te zorgen – de professionalisering, dus. Ik denk dus dat daarin nog veel meer beschermende middelen te zien zijn en dat je dan niet boa’s hoeft uit te rusten met een wapenstok. Dus ik denk dat er heel veel andere middelen zijn dan wat er hier wordt voorgelegd, omdat het geen beschermingsmiddel is, maar een geweldsmiddel. De heer De Jonge (VVD): Ik hoor graag dan wélke en dan niet het woordje ‘preventie’. Mevrouw Van der Woude (GroenLinks): Nou, ik heb het net al benoemd: een beschermingsmiddel kan zijn, de verbetering van de trainingen, de verbetering van de communicatiemiddelen tussen boa’s en politie en dus het toezien op het reageren van de politie op de melding van de boa’s. Dit zijn allemaal beschermingsmiddelen. We vinden dat die ook kunnen worden toegepast zonder dat je de boa’s uitrust met een geweldsmiddel, omdat dat hetgeen wat een wapenstok is. En dan kun je het een beschermingsmiddel noemen, maar als je de Wet wapens en munitie erop nakijkt, dan valt het onder geweldsmiddelen. Wat GroenLinks betreft is het onze mening dat boa’s uitrusten met wapenstokken niet de veiligheid gaat bevorderen en het geweldsmonopolie voor ons echt bij de politie moet blijven liggen.

De heer Kasteleijn (50PLUS): De verhitte discussie die we net gehad hebben, gaat eigenlijk over hoe we nou de zaak wat veiliger kunnen maken. En als ik dan denk aan de momenten waarop dan zo’n stok zou moeten worden gebruikt, dan is dat heel vaak dat de mensen een pilletje gebruikt hebben of een biertje te veel op hebben. Vandaar dat ik het heel erg jammer vind dat deze motie gaat over die wapenstok en niet over andere middelen zoals bijvoorbeeld die pepperspray, waarmee je dus iemand wél kunt uitschakelen die toch een beetje te veel pilletjes of biertjes op heeft. Dus vind ik heel erg jammer. Daar zou ik voor willen pleiten. En ten tweede. Mijn vraag is: wat is domein 1? Daar kan dan de heer Katerbarg mij vast wel antwoord op geven. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Op zich een terechte vraag. De griffier heeft mij, voordat ik deze motie indiende, nog erop gewezen dat dat misschien niet voor iedereen duidelijk was. Daarom had ik een voetnootje in de motie gezet, om dat toe te lichten. Dus daar staat het in. Misschien dat het dan nog niet duidelijk is, maar dan praat ik u zo wel even bij. De wnd. voorzitter: Ik zal de voetnoot even voorlezen: ‘De boa openbare ruimte is belast met de opsporing van strafbare feiten in de volgende wettelijke voorschriften, voor zover noodzakelijk voor

38

een goede uitvoering van de functie en de daaraan gekoppelde taakomschrijving, tenzij de wet zich daartegen verzet.’ Dat is de voetnoot. ‘Domein 1’ is dus de boa openbare ruimte, dus. Dank u wel, meneer Kasteleijn. Dan gaan we over naar het college bij monde van de burgemeester voor de beantwoording in de eerste termijn. Reactie college De heer Van Oosterhout (burgemeester): Ja, dit is een boeiende discussie. En maar even één antwoord op een vraag van de heer De Jonge: wat gebeurt er op het moment dat de raad zegt: wij ondersteunen deze motie? Wat gaat de burgemeester dan doen?, was ongeveer de vraag. Ja, dat is nog het minst ingewikkelde vraagstuk dat er is. Want als de meerderheid van de raad zegt: ‘verzoekt zich in te zetten om (...)’, ja, dan heb je je maar er maar voor in te zetten. Ik ben niet van de school ‘dat leg ik naast me neer’ of wat dan ook. Waar het wél over gaat – en dan zal ik er even boven hangen en zal ik niet meteen de hele discussie overdoen: ik merk even op dat als je niet oppast, je toch een beetje – in voetbaltermen – in een wat Ajax-Feyenoord-achtige discussie gaat komen. En dat helpt niet. Want of je nou voor Ajax bent of voor Feyenoord, ja, daar kun je heel lang over praten, want uiteindelijk kom je daar nooit uit. Ik zie dat hier ook wel wat gebeuren.

