CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2-Nota van Participatie Omgevingsvisie Emmen 2040

Informatiebijeenkomst 8 december 2025, gemeente Emmen11.706 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Omgevingsvisie gemeente Emmen: ‘Mijn Emmen voor Morgen’ Nota van Participatie versie juli 2025 Participatie vormt een onlosmakelijk onderdeel van een goede omgevingsvisie. De omgevingsvisie heeft betrekking op de omgeving die wij - inwoners, ondernemers, bezoekers - allen gebruiken. De keuzes die we maken in de omgevingsvisie zijn bepalend voor het Emmen van morgen. Om tot een gedragen omgevingsvisie te komen, vinden we het als gemeente belangrijk om de verschillende gebruikers van deze leefomgeving goed te betrekken bij het maken van de omgevingsvisie Emmen 2040. Om verschillende doelgroepen (inwoners, bedrijven, maatschappelijke partners, de interne organisatie en gemeenteraad) op gepaste wijze te betrekken in de totstandkoming, is gekozen voor een participatietraject bestaande uit een diversiteit aan (online en offline) middelen. Zo hebben we een digitale enquête uitgezet, op diverse plekken in de gemeente straatgesprekken gevoerd, verschillende bijeenkomsten met maatschappelijke (keten)partners gehouden en is voor de jongere generatie een Swipocratie peiling en een creatieve opdracht uitgezet. In deze Nota van Participatie is te lezen wat er (in hoofdlijnen) uit die participatiemomenten is gekomen, inclusief een korte beschrijving van wat er met de opbrengst is gebeurd.

Deze Nota van Participatie focust zich op de participatiemiddelen die zijn ingezet richting externe partijen: inwoners, ondernemers en belangenorganisaties, maar ook maatschappelijke (keten)partners. Naast deze partijen zijn uiteraard ook interne doelgroepen, zoals de interne organisatie/teams, het CMT, het college en de gemeenteraad meermaals betrokken bij het opstellen van de omgevingsvisie. Zo organiseerden we verschillende werkateliers voor (interne) vakprofessionals, praatten we bij lunchbijeenkomsten onze collega’s bij, namen raadsleden in november 2024 deel aan een bustour door de gemeente en zijn tussenproducten besproken in discussie momenten met de raad en het college.

1 van 39

STAP 1: KWALITEITEN, WENSEN, DROMEN EN OPGAVEN Digitale enquête

Sfeerimpressie rapportage ‘Mijn Emmen van Morgen’ - uitkomsten omgevingsvisie

Voor de ontwikkeling van de omgevingsvisie gemeente Emmen 2040, hebben we in de eerste participatieronde een digitale enquête uitgezet in de samenleving. In de enquête zijn inwoners, ondernemers en belangenorganisaties bevraagd op wat ze belangrijke waarden van de gemeente Emmen vinden en welke kwaliteiten de gemeente in de toekomst moet behouden of benutten. We hebben aan de hand van thematische stellingen ervaringen, meningen, wensen en ideeën opgehaald. Ook werden deelnemers bevraagd wat zij als belangrijkste opgaven voor de gemeente zien en welke dromen zij hebben voor de toekomst. Tussen 10 september en 6 oktober 2024 vulden 551 deelnemers de digitale enquête in. Om de representativiteit te borgen is een brede groep inwoners benaderd om mee te doen aan de enquête. Via een bericht op de gemeentelijke website en social media posts op Facebook, Instagram en LinkedIn werden inwoners, ondernemers, de EOP’s, het klantenpanel en belangenorganisaties uitgenodigd om deel te nemen aan de enquête. Ook hebben verschillende EOP’s de enquête via hun online en offline kanalen onder de aandacht gebracht. De opbrengsten van de enquête zijn gebundeld in een rapportage waarin de resultaten van het onderzoek worden beschreven in tekst en beelden. In deze Nota van Participatie worden de opbrengsten op hoofdlijnen samengevat in onderstaande tabel.

2 van 39

Hoofdlijnen opbrengsten enquête DNA van de gemeente Emmen

Deelnemers beschrijven de gemeente Emmen anno 2024 voornamelijk met de woorden “rustig”, “ruimte”, “groen” en “natuur”. Ook woorden zoals “veilig” en “gezellig” worden door veel respondenten toegekend aan de gemeente. Er worden overwegend positieve bewoordingen gebruikt om de leefomgeving te beschrijven. Een enkeling kenmerkt de gemeente met beschrijvingen zoals “slecht onderhouden” of “saai”. Mooie en kenmerkende plekken

3 van 39

Het DNA van de gemeente Emmen kent ook een ruimtelijke component. In de enquête hebben respondenten verschillende plekken in de gemeente benoemd die zij herkenbaar en/of mooi vinden. Vaak genoemde plekken zijn het Bargerveen, Wildlands, het Raadhuisplein en het Rensenpark. Sommige respondenten hebben ook een eigen gemaakte foto gedeeld van plekken in de gemeente die zij waarderen. Deze ingestuurde foto’s worden, met toestemming van de inzenders, gebruikt in het traject van de omgevingsvisie. Punten ter verbetering

Op verschillende plekken in de gemeente worden ook kansen voor verbetering gezien. Onderwerpen die meermaals genoemd worden, zijn het stationsgebied van Emmen, leegstaande panden in Emmen en in enkele dorpscentra en verouderde industrieterreinen. Andere, meer algemene punten, die meegegeven worden zijn verkeersveiligheid, het tegengaan van overlast en uitstraling van de openbare ruimte. Belangrijkste opgaven

4 van 39

Deelnemers geven aan dat ze veel verschillende opgaven urgent en belangrijk vinden voor de gemeente Emmen wanneer ze vooruitblikken naar 2040. Om een beeld te krijgen van de meest urgente opgaven, is hen vervolgens de vraag gesteld om uit verschillende thema’s drie opgaven te kiezen waarvan zij vinden dat deze de komende 10 tot 20 jaar prioriteit verdienen. Voldoende woningen werd door de meeste respondenten opgenomen in hun top drie. Ook de thema’s gezonde leefomgeving, aanwezigheid en nabijheid van voorzieningen, mobiliteit en bereikbaarheid en veilige leefomgeving werden door veel deelnemers ingebracht. Dromen over de toekomst

De dromen van deelnemers zijn veelzijdig. Ondanks een wijde variëteit aan antwoorden, is er wel

5 van 39

een rode draad te ontdekken: veel respondenten benoemen de wens dat Emmen zich ook in 2040 nog kenmerkt als een groene, aantrekkelijke gemeente. Respondenten zien over het algemeen de gewenste leefomgeving in 2040 voor zich als een leefomgeving die veilig en duurzaam is, met voldoende werkgelegenheid en waar aandacht is voor de buitendorpen. Over de nadere invulling hiervan verschillen de meningen. Stellingen over de omgeving | thema wonen en leven

Bij het beantwoorden van de stellingen hadden respondenten de mogelijkheid om een toelichting op hun antwoorden te geven. In deze toelichting gaven verschillende deelnemers aan dat het gebrek aan geschikte woningen vaak te maken heeft met een tekort aan betaalbare woningen. Ook is er behoefte aan meer levensloopbestendige woningen die doorstroming mogelijk maken. In sommige dorpen en wijken missen bewoners voorzieningen en ontmoetingsplekken. De culturele initiatieven in Emmen worden gewaardeerd, maar er is vraag naar meer variatie aan activiteiten en voorzieningen, zoals musea. Daarnaast zijn er zorgen over verkeersveiligheid, geluidsoverlast en geuroverlast in bepaalde gebieden. Het centrum wordt 's avonds als onveilig ervaren door de aanwezigheid van daklozen en hangjongeren. Stellingen over de omgeving | thema economie

6 van 39

In de toelichting op de gegeven antwoorden komt naar voren dat enkele deelnemersgemengde gevoelens hebben over de locatie van bedrijvigheid: sommigen willen zware industrie op afstand van woonwijken, terwijl anderen spreiding juist belangrijk vinden voor werkgelegenheid en leefbaarheid. Hergebruik van bestaande werklocaties, zoals bedrijventerreinen en winkelcentra, heeft de voorkeur boven nieuwe locaties. Nieuwe bedrijven moeten volgens de meeste respondenten vooral banen opleveren. Ook zien enkele deelnemers kansen om met bedrijven hoger opgeleiden uit de regio aan te trekken. Investeren in groei, innovatie en verduurzaming van bestaande bedrijven wordt ook als kansrijk gezien. Het landschap en de natuur bieden mogelijkheden voor recreatie en toerisme, maar respondenten waarschuwen dat dit niet ten koste mag gaan van de leefbaarheid en natuur. Stellingen over de omgeving | thema groen, landschap en natuur

