Bijlage 1: Bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90
Tekst van het document
Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90
Inhoudsopgave
Toelichting
5
Hoofdstuk1 Inleiding 1.1 Aanleiding tot nieuw bestemmingsplan 1.2 Ligging plangebied 1.3 Huidige planologische regelingen 1.4 Opzet bestemmingsplan
5 5 5 6 6
Hoofdstuk2 Beleid 2.1 Gemeentelijk beleid 2.2 Provinciaal beleid 2.3 Rijksbeleid 2.4 Conclusie
7 7 11 13 13
Hoofdstuk3 Planbeschrijving en Stedenbouwkundige structuur 3.1 Algemene gebiedsbeschrijving 3.2 Ontstaansgeschiedenis 3.3 Huidige situatie 3.4 Planbeschrijving
14 14 14 15 15
Hoofdstuk4 Onderzoeken 4.1 Archeologie en monumenten 4.2 Ecologie 4.3 Fysieke veiligheid 4.4 Milieu 4.5 Waterparagraaf
18 18 20 21 22 27
Hoofdstuk5 Toelichting op de planregels en verbeelding 5.1 Algemeen 5.2 Toelichting op de verbeelding 5.3 Toelichting op de regels 5.4 Handhaving
29 29 29 29 35
Hoofdstuk6 Maatschappelijke betrokkenheid 6.1 Overleg ex. artikel 3.1.1 Bro en zienswijzen 6.2 Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan
36 36 36
Hoofdstuk7
37
Economische uitvoerbaarheid
Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1 Geluidsonderzoek industrielawaai Bijlage 2 Geluidsonderzoek wegverkeerslawaai Bijlage 3 Ontwerpbesluit hogere grenswaarde geluid Bijlage 4 Bodemonderzoek Bijlage 5 Nota van beantwoording
39 40 79 97 102 177
Regels
181
Hoofdstuk1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
182 182 186
Hoofdstuk2 Artikel 3 Artikel 4
Bestemmingsregels Wonen - Vrijstaand Waarde - Archeologie 4
187 187 189
2 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
Hoofdstuk3 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Overige regels
191 191 192 193 194 196 197
Hoofdstuk4 Artikel 11 Artikel 12
Overgangs- en slotregels overgangsrecht slotregel
198 198 199
Bijlagen bij regels Bijlage 1 Te slopen bebouwing Europaweg 90-SCH
201 202
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 3
4 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
Toelichting Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding tot nieuw bestemmingsplan
De reden voor het opstellen van het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 is de wijziging van de huidige bestemming naar een woonbestemming. Hierdoor zal de bestaande en ernstig verpauperde bebouwing gesloopt worden en plaats maken voor een nieuw te bouwen woning. Het perceel heeft in het geldende bestemmingsplan 'Buitengebied 2011' de bestemming 'agrarisch veldschuur 2'. Voorliggend bestemmingsplan wijzigt de bestemming naar de bestemming 'wonen vrijstaand'.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied van het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 ligt in de lintbebouwing direct ten westen van de kern Nieuw-Schoonebeek. Het wordt globaal begrensd door de Europaweg 88 in het westen, de Europaweg in het noorden en de Europaweg 90 in het oosten (zie figuur).
Figuur 1-1: De ligging van het plangebied Emmen Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 in de gemeente Emmen.
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 5
Figuur 1-2: Indicatie begrenzing plangebied.
1.3
Huidige planologische regelingen
Het voorliggende bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 vervangt de volgende bestemmingsplannen gedeeltelijk: 'Buitengebied 2011'
1.4
Opzet bestemmingsplan
Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. Op de verbeelding worden de percelen in het gebied aangegeven met bestemming dan wel een aanduiding. In de regels worden de bouw- en gebruiksmogelijkheden van het plangebied geregeld. Tot slot wordt in de toelichting een verantwoording gegeven van de in het plan gemaakte keuzes.
6 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
Hoofdstuk 2
Beleid
2.1
Gemeentelijk beleid
2.1.1
Structuurvisie gemeente Emmen 2020, veelzijdigheid troef
Structuurvisie Emmen 2020, Veelzijdigheid Troef, is 24 september 2009 vastgesteld door de raad. Het document is opgesteld als ruimtelijke vertaling van de ambities gesteld in de Strategienota Emmen 2020, vastgesteld in de raadsvergadering van september 2001. De structuurvisie geeft de hoofdlijnen van de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente Emmen weer. In de structuurvisie wordt de ruimtelijke structuur van 2020 geschetst aan de hand van een aantal thema's, te weten landschap, duurzaamheid, verkeer, werken, wonen, voorzieningen en veiligheid. Voor ieder thema is een hoofdkoers bepaald. 2.1.2
Woonbeleid
De Woonvisie 2018-2023 richt zich op een nieuwbouwopgave passend bij de kwalitatieve behoefte en aanvullend op de bestaande voorraad. Daarbij moet de bestaande woningvoorraad beter benut worden. In de Woonvisie is een strategie opgenomen voor woningbouw: 1. Woningbouwinitiatieven worden niet individueel, maar in samenhang bekeken. 2. Prioriteit wordt gegeven aan plannen voor herstructurering en transformatie. 3. Bij het maken van de woon- en leefbaarheidsvisies voor dorpen en wijken komen plekken naar voren waar inbreiding (verdichting) mogelijk en gewenst is. 4. Bestaande uitbreidingslocaties worden afgerond. 5. Woningbouwplannen dragen bij aan een gevarieerd woonmilieu (ruimte bieden aan plannen die een nichemarkt bedienen en aan kleinschalige experimentele, innovatieve en duurzame woonvormen). 6. Woningbouwplannen dragen bij aan ruimtelijke kwaliteit. Vanuit het woonbeleid wordt het bouwen in de linten begrensd. Tussen 2018 en 2028 is er ruimte voor de bouw van maximaal 50 woningen. In de beleidsnotitie Bouwen in de linten staat beschreven waar gebouwd mag worden. 2.1.3
Beleidsnotitie "Bouwen in de linten"
De gemeenteraad heeft op 14 december 2017 de beleidsnotitie Bouwen in de linten vastgesteld. De beleidsnotitie geeft het onderzoek weer naar de ruimtelijke kaders en criteria die bij de beoordeling van verzoeken tot incidentele woningbouw in de linten moeten worden gehanteerd. In de beleidsnotitie is een balans gezocht tussen het incidenteel toevoegen van woningen enerzijds en het behoud van de waarde en karakteristiek van het landschap anderzijds. Het doel van de beleidsnotitie Bouwen in de linten is het verkrijgen van een helder ruimtelijk kader voor het toetsen van nieuwe aanvragen voor het bouwen van woningen binnen lintbebouwingen in de gemeente Emmen. In de beleidsnotitie zijn ruimtelijke criteria verwoord. Bij de ruimtelijke ontwikkeling van de linten dient een afweging te worden gemaakt tussen enerzijds het belang van de kernen, en anderzijds het belang van het landschap. In de eerste plaats is bepaald wat de begrenzingen van de kernen zijn en wat de linten binnen en buiten de kernen zijn. Als vervolgstap is voor de linten buiten de kernen bepaald welke delen onlosmakelijk met het landschap zijn verbonden en welke delen met de kern zijn verbonden. De linten kunnen worden onderverdeeld in 'landschapsgerelateerde linten', 'dorpsgerelateerde linten' en in 'lint binnen kern'.
Volgens de beleidsnotitie Bouwen in de linten is het perceel niet gelegen binnen een lint dat op basis van de algemene visie in aanmerking komt voor het toevoegen van een woning. Direct ten oosten van het perceel is de kernbegrenzing gelegen.
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 7
Figuur 2-1: Uitsnede van kaart Bouwen in Linten (paars betreft 'lint binnen kern'.
