Nota Omgevingskwaliteit
Tekst van het document
6. Werk vanuit de kracht van de samenleving. Verduurzaming is niet te realiseren als een top-down plan maar kan alleen slagen met draagvlak van de samenleving. Werk daarom samen met lokale partijen en stakeholders en draag zorg dat zowel de lasten als de lusten ook lokaal worden gedeeld. 7. Geef initiatiefnemers ruimte en kaders. De energietransitie zal een enorme (ruimtelijke) impact hebben op het landschap en de leefomgeving, sturing van de overheid is daarom zeker gewenst d.m.v inpassingsvoorwaarden(maatwerk) waarbinnen de transitie kan plaatsvinden. Laat daarbinnen ruimte voor (lokaal) initiatief.
4. Benut de meest geschikte gebieden eerst. Bekijk op regionale schaal welke gebieden het meest geschikt zijn voor grootschalige initiatieven. Daarmee kunnen kwetsbare 56
DUURZAAMHEIDSPARAGRAAF Zonnepanelen en -collectoren op of bij monumenten en in beschermde dorpsgezichten. Op monumenten en in beschermde gebieden zijn zonnepanelen alleen mogelijk als de plek en het pand de ingreep aankan zonder dat hierdoor historische waarden onaanvaardbaar aangetast worden. De gevolgen van een ingreep verschillen per monument, per omgeving, en ook per techniek. Naast zonne-energie zijn ook andere technieken voor duurzame energie mogelijk. Het hangt van de locatie en het gebouw af welke techniek het geschiktst is. Kijk goed naar de plus- en minpunten van een techniek voor het milieu en het monument. Zorg ervoor dat de keuze voor zonne-energie helder te onderbouwen is, zeker als alternatieve technieken minder ingrijpen in het monument. Is de techniek geschikt voor het gebied of gebouw, dan is het daarna nog een kwestie van goed inpassen: door een goede plaatsing van de installatie en met een goed ontwerp beperkt u de fysieke en visuele gevolgen ervan. Een goede voorbereiding is hiervoor onontbeerlijk. Bij een zonne-energiesysteem komt veel kijken. Begin daarom nooit zomaar, maar maak eerst een plan. Een geslaagd systeem vereist zorgvuldige keuzes over de plaatsing en het ontwerp van de installatie.
Belangrijke uitgangspunten bij monumenten en in beschermde gezichten: Zorg dat u voldoende informatie heeft over de cultuurhistorische of ruimtelijke waarden van het gebouw of gebied. Neem maatregelen om het gas- en energieverbruik te verlagen met alle mogelijke maatregelen die geschikt zijn voor het monument. Zoek naar alternatieve locaties rond het gebouw met minder gevolgen voor historische materialen en de cultuurhistorische of historisch-ruimtelijke waarden van het pand, de omgeving en/of het beschermd gezicht, bijvoorbeeld door plaatsing op een ander bouwwerk dat geen cultuurhistorische waarde heeft. De zonne-energie-installatie is op de gewenste locatie goed te richten naar de zon, kan zonder veel schaduw op de panelen of collectoren zonlicht opvangen en levert een relevante bijdrage aan het milieu. Elk monument is anders. Het aanbrengen van zonnepanelen is dus maatwerk. Het uitgangspunt is dat het installatiesysteem niet leidt tot onaanvaardbare en blijvende fysieke of visuele ingrepen in de materialen of in het aanzien waaraan het gebouw en zijn omgeving hun waarde ontlenen.
De installatie (inclusief alle bijbehorende onderdelen) is niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte. Binnen het beschermde stadsgezicht verstoort de installatie ook geen belangrijke uitzichten, vanuit of binnen het beschermde gezicht. Het uiterlijk van de installatie (waaronder grootte, vorm, kleur en reflectie) leidt niet af van het karakter van het gebouw en de omgeving. Kabels, leidingen en alle bijbehorende apparatuur zijn binnen in het gebouw onder te brengen, zonder blijvende schade aan of verlies van belangrijke historische materialen en constructies.
57
NATUURINCLUSIEF BOUWEN Natuurinclusief bouwen Door natuurinclusief te bouwen en te ontwerpen is het mogelijk een gezonde en aantrekkelijke buurt te creëren. En groen in de buurt levert veel meer op dan alleen maar een mooi plaatje. Groen zorgt voor verkoeling in de zomerhitte, zuivert de lucht en biedt volopruimte aan mede-stadsbewoners, zoals huismus, gierzwaluw, merel of gewone dwergvleermuis. Juist dankzij deze bevolkingsgroepen komt de leefomgeving pas écht tot leven. Veel plekken in de gemeente bieden kansen om natuurinclusief te bouwen. Nieuwe woningen, de omliggende tuinen en het openbaar groen kunnen vele mogelijkheden bieden om vogels, insectenen vleermuizen nestgelegenheden en voedsel te bieden, en zo zorgen voor een grotere soortenrijkdom in de buurt. Door kleine openingen te maken in gevels en onder dakoverstekken of met behulp van nestkasten kunnen nestgelegenheden worden gemaakt voor vogels en vleermuizen. Ook hagen, struiken klimplanten en andere beplantingen kunnen een prima verblijfplaats bieden aan vele soorten. En alles wat bloeit of vruchten draagt biedt voedsel aan deze soorten rijkdom. Ook de waterloop aan de noordzijde en de oevers langs het water kunnen bijdragen aan de biodiversiteit.