Eigenlijk worden aan beide kanten wel argumenten gegeven waar je wel wat verschillende kanttekeningen bij kunt plaatsen. Dit vraagstuk hangt gewoon van de dilemma’s aan elkaar. Het is wat zoeken naar de nuance die je hoort in dit soort dingen. En niemand kan beweren dat op het moment een boa uitrust met die korte wapenstok, daarmee het probleem is opgelost. Aan de andere kant, je kunt ook niet zeggen: ja, de uitrusting van de boa is al dermate goed dat we daarmee niet de discussie over de korte wapenstok moeten voeren. Dus dat maakt het wel wat ingewikkeld, dat hangt van dilemma’s aan elkaar. Daarmee geef ik ook meteen wel aan: je moet ook een beetje zijdelings erlangs. Het is mooi dat we hierover praten, het is mooi dat de burgemeester daar wat van vindt en tegelijkertijd gaat het dan meteen wel weer een verdieping hoger en dat geeft meteen hoe ingewikkeld dit vraagstuk is. Waarom is het neergelegd bij de toezichthouder van de politie? Waarom is het niet neergelegd in de lokale driehoek? Waarom besluit uiteindelijk de minister daarover? Ik ken dat aanvraagformulier wel: dat heeft allemaal te maken met dat het zo’n ingewikkeld vraagstuk is. Het heeft iets te maken met proportionaliteit, het heeft iets te maken met geweldsmonopolie.

Er zit een heel principieel vraagstuk onder: gaan we het inderdaad op die manier niet een bepaalde kant met elkaar? Dat is waarom er zoveel veiligheidsklemmen in deze discussie. En dus kunnen we hier in Emmen echt heel veel discussiëren: ‘ik ben voor’ of ‘ik ben tegen’. Maar realiseer je je dat die meteen een verdieping hoger gaat – je mag ook zeggen: een verdieping lager – want de raad is het hoogste orgaan. Daar moet een heel ingewikkelde beschouwing onder zitten. En dat betekent op het moment dat je de stap gaat zetten naar de aanvraag, je dan absoluut nog niet de garantie hebt dat het moet. Want ik ga maar even naar de heer Katerbarg: u gaf wel een héél summiere samenvatting van wat op die informatieavond is gezegd vanuit die toezichthouder van de Politie Noord-Nederland. Er waren nogal wat nuances in zijn betoog. Ik zal ze hier niet herhalen, maar dat maakte nog wel wat uit. Hij zei op een gegeven moment: ‘Het is niet kansloos.’ Dat klopt, dat heeft hij ook gezegd. Maar hij heeft ook een heel aantal dingen ertegenaan gezet. En wat ik nu probeer aan te geven: in die nuance moeten we weer een beetje – ik zou haast zeggen – proberen meer in het midden terecht te komen. Want het helpt niet zo veel wat we nu aan het doen zijn: ‘ik ben voor’ of ‘ik ben tegen’.

De essentiële vraag is – en die zal uiteindelijk door de minister beantwoord worden: zie het niet eens zozeer als uitrusting, maar helpt nou die korte wapenstok in de versterking van het veiligheidsbeeld, gegeven de omvang van de geweldsproblematiek in de gemeente Emmen? Even terug naar de heer De Jonge: daar begon ik al over. Realiseer je je even: we zijn nog steeds een van de veiligste grote gemeenten. U zei: ‘Ja, maar hoe zit het dan met de meldingsbereidheid?’ Reken maar dat de lokale driehoek, maar ook de minister, dat uiteindelijk zal toetsen of nou in deze onveiligheidssituatie die korte wapenstok kan helpen. Dus kortom, ik geef dit maar aan u mee. We kunnen wel blijven zitten in ‘ik ben voor’ of ‘ik ben tegen’, maar de nuance zal misschien dan niet bij dit besluit komen, die nuance komt wel in het vervolg. En de essentie is: helpt nou een korte wapenstok ter verhoging van de veiligheid, gegeven de omvang van de veiligheidsproblematiek in de gemeente Emmen?

