Bijlage bij RA21.0100 - Regiovisie Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang (RIS.10505)
Tekst van het document
Regiovisie Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang Koers en richting
Inhoudsopgave
1. 1.1 1.2 1.3
Inleiding Norm van Opdrachtgeverschap Totstandkoming Leeswijzer
3 3 3 3
2. 2.1
Context Bouwstenen decentralisatie Beschermd Wonen
4 4
3. 3.1 3.2
Regiovisie Herbevestiging regiovisie Totstandkoming regioplan
5 5 6
4. 4.1 4.2 4.3 4.4
Continuïteit van zorgfuncties BW/MO Huidige stand van zaken Regionale preventieve maatregelen Lokale preventieve maatregelen Ambitie voor de toekomst
7 7 8 8 9
5. 5.1 5.2 5.3 5.4
Inkoop buiten de regio Uitgangspunten plaatsing buiten de regio Woonplaatsbeginsel Definitie Beschermd Wonen Plaatsing buiten-regionale voorzieningen
10 10 10 10 11
6. 6.1 6.2 6.3
Verbinding lokale toegang met regionale voorzieningen Toegang tot Beschermd Wonen Toegang tot Maatschappelijke Opvang Verbinding lokaal – regionaal
12 12 12 12
7. 7.1 7.2 7.3
Governance Regionale samenwerking Ambtelijk en bestuurlijk netwerk BW/MO Geschillen
13 13 13 13
8.
Administratieve lasten
14
9. 9.1 9.2 9.3
Inkoop Beschermd Wonen Contractering Beschermd Wonen Transformatieagenda Inkoopstrategie
15 15 15 16
10. 10.1 10.2 10.3 10.4
Maatschappelijk Opvang Aanbod Maatschappelijke Opvang Financiering Brede aanpak dak- en thuisloosheid Doordecentralisatie Maatschappelijke Opvang
17 17 17 17 17
11. 12. 13. 14. 15.
Wet langdurige zorg Samenwerking in de keten Monitoring en verantwoording Financiën Evaluatie
18 19 20 21 22
Bijlage I Bijlage II
Samenwerking in de keten Verdeling budgetten
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
23 24
2
1. Inleiding Met de invoering van de Wmo 2015 zijn centrumgemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van Beschermd Wonen (BW) en Maatschappelijke Opvang (MO). BW is bedoeld voor mensen met psychiatrische problematiek (18+), die aangewezen zijn op ondersteuning, begeleiding en/of 24uurs toezicht. MO is gericht op het bieden van tijdelijk verblijf aan mensen die dakloos zijn, gekoppeld aan zorg en begeleiding en/of het verhelpen van een crisis. De regionale samenwerking tussen de gemeenten Borger-Odoorn, Coevorden en Emmen (BOCE) loopt vanaf 2015. De afspraken zijn vastgelegd in het convenant Beschermd Wonen & Opvang 2015. In het kader van de doordecentralisatie van Beschermd Wonen zijn gemeenten vanaf 1 januari 2022 inhoudelijk verantwoordelijk voor dit onderwerp. Daarnaast worden per 1 januari 2023 het nieuwe (financiële) verdeelmodel BW en het zogenaamde woonplaatsbeginsel ingevoerd. In deze Regiovisie is de BOCE-visie op het onderwerp Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang vastgelegd op basis van de acht uitgangspunten uit de Norm van Opdrachtgeverschap. 1.1 Norm van Opdrachtgeverschap In de aanloop naar de decentralisatie hebben alle gemeenten tijdens de Algemene Ledenvergadering van de VNG op 10 juni 2020 ingestemd met de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO) voor BW/MO. De NvO gaat in per 1 januari 2022.
Hiermee erkennen gemeenten dat voor sommige vormen van zorg regionale en bovenregionale samenwerking vereist is. Het gaat om beschikbaarheid van weinig voorkomende, duurdere en specialistische vormen van hulp. De NvO vormt een belangrijk kader voor de regionale samenwerking tussen gemeenten bij het organiseren en inkopen van BW/MO. De NvO geeft duidelijkheid over wat in ieder geval regionaal, wat bovenregionaal en wat tussen regio’s moet worden afgesproken. 1.2 Totstandkoming Deze regiovisie is in nauwe afstemming tussen de gemeenten Emmen, Coevorden en BorgerOdoorn tot stand gekomen. Hierbij is onder meer gekeken naar de stand van zaken van het regioplan Opvang & Bescherming 2020-2023, dat in juni 2020 in de drie colleges is vastgesteld. In het regioplan zijn concrete beleidsvoornemens opgenomen die gericht zijn op de inhoudelijke transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis. De regiovisie is hierop gebaseerd en richt zich op de afspraken in het kader van de regionale samenwerking. Daarnaast geeft de regiovisie een overzicht van alle ontwikkelingen die er de afgelopen jaren op het gebied van Beschermd Wonen zijn geweest. Ook betrokken stakeholders zijn geconsulteerd en meegenomen in de totstandkoming van deze visie. 1.3. Leeswijzer De acht vastgelegde afspraken uit de NvO zijn uitgewerkt in de regiovisie.
Per hoofdstuk wordt ingegaan op één afspraak en de manier waarop hieraan invulling wordt gegeven. Daarbij komen ook de (beleids)ontwikkelingen van de afgelopen tijd aan bod en worden de uitname Wlz1 en de gevolgen daarvan voor onze regio meegenomen.
1
Sinds 1 januari 2021 is de Wet langdurige zorg opengesteld voor mensen met psychische problematiek. Dit leidt deels tot een verschuiving van de doelgroep die nu valt onder Beschermd Wonen vanuit de Wmo.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
3
2. Context In opdracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft de commissie Toekomst Beschermd Wonen (commissie Dannenberg) in 2015 de belangrijkste inhoudelijke uitgangspunten geformuleerd voor opvang en bescherming. De commissie Dannenberg heeft in haar rapport randvoorwaarden/condities voor sociale inclusie geformuleerd. Het gedachtegoed van Dannenberg is gericht op de beweging van Beschermd Wonen naar een Beschermd Thuis en naar een inclusieve samenleving. Dit aspect vormt het uitgangspunt van beleid. De gedachte hierbij is om ondersteuning zoveel mogelijk in de eigen omgeving te laten plaatsvinden, omdat daar de kans op herstel groter is. In het advies van de commissie Toekomst Beschermd Wonen wordt naast de inhoudelijke visie ook ingegaan op de uitgangspunten voor een nieuw in te voeren financieel verdeelmodel. Het Rijk en de VNG hebben hierover afspraken gemaakt en besloten om het huidige verdeelmodel te herzien en daaraan nieuwe financiële randvoorwaarden te verbinden/koppelen. 2.1 Bouwstenen decentralisatie Medio 2019 heeft het expertiseteam van de VNG een advies uitgebracht2 over de beoogde doordecentralisering. Het advies bevat acht bouwstenen voor een zorgvuldige (financiële) doordecentralisatie van BW, zodat de continuïteit van ondersteuning en zorg gewaarborgd blijft voor inwoners van de gemeenten. In juli 2019 stemde het Rijk in met het advies.
Daarmee is het fundament gelegd voor de doordecentralisatie van Beschermd Wonen. Eén van de bouwstenen heeft betrekking op de regionale samenwerking. Via de NvO wordt hier invulling aan gegeven. Dit bestaat uit de volgende acht onderdelen: 1. Gemeenten stellen in regionaal verband een regiovisie op voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang. De regiovisie wordt door elke afzonderlijke gemeenteraad in de regio vastgesteld. 2. De regiovisie komt tot stand in samenspraak met o.a. professionals, (vertegenwoordigers van) inwoners, ervaringsdeskundigen, ketenpartijen. 3. De visie geeft helderheid hoe de drie samenwerkende gemeenten in Zuidoost-Drenthe de beschikbaarheid en continuïteit van zorgfuncties van Beschermd Wonen hebben geborgd. 4. De visie bevat afspraken over de inkoop van plekken buiten de regio. 5. De visie geeft aan hoe de lokale toegang is verbonden met de regionale Maatschappelijk Opvang en regionaal gecontracteerde hulp. 6. Er zijn een niet-vrijblijvende governance en eerste aanspreekpunt ingeregeld op de samenwerking tussen de drie gemeenten BOCE. 7. De landelijk aangereikte uitvoeringsvereisten zijn opgevolgd en binnen de inkoop gelden voor de BOCE-regio dezelfde contractvoorwaarden. 8. Er is sprake van meerjarige contractering waarbij ingezet wordt op innovatie-ontwikkeling.
