CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Landschappelijke bouwstenen Groenzone Dorgelolaan

Raadsvergadering 1 juli 2025, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Plangrenswijziging Fellenoord9.112 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

LANDSCHAPPELIJKE BOUWSTENEN GROENZONE PROFESSOR DOCTOR DORGELOLAAN MEI 2025

Index

Index

2

Aanleiding

3

Bouwstenen

7

Locatie

8

Verbindend landschap

9

Landschapstypologieën

10

Een gradiënt van vier landschappen

12

Plangebied raamwerkkaart

14

Landschappelijk raamwerk

15

Ontwerpmethodiek

16

Beschermen

17

Versterken en verbinden

18

Creëren

30

Landschappelijke bouwstenen

44

Bijlage I Gidssoorten

50

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

2

Aanleiding Context

Aanleiding en doel

De spoorzone in Eindhoven speelt een sleutelrol in de groei van de stad en het versterken van haar positie als hart van de high-tech maakindustrie van Brainport Eindhoven. Het stationsgebied transformeert van een monofunctioneel gebied, gekarakteriseerd door verkeersruimte en kantoren, naar een levendig en gemengd stadsdistrict met bebouwing van hoge dichtheid. Om richting te geven aan deze verdichtingsopgave heeft de gemeenteraad in 2021 de Ontwikkelvisie Fellenoord (hierna: Ontwikkelvisie) vastgesteld. In de ontwikkelvisie komen verschillende ambities en thema’s bij elkaar zoals gezonde verstedelijking, klimaatadaptatie, maatschappelijke opgaven, de implementatie van een stedelijke mobiliteitsstrategie en de ontwikkeling van een nieuw busstation.

In het kader van de planologische procedure van een van de ontwikkellocaties aan de Dorgelolaan is een ecohydrologisch onderzoek uitgevoerd om de waarde van de (broek)bossen in het deelgebied ‘Groene wig langs Dorgelolaan/spoor’ te bepalen. Uit dat onderzoek blijkt dat de aanwezige natuurwaarden vrij uniek zijn voor stedelijk gebied. Daarom is het belangrijk deze te behouden en waar mogelijk te versterken. Wat ook bijzonder is, is de gradiënt in het landschap: het gaat hier om een verbinding van het natte beekdal bij de Dommel naar de hoge droge grond bij het Wasven. De zone tussen de Dommel en de Berenkuil is afwisselend ingevuld met kantoren, parkeren en groen. Het groen bestaat uit een viertal (broek)bossen en een watergang langs het spoor.

Het plangebied van de gebiedsontwikkeling Fellenoord is onderverdeeld in 11 ontwikkelclusters. Voor de openbare ruimte buiten de clusters wordt een raamwerk openbare ruimte opgesteld, waarin uitgangspunten voor de herinrichting en ontwikkeling van de openbare ruimte buiten de clusters worden vastgelegd. Aan de Prof. Dr. Dorgelolaan (hierna: Dorgelolaan) liggen verschillende ontwikkelclusters: Cluster 9A, 9B en 9C. Voor Cluster 9A en 9B heeft het college van B&W in 2023 de ruimtelijke kaders vastgesteld. Voor Cluster 9C wordt nu een clusterpaspoort voorbereid.

De groene kamers tussen de clusters en ontwikkellocaties zijn ook essentieel om te zorgen dat er evenwicht is tussen bebouwing en groen. Het deelgebied wordt namelijk geïntensiveerd in het kader van de verdichtingsopgave zoals hierboven benoemd. Dit biedt tegelijk een kans om de verschillende landschappen te verbinden en te versterken om daarmee tot diep in de stad een robuust ecosysteem te realiseren. Deze studie heeft tot doel om landschappelijke bouwstenen te definiëren voor de verdere uitwerking van de clusters en de groene ruimten binnen en tussen de clusters. Er worden landschappelijke bouwstenen voor de gehele Dorgelolaan uitgewerkt, maar ook voor de clusters individueel. Voor de clusters zijn of worden clusterpaspoorten uitgewerkt. Deze studie kan worden gebruikt als input hiervoor. De haalbaarheid van de voorstellen dient (afhankelijk van de fase) bij de kaderstelling of in de planuitwerking van de verschillende clusters of het Ruimtelijk Raamwerk verder te worden onderzocht. Een bouwontwikkeling moet voldoen aan het gemeentelijke groenbeleid. Deze studie helpt kansen te identificeren voor versterking van het gebied. Een clusterpaspoort vormt het kader voor een ontwikkeling. Voor zover dit document strijdig is met reeds vastgestelde kaders (een clusterpaspoort en/of bestemmingsplan), prevaleert het vastgestelde kader.

De Dorgelolaan incl. de ontwikkelclusters zijn de in Ontwikkelvisie gedefinieerd als het deelgebied ‘Groene wig aan de Dorgelolaan/ spoor’. De benaming groene wig refereert aan de groenstructuur van ‘De Karpen’. De groene wiggen vormen samen met de stadsparken de groene hoofdstructuur van Eindhoven.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

3

Vergroenen van de Professor Doctor Dorgelolaan

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

4

Versterken van recreatieve netwerken

Dorgelolaan oversteekbaar maken snelfietspad

recreatieve paden

Dommelpassage

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

5

Ontwerpen voor de fauna

Alpenwatersalamander

Vuurvlinder

Bunzing

Grote Bonte Specht

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

6

Bouwstenen 1

1

Landschappelijke verkenning en ecosysteemanalyse op basis van Nature-Based Solutions

2 Groenzone Professor Doctor Dorgelolaan op basis van de methodiek van Nature-Based Solutions

Landschappelijke bouwstenen voor de ontwikkelclusters

Voor dit document 'Landschappelijke bouwstenen Groenzone Professor Doctor Dorgelolaan' is gewerkt met de methodiek van Nature-Based Solutions (NBS). In de eerste fase van het proces is een landschappelijke verkenning uitgevoerd, inclusief een ecosysteemanalyse van de aanwezige en wenselijke gidssoorten in het plangebied (zie bijlage gidssoorten). Op basis van de verschillende habitateisen van de meeliftende soorten zijn groene structuurdragers bepaald die wenselijk zijn voor de landschappelijke inrichting van de groenzone. Hierbij zijn de drie hoofdthema's van Nature-Based Solutions (behouden, versterken en creëren) als uitgangspunt genomen. In de laatste stap zijn landschappelijke bouwstenen ontwikkeld voor de inrichting van de landschapsontwerpen, als onderdeel van de herontwikkeling van clusters 9A tot en met 9C binnen de gebiedsontwikkeling Fellenoord.

2

3

3

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

7

Locatie

Plangebied en onderzoeksgebied

Onderzoeksgebied

Plangebied

Het plangebied beslaat het gebied tussen het spoor en de Professor Doctor Dorgelolaan aan de noordzijde van het spoor in Eindhoven. Aan de oostzijde begrenst de infrastructuur van de Berenkuil het gebied, terwijl het Dommeldal de westelijke grens vormt. De Professor Doctor Dorgelolaan markeert de noordelijke grens, en het spoor vormt de zuidelijke grens. Voor de landschappelijke verkenning is de plangrens voor het onderzoeksgebied wat ruimer getekend.* De groenzone is

namelijk onderdeel van een grotere landschappelijke structuur en heeft raakvlakken en verbindingen met zowel het campusterrein van de Technische Universiteit Eindhoven aan de noordzijde van de Professor Doctor Dorgelolaan evenals het hoger gelegen Groendomein Wasven aan de oostkant van de Berenkuil/Insulindelaan (ringweg).