39

De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Allereerst, het is altijd goed om een genuanceerd debat te voeren. Naar mijn idee heb ik ook een heel genuanceerd debat gevoerd. Ik gaf onder andere aan: wij als Wakker Emmen zijn niet per se principieel voor of tegen. Wat de burgemeester aangeeft: uiteindelijk is het ook een politieke vraag en daar zijn wij natuurlijk als gemeenteraad wel voor om dat soort discussies te voeren. Dus ik denk ook dat het heel goed dat wij deze discussie voeren. Inderdaad, de burgemeester geeft ook aan dat daar verschillend over gedacht kan worden. Nou ja, dat blijkt ook wel. Maar als gaat om die aanvraag, dan wordt die als het goed is gedaan door de afdeling OV. Daar is een aantal voorwaarden voor. Voordat het ingediend wordt door de afdeling OV, moet het inderdaad eerst in de driehoek besproken worden. Maar zoals ik al aangaf – en daar was inderdaad een korte samenvatting over van die expertmeeting – is een aanvraag uiteindelijk niet kansloos. Dus ik ben wel benieuwd hoe de burgemeester zelf tegen de kans aankijkt dat dat goed gebeurd wordt en welke opties er zijn. De heer Van Oosterhout (burgemeester): Zeker. Even terug naar waar ik was en dan kom ik vanzelf bij uw vraag terug. Er is al een aantal stappen gezet waar het gaat om de uitrusting van boa’s. Het woord ‘hekje’ viel. Ik zet inderdaad even een hekje bij de bodycam en bij handboeien.

Dat was nog niet genoemd, dat was ook een wat principiële discussie over wat te doen om in die zin de veiligheid van de boa’s te versterken. Dan terug naar de vraag van de heer Katerbarg: in hoeverre ziet de burgemeester dat zelf? Twee dingen. De direct toezichthouder zal gevraagd worden, gegeven het veiligheidsbeeld in de gemeente Emmen, hoe kansrijk het dan is dat we deze aanvraag kunnen ondersteunen. Want we gaan niet aan de slag met een aanvraag waarvan de direct toezichthouder al meteen zegt: ‘Nou, dat zal hem wel niet worden.’ En in de lokale driehoek zal ook de discussie ook gevoerd worden. Ik weet dat de Officier van Justitie kritisch hierop is. Ik weet dat de politiechef hier kritisch op is. U hebt mijn gereserveerde houding gehoord om dat te doen. En die combinatie der dingen zal uiteindelijk inderdaad het antwoord zijn in de richting van de raad op deze motie. Stel, er wordt een aanvraag ingediend, dan moeten we alsnog maar afwachten in hoeverre de minister dat goedkeurt. De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Dat klopt inderdaad. Nu is het zo dat de burgemeester al iets aangeeft over de driehoek. Daar zit de burgemeester zelf ook in en ik ben er wel van overtuigd dat de burgemeester wel heel wat overtuigingskracht heeft.

We hebben als Wakker Emmen ook een keer eerder een motie ingediend over het behoud van het politiebureau van Klazienaveen: ook dat is iets waar wij als gemeente niet over gingen. Maar mede door de inspanning vanuit de gemeente – en ik neem aan ook de burgemeester – is dat wel behouden. Dus ik geloof dat wij die overtuigingskracht van de burgemeester heel goed zullen kunnen gebruiken in de driehoek. Daarnaast over de kansen: er zijn natuurlijk best wel veel gemeenten in Nederland die een succesvolle aanvraag hebben gedaan. Wellicht dat de Officier daar wat kritischer in is, maar als het gaat over een aanvraag van Emmen, denk ik dat die kansen best reëel zijn. Als er een aanvraag wordt ingediend, zijn er ook uiteindelijk volgens de aanvraagprocedure van de VNG drie opties, namelijk ‘aan alle eisen wordt voldaan, jullie krijgen een wapenstok’. De tweede optie is: ‘Aan alle formele eisen wordt voldaan, maar als van het aantal incidenten niet helemaal duidelijk is of dat per se nodig is, dan kan er een pilot worden gedaan’. En alleen als de noodzaak absolúút niet aangetoond is – dus er is absoluut geen noodzaak – dan wordt het afgewezen. Als ik naar die drie opties kijkt, dan zou ik denken: kijkend naar de incidenten in Emmen ligt een volledige afwijzing niet in de lijn der verwachtingen.