Toolbox De toolbox www.bouwnatuurinclusief.nl is een website voor architecten, gemeenten, projectontwikkelaars enwoningbouwcorporaties, maar ook voor particulieren. U kunt er informatie en inspiratie vinden over heel verschillende aspecten van natuurinclusief bouwen. Iedereen die betrokken is bij het initiatief,het ontwerp en de bouw van woningen in de gemeente wordt uitgedaagd om bij te dragen tot meer biodiversiteit in de buurt. Er is veel mogelijk en de informatie is beschikbaar. Aan de slag met natuurinclusief bouwen. Bouw natuurinclusief, informatie en inspiratie op maat Handleiding Checklist Groen Bouwen Aanbeveling plaatsing zonnepanelen
58
SNELTOETSCRITERIA 59
SNELTOETSCRITERIA - Algemeen 5.1 Begrip Sneltoetscriteria Dit zijn voorschriften voor (veel voorkomende) kleine/simpele bouwplannen die omgevingsvergunningplichtig zijn. Deze criteria omschrijven heel concreet en objectief hoe bouwwerken er uit dienen te zien om niet strijdig te zijn met de “redelijke eisen van welstand”. Als aan deze criteria - die zich met name richten op de plaatsing, maatvoering en detaillering van een bouwwerk - wordt voldaan, behoeft het bouwplan niet meer ter welstandadvisering worden voorgelegd. Hierdoor verloopt de vergunningaanvraag voor de kleinere/simpelere vergunningplichtige bouwwerken veel sneller. De sneltoetscriteria maken deel uit van deze welstandsnota. Dit geldt ook voor aanvragen die zien op bepaalde wijzigingen bij monumenten, niet monumentale onderdelen en in het beschermd stadsgezicht. 5.2 Systematiek Bij de opzet van sneltoetscriteria is onderscheid gemaakt tussen de voor- en achterkant. De voorkant is de voorgevel en de zijgevel grenzend aan openbaar toegankelijk gebied. De achterkant is de achtergevel en de zijgevel die niet aan openbaar toegankelijk gebied grenst. 5.3 Uitgangspunt Nieuw beleid = maatgevend (uitsterfregeling). Objecten worden goedgekeurd als zij voldoen aan de nieuwe sneltoetscriteria.
Eerdere toegestane bouwwerken kunnen niet verwijderd worden, maar zullen langzamerhand verdwijnen (uitsterven), doordat dit nieuw beleid bepalend is. Het door aanvragers verwijzen naar eerder toegestane bouwwerken, gaat niet meer op. De gemeente heeft namelijk een duidelijk standpunt ingenomen.
60
SNELTOETSCRITERIA Criteria voor bijbehorende bouwwerken aan het hoofdgebouw Het bestemmingsplan treedt in eerste instantie regelend op. Het bestemmingsplan is maatgevend voor wat betreft afmetingen, voorgevelrooilijnen, etc. Als het bijbehorend bouwwerk zichtbaar is vanuit de openbare ruimte, zijn ze voor het straatbeeld bepalend. Voor bijbehorende bouwwerken aan het hoofdgebouw in het achtererfgebied gelden geen welstandseisen.