*Dit document schetst een gebied groter dan het plangebied zelf; het onderzoeksgebied. Alle ontwerpvoorstellen die binnen dit gebied vallen (bijvoorbeeld het terrein van de Technische Universiteit Eindhoven), worden in een vervolgproces met stakeholders en eigenaren verder afgestemd en uitgewerkt. De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Van versnipperd groen naar verbindend landschap

De groenstructuur van Eindhoven kenmerkt zich voornamelijk door de drie groene wiggen die vanuit het buitengebied tot in het centrum van de stad reiken.1 Het plangebied is onderdeel van Groene wig de Karpen in de noordoostflank van Eindhoven. De Groene wig bestaat uit grotere groenstructuren, maar ook veel snippergroen. De basis voor de groenzone voor de Professor Doctor Dorgelolaan is; het versnipperde groen en de groenstructuren te verbinden tot een gevarieerd landschap met een herkenbare identiteit voor dit gedeelte van De Groene wig. 1 - Groenbeleidsplan Eindhoven (2017) NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

9

Landschapstypologieën

Natuurlijk gradiënt van hoge zandgronden naar beekdal Hoge zandgronden

Beekdal

Campuslandschap

Beekdal

Het onderzoeksgebied* kenmerkt zich door een natuurlijk gradiënt van hoge zandgronden naar het lage beekdal. De gradiënt maakt van dit gebied een uniek stukje landschap met waardevolle natuur in de directe omgeving van het hart van Eindhoven. Het doel is om met landschappelijke bouwstenen de bestaande kern- en natuurkwaliteiten te verbeteren en versterken.

NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

10

Landschapstypologieën Aanwezige natuurdoeltypen

Bos van bron en beek

Eiken en beukenbos van lemige zandgronden

Zoom, mantel en droog struweel van hoge gronden

Karpendonkse Plas

Langzaam stromende midden- en benedenloop Bos van arme zandgronden Droog bos met productie

Campuslandschap

Schrale graslanden

Beekdal

Heidelandschap

Broekbos

In het gebied zijn een divers aantal natuurdoeltypen en landschappelijke overgangszones te vinden. Juist deze landschappelijke gradiënten maken het onderzoeksgebied bijzonder voor natuurbeleving, gidssoorten en de bijzondere identiteit voor dit gebied in Eindhoven; een aantal (broek) bossen centraal in een stedelijke omgeving.

Bron: OpenData Eindhoven (natuurdoeltypen, beheertypen en hoofdcategorie openbaar groen) geraadpleegd op 01/10/24)

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

11

Een groene wig, een gradiënt van vier landschappen

2 1

4

Droge bossen

Beekdal 3

Eindhoven heeft de ambitie om een leefbare, gezonde en klimaatadaptieve stad te zijn als basis voor een sterk vestigingsklimaat in het hart van de Brainport. Het groen in de stad vormt hiervoor de voorwaarde.1 Met de groenzone Dorgelolaan kan het onderzoeks- en plangebied een bijdrage leveren aan bovenstaande voorwaarde op basis van een aantal concrete hoofdprincipes; Bekijk de groene wig als één landschapspark en niet als losse ruimtelijke structuren, versterk de bestaande groene wig door de verschillende groengebieden te verbinden, realiseer gradiënten en diversiteit

Campuslandschap

(broek)bossen

binnen de landschappelijke structuur, ontwerp vanuit de thematiek ‘water van het plangebied bestaat uit een gradiënt van vier landschappen: droge en bodemsturend’ en maak het groen zichtbaar, beleefbaar en toegankelijk. bossen, campuslandschap, (broek)bossen en beekdal. De groenzone van de Professor Doctor Dorgelolaan is onderdeel van de Groene Wig 'de Karpen'. Het hoofdconcept voor deze wig is; een groene wig die 'zoveel mogelijk verbonden is' en 'zo continu mogelijk is'. Het plangebied kan een belangrijke schakelrol vervullen in het verbinden van het groen van de Groene Wig 'de Karpen'. De landschappelijke invulling

1 - Groenbeleidsplan Eindhoven (2017) NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

12

Van ecosysteem naar een groenblauw landschap

Plangebied

Het plangebied is voor een groot gedeelte een geïsoleerd gebied met een aantal percelen tussen de bestaande (broek)bossen. Hier ligt tevens de uitdaging voor de opgave; het geïsoleerde gebied maximaal verbinden dwars door omliggende barrières om vervolgens een aantrekkelijke werkomgeving te realiseren midden tussen kwetsbare en kwalitatieve natuur. Op de tekening is de begrenzing van het plangebied aangegeven.

Het landschap voor de groenzone bestaat uit de volgende uitgangspunten: 1. De vier natuurdoeltypen: beken en bronnen, droge schraalgraslanden, vochtige bossen en droge bossen, bepalen gezamenlijk het karakter van de groenzone. 2. Er zijn vier gidssoorten voor het gebied voorgesteld die randvoorwaardelijk zijn voor de landschappelijke inrichting. 3. Er zijn ecologische verbindingen en gradiënten geïdentificeerd om een robuust ecosysteem te realiseren.

NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

13

Groenzone Professor Doctor Dorgelolaan

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

14

Groenzone Professor Doctor Dorgelolaan

Projectdemarcatie

Legenda landschapskaart Beschermen

Versterken en verbinden

Bestaande droge bossen op terrein Faunapassage ondergronds Bestaande (broek)bossen op terrein inclusief 5m beschermingsgrens

Open water met begeleidende groenstructuur en beplanting Schrale graslanden Beschermen beboste zones langs de ontwikkelgebieden

Ontkluizen watergangen

Faunapassage bovengronds Kans: ontkluizen watergang voor bovengrondse verbinding naar de Dommel, stedelijk profiel van 6,5m

Bestaande bomen Doortrekken ecologische verbinding, boven/onder het spoor

Algemeen

Creëren Natuurontwikkeling naast de Dommeloevers, verbreden van de oeverzone met flauwe taluds

Natuurontwikkeling: nieuwe boskamers

Vergroening maaiveld bij herontwikkeling kavels en nieuwbouw Moerasachtig landschap ((broek)bossen)

Fietspad

Ontwikkelkavels binnen clusters Kans: Groenblauwe daken

Groenblauwe ruggengraat; minimaal 15 meter, inclusief natuurvriendelijke oevers

Versterken en verbinden: Bebost gebied naast het spoor

NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Herinrichting terrein naast Dommeloevers, VSO Dutch Mountains 2022

Projectdemarcatie

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

15

Ontwerpmethodiek

BESCHERMEN van bestaande ecosystemen

VERSTERKEN EN VERBINDEN herstel van natuurlijke landschappen

CREËREN van nieuwe groene en blauwe gebieden

De groenzone is opgebouwd rond drie hoofdelementen: bescherming, herstel en creatie van natuurlijke systemen, met een focus op NatureBased Solutions (NBS). Deze aanpak hanteert een hiërarchische benadering, waarbij de bescherming van bestaande ecosystemen prioriteit heeft. Door waardevolle natuurgebieden te behouden, worden belangrijke ecologische diensten, zoals waterregulatie en biodiversiteit, veiliggesteld. Het herstel van gedegradeerde ecosystemen volgt, waarbij natuurlijke processen worden hersteld om de ecologische veerkracht te vergroten. Dit

draagt bij aan vermindering van klimaatrisico’s, zoals overstromingen en droogte, door het verbeteren van waterbeheer en natuurlijke hydrologie. Ten slotte wordt de creatie van nieuwe groenstructuren geïmplementeerd om ecologische verbindingen te versterken. Door het aanleggen van groenzones, groene daken en waterlopen wordt de biodiversiteit bevorderd en worden steden klimaatbestendiger, terwijl ook de levenskwaliteit van bewoners wordt verbeterd. Door Nature-Based Solutions te integreren, ontstaat een veerkrachtig landschap dat zowel ecologische als maatschappelijke voordelen biedt. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

16

Beschermen van bestaande ecosystemen Ingrepen op basis van de ontwerpmethodiek 'Nature-Based Solutions'

Bestaande droge bossen op terrein

Bestaande (broek)bossen op terrein inclusief beschermingsgrens

Open water met begeleidende groenstructuur en beplanting

Bestaande bomen

Bestaande bomen Potentieel broekbos

Droog bos

Droog bos Broekbos

De groenzone kan op het oog beschreven worden als ‘rommelig’ groen. Echter uit het beleid van de gemeente Eindhoven en verschillende onderzoeken blijkt dat de aanwezige natuurwaarden vrij uniek zijn voor een stedelijk gebied en daarom zoveel mogelijk dienen behouden te blijven. De waardevolle ecosystemen (en groengebieden) die behouden blijven zijn; het bestaande groen en bomen binnen het plangebied en in de directe omgeving met daarnaast de groene bermen tussen en naast de Professor Doctor Dorgelolaan

