Bijlage 1 - Bestemmingsplan 'Zuidbarge' (toelichting, regels en bijlagen)
Tekst van het document
31
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
32
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
Artikel 6 6.1
Bedrijf - Nutsvoorziening
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Bedrijf - Nutsvoorziening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
voorzieningen ten behoeve van openbaar nut;
met bijbehorende: b. c. d. e.
andere bouwwerken; toegangswegen, in- en uitritten; groenvoorzieningen; waterhuishoudkundige voorzieningen.
6.2
Bouwregels
6.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e.
gebouwen worden uitsluitend binnen een bouwvlak gebouwd; de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen bedraagt niet meer dan de bestaande oppervlakte; de bouwhoogte van gebouwen bedraagt niet meer dan 8 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; de goothoogte van gebouwen bedraagt niet meer dan 3,5 m, dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt; de dakhelling van gebouwen bedraagt niet minder dan 15°, dan wel de bestaande dakhelling indien deze meer bedraagt.
6.2.2
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt niet meer dan 2 m; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken buiten het bouwvlak bedraagt niet meer dan 3 m.
33
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
34
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
Artikel 7 7.1
Detailhandel
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Detailhandel' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
bedrijfsgebouwen voor de uitoefening van detailhandel; één bedrijfswoning met bijbehorende bouwwerken;
met bijbehorende: a. b. c. d. e. f.
andere bouwwerken; erven en tuinen; toegangswegen, in- en uitritten; groenvoorzieningen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen.
7.2
Bouwregels
7.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen geldt de volgende regel: a.
gebouwen worden uitsluitend binnen een bouwvlak gebouwd.
7.2.2
Bedrijfsgebouwen
Voor het bouwen van bedrijfsgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e.
de bestaande gezamenlijke oppervlakte van bedrijfsgebouwen wordt met niet meer dan 10% uitgebreid; bedrijfsgebouwen worden niet minder dan 3 m achter de voorgevel van de bedrijfswoning opgericht, dan wel indien sprake is van een kleinere afstand, de bestaande afstand; de bouwhoogte van bedrijfsgebouwen bedraagt niet meer dan 8 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; de goothoogte van bedrijfsgebouwen bedraagt niet meer dan 3,5 m, dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt; de dakhelling van bedrijfsgebouwen bedraagt niet minder dan 15°, dan wel de bestaande dakhelling indien deze minder bedraagt.
7.2.3
Bedrijfswoning
Voor het bouwen van bedrijfswoningen gelden de volgende regels: a.
b. c. d. e.
de gezamenlijke oppervlakte van bedrijfswoningen inclusief bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt niet meer dan 250 m2 , dan wel de bestaande oppervlakte indien deze meer bedraagt; de voorgevel van bedrijfswoningen wordt in de naar de weg gekeerde bouwgrens opgericht; de bouwhoogte van bedrijfswoningen bedraagt niet meer dan 9 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; de goothoogte van bedrijfswoningen bedraagt niet meer dan 3,5 m, dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt; de dakhelling van bedrijfswoningen bedraagt niet minder dan 35°, dan wel de bestaande dakhelling indien deze minder bedraagt.
7.2.4
Bijbehorende bouwwerken bij de bedrijfswoning
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a.
bijbehorende bouwwerken zijn wat betreft massa en bouwhoogte ondergeschikt aan de bedrijfswoning (het hoofdgebouw), wat onder andere betekent dat: 1. de oppervlakte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken niet groter is dan het hoofdgebouw; 2. één enkel vrijstaand bijbehorend bouwwerk wat betreft oppervlakte niet groter is dan het
35
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
b.
c. d.
hoofdgebouw; bijbehorende bouwwerken worden niet minder dan 3 m achter de voorgevel van de bedrijfswoning dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd, dan wel indien sprake is van een kleinere afstand, de bestaande afstand; de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken bedraagt niet meer dan 6 m; de goothoogte van bijbehorende bouwwerken bedraagt niet meer dan 3 m.
7.2.5
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a.
b.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen gelegen langs een openbare weg en/of langs het gedeelte van het zijerf, dat loopt vanaf de openbare weg tot aan de voorgevel van de bedrijfswoning, bedraagt niet meer dan 1 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevellijn niet meer dan 2 m bedraagt; voor andere bouwwerken dan genoemd onder a geldt dat: 1. de gezamenlijke oppervlakte niet meer bedraagt dan 50 m2 ; 2. de bouwhoogte binnen het bouwvlak niet meer bedraagt dan 6 m; 3. de bouwhoogte buiten het bouwvlak niet meer bedraagt dan 3 m.