7 van 39

Deelnemers zien kansen voor nieuwbouw binnen dorpen en buurten, waarbij bestaande gebouwen hergebruikt kunnen worden. Woningbouw mag volgens de meerderheid niet ten koste gaan van waardevol groen. Energievoorzieningen moeten goed landschappelijk worden ingepast en enkele toelichtende antwoorden van respondenten wijzen op weinig draagvlak voor extra windmolens of zonnevelden. Over het algemeen vindt men dat er voldoende natuur is, maar meer groen in wijken en dorpen is welkom, mits goed onderhouden. De uitstraling van de openbare ruimte is wisselend: positief, maar op sommige plekken zijn er klachten over achterstallig onderhoud en zwerfafval. De mogelijkheden om te bewegen worden voldoende bevonden, maar er zijn suggesties voor een diverser aanbod bij binnensportlocaties, beter onderhoud van wandelpaden en extra sporttoestellen in de openbare ruimte. Stellingen over de omgeving | thema mobiliteit

8 van 39

Deelnemers vinden over het algemeen dat voorzieningen in hun eigen dorp of wijk goed te bereiken zijn, maar pleiten in de toelichting op hun antwoorden wel voor beter onderhoud van wandel- en fietspaden en de aanleg van nieuwe paden waar die ontbreken. Verkeersoverlast wordt vooral in verband gebracht met te hard rijden in woonwijken, sluipverkeer en gevaarlijke kruispunten. Aangepaste inrichting van wegen en handhaving worden als mogelijke oplossingen gezien. Het plaatsen van voorzieningen bij stations ziet men als positief, maar de bereikbaarheid van bestaande voorzieningen per bus moet gewaarborgd blijven. Een autovrije schoolomgeving wordt overwegend als wenselijk gezien, maar vereist wel gedragsverandering. Over het aanmoedigen van elektrisch rijden zijn de meningen verdeeld. Sommigen zien dit niet als taak van de gemeente, terwijl anderen vinden dat de gemeente moet zorgen voor voldoende laadinfrastructuur.

9 van 39

STAP 2: TOEKOMSTSCENARIO’S Met een combinatie van fysieke en online mogelijkheden is voor de tweede participatieronde ‘Mijn Emmen van Morgen’ een breed publiek van inwoners, ondernemers, belangenorganisaties, collega’s en de gemeenteraad benaderd om mee te denken. De boodschap die werd meegegeven: we hebben veel ambities, maar niet alles kan overal. Dit vraagt ons om keuzes te maken voor de inrichting van de omgeving. Om het gesprek over keuzemogelijkheden en bijbehorende gevolgen te voeren, werden drie fictieve toekomstscenario’s als gespreksstarter ingezet. Elk toekomstscenario, bestaande uit een kaartbeeld, toelichtende tekst en sfeerbeelden, schetste een voorstelbare toekomst voor de gemeente Emmen in 2040. Deelnemers werden gevraagd hierop te reageren en hun zorgen, wensen en ideeën mee te geven.

Werkatelier maatschappelijke (keten)partners (28 november 2024 + 16 januari 2025) + Bijeenkomst EOP’s (27 januari 2025)

Sfeerimpressie werkatelier maatschappelijke (keten)partners

Op 28 november 2024 vond in het Atlas Theater in Emmen het eerste werkatelier met maatschappelijke (keten)partners plaats. Hiervoor is een zeer brede groep organisaties uitgenodigd. Een groep van circa 20 aanwezige (keten)partners (waaronder woningcorporaties, ondernemersverenigingen, maatschappelijke organisaties en belangenorganisaties op het gebied van o.a. landbouw, glastuinbouw, natuur en milieu, de provincie Drenthe, het Waterschap en de Veiligheidsregio Drenthe) gingen tijdens deze bijeenkomst met elkaar en medewerkers van de gemeente in gesprek over drie toekomstscenario’s voor de gemeente Emmen. De aanwezigheid vanuit diverse disciplines zorgde voor waardevolle input, thematisch en integraal.

10 van 39

Op 16 januari 2025 werd een aanvullend werkatelier met maatschappelijke (keten)partners georganiseerd voor partijen die op 28 november niet aanwezig konden zijn. Deelnemers van dit aanvullende werkatelier waren Enexis, Tennet, Natuur en Milieu Federatie, Ondernemend Emmen en Koninklijke Horeca Nederland afdeling Emmen. Op maandagavond 27 januari 2025 waren de Erkende overlegpartners (35 EOP’s) uitgenodigd om met de gemeente in gesprek te gaan aan de hand van de drie toekomstscenario’s voor de leefomgeving van 2040. In totaal waren er 12 EOP’s aanwezig tijdens de bijeenkomst, waarbij de samenstelling bestond uit een vertegenwoordiging van zowel dorpen als enkele wijken van Emmen. De uitkomsten van deze werkateliers en de bijeenkomst met de EOP’s (zie tabel hieronder) vormen bouwstenen en strategische keuzes en zijn als advies meegenomen bij het opstellen van de hoofdlijnennotitie. Daarbij zijn de uitkomsten afgewogen tegen de input uit de andere gesprekken en de digitale peiling.

Hoofdlijnen opbrengsten werkateliers maatschappelijke (keten)partners en bijeenkomst EOP’s Scenario 1 - Autonoom De focus die dit scenario legt op het voorzien in de lokale woonbehoefte met woningbouwontwikkelingen in de stad én in de grotere dorpen wordt herkend. Het toevoegen van woningen wordt benoemd als mogelijke bijdrage aan het behoud van voorzieningen. Aanwezigen zien met name een noodzaak voor het ontwikkelen van woonruimten voor kleinere huishoudens, met daarbij een focus op zowel jongeren als senioren. Het ontwikkelen van levensloopbestendige woningen moet volgens hen het uitgangspunt zijn bij nieuwbouw. Ook wordt betaalbaarheid van de woningen meegegeven als belangrijk thema. Wanneer het gaat over het type woning dat inwoners zoeken, wordt meegegeven dat men niet ‘te klein’ wil wonen. Deelnemers geven aan dat veel inwoners gehecht zijn aan aspecten zoals ruimte en een eigen tuin. Doorstroming heeft volgens enkelen de meeste kans, wanneer ingezet wordt op het ontwikkelen van woningen dichtbij voorzieningen zoals een winkel of zorgpunt. In lijn met voorgaande, vinden deelnemers van de bijeenkomsten het een goede keuze om te focussen op het versterken van de voorzieningen in de grotere dorpen. Als het mogelijk is ziet men graag dat voorzieningen zoals basisscholen en sportverenigingen in alle dorpen zo veel mogelijk behouden blijven.

Er wordt echter ook begrepen dat dit een uitdaging is, omdat in sommige dorpen het (financiële) draagvlak voor het in stand houden van voorzieningen momenteel al te klein is. Ook op het gebied van horeca speelt dit: men vindt het een goed streven om lokale horecagelegenheden in stand te houden, maar geeft aan ook afhankelijk te zijn van de

11 van 39

markt. Deelnemers zien in de toekomst kansen om na te denken over slimme combinaties van voorzieningen (multifunctioneel gebruik) zoals zorghubs of een scholencluster, maar ook het combineren van functies zoals sport, onderwijs, welzijn en zorg. Ook mobiele voorzieningen zoals een bibliotheekbus worden als optie aangehaald. Hier zien aanwezigen een opgave om lokaal initiatief uit de samenleving te benutten, maar als gemeente wel regie te pakken wanneer het aanwezigheid van essentiële voorzieningen betreft. Spreiding van werkgelegenheid op de verschillende kleinere bedrijventerreinen in de gemeente wordt door enkele deelnemers onderschreven. Naast lokale werkgelegenheid leveren veel bedrijven op de lokale bedrijventerreinen volgens deze aanwezigen ook een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid van dorpen, bijvoorbeeld door bij te dragen aan het maatschappelijke leven in het dorp, zoals sponsoring van verenigingen. Een ander onderwerp dat in dit scenario aan bod komt, was het toekomstperspectief voor de glastuinbouw. Voor het glastuinbouwcluster bij Erica werd verduurzaming door middel van innovatie onderstreept. Ook benoemden deelnemers mogelijkheden om glastuinbouw te combineren met andere functies. Voor het glastuinbouwcluster in Klazienaveen worden het toekomstperspectief en verduurzamingsmogelijkheden in samenwerking met tuinders verkend.