Spoorsloot

aan de noordkant van het plangebied. Het behoud van de stuw is gewenst om laaggelegen bos met brede sloten, vochtiger bos en hoog/droog bos. Behoud het waterpeil in het gebied te reguleren en de watergang (spoorsloot) met en versterking van de bestaande boomsoorten en beplanting draagt bij aan spoortalud aan de zuidkant van het plangebied is een waardevolle continue de kenmerkende gradiënt en identiteit. blauwe structuur. De vier bestaande (broek)bossen en de groene verbindingen tussen de bosstructuren zijn behoudenswaardig. Daarom is als laatste een ‘beschermingsgrens’ van 5m getekend om de bestaande (broek)bossen en watergang. De broekbosjes zijn verdeeld in vier categorieën; broekbos,

NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

17

Versterken en verbinden van natuurlijke landschappen Ingrepen op basis van de ontwerpmethodiek 'Nature-Based Solutions'

Faunapassage ondergronds Faunapassage bovengronds Groenblauwe ruggengraat; minimaal 15 meter, inclusief natuurvriendelijke oevers Ontkluizen watergang voor bovengrondse verbinding naar de Dommeloevers

Versterken en verbinden: Bebosing gebied langs het spoor

Versterken van de groenblauwe verbindingen parallel aan de Dorgelolaan, tussen de Dommel en The Core, bijvoorbeeld door het ontkluizen van de watergang.

Ontharden bestaand terrein

Herstellen, versterken en verbinden van de bestaande ecosystemen draagt bij aan de bijzondere landschappelijke gradiënten en bijbehorende natuurwaarden in het gebied. Het betreft een unieke verbinding tussen het natte beekdal en de hoge droge gronden. Versterking en verbinding in de groenzone bestaat uit de volgende kansen: Versterking en verbinding in de groenzone bestaat uit het ecologisch versterken van de bestaande watergangen, onder andere door (indien mogelijk) ontkluizing

Ruimte reseveren voor ecologische inrichting van watergangen

Integreren van bovengrondse faunapassages voor het slechten van barrièrewerking van de infrastructuur

en verbreding van de watergang tussen de Dommel en The Core. Daarbij wordt ingezet op een gevarieerde, begeleidende beplanting met een evenwichtige mix van nieuwe en bestaande bomen. Dit draagt niet alleen bij aan de biodiversiteit, maar zorgt ook voor een robuuste ecologische verbindingszone en buffer richting het spoor. Daarnaast is er aandacht voor het verbeteren van de (broek)bosstructuren en het creëren van ruimte voor groene verbindingen.

NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

18

Versterken en verbinden van natuurlijke landschappen Ingrepen op basis van de ontwerpmethodiek 'Nature-Based Solutions'

Faunapassage ondergronds Faunapassage bovengronds

Schrale graslanden

Bestaande bomen

zoekgebied oversteekplaats Integreren faunapassages door het slechten van de barrièrewerking van de infrastructuur

Vergroening Profiel Professor Doctor Dorgelolaan, bijvoorbeeld door het versmallen van het rijbaanprofiel van de hoofdontsluitingen voor de auto

Versterking en verbinding in de groenzone bestaat ook uit de volgende kansen: Het versmallen van de rijbanen en verharding op de Professor Doctor Dorgelolaan. Het aantal rijbanen blijft gelijk, maar er is ruimte om de rijbanen een halve meter smaller te maken. Daarbij ontstaat mogelijk de kans om de verspringing van het fietspad aan de westzijde van het broekbos bij cluster B en C te verleggen, waardoor extra ruimte vrijkomt voor het broekbos. De haalbaarheid hiervan volgt uit de verdere

uitwerking van het Ruimtelijk Raamwerk.Aanvullend kan op meerdere locaties de oversteekbaarheid van de Dorgelolaan worden verbeterd. In het schema zijn drie indicatieve plekken hiervoor weergegeven; de exacte locaties dienen nog nader te worden onderzocht. De vergroening van de Dorgelolaan draagt bij aan het versterken van de groenidentiteit van de drie karakteristieke landschappen, waarbij een zichtbaar gradiënt ontstaat tussen de bosstructuren naar het beekdal van de Dommeloevers.

NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

19

Creëren van nieuwe groenblauwe gebieden

Faunapassage ondergronds

Ingrepen op basis van de ontwerpmethodiek 'Nature-Based Solutions'

Faunapassage bovengronds

Natuurontwikkeling: Nieuwe boskamers Vergroening maaiveld bij herontwikkeling kavels en nieuwbouw Kans: Groenblauwe daken Natuurontwikkeling langs de Dommeloevers, verbreden en verflauwen van de oeverzone

Creëren van nieuwe boskamers

Vergroening van percelen als onderdeel van kavelontwikkeling (creëren van groenblauwe verbindingszones)

Aanleg faunapassage i.v.m. uitbreiding busremise en zoeklocatie energieverdeelstation enexis

Verbreden van het Dommeloever (onderdeel van de Dommelpassage)

Naast ‘bescherming’ en ‘herstel’ is er ook ruimte om groenblauwe gebieden te creëren. De nieuwe gebieden vergroten het bestaande raamwerk en bieden kansen om de bestaande ecosystemen diverser en completer te maken of nieuwe toe te voegen. Maar het groenblauwe raamwerk heeft niet alleen natuurdoelstellingen. Er liggen kansen om de groenblauwe gebieden beter zichtbaar en beleefbaar te maken om een prettige woon, werk- en verblijfsomgeving voor bewoners, werknemers en bezoekers

te bieden. Kansen liggen in het vergroenen en verbreden van de Dommeloever, het realiseren van een nieuwe boskamer in potentie tot een nieuw broekbos) en het vergroenen van de percelen Dorgelolaan 30 en 40. Bij de uitbreiding van de busremise en ter hoogte van de zoeklocatie voor het energieverdeelstation wordt tevens een kans gezien om een faunapassage onder de Professor Doctor Dorgelolaan.

NB: De getekende voorstellen binnen het onderzoeksgebied zijn geen ontwerpvoorstellen maar ambities vanuit het landschap op het grotere geheel.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

20

Landschappelijke bouwstenen

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

21

Landschappelijke bouwstenen

Landschappelijke bouwstenen voor de ontwikkellocaties binnen de clusters

9A

9B

9C

Op basis van de ontwerpmethodiek van Nature-Based Solutions is voor het gebied een set van landschappelijke bouwstenen opgesteld. Ze zijn opgesteld om het bestaande bijzondere landschap te behouden, verbeteren en versterken. Het is de ambitie de landschappelijke bouwstenen toe te passen bij de verdere uitwerking van de ontwikkellocaties binnen de clusters. Op deze manier zorgen de specifieke bouwstenen voor een herkenbaar en verbindend landschap voor deze plek binnen de Groene wig 'de Karpen'. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

22

Legenda

Ontwerpprincipes landschap voor de verdere uitwerking van de clusters

Beschermen

Versterken en verbinden

Bestaande droge bossen op terrein

Faunapassage ondergronds

Bestaande (broek)bossen op terrein inclusief beschermingsgrens

Faunapassage bovengronds

Bestaande bomen

Groenblauwe ruggengraat; minimaal 15meter, inclusief natuurvriendelijke oevers

Creëren Robuuste stapsteen, bijvoorbeeld nieuwe boskamer

Tijdelijke hemelwateropvang op (eigen) terrein

Vergroening maaiveld bij herontwikkeling kavels en nieuwbouw

Open water met begeleidende groenstructuur en beplanting Kruidenrijke vegetatie Schrale graslanden

Versterk moerasachtig landschap; (broek)bossen Daktuin

Kroonprojectie +5 meter, beschermingszone voor bestaande bomen in relatie tot nieuwbouw

Kroonprojectie +1.5 meter, beschermingszone voor bestaande bomen in relatie ondergrondse voorzieningen Beschermingszone van mininmaal 5m vanaf kavelgrens voor behoud van bestaande groenstructuren

Beheerzone van 5m langs gebouwen binnen bestaande groenstructuren.

