Achtergrondrapport Plan-milieueffetrapportage Omgevingsvisie Emmen 2040
Tekst van het document
PlanMER Omgevingsvisie gemeente Emmen Achtergrondrapport effectbeoordeling
Gemeente Emmen 19 september 2025
Project Opdrachtgever
Document Status Datum Referentie
Projectcode Projectleider Projectdirecteur
Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door
PlanMER Omgevingsvisie gemeente Emmen Gemeente Emmen
Achtergrondrapport effectbeoordeling Definitief 19 september 2025 145326/25-014.619
145326 Drs. M.J. Schilt A.M. Springer Rouwette MSc
E. Nijssen MSc Drs. M.J. Schilt Drs. M.J. Schilt
Paraaf
Adres
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Hoogoorddreef 15 Postbus 12205 1100 AE Amsterdam +31 (0)20 312 55 55 www.witteveenbos.com KvK 38020751
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos, noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Tekst- en datamining van (delen van) dit document, evenals enige verwerking of reproductie ervan door middel van kunstmatige intelligentie technologieën is uitdrukkelijk niet toegestaan, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Dit document (of delen ervan) mag niet worden verveelvoudigd en/of anderszins worden gebruikt op enigerlei wijze voor het trainen van kunstmatige intelligentie technologieën, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING
7
1.1
Introductie
7
1.2
Dit achtergrondrapport
7
2
SUBTHEMA LANDSCHAP
16
2.1
Introductie subthema landschap
16
2.2
Aspect landschap
16
2.2.1
17
Criterium landschapstypen en kernkarakteristieken
2.3
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
20
2.4
Effectbeoordeling alternatieven
21
2.4.1 2.4.2 2.4.3 2.4.4
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
21 24 25 27
3
SUBTHEMA CULTUURHISTORIE / ERFGOED
28
3.1
Introductie subthema cultuurhistorie/erfgoed
28
3.2
Aspect cultuurhistorie en erfgoed
28
3.2.1
30
3.3
Criterium huidige situatie monumenten en hun karakteristieke elementen
Aspect archeologie
31
3.3.1
Criterium Archeologische monumenten
32
3.4
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
34
3.5
Effectbeoordeling alternatieven
34
3.5.1 3.5.2 3.5.3 3.5.4
35 35 36 37
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
4
SUBTHEMA KLIMAAT
38
4.1
Introductie subthema klimaat
38
4.2
Aspect wateroverlast
38
4.2.1 4.2.2 4.3
4.4
Criterium waterbergend en spons vermogen Criterium overlast door hoge grondwaterstanden
38 39
Aspect droogte
40
4.3.1 4.3.2
41 42
Criterium zoetwaterbeschikbaarheid Criterium lage grondwaterstanden door ontwatering
Aspect hittestress
43
4.4.1
43
Criterium stedelijk hitte eiland
4.5
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
43
4.6
Effectbeoordeling alternatieven
44
4.6.1 4.6.2 4.6.3 4.6.4
44 50 53 58
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
5
SUBTHEMA VEILIGHEID
59
5.1
Introductie subthema veiligheid
59
5.2
Aspect sociale veiligheid
59
5.2.1
59
5.3
5.4
Criterium aantal geregistreerde misdrijven/jaar
Aspect verkeersveiligheid
61
5.3.1 5.3.2
61 62
Criterium aantal ongevallen met een dodelijke afloop/jaar Criterium aantal ongevallen met letsel tot gevolg/jaar
Aspect omgevingsveiligheid
63
5.4.1
64
Aantal kwetsbare gebouwen binnen aandachtsgebieden
5.5
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
66
5.6
Effectbeoordeling alternatieven
66
5.6.1 5.6.2 5.6.3 5.6.4
66 71 74 78
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
6
SUBTHEMA WONEN
79
6.1
Introductie subthema wonen
79
6.2
Aspect woningtekort
79
6.2.1
79
6.3
6.4
6.5
Criterium woningcapaciteit ten opzichte van woningbehoefte
Aspect woongenot
81
6.3.1
82
Criterium tevredenheid met woning en woonomgeving
Aspect voorzieningen
83
6.4.1
83
Criterium beschikbaarheid voorzieningen (dorpsniveau)
Aspect leefstijl
87
6.5.1 6.6
Criterium gezondheidsfactoren (beweegt voldoende, overgewicht, eenzaamheid)
87
Aspect levensverwachting
88
6.6.1
89
Criterium het aantal jaren vanaf geboorte naar verwachting
6.7
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
90
6.8
Effectbeoordeling alternatieven
91
6.8.1 6.8.2 6.8.3 6.8.4
91 97 102 107
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
7
SUBTHEMA WELZIJN
109
7.1
Introductie subthema welzijn
109
7.2
Aspect sociale samenhang
109
7.2.1
109
Criterium sociale samenhang score
7.3
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
111
7.4
Effectbeoordeling alternatieven
111
7.4.1 7.4.2 7.4.3 7.4.4
111 112 113 114
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
8
SUBTHEMA MOBILITEIT
115
8.1
Introductie subthema Mobiliteit
115
8.2
Aspect modal split
115
8.2.1
115
8.3
8.4
8.5
Criterium gemiddeld aandeel reizigerskilometers/vervoerswijze/persoon/dag
Aspect bereikbaarheid en toegankelijkheid auto
116
8.3.1
116
Criterium vervoersbewegingen auto
Aspect bereikbaarheid OV
117
8.4.1
117
Criterium afstand tot OV-halte
Aspect bereikbaarheid fiets
118
8.5.1
118
Criterium omrijdfactor fiets
8.6
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
119
8.7
Effectbeoordeling alternatieven
119
8.7.1 8.7.2 8.7.3 8.7.4
120 125 129 133
9
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
SUBTHEMA NATUUR
134
9.1
Introductie subthema natuur
134
9.2
Aspect biodiversiteit
135
9.2.1 9.2.2
135
9.3
Criterium soortendiversiteit, soorten verspreiding en populatie omvang Criterium aanwezigheid natuurlijke landschapselementen, inclusief groenblauwe dooradering
136
Aspect beschermde natuurgebieden (provinciaal beschermde natuurgebieden en Natura 2000)
138
9.3.1
138
Criterium areaal en kwaliteit beschermde natuurgebieden
9.4
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
142
9.5
Effectbeoordeling alternatieven
142
9.5.1 9.5.2 9.5.3 9.5.4
142 147 150 153
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
10
SUBTHEMA BODEM
154
10.1
Introductie subthema bodem
154
10.2
Aspect bodemdaling
154
10.2.1
154
10.3
Criterium bodemdaling (mm/jaar)
Aspect bodemkwaliteit
155
10.3.1
156
Criterium aantal en omvang bodemverontreinigingen
10.4
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
158
10.5
Effectbeoordeling alternatieven
158
10.5.1 10.5.2 10.5.3 10.5.4
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
158 160 161 163
11
SUBTHEMA MILIEU EN GEZONDHEIDSBESCHERMING
164
11.1
Introductie subthema Milieu en Gezondheidsbescherming
164
11.2
Aspect luchtkwaliteit
164
11.2.1
164
11.3
11.4
Aspect geluid
167
11.3.1
167
11.6
Criterium geluid alle bronnen (Lcum)
Aspect geurhinder 11.4.1
11.5
Criterium jaargemiddelde concentraties fijnstof en stikstofdioxide
Criterium geurgevoelige objecten binnen een slecht leefklimaat op basis van geur
169 169
Aspect lichtvervuiling
170
11.5.1
170
Criterium opgaand licht
Aspect zeer zorgwekkende stoffen
172
11.6.1
Criterium zeer zorgwekkende stoffen
172
11.7
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
173
11.8
Effectbeoordeling alternatieven
174
11.8.1 11.8.2 11.8.3 11.8.4
174 178 182 186
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
12
SUBTHEMA ENERGIE
187
12.1
Introductie subthema energie
187
12.2
Aspect energieverbruik
187
12.2.1
187
12.3
Criterium energieverbruik [TJ/jaar]
Aspect aandeel hernieuwbare energie
188
12.3.1
189
Criterium aandeel hernieuwbare energie in totale energievoorziening [%]
12.4
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
191
12.5
Effectbeoordeling alternatieven
191
12.5.1 12.5.2 12.5.3 12.5.4
191 193 196 197
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
13
