CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex)

Commissie Wonen en Ruimte 11 september 2023, gemeente EmmenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan ‘Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (woningbouwcomplex)’ (193223-2023)22.986 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

4.10.2 Wateraspecten plangebied Waterhuishouding Emmen ligt op de Hondsrug waardoor voor het plangebied geen verhoogd risico op wateroverlast als gevolg van overstromingen geldt. Het plan heeft geen schadelijke gevolgen voor de waterkwaliteit en ecologie. In het verleden is er in of rondom het plangebied geen wateroverlast geconstateerd. Het gebied ligt onder de invloedssfeer van het grondwaterbeschermingsgebied en de grondwaterwinning van Getec. Er wordt veel grondwater onttrokken waardoor de grondwaterstand relatief laag is. In de bestaande situatie varieert deze globaal tussen 8.00 en 11.00 meter beneden maaiveld. Bij de ontwikkeling van het plangebied zal wel rekening gehouden moeten worden met de gevolgen van het eventueel verminderen / stoppen van de grondwateronttrekking. In natte perioden kunnen zich (tijdelijk) schijngrondwaterstanden voordoen door afstroming van grondwater over leemlagen. Door de ligging in het centrum van Emmen bevindt zich in de omgeving geen oppervlaktewater.

29

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld) Figuur 8 kwel en infiltratie kern Emmen

4.10.3 Afstemming waterparagraaf Tijdens het opstellen van het concept bestemmingsplan is naar aanleiding van de ingediende digitale watertoets overleg geweest tussen de opsteller van het bestemmingsplan en het waterschap. De bestemming en de grootte van het plan hebben een geringe invloed op de waterhuishouding. Het verhard oppervlak neemt circa 250 m2 af. De bestaande riolering binnen het plangebied is gemengd. De gemeente heeft plannen om binnen 5 jaar de riolering te vervangen door een gescheiden rioolstelsel. De terreinriolering zal dus gescheiden aangelegd moeten worden en deze wordt tijdelijk aangesloten op het gemengde rioolstelsel. Het plangebied ligt dicht tegen het grondwaterbeschermingsgebied. Binnen het grondwaterbeschermingsgebied zijn er beperkingen om water van verharde oppervlakken in de bodem te infiltreren. Om risico's op grondwaterverontreiniging te voorkomen wordt er voor gekozen om het water niet in de bodem te infiltreren.

Figuur 9 Ligging grondwaterbeschermingsgebied (groen aangeduid gebied)

Het waterschap heeft tijdens het telefonisch overleg aangegeven dat gelet op de binnenstedelijke ligging voorkeur te hebben aan een zo groen mogelijk plan. In de huidige situatie is er nauwelijks groen in het plangebied aanwezig. Veel oppervlakteverharding heeft invloed op de temperatuur in stedelijke gebieden. Het huidige stedelijk hitte eiland effect bedraagt nu tussen de 0 en 0,6 graden Celsius. Deze verhoging van de temperatuur heeft ook effect op de toekomstige bewoners. Met veel verharding koelt op warme dagen de omgeving minder af en slaat de hitte ook op de gevels van de woningen.

30

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

Figuur 10 Stedelijk hitte effect, huidige situatie (bron stresstest gemeente Emmen)

Ook heeft het waterschap geadviseerd om in het stedenbouwkundig plan rekening te houden met wateroverlast bij hevige buien. In de huidige situatie loopt bij hevige buien het lager gelegen deel van het plangebied onder water. Dit deel is nu een verlaagd aangelegd gang in verband met lichttoetreding in de huidige ondergrondse bouwlaag. In het nieuwe ontwerp is er geen sprake meer van dergelijke gangen.

Figuur 11 Waterdiepte bij een kortdurende bui van 70 mm in 1 uur (bron gemeente Emmen)

Toets wateradvies In paragraaf 3.2 Projectbeschrijving is het stedenbouwkundig plan beschreven. Gekozen is voor een ondergrondse parkeerkelder en ondergrondse bergingen. Hierdoor is op maaiveldniveau in de toekomstige situatie veel meer ruimte voor groen. Dit sluit goed aan bij 31

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

het advies van het waterschap voor meer groen in stedelijke gebied en daarmee een beter woon- en leefklimaat voor de toekomstige bewoners en andere gebruikers van het centrum van Emmen. In het stedenbouwkundig ontwerp is rekening gehouden met een de inrit naar de parkeerkelder die hoger dan het omliggende maaiveld wordt aangelegd. Het hemelwater kan zodoende niet bij hevige buien in de parkeerkelder lopen maar wordt op niet verhard oppervlak afgewaterd.

32

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

Hoofdstuk 5 5.1

Toelichting op de planregels en verbeelding

Algemeen

Het bestemmingsplan bestaat uit de plantoelichting, regels en verbeelding. De regels en de verbeelding vormen het juridisch bindende gedeelte van een bestemmingsplan. De verbeelding en de regels moeten altijd in samenhang worden gebruikt. De plantoelichting is bedoeld om de verbeelding en de regels te verduidelijken en om gemaakte keuzes te verantwoorden aan de hand van ruimtelijk beleid. Het doel van dit bestemmingsplan is om een woningbouwproject planologisch mogelijk te maken. Tevens dient het nieuwe bestemmingsplan rechtszeker, eenvoudig te begrijpen, goed toepasbaar en handhaafbaar te zijn voor de gebruiker. Met de indeling van het bestemmingsplan zoals de naamgeving van de bestemmingen, opbouw van de regels en de weergave van op de verbeelding wordt aangesloten op landelijk geldende standaarden, onder meer Informatiemodel Ruimtelijke Ordening (IMRO2012) en de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP2012). 5.2

Toelichting op de verbeelding

Voor de verbeelding wordt als ondergrond de BGT gehanteerd. De ondergrond zal nooit een volledige weergave van de werkelijkheid zijn. De op de verbeelding aangegeven bebouwing moet dan ook als illustratief worden beschouwd. Alle gronden die binnen het plangebied vallen hebben op de verbeelding een bestemming en/of aanduiding gekregen. Deze bestemmingen en aanduidingen hebben slechts juridische betekenis indien in de regels hieraan een betekenis wordt gegeven. De begrenzingen van de bestemming volgt de kadastrale grens. De schaal van de verbeelding kan met behulp van de computer door de gebruiker naar keuze worden ingesteld. 5.3

Toelichting op de regels

De regels zijn een juridische vertaling van het planologische -en ruimtelijk beleid van de gemeente, provincie en het Rijk. De regels zijn een juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en bebouwing, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bebouwing. Bij het opstellen van de regels is geprobeerd om de regels zo beperkt mogelijk te houden door alleen te regelen wat nodig is. Gebruiksregels Per bestemming is aangegeven voor welk gebruik de gronden zijn bedoeld. Indien daar aanleiding voor aanleiding voor bestaat, wordt via de specifieke gebruiksregels expliciet aangegeven waarvoor de gronden niet zijn bedoeld en of waarvoor en op welke wijze de gronden wel gebruikt kunnen worden. Bouwregels Met de bouwregels worden de bouwmogelijkheden gereguleerd. Uitgangspunt bij het bouwen van hoofdgebouwen is dat hoofdgebouwen altijd binnen een bouwvlak worden gebouwd en voorgevels van deze hoofdgebouwen in de gevellijn. Verder worden in de bouwregels onder anderen regels ten aanzien maximale bebouwing en bouwhoogtes opgenomen. Flexibiliteit Soms is het gewenst om af te wijken van de gestelde regels. Hiervoor zijn in het bestemmingsplan flexibiliteitbepalingen opgenomen om op specifieke situaties in te kunnen spelen.

