CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij 20.006004 - Jaarverslag 2019 Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) (RIS.9978)

Commissie Bestuur, Middelen en Economie 14 januari 2021, gemeente EmmenBij agendapunt: Brief college inzake jaarrekening 2019 van de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) + bijlage RIS.997826.413 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

71

GOVERNANCE EN INTERNE

RISICOBEHEER

72

BEDRIJFSVOERING

Risico's Kredietrisico Kredietrisico is het risico van verlies in inkomsten of kapitaal als gevolg van het potentiële risico dat een kredietnemer of een tegenpartij zijn verplichtingen niet nakomt in overeenstemming met de overeengekomen voorwaarden. Het omvat het tegenpartijrisico, afwikkelingsrisico en concentratierisico. In de loop van 2019 werden alle Probability of Default (PD) modellen gevalideerd door een externe partij. Onze PD-modellen worden continu verbeterd in overeenstemming met de relevante regels en voorschriften. Vanwege het lage kredietrisico is het kredietrisicobeoordelingskader voor nul-risicogewogen leningen beperkt. Dit kader is in 2019 uitgebreid. Om te voldoen aan de huidige en toekomstige regelgeving en om te voldoen aan de verwachtingen van toezichthouders, zijn verdere uitbreidingen nodig. De Brexit zal naar verwachting een beperkte impact hebben op ons bedrijfsmodel. Aan de asset zijde is er een beperkt aantal exposures in de publieke sector. Wij bieden geen materiële grensoverschrijdende diensten aan in het Verenigd Koninkrijk. Het volume met financiële tegenpartijen is aanzienlijk, gezien ons beleid om marktrisico's aan beide zijden van de balans af te dekken met derivaten. We zijn voorbereid op een harde Brexit door onboarding van Europese entiteiten zowel voor hedging als clearing.

In het tweede kwartaal van 2019 hebben we een voorziening getroffen. De situatie is bij de klant in het derde kwartaal gestabiliseerd en we werken momenteel aan verdere risicobeperking. Bovendien werd in de laatste weken van 2019 duidelijk dat een andere klant in financiële nood verkeerde vanwege een naderend faillissement van haar belangrijkste tegenpartij. Als gevolg hiervan hebben we voor deze gevallen bijzondere waardeverminderingen genomen.

Marktrisico Marktrisico wordt gedefinieerd als een bestaande of toekomstige bedreiging van het kapitaal en de inkomsten als gevolg van marktprijsfluctuaties. Er zijn verschillende vormen van marktrisico: renterisico, valutarisico, volatiliteitsrisico en spreadrisico. In de loop van 2019 verschoof de rentepositie geleidelijk naar de lange termijn benchmark. Ook werd de bandbreedte van maximaal toegestane renteposities rond deze benchmark verlaagd. Als gevolg van een verwachte rentestijging was de rentepositie, gemeten in basispuntgevoeligheid, nog steeds lager dan de lange termijn benchmark die gedurende het jaar werd toegepast. In 2019 hebben we uitgebreide voorbereidingen getroffen voor de overgang van de Inter Bank Offer Rate (IBOR). De overgang verliep volgens plan. In 2020 zal de overgang van EONIA naar €STR plaatsvinden, een uitdaging die aanzienlijke inspanningen vergt.

Wij zijn overtuigd van het belang van een goede risicocultuur binnen onze organisatie.

GOVERNANCE EN INTERNE

RISICOBEHEER

BEDRIJFSVOERING

Een andere ontwikkeling in 2019 was de ontwikkeling en implementatie van een nieuwe statistische methode om de parameters in de ICAAP-stresstest te kwantificeren als input voor het berekenen van het spreadrisico. In vergelijking met de vorige methode die voornamelijk was gebaseerd op kwalitatieve input, is de nieuwe kwantitatieve benadering objectiever. Deze methode is ook geïmplementeerd en geïntegreerd in de Asset & Liability Committee rapportage, één van de risicogerelateerd RvB-commissies, en wordt ieder kwartaal gemonitord.

Liquiditeits- en financieringsrisico Liquiditeitsrisico wordt gedefinieerd als een bestaande of toekomstige bedreiging van het kapitaal en de inkomsten waardoor een instelling niet in staat zal zijn om aan haar betalingsverplichtingen te voldoen zonder onaanvaardbare kosten of verliezen te maken. Korte termijn liquiditeitsrisico is het risico dat een bank onvoldoende middelen kan aantrekken om aan haar betalingsverplichtingen te voldoen. Lange termijn liquiditeitsrisico (of herfinancieringsrisico) is het risico dat de bank geen (of voldoende) middelen kan aantrekken tegen voorwaarden die de continuïteit niet in gevaar brengen. In 2019 handhaafde de ECB de beleidsrente op een historisch laag niveau en continueerde de aankoop van assets vanaf 1 november. In 2019 waren er ook tal van andere economische en politieke factoren die van invloed waren op de financiële markten, zoals de Brexit en de escalatie van internationale handelsspanningen. Ondanks deze ontwikkelingen bleven de financieringsvoorwaarden voor ons in 2019 gunstig en konden we zowel op de kapitaalmarkten als op de geldmarkten effectief opereren. De lange termijn doelstelling voor het financieringsvolume zoals vastgelegd in het financieringsplan is verhoogd van EUR 17 miljard naar EUR 18 miljard in de tweede helft van 2019.

Dit werd veroorzaakt door hoger dan verwachte assets en een verhoogd niveau van contant onderpand als gevolg van de extreem lage rente. Omdat de looptijd van nieuwe assets langer was dan gepland, besloot de Asset & Liability Committee, één van de risicogerelateerd RvB-commissies, de looptijd van de lange termijn financiering dienovereenkomstig te verhogen. Het grootste deel van de financieringsbehoeften op korte termijn werd aangepakt door de ECP- en USCP-programma's. Bovendien speelde repofinanciering ook een belangrijke rol in de korte termijn financiering in 2019. Als onderdeel van een meerjarig dataproject werden alle gegevens met betrekking tot het liquiditeitsrisico technisch opnieuw ontworpen. Deze gegevens maken deel uit van het centrale datawarehouse. De belangrijkste mijlpalen voor 2019 met betrekking tot rapportage op basis van dit nieuwe datawarehouse werden bereikt en het project zal in de loop van 2020 worden voltooid. In het vierde kwartaal 2019 werd een externe beoordeling van het liquiditeitsrisicokader uitgevoerd en de belangrijkste aanbevelingen zullen worden beoordeeld in 2020. Verder hebben we deelgenomen aan de EBA Liquidity Stress Test in 2019 waarbij de ECB geen aanbevelingen voor verdere verbeteringen heeft gerapporteerd. Dit betekent onder andere dat onze liquiditeitsbuffers als voldoende kunnen worden beschouwd.

73

GOVERNANCE EN INTERNE

RISICOBEHEER

BEDRIJFSVOERING

Operationeel risico Operationeel risico is het risico van verlies aan inkomsten en kapitaal als gevolg van tekortkomingen van interne processen, mensen en systemen, of als gevolg van externe gebeurtenissen. Het operationele risico bestaat uit de volgende risico's: procesrisico, mensenrisico, ICT-risico, gegevenskwaliteitsrisico, outsourcingrisico, nalevingsrisico, juridisch risico en extern gebeurtenisrisico. De afdelingen, als risico-eigenaren, moeten als eerste line of defence hun eigen risicomonitoring versterken door expliciete monitoringprogramma's op te zetten. Dit wordt van kracht in 2020. Datakwaliteit blijft belangrijk. Informatie op basis van gegevens wordt gebruikt voor zakelijke beslissingen. Tegen het einde van 2020 zal het bedrijfsbrede datawarehouse alle bedrijfsgegevens bevatten die nodig zijn om te voldoen aan zowel interne informatiebehoeften als externe vereisten. We streven naar naleving van de principes voor effectieve risicogegevensaggregatie en risicorapportage (PERDARR). Nieuwe wetgeving heeft geresulteerd in een herzien beleid voor klantenonderzoek. Extra extern personeel wordt ingezet om de nodige onderzoeken te ondersteunen. Het proces wordt ondersteund door tooling en externe klantinformatie. Bij ICT-toepassingen kopen we liever, indien beschikbaar, een geschikte externe oplossing in plaats van de interne ontwikkeling van oplossingen op maat.