In de beleidsnotitie Bouwen in de linten staat aangegeven dat in situaties waar sprake is van bijzondere ruimtelijke omstandigheden, het afwijken van de algemene visie uit de beleidsnotitie Bouwen in de Linten gewenst kan zijn. Een van de situaties is het bespreekbaar worden van de herbouw van een verpauperde woning op een alternatieve locatie in een lint, wanneer aantoonbaar sprake is van ruimtelijke kwaliteitswinst in het geheel. Beoordeling Het perceel is gelegen aan de westzijde van het dorp Nieuw-Schoonebeek. Het vervallen pand biedt, als entree van het dorp, een min of meer trieste aanblik. De gemeentelijke Woonvisie 2018-2023 bepaalt dat woningbouwplannen bijdragen aan ruimtelijke kwaliteit. Prioriteit wordt gegeven aan plannen voor herstructurering en transformatie. Verder bepaalt de beleidsnotitie Bouwen in de linten dat herbouw van een verpauperde woning op een alternatieve locatie in een lint bespreekbaar is, wanneer aantoonbaar sprake is van ruimtelijke kwaliteitswinst in het geheel. Het perceel is in het verleden in gebruik geweest als woning. Het perceel is gelegen in een bebouwingslint: het laatste perceel met bebouwing in het lint ten zuiden van de Europaweg. Het perceel sluit aan bij 'bestaand stedelijk gebied'. Bij vervanging van een verpauperd pand door een vrijstaande woning is er sprake van ruimtelijke kwaliteitswinst.
Het levert een positieve bijdrage aan de aanblik en de entree van het dorp Nieuw-Schoonebeek. De inpassing is nader uitgewerkt in een ruimtelijk kwaliteitsplan.
8 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
2.1.4
Ruimtelijke waardenkaart
De Ruimtelijke Waardenkaart (Bosch & Slabbers, 2008) belicht de aardkundige, archeologische, ecologische, hydrologische, cultuurhistorische en de landschappelijke waarden, evenals de monumenten van het buitengebied van de gemeente Emmen. De kaart is opgesteld ten behoeve van het bestemmingsplan buitengebied, hierdoor ligt het accent op de waarden in buitengebied, maar komen de in het onderliggende waarden in de kernen ook aanbod. Daarnaast reikt de ruimtelijke waardenkaart concrete handvatten voor de ontwikkeling van het landschap aan. Het rapport geeft aan met welke aspecten in de planvorming rekening dient te worden gehouden. De gemeente ziet de ruimtelijke waardenkaart als een aanzet tot een nader te bepalen ontwikkelingskader. De ruimtelijke waardenkaart is een interne beleidskader, welke richting geeft aan de inrichting van een gebied. De ruimtelijke waardenkaart hangt samen met regelingen op de gebieden als flora- en faunabescherming, archeologie, monumenten. Vastgestelde waarden binnen deze gebieden vinden hun juridische bescherming binnen de specifieke wettelijke kaders. In de RWK zijn de waarden op deze gebieden dan ook niet “opnieuw” vastgesteld maar in woord en beeld met elkaar in verband gebracht.” Deelgebieden en kenmerken per deelgebied De RWK maakt verder een onderscheid in deelgebieden. Het plangebied ligt binnen het deelgebied “Het landschap van Schoonebeek”.
Dit landschap bestaat uit een reeks van zeer smalle oost-west gerichte dekzandruggen welke langs het beekdal van het Schoonebeekerdiep liggen. Op deze ruggen / koppen zijn de buurtschappen tot ontwikkeling gekomen. Kenmerkend voor is de lichte waaiervorm van de percelering. De ruimtelijke waardenkaart omvat een drietal kaarten. 1. a. b. 2. a. 3. a.
Ruimtelijke aspecten, genoemd voor de omgeving van het plangebied: Schoonebeek als dorp op een zandopduiking Het beekdal Schoonebeekerdiep ten zuiden van de Europaweg Visuele aspecten, genoemd voor de omgeving van het plangebied: Robuuste ruimte hoogveenontginning Elementen, genoemd voor de omgeving van het plangebied: Geen
Behoud, versterking en ontwikkeling De opgave is ontwikkelingen zodanig te geleiden dat kwaliteiten behouden blijven, knelpunten tot een oplossing worden gebracht, nieuwe kwaliteiten aan het landschap worden toegevoegd. Binnen de Randvervening Schoonebeek wordt (voor zover relevant voor het plan) ingezet op: Microreliëf van de zandkoppen Archeologische waarden Boerenerven en erfbeplanting Opstrekkende verkaveling en in samenhang daarmee een opstrekkend sloten- en houtwallenpatroon 2.1.5
Welstandsbeleid
De welstandsnota 2016, gemeente Emmen is opgesteld uitgaande van het motto: “Loslaten van kan, regelen wat ertoe doet”. De gemeente hecht waarde aan de omgevingskwaliteit, en ziet daarbij onderscheid tussen de verschillende gebieden die de gemeente rijk is. Niet ieder gebied vraagt om dezelfde benadering. De welstandsnota 2016 kent drie welstandsniveaus: welstandsvrij, welstandsluw en welstandsniveau hoog. Voor een aantal gebieden is de ambitie naar beneden bijgesteld ,waardoor welstandsvrije gebieden zijn toegenomen. Het niveau welstandsluw is geïntroduceerd. In de luwe gebieden wordt op een aantal basale aspecten van welstand gestuurd en wordt afstand genomen van gedetailleerde beoordelingen. Daarnaast moeten gebieden die van meer waarde zijn - niveau hoog – goed beschermd blijven. Deze gebieden leveren een belangrijke bijdrage aan de identiteit van Emmen. Voornamelijk zijn dit de centra van dorpen, wijken en de beschermde dorpsgezichten. Voor deze gebieden geldt een hoog ambitieniveau. Het gemeentebestuur beoogt met deze nota een dynamische welstand in Emmen, bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 9
waarbinnen ruimte is voor dialoog en “kwalitatief herstel” met de samenleving. Het bestemmingsplan en de welstandsnota zorgen samen voor het behoud van de ruimtelijke kwaliteit. Het bestemmingsplan geeft aan wat, hoeveel, in welke vorm en waar er gebouwd mag worden. Het welstandsbeleid geeft aan hoe het gebouw er uit mag komen te zien. Dit wil zeggen dat het welstandsbeleid moet voorkomen dat er gebouwen gebouwd worden die afbreuk doen aan de omgeving. Het plangebied is gelegen in een gebied waarvoor het welstandsniveau 'hoog' geldt. De wegdorpbebouwing van Schoonebeek en Nieuw-Schoonebeek is ontstaan op de overgang van het veen naar het beekdal van het Schoonebeekerdiep. De wegdorpen hebben (schijnbaar) willekeurig verspreide boerderijen, verbonden door een zeer bochtig verlopende weg. .De kwaliteit van deze omgeving wordt bepaald door de onregelmatige aan-eenschakeling van forse boerderijen, kleinere boerderijen en woningen veelal terugliggend geplaatst van de doorgaande weg. De volumes zijn wat krachtiger dan bij esdorpen door de vaak opgetrokken topgevels met vakwerk en bijzonder gevelsierwerk. De erven zijn licht opgehoogd en rijk beplant met geriefhout. De te realiseren woning zal moeten voldoen aan de gestelde welstandseisen. 2.1.6
Cultuurhistorischewaardenkaart
Per 1 januari 2012 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd naar aanleiding van de Modernisering Monumentenwet (MoMo). De wijziging in het Bro bepaalt dat cultuurhistorische waarden uitdrukkelijk moeten worden meegewogen in ruimtelijke plannen. Gemeente Emmen heeft op 28 september 2017 de Cultuurhistorische waardenkaart vastgesteld. De cultuurhistorische waardenkaart van Emmen bestaat uit drie onderdelen: Een bronnenkaart Een beleidskaart Een rapportage en handleiding Het hele grondgebied van Emmen is op de bronnenkaart opgedeeld in kleinere gebieden en structuren met eenzelfde ontstaansgeschiedenis en ontwikkeling. Dit betreft zowel het buitengebied als de stad, dorpen en wijken. Van ieder gebied is kort aangegeven wat het is, zo mogelijk met datering en korte beschrijving. De beleidskaart laat de cultuurhistorisch meest waardevolle plekken, elementen en gebieden zien met de beleidsmaatregelen die daaraan zijn gekoppeld.De beleidskaart geeft een compleet overzicht voor welke gebieden, plekken en gebouwen beleidsmaatregelen gelden bij verandering, ontwikkeling of sloop. In deze rapportage is de inhoudelijke onderbouwing opgenomen van de informatie die op beide kaarten is weergegeven.
