Bijlage 3d - Bijlagen bij toelichting Bp. IX Blixembosch (Aanschot 76 en 80)
Tekst van het document
IX Blixembosch (Aanschot 76 en 80)
bestemmingsplan IX Blixembosch (Aanschot 76 en 80)
Inhoudsopgave
Bijlagen bij toelichting
3
Bijlage 1
Landschappelijk inpassingsplan
4
Bijlage 2
Archeologisch onderzoek
26
Bijlage 3
Parkeerberekening Aanschot 76
88
Bijlage 4
Parkeerberekening Aanschot 80
92
Bijlage 5
Verkennend bodemonderzoek incl. asbest
98
Bijlage 6
bon afvoer puin
320
Bijlage 7
akoestiek
323
Bijlage 8
Ecologische Quickscan
396
Bijlage 9
Aeriusberekening
428
Bijlage 10
berekening waterberging Aanschot 76
456
Bijlage 11
berekening waterberging Aanschot 80
459
Bijlage 12
Participatieverslag
462
2
Inhoudsopgave (vastgesteld)
bestemmingsplan IX Blixembosch (Aanschot 76 en 80)
Bijlagen bij toelichting
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
3
bestemmingsplan IX Blixembosch (Aanschot 76 en 80)
Bijlage 1 Landschappelijk inpassingsplan
4
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
Landschappelijk inrichtingsplan Aanschot 76 en 80 Gemeente Eindhoven |
28 april 2025
Inleiding Het initiatief De eigenaren van beide boerderijen aan de straat Aanschot, nummer 76 en 80, zijn voornemens te stoppen met hun agrarische functie. is eigenaar van het varkensbedrijf op nummer 76. Hij wil graag zijn bedrijf omvormen naar een woonfunctie: een gezamenlijk erf waar rondom 9 seniorenwoningen komen te staan. Zijn huidige woning blijft daarbij bestaan, evenals een schuur die dienst doet als bergruimte voor de toekomstige bewoners.
beekdalpark Aanschotse Beemden Te saneren varkensstallen
perceel gem. Eindhoven
Woonhuis
nr 76 bos gem. Eindhoven
Loods
Te saneren kippenstal Te saneren mestloods nr 80
Winkel
wil de huidige kippenstal en mestloods (860 m2) saneren. Daarvoor in de plaats heeft hij de intentie om, aanvullend op de boerderijwinkel, een breder product neer te zetten op zijn bedrijfslocatie. Het betreft een combinatie van verschillende activiteiten met een agrarisch, recreatief en maatschappelijk profiel: • een nieuwe boerderijwinkel • kleinschalige horeca; een paviljoen met terras en speelplek • dagbesteding voor specifieke doelgroepen (ouderen, dementerenden, zorgpatiënten) Daarnaast wil hij dit combineren met 8 seniorenwoningen. Kortom een mix van activiteiten die zich verbinden door een bijzondere plek, midden in het groen. heeft de ambitie om van de locatie een ontmoetingsplek te maken a la Philips Fruittuinen, Genneperhoeve of ‘t Wasven.
Woonhuis
bos gem. Eindhoven perceel gem. Eindhoven
0m
is eigenaar van het kippenbedrijf en boerderijwinkel ‘Boeder-ei-ke’ op nummer 80. In de winkel worden eigen eieren en andere streekproducten verkocht (met daarbij tevens levering aan bedrijven en particulieren via een webshop). Het zuidelijk deel van het perceel is in gebruik voor kerstbomenteelt. De kerstbomen worden in het seizoen in de winkel verkocht. Enkele schuren zijn in gebruik als werkatelier voor onder andere een interieurbouwer.
Doel document Voor bovengenoemde ontwikkeling is een bestemmingsplanherziening noodzakelijk. Daarbij hoort het landschappelijk inpassingsplan. Dit document geeft inzicht in de landschappelijke onderbouwing van de voorgenomen ontwikkelingen op beide erven. Daarnaast geeft het document een beeld hoe de toekomstige erfinrichting en landschappelijke inpassing wordt uitgevoerd. In de inrichtingsschets is tevens de parkeerbehoefte ingepast op basis van de parkeernormen van de gemeente Eindhoven en is de waterbergingsopgave ingepast. Deze is berekend aan de hand van de klimaattool van de gemeente Eindhoven.
50m
Huidige situatie; eigendommen percelen Aanschot 76 en 80, en de percelen van de gemeente Eindhoven verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001E | Inittiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 2
Analyse |
Ligging in stedelijk weefsel Eindhoven Onderdeel van een aaneengesloten groengebied
Beide bedrijven liggen in het laatste stukje oorspronkelijk agrarisch gebied van NoordEindhoven. De erven liggen bovendien midden in een groene wig de stad in. Het betreft een aaneengesloten landschappelijke zone, die diep in het stedelijk weefsel van Eindhoven doordringt. Deze zone bestaat uit het Henri Dunantpark, een volkstuincomplex, de weiden rondom Aanschot en het beekdallandschap van de Aanschotse Beemden. Ten noorden van de planlocatie liggen het beekdal van de Aanschotse Beemden. Een prachtig natuurlandschap met hoge cultuurhistorische en natuurlijke waarden. Er liggen verschillende wandelpaden, waardoor het gebied in trek is bij wandelaars.
Onderdeel van fiets- en wandelroutes
Langs het plangebied loopt de fietsroute ‘rondje Eindhoven’ en via de straat Aanschot kunnen bewoners uit de wijken Woensel en Blixembosch naar het buitengebied van Son fietsen. Aanschotse beemden Aanschotse beemden
*
De ligging in het groen en aan recreatieve routes maakt de plek kansrijk voor een recreatieve en sociale betekenis voor stadsbewoners. Door de herontwikkeling transformeren beide percelen van een agrarische bedrijfsbestemming tot een prettige woonomgeving voor ouderen, waarbij het horecapaviljoen een fasciliterende voorziening wordt voor omwonenden en recreanten. Volkstuinen
Henri Dunantpark
Plangebied op knooppunt van recreatieve routes verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001E | Inittiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 3
Analyse |
Landschappelijke context Cultuurhistorisch landschap Van oudsher is Aanschot een klein agrarisch buurtschap van enkele verspreide boerderijen dat al eeuwen lang bewoond is. Het buurtschap ligt op de overgang van beekdal naar de hoger gelegen dekzandruggen. De akkers lagen hoger, werden bewerkt en hadden minder perceelsrandbeplantingen. De beemden, de natte gronden langs de beek, werden gebruikt voor grasland en hadden een smalle percelering haaks op de beek. Het perceel van Aanschot 80 lag/ligt op de hogere en drogere akker. De gronden rondom het erf van Aanschot 76 liggen in het wat lager en natter gelegen beekdal.
oude akker
1935
Huidig landschap Ondanks dat er in de jaren veel is veranderd, is de oorspronkelijke karakteristiek nog aanwezig. Zo heeft het beekdallandschap nog altijd de kleinschalige percelering. Daarnaast heeft het veel kleine landschapselementen als houtsingels, de struwelen en kleine bosjes. Met name de randen van de woonbuurten zijn bebost geraakt. Het kerstbomenperceel staat op een akker die al eeuwenlang in gebruik is, en ligt ook hoger in het landschap. De weilanden rondom nummer 76 liggen lager en zijn als weiden in gebruik, met uitzondering van de akker in het noorden die tegen de weg Aanschot is gelegen.
Historische waterloop
Hist. wegenstructuur voor 1900
Historisch landschap
Huidige situatie met de stedelijke ontwikkeling van o.a. Blixembosch rond de eeuwwisseling verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
Cultuurhistorische waardenkaart gemeente Eindhoven 2128 Landschappelijke inrichting R001E | Inittiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 4
Analyse |
Landschappelijke ondergrond Glooiing van beekdalzijde
Hoge zwarte enkeerdgronden
• 16,67 Dekzandwelvingen
• 14,07
Beekdalbodem
Lage enkeerdgronden
Dekzandrug
• 17,07
Bodem
Geomorfologie
Hoogte
• 120-140 cm • 140-160 cm • 120 cm
Legger Waterschap met alle watergangen
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
Opbouw abiotiek De getoonde kaarten onderschrijven de conclusies van de vorige bladzijde: • De bodemkaart laat zien dat de gronden eeuwenlang zijn bewerkt met potstalmest, waardoor er hogere akkers zijn ontstaan. • De geomorfologische kaart laat het door het water uitgesleten beekdal zien naast de hoger gelegen dekzandgronden. • De hoogtekaart laat duidelijk de hogere akkergronden zien ten zuiden van het erf Aanschot 80. • De GHGkaart (Provincie Noord Brabant) laat zien dat de gemiddeld hoogste grondwaterstand binnen het plangebied varieert tussen 120 en 160cm onder maaiveld. Voor een actueler en nauwkeuriger beeld is het slaan van peilbuizen wenselijk.