7.3
Nadere eisen
7.3.1
Bevoegdheid
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de gebouwen, wat betreft: a. b. c. d. e. f. g. h.
de woonsituatie; het straat- en bebouwingsbeeld; cultuurhistorie; verkeersveiligheid; sociale veiligheid; brandveiligheid, externe veiligheid en rampenbestrijding; milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden in andere bestemmingen.
7.4
Afwijken van de bouwregels
7.4.1
Bevoegdheid
Het college van burgemeester en wethouders kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b. c. d. e.
sublid 7.2.1, sub a, en toestaan dat bijbehorende bouwwerken buiten het bouwvlak worden opgericht, waarbij de volgende regel geldt: 1. de bebouwing wordt niet gerealiseerd voor de voorgevel van de bedrijfswoning; sublid 7.2.3, sub b, en toestaan dat de voorgevel van het hoofdgebouw achter de naar de weg gekeerde bouwgrens wordt gerealiseerd; sublid 7.2.3, sub e, en toestaan dat de dakhelling van de bedrijfswoning wordt verlaagd; sublid 7.2.4, sub b, en toestaan dat bijbehorende bouwwerken vanaf de voorgevel van de bedrijfswoning worden opgericht; sublid 7.2.5, sub a, en toestaan dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen wordt verhoogd tot niet meer dan 2 m, waarbij de volgende regel geldt: 1. de bedrijfseconomische noodzaak is aangetoond.
7.4.2 a.
b.
Afweging
De toepassing van de in sublid 7.4.1 genoemde afwijkingen is beperkt tot incidentele gevallen, waarbij het functioneren van de bestemming begrepen functies en omliggende bestemmingen niet wordt aangetast. In de afweging omtrent verlening van afwijking wordt in ieder geval rekening gehouden met belangen
36
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
c.
d. e.
7.5
uit agrarisch-, ruimtelijk-, landschappelijk-, cultuurhistorisch, verkeerstechnisch-, milieuhygiënisch, archeologisch- en ecologisch oogpunt, het functioneren van het watersysteem, de woonsituatie, het straat- en bebouwingsbeeld, mogelijke onevenredige aantasting van de leefbaarheid en gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. De aspecten stedenbouwkundige structuur, landschap en cultuurhistorie worden beschreven in Bijlage 2 (Zuidbarge - Het landschap en dorp in historische perspectief) en Bijlage 3 (Ruimtelijke waardering Zuidbarge) bij deze regels. Deze bijlagen worden betrokken bij de onder sub b genoemde afweging wat betreft de aspecten stedenbouwkundige structuur, landschap en cultuurhistorie. Indien de genoemde waarden en of belangen onevenredig worden geschaad wordt de afwijking niet verleend. Voor zover voor meerdere activiteiten een afwijking benodigd is en deze in één plan zijn ondergebracht, worden deze in zijn geheel in de beoordeling betrokken. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a.
het bewonen van bedrijfsgebouwen of bijbehorende bouwwerken.
37
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
38
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
Artikel 8 8.1
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.
groenvoorzieningen; het behoud van de brink ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - brink'; water;
met bijbehorende: d. e. f. g. h. i.
andere bouwwerken; kunstwerken van artistieke aard; sport- en speelgelegenheden; fiets- en voetpaden; toegangswegen, in- en uitritten; nutsvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen.
8.2
Bouwregels
8.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a.
op of in deze gronden worden geen gebouwen gebouwd.
8.2.2
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. b. c.
de bouwhoogte van erf-en terreinafscheidingen bedraagt niet meer dan 1 m; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken bedraagt niet meer dan 6 m; de vloeroppervlakte van overige andere bouwwerken bedraagt niet meer dan 15 m2 .
8.3
Afwijken van de bouwregels
8.3.1
Bevoegdheid
Het college van burgemeester en wethouders kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
sublid 8.2.2, sub a, en toestaan dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen langs de openbare weg niet meer dan 2 m bedraagt.
8.3.2 a.
b.
c.
d. e.