Het geeft eerst een kort overzicht van de ontwikkelingsgeschiedenis van landschap en bebouwing van de hele gemeente, verdeeld over de thema’s Historische Geografie en Historische Bouwkunde. Verder geeft het de resultaten weer van de inventarisatie van het immaterieel erfgoed. Er zijn 3 beleidskeuzes gemaakt: Beschermen van cultuurhistorische waarden (zoals rijksmonumenten) Herkenbaar houden van de historische en ruimtelijke structuur en samenhang. (zoals landschappelijke gebieden of stedelijke structuren - lintbebouwing) Respecteren en rekening mee houden bij ontwikkelingen (bouw, verbouw, aanleg, inrichting, sloop, kap) de cultuurhistorische waarde van het object waar mogelijk behouden en versterken (zoals beeldbepalende bouwwerken) Het gebied rondom Nieuw-Schoonebeek betreft een veenkoloniaal landschap met hoogveen en daaronder dekzand. Daarom is dit een oud lint, waarbij de lintstructuur historisch-geografisch hoog wordt gewaardeerd. Het dorp Nieuw-Schoonebeek ontstond vanaf 1815 in het overgangsgebied tussen hoogveen en broekveen. Vanwege stijgende graan- en pachtprijzen waren veel boeren genoodzaakt om verafgelegen landerijen in het oosten van de gemeente te verkopen. Hier werd dankbaar gebruik van gemaakt door 10 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
kolonisten. Vanaf 1800 trokken er steeds meer Duitse kolonisten naar dit gebied. Langzaam werden steeds meer booën afgebroken en vervangen door een boerderij, vaak aan de noordkant van de huidige Europaweg. Het waren vooral Duitsers uit het aangrenzende Hesepertwist in het katholieke Munsterland die de booën en bijbehorende gronden kochten van de lokale boeren. Hierdoor werd Nieuw-Schoonebeek een katholieke enclave. De eerste gezinnen vestigden zich in 1805-‘06 aan de weg van Schoonebeek naar Meppen in Duitsland. In 1850 was de kolonie uitgegroeid tot een volwaardig dorp. Evenals in Schoonebeek werd ook in Nieuw-Schoonebeek de bebouwing niet in één rooilijn geplaatst en wisselde de afstand tot de weg sterk. De booën die lange tijd het uiterlijk van de streek bepaalden verdwenen met het groeien van de permanente nederzetting geleidelijk aan uit het dorpsbeeld. Ze werden afgebroken of tot boerderij verbouwd. De boerderijen in Nieuw-Schoonebeek vertoonden evenals die in het hoofddorp sterke overeenkomsten met die uit Twente en meer nog de Duitse grensstreek. Nieuw-Schoonebeek betreft de beleidskeuzes herkenbaar houden en respecteren. De lintbebouwing van Nieuw-Schoonebeek is ontstaan door de randveenontginning en vormt een slingerende structuur met licht gerende percelen, door de de "waaier" als basis van het slagenlandschap (zie paragraaf ) .
Bij nieuwe ontwikkelingen, waarin voorliggend bestemmingsplan in voorziet, dient rekening gehouden te worden met de te beschermen en te respecteren genoemde artefacten.
2.2
Provinciaal beleid
2.2.1
Omgevingsvisie Drenthe 2018
De Omgevingsvisie is hét strategische kader voor de ruimtelijk-economische ontwikkeling van Drenthe. De visie formuleert de belangen, ambities, rollen, verantwoordelijkheden en sturing van de provincie in het ruimtelijke domein. De Omgevingsvisie beschrijft de ruimtelijk-economische ontwikkeling van Drenthe in de periode tot 2030, met in sommige gevallen een doorkijk naar de periode daarna. Als in de tekst wordt gesproken over ‘lange termijn’, betreft het de periode na 2030. De Omgevingsvisie heeft voor de provincie vooral een interne binding. Dit betekent dat de provincie bij de uitoefening van haar taken aan de Omgevingsvisie gebonden is. Missie De missie van de provincie is het waarderen van de Drentse kernkwaliteiten en het ontwikkelen van een bruisend Drenthe, passend bij de kernkwaliteiten. Deze missie is ingegeven door wat inwoners, medeoverheden en maatschappelijke partners belangrijk vinden voor de toekomst van Drenthe. De kernkwaliteiten zijn samen met partners en de inwoners van Drenthe benoemd, te weten landschap, cultuurhistorie, aardkundige waarden, archeologie, rust en natuur. Kernkwaliteiten De kernkwaliteiten zijn de kwaliteiten die bijdragen aan de identiteit en aantrekkelijkheid van Drenthe.
Samen met vertegenwoordigers van overheden, belangengroepen, marktpartijen en inwoners heeft de provincie de volgende kernkwaliteiten van Drenthe benoemd : rust, ruimte, natuur en landschap; oorspronkelijkheid (authenticiteit, Drents eigen); noaberschap; kleinschaligheid (Drentse schaal); menselijke maat; veiligheid. Het provinciaal belang ligt in het behouden en, waar mogelijk, ontwikkelen van de kernkwaliteiten. In hoofdstuk 4 van de Omgevingsvisie is voor alle kernkwaliteiten een uitwerking naar meer concrete indicatoren gemaakt, namelijk landschap, cultuurhistorie, aardkundige waarden, archeologie, rust en natuur. Zorgvuldig Ruimtegebruik
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 11
In Drenthe kunnen mensen nog ruimte beleven. Dat wil de provincie bewaken, ook wanneer er nieuwe ontwikkelingen zijn. Zorgvuldig ruimtegebruik is van provinciaal belang. Milieu- en leefomgevingskwaliteit De provincie streeft naar een gezonde en veilige leefomgeving voor mens, plant en dier. Het beschermen van de kwaliteit van milieu en leefomgeving is veelal op Europees en nationaal niveau geregeld. Daarbij zijn diverse taken en verantwoordelijkheden bij de provincies neergelegd. Deze taken, gericht op het beschermen van de kwaliteit van lucht, water en bodem en het verbeteren van de verkeersveiligheid, waterveiligheid en externe veiligheid, zijn daarmee van provinciaal belang. Kaarten en doelstellingen Op kaarten behorende bij de Omgevingsvisie Drenthe zijn de kernkwaliteiten nader weergegeven. Op een aantal kaarten (wanneer relevant) is het plangebied als volgt aangeduid: Landschap Het plangebied is gelegen binnen het landschap van de veenkoloniën. Van provinciaal belang is de orthogonale samenhang tussen het systematische ontginningspatroon van grootschalige openheid met kenmerkende wijkenstructuur en de bebouwingslinten met daaruit opgaande percelen. Cultuurhistorie Het beleid van de provincie Drenthe ten aanzien van cultuurhistorie is beschreven in de beleidsnota Cultuurhistorisch Kompas Drenthe. Het plangebied is gelegen binnen het gebied Emmen en haar venen.
Het generieke beleid 'respecteren' is van toepassing. Het is bedoeld om de cultuurhistorische samenhang, zoals die is vastgelegd in de hoofdstructuur, te borgen. De ambitie voor de Veenkoloniën richt zich specifiek op het zichtbaar houden van de machinale veenwinning en veenverwerking op het Amsterdamscheveld en het Bargerveen, zowel in het landschap als in de bebouwing. Het bestemmingsplan is gelegen in het wegdorpenlandschap van de randveenontginning. Kenmerkend voor de randveenontginningen zijn: Licht slingerend verloop van de weg als ontginningsas parallel aan het Schoonebekerdiep; Een onderscheid tussen oost en west in lintdorpen en esgehuchten; Een opstrekkende verkaveling vanuit het lint Voorliggend bestemmingsplan zorgt er voor dat de randveenontginningen met een variatie aan bebouwing langs de slingerende oost-west georiënteerde wegen behouden blijft. Dit komt tot uiting in de positionering van de nieuw toe te voegen schuurwoning. De oorspronkelijke bebouwing op deze plek ligt niet parallel aan de Europaweg, maar volgt de oude verkavelingslijnen. Door deze iets gedraaide positie op de kavel, opent de bebouwing zich vanuit de kern Nieuw-Schoonebeek naar het landelijke gebied toe. Ten behoeve van cultuurhistorie is het wenselijk om bij de positionering van de nieuwe bebouwing deze historische lijnen aan te houden.