GHG
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 5
Analyse |
Karakteristiek Huidige verschijning De erven, de kleine weides eromheen en de straat Aanschot hebben nog een authentieke uitstraling. Aanschot is nog een smalle weg, met bermen en wegbegeleidende bomen. Veel bomen zijn door de jaren heen verdwenen. Het erf van Boerder-ei-ke, nummer 80 bestaat uit een oude langgevelboerderij aan de straat, de huidige boerderijwinkel en een aantal schuren achter de woning. Deze bestaan uit lage volumes met houten rabatdelen en pannendaken. De oude werkplaats/opslag met rode pannen wordt verbouwd tot nieuwe winkel.
Aanschot 80 Boerderijwoning
Akker zuidzijde Boerder-ei-ke gezien vanaf Aanschot
Huidige boerderijwinkel
Aanschot - onderdeel historische wegenstructuur van voor 1900
Werkatelier (hout), de werkplaats/opslag (wit) wordt winkel
Aanschot 76 woonhuis en erf
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
Het erf van Aanschot 76 is net als Boerder-ei-ke al eeuwen een bewoonde plek. Het erf heeft echter geen historische bebouwing meer. Het bestaat uit een moderner woonhuis (jaren ‘80) met daarachter 2 varkensstallen en een grote loods.
Links te saneren varkensstallen, rechts te behouden loods 2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 6
Ruimtelijk hoofdstructuur Versterking van het landschap Met de transformatie van de bedrijfserven naar woonerven + paviljoen, is er een kans om de landschappelijke uitstraling van het gebied te versterken. De belangrijkste kwaliteitswinst zit in de omvorming van het kerstbomenperceel naar een oude akker met natuurwaarden. Binnen de landschappelijke setting van het agrarisch lint worden de twee erven opgenomen. Daarbij worden de doorzichten vanaf Aanschot naar het beekdal open gehouden.
beekdalpark Aanschotse Beemden weide
De erven De erven bestaan uit een privé-gedeelte en een woongedeelte. Het wonen gebeurt op het achtererf en is specifiek gericht op senioren; het ‘seniorenerf’. Zij wonen straks rond een gezamenlijk erf met een gezamenlijk nader in te vullen tuindeel en een fruitboomgaard. De woningen worden uitgevoerd in een schuurtypologie. De erven hebben een afzonderlijke inrit voor de privéwoning en een eigen toerit naar het achtererf.
weide doorzicht ‘ seniorenerf’ privé bestaand bosje
Het paviljoen Op de heringerichte natuurakker wordt het paviljoen als een architectonisch pareltje in de natuur opgenomen, door de plaatsing midden in de bloemenweide of vogelakker. Het paviljoen wordt een ontmoetingsplek voor de wijk en een rustplaats voor de passerende wandelaar en fietser.
doorzicht ‘seniorenerf’
winkel
horeca
akker
Aa n
sch
ot
bos
privé
Ruimtelijk concept
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001E | Inittiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 7
Schetsontwerp
|
Overzichtstekening
0m
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
50m
2128 Landschappelijke inrichting R001E | Inittiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 8
Functionele indeling Aanschot 76: A. 9 Seniorenwoningen rond gezamenlijk erf (nieuw) B. Opslag/ stalling (incl. fietsenbergingen)
A
A
A pp
woning
B
Aanschot nummer 76 Bij nummer 76 worden 9 seniorenwoningen toegevoegd (A). Zij krijgen een separate inrit met daaraan gekoppeld een centrale parkeerplek als onderdeel van het erf. In de loods is ruimte voor de bergingen en fietsenstalling van de nieuwe bewoners (B). Aanschot nummer 80 Bij nummer 80 worden 8 senioren woningen toegevoegd (A). De positie van het nieuwe paviljoen (G) is zo gekozen dat het in het landschap wordt opgenomen en los ligt van het erf. Het parkeren aan de rand van het erf wordt gebruikt voor zowel de bewoners, de winkel als het horecapunt (meervoudig ruimtegebruik). Op het erf wordt aan de noordzijde een nieuwe kleine schuur (F) toegevoegd ten behoeve van opslag. Opslag en fietsenstalling voor de nieuwe bewoners zijn opgenomen in de bestaande loods (E) De huidige boerderijwinkel (C ) wordt in de toekomst gebruikt voor de dagbesteding die reeds op het erf aanwezig is.
F C
A E G pp
A
D
woning
B
Aanschot 80: A. 8 Seniorenwonigen rond gezamenlijk erf (nieuw) B. Boerderijwinkel 110 m2 + opslag C. Dagbesteding D. Kantoor winkel 47 m2 E. Schuur/opslag (bestaand) met gedeelte t.b.v. bewoners F. Opslag (nieuw) G. Paviljoen (Horeca) 150m2
Functies verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001E | Inittiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 9
Ontsluiting en parkeren Aansluiting op Aanschot De beide erven krijgen twee inritten, één voor de privé-erfontsluiting en één voor de ontsluiting van de seniorenwoningen. Bij het erf van Boerdereike ontsluit de zuidelijke inrit de woningen, de boerderijwinkel incl. laden en lossen en het parkeren voor horeca en winkel. Deze inrit komt uit bij het verharde winkelerf, waar voldoende ruimte wordt gemaakt voor het draaien van vrachtwagens ten behoeven van het laden en lossen. Vervolgens ontsluit het de halfverharde parkeerplaatsen.
Aanschotse Beemden
Voetgangers en fietsers bereiken het paviljoen en de winkel via het erf. In de toekomst wordt beoordeeld of een aansluiting voor voetgangers op het wandelroutenetwerk wenselijk is. Voor parkeerberekening zie separate bijlages. Toegang woonerf seniorenwoningen, 3,50 m breed P
Totaal 12 pp t.b.v. bewoners op halfverharding 38 fietspp in loods
ad
Toegang privé-erf; versmallen
lp de
n wa
Toegang privé-erf + dagbesteding fp (E)
L&L
n wa
P
Laden en lossen winkel (vrachtwagens)
lp
de
P
fp
ad
Oprit horeca - winkel - woningen (auto/vrachtverkeer), aansluiting op Aanschot
fp
voldoende breed i.v.m. indraaien vrachtwagens. Totaal 21 pp op halfverharding aan zuidzijde van erf Totaal 54 fietspp verdeeld over 3 plekken; voorzijde boerderijwinikel, nabij toegang paviljoen en in de loods (E) t.b.v. van bewoners
fietsp
ad
NB de parkeervakken hebben allen een maat van 2,50 x 5,00 m, de rijweg is hier Aanschotpark / Henri Dunantpark
6,00 m breed.