Afweging
De toepassing van de in sublid 8.3.1 genoemde afwijking is beperkt tot incidentele gevallen, waarbij het functioneren van de bestemming begrepen functies en omliggende bestemmingen niet wordt aangetast. In de afweging omtrent verlening van afwijking wordt in ieder geval rekening gehouden met belangen uit agrarisch-, ruimtelijk-, landschappelijk-, cultuurhistorisch, verkeerstechnisch-, milieuhygiënisch, archeologisch- en ecologisch oogpunt, het functioneren van het watersysteem, de woonsituatie, het straat- en bebouwingsbeeld, mogelijke onevenredige aantasting van de leefbaarheid en gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. De aspecten stedenbouwkundige structuur, landschap en cultuurhistorie worden beschreven in Bijlage 2 (Zuidbarge - Het landschap en dorp in historische perspectief) en Bijlage 3 (Ruimtelijke waardering Zuidbarge) bij deze regels. Deze bijlagen worden betrokken bij de onder sub b genoemde afweging wat betreft de aspecten stedenbouwkundige structuur, landschap en cultuurhistorie. Indien de genoemde waarden en of belangen onevenredig worden geschaad wordt de afwijking niet verleend. Voor zover voor meerdere activiteiten een afwijking benodigd is en deze in één plan zijn ondergebracht, worden deze in zijn geheel in de beoordeling betrokken.
39
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
8.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.4.1
Verboden werkzaamheden
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het college van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c. d. e.
het aanleggen, verbreden, of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheden; het wijzigen van de brink ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - brink'; het aanbrengen van overige oppervlakteverhardingen, met een oppervlakte van meer dan 100 m2 ; het aanleggen, verbreden, verdiepen, en dempen van sloten, wijken en andere wateren; het aanbrengen of verwijderen van ondergrondse leidingen en daarmee verband houdende constructies.
8.4.2
Toegestane werkzaamheden
Het verbod als bedoeld in sublid 8.4.1 is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden die: a. b. c.
noodzakelijk zijn in verband met het op de bestemming gerichte beheer of gebruik van de grond; al in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een al verleende vergunning.
8.4.3
Combinaties
Voor zover voor meerdere werken en/of werkzaamheden vergunningen worden gevraagd en deze in één (inrichtings)plan zijn ondergebracht, wordt dit in zijn geheel in de beoordeling betrokken. 8.4.4
Toetsingscriteria
Bij de afweging omtrent verlening van de vergunning wordt de landschappelijke waarde, als weergegeven in Bijlage 2 (Zuidbarge - Het landschap en dorp in historische perspectief) en Bijlage 3 (Ruimtelijke waardering Zuidbarge) bij deze regels betrokken. 8.4.5
Voorwaarden
De sublid 8.4.1 bedoelde vergunning wordt niet verleend indien het werk of de werkzaamheid plaatsvindt met het oog op het ontwikkelen of versterken van natuurwaarden in een nieuw natuurgebied en door de uitvoering op directe of indirecte wijze aantoonbare afbreuk wordt of zou worden gedaan aan de agrarische bedrijfsvoering op aangrenzende of nabijgelegen percelen, dan wel aantoonbare schade of nadeel aan nabijgelegen agrarische bedrijven en/of de landbouwfunctie wordt of zou worden gedaan. 8.4.6
Weigering
De in sublid 8.4.1 bedoelde vergunning wordt in ieder geval geweigerd wanneer de voorgenomen werken, of werkzaamheden de waarden van een gebied zodanig zullen aantasten of de mogelijkheden tot herstel daarvan zodanig zullen verkleinen, dat dit niet door het stellen van voorwaarden aan de vergunning kan worden voorkomen.
40
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
Artikel 9 9.1
Horeca - Categorie 2
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Horeca - Categorie 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
bedrijfsgebouwen voor de uitoefening van een horeca-inrichting categorie 1 tot en met 2; een inpandige bedrijfswoning;
met bijbehorende: c. d. e. f. g. h.
andere bouwwerken; erven en tuinen; toegangswegen, in- en uitritten; groenvoorzieningen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen.
9.2
Bouwregels
9.2.1
Bedrijfsgebouwen
Voor het bouwen van bedrijfsgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e.
bedrijfsgebouwen worden uitsluitend binnen een bouwvlak gebouwd; de gezamenlijke oppervlakte van bedrijfsgebouwen bedraagt niet meer dan 2.000 m2 ; de bouwhoogte van bedrijfsgebouwen bedraagt niet meer dan 10 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte; de goothoogte van bedrijfsgebouwen bedraagt niet meer dan 6 m, dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte; de verschijningsvorm van gebouwen, bestaande uit de bestaande oppervlakte, goothoogte, bouwhoogte en dakhelling, ter plaatse van de 'specifieke bouwaanduiding - structuurbepalend', dient te worden gehandhaafd.