Een uitgebreide uitwerking hiervan is gemaakt in hoofdstuk 3. Archeologie De inhoudelijke kaart Archeologie geeft een overzicht van de archeologische waarden en verwachtingen die de provincie van provinciaal belang achten. In gebieden of terreinen met een archeologische verwachting op de archeologiekaarten, wordt gestuurd op een goede uitvoering van archeologisch onderzoek. Niet voor alle bodemingrepen is archeologisch onderzoek vereist. Dit hangt af van de omvang en aard van de ingreep, de waarde/verwachting van de locatie en het vrijstellingenbeleid zoals dat is uitgewerkt in de gemeentelijke archeologiekaarten. Aardkundige waarden Aardkundige waarden die bijdragen aan het specifieke Drentse karakter wil de provincie behouden en, waar mogelijk, herstellen. Het provinciaal belang ligt in het behouden en, waar mogelijk, ontwikkelen van de kernkwaliteit aardkundige waarden. De provincie wil inhoud geven aan ruimtelijke kwaliteit, om de identiteit en aantrekkelijkheid van Drenthe te behouden en te versterken. Het doel is de archiefwaarde van de bodem te behouden en de landvormen, die karakteristiek zijn voor het Drentse landschap, te 12 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
behouden en te versterken, als onderdeel van de kernkwaliteit oorspronkelijkheid. Het plangebied is gelegen binnen een gebied met een generiek beschermingsniveau voor aardkundige waarden. In deze gebieden wil de provincie de lokale, aardkundige kenmerken voor de toekomst bewaren. 2.2.2
Provinciale omgevingsverordening
Provinciale Staten van Drenthe hebben de Provinciale omgevingsverordening Drenthe vastgesteld. In de omgevingsverordening is het perceel niet gelegen binnen een gebied aangeduid als 'Bestaand Stedelijk Gebied'. Binnen Bestaand Stedelijk Gebied ligt de verantwoordelijkheid ten aanzien van woningbouw primair bij de gemeente. De verordening geeft verder geen specifieke bepalingen voor percelen met deze aanduiding. Onder bepaalde voorwaarden biedt de Provincie Drenthe ruimte aan het toevoegen van een incidentele woning buiten bestaand stedelijk gebied. Artikel 2.17 lid 1 van de POV bepaalt dat een ruimtelijk plan kan voorzien in nieuwe woningbouw mits de behoefte op basis van de gemeentelijke woonvisie kan worden aangetoond en aansluit bij bestaand stedelijk gebied. De gemeenteraad heeft op 14 december 2017 de geactualiseerde beleidsnotitie Bouwen in de linten vastgesteld. De beleidsnotitie is een nadere uitwerking van de Woonvisie 2018-2023. Het plan past binnen de gemeentelijke woonvisie (zie paragraaf 2.1.2) en het plangebied is gelegen in een bebouwingslint dat aansluit bij bestaand stedelijk gebied. Het plan is in overeenstemming met artikel 2.17 lid 1 van de POV.
2.3
Rijksbeleid
2.3.1
Ruimtelijk beleid
De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is op 13 maart 2012 van kracht geworden. Onderdeel van deze structuurvisie is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Met de structuurvisie kiest het rijk voor een selectievere inzet van rijksbeleid op slechts 13 nationale belangen. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Voor Emmen zijn in de SVIR geen onderwerpen opgenomen die aangemerkt worden als nationaal belang. In de Barro zijn alleen de zaken betreffende defensie en kernkwaliteiten van toepassing. Echter deze zaken hebben geen directe invloed op de inrichting van het plangebied.
2.4
Conclusie
De conclusie van de in dit bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 beschreven beleidsuitgangspunten is dat het rijksbeleid niet direct door werkt in het plangebied. Hierdoor is het bestemmingsplan niet in strijd met het rijksbeleid. Het rijksbeleid werkt indirect door via het provinciaal beleid. Het provinciaal beleid vormt op zijn beurt weer de input voor het gemeentelijk beleid. Voor het voorliggende bestemmingsplan kan eveneens geconcludeerd worden dat het plan passend is in het provinciale beleid. Wat betreft het gemeentelijk beleid kan gesteld worden dat het plan passend is.
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 13
Hoofdstuk 3 structuur 3.1
Planbeschrijving en Stedenbouwkundige
Algemene gebiedsbeschrijving
Nieuw-Schoonebeek is ontstaan op de rand van het beekdal van het Schoonebeekerdiep en het hoogveencomplex Bargerveen. Aan het eind van de 18e eeuw was het dorp Schoonebeek een welvarende agrarische nederzetting. De boeren uit het dorp lieten het vee grazen in de kilometers lange en brede groenlanden in het beekdal van het Schoonebeekerdiep tot aan (en over) de Duitse grens. Ook kregen de boeren uit Schoonebeek in deze periode te maken met stijgende graan- en pachtprijzen. Uiteindelijk werden de gronden verkocht per strook van 200 meter breed en ongeveer 3000 meter lang. Ook werden er kavelverdelingen gemaakt op basis van het toenmalige geldende erfrecht. De breedte van het erf diende als uitgangspunt voor verdere ontginning van het achtergelegen veen. Loodrecht op de bewoningsas werden de grenzen van de bedrijfskavels en ontwateringsloten getrokken. Een belangrijk principe bij deze ontginningswijze was het “recht van opstrek”. Dit recht hield in dat iedere eigenaar het hoogveen binnen zijn opstrek en binnen de grenzen van het dorp kon ontwateren en aanmaken tot akkerbouwland. Uiteindelijk ontstonden er op deze manier langgerekte percelen noordwaarts de venen in. Dit type landschap wordt het “slagenlandschap” genoemd. Overigens was het recht van opstrek bij Nieuw-Schoonebeek alleen van toepassing op het veengebied.
De groenlanden in het beekdal van het Schoonebeekerdiep kregen een meer onregelmatige verkaveling.
3.2
Ontstaansgeschiedenis
Het plangebied is gelegen binnen het landschap van de kleinschalige veenontginningen. Het wordt gerekend tot het gebied Schoonebeek en omgeving. Dankzij kadastrale kaarten is duidelijkheid over het grondgebruik en de ontginningswijze vanaf de 17e eeuw. De boerderijen van de oude bewoningslinten lagen toen op langgerekte kavelstroken, ‘opstrekk’nde ploats’n’ genoemd, die noordwaarts het veen in liepen en zuidwaarts tot het Schoonebeekerdiep. Door het recht van opstrek, het recht van de grondeigenaar op de onontgonnen gronden voor en achter zijn in cultuur gebrachte grond, is deze bijzondere strokenverkaveling ontstaan. In de loop van de 18e eeuw, begin 19e eeuw vestigden steeds meer boeren uit Duitsland zich in dit gebied. In 1805 ontstond dan ook Nieuw-Schoonebeek door de verkoop van gronden aldaar aan Duitse boeren. In Nieuw-Schoonebeek bestond het recht van opstrek alleen richting veen waardoor richting het Schoonebeeker diep sprake is van een onregelmatige verkaveling. Dat is tot op de dag van vandaag nog steeds het geval. Bijzonder is de waaiervormige percelering die volgens W. Visscher wijst op een in de Middeleeuwen gebruikelijke wijze van landmeting. (Bron: W. Visscher; Uitwaaieren langs het diep). Deze waaiervormige Schoonebeeker percelen komen samen in een punt, een zandhoogte Ubbenbergh genaamd, op de Nederlands-Duitse grens even ten oosten van Emmer-Compascuum.