Ontsluiting verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 10
Profiel ontsluiting | Aanschot 80
Profiel A
verhoogde terrasplint groendak
natuurinclusieve (vogel)akker
voetpad halfverhard
paviljoen
greppel ruig gras haag met bomen
parkeren halfverhard
oprit halfverhard
haag
privé-tuin
11,50 m
Profiel A overgang erf naar natuurakker met paviljoen verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 11
Referentiebeelden landschappelijke inpassing | Aanschot 76 en 80 Landschappelijke inpassing rondom erven De nieuwe ontwikkelingen worden opgenomen in de groene setting, waarbij de aanwezige landschapsstrucuur wordt versterkt en landschappelijke kwaliteiten en natuurwaarden worden toegevoegd. Op cruciale plekken wordt er een aanvullende gebiedseigen beplanting voorgesteld, zoals de houtsingels in het noorden, struweel in het zuiden, fruitboomgaarden en solitaire bomen en boomgroepen rondom de erven, zodat de erven nog meer worden opgenomen in het landschap. struweel tegen de bosrand
houtsingel met eik en berk
transparante bomensingel
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
struweel als lijnelement
Het perceel met kerstbomen kan veel meerwaarde voor de natuur krijgen wanneer deze wordt omgevormd naar een vogelakker. Daarin zijn verschillende graansoorten gemengd met een bloemrijk (eenjarige) mengsel. In de bestaande bosrand wordt een struweelzone ontwikkelt door de bestaande meidoornhaag uit te laten groeien en aan te vullen. Die mix maakt deze plek zeer aantrekkelijk voor een grotere diversiteit aan vogels, kleine zoogdieren en insecten.
solitaire boom
vogelakker met graan en bloemen
rand van akkerbloemen geeft aantrekkelijk beeld
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 12
Landschappelijke inpassing
weide
Houtsingel; zachte berk en zomereik met onderbegroeing van meidoorn en sleedoorn Weides (begraasd/ gemaaid) In randen solitaire bomen en boomgroepen, inheemse soort (Zomerlinde, Walnoot) in kruidenrijke grasbermen weide
Fruitboomgaard
Groene erfgrens tussen nr 76 en 78 Bestaande meidoornhaag rond recreatieweide Struweel (meidoorn, sleedoorn) met bomen weide vogelakker
Weide met bomen (bestaand) Bestaande beukenhaag behouden Nieuwe haag rond kerstbomenperceel (meidoorn) Bomen rond parkeren (Winterlinde/ Haagbeuk) Bestaand struweel op gemeentegrond Solitaire bomen en boomgroepen (Zomerlinde/ Zomereik/ Kastanje) Oude akker (kerstbomenperceel) omvormen naar natuurinclusieve vogelakker (i.s.m. Vogelwerkgroep de Kempen) Struweel in de bosrand; bestaande meidoornhaag los laten uitgroeien, toevoegen hondsroos, sleedoorn tot 2-3m breed struweel, golvende rand
Landschappelijke inpassing rondom erven verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 13
Inzoom inrichtingsplan |
Aanschot 76
Inrichtingsvoorstel erf De nieuwe woningen krijgen een eigen tuin aan de achterzijde van 5 m diepte. De overgang van privé naar het gezamenlijke groen wordt landschappelijk ingericht door het aanleggen van een greppel op de erfgrens en hagen tussen de tuinen. Op het gezamenlijke erf is ruimte voor een pluktuin, vlindertuin, fruitboomgaard en eventueel moestuin. Het erf wordt aan de zuid- en oostzijde ingekaderd met hoge hagen. De nieuwe inrit wordt begeleidt met een bomenlaan. Het parkeren wordt opgenomen binnen hagen van ca. 1,00m hoogte, zodat het erf groen oogt. Het fietsparkeren voor de nieuwe bewoners krijgt een plek in de grote schuur. De waterberging voor het erf krijgt ruimte in de greppels rondom het erf. Deze greppels vormen tevens de scheiding tussen het gecultiveerd ingerichte erf en de meer landschappelijk ingerichte weilanden met houtsingels. Het kruidenrijke gras in de rand rondom verzacht de overgang. Landschappelijk overgang met kruidenrijke gras en solitaire bomen en boomgroepen
9 Seniorenwoningen rond gezamenlijk erf, tuinen 5m diep, landschappelijk begrenst met hagen (beuk) en greppel 1 m breed doorzicht
Fruitboomgaard: hoogstamfruit 12 stuks Gezamenlijk halfverhard erf, in overleg met nieuwe bewoners in te richten (omtmoetingsplek, pluktuin, nutstuin, vlindertuin) Bomenlaan en hagen langs nieuwe oprit; Zomerlinde of Winterlinde
erf
Fruitboomgaard; hoogstamfruit 6 stuks 12 pp
Parkeerplaats, 12 pp, ingepast met hagen (beuk of veldesdoorn), parkeervakken van halfverharding, afmetingen P-vakken 2,5 x 5m, rijweg 6m Hoge haag (beuk) (1,50m) met boomvormers (bijv. (fruit)bomen) Toevoegen bomenrij (knotwilg /bloeiende (fruit)bomen) Fietsparkeren in de schuur Versmallen toegang privé-erf, en vergroenen met hagen Groene erfgrens met haag (bijv. beuk/ veldesdoorn/ liguster) tussen nr 76 en 78
Schetsplan 1:1000
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001E | Inittiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 14
Inzoom inrichtingsplan | Aanschot 80 Inrichtingsvoorstel erf Boerdereike De nieuwe woningen krijgen een privétuin aan de achterzijde van 5 m diepte. De overgang van privé naar het gezamenlijke groen wordt landschappelijk ingericht door het aanleggen van een greppel op de erfgrens en hagen tussen de tuinen. Op het gezamenlijke erf aan de voorzijde is ruimte voor een pluktuin, vlindertuin, fruitboomgaard. Bij de boerderijwinkel komt een entreeplein met fietsparkeren. Het parkeren ten behoeve van de boerderijwinkel, het paviljoen en bewoners wordt aan de rand van het erf gesitueerd.
De fietsparkeerplekken ten behoeve van het paviljoen liggen achter de haag met vanaf daar de wandelroute naar het paviljoen. Fietsparkeren voor de bewoners krijgt een plek in de bestaande grote schuur. In de stijl van Boerdereike worden elementen als fietsenrekken, poorten en hekwerken zoveel mogelijk in hout uitgevoerd. De parkeerverharding wordt als halfverharding uitgevoerd. Enkel de opritten, het winkelerf en de randen rond het binnenerf worden uitgevoerd met klinkers.
7 Seniorenwoningen, tuinen 5m diep, landschappelijk begrenst met hagen (beuk) en
doorzicht
greppel, 1m breed Struweel met bomen (Winterlinde) Gezamenlijk erf in overleg met nieuwe bewoners in te richten (pluktuin, vlindertuin, fruitgaard)
kerstbomen
erf
Halfverhard erf met verharde plint rondom, vergroenen met grote erfbomen, fruitgaard of siertuin Versmallen oprit + parkeren dagbesteding (halfverharding) Entreeplein boerderijwinkel met ca. 8 fietspp voor bezoekers en ruimte voor manoeuvrerende
terras
paviljoen
12 pp
vrachtwagens 9 pp
entreeplein
Parkeren; 21 pp t.b.v. horeca/winkel en bewoners binnen haag, rondom parkeren bomen (Winterlinde/ Haagbeuk), afmetingen P-vakken 2,5 x 5m, rijweg 6m Fietsparkeren; ca. 16 fietspp t.b.v. bezoekers horeca (houten aanleunrekken) Bestaande haag en struweel behouden Nieuwe oprit, klinkerverharding 4m breed, geschikt voor vrachtverkeer (brede aansluiting Aanschot) inclusief afsluitbare poort Greppels t.b.v. waterberging
Schetsplan 1:1000
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001E | Inittiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 15
Referentiebeelden inrichting erven | Aanschot 76 en 80
blokhagen kastanje houten hekwerk
gezamenlijk erf
halfverharding
houten poorten
BLAD | Aanschot 76-80
vlindertuin
gezamenlijke nutstuin
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
fruitboomgaard
pluktuin
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 16
Waterberging | uitgangspunten vanuit beleid en hoogteverloop
Be e
k
bestaande sloot
2
4 ed
bi
m ro
t na
k
lij
r uu
3
1
g
in
bergingsvoorzieningen buiten natuurlijk overstromingsgebied
2 3
e sg
Gr oo te
bestaande sloot watert af richting Groote Beek
vertraagd afvoeren op bestaande sloot indien nodig
bestaande sloot
st er v o
2
vertraagd afvoeren op bestaande sloot indien nodig
2
Legger Waterschap + natuurlijk overstromingsgebied icm plankaart
4
3
bestaande sloot watert af richting Groote Beek
1
3
Voorkeursvolgorde wateropgave 2
1. water vasthouden in regentonnen en
2
Watersysteem verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
herbruiken 2. water vasthouden in greppels (indien mogelijk ook infiltreren) 3. indien nodig water getrapt afvoeren naar volgende greppel (stuwen) 4. indien nodig water vertraagd afvoeren op oppervlakte water via bestaande sloten (stuwen)
• 15,50 15,47 • • 15,81 15,47 • 15,80 • 16,30 • 16,40 •
AHN met peilen (NAP) icm plankaart 2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 17
Waterberging | uitgangspunten voor de erven Waterberging Bij de inrichting van de erven wordt zoveel mogelijk voor ontharding gekozen. Waar mogelijk wordt verharding omgevormd naar groen. Het toevoegen van bomen en groen zorgt voor een goede doorlaatbaar van de bodem, wat het waterbergend vermogen vergroot. De parkeerplaatsen worden uitgevoerd in halfverharding; met gravel, puinverharding of open verharding.
