CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1: Barger-Oosterveld, Sint Gerardusstraat tussen 127 en 133_vastgesteld

Commissie Wonen en Ruimte 13 juni 2022, gemeente EmmenBij agendapunt: Bestemmingsplan “Barger-Oosterveld, Sint Gerardusstraat tussen 127 en 133” (148523-2022)27.523 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

V(MV(N)) 30

Geomilieu V5.21

V(ZV(D)) 30

V(ZV(A)) 30

V(ZV(N)) 30

Totaal aantal 520,00

%Int(D) 7,00

%Int(A) 2,60

%Int(N) 0,70

%LV(D) 93,02

%LV(A) 92,98

%LV(N) 93,00

%MV(D) 4,99

%MV(A) 4,98

2-4-2021 13:13:39

0009-W-21-E Model: Groep:

Naam A

Bijlage 1 Invoergegevens rekenmodel

Sint Gerardusstraat tussen 127 en 133 (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 %MV(N) 5,04

%ZV(D) 1,99

Geomilieu V5.21

%ZV(A) 2,04

%ZV(N) 1,96

Groep Sint Gerardusstraat

2-4-2021 13:13:39

0009-W-21-E Model: Groep:

Bijlage 1 Invoergegevens rekenmodel

Sint Gerardusstraat tussen 127 en 133 (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam 01 02 03 04 05

Omschr. nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

X 261091,51 261087,05 261090,77 261080,83 261082,67

Y 533230,24 533232,55 533224,97 533223,95 533232,99

Maaiveld 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Hoogte A 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

Hoogte B 4,50 4,50 4,50 4,50 --

Hoogte C ------

Hoogte D ------

Hoogte E ------

Hoogte F ------

Gevel Ja Ja Ja Ja Ja

06 07 08 09 10

nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

261079,63 261077,32 261073,04 261067,24 261071,30

533233,44 533233,92 533234,65 533230,91 533228,23

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

-4,50 4,50 4,50 4,50

------

------

------

------

Ja Ja Ja Ja Ja

Geomilieu V5.21

2-4-2021 13:13:50

Bijlage 2

0009-W-21-E Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:

Bijlage 2 Resultaten Sint Gerardusstraat (excl aftrek art 110g Wgh) Resultatentabel Sint Gerardusstraat tussen 127 en 133 LAeq totaalresultaten voor toetspunten (hoofdgroep) Nee

Naam Toetspunt 01_A 01_B 02_A 02_B 03_A

Omschrijving nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

X 261091,51 261091,51 261087,05 261087,05 261090,77

Y 533230,24 533230,24 533232,55 533232,55 533224,97

Hoogte 1,50 4,50 1,50 4,50 1,50

Dag 48,8 49,4 45,4 45,5 45,0

Avond 44,5 45,2 41,1 41,2 40,7

Nacht 38,8 39,4 35,4 35,5 35,0

Lden 48,9 49,6 45,6 45,7 45,1

03_B 04_A 04_B 05_A 06_A

nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

261090,77 261080,83 261080,83 261082,67 261079,63

533224,97 533223,95 533223,95 533232,99 533233,44

4,50 1,50 4,50 1,50 1,50

45,8 27,3 30,6 45,7 44,5

41,5 23,0 26,3 41,4 40,2

35,8 17,3 20,6 35,7 34,5

45,9 27,4 30,7 45,8 44,7

07_A 07_B 08_A 08_B 09_A

nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

261077,32 261077,32 261073,04 261073,04 261067,24

533233,92 533233,92 533234,65 533234,65 533230,91

1,50 4,50 1,50 4,50 1,50

45,3 45,5 41,8 43,4 27,2

41,0 41,2 37,5 39,1 22,9

35,3 35,5 31,8 33,4 17,2

45,5 45,6 42,0 43,5 27,3

09_B 10_A 10_B

nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

261067,24 261071,30 261071,30

533230,91 533228,23 533228,23

4,50 1,50 4,50

29,7 32,1 33,8

25,4 27,8 29,5

19,7 22,1 23,8

29,8 32,2 33,9

Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen

Geomilieu V5.21

2-4-2021 13:14:07

0009-W-21-E Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:

Bijlage 2 Resultaten Sint Gerardusstraat (incl aftrek art 110g Wgh) Resultatentabel Sint Gerardusstraat tussen 127 en 133 LAeq totaalresultaten voor toetspunten (hoofdgroep) Ja

Naam Toetspunt 01_A 01_B 02_A 02_B 03_A

Omschrijving nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

X 261091,51 261091,51 261087,05 261087,05 261090,77

Y 533230,24 533230,24 533232,55 533232,55 533224,97

Hoogte 1,50 4,50 1,50 4,50 1,50

Dag 43,8 44,4 40,4 40,5 40,0

Avond 39,5 40,2 36,1 36,2 35,7

Nacht 33,8 34,4 30,4 30,5 30,0

Lden 43,9 44,6 40,6 40,7 40,1

03_B 04_A 04_B 05_A 06_A

nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

261090,77 261080,83 261080,83 261082,67 261079,63

533224,97 533223,95 533223,95 533232,99 533233,44

4,50 1,50 4,50 1,50 1,50

40,8 22,3 25,6 40,7 39,5

36,5 18,0 21,3 36,4 35,2

30,8 12,3 15,6 30,7 29,5

40,9 22,4 25,7 40,8 39,7

07_A 07_B 08_A 08_B 09_A

nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

261077,32 261077,32 261073,04 261073,04 261067,24

533233,92 533233,92 533234,65 533234,65 533230,91

1,50 4,50 1,50 4,50 1,50

40,3 40,5 36,8 38,4 22,2

36,0 36,2 32,5 34,1 17,9

30,3 30,5 26,8 28,4 12,2

40,5 40,6 37,0 38,5 22,3

09_B 10_A 10_B

nieuwe woning nieuwe woning nieuwe woning

261067,24 261071,30 261071,30

533230,91 533228,23 533228,23

4,50 1,50 4,50

24,7 27,1 28,8

20,4 22,8 24,5

14,7 17,1 18,8

24,8 27,2 28,9

Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen

Geomilieu V5.21

2-4-2021 13:14:40

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Barger-Oosterveld, Sint Gerardusstraat tussen 127 en 133 (vastgesteld)

74

Gemeente Emmen, bestemmingsplan Barger-Oosterveld, Sint Gerardusstraat tussen 127 en 133 (vastgesteld)

Bijlage 3 Verkennend bodemonderzoek

75

Sigma Bouw & Milieu Phileas Foggstraat 153 7825 AW Emmen Tel. (0591) 65 91 28 Fax (0591) 65 93 25 www.sigma-bm.nl E-mail info@sigma-bm.nl

mei ’21

Onderwerp:

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN 5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

Projectnummer:

20-M9873

Opdrachtgever:

dhr. R. Kok

Datum:

21 mei 2021

0

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

onderwerp

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN 5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

datum

21 mei 2021

projectnummer

21-M9849

in opdracht van

dhr. R. Kok p/a Nautilusstraat 7b 7821 AG Emmen

uitgevoerd door

Sigma Bouw & Milieu Phileas Foggstraat 153 7825 AW Emmen tel: (0591) 659128 fax:(0591) 659325

Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens de norm NEN-EN-ISO 9001:2015, het uitvoeren van milieukundige bodemonderzoeken en geotechnische onderzoeken Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens “Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat Monsterneming Bouwstoffenbesluit SIKB 1000 protocol 1001: Monsterneming grond voor partijkeuringen”

Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens “Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek SIKB 2000 protocollen 2001, 2002 en 2018”

(het onderhavige onderzoek heeft uitsluitend betrekking op de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000, protocol 2001)

Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middels van druk, fotokopie, microfilm of anderszins zonder voorafgaande, schriftelijke toestemming van de opdrachtgever of Sigma Bouw & Milieu.

mei ’21

1

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

Inhoudsopgave 1

2

INLEIDING ....................................................................................................................................... 3 1.1

Algemeen................................................................................................................................. 3

1.2

Aanleiding van het bodemonderzoek ...................................................................................... 3

1.3

Doel van het onderzoek ........................................................................................................... 3

1.4

Referentiekader van het onderzoek ........................................................................................ 4