Scenario 2 - Dynamisch Uit het tweede scenario konden meerdere deelnemers zich vinden in het voornemen om te investeren in een sterke (high tech) maakindustrie. Volgens aanwezigen liggen hier kansen om meer arbeidsplaatsen binnen de gemeente te creëren, en daarmee ook kennis (bijvoorbeeld theoretisch geschoolden) aan te trekken. Werkgelegenheid wordt gezien als een belangrijke factor voor het terugkeren van jongeren en jonge gezinnen die eerder voor hun opleiding uit Emmen verhuisden. Ook een grotere diversiteit aan opleidingen binnen de gemeente, zodat jongeren niet hoeven te verhuizen voor hun opleiding, werd als kansrijk benoemd. Tegelijkertijd vinden deelnemers ook dat andere factoren een belangrijke rol spelen in de aantrekkelijkheid van de gemeente. Er worden kansen gezien om te investeren in een combinatie van het juiste werk, (relatief) betaalbare woningen, de groene omgeving en een sterk en kwalitatief hoogwaardig voorzieningenaanbod in kern Emmen. Tevens is gesproken over de mogelijkheden en beperkingen van ‘verstedelijking’. Een groei in aantal woningen en bedrijven, zorgt ook voor meer druk op de ruimte en de ondergrond (kabels, leidingen, etc.). Ook werd hierbij genoemd dat de beschikbaarheid van energie bepalend is voor de vestigingsmogelijkheden van bedrijven en de ontwikkeling van nieuwe woonbuurten.

De focus op woningbouw in kern Emmen en rondom de stations werd door enkele stakeholders gezien als

12 van 39

logische keuze, vooral met het oog op de ontwikkeling van een trafostation nabij Nieuw-Amsterdam/Veenoord. Qua de vestiging van bestaande en nieuwe bedrijvigheid zag men veel mogelijkheden in de clustering van industrie op Bargermeer en op terreinen dicht bij de A37. Vanuit verschillende EOP’s werd clustering op enkele thema’s begrepen, maar werd ook duidelijk aangegeven dat men op het gebied van woningbouw en voorzieningen - bij het volgen van dit scenario - vreest voor een afname van leefbaarheid in de dorpen. Binnen het thema landbouw en tuinbouw is gesproken over de mogelijkheden voor verduurzaming. Aanwezigen van de ateliers zagen kansen in het maken van verbindingen tussen de land- en tuinbouwsector en andere bedrijvigheid, bijvoorbeeld in het benutten van restwarmte. Ook werd opgeroepen om in samenwerking met de sectoren te kijken naar verbreding van activiteiten, zoals ruimte bieden voor wateropvang op het erf of het plaatsen van bassins bij kassen. Scenario 3 - Beleefbaar De focus die dit derde scenario legt op de landschappelijke en groene kwaliteiten wordt door het merendeel van de deelnemers herkend en gewaardeerd. Men ziet mogelijkheden om voort te bouwen op het imago van een groene gemeente met veel ruimte voor natuurbeleving, rust en recreatiemogelijkheden dichtbij. Daarbij kan Wildlands - in relatie hiermee - volgens deelnemers een nog prominentere rol spelen.

Tegelijkertijd worden er ook kanttekeningen meegegeven over deze inzet op toerisme. Zo wil men ‘vermarkting’ van het landschap tegengaan omdat dit kan afdoen aan de leefbaarheid. Daarnaast zetten deelnemers vraagtekens bij de economische haalbaarheid van dit scenario, bijvoorbeeld op het gebied van het genereren van voldoende werkgelegenheid. Naast recreatie is er volgens aanwezigen ook aandacht nodig voor andere functies in het landelijk gebied, zoals natuurontwikkeling, klimaatadaptatie en landbouw. Deelnemers geven aan dat het veranderende klimaat vraagt om landschappelijke ingrepen, bijvoorbeeld in het creëren van ruimte voor waterberging en vernatting. Enkele deelnemers uitten hun twijfels over de voorgestelde richting die dit scenario beschrijft voor de agrarische sector. Zo wil men zeker stappen zetten naar meer duurzame, natuurinclusieve vormen van landbouw, maar vraagt dit volgens hen wel om extra aandacht voor het behoud van een rendabele bedrijfsvoering. Wanneer het gaat over vrijkomende bebouwing en erven, dan staan deelnemers in principe positief tegenover transformatie naar woningen of recreatie. Deelnemers zien ook mogelijkheden om op verouderde bedrijventerreinen binnen de gemeente op zoek te gaan naar kansen voor woningbouw (in combinatie met publieksvriendelijke

13 van 39

bedrijvigheid). Wel wordt daarbij aandacht gevraagd voor het behoud van werkgelegenheid. Enkele deelnemers vragen zich af of dit scenario voldoende aantrekkingskracht heeft voor werkzoekenden. Het is volgens enkele deelnemers mooi als er met bijzondere woonmilieus doelgroepen van buiten de gemeente aangetrokken worden, maar het liefst zien zij deze groep dan ook binnen de gemeente werken. Tot slot geven andere deelnemers ook aan dat zij het idee van bijzondere woonmilieus in het groen niet vinden passen bij de behoeften van lokale woningzoekenden.

14 van 39

Straatgesprekken

Sfeerimpressie straatgesprekken

In de tweede week van januari (2025) vonden op diverse momenten en locaties straatgesprekken plaats. Het doel van deze gesprekken was om een brede groep aan mensen fysiek te bereiken en om kwalitatieve input op te halen voor de omgevingsvisie. Met de drie toekomstscenario’s als gespreksmiddel gepresenteerd op schilderezels gingen medewerkers van de gemeente en medewerkers van RUIMTEVOLK op verschillende plekken de straat op om met inwoners het gesprek te voeren over de mogelijke toekomstrichtingen. Tijdens de straatgesprekken werd deelnemers gevraagd welke onderdelen van de scenario’s hen aanspreken en welke niet. Deze gesprekken lenen zich ook om door te vragen waarom mensen iets vinden. De gesprekken zijn gevoerd op diverse plekken binnen de gemeente, namelijk in Schoonebeek, Nieuw-Amsterdam/Veenoord, Emmer-Compascuum, Klazienaveen, Emmen-centrum en de wijken Rietlanden en Emmermeer. In totaal is er gesproken met circa 300 inwoners, variërend in leeftijd, geslacht en woonplaats. De gesprekken waren over het algemeen zeer constructief van aard. In de volgende tabel is op hoofdlijnen de meegegeven input op de toekomstbeelden samengevat.

Hoofdlijnen opbrengsten straatgesprekken Scenario 1 - Autonoom De keuzes die in dit scenario voorgesteld worden, dragen volgens verschillende deelnemers bij aan het behoud van leefbaarheid en gemeenschapszin in dorpen en wijken. Veel inwoners zijn blij met de voorzieningen die hun dorp of wijk nu biedt. Voorzieningen zoals ontmoetingsplekken (voor jong én oud), huisartsen, sportmogelijkheden en (basis)onderwijs worden gekoesterd. Hoewel er redelijk wat overeenstemming is over de wens om voorzieningen dichtbij te hebben,

15 van 39

beseffen verschillende inwoners ook dat het lastig en misschien niet realistisch is om alles in stand te houden. Men geeft aan te begrijpen dat behoud van voorzieningen ook om voldoende draagkracht vanuit de samenleving vraagt, bijvoorbeeld op het gebied van vrijwilligerswerk. Het idee om de voorzieningen in Klazienaveen, Emmer-Compascuum en Nieuw-Amsterdam Veenoord te versterken, kan op veel steun rekenen. Volgens deelnemers biedt dit een goede balans tussen slim clusteren en nabijheid vanuit de verschillende plekken in de gemeente. Wel wordt in enkele gesprekken de vraag gesteld of Schoonebeek niet ook in dit rijtje thuis hoort, omdat de voorzieningen in het dorp nu al veel gebruikt worden door mensen van binnen én buiten het dorp. Ook de focus op woningbouw in de grotere dorpen spreekt aan. Vooral woningen voor jongeren en senioren zijn belangrijk. Inwoners vinden het belangrijk dat jongeren in de buurt kunnen blijven wonen en dat ouderen prettig kunnen blijven leven in hun vertrouwde omgeving. Daarbij noemden meerdere inwoners in lijn met dit scenario kansen te zien voor collectieve woonvormen, zoals ‘hofjeswonen’. Tot slot werd ook een behoefte aan meer sociale huurwoningen, zowel in de wijken van Emmen als in de dorpen, duidelijk gemaakt.

