CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1: Bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90

Commissie Wonen en Ruimte 12 september 2022, gemeente EmmenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90-SCH en hogere grenswaarde geluid + vaststelling anterieure overeenkomst (112295-2022)40.936 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Indien met maatregelen niet kan worden voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB kan voor woningen in binnenstedelijk gebied een hogere waarde worden vastgesteld van ten hoogste 63 dB. De gemeente dient het vaststellen van de hogere waarde met eigen argumenten te motiveren en de vastgestelde hogere waardes zo snel mogelijk inschrijven in het kadaster. Gelet op de goede ruimtelijke onderbouwing bij ontwikkelingen moet ook langs de 30km wegen worden aangeven hoe met uitbreidingsmogelijkheden van met name geluidgevoelige ruimten als bedoeld in de Wet geluidhinder wordt omgegaan (algemene afwijking hogere waarden of alleen uitbreiden met Wro-afwijking en dan voor iedere situatie apart hogere waarde vaststellen)en of daadwerkelijk voldaan wordt aan de wettelijke geluidsnormen ongeacht wat art. 74 lid 2 Wgh hierover aangeeft.Binnen het bestemmingsplan liggen geen 30 km/h wegen. In de Wet geluidhinder (Wgh) zijn regels opgenomen voor de geluidsbelasting van geluidsgevoelige bestemmingen (zoals bijvoorbeeld woningen) door wegverkeer. Het gaat daarbij om de geluidsbelasting in het maatgevende toekomstige jaar. In het algemeen is dit het jaar 10 jaar na realisatie of na het uitvoeren van het akoestisch onderzoek. De Wet geluidhinder kent een voorkeursgrenswaarde. Als aan deze waarde wordt voldaan, is er voor de Wet geluidhinder geen belemmering voor het bouwplan.

Onder voorwaarden is een hogere grenswaarde mogelijk. bebouwde kom Het plangebied ligt buiten de bebouwde kom waar een snelheid van 80 km/u is toegestaan. Ten behoeve van dit bestemmingsplan wodt de bebouwde kom 150 meter in westelijke richting verplaatst. Hierdoor komt het plangebied binnen de bebouwde kom te liggen waar een snelheid van 50 km/u is toegestaan. Het onderhavige plan ligt dus binnen de bebouwde kom en er is sprake van een nieuwe woonbestemming. In dit geval gelden de volgende grenswaarden: • Voorkeursgrenswaarde: 48 dB; • Maximale grenswaarde: 63 dB (nieuwe woning binnen de bebouwde kom). De gemeente Emmen heeft 'Beleidsregel beoordeling hogere waarde wet geluidhinder gemeente Emmen' vastgesteld (verder: HGW-beleid). Hierin is het gemeentelijk beleid ten aanzien van het vaststellen van grenswaarden hoger dan de voorkeursgrenswaarde opgenomen. Geluidsbelasting

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 25

Uit de berekeningsresultaten (Bijlage 2) blijkt dat de voorkeurswaarde van 48 dB overschreden wordt op 3 van de 4 gevels. Op de achtergevel wordt wel (ruimschoots) voldaan aan de voorkeurswaarde. Deze gevel is daarom geluidsluw. Door het huidige asfalt te vervangen door een stiller wegdektype is de geluidsbelasting niet te reduceren tot de voorkeursgrenswaarde. Daarnaast zijn de kosten van een dergelijke bronmaatregel niet in verhouding tot de planomvang. Gezien de omvang van het perceel, is het niet mogelijk om door afstandsvergroting (de woning verder van de weg bouwen) de geluidsbelasting significant te verlagen. Ook is het uitgangspunt, dat de woning gerealiseerd wordt ter plaatse van de bestaande veldschuur. Met een scherm tussen de woning en de weg is een geluidsreductie te bereiken. Een dergelijk scherm is echter landschappelijk ongewenst. Al met al worden bron-, afstands- en overdrachtsmaatregelen niet haalbaar geacht. De Wet geluidhinder biedt voor dit soort situaties de mogelijkheid hogere waarden vast te stellen. Nu maatregelen niet haalbaar zijn, er sprake is van een geluidsluwe gevel en er voldaan wordt aan ontheffingscriterium b4 (de woning vervangt bestaande bebouwing), wordt voldaan aan de voorwaarden uit het HGW-beleid voor het vaststellen van hogere waarden. 4.4.4.3 Industrielawaai De onderzoekslocatie ligt naast een bouwbedrijf.

Daarom is een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Er is onderzocht of de nieuwe woning een beperking vormt voor het bouwbedrijf. Ook is onderzocht of de geluidsbelasting ten gevolge van het bouwbedrijf op de nieuwe woning aanvaardbaar is (zie Bijlage 1). Uit de resultaten blijkt dat de geluidsbelasting op de nieuwe woonbestemming lager is dan op de bestaande woningen. Daarom kan geconcludeerd worden dat het bedrijf niet beperkt wordt in zijn bedrijfsvoering. Omdat de geluidsbelasting ter plaatse van de nieuwe woonbestemming lager is dan de normstelling die volgt uit de VNG-uitgave, kan ook geconcludeerd worden dat het geluidsniveau ter plaatse van de nieuwe woning aanvaardbaar is. Voor een uitgebreide berekening en toelichting zie Bijlage 1. 4.4.4.4 Gevolgen voor bestemmingsplan De geluidsbelasting vanwege de Europaweg overschrijdt de voorkeursgrenswaarde. Wel wordt voldaan aan de maximale grenswaarde van 63 dB. Er wordt voldaan aan de voorwaarden uit het gemeentelijk beleid om de hogere waarden te kunnen vaststellen. Het ontwerpbesluit hogere grenswaarde is bijgevoegd in Bijlage 3 en is samen met het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. 4.4.5

Lucht

De Wet luchtkwaliteit is bedoeld om de negatieve effecten op de volksgezondheid aan te pakken, als gevolg van te hoge niveaus van luchtverontreiniging. Anderzijds heeft de wet tot doel mogelijkheden te creëren voor ruimtelijke ontwikkeling. Volgens de nieuwe regeling vormt luchtkwaliteit in beginsel geen belemmering voor het uitoefenen van een ruimtelijk project als aan minimaal één van de volgende voorwaarden wordt voldaan: er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde; een project leidt, al dan niet per saldo, niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; een project draagt 'niet in betekenende mate' (NIMB) bij aan de luchtverontreiniging; een project past binnen het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) of binnen een regionaal programma van maatregelen. 4.4.5.1 Algemeen beeld luchtkwaliteit plangebied Omdat er geen significante ontwikkelingen in het plangebied of rondom het plangebied gepland zijn, zal de concentratie van de NOX en fijnstof niet veranderen. Hierdoor betekent de luchtkwaliteit geen belemmering voor het vaststellen van het bestemmingsplan.

26 gesteld)

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast

4.5

Waterparagraaf

Belangrijk instrument om waterbelangen in ruimtelijke plannen te waarborgen is de watertoets, die sinds 1 november 2003 wettelijk is verankerd. Initiatiefnemers zijn verplicht in ruimtelijke plannen een beschrijving op te nemen van de gevolgen van het plan voor de waterhuishouding. Het doel van de wettelijk verplichte watertoets is te garanderen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op een evenwichtige wijze in het plan worden afgewogen. Deze waterhuishoudkundige doelstellingen betreffen zowel de waterkwantiteit (veiligheid, wateroverlast, tegengaan verdroging) als de waterkwaliteit (riolering, omgang met hemelwater, lozingen op oppervlaktewater). In deze waterparagraaf wordt beschreven hoe het huidige waterhuishoudkundig systeem voor het plangebied van het bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" is ingericht, welke fysieke omstandigheden voor het gebied gelden en of speciale functies voor het plangebied gelden. Naast een beschrijving van de waterhuishoudkundige consequenties van het plan en de stedelijke wateropgave heeft het het wateradvies van het waterschap een duidelijke plaats gekregen.