1.5

Opbouw van het rapport .......................................................................................................... 4

VOORONDERZOEK ........................................................................................................................ 5 2.1

3

4

Hypothese en onderzoeksstrategie ....................................................................................... 13

VELDONDERZOEK ....................................................................................................................... 14 3.1

Uitvoering van het veldonderzoek ......................................................................................... 14

3.2

Resultaten van het veldonderzoek ........................................................................................ 15

CHEMISCH-ANALYTISCH ONDERZOEK .................................................................................... 17 4.1

Onderzoeksprogramma chemisch-analytisch onderzoek ..................................................... 17

4.2

Toetsingscriteria .................................................................................................................... 18

4.3

Analyseresultaten en interpretatie ......................................................................................... 19

4.3.1

Milieuhygiënische kwaliteit grond ...................................................................................... 19

5

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN .......................................................................................... 21

6

LITERTUURLIJST .......................................................................................................................... 25

7

COLOFON ...................................................................................................................................... 26

Bijlagen 1. Topografisch overzicht 1A.Historisch topografisch overzicht 2. Onderzoekslocatie met boorplan (1:500) 3. Beschrijvingen inspectiegaten/boringen/foto’s 4. Analysecertificaten 5. Onafhankelijkheidsverklaring

mei ’21

2

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

1

INLEIDING

1.1

Algemeen

In opdracht van dhr. R. Kok is in mei 2021 door Sigma Bouw & Milieu een verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 uitgevoerd op een deel van het perceel sectie F nr. 17328 (ged.) gelegen aan de Sint Gerardusstraat te Emmen (gemeente Emmen). De plaats en situering van de onderzoekslocatie is weergegeven in bijlage 1 en 2. In dit onderzoek worden allereerst de locatiegegevens, de historische gegevens ofwel het bodemgebruik in het verleden evenals de resultaten van eventuele voorgaande bodemonderzoeken besproken. Vervolgens wordt de bodemopbouw, geologie en geohydrologie besproken. Op basis van de resultaten van het vooronderzoek is een onderzoekshypothese opgesteld. Het verdere onderzoek is op basis van deze hypothese uitgevoerd. De onderzoeksresultaten worden geïnterpreteerd. Aan de hand van de interpretatie van de onderzoeksresultaten wordt een eindconclusie geformuleerd. kwaliteitsborging: Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens de norm NEN-EN-ISO 9001:2015. Het verkennend milieukundig bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de richtlijnen uit het besluit uitvoeringskwaliteit Bodembeheer (KWALIBO). Zo is de gehanteerde onderzoeksstrategie opgesteld volgens de normen NEN-5725 en NEN-5740 en zijn de veld- en laboratoriumwerkzaamheden uitgevoerd volgens geldende beoordelingsrichtlijnen en accreditatieschema’s.

De veldwerkzaamheden van Sigma Bouw & Milieu zijn verricht onder het procescertificaat BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek) waarvoor Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd en erkend door het ministerie van I&W. In het kader van het onderhavige onderzoek is het protocol 2001 (plaatsen van handboringen en peilbuizen t.b.v. het nemen van grond- en grondwatermonsters) van toepassing. Sigma Bouw & Milieu verklaart bij deze volledig onafhankelijk te zijn in de uitvoering van het onderzoek en op geen enkele wijze gerelateerd te zijn aan de eigenaar van het te onderzoeken terrein.

1.2

Aanleiding van het bodemonderzoek

Aanleiding tot de uitvoering van dit verkennend milieukundig bodemonderzoek vormt de geplande nieuwbouw van een woning op de onderzoekslocatie.

1.3

Doel van het onderzoek

Het verkennend bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 heeft tot doel inzicht te verkrijgen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en vast te stellen of er sprake is van bodemverontreiniging. Aan de hand van dit onderzoek wordt inzicht verkregen in hoeverre het bodemgebruik van de locatie heeft geleid tot verontreiniging. Op basis van de onderzoeksresultaten kan een milieuhygiënische beoordeling worden gegeven ten aanzien van de beoogde c.q. de toekomstige gebruiksmogelijkheden van de locatie. Indien uit de onderzoeksresultaten blijkt dat er sprake is van bodemverontreiniging zal worden beoordeeld of vervolgonderzoek noodzakelijk geacht wordt.

mei ’21

3

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

1.4

Referentiekader van het onderzoek

Teneinde de kwaliteit van de grond op de onderhavige locatie juist in te schatten is de onderzoeksopzet van het bodemonderzoek gebaseerd op de onderzoeksstrategie voor verkennend bodemonderzoek, onderzoeksnorm NEN 5740+A1 (literatuur 1). 1.5

Opbouw van het rapport

In het voorliggende rapport komen de volgende aspecten aan de orde:  vooronderzoek, (hoofdstuk 2)  veldonderzoek, (hoofdstuk 3)  chemisch-analytisch onderzoek, (hoofdstuk 4)  conclusies en aanbevelingen, (hoofdstuk 5).

mei ’21

4

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

2

VOORONDERZOEK

Het vooronderzoek wordt voorafgaand aan het feitelijke onderzoek (veld- en chemisch-analytisch onderzoek) uitgevoerd. Het vooronderzoek omvat het verzamelen van informatie over het vroegere en huidige gebruik van de onderzoekslocatie en de omgeving, onder meer gericht op het vinden van mogelijke bronnen van bodembelasting. De uitwerking van het vooronderzoek is gebaseerd op de onderzoeksnorm NEN 5725, strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek (literatuur 9). In de NEN-5725 (2017) zijn zeven aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Voor elke afzonderlijke aanleiding tot vooronderzoek dienen verschillende onderzoeksvragen te worden beantwoord. De verplicht te onderzoeken aspecten zijn per aanleiding omschreven in tabel 1. tabel 1: onderzoeksaspecten milieuhygiënisch vooronderzoek Onderzoeksaspecten 1. Locatiegegevens

Aanleiding tot vooronderzoek

Eigendomssituatie

A 0

B 0

C

D

Bodemopbouw Antropogene lagen in de bodem Geohydrologie

3. Verwachting t.a.v. de bodemkwaliteit

Geval van ernstige bodemverontreiniging? Kwaliteit o.b.v. BKK O.b.v. uitgevoerde bodemonderzoeken

4. Gebruik en beïnvloeding van de locatie, verdachte situatie, activiteiten, ongewoon voorval

F

G

✓

Hoogteligging 2. Bodemopbouw en geohydrologie

E

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓ ✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓ ✓

0

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

0

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

0 ✓

✓

Voormalig Huidig Toekomstig Asbestverdacht?

✓

✓

✓

✓

✓

5. Terreinverkenning ✓ Verplicht onderzoeksaspect. Indien dit onderzoeksaspect niet van toepassing is, behoort dit in het rapport te worden vermeld en gemotiveerd 0 Optioneel

aanleiding vooronderzoek Het onderhavige bodemonderzoek betreft een verkennend bodemonderzoek in het kader van de geplande nieuwbouw van een woning op de onderzoekslocatie. Het vooronderzoek is uitgevoerd op basis van aanleiding A, conform paragraaf 6.2.1 “opstellen hypothese bodemkwaliteit ten behoeve van een bodemonderzoek” uit de NEN-5725 (2017).

mei ’21

5

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

geraadpleegde bronnen in het kader van het vooronderzoek Voor het vooronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: • informatie verstrekt door de opdrachtgever/eigenaar; • informatie verstrekt door de gemeente Emmen (verkregen via RUD Drenthe, email d.d. 28-04-2021); • informatie van bodematlas van het Geoportaal van de Provincie Drenthe; • informatie van Bodemloket.nl; • www.Topotijdreis.nl; • Kadaster/BAG Viewer; • grondwaterkaart van Nederland; • AHN.nl; • Dinoloket.nl; • handelsbestand van de Kamer van Koophandel; • terreininspectie voorafgaand aan de veldwerkzaamheden . Het uitgevoerde vooronderzoek heeft betrekking tot de onderhavige onderzoekslocatie alsmede de aangrenzende percelen binnen een straal van 25 meter. De onderzoeksvragen voor het opstellen van de onderzoekshypothese en de gekozen onderzoeksstrategie zijn, voor zover relevant, in de onderstaande paragrafen nader uitgewerkt. locatiegegevens In tabel 2 is een overzicht van de basisinformatie/locatiegegevens weergegeven. tabel 2: overzicht basisinformatie Adres Plaats Gemeente Topografisch overzicht Coördinaten Kadastrale aanduiding Eigendomssituatie Oppervlakte onderzoekslocatie (onderzochte deel van de locatie, plangebied) Algemene omschrijving