De uitvoering van de flexibiliteitregelingen ligt bij het college van burgemeester en

33

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

wethouders. Het toepassen van deze regelingen is geen automatisme. Voordat wordt besloten dat van de geldende regels in het bestemmingsplan kan worden afgeweken zal eerst bekeken worden wat de consequenties zijn van de afwijking op de leefomgeving. In het bestemmingsplan diverse flexibiliteitregelingen opgenomen, deze zijn: Afwijken van de bouwregels; Afwijken van de gebruiksregels; Nadere eisen; Algemene afwijkingsregels. De afwijkingen van de bouw- of gebruiksregels maken afwijkingen van geringe aard mogelijk, waarbij de aan de grond toegekende bestemming gehandhaafd dient te blijven. Door het inwerkingtreden van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) worden verschillende vergunningen en besluiten, zoals de milieuvergunning, de omgevingsvergunning, afwijkingen van het bestemmingsplan en de kapvergunning gebundeld in een integrale omgevingsvergunning. Toestemming van burgemeester en wethouders voor een afwijking van de bouw- of gebruiksregels kan zodoende worden verkregen door het aanvragen van een omgevingsvergunning. Met de nadere eisen kunnen ondergeschikte zaken aan gebouwen worden aangepast. Het gaat hierbij om zaken zoals het aanpassen van de vorm of de situering van een bouwwerk of de inrichting van een terrein. Met 'nadere eisen' kunnen geen ingrijpende veranderingen plaatsvinden in de bestemmingen.

Bij toepassing van een afwijking en/of nadere hanteert de gemeente Emmen een beoordelingskader. Door gebruik te maken van dit beoordelingskader kunnen interpretatieproblemen worden vermeden en wordt aan gebruikers van de in het plangebied gelegen gronden zoveel mogelijk rechtszekerheid geboden. Opzet regels De planregels van dit bestemmingsplan zijn opgedeeld in vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1. Inleidende regels; Hoofdstuk 2. Bestemmingsregels; Hoofdstuk 3. Algemene regels; Hoofdstuk 4. Overgangs - en slotregels.

5.3.1

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

In hoofdstuk 1 worden diverse begrippen welke in de planregels worden gehanteerd nader verklaard. Dit om mogelijke interpretatieproblemen te voorkomen. Daarnaast wordt aangegeven op welke wijze bepaalde afmetingen dienen te worden gemeten. Artikel 1 Begrippen De begripsbepalingen in artikel 1 zijn noodzakelijk bij de interpretatie van de regels. In dit artikel worden de begrippen gedefinieerd, die in de regels worden gehanteerd. De begrippen die hierin zijn opgenomen zijn terug te vinden in de bestemmingsbepalingen. Bij de toetsing aan het bestemmingsplan wordt uitgegaan van de in dit artikel aan de betreffende begrippen toegekende betekenis. Voor zover geen begrippen zijn gedefinieerd wordt aangesloten bij het normaal spraakgebruik. Met uitzondering van de eerste twee begrippen (plan en bestemmingsplan) zijn de begrippen alfabetisch gerangschikt. De begrippen zijn zoveel mogelijk gebaseerd op vaste

34

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

jurisprudentie. In de loop der tijd hebben de meeste begrippen zich ontwikkeld tot een standaard, waarvan ook in dit bestemmingsplan gebruik is gemaakt. Artikel 2 Wijze van meten De bepalingen over de wijze van meten zijn in artikel 2 opgenomen. Dit artikel geeft aan hoe de hoogte- en andere maten die bij het bouwen in acht genomen dienen te worden, gemeten moeten worden. 5.3.2

Hoofdstuk 2 bestemmingsregels

In hoofdstuk 2 worden artikelsgewijs de op de verbeelding aangegeven bestemmingen omschreven en wordt toegelicht op welke wijze de gronden en opstallen gebruikt mogen worden. Behalve bestemmingen en dubbelbestemmingen zijn binnen het bestemmingsplan aanduidingen te onderscheiden. Deze aanduidingen bevatten specificaties van bestemmingen en dubbelbestemmingen met betrekking tot gebruik of bouwen. Artikel 3 Wonen - Gestapeld In totaal mogen er maximaal 12 appartementen worden toegevoegd. Aangezien deze appartementen in het huidige bestemmingsplan nog niet zijn toegestaan is op de plankaart een aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' opgenomen. Ook is in de regels bepaald dat de woongebouwen uit drie bouwlagen mogen bestaan. De 12 appartementen worden in twee aan elkaar geschakelde gebouwen gerealiseerd. De gebouwen hebben een plat dak. De bouwhoogte bedraagt ten hoogste 10 meter. Aangezien het om appartementen gaat zijn er geen gebruiksbepalingen voor bed en breakfast voorzieningen, en mantelzorgvoorzieningen opgenomen. Artikel 4 Waarde- Archeologie 4 Voor gronden binnen categorie 4 geldt dat archeologisch onderzoek nodig is om vast te stellen of er waarden aanwezig zijn en of deze behoudenswaardig zijn. Om de archeologische waarden te beschermen is in de regels een omgevingsvergunningenstelsel opgenomen.

Daardoor wordt de uitvoering van bepaalde activiteiten aan bepaalde voorwaarden gebonden. Het stelsel biedt het college de mogelijkheid om de toelaatbaarheid van bepaalde activiteiten en gebruiksvormen per geval na te gaan en eventueel aan de uitvoering bepaalde eisen te stellen. Het moet daarbij gaan om activiteiten die op basis van de doeleindenomschrijving van het betreffende artikel mogelijk zijn, maar waarvoor een nadere afweging omtrent de toelaatbaarheid is gewenst. Voor terreinen binnen Waarde Archeologie 4 is algemeen aanvaard dat een minimumoppervlak voor bodemverstoringen geldt van 1000 m2 en een bouwvoordiepte van 30 cm (30 cm +10 cm principe). De Waarde - Archeologie 4 is apart opgenomen omdat dit terreinen zijn waar naast bovenstaande bepalingen geen drainageverbod geldt. Voor de dubbelbestemming Waarde-Archeologie geldt dat bestemmingen een wijzigingsbevoegdheid kennen, waarin overeenkomstig artikel 3.6 van de Wro Burgemeester en Wethouders de dubbelbestemming kunnen laten vervallen of alsnog aan de gronden de dubbelbestemming kunnen toekennen. 5.3.3

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Hoofdstuk 3 van de regels bevat bepalingen die van toepassing zijn op meerdere bestemmingen, zodat het uit praktische overwegingen de voorkeur verdient deze in afzonderlijke artikelen onder te brengen. Met artikel 5 wordt voorkomen dat meer wordt gebouwd dan het bestemmingsplan beoogt. Dit is bijvoorbeeld mogelijk als (onderdelen van) bouwpercelen van eigenaars in maatvoering verschillen en wisselen. Door verwerving van een extra (bouw)perceel of een gedeelte 35

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

daarvan, kunnen de gronden niet meegenomen worden met de berekening van de bouwmogelijkheden van het nieuwe perceel als de nieuw verworven gronden reeds meegenomen zijn bij de berekening van een eerdere bouwplannen. Het is dus niet toegestaan gronden twee keer in te zetten om een omgevingsvergunning te verkrijgen. In artikel 6 zijn regels opgenomen voor het bouwen van ondergeschikte bouwonderdelen. De genoemde onderdelen mogen de in de regels bepaalde maximale bouwhoogte overschrijden met de in artikel genoemde maten. Hiervoor is bewust gekozen omdat dit duidelijkheid en enige vrijheid aan ontwerpers biedt. Daarnaast zijn ten aanzien van het gebruik in artikel 7 algemene regels ten aanzien van het gebruik van de gronden en de gebouwen. In artikel 8 zijn algemene aanduidingsregels opgenomen. Een aanduidingsregel verwijst naar een gebied waarvoor specifieke regels gelden of waar nadere afwegingen moeten worden gemaakt. In alle gevallen gaan gebiedsaanduidingen vergezeld van een daarop betrekking hebbende regeling in de planregels. De aanduiding Geluidzone - industrie is een geluidzone afkomstig van het bedrijventerrein Bargermeer en is opgenomen in de aanduidingsregels.

