CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Bijlagen Buitengebied Weerdinge, trafo- en schakelstation Emmen Weerdinge

Commissie Wonen en Ruimte 11 april 2024, gemeente EmmenBij agendapunt: Bestemmingsplan Buitengebied Weerdinge, trafo- en schakelstation Emmen Weerdinge19.079 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 14 van 34

Tabel 3.4 Uitgevoerde onderzoeksronden kamsalamander en knoflookpad. Bezoek Datum Weersomstandigheden Type onderzoek (2020) 1 21 juli Droog, half bewolkt, 1 Bft, Inventarisatie individuen 16 oC 2 28 juli Droog, half bewolkt, 1 Bft, Inventarisatie individuen 15 oC 3 21 augustus Natte grond, droge lucht, Inventarisatie individuen licht bewolkt, 2 Bft, 28 oC 4 25 augustus Droog, half bewolkt, 4 Bft, Inventarisatie individuen 17 oC 5 28 augustus Droog, half bewolkt, 1 Bft, Inventarisatie individuen o 20 C

3.6

Poelkikker

De poelkikker is een typische waterkikker. De poelkikker overwintert op het land, op vorstvrije plaatsen ingegraven in de grond in bossen en struwelen. In zachte winters kan de poelkikker al half maart richting de voortplantingswateren trekken. De voortplantingsperiode loopt van eind april tot en met juli. De meest optimale methode om poelkikkers te inventariseren is op basis van kooractiviteit bij het voortplantingswater, waarbij in mei en juni in tenminste twee veldbezoeken bij gunstige weersomstandigheden (vooral ’s avonds, als het niet te koud is, maar ook overdag op warme, zonnige dagen) worden uitgevoerd. Heel goede dagen zijn dagen met regen en temperaturen vanaf 10 à 12 graden Celsius na een periode van droogte (BIJ12, 2017d). Het nader onderzoek naar de poelkikker heeft middels twee bezoeken in de periode van mei en juni plaatsgevonden. Hierbij is gelet op de aanwezigheid van kooractiviteit van deze soort (zie tabel 3.5). Tabel 3.5 Uitgevoerde onderzoeksronden kamsalamander en knoflookpad Bezoek Datum Weersomstandigheden Type onderzoek (2020) 1 13 mei Droog, licht bewolkt, 1 Bft, Kooractiviteit 14 oC 2 15 juni Droog, onbewolkt, 1 Bft, Kooractiviteit 24 oC

3.7

Vleermuizen

Het onderzoek is uitgevoerd conform de bepalingen uit het Vleermuisprotocol (versie 2017). Het vleermuisonderzoek heeft plaatsgevonden door middel van vier bezoekronden. Hiervan zijn twee ronden uitgevoerd tijdens de kraamtijd van vleermuizen. Daarnaast zijn twee bezoekronden uitgevoerd tijdens de paartijd van vleermuizen. Tegelijkertijd met het onderzoek naar verblijfplaatsen zijn ook de functie vliegroute en leefgebied onderzocht. Met behulp van een batdetector (D240x) is de aanwezigheid van kraam-, zomer- of paarverblijfplaatsen van vleermuizen in het bosgebied in beeld gebracht. Gedurende de bezoeken is de onderzoekslocatie twee uur lang onderzocht op verblijfplaatsen van boombewonende vleermuizen. Drie onderzoeksronden hebben plaatsgevonden in de avonduren, na zonsondergang. Eén ronde is uitgevoerd vanaf twee uur voor zonsopkomst. Hierbij zijn geluids- en visuele waarnemingen genoteerd en ultrasone geluiden van vleermuizen opgenomen.