Bovendien evolueert de ICTomgeving geleidelijk van een situatie waarin applicaties vrijwel uitsluitend 'on-premises' worden uitgevoerd naar een omgeving waarin geselecteerde applicaties op een virtueel cloudplatform worden uitgevoerd. Er is een grondige risicoanalyse uitgevoerd voordat gegevens aan een externe dienstverlener worden toevertrouwd. Een cloudservice komt alleen in aanmerking voor acceptatie als de serviceprovider de juiste zekerheid kan bieden over vertrouwelijkheid, integriteit en beschikbaarheid. In 2019 is het nieuwe klantenportaal 'Mijn BNG Bank' live gegaan. Dit klantenportaal is een aangepaste oplossing die op een cloudplatform wordt uitgevoerd. Het beveiligingsrisico en andere operationele risico's worden voorafgaand aan de introductie grondig beoordeeld en beperkt. Na een succesvolle pilot kunnen nu alle klanten van het klantenportaal gebruik maken. Centric is een belangrijke partner voor onze kantoorautomatisering. Meerdere wijzigingen binnen een kort tijdsbestek in het senior management van Centric hebben aanleiding gegeven tot bezorgdheid, maar de geleverde diensten zijn in lijn met het overeengekomen serviceniveau. Als kleine bank in termen van aantal werknemers, zijn we kwetsbaar met betrekking tot personeel. Naast de dagelijkse gang van zaken moeten ICT-projecten en andere veranderingen worden doorgevoerd.

Bovendien wordt een brede inzetbaarheid en mobiliteit van personeel bevorderd om de organisatorische flexibiliteit te verbeteren.

74

GOVERNANCE EN INTERNE

RISICOBEHEER

BEDRIJFSVOERING

Strategisch risico Strategisch risico is het risico dat strategische beslissingen van de instelling zelf kunnen leiden tot verliezen en/of de kans op verliezen als gevolg van veranderingen buiten de controle van de instelling op het gebied van de concurrentiepositie, het politieke klimaat, ontwikkelingen op het gebied van regelgeving, reputatie en bedrijfsklimaat. Naast algemene strategische risico's kunnen de volgende strategische risico's worden onderscheiden: reputatierisico, politiek risico, regelgevingsrisico, duurzaamheidsrisico en bedrijfsklimaat. Strategische risico's worden veroorzaakt door de externe omgeving, die voortdurend evolueert. In vergaderingen met stakeholders worden deze ontwikkelingen besproken en geëvalueerd. De belangrijkste geïdentificeerde strategische risico's zijn de met elkaar verweven risico's van disintermediatie, platformontwikkelingen en digitalisering. Om de strategische doelstellingen te bereiken, hebben we een hoofd Strategie aangesteld om het strategische planning- en uitvoeringsproces verder te structureren en aan te sturen. De Nederlandse energietransitie, integratie van het banksysteem in het eurogebied en platformen gecreëerd door technologiebedrijven of concurrenten zijn belangrijke trends die van invloed zijn op ons bedrijfsmodel.

We hebben ons bedrijfsmodel beoordeeld en geconcludeerd dat het niet nodig is om een technologische koploper te zijn. Hoewel de prijs en beschikbaarheid van services belangrijke concurrentievoordelen zijn, kunnen we het ons niet veroorloven om een client-dissatifier te worden op het gebied van digitale dienstenaanbod in het huidige digitale tijdperk. Daarom zijn we in 2019 begonnen met het bouwen van een digitale basis waarmee we onze digitale services in de loop van de tijd kunnen uitbreiden. Deze diensten zullen in eerste instantie beschikbaar worden gesteld aan de publieke sector. Dit platform biedt ons kansen om het digitale aanbod in de toekomst uit te breiden. Als organisatie met een omvangrijke balans maar met een kleine schaal, dwingen veranderende klanteisen en toenemende regeldruk ons om van een stabiele organisatie naar een organisatie te gaan die zowel stabiel is als in staat zich aan te passen aan voortdurende veranderingen in haar zakelijke omgeving. De kwaliteit van verschillende processen is verbeterd en de documentatie van de bijbehorende governance wordt verbeterd. Deze ontwikkelingen hebben invloed op inkoopbeslissingen en de bijbehorende personeelsvereisten. In 2019 werden instrumenten verbeterd om prikkels te creëren voor functie- en taakroulatie en stages binnen of tussen afdelingen.

De uitvoering van het strategische HRbeleid werd in 2019 prominenter op de agenda gezet. Instroom, uitstroom en doorstroming zijn belangrijke elementen in dit beleid, naast elementen zoals diversiteit en het sleutelfunctionarissenrisico.

75

GOVERNANCE EN INTERNE

DUURZAME BEDRIJFSVOERING

BEDRIJFSVOERING

3.7

Duurzame bedrijfsvoering

In onze eigen bedrijfsvoering streven wij naar klimaatneutraal opereren en het zo zuinig mogelijk omgaan met materialen en energie en het terugdringen van onze CO2-footprint. Om onze voortgang te monitoren, rapporteren we jaarlijks de CO2-emissies van onze eigen bedrijfsvoering op basis van Scope 1, 2 en 3 van het Greenhouse Gas Protocol. In de paragraaf Uitgangspunten verslaglegging wordt de berekening van de CO2-emissies van de interne bedrijfsvoering verklaard. In 2019 is onze CO2-emissie in vergelijking met 2018 met 17% verminderd. Bovendien hebben wij middels CO2-compensatiemaatregelen 211 ton van de 377 ton kunnen compenseren (56%). Het elektriciteitsverbruik is met 19% verminderd in vergelijking met 2018 en het warmteverbruik met 18%.

76

GOVERNANCE EN INTERNE

BESTUURSVERKLARING

BEDRIJFSVOERING

3.8

Bestuursverklaring

De interne risicobeheersings- en controlesystemen vormen een belangrijk punt van aandacht binnen BNG Bank. De basis voor alle risicobeheeractiviteiten binnen BNG Bank is het Risk Governance Framework. Dit verduidelijkt de principes achter het interne beheersings- en risicobeheersysteem. In het Risk Appetite Statement worden de risico’s omschreven die de bank wenst te accepteren om haar doelstellingen te realiseren. De diverse risico’s waarmee de bank bij de uitoefening van haar activiteiten wordt geconfronteerd, worden jaarlijks in het jaarverslag van BNG Bank aan de orde gesteld. De directeuren en afdelingshoofden die rechtstreeks aan de RvB rapporteren, geven in hun ‘In Control Statement’ aan de RvB aandacht aan de beheersing van de risico’s in relatie tot de risicobereidheid van de bank. Tevens geven zij in de jaarplannen aan hoe zij inhoud zullen geven aan hun verantwoordelijkheid om te voldoen aan het risicobeleid. Het totale raamwerk heeft een nauwe relatie met het Kapitaalbeheersbeleid. Dit beleid wordt periodiek herzien en met de toezichthouder afgestemd. Audits door de Interne Auditdienst (IAD) zijn erop gericht de goede opzet en werking van de interne risicobeheer- en controlesystemen onafhankelijk te kunnen vaststellen.

De externe accountant controleert de jaarrekening en evalueert de interne beheersing rondom de financiële verslaglegging voor zover van belang voor een efficiënte en effectieve controle van de jaarrekening. De bevindingen van de IAD en de externe accountant worden aan de RvB en RvC gerapporteerd in de management letter, respectievelijk het accountantsverslag. Het hoofd van de IAD en de externe accountant zijn aanwezig in de vergadering van het Audit Committee van de RvC en in de vergadering van de voltallige RvC waarin de jaarrekening wordt besproken. Het jaarverslag geeft in voldoende mate inzicht in tekortkomingen in de werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen van BNG Bank. Voornoemde systemen geven een redelijke mate van zekerheid dat de financiële verslaggeving geen onjuistheden van materieel belang bevat. Deze systemen kunnen op zichzelf uiteraard geen absolute zekerheid bieden voor het realiseren van de ondernemingsdoelstellingen en niet alle onjuistheden, fraudes en niet-naleving van wet- en regelgeving voorkomen. In de Risk Section in de Annual accounts is een uitgebreide toelichting opgenomen. De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van het going-concern principe.