De aanduiding is bedoeld om te voorkomen dat binnen de geluidszone van het terrein nieuwe geluidgevoelige bebouwing wordt gerealiseerd of dat bestaande geluidgevoelige bebouwing wordt uitgebreid en daardoor een te hoge geluidbelasting optreedt. Voor eventuele realisatie van nieuwe geluidgevoelige bebouwing en of uitbreidingen van bestaande geluidgevoelige bebouwing zal vooraf eerst bekeken moeten worden of realisatie of uitbreiding mogelijk is binnen de gestelde geluidswaarden dan wel of het mogelijk is om een hogere grenswaarde geluid vast te stellen. Indien om een of andere reden het industrieterrein niet meer zone plichtig is, kan deze aanduiding van de verbeelding worden verwijderd middels een hiertoe opgenomen wijzigingsbevoegdheid. In artikel 9 zijn afwijkingsregels opgenomen. Afwijkingsregels zijn regels waardoor aan de bestemmingsbepalingen de nodige extra flexibiliteit wordt meegegeven. Toestemming voor afwijking gebeurt door het verlenen van een omgevingsvergunning. 5.3.4

Hoofdstuk 4 overgangs- en slotregels

Het laatste hoofdstuk "Overgangs- en slotregels" bevat in artikel 10 het overgangsrecht , zoals beschreven in het Besluit ruimtelijke ordening. Artikel 11 is de slotregel. In dit artikel wordt aangegeven op welke wijze de regels van het bestemmingsplan kunnen worden aangehaald. In dit geval kunnen de regels van het bestemmingsplan aangehaald worden als regels van het bestemmingsplan 'Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex)'.

36

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

5.4

Handhaving

In dit bestemmingsplan heeft actueel beleid zijn doorwerking in de regels gekregen. Hierdoor is het juridisch kader van het bestemmingsplan voor gemeente als publiek beter toepasbaar geworden. Van de gemeente mag verwacht worden dat opgetreden wordt als de regels van het bestemmingsplan niet worden nageleefd. Bestemmingsplannen zijn immers bindend voor overheid en publiek ter bescherming van een goede ruimtelijke kwaliteit en een veilige leefomgeving. Het college van de gemeente Emmen heeft het beleidsplan Vergunningverlening Toezicht en Handhaving (VTH) vastgesteld. Dit beleidsplan VTH beschrijft de visie en ambitie op het terrein van de gemeentelijke VTH-taken, waaronder ook valt het toepassen en naleven van de regels in het bestemmingsplan. Daarnaast geeft het beleidsplan VTH invulling aan de wettelijke plicht om vastgesteld VTH-beleid te hebben. Voor wat betreft handhaving kan de gemeente onmogelijk continu alles controleren. De gemeente vertrouwt erop dat inwoners en bedrijven de regels naleven en zij er alles aan doen om risico's en nadelige effecten voor de maatschappij te voorkomen. Risico's bepalen de inzet van de beschikbare capaciteit. Op basis van kennis en ervaring is vastgesteld welke bedrijfscategorieën en activiteiten het grootste risico vormen voor fysieke veiligheid, leefbaarheid, volksgezondheid, milieu en imago.

Deze uitgangspunten zijn gebruikt bij het opstellen van dit bestemmingsplan en worden ook toegepast bij de naleving van de regels van het bestemmingsplan.

37

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

Hoofdstuk 6 6.1

Maatschappelijke betrokkenheid

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Voor een goed verloop van de communicatie tussen de omwonenden over dit woningbouwproject is contact gezocht met het bestuur van de erkende overleg partner (EOP) en zijn de direct omwonenden persoonlijk door de initiatiefnemers uitgenodigd voor een inloopbijeenkomst. 6.1.1

Inloopbijeenkomst

Op 14 juli '22 zijn de bouwplannen gepresenteerd tijdens een algemene inloopbijeenkomst. Deze inloopbijeenkomst was in de Sterrenkamp 1 (huidig gebouw). Voor deze inloopbijeenkomst zijn de aanwonenden en de EOP per brief uitgenodigd. Doordat een paar dagen eerder een artikel in het Dagblad van het Noorden had gestaan waren er ook veel belangstellende die niet in de directe omgeving wonen. In totaal hebben 14 personen/echtparen zich ingetekend op de presentielijst (9 uit de directe omgeving Sterrenkamp en Kapelstraat) en 4 personen die elders in de gemeente Emmen wonen). Namens de EOP heeft de voorzitter kennis genomen van de bouwplannen. Tijdens en na de inloopbijeenkomst zijn er geen negatieve reactie op de gepresenteerde bouwplannen ontvangen. 6.1.2

Overleg ex. Artikel 3.1.1. Bro

Het college heeft het bestemmingsplan 'Emmen. Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex)' vrijgegeven voor overleg artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro), Het concept bestemmingsplan is voor overleg verzonden naar verschillende overlegpartners. Twee overlegpartners hebben een overlegreactie ingediend. Provincie Drenthe In haar overlegreactie (bijlage 8) geeft de provincie Drenthe aan dat zij qua wonen akkoord zijn met dit bestemmingsplan. Het bestemmingsplan sluit aan bij de behoefte vanuit de gemeentelijke woonvisie. Daarnaast draagt het plan bij aan de ruimtelijke kwaliteit van het centrum van Emmen door vervanging van het huidige bedrijfsverzamelgebouw. Wat betreft cultuurhistorie mist de provincie de link met de Cultuurhistorische hoofdstructuur en de gemeentelijke waardenkaart. De in deze documenten benoemde cultuurhistorische waarden dienen beter in het bestemmingsplan geborgd te worden. Reactie gemeente In het ontwerp bestemmingsplan is in de toelichting een betere link gelegd met het gemeentelijk en provinciaal cultuurhistorisch beleid. De cultuurhistorische waarde van het gebied is jurdisch geborgd door in de regels aan te geven dat deze grond ook bestemd is voor cultuurhistorische waarden.

Veiligheidsregio Drenthe (VRD) De VRD heeft in haar overlegreactie (bijlage9) adviezen gegeven waarmee rekening gehouden kan worden bij de aan te vragen omgevingsvergunning bouw. Extra aandacht vraagt het advies om ondergrond geen oplaadmogelijkheden voor elektrische voertuigen te realiseren. De initiatiefnemers hebben aangegeven dat er geen ondergrondse oplaadplekken komen. Ook vraagt de VRD aandacht voor een goede bereikbaarheid van het nieuwe gebouw. Reactie gemeente 38

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

In het bouwplan wordt zowel aan de noordzijde als aan de zuidzuide een toegang gerealiseerd. Het gebouw is daardoor van twee kanten bereikbaar. De adviezen voor de bouw van het gebouwen zijn gedeeld met de initiatiefnemers. 6.1.3

Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan

Het ontwerpbestemmingsplan heeft voor een periode van 6 weken voor eenieder ter inzage gelegen. Dit is kenbaar gemaakt in zowel de Staatscourant als het gemeentelijke huis-aan-huis blad de Emmercourant.Tijdens deze periode is er geen zienswijze ingediend op het ontwerp-bestemmingsplan. Het bestemmingsplan kan ongewijzigd worden vastgesteld door de gemeenteraad van Emmen.

