Bijlage 2 - Monitoringsplan Gebiedsgericht Grondwaterbeheer Centrumgebied
Tekst van het document
ntb
> 10 jaar
2
WKO.NS
WKO zuidzijde Eindhoven CS
ntb
> 10 jaar
2
WKO.RB
WKO Rabobank (oost en westzijde)
ntb
> 10 jaar
2
WKO.RM
WKO Rachelsmolen
ntb
> 10 jaar
2
3.3
Fasering en monitoringsfrequentie
3.3.1
Fasering operationeel maken monitoringssysteem
Door geohydrologische modellering en stoftransportberekeningen is bepaald hoe de verontreinigingen zich in de komende 50 jaar ontwikkelen. In de vorige paragraaf is aangegeven op welke wijze de verificatie van de ontwikkeling van de grondwaterkwaliteit zal plaatsvinden. Voor veel monitoringslocaties geldt dat de verontreinigingen op basis van de huidige geohydrologische situatie en gebruik van de ondergrond de doelgebiedsgrens of een kwetsbaar object mogelijk niet of pas na meer dan 10 jaar zullen bereiken. Het plaatsen van deze monitoringspeilbuizen en het monitoren van deze locaties op korte termijn (binnen 5 jaar) heeft daarom weinig toegevoegde waarde. Daarbij komt dat: - Peilbuizen naar verloop van tijd verstopt kunnen raken (dichtslibben); - Onbruikbaar raken of verdwijnen ten gevolge van ruimtelijke ontwikkelingen of vandalisme; - Positie van de peilbuis niet (meer) aansluit bij het beoogde doel. De ontwikkeling van de verontreiniging kan bijvoorbeeld anders zijn dan modelmatig bepaald of een toekomstig ondergronds ruimtegebruik zorgt voor een ander pluimgedrag. Het is hierdoor niet perse noodzakelijk (en wenselijk vanwege levensduur peilbuis) om alle peilbuizen op korte termijn al te plaatsen en te monitoren.
Daarom is in de vorige paragrafen per bemonsteringslocatie een prioriteit gekoppeld, welke is afgestemd op de termijn waarbinnen een verontreiniging de 12 november 2020
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
31
Projectgerelateerd
bemonsteringslocatie zou kunnen bereiken. In navolgende tabel is per prioriteit aangegeven binnen welke termijn het bemonsteringspunt beschikbaar moet zijn en gemonitoord moet worden. Prioriteit
Toelichting prioriteit
Realisatietermijn
Prio 1
Bemonsteringspunt bevindt zich reeds of binnen 10 jaar binnen verontreinigingscontour
Bemonsteringspunt binnen 3 jaar beschikbaar hebben en bemonsteren volgens monitoringsfrequentie.
Prio 2
Bemonsteringspunt bevindt zich niet binnen 10 jaar binnen verontreinigingscontour Ook zijn geen beïnvloedingen van buiten de Doelgebiedsgrens te verwachten.
Bemonsteringspunt binnen 10 jaar beschikbaar hebben. Op ieder ijkmoment (iedere 5 jaar) vindt een nieuwe beoordeling plaats van de prioriteit van ieder bemonsteringspunt en zal worden opgenomen in het geactualiseerde monitoringsplan. De eerste 10 jaar kan eventueel een lagere monitoringsfrequentie toegepast worden.
Prio 3
Bemonsteringspunt bevindt zich niet binnen 15 jaar binnen verontreinigingscontour
Bemonsteringspunt binnen 15 jaar beschikbaar hebben. Op ieder ijkmoment (iedere 5 jaar) vindt een nieuwe beoordeling plaats van de prioriteit van ieder bemonsteringspunt en zal worden opgenomen in het geactualiseerde monitoringsplan. De eerste 15 jaar kan eventueel een lagere monitoringsfrequentie toegepast worden.
Navolgend (en op de figuur in de bijlage) zijn de 53 peilbuizen en onttrekkingsbronnen samengevat die op basis van onderhavig uitvoeringsplan als prioriteit 1 zijn aangemerkt en derhalve tijdens de eerste periode van 5 jaar van het gebiedsgericht grondwaterbeheer gemonitoord zullen gaan worden. De meeste peilbuizen en onttrekkingsbronnen worden reeds in het kader van de gevalsgerichte aanpak bemonsterd.