4.5.1

Wateraspecten plangebied

Bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 ligt in het stroomgebied Rijn- Oost en valt onder het beheersgebied van het waterschap Vechtstromen. Het waterbeleid voor dit gebied is vastgelegd in het Waterbeheerplan van waterschap Vechtstromen en in het waterplan van de gemeente Emmen. Waterbeleid De Europese Kaderrichtlijn Water is richtinggevend voor de bescherming van de oppervlaktewaterkwaliteit in de landen in de Europese Unie. Aan alle oppervlaktewateren in een stroomgebied worden kwaliteitsdoelen gesteld die in 2015 moeten worden bereikt. Ruimtelijk relevant rijksbeleid is verwoord in de Nota Ruimte en het Nationaal Waterplan (inclusief de stroomgebiedbeheerplannen). Op provinciaal niveau zijn de Omgevingsvisie en de bijbehorende Omgevingsverordening richtinggevend voor ruimtelijke plannen. Het Waterschap Vechtstromen heeft de beleidskaders van rijk en provincie nader uitgewerkt in het Waterbeheerplan 2016-2021. De belangrijkste ruimtelijk relevante thema's zijn waterveiligheid, klimaatbestendigheid omgeving en ruimte voor waterberging. Daarnaast is de Keur van Waterschap Vechtstromen een belangrijk regelstellend instrument waarmee in ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden.

Op gemeentelijk niveau zijn het in overleg met Waterschap Vechtstromen opgestelde gemeentelijk Waterplan en het gemeentelijk Rioleringsplan van belang bij het afwegen van waterbelangen in ruimtelijke plannen. Watersysteem In het waterbeheer van de 21e eeuw worden duurzame, veerkrachtige watersystemen nagestreefd. Dit betekent concreet dat droge perioden worden doorstaan zonder droogteschade, vissterfte en stank, en dat in natte perioden geen overlast optreedt door hoge grondwaterstanden of inundaties vanuit oppervlaktewateren. Problemen worden niet afgewenteld op andere gebieden of latere generaties. Het principe "eerst vasthouden, dan bergen, dan pas afvoeren" is hierbij leidend. Rijk, provincies en gemeenten hebben in het Nationaal Bestuursakkoord Water doelen vastgelegd voor het op orde brengen van het watersysteem. Afvalwaterketen Het zoveel mogelijk scheiden van vuil en schoon water is belangrijk voor het bereiken van een goede waterkwaliteit. Door te voorkomen dat grote hoeveelheden relatief schoon hemelwater door rioolstelsels worden afgevoerd, neemt het aantal overstorten van verontreinigd rioolwater op oppervlaktewater af en neemt de doelmatigheid van de rioolwaterzuivering toe. Hierdoor verbetert zowel de kwaliteit van oppervlaktewateren waarop overstorten plaatsvinden als de kwaliteit van het effluent ontvangende oppervlaktewater.

Indien het schone hemelwater door middel van infiltratie in het gebied wordt vastgehouden alvorens het wordt afgevoerd naar oppervlaktewater, draagt dit bovendien bij aan de duurzaamheid van het watersysteem. Vandaar dat het principe "eerst schoonhouden, dan scheiden, dan pas zuiveren" een belangrijk uitgangspunt is bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Als het bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 27

hemelwater niet wordt aangekoppeld of wordt afgekoppeld van het bestaande rioolstelsel is oppervlakkige afvoer en infiltreren in de bodem uitgangspunt. Als infiltratie in de bodem niet mogelijk is, is lozing op het oppervlaktewater via een bodempassage gewenst. 4.5.2

Waterhuishouding

Het plan loopt geen verhoogd risico op wateroverlast als gevolg van overstromingen. Het plan heeft geen schadelijke gevolgen voor de waterkwaliteit en ecologie. In het verleden is er in of rondom het plangebied geen wateroverlast of grondwateroverlast geconstateerd. De toename van het verharde oppervlak is minder dan 1500m2. Het plangebied bevindt zich niet binnen een beschermingszone of herinrichtingszone langs een waterloop, primair watergebied, invloedszone zuiveringstechnisch werk of een retentiecompensatiegebied. Voorkeursbeleid hemelwaterafvoer In het plan wordt het afvalwater en het hemelwater behandeld via (de gekozen optie wordt hieronder bevestigd met ja): een gemengd stelsel een gescheiden stelsel: hemelwater wordt geinfiltreerd. ja een gescheiden stelsel: hemelwater wordt afgevoerd naar oppervlaktewater. hemelwater wordt afgevoerd naar een hemelwaterriool van een verbeterd gescheiden stelsel. Aanleghoogte van de bebouwing Voor de aanleghoogte van de gebouwen (onderkant vloer begane grond) wordt een ontwateringsdiepte geadviseerd van minimaal 80 centimeter ten opzichte van de gemiddelde hoogste grondwaterstand(GHG). Bij een afwijkende maatvoering is de kans op structurele grondwateroverlast groot. Bij het bouwen zonder kruipruimte kan worden volstaan met een geringere ontwateringsdiepte. Kelders dienen waterdicht te zijn.

Om wateroverlast en schade in woningen en bedrijven te voorkomen wordt geadviseerd om een drempelhoogte van 30 centimeter boven het straatpeil te hanteren. Ook voor lager, beneden het maaiveld, gelegen ruimtes (kelders, parkeergarages) moet aandacht worden besteed aan het voorkomen van wateroverlast. In het plan wordt er naar gestreefd het voorkeursbeleid van het waterschap op te volgen. 4.5.3

Wateradvies waterschap

De gemeente Emmen heeft het waterschap tijdig ingelicht over de planvorming door het invullen van de digitale watertoets. De beantwoording van de vragen heeft er toe geleid dat de korte procedure van de watertoets is toegepast. De bestemming en de grootte van het plan hebben een geringe invloed op de waterhuishouding. Hierdoor heeft het waterschap de gemeente goed op de hoogte kunnen stellen van de waterhuishoudkundige aspecten binnen het plan. Er wordt rekening gehouden met bestaande wetten en regels op het gebied van de waterhuishouding. De inrichting van het plangebied is in samenspraak met waterschap Vechtstromen tot stand gekomen. Indien verder volgens de Waterwet werkzaamheden vergunningplichting zijn, dan dient er bij het waterschap een watervergunning aangevraagd te worden. Het concept - ontwerpbestemmingsplan is voor overleg aan het waterschap voorgelegd. Nav dit overleg heeft het waterschap geen reactie gegeven. Wel is er middels de watertoets een positief advies gegeven ten aanzien van het bestemmingsplan.

28 gesteld)

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast

Hoofdstuk 5 5.1

Toelichting op de planregels en verbeelding

Algemeen

Het bestemmingsplan bestaat uit de plantoelichting, regels en verbeelding. De regels en de verbeelding vormen het juridisch bindende gedeelte van een bestemmingsplan. De verbeelding en de regels moeten altijd in samenhang worden gebruikt. De plantoelichting is bedoeld om de verbeelding en de regels te verduidelijken en om gemaakte keuzes te verantwoorden aan de hand van ruimtelijk beleid. Het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 is een plan dat de wijziging van agrarisch Veldschuur naar de bestemming wonen en mogelijk maakt. Het doel van dit bestemmingsplan is de mogelijkheid creëren voor het toevoegen van één woning. Hiervoor zal de huidige agrarische veldschuur gesloopt moeten worden. Tevens dient het nieuwe bestemmingsplan rechtszeker, eenvoudig te begrijpen, goed toepasbaar en handhaafbaar te zijn voor de gebruiker. Met de indeling van het bestemmingsplan zoals de naamgeving van de bestemmingen, opbouw van de regels en de weergave van op de verbeelding wordt aangesloten op landelijk geldende standaarden, onder meer Informatiemodel Ruimtelijke Ordening (IMRO2012) en de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP2012). Het conserverende karakter van het bestemmingsplan brengt met zich mee dat nieuwe ontwikkelingen niet in het plan worden meegenomen, tenzij deze concreet voorzienbaar zijn en benodigde onderzoeken al zijn uitgevoerd.

5.2

Toelichting op de verbeelding

6.2

Toelichting op de verbeelding

Voor de verbeelding wordt als ondergrond de basiskaart BGT gehanteerd. De ondergrond zal nooit een volledige weergave van de werkelijkheid zijn. De op de verbeelding aangegeven bebouwing moet dan ook als illustratief worden beschouwd. Alle gronden die binnen het plangebied vallen hebben een bestemming en/of aanduiding gekregen op de verbeelding. Deze bestemmingen en aanduidingen hebben slechts juridische betekenis indien in de regels hieraan een betekenis wordt gegeven. De begrenzingen van de bestemmingen volgen zoveel mogelijk geografische, topografische en/of kadastrale grenzen. Daar waar dat niet mogelijk bleek, is gekozen voor een meer praktische benadering. De schaal van de verbeelding kan met behulp van de computer door de gebruiker naar keuze worden ingesteld.