2
Advies expertiseteam, juni 2019
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
4
3. Regiovisie Gemeenten stellen in regionaal verband een regiovisie op voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. De regiovisie wordt door elke afzonderlijke gemeenteraad in de regio vastgesteld In lijn met de ingezette transitie n.a.v. het advies van de commissie-Dannenberg beschikken alle BW/MO regio’s al over een regiovisie. De afspraken uit de NvO zijn een aanvulling op de gemaakte landelijke afspraken 20163. In 2019 zijn deze afspraken herbevestigd door het Rijk en is afgesproken een verdiepingsslag te maken met concrete uitvoeringsafspraken. In juni 2020 is in dat kader het Regioplan Opvang en Bescherming 2020-2023 (hierna: Regioplan) vastgesteld door de colleges van de drie gemeenten. De raden zijn hierover geïnformeerd via een videopresentatie en informerende brief. In dit regioplan zijn de visie, de beleidskaders en uitgangspunten opgenomen, die de basis vormen voor de invulling van BW/MO. 3.1 Herbevestiging visie De visie zoals opgenomen in het Regioplan wordt nog steeds onderschreven. De huidige uitwerking betreft een herbevestiging van de opgenomen visie in het Regioplan. De basis is immers de visie van de commissie Dannenberg voor de toekomstige uitwerking en uitvoering van Beschermd Wonen.
De commissie Dannenberg heeft in haar rapport acht randvoorwaarden/condities voor sociale inclusie geformuleerd: versterken van zelfmanagement, ervaringsdeskundigheid en informele zorg; garanderen van langdurige begeleiding met flexibele intensiteit; ondersteuningscontinuüm voor herstel en participatie; een breed arsenaal van woonvarianten; beschikbare en betaalbare wooneenheden; laagdrempelige toegang tot zorgfuncties; duurzaam samenwerken tussen gemeenten en zorgverzekeraars; borgen van kwaliteit en vraaggerichtheid van ondersteuning.
De visie op BW/MO is gericht op het bevorderen van sociale inclusie. Dit betekent dat iedereen volwaardig (naar vermogen) moet kunnen meedoen in de samenleving, zodat invulling wordt gegeven aan de inclusieve samenleving. Aansluiten bij de ondersteuningsbehoefte van inwoners met een psychische kwetsbaarheid is hierin leidend.
Zorg en veiligheid zijn inherent aan elkaar verbonden. Door de extramuralisering in de GGZ en de ambulantiseringsbeweging zijn het zorg- en veiligheidsdomein de afgelopen jaren steeds meer naar elkaar toegegroeid. Adequate ondersteuning en begeleiding aan de voorkant voorkomen veiligheidsproblematiek of verstoring van de openbare orde aan de achterkant. Onderdeel van de visie is dat er een keten brede samenwerking binnen het Sociaal Domein en het veiligheidsdomein is. Denken in mogelijkheden en kansen bevordert de kans op herstel. Daarom wordt aangesloten bij het gedachtegoed van Positieve Gezondheid. De opvatting over gezondheid is gericht op het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven.
3 In 2016 is de handreiking ‘Regionaal plan van aanpak beschermd wonen en maatschappelijke opvang, een taak voor alle
gemeenten’ uitgebracht door de VNG. Hierin staan de belangrijkste onderdelen voor in het regioplan.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
5
3.2 Totstandkoming Regioplan De regiovisie komt tot stand in samenspraak met o.a. professionals, (vertegenwoordigers van) inwoners, ervaringsdeskundigen, ketenpartijen. Het Regioplan met de daarin opgenomen visie, is gezamenlijk met ketenpartners uit het veld vormgegeven. Eind 2019 heeft er een eerste bijeenkomst plaatsgevonden met stakeholders BW/MO, waaronder de zorgaanbieders en woningcorporaties.4 Het doel van deze bijeenkomst was tweeledig. Enerzijds om gezamenlijk terug te blikken op de gehanteerde beleidsvoornemens uit het voormalige Plan van Aanpak Opvang & Bescherming. Met dit plan werd invulling gegeven aan de kaders van het beleid gericht op BW/MO voor de periode tot 2020. Gezamenlijk is gekeken hoe hier de afgelopen periode aan is gewerkt en wat we nog te doen hebben.5 Anderzijds is met elkaar verkend welke thema’s nog missen en meegenomen moeten worden in de transformatie en de aanloop naar de doordecentralisatie. De bijeenkomst is op interactieve wijze vormgegeven waarbij aan de hand van een carrousel verschillende thema’s zijn besproken. Hierbij is een koppeling gemaakt met de beleidsvoornemens uit het Plan van Aanpak Opvang & Bescherming en de voorgestelde condities van Dannenberg.
Verder zijn partners, adviesraden en de gemeenteraden geïnformeerd over het concept Regioplan via een digitale presentatie en in de gelegenheid gesteld om (ongevraagd) advies te geven. Betrokken ketenpartners en adviesraden zijn opnieuw betrokken en geconsulteerd in de herbevestiging van de regiovisie en geïnformeerd over de stappen en keuzes in het doorcentralisatieproces in de regio. Regiovisie De visie in de regio Zuidoost-Drenthe is onveranderd en wordt gecontinueerd, de basis ligt in het in 2020 vastgestelde Regioplan Opvang en Bescherming.
4 5
Memo uitwerking sessie BW/MO, november 2019 Evaluatie Plan van Aanpak Opvang & Bescherming, november 2019
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
6
4. Continuïteit van zorgfuncties BW/MO De regiovisie beschrijft, hoe gemeenten in regioverband de beschikbaarheid en continuïteit van zorgfuncties voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang borgen. Deze afspraak heeft betrekking op de inhoudelijke uitwerking van de norm. Voor welke functies is het noodzakelijk om in ieder geval als regio gezamenlijk op te trekken? Welke stappen zijn hier al in gezet en wat is daarbij de ambitie voor de toekomst? Dit hoofdstuk gaat hier nader op in. 4.1 Huidige stand van zaken Om invulling te geven aan de gewenste transformatie binnen BW is de afgelopen jaren een aantal ontwikkelingen in gang gezet. Hieronder volgt een schets van de nieuwe ontwikkelingen op hoofdlijnen.
6
Inzet van tussenvormen Beschermd Wonen Per 1 januari 2020 is het aanbod binnen de maatwerkvoorziening Beschermd Wonen aangepast en uitgebreid.6 In het oorspronkelijk aanbod was de overgang van Beschermd Wonen naar het zelfstandig wonen (te) groot. Aangezien het herstelproces van de inwoner vaak geen rechtlijnig verloop kent, is het wenselijk om binnen het productenaanbod voldoende te differentiëren om te kunnen op- en afschalen. Op die manier kan doorlopend in de benodigde ondersteuning worden voorzien en ‘meebewogen’. Door met tussenvormen van Beschermd Wonen te werken wordt gefaseerd toegewerkt naar het weer zelfstandig kunnen wonen. In de praktijk bleek dat zorgaanbieders al verschillende vormen van Beschermd Wonen aanboden, waardoor het nieuwe beleid hier goed op aan kon sluiten. De huidige effecten van de productdifferentiatie hebben voor zowel de zorginhoudelijke kant als de financiën een positief effect. Eén van de nieuwe tussenvormen BW is Thuis Plus. Dat is de lichtste variant. Deze vorm valt tussen ambulante begeleiding en de zwaardere BW-variant in.
Actieprogramma Weer Thuis! Sinds september 2019 nemen we als regio Zuidoost Drenthe deel aan het actieprogramma Weer Thuis! Het programma is gericht op het bevorderen van uitstroom uit Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang (BW/MO/VO) en het opstellen van afspraken waardoor de uitstroom beter verloopt. De afspraken worden vastgelegd in een convenant dat bestuurlijk wordt ondertekend. Hiermee geven we invulling aan de transformatie; door in te zetten op het verbeteren van de uitstroom van kwetsbare doelgroepen uit BW/MO/VO en door inwoners met een psychische kwetsbaarheid zoveel mogelijk “gewoon in de wijk” te laten wonen.