SUBTHEMA ARBEID EN INKOMEN
198
13.1
Introductie subthema arbeid en inkomen
198
13.2
Aspect inkomen
198
13.2.1
198
13.3
13.4
13.5
Criterium besteedbaar inkomen per inwoner
Aspect werkgelegenheid en werkloosheid
200
13.3.1
200
Criterium werkloosheidspercentage
Aspect vestigingsklimaat
200
13.4.1 13.4.2
201 202
Criterium aantal deelnemers hoger beroepsonderwijs Criterium aandeel innovatieve hightech bedrijven
Aspect woon-werk afstand
203
13.5.1
204
Criterium reistijd van en naar werk of studie
13.6
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
204
13.7
Effectbeoordeling alternatieven
205
13.7.1 13.7.2 13.7.3 13.7.4
205 209 214 217
14
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
SUBTHEMA AGRARISCHE SECTOR
218
14.1
Introductie subthema agrarische sector
218
14.2
Aspect beschikbare landbouwgrond
218
14.2.1 14.2.2
Criterium areaal landbouwgrond Criterium aantal agrarische bedrijven
218 220
14.3
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
221
14.4
Effectbeoordeling alternatieven
221
14.4.1 14.4.2 14.4.3 14.4.4
221 224 226 228
Alternatief 1: Bruisend Emmen Alternatief 2: Zelfstandig Emmen Alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving Samenvatting effectbeoordeling alternatieven
Laatste pagina
Bijlage(n)
228 Aantal pagina's
I
Gemeentelijk beleid
12
II
Ingreep-effectrelaties
46
1 INLEIDING 1.1
Introductie
Door de gemeente Emmen wordt een omgevingsvisie opgesteld. De omgevingsvisie is een integrale visie met strategische hoofdkeuzes van beleid voor de fysieke leefomgeving voor de langere termijn. In de omgevingsvisie gaat de gemeente Emmen onder andere in op de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, energie, infrastructuur en cultureel erfgoed. Ten behoeve van de omgevingsvisie wordt een plan-mer-procedure doorlopen. De omgevingsvisie geeft namelijk kaders voor toekomstige ontwikkelingen en activiteiten in de fysieke leefomgeving. Deze ontwikkelingen kunnen belangrijke gevolgen hebben voor de kwaliteit van de leefomgeving. In een planmer-procedure worden de gevolgen van de voorgenomen ontwikkelingen en reële scenario’s in beeld gebracht. Ook worden maatregelen beschreven om eventuele negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de leefomgeving te voorkomen of te beperken. Voorafgaan aan het opstellen van het planMER is de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) reeds vastgesteld. In de NRD is de afbakening van het planMER opgenomen. Ook het beoordelingskader en de wijze van beoordelen is in de NRD vastgelegd. Voorliggend achtergrondrapport is na de NRD de volgende stap in de plan-mer-procedure.
1.2
Dit achtergrondrapport
Om de effecten van de omgevingsvisie van de gemeente Emmen in beeld te brengen, zijn verschillende subthema’s, aspecten en criteria gedefinieerd. Deze zijn opgenomen in tabel 1.1. Voorliggend achtergrondrapport heeft een vaste structuur op basis van de subthema’s, die allemaal een separaat hoofdstuk hebben. Binnen elk subthema vindt eerst een beoordeling van de referentiesituatie plaats a.d.h.v. de criteria die bij het betreffende aspect horen. Vervolgens wordt de effectbeoordeling van de alternatieven gedaan. Deze stappen worden hieronder nader toegelicht.
Tabel 1.1 Beoordelingskader planMER Subthema’s
Aspecten
Criteria
landschap
landschap
landschapstypen en kernkwaliteiten
cultuurhistorie/erfgoed
cultuurhistorie
monumenten en hun karakteristieke elementen
archeologie
archeologische monumenten
wateroverlast
waterbergend en spons vermogen
klimaat
overlast door hoge grondwaterstanden droogte
7 | 228
Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
zoetwaterbeschikbaarheid
Subthema’s
Aspecten
Criteria lage grondwaterstanden door ontwatering
veiligheid
hittestress
stedelijk hitte eiland
sociale veiligheid
aantal geregistreerde misdrijven/jaar
verkeersveiligheid
aantal ongevallen met dodelijke afloop/jaar aantal ongevallen met letsel tot gevolg/jaar
omgevingsveiligheid
aantal kwetsbare gebouwen binnen aandachtsgebieden
woningtekort
woningcapaciteit ten opzichte van woningbehoefte
woongenot
tevredenheid met woning en woonomgeving
voorzieningen
beschikbaarheid voorzieningen (dorpsniveau)
leefstijl
gezondheidsfactoren (beweegt voldoende, overgewicht, eenzaamheid)
levensverwachting
het aantal jaren vanaf geboorte naar verwachting
welzijn
sociale samenhang
sociale samenhang score
mobiliteit
modal split
gemiddeld aandeel reizigerskilometers per vervoerswijze (auto, ov, fiets, voet) per persoon per dag
bereikbaarheid en toegankelijkheid auto
vervoersbewegingen auto
bereikbaarheid OV
afstand tot OV-halte [km]
bereikbaarheid fiets
omrijdfactor fiets
biodiversiteit
soortendiversiteit, soorten verspreiding en populatie omvang
wonen
natuur
aanwezigheid natuurlijke landschapselementen, inclusief groenblauwe dooradering
bodem
milieu en gezondheidsbescherming
energie
arbeid en inkomen
8 | 228
beschermde natuurgebieden (provinciaal beschermde natuurgebieden en Natura 2000)
areaal en kwaliteit beschermde natuurgebieden
bodemdaling
bodemdaling (mm/jaar)
bodemkwaliteit
aantal en omvang bodemverontreinigingen
luchtkwaliteit
jaargemiddelde concentraties fijnstof en stikstofdioxide
geluid
geluid door bronnen (lcum) [gem. dB/jaar]
geurhinder
geurgevoelige object binnen een slecht leefklimaat op basis van geur
lichtvervuiling
opgaand licht [nanowatt per cm2 per sterradiaal]
zeer zorgwekkende stoffen
zeer zorgwekkende stoffen
energieverbruik
energieverbruik [TJ/jaar]
aandeel hernieuwbare energie
aandeel hernieuwbare energie in totale energievoorziening [%]
inkomen
besteedbaar inkomen per inwoner
Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Subthema’s
Aspecten
Criteria
werkgelegenheid en werkloosheid
werkloosheidspercentage
vestigingsklimaat
aantal deelnemers hoger beroepsonderwijs aandeel innovatieve hightech bedrijven [Hightech innovatiescore]
agrarische sector
woon-werk afstand
reistijd van en naar werk of studie
beschikbare landbouwgrond
areaal landbouwgrond [ha] aantal agrarische bedrijven
Beoordeling van de referentiesituatie Voor elk aspect is in dit achtergrondrapport een beoordeling van de referentiesituatie gemaakt. De referentiesituatie bestaat uit de huidige situatie van de leefomgeving tezamen met de autonome ontwikkelingen tot het jaar 2040. Met een autonome ontwikkeling wordt een ontwikkeling bedoeld die ook plaatsvindt als de vaststelling van de Omgevingsvisie niet plaatsvindt. Voor de autonome ontwikkeling wordt onderscheid gemaakt tussen reeds vastgestelde visies en beleidsplannen en projecten die planologisch vastgesteld/onherroepelijk zijn. Het ijkpunt voor reeds vastgestelde visies en beleidsplannen is dat het beleid vastgesteld is door de gemeenteraad of dat dit nog wordt gedaan binnen één jaar. Bij projecten gaat het om een plan dat is opgesteld en die reeds planologisch mogelijk zijn gemaakt. Naast beleid en projecten waarvoor besluiten zijn genomen, zijn een aantal generieke ontwikkelingen, oftewel planoverstijgende ontwikkelingen meegenomen. Denk hierbij aan klimaatverandering. In dit achtergrondrapport zijn de autonome ontwikkelingen verder uitgediept bij een criterium wanneer deze relevant is. Planoverstijgende ontwikkelingen zijn eveneens bij het criterium beschreven wanneer deze van toepassing zijn. De beoordeling van de huidige situatie en de duiding van de autonome ontwikkelingen is respectievelijk gedaan op basis van tabel 1.2 en 1.3.