De heer Van Oosterhout (burgemeester): Nou, meneer Katerbarg weet soms meer dan ik om te speculeren op de uitkomst van een aanvraag, die uiteindelijk bij de minister komt te liggen. Die drie opties ken ik ook nog. Nou, ik zou haast zeggen: ja, als die aanvraag er komt, dan zijn dit inderdaad de drie opties. Maar nogmaals, we geven hier wel verschillende signalen af, het is een genuanceerd verhaal. Dat zal ingebracht moeten worden in een dergelijke aanvraag, met daarbij niet alleen de Officier van Justitie. Ik vind ook belangrijk hoe de Politie Noord-Nederland daartegenaan kijkt. Dus nogmaals, de burgemeester bepaalt dat niet. Dank voor het compliment, de burgemeester heeft daar een zekere overtuigingskracht in. Stel, u geeft mij die boodschap en ik zeg: ‘Let op, mijn

40

gemeenteraad geeft mij deze boodschap mee. Zij is verdeeld, maar uiteindelijk doet zij dat in meerderheid.’ Ja, en dan zal daar een aantal stappen in gezet moeten worden. Maar denk niet dat dat zo even van links naar rechts gaat. Ik zeg het ook maar even: dat weet u, maar ook even naar de rest van de raad. Juist het feit dat dat zo’n ingewikkelde procedure is en zo getrapt is met uiteindelijk de ministeriële verantwoordelijkheid, realiseer je je even dat het daarmee wel gaat om een heel principieel vraagstuk, waarbij proportionaliteit een uitdrukkelijk middel daarin is. De wnd. voorzitter: Was dat uw betoog, burgemeester? De heer Van Oosterhout (burgemeester): Ik zal even kijken... Nee, laat het zo maar. Want anders kom ik ook in die overtuigingsstand, dus is ook niet de bedoeling. Ik wou het nog samenvatten in de sfeer van: realiseer je je dat het een dilemma is, realiseer je je dat dit een buitengewoon ingewikkelde procedure is die een heel aantal stappen kent – en terecht, is mijn visie. Het is terecht dat uiteindelijk dat dit uiteindelijk een ministeriële verantwoordelijkheid is, omdat de rolvervaging tussen politie en boa’s daarmee alleen maar groter kan worden. De minister zal het uiteindelijk ook bepalen. De heer Katerbarg heeft aangegeven dat er verschillende opties zijn. En een van de optie is inderdaad een pilot.

Realiseer je je ook dat de uitkomsten van die pilot ook weer wat verdeeld zijn: ook daar zie je precies weer die nuance. Er zit een aantal heel positieve uitkomsten in die pilot en er zit ook een heel aantal negatieve uitkomsten in die pilot. Dat geef ik u maar even mee voor de tweede termijn. De wnd. voorzitter: Dank u wel, meneer de burgemeester. Dan had in eerste termijn de Partij van de Arbeid een schorsing aangegeven. Hoe lang wenst u een schorsing, meneer De Vries? De heer A. de Vries (PvdA): Vijftien minuten graag. De wnd. voorzitter: Vijftien minuten. Om klokslag elf uur beginnen we dan weer. Ik schors tijdelijk de vergadering. [Schorsing] De wnd. voorzitter: Leden van de raad, een klein probleempje. De Partij van de Arbeid, die de schorsing aangevraagd heeft, heeft toch wel wat meer tijd nodig. Ze zijn er nog niet helemaal uit. Vindt u het bezwaarlijk als wij om tien over elf gaan beginnen? ‘Nou, vooruit.’ Dan heb ik alvast wel een voorschotje voor u. Meneer Kasteleijn is zo vriendelijk geweest om aan te geven dat zijn motie doorgeschoven mag worden. [Applaus.] Dit komt niet vaak voor dit soort ovaties, meneer Kasteleijn, dus neem haar in ontvangst! Dus nee, maar goed.