Overigens liepen de percelen niet door tot de punt. Dat zou niet praktisch zijn. Aan de basis waren de percelen circa 90m breed. Het gebied is grotendeels kleinschalig en gedeeltelijk niet of deels ontgonnen. Dit betekent dat er her en der nog veenlagen aanwezig die in hoogte verschillen door inklinking, mest en het afsteken van turf(strooisel) voor eigen gebruik. Dit gecombineerd met de bos(stroken) en elzensingels zorgt voor het unieke kleinschalige coulissen landschap. De uitzonderlijk gaaf gebleven oorspronkelijke buurtschappen, Westeinde, Middendorp en Oosteinde, met hun specifieke boerderijen en erfbeplanting, de paden richting de boerderijen, de nog steeds herkenbare smalle strokenverkaveling ten noorden van het lint, het aanwezige reliëf en de opgaande bosjes en singels zorgen voor een kleinschalig coulisselandschap. In dit gebied liggen de oudste (bij Schoonebeek), jongere (bij Nieuw Schoonebeek) en jongste (bij Weiteveen) kleinschalige veenontginningen dicht bij elkaar. Het is vooral de optelsom van de nog herkenbare cultuurhistorische karakteristieken die dit gebied zo bijzonder maakt.
14 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
3.3
Huidige situatie
Het plangebied aan de Europaweg ligt ten westen van de kern Nieuw-Schoonebeek. Ten zuiden van het plangebied is het open beekdal van het Schoonebeekerdiep. In de directe omgeving van het plangebied is een bouwbedrijf gevestigd en zijn voornamelijk agrarische bedrijven aanwezig afgewisseld door enkele woningen. Op het bestaande erf aan Europaweg 90-SCH te Nieuw-Schoonebeek staat een verpauperde agrarische veldschuur. Dit bestemmingsplan zorgt er voor dat de realisatie van een vrijstaande woning is toegestaan.
Figuur 3-1: agrarische veldschuur in de huidige situatie
3.4
Planbeschrijving
De bestemming wijzigt van Agrarisch – Veldschuur naar Wonen ten behoeve van één vrijstaande woning. Momenteel ligt het plan in het buitengebied, maar om het plan mogelijk te maken (qua geluidsnormen) wordt de bebouwde kom verplaatst. Het nieuwe bestemmingsplan zal onderdeel uitmaken van het bestemmingsplan Buitengebied 2011. Positie bouwing, bouwvlak en gevellijn Voor het bepalen van de positie van de bouwing op de kavel is niet alleen de 50 meter uit het bouwvlak van Europaweg 117a van belang. De zuidelijke kavelgrens van het plangebied volgde vroeger de schuine kavellijnen van de kavels 581 en 253. De oorspronkelijke bebouwing op deze plek ligt niet parallel aan de Europaweg, maar volgt de oude verkavelingslijnen. Door deze iets gedraaide positie op de kavel, opent de bebouwing zich vanuit de kern Nieuw-Schoonebeek naar het landelijke gebied toe. Ten behoeve van cultuurhistorie is het wenselijk om bij de positionering van de nieuwe bebouwing deze historische lijnen aan te houden.
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 15
Figuur 3-2: Historische kaarten Europaweg 90-SCH, ligging van de bebouwing Door de bebouwing meer in lijn met de oude verkaveling te zetten zijn er een aantal voordelen te noemen: De woning levert door zijn iets afwijkende richting een betere overgang naar het open landschap op. De woning verwijst, ondanks dat het nieuwbouw wordt, beter naar de historische karakteristiek en artefacten van Nieuw Schoonebeek. De zijtuin met de huidige grote lindeboom aan de Europaweg krijgt wat meer ruimte, en er kunnen gemakkelijker bomen aan worden toegevoegd. De woning komt nog iets beter op de zon te liggen. De typologie van “schuurwoning” past iets beter los en vrijstaand van de positionering van meer traditionele woningen. Bij de positionering van het bouwvlak is dus rekening gehouden met de historische karakteristieken van de plek. Het bouwvlak wordt daarom onder een kleine hoek geplaatst vanuit de Europaweg gezien. Om zo veel mogelijk vast te houden aan de historische bebouwingsvorm worden er twee gevellijnen aangegeven in het bouwvlak waar de nieuwe bebouwing in opgericht dient te worden. De wenselijke nokrichting van de bebouwing is parallel aan de Europaweg en volgt daarmee de historische bebouwing op. Tot slot is er met de positionering van het bouwvlak afstand gehouden van de omliggende wegen.
Ruimtelijke randvoorwaarden Voor het voorliggende plan gelden een aantal ruimtelijke randvoorwaarden, waarvan ook een deel in de planregels zijn verwerkt: Het vertrekpunt voor het ontwerp is de voormalige boerderij/schuur. Een boerderij of schuurwoning is hier passend. De huidige opstallen wordt gesloopt en vervangen door één vrijstaande woning. Alle gebouwen dienen worden opgericht in het bouwvlak. Het hoofdgebouw bestaat uit één laag met kap. Het te realiseren hoofdgebouw sluit logisch aan op de bestaande bebouwingsstructuur langs de Europaweg. De architectonische uitstraling is landelijk. Het kleur- en materiaal gebruik is afgestemd op de omgeving. De voorgevel en zijgevel dienen te worden opgericht in de gevellijnen. Nokrichting parallel aan de Europaweg, de bestaande nokrichting wordt dus gehandhaafd. De maximale goothoogte en bouwhoogte zijn afgestemd met woningen in de omgeving, dus respectievelijk max 3,5 m en max 9 m. Bijgebouwen zijn qua massa, verhouding en uitstraling ondergeschikt aan het hoofdgebouw. Het geheel dient in een evenwichtige samenhang te zijn ontworpen. Er mag maximaal een oprit gerealiseerd worden met een maximale breedte van 4 meter, ontsloten via de zijweg van de Europaweg. Bestaande bomen worden bij de inrichting van het perceel ingepast. Welstandsniveau is hoog, waardoor het plan getoetst moet worden aan de welstandscriteria.
Voor de stedenbouwkundige inpassing is verder aan de orde dat uit een erfinrichtingsplan dient te blijken dat er sprake is van ruimtelijke kwaliteitsverbetering. Uitgangspunt daarbij zal zijn dat een woning passend is in het straat- en bebouwingsbeeld en de entree van het dorp versterkt. De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor het opstellen van een erfinrichtingsplan.
16 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
Figuur 3-3: positionering bebouwing
Figuur 3-4: Referentiebeeld van een schuurwoning met patio aan de achterzijde
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 17
F
Hoofdstuk 4
Onderzoeken
4.1
Archeologie en monumenten
4.1.1
Algemeen
De gemeente Emmen heeft archeologie beleid vastgesteld, d.d. 30 mei 2013. Hiervoor is een archeologische beleidsadvieskaart gemaakt met daarbij een rapport, dit rapport dient als toelichting op de kaart. Het doel van deze documenten is om aan te geven wat de kern vormt van het archeologie beleid en waar de beleidskeuzen zijn gemaakt. De verschillende archeologische waarden en verwachtingen en de maatregelen die daaraan zijn gekoppeld zijn in gemeentelijk archeologische beleidsadvieskaart vertaald naar diverse categorieën "Waarde - Archeologie" in het bestemmingsplan. Met de vertaling is op eenvoudige wijze voor het gehele gebied van de gemeente Emmen in beeld gebracht of archeologische waarden in het geding zijn of kunnen zijn en zo ja, op welke manier daarmee dient te worden omgegaan, tabel 1 geeft de onderverdeling van de vier gemaakte categorieën weer. Categorie
Archeologische waarden
Oppervlakte
Diepte
Drainage
Rijksmonument
Beschermd
-
-
Verbod
Waarde Archeologie 1
Zeer hoge archeologische waarde
0 m2
30 cm + 10 cm
Verbod
Waarde Archeologie 2
(zeer) (hoge) archeologische waarde
100 m2
30 cm + 10 cm
Verbod
Waarde Archeologie 3
Middelhoge of hoge verwachting
1000 m2
30 cm + 10 cm
Verbod
Waarde Archeologie 4
Middelhoge of hoge verwachting
1000 m2
30 cm + 10 cm
Toegestaan
Tabel 1: Onderverdeling van archeologische waarden.
Deze beleidskeuzen zijn vertaald in een dubbelbestemmingen. Per archeologische kwaliteit zijn planregels opgenomen voor de te bebouwen oppervlakte en een omgevingsvergunningsstelsel voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. De maatvoering voor afwijking is afhankelijk van de te verwachten waarden of verwachtingen en de uitkomsten van archeologisch onderzoek. 4.1.2
Archeologische waarden in het plangebied
Het plangebied Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 is volgens de beleidskaart gelegen in een gebied met archeologische waarde 4 , figuur 4.1 is uitsnede uit de beleidskaart.