9.2.2
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. b. c.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt niet meer dan 2 m; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken binnen het bouwvlak bedraagt niet meer dan 20 m; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken buiten het bouwvlak bedraagt niet meer dan 12 m.
9.3
Nadere eisen
9.3.1
Bevoegdheid
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de gebouwen, wat betreft: a. b. c. d. e. f. g. h. 9.4
de woonsituatie; het straat- en bebouwingsbeeld; cultuurhistorie; verkeersveiligheid; sociale veiligheid; brandveiligheid, externe veiligheid en rampenbestrijding; milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden in andere bestemmingen. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a.
het bewonen van bedrijfsgebouwen of bijbehorende bouwwerken, met uitzondering van de inpandige
41
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
bedrijfswoning. 9.5
Afwijken van de gebruiksregels
Het college van burgemeester en wethouders kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
lid 9.1 sub a, en de uitoefening van een aan-huis-gebonden kleinschalige beroeps- of bedrijfsactiviteit toe te staan in een deel van de woning, waarbij de volgende regels gelden: 1. de verblijfsruimten moeten blijven voldoen aan het Bouwbesluit 2012; 2. de woonfunctie moet in overwegende mate gehandhaafd blijven en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden worden niet onevenredig aangetast; 3. de woonfunctie moet in ruimtelijke zin en visuele zin primair blijven; 4. de beroeps- of bedrijfsactiviteit wordt uitgeoefend door in ieder geval één van de bewoners van de woning; 5. niet meer dan 40% van het te bebouwen vloeroppervlak wordt gebruikt voor huisverbonden activiteiten met een bovengrens van 50 m2 ; 6. detailhandel vindt niet plaats behoudens een beperkte verkoop in het klein in direct verband met het aan huis verbonden beroep/en bedrijf; 7. er worden geen reclameborden groter dan 0,5 m2 bij of aan de woning geplaatst; 8. er geen onevenredige parkeerdruk voor de omgeving optreedt;
42
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
Artikel 10 10.1
Maatschappelijk
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
maatschappelijke voorzieningen; een horeca-inrichting categorie 3, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'horeca van categorie 3';
met bijbehorende: c. d. e. f. g. h. i.
gebouwen; andere bouwwerken; sport- en speelgelegenheden; toegangswegen, in- en uitritten; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; nutsvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen.
10.2
Bouwregels
10.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
gebouwen worden uitsluitend binnen een bouwvlak gebouwd; de bouwhoogte van gebouwen bedraagt niet meer dan de bestaande bouwhoogte; de goothoogte van gebouwen bedraagt niet meer dan de bestaande goothoogte;
10.2.2
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt niet meer dan 2 m; voor andere bouwwerken dan genoemd onder a geldt dat: 1. de gezamenlijke oppervlakte niet meer bedraagt dan 50 m2 ; 2. de bouwhoogte binnen het bouwvlak niet meer bedraagt dan 6 m; 3. de bouwhoogte buiten het bouwvlak niet meer bedraagt dan 3 m.
10.3
Nadere eisen
10.3.1
Bevoegdheid
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de gebouwen, wat betreft: a. b. c. d. e. f. g. h. 10.4
de woonsituatie; het straat- en bebouwingsbeeld; cultuurhistorie; verkeersveiligheid; sociale veiligheid; brandveiligheid, externe veiligheid en rampenbestrijding; milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden in andere bestemmingen. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. b.
het bewonen van gebouwen; detailhandel.
43
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
44
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
Artikel 11 11.1
Maatschappelijk - Dierenbegraafplaats
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Maatschappelijk - Dierenbegraafplaats' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
maatschappelijke voorzieningen, uitsluitend in de vorm van een dierenbegraafplaats;
met bijbehorende: b. c. d. e. f. g.
gebouwen; andere bouwwerken; toegangswegen, in- en uitritten; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; nutsvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen.
11.2
Bouwregels
11.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
gebouwen worden uitsluitend binnen een bouwvlak gebouwd. de bouwhoogte van gebouwen bedraagt niet meer dan 4,5 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; de goothoogte van bedrijfsgebouwen bedraagt niet dan 3 m, dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt.