12 november 2020
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
32
Projectgerelateerd
Locatie
Peilbuis
Filterstellingen (m-mv) Positie
1
GM.1.805
32
Ter hoogte van Anna van Engelandstraat 8
1
GM.1.806
32
Ter plaatse van Maria van Bourgondielaan
1
GM.1.611
22
1
GM.1.612
15
1
ONT.HK
19/24
Aartshertog Albertweg
2
GM.2.182
20, 30, 40, 50
Hoek Wilhelminaplein/St Catharinastraat
2
GM.2.71
20, 30, 40, 50
Hoek Oranjestraat/Anna van Egmondstraat
2
GM.2.72
20, 30, 40, 50
Hoek Julianastraat/Nassaustraat
2
ONT.PS
18-26
Mecklenburgstraat
12
GM.12.608
19,5
12
GM.12.609
15
12
GM.12.808
30
12
GM.12.507
16
12
GM.12.602
21
12
GM.12.809
30
12
GM.12.804
14
13
GM.13.802
28
13
GM.13.803
22,7
13
GM.13.804
16
13
GM.13.601
14
13
GM.13.806
19,5
13
GM.13.807
28
17
GM.17.03
15, 20, 25, 30, 35
Ter plaatse van Achterom (achterzijde Keizersgracht 19)
17
GM.17.04
15, 20, 25, 30, 35
Ter hoogte van de Rechtestraat 54
Neckerspoel ONT.FN.1a
5 - 6,5
Ontlastingsfilter 1a
Neckerspoel ONT.FN.1b
7,5 - 9
Ontlastingsfilter 1b
Neckerspoel ONT.FN.2a
5 - 6,5
Ontlastingsfilter 2a
Neckerspoel ONT.FN.2b
7,5 - 9
Ontlastingsfilter 2b
Neckerspoel ONT.FN.3a
5 - 6,5
Ontlastingsfilter 3a
Neckerspoel ONT.FN.3b
7,5 - 9
Ontlastingsfilter 3b
Neckerspoel ONT.FN.kelder
12 november 2020
Hoek Hertog Jan I Laan / Karel de Grotelaan
Hoek Weverstraat/Montgomerylaan
Ter hoogte van Visserstraat 20 Ter hoogte van Spinnerstraat 61 Ter hoogte van Visserstraat 16
Ter hoogte van Meerkolklaan 3 (ontmoetingskerk)
Hoek Meerkolklaan en Insulindelaan Ter hoogte van Spinhof 12
Kelderruimte
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
33
Projectgerelateerd
3.3.2
IJkmomenten
Elke 5 jaar, zolang het gebiedsgericht grondwaterbeheer van kracht is, is er een ijkmoment in het volgen van de verontreinigingssituatie en vindt toetsing plaats of de doelstellingen uit het Gebiedsplan behaald worden. Op ieder ijkmoment worden minimaal de volgende gegevens verzameld en geïnterpreteerd: 1. Evaluatie ontwikkeling verontreinigingssituatie van de individuele verontreinigingsbronnen. 2. Trendanalyse concentraties in monitoringspeilbuizen. 3. Voorspelling ontwikkeling pluimen ten opzichte van Doelgebiedsgrens en kwetsbare objecten. 4. Inventariseren Ruimtelijke ontwikkelingen (in de afgelopen 5 jaar en de voorziene ontwikkelingen) en de invloed hiervan op de ontwikkeling van de verontreinigingssituatie. 5. Herijking van grondwatermodel (indien noodzakelijk). 6. Bepalen noodzaak en positie nieuwe monitoringspeilbuizen. 7. Selecteren monitoringspeilbuizen en vaststellen nieuwe monitoringsfrequentie op peilbuisniveau. 8. Bepalen noodzaak bronmaatregelen. 9. Verwerken bevindingen in nieuw uitvoeringsplan voor monitoring tot aan het volgende ijkmoment. 10. Nieuw monitoringsplan ter instemming voorleggen aan bevoegd gezag. Monitoring Pluimgedrag, bedreigde objecten en gebiedskwaliteit conform monitoringsplan
Tussentijdse evaluatie na iedere monitoringsronde gedurende 5 jaar
Ijkmoment iedere 5 jaar
Beoordeling door BG
Ruimtelijke ontwikkelingen
Ontwikkeling verontreinigingsbronnen
Trendanalyse concentratie monitoringspeilbuizen
Herijking grondwatermodel
Actualiseren monitoringsplan
Verhogen monitoringsfrequentie bij kans op overschrijding signaal-/ actiewaarde binnen 5 jaar? Aanpassen prioritering bemonsteringspunten
12 november 2020
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
34
Projectgerelateerd
3.3.3
Monitoringsfrequentie