waakpeil -0,10m insteek sloot waterschijf 0,75 m2
In de seperate bijlage is de berekening van de klimaattool toegevoegd met alle oppervlaktes verhard/ halfverhard oppervlak. De bergingsopgave is voor: • Aanschot 76: 106,5 m3 • Aanschot 80: 106 m3 Qua principe kiezen we voor beide erven voor vertraagd afvoeren. De waterbergende greppels bij de achtertuinen van de nieuwe woningen bieden samen op beide erven voldoende ruimte voor waterberging. Door in de greppels op verschillende punten stuwconstructies met vertragingswijze te plaatsen wordt de capaciteit optimaal gebruikt en wordt er vertraagd afgevoerd richting het beekdal. De greppels zijn 2,20 m breed en ca. 60 cm diep (zie principeprofiel). Ze liggen met de bodem boven de hoogste grondwaterstand (GHG 120-140cm -MV). Met een IT-riool kan het water naar de greppels gebracht worden. Het waakpeil ligt minimaal 10 cm onder maaiveld. Rondom de locatie zijn B-watergangen aanwezig, maar op te grote afstand, of aan de overzijde van de weg. Op kortere afstand zijn greppels aanwezig aan de westzijde van beide percelen en aan de zijde van de Aanschot. Hierop kan geloosd worden als de bergingscapaciteit bereikt is. Het water boven het stuwpeil (stuw tussen bestaande greppels en de waterbergende greppels) loopt over in deze greppels.
1:1
1:1 -0,60m - M.V. 1,00 m 2,20 m
Principeprofiel greppel 2,20 m breed, 0,6 m diep
Open verharding
Halfverharding / gravel
De manier van stuwen en de wijze waarop wordt vertraagd dient nader te worden uitgewerkt in de vergunningsfase. Aandacht voor de positionering van het IT-riool op het erf in relatie tot uitgeefbaarheid en tuinen. Wenselijk is om het IT-riool zoveel mogelijk buiten de tuinen te positioneren. Exacte positionering dient in een vervolgfase nader te worden uitgewerkt.
Greppel met oversteek bij achtertuinen verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 18
Waterberging | inzoom nr 76 bestaande sloot watert af richting Groote Beek
Greppel B1.
stuwtje +15,60
Greppel B2. stuwtje +15,37 Greppel A.
Opgave Vanuit de klimaattool is 106,5 m3 benodigd. Omdat er 43 nieuwe bomen worden aangeplant is een reductie van 0,5 m3 per boom mogelijk, en is er nog 85 m3 waterberging in greppels benodigd. In greppel A, B1 en B2 kan in totaal 89 m3 water gebergd worden. Uitgangspunt zijn de peilen van bestaande sloot: Insteek sloot: + 15,50 en bodempeil: +14,70 Greppel A: 37 m3 Insteek sloot: +15.47 Bodempeil: +14,87 Waakpeil: +15,37 Waterschijf: 0,75m2 Lengte: 50m1 Breedte: 2,20m Stuw tussen A en bestaande sloot: + 15,37 Greppel B1: 26 m3 Insteek sloot:+15,70/+15,50 Bodempeil: +14,87 Waakpeil: +15,37 Waterschijf: 0,75m2 Lengte: 34m1 Breedte: 2,20m
Toe te voegen waterbergende delen (greppels)
verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
Greppel B2: 26 m3 Insteek sloot:+15,81/+15,70 Bodempeil: +15,10 Waakpeil: +15,60 Waterschijf: 0,75m2 Lengte: 34m1 Breedte: 2,20m Stuw tussen B2 en B1: + 15,60
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 19
Waterberging | inzoom nr 80 bestaande sloot watert af richting Groote Beek
stuwtje +15,70
Opgave Vanuit de klimaattool is 106 m3 benodigd. Omdat er 30 nieuwe bomen worden aangeplant is een reductie van 0,5 m3 per boom mogelijk, en is er nog 91 m3 waterberging in greppels benodigd. Uitgangspunt zijn de peilen van bestaande sloot: Insteek sloot: + 15,80 en bodempeil +15,00
Greppel A.
stuwtje +16,20 Greppel B.
Greppel C.
Greppel geen waterbergende functie
In greppel A, B en C kan in totaal 99 m3 water gebergd worden Greppel A: 47 m3 Insteek sloot:+16,30/+15,80 Bodempeil: +15,20 Waakpeil: +15,70 Waterschijf: 0,75m2 Lengte: 63m Breedte: 2,20m Stuw tussen A en bestaande sloot: + 15,70 Greppel B: 16 m3 Insteek sloot:+16,30 Bodempeil: +15,70 Waakpeil: +16,20 Waterschijf: 0,75m2 Lengte: 22m Breedte: 2,20m Stuw tussen B en A: +16,20 Greppel C: 36 m3 Insteek sloot:+16,40/+16,34 Bodempeil: +15,70 Waakpeil: +16,20 Waterschijf: 0,75m2 Lengte: 48m Breedte: 2,20m
Toe te voegen waterbergende delen (greppels) verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 20
Beplantingsaantallen landschapelijke inpassingsmaateregelen Aantalllen beplantingen erf Aanschot 76
A1 A2
E E A3
D
B
E
C
D
E
Soort Houtsingel
A2
Houtsingel
E D
E
Locatie A1
F
A3 B C D E F
Omschrijving 5 m brede houtsingel met 10% Zomereik, 20% Zachte berk, 40% Meidoorn en 30% Sleedoorn
5 m brede houtsingel met 20% Zachte berk, 50% Meidoorn en 30% Sleedoorn Houtsingel 5 m rede houtsingel met 10% Zomereik, 20% Zachte berk, 40% Meidoorn en 30% Sleedoorn Fruitboomgaard Hoogstamfruit Keuze uit: Peer, Kers of Appel Laan Laanbomen (zomerlinde of winterlinde) Bomenrij Kleine boomsoort (sierkers, sierpeer, knotwilg) Solitaire boom of Hoogstam boom keuze uit: Zomerlinde, Walnoot, boomgroep Kastanje, Haagbeuk, Zoete kers Haag inheemse haag bijv. Beuk, Veldesdoorn, Liguster
Maat Bosplantsoen 60/80* Boomvormers 100/125
Aantal/ m2 / m1 60 m1
idem
20 m1
idem
44 m1
maat 14-16 maat 20-25 maat 16-18 maat 20-25
12 stuks 11 stuks 11 stuks 9 stuks
Haagplantsoen 60/80**
75 m1
Maat Bosplantsoen 60/80 *
Aantal/ m2 / m1 30 m1
Boomvormers mt 20-25 Bosplantsoen 60/80*
4 stuks 200 m1
maat 14-16
3 stuks
Aantalllen beplantingen erf Aanschot 80
E G1 D
D D
C B D D
A1 E
D
G2
Locatie A1
E
B C D
A2
F
A2
Struweel
B
Fruitbomen
Omschrijving 3 m breed struweel met: 25% Beuk 25% Meidoorn en 25% Sleedoorn, 25% Veldesdoorn, Bomen: Winterlinde 2-4 m breed, 40% meidoorn, 40% sleedoorn, 20% hondsroos (deels bestaande meidoornhaag) Keuze uit: Peer, Zoete kers of Appel
C
Bomen rond pp
laanbomen Winterlinde of Haagbeuk
maat 20-25
10 stuks
D
Solitaire boom of Keuze uit: Zomerlinde, Walnoot, Kastanje, Haagbeuk, boomgroep Zomereik, Zoete kers Boomvormers erf keuze uit: hoogstam fruitbomen, Walnoot, Honingboom, Winterlinde Vogelakker zadenmengsel historische akkers: mix verschillende graansoorten / bloemrijk meerjarig mengsel Haag inheemse haag bijv. Beuk of Veldesdoorn Haag inheemse haag bijv. Beuk
maat 20-25
8 stuks
Min. maat 14-16
5 stuks
mengsel van Cruydthoeck Haagplantsoen 60/80** Haagplantsoen 60/80**
ca. 10.000m2
E F G1 G2
Soort Struweel met bomen
100 m1 88 m1
* Aanplanten in verschoven verband met onderlinge afstand van 1,25-1,50 m, onderlinge afstand boomvormers 2-8m ** Aanplanten in dubbele rij , verschoven verband, 7 st/m1 verhoeven de ruijter | ideeën voor stad en land
2128 Landschappelijke inrichting R001D | Initiatiefnemers Aanschot 76 en 80 | 21
bestemmingsplan IX Blixembosch (Aanschot 76 en 80)
Bijlage 2 Archeologisch onderzoek
26
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
BUREAUONDERZOEK EN VERKENNEND BOORONDERZOEK AANSCHOT 76 EN 80 TE EINDHOVEN GEMEENTE EINDHOVEN
Bureauonderzoek en verkennend booronderzoek Aanschot 76 en 80 te Eindhoven Opdrachtgever
Boerdereike Aanschot 80 5629 BJ Eindhoven
Rapportnummer
13589.003
Versienummer1
Definitieve versie
Datum
Vestiging
29 april 2025
Boxmeer
Opsteller Paraaf
Kwaliteitscontrole Paraaf
© Econsultancy bv, Vestiging Boxmeer Foto’s en tekeningen: Econsultancy bv, tenzij anders vermeld. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Econsultancy aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek. ISSN: 2210-8777 (Analoog rapport) ISSN: 2210-8785 (Digitaal rapport E-depot) 1
Versie 1 betreft een rapport waarvan geen beoordeling van de bevoegde overheid is ontvangen, bij versie 2 is het rapport wel beoordeeld door de bevoegde overheid.