Daarbij zijn geen materiële risico’s en onzekerheden geïdentificeerd die relevant zijn ter zake van de verwachting van continuïteit voor een periode van twaalf maanden na opstelling van het verslag.

77

GOVERNANCE EN INTERNE

BESTUURSVERKLARING

BEDRIJFSVOERING

Verantwoordelijkheidsverklaring Naar het oordeel van de RvB geeft de jaarrekening een getrouw beeld van de activa, de passiva, de financiële positie en het resultaat van BNG Bank en de in de consolidatie opgenomen dochtermaatschappijen. Het jaarverslag geeft een getrouw beeld van de toestand op de balansdatum, de gang van zaken gedurende het verslagjaar en de verwachte ontwikkelingen van BNG Bank inclusief de geconsolideerde dochtermaatschappijen, waarvan de gegevens in de geconsolideerde jaarrekening zijn opgenomen. In het jaarverslag worden de wezenlijke risico’s beschreven waarmee BNG Bank wordt geconfronteerd. Den Haag, 13 maart 2020

Raad van Bestuur Gita Salden, voorzitter Olivier Labe John Reichardt

78

VERSLAG VAN DE RVC

79

Verslag van de RvC

4.1

Voorwoord

80

4.2

Samenstelling RvC en commissies

82

4.3

Activiteiten RvC

86

4.4

Activiteiten RvC-commissies

89

VERSLAG VAN DE RVC

4.1

VOORWOORD

Voorwoord

2019 was door een samenstel van ontwikkelingen een uitdagend jaar voor de bank. Het ruime monetaire beleid van de ECB en de hervatting van het opkoopprogramma leidden tot zeer lage rentetarieven, die het rendement van de bank onder druk zetten. De aanhoudende onzekerheid over de Brexit noodzaakte de bank tot het nemen van maatregelen om de continuïteit van de bedrijfsvoering ook in geval van een harde Brexit te waarborgen. Het toezicht ontwikkelt zich steeds meer in de richting van een data-gedreven aanpak, die hoge eisen stelt aan de kwaliteit van de beschikbare data. De toezichtdruk is hoog gebleven, onder andere met een intensieve on-site inspectie gericht op het proces van kredietverlening. De RvC heeft veel aandacht besteed aan deze ontwikkelingen, die een stevige wissel trekken op de medewerkers van de bank. Daarbij constateert de RvC dat vanuit het toezicht terechte vragen worden gesteld over het proces van kredietverlening, hoewel de kernklanten van de bank onverminderd betrouwbaar blijven wat het nakomen van verplichtingen betreft. Een thema dat naast deze onderwerpen ruimschoots aan de orde is gekomen in de dialoog tussen RvC en de RvB zijn de strategische uitdagingen waarvoor de bank zich ziet gesteld.

De digitalisering en informatisering van de samenleving, zo ziet de RvC, zullen onvermijdelijk hun weerslag krijgen op het business model van de bank, niettegenstaande het onverminderd robuuste karakter daarvan. Disintermediatie en de opkomst van platformen, net als veranderingen in het betalingsverkeer, cloud-ontwikkelingen en de toekomst van outsourcing zijn daarbij thema's waarover intensief van gedachte is gewisseld. In verband hiermee heeft de RvC onder andere in het late najaar een werkbezoek aan Centric FSS gebracht. De RvC onderschrijft in dit verband van harte het besluit van de RvB om een zelfstandige afdeling Strategie in het leven te roepen die de RvB kan ondersteunen in het proces van focus geven in deze ontwikkelingen. De basis hiervoor is gelegd tijdens een strategische dialoog in het begin van 2019, waarbij uitvoerig over al deze ontwikkelingen is gediscussieerd. Aan de klantenklant heeft de bank in 2019 boven verwachting gepresteerd. De kredietbehoefte en de gerealiseerde omzet zijn hoger dan verwacht.

Om de gekoesterde status van promotional bank te handhaven en de nagestreefde impact op het vlak van duurzame ontwikkeling verder te In de dialoog tussen RvC en RvB zijn de vergroten, zal de bank zich in de nabije toekomst de strategische uitdagingen waarvoor de vraag moeten stellen met welke vormen van bank zich gesteld ziet uitgebreid aan de kredietverlening het beste invulling kan worden gegeven aan de missie van de bank. De RvC verwacht orde gekomen.

80

VERSLAG VAN DE RVC

VOORWOORD

in 2020 hieromtrent een vruchtbare discussie met de RvB te voeren. Ten slotte wil de RvC graag zijn bijzondere erkentelijkheid uitspreken over de inzet en de betrokkenheid van alle medewerkers van de bank. Wij beseffen dat zonder hen het realiseren van de missie en de doelstelling van BNG Bank, het zijn van een betrokken partner voor een duurzamer Nederland en het realiseren van publieke doelstellingen tegen zo laag mogelijk kosten, niet mogelijk is. Namens de Raad van Commissarissen, Marjanne Sint, voorzitter RvC Den Haag, 13 maart 2020

81

VERSLAG VAN DE RVC

4.2

SAMENSTELLING RVC EN COMMISSIES

82

Samenstelling RvC en commissies

Samenstelling RvC De samenstelling van de RvC in 2019 is in onderstaand overzicht weergegeven. In overeenstemming met de statuten en de Corporate Governance Code kunnen commissarissen voor vier jaar worden herbenoemd in de eerstvolgende Algemene Vergadering van Aandeelhouders, nadat een periode van vier jaar is verstreken sinds de eerste benoeming. Commissarissen kunnen nadien in bijzondere omstandigheden wederom worden herbenoemd voor een termijn van twee jaar, die daarna met maximaal twee jaar kan worden verlengd. Naam

Geslacht

Geboortejaar

Nationaliteit

Datum eerste benoeming

Einde eerste termijn

Einde tweede termijn

Marjanne Sint,

V

1949

NL

20-08-2012

M

1950

NL

23-11-2015

2020

M

1958

NL

18-04-2019

2023

Kees Beuving

M

1951

NL

24-04-2014

2022

Theo Bovens

M

1959

NL

23-04-2012

2019

Johan Conijn

M

1950

NL

01-01-2016

2020

Marlies van Elst

V

1966

NL

19-04-2018

2022

Jantine Kriens

V

1954

NL

24-04-2014

2022

Jan Nooitgedagt

M

1953

NL

23-04-2012

2019

2021

voorzitter Jan van Rutte, vice-voorzitter Huub Arendse (vanaf 18-04-2019)

(tot 18-04-2019)

(tot 18-04-2019)

In 2019 zijn in de RvC twee vacatures ontstaan door het vervroegde aftreden van Theo Bovens en Jan Nooitgedagt. Om de gewenste verkleining van de omvang van de RvC naar 7 leden te realiseren, is de vacature die Theo Bovens achterliet niet ingevuld. Jan Nooitgedagt is opgevolgd door Huub Arendse. Hiermee bestaat de RvC per 18 april 2019 uit 4 mannen (57%) en 3 vrouwen (43%). Met de benoeming blijft de RvC beschikken over voldoende leden met de gewenste expertise om zitting te nemen in het Audit Committee en Risk Committee. Na het vertrek van Jan Nooitgedagt is Jan van Rutte benoemd tot vice-voorzitter van de RvC.

VERSLAG VAN DE RVC

SAMENSTELLING RVC EN COMMISSIES

Johan Conijn en Jan van Rutte zijn in 2020 periodiek aftredend en herbenoembaar voor een tweede termijn. Voor beide vacatures zijn individuele profielschetsen opgesteld, die passen binnen de profielschets die voor de gehele RvC is opgesteld. De RvC heeft geconcludeerd dat Johan Conijn en Jan van Rutte voldoen aan de eisen in de profielschets en in aanmerking komen om voor herbenoeming te worden voorgedragen. Herbenoeming is echter geen vanzelfsprekendheid. De RvC heeft daarom de aandeelhouders gelegenheid gegeven om personen aan te bevelen ter vervulling van de komende vacatures. Van de geboden gelegenheid is geen gebruik gemaakt. Op advies van het HR Committee heeft de RvC daarop besloten Johan Conijn en Jan van Rutte voor te dragen voor herbenoeming in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders in april 2020. Jantine Kriens zal in 2020 in verband met pensionering vertrekken uit haar hoofdfunctie bij de VNG. Zij is bereid om als commissaris van BNG Bank aan te blijven, totdat een opvolger voor haar is gevonden. Het HR Committee zal in 2020 met inachtneming van het opvolgingsplan een voordracht voorbereiden.