Criteria voor vrijstaande bijbehorende bouwwerken Het bestemmingsplan treedt in eerste instantie regelend op voor wat betreft rooilijnen en maximale afmetingen. Als ze zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte, zijn ze voor het straatbeeld bepalend. Bijbehorende bouwwerken moeten qua uitstraling en volume ondergeschikt zijn aan het oorspronkelijke hoofdgebouw en afgestemd worden op het gebiedseigen karakter van het hoofdgebouw of de erfinrichting. Het bouwplan voldoet aan de volgende criteria:
Erkers en luifels Maatvoering De breedte van een erker mag niet meer dan 2/3 van de breedte van de gevel van de woning zijn; De luifel mag in zijn geheel overgaan in de erker; De diepte gemeten loodrecht op de gevel waaraan gebouwd wordt, mag niet meer dan 1,25 meter bedragen; De hoogte van de erker mag niet meer bedragen dan de 1e verdiepingsvloer + maximaal 30 centimeter; Gevels en kozijnen qua materiaal en kleur afstemmen met het hoofdgebouw. Indien niet aan bovenstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
Zijerf Vorm Plat dak, of schuin dak met een dakhelling overeenkomstig de woning; Een flauwere helling is wenselijk tevens een knik in dakvlakken hoeft geen bezwaar te zijn; Gebiedseigen toepassing van materiaal en kleur. Achtererfgebied naar een openbaar toegankelijk gekeerd gebied Vorm Kapvorm: plat of dezelfde dakhelling van het hoofdgebouw; Basisvorm van het hoofdgebouw; Geen overmaat aan detaïleringen; Gebiedseigen toepassing van het materiaal en kleur. Indien niet aan onderstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
61
SNELTOETSCRITERIA Criteria voor dakkapellen Een dakkapel is een bescheiden uitbouw in de kap, bedoeld om de lichttoetreding te verbeteren en het bruikbaar woonoppervlak te vergroten. Dakkapellen zijn, als ze zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte, voor het straatbeeld bepalend. Dakkapellen moeten een ondergeschikte toevoeging zijn aan een dakvlak. Criteria voor dakkapellen aan de voorkant of naar het openbaar gebied gekeerde zijkant. Plaatsing Bij meerdere dakkapellen in hetzelfde bouwblok regelmatige rangschikking op horizontale lijn, dus niet boven elkaar gerangschikt; Minimaal 0,5 meter dakvlak rondom dakkapel vrijhouden; Afstand tot goot minimaal 1 m.
Materiaal en kleur Gebiedseigen toepassing van materiaal- en kleurgebruik; Geen toepassing van dichte panelen in het voorvlak; Zijwanden dakkapel afgestemd op de kleur van het hoofdgebouw; Indien niet aan bovenstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd Dakkapellen aan de achterkant of naar een niet op het openbaar gebied gekeerde zijkant Geen welstandseisen cq vergunning nodig. m.u.v. monumenten en/of binnen beschermd stadsgezicht).
Vorm Zijwanden zijn ondoorzichtig; Overstek en boeiboord zoveel mogelijk in verhouding met de woning; Plat dak of aangekapt afhankelijk van de dakhelling; Geen borstwering; Breedte: maximaal de helft van de breedte van het dakvlak (midden bouwmuur tot midden bouwmuur; 1,75 m hoog, gemeten vanaf voet dakkapel tot bovenzijde boeiboord of daktrim dakkapel.
62
SNELTOETSCRITERIA Criteria voor kozijn- of gevelwijziging In principe mag de samenhang en de ritmiek in straatwanden niet worden verstoord door incidentele kozijn- of gevelwijzigingen. Met name een kozijn- of gevelwijziging in de voorgevel of zijgevel, als deze gekeerd is naar de weg of het openbaar gebied, vraagt om een zorgvuldige vormgeving. Een kozijn- of gevelwijziging moet passen bij het karakter van het hoofdgebouw.
Materiaal en kleur Gebiedseigen toepassing van materiaal- en kleurgebruik; Geen opvallend en/of contrasterend kleurgebruik; Indien niet aan bovenstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
Maatvoering Diepte van de negge gelijk aan bestaande situatie; De oorspronkelijke profielafmetingen van het kozijn behouden. Vorm Een individuele wijziging leidt niet tot een wijziging van de oorspronkelijke geleding en indeling van de gehele gevel, m.a.w. verticale of horizontale indeling van gevel handhaven; Samenhang en ritmiek van de straatwand mag niet worden verstoord; De gevel van begane grond en verdieping(en) blijft samenhangend; De hoofdindeling komt overeen met de oorspronkelijke indeling; Toegevoegde of vervangende beweegbare delen zijn mogelijk; Gevelopeningen niet geblindeerd met panelen of schilderwerk; Bestaande lateien, onderdorpels, raamlijsten, speklagen en/of rollagen in originele staat of in ieder geval in overeenstemming met op de vormentaal van andere in de gevel voorkomende lateien, onderdorpels en/of raamlijsten.
63
SNELTOETSCRITERIA Criteria erfafscheidingen Een erfafscheiding is een bouwwerk, bedoeld om het erf af te bakenen van een buurerf of van de openbare weg. Erfafscheidingen aan de openbare weg zijn van grote invloed op de ruimtelijke kwaliteit. De gemeente streeft ernaar een rommelige indruk, door een te grote verscheidenheid aan erfafscheidingen, te voorkomen.
Indien niet aan bovenstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
Algemeen Belemmeringen van uitzichthoeken is niet toegestaan in verband met de sociale- en/of verkeersveiligheid. Maatvoering Hoogte maximaal 2,00 m. als erfafscheiding wordt geplaatst achter de voorgevel; Plaatsing vóór de eigen voorgevel: hoogte maximaal 1,00 m. Vorm Een gedeelte van de erfafscheiding ( minimaal 30 procent) moet een open constructie zijn in combinatie met begroeing. (b.v. door middel van, gaas met hedera of vergelijkbaar); Gebruik duurzame materialen (steen, duurzaam hout, metalen hekwerk, groen of een combinatie hiervan); Vermijd betonnen keerwanden, kunststof golfplaten, stalen damwand of andere materialen met een sterk utilitair karakter; Kleur: toepassing van gedekte kleuren of onbehandeld hout; Vooral lange schuttingen moeten visueel voldoende onderbroken worden door bijvoorbeeld: - verschil in hoogte; - afwisselende geledingen.