Econsultancy Archeologisch Rapport
Administratieve gegevens plangebied Projectcode
13589.003
Toponiem
Aanschot 76 en 80
Opdrachtgever
Boerdereike
Gemeente
Eindhoven
Plaats
Eindhoven
Provincie
Noord-Brabant
Kadastrale gegevens
Gemeente Woensel Sectie W nummer 3637, 4079, 4567 en 7200
Omvang plangebied
noordelijk perceel (Aanschot 76) circa 7.700 m2 zuidelijk perceel (Aanschot 80) circa 8.200 m2
Kaartblad
51E (1:25.000)
Coördinaten centrum plangebied
Aanschot 76 X: 160.513 / Y: 389.038 Aanschot 80 X: 160.470 / Y: 388.932
Bevoegde overheid
Gemeente Eindhoven Postbus 90150 5600 RB Eindhoven
Contactpersoon:
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant Postbus 8035 5601 KA Eindhoven
Contactpersoon: adviseur archeologie ven.nl
Bureauonderzoek 4923750100
Booronderzoek 4923759100
Deskundige namens de bevoegde overheid
ARCHIS3 Onderzoeksmeldingsnummer (OM-nr.)
Afdelingshoofd omgevingskwaliteitw
Archeoregio NOaA
Brabants zandgebied
Beheer en plaats documentatie
Econsultancy, Boxmeer/Archeologisch Depot Eindhoven en Helmond
Uitvoerders
Econsultancy,
-
Kwaliteitszorg Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor protocollen 4001, 4002, 4003 en 4004 van de BRL SIKB 4000. Verder is Econsultancy lid van de Nederlandse Vereniging van Archeologische Opgravingsbedrijven (NVAO). De leden van de NVAO bieden kwalitatief hoogstaand archeologisch onderzoek. Het lidmaatschap is een waarborg voor kwaliteit en betrouwbaarheid. Tevens is Econsultancy aangesloten bij de Vereniging van Ondernemers in Archeologie (VOiA). De VOiA behartigt de belangen van meer dan 100 bedrijven in alle takken van de archeologie. Betrouwbaarheid Dit onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd, conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een booronderzoek wordt in het algemeen uitgevoerd door het steekproefsgewijs onderzoeken van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een booronderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de aan- of afwezigheid van archeologische waarden. In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.
Econsultancy Archeologisch Rapport
SAMENVATTING Econsultancy heeft in opdracht van Boerdereike in november 2020 een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek (IVO, verkennende fase) door middel van boringen uitgevoerd. Het plangebied betreft de erven Aanschot 76 en 80 te Eindhoven in de gemeente Eindhoven. De initiatiefnemer is voornemens een gedeelte van de bebouwing te amoveren en hier woningen te realiseren. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken, moet eerst een wijziging van het bestemmingsplan worden doorgevoerd. Hierbij moet ook inzichtelijk te worden gemaakt welke archeologische waarden binnen het plangebied kunnen worden verwacht. De noodzaak tot archeologisch onderzoek vloeit voort uit het Verdrag van Malta (1992) en de Wet ruimtelijke ordening (Wro, 2006). Doel van het bureauonderzoek is een antwoord te vinden op de vraag wat de gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied is. Dit wordt uitgevoerd door middel van het verwerven van informatie, aan de hand van bestaande bronnen, over bekende en verwachte archeologische waarden. Het inventariserend veldonderzoek (IVO-overig, verkennende fase) heeft tot doel de in het bureauonderzoek opgestelde gespecificeerde archeologische verwachting aan te vullen en te toetsen door middel van boringen.
Het veldonderzoek heeft tot doel antwoorden te vinden op wat de bodemopbouw is binnen het plangebied en wat de gevolgen zijn van het in het plangebied aangetroffen bodemprofiel voor de gespecificeerde archeologische verwachting. Met de resultaten van het archeologisch onderzoek kan worden vastgesteld of binnen het plangebied archeologische waarden aanwezig (kunnen) zijn en of vervolgonderzoek dan wel planaanpassing noodzakelijk is. Gespecificeerde archeologische verwachting bureauonderzoek Volgens de opgestelde gespecificeerde archeologische verwachting is de kans op het aantreffen van sporen en vondsten vanaf het Paleolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen middelhoog en hoog voor de periodes Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Resultaten inventariserend veldonderzoek Uit de resultaten van het inventariserend veldonderzoek (IVO, verkennende fase) blijkt dat in het plangebied een AC-profiel aanwezig is (een plaggendek gelegen op een C-Horizont). In een tweetal boringen is een blauwgrijze laag aangetroffen die als beekeerdgrond geïnterpreteerd is. Dit geeft aan dat de locatie vrij nat is geweest en minder geschikt voor landbouwers. Het ontbreken van een podzolbodem geeft aan dat vondstlagen met mogelijk Laat Paleolitisch en Mesolithisch materiaal verstoord zijn geraakt.
De archeologische verwachting voor de periodes Paleolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen kan hiermee naar laag bijgesteld worden. De hoge verwachting op het aantreffen van sporen en vondsten uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd blijft gehandhaafd. Archiefonderzoek Uit de bestudering van de bouwtekeningen uit het archief blijkt dat er verschillende gebouwen, waaronder kippenstallen en varkensstallen vanaf 1956 zijn gebouwd. Een deel van deze gebouwen heeft de ondergrond tot in de C-Horizont geroerd. Het gaat om de ligging in het historische buurtschap Aanschot. Hier zijn ook diepere sporen, zoals waterputten te verwachten.
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
Advies Econsultancy adviseert om dat deel van het plangebied waar de kippenstallen en varkensstallen hebben gestaan vrij te geven. Voor de rest van het plangebied wordt aanbevolen om de dubbelbestemming te behouden. Als duidelijk is waar wat voor ontwikkelingen gepland worden, kan een Programma van Eisen geschreven worden voor een proefsleuvenonderzoek of een archeologische begeleiding. Bovenstaand betreft een advies, opgesteld door Econsultancy. Het advies dient ter goedkeuring voorgelegd te worden aan de bevoegde overheid (gemeente Eindhoven). Na beoordeling wordt door de bevoegde overheid een besluit genomen. Mochten tijdens de graafwerkzaamheden in het vrijgegeven gebied toch archeologische waarden worden aangetroffen, dan dient hiervan melding te worden gemaakt conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet uit juli 2016 bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed2).
