CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3c - TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant - Regels

Raadsvergadering 16 juni 2026, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling wijzigingsbesluit TAM-omgevingsplan ‘Emmasingelkwadrant (Bouwblok C)’10.239 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bouwhoogte gebouwen

1. Ter plaatse van 'maximum bouwhoogte' is de maximum bouwhoogte van een gebouw in meters de daar bepaalde waarde. 2. Voor zover de bestaande situatie afwijkt van het bepaalde in het eerste en tweede lid, gelden die maten als maximum. 27.3

Gebouwen voor het opwekken van duurzame energie

1. Gebouwen ten behoeve van voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie zijn binnen en buiten het bouwvlak toegestaan. 2. De maximale bouwhoogte bedraagt 3 m. 3. De maximale oppervlakte bedraagt 15 m².

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

67

68

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

Artikel 28 28.1

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

1. Tenzij elders anders is bepaald, bedraagt de maximum bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, 5 meter. 2. Voor zover de bestaande situatie afwijkt van het bepaalde in het eerste lid, gelden die maten als maximum. 28.2

Erf- en terreinafscheidingen

1. Tenzij elders anders is bepaald, bedraagt de maximum hoogte van een erf- en terreinafscheiding: a. 2 m, voor zover gelegen achter de voorgevelrooilijn; b. 1 m, voor zover gelegen voor de voorgevelrooilijn. 2. Voor zover de bestaande situatie afwijkt van het bepaalde in het eerste lid, gelden die maten als maximum. 28.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde 'groen'

1. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde binnen groen gelden de volgende regels: a. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt een maximum bouwhoogte van 4 meter, met uitzondering van: verlichtingsmasten, waarvoor een maximum bouwhoogte geldt van 6 meter; kunstobjecten, waarvoor een maximum bouwhoogte geldt van 10 meter. 28.4

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde 'verkeer - verblijfsgebied'

1. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde binnen verkeer - verblijfsgebied gelden de volgende regels: a. de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen is 2 meter; b. de maximum bouwhoogte van lichtmasten, vlaggenmasten, verkeersregeling, verkeers- of wegaanduiding is 12 meter; c. de maximale bouwhoogte van kunstobjecten is 10 meter.

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

69

70

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

Artikel 29

Gebruik van bouwwerken

Bouwwerken mogen uitsluitend worden gebruikt op een wijze die in overeenstemming is met: a. een ter plaatse geldend gebruiksdoel als bedoeld in Artikel 8; b. een verleende buitenplanse omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit om af te wijken van de regels over gebruik; c. een verleende omgevingsvergunning om af te wijken, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

71

72

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

Artikel 30

Ondergronds bouwen

Ondergronds bouwen is toegestaan: a. binnen het bouwvlak; b. buiten het bouwvlak: uitsluitend ten behoeve van de aanleg van ondergrondse afvalcontainers. c. In afwijking van sub b. is ondergronds bouwen ter plaatse van de aanduiding 'ondergronds bouwen' toegestaan.

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

73

74

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 7

Aanlegactiviteiten

Artikel 31 Vergunningplichtige aanlegactiviteiten 'Waarde Archeologie 6' 31.1

Toepassingsbereik en oogmerk

1. Deze afdeling is van toepassing op een aanlegactiviteit, voor zover die bestaat uit het verstoren van de bodem door: a. het uitvoeren van grondwerkzaamheden, waartoe ook wordt gerekend het aanleggen van drainage, diepwoelen, mengen van grond, diepploegen en ontginnen; b. het verlagen of afgraven, ophogen of egaliseren van de bodem; c. het graven, verbreden, verdiepen en dempen van sloten, vijvers en andere wateren; d. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en bomen; e. het rooien en vellen van diepwortelende beplantingen en bomen, waarbij de stobben worden verwijderd; f. het omzetten van gras- of akkerland in een teelt waarbij grond wordt afgevoerd, waartoe gerekend wordt boomteelt en graszodenteelt; g. het uitvoeren van heiwerkzaamheden of het op andere wijze indrijven van voorwerpen in de grond; h. het aanbrengen van bovengrondse of ondergrondse transportleidingen en de daarmee verbandhoudende constructies; i. het uitvoeren van werkzaamheden ter verlaging van de grondwaterstand; j. het slopen van gebouwen en het verwijderen van funderingen waarbij grondroering plaatsvindt; k. het aanbrengen van verhardingen. 2. Deze afdeling geldt ter plaatse van 'Waarde - Archeologie 6'; 3. De regels in deze afdeling zijn gesteld met het oog op het tegengaan van het ontstaan of kunnen ontstaan van een onevenredige aantasting van de archeologische waarden. 31.2