Ontkluizen watergang

Hemelwaterafvoer van daken en terrein naar spoorsloot, niet in de bodem van de (broek) bossen

Vergroening zone tussen Dutch Mountains en het spoor

Geveltuin/gevelbeplanting

Nestkasten in gevels

Aanplant bomen op kavel

Hemelwateropvang

Hemelwater hergebruiken

De legenda op deze pagina toont de verschillende landschappelijke bouwstenen per thema; beschermen, versterken en creëren. De bouwstenen worden toegepast op de verschillende kavels binnen het plangebied.

De landschappelijke ontwerpprincipes voor de clusters kennen de volgende opbouw: 1. een pagina met de bestaande situatie, 2. een overzicht van de hoofdingrepen, 3. stap 1, landschappelijke bouwstenen beschermen, 4. stap 2, landschappelijke bouwstenen versterken, 5. stap 3, landschappelijke bouwstenen creëren

Overstortvoorziening

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

23

Landschappelijke bouwstenen cluster 9A Bestaande situatie

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

24

Landschappelijke bouwstenen cluster 9A Overzicht ontwerpprincipes

Overzicht ontwerpprincipes Voor het ontwerpen van de landschappelijke bouwstenen wordt de ontwerpmethodiek van Nature-Based Solutions (NBS) gehanteerd, zoals eerder toegelicht in het eerste hoofdstuk. Belangrijkste uitgangspunten voor de ontwikkellocatie zijn onder andere: •

Het beschermen van bestaande groenstructuren op het terrein en langs de Professor Doctor Dorgelolaan.

•

Het versterken en verbinden van bestaande structuren, zoals de groenblauwe ruggengraat en de groenzone langs het spoor.

•

Het creëren van nieuwe groenblauwe gebieden om de ecologische netwerken robuuster te maken, waaronder de Dommeloever en een nieuwe boskamer.

Op de volgende pagina’s wordt dieper ingegaan op de verschillende ontwerpprincipes.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

25

Landschappelijke bouwstenen cluster 9A Beschermen van bestaande bomen

Beschermen Bestaande bomen

Beschermen van bestaande bomen langs de Professor Doctor Dorgelolaan

Beschermen van bestaande bomen langs de Dommel

Samenvatting ontwerpprincipes •

Het beschermen en behouden van de bestaande bomen- en groenstructuur langs de Professor Doctor Dorgelolaan is een belangrijk uitgangspunt. Voor de integratie van de bomen langs de Dommeloevers in de herinrichting van de oeverzone is aanvullend onderzoek nodig.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

26

Landschappelijke bouwstenen cluster 9A Stap 2: Versterken van de groenblauwe ruggengraat

Versterken en verbinden

Faunapassage ondergronds

Ontkluizen watergang

Faunapassage bovengronds Vergroening zone tussen Dutch Mountains en het spoor

Doortrekken groenblauwe ruggengraat richting gevel ‘Dutch Mountains’

Vergroening zone tussen ‘Dutch Mountains’ het Spoor

Samenvatting ontwerpprincipes •

Het ontkluizen van de watergang ten noorden van de perceelgrens van The Dutch Mountains versterkt het blauwgroene netwerk en draagt bij aan de zichtbaarheid en beleving van water in het gebied. De watergang wordt stedelijk ingepast in het profiel, met een breedte van circa 6,5 meter (exacte inpassing wordt nog bepaald). Hierdoor ontstaat een zichtbare verbinding van de Professor Doctor Dorgelolaan naar de Dommel.

•

De zone langs het spoor, tussen de kavel van The Dutch Mountains en de spoorbundel, biedt kansen voor vergroening. Deze strook sluit aan op de groenblauwe ruggengraat en kan een robuuste verbinding vormen richting de Dommelpassage. Vanwege de aanwezigheid van ProRail vastgoed en infrastructuur aan de zuidzijde van het perceel is aanvullend onderzoek nodig om te bepalen in hoeverre een vergroening hier mogelijk is.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

27

Landschappelijke bouwstenen cluster 9A Stap 3: Creëren van nieuwe groenblauwe stapstenen

Creëren Robuuste stapsteen, bijvoorbeeld nieuwe boskamer

Hemelwateropvang

Nestkasten in gevels

Hemelwater hergebruiken Overstortvoorziening

Natuurontwikkeling Dommeloevers Overloop naar watergang/Dommel Wateropvang op groendak

Wateropvang op groendak

Waterdak Congresdak

Natuurontwikkeling tussen cluster 9A en The Core

Samenvatting ontwerpprincipes •

Het bestaande terrein biedt kansen voor vergroening door het creëren • van robuuste ecologische stapstenen, bijvoorbeeld met de aanleg van een nieuwe boskamer tussen The Dutch Mountains en The Core. Bestaande bomen op het terrein, met name bij het huidige parkeerterrein bij The Core, kunnen mogelijk worden geïntegreerd. Doordat het maaiveld op deze locatie dicht bij het grondwaterpeil ligt, is er potentie voor de ontwikkeling van een broekbos. Dit vraagt om aanvullende beheersmaatregelen. •

De Dommeloevers maken onderdeel uit van de gebiedsontwikkeling • Fellenoord, waarbij meer ruimte wordt gereserveerd voor de rivier. Dit gebeurt onder andere door het het flauwer maken van de oeverzones en een natuurinclusieve inrichting van het terrein. Het profiel van de Dommel wordt hierbij verbreed en doorgetrokken onder het spoor, als onderdeel van de Dommelpassage. Waterberging op private terreinen vindt plaats conform het geldende

beleid, zoals vastgelegd in het omgevingsplan en uitgewerkt in de bijbehorende rekentool Klimaatopgave op eigen kavel. In het VOSP van de "Dutch Mountains" (2022) wordt voorgesteld om te werken met een watercascade, waarbij water wordt opgevangen op het congresdak (in een waterbassin) en op de daken van de toren, en vervolgens wordt afgevoerd naar de binnentuin. Onder de binnentuin komt een inpandig bassin met vertraagde leegloop en een overloop naar de watergang, dat een deel van het resterende water opvangt. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

28

Landschappelijke bouwstenen cluster 9B Bestaande situatie

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

29

Landschappelijke bouwstenen cluster 9B Overzicht ontwerpprincipes

Ligging infrastructuur indicatief

Overzicht ontwerpprincipes Voor het ontwerpen van de landschappelijke bouwstenen wordt de ontwerpmethodiek van Nature-Based Solutions (NBS) gehanteerd, zoals eerder toegelicht in het eerste hoofdstuk. Belangrijkste uitgangspunten voor de ontwikkellocatie zijn onder andere: •

Het zoveel mogelijk beschermen van de (broek)bossen aan de west- en oostzijde, de spoorsloot en de bijbehorende groenstructuren voor zover mogelijk binnen de kaders van het onherroepelijk bestemmingplan.

•

Het versterken en verbinden van bestaande structuren, zoals de groenblauwe ruggengraat, die de verschillende (broek)bossen met elkaar verbindt en zo bijdraagt aan de ontwikkeling van een robuuste groenblauwe structuur.

•

Het creëren van een zachte overgang tussen de gevels en de omliggende groenstructuren, waarbij wordt onderzocht hoe de bebouwing kan worden ingepast om de groenidentiteit van de Professor Doctor Dorgelolaan te versterken.