De keuze die dit scenario maakt om zo zorgvuldig mogelijk om te gaan met karakteristieken van wijken en dorpen, sprak verschillende mensen dan ook aan. Inwoners van verschillende dorpen geven het dorpse karakter en het naoberschap te waarderen. Ook in de wijken kwam deze trots in enkele plekken terug. Daarbij werd de trots zowel gerelateerd aan de cultuur en sociale samenhang in de wijk, als aan ruimtelijke kenmerken zoals openheid en een groen karakter. Tot slot uitten enkele deelnemers ook twijfels of zorgen over dit scenario. Sommige inwoners vragen zich af of de voorgestelde plannen ambitieus genoeg zijn, bijvoorbeeld op het gebied van de energietransitie en het veranderende klimaat. Zoals een deelnemer zich hardop afvroeg: “Als we van alles een klein beetje willen doen, doen we dan wel genoeg?” Scenario 2 - Dynamisch In het tweede scenario wordt sterk ingezet op werkgelegenheid en een sterke regionale positie van gemeente Emmen. De meeste inwoners staan achter het idee om de werkgelegenheid te vergroten en de positie van Emmen in de regio te versterken. Vaak geven ze daarbij aan dit te zien als een kans voor jongeren om in de gemeente te blijven wonen en werken. Volgens verschillende deelnemers biedt het scenario mogelijkheden om de aantrekkingskracht van Emmen te vergroten voor jongeren en jongvolwassenen.

Goed onderwijs, voldoende banen en aantrekkelijke voorzieningen zijn volgens hen essentieel om jongeren te behouden en terug te laten keren naar

16 van 39

Emmen. De aanwezigheid van voldoende geschikte woonruimte voor deze doelgroepen wordt daarbij meermaals als randvoorwaarde aangehaald. De meningen over de voorgestelde groei van Emmen zijn verdeeld. In sommige straatgesprekken gaf men positief tegenover een groei te staan, mits dit ook voordelen oplevert voor de huidige inwoners. Daarbij spreekt het deelnemers bijvoorbeeld aan dat groei van het aantal inwoners kan bijdragen aan het behouden of versterken van het huidige voorzieningenaanbod, zoals het ziekenhuis of het cultuuraanbod. Zoals een inwoner het verwoordde: “De gemeente heeft een sterk en dynamisch hart nodig, waarvan de omgeving kan meeprofiteren”. Meermaals wordt meegegeven dat dit ook vraagt om een aantrekkelijk centrum Emmen, met minder leegstand en voldoende parkeermogelijkheden. Tegelijkertijd is er ook een relatief grote groep deelnemers die aangeeft clustering van woningbouw en voorzieningen in kern Emmen niet te ondersteunen. Ze vrezen dat dit ten koste gaat van de leefbaarheid in de dorpen en de kloof tussen de kern Emmen en de rest van de gemeente vergroot. Deelnemers zien graag dat er ook ruimte blijft voor investeringen in de dorpen, zodat men ook daar in dagelijkse behoeften kan worden voorzien. De inzet op goede OV-bereikbaarheid tussen de dorpen en de kern Emmen wordt wel breed gesteund.

Veel mensen geven aan nu weinig gebruik te maken van het OV, maar dit wel te overwegen als er vanuit de dorpen meer of betere opstappunten voor de bus zijn. Het clusteren van bedrijven binnen de gemeente kan bij sommigen op begrip rekenen, bijvoorbeeld vanuit logistiek oogpunt. Wel wordt meermaals geadviseerd om eerst te kijken naar ruimte binnen bestaande terreinen (bijvoorbeeld met herstructurering), voordat er gekozen wordt voor uitbreiding. Andere inwoners kunnen zich juist minder vinden in het voorstel uit dit scenario om bedrijvigheid voornamelijk bij elkaar te plaatsen op het bestaande bedrijventerrein Bargermeer. Zo zetten inwoners vraagtekens bij de impact die dit zou kunnen hebben op gezondheid en overlast. Ook wordt door sommigen aangegeven dat zij het belangrijk vinden dat er in de dorpen nog ruimte voor bedrijvigheid overblijft. Over het zoeken naar ruimte voor woningen binnen bestaand verstedelijkt gebied zijn de meningen verdeeld, vooral wanneer er wordt gesproken over vaker de hoogte in bouwen. Enerzijds ziet men dit als een goede en duurzame oplossing met minder ruimtegebruik, anderzijds zijn er ook deelnemers die aangeven dat hoogbouw volgens hen niet past bij het karakter van de gemeente.

Tot slot wordt in enkele gesprekken gesuggereerd om nieuwbouw te combineren met investeringen in de omgeving, zoals verduurzaming van bestaande woningen en verbetering van de openbare ruimte.

17 van 39

Scenario 3 - Beleefbaar Het derde scenario legt een focus op het bewaken en doorontwikkelen van de kernkwaliteiten van Emmen als open, groene gemeente. Veel inwoners herkennen zich in dit beeld en vinden het belangrijk dat deze kwaliteiten bestaan blijven. Hoewel volgens veel deelnemers het groen nooit ver weg is in de gemeente Emmen, worden er ook verbeterpunten gezien. Vergroening van centra, woonwijken en bedrijventerreinen kan volgens deelnemers de leefbaarheid vergroten. Ook is dit volgens enkele deelnemers mooi te combineren met het investeren in speel- of ontmoetingsmogelijkheden in de buitenlucht. Een enkele deelnemer noemt daarbij het belangrijk te vinden dat het ‘groen’ ook een toegevoegde waarde heeft voor biodiversiteit. Het idee om woningen te bouwen bij voorzieningen en OV-knooppunten kan op veel steun rekenen. Ook het benutten van bestaande gebouwen voor nieuwe woningen (zoals transformatie, woningsplitsing of erfdelen) spreekt veel mensen aan. Het voorstel uit dit scenario voor bijzondere, natuurinclusieve woonbuurten op uitbreidingslocaties en/of op vrijkomende boerenerven spreekt niet iedereen aan. Sommige mensen vrezen dat dit ten koste gaat van landschappelijke kwaliteit, en zoeken liever eerst ruimte voor woningbouw binnen de bestaande stad- en dorpsgrenzen.

Ook wordt er door sommigen getwijfeld of dit type woonomgeving aansluit bij de behoeften van woningzoekenden uit de gemeente. Zo verwachten enkele deelnemers dat dit soort woningen eerder mensen van buiten de gemeente trekt. Investeren in de beleving van het landschap sprak het merendeel van de mensen aan. Uit meerdere gesprekken kwam naar voren dat inwoners kansen zagen om meer mogelijkheden te bieden voor recreatie en toerisme. Enerzijds werd daarbij geredeneerd vanuit eigen gebruik: veel mensen zien voordelen in het verder ontwikkelen van veilige, doorlopende fiets- en wandelroutes die vanuit de woonplaats makkelijk te bereiken zijn. Tegelijkertijd wees men er ook op dat het toevoegen van overnachtingsplekken en activiteiten voor bezoekers een mooie inkomstenbron kan zijn. Een conclusie van een inwoner die door meerdere deelnemers onderschreven werd: “We zijn trots op deze regio en mogen dat meer uitdragen. Natuur, rust en ruimte moeten we delen met toeristen.” Wel noemen meerdere deelnemers het belangrijk te vinden dat toerisme niet ten koste gaat van de leefbaarheid van dorpen en wijken of van kwetsbare natuur. De inzet op meer autoluwe gebieden uit dit scenario roept gemengde reacties op. Een ruim deel van de inwoners geeft aan dat ze deze keuze eventueel voor het centrumgebied van kern Emmen wel snappen, maar dat het in de rest van de gemeente minder voor de hand ligt.