De huidige situatie is per criterium in beeld gebracht en beoordeeld op basis van een specifieke maatlat per criterium (tabel 1.2). Er wordt een totaalbeoordeling per criterium gegeven over de gehele gemeente Emmen. Daar waar de situatie wezenlijk verschilt binnen de gemeente, is dit toegelicht. Vervolgens worden per criterium, indien van toepassing, de autonome ontwikkelingen en de planoverstijgende ontwikkelingen beschreven. Per criterium worden de autonome ontwikkelingen en de planoverstijgende ontwikkelingen geduid (tabel 1.3).
Tabel 1.2 Beoordelingskader huidige situatie Beoordeling
9 | 228
Beoordeling huidige situatie
Maatlat
+
de huidige situatie is goed
er is geen verbetering nodig voor het behalen van de maximaal te behalen doelstelling
+/-
de huidige situatie is redelijk
verbetering is wenselijk voor het overtreffen van de minimaal gestelde doelstelling
-
de huidige situatie is slecht
verbetering is noodzakelijk voor het behalen van de minimaal gestelde doelstelling
Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Tabel 1.3 Duiding autonome ontwikkeling en planoverstijgende ontwikkeling Duiding
Duiding autonome ontwikkeling en planoverstijgende ontwikkeling positief/verbetering ten opzichte van huidige situatie neutraal/geen verandering ten opzichte van huidige situatie negatief/verslechtering ten opzichte van huidige situatie
Effectbeoordeling van de alternatieven Na de beoordeling van de referentiesituatie vindt de effectbeoordeling van de alternatieven plaats. Ten behoeve van het planMER zijn drie alternatieven opgesteld: 1 alternatief 1 - Bruisend Emmen: een focus op het creëren van een dynamische gemeente Emmen. Hierbij ligt nadruk op het ontwikkelen van voorzieningen, bedrijvigheid, onderwijs, woningen en bereikbaarheid; 2 alternatief 2 - Zelfstandig Emmen: een focus op realiseren van economische groei, bereikbaarheid en lokale ontwikkelingen. De kern is zelfstandige en onafhankelijke wijken en dorpen door een autonoom karakter en lokale behoefte, organische ontwikkeling en een faciliterende gemeente; 3 alternatief 3 - Emmen als Unieke Leefomgeving: een focus op het beschermen en versterken van het unieke groene karakter van de gemeente Emmen. Er ligt hierbij nadruk op het realiseren van ontwikkelingen binnen de natuurlijke grenzen en het versterken van het natuurlijke landschap. Aan ieder alternatief zijn bouwstenen gekoppeld (weergegeven in tabellen 1.5, 1.6 en 1.7). Elke bouwsteen is een concrete individuele (beleids)keuze voor het behoud of de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de gemeente. Een bouwsteen kan zowel een generieke beleidsmaatregel als een maatregel in de vorm van een plan (zoals een woningbouwlocatie) of project (zoals de Nedersaksenlijn) zijn.
De bouwstenen schetsen hoe bepaalde opgaven op verschillende plekken (waar) en op een verschillende manier (hoe) worden ontwikkeld. Iedere bouwsteen tot leidt kansen en/of risico’s die de bouwsteen heeft ten aanzien van de onderzochte aspecten in het planMER, dit zijn de zogenaamde ingreep-effectrelaties. De ingreep-effectrelaties van de bouwstenen zijn opgenomen in bijlage II van dit achtergrondrapport. Op basis het aantal kansen en risico’s (afkomstig uit de ingreep-effectrelaties) wordt per criterium een beoordeling van de effecten van de alternatieven gedaan. De beoordeling laat effect zien ten opzichte van de referentiesituatie waarbij gebruik wordt gemaakt van de beoordelingsschaal in tabel 1.4.
Tabel 1.4 Beoordelingsschaal effecten alternatieven Score
Toelichting
+
positief effect; er zijn meer kansen dan risico’s ten opzichte van de referentiesituatie
0
neutraal; er zijn geen of nauwelijks kansen en risico’s ten opzichte van de referentiesituatie
-
negatief effect; er zijn meer risico’s dan kansen ten opzichte van de referentiesituatie
+ en -
positief en negatief effect; er zijn ongeveer evenveel kansen als risico’s ten opzichte van de referentiesituatie
10 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Tabel 1.5 Overzicht bouwstenen alternatief 1 Bouwstenen alternatief 1: Bruisend Emmen inzet op compleet aanbod aan maatschappelijke en dagelijkse voorzieningen in wijkcentra van Emmen en in de gebieden de Blokken, de Monden en de Velden lokale initiatieven en basisonderwijs faciliteren in Barger-Compascuum, Erica, Nieuw-Dordrecht, Nieuw-Schoonebeek, NieuwWeerdinge, Roswinkel, Veenoord, Weiteveen en Zwartemeer faciliteren en instandhouden van minimaal één ontmoetingsplek per dorp en wijk nieuwe woningen zoveel mogelijk op plekken met basisvoorzieningen nabij: Emmen-stad en Klazienaveen, Schoonebeek, EmmerCompascuum en Nieuw-Amsterdam (kerndorpen) verkennen mogelijkheden functiemenging verouderde bedrijventerreinen inzet op behoud van de glastuinbouw door ruimte te bieden aan intensivering en clustering in de huidige kassengebieden beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): in de nabijheid van de dorpen meer ruimte voor herbestemming naar wonen met mogelijk een combinatie met geclusterde zorg vergroten van het openbaar groen en groen-blauw om hittestress tegen te gaan: in het bijzonder in de wijken in de stad nieuwe woningen zoveel mogelijk op plekken die goed bereikbaar zijn: rondom sterke voorzieningencentra en mobiliteitshubs groei inwoners naar ca.
120.000 groei woningvoorraad met 10.000 woningen ontwikkelen Nedersaksenlijn in 2050 CO2 neutraal verkennen Rundedal als locatie voor het huisvesten van grootschalige bedrijvigheid verkennen mogelijkheden voor ontwikkeling van een regionaal bedrijventerrein langs de A37 medewerking verlenen aan de 110kV-netversterking (onder andere nieuwe hoogspanningsstations in de buurt van het bestaande hoogspanningsstation Emmen Weerdinge en Emmen Bargermeer en nieuwe ondergrondse kabelverbindingen en het reserveren van ruimte voor middenstations en kleine trafostations in en rondom de bebouwde omgeving) medewerking verlenen aan de ontwikkeling van een nieuw hoogspanningsstation ten noorden van de A37 bij Veenoord realisatie van een nieuwe Greenwisecampus nieuwe werklocaties worden bij voorkeur geplaatst naast of dichtbij regionale infrastructurele assen zoals de A37 mobiliteitsknooppunten benutten door bij elkaar brengen van functies op het gebied van publieksvriendelijke bedrijvigheid (onder andere kantoren, ZZP en start-ups), onderwijs, wonen en voorzieningen (bijv.