Vergunningplicht aanlegactiviteiten

Ter plaatse van 'Waarde - Archeologie 6' is het verboden zonder omgevingsvergunning een aanlegactiviteit archeologische beschermingszone te verrichten. 31.3

Uitzonderingen op de vergunningplicht

1. Het verbod bedoeld in artikel 31.2 geldt niet als de bedoelde activiteiten: a. van ondergeschikte betekenis zijn dan wel behoren tot het normale onderhoud; b. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit regelonderdeel. 2. Het verbod bedoeld in artikel 31.2 geldt niet als de daar bedoelde activiteiten plaatsvinden ter plaatse van 'Waarde - Archeologie 6' en de bodemverstoring niet dieper gaat dan 4 meter onder maaiveld. 31.4

Beoordelingsregels

De omgevingsvergunning voor een aanlegactiviteit archeologische beschermingszone wordt verleend als: a. archeologisch onderzoek is uitgevoerd; en b. uit het onderzoek blijkt dat door die werken, geen bouwwerken zijnde of werkzaamheden dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen geen onevenredige aantasting van de archeologische waarden ontstaan of kunnen ontstaan.

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

75

31.5

Aanvraagvereisten

Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een aanlegactiviteit archeologische beschermingszone wordt een archeologisch rapport verstrekt dat voldoet aan de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld dat: a. het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd door middel van planaanpassing (behoud in situ) of door middel van opgraving (behoud ex situ); b. de (te verwachten) archeologische waarden door de verstoring naar oordeel van het bevoegd gezag niet onevenredig worden geschaad; of c. naar oordeel van het bevoegd gezag geen sprake is van behoudenswaardige archeologische waarden. 31.6

Advies gemeentelijk adviseur archeologie

Voordat wordt besloten over een aanvraag omgevingsvergunning voor een aanlegactiviteit archeologische beschermingszone, wordt advies gevraagd bij de gemeentelijk adviseur archeologie. 31.7

Vergunningvoorschriften

Als het uitvoeren van de aanlegactiviteit archeologische beschermingszone waarvoor een omgevingsvergunning wordt gevraagd kan leiden tot onevenredige verstoring van archeologische waarden, dan worden aan de omgevingsvergunning de volgende voorschriften verbonden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden (behoud in situ), en/of; b. de verplichting tot het doen van opgravingen (behoud ex situ), op basis van een Programma van Eisen.

76

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 8

Milieubelastende activiteiten

Niet relevant voor dit TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C).

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

77

78

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 9

Artikel 32

Algemene regels

Anti-dubbeltelbepaling

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

79

80

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 10 Overgangsregels

Artikel 33 33.1

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 33.2

Afwijken

Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid 33.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 33.1 met maximaal 10%. 33.3

Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken

Lid 33.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 33.4

Overgangsrecht gebruik

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 33.5

Strijdig gebruik

Het is verboden het met dit TAM-omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 33.4, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dit TAM-omgevingsplan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 33.6

Verboden gebruik

Indien het gebruik, bedoeld in lid 33.4, na het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 33.7

Uitzondering op het overgangsrecht gebruik

Lid 33.4 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

vastgesteld TAM-omgevingsplan Emmasingelkwadrant (bouwblok C) Gemeente Eindhoven

81

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16931796/1