CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Gemeentelijk Rioleringsplan 2024-2028

Commissie Wonen en Ruimte 11 september 2023, gemeente EmmenBij agendapunt: Vaststellen Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2024 – 2028 (180163-2023)19.493 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

• De omvang van de voorziening riolering is in 2018-2023 ongeveer gelijk gebleven. • Er is minder besteed aan investeringen. Tegelijkertijd zijn de exploitatiekosten tussen 2018 en 2023 sterk gestegen: personeelskosten, veegkosten van Area, maar ook de prijzen van grondstoffen/materialen (o.a. als gevolg van de oorlog in Oekraïne). In combinatie met redelijk constante, niet-geïndexeerde tarieven van de rioolheffing is het saldo van de voorziening ongeveer gelijk gebleven.

Tarieven • De (gemiddelde) tarieven voor de rioolheffing in de periode 2018-2023 zijn redelijk constant gebleven op € 199 per huishouden. • De tarieven zijn in deze periode niet geïndexeerd. • De inkomsten bedroegen circa € 10 miljoen per jaar, wat overeenkomt met de geraamde inkomsten. • De rioolheffing is sinds 2012 niet noemenswaardig verhoogd. In het GRP 2010 – 2015 was het tarief vanaf 2012 op € 195,- bepaald.

Personeel en organisatie • Binnen de SNV, en ook specifiek voor gemeente Emmen hebben we onderzocht of we voldoende kennis in huis hebben om de gemeentelijke watertaken uit te kunnen voeren. • Uit deze branchestandaard blijkt dat het kennisniveau in de gemeente Emmen goed op orde is (kwaliteit) maar dat de personele bezetting (kwantiteit) niet toereikend was om alle taken voor de planperiode 2018-2023 goed in te vullen. • Bij (tijdelijke) pieken is dit opgevangen door inhuur. Structurele inzet van mensen voor planvorming en beheer is van het grootste belang om de gewenste grip op beheer te kunnen realiseren.

31

Hoofdstuk 4 Relaties met de omgeving en ontwikkelingen; Wat komt er op ons af? In gemeente Emmen staan de komende jaren flinke ingrepen in de openbare ruimte op de agenda. Het rioleringsplan draagt hieraan bij op het vlak van leefbaarheid en water robuustheid.

In dit hoofdstuk worden de relaties met de omgeving en de ontwikkelingen die van invloed zijn op dit plan op hoofdlijnen beschreven.

4.1

Relatie wegonderhoud en rioolvervanging

Bij het vervangen van de riolering gaat vaak de hele straat open. Wij combineren de werkzaamheden in het kader van rioolvervanging zo veel mogelijk met wegvervanging of herinrichtingen (werk met werk maken). Zo besparen we kosten en beperken we overlast voor onze inwoners. Als zowel de riolering als het wegdek toe is aan vervanging, is de meerwaarde het grootst. Vaak is sprake van verschil in de planning, waar bij we kosten en veiligheid afwegen. De rioleringsplanning bepalen we op basis van restlevensduur en functie. Om integraal te werken stellen we ons in de praktijk flexibel op en hebben we beperkte sturingsmogelijkheden op onze eigen rioleringsplanning. Het Uitvoeringsplan Wegen 2023-2025 bevat incidenteel extra geld. Doel is om achterstallig onderhoud aan wegen op te lossen, vaak door plaatselijk herstel van een deel van de weg. Doordat weinig reconstructies verwacht worden, zijn er bij het opstellen van dit GRP beperkte kansen gesignaleerd voor samenloop en gezamenlijke financiering. In de praktijk wordt continu afstemming gezocht tussen de planning van wegbeheer en riolering, waardoor we kansen wel verzilveren zodra ze zich alsnog voordoen.

32

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

4.2

Relatie tot groen, klimaatadaptatie en biodiversiteit

Zodra we ergens riolering vervangen, biedt dit een kans om het straatbeeld en de groenstructuur te verbeteren. Bovendien kunnen biodiversiteit en klimaatadaptatie hiermee een impuls krijgen. Het belang van deze “groene” maatregelen wordt steeds groter, maar mag niet uit de rioolheffing gefinancierd worden. Vanuit elk rioleringsproject brengen we met onze collega’s deze groenkansen in beeld. Zo dragen we ook bij aan het versterken van groenstructuren in de bebouwde omgeving om het leefklimaat voor mens en dier te verbeteren (groenbeleid). De omgeving moet ook klimaatbestendig zijn: tegen een stootje kunnen bij hevige buien of droogte. Daarom proberen we het hemelwater dat op verharde oppervlakken valt (daken, bestrating) zoveel mogelijk in de bodem te infiltreren. Op momenten dat de riolering het water niet meer kan verwerken tijdens zware buien, moet het water ergens “geparkeerd” worden, waar het geen schade oplevert: bijvoorbeeld in openbaar groen, of een verlaagd speelterrein . De gemeente Emmen heeft een aantal wateren in onderhoud en beheer. Onderhoud aan sloten, kanalen en wadi’s, die een afwaterende functie hebben, wordt bekostigd uit de rioolheffing en wordt meegenomen in het groenbeheerplan. Waar bomen staan, is het vervangen van de riolering een extra uitdaging. Andersom stelt de aanwezigheid van riolering ook randvoorwaarden aan nieuw te planten bomen.

Bomen langs watergangen geven extra onderhoud: vallende bladeren leiden tot toename van slib, dat gebaggerd moet worden. Baggeren is kostbaar en zorgt voor overlast. Afstemming tussen keuze van boomsoort en afstand tot het water is ook daarom van belang.

33

34

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

35

4.3

Relatie tot bodem en ondergrond, kabels en leidingen

De afgelopen decennia nam de “drukte in de ondergrond” toe. Dit raakt ook het riool, omdat het vaak het diepst ligt en de grootste afmetingen heeft. We zien een uitdaging bij de aanleg van nieuwe netwerken zoals wellicht noodzakelijk voor de energietransitie. We blijven zorgen voor een goede afstemming met programma’s van andere partijen, met name vervanging van kabels en leidingen door de nutsbedrijven.

4.4

Ruimtelijke ontwikkelingen

Water en riolering zijn in stedelijk gebied onlosmakelijk met elkaar verbonden. Door vroegtijdig rekening te houden met water, krijgen ruimtelijke ontwikkelingen meer kwaliteit. Daarom volgen we ruimtelijke ontwikkelingen op de voet en brengen water- en riool gerelateerde uitgangspunten tijdig in. De Watertoets, de waterparagraaf en het hemelwaterstructuurplan zijn hiervoor instrumenten. De volgende ruimtelijke ontwikkelingen zijn extra relevant voor het GRP: • Opgave 4000 nieuwe woningen tot 2030 met name binnen het bestaande stedelijk gebied, inclusief aanpak van de omgeving • De omvorming van het oorspronkelijk aangewezen glastuinbouwgebied Rundedal naar bedrijventerrein Deze ontwikkelingen hebben gevolgen voor de toelevering van energie, drinkwater (WMD), de capaciteit van het riool (gemeente) en de rioolwaterzuivering (waterschap). Bij nieuwe ontwikkelingen worden de kosten voor de aanleg van riolering bekostigd uit de planexploitatie.

36

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

4.5

Duurzame en leefbare leefomgeving

Het Emmense Programma duurzaamheid en klimaat heeft drie doelstellingen: energieneutraal, circulair en klimaatbestendig in 2050. • Energieneutraal: Vanuit riolering streven wij naar een zo laag mogelijk energieverbruik. Waar kansen ontstaan vanuit de energietransitie (o.a. sloop en herbouw), benutten we deze voor riolering. In het ontwerpproces van riolering hanteren we duurzaamheidscriteria. Ook in aanbestedingen toetsen we deze criteria en benutten we marktkennis zoveel mogelijk om extra duurzaamheidswinst te boeken. • Circulaire economie: We kopen duurzaam in. Hierbij kijken niet alleen naar de investeringskosten, maar hanteren een levenscyclus benadering en benutten de mogelijkheden voor hergebruik van materialen. Hiermee dragen we bij aan circulariteit. • Waterrobuust en klimaatbestendig: De gemeente streeft naar een klimaatbestendige inrichting van de gemeente voor 2050 gekoppeld aan de weersextremen neerslag, hitte en droogte. Beleid en doelen zijn vastgelegd in een separaat Uitvoeringsprogramma DPRA/ klimaatadaptatie. Vanuit de rioolheffing (GRP) kunnen alleen maatregelen gefinancierd worden die direct te relateren zijn aan de zorgplicht voor hemelwater, afvalwater of grondwater.