Veel mensen geven aan voor hun werk of voor zaken zoals boodschappen toch vaak de auto te pakken. Ook de huidige mogelijkheden voor parkeren (dichtbij de woning of bij voorzieningen) wordt door hen gewaardeerd.

18 van 39

Wanneer er wordt gesproken over het landelijk gebied, dan geven enkele deelnemers aan voorstander te zijn van het zoeken naar vormen van meer natuurinclusieve landbouw. Ook zien zij kansen voor het kiezen voor andere invullingen van boerderijen en boerenerven, als die behoefte er is. Overige opmerkingen Naast dat er in de straatgesprekken werd nagedacht over de toekomst van de gemeente, werd er ook op meerdere momenten stilgestaan bij onderwerpen die niet direct te relateren zijn aan de scenario’s of de thema’s voor de omgevingsvisie. In sommige gevallen gaf men aan het moeilijk te vinden om na te denken over de verre toekomst, maar hadden ze wel wensen of ideeën over het ‘hier en nu’. Hierbij kwamen zaken aan bod zoals het tegengaan van overlast, het vergroten van sociale veiligheid, het goed onderhouden van (fiets)paden, parkeervoorzieningen en het investeren in een schone(re) omgeving. Hoewel er verschillende concrete verbeterpunten werden gezien, was het algemene beeld uit de gesprekken dat men het in de gemeente Emmen fijn wonen vindt. Ook is meerdere keren uitgesproken dat men trots is om te wonen en/of te werken in de gemeente, de stad of de dorpen. Tot slot gaven inwoners in verschillende straatgesprekken meerdere keren aan te waarderen dat de gemeente op de verschillende locaties stond om actief met mensen in gesprek te gaan.

19 van 39

Swipocratie

Sfeerimpressie promotieflyer en infographic Swipocratie peiling

Om meer inzicht te krijgen in de wensen en ideeën van de toekomstige generatie, werd in deze participatieronde ook een digitaal participatiemiddel ingezet: Swipocratie. Swipocratie is een tool die deelnemers op een simpele, intuïtieve manier keuzes en dilemma's voorlegt. Deelnemers worden gevraagd om tussen 2 opties een keuze te maken. De primaire doelgroep van de Swipocratie peiling waren jongeren en jongvolwassenen: een doelgroep die in reguliere beleidstrajecten en bijbehorende participatiemiddelen vaak onderbelicht blijft. De Swipocratie bestond uit 29 stellingen die te maken hebben met zaken zoals woningbouw, economie, klimaatadaptatie en voorzieningen. In de vraagstelling werd in het bijzonder aandacht besteed aan jongeren en jongvolwassenen. De voorgelegde stellingen waren gebaseerd op de keuzes die ter bespreking staan in de drie toekomstscenario’s die centraal stonden in de straatgesprekken, vertaald naar de belevingswereld van deze doelgroepen. De stellingen uit de digitale peiling impliceren vaak een afruil: kies je voor parkeren voor de deur, of toch liever groen voor de deur? De antwoorden op de stellingen geven een inzicht in de opvattingen en standpunten van inwoners op verschillende thema’s die de omgevingsvisie raken. Zo laten de resultaten zien over welke onderwerpen er verdeeldheid bestaat, maar ook op welke vlakken meer eensgezindheid wordt getoond.

20 van 39

Om jongeren en jongvolwassenen te activeren om mee te denken over de toekomst van hun leefomgeving, is pro-actief campagne gevoerd door het verspreiden van een groot aantal flyers. De flyers zijn door medewerkers van de gemeente uitgedeeld op de verschillende middelbare scholen en bij de onderwijsinstellingen van het middelbaar en hoger beroepsonderwijs (mbo en hbo). Ook bij andere instellingen en organisaties waar jongeren vaak te vinden zijn, is de flyer verspreid. Dit gebeurde bij Sedna, Impacter, Angelslo Academy, Movements, Jimmy’s, Facet, DIEP en stichting Dorpenzorg. Bij de verschillende onderwijsinstellingen en instanties werd een korte toelichting gegeven op het doel van de Swipocratie peiling en zijn suggesties aangedragen om jongeren te activeren om via de peiling hun mening te geven. In totaal vulden 680 deelnemers de Swipocratie peiling in. 83% daarvan was jonger dan 35 jaar en 64% was jonger dan 18 jaar. Inwoners uit de hele gemeente hebben deelgenomen aan de peiling. In totaal kwam 46% uit de kern Emmen, 13% uit Emmer-Compascuum, 10% uit Nieuw-Amsterdam/Veenoord, 4% uit Klazienaveen en 17% uit de andere dorpen. Ook kwam 10% van buiten de gemeente Emmen. Dit betreft bijvoorbeeld jongeren die wel in de gemeente naar school gaan, maar hier niet wonen.

De resultaten uit de Swipocratie peiling van respondenten onder de 35 jaar zijn samengevat in een infographic (zie einde van dit document). In onderstaande tabel worden de resultaten op hoofdlijnen weergegeven. Deze hoofdlijnen zijn gebaseerd op alle antwoorden op de peiling, dus ook van deelnemers ouder dan 35 jaar. Over het algemeen wijken de totale resultaten en de antwoorden van deelnemers onder de 35 jaar weinig van elkaar af. Voor de stellingen waar wel sprake is van een relevant verschil, is dit in onderstaande tabel beschreven.

Hoofdlijnen opbrengsten Swipocratie Voorzieningen In meerdere stellingen werden deelnemers gevraagd naar hun kijk op het aanbod aan voorzieningen. Wanneer gekeken wordt naar de huidige situatie, dan blijkt dat 58% vindt dat er genoeg plekken in de buurt zijn om vrienden te ontmoeten. Ook wordt voor verschillende type voorzieningen een dilemma voorgelegd: liever clusteren of spreiden. Als het gaat om het aanbod aan winkels en horeca, dan ziet 46% dit liever verspreid over alle dorpen, terwijl 54% de voorkeur heeft voor een breed aanbod in het centrum. Wanneer alleen wordt gekeken naar de mening van deelnemers onder de 35 jaar, dan blijkt de voorkeur voor een breed aanbod in het centrum van Emmen sterker, met 58% die hiervoor kiest. De meningen over waar scholen zich in de gemeente moeten bevinden, zijn ook verdeeld: 47% van alle deelnemers heeft liever een kleine school dichtbij, terwijl 53% meer voordelen ziet in grote scholen met een breed aanbod wat verder weg.

21 van 39

Ook hier blijkt de voorkeur voor een breder aanbod wat verder sterker. 57% van de jongeren en jongvolwassenen ziet dit liever. Wanneer een vergelijkbare vraag wordt gesteld voor sporten, blijkt dat deelnemers een relatief sterke voorkeur (77%) hebben voor sporten in eigen dorp tegenover meer sportmogelijkheden wat verder weg. Relatief veel van de respondenten (72%) vindt dat Emmen meer ‘stads’ mag worden (meer winkels, bedrijven, woningen en vervoer), ook als dit ten koste van de rust gaat. Een meerderheid (60%) ziet daarmee ook kansen om meer toeristen naar Emmen centrum te trekken met meer hotels, winkels, horeca en cultuur. Wonen Andere stellingen in de Swipocratie bevroegen mensen op hun kijk op het onderwerp ‘wonen’. Op het gebied van woningbouw werd men bevraagd over geschikte locaties. Een meerderheid (64%) geeft aan liever meer woningen te bouwen in de grotere dorpen dan meer woningen in Emmen kern. Ook is een groot deel van de respondenten (65%) voorstander van bouwen binnen stad en dorpen, tegenover bouwen in het landelijk gebied. Op de stelling of men ook zou wonen op plekken met lichte geluids- of geuroverlast, reageren de meeste deelnemers (65%) dit niet te willen. Werken Binnen het onderwerp ‘werken’ geeft 48% van alle deelnemers aan in de toekomst graag in de gemeente te (blijven) werken. Van de deelnemers jonger dan 35 jaar is dit aantal wat lager.