5.3

Toelichting op de regels

De regels zijn een juridische vertaling van het planologische -en ruimtelijk beleid van de gemeente, provincie en het rijk. De regels zijn een juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en bebouwing, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bebouwing. Bij het opstellen van de regels is geprobeerd om de regels zo beperkt mogelijk te houden door alleen te regelen wat nodig is. Gebruiksregels Per bestemming is aangegeven voor welk gebruik de gronden zijn bedoeld. Indien daar aanleiding voor aanleiding voor bestaat, wordt via de specifieke gebruiksregels expliciet aangegeven waarvoor de gronden niet zijn bedoeld en of waarvoor en op welke wijze de gronden wel gebruikt kunnen worden. Bouwregels In een groot aantal bestemmingen zijn bouwregels opgenomen. Met deze bouwregels worden de bouwmogelijkheden gereguleerd. Uitgangspunt bij het bouwen van hoofdgebouwen is dat hoofdgebouwen altijd binnen een bouwvlak worden gebouwd en voorgevels van deze hoofdgebouwen in bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 29

de gevellijn. Dit betekend dat indien er vervangende bebouwing wordt geprojecteerd, deze in de gevellijn moet worden teruggebouwd. Verder worden in de bouwregels onder anderen regels ten aanzien maximale bebouwing , bouwhoogtes, dakhelling opgenomen. Flexibiliteit Soms is het gewenst om af te wijken van de gestelde regels. Hiervoor zijn in het bestemmingsplan flexibiliteitbepalingen opgenomen om op specifieke situaties in te kunnen spelen. De uitvoering van de flexibiliteitregelingen ligt bij het college van burgemeester en wethouders. Het toepassen van deze regelingen is geen automatisme. Voordat wordt besloten dat van de geldende regels in het bestemmingsplan kan worden afgeweken zal eerst bekeken worden wat de consequenties zijn van de afwijking op de leefomgeving. In het bestemmingsplan diverse flexibiliteitregelingen opgenomen, deze zijn: Afwijken van de bouwregels; Afwijken van de gebruiksregels; Nadere eisen; Algemene afwijkingsregels; Wijzigingsbevoegdheden artikel 3.6 Wro; De afwijkingen van de bouw- of gebruiksregels maken afwijkingen van geringe aard mogelijk, waarbij de aan de grond toegekende bestemming gehandhaafd dient te blijven.

Door het inwerkingtreden van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) worden verschillende vergunningen en besluiten, zoals de milieuvergunning, de omgevingsvergunning, afwijkingen van het bestemmingsplan en de kapvergunning gebundeld in een integrale omgevingsvergunning. Toestemming van burgemeester en wethouders voor een afwijking van de bouw- of gebruiksregels kan zodoende worden verkregen door het aanvragen van een omgevingsvergunning Met de nadere eisen kunnen ondergeschikte zaken aan gebouwen worden aangepast. Het gaat hierbij om zaken zoals het aanpassen van de vorm of de situering van een bouwwerk of de inrichting van een terrein. Met 'nadere eisen' kunnen geen ingrijpende veranderingen plaatsvinden in de bestemmingen. Bij toepassing van een afwijking en / of nadere eisen wordt het beoordelingskader gehanteerd zoals in de onderstaande tabel is weergegeven. Deze lijst geeft de afwegingscriteria aan die meegewogen moeten worden bij de afweging of een omgevingsvergunning wordt verleend en/ of het toepassen van de nadere eisen. Op deze wijze kunnen interpretatieproblemen worden vermeden en wordt aan gebruikers van de in het plangebied gelegen gronden zoveel mogelijk rechtszekerheid geboden. Het bestemmingsplan biedt mogelijkheden voor het afwijken van de nadere eisen, de uitvoering van deze flexibiliteitsbepalingen zal plaatsvinden via de omgevingsvergunning.

Bij toepassing van een afwijking en/ of nadere eis mag geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan de volgende criteria: 1. Woonsituatie: Ten aanzien van de woonsituatie dient rekening gehouden te worden met het in stand houden en/ of garanderen van een goede woonsituatie, hierbij dient gelet te worden op: i. de verkeersaantrekkende werking en de parkeerbehoefte; ii. overlast door lawaai, stank en/of trillingen; iii. de lichttoetreding/bezonning ten opzichte van (bebouwing op) aangrenzende gronden; iv. het uitzicht; v. de aanwezigheid van voldoende privacy. 2. Straat- en bebouwingsbeeld:

30 gesteld)

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast

In het belang van een verantwoorde, evenwichtige en samenhangende stedenbouwkundige en architectonische inpassing dient aandacht gegeven te worden aan: i. een goede verhouding tussen bouwmassa's en open ruimte, (landschappelijke inpassing); ii. de verhouding tussen de hoogte breedte van gebouwen; iii. gevelbeelden; iv. de samenhang van de bouwvorm met nabij gelegen bebouwing; v. de hoogtedifferentiatie; vi. de situering van gebouwen op het perceel; vii. de geleding van de gebouwen indien de oppervlakte meer dan 1000 meter² bedraagt. 3. Cultuurhistorie i.

cultuurhistorische waarden en archeologische waarden;

4. Verkeersveiligheid Ten waarborging van verkeersveiligheid dient rekening gehouden te worden met: i. verkeersaantrekkende werking, toename van de verkeersintensiteit en de parkeerbehoefte; ii. overlast door lawaai, stank en/of trillingen; iii. benodigde uitzichthoeken van wegen; iv. de aansluiting van in- en uitritten op de openbare weg; v. de gevolgen voor het zicht op de openbare weg en of fiets- en voetpaden; vi. de aanwezigheid van voldoende laad- en losruimte. 5. Sociale veiligheid Ter waarborging en ter voorkoming van een ruimtelijke situatie die onoverzichtelijk, onherkenbaar en niet-sociaal controleerbaar is dient rekening gehouden te worden: i. de mogelijkheden voor de verbetering van toezicht op en de overzichtelijkheid en toegankelijkheid van een sociaal onveilige plek; ii. de mate waarin de toezicht op en de overzichtelijkheid en toegankelijkheid van een openbare ruimte wordt ingeperkt. 6. Brandveiligheid, externe veiligheid en rampenbestrijding Ten aanzien van de brandveiligheid, externe veiligheid en rampenbestrijding dient rekening gehouden te worden met de volgende aspecten: i. aanwezigheid van kwetsbare objecten; ii. de aanwezigheid en routering van vluchtwegen; iii. de bereikbaarheid van de bouwwerken; de beschikbaarheid en bereikbaarheid van adequate blusmiddelen. 7.

Milieusituatie: Ter waarborging en ter voorkoming van een milieukundig ongewenste situatie als gevolg van een ruimtelijke ingreep dient rekening gehouden te worden met: i. de mate van hinder voor de omliggende functies; ii. de gevolgen voor de externe veiligheid; iii. de gevolgen van de aanwezigheid van gevoelige functies voor de hinderlijke functies; iv. de gevolgen voor flora en fauna in relatie met de omgeving; v. de gevolgen voor de bodemkwaliteit; vi. de gevolgen voor de (grond)waterkwaliteit; vii. de situering van gebouwen ten opzichte van het water. 8. Gebruiksmogelijkheden in andere bestemmingen Ter voorkoming van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken is het niet toegestaan op enig terrein zodanig te bouwen, dat daardoor op een aangrenzend terrein, waarvan de toestand op dat moment overeenkomt met het plan, een situatie zou ontstaan die niet meer overeenkomt met het plan of waardoor een reeds bestaande afwijking van het plan zou worden vergroot. Figuur 6.1: Beoordelingscriteria afwijkingen en nader eisen bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 31

De bevoegdheid ex. artikel 3.6 Wro om het bestemmingsplan te wijzigen ligt eveneens bij burgemeester en wethouders. De wijzigingsbevoegdheid maakt een wijziging van een bestemming in een andere bestemming mogelijk. Voor de wijzigingsbevoegdheid geldt dat deze niet kan worden uitgevoerd, voordat onderzoek is uitgevoerd. Dit biedt de mogelijkheid om nader onderzoek zoveel mogelijk op de concrete situatie af te stemmen. Bescherming van waarden Om bepaalde natuurlijke, landschappelijke en/ of cultuurhistorische/ archeologische waarden te beschermen is in de volgende regels een omgevingsvergunningenstelsel opgenomen: 'Waarde Archeologie 4'. Daardoor wordt de uitvoering van bepaalde activiteiten - die niet altijd en overal in strijd met de onderkende waarden behoeven te zijn - aan bepaalde voorwaarden gebonden. Het stelsel biedt het college de mogelijkheid om de toelaatbaarheid van bepaalde activiteiten en gebruiksvormen per geval na te gaan en eventueel aan de uitvoering bepaalde eisen te stellen. Het moet daarbij gaan om activiteiten die op basis van de doeleindenomschrijving van het betreffende artikel mogelijk zijn, maar waarvoor een nadere afweging omtrent de toelaatbaarheid is gewenst. Normale onderhoudswerkzaamheden kunnen zonder vergunning uitgevoerd worden.