Bebouwing en bouwjaar (Kadaster BAG) Terreinverharding Ondergrondse infrastructuur Archeologische waarden Geplande herinrichting bijzonderheden: -

mei ’21

Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.), naast nr. 127 Emmen Emmen Zie bijlage 1 X = 261,069 Y= 533,225 Gemeente Emmen perceel sectie F nr. 17328 (ged.) Niet nagegaan. 2.090 m2

De onderzoekslocatie betreft een onbebouwd en onverhard perceel (perceel sectie F nr. 17328 (ged.) gelegen aan de Sint Gerardusstraat naast nr. 127 te Emmen. De opdrachtgever is voornemens om op de locatie de nieuwbouw van een woning te realiseren. De onderzoekslocatie betreft het terreindeel t.p.v. de geplande nieuwbouw (plangebied), zoals weergegeven in bijlage 2. De onderzoekslocatie is onbebouwd, onverhard en heeft een oppervlakte van ca. 2.090 m². Op een deel van de locatie bevinden zich bomen. Het westelijk deel van de onderzoekslocatie betreft een deel van een dierenweide. De onderzoekslocatie is onbebouwd. De onderzoekslocatie is onverhard. Geen informatie, bij grondwerk dient een KLIC-melding gedaan te worden. De locatie heeft op basis van de archeologische waardenkaart (IKAW) de vermelding "onbekend". De nieuwbouw van een woning.

6

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

afbakening onderzoekslocatie Het onderhavige onderzoek, het geografisch besluitvormingsgebied, betreft de onderzochte onderzoekslocatie, zoals weergegeven in bijlage 2. bodemgebruik op basis van topografische kaarten In de onderstaande tabel 3 is de beschikbare informatie weergegeven over het historisch, huidig en toekomstig gebruik van de onderzoekslocatie en de directe omgeving. tabel 3: beschrijving bodemgebruik Omschrijving

Gebruik

Potentieel bodembedreigende activiteiten en situaties

Onderzoekslocatie Historisch (op basis van topografische kaarten, Topotijdreis) Huidig

Op basis van topografische kaarten van voor 1880 tot heden is op de locatie geen bebouwing te herkennen. Het westelijke deel van de locatie was in het verleden tot rond 2016 in gebruik als sportveld.

De onderzoekslocatie betreft een onbebouwd en onverhard perceel (perceel sectie F nr. 17328 (ged.) gelegen aan de Sint Gerardusstraat naast nr. 127 te Emmen. De onderzoekslocatie is onbebouwd, onverhard en heeft een oppervlakte van ca. 2.090 m². Op een deel van de locatie bevinden zich bomen. Het westelijk deel van de onderzoekslocatie betreft een deel van een dierenweide. Toekomstig De opdrachtgever is voornemens om op de locatie de nieuwbouw van een woning te realiseren. De onderzoekslocatie betreft het terreindeel t.p.v. de geplande nieuwbouw (plangebied), zoals weergegeven in bijlage 2. Directe omgeving (<25 m) Historisch (op Op de topografische kaarten van voor 1931 is hier en daar basis van enige bebouwing te herkennen. Deze bebouwing wordt in topografische de loop der jaren steeds verder uitgebreid. kaarten, Topotijdreis) Huidig en Aan de noordzijde grenst de onderzoekslocatie aan de Heer toekomstig Jacobstraat. Aan de oostzijde grenst de locatie aan de Sint Geradusstraat en tegenovergelegen bebouwing. Aan de zuidzijde grenst de locatie aan een naastgelegen woning. Aan de westzijde grenst de locatie aan een naastgelegen bedrijfsterrein. Aan de noordzijde grenst de locatie aan een naastgelegen woning.

mei ’21

Mogelijk gedempte watergang.

Geen.

Geen.

Geen.

Het is op voorhand onbekend of activiteiten in de directe omgeving negatieve invloed hebben (gehad) op de bodemkwaliteit t.p.v. de onderhavige onderzoekslocatie.

7

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

bedrijfsmatige activiteiten, bodembedreigende activiteiten en calamiteiten In tabel 4 staat een overzicht weergegeven van de potentieel bodembedreigende activiteiten en calamiteiten op basis van de beschikbare informatie. tabel 4: overzicht potentieel bodembedreigende activiteiten en calamiteiten Gebruik

De onderzoekslocatie betreft een onbebouwd en onverhard perceel (perceel sectie F nr. 17328 (ged.) gelegen aan de Sint Gerardusstraat naast nr. 127 te Emmen. De opdrachtgever is voornemens om op de locatie de nieuwbouw van een woning te realiseren. De onderzoekslocatie betreft het terreindeel t.p.v. de geplande nieuwbouw (plangebied), zoals weergegeven in bijlage 2. De onderzoekslocatie is onbebouwd, onverhard en heeft een oppervlakte van ca. 2.090 m². Op een deel van de locatie bevinden zich bomen. Het westelijk deel van de onderzoekslocatie betreft een deel van een dierenweide. Voor zover te beoordelen is de onderzoekslocatie in het verleden niet eerder bebouwd geweest. Het westelijke deel van de locatie was in het verleden tot rond 2016 in gebruik als sportveld.

Bouwvergunning Milieuvergunning Handelsregister Aanwezigheid brandstoftanks

Aanwezigheid asbest

Er is geen informatie beschikbaar omtrent evt. (voormalige) potentieel bodembedreigende activiteiten/calamiteiten (verbranding afval, opslag van gevaarlijke stoffen etc.) op de onderzoekslocatie. Ten behoeve van de afgebroken bebouwing zijn bouwvergunningen verleend. Niet bekend. De locatie wordt in het handelsregister van de Kamer van Koophandel niet vermeld. Er is geen informatie omtrent de eventuele aanwezigheid of voormalige aanwezigheid van boven- of ondergrondse brandstoftanks op de onderzoekslocatie, t.p.v. het plangebied. Er bestaat altijd de mogelijkheid dat boven- en ondergrondse brandstoftanks in het verleden geplaatst zijn zonder melding, de aanwezigheid van dergelijke tanks blijkt niet uit de verkregen informatie. Op basis van de asbestdakenkaart van de gemeente Emmen geldt voor de daken in de omgeving dat deze niet verdacht zijn voor aanwezigheid van asbesthoudend materiaal.

figuur 1: inventarisatie asbestdakenkaart Er is geen informatie bekend omtrent de evt. aanwezigheid van asbest in de bodem t.p.v. het plangebied. Er bestaat altijd de mogelijkheid dat asbest (afval/puin) ed. is begraven. Op voorhand is hiervan geen informatie bekend.

mei ’21

8

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

Ophogingen/dempingen/stortingen

Niet gesprongen explosieven

PFAS-verdachtheid

Calamiteiten Verdachte activiteiten < 25 m

Er is geen informatie omtrent evt. met bodemvreemd materiaal gedempte watergangen/ sloten t.p.v. de onderzoekslocatie (binnen het onderzochte terreindeel). Er is geen informatie omtrent evt. opgebrachte gebiedsvreemde grond (ophogingen), verhardingsmateriaal, puinmateriaal en/of afval op de onderzoekslocatie. Geen informatie, in Nederland zijn er niet gesprongen explosieven (NGE) uit de Tweede Wereldoorlog in de grond achtergebleven. De (potentiële) aanwezigheid van niet gesprongen explosieven kan een bedreiging inhouden bij grondroerende werkzaamheden en kan tot vertraging leiden bij planvorming en uitvoering van werkzaamheden. NGE's worden met name aangetroffen ter plaatse van 'strategische doelen' zoals binnensteden, verbindingswegen, spoorwegen, bruggen en havens. De gemeente is op basis van regelgeving verantwoordelijk voor het opsporen en ruimen va niet gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. Voor aanvullende informatie wordt verwezen naar de gemeente. Op of nabij de onderzoekslocatie bevinden zich geen locaties die de bodem verdacht maken voor PFAS en GenX verbindingen als gevolg van puntbronnen. De kans op verontreiniging met PFAS in de grond t.p.v. de onderzoekslocatie t.g.v. puntbronnen wordt gering geacht.