4.6

belangrijker geworden. Daarnaast bevat stedelijk afvalwater andere verontreinigende stoffen waaronder microverontreinigingen, bijvoorbeeld resten van geneesmiddelen die in lage concentraties een risico kunnen vormen voor het milieu en de volksgezondheid. De Commissie stelt in haar voorstel een aantal maatregelen voor, die stapsgewijs tot 2040 worden ingevoerd.

Ontwikkelingen in wet- en regelgeving

Naast de gevolgen van de Omgevingswet (zie 1.2) houden we rekening met de herziening van de Richtlijn Stedelijk Afvalwater. Deze is onderdeel van een breder pakket voorstellen om de verontreiniging terug te brengen. Met de herziening wil de Europese Commissie de Richtlijn Stedelijk Afvalwater moderniseren om de resterende vervuiling vanuit stedelijke bronnen aan te pakken: door het succes van centrale rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi’s) is de vervuiling uit andere bronnen relatief

37

Hoofdstuk 5 Visie en doelen Emmen water robuust; Waar willen we naartoe? Samen met alle partners werkt de gemeente aan waterrobuuste en klimaatbestendige voorzieningen voor afval-, hemel-, grond- en oppervlaktewater.

In dit hoofdstuk worden de visie en doelen voor de komende planperiode beschreven. Bij het beschrijven van de visie en doelen hebben we onderscheid gemaakt tussen een algemene overkoepelende visie en bijbehorende doelen en een visie en doelen voor de vier onderwerpen die de rode draad vormen in dit plan: afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater. Ook maken we inzichtelijk hoe we bijdragen aan een aantal Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties.

5.1

Overkoepelende visie en doelen

Visie We beschermen de volksgezondheid en het milieu door het inzamelen van afvalwater en overtollig hemel- en grondwater en transporteren het uit de directe leefomgeving. Dit doen we tegen de laagste maatschappelijk kosten. Ook beperken we (ernstige) hinder, wateroverlast en schade als gevolg van neerslag. Wij doen dit met betrokken en kundige mensen, samen

met inwoners en ondernemers, andere overheden en belanghebbenden en altijd redenerend vanuit het algemeen belang. De zorg voor het rioolstelsel en het grond- en oppervlaktewater vindt plaats op basis van robuustheid en doelmatigheid. Met onze visie en werkzaamheden dragen we bij aan de Sustainable Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties, ofwel “duurzame ontwikkelingsdoelen” in het Nederlands. Het zijn 17 doelen die in 2015 door de Verenigde Naties zijn aangenomen als onderdeel van de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling. De SDG’s vormen een wereldwijde oproep tot actie om de planeet te beschermen, armoede te beëindigen en ervoor te zorgen dat alle mensen vrede en welvaart ervaren. Vanuit ons taakveld dragen wij vooral bij aan de doelen 3) goede gezondheid en welzijn, 6) schoon water en sanitair, 9) industrie, innovatie en infrastructuur, 11) duurzame steden en gemeenschappen en 13) klimaatactie. In bijlage 5 leggen we meer uit over de bijdrage die wij vanuit riolering leveren aan deze doelen.

Figuur duurzaamheidsdoelen (SDG’s)

38

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

39

Doelen

Actieve communicatie

We hebben de wettelijke zorgplichten in afvalwater, grondwater en hemelwater vertaald in concrete doelen, te behalen resultaten en te leveren prestaties. Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden, de zogenaamde DoFeMaMe, zijn uitgewerkt in bijlage 6.

• We streven naar actieve communicatie over de watertaken gericht op bewustwording, het goed omgaan met het rioolstelsel, het bieden van handelingsperspectieven bij klimaatadaptatie en het verhogen van het bewustzijn voor eigen verantwoordelijkheden.

De overkoepelende doelen zijn: Maatschappelijk verantwoord omgaan met de voorzieningen voor afval-, hemel-, grond- en oppervlaktewater. • Robuust en doelmatig beheer en gebruik van het rioolstelsel, drainagevoorzieningen en het oppervlaktewater. Overlast moet worden voorkomen ook bij niet-functioneren van de riolering. Het verminderen van de negatieve footprint voor het milieu is hierbij een continu aandachtspunt. • Streven naar duurzaam materiaal- en energiegebruik en aanleg van duurzame systemen. • Streven naar een toekomstbestendig rioolsysteem. Riolering gaat technisch circa 80 jaar tot 120 jaar mee. Bij het ontwerp moet ook nagedacht worden over toekomstige (niet voorziene) ontwikkelingen. Het klimaat zal waarschijnlijk blijvend veranderen. Het is daarom verstandig om riolen met een iets grotere omvang aan te leggen (overdimensionering).

Maatschappelijk verantwoord omgaan met gemeenschapsgeld • Voorkomen dat huishoudens onnodig negatieve financiële gevolgen ondervinden van de huidige hoge inflatie en de sterk toegenomen energielasten. Daarom sturen we op lage woonlasten en een betaalbaar tarief. • Betaalbare waterketen, waarbij we sturen op risico’s, prestaties en kosten (functiegericht beheer). Waar mogelijk en zinvol werken we met andere partijen samen. We maken werk met werk en benutten veranderingen in de leefomgeving om (klimaat) maatregelen te nemen.

40

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

5.2

van het rioolstelsel (verminderen van de hoeveelheid overstortend rioolwater c.q. het voorkomen van de negatieve impact van overstortingen op de ecologische waterkwaliteit). • Voorkomen van rioolvreemd water. Dit betekent dat we willen voorkomen dat er hemelwater aangesloten wordt op vuilwaterriolering en vuilwater op hemelwaterriolering. • Voorkomen van achterstanden door tijdige en planmatige vervanging. • Levensduurverlenging en verbetering door functiegericht rioolbeheer

Afvalwater

Doelen

Visie De gemeente werkt aan een gezonde, leefbare en duurzame leefomgeving door in te zetten op een goed functionerend en robuust rioolsysteem dat kan meebewegen met de ontwikkelingen van de toekomst. Samen met de waterschappen streeft de gemeente naar het optimaal inzamelen en transporteren van het te zuiveren afvalwater. Daarbij houden we zo veel mogelijk rekening met circulariteit: hergebruik van water, nutriënten en warmte. Zo veel als mogelijk worden stromen van vuil- en schoonwater gescheiden (gehouden) en worden water en grondstoffen hergebruikt. Bij nieuwbouw moet het afvalwater en hemelwater altijd van elkaar gescheiden worden aangeleverd op de gemeentelijke riolering.

Doelen • Zorg dragen voor de inzameling en het transport van afvalwater • Waarborgen van het goed functioneren van het rioolstelsel, de gemalen en daarmee het transport van het afvalwater. • Voorkomen van overlast (anders dan hemelwateroverlast) voor de gemeenschap, zoals stank en ingezakte wegdelen. • Verbeteren van het milieu hygiënisch functioneren

een gemengd rioolstelsel door een gescheiden rioolstelsel zowel het openbaar gebied af als particuliere verharding (zoals inritten en daken), voor zover dit doelmatig mogelijk is en mits de eigenaar daarmee instemt. Hoewel het technisch mogelijk is, is het te kostbaar en niet doelmatig om (hemelwater)riolen bij de aanleg zo groot te maken dat ze nu en in de toekomst al het hemelwater kunnen verwerken. Bij hevige buien vinden wij het acceptabel dat enige tijd water op straat blijft staan, mits dit geen overlast of schade veroorzaakt. Indien het gaat om gemengd rioolwater op straat, zal de gemeente eerder ingrijpen (maatregelen treffen) dan wanneer het gaat om schoon hemelwater.