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 15 van 34

Analyse van opgenomen vleermuisgeluiden heeft, waar nodig, plaatsgevonden met behulp van het programma Wavesurfer of Batsound. Hierbij is met behulp van sonogrammen het in het veld opgenomen geluid op soort gedetermineerd. Het onderzoek naar vleermuizen heeft op de volgende data plaatsgevonden: Tabel 3.6 Uitgevoerde onderzoeksronden vleermuizen Bezoek Datum Starttijd Weersomstandigheden (2020) 1 15 mei 21:20 Droog, half bewolkt, 4 Bft, 8,6-6,4 oC 2 22 juni 3:00 Droog, licht bewolkt, 1 Bft, 14 oC 3 26 augustus 21:30 Droog, licht bewolkt, 3 Bft, 16 oC 4 15 september 05:10 Droog, licht bewolkt, 0 Bft, 14 oC

3.8

Aantal veldwerkers 2

Typen verblijfplaatsen

1

Kraam- en zomerverblijfplaatsen Kraam- en zomerverblijfplaatsen Paarverblijfplaatsen

1

Paarverblijfplaatsen

2

Houtopstanden

Binnen het onderzoeksgebied worden ten behoeve van het plan houtopstanden verwijderd (zie 2.2). Er is sprake van een bij Wet beschermde houtopstand indien:  de houtopstand buiten de 'bebouwde kom Wet natuurbescherming' ligt, en  de houtopstand groter is dan 10 are (1.000 m2) of het om bomen gaat in een rijbeplanting van meer dan 20 bomen. Voor het kappen (van een deel) van een beschermde houtopstand geldt een meld- en herplantplicht. Onderzocht is of het beschermingsregime vanuit de Wet natuurbescherming geldt door na te gaan of de locatie buiten de begrenzing bebouwde kom Wet natuurbescherming ligt en of het te kappen deel voldoet aan het oppervlaktecriterium.

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 16 van 34

4. RESULTATEN In dit hoofdstuk zijn per onderzochte soort(groep) de resultaten van het veldonderzoek beschreven.

4.1

Das

Uit literatuurgegevens van Tonckens Ecologie is bekend dat er op circa 300 meter afstand ten oosten van het plangebied een dassenburcht aanwezig is (zie figuur 4.1). Tijdens het nader onderzoek zijn geen sporen aangetroffen. Buiten de mogelijke wroetsporen die tijdens de ecologische quickscan zijn waargenomen zijn er geen (recente) sporten aangetroffen die duiden op een vaste rust- en verblijfplaats van de das binnen het plangebied. Het plangebied kan mogelijk wel worden gebruikt als passage richting de nabijgelegen bosgebieden Emmerdennen en Valtherbos, ten zuiden en westen van het plangebied. Het plangebied maakt echter geen deel uit van een essentieel leefgebied van de das, aangezien er voldoende soortgelijk habitat aanwezig is in de omgeving.

Figuur 4.1. Overzichtskaart aanwezige dassenburcht ten oosten van het plangebied (bron: Tonckens Ecologie, 14 maart 2018).

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 17 van 34

4.2

Grote bosmuis

Tijdens het nader onderzoek naar de grote bosmuis is deze soort in totaal zes keer in de vallen aangetroffen. In één ronde is de grote bosmuis in vier vallen waargenomen, waarvan drie keer een vrouwelijk exemplaar en één keer een mannelijk exemplaar. In tabel 4.1. zijn de resultaten opgesomd. In figuur 4.2 zijn de valnummers en enkele foto’s weergegeven. Tabel 4.1. Resultaten nader onderzoek grote bosmuis.

Controleronde 1 (avond) 19-10-2020 20:00-21:30 8 graden, bewolkt, droog, 4 Bft

Controleronde 2 (ochtend) 20-10-2020 08:00-09:30 6 graden, bewolkt, droog, 3 Bft

Controleronde 3 (avond) 20-10-2020 20:00-21:30 7 graden, bewolkt, droog, 2 Bft

Controleronde 4 (ochtend) 21-10-2020 08:00-09:30 7 graden, bewolkt, regenachtig, 2 Bft

581 582 583 584 585 586 587 588 589 590 591 592 593 594 595 596 597 598 599 600

X X X X X X Rosse woelmuis X X X X X X X X Rosse woelmuis Bosmuis Rosse woelmuis Grote bosmuis (v) X

X X X X Bosmuis Aardmuis X Bosmuis X X X X X X X Bosmuis X Grote bosmuis (v) Bosmuis X

X X X X X Rosse woelmuis X X X Veldmuis X X X X X Rosse woelmuis X X Rosse woelmuis X

X X X X Rosse woelmuis X X Bosmuis X X Bosmuis Huisspitsmuis X X X X Grote bosmuis (v) Grote bosmuis (m) Grote bosmuis (v) Grote bosmuis (v)

Aardmuis Bosmuis Huisspitsmuis Grote bosmuis Rosse woelmuis Veldmuis

1 keer 7 keer 1 keer 6 keer 7 keer 1 keer

Datum/tijd

Weer Valnummer

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 18 van 34

599 & 600 595 & 596 591 & 592 587 & 588 597 & 598

593 & 594

583 & 584 589 & 590 585 & 586 581 & 582

Figuur 4.2 Locatie valnummers en waarnemingen grote bosmuis (rood omlijnd).