Vlnr. Huub Arendse, Kees Beuving, Marlies van Elst, Johan Conijn, Jantine Kriens, Jan van Rutte en Marjanne Sint.

Beknopt curriculum vitae RvC Alle leden van de RvC hebben ruime kennis van en ervaring met de relevante bedrijfsonderdelen van BNG Bank, met de markten waarin de bank opereert en met de specifieke kenmerken van publieke stakeholders. De collectieve kennis van de RvC wordt beschreven in het opvolgingsplan RvC en in het functieprofiel RvC. Van de leden van de RvC worden hieronder de hoofdfunctie of de laatst vervulde hoofdfunctie weergegeven. Nevenfuncties van de commissarissen zijn alleen weergegeven voor zover deze relevant zijn

83

VERSLAG VAN DE RVC

SAMENSTELLING RVC EN COMMISSIES

84

voor de limitering van het aantal nevenfuncties uit hoofde van CRD IV. Een register van door commissarissen gemelde nevenfuncties is te vinden op onze website. Alle commissarissen zijn onafhankelijk in de zin van de desbetreffende best practice bepalingen uit de Corporate Governance Code. Marjanne Sint, voorzitter RvC was voorzitter van de RvB van de Isalaklinieken in Zwolle. Zij is voorzitter van de RvC van PGGM en lid van de RvC van Bergman Clinics. Jan van Rutte, vice-voorzitter RvC was voorzitter van de RvB van Fortis Bank Nederland en CFO in de RvB van ABN AMRO Groep. Hij is voorzitter van de RvC van Volksbank en lid van de RvC van ORMIT en PGGM. Huub Arendse was CFO en lid van de RvB van Achmea en partner bij KPMG. Hij is voorzitter van de RvC van Achmea Bank. Kees Beuving was voorzitter van de RvB van Friesland Bank. Johan Conijn is directeur en senior adviseur woningcorporaties bij Finance Ideas. Hij is lid van het Investment Committee van Amvest Residential Core Fund. Marlies van Elst was COO van ING Bank in België en Polen en lid van het Operations & IT Management Team van ING Groep. Jantine Kriens is algemeen directeur van VNG.

Samenstelling RvC-commissies en aanwezigheid De vier commissies van de RvC, het Audit Committee, het Risk Committee, het HR Committee en de Remuneratiecommissie, bereiden de besluitvorming van de RvC voor. In de paragraaf Activiteiten RvC-commissies wordt nader ingegaan op de activiteiten van de commissies. In totaal zijn er in 2019 zeven RvC-vergaderingen geweest. Het aanwezigheidspercentage in de vergaderingen van de RvC in 2019 is 96% (2018: 84%). Verder zijn er vier vergaderingen van het Audit Committee geweest, vijf van het Risk Committee, vier van het HR Committee en een van de Remuneratiecommissie. Het aanwezigheidspercentage in de commissievergaderingen in 2019 is 100% (2018: 86%). Het aanwezigheidspercentage over alle vergaderingen in 2019 is 98% (2018: 84%).

VERSLAG VAN DE RVC

SAMENSTELLING RVC EN COMMISSIES

85

Samenstelling RvC-commissies en aanwezigheid Audit Committee

Risk Committee

4/4

3/3

5/5

Kees Beuving

Huub Arendse (vz.) (vanaf 18-04-2019)

Johan Conijn (vz.) Marlies van Elst

4/4

Totaal 100%

5/5

Totaal 100%

4/4

Huub Arendse (vanaf 18-04-2019) 5/5

Jan van Rutte

Marjanne Sint

1/1

2/2 5/5

6/7

7/7 7/7

7/7

7/7

6/7

Jan Nooitgedagt

Jan Nooitgedagt

(tot 18-04-2019)

(tot 18-04-2019)

2/2

4/4

2/2

1/1

Jan Nooitgedagt Theo Bovens (tot 18-04-2019) (tot 18-04-2019) Totaal 96%

Kees Beuving

4/4

RvC

4/4

Totaal 100% Jantine Kriens

Marjanne Sint (vz.)

HR Committee

Kees Beuving (vz.)

1/1

1/1

Jantine Kriens

Marjanne Sint

Totaal 100%

Remuneratiecommissie

VERSLAG VAN DE RVC

4.3

ACTIVITEITEN RVC

86

Activiteiten RvC

Vergaderingen en besproken onderwerpen De RvC houdt toezicht op het beleid van de RvB, de wijze waarop de RvB de strategie uitvoert en de algemene gang van zaken in de onderneming. Hierbij richt de RvC zich tevens op de effectiviteit van de interne risicobeheersing- en controlesystemen en de integriteit en kwaliteit van de financiële verslaggeving. Afhankelijk van het onderwerp dat aan de orde is vervult de RvC hierbij een rol als sparring partner, een toezichthoudende rol of een werkgeversrol. De RvC is in 2019 zeven keer bijeengekomen. De reguliere vergaderingen van de RvC worden bijgewoond door de leden van de RvB en, op uitnodiging, door de externe accountant. Voorafgaand aan vergaderingen van de RvC wordt een ‘private session’ gehouden, waaraan alleen leden van de RvC deelnemen. In de vergaderingen van de RvC wordt schriftelijk en mondeling verslag uitgebracht van de commissievergaderingen, die (een week) voorafgaand aan de reguliere vergaderingen van de RvC worden gehouden. Tevens worden de voor de RvC relevante vergaderstukken van de commissies in de vergadering van de RvC geagendeerd. Indien goedkeuring van de RvC is vereist, geeft de desbetreffende commissie advies aan de RvC.

De RvC onderschrijft volledig het streven van BNG Bank om betrokken partner voor een duurzamer Nederland te zijn door het bieden van ondersteuning aan het overheidsbeleid en aan de publieke sector bij het realiseren van maatschappelijke doelstellingen. In 2019 heeft de RvC uitvoerig met de RvB van gedachten gewisseld over de wens om het strategieproces van de bank samenhangender en sturender te maken. Dat heeft geleid tot het besluit om een zelfstandige afdeling Strategie te vormen, onder verantwoordelijkheid van de voorzitter RvB. Het aangetrokken hoofd Strategie is in oktober 2019 van start gegaan. In 2019 is voorts regelmatig met de RvB gesproken over de uitvoering en voortgang van de invulling van de strategie, evenals de daarmee samenhangende voornaamste risico’s. Een belangrijk thema was de vraag hoe de bank inspeelt op de externe trend van disintermediatie en de opkomst van platformen. De RvB heeft een scenarioanalyse laten uitvoeren van de markt voor publieke sectorleningen en zich laten adviseren over de vraag hoe zij zich kan voorbereiden op de mogelijke marktevoluties. Digitalisering is daarbij een belangrijk De RvC houdt toezicht op het aandachtspunt.

beleid van de RvB en op de

gang van zaken binnen de bank.

VERSLAG VAN DE RVC

ACTIVITEITEN RVC

87

De RvC heeft de IT-strategie besproken en onderschrijft de door de RvB gemaakte keuzes: ‘buy before make’, met een voorkeur voor de cloud. In samenhang daarmee is ook de outsourcingstrategie onderwerp van discussie geweest. De RvC heeft kennis genomen van de voortgang van het meerjarige programma Data Insight dat in 2020 moet worden afgerond. Het programma moet voorzien in een gemeenschappelijk datafundament in de vorm van een Datawarehouse (DWH) en in een ingerichte Data Governance. In 2020 moeten alle bestaande rapportagesystemen zijn vervangen of aangesloten op het gerealiseerde DWH. De RvC heeft uitvoerig kennis genomen van de voortgang van het programma en geconstateerd dat datakwaliteit een kern-stuurmiddel voor de organisatie moet worden, wil zij het DWH succesvol kunnen gebruiken. De borging van de kwaliteit van de gegevens die aan het DWH worden aangeleverd ten behoeve van rapportages en analyses is een blijvend punt van aandacht. Met betrekking tot HR heeft de RvC kennis genomen van de voortgang van de HR-strategie, met name de strategische personeelsplanning, maatregelen ter vergroting van de mobiliteit en de resultaten van het medewerkersonderzoek. In het licht van alle externe ontwikkelingen vindt de RvC het belangrijk dat de medewerkers door zich te ontwikkelen ook zelf zorgen voor behoud of vergroting van hun inzetbaarheid.