Daarom is bij alle Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden en aangegeven dat normale onderhoudswerkzaamheden niet onder de vergunningsplicht vallen. In de praktijk kan het lastig zijn om te bepalen of een bepaalde activiteit als "normaal onderhoud" kan worden aangemerkt. In ieder geval zal het bij "normale onderhouds- c.q. exploitatiewerkzaamheden" moeten gaan om werkzaamheden die ter plaatse regelmatig terugkeren, teneinde tot een goed beheer van de gronden te komen. Incidentele ingrepen zoals bijvoorbeeld de cultuurtechnische situatie kunnen niet onder normale onderhoudswerkzaamheden begrepen worden. Ook werkzaamheden die een onherstelbare aantasting betekenen van de aan een gebied toegekende waarde zullen niet als "normaal" beschouwd kunnen worden. Opzet regels De planregels van dit bestemmingsplan zijn opgedeeld in vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1. Inleidende regels; Hoofdstuk 2. Bestemmingsregels; Hoofdstuk 3. Algemene regels; Hoofdstuk 4. Overgangs - en slotregels. De inhoud van de verschillende hoofdstukken wordt als volgt toegelicht: 5.3.1

Hoofdstuk1 Inleidende regels

In hoofdstuk 1 worden diverse begrippen welke in de planregels worden gehanteerd nader verklaard. Dit om mogelijke interpretatieproblemen te voorkomen. Daarnaast wordt aangegeven op welke wijze bepaalde afmetingen dienen te worden gemeten. Artikel 1 Begrippen De begripsbepalingen in artikel 1 zijn noodzakelijk bij de interpretatie van de regels. In dit artikel worden de begrippen gedefinieerd, die in de regels worden gehanteerd. De begrippen die hierin zijn opgenomen zijn terug te vinden in de bestemmingsbepalingen. Bij de toetsing aan het bestemmingsplan wordt uitgegaan van de in dit artikel aan de betreffende begrippen toegekende betekenis. Voor zover geen begrippen zijn gedefinieerd wordt aangesloten bij het normaal spraakgebruik. Met uitzondering van de eerste twee begrippen (plan en bestemmingsplan) zijn de begrippen alfabetisch gerangschikt. De begrippen zijn zoveel mogelijk gebaseerd op vaste jurisprudentie. In de loop der tijd hebben de meeste begrippen zich ontwikkeld tot een standaard, waarvan ook in dit bestemmingsplan gebruik is gemaakt. Artikel 2 Wijze van meten De bepalingen over de wijze van meten zijn in artikel 2 opgenomen. Dit artikel geeft aan hoe de hoogteen andere maten die bij het bouwen in acht genomen dienen te worden, gemeten moeten worden.

32 gesteld)

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast

5.3.2

Hoofdstuk2 bestemmingsregels

In hoofdstuk 2 worden artikelsgewijs de op de verbeelding aangegeven bestemmingen omschreven en wordt toegelicht op welke wijze de gronden en opstallen gebruikt mogen worden. Behalve bestemmingen en dubbelbestemmingen zijn binnen het bestemmingsplan aanduidingen te onderscheiden. Deze aanduidingen bevatten specificaties van bestemmingen en dubbelbestemmingen met betrekking tot gebruik of bouwen. 5.3.2.1 Wonen Binnen de bestemming Wonen wordt de mogelijkheid geboden voor de bouw van woningen en de realisatie van daarbij behorende voorzieningen. Dit laatste is tevens bedoeld om ondergeschikte, aan de woonfunctie grenzende voorzieningen (bijvoorbeeld groenvoorzieningen of toegangswegen), waarvan de feitelijke begrenzing niet exact blijkt samen te vallen met de bestemmingsgrens, onder de woonbestemming te brengen. In het bestemmingsplan mag het aantal woningen niet worden vermeerderd, tenzij dit met een aanduiding op de verbeelding anders word aangegeven. Voor de verschillende woonvormen in het plangebied zijn verschillende bestemmingen opgenomen. Voor alle woonvormen geldt dat het hoofdgebouw in het bouwvlak gerealiseerd dient te worden. Het bouwvlak van het hoofdgebouw is per woning op basis van stedenbouwkundige uitgangspunten bepaald. Als uitgangspunt voor de totale bebouwing op het bouwperceel geldt dat het perceel niet meer dan 50% bebouwd mag worden.

Daar waar binnen de specifieke bestemming Wonen nog een onderscheidt gemaakt moet worden wordt gebruik gemaakt van specifieke woonbestemmingen. Bijbehorende bouwwerken dienen ondergeschikt aan het hoofdgebouw te zijn en mogen in het bouwvlak maar ook op het zij- en achtererf gebouwd worden. Voor het te bouwen m² aan bijbehorende bouwwerken geldt een maximum dat is aangegeven binnen de regels.Voor alle woonvormen geldt dat wonen in bijbehorende bouwwerken niet is toegestaan. Naast bijbehorende bouwwerken kunnen tevens andere bouwwerken zoals bijvoorbeeld een dierenverblijf of een overkapping worden gerealiseerd. Voor deze andere bouwwerken geldt dat overkappingen niet voor de voorgevel mogen worden opgericht. In de woonbestemmingen zijn afwijkingen van de bouwregels opgenomen om het bestemmingsplan flexibeler te maken. Naast algemene afwijkingen (o.a. vergroten van de bouwmogelijkheden voor gooten nokhoogte, bouwen van bijbehorende bouwwerken in de voorgevel van het hoofdgebouw, bouwen van het hoofdgebouw maximaal 5 meter achter de gevellijn en het bouwen met een minder steile dakhelling) zijn er ook specifieke afwijkingsmogelijkheden opgenomen. Artikel Wonen - Vrijstaand Alle vrijstaande woningen in het plangebied hebben de bestemming Wonen-Vrijstaand gekregen.

Bij vrijstaande woningen geldt dat maximaal 75 m² bijbehorende bouwwerken gerealiseerd mogen worden mits niet meer dan 50% van het bouwperceel wordt bebouwd (inclusief de ruimte die gebruikt wordt voor de woning). 5.3.3

Dubbelbestemmingen

Dubbelbestemmingen worden opgenomen als meerdere functies onafhankelijk van elkaar op dezelfde plaats voorkomen. In feite betreft het hier twee (of meer) afzonderlijke bestemmingen voor één (deel van een) gebied. Daar waar een dubbelbestemming is gelegen, geldt zowel de bepaling van de betreffende (hoofd)bestemming als de bepaling zoals gesteld in de dubbelbestemming. Aan een dubbelbestemming bestaat behoefte, wanneer een bestemming onvoldoende recht doet aan de functies/gebruiksdoelen die op de betrokken gronden toelaatbaar (moeten) zijn of wanneer ruimtelijk relevante belangen veilig moeten worden gesteld die niet of onvoldoende met een bestemming kunnen worden gewaarborgd. Dubbelbestemmingen hebben voorrang op de hoofdbestemmingen. Dit betekent dat bepalingen van bestemmingen alleen van toepassing zijn als deze niet strijdig zijn met bepalingen die horen bij dubbelbestemmingen. Door deze dubbelbestemmingen worden Afwegingen opgelegd aan onderliggende (hoofd) bestemmingen. In de bestemmingsomschrijving van de dubbelbestemming worden niet alle doeleinden opnieuw genoemd maar alleen die waarvoor de dubbelbestemming is opgenomen. Het plangebied Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 kent 1 dubbelbestemming te weten: Waarde Archeologie

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 33

Waarde- Archeologie Om de archeologische waarden in het plangebied te beschermen is de dubbelbestemming Waarde-Archeologie 4 op de verbeelding opgenomen. Waarde- Archeologie 4 Voor gronden binnen categorie 4 geldt dat archeologisch onderzoek nodig is om vast te stellen of er waarden aanwezig zijn en of deze behoudenswaardig zijn. Om de archeologische waarden te beschermen is in de regels een omgevingsvergunningenstelsel opgenomen. Daardoor wordt de uitvoering van bepaalde activiteiten aan bepaalde voorwaarden gebonden. Het stelsel biedt het college de mogelijkheid om de toelaatbaarheid van bepaalde activiteiten en gebruiksvormen per geval na te gaan en eventueel aan de uitvoering bepaalde eisen te stellen. Het moet daarbij gaan om activiteiten die op basis van de doeleindenomschrijving van het betreffende artikel mogelijk zijn, maar waarvoor een nadere afweging omtrent de toelaatbaarheid is gewenst. Voor terreinen binnen Waarde - Archeologie 4 is algemeen aanvaard dat een minimumoppervlak voor bodemverstoringen geldt van 1000 m2 en een bouwvoordiepte van 30 cm (30 cm +10 cm principe). De Waarde - Archeologie 4 is apart opgenomen omdat dit terreinen zijn waar naast bovenstaande bepalingen geen drainageverbod geldt.