Voor alle bemonsteringspunten die aangemerkt zijn als “Prio 1” geldt dat binnen 3 jaar gestart moet worden met de monitoring in het kader van het Gebiedsplan. Hierbij geldt dat de monitoringsfrequentie zoals omschreven in deze paragraaf gevolgd moet worden. Eventuele eerdere monitoringsronden die in het kader van de gevalsgerichte bemonsteringen zijn uitgevoerd, kunnen hierbij meegerekend worden. In navolgende stroomschema’s is de te volgen monitoringsfrequentie weergegeven. Zolang er geen sprake is van een overschrijding van een signaalwaarde of actiewaarde kan bemonsterd worden volgens de ‘reguliere monitoring’. Hierbij vindt een jaarlijkse bemonstering plaats gedurende 5 jaar. Vervolgens dient minimaal om de 5 jaar een bemonstering plaats te vinden. Reguliere monitoring
Nee
Jaarlijkse monitoring gedurende 5 jaar
Gehalten > Signaalwaarden
Nee
5 jaar op rij gehalten < Signaalwaarden
Nee
5-jaarlijkse monitoring
Ja
Ja
Gehalten > Signaalwaarden
Ja Monitoring volgens: - ‘groter dan Signaalwaarde’ of - ‘groter dan Actiewaarde’
Indien sprake is van een overschrijding van de signaalwaarde dan vindt na 3 maanden een herbemonstering plaats. Als wederom sprake is van een overschrijding van de signaalwaarde en er is sprake van toenemende gehalten, dan blijft de 3-maandelijke bemonsteringsfrequentie gehandhaafd. Is geen sprake van toenemende gehalten, dan kan het bemonsteringspunt worden opgenomen in het jaarlijkse bemonsteringsprogramma.
12 november 2020
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
35
Projectgerelateerd
Monitoring ‘Groter dan Signaalwaarde’
Gehalte groter dan Signaalwaarde Monitoring volgens ‘Reguliere monitoring’ (Jaarlijks gedurende 5 jaar)
Nee
Gehalte Ct groter dan Signaalwaarde
Herbemonsteren na 3 maanden
Ja
Ct > Ct-1
Nee
Jaarlijks monitoringsprogramma
Ja
Nee
Gehalten > Actiewaarde
Monitoring volgens: ‘groter dan Actiewaarde’
Ja
Indien sprake is van een overschrijding van de actiewaarde dan vindt eveneens na drie maanden een herbemonstering plaats. In geval van een blijvende overschrijding van de actiewaarde (3 maal op rij vastgesteld) dan wordt bepaald op welke wijze het Fall-back scenario ingesteld moet worden (zie 3.5). Monitoring ‘Groter dan Actiewaarde’
Gehalte groter dan Actiewaarde
Monitoring volgens: Herbemonsteren na 3 maanden
Gehalte groter dan Actiewaarde
- ‘Reguliere monitoring’ (Jaarlijks gedurende 5 jaar) Of - ‘groter dan Signaalwaarde’ (jaarlijks monitoringsprogramma)
Nee Nee
Ja
Herbemonsteren na 3 maanden
12 november 2020
Gehalte groter dan Actiewaarde
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
Ja
Vaststellen Fall-back maatregelen
BH4687_T&P_RP_2011121158
36
Projectgerelateerd
3.4
Signaal- en actiewaarden
Binnen de vastgestelde Doelgebiedsgrens wordt verspreiding van verontreiniging, oftewel ‘vergrijzing’, toegestaan. Het is nadrukkelijk de wens om de verspreiding van de verontreinigingen tot dit gebied te beperken. Indirect geldt dit ook voor het gebied van de TU/e aangezien de WKO binnen het TU/e-terrein een versnelde verspreiding van verontreinigingen tot nabij de Doelgebiedsgrens kan veroorzaken. Tevens is als doelstelling opgenomen om kwetsbare objecten binnen het beheergebied te beschermen. Derhalve zijn voor de volgende bemonsteringslocaties binnen de Doelgebiedsgrens signaal- en actiewaarden afgeleid: • Omgevingsgerichte monitoring: peilbuizen naast Doelgebiedsgrens en Rand TU/e; • Gebiedsgerichte monitoring: Controle kwetsbare objecten: Oppervlaktewateren (Gender en Dommel) en 2e wvp. Voor de overige bemonsteringslocaties gelden geen signaal- en actiewaarde. Wel zal op de benoemde ijkmomenten een kwalitatieve beoordeling plaatsvinden om vast te stellen of de concentratie-ontwikkeling reden kan zijn voor een verandering van de verontreinigingssituatie waarbij binnen 5 jaar de gehalten bij de bemonsteringslocaties ter hoogte van de Doelgebiedsgrens, Rand TU/e en kwetsbare objecten kunnen resulteren in een overschrijding van de signaalwaarden of actiewaarden. Besloten kan worden om in die situatie een verhoogde monitoringsfrequentie af te spreken.