Selectieadvies plangebied Aanschot 76 en 80
2
Infodesk email: info@cultureelerfgoed.nl of tel: 033-4217456.
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
BUREAUONDERZOEK .............................................................................................................. 1 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9
3
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK .............................................................................. 15 3.1 3.2 3.3
4
Doelstelling en onderzoeksvragen ................................................................................... 1 Methoden .......................................................................................................................... 1 Afbakening en huidige situatie van het plangebied .......................................................... 2 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 4 Aardwetenschappelijke gegevens .................................................................................... 5 Archeologische waarden .................................................................................................. 7 Beschrijving van het historische gebruik .......................................................................... 9 Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel ........................................................ 13 Conclusie bureauonderzoek ........................................................................................... 14
Doelstelling en onderzoeksvragen ................................................................................. 15 Resultaten ....................................................................................................................... 15 Conclusie veldonderzoek ............................................................................................... 16
CONCLUSIE EN ADVIES ......................................................................................................... 16
LITERATUUR ...................................................................................................................................... 18 BRONNEN .......................................................................................................................................... 20
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
LIJST VAN TABELLEN Tabel I. Tabel II. Tabel IV. Tabel V. Tabel VI. Tabel VII.
Aardwetenschappelijke gegevens plangebied Grondwatertrappenindeling Geraadpleegd historisch kaartmateriaal Verleende bouwvergunningen Gespecificeerde archeologische verwachting Hoofdlijn bodemopbouw
LIJST VAN AFBEELDINGEN Figuur 1. Figuur 2. Figuur 3. Figuur 4. Figuur 5. Figuur 6. Figuur 7. Figuur 8. Figuur 9. Figuur 10. Figuur 11. Figuur 12. Figuur 13. Figuur 14. Figuur 15.
Situering van het plangebied binnen Nederland Detailkaart van het plangebied Luchtfoto van het plangebied Situering van het plangebied binnen de archeologische beleidskaart Situering van het plangebied binnen de Geomorfologische kaart Situering van het plangebied binnen het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) Situering van het plangebied binnen de Bodemkaart Archeologische Gegevenskaart van het onderzoeksgebied Situering van het plangebied op de kadastrale minuut van 1832 Situering van het plangebied binnen de topografische kaart van omstreeks 1900 Situering van het plangebied binnen de topografische kaart van omstreeks 1935 Situering van het plangebied binnen de Topografische kaart uit 1970 Situering van het plangebied binnen de Topografische kaart uit 1994 Boorpuntenkaart Verstoord gebied (op basis van archiefonderzoek)
BIJLAGEN Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7
Overzicht geologische en archeologische tijdvakken AMK-terreinen Onderzoeksmeldingen Vondstmeldingen Bewoningsgeschiedenis van Nederland AMZ-cyclus Boorprofielen
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
1
INLEIDING
Econsultancy heeft in opdracht van het Boerdereike een archeologisch bureauonderzoek en verkennend booronderzoek uitgevoerd voor een plangebied gelegen aan de Aanschot 76 en 80 te Eindhoven in de gemeente Eindhoven (zie figuur 1). Op deze locatie zijn twee agrarische bedrijven aanwezig. De initiatiefnemer is voornemens een gedeelte van de bebouwing te amoveren en hier woningen te realiseren. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken, moet eerst een wijziging van het bestemmingsplan worden doorgevoerd. Hierbij moet ook inzichtelijk te worden gemaakt welke archeologische waarden binnen het plangebied kunnen worden verwacht. De noodzaak tot archeologisch onderzoek vloeit voort uit het Verdrag van Malta (1992) en de Wet ruimtelijke ordening (Wro, 2006). Het archeologisch onderzoek bestaat uit een bureauonderzoek (hoofdstuk 2) en een inventariserend veldonderzoek (IVO-overig, verkennende fase) door middel van boringen (hoofdstuk 3). Op basis van de resultaten van het onderzoek wordt een advies gegeven of vervolgstappen noodzakelijk zijn (hoofdstuk 4). Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd in november 2020 door de heer T.H.L. Hos (senior KNA Archeoloog/Senior KNA Prospector) en mevrouw L. Veendendaal (stagiaire). Het rapport is gecontroleerd door mevrouw P. Beurskens MA (KNA Archeoloog).
2
BUREAUONDERZOEK
2.1
Doelstelling en onderzoeksvragen
Het doel van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Hiervoor wordt een inventarisatie gemaakt van bekende aardwetenschappelijke, archeologische en (cultuur)historische gegevens. Aan de hand van deze inventarisatie wordt het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel opgesteld. 2.2
Methoden
Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd onder certificaat op grond van de BRL SIKB 4000 (KNA, versie 4.1, 24‑05‑2018) en conform de eisen en normen zoals aangegeven in de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA, versie 4.1, 24‑05‑2018), die is vastgesteld door het Centraal College van Deskundigen (CCvD) Archeologie en is ondergebracht bij het SIKB te Gouda. Voor de uitvoering van het bureauonderzoek gelden de specificaties LS01, LS02, LS03, LS04 en LS05. De resultaten van dit onderzoek worden in dit rapport weergegeven conform specificatie LS06. 3 Binnen dit onderzoek zijn de volgende werkzaamheden verricht:
3
afbakening van het plangebied en vaststellen van de consequenties van het mogelijk toekomstige gebruik (LS01);
SIKB.
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
Pagina 1 van 21
beschrijving van de huidige en toekomstige situatie (LS02); beschrijving van de historische situatie en mogelijke verstoringen (LS03); beschrijving van bekende archeologische en historische waarden en aardwetenschappelijke gegevens (LS04); opstellen van een gespecificeerde verwachting (LS05).
Bij het uitvoeren van deze werkzaamheden zijn de volgende bronnen geraadpleegd: 2.3
het Archeologische Informatie Systeem (ARCHIS); de Archeologische Monumenten Kaart (AMK); geologische kaarten, geomorfologische kaarten en bodemkaarten; de centrale toegangspoort tot Data en Informatie van de Nederlandse Ondergrond (DINOLoket); literatuur en historisch kaartmateriaal; bouwhistorische gegevens; de recente topografische kaart (schaal 1:25.000); recente luchtfoto’s; het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN); de Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) van de provincie Noord-Brabant; de archeologische verwachtingskaarten van de gemeente Eindhoven; plaatselijke (amateur-)archeoloog c.q. heemkundevereniging; Cultuurhistorische inventarisatie RAAP; Inventarisatie Militair Erfgoed. Afbakening en huidige situatie van het plangebied
Afbakening en huidige situatie Er dient een onderscheid gemaakt te worden tussen het onderzoeksgebied en het plangebied. Het plangebied is het gebied waarbinnen feitelijk de bodemverstorende ingreep gaat plaatsvinden. Het onderzoeksgebied is het gebied waarover informatie is verzameld om een goed beeld te krijgen van de archeologische waarden binnen het plangebied. Dit gebied is groter dan het plangebied. In het huidige onderzoek betreft het onderzoeksgebied het gebied binnen een straal van circa 500 meter rondom het plangebied.4 He plangebied bestaat uit twee deelgebieden, die beiden gelegen zijn aan de weg de Aanschot aan de noordkant van de bebouwde kom van Eindhoven. De afstand tussen de deelgebieden is circa 30 meter. Ten noordoosten ligt de wijk Blixembosch, ten zuidwesten de wijk Aanschot. Ten noordwesten zijn nog enkele agrarische percelen, die de Aanschotse beemden genoemd worden. Het noordelijke deelgebied (circa 7.700 m2) betreft het huis en erf van Aanschot 76. Aan de wegzijde is een huis aanwezig, op het erf staan drie grote stallen. Enkele van deze stallen zijn in gebruik als caravanstalling. De centrumcoördinaten van dit deelgebied zijn: X =160.513 / Y = 389.038. Het zuidelijke deelgebied (circa 8.200 m2) betreft het huis en erf van de Aanschot 80. Ook hier staat aan de wegzijde een huis en is er meer bebouwing op het erf. Een van de gebouwen op het erf is in
4
Binnen deze straal wordt geacht dat er voldoende informatie beschikbaar is om een gefundeerde uitspraak te doen over de archeologische verwachting van het plangebied.