Van deze groep geeft 42% aan later graag in de gemeente te (blijven) werken. 60% van alle deelnemers verwacht dat er genoeg werk voor hen is binnen de gemeente. Hoewel de uitkomsten erop wijzen dat niet iedereen later wenst te werken in de gemeente, wordt er wel goed meegedacht op dit thema: 78% vindt het belangrijk dat Emmen ruimte biedt aan nieuwe lokale bedrijven. Wanneer gevraagd wordt naar mogelijke locaties, zijn de meningen best verdeeld: 49% geeft aan het niet erg te vinden als een deel van het landelijk gebied gebruikt wordt voor bedrijventerreinen. Landbouw In de Swipocratie werd ook stilgestaan bij de toekomst van de landbouw. Op de vraag hoe om te gaan met grond van stoppende boeren, dan ziet een meerderheid (58%) liever dat de landbouwgrond wordt gebruikt voor nieuwe boeren in plaats van dat de functie verandert naar woningen, zorginstellingen of recreatie. Dit neemt niet weg dat er helemaal geen potentie wordt gezien in recreatie of toerisme: 62% vindt het namelijk goed als er meer aanbod komt voor toeristen in het landelijk gebied.

22 van 39

Natuur Binnen het thema ‘natuur’ ziet 62% van de respondenten graag meer natuurgebieden in de gemeente. Wanneer het gaat over groen in de directe omgeving van de woningen, dan heeft het merendeel van de respondenten (68%) liever een eigen tuin dan meer groen in de buurt. De afweging tussen groen of parkeren voor de deur leidt tot verdeeldheid: 50% kiest voor groen voor de deur, de andere 50% voor parkeren. Bereikbaarheid Ook het thema ‘bereikbaarheid’ is via verschillende stellingen aan bod gekomen. Bereikbaarheid met het openbaar vervoer lijkt voor jongeren van belang: zo geeft een groot deel van de respondenten (69%) aan eerder te willen (blijven) wonen in een dorp, als er goed OV is tussen de dorpen en Emmen Centrum. Ook zou 74% graag zien ​dat de steden Groningen en Zwolle vanuit hun woonplaats beter bereikbaar zijn met het OV. 55% van alle deelnemers geeft aan dat verkeersveiligheid prioriteit moet krijgen, zelfs als dit betekent dat de maximumsnelheid op bepaalde wegen verlaagd wordt naar 30 km/u. Wanneer alleen gekeken wordt naar de antwoorden van deelnemers onder de 35 jaar, dan blijken de meningen meer verdeeld en is 51% het met de stelling eens. Ook over het nut en de noodzaak van het investeren in fietsverbindingen is de uitkomst verdeeld: 54% van alle deelnemers geeft aan bij betere fietsverbindingen in de gemeente vaker de fiets te pakken.

Duurzaamheid Binnen het thema ‘duurzaamheid’ blijkt uit de stellingen redelijk wat draagvlak voor lokale energieopwekking: 68% vindt dat energie die in de gemeente gebruikt wordt, ook hier opgewekt moet worden. Over de manier waarop duurzame energie wordt opgewekt, lopen de meningen uiteen: 57% kiest voor energieopwekking op 1 of 2 grote plekken, terwijl 43% dit liever verspreid ziet over meerdere kleinere locaties. De meningen over windmolens en zonneparken blijven sterk verdeeld: 53% vindt het niet erg als het uitzicht verandert door de komst van windmolens en zonneparken.

23 van 39

Creatieve opdracht kinder(gemeente)raden

Sfeerimpressie creaties opdracht kinder(gemeente)raden

Tussen november 2024 en januari 2025 bogen leden van de kinder(gemeente)raden zich over de vraag ‘Hoe ziet gemeente Emmen er uit in 2040?’ Met een creatieve opdracht werden de kinderen uitgedaagd om na te denken over hoe zij denken of hopen dat hun leefomgeving er in de toekomst uit ziet. Door middel van tekeningen, collages, video’s en andere creaties namen de leden van de 14 kinderraden en de kinderen uit de Kindergemeenteraad ons mee in hun creatieve ideeën voor de toekomstige leefomgeving. Op 26 februari werden de opbrengsten van de creatieve opdracht in ontvangst genomen door de wethouder Jakobs. Tijdens dit moment werden alle werken tentoongesteld en konden de makers een toelichting geven op hun creatie. Na deze bijeenkomst is de tentoonstelling met de opbrengsten in de centrale publieksruimte van het gemeentehuis nog ongeveer drie maanden blijven staan. Op deze manier konden alle inwoners van de gemeente Emmen de creaties bekijken. In de creaties van de kinderen komt een breed scala aan thema’s voorbij. De resultaten van de creatieve opdracht bieden inspiratie om na te denken over de mogelijke inrichting van de gemeente Emmen in 2040. Voor deze Nota van Participatie is, op basis van beschikbare notulen van de kinder(gemeente)raad bijeenkomsten, een vrije vertaling gemaakt naar de elementen die deze doelgroep belangrijk vindt voor de toekomst, zie onderstaand.

Deze input is meegenomen als advies bij het opstellen van de omgevingsvisie. Ook zijn de resultaten van deze opdracht ingezet om andere doelgroepen te prikkelen bij het nadenken over het jaar 2040. De boodschap die de kinderen ons met hun creaties meegaven hebben ons geholpen om de toekomstige generatie in gedachten te houden bij het opstellen van de omgevingsvisie.

24 van 39

Hoofdlijnen opbrengsten creatieve opdracht kinder(gemeente)raden De kinderen verwachten dat er in de toekomst meer hoge gebouwen in de gemeente te vinden zijn. Sommige kinderen denken dat de nieuwe huizen vooral duurder zijn. De kinderraden stellen zich voor dat er in de toekomst ook meer op bijzondere plekken gewoond wordt, zoals op het water of zelfs in bomen. Ze hopen dat groen en woningen meer met elkaar worden gecombineerd, bijvoorbeeld door bomen en struiken op gebouwen te plaatsen. Zo zei een deelnemer van de kinderraad in Schoonebeek: ''Ik vind het belangrijk dat er genoeg natuur overblijft, woningen kunnen bijvoorbeeld in en om bomen gebouwd worden.'' Uit de gesprekken bleek dat de kinderen het ook belangrijk vinden dat eenzaamheid wordt bestreden en dat inwoners uit de gemeente minder last hebben van armoede. Naast wensen, werd er ook over oplossingen nagedacht: zo wordt het idee van een gezelschapshuis benoemd, waar jong en oud elkaar kunnen ontmoeten. Daarnaast hopen de kinderen op leuke plekken in hun leefomgeving, zoals zwembaden en kartbanen. Een lid van de kinderraad uit Bargeres licht toe: “Er moeten dan meer speelplekken komen en kinderen moeten overal veilig buiten kunnen spelen.” Kinderen verwachten dat er in 2040 meer oudere mensen in de gemeente wonen.

Om voor alle inwoners een fijne omgeving te maken, wordt gedacht aan speeltuinen met toestellen die geschikt zijn voor zowel jongere als oudere generaties. In 2040 is de verwachting en/of wens dat er meer ruimte voor natuur is in de gemeente. Dan gaat het om groen nabij de woningen of werkplekken, maar ook in het landschap eromheen. Met meer ruimte voor natuur, denken ze dat er ook meer dieren fijn in de gemeente kunnen verblijven. Ook wordt gedacht aan een toename van boerderijen, waarbij de boeren gezonder eten kunnen produceren. Daarnaast wensen kinderen in de toekomst dat ze zich goed kunnen verplaatsen binnen de gemeente. Zo wordt er gesproken over mooie en veilige fietspaden, maar er wordt ook nagedacht over het slim bij elkaar plaatsen van gebouwen, bijvoorbeeld een middelbare school dichtbij de basisschool. Ook hopen kinderen dat er in de toekomst minder afval op straat te vinden is. Ze verwachten dat er in 2040 meer recycling van producten plaatsvindt. Tot slot zien kinderen veel kansen in het benutten van nieuwe technologieën. Zo werden er in de kinderraad van Klazienaveen kansen gezien in robots die mensen kunnen ondersteunen: “Robots kunnen helpen in de zorg omdat daar soms te weinig mensen voor zijn”. Ook werd er daarnaast gedacht aan drones voor pakketbezorging, auto's en treinen met zonnepanelen op het dak en misschien zelfs vliegende auto's.