Voor de dubbelbestemming Waarde-Archeologie geldt dat bestemmingen een wijzigingsbevoegdheid kennen, waarin overeenkomstig artikel 3.6 van de Wro Burgemeester en Wethouders de dubbelbestemming kunnen laten vervallen of alsnog aan de gronden de dubbelbestemming kunnen toekennen. 5.3.4

Hoofdstuk3 Algemene regels

Hoofdstuk 3 van de regels bevat bepalingen die van toepassing zijn op meerdere bestemmingen, zodat het uit praktische overwegingen de voorkeur verdient deze in afzonderlijke artikelen onder te brengen. Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Met dit artikel wordt voorkomen dat meer wordt gebouwd dan het bestemmingsplan beoogt. Dit is bijvoorbeeld mogelijk als (onderdelen van) bouwpercelen van eigenaars in maatvoering verschillen en wisselen. Door verwerving van een extra (bouw)perceel of een gedeelte daarvan, kunnen de gronden niet meegenomen worden met de berekening van de bouwmogelijkheden van het nieuwe perceel als de nieuw verworven gronden reeds meegenomen zijn bij de berekening van een eerdere bouwplannen. Het is dus niet toegestaan gronden twee keer in te zetten om een omgevingsvergunning te verkrijgen. Artikel 6 Algemene bouwregels In artikel 6 zijn regels opgenomen voor het bouwen van ondergeschikte bouwonderdelen. De genoemde onderdelen mogen de in de regels bepaalde maximale bouwhoogte overschrijden met de in artikel genoemde maten. Hiervoor is bewust gekozen omdat dit duidelijkheid en enige vrijheid aan ontwerpers biedt. Tevens wordt in dit artikel, artikel 9 lid 2 van de Woningwet buiten toepassing verklaard met uitzondering van een zestal onderwerpen dit o.a in verband met de bereikbaarheid, beheer en gebruik van het openbaar gebied.

Artikel 8 Algemene afwijkingsregels Afwijkingsregels zijn regels waardoor aan de bestemmingsbepalingen de nodige extra flexibiliteit wordt meegegeven. Toestemming voor afwijking gebeurt door het verlenen van een omgevingsvergunning. Het college van burgemeester en wethouders kan bijvoorbeeld een omgevingsvergunning verlenen voor het 10 % vergroten van de bouwmogelijkheden voor goot- en nokhoogte, het bouwen van bijgebouwen in de voorgevel van het hoofdgebouw, het bouwen van het hoofdgebouw maximaal 5 meter achter de gevellijn en het bouwen met een minder steile dakhelling. Daarnaast zijn ten aanzien van het gebruik afwijkingsmogelijkheden opgenomen voor de uitoefening van een aan huis gebonden kleinschalige beroeps- of bedrijfsactiviteiten voor alle woningen of het uitoefenen van bed en breakfast. De omgevingsvergunningen mogen alleen gebruikt worden indien niet op grond van een andere bepaling in deze regels omgevingsvergunning kan worden verleend. Dit betekent dat niet 2 keer omgevingsvergunning kan worden verleend van eenzelfde bepalingen of dat bepalingen die extra bouwmogelijkheden geven niet cumulatief gebruikt mogen worden. 34 gesteld)

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast

Artikel 9 Algemene wijzigingsregels Het bestemmingsplan bevat in een aantal gevallen een mogelijkheid tot het wijzigen van het plan op basis van de wijzigingsbevoegdheid op grond van artikel 3.6 Wro. De procedure van de wijzigingsbevoegdheid is geregeld in de Wro. 5.3.5

Hoofdstuk4 overgangs- en slotregels

Het laatste hoofdstuk "Overgangs en slotregels" bevat in artikel 11 het overgangsrecht , zoals beschreven in het besluit Ruimtelijke Ordening. Artikel 12 is de slotregel. In dit artikel wordt aangegeven op welke wijze de regels van het bestemmingsplan kunnen worden aangehaald. In dit geval kunnen de regels van het bestemmingsplan aangehaald worden als regels van het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90".

5.4

Handhaving

In dit bestemmingsplan heeft actueel beleid zijn doorwerking in de regels gekregen. Hierdoor is het juridisch kader van het bestemmingsplan voor gemeente als publiek beter toepasbaar geworden. Van de gemeente mag verwacht worden dat opgetreden wordt als de regels van het bestemmingsplan niet worden nageleefd. Bestemmingsplannen zijn immers bindend voor overheid en publiek ter bescherming van een goede ruimtelijke kwaliteit en een veilige leefomgeving. Het college van de gemeente Emmen heeft het beleidsplan Vergunningverlening Toezicht en Handhaving (VTH) vastgesteld. Dit beleidsplan VTH beschrijft de visie en ambitie op het terrein van de gemeentelijke VTH-taken, waaronder ook valt het toepassen en naleven van de regels in het bestemmingsplan. Daarnaast geeft het beleidsplan VTH invulling aan de wettelijke plicht om vastgesteld VTH-beleid te hebben. Voor wat betreft handhaving kan de gemeente onmogelijk continu alles controleren. De gemeente vertrouwt erop dat inwoners en bedrijven de regels naleven en zij er alles aan doen om risico's en nadelige effecten voor de maatschappij te voorkomen. Risico's bepalen de inzet van de beschikbare capaciteit. Op basis van kennis en ervaring is vastgesteld welke bedrijfscategorieën en activiteiten het grootste risico vormen voor fysieke veiligheid, leefbaarheid, volksgezondheid, milieu en imago.

Deze uitgangspunten zijn gebruikt bij het opstellen van dit bestemmingsplan en worden ook toegepast bij de naleving van de regels van het bestemmingsplan.

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 35

Hoofdstuk 6

Maatschappelijke betrokkenheid

6.1

Overleg ex. artikel 3.1.1 Bro en zienswijzen

6.1.1

Overleg

Het college heeft het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 vrijgegeven voor overleg artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro), Het concept- ontwerpbestemmingsplan is voor overleg verzonden naar verschillende overlegpartners. De ontvangen adviezen en reacties zijn gebundeld in de Nota van beantwoordingbehorende bij het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 (zie bijlage Bijlage 5 Nota van beantwoording). In deze nota is tevens het standpunt van het college van burgemeester en wethouders ten aanzien van de verschillende overlegreacties opgenomen. Waar de adviezen en reacties leidden tot aanpassingen van het bestemmingsplan, zijn de aanpassingen in het ontwerpbestemmingsplan verwerkt. Voor de inhoud van de overlegreacties en het standpunt van het college wordt verwezen naar voornoemde nota. De Nota van Beantwoording maakt deel uit van het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90

6.2

Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan

Het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 en het besluit hogere grenswaarde liggen vanaf 20 april voor een ieder ter inzage voor een periode van 6 weken. Tegen het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 en het besluit hogere grenswaarde geluid zijn geen zienswijzen ingediend.

36 gesteld)

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast

Hoofdstuk 7

Economische uitvoerbaarheid

Per 1 juli 2008 is de Wet ruimtelijke ordening in werking getreden. Afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening verplicht de gemeente tot het verhalen van kosten bij grondexploitatie via een exploitatieplan, tenzij kostenverhaal anderszins is verzekerd. De toepassing voor het afdwingbare kostenverhaal richt zich op bouwplannen. De definitie van wat onder een bouwplan wordt verstaan, is opgenomen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Uit dit artikel blijkt dat onder een bouwplan o.a. wordt verstaan de bouw van een woning of de uitbreiding van een gebouw van 1000 m2 of meer. De kosten van het maken van het voorliggend bestemmingsplan worden in dit geval gedekt op grond van de Verordening op de heffing en invordering van leges 2014, als vastgesteld door de raad op 19 december 2013. Overige kosten worden verhaald op de initiatiefnemer middels een anterieure overeenkomst. Voor dit plan zijn (vooralsnog) door de gemeente geen aanvullende kosten voor onderzoek begroot en gemaakt. De vaststelling van een exploitatieplan is zodoende niet nodig, aangezien het kostenverhaal nu anderszins verzekerd is.