18 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
figuur 4.1: Uitsnede archeologische beleidskaart, plangebied gelegen in waarde - archeologie @: Gebieden met @ archeologische waarden
Deze waarde houdt in dat: Gebieden gecategoriseerd als waarde-3 en waarde- 4 zijn gebieden waar op basis van de geologische en bodemkundige opbouw, landschappelijke kenmerken en reeds aangetroffen archeologische resten een (middel)hoge kans op het aantreffen van (intacte) archeologische vindplaatsen bestaat. Deze zones worden gekenmerkt door een - al dan niet verscholen onder het huidige maaiveld - redelijk gaaf landschap met dekzandruggen en dekzandkoppen. Delen van dit landschap kunnen bovendien zijn afgedekt door esdekken. Van concrete vindplaatsen is hier echter vooralsnog geen sprake. In hoofdzaak geldt een grote trefkans op nederzettingen, grafvelden, losse boerderijen, wegen, dijken, linies, kleine jachtkampen en losse vondsten uit alle perioden Voor gebieden aangeduid met Waarde - archeologie 4 is algemeen aanvaard dat een minimumoppervlak voor bodemverstoringen geldt van 1000 m2 en een bouwvoordiepte van 30 cm (30 cm +10 cm principe). De Waarde - Archeologie 4 is apart opgenomen omdat dit terreinen zijn waar naast bovenstaande bepalingen geen drainageverbod geldt. De werkzaamheden in het plangebied houden in dat de agrarische veldschuur gesloopt wordt en er één woning wordt toegevoegd. Dit is een ingreep die minder dan 1000 m2 omvat. Om die reden is een nader onderzoek van de omgeving niet noodzakelijk geacht.
4.1.2.1 Archeologische monumenten Binnen het plangebied liggen geen (beschermde) archeologisch monumenten. Ook ligt 50 meter buiten het plangebied ligt geen archeologisch monument. Er zijn in de omgeving geen monumenten aangewezen. Omdat de overige Rijksmonumenten al uitputtend zijn beschermd via het wettelijke stelsel van de Monumentenwet (zie artikel 11 MW) zijn in dit bestemmingsplan geen aanvullende regels opgenomen. 4.1.2.2 Cultuurhistorie In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de cultuurhistorische waarde van het plangebied en de omgeving. Daarnaast is in de stedenbouwkundige opzet rekening gehouden met de huidige verschijningsvorm en positionering van de agrarische veldschuur voor de te realiseren woning. Door de te realiseren schuurwoning gedraaid op het perceel te plaatsen sluit het beter aan bij de oorspronkelijke landschappelijke structuren van de randveenontginningen. Bij de positionering van het bouwvlak is dus rekening gehouden met de historische karakteristieken van de plek. Het bouwvlak wordt daarom onder een kleine hoek geplaatst vanuit de Europaweg gezien. Om zo veel mogelijk vast te houden aan de historische bebouwingsvorm worden er twee gevellijnen bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 19
aangegeven in het bouwvlak waar de nieuwe bebouwing in opgericht dient te worden. De wenselijke nokrichting van de bebouwing is parallel aan de Europaweg en volgt daarmee de historische bebouwing op. 4.1.3
Conclusie
Archeologie Aangezien de ingreep minder dan 1000m2 omvat en er geen monumenten in nabijheid liggen is een archeologisch onderzoek niet noodzakelijk. Wel wordt in het bestemmingsplan de dubbelbestemming Waarde-archeologie-4 opgenomen. Cultuurhistorie Het bestemmingsplan is gelegen in het wegdorpenlandschap van de randveenontginning. Kenmerkend voor de randveenontginningen zijn: Licht slingerend verloop van de weg als ontginningsas parallel aan het Schoonebekerdiep; Een onderscheid tussen oost en west in lintdorpen en esgehuchten; Een opstrekkende verkaveling vanuit het lint Voorliggend bestemmingsplan zorgt er voor dat de randveenontginningen met een variatie aan bebouwing langs de slingerende oost-west georiënteerde wegen behouden blijft. Dit komt tot uiting in de positionering van de nieuw toe te voegen schuurwoning. De oorspronkelijke bebouwing op deze plek ligt niet parallel aan de Europaweg, maar volgt de oude verkavelingslijnen. Door deze iets gedraaide positie op de kavel, opent de bebouwing zich vanuit de kern Nieuw-Schoonebeek naar het landelijke gebied toe. Ten behoeve van cultuurhistorie is het wenselijk om bij de positionering van de nieuwe bebouwing deze historische lijnen aan te houden.
4.2
Ecologie
De Wet natuurbescherming (Wnb) is in werking getreden op 1 januari 2017. Deze wet vervangt de volgende drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998 (gebiedsbescherming), de Flora- en faunawet (soortenbescherming) en de Boswet (houtopstanden). De provincie is bij de Wnb het bevoegd gezag voor de toetsing van werkzaamheden en handelingen bij Natura 2000-gebieden en dier- en plantensoorten. Het Rijk blijft bevoegd gezag bij ruimtelijke ingrepen met grote nationale belangen. Voor gemeenten geldt dat zij het bevoegd gezag zijn voor omgevingsvergunningen. Gebiedsbescherming In de Wnb is de bescherming van specifieke natuurgebieden geregeld. Het betreft de Natura 2000-gebieden, die een internationale bescherming genieten. Plannen en projecten met negatieve effecten op deze gebieden zijn vergunningplichtig. Relevant daarbij is dat de Wnb een externe werking kent. Van externe werking is sprake als activiteiten buiten een Natura 2000-gebied van invloed zijn op de natuurwaarden in een Natura 2000-gebied. Per Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelen voor soorten en vegetatietypen opgesteld. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) -voorheen Ecologische Hoofdstructuur- is een samenhangend netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen belangrijke natuurgebieden in Nederland en vormt de basis voor het natuurbeleid. Ten aanzien van ontwikkelingen binnen het NNN geldt het 'nee, tenzij-principe'.
Het NNN is als beleidsdoel opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing, ontwikkeling en bescherming van het NNN. De begrenzing en ruimtelijke bescherming van het NNN is voor de provincie Drenthe uitgewerkt in de Provinciale Omgevingsvisie en de bijbehorende Provinciale Omgevingsverordening. Soortenbescherming Het uitgangspunt van de Wnb is dat er geen (opzettelijke) schade mag worden gedaan aan beschermde dieren of planten, tenzij dit uitdrukkelijk is toegestaan. De soortenbescherming binnen de Wnb is daarbij opgedeeld in drie beschermingsregimes: Vogelrichtlijnsoorten, Habitatrichtlijnsoorten en andere soorten. Bij beoordeling van de toelaatbaarheid van bouwwerken en/of andere activiteiten moet rekening worden gehouden met de mogelijke aanwezigheid van te beschermen dier- en plantensoorten. Er dient 20 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
een ontheffing op grond van artikel 3.3, 3.8 en/of 3.10 Wnb te worden aangevraagd voor een (bouw)werkzaamheid of activiteit indien het volgende van toepassing is: uit gegevens of onderzoek blijkt dat er sprake is van verstoring of doden van (een) beschermde soort(en); het bouwwerk en/of de activiteit veroorzaakt beschadiging of vernieling van voortplanting- of rustplaatsen van dieren, dan wel ontworteling of vernieling van plantensoorten; er kan geen gebruik gemaakt worden van een vrijstelling op grond van de Wet natuurbescherming; er kan niet gewerkt worden volgens een goedgekeurde gedragscode. Houtopstanden In de Wnb is de bescherming van houtopstanden buiten de, door de gemeenteraad vastgestelde, bebouwde kom geregeld. Doel is de instandhouding van het bosareaal. In de Provinciale Omgevingsverordening van de provincie Drenthe is geregeld hoe een kapmelding moet worden ingediend, waaraan herbeplanting moet voldoen en wanneer ontheffing van de herbeplantingsplicht kan worden verleend. Voor houtopstanden binnen de bebouwde kom geldt de Bomenverordening gemeente Emmen 2011. In het bijbehorende bomenregister zijn de monumentale en waardevolle bomen en waardevolle houtopstanden vastgelegd. Zonder ontheffing is het verboden deze te kappen. 4.2.1
natuurwaarden in het plangebied
Het perceel wordt gebruikt als agrarische veldschuur. Gelet op de huidige bestemming en de geringe impact naar een woonbestemming is het uitvoeren van een flora-en fauna onderzoek niet noodzakelijk geacht.