5.3

Hemelwater

Visie Gemeente Emmen draagt bij aan een veilige en klimaatbestendige leefomgeving door op een zorgvuldige manier om te gaan met het hemelwater. We kiezen voor een zo robuust mogelijk en beproefd systeem voor de inzameling, infiltratie en afvoer van hemelwater. Het rioleringssysteem leggen we aan met een te verwachten technische levensduur van 80 tot 120 jaar, waarbij hinder of beperkingen van het systeem minimaal moeten zijn. De gemeente zorgt voor het inzamelen en verwerken van hemelwater dat afstroomt binnen de bebouwde kom van bestaande bebouwing en wegen: In het buitengebied moeten bewoners en bedrijven zelf voor de verwerking van hemelwater zorgen. Het hemelwater mag niet op de mechanische riolering worden aangesloten, want deze is daar niet op berekend. De gemeente Emmen ontvlecht het stedelijke afvalwater en het hemelwater, mits dit doelmatig is. Dit resulteert vrijwel altijd in de keuze voor een gescheiden stelsel (afkoppelen). De gemeente koppelt bij vervanging van

Zorg dragen voor de inzameling en verwerking van hemelwater als gevolg van neerslag in het stedelijk gebied. • Voorkomen van economische schade door hemelwateroverlast in woningen en bedrijfspanden door instroming vanuit de openbare ruimte. • Voor de afvoer van hemelwater worden de volgende voorkeursvolgordes gehanteerd: - Schoonhouden, scheiden en zuiveren (waterkwaliteit) - Vasthouden, bergen en afvoeren (waterkwantiteit). • Bij de inpassing van hemelwatervoorzieningen en aanpassing aan het oppervlaktewater in ruimtelijke plannen houden we rekening met klimaatverandering. • Inzet van schoon hemelwater ten behoeve van waterkwaliteitsverbetering. • Zorgen voor het transport van het ingezamelde water naar een geschikt lozingspunt. Voorkomen van wateroverlast en verdroging door een veranderend klimaat en een klimaatadaptieve verwerking van hemelwater • Inzicht in wateroverlastgevoelige gebieden en kwetsbare objecten. • Voor de afvoer van hemelwater wordt gebruik gemaakt van de sponswerking van de bodem, zowel in de openbare ruimte als op particulier terrein.

41

• Lokale verwerking van hemelwater door particulieren wordt gestimuleerd door hier over de mogelijkheden te communiceren. De gemeente gaat dit niet afdwingen bij bestaande bebouwing. • Hemelwater lokaal opslaan / laten infiltreren om grondwater aan te vullen en hiermee de gevolgen van verdroging te beperken.

5.4

Grondwater

• Per locatie formuleren we de meetdoelen om: - De veranderingen van het grondwaterpeil te monitoren - De te nemen maatregelen te beoordelen - Eigenaren adviseren bij het nemen van de eigen verantwoordelijkheid voor grondwater op het eigen perceel. - De rol van regisseur te vervullen bij grondwaterproblemen in stedelijk gebied.

5.5

hemelwater en grondwater te kunnen verwerken. Met het rioleringsbeleid willen we bijdragen aan oppervlaktewater met een goede ecologie en waterkwaliteit en waterbodem. • De vervuilende invloed op de kwaliteit en het ecologisch functioneren van het oppervlaktewater en de waterbodem door overstortingen en hemelwaterlozingen wordt waar nodig en mogelijk beperkt.

Verbetering van de kwaliteit van het oppervlaktewater en waterbodem door planmatig beheer en onderhoud. Verbetering van de gebruiksmogelijkheden en waar mogelijk de recreatieve functies van oppervlaktewater.

Oppervlaktewater

Visie Inzicht is de belangrijkste basis voor het beoordelen en aanpakken van grondwaterproblematiek. De gemeente wil daarom, juist bij een veranderend klimaat, een goed beeld hebben van de ontwikkeling en de gevolgen van veranderende grondwaterstanden Hiervoor doet zij onderzoek of de grondwaterstand structureel negatieve gevolgen heeft voor de aan de grond gegeven bestemming. Dit doen we primair naar aanleiding van meldingen of geplande ingrepen in het stedelijk gebied. Ingrijpen doen we vanuit heldere afwegingscriteria en doelmatigheid. De gemeente doet dit samen met de waterschappen Vechtstromen en Hunze en Aa’s en perceeleigenaren, die allen een eigen verantwoordelijkheid hebben.

Doelen • Structureel nadelige gevolgen zoveel mogelijk te voorkomen • Voorkomen van te hoge/lage grondwaterstanden bij werkzaamheden in het openbaar gebied, zoals bij het vervangen van riolering. • Beperken van structurele nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming in het stedelijk gebied.

Visie Het oppervlaktewater bestaande uit kanalen, vijvers en sloten en is een belangrijke schakel voor het veilig- en drooghouden van de gemeente, bijvoorbeeld bij extreme neerslag. Zo draagt het bij aan een klimaatbestendige leefomgeving. Ook is oppervlaktewater van groot belang voor een schone en gezonde leefomgeving voor inwoners, planten en dieren. Schoon en gezond betekent ook dat mensen en dieren niet ziek worden na contact met oppervlaktewater. Het oppervlaktewater heeft een (recreatieve) gebruikswaarde en levert een belangrijke bijdrage aan de algehele belevingswaarde, biodiversiteit en natuurontwikkeling. Zichtbaar water in de bebouwde omgeving en een goede waterkwaliteit kan bijdragen aan een hoger waterbewustzijn en belevingswaarde. Overstortvijvers zijn onderdeel van de riolering waarbij het beheer en onderhoud zich mede richt op de beleving van water in de leefomgeving.

Doelen Binnen het kader van het gemeentelijk rioleringsbeleid zorgt oppervlaktewater voor voldoende bergings- en afvoercapaciteit om Rioolvervanging Kerhoflaan in Emmen

42

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

43

Hoofdstuk 6 Beleid en aanpak water robuust Emmen; Wat gaan we doen? Met een integrale aanpak spelen we in op ruimtelijke ontwikkelingen, dragen we bij aan een duurzame leefomgeving en zorgen we voor goed beheer en onderhoud.

In hoofdstuk 5 hebben we de visie omschreven als: We beschermen de volksgezondheid en het milieu door het inzamelen van afvalwater en overtollig hemel- en grondwater en transporteren het uit de directe leefomgeving. Dit doen we tegen de laagste maatschappelijk kosten. Ook beperken we hinder, ernstige hinder en wateroverlast en schade als gevolg van neerslag. Dit hoofdstuk beschrijft het beleid en de aanpak om deze visie te realiseren en hoe we tot een waterrobuuste gemeente komen. Onder robuust verstaan wij dat het systeem in alle omstandigheden blijft functioneren door het (waar mogelijk) vermijden van onderdelen die technisch kunnen falen. Voor de beleidsuitwerking hebben we in aansluiting op het vorige hoofdstuk eerst het overkoepelende beleid omschreven om vervolgens het beleid uit te werken naar de vier onderwerpen afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater. Voor de concrete maatregelen, projecten en onderzoeksactiviteiten die we in 2024-2028 gaan oppakken verwijzen we naar de vervangingsprojecten (bijlage 7), rioolgemalen, persleidingen en mechanische riolering (bijlagen 8, 9 en 10) en de lijst met onderzoeks-en adviesactiviteiten (bijlage 11).

44

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

6.1

Overkoepelend beleid

6.1.1

Inspelen op ruimtelijke ontwikkelingen

Een beeld krijgen van de groeiende bevolking en de invloed op het rioolstelsel Naar verwachting worden er in de gemeente Emmen tot 2030 ongeveer 4.000 nieuwe woningen gebouwd, wat leidt tot een toename van de hoeveelheid afvalwater die ingezameld en getransporteerd moet worden. De gemeente brengt deze veranderingen in overleg met het waterschap Vechtstromen en Hunze en Aa’s in beeld. De veranderingen in aanbod en analyse van eventuele consequenties voor de capaciteit van gemalen worden per rioleringsgebied bepaald, zodat in de toekomst onderbouwde (investerings)beslissingen kunnen worden genomen. Kosten voor de aanleg van riolering en water worden bij nieuwe ontwikkelingen niet betaald uit de rioolheffing. Deze kosten moeten worden toegerekend aan de initiatiefnemer. Watertoets / Waterparagraaf Bij nieuwe ontwikkelingen en herstructureringen is water/riolering een belangrijk aspect in de planvorming. Eventuele kans op (grond)wateroverlast en mogelijkheden om het afvalwater af te voeren moeten bij de planvorming getoetst worden. Om de waterbelangen te borgen bij nieuwe ontwikkelingen moet er een waterparagraaf of een watertoets opgesteld worden. De waterparagraaf in het bestemmingsplan beschrijft de visie op de verwerking van afvalwater, hemelwater en grondwater.