64
SNELTOETSCRITERIA gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Criteria bij gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Criteria voor schilderwerk Het schilderen/pleisteren van bakstenen van de gevels wordt voorgelegd aan de adviseurs/ monumentencommissie. Dit geldt ook voor afwijkende kleuren (anders dan genoemd) en het aanbrengen van bijv. een blokkenpatroon. Overschilderen van gevels of houtwerk in dezelfde kleur is vergunningsvrij. Gevel Een gevel reeds voorzien van een pleisterlaag mag worden (over) geschilderd in een natuursteenkleur (créme, geelwit, beige, licht oker, lichtgrijs en wit). Plinten Donkergrijs of grijsblauw. Lijstwerk; Overeenkomstig de kleuren van de kozijnen. Kozijnen Lichte kleuren (crème, oker, wit (tinten). draaiende delen (incl. schuivende delen en luiken) donkere tinten blauw of groen. Criteria voor voegwerk aan de voorkant Indien het voegwerk ziet op minder dan 5% restaureren van de gevel valt dit onder het vergunningsvrij regime.
Kleur Kleur en samenstelling overeenkomstig bestaande situatie; Afwerking overeenkomstig bestaande situatie. Criteria voor dakisolatie Algemeen Isolatie binnen de bestaande dakconstructie aanbrengen; Hergebruik van dakpannen cq zelfde kleur en type dakpan toepassen; Cq traditionele rietbevestiging; Nok-, en gootaansluitingen wijzigen niet. Criteria voor kozijnwijzigingen De sneltoetscriteria zijn alleen gericht op het in standhouden van de bestaande situatie. Het vernieuwen/veranderen van gevelopeningen dienen om welstandsadvies te worden voorgelegd. Onderhoud (Het gedeeltelijk vervangen van onderdelen) is vergunningsvrij. Vervanging zonder wijzigingen Zelfde houtsoort/materiaalsoort, zelfde kleur, zelfde detaillering en geen wijzigingen in het glas; Indien het betreffende kozijn geen monumentale waarde bezit, is vervanging door hardhout mogelijk (meranti).
65
SNELTOETSCRITERIA gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Criteria bij gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Maatvoering De maat van de negge en de breedte en de diepte van de kozijnprofielen zijn gelijk aan het oorspronkelijk ontwerp. Kleur Kleur is gelijk aan het oorspronkelijke schilderwerk of voldoet aan cirtieria voor schilderwerk. Ventilatieroosters Ventilatieroosters zijn niet zichtbaar of architectonisch ingepast in het gevelontwerp. Raamindeling Kozijnen en ramen gelijk aan oorspronkelijk ontwerp: Roedeverdeling behouden (geen plakroedes bij monumentale panden); Glas-in-lood behouden; Kleur en detaillering conform oorspronkelijk ontwerp, Monumentenglas Het vervangen van enkelglas door monumentenglas, is toegestaan mits in de bestaande sponning voldoende ruimte aanwezig is (geen vervanging van het houtwerk).
Criteria voor keitjesstoepen De sneltoetscriteria zien enkel op het restaureren van bestaande keitjesstoepen. Voor het aanleggen van keitjesstoepen gelden deze criteria niet, dergelijke aanvragen worden om welstandsadvies voorgelegd. Keitjesstoep Voorzien van een gemetselde rollaag; Keitjes ingelegd in cement. Criteria voor dakkapellen aan de voorkant Een bouwplan voor het plaatsen van een dakkapel dient altijd aan om welstandsadvies te worden voorgelegd. Waarbij de impact van dakkapellen groter is aan de voorzijde. Maatvoering Ondergeschikt van afmeting en gerelateerd (breedtemaat) aan gevelkozijnen; Hoogte: beperkt, passend bij de gevelopbouw en hierarchie. Materiaal, kleur, detaillering Materiaal, kleur en detaillering zijn in het straatbeeld passend en op de omgeving afgestemd; Toepassing van hoogwaardige, traditionele materialen en detaillering, afgestemd op de oorspronkelijke situatie; Proflilering en detaillering afgestemd op het hoofdgebouw.