De RvC heeft ingestemd met het voorstel van de RvB om met ingang van 2020 de winstdelingsregeling van medewerkers af te schaffen, alsmede met de voorgestelde compensatie. Ten slotte zijn aangelegenheden voortkomend uit extern toezicht, waaronder de on-site inspectie van het kredietprocesen alle brieven met bevindingen van de toezichthouder, de kapitaal- en liquiditeitsplanning, en het dividendbeleid, de interest benchmark reforms en de uitkomsten van de zelfevaluatie besproken.

Permanente educatie Jaarlijks volgen leden van de RvC en RvB een programma van permanente educatie (PE). In 2019 zijn zeven PE-sessies georganiseerd. PE-sessies met externe gastsprekers zijn georganiseerd over Invest-NL en de impact van technologie op de strategie van de bank. Daarnaast is een werkbezoek gebracht aan Centric FSS en aan Trias Westland, een door de bank gefinancierd geothermie-project. In het werkbezoek aan Centric FSS heeft de RvC Centric FSS als belangrijkste IT-partner van de bank bevraagd over haar strategie en visie met betrekking tot de ontwikkeling van haar eigen dienstverlening op het gebied van outsourcing. Ook heeft de RvC bij die gelegenheid zijn zorg kenbaar gemaakt over de ontwikkelingen in het management van Centric FSS. De RvC volgt de ontwikkelingen nauwgezet. Verder zijn er drie verdiepende sessies georganiseerd over de kredietbeoordeling van de solvabiliteitsvrije portefeuille van de bank, de door de bank gehanteerde interne ratingmodellen en het Supervisory Review and Evaluation Process (SREP). Deze sessies geven de RvC inzicht in de wijze waarop BNG Bank zich op deze thema’s heeft voorbereid en hoe zij omgaat met de hieraan verbonden risico’s.

Evaluatie RvC en RvB In februari 2019 heeft de RvC de uitkomsten van de jaarlijkse evaluatie van de RvC besproken. De intern gehouden evaluatie bestond uit een enquête en uit

Tijdens permanente educatie sessies worden actuele ontwikkelingen besproken en best practices gedeeld.

VERSLAG VAN DE RVC

ACTIVITEITEN RVC

telefonische interviews gehouden door de vicevoorzitter met iedere commissaris. Het algemene beeld uit de evaluatie is positief. De belangrijkste conclusie is dat de RvC behoefte heeft om in de voltallige RvC meer aandacht te besteden aan de ontwikkelingen binnen de klantsectoren van de bank en hun relatie met de bank. Ook vraagt de RvC meer aandacht voor de continuïteit en de opvolgingsplanning van het topmanagement en wil hij zijn inzicht in de samenhang tussen finance, risk en business verder verdiepen. In 2019 heeft, voorbereid door het HR Committee en besproken in de RvC, een 360 gradenbeoordeling van de RvB-leden plaatsgevonden. De RvC heeft besloten alle leden van de RvB met ingang van 2018 te beoordelen op basis van een aantal doelstellingen voor de RvB als collectief en een aantal individuele doelstellingen. Naar het oordeel van de RvC is een positief beeld uit de evaluatie van de RvB gekomen.

Contacten met belanghebbenden De RvC heeft onder meer contacten met de ondernemingsraad, klanten, aandeelhouders, de externe toezichthouder, de externe accountant en het management. Leden van de RvC hebben in 2019 driemaal een overlegvergadering met de ondernemingsraad bijgewoond. Daarnaast ontmoeten de RvC en de RvB de ondernemingsraad eenmaal per jaar tijdens een gezamenlijke themalunch. De RvC ervaart de contacten met de ondernemingsraad als constructief en waardeert de transparante en constructieve dialoog tussen de RvC, RvB en de ondernemingsraad. De RvC heeft contact met klanten tijden werkbezoeken in het kader van Permanente Educatie. De contacten met de aandeelhouders lopen onder meer via de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, waarin de RvC verantwoording aflegt over het gehouden toezicht. De jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders is gehouden op 18 april 2019. De agendapunten hadden betrekking op de goedkeuring van de jaarrekening, de goedkeuring van het voorgestelde dividend, de kwijting van elk lid van de RvB en RvC tijdens het boekjaar, alsmede op de benoeming van Huub Arendse als lid van de RvC. Met alle agendaonderwerpen voor goedkeuring heeft de Algemene Vergadering van Aandeelhouders ingestemd. Verder zijn er ieder kwartaal gesprekken tussen het ministerie van Financiën, grootaandeelhouder in BNG Bank, en de voorzitter van de RvC.

De voorzitters van de RvC, het Audit Committee en het Risk Committee hebben ieder jaarlijks overleg met de externe toezichthouder. Leden van de RvC hebben eveneens contacten met managers van BNG Bank. Waar relevant wonen managers specifieke agendapunten van de RvC en commissies bij en/of verzorgen zij presentaties. Ten slotte onderhoudt de RvC reguliere contacten met de externe accountant en de Interne Auditdienst (IAD) en houdt de RvC toezicht op het functioneren van de externe accountant. Er hebben zich naar het oordeel van de RvC in 2019 geen situaties voorgedaan waarbij tegenstrijdige belangen van bestuurders, commissarissen, aandeelhouders en/of externe accountant speelden of spelen die van materiële betekenis zijn voor de vennootschap en/of de desbetreffende bestuurders, commissarissen, aandeelhouders en/of externe accountant.

88

VERSLAG VAN DE RVC

4.4

ACTIVITEITEN RVC-COMMISSIES

Activiteiten RvCcommissies

Werkwijze van de commissies De vier commissies van de RvC ondersteunen de RvC bij het toezicht op de activiteiten van de RvB, bereiden de besluitvorming van de RvC voor en adviseren de RvC over diverse onderwerpen. Elke commissie heeft een eigen reglement. In beginsel vergaderen de commissies een week vóór de reguliere vergadering van de RvC.

Audit Committee Het Audit Committee geeft invulling aan de rol van de RvC als toezichthouder op de activiteiten van de RvB en bereidt de besluitvorming voor inzake financiële rapportages, interne controlesystemen, interne audit en de externe accountant. Naast de leden van het Audit Committee nemen de leden van de RvB, het hoofd IAD, het hoofd Finance & Control en de externe accountant deel aan de vergaderingen van het Audit Committee. De vergaderingen worden standaard ook bijgewoond door de voorzitters van de RvC en het Risk Committee. Voorafgaand aan elke reguliere vergadering van het Audit Committee houdt het Audit Committee een ‘private session’ met de externe accountant en het hoofd IAD. De voorzitter van het Audit Committee spreekt tweemaal per jaar met het hoofd IAD. Het Audit Committee is in 2019 viermaal bijeengekomen. De commissie heeft een toelichting ontvangen op alle kwartaalrapportages met kerncijfers, ontwikkelingen en vooruitzichten op het gebied van klanten, rentabiliteit, solvabiliteit, kapitaal, liquiditeit en funding. Naar aanleiding daarvan heeft de commissie de RvB vragen gesteld over de ontwikkeling van de omzet en de portefeuille, over de ruimte die het gerealiseerde rendement de bank biedt om haar klanten nog beter te bedienen en over de kosten. Belangrijke onderwerpen van gesprek waren voorts de jaarrekening en het jaarverslag 2018.

Het Audit Committee heeft naar aanleiding daarvan de kwaliteit van het resultaat besproken. Het Audit Committee heeft de RvC positief geadviseerd over het voorstel van de RvB om een dividenduitkering over 2018 voor te stellen van 50%. Bij het rapport van de externe accountant heeft het Audit Committee een toelichting ontvangen op de ‘key audit matters’, te weten bijzondere waardeverminderingen op leningen en vorderingen, de door BNG Bank gehanteerde systematiek van hedge accounting en de waardering van financiële instrumenten. Het Audit Committee kan zich vinden in de Commissies van de RvC ondersteunen bevindingen van de accountant. Punt van bespreking de RvC bij het toezicht op de activiteiten naar aanleiding van de management letter 2019 van de van de RvB, bereiden de besluitvorming IAD was de oordeelsvorming van de IAD over transactiemonitoring en de implementatie van het three van de RvC voor en adviseren de RvC.