Daarnaast wordt de samenhang met oppervlaktewater in dat gebied beschreven en worden eisen aan de uitwerking gesteld. Indien er sprake is van toename van verhard oppervlak, moet het verlies aan waterberging gecompenseerd worden. Deze “bergingsopgave” komt voor rekening van het project. Een standaard eis bij alle nieuwbouwprojecten is dat het afvalwater en het hemelwater gescheiden wordt aangeleverd op de perceelgrens. Dit is ook van toepassing

45

in gebieden waar de gemeentelijke hoofdriolering nog steeds gemengd is. Afspraken over de bergingsopgave zijn samen met de waterschappen vastgelegd in de structuurvisie “Emmen water” (zie www.ruimtelijkeplannen.nl). Indien de bergingsopgave niet binnen het plangebied kan worden opgelost (omdat het niet wenselijk is vanuit kosten, ruimtelijk perspectief of hydrologisch niet realiseerbaar) dan biedt de structuurvisie de mogelijkheid de bergingsopgave elders te realiseren.

6.1.2

Bijdragen aan bescherming van het milieu en zorg voor een duurzame leefomgeving

Afkoppelen Afkoppelen van verhard oppervlak draagt bij aan de scheiding van waterstromen, het verminderen van de afvoer van schoon hemelwater naar de rioolwaterzuivering en het verminderen van de hoeveelheid overstortwater op het oppervlaktewater. Hierdoor vermindert de vuiluitworp en daarmee de negatieve effecten op het oppervlaktewater. Infiltratie Infiltratie van hemelwater in de bodem draagt bij aan het tegengaan van verdroging, aan een vertraging van de afvoer naar het oppervlaktewater en aanvulling van het grondwater. Door hemelwater in de bodem te infiltreren hoeft er ook minder hemelwater afgevoerd te worden. Hiermee worden rioolstelsels ontlast en wordt de kans op wateroverlast lager. Ecologie verbeteren Door het aanleggen van natuurvriendelijke oevers en voorzieningen kan aanwezige fauna makkelijker duikers, bruggen of anderen harde constructies passeren. Dit bevordert de ecologie. Beschoeiingen rondom overstortvijvers worden daarom bij renovatie zoveel mogelijk verwijderd.

46

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

Exoten beheer Steeds vaker treffen we in watergangen woekerende uitheemse waterplanten aan. Dit kan de doorstroming van sloten op kanalen belemmeren, wat de ontwatering van het stedelijke gebied hindert. Bij hevige neerslag leidt dit tot overlast of grondwaterproblemen. In deze situaties dragen we vanuit de rioolheffing bij aan het schonen van deze watergangen. Duurzaam materiaalgebruik en uitvoering Via duurzaam ontwerpen wordt het gebruik van duurzame materialen bevorderd. Bij riool vervangingsprojecten worden duurzaamheidsaspecten als gunningscriteria gebruikt, om de inschrijvers te stimuleren het project zo duurzaam mogelijk uit te voeren. Groene en alternatieve energiebronnen Aquathermie is te onderscheiden in TEO (thermische energie uit oppervlaktewater (vijvers, sloten)), TED (thermische energie uit drinkwater (leidingen, buffervaten) en TEA (thermische energie uit afvalwater (waaronder Riothermie). In de Samenwerking Noordelijke Vechtstromen is de haalbaarheid van riothermie in Emmen onderzocht, maar de techniek lijkt vooralsnog niet (rendabel) toepasbaar. Wel blijft het deel uitmaken van de pijler Energietransitie binnen het programma Duurzaamheid en Klimaat.

6.1.3

Optimaliseren door functiegericht rioolbeheer

Om de inzameling en transport van het afvalwater in stand te houden is onderhoud en beheer noodzakelijk. We proberen dit tegen de laagste maatschappelijke kosten te doen. We vervangen niet op basis van leeftijd, maar bepalen het verwachte vervangingsmoment op basis van de werkelijke toestand van een riool op die locatie, de mate van belangrijkheid van een riool en waar het riool ligt (aan een riool onder een spoorweg worden hogere eisen gesteld dan aan een riool in een berm). Zo kunnen we

de risico’s goed afwegen. Dit noemen we functiegericht rioolbeheer: zo gaan we ons beheer verder optimaliseren. We zijn tot de volgende indeling gekomen voor de riolen: o Zinkers. Dit zijn riolen onder kanalen of spoorwegen. Deze riolen zijn essentieel voor het functioneren van de riolering. Hier mogen geen gebreken zijn, omdat deze moeilijk en kostbaar te repareren zijn. We stellen aan deze riolen de hoogste eisen. • Hoofdriolering. Hieronder verstaan we riolen in belangrijke wegen (bijvoorbeeld gebiedsontsluitingswegen), riolen richting gemalen of overstorten. Deze riolen zijn belangrijk voor het functioneren van de riolering voor een groot gebied. Hieraan stellen we hoge eisen. • Riolen in grondwaterbeschermingsgebieden (drinkwaterwinning). Aan deze riolen stellen we dezelfde eisen als aan de hoofdriolering, maar met hogere eisen aan waterdichtheid, omdat lekkage naar de ondergrond niet mag optreden. • Nevenriolering. Dit zijn riolen in woonbuurten die een functie vervullen voor de afvoer van een beperkt gebied. We stellen hier lagere eisen aan, omdat bij een calamiteit een reparatie meestal mogelijk is. Met deze indeling kunnen we het moment bepalen waarop de vervanging zo efficiënt mogelijk is. Het functiegerichte rioolbeheer wordt ook geleidelijk ingevoerd in het onderhoud en beheer van de riolering.

Gemalenonderhoud vindt plaats op basis van risico’s van niet-functioneren en gevolgen. De reiniging- en inspectiefrequentie van de riolering wordt hier ook op aangepast.

6.1.4

Communicatie

Een servicegerichte houding van de gemeente Bewoners en ondernemers kunnen meldingen indienen via het klantcontactcentrum (KCC) of via de website. We streven naar zo snel mogelijke afhandeling. Verstoppingen of problemen met de gemalen kunnen dag en nacht worden doorgegeven. Ernstige meldingen

worden acuut opgepakt of ingepland. Meldingen vragen om servicegerichtheid van de gemeente, maar geven ook waardevolle informatie over knelpunten, zoals wateroverlast. De meldingen worden geregistreerd en afgehandeld in het medewerkersportaal. Communicatie naar inwoners Hinder voor inwoners door werkzaamheden willen we zoveel mogelijk beperken. Daarom staan wij voor goede communicatie en participatie met inwoners, Erkende Overlegpartners (EOP’s) en verenigingen. Communicatie maakt integraal onderdeel uit van alle projecten en maatregelen die wij uitvoeren. We zoeken per project naar maatwerk en de optimale communicatiemiddelenmix. We communiceren projectgericht in wijken en straten waar maatregelen worden genomen. Daarnaast zijn we actief in de voorlichting over wat inwoners zelf kunnen doen om een goede werking van het riool te bevorderen. Ook het bieden van handelingsperspectieven voor klimaatadaptatie zal uitgebreider de aandacht krijgen (onder andere via www.laatunietverrassen.nl). Samenwerking Noordelijke Vechtstromen De Samenwerking Noordelijke Vechtstromen (SNV) is opgezet om de watertaken die elke gemeente heeft op elkaar af te stemmen en om een aantal doelen te bereiken. De doelen zijn : • Kostenbesparing • Kwaliteit verbeteren • Kwetsbaarheid verminderen • Duurzaamheid bevorderen Deze doelstellingen passen goed in de visie van de gemeente Emmen.