39

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

Hoofdstuk 7 7.1

Economische uitvoerbaarheid

Grondexploitatie

Per 1 juli 2008 is de Wet ruimtelijke ordening in werking getreden. Afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening verplicht de gemeente tot het verhalen van kosten bij grondexploitatie via een exploitatieplan, tenzij kostenverhaal anderszins is verzekerd. De toepassing voor het afdwingbare kostenverhaal richt zich op bouwplannen. De definitie van wat onder een bouwplan wordt verstaan, is opgenomen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Uit dit artikel blijkt dat onder een bouwplan o.a. wordt verstaan de bouw van een woning of de uitbreiding van een gebouw van 1000 m2 of meer. De kosten van het maken van het voorliggend bestemmingsplan worden in dit geval gedekt op grond van de Verordening op de heffing en invordering van leges 2022. Voor dit plan zijn (vooralsnog) door de gemeente geen aanvullende kosten voor onderzoek begroot en gemaakt. Tevens is een planschadeverhaalsovereenkomst aangegaan tussen de gemeente en de initiatiefnemers. De vaststelling van een exploitatieplan is zodoende niet nodig, aangezien het kostenverhaal nu anderszins verzekerd is.

40

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

Bijlage bij de toelichting

41

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

Bijlage 1 Ladderonderbouwing Sterrenkamp 1

42

Onderbouwing Ladder voor duurzame verstedelijking Emmen, Sterrenkamp 1 Datum: Status:

24-11-2022 Definitief

Buro Hollema Asserstraat 12 9451 AC Rolde Tel: (0592) 24 13 13 info@burohollema.nl www.burohollema.nl Buro Hollema streeft naar een optimale verhouding tussen kwaliteit en prijs. Periodiek wordt ons kwaliteitssysteem gecontroleerd door Normec Certification. Buro Hollema is in het bezit van het certificaat ISO 9001:2015.

Pagina 1 van 8

Inhoud 1.

Inleiding.................................................................................................................................................... 3 Aanleiding ....................................................................................................................................... 3 Regelgeving .................................................................................................................................... 3

2.

Toets......................................................................................................................................................... 5 Nieuwe stedelijk ontwikkeling ....................................................................................................... 5 Bestaand stedelijk gebied............................................................................................................... 5 Ruimtelijk verzorgingsgebied ......................................................................................................... 5 Behoefte ......................................................................................................................................... 6 Beschikbaarheid ............................................................................................................................. 6 Bestaande woningbouwplannen in de omgeving .......................................................................... 7

3.

Conclusie .................................................................................................................................................. 8

Pagina 2 van 8

1. INLEIDING Aanleiding Aan de Sterrenkamp 1 in Emmen is een bouwplan in voorbereiding. Dit voornemen bestaat uit het slopen van het op deze locatie aanwezige kantoorgebouw. Het bouwplan voorziet in maximaal 12 appartementen. Onderdeel van het op te stellen bestemmingsplan is dit onderzoek naar de woningbehoefte in het kader van Artikel 3.1.6 lid 2 Bro (De ladder voor Duurzame verstedelijking). Op de begane grond en de eerste verdiepen worden per bouwlaag 4 appartementen gerealiseerd. Deze appartementen hebben een omvang die varieert van circa 120 m2 – 135 m2 bvo. Op de tweede verdieping worden twee penthouses of eventueel 4 appartementen gerealiseerd. De penthouses hebben een oppervlakte van circa 250 m2 bvo. De ligging van het plangebied nabij voorzieningen en de omvang van de appartementen maakt de appartementen geschikt voor medioren en senioren. Regelgeving De 'ladder voor duurzame verstedelijking' is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geïntroduceerd en vastgelegd als procesvereiste in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Voor bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen, die nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk maken, dient aangetoond te worden dat er sprake is van zorgvuldig ruimtegebruik. Artikel 3.1.6.

Lid 2 Bro luidt: “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.” Van belang is wat volgens de Bro de definitie van bestaand stedelijk gebied en stedelijke ontwikkeling is. -

Stedelijk gebied: Bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur. Stedelijke ontwikkeling: Ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.´

Voor een stedelijke ontwikkeling geldt tevens dat deze ontwikkeling een nieuwe ontwikkeling is. Een stedelijke ontwikkeling is nieuw als het een nieuw beslag op de ruimte legt. Dit is in beginsel het geval als met een stedelijke ontwikkeling meer bebouwing mogelijk wordt gemaakt dan er op grond van het voorheen geldende bestemmingsplan aanwezig was of kon worden gerealiseerd. Een bouwplan waarbij bebouwing wordt gereduceerd of verplaatst, zoals de Ruimte voor ruimteregelingen, wordt niet gezien als nieuwe stedelijke ontwikkelingen. De Ladder hoeft dan niet te worden doorlopen. Indien sprake is van bouwplan via functiewijziging van een bestaand bebouwing of vervanging van bebouwing voor nieuwe bebouwing is de aard, omvang en uitstraling van het bouwplan bepalend of er wel of geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Een bouwplan waarbij bebouwing gereduceerd wordt, kan dan alsnog een nieuwe stedelijke ontwikkeling zijn. Wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, moet de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving van de behoefte aan de woningen die mogelijk worden gemaakt bevatten. De behoefte moet worden bepaald binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied van de woningbouwontwikkeling. De aard en omvang van de ontwikkeling zijn leidend voor het schaalniveau waarop de ruimtebehoefte moet

Pagina 3 van 8

worden afgewogen. De Ladder verplicht niet in alle gevallen tot regionale afstemming. Op basis van de aard en de omvang van het bouwplan moet bepaald worden of regionale afstemming nodig is. Bij kleinschalige ontwikkelingen die geen gemeentegrens overstijgend effect hebben, is bovengemeentelijke afstemming niet nodig. De behoefte bij een woonplan wordt bepaald door de confrontatie van de langetermijnprognose van de vraag naar woningen, met het woningaanbod in de bestaande plancapaciteit om in die vraag te voorzien.

Pagina 4 van 8

2. TOETS Nieuwe stedelijk ontwikkeling Voor de realisatie van dit woningbouwproject wordt een bestaand kantoorgebouw afgebroken. De bebouwingsoppervlakte van het woningbouwproject is kleiner dan het huidige bebouwingsoppervlak. In het huidige bestemmingsplan is wonen niet toegestaan. Het gebouw bestaat slechts uit één bouwlaag. De toegestane bouwhoogte is gelijk aan de bestaande bouwhoogte. In totaal worden er 12 appartementen bestemd. Het toevoegen van 12 appartementen wordt aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling. Gelet op de aard, omvang en uitstraling van de huidige bebouwing en het nieuw te realiseren woningbouwcomplex is er, ondanks een afname van het bebouwingsoppervlak, sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Bestaand stedelijk gebied Het plangebied ligt in het bestaand stedelijk gebied. Een onderbouwing waarom in niet bestaand in plaats van bestaand stedelijk gebied een stedelijke ontwikkeling wordt gerealiseerd hoeft voor dit bouwplan dus niet onderbouwd te worden. Ruimtelijk verzorgingsgebied

Voor het opstellen van de Woonvisie “BuitengeWoon Thuis in Emmen' 2022-2030” is onderzocht welke verhuisbewegingen er zijn van en naar de gemeente Emmen. De meeste verhuisbewegingen vinden binnen de gemeente Emmen zelf plaats. Daarnaast is er veel uitwisseling met buurgemeenten, de rest van de provincie Drenthe en Noord-Nederland. In totaal komen 90% van de vestigers dus uit Noord Nederland. Het aandeel personen dat uit de rest van Nederland in Emmen komt wonen is met 10% niet erg groot. In de tabel hieronder is te zien hoe het aantal vestigers is verdeeld over de verschillende gebieden, gemiddeld gezien over de jaren 2014-2018.