Proeftuin Optimaal Leven In de gemeente Emmen is sinds 2018 de proeftuin Optimaal Leven actief. De proeftuin is gericht op integrale samenwerking voor GGZ-behandeling en begeleiding in de wijk. Zorginstellingen, gemeenten en zorgverzekeraars werken hierin met elkaar samen om de kwaliteit van leven van mensen met Ernstige Psychiatrische Aandoeningen (EPA) te verbeteren door te komen tot andere, meer op maat gesneden vormen van hulpverlening en ondersteuning. De proeftuinperiode loopt tot eind 2021. Belangrijke aspecten zijn de borging binnen het lokale Sociaal Domein en de uitrol naar de twee andere regiogemeenten. De praktische invulling kan hierbij per gemeente verschillen.
Transformatieagenda Beschermd Wonen De contracten voor Beschermd Wonen zijn met twee jaar verlengd tot en met 31 december 2022. Aanvullend is bij de contractverlenging een transformatieagenda opgesteld die integraal onderdeel uitmaakt van het contract. Hierin staan de belangrijkste opgaven van de komende tijd genoemd. Onderdeel van de offerteaanvraag van BW was dat in een Plan van Aanpak vastgelegd moest worden hoe invulling wordt gegeven aan de visie van de commissie Dannenberg. De gecontracteerde aanbieders hebben deze plannen
Voorzieningen Beschermd Wonen, november 2019.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
7
geëvalueerd. De uitkomst biedt inzicht in wat we met elkaar nog te doen hebben. De input van deze evaluaties is meegenomen in de transformatieagenda. Medio 2019 is er door het Expertisecentrum van de gemeente Emmen onderzoek gedaan naar de transformatie binnen de Wmo7. Hierbij zijn ook de gecontracteerde aanbieders BW betrokken. De input die de aanbieders hebben geleverd en de resultaten en aanbevelingen van dit onderzoeksrapport zijn meegenomen in de transformatieagenda. Stand van zaken De werking van de tussenvormen Beschermd Wonen wordt gemonitord op effectiviteit. De afspraken vanuit het Actieprogramma Weer Thuis vinden hun uitwerking in een bestuurlijk convenant. Een verdere uitrol vanuit ervaringen met de Proeftuin Optimaal leven is maatwerk en kan per gemeente qua uitwerking verschillen. De transformatieagenda is een belangrijk sturingsinstrument voor de transformatie en zal ook bij een nieuwe inkoop onderdeel zijn van het programma van eisen.
4.2 Regionale preventieve maatregelen Om het gebruik van een intramurale beschermde woonvoorziening te voorkomen, wordt regionaal ingezet op:
Tussenvormen Beschermd Wonen Deze maken het mogelijk om enerzijds de uitstroom naar (meer) zelfstandig wonen te bevorderen en anderzijds om instroom in een ‘zware’ setting te voorkomen. We gaan er hierbij van uit dat (preventieve) tussenvormen leiden tot uiteindelijke afname van de inzet van zwaardere en duurdere ondersteuningsvormen.
Toepassing van landelijke toegankelijkheid BW Soms willen cliënten graag verhuizen of is de verwachting dat er in een andere regio meer kans is op een passend en succesvol traject. Met de invoering van het woonplaatsbeginsel per 1 januari 2023 blijven gemeenten verantwoordelijk voor hun eigen inwoners, ook als zij tijdelijk ondersteuning en begeleiding in een andere gemeente ontvangen. Dit onderwerp moet nog nader worden uitgewerkt. De centrumgemeenten Emmen, Assen, Groningen, Leeuwarden (EAGLE) hebben daarom eerst onderlinge informele werkafspraken gemaakt hoe hier mee om te gaan.
Afspraken in het kader van het woonplaatsbeginsel De intentie vanuit de regio BOCE is om ook na 2022 in EAGLE verband afspraken te maken met alle betrokken gemeenten. 4.3 Lokale preventieve maatregelen Door de benodigde ondersteuning op een laagdrempelige wijze te organiseren, kan de inzet van (de duurdere) maatwerkvoorzieningen worden voorkomen of worden uitgesteld naar een latere fase. Lokaal wordt daarom ingezet op meer algemene voorzieningen en vernieuwing van het voorliggend veld. Binnen de gemeenten wordt daarom gewerkt aan het versterken van de lokale infrastructuur en een goede afstemming tussen de verschillende betrokken domeinen, lokaal werkende teams en de lokale toegangen. Lokaal preventief beleid De inzet op preventie is een gezamenlijke gemeentelijke verantwoordelijkheid. Het belang van een dergelijke inzet voor het bereiken van de doelstellingen wordt door de betrokken gemeenten onderkend. Alle drie gemeenten zijn hierop onderling aanspreekbaar bij het gezamenlijk uitvoeren van Beschermd wonen.
7
Anders denken, anders doen, betere resultaten! Transformatie in de Wmo-domeinen schoonmaakondersteuning, Begeleiding en Beschermd Wonen, Expertisecentrum – mevrouw G. Seinen en dhr. C. Horstmeijer, maart 2020.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
8
4.4 Ambitie voor de toekomst Voor de komende periode is een aantal projecten opgestart. Hieronder volgt een korte toelichting: Kwaliteitskeurmerk Beschermd Wonen In het Regioplan is destijds opgenomen dat we een regionaal gedragen kwaliteitskeurmerk ontwikkelen waarin de vereiste kwaliteitseisen voor zorgaanbieders zijn opgenomen, zowel voor ZIN als PGB.8 Hiermee wordt de benodigde uniformiteit geboden. Het keurmerk kan worden gebruikt om invulling te geven aan de wettelijke verplichting van gemeenten ten aanzien van toezicht op kwaliteit en zorgt voor meer grip aan de voorkant. Het kwaliteitskeurmerk sluit aan bij het op Drents niveau vastgestelde kwaliteitskader. Welkom in de Buurt In 2021 is in BOCE-verband gestart met de pilot Welkom in de Buurt. De pilot is gericht op het bevorderen van sociale inclusie van (kwetsbare) inwoners. Het organiseren van het proces van uitstroom alleen is geen garantie voor succes. Dit vraagt ook om een zogeheten “zachte landing in de wijk”, waarbij wordt ingezet op het vergroten van de acceptatie in de samenleving van inwoners met een (psychische) kwetsbaarheid. Regiobeeld GGZ Om een beter beeld te krijgen van de opgave rondom mensen met een psychische kwetsbaarheid is de ambitie om een regiobeeld GGZ voor Drenthe op te stellen. Hierbij is het mogelijk om een beeld per regio en gemeente inzichtelijk te maken.
Hierbij wordt gebruik gemaakt van de Gemeentezorgspiegel. De Gemeentezorgspiegel is een monitorsysteem voor zorgdata dat ontwikkeld is door het bedrijf Vektis. Vektis beschikt over een database van alle gedeclareerde zorg vanuit de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet langdurige zorg (Wlz). Binnen de Gemeentezorgspiegel worden de data aangevuld door de gemeente met gegevens vanuit de Wmo en Jeugd. Hierdoor kan op wijkniveau inzicht worden verkregen in het gebruik van zorg over de verschillende zorgstelsels heen. Het aanleveren van data door de gemeenten is een aandachtspunt. Het is de verwachting dat het regiobeeld in 2022 wordt opgeleverd. Pilot ‘Regionale infrastructuur voor goede patiëntenvertegenwoordiging in de GGZ‘ De regio Drenthe is benaderd om deel te nemen aan de pilot ‘Regionale infrastructuur voor goede patiëntenvertegenwoordiging in de GGZ‘. Deze pilot wordt uitgevoerd door Lysias Advies in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam, in opdracht van het ministerie van VWS. Het doel van de pilot is ervoor te zorgen dat ervaringen en kennis van mensen die zelf te maken hebben gehad met psychische gezondheidsklachten ingezet kunnen worden ten behoeve van de verbetering van de kwaliteit van de GGZ. Ook wordt gezocht naar een manier om die ervaring en kennis op een structurele manier in te brengen en beschikbaar te stellen.