Momenteel werken we met gemeenten BorgerOdoorn, Coevorden, Hardenberg, Ommen, waterschap Vechtstromen, WMD aan de opgaven vanuit de waterketen en klimaatadaptatie. Via deze weg maakt SNV aanspraak op ruim € 5 miljoen (impuls) subsidie, die we inzetten voor verbetermaatregelen klimaatadaptatie. Ook geven we gemeenschappelijk richting aan de

47

communicatie over klimaatadaptatie naar inwoners. Daarnaast bepalen we op basis van de uitkomsten van de gemeenschappelijk uitgevoerde Rioned branchestandaard naar wat logische vervolgstappen zijn om de personele kwetsbaarheid in de waterketen te verkleinen. Tot slot werken we verder aan de doorontwikkeling van de gezamenlijke hoofdpost. De gemeente Emmen vervult hier een trekkersrol als het gaat om de ontwikkeling van analysetools die moeten leiden tot meer inzicht en betere investeringsbeslissingen.

6.2

Afvalwater

Om het afvalwater binnen de gemeente te kunnen blijven inzamelen en transporteren is continu aandacht nodig voor het functioneren en de toestand van de rioleringsstelsels. Onderstaand geven we aan hoe we dit invullen: Rioolvervanging We onderzoeken de toestand en het functioneren en stellen op basis daarvan de vervangingsplanning op: een belangrijke pijler voor dit beleidsplan, en mede bepalend voor de kosten gedurende deze GRP-periode. De vervangingsprognose is circa 36 km riolering voor de planperiode tot en met 2028. De gemeente Emmen zet de bestaande werkwijze voort: • Bij vervanging van gemengde riolering, ontvlechten we het stedelijke afvalwater en het hemelwater, mits dit doelmatig is. Dit is een beleidskeuze (geen wettelijk voorschrift). • Bij rioolvervanging staat het probleem dat we ermee willen oplossen centraal. We kiezen vervolgens de maatregel die past bij het doel. Dit resulteert vrijwel altijd in de keuze voor een gescheiden stelsel (afkoppelen). • In uitzonderingsgevallen, bijvoorbeeld als er geen

hydraulische knelpunten zijn, is relinen (het versterken van de binnenkant van de bestaande buis door er een ‘kous’ doorheen te trekken) of het aanleggen van een gemengd stelsel een optie. Bij de twee laatstgenoemde maatregelen wordt afvalwater en hemelwater via dezelfde leiding afgevoerd, wat minder gunstig is vanuit milieudoelstellingen, duurzaamheid, en het rendement van de rwzi. Werk met werk maken bij rioolvervangingen Naast afwegingen ten aanzien van het riool zelf (toestand, hydraulisch functioneren en functie) houden we bij vervanging rekening met werkzaamheden en ontwikkelingen in de omgeving. Het streven is om rioolvervangingswerkzaamheden zoveel mogelijk te combineren (werk met werk maken) met andere werkzaamheden (bijvoorbeeld vervangen van bestrating, elektriciteitskabels of drinkwaterleidingen en herinrichtingsprojecten). Dit bespaart kosten en beperkt overlast voor de inwoners.

Voor reiniging en inspectie hanteren we een functiegerichte werkwijze: de frequentie wordt bepaald op basis van functie en risico’s. Minder belangrijke (neven) riolen inspecteren we alleen waar de vorige inspectieronde gebreken waren. Met putvideo’s bepalen we de vervuiling en op basis hiervan worden deze riolen wel of niet gereinigd en geïnspecteerd. Belangrijke riolen zoals zinkers en riolering in grondwaterbeschermingsgebieden worden vaker geïnspecteerd, namelijk 1 x per 5 jaar. Riolen die belangrijk zijn voor de afvoer van een groot gebied worden nog steeds met de frequentie van 1 x per 10 jaar geïnspecteerd. In de komende planperiode wordt dit beleid voortgezet.

Onderhoud gemalen Het onderhoud aan gemalen betreft reiniging en inspectie, onderhoud aan werktuigbouwkundige en elektrotechnische installaties, kleine reparaties, vervangen van onderdelen, hosting en monitoring van de werking van deze voorzieningen en specifiek onderzoek. Aan de hand van de uitgevoerde inspecties en onderhoudsinventarisaties worden vervangingen bepaald en wordt de planning verder aangescherpt op basis van het functioneren in de praktijk. De hoofdgemalen worden jaarlijks geïnspecteerd op gebreken. De installaties van zowel de hoofdgemalen als drukriolering laten we elke 4 jaar elektrotechnisch keuren. We hebben de inspectieresultaten vertaald naar een gemalenbeheerprogramma.

Gemeentelijke riolen moeten goed bereikbaar zijn Voor het onderhoud van de gemeentelijke riolen moeten ze goed bereikbaar zijn. Het eerste uitgangspunt is dat gemeentelijke riolen in gemeentegrond horen te liggen. Als dit niet het geval is, zal hier bij vervanging van de betreffende riolen naar worden gestreefd, mits dit op grond van de lokale situatie doelmatig is. Het tweede uitgangspunt is dat geen gronden worden verkocht waarin gemeentelijk riolen zijn gelegen, tenzij compensatie van de verloren berging en afvoercapaciteit wordt geborgd. Reiniging en inspectie van riolering Om inzicht te krijgen in de kwaliteitstoestand van riolen, en om vervangings- en verbetermaatregelen te bepalen, voeren we inspecties uit. Voorafgaand wordt de betreffende rioolstreng gereinigd en het vrijkomend slib afgevoerd. Jaarlijks reinigt en inspecteert de gemeente Emmen ongeveer 42 kilometer van de riolering. Kleine gebreken (reparaties en het verwijderen van ingroeiende boomwortels) worden na afloop van de inspecties hersteld. Collega’s Team SOR (Onderhoud) in actie

48

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

49

In de Samenwerking Noordelijke Vechtstromen hebben we een gezamenlijke hoofdpost ingericht. De hoofdpost geeft inzicht in het functioneren van de gemalen en stuurt de monteurs aan bij storingen. Storingen van hoofdgemalen worden hier geregistreerd. Het dagelijkse onderhoud en storingen worden door de medewerkers van het team SOR opgepakt (zie foto). Gegevensbeheer Betrouwbare gegevens zijn onmisbaar. Zij zijn het fundament voor effectief rioolbeheer, een realistische vervangingsplanning en doelmatige investeringen in de toekomst. De gegevens die de gemeente beheert, worden gebruikt voor de opbouw van het modelinstrumentarium waarmee de stelsels hydraulisch worden doorgerekend en getoetst. Om de gegevens goed te kunnen beoordelen, is voldoende kennis en capaciteit nodig. We focussen op het verbeteren van bestaande data en vervolgens op de beoordeling. Optimalisatie afvalwatersysteem (OAS) Om de doelmatigheid van het functioneren van het afvalwatersysteem te verhogen, wil de gemeenten samen met de waterschappen een OAS uitvoeren. Daarmee willen we doelen voor emissies, waterkwaliteit en het voorkomen van wateroverlast tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten realiseren. Naast winst (voor het milieu en in maatschappelijke kosten) levert een OAS meer inzicht in het functioneren van het afvalwatersysteem op.

Daarmee zijn ook na de OAS beter onderbouwde keuzes te maken voor specifieke detailmaatregelen, bij herinrichting en bij uitbreiding van delen van het afvalwatersysteem. In samenspraak met het waterschap bepalen we aan de voorkant aan welke criteria de OAS moet voldoen. Voor de gemeente zijn de volgende criteria van belang: functionaliteit, robuustheid, levensduur, beheer, slibafzetting, preventie betonrot, reinigingskosten. Uitgangspunt is dat verschuiving van kosten en baten tussen waterschappen en gemeente worden verrekend en dat alle partijen zich verbinden aan de uitkomst van het onderzoek.