De figuur met bemonsterpunten waarvoor signaalwaarden en actiewaarden van toepassing zijn, is navolgend en in de bijlage opgenomen.
12 november 2020
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
37
Projectgerelateerd
Signaalwaarden Het toenemen van de concentraties in de monitoringspeilbuizen tot boven de signaalwaarden, duidt op een verhoogde kans dat de doelstelling uit het Gebiedsplan niet wordt behaald. In dit geval zal door verhoging van de monitoringsfrequentie de ontwikkeling van de concentraties bij de betreffende bemonsteringslocatie intensiever worden gecontroleerd. Actiewaarden Actiewaarden zijn afgeleid als zijnde een niveau waarbij aanvullende (sanerings)maatregelen noodzakelijk kunnen zijn. Indien de actiewaarden structureel worden overschreden, dan bestaat de kans dat binnen 5 jaar niet meer wordt voldaan aan de doelstelling uit het Gebiedsplan. In dat geval worden maatregelen genomen ten einde alsnog te kunnen blijven voldoen aan de doelstelling van het Gebiedsplan (Fall Backmaatregelen). De actiewaarden voor het grondwater zijn gelijk gesteld aan de normstelling van de doelstelling in het Gebiedsplan. Voor het oppervlaktewater wordt aansluiting gezocht bij de Europese Kaderrichtlijn Water. Deze richtlijn is gericht op het voorkomen en beperken van verontreiniging in het watersysteem. Bovenstaande resulteert voor de betreffende bemonsteringspunten in de volgende signaal- en actiewaarden: Bemonsteringslocatie
Signaalwaarde
Actiewaarde
Omgevingsgerichte monitoring (OM)
Tussenwaarden grondwater 1
Interventiewaarden
Tussenwaarden grondwater 1)
JG-MKN oppervlaktewater
0,5 x drinkwaternorm
Drinkwaternorm
(peilbuizen OM.12, OM.13, OM.TUe, OM.ALG) Kwetsbaar object ‘oppervlaktewater’ (peilbuizen GM.1.01, GM.12.01, GM.12.02, GM.17.01 en GM.17.02; oppervlaktewater GM.G en GM.D) Kwetsbaar object ‘2e watervoerend pakket’ 1
Tussenwaarde = (streefwaarde+interventiewaarde)/2
Tabel: Normwaarden (µg/l) Parameter
Streefwaarde Tussenwaarde Interventiewaarde JG-MKN
Drinkwaternorm
Trichloormethaan (Chloroform)
6
203
400
2,5
25
Tetrachloormethaan (Tetra)
0.01
5
10
12
1)
1,1-Dichloorethaan
7
454
900
1)
1)
1,2-Dichloorethaan
7
204
400
10
3
1,1,1-Trichloorethaan
0.01
150
300
21
1)
1,1,2-Trichloorethaan
0.01
150
130
22
1)
Tetrachlooretheen (Per)
0.01
20
40
10
10
Trichlooretheen (Tri)
24
262
500
10
10
1,1-Dichlooretheen
0.01
5
10
9
1)
cis+trans-1,2-Dichlooretheen
0.01
10
20
6,8
1)
Vinylchloride
0.01
2.5
5
0.09
0,1
Dichloorpropaan
0.8
40
80
280
1)
1)
geen norm beschikbaar. Normwaarde wordt vooralsnog gelijkgesteld aan 1,2-dichloorethaan
12 november 2020
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
38
Projectgerelateerd
3.5
Fall Back maatregelen
Indien blijkt dat de actiewaarden worden overschreden of waarschijnlijk overschreden gaan worden, dan worden aanvullende maatregelen (Fall Back) genomen ten einde te voldoen aan de doelstellingen van het Gebiedsplan. De gebiedsbeheerder zal dan in overleg treden met direct betrokkenen zoals het bevoegd gezag Wbb om de consequenties van de aangetroffen overschrijdingen te bepalen. Als algemene basis voor het inzetten van Fall Back-maatregelen geldt dat het risico-gestuurd is. Of en zo ja welke maatregelen worden getroffen, is afhankelijk van vele factoren, zoals bestuurlijke voorkeur en lokale en regionale ontwikkelingen waaraan mogelijk aangehaakt kan worden. Ook ontwikkelingen op het gebied van verwijderingstechnieken, voortschrijdend inzicht in risico’s, specifieke belangen van derden en financiële aspecten zijn van invloed op te treffen maatregelen. De Fall Back maatregelen bestaan in eerste instantie uit de volgende stappen: Stap