66
SNELTOETSCRITERIA gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Criteria bij gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Toepassing van hoogwaardige, traditionele materialen en detaillering, aangepast op de oorspronkelijke situatie. Vorm De vormgeving is afgestemd op de bestaande architectuur. Criteria voor dakramen aan de achter- en zijkant naar een niet openbaar toegekeerd gebied Een dakraam is een raam aangebracht in het dakvlak, waarbij de hoofdvorm van het dakvlak behouden blijft en dakbedekking rondom aanwezig is. Dakramen moeten een ondergeschikte toevoeging zijn aan een dakvlak. Het bouwplan voldoet aan de volgende criteria: Plaats Geen uitstekende dakramen in hellende daken (vlak aanbrengen met dezelfde hellingshoek als het dak); Bij individuele woning/pand gecentreerd in het dakvlak of afgestemd op geleding voorgevel; Minimaal 0,50 m. dakvlak boven, onder en ter weerszijden van het dakraam, afstand tot zijkant gemeten aan de bovenzijde van het dakraam (bijkilkepers gemeten aan de onderzijde/voet van het dakraam); Bij meerdere dakramen een tussenruimte van minimaal 0,50 m.; Maximaal twee dakramen op voordakvlak en vier dakramen op achter- en zijdakvlak, tot in totaal maximaal 50% van het oppervlak van het betreffende dakvlak is bebouwd.
Maatvoering Oppervlakte maximaal 0,75 m2 per dakraam bij monumenten; Oppervlakte maximaal 1 m2 per dakraam bij niet monumenten; Bij meerdere dakramen identieke maatvoering aanhouden. Vorm Eenvoudige vormgeving, geen overmaat aan detailleringen, dus bescheiden kozijnenprofielen. Materiaal en kleur Gebiedseigen toepassing van materiaal- en kleurgebruik. Criteria Markiezen en zonneschermen, parasols Algemeen Breedte is gelijk aan gevelopening; Bevestiging in de dagmaat van het kozijn opening; Reclame moet voldoen aan reclameregels. Materiaal en kleur Sobere en aardse kleuren, strepen toegestaan geen andere patronen. NB Bij alleen vervanging van het doek (dus geen nieuwe ophangconstructie) mag een zonnescherm of markies over meerdere gevelopeningen in stand blijven en geldende regels voor kleur en eventueel reclame. Indien niet aan voorgaande staande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
67
SNELTOETSCRITERIA gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Criteria zonnepanelen/zonnecollectoren enkel aan de achterzijde (ook op bijbehorende bouwwerken) Plaats indien mogelijk op niet monumentale onderdelen. Hierbij kan je denken aan recente aan-, uitbouwen of bij niet monumentale bijgebouwen. Plaatsing regels gelden niet voor rietendaken Op platte daken toegestaan, mits niet zichtbaar vanaf de weg; Plaatsing alleen mogelijk op het achterdakvlak of op een zijdakvlak dat niet naar een openbaar toegankelijk gebied is gekeerd; De hellingshoek van het paneel of collector is gelijk aan de hellingshoek van het dak; De afstand tussen de zonnepanelen (en collectoren) to de dakrand is minimaal 0,5 meter; Bevestiging zonder schade aan het dak (reversibel); Maximaal 50% van het dakvlak (bij hellende daken); • Op de grond toegestaan mits visueel weggewerkt bijv. d.m.v. beplanting rondom; Voorkeur gaat uit voor plaatsing op niet monumentale bijgebouwen of niet-monumentale aan/uitbouwen van het hoofdgebouw. Plat dak Regelmatige rangschikking; Afstand tot de randen van het dak ten minste gelijk aan de hoogte van de collector of paneel. Op de grond Niet zichtbaar vanaf het openbaar toegankelijke gebied.
Criteria schotelantennes binnen het beschermd stadsgezicht en bij monumenten Plaatsing Alleen aan de achtergevel; Zo min mogelijk zichtbaar vanaf de openbare weg; Bij niet monumentale panden binnen het beschermd stadsgezicht is het mogelijk om vergunningvrij een (schotel)antenne te plaatsen, mits niet zichtbaar vanaf het openbaar toegankelijk gebied, met een totale hoogte vanaf de voet van 3 meter en een diameter van 2 meter.
Maatvoering Doorsnede maximaal 1 meter; Vanwege geluidsoverlast, geen zelfdraaiende schotels. Materiaal en kleur Drager van roestvrijstaal; Terughoudende kleuren. Criteria Airco/units binnen beschermd stadsgezicht en bij monumenten Plaats Aan de achtergevel, minimaal 1 meter tot perceelsgrens; Achterdakvlak, 1 meter tot dakvoet, 1 meter tot perceelsgrens; Maximaal 1 per (achter) gevel / dakvlak; Voorkeur gaat uit naar inpandige plaatsing met een ventilatieopening in achter of zijgevel die is geïntegreerd in de architectuur; Niet zichtbaar vanaf het openbaar toegankelijk gebied; Niet op woonwagens, woonketen, tijdelijke of seizoensgebonden bouwwerken of recreatiewoningen; Wanneer plaatsing aan de achterzijde of buiten zicht niet mogelijk dient de unit visueel te worden weggewerkt d.m.v. omkasting in een toegestane kleur of beplanting; Plaatsing op platte daken alleen wanneer niet zichtbaar vanaf de openbare weg en 1 meter van het dakrand en 1 meter van de perceelgrens; Plaatsing op plat dak van dakkapel alleen mogelijk indien de aircounit visueel wordt weggewerkt d.m.v. een ombouw. (dakje, waarbij gelijke dakpannen dienen te worden gebruikt dan de rest van het dak). Materiaal - Kleur - Maatvoering oppervlakte maximaal 0,5 m2.