De bovengrond, diepere geroerde bodemlagen en de waterbodem zijn op basis van het Tijdelijk Handelingskader PFAS in heel Nederland verdacht op het diffuus voorkomen van PFAS als gevolg van atmosferische depositie. Verwacht wordt dat de bodem van de onderzoekslocatie diffuus onverdacht is voor PFAS en onverdacht is op GenX. Hoewel PFAS diffuus verspreid in de bodem in Nederland voorkomt, en op veel plaatsen in gehalten boven de detectielimiet wordt aangetroffen, is op basis van het vooronderzoek geen informatie verkregen over de eventuele aanwezigheid van PFAS en GenX op de locatie. Ter plaatse zijn geen bronlocaties bekend. Bij evt. toekomstig grondverzet wordt geadviseerd alsnog onderzoek naar deze parameters uit te voeren. Voor zover bekend hebben op de locatie geen calamiteiten plaatsgevonden waarbij de bodem verontreinigd kan zijn geraakt. Op de locatie Sint Gerardusstraat 139 wordt melding gemaakt van een transportbedrijf met ondergrondse brandstoftank. Het is op voorhand onbekend of activiteiten in de directe omgeving negatieve invloed hebben (gehad) op de bodemkwaliteit t.p.v. de onderhavige onderzoekslocatie.

mei ’21

9

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

voorgaande bodemonderzoeken In tabel 5 is een overzicht van voorgaande bodemonderzoeken en informatie van de bodemkwaliteitskaart weergegeven. tabel 5: overzicht voorgaande bodemonderzoeken en bodemkwaliteitskaart voorgaande bodemonderzoeken Onderzoekslocatie

►Niet bekend. Op Bodemloket.nl wordt op een deel van de locatie (overlap) melding gemaakt van: ►verkennend bodemonderzoek uitbreiding Buter, (ref IDDS, 1405G379/RKO, d.d. 2207-2014) conclusies: ● de bovengrond bevat plaatselijk een verhoogd gehalte PCB’s t.o.v. de achtergrondwaarde ● de ondergrond bevat geen overschrijdingen van de achtergrondwaarde ● het grondwater bevindt zich op >5 m-mv en is niet onderzocht ►Pioniersweg, verkennend bodemonderzoek, 2005 (aanleg regenwaterriool) conclusies: ● de grond is plaatselijk licht tot matig verontreinigd ● de matige verontreiniging is ontgraven

Omgeving <25 m

►Sint Gerardusstraat achter 133, verkennend bodemonderzoek d.d. 22-10-2003, ref. Ecoreest, 030935 conclusies: ● de boven- en ondergrond bevat geen overschrijdingen van de achtergrondwaarde ● het grondwater bevindt zich op >5 m-mv en is niet onderzocht ► Pioniersweg 4 ● historisch onderzoek Register, HO 05012/2622, d.d. 11-08-2005 verkennend bodemonderzoek, 1995 (ref Grondvitaal, 95210, 01-1995) conclusies: ● de boven- en ondergrond bevat een verhoogd gehalte cadmium t.o.v. de streefwaarde verkennend bodemonderzoek, 2000 (ref Fugro, 81000106, 19-04-2000) conclusies: ● de bovengrond bevat een verhoogd gehalte zink t.o.v. de tussenwaarde en een verhoogd gehalte lood, PAK en EOX t.o.v. de streefwaarde ● in de ondergrond zijn geen verontreinigingen gemeten ● het grondwater bevindt zich op >5 m-mv en is niet onderzocht aanvullend bodemonderzoek, 2000 (ref Fugro, 81000106, 19-04-2000) conclusies: ● de bovengrond bevat geen verhoogd gehalten zink t.o.v. de streefwaarde ● de puinlaag bevat verhoogde gehalten zink ● in de ondergrond zijn geen verontreinigingen gemeten nulsituatie bodemonderzoek, 2003 (t.p.v. spuitcabine) conclusies: ● de bovengrond bevat een verhoogd gehalte zink, PAK en minerale olie t.o.v. de streefwaarde ● in de ondergrond zijn geen verontreinigingen gemeten ●het grondwater bevindt zich op >5 m-mv en is niet onderzocht

mei ’21

10

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

verkennend bodemonderzoek, 2008 conclusies: ● de bovengrond bevat een verhoogd gehalte minerale olie en EOX t.o.v. de streefwaarde ● het grondwater bevindt zich op >5 m-mv en is niet onderzocht verkennend bodemonderzoek, 2011 (ref Sigma Bouw & Milieu, 11-M5650, 21-04-2011) conclusies: ● de bovengrond bevat plaatselijk een verhoogd gehalte lood, zink en minerale olie t.o.v. de achtergrondwaarde ● de ondergrond bevat geen overschrijdingen van de achtergrondwaarde verkennend bodemonderzoek uitbreiding Buter, (ref IDDS, 1405G379/RKO, d.d. 22-072014) conclusies: ● de bovengrond bevat plaatselijk een verhoogd gehalte PCB’s t.o.v. de achtergrondwaarde ● de ondergrond bevat geen overschrijdingen van de achtergrondwaarde ● het grondwater bevindt zich op >5 m-mv en is niet onderzocht ►Pioniersweg, verkennend bodemonderzoek, 2005 (aanleg regenwaterriool) conclusies: ● de grond is plaatselijk licht tot matig verontreinigd ● de matige verontreiniging is ontgraven ►Sint Gerardusstraat achter 133, verkennend bodemonderzoek d.d. 22-10-2003, ref. Ecoreest, 030935 conclusies: ● de boven- en ondergrond bevat geen overschrijdingen van de achtergrondwaarde ● het grondwater bevindt zich op >5 m-mv en is niet onderzocht ►Sint Gerardusstraat 139, nulsituatie bodemonderzoek d.d. 05-05-2004, ref.

Van Limborgh, MA/040705/1230572 conclusies: ● de boven- en ondergrond bevat geen overschrijdingen van de achtergrondwaarde ● het grondwater bevat een sterk verhoogd gehalte koper en een licht verhoogd gehalte zink

Vermoeden van (een geval van ernstige) bodemverontreiniging op de locatie of een deel daarvan informatie bodemkwaliteitskaart

mei ’21

►Sint Gerardusstraat 160, verkennend bodemonderzoek d.d. 31-03-2000, ref. Tebodin, 26941 3315001 0 conclusies: De resultaten van het uitgevoerde (historische) bodemonderzoek geven aan dat de (voormalige) activiteiten en/of de onderzoekslocatie voldoende zijn onderzocht in het kader van de Wet bodembescherming. Niet bekend.

De locatie bevindt zich in de zone wonen.

11

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

bodemopbouw, geohydrologie en antropogene beïnvloeding De ondiepe geologie in het onderzoeksgebied is afgeleid van de Grondwaterkaart van Nederland (Dienst grondwaterverkenning TNO/DGGV) en ontleend aan het dinoloket (www.dinoloket.nl). De bovenste laag, de deklaag, heeft een hoogte van ca. 22-25 m+NAP. In tabel 6 staat de geohydrologische opbouw weergegeven. tabel 6: geohydrologische opbouw

diepte m-mv 0-1

1-10

beschrijving

formatie

zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden, fijn en grof zand, weinig kleiig zand en een spoor klei en grind

Boxtel

Peelo

De stromingsrichting van het ondiepe grondwater van het eerste watervoerend is in het kader van dit onderzoek niet vastgesteld. Opgemerkt dient te worden dat de stromingsrichting van het grondwater beïnvloed kan worden door drainagepatroon, ligging van sloten, riolering, kabels, leidingen en funderingen.

(financieel-) juridische situatie In tabel 7 zijn de financieel- juridische aspecten weergegeven. tabel 7: financieel/juridische aspecten kadastrale gegevens opdrachtgever/ belanghebbende rechtspersonen

Gemeente Emmen, perceel sectie F nr. 17328 (ged.) Niet nagegaan.