Op de volgende pagina’s wordt dieper ingegaan op de verschillende ontwerpprincipes. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

30

Landschappelijke bouwstenen cluster 9B

Beschermen

Stap 1: Beschermen van de (broek)bossen en de spoorsloot

Bestaande (broek)bossen op terrein inclusief beschermingsgrens

Kroonprojectie +5 meter, beschermingszone voor bestaande bomen in relatie tot nieuwbouw

Bestaande bomen

Beschermingszone van mininmaal 5m vanaf kavelgrens voor behoud van bestaande groenstructuren

Open water met begeleidende groenstructuur en beplanting

Beheerzone van 5m langs gebouwen binnen bestaande groenstructuren

Beschermen van de bestaande bosstructuren

Beschermen zoom aan de zuidkant van het ontwikkelcluster

Samenvatting ontwerpprincipes •

De bestaande (broek)bossen aan de west- en oostzijde van de kavel worden

•

zoveel mogelijk behouden, waarbij de bestaande contouren van de bosstructuren gerespecteerd worden. Om de ecosystemen van de (broek)bossen te beschermen, mag hemelwater vanaf het terrein en straatniveau niet worden afgevoerd naar deze gebieden. •

Tussen het gebouw, de (broek)bossen en de spoorsloot wordt een onderhoudszone van minimaal 5 meter vrijgehouden.

•

Het behoud van bestaande bomen wordt beoordeeld op basis van een inventarisatie en een kwaliteitsonderzoek.

De bestaande watergang, de spoorsloot, en de bijbehorende groenstructuren aan de zuidzijde van het cluster worden behouden en beschermd. Binnen de 15-meterzone van de spoorsloot mag niet worden gebouwd.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

31

Landschappelijke bouwstenen cluster 9B Stap 2: Versterken van de groenblauwe ruggengraat

Versterken en verbinden

Groenblauwe ruggengraat; minimaal 15meter, inclusief natuurvriendelijke oevers

Ontkluizen watergang

Verbreden Spoorsloot en introduceren natuurvriendelijke oevers; ontkluizen watergang

Samenvatting ontwerpprincipes •

De verbreding van de spoorsloot draagt mogelijk bij aan het versterken van de bestaande kwaliteit en de ontwikkeling van een ecologische hoofdstructuur: de groenblauwe ruggengraat. Deze ruggengraat verbindt het beekdal met de droge bossen. Dit dient nader onderzocht te worden. De ecologische verbindingszone versterkt het leefgebied van diverse gidssoorten, waaronder marterachtigen en amfibieën, en draagt bij aan een robuust ecosysteem.

•

De groenblauwe ruggengraat krijgt een profiel van minimaal 15 meter, gemeten vanaf het insteektalud aan de spoorzijde van de watergang. Door deze zone te verbreden, ontstaat ruimte voor het flauwer maken van de oeverzones aan de noordzijde van de sloot, met een talud van minimaal 1:3 (zie ontwerpprincipes spoorsloot). Zo wordt een geleidelijke overgang gerealiseerd van natte zones naar mantel-zoomvegetatie. Door de aanplant van nieuwe bomen kan de groenblauwe ruggengraat worden versterkt tot een gevarieerde ecologische zone.

•

Aan de zuidzijde van de ruggengraat wordt ruimte gereserveerd voor de integratie van bestaande onderhoudsinfrastructuur, ten behoeve van het spoor en het mogelijk beheer van de groenstructuren.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

32

Landschappelijke bouwstenen cluster 9B Stap 3: Creëren van een groene kavel met een klimaatadaptief gebouw

Creëren Hemelwateropvang

Daktuin

Geveltuin/gevelbeplanting Hemelwater hergebruiken Nestkasten in gevels Overstortvoorziening

Aanplant bomen op kavel

Inrichting dak parkeerdek: +1,5m dakopbouw

Samenvatting ontwerpprincipes •

Daken van ondergrondse parkeergarages die uitsteken buiten de gebouwvoetprint worden bij voorkeur groen ingericht, idealiter met een grondopbouw van minimaal 1,5 meter. Afhankelijk van de positionering en voetafdruk van het gebouw kan deze strook worden benut voor waterretentie of de aanplant van bomen.

•

Door het integreren van groene gevels, geveltuinen en nestkasten ontstaat een zachtere overgang tussen de bebouwing en de bestaande groenstructuren aan de randen van het perceel.

•

Het gebouw sluit met de noordgevel direct aan op de Professor Doctor Dorgelolaan. Het is belangrijk dat hier een zachte overgang ontstaat tussen de gevel en het bestaande groen, waarmee de groene identiteit van de Dorgelolaan wordt versterkt. Door het fietspad naar het noorden te verplaatsen, ontstaat extra ruimte voor een groene inrichting aan de noordzijde van het gebouw. Deze zone vraagt om nadere uitwerking, met specifieke aandacht voor de inpassing van ondergrondse kabels en leidingen.

•

Waterberging op private terreinen vindt plaats conform het geldende beleid, zoals vastgelegd in het omgevingsplan en uitgewerkt in de bijbehorende rekentool Klimaatopgave op eigen kavel. Bij voorkeur gebeurt dit via groene oplossingen, zoals wadi’s en groenblauwe daken. Daarnaast wordt gekeken naar de inpassing van overloopvoorzieningen op de spoorsloot.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

33

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C - Dorgelolaan 30 Bestaande situatie

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

34

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C Dorgelolaan 30 Overzicht ontwerpprincipes

Overzicht ontwerpprincipes Voor het ontwerpen van de landschappelijke bouwstenen wordt de ontwerpmethodiek van Nature-Based Solutions (NBS) gehanteerd, zoals eerder toegelicht in het eerste hoofdstuk. Belangrijkste uitgangspunten voor de ontwikkellocatie zijn onder andere: •

Het zoveel mogelijk beschermen van de (broek)bossen aan de west- en oostzijde, de spoorsloot en de bijbehorende groenstructuren.

•

Het versterken en verbinden van bestaande structuren, zoals de groenblauwe ruggengraat, die de verschillende (broek)bossen met elkaar verbindt en zo bijdraagt aan de ontwikkeling van een robuuste groenblauwe structuur.

•

Het creëren van een zachte overgang tussen de gevels en de omliggende groenstructuren, waarbij wordt onderzocht hoe de bebouwing kan worden ingepast om de groenidentiteit van de Professor Doctor Dorgelolaan te versterken.

Op de volgende pagina’s wordt dieper ingegaan op de verschillende ontwerpprincipes. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

35

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C Dorgelolaan 30 Stap 1: Beschermen van de (broek)bossen en de spoorsloot

Beschermen Bestaande (broek)bossen op terrein inclusief beschermingsgrens

Kroonprojectie +5 meter, beschermingszone voor bestaande bomen in relatie tot nieuwbouw

Bestaande bomen

Beschermingszone van mininmaal 5m vanaf kavelgrens voor behoud van bestaande groenstructuren

Open water met begeleidende groenstructuur en beplanting

Beschermen van de bestaande bosstructuren

Beschermen zoom aan de zuidkant van het ontwikkelcluster

Samenvatting ontwerpprincipes •

De bestaande (broek)bossen aan de west- en oostzijde van de kavel worden • zoveel mogelijk behouden, waarbij de contouren van de bosstructuren worden gerespecteerd. Binnen de kavel wordt een zone van 5 meter • vrijgehouden tussen de (broek)bossen en de nieuwbouw, gemeten vanaf de westelijke en oostelijke kavelgrens. In deze zone mag niet worden gebouwd. De strook dient zowel als onderhoudszone als beschermingszone. •

Om het ecosysteem van de (broek)bossen te beschermen, mag hemelwater van het privéterrein niet worden afgevoerd naar deze gebieden. De bestaande watergang (de spoorsloot) en de bijbehorende groenstructuren aan de zuidzijde van het cluster worden behouden en beschermd. Het behoud van bestaande bomen wordt beoordeeld op basis van een inventarisatie en een kwaliteitsonderzoek. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

36

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C Dorgelolaan 30

Versterken en verbinden Groenblauwe ruggengraat; minimaal 15meter, inclusief natuurvriendelijke oevers

Hemelwaterafvoer van daken en terrein naar spoorsloot, niet in de bodem van de (broek)bossen

Stap 2: Versterken van de groenblauwe ruggengraat

Ontkluizen watergang

Verbreden Spoorsloot en introduceren natuurvriendelijke oevers

Samenvatting ontwerpprincipes •

De verbreding van de spoorsloot draagt bij aan het versterken van de bestaande kwaliteit en de ontwikkeling van een ecologische hoofdstructuur: de groenblauwe ruggengraat. Deze ruggengraat verbindt het beekdal met de droge bossen en verbindt tegelijkertijd de verschillende (broek)bossen met elkaar. De ecologische verbindingszone versterkt het leefgebied van diverse gidssoorten, waaronder marterachtigen en amfibieën, en draagt bij aan een robuust ecosysteem.