bij station Emmen Zuid) faciliteren duurzame doorontwikkeling van de (circulaire) maakindustrie en groene chemie door ruimte te bieden aan clustervorming en ketensamenwerking: zoveel mogelijk op en rond Bargermeer omgeving van het ziekenhuis (als onderdeel van de Greenwise Campus) doorontwikkelen tot een gebied waarin wordt gewerkt aan het beantwoorden van de zorgvraag van de toekomst bouw van windmolens langs de N34 tot en met 2040 een extra ruimtevraag van ca. 65 ha voor transitie naar circulaire economie tot en met 2030 een regionale ruimtevraag van ca. 140 ha (uitbreidings-, vervangings- en additionele ruimtevraag) waar nodig en wenselijk biedt de gemeente planologische ruimte voor agrariërs om werk te maken van bijvoorbeeld meervoudige verdienmodellen (recreatie, energieopwek, et cetera), innovatie en experimenten om hun bedrijfsmodel te verduurzamen open, groene karakter van Emmen behouden door dit als vertrekpunt te nemen bij ruimtelijke ontwikkelingen gebiedsgericht vastgoedeigenaren (particulieren, verhuurders) ruimte geven om te investeren in hun vastgoed en woningen (bijv. verduurzaming, optoppen, woningsplitsing, transformatie, bijgebouwen of mantelzorgwoningen en meervoudig ruimtegebruik) in het noordoosten van de gemeente ruimte blijven bieden voor duurzame productie en voor grootschaliger bedrijven op het gebied van landbouw
11 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Bouwstenen alternatief 1: Bruisend Emmen in het zuidoosten, rondom het Bargerveen, inzet op extensivering en ruimte bieden voor verwevenheid met natuur en recreatie & toerisme: hier géén ruimte voor nieuwvestiging van intensieve veehouderijen ruimtevraag invullen door verdichting en herstructurering industrieel en bedrijvengebied Bargermeer verdichting en herstructurering van overige bedrijventerreinen inzet op ruimtelijke spreiding om balans tussen rust en reuring te hebben met betrekking tot recreatieve voorzieningen beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): op plekken met klimaat opgaven transformatie naar initiatieven die bijdragen aan natuurherstel en klimaatadaptatie het bodem- en watersysteem zijn leidend bij ruimtelijke ontwikkelingen creëren van voldoende watercapaciteit in de beekdalen en het watersysteem in de veengebieden zoveel mogelijk natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen op de flanken van de Hondsrug unieke woonconcepten creëren door natuur met woningbouw te combineren aanleggen van ecologische verbindingszones tussen de verschillende natuurgebieden het zichtbaarder maken van cultuurhistorische elementen, zoals de dorpen en dorpslinten, ontginningsstructuren, waterwegen, hunebedden, grafheuvels enzovoort toeristische trekpleisters (bijv.
Wildlands, de Hondsrug, het Bargerveen, het Veenpark en de hunebedden) worden via een netwerk van recreatieve fiets-, wandel- en vaarroutes beter met elkaar en de wijde regio verbonden beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): rondom recreatiegebieden transformatie voor recreatieve doeleinden verbetering van de Rondweg (N391) verbetering van de verbinding Emmen - Klazienaveen (N862) onderzoeken van de mogelijkheden voor het aanleggen van een noordelijke rondweg om het centrum heen op werk- en woningbouwlocaties het stimuleren en toepassen van hernieuwbare en herbruikbare grondstoffen en materialen binnen de bouw, onderhoud en gebiedsontwikkelingen
Tabel 1.6 Overzicht bouwstenen alternatief 2 Bouwstenen alternatief 2: Zelfstandig Emmen inzet op compleet aanbod aan maatschappelijke en dagelijkse voorzieningen in wijkcentra van Emmen en in de gebieden de Blokken, de Monden en de Velden faciliteren en instandhouden van minimaal één ontmoetingsplek per dorp en wijk nieuwe woningen zoveel mogelijk op plekken met basisvoorzieningen nabij: Emmen-stad en Klazienaveen, Schoonebeek, EmmerCompascuum en Nieuw-Amsterdam (kerndorpen) verkennen mogelijkheden functiemenging verouderde bedrijventerreinen inzet op behoud van de glastuinbouw door ruimte te bieden aan intensivering en clustering in de huidige kassengebieden beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): in de nabijheid van de dorpen meer ruimte voor herbestemming naar wonen met mogelijk een combinatie met geclusterde zorg vergroten van het openbaar groen en groen-blauw om hittestress tegen te gaan: in het bijzonder in de wijken in de stad nieuwe woningen zoveel mogelijk op plekken die goed bereikbaar zijn: rondom sterke voorzieningencentra en mobiliteitshubs groei inwoners naar ca. 120.000 groei woningvoorraad met 10.000 woningen ontwikkelen Nedersaksenlijn in 2050 CO2 neutraal
12 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Bouwstenen alternatief 2: Zelfstandig Emmen verkennen Rundedal als locatie voor het huisvesten van grootschalige bedrijvigheid verkennen mogelijkheden voor ontwikkeling van een regionaal bedrijventerrein langs de A37 medewerking verlenen aan de 110kV-netversterking (onder andere nieuwe hoogspanningsstations in de buurt van het bestaande hoogspanningsstation Emmen Weerdinge en Emmen Bargermeer en nieuwe ondergrondse kabelverbindingen en het reserveren van ruimte voor middenstations en kleine trafostations in en rondom de bebouwde omgeving) medewerking verlenen aan de ontwikkeling van een nieuw hoogspanningsstation ten noorden van de A37 bij Veenoord realisatie van een nieuwe Greenwisecampus nieuwe werklocaties worden bij voorkeur geplaatst naast of dichtbij regionale infrastructurele assen zoals de A37 mobiliteitsknooppunten benutten door bij elkaar brengen van functies op het gebied van publieksvriendelijke bedrijvigheid (onder andere kantoren, ZZP en start-ups), onderwijs, wonen en voorzieningen (bijv.
bij station Emmen Zuid) faciliteren duurzame doorontwikkeling van de (circulaire) maakindustrie en groene chemie door ruimte te bieden aan clustervorming en ketensamenwerking: zoveel mogelijk op en rond Bargermeer omgeving van het ziekenhuis (als onderdeel van de Greenwise Campus) doorontwikkelen tot een gebied waarin wordt gewerkt aan het beantwoorden van de zorgvraag van de toekomst bouw van windmolens langs de N34 tot en met 2040 een extra ruimtevraag van ca. 65 ha voor transitie naar circulaire economie tot en met 2030 een regionale ruimtevraag van ca. 140 ha (uitbreidings-, vervangings- en additionele ruimtevraag) gebiedsgericht vastgoedeigenaren (particulieren, verhuurders) ruimte geven om te investeren in hun vastgoed en woningen (bijv.
verduurzaming, optoppen, woningsplitsing, transformatie, bijgebouwen of mantelzorgwoningen en meervoudig ruimtegebruik) in het noordoosten van de gemeente ruimte blijven bieden voor duurzame productie en voor grootschaliger bedrijven op het gebied van landbouw ruimtevraag invullen door verdichting en herstructurering industrieel en bedrijvengebied Bargermeer verdichting en herstructurering van overige bedrijventerreinen zoveel mogelijk natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen aanleggen van ecologische verbindingszones tussen de verschillende natuurgebieden het zichtbaarder maken van cultuurhistorische elementen, zoals de dorpen en dorpslinten, ontginningsstructuren, waterwegen, hunebedden, grafheuvels enzovoort toeristische trekpleisters (bijv.