25 van 39

STAP 3: ONTWERP-OMGEVINGSVISIE Gebaseerd op de uitkomsten van de gesprekken uit de voorgaande participatierondes is het voorjaar vormgegeven aan het toekomstbeeld voor de gemeente Emmen in 2040. De opbrengsten uit de voorgaande participatierondes zijn samen met opbrengsten uit andere gevoerde gesprekken en beleidsstukken samengebracht in een hoofdlijnennotitie die ambities, leidende principes en richtinggevend keuzes voor de leefomgeving beschrijft. Op 27 maart 2025 werd deze notitie vastgesteld door de gemeenteraad. In de derde fase van het traject werd vanuit de hoofdlijnennotitie verder gewerkt naar de uiteindelijke omgevingsvisie. In deze fase wordt ingegaan op verschillende vragen, zoals: wat betekenen de keuzes die we maken voor de ruimtelijke inrichting van de gemeente? En hoe vertalen keuzes zich naar specifieke gebieden, zoals woonwijken, dorpen of het buitengebied? De voorgestelde antwoorden op deze vragen stonden centraal in de derde participatieronde ‘Mijn Emmen van Morgen’. In deze derde en laatste ronde is opnieuw een breed publiek van inwoners, ondernemers en belangenorganisaties benaderd om mee te denken.

Thematische ateliers medewerkers & maatschappelijke (keten)partners (9 + 10 april 2025)

Sfeerimpressie thematische ateliers

Op 9 en 10 april 2025 kwamen medewerkers en maatschappelijke (keten)partners van de gemeente bijeen voor de aftrap van de derde fase van het omgevingsvisietraject. In vier thematische ateliers ging men aan de slag met de doorvertaling van de keuzes uit de hoofdlijnennotitie. In elk atelier stond één van de drie hoofdambities centraal. In het vierde thematische atelier lag de focus op het

26 van 39

onderwerp mobiliteit. Zowel de ambtelijke organisatie als een brede groep stakeholders en ketenpartners van de gemeente werd uitgenodigd om deel te nemen aan één of meerdere thematische ateliers. In totaal bezochten zo’n 30 partijen de thematische ateliers. Het aantal deelnemers varieerde per atelier van 15 tot 30 personen. Na een plenaire toelichting op de hoofdlijnennotitie en het vervolgproces, gingen aanwezigen met elkaar en de projectgroep in gesprek over de ruimtelijke vertaling van ambities op kaart en werd gezamenlijk gereflecteerd op de eerste uitwerkingen van de voorgestelde ambities en keuzes voor vijf deelgebieden. In de volgende tabel is op hoofdlijnen de meegegeven input voor de omgevingsvisie samengevat. De input uit de verschillende thematische ateliers is gebundeld en wordt in onderstaande tabel naar gebiedstypologie beschreven.

Hoofdlijnen opbrengsten thematische ateliers Emmen Centrum In de verschillende ateliers is gesproken over het versterken van het imago en de uitstraling van Emmen Centrum. Door veel deelnemers werd dit in verband gebracht met het benutten van het open, groene karakter van Emmen. Er werd gepleit voor meer vergroening en het doorontwikkelen van het Rensenpark als groene plek voor ontmoeten en bewegen. De aanwezige culturele voorzieningen hebben volgens deelnemers een belangrijke functie voor de regio, en kunnen ook mensen van buiten aantrekken. Daarnaast werden kansen gezien in het beter verbinden van het centrum met de rest van de gemeente, bijvoorbeeld door het zichtbaar aanbieden van streekproducten. Ook is in de verschillende thematische ateliers nagedacht over de bereikbaarheid van Emmen Centrum. Er werd gesproken over kansen voor betere OV-verbindingen en veilige en aantrekkelijke fietsverbindingen naar het winkelgebied, maar ook naar het station en het ziekenhuis. Op het thema wonen gaven deelnemers aan mogelijkheden te zien voor meer woonruimte, met daarbij specifieke aandacht voor studenten en kleine huishoudens. Vanwege de nabijheid van voorzieningen werd ook inzet op woonzorgconcepten in het centrum kansrijk geacht.

Woonwijken (nieuw en bestaand) In de gesprekken over de woonwijken van Emmen is het willen versterken van (en voortbouwen op) aanwezige kwaliteiten een duidelijke rode draad. Daarbij ging het niet alleen over het stapelen van stenen, maar ook over het aanmoedigen van een sterke sociale basis. Zo werd gesproken over het faciliteren van laagdrempelige ontmoetingsplekken waar verschillende doelgroepen kunnen samenkomen.

27 van 39

Op het gebied van vergroening gaf men de wens mee om in te zetten op aanplant en beheer van groen dat bijdraagt aan de biodiversiteit, maar dat ook een functie heeft voor recreatie, ontmoeting en/of educatie. Daarnaast werd aandacht gevraagd voor het realiseren van ruimte voor wateropvang en waterinfiltratie. Vanuit mobiliteit gaven meerdere deelnemers aan kansen te zien voor het aanmoedigen van langzaam verkeer (fietser en wandelaar), ook als dit op plekken ten koste gaat van autobereikbaarheid. Een belangrijke kanttekening die hierbij werd meegegeven, is de noodzaak voor het bereikbaar houden van woonwijken voor hulpdiensten. Ook werd gesproken over de omgang met de huidige en toekomstige vraag naar woningen in de woonwijken. Deelnemers leggen de nadruk op kwaliteitsverbetering en verduurzaming van de bestaande woningvoorraad en noemen betaalbaarheid als belangrijke pijler voor herstructurering en nieuwbouw. Door enkele aanwezigen werd een wens voor meer inzicht in de woonbehoefte per wijk uitgesproken. Het voorstel om ook in te zetten op woningsplitsing wordt wisselend ontvangen. Men beweert hier in de huursector nog weinig behoefte te zien. Dorpen In het gesprek over ambities en doelen voor dorpen kwamen vergelijkbare onderwerpen langs. Ook hier werd gesproken over het belang om te investeren in de sociale samenhang.

De inzet op voorzieningenclusters in de grotere dorpen werd positief ontvangen. In de kleinere dorpen, waar weinig voorzieningen zijn, vindt men inzet op ontmoetingsmogelijkheden een pré. Volgens deelnemers kan dit een buurthuis, maar ook een sportveld of een kroeg zijn. Om sociale samenhang te bevorderen, vindt men het faciliteren van initiatieven vanuit de samenleving van belang. Daar waar het gaat om woningbouwontwikkelingen in de dorpen, wordt de inzet op kleinere woonruimten met enige twijfel ontvangen. Enkele aanwezigen benoemen dat de daadwerkelijke woonbehoefte - vooral naar kleinere woonruimte - beperkter is dan wordt geroepen, en dat er vooral ontwikkelruimte nodig is voor grotere (half)vrijstaande woningen. Tegelijkertijd ziet men vanuit demografische ontwikkelingen wel de groep kleinere huishoudens groeien en wordt ervaren dat ook het vermogen van inwoners niet altijd aansluit bij de woonwensen. Deelnemers zien vanuit veel verschillende thema’s de ruimtelijke druk op de dorpen toenemen. Bijvoorbeeld op het gebied van woningbouw, bereikbaarheid, klimaatadaptatie en de energietransitie. Men gaf aan het belangrijk te vinden dat er bij inpassing van deze thema’s aandacht uitgaat naar zorgvuldige omgang met de ruimtelijke en cultuurhistorische kwaliteiten, maar ook naar de draagkracht van het landschap.

28 van 39

De nabijheid van groen en natuur biedt volgens aanwezigen kansen voor het stimuleren van groenbeleving, beweging en educatie. Er werd gesproken over mogelijkheden voor koppelkansen tussen landschapsversterking en het ontwikkelen van ommetjes. Werklocaties Binnen het thema werklocaties werd in de verschillende ateliers zowel gesproken over de omgang met bestaande werklocaties in de gemeente, als over de toekomstige vraag naar ruimte voor economische ontwikkeling. Daar waar het gaat om het aantrekken van nieuwe bedrijvigheid, werd meerdere keren aangegeven dat het meebrengen van maatschappelijke meerwaarde als een belangrijke vestigingsvoorwaarde wordt gezien. Als voorbeeld noemde men daarbij het leveren van voldoende werkgelegenheid en/of het bieden van opleidingsmogelijkheden. Meermaals is er ook gesproken over het (beter) benutten van de koppeling tussen bedrijvigheid en verduurzaming. De aanwezigheid van de groene chemie sector binnen de gemeente biedt hier volgens aanwezigen interessante aanknopingspunten voor. De inzet op het principe ‘juiste bedrijf op de juiste plek’ wordt door aanwezigen onderschreven, vanuit milieukundig oogpunt maar ook vanuit externe veiligheid en bereikbaarheid. Daarnaast is er consensus over de ambitie om op de terreinen te investeren in een aantrekkelijk werkklimaat.