•

De groenblauwe ruggengraat krijgt een profiel van minimaal 15 meter, gemeten vanaf het insteek-talud aan de spoorzijde van de watergang. Door de zone te verbreden ontstaat ruimte voor het verflauwen van de oeverzones aan de noordzijde van de sloot, met een talud van minimaal 1:3 (zie ontwerpprincipes spoorsloot). Hiermee wordt een geleidelijke overgang gerealiseerd van natte zones naar mantel-zoomvegetatie.

•

Aan de zuidzijde van de ruggengraat wordt ruimte gereserveerd voor de integratie van bestaande onderhoudsinfrastructuur, ten behoeve van het spoor en het beheer van de groenstructuren.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

37

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C Dorgelolaan 30 Stap 3: Creëren van een groene kavel met een klimaatadaptief gebouw

Creëren Tijdelijke hemelwateropvang op (eigen) terrein

Geveltuin/gevelbeplanting

Vergroening maaiveld bij herontwikkeling kavels en nieuwbouw

Nestkasten in gevels Aanplant bomen op kavel

Kruidenrijke vegetatie Hemelwateropvang Daktuin Hemelwater hergebruiken Overstortvoorziening

vergroening maaiveld (i.v.m. herontwikkeling cluster)

Inrichting dak parkeerdek: +1,5m dakopbouw

Vergroening achterkant bestaande gebouwen

Samenvatting ontwerpprincipes •

•

De zuidzijde van de nieuwbouw kan worden benut voor een ondergrondse parkeergarage die buiten de gebouwvoetprint uitsteekt in de richting van de spoorsloot. Daarbij moet voldoende afstand worden gehouden tot de bestaande groenstructuren, zodat deze behouden en beschermd blijven binnen het ontwerp. Het dak van de parkeergarage biedt ruimte voor vergroening, bij voorkeur met een grondopbouw van min. 1,5m. Deze zone kan worden ingezet voor waterretentie en – waar de opbouw het toelaat – de aanplant van bomen.

•

•

Door het fietspad naar het noorden te verplaatsen, ontstaat extra ruimte voor een groene inrichting aan de noordzijde van het gebouw. Deze zone vraagt om nadere uitwerking, met specifieke aandacht voor de inpassing van kavels en ondergrondse kabels en leidingen. Daarnaast kan het terrein tussen de bebouwing en de spoorsloot verder worden onthard en vergroend, mits de ontsluiting van de parkeergarage blijft functioneren. Zo ontstaat een zachtere overgang naar de omliggende groenstructuren. Het toepassen van groene gevels, geveltuinen en

nestkasten versterkt deze overgang en draagt bij aan biodiversiteit en ruimtelijke kwaliteit. •

Waterberging op private terreinen vindt plaats conform het geldende beleid, zoals vastgelegd in het omgevingsplan en uitgewerkt in de bijbehorende rekentool Klimaatopgave op eigen kavel. Bij voorkeur gebeurt dit via groene oplossingen, zoals wadi’s en groenblauwe daken. Daarnaast wordt gekeken naar de inpassing van overloopvoorzieningen op de spoorsloot.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

38

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C - Dorgelolaan 40 Bestaande situatie

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

39

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C Dorgelolaan 40 Overzicht ontwerpprincipes

Overzicht ontwerpprincipes Voor het ontwerpen van de landschappelijke bouwstenen wordt de ontwerpmethodiek van Nature-Based Solutions (NBS) gehanteerd, zoals eerder toegelicht in het eerste hoofdstuk. Belangrijkste uitgangspunten voor de ontwikkellocatie zijn onder andere: •

Het zoveel mogelijk beschermen van de (broek)bossen aan de west- en oostzijde, de spoorsloot en de bijbehorende groenstructuren.

•

Het versterken en verbinden van bestaande structuren, zoals de groenblauwe ruggengraat, die de verschillende (broek)bossen met elkaar verbindt en zo bijdraagt aan de ontwikkeling van een robuuste groenblauwe structuur.

•

Het creëren van een zachte overgang tussen de gevels en de omliggende groenstructuren, waarbij wordt onderzocht hoe de bebouwing kan worden ingepast om de groenidentiteit van de Professor Doctor Dorgelolaan te versterken.

Op de volgende pagina’s wordt dieper ingegaan op de verschillende ontwerpprincipes. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

40

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C Dorgelolaan 40 Stap 1: Beschermen van de (broek)bossen en de spoorsloot

Beschermen Bestaande droge bossen op terrein

Bestaande (broek)bossen op terrein inclusief beschermingsgrens

Kroonprojectie +5 meter, beschermingszone voor bestaande bomen in relatie tot nieuwbouw

Beschermingszone van mininmaal 5m vanaf kavelgren voor behoud van bestaande groenstructuren

Bestaande bomen

Open water met begeleidende groenstructuur en beplanting

5 meter offset vanaf bestaande bossen

Beschermen van de bestaande bosstructuren

Beschermen groene zoom aan de zuidkant van het ontwikkelcluster Samenvatting ontwerpprincipes •

Beschermen van de bestaande (broek)bossen aangrenzend aan de west- en oostzijde van het terrein, waarbij de bestaande contour van de bosstructuren zoveel mogelijk moeten worden beschermd. Aan de oost- en westzijde van het cluster wordt vanaf de kavelgrens een beschermingszone van minimaal 5 meter gereserveerd, om bestaande groenstructuren te beschermen. Binnen deze zone mag zowel bovengronds, als ondergronds niet worden gebouwd. De zone hiertussen kan tevens worden gebruikt voor onderhoud.

•

De ondergrondse parkeergarage mag aan de zuidkant uitsteken tot aan de rand van het groenblauwe ruggengraat, zie volgende pagina onder ‘versterken en verbinden’.

•

Beschermen van de bestaande watergang, de spoorsloot, inclusieve bijhorende groenstructuren in het zuiden van het cluster.

•

Het behoud van bestaande bomen wordt op basis van een inventarisatie en kwaliteitsonderzoek beoordeelt. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

41

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C Dorgelolaan 40

Versterken en verbinden

Groenblauwe ruggengraat; minimaal 15meter, inclusief natuurvriendelijke oevers

Stap 2 Versterken van de groene ruggengraat

Hemelwaterafvoer van daken en terrein naar spoorsloot, niet in de bodem van de (broek)bossen

Verbreden Spoorsloot en introduceren natuurvriendelijke oevers

Samenvatting ontwerpprincipes •

Verbreding van het spoorsloot voor het versterken van hun bestaande kwaliteit tot het ontwikkelen van een ecologische hoofdstructuur: De groenblauw ruggengraat verbindt het beekdal met de droge bossen en de (broek)bossen met elkaar. De ecologische verbindingszone draagt bij aan een robuust habitat voor verschillende gidssoorten, waaronder marterachtigen en amfibieën.

•

De groenblauwe ruggengraat heeft een profiel van minimaal 15 meter, gemeten vanaf het insteek-talud op de spoorzijde van het water.

•

Door het verbreden van de zone wordt ruimte gereserveerd voor het flauwer maken van de oeverzones aan de noordzijde van de sloot met een talud van minimaal 1:3 (zie ontwerpprincipes spoorsloot). Hiermee wordt een geleidelijke overgang van natte zones naar matel-zoom vegetatie gecreëerd.