Woonzorgvisie BOCE Het steeds meer normaliseren van wonen is de trend. Ontwikkelingen zoals extramuralisering, ambulantisering en vergrijzing leiden ertoe dat steeds meer inwoners (langer) thuis blijven wonen. De grote uitdaging is om deze groeiende groep kwetsbare inwoners te kunnen blijven faciliteren in (toekomstige) woon- en zorgbehoeften. In dat kader is het streven om een woonzorgvisie te ontwikkelen waarin ambities over wonen, zorg, welzijn en leefbaarheid worden opgenomen. Ook worden hierin de pijlers van sociale inclusie als basis voor inclusief wonen verwerkt. Het is de bedoeling om de gezamenlijke woonzorgvisie eind 2022 gereed te hebben.
8 Dit naar het voorbeeld van het kwaliteitskeurmerk Beschermd Wonen van centrumgemeente Enschede en Almelo, dat in samenwerking met bureau WOESD is ontwikkeld.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
9
5. Inkoop buiten de regio De regiovisie bevat ook afspraken over de verwerving van plekken buiten de eigen regio. Hiermee lopen we vooruit op het nog in te voeren woonplaatsbeginsel. Deze afspraken houden in elk geval in: goede onderlinge informatie-uitwisseling (elkaar tijdig op de hoogte brengen van plekken elders en van uitstroom) evenals goed overleg over de meest geschikte plaats voor een cliënt. Deze afspraak gaat onder meer over het Woonplaatsbeginsel BW en de daarmee samenhangende samenwerking tussen gemeenten en tussen regio’s. Daarnaast is voor het slagen van de transitie ook van belang dat regio’s grip blijven houden op hun eigen zorglandschap. Afspraken In afwachting van de nadere uitwerking van het woonplaatsbeginsel en de uitvoeringstoets die in dat kader geldt, maken we in 2022 nadere afspraken over hoe we omgaan met plaatsing van cliënten buiten de regio. Hierbij bekijken we ook of er Drenthe breed afspraken gemaakt kunnen worden. 5.1 Uitgangspunten plaatsing Een buiten regionale plaatsing betekent dat een inwoner om zorginhoudelijke redenen geen ondersteuning kan krijgen van een aanbieder in de regio waar hij of zij woont. De beste plek voor herstel is altijd doorslaggevend voor het bepalen van de regio waar een cliënt geholpen wordt.
Gemeenten spreken onderling af dat (passend bij de ontwikkeling naar sociale inclusie en hulp dicht bij de eigen omgeving) het regionale aanbod voor cliënten in principe voorliggend is, tenzij dat niet de beste plek is voor herstel. Deze afwijking moet voldoende gemotiveerd worden. Gemeenten spreken verder af dat elke regio voldoende passend aanbod moet hebben voor de behoeften van de eigen inwoners, tenzij het een heel specifiek aanbod is. Persoonlijke omstandigheden kunnen desondanks aanleiding zijn voor plaatsing buiten de regio. Voor deze uitgangspunten komt nog een richtlijn beschikbaar voor alle gemeenten. Dit wordt meegenomen als handreiking voor plaatsing. 5.2 Woonplaatsbeginsel Het nieuwe (financiële) objectieve verdeelmodel kent gemeenten alleen budget toe voor de eigen inwoners en kan niet voorzien in de kosten van cliënten BW die vanuit andere gemeenten afkomstig zijn. Vanaf 1 januari 2023 wordt daaraan gekoppeld het woonplaatsbeginsel ingevoerd. Het woonplaatsbeginsel zorgt ervoor dat de gemeente van herkomst (financieel) verantwoordelijk blijft als een cliënt in een andere gemeente beschermd gaat wonen. Voor de kosten van cliënten waarvan de woonplaats onbekend is, ontvangen de betreffende gemeenten vanuit het landelijk macrobudget Beschermd Wonen een aanvulling op het objectieve verdeelmodel.
De gemeente van herkomst van cliënten die zich melden voor BW wordt via de Basis Registratie Personen bepaald. Op dit moment vindt er landelijk nog nadere afstemming plaats over de exacte uitwerking van deze regeling. Als er duidelijkheid is over de regeling dan maken we hierover onderlinge BOCE afspraken. 5.3 Definitie Beschermd Wonen De definitie van Beschermd Wonen in de Wmo is een smalle definitie.9 Hierbij wordt uitgegaan van “verblijf inclusief een wooncomponent en waar een hoge eigen bijdrage voor wordt betaald”. Bij deze klassieke vorm betaalt de cliënt geen huur. De lichtere vormen van BW (de “tussenvormen”) waarbij wel huur wordt betaald, vallen niet onder deze wettelijke definitie.
9 AEF – Richtlijn regionale afspraken tussenvormen beschermd wonen
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
10
De wet wordt hier niet op aangepast. Voor de tussenvormen van BW in onze regio betekent dit het volgende: Tussenvormen BW Beschermd Wonen Intramuraal Beschermd Wonen Nabij Begeleid Wonen Thuis Plus
Definitie BW Ja Ja Ja Nee
Dit betekent dat de tussenvorm ‘Thuis Plus’ niet meer valt onder de klassieke definitie van Beschermd Wonen. In de regio gaan we afspraken maken over hoe we hiermee omgaan. Regionale afspraken financiering tussenvormen De financiering van bestaande cliënten – zowel voor klassiek Beschermd Wonen als voor de tussenvorm Thuis Plus – blijven in de praktijk op dezelfde manier onder de financiering van de centrumgemeente vallen als nu het geval is. Regiogemeenten mandateren de centrumgemeente voor de uitvoering van zowel klassiek BW als de tussenvorm Thuis Plus. In 2022 wordt verkend welke financiële afspraken hierover moeten worden gemaakt. Hierbij worden ook afspraken gemaakt over de afbakening van Beschermd Wonen. Wat valt in deze regio onder tussenvormen Beschermd Wonen en wat onder de reguliere ambulante ondersteuning in de Wmo?
5.4 Plaatsing buiten-regionale voorzieningen Binnen de regio Zuidoost-Drenthe zijn geen bovenregionale voorzieningen aanwezig.10 Wel zijn er zorgaanbieders actief met een specifiek aanbod en specialisme. Daarbij valt te denken aan bijvoorbeeld “het Wethouse” van Verslavingszorg Noord-Nederland (VNN), waarbij middelengebruik is toegestaan. Op jaarbasis maken circa 10 cliënten van buiten de regio gebruik van ons zorgaanbod. De gemeente van herkomst financiert in dat geval het gebruik van deze voorziening. Over het algemeen is het huidige zorglandschap passend en toereikend en kunnen de cliënten BW uit de BOCE regio geplaatst worden binnen het bestaande aanbod. In vijf tot tien gevallen per jaar moet hiervan worden afgeweken. Het gaat dan om zorginhoudelijke overwegingen, waarbij het bestaande aanbod niet toereikend is. In dat soort gevallen wordt vaak gewerkt met een cliëntgebonden overeenkomst en blijft de financiering voor rekening van de regio en na 2022 voor de gemeente van herkomst.
10 Landelijk zijn er vijf voorzieningen met zeer specialistische functies. Er is tijdens de Buitengewone Algemene
Ledenvergadering van 12 februari 2021 aan de VNG mandaat verleent om de contractering van deze partijen via raamovereenkomsten af te sluiten via het Landelijk Transitie arrangement Beschermd Wonen.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
11
6. Verbinding lokale toegang met regionale voorzieningen De regiovisie beschrijft de wijze waarop lokale toegang verbonden is met de regionale maatschappelijke opvang en regionaal gecontracteerde hulp. Deze afspraak ziet toe op het maken van duidelijke (proces)afspraken over wie wanneer beslist over het verlenen van toegang tot de lokaal en regionaal gecontracteerde hulp. En ook wat in ieder geval in de lokale teams beschikbaar is en hoe vanuit de lokale toegang de verbinding met de regionaal gecontracteerde hulp geregeld is. 6.1 Toegang tot Beschermd Wonen Inwoners met een (complexe) hulpvraag melden zich bij Stichting De Toegang (SDT) in Emmen voor hulp en ondersteuning. Dit betreft de centrale toegang in de regio. Een toegangsmedewerker onderzoekt de ondersteuningsbehoefte. Gelet op de complexe problematiek die veelal speelt bij BW-cliënten vraagt dit om de benodigde expertise voor het doen van onderzoek en beoordelen van complexe hulpvragen. Naar aanleiding van het ‘keukentafelgesprek’ en het onderzoek wordt een advies afgegeven. Bij instemming ondertekent de inwoner het advies. Het getekende advies wordt hiermee een formele aanvraag. Deze aanvraag wordt bij de betrokken gemeente ingediend en behandeld. De gemeente geeft een beschikking af, waarmee de indicatie voor Beschermd Wonen formeel wordt.