50

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

Bedrijfsafvalwater Op dit moment zamelen we naast afvalwater van huishoudens, ook bedrijfsafvalwater in. De afname hiervan is geen wettelijke verplichting, voor gemeente en waterschap. In sommige gevallen gaat het om grote hoeveelheden. Zolang dit niet leidt tot aanpassing of schade van ons rioolstelsel is er geen bezwaar. Indien de capaciteit onder druk komt te staan, of de aard van het afvalwater aanleiding is voor nadere investeringen, hebben we de mogelijkheid af te wijken en per geval een afweging te maken. Hiervoor ontwikkelen we in de komende planperiode beleid.

Hoofdactiviteiten

Nadere omschrijving

Onderhoud en beheer

- Reinigen en inspecteren van riolering en gemalen - Actualiseren reinigings- en inspectie plan - Monitoring - Onderhoud en reparatie aan de riolering en de gemalen - Adequaat gegevensbeheer - Gemaalbeheer

Vervanging en verbetering

- Vervanging van circa 36 km riolering in deze planperiode zoveel mogelijk door een integrale aanpak (werk met werk). - Uitwerken verbetermaatregelen vanuit modelstudies. - Bijdragen aan klimaatbestendige inrichting

Onderzoek en advies

- Inspectie riolering - Functioneren riolering in theorie en praktijk beoordelen - Europese richtlijn stedelijk afvalwater (KRW) - Optimalisatiestudie afwatersysteem (OAS)

Foutieve aansluitingen en rioolvreemd water De gemeente wil fout aangesloten leidingen zoveel mogelijk voorkomen en beperken. Foutieve (vuilwater) aansluitingen op het hemelwaterriool zorgen voor een slechtere waterkwaliteit, omdat vuilwater direct -zonder zuivering- wordt geloosd op het oppervlaktewater. Foutieve aansluitingen op het vuilwaterriool zorgen ervoor dat hemelwater onnodig naar de zuivering wordt afgevoerd. Als klachten en meldingen aanleiding geven, doen we nader onderzoek. Onderzoek naar gevolgen herziening van de Richtlijn Stedelijk Afvalwater Met de herziening wil de Europese Commissie de Richtlijn Stedelijk Afvalwater moderniseren om de resterende vervuiling vanuit stedelijke bronnen aan te pakken om te voldoen aan de waterkwaliteitseisen uit de KRW. We onderzoeken wat dit voor de gemeente betekent. Maatregelen afvalwater In onderstaande tabel staat een samenvatting van de activiteiten die we uitvoeren om het functioneren (afvalwater inzamelen en transporteren) te waarborgen :

6.3

Hemelwater

Voor de verwerking van hemelwater en om overlast te beperken zijn goed functionerende hemelwatervoorzieningen noodzakelijk. Na een hevige bui kan hemelwater op straat blijven staan. Hemelwaterriolering, kolken en lijngoten zijn belangrijke voorzieningen die de kans op wateroverlast moeten verminderen. Inzicht in de toestand en het functioneren van de voorzieningen is belangrijk om onderbouwde keuzes te kunnen maken en doelmatige maatregelen te kunnen treffen. Onderstaand staat aangegeven wat we doen om deze taak in te vullen. Reinigen van kolken en straatvegen Verstopping van kolken en lijngoten kan lokaal leiden tot wateroverlast en dit proberen we zo veel mogelijk te voorkomen. Eén keer per jaar worden alle kolken en

lijngoten daarom gereinigd. Een aantal kolken maken we vaker schoon, op basis van meldingen en storingen. AREA voert voor de gemeente de kolkenreiniging en het straatvegen uit. De kosten voor het kolkenreinigen worden volledig toegerekend aan de rioolheffing. Het straatvegen leidt tot minder zand en blad in de kolken en riolen, wat een goede afstroming bevordert. Uitgangspunt is dat 50% van de kosten wordt toegerekend aan riolering. Straatvegen dient primair andere doelen zoals beeldkwaliteit, verkeersveiligheid en onkruidbestrijding. Tot 2018 werden de kosten van het straatvegen betaald uit de algemene middelen. De kosten voor het straatvegen en kolkenreiniging zijn sterk gestegen gedurende de periode 2018 – 2023. In 2024-2028 gaan we onderzoeken hoe we deze kosten kunnen beperken. Beheer van overige hemelwatervoorzieningen De hemelwatervoorzieningen die de afgelopen jaren zijn aangelegd (waterbergende vijvers, greppels, wadi’s en andere infiltratievoorzieningen) zijn geïnventariseerd en toegevoegd aan het digitale gegevensbeheer. In de komende planperiode gaan we het periodieke onderhoud van deze voorzieningen verder optimaliseren.

51

Scheiden van waterstromen/afkoppelen Bij nieuwbouw zetten we altijd in op het scheiden van vuil afvalwater en schoon hemelwater. Zo ontlasten we de rwzi en dragen we bij aan de waterkwaliteit. Bij herstructurering scheiden we de waterstromen, waar mogelijk en doelmatig. De afweging wordt op projectniveau gemaakt omdat het locatiespecifiek is. Als de afstand tot het oppervlaktewater groot is, er weinig ruimte is of als er veel kabels en leidingen liggen, is de aanleg van een gescheiden stelsel niet doelmatig. We willen schoon hemelwater zo veel mogelijk schoonhouden; dat is het basisprincipe bij het omgaan met hemelwater. De voorkeursvolgorde voor omgaan met overtollig hemelwater is: vasthouden (infiltratie in bodem via infiltratieriool of -kratten) - bergen (in het hemelwaterstelsel - afvoeren (naar het oppervlaktewater). Op het moment dat al deze mogelijkheden zijn benut, wordt het overtollige water op het maaiveld geborgen. Particuliere verharding afkoppelen Als we een gemengd rioolstelsel vervangen door een gescheiden rioolstelsel, koppelen we zowel het openbaar gebied af als particuliere verharding (zoals inritten en daken), voor zover dit mogelijk is en mits de eigenaar daarmee instemt. We hebben dit beleid geëvalueerd en zetten dit voort omdat het effectief is. Zo voorkomen we foutieve aansluitingen en ontzorgen we de bewoners.

Bovendien hoeven we dan niet in te zetten op controle of handhaving. Dat zou wel nodig zijn wanneer het afkoppelen aan de particulier wordt overgelaten. De kosten voor het afkoppelen door de gemeente zijn verdisconteerd in de rioolheffing. Zo betaalt de particulier indirect voor het afkoppelen. Voorkomen van water op straat Onder “water op straat” verstaan we een situatie waarbij het water tijdelijk en kortdurend op straat komt te staan, omdat tijdens extreme regenval de riolering overbelast raakt. Hierbij kan wel hinder optreden maar hoeft geen schade te ontstaan. Als norm voor water op straat hanteert de gemeente dat er bij een bui van 20 mm in

52

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

1 uur met een herhalingstijd van 1 keer per 2 jaar geen water op straat komt te staan. De riolering zou deze hoeveelheid neerslag moeten kunnen verwerken. Staat er wel water op straat, dan neemt de gemeente maatregelen. De gemeente rekent elke 10 jaar alle bestaande rioolstelsels door met deze bui. Bij de ontwerp en aanleg van hemelwaterriolering in nieuwe wijken houden we vanwege klimaatverandering rekening met een bui van 29,8 mm per uur. Wateroverlast en omgang met extreme regenval Door klimaatverandering regent het vaker en harder, waardoor de riolering de afvoer niet altijd volledig aankan. Hierdoor ontstaat water op straat of wateroverlast. Het is geen oplossing om rioolstelsels geschikt te maken om alle extreme buien te kunnen verwerken: dit zou naast veel ruimte, ook teveel geld kosten. Hemelwater, dat niet meer in de riolering past, willen we ‘verantwoord’ in de openbare ruimte of in het oppervlaktewater opvangen. Verantwoord is: met zo min mogelijk schade aan gebouwen en geen belemmeringen voor hulpdiensten, inwoners en bedrijven. We hebben goed inzicht in welke objecten en gebieden kwetsbaar zijn voor wateroverlast, de verwachte impact op de leefomgeving en verbetermaatregelen. De stresstest laat zien wat er gebeurt als er een bui valt van 70 mm in 1 uur (situatie 2050). Deze bui komt volgens het klimaatscenario 2014 eens per 100 jaar voor.