•

Op de zuidkant van de ruggengraat wordt ruimte overgehouden voor het integreren van bestaande infrastructuur voor onderhoud.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

42

Landschappelijke bouwstenen cluster 9C Dorgelolaan 40 Stap 3: Creëren van een groene kavel met een klimaatadaptief gebouw

Creëren Daktuin

Hemelwateropvang

Geveltuin/gevelbeplanting

Hemelwater hergebruiken Overstortvoorziening

Nestkasten in gevels Aanplant bomen op kavel

Gevelbeplanting en natuurinclusieve inrichting

Groendaken met tijdeljke hemelwateropvang

Inrichting dak ondergrondse parkeergarage met +1,5m dakopbouw

Samenvatting ontwerpprincipes •

•

De zuidzijde van de nieuwbouw kan worden benut voor een ondergrondse parkeergarage die buiten de gebouwvoetprint uitsteekt in de richting van de spoorsloot. Daarbij moet voldoende afstand worden gehouden tot de bestaande groenstructuren, zodat bestaande bomen behouden en beschermd blijven binnen het ontwerp. De bovenzijde van de parkeergarage biedt ruimte voor vergroening, bij voorkeur met een grondopbouw van min. 1,5m. Deze zone kan worden ingezet voor waterretentie en – waar de opbouw het toelaat – de aanplant van bomen.

•

Door het integreren van groene gevels, geveltuinen en nestkasten ontstaat een zachtere overgang tussen de bebouwing en de bestaande groenstructuren aan de randen van het perceel.

•

Het gebouw sluit met de noordgevel direct aan op de groenzone van de Professor Doctor Dorgelolaan. Belangrijk is dat hier een zachte overgang ontstaat tussen de gevel en het bestaande groen, waarmee de groene identiteit van de Dorgelolaan wordt versterkt. Voor deze zone is nadere uitwerking nodig, met specifieke aandacht voor de inpassing van kavels en ondergrondse kabels en leidingen.

•

Waterberging op private terreinen vindt plaats conform het geldende beleid, zoals vastgelegd in het omgevingsplan en uitgewerkt in de bijbehorende rekentool Klimaatopgave op eigen kavel. Bij voorkeur gebeurt dit via groene oplossingen, zoals wadi’s en groenblauwe daken. Daarnaast wordt gekeken naar de inpassing van overloopvoorzieningen op de spoorsloot.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

43

Ontwerpprincipes

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

44

Ontwerpprincipes groenblauwe ruggengraat

Verbreding spoorsloot als onderdeel van de groenblauwe ruggengraat De spoorsloot vormt een schakel in de groenblauwe ruggengraat die het beekdal, droge bossen en (broek)bossen ecologisch verbindt. Dit vergroot de biodiversiteit en het leefgebied van soorten zoals marterachtigen en amfibieën. De zone krijgt een profiel van minimaal 15 meter, met flauwe oevers aan de noordzijde en ruimte voor onderhoudsinfrastructuur aan de zuidzijde.

Spoorsloot, bestaande situatie

Groenblauwe ruggengraat: Minimale breedte van 15 meter, inpassen van natuurvriendelijke oevers met eentalud van minimaal 1:3

Variant: Getrapte, natuurvriendelijke oevers en inpassen van bestaande bomen

Variant: Waar mogelijk verbreden van de groenblauwe ruggengraat

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

45

A’

B

A

B’

Ontwerpprincipes bestaande bomen

A-A' Principeprofiel kavelgrens en boskamers

Beschermen van de bestaande groenstructuren Bestaande bosstructuren worden zoveel mogelijk beschermd, met aan de oost- en westzijde van het cluster een beschermingszone van minimaal 5 meter vanaf de kavelgrens. Binnen deze zone mag niet worden gebouwd, noch bovengronds noch ondergronds. Het behoud van bomen op het terrein wordt beoordeeld op basis van een bomeninventarisatie en kwaliteitsonderzoek.

B-B' Principeprofiel ondergronds parkeren en groenblauwe ruggengraat

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

46

Ontwerpprincipes gevels langs Professor Doctor Dorgelolaan

Principeprofiel: Bomen in volle grond

Gevelzone aan de Professor Doctor Dorgelolaan De gevelzone langs de Professor Doctor Dorgelolaan versterkt de drie aanwezige groenstructuren: boslandschap, campuslandschap en beekdal. De inrichting van het profiel heeft twee varianten: een met beplanting in volle grond of een op het dak van een ondergrondse parkeergarage met minimaal 1,5 meter grondopbouw. Afstemming met ondergrondse kabels, leidingen en kavelindeling is noodzakelijk om vergroening en technische functies te combineren.

Principeprofiel: Ondergronds parkeren met 1,5 meter dakopbouw in afstemming met kabels en leidingen (geel vlak)

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

47

Ontwerpprincipes hemelwater

De bergingseis binnen het perceel is 60mm per m2 verhard oppervlak.

Vermijd het afvoeren van hemelwater naar de bestaande (broek)bossen.

Gebruik de bestaande groenbermen en -stroken (aan de noordkant van het plangebied) om op af te wateren (en mogelijk water te bergen in een laagte of wadi). Voor zover mogelijk in relatie tot de ligging van de kabels en leidingen in de groenbermen.

Gebruik daken voor hemelwaterberging. Benut het opgeslagen water voor hergebruik in het gebouw of voor het groendak.

Gebruik zo min mogelijk verharding op het maaiveld. Kies bij gebruik van verharding waterpasserende stenen, grasstenen of halfverharding.

Omgang met hemelwater De waterberging op private terreinen vindt plaats conform het geldende beleid, zoals vastgelegd in het omgevingsplan en uitgewerkt in de bijbehorende rekentool Klimaatopgave op terrein/kavel. Bij voorkeur wordt ingezet op groene oplossingen, zoals wadi’s en groenblauwe daken. Daarnaast is een ruimtelijke inpassing van een overloopvoorziening op de spoorsloot mogelijk, waarmee hemelwater tijdelijk kan worden geborgen. Dit vraagt om nadere uitwerking in samenwerking met het waterschap. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

48

Ontwerpprincipes groendaken

Geveltuinen

Groene gevels

Het landschap doortrekken naar gevel- en daktuinen om het leefgebied te vergroten en obstakels te overbruggen. Intensieve groendaken

Nestkasten

Inpassen van groene gevels groendaken De landschappelijke bouwstenen zetten in op intensieve groendaken en groene gevels om de ecologische en ruimtelijke kwaliteit te versterken. De bovenzijde van de ondergrondse parkeergarage wordt ingericht als daktuin met een grondopbouw van minimaal 1,5 meter, geschikt voor beplanting en waterretentie. Deze opbouw maakt het mogelijk om volwaardige vegetatie en zelfs bomen te integreren. Gevelgroen, geveltuinen en nestkasten verzachten de overgang naar de omliggende groenstructuren en voegen ecologische waarde toe aan de perceelranden.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

49

Bijlage

Natuurdoeltypen, gidssoorten en habitateisen

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

50

Toekomstige ontwikkelingen

Afstemmen op basis van kenmerken van de verschillende natuurdoeltypen

Broekbos

Schale graslanden

Beekdallandschap

Kenmerken

Kenmerken

Kenmerken

Schrale graslanden zijn soortenrijke ecosystemen die gekenmerkt worden door een lage

Het beekdallandschap in Nederland ligt langs meanderende beken en rivieren, en wordt gekenmerkt

beschikbaarheid van voedingsstoffen (voedselarm), vaak op zandige of kalkrijke bodems. Ze bieden

door afwisselende vegetatiezones van natte graslanden tot drogere akkers. De vruchtbare, vochtige

leefruimte voor veel zeldzame en gespecialiseerde planten, zoals orchideeën, en dieren, waaronder insecten als vlinders en bijen. Door het gebrek aan stikstof en fosfor is er weinig concurrentie van snelgroeiende soorten, wat de biodiversiteit bevordert. Deze graslanden zijn vaak droog en

bodem en natuurlijke dynamiek zorgen voor een rijke biodiversiteit van planten, vogels, vissen en insecten. Dit kleinschalige landschap heeft een lange landbouwgeschiedenis, maar is afhankelijk van een stabiele waterhuishouding om zijn ecologische en cultuurhistorische waarde te behouden.