Indien niet aan bovenstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan indien de aanvrager daar om verzoekt, het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
68
SNELTOETSCRITERIA gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Criteria rolhekken, luiken en rolluiken. Rolhekken, luiken en rolluiken zijn voorzieningen om ruiten van gebouwen tegen inbraak en vandalisme te beschermen. Voor gebouwen anders dan woningen en woongebouwen echter niet. Juist in winkelgebieden zijn de problemen met deze anti-inbraak en –vandalisme voorzieningen het grootst. De gemeente streeft er daarom naar dat rolhekken, luiken en rolluiken de uitstraling van een pand niet al te negatief beïnvloeden. Plaatsing binnengevel Minimaal 2,00 meter terug gelegen van de uitwendige scheidingsconstructie (pui); Aan de binnenzijde van de uitwendige scheidingsconstructie (pui), mits: - voor minimaal 70% bestaand uit glasheldere doorkijkopeningen.
Maatvoering Hoogte maximaal 2 meter hoog, evenwijdig aan of achter de voorgevel; Erfafscheidingen/hekwerken voor de voorgevelrooilijn mogen niet hoger zijn dan 1 meter. Materiaal De gebruikte materialen moeten passen in de omgeving. massieve materialen zoals beton, kunststof en staal zijn meestal niet geschikt; Hekken Palen van natuursteen of giet/smeedijzer. Sober uitgevoerd evt. voorzien van smeedijzeren ketting.
Plaatsing buitengevel Als plaatsing aan de binnenzijde niet mogelijk is. Voor minimaal 90% bestaand uit glasheldere doorkijkopeningen; Rolkasten, geleidingen en rolhekken in de gevel worden ingepast; Ingetogen kleurgebruik of kleuren harmoniërend met gevel. Criteria voor erfafscheidingen en hekken plaatsing aan de voor,- en zijkant Vervanging van natuursteen, historisch gietijzer en smeedijzer, waarbij niets wijzigt qua materiaal, afmetingen, detaillering en kleur (alles conform bestaand), waarvan het bouwplan niet aan onderstaande sneltoetscriteria voldoet, kunnen zonder welstandsadvies worden beoordeeld. Let wel! Hout en trelissschermen, rietmatten of vlechtschermen zijn niet toegestaan. Constructie Constructies die haaks op de gevel bevestigd worden, moeten passen in het historisch straatbeeld; De bouwwerken moeten een open constructie hebben en mogen niet gesloten worden uitgevoerd.
NB Plaatsen aan de achterkant is mogelijk, mits niet in de bestemming Tuin, geen welstandstoets vereist mits het bouwwerk voldoet aan de reguliere sneltoetscriteria. Criteria voor niet commerciële uithangborden (hierbij denken aan naambordjes) (beschermd gezicht) Maatvoering Maximaal 1 per gevel; Maximale oppervlakte 0,5 m2. Materiaal en kleur Smeedijzeren ophanging; Sobere kleurstelling.
Kleur en detaillering De afscheidingen moeten rank van detaillering en eenvoudig van uitvoering zijn en in donkere kleur worden uitgevoerd.
69
SNELTOETSCRITERIA gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Criteria voor het plaatsen van handelsreclame Op grond van artikel 4:15 van de APV hoeft voor bepaalde reclame-uitingen geen omgevingsvergunning voor de activiteit reclame te worden aangevraagd. Indien de reclame-uitingen niet vergunningvrij zijn en de reclame op een monument en/of in het beschermd stadsgezicht wordt aangebracht, zijn onderstaande criteria van toepassing.
OF 2 historische uithangborden (volgens afmetingen en vormgeving als hierboven genoemd) haaks op de gevel, waarvan in het geval van hoekpanden op elke gevel 1.
Algemeen Geen reclame voor diensten of goederen die niet in het pand of op het perceel plaatsvinden dan wel worden verkocht dan wel zijn toegestaan; Geen reclame aangebracht op panden met een woonbestemming.
OF 1 (licht)reclame vlak op de gevel en 1 historisch uithangbord haaks op de gevel (volgens afmetingen en vormgeving als hierboven genoemd), waarvan in het geval van hoekpanden op elke gevel 1.