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 37

38 gesteld)

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast

Bijlagen bij de toelichting

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 39

Bijlage 1 Geluidsonderzoek industrielawaai

40 gesteld)

bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast

Laarseweg 24-1, 8171 PR Vaassen (T) (T) 0578 0578 –- 76 90 60 • KvK 082 04 400 www.sainadvies.nl • info@sainadvies.nl

Notitie Project:

Europaweg 90sch, Nieuw-Schoonebeek

Betreft:

Rapportage A.O. bedrijfslawaai

Kenmerk:

2019-3130-b3547/554

Datum:

17 maart 2021

Inleiding Op het perceel aan de Europaweg 90sch in Nieuw-Schoonebeek is een veldschuur aanwezig. Het is de bedoeling om hier een woning mogelijk te maken. Daarom is een wijziging van het bestemmingsplan nodig, waarbij de huidige bestemming ‘veldschuur’ gewijzigd wordt in ‘Wonen’. De onderzoekslocatie ligt naast een bouwbedrijf. Daarom is een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Er is onderzocht of de nieuwe woning een beperking vormt voor het bouwbedrijf. Ook is onderzocht of de geluidsbelasting ten gevolge van het bouwbedrijf op de nieuwe woning aanvaardbaar is.

Beoordelingsmethodiek 1. Beoordeling of nieuwe woonbestemming een extra beperking vormt voor het bedrijf Als de geluidsbelasting op de nieuwe woonbestemming lager is dan op bestaande woningen, dan vormt de nieuwe woonbestemming geen extra beperking voor het bedrijf. 2. Beoordeling of geluidsniveau bij nieuwe woonbestemming aanvaardbaar is Om te beoordelen of het geluidsniveau van de inrichting ter plaatse van de nieuwe woonbestemming aanvaardbaar is, is in de VNG-Uitgave 'Bedrijven en milieuzonering' een werkwijze opgenomen. De aard van de omgeving is beschouwd als 'gemengd gebied’, omdat er in de omgeving meerdere bedrijven zijn gevestigd en omdat de planlocatie aan een relatief drukke weg ligt. Als de geluidsbelasting door het bedrijf op de nieuwe woonbestemming voldoet aan de aanbevolen normstelling voor 'gemengd gebied', dan is het geluidsniveau bij de nieuwe woonbestemming aanvaardbaar. De normstelling is: • 50 dB(A) etmaalwaarde1 voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau L Ar,LT; • 70 dB(A) etmaalwaarde voor het maximaal geluidsniveau LAmax. Deze normstelling komt overeen met de normstelling uit het Activiteitenbesluit, waaraan het bedrijf moet voldoen.

Uitgangspunten Op basis van informatie uit het milieudossier en informatie uit het bestemmingsplan dat voor de bedrijfslocatie is vastgesteld hebben wij een inschatting gemaakt van de bedrijfsactiviteiten die maximaal te verwachten zijn. Bij het bepalen van deze bedrijfsactiviteiten is er rekening mee gehouden dat de inrichting ter plaatse van bestaande woningen moet voldoen aan de normen uit het Activiteitenbesluit. Dit resulteert er onder andere in dat in de nachtperiode géén rijbewegingen van vrachtwagens mogelijk zijn.

1

De etmaalwaarde is de hoogste waarde van (1) de berekende waarde voor de dagperiode, (2) de berekende waarde voor de avondperiode +5 dB, (3) de berekende waarde voor de nachtperiode +10 dB.

pagina 1 van 3

De activiteiten die bij de inrichting verwacht worden, en waarmee in de berekening rekening is gehouden, zijn: • Activiteiten in de bedrijfsgebouwen. Uit de milieutekeningen blijkt dat in het oostelijk op het perceel gelegen gebouw een werkplaats gevestigd is. De functie van de andere gebouwen is niet bekend. Worst-case is ervan uitgegaan dat ook de andere gebouwen als (timmer-) werkplaats in gebruik zijn. De activiteiten in de werkplaats vinden plaats tussen 6.00 uur en 23.00 uur. Er is een inpandige houtmotinstallatie aanwezig. De uitstraling via de gevels, overheaddeuren en daken is berekend. Daarbij is uitgegaan van een binnenniveau van 80 dB(A). • Activiteiten op het buitenterrein. Aan de noordzijde, tussen de bedrijfsgebouwen, en aan de zuidzijde kunnen laad-/losactiviteiten en intern transport van bouwmaterialen plaatsvinden, waarbij gebruik gemaakt wordt van bijvoorbeeld een heftruck, een wiellader of een lepelkraan. Worst-case is aangehouden dat op het terrein aan de noordzijde gedurende 4 uur activiteiten plaatsvinden en op het terrein aan de zuidzijde gedurende 9,5 uur, waarvan 1,5 uur in de avondperiode. • Rijbewegingen. Het grootste deel van de rijbewegingen zal plaatsvinden in de dagperiode, maar voor 7.00 uur kan personeel al aankomen en/of kunnen bedrijfsbusjes al vertrekken.

In het onderzoek is uitgegaan van de volgende aantallen rijbewegingen: rijbewegingen van vrachtwagens: 10 in de dagperiode en 4 in de avondperiode; rijbewegingen van bestel- en personenauto’s: 60 in de dagperiode, 10 in de avondperiode, en 10 in de nachtperiode. Een rijbeweging betreft de aankomst óf het vertrek van een voertuig. Naast de rijbewegingen is ook rekening gehouden met het manoeuvreren tijdens het parkeren van de bestel- en personenauto’s gedurende 1 minuut per rijbeweging en met het dichtslaan van portieren.

Berekening Er is een rekenmodel opgesteld waarmee de geluidsemissie van het bedrijf op de bestaande woningen en de nieuwe woonbestemming is berekend. Het rekenmodel rekent conform de ´Handleiding meten en rekenen industrielawaai´ (1999). Het gebruikte rekenprogramma is Geomilieu V2020.2 van dgmr. In het rekenmodel is rekening gehouden met de nabij het plan gelegen bebouwing en met de aard van de bodem. Er wordt vanuit gegaan dat de woning wordt gerealiseerd ter plaatse van de veldschuur. De ligging van de veldschuur en de overige bebouwing volgt uit een kadastrale kaart. Het rekenmodel rekent met een standaard absorptiefractie van 1,0. Akoestisch reflecterende gebieden zijn ingevoerd met een absorptiefractie van 0,0. In bijlage 2 zijn de invoergegevens van het rekenmodel en een weergave van het rekenmodel opgenomen.

Resultaten In tabel 1 is de berekende geluidsbelasting weergegeven op de maatgevende bestaande woningen en op de nieuwe woonbestemming. In bijlage 3 zijn de rekenresultaten meer gedetailleerd weergegeven. Uit de resultaten blijkt dat de geluidsbelasting op de nieuwe woonbestemming lager is dan op de bestaande woningen. Daarom kan geconcludeerd worden dat het bedrijf niet beperkt wordt in zijn bedrijfsvoering. Omdat de geluidsbelasting ter plaatse van de nieuwe woonbestemming lager is dan de normstelling die volgt uit de VNG-uitgave, kan ook geconcludeerd worden dat het geluidsniveau ter plaatse van de nieuwe woning aanvaardbaar is.

kenmerk 2019-3130-b3547/554 pagina 2 van 3

Tabel 1: Geluidsbelasting in dB(A) (hoogste waarde is vet weergegeven) Omschrijving

LAr,LT

LAmax

dag

avond

nacht

dag

avond

nacht

Normstelling

50

45

40

70

65

60

Europawewg 117b

49

43

31

66

62

55

Europaweg 119

49

42

34

66

65

60

Europaweg 92

45

45

26

61

63

48

Nieuwe woonbestemming

45

41

30

63

58

52

Conclusie De nieuwe woonbestemming vormt geen extra beperking voor het bedrijf en het geluidsniveau ter plaatse van de nieuwe woonbestemming is aanvaardbaar.