Deze bui mag geen overlast geven: in dat geval worden er voor 2050 maatregelen getroffen. Eind 2023 verwachten we nieuwe klimaatscenario’s, die de scenario’s uit 2014 vervangen. Bij wateroverlast hebben we geen normen of maatstaven om in te grijpen. In elke situatie maken we een doelmatigheidsafweging op basis van aspecten als de omvang, de duur van de wateroverlast, het aantal mensen dat er last van heeft, de locatie, de risico’s voor volksgezondheid en milieu, en de mate waarin de vitale infrastructuur (toegangswegen naar bedrijventerreinen, ziekenhuizen) wordt geraakt. Ook de kosten om het probleem op te lossen, wegen we mee.

Om inwoners toch een richtlijn te geven wat ze kunnen verwachten, onderscheiden we drie gradaties: 1. Hinder 2. Ernstige hinder 3. Overlast en schade

Emmermeer, Emmerhout). Hierdoor hebben we het rioolstelsel goed op orde en voldoet het grotendeels aan de 20mm/ uur norm. Door de toename van verhard oppervlak komen er in de toekomst echter opgaves bij en blijft dit een punt van aandacht.

Ad 1 Hinder: Korte tijd beperkte hoeveelheden ‘waterop-straat’, waarbij verkeer nog mogelijk is. De gemeente neemt in eerste instantie geen maatregelen, maar heeft deze situaties wel in beeld. Zodra zich kansen voordoen om ‘werk met werk’ te maken, nemen wij alsnog maatregelen.

Om ons beter te kunnen voorbereiden op extreme situaties en het risico op waterschade te beperken, verbeteren wij onze rekenmodellen, voeren modelberekeningen uit en onderzoeken welke maatregelen/oplossingen er mogelijk kunnen zijn. Ook investeren we in verbetermaatregelen in probleemgebieden.

Ad 2 Ernstige hinder: Enige tijd forse hoeveelheden ‘water op straat’, met ondergelopen tunnels en opdrijvende putdeksels. Ook hier hebben wij de situaties in beeld. In geval van ernstige hinder treffen we als gemeente allereerst tijdelijke bovengrondse kostenefficiënte maatregelen, zoals bijvoorbeeld het plaatsen van afzettingen om het acute veiligheidsrisico te beperken. We nemen als gemeente alleen maatregelen op het moment van een reconstructie (werk met werk maken).

Vergroten inzicht in functioneren We willen het inzicht in het functioneren van de riolering blijven vergroten. Een basisrioleringsplan (BRP) brengt op basis van berekeningen modelmatig in kaart waar water op straat optreedt bij een standaardbui. Onze BRP’s zijn in 2018 geactualiseerd. Samen met de waterschappen bepalen we in het BRP de afvoer naar oppervlaktewater en de gevolgen voor de waterkwaliteit. Er zijn momenteel geen waterkwaliteitsproblemen ten gevolge van overstortingen, waardoor de noodzaak om overstorten te gaan monitoren nu ontbreekt. Zodra er aanleiding ontstaat om een meetplan op te stellen, dan gaan we dit in deze planperiode oppakken. We gaan een Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW) opstellen: de opvolger van het basisrioleringsplan (BRP). In de zorgplichten voor afval-, hemel- en grondwater zijn behalve de riolering ook de openbare ruimte en het oppervlaktewater betrokken. In het SSW worden alle deelsystemen van het stedelijk watersysteem, het functioneren, de beoordeling van het functioneren en eventuele maatregelen beschreven. De nieuwe naam sluit beter aan op de aard van het plan: het evalueren van het systeemfunctioneren van de volledige infrastructuur voor het stedelijk waterbeheer. Naast riool- en drainagestelsels zijn de bovengrondse ruimte en oppervlaktewater daar uitdrukkelijk onderdeel van.

Ad 3 Overlast en schade: Langdurig en op grotere schaal ‘water-op-straat’, met schade. Voorbeelden zijn: water in winkels, woningen met materiële schade, gezondheidsschade, (ziekten of letsels die direct te relateren zijn aan water op straat) en ernstige belemmeringen van het (economische en maatschappelijke) verkeer. De gemeente vindt dit niet acceptabel en zal overgaan tot maatregelen. Deze maatregelen worden doorgaans niet uit de rioolheffing betaald, omdat het de inrichting van het openbaar gebied betreft, bijvoorbeeld het verlagen van wegen of plantsoenen. Hier kan het water dan geborgen worden, met minder kans op wateroverlast. Alleen als de riolering niet voldoet aan de norm (afvoer van 20 mm/uur) betalen we maatregelen, zoals aanpassingen in de inrichting van het maaiveld, uit de rioolheffing. De gemeente Emmen heeft de afgelopen jaren de grootste wateroverlast-knelpunten aangepakt (o.a. Angelslo,

53

Vergroening van bebouwd gebied We gaan in projecten actief op zoek naar kansen voor het vergroenen van de openbare ruimte in combinatie met verwerking van hemelwater. Vergroening is een van de mogelijkheden om zoveel mogelijk water in het gebied vast te houden. Het vergroenen heeft verschillende voordelen: • Een groene leefomgeving draagt bij aan de gezondheid, omdat dit de luchtkwaliteit verbetert en hittestress in de zomer bestrijdt. • Voorzieningen in het groen zijn goedkoper dan het uitbreiden van het rioleringsstelsel. • Infiltreren van meer hemelwater in plaats van afvoeren is een goede maatregel tegen droogte, omdat het hemelwater het grondwater aanvult. Klimaatadaptatie op particulier terrein We stimuleren duurzame initiatieven en bieden initiatieven de ruimte. Inwoners en bedrijven kunnen hun steentje bijdragen om de leefomgeving waterrobuuster te maken.

54

Regen valt immers niet alleen in de openbare ruimte: ongeveer de helft van het stedelijk gebied van gemeente Emmen is niet in bezit van de gemeente zelf. Voorbeelden van maatregelen op eigen terrein zijn het aanleggen van groene daken en het verminderen van verharding (tegels) in tuinen en op binnenterreinen. Deze maatregelen dragen vooral bij aan vergroening, bewustwording en biodiversiteit en hebben daarmee waarde. De impact op het functioneren van de riolering is mooi meegenomen, maar beperkt. De website www.laatunietverrassen.nl geeft inwoners inzicht waar de knelpunten optreden en biedt handelingsperspectief: maatregelen die zij zelf kunnen nemen om de situatie te verbeteren. Maatregelen hemelwater In onderstaande tabel staat een samenvatting van de activiteiten die we uitvoeren om het functioneren van het hemelwatersysteem te waarborgen :

Hoofdactiviteiten

Nadere omschrijving

Onderhoud en beheer

- Kolkenreiniging - Registratie van meldingen - Beheer hemelwatervoorzieningen (wadi’s en sloten)

Vervanging en verbetering

- Afkoppelen - Verbetermaatregelen riolering hierbij rekening houdend met (toekomstige) extreme neerslag - Stimuleren klimaatadaptieve maatregelen particulieren

Onderzoek

- Opstellen van een Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW)

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

6.4

Grondwater

De gemeente heeft op grond van de Waterwet een wettelijke zorgplicht voor grondwater in het openbare bebouwde gebied. In deze paragraaf omschrijven we hoe we deze zorgplicht invullen. De zorgplicht bevat zeven elementen die tezamen bepalen of de gemeente verantwoordelijk is om nadelige grondwaterstandgevolgen te voorkomen. Het moet gaan om het (zie art. 3.6 Waterwet): • treffen van maatregelen • in openbaar gebied • om structureel nadelige gevolgen voor de grondwaterstand • voor de aan de grond gegeven bestemming • zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken • mits dit doelmatig is en voor zover er • geen verantwoordelijkheid bestaat voor de waterbeheerder of de provincie Eigenaren van gebouwen en percelen zijn altijd zelf verantwoordelijk voor de verwerking van overtollig grondwater op het eigen terrein, tenzij dit in het belang van de leefbaarheid of volksgezondheid niet haalbaar/ niet doelmatig is. Dit geldt specifiek voor de bebouwde omgeving. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt naar gebiedstypen. De gemeentelijke grondwaterzorgtaak geldt dus zowel voor de gemeente zelf als voor de gebouw- en perceeleigenaar. Bij grondwaterproblemen is de gemeente aanspreekbaar en doet onderzoek in openbaar gebied naar de oorzaken van de problemen en het verbeteren van de grondwatersituatie.