Pagina 5 van 8

Behoefte De gemeente Emmen heeft in samenwerking met de gemeenten Borger-Odoorn en Coevorden in 2020 een woningmarktonderzoek uit laten voeren. Uit dit onderzoek worden voor de regio en voor de individuele gemeenten woningmarktontwikkelingen benoemd. Uit het woningmarktonderzoek heeft de gemeente Emmen de volgende conclusies getrokken: - Het aantal inwoners nam de afgelopen jaren langzaam af, zonder invloed van buitenaf zou deze trend zich voortzetten. Het is op dit moment onduidelijk of de krapte op de woningmarkt in het land een kentering in deze trend teweeg brengt. - Door gezinsverdunning neemt het aantal huishoudens nog tot 2030 toe met ongeveer 1500 huishoudens. - Het aandeel huishoudens met een leeftijd van 75+ neemt toe. - De gemiddelde huishoudensgrootte zal blijven steken op iets meer dan 2 personen. - De meeste verhuisbewegingen vinden plaats binnen de gemeente Emmen, de regio en daarna Noord Nederland. Het aandeel vestigers uit het westen van het land blijft stabiel rond de 6% van het totaal aantal vestigers - 21% van de respondenten heeft aangegeven binnen nu en 2 jaar (waarschijnlijk) te gaan verhuizen. De verhuisgeneigdheid is groter in de gebieden waar mensen minder tevreden zijn over hun woonomgeving. Op deze plekken zijn ingrepen nodig om de tevredenheid te verbeteren. De overige verhuisredenen hebben te maken met de levensfase van onze bewoners.

Jonge mensen willen groter wonen en senioren zijn op zoek naar een kleinere, levensloopbestendige woning. - Er is meer vraag dan aanbod naar woningen nabij de voorzieningen in de grotere kernen en wonen in een landelijke omgeving. - Vanuit de senioren komt een grotere vraag naar sociale huurwoningen. Beschikbaarheid Verder wordt geconcludeerd dat er elk jaar er al meer woningen bij komen. Dit gebeurt door vervangende nieuwbouw en door transformatie van bestaande panden. Dit bestaat uit nieuwbouw van projectontwikkelaars, particulieren (kavels) of corporaties. Zeker de afgelopen jaren is hierdoor veel veranderd en de woningvoorraad verbeterd. Voor de komende jaren wil de gemeente toewerken naar een passende woningvoorraad en woonomgeving voor haar huidige en nieuwe inwoners. De gemeente stuurt daarbij op het bouwen van woningen gebouwd conform de behoefte, ook op de lange termijn, zoals voldoende koop- en (sociale) huurwoningen in verschillende prijssegmenten. Dit omvat meer dan nieuwbouw. Het gaat ook over transformatie en specifieke (nieuwe) woonvormen. Senioren (65-plussers) maken een steeds groter deel uit van onze bevolking. Uit het woningmarktonderzoek is gebleken dat er een tekort is aan passende woningen voor deze groep.

Ook is het van belang om geen woningen te bouwen die alleen aantrekkelijk zijn voor senioren, omdat op lange termijn het aandeel senioren weer gaat afnemen volgens de bevolkingsprognoses. De seniorenwoningen, moeten daarom ook aantrekkelijk zijn voor andere doelgroepen. Levensloopbestendig bouwen in overeenstemming met de verschillende woonwensen en behoeften is van belang. Daarom stimuleert de gemeente diversiteit aan woningtypen. Een bijkomend voordeel van bouwen voor senioren is dat de woningen die de senioren achterlaten beschikbaar komen voor gezinnen of starters. Daarmee ontstaat de gewenste doorstroming op de woningmarkt. Het woningbouwprogramma die in de Woonvisie “BuitengeWoon Thuis in Emmen' 2022-2030” is opgenomen sluit aan op de bovengenoemde opgave. Uit het woningmarktonderzoek blijkt dat ondanks dat in het centrum van Emmen al veel appartementencomplexen zijn die aantrekkelijk zijn voor senioren er de komende jaren onder andere behoefte ontstaat naar huur en koop appartementen.

Pagina 6 van 8

Daarbij geldt dat er meer vraag dan aanbod naar woningen nabij voorzieningen in grote kernen. De woningbouwcapaciteit in de huidige bestemmingsplannen of verleende omgevingsvergunningen voldoet ruimschoots niet aan deze behoefte (bron woningmarktonderzoek 2020). Bestaande woningbouwplannen in de omgeving De gemeente heeft een grote nieuwbouwambitie in het centrum van Emmen. Dit bouwplan geeft invulling aan een binnenstedelijke transformatieopgave. Hiermee worden diverse doelgroepen bediend en ontstaan mogelijkheden voor doorstroming. Het plan is hierdoor in lijn met de opgaven uit het woningmarktonderzoek en voldoet aan de behoefte. Het overgrote deel van de verhuisbeweging in Emmen zijn dus binnengemeentelijke verhuisbewegingen (73%). Gelet op de beperkte omvang van dit bouwplan (12 appartementen) en de doelgroep (medioren en senioren) kan gesteld worden dat het verzorgingsgebied voor dit bouwplan zich tot de gemeente Emmen beperkt. Het bouwplan is niet dusdanig groot of en voorziet niet in een vraag naar woningen van een specifieke doelgroep waarvoor in de regio al aan wordt voldaan.

Pagina 7 van 8

3. CONCLUSIE Door gezinsverdunning neemt het aantal huishoudens tot 2030 toe met ongeveer 1500 huishoudens. Ook neemt het aandeel huishoudens met een leeftijd van 75 jaar of ouder toe en er komt een grotere vraag naar appartementen die ook geschikt zijn voor medioren en senioren. De realisatie van 12 appartementen is een nieuwe stedelijke ontwikkeling die past binnen de actuele woningbouwbehoefte. Daarnaast is er sprake van een inbreidingslocatie op een locatie waar de ruimtelijke kwaliteit te wensen over laat. Het bouwplan voorziet in een behoefte naar appartementen voor medioren en senioren. Het bouwplan wordt ruimtelijk zodanig ingepast dat er sprake is van een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Het plan is hiermee in lijn met de doelstellingen uit de gemeentelijke woonvisie.

Pagina 8 van 8

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

Bijlage 2 stikstofonderzoek Sterrenkamp 1

51

Aerius stikstofberekening Project Sterrenkamp 1 te Emmen

Opdrachtgever: Projectleider: Auteur: Kenmerk: Datum:

SD Projecten en MM Vastgoed Yvo Scheringa Erik Hadders 9692 07-12-2022

Buro Hollema Asserstraat 12 9451 AC Rolde Tel: (0592) 24 13 13 info@burohollema.nl www.burohollema.nl

Buro Hollema streeft naar een optimale verhouding tussen kwaliteit en prijs. Periodiek wordt ons kwaliteitssysteem gecontroleerd door Normec Certification. Buro Hollema is in het bezit van het certificaat ISO 9001:2015.