Wildlands, de Hondsrug, het Bargerveen, het Veenpark en de hunebedden) worden via een netwerk van recreatieve fiets-, wandel- en vaarroutes beter met elkaar en de wijde regio verbonden beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): rondom recreatiegebieden transformatie voor recreatieve doeleinden verbetering van de Rondweg (N391) verbetering van de verbinding Emmen - Klazienaveen (N862) onderzoeken van de mogelijkheden voor het aanleggen van een noordelijke rondweg om het centrum heen op werk- en woningbouwlocaties het stimuleren en toepassen van hernieuwbare en herbruikbare grondstoffen en materialen binnen de bouw, onderhoud en gebiedsontwikkelingen
13 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Tabel 1.7 Overzicht bouwstenen alternatief 3 Bouwstenen alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving inzet op compleet aanbod aan maatschappelijke en dagelijkse voorzieningen in wijkcentra van Emmen en in de gebieden de Blokken, de Monden en de Velden lokale initiatieven en basisonderwijs faciliteren in Barger-Compascuum, Erica, Nieuw-Dordrecht, Nieuw-Schoonebeek, NieuwWeerdinge, Roswinkel, Veenoord, Weiteveen en Zwartemeer faciliteren en instandhouden van minimaal één ontmoetingsplek per dorp en wijk nieuwe woningen zoveel mogelijk op plekken met basisvoorzieningen nabij: Emmen-stad en Klazienaveen, Schoonebeek, EmmerCompascuum en Nieuw-Amsterdam (kerndorpen) verkennen mogelijkheden functiemenging verouderde bedrijventerreinen beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): in de nabijheid van de dorpen meer ruimte voor herbestemming naar wonen met mogelijk een combinatie met geclusterde zorg vergroten van het openbaar groen en groen-blauw om hittestress tegen te gaan: in het bijzonder in de wijken in de stad nieuwe woningen zoveel mogelijk op plekken die goed bereikbaar zijn: rondom sterke voorzieningencentra en mobiliteitshubs in 2050 CO2 neutraal realisatie van een nieuwe Greenwisecampus nieuwe werklocaties worden bij voorkeur geplaatst naast of dichtbij regionale infrastructurele assen zoals de A37 mobiliteitsknooppunten benutten door bij elkaar brengen van
functies op het gebied van publieksvriendelijke bedrijvigheid (onder andere kantoren, ZZP en start-ups), onderwijs, wonen en voorzieningen (bijv. bij station Emmen Zuid) faciliteren duurzame doorontwikkeling van de (circulaire) maakindustrie en groene chemie door ruimte te bieden aan clustervorming en ketensamenwerking: zoveel mogelijk op en rond Bargermeer omgeving van het ziekenhuis (als onderdeel van de Greenwise Campus) doorontwikkelen tot een gebied waarin wordt gewerkt aan het beantwoorden van de zorgvraag van de toekomst waar nodig en wenselijk biedt de gemeente planologische ruimte voor agrariërs om werk te maken van bijvoorbeeld meervoudige verdienmodellen (recreatie, energieopwek, etc.), innovatie en experimenten om hun bedrijfsmodel te verduurzamen open, groene karakter van Emmen behouden door dit als vertrekpunt te nemen bij ruimtelijke ontwikkelingen gebiedsgericht vastgoedeigenaren (particulieren, verhuurders) ruimte geven om te investeren in hun vastgoed en woningen (bijv.
verduurzaming, optoppen, woningsplitsing, transformatie, bijgebouwen of mantelzorgwoningen en meervoudig ruimtegebruik) in het noordoosten van de gemeente ruimte blijven bieden voor duurzame productie en voor grootschaliger bedrijven op het gebied van landbouw in het zuidoosten, rondom het Bargerveen, inzet op extensivering en ruimte bieden voor verwevenheid met natuur en recreatie & toerisme: hier géén ruimte voor nieuwvestiging van intensieve veehouderijen inzet op ruimtelijke spreiding om balans tussen rust en reuring te hebben met betrekking tot recreatieve voorzieningen beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): op plekken met klimaat opgaven transformatie naar initiatieven die bijdragen aan natuurherstel en klimaatadaptatie het bodem- en watersysteem zijn leidend bij ruimtelijke ontwikkelingen creëren van voldoende watercapaciteit in de beekdalen en het watersysteem in de veengebieden zoveel mogelijk natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen op de flanken van de Hondsrug unieke woonconcepten creëren door natuur met woningbouw te combineren aanleggen van ecologische verbindingszones tussen de verschillende natuurgebieden het zichtbaarder maken van cultuurhistorische elementen, zoals de dorpen en dorpslinten, ontginningsstructuren, waterwegen, hunebedden, grafheuvels enzovoort toeristische trekpleisters (bijv.
Wildlands, de Hondsrug, het Bargerveen, het Veenpark en de hunebedden) worden via een netwerk van recreatieve fiets-, wandel- en vaarroutes beter met elkaar en de wijde regio verbonden
14 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Bouwstenen alternatief 3: Emmen als Unieke Leefomgeving beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): rondom recreatiegebieden transformatie voor recreatieve doeleinden op werk- en woningbouwlocaties het stimuleren en toepassen van hernieuwbare en herbruikbare grondstoffen en materialen binnen de bouw, onderhoud en gebiedsontwikkelingen
15 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
2 SUBTHEMA LANDSCHAP 2.1
Introductie subthema landschap
Het subthema Landschap bestaat uit het criterium landschapstypen en kernkarakteristieken. In de onderstaande tabel is het beoordelingskader weergegeven van het subthema landschap.
Tabel 2.1 Beoordelingskader subthema Landschap Aspect
Criteria
landschap
landschapstypen en kernkarakteristieken
2.2
Aspect landschap
Het aspect landschap is beoordeeld aan de hand van het criterium ‘landschapstypen en kernkarakteristieken’. Naast de documenten uit het beleidskader is gebruik gemaakt van het inventarisatieen adviesdocument dat in 2012 is opgesteld door H.H.v.B. Adviesburo (thans bekend als Bureau Scholtens) in opdracht van de gemeente Emmen [ref: De Gemeente Emmen in het perspectief van het landschap, H.H.v.B. Adviesburo voor landschapsinrichting, 2012]. Beleidsdoelstellingen Het huidige provinciale en gemeentelijke beleid voor het aspect landschap is vastgelegd in verschillende beleidsdocumenten. In de onderstaande tabel is een opsomming weergegeven. Het beleid van de gemeente Emmen en de provincie Drenthe richt zich op het behouden van de landschappelijke waarden.
Tabel 2.2 Beleidskader subthema Cultuurhistorie en erfgoed Beleidsdocument
Vaststellingsdatum
Relevante beleidslijnen
Cultuurhistorisch Kompas Drenthe
2009
in het Cultuurhistorisch Kompas is het beleid uit de Omgevingsvisie omtrent onder andere het cultuurlandschap uitgewerkt. Hierin staan twee doelstellingen centraal: het herkenbaar houden van cultureel erfgoed in Drenthe, en het versterken van ruimtelijke identiteit
Omgevingsverordening Drenthe
2024
met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de Provinciale Monumentenverordening 2016 vervallen en zijn bepalingen via Instructieregels overgegaan naar de gemeentelijke Omgevingsplannen. Omdat niet alle gemeenten deze instructieregels meteen bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet in hun omgevingsplannen hebben overgenomen, worden de provinciale monumenten tijdelijk aangewezen en beschermd met een voorbereidingsbesluit. Deze regels werken rechtstreeks door in de gemeentelijke omgevingsplannen en
16 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Beleidsdocument
Vaststellingsdatum
Relevante beleidslijnen gelden totdat de gemeenten de instructieregels in hun omgevingsplannen hebben opgenomen
Omgevingsvisie Gemeente Emmen
2025
de omgevingsvisie van de gemeente Emmen is een strategisch document waarin de lange termijndoelen en ambities voor de fysieke leefomgeving worden vastgelegd. De omgevingsvisie biedt een integrale benadering van de fysieke leefomgeving en dient als leidraad voor toekomstige besluitvorming en ontwikkeling in de gemeente Emmen
Erfgoednota Gemeente Emmen
2025
de nieuwe Erfgoednota is recentelijk vastgesteld. Hierin worden de landschapstypen en hun kernkarakteristieken beschreven, en de opgaven en ambities die daarbij horen. Bij de Erfgoednota hoort ook de Erfgoedkaart, die een overzicht geeft van de Emmer landschappen en hun elementen, en inzichtelijk maakt wat op welke manier beschermd wordt
2.2.1
Criterium landschapstypen en kernkarakteristieken
Het beoordelingskader voor het criterium landschapstypen en kernkarakteristieken is in onderstaande tabel geoperationaliseerd.