4.3
Fysieke veiligheid
Rijksoverheid stelt risiconormen op het gebied van veiligheid aan inrichtingen, ter bescherming van de omgeving. Naast de wet- en regelgeving mogen gemeenten invulling geven aan een eigen veiligheidsvisie. In de Beleidsnota externe veiligheid gemeente Emmen (april 2013) geeft de gemeente Emmen invulling aan deze beleidsruimte. In de gemeentelijke beleidsnota Externe Veiligheid zijn de ruimtelijke uitgangspunten van de structuurvisie verder uitgewerkt. In de Beleidsnota externe veiligheid heeft de gemeente Emmen gekozen voor een gebiedsgerichte benadering voor de vestiging van risicovolle activiteiten. Tevens is in het beleid een afwegingskader bij concrete ruimtelijke beslissingen en voor de inzet van bestuurlijke uitvoeringsinstrumenten om de kwetsbaarheid van een object of activiteit die niet rechtstreeks onder de begripsbepaling van het Bevi valt bepaald te beoordelen. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan is rekening gehouden met deze nota externe veiligheid. Vanuit de Veiligheidsregio Drenthe en RUD Drenthe is richting gegeven aan het beoogde veiligheidsniveau van de gebouwen in en rondom het plangebied van het bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90. Hierbij is getoetst aan bestaande regelgeving en normen voor (externe) veiligheid, bereikbaarheid, bluswatervoorziening, repressieve dekking en alarmsystemen welke onderdeel zijn van de veiligheidsketen. 4.3.1
Fysieke veiligheidssituatie
In het kader van regelgeving in relatie tot Externe Veiligheid gelden voor dit bestemmingsplan geen belemmeringen. 4.3.1.1 Risicobronnen binnen het plangebied Het plangebied en de omgeving is geïnventariseerd op de aanwezigheid van zogenoemde Bevi-bedrijven. Er zijn binnen het plangebied geen Bevi-bedrijven gelegen. 4.3.1.2 Buisleidingen Het plangebied en de omgeving is geïnventariseerd op de aanwezigheid van buisleidingen. Er zijn binnen en in de nabijheid van het plangebied geen buisleidingen.
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 21
4.3.1.2 Risicobronnen buiten het plangebied Het plangebied en de omgeving is geïnventariseerd op de aanwezigheid van zogenoemde Bevi-bedrijven. Er zijn in de nabijheid van het plangebied geen Bevi-bedrijven gelegen. 4.3.2
Gegevens ten behoeve van nadere inrichting en ontwikkeling in het plangebied
1. Zodra plannen ontwikkeld worden dient de brandweer in een vroeg stadium bij de plannen betrokken te worden om op basis van het beoogde veiligheidsniveau een advies te kunnen uitbrengen. 2. Voor het bestrijden van een brand is de brandweer afhankelijk van een goede bluswatervoorziening. Conform de Wet op de Veiligheidsregio moet een gemeente zorgen voor een openbare bluswatervoorziening. Bij locaties waar geen toereikende openbare bluswatervoorziening kan worden aangelegd, zal de eigenaar moeten zorgen voor een doeltreffende niet-openbare bluswatervoorziening in overleg met de brandweer. Vanaf 1 januari 2014 maakt de brandweer gebruik van tankautospuiten en tankwagens, aangevuld met vulpunten voor de tankwagens als primaire bluswatervoorziening. Er hoeven ten behoeve van deze ontwikkeling geen vulpunten bijgeplaatst te worden. 3. Op grond van de Wet op de veiligheidsregio (okt. 2010) is de Veiligheidsregio Drenthe, in geval van calamiteit, verantwoordelijk voor het waarschuwen en alarmeren van de bevolking door middel van het Waarschuwings- en alarmeringssysteem. Als gevolg van deze taak zijn binnen de gemeente sirenes geplaatst op een zodanige wijze dat een optimale dekking gerealiseerd is binnen de gemeente. Het bijplaatsen van een WAS-paal is geen optie meer gezien de beperkte levensduur, 2020, van het systeem.
In de toekomst wordt bij grote rampen alarm geslagen via onder meer calamiteitenzenders, geluidswagens, NL-Alert en sociale media. Het voordeel van deze communicatiemiddelen is dat ze veel gerichter kunnen worden ingezet. 4. Het is belangrijk dat in geval van calamiteiten hulpverleningsdiensten direct ter plaatse kunnen komen en zonder Afwegingen hulp kunnen verlenen. Om die reden dienen alle objecten in het plangebied via twee onafhankelijke wegen bereikbaar te zijn voor de hulpverleningsdiensten. Het gebied voldoet aan deze eisen. 5. Het dekkingsplan van de Veiligheidsregio Drenthe, vastgesteld in december 2013, geeft in het kort het volgende weer: a. Het brandverloop verloopt tegenwoordig zo snel dat 3 zaken zeer belangrijk zijn om slachtoffers te voorkomen: het voorkomen van brand, het ontdekken van brand en het vluchten bij brand. b. Bij het vluchten bij brand heeft men een eigen verantwoordelijkheid of is men aangewezen op de BHV – organisatie. De brandweer heeft als taak het houden van een brandscheiding ter voorkoming van branduitbreiding en het beschermen van niet-zelfredzame personen achter die scheiding. c. Gezien de opkomsttijd van Europaweg 90-SCH iets minder is dan 15 minuten en een inzettijd van 5 minuten is de brandweer wel in staat een brandscheiding van 30 minuten te houden maar een brandscheiding van 20 minuten hoogstwaarschijnlijk niet. d.
Wij adviseren u de brandveiligheidsmaatregelen op elkaar af te stemmen. Denk hierbij aan de BIObiz factoren. Bouwkundige voorzieningen, Installatietechnische voorzieningen, Organisatorische voorzieningen, brandweeropkomsttijd, inventaris en de zelfredzaamheid van de aanwezigen.
4.4
Milieu
4.4.1
Vormvrije m.e.r.
In het Besluit m.e.r. zijn drempelwaarden opgenomen voor wanneer er een m.e.r. of m.e.r.-beoordeling moet worden uitgevoerd. Sinds de wijziging van het Besluit op 1 april 2011 is een beoordeling van een activiteit die op de D-lijst van het Besluit m.e.r. voorkomt noodzakelijk, ook al ligt de omvang van de activiteit (ver) onder de drempelwaarde. In voorliggend bestemmingsplan Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 komen geen activiteiten voor die voorkomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r.. Het plan valt namelijk niet aan te merken als stedelijk ontwikkelingsproject.Vanwege de afwezigheid van die activiteit(en) hoeft geen vormvrije m.e.r. -beoordeling plaats te vinden.
22 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
4.4.2
Bedrijven en milieuzonering
Vanuit milieuhygiënisch oogpunt vergt de bedrijvigheid in het plangebied een goede afstemming met de andere, in de omgeving aanwezige functies. Ten behoeve van dit bestemmingsplan is in het plangebied een inventarisatie geweest van de aanwezige bedrijven en nagedacht over de bedrijfsactiviteiten die toelaatbaar zijn in het plangebied. 4.4.2.1 Verspreid liggende bedrijven (niet agrarisch) Het plangebied is gelegen in de directe nabijheid van een inrichting (bouwbedrijf) aan de Europaweg 90a. Er is onderzocht of de nieuwe woning een beperking vormt voor het bouwbedrijf. Ook is onderzocht of de geluidsbelasting ten gevolge van het bouwbedrijf op de nieuwe woning aanvaardbaar is. Om te beoordelen of het geluidsniveau van de inrichting ter plaatse van de nieuwe woonbestemming aanvaardbaar is, is in de VNG-Uitgave 'Bedrijven en milieuzonering' een werkwijze opgenomen. De aard van de omgeving is beschouwd als 'gemengd gebied’, omdat er in de omgeving meerdere bedrijven zijn gevestigd en omdat de planlocatie aan een relatief drukke weg ligt. Als de geluidsbelasting door het bedrijf op de nieuwe woonbestemming voldoet aan de aanbevolen normstelling voor 'gemengd gebied', dan is het geluidsniveau bij de nieuwe woonbestemming aanvaardbaar.