89

VERSLAG VAN DE RVC

ACTIVITEITEN RVC-COMMISSIES

lines of defence-model, in het bijzonder de challenging en monitoring rol van de tweede lijn. Ook is gesproken over de prioriteitstelling in relatie tot de vertraagde afronding van een belangrijke systeem-implementatie. Naar aanleiding van het halfjaarbericht 2019 en de bevindingen van de externe accountant heeft het Audit Committee met name stilgestaan bij de kredietwaardigheid van enkele klanten en de omvang van de getroffen voorzieningen. Behalve aan de genoemde reguliere onderwerpen heeft het Audit Committee in 2019 aandacht geschonken aan de uitkomst van een extern uitgevoerde validatie van de door BNG Bank gebruikte ratingmodellen. Het Audit Committee heeft zich laten informeren over de mogelijke impact van toekomstige ontwikkelingen op de leverage ratio en heeft de RvB bevraagd over de beoogde doelstelling voor de leverage ratio, nu en op termijn. Voorts heeft het Audit Committee met de RvB gesproken over de trend in de ontwikkeling van het resultaat en de RvB geadviseerd over de formulering van een interne norm voor het beoordelen van de kosten. Ten slotte zijn in 2019 de periodieke besprekingen van de voortgang van de implementatie van de IAD-bevindingen geïntensiveerd.

Risk Committee Het Risk Committee ondersteunt de RvC in zijn rol als toezichthouder op de activiteiten van de RvB inzake risicoaangelegenheden, zoals risicobeleid en risicobeheersing, compliance en de risicoanalyse van het beloningsbeleid en bereidt de besluitvorming daarover door de RvC voor. Naast de leden van het Risk Committee nemen de leden van de RvB, het hoofd IAD, het hoofd Risk Management en, op uitnodiging, de Compliance Officer, deel aan de vergaderingen van het Risk Committee. De voorzitter van het Risk Committee spreekt tweemaal per jaar met het hoofd Risk Management en eenmaal per jaar met de Compliance Officer. Het Risk Committee is in het verslagjaar vijfmaal bijeengekomen. Het Risk Committee bespreekt periodiek de effectiviteit van de opzet en de werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen en de materiële beheersingsmaatregelen gericht op het beheersen van strategische, operationele, compliance- en verslaggevingsrisico’s. Elk kwartaal ontvangt de commissie een Risk Report, waarin door de afdeling Risk Management verslag wordt gedaan van de monitoring van de door de RvC goedgekeurde Risk Appetite. De rapporten gaan in op de ontwikkeling vab krediet-, markt-, liquiditeits- en operationele risico's van de bank, waaronder cyber risk en niet-financiële risico's.

Mede op wens van het Risk Committee is de opzet van het Risk Report gewijzigd, waardoor de RvC de gerapporteerde risico’s nu beter kan duiden. In relatie tot het Risk Report en andere risicorapportages is ook de positie van het hoofd Risk Management ten opzichte van de CRO verhelderd. Het Risk Committee heeft voorts de jaarlijkse vaststelling van het Risk Appetite Statement (RAS) door de RvC voorbereid. Jaarlijks bespreekt het Risk Committee ook het geactualiseerde Herstelplan en de uitkomst van het Supervisory Review and Evaluation Process (SREP). Onderdeel van het SREP vormt de beoordeling van risico’s in relatie tot kapitaal (ICAAP) en liquiditeit (ILAAP). De in dit kader opgestelde stukken vormen de basis voor het vaststellen van de kapitaaleis door de toezichthouder. In een aantal vergaderingen heeft het Risk Committee aandacht gegeven aan de vorming van een Compliance Management Framework (CMF), dat moet waarborgen dat BNG Bank alle op haar van toepassing zijnde wet- en regelgeving aantoonbaar naleeft. Het CMF is

90

VERSLAG VAN DE RVC

ACTIVITEITEN RVC-COMMISSIES

onderdeel van het Internal Governance Framework (IGF), de basis voor de inrichting van de interne governance en organisatie van de bank. Het Risk Committee heeft de RvB en de Compliance Officer bevraagd over de opzet en inhoud van het CMF, de benodigde capactiteit en de onderscheiden verantwoordelijkheden van alle betrokken afdelingen. Met inachtneming van een aantal aanbevelingen heeft het Risk Committee de RvC positief geadviseerd over het CMF en IGF en de hieraan verbonden aanpassing van het Risk Management Charter en Reglement Risk Committee. Voorts heeft het Risk Committee de voortgang van de dienstverleningsrelatie met Centric FSS besproken, inclusief het exitscenario in geval de bank de relatie onverhoopt zou willen beëindigen.

HR Committee Het HR Committee heeft onder meer tot taak de werving en selectie van de leden van de RvC en de RvB, het voorbereiden van (her)benoemingen van commissarissen, de periodieke evaluatie van het functioneren van de RvC en de RvB als geheel en de beoordeling van het functioneren van individuele commissarissen en de leden van de RvB. Het HR Committee bereidt de besluitvorming van de RvC op dit vlak voor en ondersteunt daarmee de RvC in zijn werkgeversrol. Naast de leden van het HR Committee nemen ook de leden van de RvB en het hoofd HR deel aan de vergaderingen van het HR Committee. Het HR Committee is tevreden met de in 2018 ingezette versterking van zijn rol en met het type vergaderstukken dat nu op de agenda staat. Medewerkers zijn een belangrijke asset van de bank en daarom is het voor het HR Committee van belang om betrokken te zijn bij de wijze waarop de RvB de HR-strategie invult. Het HR Committee is in 2019 viermaal bijeengekomen. Met de RvB is de strategische personeelsplanning besproken. In het bijzonder is aandacht gegeven aan het hogere management, de onderkende sleutelfuncties en risicomitigerende maatregelen. Het HR Committee heeft de prestatiedoelstellingen 2018 van de RvB beoordeeld en is tevreden over de mate waarin deze zijn gerealiseerd.

In individuele gesprekken met de leden van de RvB heeft het HR Committee hun functioneren en ontwikkeling in 2018 besproken. Voor 2020 zijn nieuwe prestatiedoelstellingen vastgesteld. Het HR Committee heeft met de RvB gesproken over de afschaffing met ingang van 2020 van de winstdeling voor medewerkers en kan zich vinden in de voorgestelde compensatie. Voor de realisatie is instemming van de OR gevraagd en verkregen. Het HR Committee heeft zich laten informeren over genomen maatregelen ter vergroting van de mobiliteit van medewerkers, in het bijzonder de introductie van loopbaangesprekken. Ten slotte heeft het HR Committee de RvC geadviseerd over de invulling van het programma voor permanente educatie en over de vervulling van vacatures in de RvC in verband met (periodieke) aftredens in 2020.

Remuneratiecommissie De Remuneratiecommissie bereidt de besluitvorming in de RvC voor over de beloning van de RvC, de RvB en de hogere leidinggevende medewerkers, inclusief besluiten die gevolgen hebben voor de risico’s en de risicobeheersing van de vennootschap. Net als bij de werkzaamheden van het HR Committee betreft dit primair de werkgeversrol van de RvC. Naast de leden van de Remuneratiecommissie nemen ook leden van de RvB deel aan de vergaderingen van de Remuneratiecommissie.