Tabel 2.3 Beoordelingskader huidige situatie landschapstypen en kernkarakteristieken Beoordeling
Beoordeling huidige situatie
Maatlat
+
de huidige situatie is goed, er is geen verbetering nodig
de landschapstypen zijn duidelijk herkenbaar en de kernkarakteristieken van de landschappen zijn niet aangetast
+/-
de huidige situatie is redelijk verbetering is wenselijk
de kernkarakteristieken van de landschappen zijn beperkt aangetast, maar verschillende landschapstypen zijn nog wel van elkaar te onderscheiden
-
de huidige situatie is slecht, verbetering is noodzakelijk
de kernkarakteristieken van de landschappen zijn erg aangetast en de verschillende landschapstypen zijn niet van elkaar te onderscheiden
Huidige situatie Het landschap van de gemeente Emmen is het resultaat van een ontwikkeling die millennia overspant. Afhankelijk van de wensen en beschikbare technische mogelijkheden in een bepaalde tijd heeft de mens al vanaf de prehistorie het landschap aangepast en veranderd. Iedere tijdsperiode heeft zo zijn eigen karakteristieken aan het landschap toegevoegd. Hierbij werd het voorgaande soms gedeeltelijk uitgewist, andere aspecten zijn bewaard. Het resultaat is dat het huidige landschap een gelaagd landschap is met naast en door elkaar, elementen en structuren uit verschillende tijdsperiodes. In cultuurhistorisch opzicht is het een rijk landschap. Aan de westzijde van de gemeente Emmen ligt het besloten esdorpenlandschap op de Hondsrug, aan de oostzijde het uitgestrekte, open veenkoloniale gebied. Het laatstgenoemde veengebied is weer te onderscheiden in het kleinschalige (rand)veenontginningslandschap en de grootschalige veenontginningen.
17 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Het contrast tussen de zand- en veenondergrond heeft door de eeuwen heen vorm gekregen in drie landschapstypen met kenmerkende nederzettingsvormen en grondgebruik. De verschillen zijn herkenbaar in vele ruimtelijke elementen en structuren: in het watersysteem, de infrastructuur, de beplanting en de vorm van de dorpen. De tegenstelling tussen fijnmazig en besloten tegenover grootschalig en open, tussen reliëfrijk en kronkelig tegenover vlak en recht, is een bijzondere kwaliteit. Deze diversiteit van het landschap is heel herkenbaar en karakteristiek voor Emmen.
Afbeelding 2.1 Kaart met landschapstypen in de gemeente Emmen (bron: gemeente Emmen)
Esdorpenlandschap In de gemeente Emmen zijn meerdere esdorpen aanwezig. Oorspronkelijk is Emmen zelf ook een esdorp. Dit is nog steeds te zien, doordat het centrum van Emmen aan de rand van de stad ligt. Andere esdorpen in de gemeente zijn onder andere Noordbarge, Zuidbarge, Weerdinge en Westenesch. Esdorpen hebben vaak een herkenbare structuur. Een esdorp heeft één of meerdere brinken. Brinken waren gezamenlijke verzamelplaatsen voor vee. Deze zijn nu vaak nog te herkennen als een open ruimte met bomen waar de boerderijen omheen staan. De esdorpen worden gekenmerkt door grote boerderijen met karakteristieke boerenerven. De dorpen hangen sterk samen met het rondom liggende landschap en de eeuwenlange exploitatie daarvan. Het esdorpenlandschap is een samenhangend geheel bestaande uit akkercomplexen (essen), woeste gronden en beekdalen. Dit is een kleinschalig landschap met veel karakteristieke elementen zoals wegbeplantingen, bosschages en houtwallen. De essen waren bedoeld als landbouwgrond, de woeste gronden bestonden voornamelijk uit heide waar schapen konden grazen en waar plaggen werden gestoken voor de bemesting van de akkers. De beekdalen dienden hoofdzakelijk als weidegronden en hooilanden voor het vee.
18 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Eind 19e eeuw komen mede door het opzeggen van de boermarkes ook de grootschalige heideontginningen op gang. Door het opheffen van de markes werden grote veranderingen in de agrarische bedrijfsvoering mogelijk. Daarnaast speelde de invoering kunstmest vanaf 1890, de uitvinding prikkeldraad (geen houtwallen als veekering meer nodig), wolwaardevermindering en bevolkingsgroei een rol. Niet alleen werd zo het areaal bouwland uitgebreid, ook zijn veel heidevelden aan het begin van de 20e eeuw met bos ingeplant. De rationele, blokvormige, padenstructuur van deze ontginningen is tot op de dag van vandaag nog goed herkenbaar. Specifiek voor de gemeente Emmen is dat relatief veel woeste gronden eerst zijn ontgonnen tot landbouwgrond om vervolgens, na WOII en dan met name na 1965, door stadsuitbreidingen te zijn veranderd in woonwijken. Op dit moment zijn nog slechts enkele heideontginningen in agrarisch gebruik, en dan vooral als bouwland. De beekdalgronden zijn lang intact gebleven, zij het dat de beekloop van de Sleenerstroom in de 1e helft van de 20ste eeuw rechter werd getrokken. Pas in de periode 1965 – 1975 vond er een schaalvergroting plaats waarbij vrijwel alle houtwallen zijn verdwenen. Daarnaast is ook het stedelijk gebied op de beekdalgronden uitgebreid. Het huidige esdorpenlandschap is dus voor een groot deel beïnvloed door ontwikkelingen in de 20ste eeuw.
Er zijn echter nog, soms meer en soms minder, herkenbare karakteristieken uit voorgaande periodes aanwezig die zich uiten in nederzettingsstructuren, (delen van) singels en wallen en gebolde akkers op de essen. Randveenontginningen Het randveenontginningslandschap is een bijzonder landschapstype dat op drie plekken in de gemeente voorkomt; namelijk in het zuiden (Schoonebeek en Nieuw-Schoonebeek), in het noorden (Roswinkel) en in het midden (Nieuw-Dordrecht). Karakteristiek voor deze randveenontginningen is dat men in eerste instantie vanaf de randen van het veen over ging tot het gebruik van het veen voor agrarische doeleinden en kleinschalige winning van turf voor eigen gebruik. Daar waar het veen voldoende afwaterde werden weidegronden ingericht. Men koos de dekzandruggen en dekzandkopjes, die omringd werden door het veen, om op te wonen. Vanuit deze zandkopjes begonnen de boeren de veengrond voor en achter hun boerderij te ontginnen. De boerenerven zijn vaak omringd door bomen en struiken met kleine slootjes langs de randen van de erven. Dit zorgde voor een kleinschalig landschap met smalle lange stroken grond en bebossing. Het veen werd stap voor stap in smalle stroken verveend, waarna het in agrarisch gebruik werd genomen. Karakteristiek voor het patroon van deze ontginningen is de smalle strokenverkaveling en de (lange) lintbebouwing evenwijdig aan de rand van het veen.
De breedte van het erf diende als uitgangspunt voor de verdere ontginning. Loodrecht op de ontginningsas werden de grenzen van de kavels getrokken en de sloten gegraven. Het basisprincipe hierbij was het recht van opstrek: de eigenaar van het erf mocht binnen de grenzen van het erf (opstrek) het veen ontginnen. Er zijn ook jongere kleinschalige veenontginningen, die veelal zijn ontstaan in de 19e eeuw, na de verdeling van de eerdere gemeenschappelijke gronden van de markes. Sommige delen van de Hondsrugzone, bijvoorbeeld bij Weerdinge, waren al voor de 19e eeuw kleinschalig in ontginning. Later heeft hier een schaalvergroting plaatsgevonden (samenvoegen kavels). Jonge kleinschalige ontginningen zijn over het algemeen wat rationeler van karakter. Dit wordt bijvoorbeeld weerspiegeld in een bredere en regelmatigere verkaveling. Rond 1900 was het areaal kleinschalige veenontginningslandschap aanzienlijk groter dan wat nu tot de kleinschalige veenontginningen wordt beschouwd. Het merendeel van deze kleinschalige veenontginningen zijn verdwenen nadat ze in een later stadium door middel van de grootschalige veenkoloniale ontginningen verder zijn verveend. Deze gebieden hebben vooral de kenmerken van een grootschalige ontginning gekregen en worden dan ook daartoe gerekend. Het gebied bij Nieuwe Schutting, het Barger Oosterveen en het Rundeveen zijn hier voorbeelden van.