In het kader van onderhavig bodemonderzoek is behoudens de opgenomen kadastrale gegevens geen nadere financieel juridische informatie verzameld. Het uitvoeren van een daadwerkelijke juridische toets maakt geen deel uit van onderhavig bodemonderzoek.

mei ’21

12

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

2.1

Hypothese en onderzoeksstrategie

Volgens de onderzoeksnorm NEN 5740 dient, m.b.t. de aanwezigheid van eventuele bodemverontreiniging, vooraf een onderzoekshypothese te worden opgesteld. De hypothese kan worden opgesteld op basis van bekende (historische) gegevens, uit de betrokken informatie kan blijken dat de onderzoekslocatie, vooraf, als “verdacht” of “onverdacht” wordt aangemerkt. Op basis van de historische informatie uit het vooronderzoek blijkt dat, voor zover na te gaan, de onderzoekslocatie aan de Sint Gerardusstraat perceel F nr. 17328 (ged.) in het verleden niet eerder bebouwd is geweest. Het westelijke deel van de locatie was in het verleden tot rond 2016 in gebruik als sportveld. Het overige deel van de locatie is onderdeel van een bosschage en tuin geweest. Er is geen informatie beschikbaar omtrent evt. (voormalige) potentieel bodembedreigende activiteiten/calamiteiten (verbranding afval, opslag van gevaarlijke stoffen etc.) op de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie, het beoogde plangebied, is in eerste aanleg als milieuhygiënisch "onverdacht" aangemerkt. Op basis van deze hypothese is het bodemonderzoek t.p.v. de onderzoekslocatie uitgevoerd conform de bijbehorende onderzoeksstrategie, volgens NEN 5740+A1, paragraaf 5.1, strategie voor onverdachte locaties (ONV-NL) (literatuur 1). In tabel 8 is de gehanteerde onderzoeksstrategie weergegeven. tabel 8: gehanteerde onderzoeksstrategie

(deel)locatie NEN-5740+A1 plangebied (ca. 2.090 m2)

mogelijke verontreiniging grond

grondwater

onderzoeksstrategie

-

-

ONV-NL

Op basis van bekende informatie zijn geen gegevens bekend dat op de locatie sprake zou kunnen zijn van een bodemverontreiniging met asbest. Op voorhand is geen concrete informatie bekend waaruit blijkt dat t.p.v. de onderzoekslocatie asbesthoudend materiaal in de bodem aanwezig is. Er is in dit onderzoek vooralsnog geen onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in grond uitgevoerd. Het opgeboorde monstermateriaal op de onderzoekslocatie is in dit onderzoek visueel beoordeeld op de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal. Opgemerkt dient te worden dat asbestanalyses geen deel uitmaken van uitgevoerde analyses in het kader van de NEN-5740+A1. Onderhavig onderzoek betreft geen asbest onderzoek in bodem volgens NEN-5707+C2 of NEN-5897+C2. Er bestaat echter altijd de mogelijkheid dat asbest (afval/puin) ed. in de bodem terecht gekomen is of is begraven. Alleen een verkennend onderzoek asbest in grond volgens NEN-5707+C2 of onderzoek asbest in puin volgens NEN-5897+C2 kan een uitspraak doen over de evt. aanwezigheid van asbest in de bodem. Tevens dient opgemerkt te worden dat aanwezig puinmateriaal en/of (half)verhardingsmaterialen niet chemisch-analytisch zijn onderzocht.

mei ’21

13

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

3

VELDONDERZOEK

In dit hoofdstuk wordt het uitgevoerde veldwerkonderzoeksprogramma beschreven. Daarnaast worden de resultaten van het veldonderzoek weergegeven. 3.1

Uitvoering van het veldonderzoek

Het veldonderzoek is uitgevoerd onder procescertificaat BRL SIKB 2000 en conform de eisen uit het protocol 2001. Het onderzoeksprogramma is ruimtelijk weergegeven in bijlage 2. In deze bijlage zijn alle geplaatste boringen geprojecteerd. In tabel 9 zijn de uitvoeringaspecten opgenomen. tabel 9: uitvoeringsaspecten onderdeel:

uitgevoerd door:

uitvoeren van boringen, het plaatsen van de peilbuis en het nemen van grondmonsters (protocol 2001)

dhr. A.D.M. van Wuykhuyse 06-05-2021 (erkend en geregistreerd) dhr. M.J.A. van Wuykhuyse (erkend en geregistreerd) dhr. D. de Wilde (in opleiding) -

geen bijzonderheden

dhr. A.D.M. van Wuykhuyse 06-05-2021 (erkend en geregistreerd)

geen bijzonderheden

nemen van grondwatermonsters (protocol 2002) locatie-inspectie

datum:

bijzonderheden:

grondwater > 5 m-mv

Bedrijfs- en persoonerkenningen zijn weergegeven op de internetsite van Bodem+ (https://www.bodemplus.nl/aanvragen/erkenningen/zoekmenu). Een onafhankelijkheidsverklaring is opgenomen in bijlage 5. Alle geplaatste boringen zijn zodanig ruimtelijk verspreid over de onderzoekslocatie dat een zo representatief mogelijke indruk van de onderzoekslocatie wordt verkregen. De positionering van alle boringen is weergegeven in bijlage 2. Het veldwerkprogramma staat weergegeven in tabel 10. tabel 10: veldwerkprogramma Onderdeel

Aantal

Diepte (m-mv)

Nummers

9

0.5

4 t/m 2

3

2.0

1 t/m 3

Onderzoekslocatie (ca. 2.090 m2) Boringen

Op basis van voorgaande bodemonderzoeken direct naast het onderzoeksgebied is bekend dat tot op een diepte van 5 m-mv geen freatisch grondwater wordt aangetroffen. Conform NEN-5740 kan onderzoek indien het freatisch grondwater zich dieper 5 m-mv bevindt buiten beschouwing blijven. Onderzoek van het grondwater is in dit onderzoek buiten beschouwing gelaten. monstername grond Het vrijkomende bodemmateriaal is zintuiglijk beoordeeld op bodemkundige eigenschappen, o.a. de korrelgrootteverdeling (textuur), kleur en eventueel aanwezige verontreinigingskenmerken. Na de zintuiglijke beoordeling is het bodemmateriaal in trajecten van 0,5 meter of per afwijkende bodemlaag bemonsterd. Grondmonsters t.b.v. analyse op vluchtige aromaten zijn m.b.v. een steekbus bemonsterd. Grondmonsters zijn genomen conform de eisen uit het protocol 2001.

mei ’21

14

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

3.2

Resultaten van het veldonderzoek

bodemopbouw De boorprofielbeschrijvingen van alle verrichte boringen met bijbehorende zintuiglijke waarnemingen zijn grafisch uitgewerkt en opgenomen in bijlage 3. In tabel 11 is op basis van de waarnemingen de lokale bodemopbouw beschreven. tabel 11: lokale bodemopbouw bodemlaag m-mv 0.0-0.6 0.6-1.5 1.5-2.0

hoofdbestanddeel

toevoeging

kleur

zand leem zand

zwak siltig zwak zandig sterk siltig, plaatselijk zwak zandige leemlagen

bruin / beige oranje / bruin / grijs geel / oranje

zintuiglijke waarnemingen grond Het bij de boringen vrijkomende bodemmateriaal is zintuiglijk beoordeeld op eventuele afwijkingen. De zintuiglijke waarnemingen zijn omschreven en grafisch weergegeven in bijlage 3. Op basis van zintuiglijke waarnemingen zijn in het opgeboorde monstermateriaal geen bodemvreemde afwijkingen waargenomen welke duiden op een vorm van bodemverontreiniging. grondwater Het grondwater t.p.v. het onderzoeksgebied bevindt zich op een diepte van meer dan 5 m-mv en is derhalve conform NEN-5740 niet onderzocht.

mei ’21

15

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

asbest Tijdens de locatie-inspectie is aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbest op het maaiveld, hierbij is op het maaiveld geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Het opgeboorde monstermateriaal (grond) is zintuiglijk beoordeeld op de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal. Op basis van zintuiglijke waarnemingen van het opgeboorde monstermateriaal is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen (indicatieve waarneming). Hierbij wordt opgemerkt dat in dit onderzoek handboringen zijn uitgevoerd met een 5 cm edelman boor de trefkans op het aantreffen van asbesthoudend materiaal (t.g.v. verdringing van materiaal) is kleiner dan bij het graven van inspectiegaten volgens NEN-5707+C2. Bij het graven van proefgaten of proefsleuven ontstaat een beter beeld van eventueel aanwezig bodemvreemd materiaal. Met nadruk wordt vermeld dat onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in de bodem/puin geen onderdeel uitmaakt van het onderhavige onderzoek dat volgens NEN-5740+A1 is uitgevoerd. Het onderhavige onderzoek kan daarom geen uitspraak doen over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem op de onderhavige locatie. Opgemerkt dient te worden dat geen asbestanalyses van grond en/of puin e.d. hebben plaatsgevonden. Asbestanalyses maken geen deel uit van verkennend bodemonderzoek in het kader van de NEN-5740+A1.