91

VERSLAG VAN DE RVC

ACTIVITEITEN RVC-COMMISSIES

Het beloningsbeleid van de RvB is in 2019 ongewijzigd gebleven. Ook in de samenstelling van de RvB hebben zich in het verslagjaar geen wijzigingen voorgedaan. Tegen deze achtergrond hoefde de Remuneratiecommissie in 2019 slechts eenmaal bijeen te komen. De commissie heeft de uitvoering van het beloningsbeleid in 2018 besproken, zowel voor de RvB als voor de medewerkers. Bijzondere aandacht is daarbij gegeven aan de beloning van medewerkers die het risicoprofiel van de bank materieel kunnen beïnvloeden, de zogenaamde Identified Staff. De commissie heeft inzage gekregen in hun variabele beloning en kennis genomen van de uitkomsten van de jaarlijkse risicoanalyse beheerst beloningsbeleid. Voorts heeft de commissie inzage gekregen in alle – incidenteel aan individuele medewerkers uitgekeerde – gratificaties en de RvC positief geadviseerd over uitkering van in het verleden toegekende variabele beloning aan de RvB en medewerkers behorend tot de Identified Staff. In het Remuneratierapport, dat is voorbereid door de Remuneratiecommissie, doet de RvC verslag van het beloningsbeleid van de RvB en de medewerkers en van de uitvoering van de beloningsregeling voor de RvC.

92

AANVULLENDE INFORMATIE

93

Aanvullende informatie

5.1

Samenhang informatie

94

5.2

Uitgangspunten verslaglegging

98

5.3

Begrippenlijst

102

AANVULLENDE INFORMATIE

5.1

SAMENHANG INFORMATIE

94

Samenhang informatie

In onderstaande connectiviteitstabel worden de onderlinge verbanden duidelijk gemaakt tussen de materiële onderwerpen, de daaraan gekoppelde doelstellingen, de behaalde resultaten en de impact op stakeholders. Tevens is een koppeling gemaakt tussen materiële onderwerpen en de SDG's, de van toepassing zijnde GRI-onderdelen en de paragrafen waarin de materiële onderwerpen nader worden toegelicht.

Doelstelling 2019

Resultaten 2019

Resultaten 2018

Impact op stakeholders

1.

Marktaandeel kredieten aan of

71%

71%

Klanten

Betaalbare

onder garantie van overheden

financiering

>55%.

Materieel onderwerp

Aandeel promotional loans in

93%

93%

portefeuille ≥90%. Klanttevredenheid ≥8,0.

Bijdrage aan SDG's

GRI Context Index

Paragraaf jaarverslag

201,

Decentrale

203

overheden Woningcorporaties

Reputatie-

Geen

onderzoek

klanttevreden-

uitgevoerd

heidsonderzoek

i.p.v.

uitgevoerd.

Zorgsector Onderwijssector

klanttevredenheidsonderzoek.

Energie en infrastructuur BNG Duurzaamheidsfonds

AANVULLENDE INFORMATIE

SAMENHANG INFORMATIE

95

Doelstelling 2019

Resultaten 2019

Resultaten 2018

Impact op stakeholders

2.

Uitgifte van ten minste één SRI-

Uitgifte twee

Uitgifte één SRI-

Klanten

Financiering

bond en één Social Housing

SRI-bonds en

bond en één

van

Bond.

één Social

Social Housing

Housing Bond.

Bond.

Materieel onderwerp

verduurzaming

Bijdrage aan SDG's

GRI Context Index

Paragraaf jaarverslag

203

Decentrale overheden Zorgsector Onderwijssector

Kredietverlening duurzame

Gerealiseerd.

Gerealiseerd.

Energie en

projecten groeit t.o.v.

infrastructuur

voorgaand jaar. BNG Duurzaamheidsfonds

3.

Aantal klachten en incidenten.

Eén melding

Geen

Aandeel-

102,

Ethiek en

aan Autoriteit

significante

houders

205,

compliance

Persoons-

klachten en

gegevens

incidenten.

Compliance

206, Klanten

vanwege

307, 419

inbreuk op

Beleggers

vertrouwelijkheid persoonsgegevens.

Medewerkers

4.

CO2-impact kredietportefeuille

Partnerships

meetbaar maken.

gericht op verduurzaming

1

Gerealiseerd .

Nieuwe doelstelling

.

Klanten

203

Decentrale overheden

voor 2019. Woningcorporaties Zorgsector Onderwijssector Energie en infrastructuur BNG Duurzaamheidsfonds

AANVULLENDE INFORMATIE

SAMENHANG INFORMATIE

Materieel onderwerp

Doelstelling 2019

Resultaten 2019

5. Stimuleren

CO2-impact kredietportefeuille

Gerealiseerd .

verantwoorde

meetbaar maken.

1

96

Resultaten 2018

Impact op stakeholders

Nieuwe

Klanten

Bijdrage aan SDG's

GRI Context Index

Paragraaf jaarverslag

203

Decentrale

doelstelling

bedrijfsvoering

overheden

voor 2019.

klanten

Woningcorporaties Zorgsector Onderwijssector Energie en infrastructuur BNG Duurzaamheidsfonds

6.

Oplevering klantportal.

Gerealiseerd.

Innovatieve

Niet

Klanten

203

gerealiseerd .

Vooruitzichten 2020

producten en processen

7.

Eén melding

Dataveiligheid

aan Autoriteit

Gerealiseerd.

Aandeel-

418

Compliance

201

Financiële

houders

Persoonsgegevens vanwege

Klanten

inbreuk op vertrouwelijkheid

Beleggers

persoonsgegevens. Medewerkers

8.

Zie financiële doelstellingen.

Redelijk

Zie financiële

Zie financiële

Aandeel-

resultaten.

resultaten.

houders

Gerealiseerd.

Gerealiseerd.

Klanten,

resultaten

rendement

9.

Beschikbaarheid

Efficiënte

betalingsverkeer ≥99,9%.

organisatie

medewerkers

203

AANVULLENDE INFORMATIE

SAMENHANG INFORMATIE

97

Doelstelling 2019

Resultaten 2019

Resultaten 2018

Impact op stakeholders

10.

Loopbaangesprekken met

Gerealiseerd.

Niet

Mede-

Medewerkers

medewerkers ≥3 jaar in dienst.

gerealiseerd.

werkers

Materieel onderwerp

Bijdrage aan SDG's

GRI Context Index

Paragraaf jaarverslag

404

Medewerkers

405

Medewerkers

met toekomstgerichte vaardigheden 5% van de medewerkers wisselt

Gerealiseerd.

van functie.

Niet gerealiseerd

11.

Diversiteit: 2,2% van populatie

Niet

Niet

Mede-

Aantrekkelijke

heeft afstand tot arbeidsmarkt.

gerealiseerd.

gerealiseerd.

werkers

Reductie CO2-footprint van

Gerealiseerd.

Gerealiseerd.

Mede-

302,

Duurzame

werkers

305

bedrijfsvoering

werkgever

12. Duurzame

bedrijfsvoering eigen organisatie met 10% t.o.v. voorgaand jaar.

1 De impact is berekend met gebruikmaking van de PCAF-methodiek, door inzet van een extern bureau en op basis van externe bronnen.

AANVULLENDE INFORMATIE

5.2

UITGANGSPUNTEN VERSLAGLEGGING

Uitgangspunten verslaglegging

Nageleefde richtlijnen en codes Middels het jaarverslag 2019 leggen wij verantwoording af over activiteiten over het boekjaar 2019. Dit doen wij conform BW 2:391 en de EU-richtlijnen ‘Jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen’ (2013/34/EU) en ‘Niet-financiële informatie en informatie inzake diversiteit door bepaalde grote ondernemingen en groepen’ (2014/95/EU). Het verslag vormt een evenwichtige en volledige analyse van de toestand op de balansdatum, de ontwikkeling en de resultaten gedurende het boekjaar en bevat financiële en niet-financiële prestatie-indicatoren. Het jaarverslag is opgesteld in overeenstemming met de ‘Comprehensive option’ van de GRI Standards (Sustainability Reporting Guidelines of the Global Reporting Initiative). Het jaarverslag laat conform de aanbevelingen vanuit het International Integrated Reporting Council (IIRC) zien hoe we in 2019 op financieel en niet-financieel vlak waarde hebben gecreëerd voor onze stakeholders. Het verslag biedt een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen en de prestaties van BNG Bank in 2019 en laat zien hoe we omgaan met kansen, risico’s en onzekerheden. Het jaarverslag is gebaseerd op de onderwerpen die door de RvB en onze stakeholders als materieel zijn bestempeld.