Bij het vrijlaten kon worden bekeken naar welke hol de grote bosmuizen vluchtten. Hiervan zijn twee locaties vastgesteld (zie figuur 4.3). De locatie van de aangetroffen grote bosmuizen bestaat uit dichte begroeiing van braamstruiken en boerenwormkruid. In de nabije omgeving was geringe soortgelijke begroeiing in de vorm van dichte braamstruiken aanwezig.

Figuur 4.3. Hol grote bosmuis een paar meter ten noorden van valnummers 597-598 (foto links) en ten zuiden van valnummer 599-600 (foto rechts).

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 19 van 34

4.3

Heikikker

Tijdens de eerste onderzoeksronde naar de heikikker zijn in de geplaatste emmers bij het amfibiescherm twee bruine kikkers aangetroffen en één kleine watersalamander. Bij de tweede onderzoeksronde zijn in de vijver ten noorden van het plangebied eiklompen van de bruine kikker en twee parende bruine kikkers waargenomen. Uiterlijke kenmerken van de aangetroffen bruine kikkers zijn: kleine metatarsusknobbel, rugstreep niet voorbij de ogen, tijdens paring geen blauwe huidskleur van de man en bovenlip niet sterk contrasterend. Er zijn geen kooractiviteiten van de heikikker gehoord. In onderstaande figuur 4.4 zijn enkele waarnemingen van de aangetroffen bruine kikker weergegeven.

Figuur 4.4. Waargenomen bruine kikkers.

4.4

Kamsalamander

De kamsalamander is tijdens het nader onderzoek niet vastgesteld. Bij het optillen van houtstronken zijn eveneens geen schuilende amfibieën waargenomen. Tijdens het nachtbezoek zijn meerdere groene kikkers waargenomen aan de rand van de vijver. Als aanvulling voor het poelkikker onderzoek zijn enkele groene kikkers gevangen en gedetermineerd (zie paragraaf 4.5).

4.5

Knoflookpad

De knoflookpad is tijdens het nader onderzoek niet vastgesteld. Ten tijde van het onderzoek is een gewone pad aangetroffen nabij de vijver en op de zandweg naast het plangebied (zie figuur 4.5). Binnen de onderzoekslocatie wordt na aanleiding van het nader onderzoek de aanwezigheid van de knoflookpad niet verwacht.

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 20 van 34

Figuur 4.5. Waargenomen gewone pad.

4.6

Poelkikker

In de vijver ten noorden van het plangebied is tijdens het nader onderzoek geen kooractiviteit van de poelkikker gehoord. Na de afronding van het veldonderzoek binnen het plangebied is de bekende voortplantingslocatie voor poelkikkers ten noordoosten van het plangebied bezocht. Hier is kooractiviteit van zowel de poelkikker als bastaardkikker gehoord. Er kan daardoor geconcludeerd worden dat de weeromstandigheden goed waren ten tijde van het uitgevoerde nader onderzoek en dat de vijver te noorden van het plangebied geen voortplantingsbiotoop van poelkikker betreft.

Figuur 4.6 Locatie aanwezige kooractiviteit poelkikker (oranje omlijnd).