Tevens wordt opgemerkt dat de zintuiglijke beoordeling op asbest en de locatie-inspectie niet opgevat dient te worden als een onderzoek uitgevoerd op basis van NEN-5707+C2 (asbestonderzoek in grond) en/of NEN-5897+C2 (monsterneming en analyse van asbest in onbewerkt bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat). Alleen een asbestonderzoek volgens NEN-5707+C2 / NEN-5897+C2 geeft meer zekerheid over de aanwezigheid van asbest in de bodem resp. puin. De chemische samenstelling van eventueel aanwezig verhardingsmateriaal is niet in dit onderzoek onderzocht.

mei ’21

16

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

4

CHEMISCH-ANALYTISCH ONDERZOEK

In dit hoofdstuk worden de uitvoering, het toetsingskader en de resultaten van de chemische analyses besproken. Vervolgens worden de resultaten van het chemisch-analytisch onderzoek geïnterpreteerd Het chemisch onderzoek van grond is uitgevoerd door het NEN-EN-ISO 17025 geaccrediteerde milieulaboratorium van Omegam. Alle analyses zijn geanalyseerd volgens het accreditatieschema AS3000 “laboratoriumanalyses voor milieuhygiënisch bodemonderzoek”, waarvoor Omegam is geaccrediteerd en erkend door het ministerie van I&W. De conservering van grond- en grondwatermonsters is uitgevoerd conform SIKB protocol 3001 “conserveringsmethoden en conserveringstermijnen voor milieumonsters”. 4.1

Onderzoeksprogramma chemisch-analytisch onderzoek

grond Teneinde in het kader van het verkennend bodemonderzoek een indruk te krijgen van de algemene kwaliteit van de grond zijn de grondmonsters, welke tijdens het veldonderzoek zijn genomen, in het laboratorium met elkaar gemengd tot grondmengmonsters. In onderstaande tabel 13 wordt de samenstelling van de grondmengmonsters, de monsternamediepte en de uitgevoerde analyses weergegeven. tabel 13: analyseschema Monstercode

boringnummer(s)

diepte (m-mv)

zintuiglijke waarnemingen

analysepakket

MM1

1+2+9 t/m 12

0.0-0.5

-

NEN-grond(*)+AS3000

MM2

3 t/m 8

0.0-0.5

-

NEN-grond(*)+AS3000

MM3

1+2+3

0.6-2.0

-

NEN-grond(*)+AS3000

grond

verklaring van de gebruikte afkortingen en codes:(1) * NEN-grond = Standaard Pakket Grond omvat AS3000 voorbehandeling, 9 zware metalen, PAK (10-VROM), minerale olie (GC), PBC’s, droge stof, organische stof en lutum; Zware metalen = barium (Ba)/cadmium (Cd)/Cobalt(Co)/koper (Cu)/lood (Pb)/nikkel (Ni)/zink (Zn)/Molybdeen (Mo)/kwik(Hg); PCB = Polychloorbifenylen; PAK = Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen; VOH = Vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen.

mei ’21

17

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

4.2

Toetsingscriteria

Om de kwaliteit van de bodem en de mate van verontreiniging te kunnen beoordelen, zijn de analyseresultaten van grondmonsters getoetst aan de geldende toetsingswaarden; 1) de achtergrondwaarde (AW-2000) zoals opgenomen in bijlage B van “de Regeling Bodemkwaliteit” 2) de interventiewaarde zoals opgenomen in tabel 1 van “de Circulaire Bodemsanering”, De toetsing van de meetresultaten is uitgevoerd middels BoToVa, de Bodem Toets Validatie Service van de overheid voor grond, grondwater en waterbodem, waarbij de toetsmodules T12 en T13 zijn gehanteerd. BoTova gaat uit van het wettelijk kader dat per 1 juli 2013 van kracht is. In de BoToVa toetsing worden de meetwaarden gecorrigeerd/teruggerekend voor de “standaard bodem” (humus=10% en lutum=25%). Generiek toetsingskader Voor de beoordeling van de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters wordt gebruik gemaakt van de achtergrondwaarden grond zoals opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit, de streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering. Achtergrondwaarde (AW-2000): De achtergrondwaarde (AW-2000) geeft de kwaliteit weer die 'van nature' voorkomt in de bodem van natuur- en landbouwgronden waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen.

De achtergrondwaarden zijn opgenomen in het Besluit Bodemkwaliteit en zijn gebaseerd op het onderzoek ‘Achtergrondwaarden 2000’. Hierin zijn gehalten vastgesteld van een groot aantal stoffen in bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland. De achtergrondwaarde (AW-2000) geeft het niveau aan waarbij sprake is van duurzame bodemkwaliteit. Bij overschrijding van de achtergrondwaarde is er sprake van bodemverontreiniging. Tussenwaarde/bodemindex-waarde >0,5: De gemiddelde waarde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde (S+I)/2, hierna te noemen 'tussenwaarde'(T), wordt gehanteerd om aan te geven dat bij overschrijding de kans aanwezig is dat er sprake is van een ernstige verontreiniging, ofwel dat nader onderzoek noodzakelijk is. De tussenwaarde heeft geen wettelijke status maar is een indicatieniveau voor het uitvoeren van aanvullend onderzoek. De tussenwaarde geeft het concentratieniveau aan waarboven onder bepaalde omstandigheden risico’s voor mens en milieu aan de orde kunnen zijn. De tussenwaarde is zodoende een indicatiewaarde voor nader onderzoek. Bij overschrijding van de T-waarde of bodemindex waarde (>0,5) dient aanvullend/nader bodemonderzoek in overweging genomen te worden. Een nader onderzoek wordt uitgevoerd indien er een vermoeden bestaat dat er sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging.

Interventiewaarde: De interventiewaarde (I) geeft aan dat bij overschrijding van deze waarde de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant en dier ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. Is er sprake van een ernstige bodemverontreiniging en wordt de interventiewaarde in meer dan 25 m3 grond of 100 m3 grondwater (bodemvolume) overschreden, dan kan er noodzaak zijn tot sanering. De saneringsurgentie wordt bepaald door blootstellingsrisico's van mens, dier en plant en de verspreidingsrisico's van de betreffende stoffen (actuele risico’s). De interventiewaarden zijn gebaseerd op de risico's voor de volksgezondheid en het milieu (onderzoek RIVM). Bij de beoordeling van bodemverontreiniging aan de hand van de genoemde toetsingswaarden spelen nog een aantal aspecten een rol. Rekening dient te worden gehouden met het feit dat de mobiliteit van stoffen in de bodem en daardoor de verspreiding van stoffen afhankelijk is van diverse bodemkenmerken. Daarnaast speelt de bestemming en het gebruik van de locatie in de huidige situatie alsmede de toekomstige situatie, een grote rol bij de beoordeling van de risico's voor het milieu.

mei ’21

18

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

4.3

Analyseresultaten en interpretatie

In deze paragraaf zijn de resultaten van de chemische analyses van de grond- en grondwatermonsters, gerelateerd aan toetsingswaarden, weergegeven in tabelvorm. Na elke tabel worden de onderzoeksresultaten besproken. In bijlage 4 zijn van alle uitgevoerde analyses de analysecertificaten van Omegam opgenomen. 4.3.1