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
Pagina 2 van 21
gebruikt als biologische supermarkt (het Boerdereike). De centrumcoördinaten van dit deelgebied zijn: X = 160.470 / Y = 388.932. Vigerend beleid Sinds 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht. Het doel van deze wet is te voorkomen dat archeologische waarden uit het verleden verloren gaan. In deze wet zijn de gemeenten verantwoordelijk voor het beheer van het bodemarchief binnen hun grondgebied. Voor een goed beheer van dit bodemarchief gebruikt de gemeente een archeologische beleidskaart. De archeologische beleidskaart geeft een gemeentebreed overzicht van bekende en te verwachten archeologische waarden. De kaart maakt inzichtelijk waar en bij welke ruimtelijke ingrepen een archeologisch onderzoek verplicht is en wordt als toetsingskader gebruikt voor ruimtelijke procedures. Het plangebied valt binnen het Bestemmingsplan VIII Blixembosch (Aanschotse Beemden). Volgens dit bestemmingsplan heeft het plangebied een dubbelbestemming waarde archeologie 1.
Volgens de bijbehorende planregels is archeologisch onderzoek noodzakelijk bij bodemingrepen groter dan 100 m2 en dieper dan 50 cm beneden maaiveld.5 Binnen de bestemmingsplangrens bevinden zich op de verwachtingen- en waardenkaart verschillende beleidscategorieën; het bevindt zich deels in een gebied met een archeologische waarde en deels in een gebied met een hoge archeologische verwachting, vanwege de ligging in een historische kern. Voor terreinen met een archeologische waarde zijn bodemingrepen groter dan 50 m 2, waarbij grondverstoring plaatsvindt dieper dan 0,3 m onder maaiveld, niet toegestaan zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning. Voor gebieden met een hoge archeologische verwachting, vanwege de ligging in de historische kern, is de ondergrens 100 m2 en dieper dan 0,3 m onder maaiveld.6 Huidig milieuonderzoek Gelijktijdig met het archeologisch bureauonderzoek is er voor het plangebied een milieuhygiënisch bodemonderzoek uitgevoerd door Econsultancy (rapportnummer: 13589.002). De resultaten van het milieuhygiënisch bodemonderzoek waren ten tijde van het uitvoeren van dit archeologisch bureauonderzoek nog niet bekend. Tijdens het definitief maken van het archeologisch rapport in april 2025, waren de resultaten van het milieuhygiënische bodemonderzoek bekend.
Volgens het bodemonderzoek bestaat de bodem voornamelijk uit zwak tot sterk siltig, zeer fijn tot matig fijn zand. De bovengrond is bovendien zwak humeus. De ondergrond is plaatselijk matig tot sterk gleyhoudend. Deellocatie A, Aanschot 76: Er wordt geadviseerd om de aanwezige puinverharding en bodemlagen met puinbijmengingen aanvullend te onderzoeken op de aanwezigheid van asbest conform NEN 5707/5897. Deellocatie B, Aanschot 80: De vooraf gestelde hypothese dat de onderzoekslocatie ter plaatse van deellocatie B als "heterogeen verdacht" dient te worden beschouwd, wordt aanvaard. De aangetoonde lichte verontreinigingen in het grondwater vormen echter geen belemmering voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging.
5 6
Portaal voor Ruimtelijke Plannen. Berkvens & Arts 2022.
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
Pagina 3 van 21
Bodemloket De overheid initieert middels het Bodemloket inzicht te geven in maatregelen die de afgelopen jaren getroffen zijn om de bodemkwaliteit in Nederland in kaart te brengen (bodemonderzoek) of te herstellen (bodemsanering). Ook laat het Bodemloket zien waar vroeger (bedrijfs-) activiteiten hebben plaatsgevonden die extra aandacht verdienen. Ook worden op het Bodemloket voormalige potentieel bodembedreigende bedrijfsactiviteiten weergegeven. Gegevens van het Bodemloket dienen als indicatief te worden beschouwd. Het raadplegen van het Bodemloket heeft voor het plangebied geen informatie opgeleverd.7 Deze bodeminformatie wordt bijgehouden in Nazca. Hierbinnen zijn geen onderzoeken bekend die in het plangebied zijn uitgevoerd. 2.4 Toekomstige situatie Het toekomstige gebruik/inrichting van het plangebied kan gevolgen hebben op het in-/ex-situ behoud van de archeologische waarde. Het plangebied wordt opnieuw ingericht. De exacte inrichting van de deelgebieden is nog niet bekend. De initiatiefnemer is in ieder geval van plan om tenminste vier gebouwen te slopen (zie onderstaande afbeelding). Daarnaast wordt in het plangebied onder andere nieuwbouw gepland. Het oppervlak en de diepte van verstoring ten behoeve van de nieuwbouw (of andere ontwikkelingen) is nog onbekend.
De grondwerkzaamheden als gevolg van de realisatie van de nieuwbouw kunnen tot gevolg hebben dat eventueel aanwezige archeologische waarden worden verstoord.
7
Bodemloket
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
Pagina 4 van 21
2.5
Aardwetenschappelijke gegevens
Het landschap heeft altijd een belangrijke rol gespeeld in het nederzettingspatroon. Bij onderzoek naar archeologische sporen in een bepaald gebied is het van groot belang te weten hoe het landschap er in het verleden heeft uitgezien. Men kan meer te weten komen over dit landschap door de geologische opbouw, de bodem en de hydrologie van een gebied te bestuderen. De volgende aardwetenschappelijke gegevens zijn bekend van het plangebied: Tabel I.
Aardwetenschappelijke gegevens plangebied
Type gegevens Geologie
8
Gegevensomschrijving Formatie van Boxtel met een dek van het Laagpakker van Wierden; fluvioperiglaciale afzettingen (leem en zand) met een zanddek (Bx6)
Geomorfologie9
Lage dekzandrug (3L5)
Bodemkunde10
Hoge zwarte enkeerdgrond; lemig fijn zand (zEZ23)
Grondwatertrap
VI
Landschappelijke ontwikkeling Het plangebied bevindt zich binnen een gebied met overwegend afzettingen van de Formatie van Boxtel. De afzettingen van de Formatie van Boxtel zijn afgezet gedurende de laatste ijstijd, toen de wind vrij spel had in het verplaatsen van zand en silt. Over een groot deel van Nederland werd een pakket dekzand afgezet.11 Er ontstonden duidelijke hoogteverschillen, waarbij reliëfverschillen kleiner dan 1,5 meter dekzandplateaus worden genoemd en grotere hoogteverschillen dekzandruggen of dekzandkopjes genoemd worden. Dekzandafzettingen die zijn afgezet tijdens het Laat-Glaciaal zorgden voor nivellering van het landschap door laagtes in het landschap op te vullen. Het dekzand, dat in het plangebied aan het oppervlak wordt aangetroffen, wordt ook wel het Laagpakket van Wierden genoemd, welke behoort tot de Formatie van Boxtel.12 Het water van de in het voorjaar smeltende sneeuwmassa´s erodeerde een deel van de dekzandruggen, waarna afzetting plaatsvond in de lagere delen van het landschap als vlaktes van verspoelde dekzanden. In het Holoceen (vanaf circa 10.000 jaar geleden) zijn in (lokale) beekdalen in de omgeving van Eindhoven afzettingen gevormd bestaande uit leem, veen en zand. Deze afzettingen worden gerekend tot het Laagpakket van Singraven, welke tevens behoren tot de Formatie van Boxtel.