Pagina 1 van 14

INHOUD

Pagina

1.

Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Plangebied 1.3 Wettelijk kader 1.4 Doel van deze rapportage

3 3 3 4 6

2.

Uitgangspunten 2.1 Aanlegfase 2.1.1 Inzet werktuigen 2.1.2 Inzet voertuigen 2.2 Gebruiksfase

7 7 7 8 9

3.

Resultaten 3.1 Resultaten aanlegfase 3.1.1 Mobiele werktuigen 3.1.2 Voertuigen 3.1.3 Stikstofdepositie 3.2 Resultaten gebruiksfase 3.2.1 Voertuigen 3.2.2 Stikstofdepositie

11 11 11 11 11 12 12 12

4.

Conclusie

13

5.

Bijlagen

14

Pagina 2 van 14

1.

INLEIDING

1.1 Aanleiding De initiatiefnemers SD projecten en MM Vastgoed hebben het voornemen om een woningbouwproject te realiseren aan de Sterrenkamp 1 te Emmen. De bestaande bebouwing zal worden gesloopt. Daarvoor komt een complex met 12 appartementen terug. Het bouwen van een appartementencomplex is strijdig met het huidige bestemmingplan. Hierom wordt voor dit plan een nieuw bestemmingsplan opgesteld. Voor deze ontwikkeling is er een AERIUS stikstofberekening (planberekening) uitgevoerd voor zowel de bouwfase als de gebruiksfase. 1.2 Plangebied Figuur 1 geeft het plangebied weer, figuur 2 de ligging van het plangebied ten opzichte van de nabijgelegen stikstofgevoelige gebieden.

Figuur 1: Plangebied Sterrenkamp 1, Emmen.

Pagina 3 van 14

Figuur 2: Situering van het plangebied ten opzichte van nabijgelegen stikstofgevoelige gebieden.

1.3 Wettelijk kader Binnen Natura 2000 worden de meest waardevolle natuurgebieden in Europa beschermd om de hierin voorkomende biodiversiteit te behouden. Om deze biodiversiteit te beschermen is in 1979 de vogelrichtlijn opgesteld en in 1992 de habitatrichtlijn. Alle Europese lidstaten wijzen specifieke vogelrichtlijn of habitatrichtlijn gebieden aan als onderdeel van deze Natura 2000-gebieden. Per Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelen bepaald van doelsoorten of habitattypen welke gericht zijn op het behouden, uitbreiden of verbeteren van deze soorten of habitattypen. De bescherming van deze vogel- en habitatrichtlijn gebieden zijn in Nederland juridisch vertaalt in de Wet natuurbescherming. Bij nieuwe plannen en projecten is het van belang dat deze instandhoudingsdoelen van Natura 2000gebieden niet negatief worden aangetast. Eén van de mogelijkheden waarbij sprake is van aantasting van deze instandhoudingsdoelen is via stikstofdepositie. Stikstofdepositie veroorzaakt vermesting en verzuring op habitattypen binnen Natura 2000- gebieden en kan ervoor zorgen dat instandhoudingsdoelen niet worden gehaald. Een stikstofberekening dient te worden uitgevoerd om te

Pagina 4 van 14

bepalen of de voorgenomen plannen een significante stikstofdepositie veroorzaken op habitattypen van veelal omliggende Natura 2000-gebieden. Op 25 november heeft de Minister voor Stikstof en Natuur het Wijzigingsbesluit Habitatrichtlijngebieden vanwege aanwezige waarden vastgesteld. Hiermee zijn de aanwijzingsbesluiten van 101 Natura 2000gebieden gewijzigd, bijvoorbeeld omdat habitattypen op het moment van aanwijzen aanwezig bleken te zijn, maar destijds niet zijn opgenomen in de oorspronkelijke aanwijzingsbesluiten. Deze habitattypen en soorten zijn door middel van het wijzigingsbesluit aan de aanwijzingsbesluiten toegevoegd. De betreffende habitattypen, leefgebieden en grenzen moeten direct nadat het wijzigingsbesluit is genomen worden betrokken bij toestemmingverlening. In de huidige versie van AERIUS Calculator, versie 2021, zijn deze wijzigingen nog niet verwerkt. De update die op het moment van het wijzigingsbesluit zou ingaan is echter uitgesteld tot 26 januari. Om de tijdelijke situatie te overbruggen is er een handreiking uitgekomen waarbij een bestand met rekenpunten hoort 1. Tot 26 januari dienen de stikstofberekeningen te worden uitgevoerd met dit extra bestand toegevoegd aan de huidige versie va AERIUS. Dat is bij deze berekening ook gedaan.

Wet Stikstofreductie en Natuurverbetering Wanneer geen enkel Natura 2000-gebied de bijdrage hoger is dan 0,00 mol/ha/jr dan is er geen toestemming benodigd op het gebied van stikstof in kader van de Wet Natuurbescherming. Zie figuur 3. De AERIUS Calculator 2021.2 (releasedatum 21-09-2022) rekent door tot een waarde van 0,00 (tot 2 cijfers achter de komma).

1 https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2022/12/Handreiking-rekenen-met-nieuwe-habitatkartering-in-AERIUS-Calculator-21-v1.0.pdf

Pagina 5 van 14

Figuur 3: Beslisboom toestemmingverlening stikstofdepositie bij nieuwe activiteiten

1.4 Doel van deze rapportage De inzet van werktuigen en de benodigde rijbewegingen tijdens de bouw en het gebruik hebben stikstofemissie tot gevolg. Deze stikstofemissie veroorzaakt mogelijk stikstofdepositie, welke mogelijk een negatief effect kan hebben op de instandhoudingsdoelen van de Natura 2000- gebieden die genoemd zijn in Tabel 1 en die te zien zijn in Figuur 2. Deze rapportage beschrijft de rekenmethode, de aannames en de resultaten van de berekening van de stikstofdepositie. Aan de hand van de resultaten wordt bepaald of er een vergunning aangevraagd moet worden.

Pagina 6 van 14

2.

UITGANGSPUNTEN

Voor de realisatie van dit bouwplan wordt er gewerkt met meerdere werktuigen. Vanuit de verbrandingsmotoren van deze werktuigen ontstaan stikstofoxiden (NOx ). De uitstoot is afhankelijk van factoren als het type werktuig, het vermogen, het percentage belasting en het aantal draaiuren. Deze variabelen worden ingevoerd in het AERIUS model van het RIVM. De basisinformatie ten aanzien van de uitgangspunten voor het gebruik en type materieel zijn aangeleverd door de initiatiefnemers. 2.1 Aanlegfase 2.1.1 Inzet werktuigen De inzet van mobiele werktuigen is één van de emissiebronnen in de aanlegfase. In AERIUS valt dit onder de sectorgroep ‘Mobiele werktuigen’. Omdat het project een bouwproject betreft is de sector ‘Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning’ geselecteerd. Het type bron is een vlakbron, omdat de werktuigen naar de bouwplaats (het vlak) worden verplaatst en binnen dat vlak naar behoefte worden verplaatst en gebruikt. Door middel van onderstaande formule wordt het aantal liters per jaar berekend. Het aantal liters per jaar wordt in de AERIUS calculator gebruikt om de stikstofdepositie te bepalen. Naast de genoemde factoren kan de daadwerkelijke stikstofemissie beïnvloed worden door factoren zoals de omgang met de werktuigen door het personeel ter plaatse.