Plaatsing Loodrecht op, of evenwijdig en vlak aan, de gevel; Geen reclame op daken of dakgoten; Geen reclame doorlopend of verspreid over meerdere panden; Geen reclame boven de raamdorpel van de bovenverdieping (1e verdieping en hoger).
Indien niet aan bovenstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
gevel, waarvan in het geval van hoekpanden op elke gevel 1.
Vorm Reclame op de voorgevel; ontwerpen als zelfstandig element, afgestemd in maat, schaal en detaillering op de pui; Reclame integreren in de architectuur en tot het hoogst noodzakelijke beperken; • Geen aangelichte reclame; Geen daglichtreflecterende reclame; Geen reclame in felle kleuren; Geen reclame die periodiek oplicht of beweegt. Bij panden smaller dan 10 meter, geen hoekpanden zijnde, is toegestaan: 1 (licht)reclame met losse letters c.q. open structuur, vlak op de gevel, maximaal 30 cm hoog en niet breder dan 1/3 van de breedte van het pand passend binnen de bouwkundige lijnen van de gevel; OF 1 historisch smeedijzeren uithangbord (onverlicht), haaks op de gevel, max. 0,5 m2. Bij panden breder dan 10 meter en hoekpanden zijn toegestaan; 2 (licht)reclames (volgens afmetingen en vormgeving als hierboven genoemd) vlak op de 70
SNELTOETSCRITERIA gemeentelijke monumenten en beschermd stadsgezicht Criteria voor het plaatsen van handelsreclame Op grond van artikel 4:15 van de APV hoeft voor bepaalde reclame-uitingen geen omgevingsvergunning voor de activiteit reclame te worden aangevraagd. Indien de reclame-uitingen niet vergunningvrij zijn en de reclame op een monument en/of in het beschermd stadsgezicht wordt aangebracht, zijn onderstaande criteria van toepassing.
OF 2 historische uithangborden (volgens afmetingen en vormgeving als hierboven genoemd) haaks op de gevel, waarvan in het geval van hoekpanden op elke gevel 1.
Algemeen Geen reclame voor diensten of goederen die niet in het pand of op het perceel plaatsvinden dan wel worden verkocht dan wel zijn toegestaan; Geen reclame aangebracht op panden met een woonbestemming.
OF 1 (licht)reclame vlak op de gevel en 1 historisch uithangbord haaks op de gevel (volgens afmetingen en vormgeving als hierboven genoemd), waarvan in het geval van hoekpanden op elke gevel 1.
Plaatsing Loodrecht op, of evenwijdig en vlak aan, de gevel; Geen reclame op daken of dakgoten; Geen reclame doorlopend of verspreid over meerdere panden; Geen reclame boven de raamdorpel van de bovenverdieping (1e verdieping en hoger).
Indien niet aan bovenstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
gevel, waarvan in het geval van hoekpanden op elke gevel 1.
Vorm Reclame op de voorgevel; ontwerpen als zelfstandig element, afgestemd in maat, schaal en detaillering op de pui; Reclame integreren in de architectuur en tot het hoogst noodzakelijke beperken; • Geen aangelichte reclame; Geen daglichtreflecterende reclame; Geen reclame in felle kleuren; Geen reclame die periodiek oplicht of beweegt. Bij panden smaller dan 10 meter, geen hoekpanden zijnde, is toegestaan: 1 (licht)reclame met losse letters c.q. open structuur, vlak op de gevel, maximaal 30 cm hoog en niet breder dan 1/3 van de breedte van het pand passend binnen de bouwkundige lijnen van de gevel; OF 1 historisch smeedijzeren uithangbord (onverlicht), haaks op de gevel, max. 0,5 m2. Bij panden breder dan 10 meter en hoekpanden zijn toegestaan: 2 (licht)reclames (volgens afmetingen en vormgeving als hierboven genoemd) vlak op de 71
RECLAMECRITERIA 72
RECLAME CRITERIA Reclame criteria
Reclame voldoet aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan:
De vergunningplicht voor het aanbrengen van handelsreclame is gelegen in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen indien het een vergunningplichtig bouwwerk is) en in de Algemene plaatselijke verordening (omgevingsvergunning voor de activiteit reclame). Beide regelingen bepalen dat een aanvraag om vergunning voor het plaatsen van reclame wordt geweigerd indien de reclame niet voldoet aan redelijke eisen van welstand. Indien het plaatsen van reclame zowel omgevingsvergunningplichtig is voor de activiteit reclame als de activiteit bouwen, vervalt uiteraard de welstandstoetsing voor de activiteit reclame. Indien de reclame op een monument en/of in het beschermd stadsgezicht wordt aangebracht is de strengere sneltoetscriteria van toepassing voor het beoordelen van reclame. Objectbeschrijving Reclame is iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen. Reclames op borden, lichtreclames en spandoeken of vlaggen vormen een belangrijk en beeldbepalend element van de openbare ruimte. In gebieden met commerciële functies zijn reclames op zijn plaats en verhogen ze de visuele aantrekkingskracht van de omgeving, weliswaar verbonden aan een kritische grens. In andere gebieden zijn (bepaalde) reclame-uitingen ongewenst.