We hebben natuurlijk nog de afspraak dat we om elf uur moeten gaan vragen: gaan we wel door of gaan we niet door? Dus mijn voorstel zou toch zijn om deze motie gewoon helemaal af te ronden, de motie van de heer Kasteleijn van 50PLUS door te schuiven, maar dat zal ik dan formeel nog even doorgeven als de vergadering heropend is. Dan verwacht ik dat we toch wel voor half twaalf kunnen sluiten. Maar goed, dat is de verwachting, maar het is aan u. U krijgt alle tijd voor de discussie. Wilt u nog iets zeggen tegen elkaar of elkaar overtuigen, dan hebt u nog twee minuten. [Schorsing] De wnd. voorzitter: Ik heropen de vergadering. Ook voor de PvdA die er net niet was: de heer Kasteleijn van 50PLUS heeft aangeboden om zijn motie van de agenda af te halen en aan te laten sluiten bij de agenda van de volgende raadsvergadering. Dat houdt dus in dat we hierna nog één agendapunt hebben dat de burgemeester zal afhandelen. En ja goed, het is elf uur geweest, maar dit is dan het laatste inhoudelijke agendapunt. Dus we kunnen gewoon doorgaan totdat we dit hebben afgesloten. Ja? Nou, de PvdA heeft een schorsing gehad. Ik hoop dat jullie eruit zijn gekomen. Dan wil ik namelijk de indiener van de motie, de heer Katerbarg, uitnodigen voor de tweede termijn.

41

Tweede termijn De heer Katerbarg (Wakker Emmen): Allereerst dank voor alle reacties en de zeer interessante discussie. Laat ik beginnen met één ding nog even duidelijk te maken: ja, het woord ‘wapen’ zit in ‘wapenstok’. Nee, ik wil ook geen semantische discussie voeren, maar de wapenstok is bedoeld als verdedigingsmiddel. Het is een middel dat boa’s kunnen gebruiken bij hun werkzaamheden. Als antwoord op de vraag van de Partij van de Arbeid: met de wapenstok los je niet alles op. Je voorkomt er ook niet alles mee. Maar zoals al aangegeven: het is ter verdediging en het is om te voorkomen dat boa’s aan dergelijke incidenten worden onderworpen. Met de wapenstok geef je ze dat verdedigingsmiddelen en geef je ze ook meer zelfverzekerdheid. Hart voor Emmen stelde nog een vraag over monitoring en evaluatie. Nou ja, de wet stelt hieraan ook eisen over registratie. Net als bij een politieagent die zijn wapen gebruikt, wordt sowieso ook het gebruik van geweld door boa’s, maar ook van geweldsmiddelen beoordeeld. Als ik me niet vergis – maar dat weet ik niet helemaal zeker: de toezichthouder of de Officier van Justitie? – is een van de opties bij een aanvraag die dus wordt ingediend, dat er dus sprake kan zijn van een pilot. Die kun je dan ook evalueren. Tot slot.

Als de motie wordt aangenomen, dan gaan we ervan uit dat de burgemeester – hij kent immers de procedure – de voorbereidende stappen zet voor een aanvraag. En dan gaan we er dus van uit dat dit onderdeel is van het volgende Veiligheidsplan. En bij die stappen om tot een aanvraag te komen, maakt het niet uit of het als het ware ‘de raad plus één’ is. Aangenomen is aangenomen en we verwachten dan ook de volle inzet. De heer A. de Vries (PvdA): Ook nog dank aan de heer Katerbarg voor zijn verheldering op een vraag die we eerder stelden. Ja, voorzitter, het is geen verrassing dat wij hiermee worstelen. Daar zijn we maar eerlijk in. Als we dan kijken, voorzitter, naar de heel uitvoerige argumentatie die al is uitgewisseld, dan zullen we die ook niet overdoen in onze tweede termijn. We hebben onze dingen gedeeld en bediscussieerd. Nou, dat is ook goed, dat is ook prima. Als we dan kijken naar deze motie. En stel, de motie haalt een meerderheid en die komt ook in de uitvoering, dan zien wij daar toch wel, ook vanuit de burgemeester – daar kan hij misschien straks nog even op reageren in zijn tweede termijn – een heel zorgvuldig proces met een aantal waarborgen. En wat zijn die dan voor ons als Partij van de Arbeid? Wat zouden die kunnen zijn bijvoorbeeld? Dat is bijvoorbeeld een heel goed gesprek met en inventarisatie onder de boa’s in onze gemeente zelf.