Omdat zulke factoren niet te voorspellen en ook heel moeilijk te modelleren zijn, wordt er bij de berekening van het aantal liters per jaar dat verbruikt wordt uitgegaan van de volgende standaardformule: 𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉𝑉 = (0,095 ∗ max 𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 + 0,54) ∗ 𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑𝑑

In onderstaande tabel is te zien welke mobiele werktuigen zijn gebruikt, welke eigenschappen de werktuigen hebben en wat de verwachte draaiuren zijn gedurende het gehele project. De verwachting is dat het project 41 weken zal duren, oftewel 205 werkdagen. De laatste kolom van de tabel geeft het verbruik weer dat is uitgerekend met behulp van bovenstaande formule. In AERIUS kunnen geen decimalen worden ingevoerd, alleen gehele getallen. Daarom is het verbruik voor alle mobiele werktuigen naar boven afgerond. Tabel 2: Eigenschappen en verbruik van de in te zetten werktuigen

Werktuig

Invoer in AERIUS als Bouwkraan Bouwkraan (draaiuren) Vrachtwagen ter plaatse Vrachtwagen op de bouwplaats bouwplaats Betonmixer Betonmixer Mobiele kraan, in te Mobiele kraan, zetten voor grondwerken grondwerken Dumper Dumper

Pagina 7 van 14

Aantal

Vermogen Totaal aantal (kW) draaiuren 370 350

Verbruik

1

Stageklasse V

1

V

265

40

1028,6

1 1

V V

316 141

85 120

2597,6 1672,2

1

V

74

80

605,6

12491,5

2.1.2 Inzet voertuigen Naast werktuigen wordt er ook gebruik gemaakt van voertuigen tijdens de bouwfase. Er zijn vier soorten voertuigen te onderscheiden voor de stikstofberekeningen: - Licht verkeer - Middelzwaar vrachtverkeer - Zwaar vrachtverkeer - Bussen Voor de Sterrenkamp 1 te Emmen zijn de ingezette voertuigen en de hoeveelheid voertuigen per etmaal weergegeven in onderstaande tabel. In AERIUS wordt net als bij de mobiele werktuigen uitgegaan van een verbruik per jaar. Omdat de bouw van het woningbouwcomplex minder dan een jaar zal duren, wordt het aantal voertuigen dat gedurende het gehele project wordt gebruikt berekend. Dit zal in AERIUS worden ingevoerd als het aantal voertuigen per jaar per categorie. Tabel 3: Aantal voertuigen dat per etmaal de rijroute berijdt (heen en terug)

Soort voertuig Licht verkeer Zwaar vrachtverkeer

Aantal voertuigen per etmaal 5 0.5 (1 per 2 dagen)

Aantal voertuigen per jaar 1025 103

De vervoersbewegingen worden in AERIUS weergegeven als een lijnbron. De bron loopt vanaf de locatie van het plangebied tot aan de plek waar de voertuigen opgaan in de grotere verkeersstroom (N34). Dit is per project verschillend, omdat de omvang van het project en de planning bepalen hoe groot het aantal voertuigen is dat per etmaal wordt ingezet. Dit aantal voertuigen bepaalt waar de reguliere verkeersstroom groot genoeg is om in te verdwijnen. Over het algemeen wordt de dichtstbijzijnde doorgaande weg of provinciale weg gehanteerd als eindpunt van de lijnbron. Voor dit project wordt de lijnbron gehanteerd die te zien is in Figuur 4. Het plangebied ligt bij de markering met nummer 1. Het andere uiteinde van de lijn eindigt bij de Hondsrugweg. Dit is een vierbaansweg met een maximumsnelheid van 50 km/uur die het centrum van Emmen verbindt met de N381 in het noorden en de N391 in het zuiden. Gezien de verwachte hoeveelheid voertuigen is de aanname gedaan dat de voertuigen hier zullen opgaan in het overige verkeer.

Pagina 8 van 14

Figuur 4: emissiebron voor de voertuigen in de aanleg- en gebruiksfase.

2.2 Gebruiksfase Voor de gebruiksfase wordt er gekeken naar de toevoeging van verkeer aan het huidige verkeersbeeld en de stikstofemissie die extra wordt uitgestoten als gevolg van dat verkeer. Het bouwplan aan de Sterrenkamp 1 te Emmen betreft een complex met 12 appartementen. De stikstofemissie die moet worden berekend is de uitstoot van de verkeersbewegingen die dagelijks worden uitgevoerd door de bewoners van die 12 appartementen.

Pagina 9 van 14

Voor een woningbouwcomplex met appartementen (koop. Midden duur) gedlt een gemiddelde verkeersgeneratie van 3,7 mvt/etmaal voor licht wegverkeer (bron CROW). Dit leidt tot een verkeersgeneratie van 44,4 mvt/etmaal van lichte motorvoertuigen. De emissiebron is een lijnbron, net als de emissie van de voertuigen in de bouwfase. Deze bron eindigt ook op de plek waar het extra verkeer opgaat in de overige aanwezige verkeersstromen. In dit geval is dat gelijk aan de plek waar het bouwverkeer uit de aanlegfase opgaat in het overige verkeer, namelijk bij de Hondsrugweg. De lijnbron uit Figuur 4 wordt dus ook voor de gebruiksfase gehanteerd.

Pagina 10 van 14

3.

RESULTATEN

Na invoer van de gegevens van de mobiele werktuigen en de voertuigen in de AERIUS calculator emissiegegevens door AERIUS berekend. Vervolgens is door de AERIUS calculator de totale stikstofdepositie in stikstofgevoelige gebieden als gevolg van deze emissies berekend. 3.1

Resultaten aanlegfase

3.1.1 Mobiele werktuigen Onderstaande tabel geeft de emissieresultaten uit de AERIUS calculator weer voor ieder mobiel werktuig, en ook het totaal. Tabel 4: Emissieresultaten uit de AERIUS calculator voor mobiele werktuigen

Mobiele werktuigen Bouwkraan Vrachtwagen ter plaatse op de bouwplaats Betonmixer Mobiele kraan, in te zetten voor grondwerken Dumper Totaal

Emissie NH3 3,0 kg/ jaar 0,2 kg/ jaar 0,6 kg/ jaar 0,4 kg/ jaar 0,1 kg/ jaar 4,4 kg/ jaar

Emissie NOx 414,0 kg/ jaar 34,2 kg/ jaar 86,2 kg/ jaar 55,8 kg/ jaar 20,4 kg/ jaar 610,5 kg/jaar

3.1.2 Voertuigen Onderstaande tabel geeft de emissieresultaten uit de AERIUS calculator weer voor ieder type voertuig, en ook het totaal. Tabel 5: Emissieresultaten uit de AERIUS calculator voor voertuigen (verkeersnetwerk)

Voertuig Voertuigen Totaal

Emissie NH3 0.3 kg/ jaar 0,3 kg/ jaar

Emissie NOx 6.9 kg/ jaar 6,9 kg/jaar

3.1.3 Stikstofdepositie De emissieresultaten uit tabel 4 en 5 leiden tot de volgende resultaten over de stikstofdepositie in nabijgelegen stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden. Van salderen is geen sprake in de uitgevoerde berekening, dus van een afname van stikstofdepositie is hoe dan ook niet aanwezig. Tabel 6: depositieresultaten uit de AERIUS calculator

Totaal

Berekend (ha gekarteerd) 0,00

Hoogste totale depositie (mol N/ha/jr) 0,00

Met toename (ha gekarteerd) 0,00

Grootste toename (mol N/ha/jr) 0,00

De bovenstaande depositieresultaten zijn van toepassing op de Wnb-registratieset. Ook voor de toegevoegde rekenpunten uit de handreiking voor de tijdelijke situatie in verband met de uitgestelde AERIUS update is de depositie berekend (zie hoofdstuk 1.3). Ook voor deze rekenpunten is de bijdrage ≤0,00 mol N/ha/jr.