Milieuhygiënische kwaliteit grond

boven- en ondergrond (0.0-2.0 m-mv) In tabel 14 wordt een volledig overzicht weergegeven van de analyseresultaten getoetst aan de toetsingswaarde. tabel 14: gemeten gehaltes (mg/kg d.s.) in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Project OPID 26921770#21-M9873-St Gerardusstraat perceel sectie F 17328 (ged.) te Emmen Certificaten 1187436 Toetsing T.12 - Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb Toetsversie BoToVa 3-1-2000 Toetsdatum: 21 mei 2021 13:46 Parameters

Toetsing

Analyse Eenheid Lutum/Humus Organische stof % (m/m ds) Lutum % (m/m ds) Droogrest droge stof % Metalen ICP-AES barium (Ba) mg/kg ds cadmium (Cd) mg/kg ds kobalt (Co) mg/kg ds koper (Cu) mg/kg ds kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds lood (Pb) mg/kg ds molybdeen (Mo) mg/kg ds nikkel (Ni) mg/kg ds zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie minerale olie (florisil clean-up) mg/kg ds Polycyclische koolwaterstoffen naftaleen mg/kg ds fenantreen mg/kg ds anthraceen mg/kg ds fluoranteen mg/kg ds benzo(a)antraceen mg/kg ds chryseen mg/kg ds benzo(k)fluoranteen mg/kg ds benzo(a)pyreen mg/kg ds benzo(ghi)peryleen mg/kg ds indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds Sommaties som PAK (10) mg/kg ds Polychloorbifenylen PCB - 28 mg/kg ds PCB - 52 mg/kg ds PCB - 101 mg/kg ds PCB - 118 mg/kg ds PCB - 138 mg/kg ds PCB - 153 mg/kg ds PCB - 180 mg/kg ds Sommaties som PCBs (7) mg/kg ds

AW

Legenda @ x AW(WO) N.B.

T

I

Monster 6727467 Monster 6727468 Monster 6727469 MM1, 01: 0-40, 02: 0-50, 09: 0-50, 10: 0-50, 11: 0-50, 12:MM2, 0-50 03: 0-35, 04: 0-50, 05: 0-50, 06: 0-50, 07: 0-50, 08:MM3, 0-30 01: 60-100, 01: 100-150, 02: 110-150, 02: 150-200, 03: 150-200 Max. Bodemindex 0 Max. Bodemindex 0,025 Max. Bodemindex 0,004 Toetsoordeel Voldoet aan Achtergrondwaarde Toetsoordeel Voldoet aan Achtergrondwaarde Toetsoordeel Voldoet aan Achtergrondwaarde Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index 3,8 1

10 25

89,3

89,3

0 0

5,9 1

10 25

@

0

86,2

86,2

@

0 0

0,8 14,8

10 25

0

86,2

86,2

@

0

0 0

190 0,6 15 40 0,15 50 1,5 35 140

555 6,8 102,5 115 18,075 290 95,75 67,5 430

920 13 190 190 36 530 190 100 720

23 < 0.2 <3 9,5 0,1 23 < 1.5 12 24

89 < 0.22 < 7.4 19 0,14 35 < 1.0 35 54

@ -

0 0 0 0 0 0 0 0 0

30 < 0.2 <3 18 0,15 42 < 1.5 4 21

120 < 0.20 < 7.4 33 0,21 62 < 1.0 12 45

@ 0 0 0 0 1.4 AW(WO) 0,002 1.2 AW(WO) 0,025 0 0 0

43 < 0.2 3,8 9 < 0.05 < 10 < 1.5 12 24

64 < 0.20 5,6 13 < 0.04 <9 < 1.0 17 34

@ -

0 0 0 0 0 0 0 0 0

190

2595

5000

50

130

-

0

48

81

-

0

< 35

< 120

-

0

< 0.05 0,077 < 0.05 0,083 < 0.05 0,074 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05

< 0.035 0,077 < 0.035 0,083 < 0.035 0,074 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

< 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05

< 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

< 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05

< 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035

0,48

0,48

0

0,35

< 0.35

0

0,35

< 0.35

< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 0,0014 0,0012 < 0.001

< 0.0018 < 0.0018 < 0.0018 < 0.0018 0,0037 0,0032 < 0.0018

0 0 0 0 0 0 0

< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 0,0024 0,0019 0,0015

< 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 0,0041 0,0032 0,0025

0 0 0 0 0 0 0

< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001

< 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035

0,006

0,016

0

0,009

0,015

0

0,005

< 0.024

1,5

0,02

20,75

0,51

40

1

-

-

-

-

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 -

0 0 0 0 0 0 0 0

-

0,004

Geen toetsoordeel mogelijk x maal Achtergrondwaarde (Wonen) <= Achtergrondwaarde De vermelde tussenwaarde is door MijnLab berekend en is niet afkomstig uit BoToVa

mei ’21

19

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

interpretatie onderzoeksresultaten grond In tabel 15 staat een samenvatting weergegeven van de toetsresultaten van de onderzochte mengmonsters. tabel 15: samenvatting toetsresultaten per mengmonster Mengmonster MM1

Diepte 0.0-0.5

Zintuiglijk -

>AW -

>T -

>I -

Indicatieve toetsing Bbk* Achtergrondwaarde*

MM2

Boringen 1+2+ 9 t/m 12 3 t/m 8

0.0-0.5

-

kwik, lood

-

-

Wonen*

MM3

1+2+3

0.6-2.0

-

-

-

-

Achtergrondwaarde*

Legenda >AW

overschrijding achtergrondwaarde (bodemindex =<0,5)

>T >I

overschrijding tussenwaarde (criteria voor nader onderzoek, bodemindex >0,5) overschrijding interventiewaarde (bodemindex >1)

Bbk

besluit bodemkwaliteit

*= beoordeling is excl. onderzoek naar PFAS-verbindingen, onderzoek naar deze verbindingen is vanaf 8 juli 2019 verplicht bij beoordeling van hergebruiksmogelijkheden van de grond

bovengrond (0.0-0.5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM1 bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. Bovengrondmengmonster MM2 bevat een verhoogd gehalte kwik en lood (zware metalen) t.o.v. de achtergrondwaarde. Het verhoogd gemeten gehalte kwik en lood (zware metalen) in het bovengrondmengmonster MM2 is op basis van zintuiglijke waarnemingen niet eenduidig te relateren. In gebieden welke reeds langere tijd door de mens in gebruik zijn (o.a. langdurige bewoning of menselijk gebruik) worden vaker verhoogde gehalten aan o.a. zware metalen, PAK’s en /of minerale olie in de grond gemeten. In algemene zin wordt opgemerkt dat antropogene beïnvloeding van een locatie in de meeste gevallen een negatief effect heeft op de kwaliteit van de bodem. Zware metalen bezitten veelal een geringe mobiliteit in de bodem en hechten zich met name aan slib en kleideeltjes. Zware metalen komen van nature in bepaalde concentraties in de bodem voor. Deze concentraties kunnen verhoogd voorkomen in het stedelijk milieu. De afgifte vindt onder andere plaats door dakpannen, dakgoten, kabels en leidingen, verkeer en afval. Ook depositie van zware metalen op de bodem door industriële activiteiten is een mogelijke oorzaak van verhoogde concentraties. ondergrond (0.6-2.0 m-mv) Ondergrondmengmonster MM3 bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v.

de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde.