Wat willen zij precies? Zijn ze zich bewust van wat het gebruik van zo’n wapenstok met zich meebrengt? Dus daar moeten, denk wij, nog heel wat gesprekken over plaatsvinden. Daarbij, als we even kijken naar de gebieden – het is al wat eerder aan de orde geweest – moet er een heel zorgvuldige onderbouwing en afbakening zijn van die gebieden waar dat wordt ingezet. En uiteraard moet dat voor die aanvraag ook al gebeuren. Dus daar zit voor ons ook al een soort van waarborg in, inderdaad. Dus we zien in ieder geval een heel zorgvuldig proces voor ons, mocht deze motie tot uitvoering komen. En we zijn ook wel even benieuwd hoe de burgemeester daarnaar kijkt. En ja, daarbij zouden we ook wel graag een toezegging van de burgemeester willen op de zorgvuldigheid van dat proces op de onderdelen die we hebben genoemd. De heer Wittendorp (CDA): Onze tweede termijn zou u kunnen zien als een stemverklaring. Eigenlijk vinden wij dat de leemte tussen de politietaken en die boa-taken moet worden ingevuld. Maar als we de discussie voeren, staan in die tussentijd die boa’s wel in de frontlinie. En die situatie vinden wij best wel heel ernstig. Wij willen dat de boa’s beter beschermd de straat op gaan om hun taak en hun werk goed uit te kunnen voeren. En dat signaal willen wij ook afgeven. Daarom zullen wij van het CDA verdeeld stemmen. De heer De Jonge (VVD): Ik zal weinig woorden nodig hebben.

Want ik kan me prima aansluiten bij de heer Katerbarg van Wakker Emmen: die heeft het goed verwoord. En wij hebben er alle vertrouwen in, mocht er een aanvraag komen, dat die ook wordt goedgekeurd. Wij hebben korte lijntjes met Den Haag en toevallig kennen we daar bepaalde personen.

42

De heer Kuiper (SP): Wij willen simpelweg gewoon dat de boa’s de mogelijkheid hebben om zichzelf te verdedigen in een specifieke situatie. En dat is het. De heer Supheert (ChristenUnie): Allereerst dank voor de beantwoording van de burgemeester. Dank ook voor het indienen van de motie. Ik wil me graag volledig aansluiten bij de woorden van de PvdA, bij de heer De Vries, zowel in eerste als in tweede termijn. Dat is ons, zoals mijn collega ook aangaf, uit het hart gegrepen. Tegelijkertijd vroeg ik ook aan de heer Katerbarg waarom het verzoek dusdanig is dat de motie nu al oproept om het college te verzoeken tot het inzetten van de wapenstok. Wij hechten heel erg aan dat zorgvuldige proces, wat de heer De Vries ook net aanhaalde. En wij zijn ook benieuwd naar de antwoorden van de burgemeester. De heer De Jong (Hart voor Emmen): Dank aan de fractie van Wakker Emmen voor de beantwoording van onze vraag. Wij zien geen belemmeringen in de uitvoering van deze motie. De aanvraag voor het Categoriaal Besluit kent immers drie uitkomsten: ‘ja’, ‘ja, mits’ of ‘nee’. Daar is voor ons de reden om voor deze motie te stemmen. Tot zover. De heer Kasteleijn (50PLUS): Ja, 50PLUS heeft er wel over nagedacht en over gesproken en wij steunen deze motie. Reactie college De heer Van Oosterhout (burgemeester): Ik kan in die zin kort zijn.