(broek)bossen in zijn vochtige, natte bossen die voorkomen in laaggelegen gebieden zoals beek- en rivierdalen. Ze bevatten bomen zoals zwarte els en wilg, en herbergen een rijke biodiversiteit van planten en dieren die afhankelijk zijn van de vochtige omstandigheden. Deze bossen ontstaan op klei- en veengronden en vereisen een stabiele waterhuishouding. (broek)bossen zijn belangrijke, maar kwetsbare ecosystemen die sterk afhankelijk zijn van natuurlijke waterdynamiek.

zonnig, en vereisen specifiek beheer zoals maaien zonder bemesting om hun ecologische waarde te behouden. Klimaatverandering en stikstofdepositie vormen bedreigingen voor deze gebieden.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

51

Toekomstige ontwikkelingen

Afstemmen op basis van kenmerken van de verschillende gidssoorten

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

52

Fauna

Aanwezige gidssoorten (gebaseerd op dierenfactsheets)

Bunzing

Kleine vuurvlinder

Alpenwatersalamander

Grote Bonte Specht

Binnen het project wordt ontworpen vanuit het perspectief van vier gidssoorten die momenteel op het terrein aanwezig zijn. De habitateisen van deze gidssoorten zijn tijdens het proces geanalyseerd en afgezet tegen de huidige inrichting van het terrein. Op basis van de NBS-methodiek is onderzocht waar ecologische structuren onderbroken worden en waar bestaande kwaliteiten van het landschap benut kunnen worden om de ecologische waarde te versterken.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

53

Ontwerpen vanuit gidssoorten Bunzing (marterachtige)

Bunzing Ecologische corridor: • Droog, 100m breed Foerageergebied • Kleinschalig structuurrijk landschap, zoals bosranden, houtwallen en struweel • Groene oevers en waterrijke omgeving voor extra aanvulling in het voedselaanbod

Leefgebied: Kleinschalig structuurrijk landschap

Inrichting: Rustige overhoekjes, ontsnipperende voorzieningen bij wegen

Bron: OpenData Eindhoven (Kansenkaart biodiversiteit, Dierenfactsheets), geraadpleegd op 1/10/24

Marterachtigen leven in een kleinschalig, structuurrijk landschap dat rijk is aan voedsel en schuilplekken, zoals rommelige overhoekjes, en dat zich altijd in de nabijheid van open waterstructuren bevindt. Als jagers voeden zij zich voornamelijk met kleine zoogdieren, vogels en hun eieren, zolang deze niet groter zijn dan een konijn. Marterachtigen hebben een relatief brede ecologische corridor nodig. Daarom is het belangrijk om de bestaande bosstructuren langs de Professor Doctor Dorgelolaan te versterken. Daarnaast wordt voorgesteld om ondergrondse faunapassages in te passen, zodat het leefgebied minder versnipperd raakt en de barrièrefunctie van de weg wordt verminderd. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

54

Ontwerpprincipes Bunzing (marterachtige)

Verbreden van de bestaande bosranden om een ecologische corridor van 100 meter te creëren. Maximale onderbreking van het habitat is 100 meter.

Aanleg van veilige oversteekplaatsen bij fysieke barrières. Bijvoorbeeld een ecopassage onder de Professor Doctor Dorgelolaan.

Diversiteit in beplanting aanbrengen, met een geleidelijke overgang van grasland, via struweel, naar bosrand.

Voor elke ecologische gidssoort zijn de habitateisen en hun ruimtelijke implicaties op de locatie in kaart gebracht. Door principes te ontwerpen kunnen bouwstenen worden ontwikkeld die mogelijke keuzes voor de inrichting van de openbare ruimte inzichtelijk maken. Deze principes dienen in een latere fase als basis voor het opstellen van de kavelpaspoorten. In de praktijk blijkt het realiseren van bepaalde principes, zoals een ecologische corridor met een minimale breedte van 100 meter, op sommige locaties echter niet haalbaar. In zulke gevallen is maatwerk nodig om de habitatkwaliteit en de verbindingsfunctie zo goed mogelijk te waarborgen. Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

55

Ontwerpen vanuit gidssoorten Bunzing (marterachtige)

VERSTERKEN EN VERBINDEN

VERSTERKEN EN VERBINDEN

BESCHERMEN

Bestaande bosstructuren

De kaart toont de habitateisen van marterachtigen. Deze gidssoort heeft een structuurrijke habitat nodig een minimale breedte vanheeft 100 De kaart toont de habitateisen van met marterachtigen. Deze doelsoort meter en onderbrekingen van maximaal 100 meter. Om aan deze eisen een structuurrijke habitat nodig met een minimale breedte van 100 te voldoen, moeten de bestaande bosstructuren langs hetaan spoor worden meter en onderbrekingen van maximaal 100 meter. Om deze eisen versterkt, terwijl beschermde gebieden zoals de (broek)bossen behouden te voldoen, moeten de bestaande bosstructuren langs het spoor worden blijven. Daarnaast is het belangrijk om dezoals barrièrefunctie van wegen, zoals versterkt, terwijl beschermde gebieden de (broek)bossen behouden langs de Professor Doctor Dorgelolaan, te verminderen, bijvoorbeeld blijven. Daarnaast is het belangrijk om de barrièrefunctie van wegen, zoals

Bestaand grasland

door het aanleggen van ondergrondse faunapassages. Door de weg te vergroenen en hetDoctor verharde profiel te verkleinen, kan een geschikte langs de Professor Dorgelolaan, te verminderen, bijvoorbeeld ecologische corridor worden gerealiseerd. door het aanleggen van ondergrondse faunapassages. Door de weg

Voorstel: Verbreding faunacorridor

te vergroenen en het verharde profiel te verkleinen, kan een geschikte ecologische corridor worden gerealiseerd.*

Voorstel: Faunapassage

50

Faunacorridor

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

56

Ontwerpen vanuit gidssoorten Kleine vuurvlinder

Kleine vuurvlinder Ecologische corridor: • Grasland, 25m breed • Maximale onderbreking: 50m Inrichting corridor • Kruidenrijke/bloemrijke vegetatie • Heide/schrale graslanden Barrières • Provinciale wegen > 10.000 • Weg > 4-baans

Leefgebied: Schrale graslanden

Inrichting: Bloemrijke graslanden en bermen

Bron: OpenData Eindhoven (Kansenkaart biodiversiteit, Dierenfactsheets), geraadpleegd op 1/10/24

Kleine vuurvlinders leven in kruiden- en bloemrijke vegetatie, zoals de schrale, open graslanden op de campus van de TU Eindhoven en langs de Professor Doctor Dorgelolaan. Voor de optimale ontwikkeling van deze nectarrijke habitat is het belangrijk een extensief en gefaseerd maaibeleid te hanteren, waarbij zo min mogelijk wordt gemaaid.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

57

Ontwerpprincipes Kleine vuurvlinder

Aanleggen van een nectarrijke zoom om een ecologische corridor te creëren met een minimale breedte van 25 meter.

Minimaal 6 meter brede (of 200 m²) ononderbroken graslanden aanleggen.

Variaties in beplanting aanbrengen, bijvoorbeeld door bloemrijk grasland te combineren met bloeiende heesters.

Het landschap kan worden doorgetrokken naar gevel- en daktuinen om leefgebieden te vergroten en barrières te overbruggen. Daktuinen tot ca. 10 meter hoogte zijn nog bereikbaar voor veel kleine dieren; boven 15 meter gaat de functionele connectie met het maaiveld meestal verloren.

Voor elke ecologische gidssoort zijn de habitateisen en hun ruimtelijke implicaties op de locatie in kaart gebracht. Door principes te ontwerpen kunnen bouwstenen worden ontwikkeld. Deze bouwstenen dienen in een latere fase als basis voor het opstellen van de kavelpaspoorten.

Landschappelijke bouwstenen Dorgelolaan Eindhoven

58

Ontwerpen vanuit gidssoorten Kleine vuurvlinder

VERSTERKEN EN VERBINDEN

Om het habitat van de vuurvlinder en andere meeliftende gidssoorten te versterken, is het essentieel om de barrièrefunctie van de Professor Doctor Dorgelolaan te verminderen. Dit kan bijvoorbeeld door het profiel van de weg te vergroenen aan de noord- en zuidkant. Verder draagt het vergroenen van kavels en het integreren van daken en gevels in de vergroeningsopgave bij aan de uitbreiding van de habitats.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15692823/1