Het dichtstbijzijnde bekende beekdal (van de Groote Beek) bevindt zich op 250 meter ten zuiden van het plangebied. Op de kaart van het fysische landschap van de gemeente Eindhoven is te zien dat het plangebied binnen het overgangsgebied ligt tussen een dekzandrug ten oosten en zuiden van het plangebied en het beekdal van de Groote Beek ten westen van het plangebied.13
8
De Mulder et al., 2003. Altera, 2003. 10 Stichting voor Bodemkartering, 1981. 11 Berendsen, 2008. 12 De Mulder et al., 2003. 13 Erfgoedkaart Fysisch Landschap gemeente Eindhoven. 9
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
Pagina 5 van 21
DINO14 Het Dinoloket is de centrale toegangspoort tot Data en Informatie van de Nederlandse Ondergrond (DINO). Het DINO-systeem is de centrale opslagplaats voor geowetenschappelijke gegevens over de diepe en ondiepe ondergrond van Nederland. Het archief omvat diepe en ondiepe boringen, grondwatergegevens, sonderingen, geo-elektrische metingen, resultaten van geologische, geochemische en geomechanische monsteranalyses, boorgatmetingen en seismische gegevens. De site wordt beheerd door TNO. In het Dinoloket zijn enkele boringen bestudeerd. 15 Hieruit blijkt dat de ondergrond bestaat uit pakket fijn zand en leem. De top van de bodemopbouw bestaat uit fijn zand, maar al binnen een meter onder maaiveld komen relatief dikke leemlagen voor (van een tot enkele meters dik). Geomorfologie De geomorfologische kaart van Nederland (1:50.000) geeft de mate van reliëf en de vormen die in het landschap te onderscheiden zijn weer. Volgens de geomorfologische kaart ligt het plangebied op een lage dekzandrug (3L5). De lage dekzandrug waar het plangebied op ligt, betreft een smalle (circa 250 m breed) noord-zuid georiënteerde rug. Ten oosten van de dekzandrug bevindt zich het beekdal van de Groote Beek. Ten noorden en ten zuiden van de lage dekzandrug zijn hogere dekzandruggen aanwezig. Ten westen is een dekzandvlakte aanwezig (zie figuur 5).
Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) 16 Het Actueel Hoogtebestand Nederland vormt een belangrijke aanvullende informatiebron voor de landschapsanalyse. Dit met behulp van laseraltimetrie verkregen digitale bestand vormt een gedetailleerd beeld van het huidige reliëf in het plangebied. Uitgaande van het AHN ligt het plangebied op een hoge dekzandrug. Op deze rug bevindt zich ook de bebouwde kom van Eindhoven. Ten noordwesten van het plangebied bevindt zich het lager gelegen beekdal van de Groote Beek die zich in de dekzandrug heeft ingesneden. Het beekdal ligt ongeveer 3 m lager dan de dekzandrug. In het plangebied is te zien dat er een hoogteverschil van circa 2 m (15 tot 17 m +NAP) aanwezig is. Met name op het zuidelijke gedeelte van het plangebied lijkt sprake van ophoging (zie figuur 6). Bodemkunde Volgens de Bodemkaart van Nederland (1:50.000) is het plangebied gekarteerd als hoge zwarte enkeerdgrond (zEZ23) (zie figuur 7). Enkeerdgronden zijn oude bouwlanden, die vanaf de Late-Middeleeuwen op de Pleistocene zandgronden zijn ontstaan door het opbrengen van mest (uit potstallen) vermengd met plaggen, die gestoken werden op de woeste gronden (zoals heide, bossen en beekdalen). Dergelijke gronden zijn eerst ontstaan op de hogere delen van het landschap en hebben zich later uitgebreid tot de lagere delen. Ze bestaan uit dikke lagen leemarme en humusrijke gronden.
Het belang van een enkeerdgrond ligt in de beschermende kwaliteiten van het dek. Eventuele archeologische waarden worden in de regel door het
14
Dinoloket. DINO boornummers B51E0475 en B51E036. 16 AHN. 15
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
Pagina 6 van 21
dikke dek beschermd tegen verstoring door onder andere agrarische activiteiten. Sinds de jaren ‘80 van de 20e eeuw is er een grotere en meer systematische aandacht voor plaggenbodems in Nederland. In veel gevallen bleken de betreffende terreinen een hoge dichtheid aan verhoudingsgewijs goed geconserveerde archeologische overblijfselen te bevatten, soms zelfs complete archeologische landschappen. De vaak opmerkelijke resultaten vormen de belangrijkste bron voor de beschrijving van de bewoning en het landgebruik in de zandlandschappen voor de periode vanaf de Midden-Bronstijd tot in de Nieuwe tijd. Veel hiervan representeert de vroegere geschiedenis van de dorpen die tussen de 9 e en de 12e eeuw naast de essen kwamen te liggen. De rijkdom aan archeologische resten heeft er toe geleid dat de hoger en droger gelegen plaggendekken of enkeerdgronden over het algemeen een hoge indicatieve archeologische waarde kregen.17 Grondwatertrap Grondwatertrappen zijn een indicatie voor de diepte van de grondwaterstand en de seizoensfluctuatie daarvan. De grondwatertrappenindeling is gebaseerd op de gemiddeld hoogste (GHG) en de gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG). Hiermee worden de winter- en zomergrondwaterstanden gekarakteriseerd in een jaar met een gemiddelde neerslag en verdamping. In stedelijk gebied zijn geen grondwatertrappen bepaald.
Deze worden als ‘witte vlekken’ op de Bodemkaart van Nederland (1:50.000) weergegeven. Tabel II geeft een overzicht van de klassengrenzen die worden aangehouden bij de indeling van de grondwatertrappen. De trappen worden vastgesteld op een schaal van I tot VII van respectievelijk extreem nat tot extreem droog. Bij sommige grondwatertrappen is een * weergegeven: het gaat hier om tussenliggende grondwatertrappen die een drogere variant vertegenwoordigen. Grondwatertrappenindeling18
Tabel II. Grondwatertrap
I
II'
III'
IV
V'
VI
VII"
VIII
GHG (cm -mv)
-
<40
<40
>40
<40
40-80
>80
> 140
GLG (cm -mv)
<50
50-80
80-120
80-120
>120
>120
>120
-
') ")
Bij deze grondwatertrappen wordt een droger deel onderscheiden Een met een * achter de code als onderverdeling aangegeven "zeer droog deel" heeft een GHG dieper dan 140 cm beneden maaiveld
Gebiedsdelen met een goede ontwatering (Grondwatertrap VI, VII en VIII) zijn zeer geschikt voor landbouw en vormden mede daarom, vooral in het verleden, een aantrekkelijk vestigingsgebied. Ook is het grondwaterpeil een indicatie voor de conservering van metalen en organische resten, hoe beter de ontwatering hoe slechter de conservering. Het plangebied bevindt zich in een gebied dat wordt gekenmerkt met een grondwatertrap VI. Deze grondwatertrap maakt het plangebied een redelijk gunstige vestigingslocatie voor landbouwsamenlevingen. Vanwege deze diepe grondwaterstand is niet te verwachten dat de toekomstige bebouwing het grondwaterpeil zal beïnvloeden. 2.6
Archeologische waarden
Voor de uitkomst van het bureauonderzoek is het van belang de bekende archeologische waarden (al dan niet volledig onderzocht) te beschrijven. Een belangrijke informatiebron is het landelijke ARCHeologisch Informatie Systeem (ARCHIS), dat beheerd wordt door de Rijksdienst voor het Cultureel 17 18
Doesburg et al., 2007. Locher & De Bakker, 1990.
Rapport 13589.003 versie Definitieve versie
Pagina 7 van 21
Erfgoed (RCE).19 In dit systeem worden alle archeologische gegevens verzameld en via internet zijn deze door bevoegden te raadplegen. De bekende archeologische waarden zijn middels kaartmateriaal weergegeven in figuur 8. Hierop staan de in ARCHIS geregistreerde AMK-terreinen, waarnemingen, vondstmeldingen en onderzoeksmeldingen binnen een straal van 500 m weergegeven. Aangezien de gemeentelijke beleidskaart een hoger detailniveau heeft dan de landelijke IKAW (Indicatieve Kaart Archeologische Waarde) is de IKAW voor het onderzoek niet geraadpleegd. Cultuurhistorische Waardenkaart Provincie Noord-Brabant20 In de CHW-kaart van de provincie Noord-Brabant heeft de provincie het ‘provinciaal belang’ aangeduid. Dit belang bestaat uit 21 cultuurhistorische en 16 archeologische landschappen. In de 21 cultuurhistorische landschappen heeft de provincie verschillende cultuurhistorische vlakken gedefinieerd. Van al deze landschappen en vlakken zijn beknopte beschrijvingen gemaakt. De 16 archeologische landschappen hebben tot doel om het bodemarchief in de bewuste gebieden duurzaam en in samenhang te behouden. Het plangebied ligt niet in een cultuurhistorisch en archeologisch landschap. AMK-terreinen binnen het onderzoeksgebied21 De Archeologische Monumentenkaart (AMK) bevat een overzicht van archeologische monumenten/terreinen in Nederland.