6.2 Toegang tot Maatschappelijke Opvang Voor maatschappelijke opvang geldt geen centrale toegang. Toegang vindt plaats via de opvanginstellingen. Cliënt meldt zich bij de opvang voor een trajectplaats maatschappelijke opvang. De opvanginstelling beoordeelt of de cliënt in aanmerking komt voor MO (d.m.v. een standaard uitvraag). Cliënt ontvangt een toekennings- of afwijzingsbeschikking. Hiertoe zijn de opvanginstellingen gemandateerd door de gemeente Emmen. De gedachte hierbij is dat de voorzieningen laagdrempelig beschikbaar zijn. Ook melden cliënten zich telefonisch of gewoon aan de deur van de instellingen. Daarnaast worden cliënten doorverwezen vanuit penitentiaire instellingen, ggz instellingen en instellingen voor verslavingszorg. Soms komt het ook voor dat cliënten die uitvallen in een beschermde woonvorm verwezen worden naar de opvanginstellingen. 6.3 Verhouding lokaal - regionaal Stichting De Toegang (SDT) is regionaal aanspreekpunt en verantwoordelijk voor de toegang tot Beschermd Wonen. Daar waar nodig vindt onderlinge afstemming plaats met de lokale toegangsteams in de regiogemeenten over in-, door- en uitstroom uit of naar BW/MO. De lijnen zijn kort en de onderlinge contacten zijn goed. Een belangrijk uitgangspunt in de samenwerking is dat er een goede onderlinge verstandhouding is met de lokale structuur in de beide regiogemeenten.
Afspraken toegang BW/MO De toegang tot BW blijft tot 1 januari 2023 bij SDT belegd en namens de regio uitgevoerd. In 2022 worden hierover verdere afspraken gemaakt. De huidige samenwerking met SDT en de lokale verbinding met de regiogemeenten wordt geïntensiveerd, zodat de regiogemeenten meer worden betrokken bij en meer zicht krijgen op de complexiteit van een BW-aanvraag. De toegang tot MO blijft belegd bij de opvanginstellingen. De regiogemeenten kunnen zich voor de toegang tot MO rechtstreeks tot hen wenden.
Daarnaast vindt ook bovenregionale afstemming plaats met de regio’s Assen, Leeuwarden en Groningen voor plaatsing buiten de regio. De huidige werkafspraken die in dat kader zijn opgesteld, worden eind 2021 geactualiseerd.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
12
7. Governance De regio’s organiseren in hun regiovisie een niet-vrijblijvende governance, met één onderling overeengekomen en gedragen aanspreekpunt dat extern kan optreden namens de regio. De decentralisatie stelt ons voor een aantal keuzes en vraagstukken wat betreft de inrichting van de regionale samenwerking. Maar ook vraagstukken rondom het organiseren van de inkoop, financiering en de toegang. Deze afspraak gaat over hoe we samenwerken binnen de regio en het inrichten van een niet vrijblijvende governance waardoor er een formeel aanspreekpunt is. Daarnaast wordt ingegaan op de stappen die worden gezet wanneer er sprake is van een verschil van mening en wie het geschil behandeld. 7.1 Regionale samenwerking De BOCE-gemeenten werken al langer samen op het gebied van bedrijfsvoering. De decentralisatie van BW biedt kansen tot het continueren van de samenwerking. Gelet op de spreiding van (specialistische) voorzieningen ten aanzien van BW/MO zien we kansen bij een bovenlokale en regionale aanpak. Daarnaast is het in het kader van uniformiteit en éénduidigheid van belang dat het beleid in BOCE-verband op elkaar aansluit en dat we hier gezamenlijk in optrekken. Afspraken rondom de regionale samenwerking zijn vastgelegd in het convenant Beschermd Wonen & Opvang 2015.
Het convenant is met minimale aanpassingen gecontinueerd tot 1 januari 2023.11 Samenwerking De structurele inrichting en uitvoering door de BOCE-gemeenten wordt nog nader bepaald in 2022. Met ingang van 1 januari 2023 krijgen alle gemeenten de autonome financiële verantwoordelijkheid voor Beschermd Wonen. Afhankelijk van de keuzes die samenhangen met de verdeling van de budgetten naar de individuele gemeenten, wordt bepaald in welke juridische vorm de samenwerking wordt aangegaan. 7.2 Ambtelijk en bestuurlijk netwerk BW/MO Eind 2020 is er een ambtelijk en bestuurlijk netwerk opgericht vanuit de wens om met elkaar in gesprek te blijven over de landelijke ontwikkelingen op het gebied van BW/MO. Per regio zijn een bestuurlijk en een ambtelijk aanspreekpunt en een vervanger benoemd. Doel van het netwerk is het bevorderen van de samenwerking door kennisuitwisseling van onderwerpen met een regionaal, bovenregionaal en landelijk karakter. Het is van belang periodiek zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau met elkaar samen te werken en gezamenlijk de koers en richting te bepalen. We houden in dat kader vast aan de bestaande overlegstructuur in de regio. We onderzoeken de mogelijkheid om te komen tot een meer efficiënte overlegstructuur.
Aanspreekpunt regio Zuidoost-Drenthe In de regio Zuidoost-Drenthe is onderling overeengekomen dat de gemeente Emmen als formeel aanspreekpunt namens de regio optreedt, waarbij de gemeente Coevorden tweede aanspreekpunt is. Agenda’s en stukken worden gedeeld in de regio en de opbrengst wordt teruggekoppeld en gedeeld. 7.3 Geschillen In de Wmo 2015 is landelijke toegankelijkheid voor BW/MO vastgelegd. Dit betekent dat inwoners van Nederland zich in principe tot elke gemeente kunnen richten voor een BW- of MO-voorziening. In de huidige centrumgemeente constructie heeft Emmen zich namens de regio gecommitteerd aan de afspraken die hierover zijn gemaakt in het landelijke convenant BW. Hierin is ook een (advies) commissie geschillen landelijke toegankelijkheid Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang opgenomen. De landelijke richtlijnen ten aanzien van de afhandeling van geschillen blijft gehandhaafd en als regio volgen we deze gemaakte afspraken.
11 Besluitvorming heeft binnen de drie colleges plaatsgevonden d.d. 12 oktober 2021.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
13
8. Administratieve lasten De regio’s verplichten zich tot beperking van administratieve lasten door: De drie uitvoeringsvarianten in het sociaal domein consequent toe te passen; Bij regionale contractering als gemeenten dezelfde contractvoorwaarden en gezamenlijk contractbeheer te hanteren.
Om de administratieve lasten te verminderen wordt binnen de backoffice al zoveel mogelijk gewerkt met landelijke standaarden en geautomatiseerde processen binnen het sociaal domein. Er zijn drie uitvoeringsvarianten voor de administratieve afhandeling van toewijzing en facturatie. Deze uitvoeringsvarianten leggen een verbinding tussen inkoop, inrichting van de zorgadministratie en het veilig en efficiënt uitwisselen van gegevens via de berichtenstandaarden (i-Wmo). De uitvoeringsvarianten helpen om structuur aan te brengen in het administratieve proces. Deze afspraak gaat over de wijze van inrichting van de backoffice en over de mate waarin gebruik wordt gemaakt van de aanwezige standaarden om administratieve lasten te beperken. Te denken valt aan het berichtenverkeer (i-standaarden), standaardadministratieprotocol en modelbepalingen. Afspraken beperking administratieve lasten De huidige werkwijze ten aanzien van administratie en backoffice blijven voorlopig tot 2023 gehandhaafd. Dit betekent dat gemeente Emmen dit namens de regio blijft doen. De schaalvoordelen die dit oplevert dragen bij aan het beperken van administratieve lasten. Als regio houden wij ons aan de uitvoeringsvarianten zoals die landelijk zijn aangereikt. In onze regio wordt gewerkt met de uitvoeringsvariant die inspanningsgericht is.