De normstelling is: 50 dB(A) etmaalwaarde1 voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau LAr,LT; 70 dB(A) etmaalwaarde voor het maximaal geluidsniveau LAmax. Deze normstelling komt overeen met de normstelling uit het Activiteitenbesluit, waaraan het bedrijf moet voldoen. Als de geluidsbelasting op de nieuwe woonbestemming lager is dan op bestaande woningen, dan vormt de nieuwe woonbestemming geen extra beperking voor het bedrijf. Het adviesbureau dat de geluidsonderzoeken heeft uitgevoerd (voor verdere toelichting zie 4.4.4 en Bijlage 1 en Bijlage 2) heeft op basis van informatie uit het milieudossier en informatie uit het bestemmingsplan (dat voor de bedrijfslocatie is vastgesteld) een inschatting gemaakt van de bedrijfsactiviteiten die maximaal te verwachten zijn. Op basis van de gehanteerde uitgangspunten blijkt dat de geluidsbelasting op de nieuwe woonbestemming lager is dan op de bestaande woningen. Daarnaast wordt ter plaatse van de nieuwe woonbestemming voldaan aan de normstelling die volgt uit de VNG-uitgave. 4.4.2.2 Agrarische bedrijven Nabij het plangebied ligt een in werking zijnde agrarische bedrijf, gelegen aan Europaweg 117b. De adviesafstand tussen agrarische bedrijven (niet intensief) en geconcentreerde woningbouw is 100 meter. Individueel kan worden bekeken of de afstand tot 50 meter verkleind mag worden.
Door de gevellijn zuidelijker te situeren dan de huidige gevellijn van de agrarische veldschuur en daarmee een zone te creëren waar geen gebouwen zijn toegestaan blijft de afstand van 50 meter gewaarborgd tot het bouwvlak van het agrarische bedrijf aan de Europaweg 117b. Daarnaast blijkt uit Bijlage 1 en Bijlage 2 dat de geluidsbelasting op de nieuwe woonbestemming lager is dan op de bestaande woningen. Daarom kan geconcludeerd worden dat het agrarische bedrijf aan Europaweg 117b niet beperkt wordt door het toevoegen van een nieuwe woonbestemming. Ook wordt ter plaatse van de nieuwe woonbestemming voldaan aan de normstelling die volgt uit de VNG-uitgave.
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vastgesteld) 23
4.4.3
Bodem
Het college van burgemeester en wethouders heeft op 5 maart 2013 de Beleidsregel Bodemkwaliteit vastgesteld. Om de kwaliteit te waarborgen, moet grondverzet worden gemeld.bij het landelijke meldpunt:. Om het verplaatsen van grond te vereenvoudigen, heeft de gemeente Emmen een aantal kaarten ontwikkeld. Deze bodemkwaliteitskaarten zijn als bijlage in de Nota Bodembeheer opgenomen. Aan de hand van deze kaarten is het mogelijk om zonder voorgaand onderzoek grond te ontgraven en toe te passen. Partijen grond en baggerspecie die niet voldoen aan de bodemkwaliteitskaart en de Nota Bodembeheer van de gemeente Emmen mogen alleen worden toegepast als er sprake is van een nuttige toepassing. Is het werk niet 'nuttig', dan is er sprake van het zich ontdoen van afvalstoffen. Tijdelijke opslag en grootschalige toepassingen van grond en bagger zijn vormen van 'nuttig' gebruik. Tijdelijke uitname zijn werkzaamheden waarbij de grond na korte tijd weer teruggebracht wordt. Een voorbeeld is het graven van een sleuf voor kabels en leidingen. In dat geval hoeft de kwaliteit van de te ontgraven bodem niet onderzocht te worden, tenzij er sprake is van (een verdenking van) bodemverontreiniging. 4.4.3.1 Bodemonderzoek Voor dit bestemmingsplan is een bodemonderzoek uitgevoerd om na te gaan of de bodemkwaliteit geschikt is voor woningbouw. In Bijlage 4 is het verkennend bodemonderzoek te zien.
Hier blijkt dat het volgende: in het opgeboorde bodemmateriaal van de bovengrond puinresten zijn aangetroffen; Op het maaiveld en in het opgeboorde bodemmateriaal is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen; In het grondmonster (inspectiegaten 17 t/m 20) ter plaatse van de druppelzone onder het asbestdak analytisch een zeer licht verhoogd gehalte asbest is aangetoond; In de overige grond- en gronwatermonsters zijn geen verontreinigingen aangetoond. De resultaten van dit bodemonderzoek vormen geen aanleiding voor het uitvoeren van een nader onderzoek. De bodemkwaliteit is geschikt voor de beoogde gebruiksfunctie 'wonen'. Verder is het niet nodig om aanvullende voorschriften op te nemen in de te verlenen omgevingsvergunning voor de nieuwbouw van de woning. Het aspect bodem heeft daardoor geen belemmerende werking voor dit bestemmingsplan. 4.4.4
Geluid
Regels ten aanzien van geluidhinder zijn vastgelegd in de Wet geluidhinder (Wgh). Het doel van de Wet geluidhinder is tweeledig. Enerzijds de bescherming van het milieu en anderzijds de bescherming van de volksgezondheid. Bepalend is steeds de situering van geluidsbronnen ten opzichte van geluidsgevoelige bestemmingen zoals woningen en scholen. De Wgh gaat uit van zones langs wegen, spoorwegen en industrieterreinen. Binnen dergelijke zones zijn nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen alleen toegestaan indien de geluidsbelasting op de buitengevel onder of hoogstens gelijk is aan de voorkeursgrenswaarde. Ontheffing van de voorkeursgrenswaarde is toegestaan indien maatregelen om de geluidsbelasting op de buitengevels te beperken niet mogelijk zijn of onvoldoende helpen en indien aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. 4.4.4.1 Geluidsbronnen in en nabij het plangebied Voor het plangebied Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90 geldt dat het plangebied gelegen is binnen de van rechtswege aanwezige geluidszones van de Europaweg en het bouwbedrijf aan de Europaweg 90a. Deze geluidsbronnen hebben effect op eventuele uitbreidingsplannen bij woningen of nieuwbouwplannen. Ten aanzien van de geluidsbronnen is Bijlage 1 Geluidsonderzoek industrielawaai en Bijlage 2 Geluidsonderzoek wegverkeerslawaai opgenomen.
24 gesteld)
bestemmingsplan "Nieuw-Schoonebeek, Europaweg 90" (vast
4.4.4.2 Wegverkeerslawaai De Wet geluidhinder is alleen van toepassing binnen de van rechtswege aanwezige zone van een weg. Conform de Wet geluidhinder heeft elke weg een zone. Conform art. 74 lid 2 Wgh zijn de onderstaande wegen hiervan uitgezonderd: Wegen die gelegen zijn binnen een als woonerf aangeduid gebied; Wegen waarvoor een maximum snelheid van 30 km per uur geldt. De breedte van de zone is afhankelijk van het aantal rijstroken en de ligging in stedelijk of buitenstedelijk gebied. De wegen in het plangebied Emmen, Centrum- Oost zijn gelegen in stedelijk gebied. Hiervoor gelden de volgende zonebreedtes (conform art. 74 lid 1 Wgh) a. in stedelijk gebied: 1. voor een weg, bestaande uit drie of meer rijstroken : 350 meter; 2. voor een weg, bestaande uit één of twee rijstroken : 200 meter. De afstanden zoals weergegeven worden aan weerszijden van de weg gemeten vanaf de buitenste begrenzing van de buitenste rijstrook. Bij de realisatie van woningen of andere geluidgevoelige bestemmingen moeten de wettelijke grenswaarden in acht worden genomen. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai bedraagt 48 dB. Indien deze voorkeursgrenswaarde wordt overschreden moet er onderzoek worden gedaan naar mogelijke bron- en/of overdrachtsmaatregelen. Zijn maatregelen niet mogelijk dan kunnen Burgemeester en Wethouders ontheffing van de voorkeursgrenswaarde verlenen.