De gemeente is aanspreekbaar, maar niet aansprakelijk voor schade aan gebouwen als gevolg van te hoge of te lage grondwaterstanden en funderingsproblemen.

Bij het beëindigen van bestaande en het vergunnen van nieuwe grote grondwateronttrekkingen (bijv. voor industrie of drinkwaterproductie) betrekken gemeente, waterschap en provincie elkaar in het bepalen van de gevolgen voor de lokale grondwaterstand en het nemen van maatregelen om negatieve gevolgen te voorkomen. Indien voldaan wordt aan de zeven elementen van de grondwaterzorgplicht en perceeleigenaren op hun perceel en panden de nodige maatregelen hebben getroffen om grondwaterproblemen of de effecten hiervan te voorkomen, dan zal de gemeente maatregelen treffen op gemeentelijk terrein om de grondwateroverlast te voorkomen of te beperken. Voor de inzameling op particulier terrein is de perceeleigenaar dan ook zelf verantwoordelijk. Rolverdeling gemeente, waterschap, provincie De gemeentelijke grondwaterzorgplicht voor het openbare terrein geldt alleen, voor zover er geen andere overheid verantwoordelijkheid draagt. Zo kan het waterschap – dit zal zeker gelden in het buitengebied – op directe wijze invloed uitoefenen op de grondwaterstand door het peilbeheer. En zo zijn de provincie en waterschap op grond van de Waterwet belast met de vergunningverlening met betrekking tot grondwateronttrekkingen: dit kan ook van invloed kan zijn op het niveau van het grondwater.

Verantwoordelijkheden eigenaren De perceeleigenaar is altijd zelf verantwoordelijk voor de ontwatering en ventilatie van zijn eigendom en indien hij dit noodzakelijk acht voor de waterdichtheid van eventuele kelders en ondergrondse verblijfsruimten. Grondwatermeetnet We monitoren de ontwikkelingen in de huidige grondwateraandachtsgebieden via een grondwatermeet met peilbuizen. De locatie van de peilbuizen en de meetresultaten zijn voor iedereen in te zien via de webportal https://grondwater.webscada.nl/emmen/. Ook de actuele neerslaggegevens zijn hier te vinden.

55

Aandachtsgebieden grondwater Door extra neerslag en droogte ten gevolge van klimaatverandering zullen fluctuaties in de grondwaterstanden naar verwachting toenemen. Hierdoor neemt zowel het risico op grondwateroverlast, maar ook de kans op versnelde veenoxidatie /bodemdaling toe. In deze GRP periode hebben we met name aandacht voor: • Te lage grondwaterstand / bodemdaling: We houden rekening met extra risico’s in de aanleg en onderhoud van riolering en andere infrastructuur. In infrastructurele projecten moet er soms bronnering toegepast worden om het project te kunnen uitvoeren. We breiden daarom ons meetnet uit voor zowel voor het monitoren van kwetsbare situaties als het verkrijgen van data ten behoeve van de (eigen) infrastructurele projecten. Ook nemen we de aanwezigheid van veenrestanten mee bij de afweging rond projecten om schade te voorkomen. Verder kijken we bij de projecten die we uitvoeren naar de bijdrage die infiltratie/drainage kan leveren aan het vertragen van het oxidatieproces. • Te hoge grondwaterstand: Om te voorkomen dat grondwateroverlast ontstaat in dorpen en wijken met hoog grondwater, is op meerdere locaties in de gemeente Emmen drainage aangelegd, onder andere in Nieuw Schoonebeek en Klazienaveen.

Drainages behoeven goed onderhoud De komende periode gaan we onderzoek uitvoeren naar de levensduur en onderhoudsbehoefte van drainagesystemen en stellen daarvoor een beheer-en onderhoudsplan op. Op basis van het onderhoudsplan intensiveren we waar nodig het beheer en onderhoud en vervangingsmaatregelen. Uit eerder onderzoek is gebleken dat het in delen van Schoonebeek hoge grondwaterstanden voorkomen. We gaan hiervoor onderzoeken welke gevolgen dit heeft voor overlast en schade en of doelmatig maatregelen kunnen worden getroffen. • Beheer en onderhoud peilbuizenmeetnet: op basis van onderzoek gaan we het meetnet verder optimaliseren, waarbij we rekening houden met klimaatontwikkelingen. Ook loopt het beheer en onderhoudscontract af, en moet dit opnieuw worden aanbesteed.

56

Gemeentelijk Rioleringsplan 2024 - 2028

Afwegingskader bij ontwikkelingen Ontwikkelingen als gevolg van menselijke ingrijpen mogen niet leiden tot een stijging of daling van de grondwaterstand, anders dan het verbeteren van de grondwaterstand binnen de aangegeven functie van de bestemming van het gebied waarin deze ontwikkelingen plaats vinden. Afwegingskader hinder, overlast en schade Wij doen onderzoek als er meldingen over grondwater binnen komen. Bij de aanpak van grondwateroverlast staan doelmatigheidsoverwegingen centraal. We grijpen niet in op basis van normen of maatstaven, maar maken in elke situatie een afweging. Aspecten die we meenemen: de omvang, de duur van de wateroverlast, het aantal mensen dat er last van heeft, de locatie, de risico’s voor volksgezondheid en milieu, en de mate waarin de infrastructuur (woningen / bebouwing, tuinen en openbaar groen) wordt geraakt. Ook de kosten om het probleem op te lossen, wegen we mee. Om inwoners toch een richtlijn te geven wat ze kunnen verwachten, onderscheiden we twee gradaties: 1. Hinder 2. Overlast en schade. Ad 1. We spreken van hinder als er korte tijd sprake is van grondwater in de kruipruimte of van een natte tuin. Vaak treedt dit op in de winter of bij langdurige neerslag. De gemeente vervult hierin een adviesrol over de maatregelen die de inwoner kan nemen. Denk aan ventilatie van de kruipruimten en het doorbreken van storende lagen op het perceel.

De gemeente neemt in eerste instantie geen maatregelen, maar heeft deze situaties wel in beeld. Als zich kansen in het openbaar gebied voordoen om werk met werk te maken, nemen wij indien doelmatig alsnog maatregelen zodat overtollig grondwater kan worden afgevoerd op een hemelwaterstelsel of drainage. Ad 2. Overlast en schade: Hiervan is bijvoorbeeld sprake als het grondwater zo hoog staat dat dit

leidt tot onacceptabele situaties. Denk aan schimmelvorming in woonverblijven, gezondheidsrisico’s of aantasting van dragende constructie van gebouwen. Nadat de bewoner / eigenaar de perceelsontwatering en ventilatie van zijn pand / perceel op orde heeft gaat de gemeente over tot het nemen van maatregelen in het openbaar gebied. Het doelmatigheidscriterium blijft hierbij bestaan. Als doelmatig wordt hierbij een richtbedrag van € 15.000.- per woning/bedrijf aangehouden. Melden van grondwaterproblemen (loketfunctie) Voor bewoners heeft de gemeente een loketfunctie. Op basis van meldingen krijgen we een beter beeld waar de problemen zich in de gemeente voordoen. Meestal betreft het een eigen verantwoordelijkheid om bouwkundige maatregelen te nemen. We informeren en adviseren eigenaren van kelders met insijpelend water om de juiste stappen bij het (laten) treffen van maatregelen. Bij bodemdaling ten gevolge van een te lage grondwaterstand kan ook contact gezocht worden met het Servicepunt Bodemdaling van de gemeente Emmen. Maatregelen grondwater In onderstaande tabel staat een samenvatting van de activiteiten die we uitvoeren op het gebied van grondwater :

Hoofdactiviteiten

Nadere omschrijving

Onderhoud en beheer

- Onderhoud peilbuizennetwerk - Aanbesteding van het grondwatermeetnet - Reinigen en inspecteren drainagenetwerken. - Beheer- en onderhoudsplan drainagenetwerken. - Registratie van meldingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=31ec55d0-30cc-46cb-8fbf-eb5ffcc823c4