Dit betekent dat er een duidelijke afspraak tussen gemeente en zorgaanbieder is gemaakt over de levering van een specifiek product of specifieke dienst in een afgesproken tijdseenheid. Ook wel bekend als de P x Q constructie. Dit sluit aan bij de wijze waarop het beleid van BW is vormgegeven. In de aanloop naar de nieuwe aanbesteding en inkoop van BW (medio 2023) wordt gekeken of de huidige uitvoeringsvariant nog passend is.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
14
9. Inkoop BW Gemeenten zetten vanuit zowel stabiliteit als innovatie in op meerjarige contracten met daarin ruimte voor innovatieve initiatieven/ontwikkelingen.
Deze afspraak gaat over de ambitie om een langdurig partnerschap aan te gaan met BWzorgaanbieders. Daarnaast wordt ingegaan op de huidige contractering en de aanvullende afspraken die zijn gemaakt over de transformatie. Afspraken rondom inkoop De huidige contractafspraken en wijze van inkoop blijven gerespecteerd. Er wordt geopteerd om gebruik te maken van de mogelijkheid het huidige gezamenlijke inkoopcontract Beschermd Wonen na de huidige verlengingsperiode nogmaals met twee jaar te verlengen tot 1 januari 2025. Dat betekent dat, rekening houdend met voorbereidingstijd van 18 maanden, een nieuw gezamenlijk inkooptraject wordt opgestart uiterlijk 1 juli 2023. De huidige ambitie is om in te zetten op meerjarige contractering en daarbij innovatie en nieuwe ontwikkelingen te bevorderen. Er volgt een gezamenlijk inkooptraject binnen de regio Zuidoost-Drenthe, waarbij elke gemeente vervolgens zelf het contract afsluit met de zorgaanbieders. De betrokkenheid van de regiogemeenten bij de uitvoering van de contractering wordt vergroot door een in te stellen contractmanagementoverleg. Hierin worden gezamenlijke afspraken gemaakt voor wat betreft monitorings- en verantwoordingsverslagen.
9.1 Contractering Beschermd Wonen De contracten voor de maatwerkvoorziening Beschermd Wonen kennen in oorsprong een looptijd van 1 januari 2017 tot 1 januari 2021. Het is contractueel vastgelegd dat het mogelijk is om de contracten tweemaal met twee jaar te verlengen. Gelet op de ontwikkelingen die spelen op het gebied van Beschermd Wonen, zoals uitname Wlz en het doordecentralisatieproces, is hier al één keer gebruik van gemaakt. Hiermee lopen de huidige contracten tot 1 januari 2023. Nu is er nog éénmaal de mogelijkheid om de contracten met twee jaar te verlengen tot 1 januari 2025. Binnen de huidige contracten zijn de volgende mogelijkheden opgenomen: In de huidige contracten met de aanbieders staat dat de gemeenten zich het recht voorbehouden om wijzigingen aan te brengen ten aanzien van de inhoud van de dienstverlening (zoals het mogelijk make van nieuwe (innovatieve) vormen van ondersteuning /woonvormen Beschermd Wonen en de daaraan gekoppelde tariefstelling, kwaliteit en de sturing op resultaat). Het huidig inkoopmodel biedt ruimte aan aanbieders om toe te treden als zij voorzien in benodigd aanbod dat nog onvoldoende is belegd binnen de huidige contractering. Toetreding vindt plaats nadat hierover binnen BOCE-verband afstemming heeft plaatsgevonden.
9.2 Transformatieagenda Aanvullend is bij de contractverlenging een transformatieagenda opgesteld die integraal onderdeel is van het contract12. Onderdeel van de aanbesteding van BW was dat in een Plan van Aanpak vastgelegd moest worden hoe invulling wordt gegeven aan de visie van de commissie Dannenberg. De gecontracteerde aanbieders hebben deze plannen geëvalueerd. De input van deze evaluaties zijn meegenomen in de transformatieagenda. Daarnaast is medio 2019 door het Expertisecentrum van de gemeente Emmen onderzoek gedaan naar de transformatie binnen de Wmo13. In dit onderzoek zijn ook de gecontracteerde aanbieders BW bevraagd. De resultaten en aanbevelingen van dit onderzoeksrapport zijn ook meegenomen in de transformatieagenda. 12
Transformatieagenda Beschermd Wonen, 2021-2022 Anders denken, anders doen, betere resultaten! Transformatie in de Wmo-domeinen schoonmaakondersteuning, Begeleiding en Beschermd Wonen, Expertisecentrum – mevrouw G. Seinen en dhr. C. Horstmeijer, maart 2020. 13
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
15
Met de transformatieagenda committeren de gecontracteerde aanbieders zich aan de gezamenlijke transformatieopgave. De gemeenten faciliteren dit proces als aanjager en regievoerder en betrekken ook andere belangrijke ketenpartners bij dit domein overstijgende proces. Dit vraagt o.a. om andere vormen van huisvesting en andere vormen van ondersteuning. Ook vraagt het een betere aansluiting op andere vormen van ondersteuning in de wijk en een goede of betere aansluiting op de dienstverlening van partners (hoofdaanbieders, sociale teams, woningcorporaties, ondersteuning bij schulden e.d.). De monitoring op de voortgang in de transformatie wordt opgepakt binnen de BOCE-BW samenwerking, waarbij Emmen als eerste aanspreekpunt blijft fungeren richting aanbieders. 9.3 Inkoopstrategie Een werkgroep van verschillende disciplines, waaronder beleid, account en inkoop, uit de regio Zuidoost-Drenthe heeft deelgenomen aan een leergang Inkoop Beschermd Wonen vanuit het programma Inkoop en Aanbesteden14. De leergang is een aanpak die erop gericht is om op een gestructureerde wijze te komen van beleidsuitgangspunten tot een heldere strategie voor de inkoop van Beschermd Wonen. Door de werkgroep is gewerkt aan de contouren van een inkoopstrategie. Hierbij is een het ontwikkelpotentieel in beeld gebracht waarbij o.a.
is gekeken naar een marktanalyse, waarmee inzicht in uitgaven en het aantal cliënten wordt gegeven. Verder zijn de ontwikkeldoelen voor de regio op middellange termijn (2–4 jaar) erin vermeld. Ontwikkeldoelen De ontwikkeldoelen liggen o.a. in een goede balans van het gecontracteerde aanbod en voorzieningen die op Pgb-basis worden gefinancierd, voorzien in een dekkend en toereikend zorglandschap ten aanzien van Beschermd Wonen en een goede overgang 18-/18+.
14 Verzorgd door bureau EHdK in de periode juni-november 2021.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
16
10. Maatschappelijke Opvang De NvO heeft ook betrekking op afspraken in de regio over de Maatschappelijk Opvang. De doelgroep daklozen binnen de regio Zuidoost-Drenthe is zeer divers. Vaak is er sprake van meervoudige problematiek, zoals psychische problemen, verslaving en schulden. De opgave ten aanzien van Maatschappelijke Opvang is groter dan alleen het verstrekken van een dak boven het hoofd. 10.1 Aanbod Maatschappelijke Opvang De opvangvoorzieningen zijn in de gemeente Emmen beschikbaar voor inwoners uit de regio Zuidoost-Drenthe. Er zijn twee opvanginstellingen die zich bezig houden met de opvang van daklozen, het Leger des Heils en Wender15. Zij bieden trajectplaatsen, dag- en nachtopvang en crisisopvang. Het is van belang dat vraag en aanbod goed op elkaar afgestemd zijn en blijven. 10.2 Financiering Met de organisaties die zich inzetten voor opvang en ondersteuning van daklozen bestaat een subsidierelatie. Deze organisaties ontvangen een subsidie uit de decentralisatie uitkering Maatschappelijke Opvang (MO). De subsidies zijn over het algemeen budgetsubsidies die langjarig worden verstrekt. Vanuit de decentralisatie uitkering wordt ook subsidie verstrekt aan VNN en de OGGZ.