Opmerking: Wanneer het gehalte van een parameter beneden de rapportagegrens van AS3000 ligt mag er, conform de Wijziging Regeling Bodemkwaliteit (Stc. 122, 27 juni 2008), voor de betreffende parameter vanuit worden gegaan dat deze voldoet aan de achtergrondwaarde (AW2000). Op basis van de circulaire bodemsanering 2009 zijn de toetsingswaarden voor barium (zware metalen) tijdelijk ingetrokken. Indien er op een locatie sprake is van een antropogene bron kan het gemeten gehalte barium indicatief worden getoetst aan de voormalige interventiewaarde.

mei ’21

20

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

5

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

Naar aanleiding van de resultaten van het verkennend milieukundig bodemonderzoek worden de volgende conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan. zintuiglijke waarnemingen Op basis van zintuiglijke waarnemingen zijn in het opgeboorde bodemmateriaal geen bodemvreemde afwijkingen of asbestverdacht materiaal waargenomen (indicatieve waarneming). Een samenvatting van de toetsingsresultaten staat weergegeven in tabel 16. tabel 16: samenvatting toetsresultaten per mengmonster Mengmonster MM1

Diepte 0.0-0.5

Zintuiglijk -

>AW -

>T -

>I -

Indicatieve toetsing Bbk* Achtergrondwaarde*

MM2

Boringen 1+2+ 9 t/m 12 3 t/m 8

0.0-0.5

-

kwik, lood

-

-

Wonen*

MM3

1+2+3

0.6-2.0

-

-

-

-

Achtergrondwaarde*

Legenda >AW

overschrijding achtergrondwaarde (bodemindex =<0,5)

>T >I

overschrijding tussenwaarde (criteria voor nader onderzoek, bodemindex >0,5) overschrijding interventiewaarde (bodemindex >1)

Bbk

besluit bodemkwaliteit

*= beoordeling is excl. onderzoek naar PFAS-verbindingen, onderzoek naar deze verbindingen is vanaf 8 juli 2019 verplicht bij beoordeling van hergebruiksmogelijkheden van de grond grond

bovengrond (0.0-0.5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM1 bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. Bovengrondmengmonster MM2 bevat een verhoogd gehalte kwik en lood (zware metalen) t.o.v. de achtergrondwaarde, de tussenwaarde (indicatie voor nader onderzoek) en de bodemindex-waarde (>0.5) wordt in dit geval niet overschreden zodat er uit milieuhygiënische overweging, naar onze mening, geen directe aanleiding bestaat tot het instellen van aanvullend onderzoek. ondergrond (0.6-2.0 m-mv) Ondergrondmengmonster MM3 bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. grondwater Het grondwater t.p.v. het onderzoeksgebied bevindt zich op een diepte van meer dan 5 m-mv en is derhalve conform NEN-5740 niet onderzocht.

mei ’21

21

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

toetsing hypothese Op basis van de vooraf gestelde hypothese is de onderzoekslocatie in eerste aanleg als milieuhygiënisch onverdacht aangemerkt. Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek blijkt dat de locatie niet geheel vrij is van bodemverontreiniging. De bovengrond ter plaatse van de onderzoekslocatie plaatselijk enkele stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde. De verhoogd gemeten chemische verontreinigingen in de grond overschrijden de tussenwaarde/ bodemindex waarde (>0.5) niet en geven daardoor geen formele aanleiding tot het instellen van een nader onderzoek. De onderzoeksresultaten stemmen niet geheel overeen met de gestelde hypothese, de vooraf gestelde hypothese “onverdacht” dient formeel verworpen te worden. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat er beïnvloeding van de bodemkwaliteit heeft plaatsgevonden. Opgemerkt wordt dat de conclusies betrekking hebben op de chemische gesteldheid van de bodem (excl. asbest). Een asbestonderzoek in grond of puin conform de NEN 5707+C2 resp. NEN 5897+C2 maakt geen onderdeel uit van de scope van onderhavig onderzoek. Op basis van dit onderzoek dat volgens NEN-5740-A1 is uitgevoerd kan geen uitspraak worden gedaan omtrent de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal in de bodem of puin.

Indien een formele uitspraak over het voorkomen van asbest in de bodem gewenst is dient een asbestonderzoek uit gevoerd te worden conform de NEN 5707+C2 of NEN 5897+C2. afwijkingen t.o.v. de normen en werkzaamheden Er hebben bij de uitvoering van veldwerkzaamheden geen andere plaatsgevonden t.o.v. het geldende protocol 2001. Er hebben bij de uitvoering van analysewerkzaamheden geen afwijkingen plaatsgevonden t.o.v. de geldende protocollen AS3000 en/of overige geldende analysemethoden.

mei ’21

22

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

Aanbevelingen Indien de grond ontgraven gaat worden, bijvoorbeeld ten behoeve van bouwwerkzaamheden, is het Besluit Bodemkwaliteit van toepassing. Middels het Besluit is het mogelijk om door het lokaal bevoegd gezag lokale maximale bodemgebruikswaarden vast te stellen, of om deze bodemgebruikswaarden te conformeren aan de maximale waarden uit het (landelijke) generieke model. Indien grond van het eigen terrein moet worden afgevoerd zal deze verwerkt dienen te worden conform de eisen van het Besluit Bodemkwaliteit. De mogelijkheden hiertoe kunnen worden vastgesteld na overleg met de betrokken overheidsinstanties. Volledige duidelijkheid omtrent de bodemkwaliteitsklasse van vrijkomende grond wordt pas verkregen op basis van een partijkeuring conform het Besluit Bodemkwaliteit. Opgemerkt dient te worden dat de vertaalslag van verkennend bodemonderzoek naar hergebruik van grond volgens het Besluit Bodemkwaliteit, veelal, niet mogelijk is. In de meeste gevallen zijn aanvullende gegevens noodzakelijk, het bevoegd gezag (de gemeente waarin de grond wordt toegepast) kan hier uitsluitsel over geven. Op 8 juli 2019 heeft het Ministerie van Infrastructuur en Milieu een tijdelijk handelingskader vastgesteld voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie. Vanaf 8 juli 2019 is het verplicht om onderzoek naar de stofgroep PFAS uit te voeren bij o.a.

partijkeuringen in het kader van afvoer van grond. In dit verkennend bodemonderzoek is geen onderzoek uitgevoerd naar PFAS stoffen in de bodem. De in dit onderzoek opgenomen indicatieve toetsing aan het Besluit Bodemkwaliteit is excl. onderzoek naar PFAS-stoffen, onderzoek naar deze verbindingen is bij definitieve beoordeling van evt. hergebruiksmogelijkheden van evt. af te voeren grond alsnog nodig. Indien het noodzakelijk is dat er grond afgevoerd moet worden van de locatie zal er een melding grondverzet gedaan moeten worden via het landelijk meldpunt: www.meldpuntbodemkwaliteit.nl. Opgemerkt wordt dat evt. afvoer van grond met de bodemkwaliteitsklasse “wonen”, “industrie” en “niet toepasbare grond” meer kosten met zich meebrengt dan de afvoer van schone grond “achtergrondwaarde”. Wanneer grond binnen het plangebied wordt ontgraven dient voorkomen te worden dat grond met een verschillende/afwijkende milieuhygiënische kwaliteit met elkaar wordt vermengd. Mocht grondwater onttrokken worden t.b.v. bemaling, dient bekeken te worden in hoeverre de grondwaterkwaliteit de lozingsnormen overschrijdt.

mei ’21

23

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen

Algemeen/opmerkingen/betrouwbaarheid/uitsluitingen Het onderhavige onderzoek heeft betrekking gehad de locatie gelegen aan Sint Gerardusstraat perceel sectie F nr. 17328 (ged.) te Emmen (zie bijlage 2). Op basis van het onderhavige onderzoek kan alleen een uitspraak worden gedaan omtrent de bodemkwaliteit van het onderzochte terreindeel, zie bijlage 2. Op basis van het onderhavige onderzoek kan geen uitspraak worden gedaan: omtrent de bodemkwaliteit van niet onderzochte terreindelen, de bodemkwaliteit van niet bekende verdachte terreindelen, de milieuhygiënische kwaliteit van het (diepere) grondwater etc. Daarnaast kan op basis van dit onderzoek geen uitspraak worden gedaan omtrent de eventuele aanwezigheid van asbest in de bodem/puin. Indien echter een formele uitspraak over het voorkomen van asbest in de bodem gewenst is dient een asbestonderzoek uit gevoerd te worden conform de NEN 5707+C2 of NEN 5897+C2. Alleen een asbestonderzoek volgens NEN-5707+C2 / NEN5897+C2 geeft meer zekerheid over de aanwezigheid van asbest in de bodem resp. puin. In algemene zin wordt opgemerkt dat bij analyse van mengmonsters de gehalten in de individuele deelmonsters van een mengmonster zowel hoger als lager kunnen zijn dan de aangetoonde gehalten in het betreffende mengmonster.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=b6f358f3-4667-483b-859a-e381ac344b84