11.2.2
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt niet meer dan 2 m; de bouwhoogte van andere bouwwerken buiten het bouwvlak bedraagt niet meer dan 3 m.
11.3
Nadere eisen
11.3.1
Bevoegdheid
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de gebouwen, wat betreft: a. b. c. d. e. f. g. h. 11.4
de woonsituatie; het straat- en bebouwingsbeeld; cultuurhistorie; verkeersveiligheid; sociale veiligheid; brandveiligheid, externe veiligheid en rampenbestrijding; milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden in andere bestemmingen. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. b.
het bewonen van gebouwen; detailhandel.
45
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
46
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
Artikel 12 12.1
Recreatie - Volkstuin
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Recreatie - Volkstuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.
volkstuincomplex, tuinen; centraal toilettengebouw/bergingruimte; kassen;
met bijbehorende: d. e. f. g. h. i.
andere bouwwerken; speelgelegenheden; toegangswegen, in- en uitritten; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; nutsvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen.
12.2
Bouwregels
12.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b.
de in lid 12.1 onder b genoemde gebouwen worden uitsluitend binnen het bouwvlak gebouwd,met dien verstande dat de goot- en bouwhoogte niet meer bedragen dan bestaand; per volkstuin wordt maximaal 15 m2 aan gebouwen en overkappingen opgericht (met inbegrip van kassen), met dien verstande dat: 1. de de oppervlakte van een berging/schuur niet meer bedraagt dan 5 m2; 2. de bouwhoogte van de berging/schuur en kassen niet meer bedraagt dan 2,5 m; 3. de kassen en bergingen/schuren buiten het onder a genoemde bouwvlak mogen worden gebouwd.
12.2.2
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt niet meer dan 2 m; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken bedraagt niet meer dan 3 m.
12.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden 12.3.1
Verboden werkzaamheden
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het college van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c. d. e. f.
het ophogen, ontgronden en egaliseren van gronden; het aanleggen van wegen, voet-, fiets- en ruiterpaden en dagrecreatieve voorzieningen zoals picknickplaatsen; het kweken van bomen en fruitteelt, voor zover het een aaneengesloten oppervlakte van meer dan 1 hectare betreft; het graven en dempen van wijken, sloten en waterlopen; het aanleggen of verwijderen van ondergrondse leidingen en het zoeken naar delfstoffen; het aanleggen van houtopstanden en (lijnvormige) beplanting.
12.3.2
Toegestane werkzaamheden
Het verbod als bedoeld in sublid 12.3.1 is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden die: a. b.
noodzakelijk zijn in verband met het op de bestemming gerichte beheer of gebruik van de grond; al in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan;
47
bestemmingsplan Emmen, Zuidbarge
c.
mogen worden uitgevoerd krachtens een al verleende vergunning.
12.3.3
Combinaties
Voor zover voor meerdere werken en/of werkzaamheden vergunningen worden gevraagd en deze in één (inrichtings)plan zijn ondergebracht, wordt dit in zijn geheel in de beoordeling betrokken. 12.3.4
Toetsingscriteria
Bij de afweging omtrent verlening van de vergunning wordt de landschappelijke waarde, als weergegeven in Bijlage 2 (Zuidbarge - Het landschap en dorp in historische perspectief) en Bijlage 3 (Ruimtelijke waardering Zuidbarge) bij deze regels betrokken. 12.3.5
Voorwaarden
De sublid 12.3.1 bedoelde vergunning wordt niet verleend indien het werk of de werkzaamheid plaatsvindt met het oog op het ontwikkelen of versterken van natuurwaarden in een nieuw natuurgebied en door de uitvoering op directe of indirecte wijze aantoonbare afbreuk wordt of zou worden gedaan aan de agrarische bedrijfsvoering op aangrenzende of nabijgelegen percelen, dan wel aantoonbare schade of nadeel aan nabijgelegen agrarische bedrijven en/of de landbouwfunctie wordt of zou worden gedaan. 12.3.6
Weigering
De in sublid 12.3.1 bedoelde vergunning wordt in ieder geval geweigerd wanneer de voorgenomen werken, of werkzaamheden de waarden van een gebied zodanig zullen aantasten of de mogelijkheden tot herstel daarvan zodanig zullen verkleinen, dat dit niet door het stellen van voorwaarden aan de vergunning kan worden voorkomen.
48