Hier zijn de kleinschalige kenmerken, waaronder vele singels en houtwallen, geheel of vrijwel geheel verdwenen. In de inventarisatie door H.H.v.B. Adviesburo uit 2012 is 45 % van de karakteristieken van het Emmer randveenontginningslandschap goed tot zeer goed aanwezig bevonden. 26 % was redelijk aanwezig, 16 % matig aanwezig en 6 % van de kernkarakteristieken werd als niet-aanwezig beschouwd.
19 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Grootschalige veenontginningen Een groot gedeelte van de gemeente Emmen bestaat uit veengebied. Vanwege de slechte afwatering van het gebied is in de loop van een paar duizend jaar een uitgestrekt hoogveenlandschap ontstaan. Dit hoogveenlandschap werd het Bourtangermoeras genoemd. Dit gebied is in een relatief recent verleden ontgonnen. Tegenwoordig liggen hier de dorpen Nieuw-Amsterdam, Veenoord, Klazienaveen, Zwartemeer, Weiteveen, Zandpol, Erica, Oranjedorp, Barger- Compascuum, Emmer-Compascuum en Nieuw-Weerdinge. Rond 1850 begonnen maatschappijen grond op te kopen in Zuidoost-Drenthe omdat turf een belangrijke brandstof begon te worden waar veel geld aan te verdienen was. Turf is gedroogd veen dat met turfschuiten werd vervoerd naar het noorden of westen van Nederland. Hiervoor moesten kanalen en wijken gegraven worden die we tegenwoordig nog steeds terugzien in het landschap. Voorbeelden zijn het Scholtenskanaal, de Verlengde Hoogeveense Vaart, het Dommerskanaal en het Oranjekanaal. De aanleg van kanalen en wijken is bepalend voor het landschap geweest waarin rechte lijnen de boventoon voeren en men ver kan kijken vanwege de openheid. Er zijn lintdorpen langs de vaarten ontstaan die te herkennen zijn aan de langgerekte structuur. Aan sommige wegen werden bomenrijen aangeplant, zoals bij de Verlengde Vaart tussen Erica en Klazienaveen.
Hoewel het landschap van de hoogveenontginningen een jong landschap is, hebben zich ook na de vervening nieuwe ontwikkelingen voorgedaan. Dorpen zijn gegroeid, op verschillende plaatsen zijn kassengebieden ontstaan. Ook zijn niet of deels verveende gebieden inmiddels natuurgebieden geworden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld de provincie Groningen, zijn in de gemeente Emmen relatief weinig kanalen en hoofdwijken gedempt. Het stelsel van kanalen en wijken is redelijk bewaard gebleven en is bepalend voor de structuur van de grootschalige veenontginningen. In grote lijnen zijn de landschapstypen en hun karakteristieke elementen in de gemeente Emmen nog herkenbaar. Vooral kleinschalige elementen hebben moeten wijken voor schaalvergroting, en in het geval van de randveenontginningen ook voor de grootschalige verveningen. Dergelijke ontwikkelingen zijn echter ook weer exemplarisch voor de dynamiek en gelaagdheid die het landschap in de gemeente eigen is. De situatie ten aanzien van het criterium Landschapstypen en kernkarakteristieken wordt daarmee beoordeeld als redelijk. Autonome ontwikkeling - recentelijk is de nieuwe Erfgoednota vastgesteld.
Hierin zijn landschap, gebouwd en immaterieel erfgoed beter verweven dan voorheen en wordt voorgenomen landschapselementen en landschapskarakteristieken nog beter te beschermen; - om spelende opgaven omtrent huisvesting en de energietransitie het hoofd te bieden liggen er verschillende woningbouw- (392 nieuwe woningen) en energieprojecten (zonneroute A37 en Trafostation Tennet Boerdijk - Veenoord) in het verschiet. Deze ruimteclaims zullen onvermijdelijk aanvullende arealen landschap opeisen. Ook economische belangen, zoals de uitgifte van ruim 110 hectare voor de uitbreiding van bedrijventerreinen en de aanleg van recreatiepark Nordic Nature zullen een nodige claim leggen op het landschap.
2.3
Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling
Bovenstaande beoordeling van de aspecten en criteria behorend bij het subthema ‘Landschap’ is samengevat in tabel 2.4. In de kolom aangaande de duiding van autonome en planoverstijgende ontwikkelingen is de trend weergegeven, uitgedrukt in een positieve () negatieve () of stabiele () trend. Omdat de landschappen zich in grote lijnen nog laten onderscheiden, en kernkarakteristieken ondanks het verlies van veel structuren en elementen nog zichtbaar zijn in het landschap, is de huidige situatie beoordeeld als redelijk. In de recente erfgoednota is opgenomen dat de nog aanwezige kernkarakteristieken moeten worden geborgd. Door de grootschalige ruimteclaims die op meerdere vlakken binnen de gemeente spelen, en ruimte zullen claimen van het bestaande landschap, zijn de autonome ontwikkelingen als negatief geduid.
20 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Tabel 2.4 Samenvatting huidige situatie en autonome ontwikkeling subthema Landschap Aspect
Criteria
Beoordeling huidige situatie
Landschap
Landschapstypen en kernkarakteristieken
+/-
2.4
Duiding autonome ontwikkeling en planoverstijgende ontwikkeling
Effectbeoordeling alternatieven
In onderstaande paragrafen is per alternatief weergegeven wat de effecten zijn op het criterium die hoort bij het subthema Landschap.
2.4.1
Alternatief 1: Bruisend Emmen
In alternatief 1 leiden de volgende bouwstenen tot kansen en risico’s ten aanzien van het subthema Landschap, zie tabel 2.5.
Tabel 2.5 Bouwstenen met bijhorende kansen en risico’s in alternatief 1: Bruisend Emmen Bouwsteen
Kans / Risico
nieuwe woningen zoveel mogelijk op plekken met basisvoorzieningen nabij: Emmen-stad en Klazienaveen, Schoonebeek, Emmer-Compascuum en Nieuw-Amsterdam (kerndorpen)
kans op toename kernkarakteristieken doordat nieuwe woningen geclusterd worden in de kerndorpen en daardoor de landschappelijke kwaliteit in andere dorpen behouden blijft risico op afname kernkarakteristieken doordat er verdichting plaatsvindt en de karakteristieke bebouwing in de dorpen veranderen, of doordat de kenmerkende uitzichten verdwijnen als de dorpen aan de randen uitbreiden
beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): in de nabijheid van de dorpen meer ruimte voor herbestemming naar wonen met mogelijk een combinatie met geclusterde zorg
kans op toename kwaliteit landschap doordat beleid rond VAB kansen biedt om kernkarakteristieken te versterken
groei inwoners naar ca. 120.000
risico op aantasting van landschapstypen en kernkwaliteiten door meer ruimtevraag voor het realiseren van nieuwe woningen en voorzieningen
groei woningvoorraad met 10.000 woningen
risico op aantasting van landschapstypen en kernkwaliteiten door meer ruimtevraag voor het realiseren van nieuwe woningen en voorzieningen
ontwikkelen Nedersaksenlijn
risico op afname landschapstypen en kernkwaliteiten door visuele verstoringen van het landschap door ontwikkeling Nedersaksenlijn
verkennen Rundedal als locatie voor het huisvesten van grootschalige bedrijvigheid
risico op aantasting van landschapstypen en kernkwaliteiten van het landschap door het mogelijk maken van grootschalige bedrijvigheid
verkennen mogelijkheden voor ontwikkeling van een regionaal bedrijventerrein langs de A37
risico op aantasting van landschapstypen en kernkwaliteiten van het landschap door het mogelijk maken van grootschalige bedrijvigheid
21 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
kans op afname kernkarakteristieken doordat op sommige plekken de karakteristieke ontginningsstructuren verdwijnen om de ontwatering te verminderen
Bouwsteen
Kans / Risico risico op afname landschapstypen en kernkwaliteiten door visuele verstoring en schending van de natuurlijke omgeving door grootschalige bebouwing.