De regiogemeenten hebben zelf het contact met deze partijen en bepalen zelf hoe -binnen de kaders van de subsidie - invulling wordt gegeven aan de opdracht, passend bij de lokale structuur, problematiek en wensen. 10.3 Brede aanpak dak- en thuisloosheid Het kabinet presenteerde in 2020 de aanpak Een (t)huis, een toekomst16 en doet daarin een oproep aan alle partijen om in actie te komen en een bijdrage te leveren aan het tegengaan van dak- en thuisloosheid. Het kabinet gaat ervan uit dat een brede aanpak op alle leefgebieden nodig is op het terrein van preventie, schulden, toeleiding naar onderwijs, werk en met name wonen. Een eigen passende woonplek met begeleiding vormt hierbij de basis. Het kabinet heeft hiervoor tot en met 2021 een extra financiële impuls van € 200 miljoen ter beschikking gesteld aan gemeenten voor de uitvoering van regionale plannen van aanpak, gericht op het terugdringen van dak- en thuisloosheid. Er is namens de regio Zuidoost-Drenthe een plan ingediend. In dit plan wordt nader ingegaan op de visie, het huidig aanbod (wat hebben we al?), de knelpunten waar we tegenaan lopen, de extra maatregelen die we willen inzetten voor de brede aanpak tegen dak- en thuisloosheid en de daarmee gemoeide kosten. In 2021 is een start gemaakt met de uitwerking van de genoemde maatregelen.
De aanpak van dak- en thuisloosheid vraagt van alle (centrum)gemeenten een extra inspanning. Deze incidentele impuls vraagt echter wel om een structureel vervolg. Hiertoe zal in de loop van 2022 (binnen BOCE-verband) besloten moeten worden op welke wijze dit (eventuele) vervolg eruit komt te zien en met welke financiële middelen dit kan plaatsvinden. E.e.a. wordt bepaald op basis van een evaluatie. 10.4 Doordecentralisatie Maatschappelijke Opvang per 2026? Er zijn geluiden dat met ingang van 2026 er ook sprake is van een doordecentralisatie van Maatschappelijke Opvang, die nu nog via de centrumgemeente invulling krijgt. Gelet op de onzekerheid over wel/niet doorgaan, wordt er binnen BOCE-verband gekozen voor continueren van de huidige samenwerkingsvorm. Op basis van de opgedane ervaringen met de doordecentralisatie Beschermd Wonen kan hierover op termijn een besluit worden genomen.
15 16
Voorheen bekend onder de naam Het Kopland. Een (t)huis, een toekomst. De aanpak van dak- en thuisloosheid, 3 juni 2020, TK 1696244-205742-DMO
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
17
11. Openstelling Wet langdurige zorg Per 1 januari 2021 is de Wet langdurige zorg (Wlz) opengesteld voor mensen met psychische problematiek. Dit betekent dat een deel van de doelgroep die Beschermd Wonen ontvangt vanuit de Wmo, is overgegaan naar de Wlz. In 2020 konden inwoners hier al een aanvraag voor indienen bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Het CIZ heeft 40% meer Wlz-aanvragen binnen gekregen dan verwacht. Hierdoor is er een forse achterstand ontstaan in het nemen van besluiten over de Wlz-aanvragen. Om de continuïteit van zorg te kunnen waarborgen is afgesproken om in 2021 een overgangsregeling in te voeren. Dit betekent dat we de Wmo indicaties zijn verlengd voor cliënten waarvan de Wlz-aanvraag nog in behandeling is. De verwachting is dat er pas in 2022 een volledig beeld is van de doelgroep die onder de Wmo blijft vallen.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
18
12.
Samenwerking in de keten
De transformatieopgave ten aanzien van BW/MO is een gezamenlijke regionale opgave. Dit vraagt om een goede samenwerking in de keten, zodat een sluitend netwerk ontstaat dat kan meebewegen in het herstelproces van de kwetsbare inwoner. Er zijn diverse overlegvormen in de regio die hier aan bijdragen (zie bijlage 1). Overlegstructuur Het is van belang om periodiek zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau goed met elkaar op te trekken en regelmatig af te stemmen over het bepalen van de koers en richting. Om drukte en overlap van ambtelijke en bestuurlijke overleggen te voorkomen is een efficiënte overlegstructuur van groot belang. We gaan de mogelijkheden onderzoeken en of we daarin de bestaande overleggen kunnen opnemen.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
19
13. Monitoring en verantwoording De decentralisatie van BW benadrukt het belang van goede managementinformatie op het gebied van BW/MO, zodat alle gemeenten een transparant beeld hebben van de situatie. Managementinformatie biedt inzicht in de doelgroep die gebruik maakt van de voorzieningen BW/MO en maakt het mogelijk om trendverschuivingen in de aard en omvang te signaleren. Dit helpt bij het maken van beleidskeuzes en sluit aan bij de ambitie om meer data- en informatie gestuurd te werken. 13.1 Managementinformatie BW/MO Voor BW worden gegevens vastgelegd in het cliëntvolgsysteem. Hierin wordt o.a. inzicht gegeven in de aantallen, type indicatie, wijze van financiering (ZIN/Pgb), gemeente van herkomst en de duur van de indicatie. Voor MO werd voorheen gebruik gemaakt van de Daklozenmonitor. In deze monitor werden de ontwikkelingen in de aantallen feitelijk daklozen gevolgd. Dit is eind 2016 stopgezet waardoor er sindsdien geen registratie en monitoring meer plaatsvindt. Gecombineerde monitor BW/MO In 2021 is ingezet op een gecombineerde monitor voor zowel BW als MO. Een gecombineerde monitor maakt het mogelijk om de verschuivingen tussen de doelgroepen in BW en MO inzichtelijk te maken. De monitor wordt ingezet in BOCE-verband.
13.2 Transformatie Er zijn afspraken gemaakt om gezamenlijk te monitoren op de voortgang van de transformatie Beschermd Wonen. Transformatieopgave De huidige transformatieagenda Beschermd Wonen wordt in het voorjaar van 2022 geëvalueerd en waar nodig bijgesteld. Deze agenda maakt integraal onderdeel uit van de verlenging van het inkoopcontract tot 1 januari 2025. Nieuwe afspraken over de transformatie worden meegenomen binnen de strategische oriëntatie als onderdeel van de nieuwe inkoop Beschermd Wonen vanaf 1 januari 2025. De transformatieopgave van Beschermd Wonen wordt in samenhang met het brede sociaal domein opgepakt.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
20
14. Financiën Voor Beschermd Wonen is een afzonderlijk verdeelmodel gemaakt dat met een overgangsregeling in 10 jaar tijd wordt ingevoerd. De overgangsregeling faciliteert zowel de doordecentralisatie als de landelijke beweging die samenhangt met de inhoudelijke transformatie naar zoveel mogelijk lokale en ambulante ondersteuning en op- en afbouw van voorzieningen. Vanaf 1 januari 2023 hebben gemeenten een eigen autonome financiële zelfstandigheid en verantwoordelijkheid voor de uitvoering van BW. Ook ontvangen zij hier dan zelf de middelen voor die aan de hand van het objectief verdeelmodel zijn verdeeld over de gemeenten. 14.1 Verdeling budgetten Het budget voor BW wordt nu nog als integratie-uitkering aan de centrumgemeenten verstrekt. De regiogemeenten mandateren hun centrumgemeente om namens hen BW uit te voeren. De centrumgemeenten ontvangen op dit moment de rijksmiddelen bedoeld voor regionale BWcliënten. De rijksmiddelen zijn historisch bepaald op basis van de situatie vóór 2015. Per 1 januari 2023 worden de middelen voor BW stapsgewijs doorgedecentraliseerd van centrumgemeenten naar alle gemeenten, op basis van objectieve maatstaven.
Tegelijkertijd verandert de verdeling van het budget dat toebedeeld wordt aan de regio’s als geheel (en waarvan elk jaar meer wordt doorgedecentraliseerd naar alle gemeenten), van volledig historisch naar volledig objectief (zie bijlage 2 voor een verdeling per BOCE gemeente). De definitieve besluitvorming over de invoering van het nieuwe verdeelmodel voor Beschermd Wonen is aan het nieuwe kabinet. 14.2 Overgangscliënten Op dit moment is gemeente Emmen als centrumgemeente verantwoordelijk voor de financiële verantwoording richting het Rijk en de regiogemeenten. Iedereen die na 1 januari 2023 een beroep doet op BW en de 365 dagen daarvoor in de betreffende regio geen BW had, valt onder de verantwoordelijkheid van de betreffende gemeente. Het Rijk gaat uit van een overgangsfase van 10 jaar (2022-2031). Dit betekent dat geleidelijk wordt toegewerkt naar een volledige decentralisatie van BW. Het expertiseteam MO-BW-BG heeft in september 2019 een definitie opgesteld voor het begrip ‘nieuwe cliënt’. Hiermee heeft de VNG-commissie ZJO (Zorg, Jeugd en Onderwijs) ingestemd. Hieronder wordt verstaan: Nieuwe cliënt Een nieuwe cliënt is een inwoner die het afgelopen jaar (365 dagen teruggerekend vanaf de datum dat de cliënt zich meldt), geen aanvraag heeft gedaan en geen gebruik heeft gemaakt van een BW-voorziening in de regio waar hij/zij zich meldt.