Daarbij werden kansen aangehaald op het gebied van vergroening (met ook een belangrijke functie voor klimaatadaptatie), het aantrekkelijk maken van fietsverbindingen naar de locaties en wordt tegengaan van ondermijning als belangrijk thema benoemd. Specifiek voor de glastuinbouwclusters komen diverse ideeën langs op het gebied van toekomstbestendigheid. Zo benoemen deelnemers kansen voor verduurzaming en innovatie in de sector door te investeren in samenwerkingen met initiatieven vanuit de Greenwise Campus. Tegelijkertijd worden ook mogelijkheden gezien voor functieverbreding, bijvoorbeeld op het gebied van sociaal ondernemen of recreatie. Landelijk gebied Binnen het deelgebied landelijk gebied kwamen verschillende thema’s aan bod. Een van de thema’s die meermaals werd aangehaald, is de omgang met de benodigde transitie van de landbouw. Hoewel de noodzaak herkend wordt, geven deelnemers aan dat het vinden van de juiste balans tussen landbouw, natuur en andere functies een complexe opgave is. Wel worden gebiedsgerichte aanpakken, zoals in het vormgeven aan de bufferzone Bargerveen, als positief gezien. De ambitie om in het buitengebied meer ruimte te bieden aan waterberging wordt beschouwd als logische maar noodzakelijke keuze. Ook de inzet op bescherming van waardevolle natuur en de

29 van 39

groenverbinding tussen bebouwd en landelijk gebied werden door deelnemers ondersteund. Daar waar het gaat om verbindingen tussen natuurgebieden, hadden enkele deelnemers nog vraagtekens bij de implicaties die de voorgestelde ‘nieuwe’ ecologische verbindingen met zich meebrengen. Hier wordt de wens gedeeld dat dergelijke ontwikkelingen niet gepaard gaan met volledige beperkingen voor bijvoorbeeld de landbouw en/of andere bedrijvigheid. Ook werd binnen dit onderdeel gesproken over het benutten van cultuurhistorische landschapselementen om de belevingswaarde van het landschap te vergroten. Zo ziet men recreatieve potentie in het duidelijker uitdragen van het verhaal van het veen. Veel deelnemers konden zich vinden in een gebiedsgerichte benadering van vrijkomende agrarische bebouwing. Daarbij wordt gewezen op een breed scala aan ontwikkelmogelijkheden, zoals woonconcepten, recreatiemogelijkheden, natuurontwikkeling of juist behoud van de landbouwfunctie. Overig Enkele reacties uit de thematische ateliers laten zich niet naar een bepaald deelgebied vertalen, maar zijn meer algemeen van aard. Dit betreft bijvoorbeeld het thema veiligheid: in aansluiting bij de doelstellingen van de Omgevingswet, werd aandacht gevraagd voor het waarborgen van veiligheid.

Daarbij werd bijvoorbeeld gesproken over aandacht voor bereikbaarheid van hulpdiensten of het in achting nemen van veiligheidsrisico’s bij risicovolle objecten zoals transformatorhuisjes. Een ander thema dat algemeen toepasbaar is, is de benodigde aandacht voor een zorgvuldige omgang met het water- en bodemsysteem. Dit betreft bijvoorbeeld het nadenken over geschikte locaties voor woningbouw, maar ook de impact van ontwikkelingen op grondwaterverbruik.

30 van 39

Bijeenkomst inwoners, EOP’s en adviesraden (26 en 28 mei 2025)

Sfeerimpressie bijeenkomsten EOP’s in de Noorderbreedte (Klazienaveen) en het gemeentehuis

In mei 2025 organiseerde de gemeente twee bijeenkomsten voor de Erkende Overlegpartners (EOP’s), Adviesraden en andere geïnteresseerde inwoners. Tijdens deze bijeenkomsten werd men meegenomen in het resultaat van de eerste twee fasen: de hoofdlijnennotitie. Na een toelichting op de inhoud van de hoofdlijnenvisie en het proces, werden aanwezigen uitgenodigd om te reflecteren op de ambities en de doorvertaling daarvan. In totaal waren er op deze twee bijeenkomsten 45 mensen aanwezig. In de volgende tabel is op hoofdlijnen de input samengevat. De input is daarbij onderverdeeld in verschillende thema’s.

Hoofdlijnen opbrengsten bijeenkomsten EOP’s en inwoners Wonen en voorzieningen Zoals ook zichtbaar werd in andere participatiemomenten, vindt men het belangrijk dat er wordt ingezet op een woningaanbod dat aansluit bij starters en senioren. Betaalbaarheid speelt daarbij een belangrijke factor. Over het algemeen ondersteunden deelnemers de ambitie om in te zetten op groei van de stad Emmen én van de grote dorpen. Daarbij gaf men wel mee ook in de andere dorpen ruimte voor kleine ontwikkelingen te zien. Op het gebied van voorzieningen werd aangegeven dat leefbaarheid op bepaalde plekken in de gemeente onder druk komt te staan, doordat voorzieningen verdwijnen. Vooral in de kleinere dorpen ziet men hier een opgave. Aanwezigen gaven aan te begrijpen dat clustering van voorzieningen kan bijdragen aan het behoud van draagvlak. Tegelijkertijd onderstreepten zij wel

31 van 39

dat ze bepaalde belangrijke voorzieningen zoals een basisschool en huisarts in de toekomst ook graag in de kleinere dorpen behouden zien. Mobiliteit De meeste deelnemers herkennen zich in de ambitie om meer in te zetten op duurzame mobiliteit. Om de keuze voor de fiets aantrekkelijker te maken tegenover de auto, werd het werken aan het vergroten van de verkeersveiligheid en het creëren van aantrekkelijke routes als randvoorwaardelijk gezien. Deelnemers zagen hierbij tegelijkertijd kansen in het versterken van het imago van Emmen als fietsgemeente, waarbij ook een koppeling met recreatie voorstelbaar is. Groen en landschap Het werken aan een groene woon- en werkomgeving kreeg ook veel aandacht van deelnemers. Tijdens de bijeenkomsten werden verschillende praktische ideeën met elkaar uitgewisseld, zoals het stimuleren van groen op dak, minder tegels in tuinen en ruimte voor voedselbossen en/of moestuinen. Ook gaven aanwezigen aan het belangrijk te vinden dat woningen zo veel mogelijk duurzaam en natuurinclusief ontwikkeld worden. In het landelijk gebied ziet men richting 2040 kansen om meer in te zetten op korte voedselketens, bijvoorbeeld met concepten zoals herenboeren. Overig Tot slot is participatie bij ruimtelijke ontwikkelingen een thema dat meerdere keren aan bod is gekomen.

Zo klonk de wens om de omgeving vroegtijdig te betrekken bij plannen van de gemeente, en om ook initiatiefnemers hierop te wijzen. Ook werd het openen van een ideeënloket voor inwoners geopperd.

32 van 39

Werkatelier medewerkers & maatschappelijke (keten)partners (4 juni 2025)

Sfeerimpressie werkatelier

Op 4 juni kwamen medewerkers en maatschappelijke (keten)partners van de gemeente opnieuw bijeen voor het laatste werkatelier omgevingsvisie gemeente Emmen. In dit atelier werd men meegenomen in de wijze waarop de opbrengsten uit de voorgaande werkateliers en gesprekken met inwoners en EOP’s vertaald zijn in de concepten. Centraal in de bijeenkomst stonden de concept-visiekaart en de gebiedsgerichte keuzes. Deelnemers werden uitgenodigd om te reageren op de verschillende onderdelen van de visie. Circa 30 deelnemers waren aanwezig om hun reactie op de concepten te geven. De groep bestond uit een combinatie van medewerkers en (keten)partners (waaronder LTO Noord, Staatsbosbeheer, GGD, woningcorporatie Domesta, Lefier, Enexis, Tennet, Tourist Info, Wildlands, Ondernemend Emmen, stichting de Koepel en enkele ondernemers). De aanwezigheid van verschillende disciplines en de constructieve sfeer leiden wederom tot waardevolle inbreng. In de volgende tabel is op hoofdlijnen de meegegeven input voor de omgevingsvisie samengevat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=88226c68-36f5-4f58-9e73-dd515a533893