Pagina 11 van 14

3.2

Resultaten gebruiksfase

3.2.1 Voertuigen Onderstaande tabel geeft de emissieresultaten uit de AERIUS calculator weer voor ieder type voertuig in de gebruiksfase, en ook het totaal. Tabel 7: Emissieresultaten uit de AERIUS calculator voor voertuigen (verkeersnetwerk) in de gebruiksfase

Voertuig Voertuigen Totaal

Emissie NH3 0,2 kg/ jaar 0,2 kg/ jaar

Emissie NOx 2,6 kg/ jaar 2,6 kg/jaar

3.2.2 Stikstofdepositie De emissieresultaten uit tabel 7 leiden tot de volgende resultaten over de stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden binnen een straal van 25 km. Tabel 8: depositieresultaten uit de AERIUS calculator

Totaal

Berekend (ha gekarteerd) 0,00

Hoogste totale depositie (mol N/ha/jr) 0,00

Met toename (ha gekarteerd) 0,00

Grootste toename (mol N/ha/jr) 0,00

De bovenstaande depositieresultaten zijn van toepassing op de Wnb-registratieset. Ook voor de toegevoegde rekenpunten uit de handreiking voor de tijdelijke situatie in verband met de uitgestelde AERIUS update is de depositie berekend (zie hoofdstuk 1.3). Ook voor deze rekenpunten is de bijdrage ≤0,00 mol N/ha/jr.

Pagina 12 van 14

4.

CONCLUSIE

Aan de hand van de resultaten uit hoofdstuk 3 wordt geconcludeerd dat er geen overmatige stikstofdepositie plaatsvindt in de nabijgelegen stikstofgevoelige gebieden. De depositie is ≤0,00 mol N/ha/jr. Voor het bouwen en in gebruik nemen van het appartementencomplex aan de Sterrenkamp 1 is geen toestemming benodigd in het kader van de wet natuurbescherming.

Pagina 13 van 14

5.

Pagina 14 van 14

BIJLAGEN

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:

www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Buro Hollema Asserstraat, 9451 AC Rolde

Omschrijving Toelichting

Sterrenkamp 1, Emmen Stikstofberekening gebruiksfase Sterrenkamp 1, Emmen

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RjiKAYnZ2Pwe 07 december 2022, 08:42 Wnb-rekengrid

Berekening

Totale emissie

Situatie 1 - Beoogd

Resultaten

Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

RjiKAYnZ2Pwe (07 december 2022)

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Hoogste depositie

Hexagon

Gebied

2022 -

4,7 kg/j

617,6 kg/j

2/7

Projectberekening

Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 1  Verkeersnetwerk

RjiKAYnZ2Pwe (07 december 2022)

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

4,4 kg/j 610,5 kg/j 0,3 kg/j 7,1 kg/j

3/7

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie

De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RjiKAYnZ2Pwe (07 december 2022)

4/7

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)

Totaal

RjiKAYnZ2Pwe (07 december 2022)

-

Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)

-

-

-

-

-

5/7

Projectberekening

Situatie 1, Rekenjaar 2022 1

Naam

Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning Bron 1

NOₓ NH₃

BrandstofverbruikDraaiurenAdBlue verbruik

610,5 kg/j 4,4 kg/j

Naam

Stageklasse

Bouwkraan

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: 12492 l/j ja

350 u/j 0 l/j

>= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: 1029 l/j Vrachtwagen Stage-V, ja

40 u/j 0 l/j

>= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: 2598 l/j Botonmixer Stage-V, ja

85 u/j 0 l/j

Mobiele kraan

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: 1673 l/j ja

120 u/j 0 l/j

NOₓ 55,8 kg/j

Dumper

Stage-V, >= 2019 , 56-75 kW, diesel, SCR: ja 606 l/j

80 u/j 0 l/j

NH₃ 0,4 kg/j NOₓ 20,4 kg/j NH₃ 0,1 kg/j

2 Wegverkeer | Weg Naam Bron 2 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Stof Emissie

NOₓ 414,0 kg/j NH₃ 3,0 kg/j NOₓ 34,2 kg/j NH₃ 0,2 kg/j NOₓ 86,2 kg/j NH₃ 0,6 kg/j

Links Rechts NOₓ 7,1 kg/j Type scherm - NO₂ 0,8 kg/j Hoogte - NH₃ 0,3 kg/j Afstand tot de weg - Voertuigen

2050 p/jaar 0 p/jaar 206 p/jaar 0 p/jaar

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

RjiKAYnZ2Pwe (07 december 2022)

6/7

Projectberekening

Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2021.2_20221004_3d4bf05159 Database versie 2021.2_3d4bf05159 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RjiKAYnZ2Pwe (07 december 2022)

7/7

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:

www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Buro Hollema Asserstraat, 9451 AC Rolde

Omschrijving Toelichting

Sterrenkamp 1, Emmen Stikstofberekening gebruiksfase Sterrenkamp 1, Emmen

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RRSNnKTVsVnh 07 december 2022, 08:55 Wnb-rekengrid

Berekening

Totale emissie

Situatie 1 - Beoogd

Resultaten

Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

RRSNnKTVsVnh (07 december 2022)

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Hoogste depositie

Hexagon

Gebied

2022 -

0,2 kg/j

2,8 kg/j

2/6

Projectberekening

Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen  Verkeersnetwerk

RRSNnKTVsVnh (07 december 2022)

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

0,2 kg/j

2,8 kg/j

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie

De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RRSNnKTVsVnh (07 december 2022)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)

Totaal

RRSNnKTVsVnh (07 december 2022)

-

Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)

-

-

-

-

-

5/6

Projectberekening

Situatie 1, Rekenjaar 2022

1 Wegverkeer | Weg Naam Bron 1 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Links Rechts NOₓ 2,8 kg/j Type scherm - NO₂ 0,6 kg/j Hoogte - NH₃ 0,2 kg/j Afstand tot de weg - Voertuigen

45 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2021.2_20221004_3d4bf05159 Database versie 2021.2_3d4bf05159 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RRSNnKTVsVnh (07 december 2022)

6/6

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Emmen, Centrum-Oost, Sterrenkamp 1 (Woningbouwcomplex) (vastgesteld)

Bijlage 3 Quickscan Flora en Fauna Sterrenkamp 1

79

Quickscan natuurwaardenonderzoek Sterrenkamp 1 - Emmen

Effectbeoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming, Natuurnetwerk Nederland en Natura 2000

Colofon Quickscan natuurwaardenonderzoek Sterrenkamp 1 te Emmen

Uitgevoerd door: Natuurbank Overijssel Correspondentieadres: Aladnaweg 18 7122 RR Aalten BTW-ID: NL001388212B56 E: info@natuurbankoverijssel.nl Tel: 0543-451142 / 0614-435700

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=e5669abf-62f9-46b4-906b-5a2681313e9b