Bijlage(n):

1. Ligging planlocatie en bedrijf 2. Gegevens rekenmodel 3. Resultaten

kenmerk 2019-3130-b3547/554 pagina 3 van 3

Bijlage 1 Ligging planlocatie en bedrijf

Bijlage 2 Gegevens rekenmodel

Stationaire bronnen bron id

101 102/103 104

omschrijving Uitstraling gebouwen 1. werkplaats dak gevel west/oost overheaddeur

2. stalling werkplaats noord 201-204 dak 205-2010 gevel 211-212 overheaddeur

Lw,A

LA,max - LA,eq

[dB(A)]

[dB]

dag

bedrijfstijd [uren] avond

nacht

aantal deelbronnen

76 66 69

10 10 10

12 12 12

4 4 4

1 1 1

1 1 1

12 12 12

4 4 4

1 1 1

75 70 73

10 10 10

12 12 12

4 4 4

1 1 1

4 2 1

3 6 12

1 2 4

0,25 0,5 1

bedrijfstijd per deelbron [uren] dag avond nacht

301-304 305-311 312-314

3. stalling werkplaats zuid dak gevel overheaddeur

79 70 73

10 10 10

12 12 12

4 4 4

1 1 1

4 1 1

3 12 12

1 4 4

0,25 1 1

401 402-403 404-406

parkeren bij kantoor heftruck/shovel/lepelkraan noordelijk heftruck/shovel/lepelkraan zuidelijk

92 103 103

11 12 12

1,00 4 8

0,17 * 1,5

0,17 * *

1 2 3

1,00 2 2,67

0,17 * 0,5

0,17 * *

omschrijving

Lw,A

LA,max - LA,eq

02 01

vrachtwagen rijdend bestelwagen rijdend op erf

[dB(A)] 101 92

[dB] 7 5

dag 10 60

aantal bewegingen avond 4 10

nacht * 10

*

vanwege overschrijding norm LAmax op bestaande woningen niet mogelijk

Mobiele bronnen bron id

Berekeningen m.b.t. uitstraling van het gebouw [werkplaats] Omschrijving

Frequentieband (Hz) 31,5 63 125

250

500

1000

2000

4000

8000

totaal (dB(A)) 80,3

Binnenniveau in hal binnenniveau in hal Lp

26,9

51,3

59,8

62,6

71,3

73,8

75,5

74,1

66,6

Geluidsisolatie dak: GC9 stijf sandwichpaneel met kern van PUR-schuim (45-75 mm) Gevel: GC9 stijf sandwichpaneel met kern van PUR-schuim (45-75 mm) overheaddeur

10 10 -1

16 16 6

22 22 10

26 26 16

30 30 16

31 31 18

26 26 17

30 30 18

30 30 17

Cd

3

3

3

3

3

3

3

3

3

40,3 31,1 34,1

58,7 49,5 50,8

61,2 52,0 55,7

60,0 50,8 52,2

64,7 55,5 60,7

66,2 57,0 61,2

72,9 63,7 64,4

67,5 58,3 62,0

60,0 50,8 55,6

75,6 66,4 68,9

Frequentieband (Hz) 31,5 63 125

250

500

1000

2000

4000

8000

totaal (dB(A)) 80,3

Bronvermogen uitstraling geveldelen dak gevel overheaddeur

opp. (m2) 440 52 7,5

Berekeningen m.b.t. uitstraling van het gebouw [stalling/werkplaats, noordelijk] Omschrijving Binnenniveau in hal binnenniveau in hal Lp

26,9

51,3

59,8

62,6

71,3

73,8

75,5

74,1

66,6

Geluidsisolatie Dak: D2 Asbestcement gegolfd (of asbestvrije variant) Gevel: GC9 stijf sandwichpaneel met kern van PUR-schuim (45-75 mm) overheaddeur

11 10 -1

17 16 6

23 22 10

27 26 16

26 30 16

27 31 18

31 26 17

31 30 18

31 30 17

Cd

3

3

3

3

3

3

3

3

3

38,9 34,7 38,3

57,3 53,1 55,0

59,8 55,6 59,9

58,6 54,4 56,4

68,3 59,1 64,9

69,8 60,6 65,4

67,5 67,3 68,6

66,1 61,9 66,2

58,6 54,4 59,8

74,6 70,0 73,2

Frequentieband (Hz) 31,5 63 125

250

500

1000

2000

4000

8000

totaal (dB(A)) 80,3

Bronvermogen uitstraling geveldelen dak gevel overheaddeur

opp. (m2) 400 120 20

Berekeningen m.b.t. uitstraling van het gebouw [stalling/werkplaats, zuidelijk] Omschrijving Binnenniveau in hal binnenniveau in hal Lp

26,9

51,3

59,8

62,6

71,3

73,8

75,5

74,1

66,6

Geluidsisolatie dak: GC9 stijf sandwichpaneel met kern van PUR-schuim (45-75 mm) Gevel: GC9 stijf sandwichpaneel met kern van PUR-schuim (45-75 mm) overheaddeur

10 10 -1

16 16 6

22 22 10

26 26 16

30 30 16

31 31 18

26 26 17

30 30 18

30 30 17

Cd

3

3

3

3

3

3

3

3

3

43,9 34,7 38,3

62,3 53,1 55,0

64,8 55,6 59,9

63,6 54,4 56,4

68,3 59,1 64,9

69,8 60,6 65,4

76,5 67,3 68,6

71,1 61,9 66,2

63,6 54,4 59,8

Bronvermogen uitstraling geveldelen dak gevel (per 20 mtr lengte) overheaddeur

opp. (m2) 1000 120 20

79,2 70,0 73,2

Gegevens rekenmodel Model: Groep:

Sain milieuadvies

IL LAr,LT versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Industrielawaai - IL

Naam 01 02 04 05 06

Omschr. Europaweg 117b Europaweg 119 Europaweg 92 Europaweg 90sch vg Europaweg 90sch og

Groep ------

07 08

Europaweg 90sch wg Europaweg 90sch ag

---

Maaiveld 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Hoogte A 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

Hoogte B 5,00 5,00 5,00 5,00 5,00

Hoogte C ------

Hoogte D ------

Hoogte E ------

Hoogte F ------

Gevel Ja Ja Ja Ja Ja

X 262698,83 262743,53 262780,21 262623,56 262632,48

Y 519082,21 519066,41 518998,63 519056,47 519049,50

0,00 0,00

Relatief Relatief

1,50 1,50

5,00 5,00

---

---

---

---

Ja Ja

262611,96 262621,37

519051,48 519044,92

Geomilieu V2020.2 Licentiehouder: Sain milieuadvies

17-3-2021 15:30:40

Gegevens rekenmodel Model: Groep:

Sain milieuadvies

IL LAr,LT versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Bodemgebieden, voor rekenmethode Industrielawaai - IL

Naam 01 01 02 03 04

Omschr. Europaweg Europaweg 117a Europaweg 117b Europaweg 119 Europaweg 121

Bf 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

X-1 262072,64 262647,71 262701,31 262733,04 262767,96

Y-1 519103,27 519127,11 519103,35 519084,91 519072,53

05 06 07 08 10

Europaweg 123-125 Europaweg 90sch Europaweg 90 Europaweg 92n) bedrijf -- 5,00m (Buiten)

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

262779,62 262617,44 262748,17 262786,02 262667,55

519060,46 519059,06 519017,12 519009,11 519033,62

Geomilieu V2020.2 Licentiehouder: Sain milieuadvies

17-3-2021 15:30:40

Gegevens rekenmodel Model: Groep:

Sain milieuadvies

IL LAr,LT versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL

Naam 01 02 03 04 05

Omschr. Europaweg 117a Europaweg 117b Europaweg 119 Europaweg 121 Europaweg 123-125

Hoogte 6,00 6,00 6,00 6,00 6,00

Maaiveld 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Cp 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

Refl. 31 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

Refl. 63 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

Refl. 125 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

Refl. 250 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

Refl. 500 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

Refl. 1k 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

Refl. 2k 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

Refl. 4k 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

Refl. 8k 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

06 07 08 09 10

Europaweg 90sch Europaweg 90 Europaweg 92 Europaweg 92 bijgebouw bedrijf

6,00 6,00 6,00 3,00 6,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

11

bedrijf

6,00

0,00

Relatief

0 dB

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

Geomilieu V2020.2 Licentiehouder: Sain milieuadvies

17-3-2021 15:30:40

Gegevens rekenmodel Model: Groep:

Naam 01 02

Sain milieuadvies

IL LAr,LT versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Mobiele bron, voor rekenmethode Industrielawaai - IL Omschr. vrachtwagens bestel-/personenwagens

Groep ---

ISO_H 1,00 0,75

ISO M. 0,00 0,00

Hdef. Relatief Relatief

Aantal(D) 10 60

Geomilieu V2020.2 Licentiehouder: Sain milieuadvies

Aantal(A) 4 10

Aantal(N) -10

Cb(D) 30,91 23,03

Cb(A) 30,11 26,04

Cb(N) -29,05

Gem.snelheid 10 10

Max.afst. 10,00 10,00

Aant.puntbr 12 12

Lengte 116,88 119,56

17-3-2021 15:30:40

Gegevens rekenmodel Model: Groep:

Naam 01 02

Sain milieuadvies

IL LAr,LT versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Mobiele bron, voor rekenmethode Industrielawaai - IL Omschr. vrachtwagens bestel-/personenwagens

Lwr 31 66,47 0,00

Lwr 63 77,74 67,00

Lwr 125 84,61 74,00

Lwr 250 89,61 79,00

Lwr 500 93,86 85,00

Geomilieu V2020.2 Licentiehouder: Sain milieuadvies

Lwr 1k 96,90 87,00

Lwr 2k 95,39 86,00

Lwr 4k 89,50 80,00

Lwr 8k 81,18 70,00

Lwr Totaal 101,17 91,57

X-1 262723,61 262724,34

Y-1 519033,70 519033,26

17-3-2021 15:30:40

Gegevens rekenmodel Model: Groep:

Sain milieuadvies

IL LAr,LT versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL

Naam 401 402 406 404 405

Omschr. parkeeractiviteit heftruck/shovel/lepelkraan heftruck/shovel/lepelkraan heftruck/shovel/lepelkraan heftruck/shovel/lepelkraan

Groep ------

Hoogte 0,75 1,50 1,50 1,50 1,50

Maaiveld 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

403 104 102 101 103

heftruck/shovel/lepelkraan overheaddeur werkplaats gevel werkplaats dak werkplaats gevel werkplaats

-werkplaats werkplaats werkplaats werkplaats

1,50 3,00 3,00 0,10 3,00

0,00 0,00 0,00 6,00 0,00

201 202 203 204 207

dak werkplaats dak werkplaats dak werkplaats dak werkplaats gevel werkplaats

stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord

0,10 0,10 0,10 0,10 4,00

208 209 210 211 212

gevel werkplaats gevel werkplaats gevel werkplaats deur werkplaats deur werkplaats

stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord

205 206 301 302 303

gevel werkplaats gevel werkplaats dak stalling werkplaats zuid dak stalling werkplaats zuid dak stalling werkplaats zuid

304 305 306 307 308

Type Normale puntbron Normale puntbron Normale puntbron Normale puntbron Normale puntbron

Richt. 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Hoek 360,00 360,00 360,00 360,00 360,00

Tb(u)(D) 1,0004 2,0007 2,6680 2,6680 2,6680

Tb(u)(A) 0,1698 -0,5001 0,5001 0,5001

Tb(u)(N) 0,1699 -----

Cb(D) 10,79 7,78 6,53 6,53 6,53

Cb(A) 13,72 -9,03 9,03 9,03

Cb(N) 16,73 -----

Relatief Relatief Relatief Relatief aan onderliggend item Relatief

Normale puntbron Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralend dak HMRI-II.8 Uitstralende gevel

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

360,00 360,00 360,00 360,00 360,00

2,0007 12,0000 12,0000 12,0000 12,0000

-4,0000 4,0000 4,0000 4,0000

-1,0002 1,0002 1,0002 1,0002

7,78 0,00 0,00 0,00 0,00

-0,00 0,00 0,00 0,00

-9,03 9,03 9,03 9,03

6,00 6,00 6,00 6,00 0,00

Relatief aan onderliggend item Relatief aan onderliggend item Relatief aan onderliggend item Relatief aan onderliggend item Relatief

Uitstralend dak HMRI-II.8 Uitstralend dak HMRI-II.8 Uitstralend dak HMRI-II.8 Uitstralend dak HMRI-II.8 Uitstralende gevel

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

360,00 360,00 360,00 360,00 360,00

3,0004 3,0004 3,0004 3,0004 6,0004

1,0001 1,0001 1,0001 1,0001 2,0001

0,2501 0,2501 0,2501 0,2501 0,5001

6,02 6,02 6,02 6,02 3,01

6,02 6,02 6,02 6,02 3,01

15,05 15,05 15,05 15,05 12,04

4,00 4,00 4,00 3,00 3,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralende gevel

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

360,00 360,00 360,00 360,00 360,00

6,0004 6,0004 6,0004 12,0000 12,0000

2,0001 2,0001 2,0001 4,0000 4,0000

0,5001 0,5001 0,5001 1,0002 1,0002

3,01 3,01 3,01 0,00 0,00

3,01 3,01 3,01 0,00 0,00

12,04 12,04 12,04 9,03 9,03

stalling werkplaats noord stalling werkplaats noord stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid

4,00 4,00 0,10 0,10 0,10

0,00 0,00 6,00 6,00 6,00

Relatief Relatief Relatief aan onderliggend item Relatief aan onderliggend item Relatief aan onderliggend item

Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralend dak HMRI-II.8 Uitstralend dak HMRI-II.8 Uitstralend dak HMRI-II.8

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

360,00 360,00 360,00 360,00 360,00

6,0004 6,0004 3,0004 3,0004 3,0004

2,0001 2,0001 1,0001 1,0001 1,0001

0,5001 0,5001 0,2501 0,2501 0,2501

3,01 3,01 6,02 6,02 6,02

3,01 3,01 6,02 6,02 6,02

12,04 12,04 15,05 15,05 15,05

dak stalling werkplaats zuid gevel stalling werkplaats zuid gevel stalling werkplaats zuid gevel stalling werkplaats zuid gevel stalling werkplaats zuid

stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid

0,10 4,00 4,00 4,00 4,00

6,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief aan onderliggend item Relatief Relatief Relatief Relatief

Uitstralend dak HMRI-II.8 Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralende gevel

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

360,00 360,00 360,00 360,00 360,00

3,0004 12,0000 12,0000 12,0000 12,0000

1,0001 4,0000 4,0000 4,0000 4,0000

0,2501 1,0002 1,0002 1,0002 1,0002

6,02 0,00 0,00 0,00 0,00

6,02 0,00 0,00 0,00 0,00

15,05 9,03 9,03 9,03 9,03

309 310 311 312 313

gevel stalling werkplaats zuid gevel stalling werkplaats zuid gevel stalling werkplaats zuid overheaddeur stalling werkplaats zuid overheaddeur stalling werkplaats zuid

stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid stalling werkplaats zuid

4,00 4,00 4,00 3,00 3,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralende gevel Uitstralende gevel

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

360,00 360,00 360,00 360,00 360,00

12,0000 12,0000 12,0000 12,0000 12,0000

4,0000 4,0000 4,0000 4,0000 4,0000

1,0002 1,0002 1,0002 1,0002 1,0002

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

9,03 9,03 9,03 9,03 9,03

314

overheaddeur stalling werkplaats zuid

stalling werkplaats zuid

3,00

0,00

Relatief

Uitstralende gevel

0,00

360,00

12,0000

4,0000

1,0002

0,00

0,00

9,03

Geomilieu V2020.2 Licentiehouder: Sain milieuadvies

Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

17-3-2021 15:30:40

Gegevens rekenmodel Model: Groep:

Sain milieuadvies

IL LAr,LT versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL

Naam 401 402 406 404 405

Omschr. parkeeractiviteit heftruck/shovel/lepelkraan heftruck/shovel/lepelkraan heftruck/shovel/lepelkraan heftruck/shovel/lepelkraan

Lwr 31 0,00 70,33 70,33 70,33 70,33

Lwr 63 67,00 81,15 81,15 81,15 81,15

Lwr 125 74,00 89,39 89,39 89,39 89,39

Lwr 250 79,00 94,50 94,50 94,50 94,50

Lwr 500 85,00 97,78 97,78 97,78 97,78

Lwr 1k 87,00 97,46 97,46 97,46 97,46

Lwr 2k 86,00 95,66 95,66 95,66 95,66

Lwr 4k 80,00 90,69 90,69 90,69 90,69

Lwr 8k 70,00 82,97 82,97 82,97 82,97

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=3d68be45-a58b-4057-8073-b87d5569f2cd