Het bovenstaande betekent dat de gemeente Emmen in 2022 nog het volledige historisch budget ontvangt ten behoeve van de overgangscliënten. Vanaf 2023 is het objectief verdeelmodel ingevoerd en wordt het historisch budget tot 2031 afgebouwd. Financiële afspraken In 2023 wordt het objectief verdeelmodel ingevoerd. Om ervoor te zorgen dat dit zorgvuldig verloopt, moeten we opnieuw kijken naar de financiële afspraken en/of wijzigingen in de financiële verantwoording nodig zijn. Daarnaast worden financiële afspraken gemaakt over de overgangscliënten, die overgaan van de centrumgemeente naar de regiogemeenten. Dit wordt meegenomen in de nader te maken financiële afspraken.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
21
15. Evaluatie In deze regiovisie is een aantal afspraken gemaakt over hoe we de huidige samenwerking voorlopig vormgeven en willen voortzetten. Daarbij zit ook een aantal procesafspraken dat in 2022 verder moet worden uitgewerkt. Afspraken rondom de governance die gelden vanaf 1 januari 2023 worden daarin meegenomen. Evaluatie regiovisie Het voornemen is om gebruik te maken van de tweede optie tot verlenging van het huidige contract BW met twee jaar van 1 januari 2023 tot 1 januari 2025. In de aanloop daar naartoe wordt de regiovisie geëvalueerd in de periode Q2-2023. Tegelijkertijd wordt een start gemaakt met de strategische oriëntatie van de nieuwe inkoop voor Beschermd Wonen.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
22
Bijlage I Samenwerking in de keten Kwartaaloverleg Wonen & Zorg Het kwartaaloverleg Wonen & Zorg is een overleg met de corporaties, de aanbieders MO/VO, een afvaardiging van het platform BW en de BOCE-gemeenten. Dit overleg vindt elk kwartaal plaats, waarbij thema’s worden besproken die raken aan wonen en zorg. Platform Beschermd Wonen De gecontracteerde aanbieders BW zijn vertegenwoordigd in het Platform Beschermd wonen. Dit platform is een initiatief van de aanbieders zelf. Ze komen periodiek bijeen om lopende zaken te bespreken. De gemeente en SDT sluiten indien nodig aan. Bestuurlijk Tafel Weer Thuis! De goede ervaringen binnen het Actieprogramma Weer Thuis! worden gecontinueerd binnen de Bestuurlijke Tafel Weer Thuis! OGGZ In het kader van bemoeizorg wordt rondom OGGZ voldoende ruimte geboden om hieraan lokale invulling te geven. Elke gemeente kent zijn eigen OGGZ-netwerk passend bij de lokale structuur. Strategisch overleg Wmo en Participatie In het (SWP) bespreekt de gemeente Emmen samen met maatschappelijk partners en zorgaanbieders de strategische vraagstukken rondom Wmo en participatie. Waar willen we heen? Hoe werken we met elkaar samen? En waar kunnen we elkaar versterken en van elkaar leren? Het SWP bestaat uit de gemeente, SDT, Sedna, Menso, de 4 hoofdaanbieders Schoonmaakondersteuning en begeleiding en een vertegenwoordiging vanuit het Platform Beschermd Wonen.
Het SWP wordt 4 maal per jaar gehouden. Themagroep Sluitende keten GGZ Sinds 1 januari 2020 kent de Vereniging Drentse Gemeenten (VDG) een andere governance structuur, waarbij er vanuit de portefeuille Gezondheid & Welzijn wordt gewerkt met themagroepen. Een van de themagroepen is de Sluitende keten GGZ. De decentralisatie van BW is een van de thema’s die hieronder valt. Beschermd Wonen (BW) is op dit moment in Drenthe nog belegd bij centrumgemeente Assen en Emmen. Vanaf 2023 is dit een eigenstandige verantwoordelijkheid voor alle 12 Drentse gemeenten. In de aanloop naar de doordecentralisatie wordt gezamenlijk per regio en tussen regio’s opgetrokken. Hierbij is uiteraard oog voor de eigen invulling van het lokale beleid rondom BW, maar is er de mogelijkheid om op onderdelen gezamenlijk invulling te geven aan de opgaven die op ons af komen. Hiertoe zal de samenwerking in Drents verband worden geïntensiveerd.
Regiovisie – Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang
23
Bijlage II Verdeling budgetten Op de website van de rijksoverheid is in september 2021 een actueel rekenbestand geplaatst dat inzicht biedt in de uitkomsten van het nieuwe verdeelmodel en de overgangsregeling (ingroeipad) per gemeente na verwerking van de nacalculatie van de Wlz-uitname. Door het rekening houden met de WLZ-uitname is er feitelijk al geanticipeerd op verlaging van de kosten. In onze regio betekent dit dat het regiototaal budget tot aan 2032 met bijna € 1 miljoen groeit. De relatief hoge uitname Wlz leidt tot een positief herverdeeleffect van circa € 6 per inwoner. Emmen Gemeentelijk budget Jaar Historisch Objectief Totaal 2021 € 13.691.613 € -00 € 13.691.613 2022 € 13.181.651 € -00 € 13.181.651 2023 € 11.879.780 € 915.682 € 12.795.462 2024 € 8.872.794 € 2.916.350 € 11.789.144 2025 € 6.373.395 € 4.594.459 € 10.967.854 2026 € 4.295.458 € 6.004.437 € 10.299.895 2027 € 2.565.215 € 7.189.240 € 9.754.454 2028 € 1.127.057 € 8.188.057 € 9.315.114 2029 € -00 € 8.988.782 € 8.988.782 2030 € -00 € 9.071.855 € 9.071.855 2031 € -00 € 9.154.928 € 9.154.928 2032 € -00 € 9.238.001 € 9.238.001
Regionaal budget Jaar Historisch Objectief Totaalbudget 2021 € 13.691.613 € -00 € 13.691.613 2022 € 13.181.651 € -00 € 13.181.651 2023 € 11.879.780 € 1.438.059 € 13.317.839 2024 € 8.872.794 € 4.580.066 € 13.452.860 2025 € 6.373.395 € 7.215.501 € 13.588.896 2026 € 4.295.458 € 9.429.843 € 13.725.301 2027 € 2.565.215 € 11.290.550 € 13.855.765 2028 € 1.127.057 € 12.859.173 € 13.986.230 2029 € -00 € 14.116.694 € 14.116.694 2030 € -00 € 14.247.159 € 14.247.159 2031 € -00 € 14.377.623 € 14.377.623 2032 € -00 € 14.508.087 € 14.508.087
Coevorden Jaar Historisch 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032
Gemeentelijk budget Objectief Totaal € -00 € -00 € -00 € -00 € -00 € -00 € -00 € 298.810 € 298.810 € -00 € 951.679 € 951.679 € -00 € 1.499.288 € 1.499.288 € -00 € 1.959.400 € 1.959.400 € -00 € 2.346.031 € 2.346.031 € -00 € 2.671.970 € 2.671.970 € -00 € 2.933.267 € 2.933.267 € -00 € 2.960.376 € 2.960.376 € -00 € 2.987.485 € 2.987.485 € -00 € 3.014.593 € 3.014.593
Regionaal budget Jaar Historisch Objectief Totaalbudget 2021 € 13.691.613 € -00 € 13.691.613 2022 € 13.181.651 € -00 € 13.181.651 2023 € 11.879.780 € 1.438.059 € 13.317.839 2024 € 8.872.794 € 4.580.066 € 13.452.860 2025 € 6.373.395 € 7.215.501 € 13.588.896 2026 € 4.295.458 € 9.429.843 € 13.725.301 2027 € 2.565.215 € 11.290.550 € 13.855.765 2028 € 1.127.057 € 12.859.173 € 13.986.230 2029 € -00 € 14.116.694 € 14.116.694 2030 € -00 € 14.247.159 € 14.247.159 2031 € -00 € 14.377.623 € 14.377.623 2032 € -00 € 14.508.087 € 14.508.087