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 21 van 34

Tijdens het veldwerk in de nacht voor het nader onderzoek naar de kamsalamander en knoflookpad konden de aanwezige groene kikkers bij de rand van de vijver worden gevangen en gedetermineerd. Aan de hand van de metatarsusknobbel, lengte scheenbeen in verhouding met kop-romp lengte, afstand metatarsusknobbel tot 1e teen en de strekproef is drie keer de bastaardkikker gedetermineerd. Enkele groene kikkers zijn ontsnapt in het water en konden daardoor niet gedetermineerd worden. Het gedrag dat de groene kikkers voornamelijk aan de rand van de vijver bevonden, kan te maken hebben met het verschil in foerageergedrag tussen de poelkikker en bastaardkikker. De bastaardkikker eet relatief meer ‘landprooien’ dan waterprooien. Macrofauna zoals bijvoorbeeld libellenlarven worden pas gegeten, zodra deze aan land komen (Ravon).

4.7

Vleermuizen

Verblijfplaatsen Binnen de onderzoekslocatie zijn tijdens het nader onderzoek waarnemingen van de gewone dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis, ruige dwergvleermuis en watervleermuis vastgesteld die betrekking hebben tot de bomen binnen de onderzoekslocatie. Van de gewone dwergvleermuis zijn meerdere foeragerende exemplaren waargenomen aan de bosrand ten zuiden en oosten van de onderzoekslocatie. Binnen de onderzoekslocatie zijn zomerverblijfplaatsen van de gewone grootoorvleermuis, ruige dwergvleermuis en watervleermuis aangetroffen. De locaties van de bomen met holtes waar deze verblijfplaatsen bevinden (nummer 1 en 2) zijn weergegeven in figuur 4.7. Bij de onderzoeksrondes in de paarperiode, in augustus en september, zijn twee tot drie baltsende gewone dwergvleermuizen waargenomen rondom de holtes nummer 1 tot en met 5 en ten zuidoosten van het plangebied. De gewone dwergvleermuis stoot tijdens het vliegen sociale geluiden uit, en roept niet vanaf één plek. Hierdoor is het lastig de exacte locatie van de paarverblijfplaats aan te wijzen. Er wordt, gezien de waarnemingen, uitgegaan van één paarverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis in een van de holtes 1 tot en met 5.

HOLTE 1

HOLTE 2

HOLTE 3

HOLTE 4 EN 5

Binnen het te kappen gebied zijn in holte 6 en 7 geen aanwijzingen gedaan dat vleermuizen binding hebben met deze boomholtes.

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

Pagina 22 van 34

Figuur 4.7 Locatie aanwezige boomholtes (stip) en aanwezige verblijfplaatsen (blauwe stip).

De bomen waar de verblijfplaatsen bevinden vallen buiten de kapgrens. Tussen de kapgrens en de aanwezige verblijfplaatsen betreft de afstand circa 7,5 meter. Tabel 4.2 Veldbezoeken en waarnemingen vleermuizen Bezoek Locatie Vleermuissoort Aantal 1 Centrum bos perk Watervleermuis, 3 Gewone grootoorvleermuis en Ruige dwergvleermuis Bomenrij ten Gewone 2-3 oosten van dwergvleermuis gebouw en bos 2 Bomenrij ten Gewone 2-3 oosten van dwergvleermuis gebouw en bos 3 Gravenveldweg Gewone 2-3 dwergvleermuis 4 Geen relevante n.v.t. n.v.t. waarnemingen binnen het plangebied

Functie Zomerverblijf

Invliegopening Boomholte 1 en 2

Vliegroute en foerageergebied

n.v.t.

Vliegroute en foerageergebied

n.v.t.

Paarterritorium

Holte 1 - 5

n.v.t.

n.v.t.

Foerageergebied De bosrand ten zuiden en oosten van het plangebied wordt gebruikt om te foerageren door de gewone dwergvleermuis. Omdat niet alle bomen gekapt zullen worden, blijft een groot deel van het foerageergebied behouden. Bovendien is in de directe omgeving voldoende soortgelijk habitat aanwezig in de vorm van bosranden, waterplassen en tuinen. Ook de vijver ten noorden van het plangebied trekt veel insecten aan, waardoor vleermuizen worden aangetrokken. Het te kappen deel betreft zodoende geen essentieel foerageergebied.

Nader onderzoek das, grote bosmuis, heikikker, kamsalamander, knoflookpad, poelkikker, vleermuizen en houtopstanden t.p.v. Gravenveldweg te Emmen (kenmerk: 200161)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=53825e06-f7e0-4e6a-9d7f-dcbfd1dbb36d