Het proces van bepalen van materiële onderwerpen en rapportageprioriteiten is beschikbaar op de website. Wij onderschrijven een aantal gedragscodes en internationale conventies en richtlijnen. Wij hebben ons verplicht om te voldoen aan de Code Banken (sinds 2010) en de Dutch Banking Sector Agreement on international responsible business conduct regarding human rights (2016). Als uitvloeisel van het laatstgenoemde convenant passen wij met ingang van 2020 de Equator Principles toe, een risk management framework voor het bepalen, beoordelen en beheren van milieu- en sociale risico's in projecten. Wij nemen deel aan de Sustainable Development Goals en het Spitsbergenakkoord (2018). Samen met andere financiële instellingen hebben wij ons in 2019 gecommitteerd aan het klimaatakkoord en zullen wij rapporteren over de klimaatimpact van onze financieringen en een actieplan opstellen om bij te dragen aan een vermindering van de uitstoot van CO2. Wij onderschrijven het ‘Toekomstgericht Bankieren’ van de NVB waarin het Maatschappelijk Statuut, de Code Banken en een set gedragsregels die verbonden is aan de bankierseed zijn gebundeld en waarmee de bankensector expliciet maakt hoe zij dienstbaar en duurzaam wil bankieren.

Aanbevelingen van de UN Global Compact, de UN Guiding Principles on Business and Human Rights en de OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen worden door ons nageleefd en zijn geïmplementeerd in relevante procedures. Wij conformeren ons aan de

98

AANVULLENDE INFORMATIE

UITGANGSPUNTEN VERSLAGLEGGING

bepalingen van de Nederlandse Corporate Governance Code (herziene versie 2016) door onder meer werkwijzen zoveel mogelijk met de Code in overeenstemming te brengen. Een overzicht inzake de naleving van de principes en best practice bepalingen is te vinden op onze website. Jaarlijks doen wij mee aan de Transparantiebenchmark, een onderzoek van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat naar de inhoud en kwaliteit van externe verslaggeving over maatschappelijke aspecten van ondernemen. In de vernieuwde opzet van de Transparantiebenchmark 2019 (over het verslagjaar 2018) zijn wij aanzienlijk in de rangorde van meest transparante jaarverslagen gedaald. Met name op de onderwerpen materiële onderwerpen, waardecreatie, Sustainable Development Goals, bedrijfsmodel en ketenbeheer hebben we geen of weinig punten gescoord. De resultaten van de Transparantiebenchmark hebben wij uitgebreid geanalyseerd en bekeken welke mogelijkheden er zijn om de score op de Transparantiebenchmark te verbeteren. In dit jaarverslag hopen wij een aantal onderdelen aanzienlijk verbeterd te hebben. Afgeleide hiervan is dat verbetering op deze onderdelen ook naar verwachting zal leiden tot verbetering van de scores op andere (internationale) duurzaamheidsassessments.

Afbakening van het jaarverslag In het jaarverslag 2019 is niet-financiële informatie over het kalenderjaar 2019 opgenomen om daarmee onze stakeholders te informeren over onze maatschappelijke rol, gerelateerd aan onze missie, strategie en doelstellingen. De informatie in dit verslag heeft betrekking op BNG Bank N.V. De twee dochterondernemingen BNG Gebiedsontwikkeling B.V. en Hypotheekfonds voor Overheidspersoneel B.V. zijn vanwege de uitfasering van beide dochters niet meegenomen in dit verslag. Indien niet-financiële data betrekking hebben op dochterondernemingen is dit aangegeven. In het verslagjaar zijn (potentiële) acquisities en desinvesteringen niet aan de orde geweest. De prestaties van onze leveranciers, fundingbronnen, klanten en andere partijen in onze waardeketen zijn niet meegenomen in onze cijfers.

Dataverzameling De kwantitatieve en kwalitatieve informatie in dit jaarverslag is verzameld aan de hand van verzoeken tot het leveren van informatie en gegevens en interviews. Bronnen van gegevens zijn onder meer de personeelsadministratie, financiële rapportages, de incidentenregistratie, de registratie van meldingen van de interne vertrouwenspersonen en Compliance Officer en de administratie van energieverbruik van Facilitair Beheer. Daarnaast zijn interviews gehouden met onder meer medewerkers van Business Development en Public Finance en is informatie aangeleverd door de afdelingen Finance & Control, Treasury & Capital Markets, Compliance, Risk Management, HR en Processing. Ten aanzien van de kwaliteit van de gegevens die in dit jaarverslag zijn opgenomen, volgen wij de GRI Standards. Gerapporteerde gegevens zijn relevant, volledig, consistent, nauwkeurig en transparant. De niet-financiële data in dit verslag hebben betrekking op het verslagjaar 2019. Waar mogelijk rapporteren we ook data en resultaten over voorgaande jaren. Op alle gegevens opgenomen in dit verslag vindt een interne en externe audit plaats.

99

AANVULLENDE INFORMATIE

UITGANGSPUNTEN VERSLAGLEGGING

Berekening CO2-emissies interne bedrijfsvoering Om onze voortgang te monitoren, rapporteren we jaarlijks de CO2-emissies van onze eigen bedrijfsvoering op basis van Scope 1, 2 en 3 van het Greenhouse Gas Protocol (zie Begrippenlijst voor definities). Wij hanteren 2010 als basisjaar voor onze CO2-emissies. Sinds dat jaar brengen wij onze CO2-emissies jaarlijks in kaart. Onze CO2-footprint wordt berekend op basis van operationele controle. Alle bedrijfsonderdelen waarover BNG Bank operationele controle heeft, zijn in deze CO2-footprint meegenomen. Tot en met 2012 hanteerden wij internationale conversiefactoren afkomstig uit het GHG-Protocol en van DEFRA en IPCC. Omdat BNG Bank in de Nederlandse markt actief is, zijn we in 2013 overgestapt van deze internationale conversiefactoren naar de in Nederland algemeen gehanteerde en geaccepteerde conversiefactoren volgens de CO2-prestatieladder. Wij maken daarop één uitzondering. Groene stroom wordt doorgerekend als klimaatneutraal (0 gram CO2/kWh). In het jaarverslag is de CO2-emissie van stadsverwarming met ingang van 2016 berekend op basis van de STEG-emissiefactor (46,2 kg/GJ) die de energieleverancier hanteert. In tegenstelling tot de CO2-prestatieladder worden zakelijke vliegtuigkilometers aan scope 3 toegerekend (conform het GHG-protocol). Met betrekking tot de berekening van de CO2-emissies hebben wij enkele aannames gedaan.

Zo is het aantal zakelijke autokilometers dat is afgelegd door medewerkers in privéauto’s niet bekend. Dit wordt gecompenseerd door een schatting van het privégebruik van leaseauto’s (10.000 km/jaar). Wij beschouwen de inherente beperkingen wat betreft nauwkeurigheid die samenhangen met de aannames als niet materieel.

Uitgangspunten en werkwijze bepaling CO2-impact kredietportefeuille. Voor de berekening van de CO2-impact is gebruik gemaakt van de methodiek zoals die door het Partnership for Carbon Accounting Financials (PCAF) is ontwikkeld. Van de asset classes die in deze methodiek worden onderscheiden zijn voor BNG Bank de volgende relevant: Sovereign Bonds, Project Finance, Commercial Real Estate en Corporate/SME Loans. Voor gemeenten is een wat aangepaste methodiek ontwikkeld die is besproken met de voorzitter van PCAF en die is opgenomen in het jaarrapport van PCAF.

Algemene principes De meting heeft plaatsgevonden conform de algemene principes van PCAF: – Waar mogelijk zijn de zeven broeikasgassen uit het Kyoto protocol in de berekening betrokken en omgerekend naar CO2-equivalent. – De absolute emissies zijn uitgedrukt in metrische tonnen CO2-equivalent (tCO2e). – De relatieve emissies zijn uitgedrukt in metrische tonnen CO2-equivalent/miljoen Euro (tCO2e/M€). – Follow the money is uitgangspunt in de CO2-impact meting van financiële assets, de financiering moet zover mogelijk in de keten worden gevolgd om de CO2-impact op de economie te begrijpen. – In principe worden Scope 1, Scope 2 en de relevante delen van Scope 3 in de berekening betrokken (zie Begrippenlijst voor definities). Wanneer daarvan wordt afgeweken dient dit te worden toegelicht.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=f62a98d8-bf14-4db0-8ace-8e6be93c076d