Even naar de heer Katerbarg: kijk, juist in dit soort wat genuanceerde discussies, waar allerlei soorten dilemma’s op tafel komen en argumenten: weest u wat voorzichtig. Maar dat is haast een algemene burgemeestersopmerking: weest u wat voorzichtig met ‘het besluit is de helft plus één’. Juist waar van allerlei kanten zo’n vraagstuk wordt gewogen – we hebben de tijd ervoor genomen – zou ik haast zeggen: denk ook na over de andere kant en denk ook na over die argumenten. Ik zit hier niet zo in, op het moment dat er een klap wordt gegeven op een motie, zo van: ‘dat hebben we ook weer gehad en dan hebben we daar de meerderheid in te pakken’. Want aan beide kanten werden volgens mij heel zinvolle dingen gezegd. Dan kom ik bij de opmerkingen die vanuit de Partij van de Arbeid en de ChristenUnie gemaakt zijn, als opmaat naar een heel zorgvuldig afwegingsproces. En dat zorgvuldige afwegingsproces kent minimaal twee elementen. Het kent een juridisch zorgvuldig afwegingsproces. Het is niet zo, meneer De Jong, dat je zomaar even een aanvraag indient. Daar is een aantal partijen nauw bij betrokken. Kijk, als ik ergens een handtekening moet zetten, zet ik een handtekening. Maar er is een heel aantal partijen betrokken bij die aanvraag en daar zullen we bijvoorbeeld in de driehoek, maar ook met de toezichthouder, uitvoerig over spreken.

Maar dat moeten we ook niet onderschatten: ook wel met de gebruikers. Ik ben niet van het dienstbevel. Dat doen we hier niet in huis met 1.200 ambtenaren, dat doen we ook niet met onze boa’s. We willen een gemotiveerde ploeg houden die zich veilig voelt, ook met eventuele nieuwe uitrusting. Dus daarmee moeten we dat gesprek zorgvuldig aangaan. De heer De Jong (Hart voor Emmen): Ja, aangezien de burgemeester de opmerking maakte dat het even een formulier invullen is. Dat is niet de strekking van mijn formulering: ‘nou, dat scheelt alvast de helft van het werk, dan ligt ie er al.’ Ik heb tijdens mijn inbreng ook aangegeven – dat was ook de vraag die ik gesteld had aan de burgemeester – dat op het moment dat het formulier ingevuld moet worden, daar ook een gedegen afweging bij dient te zijn in het kader van de proportionaliteit. Is er een goed incidentendossier? Is er een juist advies van een korpschef? Is er een advies van de Hoofdofficier van Justitie? Is er een opleidings- en een toetsingsplan? Is er een begroting? Dus ik heb echt die afwegingen daarin wel meegenomen, daar heb ik u ook naar gevraagd. Dus ik ben me er terdege van bewust dat het niet simpel gaat om een formuliertje invullen en een handtekening erop zetten. Ik wilde dat even ter kennisgeving meegeven.

43

De heer Van Oosterhout (burgemeester): Dus samenvattend: op het moment dat het gaat om een werkwoord als ‘zich ervoor in te zetten’, dan zal dat gebeuren op basis van een zorgvuldig afwegingsproces, niet alleen met alle spelers in het juridische veld, maar ook waar het gaat om de gebruikers. En daarover zal ik u rapporteren. De wnd. voorzitter: Dank u wel. Dan was dit de beantwoording van de burgemeester in tweede termijn. Dan gaan we over naar de stemming. Ik zal u ten eerste voor... Sorry, ik dacht dat u zich aan het roeren was. Meneer De Vries, Partij van de Arbeid. De heer A. de Vries (PvdA): Ik was mij ook aan het roeren, dat klopt! Ik was wel benieuwd naar de reactie van de burgemeester over de afkadering van de gebieden en de onderbouwing daarvan. De heer Van Oosterhout (burgemeester): Nou, dat weet ik nog niet, daar wil ik nog niet op vooruitlopen. Dat zou wel een van de gesprekselementen kunnen zijn. Hebben we het dan over inderdaad de risicogebieden? Hebben we het dan over de hele gemeente? Daar wil ik niet op vooruitlopen, daar wil ik ook heel graag het oordeel van de andere mensen daarin hebben, bijvoorbeeld de Officier van Justitie en bijvoorbeeld de politiechef. Ja. De heer A. de Vries (PvdA): Ja, dank u, maar dat was ook de achtergrond van onze vraag: hoe komt die afkadering van die gebieden tot stand? En die zorgvuldigheid, dat was ons wel helder. Bedankt.