Criteria voor reclame (gebieden) anders dan op bedrijventerreinen en anders dan op monumenten of in het beschermd stadsgezicht Op grond van artikel 4:15 van de APV hoeft voor bepaalde reclame-uitingen geen omgevingsvergunning voor de activiteit reclame te worden aangevraagd. Indien de reclameuitingen niet vergunningvrij zijn, zijn onderstaande criteria van toepassing.
Algemeen Geen reclame voor diensten of goederen die niet in het pand zijn toegestaan of op het perceel plaatsvinden dan wel worden verkocht; Geen reclame op panden met een woonbestemming. Plaatsing Loodrecht op, of evenwijdig en vlak aan, de gevel; Geen reclame aangebracht op bouwlagen met een woonbestemming of bouwlagen met een bedrijfsbestemming zonder publieksfunctie; Geen reclame op daken of dakgoten; Geen reclame doorlopend of verspreid over meerdere panden; Geen reclame boven de raamdorpel van de bovenverdieping. Vorm Reclame op de gevel; ontwerpen als zelfstandig element, afgestemd in maat, schaal en detaillering op de pui; Reclame integreren in de architectuur en tot het hoogst noodzakelijke beperken; Geen daglichtreflecterende reclame; Geen reclame in felle (neon) kleuren; Geen reclame die periodiek oplicht of beweegt; Ramen mogen niet worden geblindeerd en/of voor meer dan 10% van het raamoppervlak worden voorzien van reclames; Geen aangeplakte reclame op de ramen en geen geblindeerde ramen. Maatvoering Reclame haaks op de gevel; uitsteekarmaturen zijn maximaal 60x60 centimeter; Reclame vlak op de gevel; maximaal 30 cm hoog en niet breder dan 1/3 van de breedte van het pand. Aantal Maximaal 1 reclame-uiting per gevel; Maximaal 1 vrijstaand reclameobject per perceel.
73
RECLAME CRITERIA Criteria voor reclame aan de randen van de bedrijventerreinen Op grond van artikel 4:15 van de APV hoeft voor bepaalde reclame-uitingen op bedrijventerreinen geen omgevingsvergunning voor de activiteit reclame te worden aangevraagd. Indien de reclame-uitingen op het bedrijventerrein niet vergunningvrij zijn en aan de randen van de bedrijventerreinen worden geplaatst zijn onderstaande criteria van toepassing. Algemeen Geen reclame voor diensten of goederen die niet in het pand zijn toegestaan of op het perceel plaatsvinden dan wel worden verkocht; Geen reclame aangebracht op panden met een woonbestemming. Plaatsing Geen reclame op daken of dakgoten; Geen reclame doorlopend of verspreid over meerdere panden. Vorm Reclame op de gevel; ontwerpen als zelfstandig element, afgestemd in maat, schaal en detaillering op de pui; Reclame integreren in de architectuur en tot het hoogst noodzakelijke beperken; Geen daglicht reflecterende reclame; Geen reclame die periodiek oplicht of beweegt; Geen lichtbakken en geen reclame in felle kleuren. Maatvoering Reclame haaks op de gevel; uitsteekarmaturen zijn maximaal 60x60 centimeter; Reclame vlak op de gevel; maximaal 30 cm hoog en niet breder dan 1/3 van de breedte van het pand. Aantal Maximaal 1 reclame-uiting per gevel; Maximaal 1 vrijstaand reclameobject per perceel.
Indien niet aan bovenstaande criteria wordt voldaan, dient het bouwplan aangepast te worden of kan het bouwplan in zijn huidige opzet aan de commissie/stadsbouwmeester worden voorgelegd.
74
Bijlage
Niveaukaart Gebiedskaart
Welstandsniveau I
Beschermd stadsgezicht
Overgangszone
Welstandsniveau II
Buitenplaatsen en landgoederen
Bosgebied
Welstandsniveau III (welstandsvrij)
Militaire gebieden
De Longstrook
Beeldkwaliteitplannen
De open polders
De kernen
Bedrijven
75
Bijlage - kaart Elburg kern
76
Bijlage - kaart Doornspijk / hoge Enk
77
Bijlage - kaart ‘t harde
78
COLOFON
Uitgave van: Het Oversticht i.s.m. gemeente Elburg Ambtelijke projectgroep: Turan Tepe, Peter Bakker en Ronald schipper i.s.m. de afdelingen Het Oversticht: Rik Onderdelinden projectleider, Tessa Stahlie Fotografie, ontwerp en vormgeving: Het Oversticht. Met dank aan fotomateriaal (gemeente Elburg) Datum: 1 November 2023
79