medewerking verlenen aan de 110kV-netversterking (onder andere nieuwe hoogspanningsstations in de buurt van het bestaande hoogspanningsstation Emmen Weerdinge en Emmen Bargermeer en nieuwe ondergrondse kabelverbindingen en het reserveren van ruimte voor middenstations en kleine trafostations in en rondom de bebouwde omgeving).
risico op afname landschapstypen en kernkwaliteiten door visuele verstoring van het landschap door de aanwezigheid van het hoogspanningsstation en de bijbehorende lijnen.
medewerking verlenen aan de ontwikkeling van een nieuw hoogspanningsstation ten noorden van de A37 bij Veenoord
risico op afname landschapstypen en kernkwaliteiten door visuele verstoring van het landschap door de aanwezigheid van het hoogspanningsstation en de bijbehorende lijnen.
bouw van windmolens langs de N34
risico op afname van landschapstypen en kernkwaliteiten door visuele verstoring van het landschap door de hoogte en omvang van de windmolens risico op afname van landschapstypen en kernkwaliteiten door negatieve impact op de bestaande agrarische vormgeving en het karakter van het platteland
tot en met 2040 een extra ruimtevraag van ca. 65 ha voor transitie naar circulaire economie
kans op verbetering van het landschap door het creëren van groene ruimtes in combinatie met circulaire projecten kans op bevordering van ecotoerisme, wat kan bijdragen aan de lokale economie en waardering voor het landschap risico op versnippering van het landschap door ongecontroleerde uitrol van circulaire toepassingen zonder landschapsintegratie risico op negatieve impact op traditionele agrarische landschappen door nieuwe infrastructuur en voorzieningen
tot en met 2030 een regionale ruimtevraag van ca. 140 ha (uitbreidings-, vervangings- en additionele ruimtevraag)
kans op verbetering van het landschap door integratie van agrarische en natuurgebieden bij uitbreiding risico op beschadiging van het landschap door ongecontroleerde ontwikkeling en uitbreiding van agrarische activiteiten
waar nodig en wenselijk biedt de gemeente planologische ruimte voor agrariërs om werk te maken van bijvoorbeeld meervoudige verdienmodellen (recreatie, energieopwek, etc.), innovatie en experimenten om hun bedrijfsmodel te verduurzamen
kans op verbetering van de esthetische waarde door het integreren van natuur en recreatie in agrarische gebieden.
open, groene karakter van Emmen behouden door dit als vertrekpunt te nemen bij ruimtelijke ontwikkelingen
kans op toename van de kwaliteit van het landschap doordat het open en groene karakter van Emmen beter behouden wordt bij ruimtelijke ontwikkelingen
in het zuidoosten, rondom het Bargerveen, inzet op extensivering en ruimte bieden voor verwevenheid met natuur en recreatie & toerisme: hier géén ruimte voor nieuwvestiging van intensieve veehouderijen.
kans op toename landschapstypen en kernkarakteristieken in het zuidoosten doordat er geen ruimte wordt geboden voor nieuwvestiging van intensieve veehouderijen en er wordt ingezet op extensivering en ruimte voor verwevenheid met natuur en recreatie, meer diversiteit kan het landschap ten goede komen
beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): op plekken met klimaat opgaven transformatie naar initiatieven die bijdragen aan natuurherstel en klimaatadaptatie
kans op toename kwaliteit landschap doordat beleid rond VAB kansen biedt om kernkarakteristieken te versterken in combinatie met natuurherstel en klimaatadaptatie, waardoor de omgeving groener en van hogere kwaliteit kan worden
22 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
Bouwsteen
Kans / Risico kans op afname kernkarakteristieken doordat op sommige plekken de karakteristieke ontginningsstructuren verdwijnen om de ontwatering te verminderen
het bodem- en watersysteem zijn leidend bij ruimtelijke ontwikkelingen
kans op toename kernkarakteristieken van het landschap doordat er meer wordt nagedacht vanuit het natuurlijk systeem en daardoor het oorspronkelijke landschap behouden blijft of terugkomt risico op afname kernkarakteristieken doordat op sommige plekken de karakteristieke ontginningsstructuren verdwijnen om de ontwatering te verminderen
creëren van voldoende watercapaciteit in de beekdalen en het watersysteem in de veengebieden
kans op toename kernkarakteristieken van het landschap doordat de landschapstypes beekdal en veen worden versterkt
op de flanken van de Hondsrug unieke woonconcepten creëren door natuur met woningbouw te combineren
kans op toename kwaliteit landschap doordat natuur met woningbouw wordt gecombineerd op een unieke manier risico op afname kwaliteit van landschap doordat met woningen de kernkarakteristieken onder druk kunnen komen staan
aanleggen van ecologische verbindingszones tussen de verschillende natuurgebieden
kans op toename van de kwaliteit van het landschap doordat de natuurgebieden beter met elkaar verbonden zijn
het zichtbaarder maken van cultuurhistorische elementen, zoals de dorpen en dorpslinten, ontginningsstructuren, waterwegen, hunebedden, grafheuvels enzovoort
kans op toename van de kernkwaliteiten doordat de cultuurhistorische elementen en karakteristieke structuren beter zichtbaar worden gemaakt
beleid voeren rondom Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB): rondom recreatiegebieden transformatie voor recreatieve doeleinden
kans op toename kwaliteit landschap doordat beleid rond VAB kansen biedt om kernkarakteristieken te versterken kans op afname kernkarakteristieken doordat op sommige plekken de karakteristieke ontginningsstructuren verdwijnen om de ontwatering te verminderen.
onderzoeken van de mogelijkheden voor het aanleggen van een noordelijke rondweg om het centrum heen
risico op afname kwaliteit van het landschap doordat een nieuwe weg wordt aangelegd op een plek waar het landschap nu nog onverstoord is
Criterium landschapstypen en kernkwaliteiten Ten aanzien van het subthema Landschap brengt alternatief 1 diverse risico’s met zich mee voor de landschapstypen en kernkwaliteiten in de gemeente Emmen. Extra woningbouw en bevolkingsgroei leiden tot verdichting en aantasting van dorpskarakters en uitzichten. Grootschalige bedrijvigheid, bedrijventerreinen (vooral langs de A37) en infrastructurele projecten zoals de Nedersaksenlijn, hoogspanningsstations, een noordelijke rondweg en windmolens langs de N34 vormen visuele verstoringen en schaden het agrarische landschap; enkele maatregelen worden daarbij expliciet als zeer negatief aangemerkt. Tegelijkertijd biedt alternatief 1 ook kansen doordat het beleid rond vrijkomende agrarische bebouwing (VAB) het herbestemmen naar wonen, recreatie of natuurherstel mogelijk maakt. Verder versterkt ruimte voor een circulaire economie groene functies, het open en groene karakter en extensivering rond Bargerveen leiden tot bevordering van de landschapskwaliteit. Maatregelen zoals ecologische verbindingszones, zichtbaarder maken van cultuurhistorische elementen, waterbeheer en multifunctionele landbouw kunnen kernkwaliteiten versterken. De effecten van alternatief 1 op dit criterium zijn daarmee beoordeeld als zowel positief (+) als negatief (-).
23 | 228 Witteveen+Bos | 145326/25-014.619 | Definitief
2.4.2
Alternatief 2: Zelfstandig Emmen
In alternatief 2 leiden de volgende bouwstenen tot kansen en risico’s ten aanzien van het subthema Landschap, zie tabel 2.6.