De heer Van Oosterhout (burgemeester): Ja, verkijkt u zich niet op het oordeel van zo’n toezichthouder, de Politie Noord-Nederland, die inderdaad ook dit soort afwegingen meeneemt. Ja. Dat heet ‘proportionaliteit’. De wnd. voorzitter: Goed, dan hebben we dit in twee termijnen behandeld. Besluitvorming De wnd. voorzitter: De motie vreemd aan de orde van de dag, waar we nu over gaan stemmen, heeft als titel: ‘Uitrusting buitengewoon opsporingsambtenaren’. Zijn er stemverklaringen? Ik kijk eerst even naar links: ik zie er drie. De heer De Vries, Partij van de Arbeid als eerste. De heer A. de Vries (PvdA): Dank aan eenieder vanavond voor alle inbreng. Gezien alle beraadslagingen, ook in tweede termijn, en de reactie van de burgemeester en de toezeggingen op het gebied van zorgvuldige afwegingen die erin zitten, zal de Partij van de Arbeid voor deze motie stemmen. De heer Supheert (ChristenUnie): Wat bij ons overblijft, als wij kijken naar deze motie en als we naar de beraadslaging luisteren, is dat wij een heel eind kunnen meekomen als het gaat om het voorstel van de motie. We hebben ook gehad over: lost dit nou het probleem op? Daar kunnen we geen ‘ja’ op zeggen. Er blijft bij ons een soort unheimisch gevoel hangen en daarom zullen wij tegen stemmen.

De heer Koops (D66): Ja, het is de verantwoordelijkheid van onze gemeente om ervoor te zorgen dat onze boa’s hun werk veilig kunnen uitvoeren. Om dat te doen, zullen we wat D66 betreft naar de boa’s moeten blijven luisteren en die zijn duidelijk: de boa’s in Emmen hebben in grote meerderheid geen behoefte aan het gebruik van een wapenstok. Dus los van de intrinsieke waardering van de wapenstok of andere geweldsmiddelen, stemmen wij om die reden volmondig tegen. De wnd. voorzitter: Dank u wel, meneer Koops. Dan waren dat de stemverklaringen. Dan gaan we nu over tot de stemming. De stemming is nu geopend. (…) Dan is er gestemd. Eén lid van de raad is inmiddels afwezig en dat betekent dat er in totaal 33 stemmen zijn uitgebracht. Voor de motie hebben gestemd de fracties van Wakker Emmen, de Partij van de Arbeid, drie leden van het CDA en voorts de fracties van de VVD, de SP, de PVV, Hart voor Emmen en 50PLUS. Tegen de motie hebben gestemd één lid van de CDA-fractie en voorts de fracties van de ChristenUnie, D66 en

44

GroenLinks. Het resultaat is dat 28 stemmen voor de motie zijn en 5 stemmen tegen de motie. Daarmee is de motie aangenomen. Dan schors ik nu de vergadering voor vijftien tellen. O ja? Blijven we zitten? Nou, de burgemeester neemt het meteen over. De voorzitter: Nog een schorsing? Nee, dat zou wat zijn! Dank, meneer de vicevoorzitter, voor het leiden van de debatten rond deze twee moties. B4c. Motie vreemd aan de orde van de dag ‘Veilig Samen Naar Huis in Emmen’ (50PLUS) (uitgesteld naar de raadsvergadering van 30 oktober 2025) B5.

Vaststellen lijst A ‘ingekomen stukken’ en mededelingen

Er zijn geen mededelingen. [Zonder beraadslaging voor kennisgeving aangenomen conform afdoeningsvoorstel.] B6.

Sluiting

De voorzitter: Daarmee sluit ik deze vergadering. Het is 23 uur 23 en er is nog gelegenheid voor een drankje. Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van 30 oktober 2025, De voorzitter, De griffier,

45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=f9c4c971-3911-41cb-9efc-966c73629657