Maatregel
1
Verrichten van onderzoek ten einde de herkomst / oorzaak voor de overschrijding van de actiewaarden vast te stellen. -
2
Inkaderen van het probleem(gebied) -
3
Welke verontreinigingsbron is de oorzaak van de verontreiniging? Betreft dit een bekende of onbekende/nieuwe verontreinigingsbron? Is een specifieke ruimtelijke ontwikkeling of activiteit de oorzaak?
In kaart brengen verspreidingsroute en gebied waar niet aan de doelstelling wordt voldaan (horizontaal/verticaal) Bepalen of de oorzaak ongedaan gemaakt kan worden Bepalen wie verantwoordelijk is voor het treffen van de maatregelen
Uitwerken en afwegen mogelijke maatregelen ten einde (op termijn) weer te voldoen aan de saneringsdoelstelling van het Gebiedsplan. Gedacht kan worden aan (sanerende) maatregelen: In de bron: Verwijderen verontreinigingsvracht, beheersmaatregel (opnieuw) opstarten In de pluim: Aanbrengen interceptiescherm, stimuleren biologische afbraak, aanpassing aan ondergrondse activiteit (bv aanpassen onttrekkingsregime WKO) Bij de receptor: Beluchting of biobed in oppervlaktewater, verruimen van de Doelgebiedsgrens naar de beheergebiedsgrens
4
Voorkeursaanpak uitwerken in een plan van aanpak en ter instemming voorleggen aan het bevoegd gezag De onderbouwing en de uitwerking van de voorkeursvariant wordt vastgelegd in een plan van aanpak. Hierin worden de uitgangspunten en de randvoorwaarden opgenomen en de doelstelling geconcretiseerd die beoogd wordt. Tevens worden de specifieke maatregelen uitgewerkt en eventuele effecten voor de omgeving vastgesteld. Het plan van aanpak zal aan het bevoegd gezag ter instemming worden voorgelegd.
5
Implementatie van de maatregelen Zodra instemming van het bevoegd gezag is verkregen worden de maatregelen uitgevoerd. Van de maatregelen worden een evaluatie opgesteld. Tevens wordt het monitoringsplan van het gebiedsgericht grondwaterbeheer zodanig aangepast dat vastgesteld kan worden of de getroffen maatregelen voldoende effect hebben in relatie tot de doelstellingen in het Gebiedsplan.
Welke maatregelen uiteindelijk worden getroffen is maatwerk en risico gestuurd, waarbij aspecten als toegenomen kennis en inzicht, actuele risico’s, kosteneffectiviteit en effectiviteit maatregel (zekerheid en robuustheid) een belangrijke rol spelen.
12 november 2020
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
39
Projectgerelateerd
3.6
Verslaglegging
De gebiedsbeheerder stelt jaarlijks een voortgangsrapportage op en iedere 5 jaar (ijkmoment) een evaluatierapport. In de jaarlijkse voortgangsrapportage wordt tenminste aandacht besteed aan de volgende aspecten: • Monitoringsresultaten toetsen aan de doelstellingen van het Gebiedsplan en de signaal- en actiewaarden. • Het beoordelen van het pluimgedrag van de meest relevante gevallen van bodemverontreiniging en de ontwikkeling van de algemene gebiedskwaliteit van het grondwater (concentratieverloop, verspreiding). • Beschrijving lopende en afgeronde saneringen en bronmaatregelen. • Ruimtelijke ontwikkelingen en projecten (gerealiseerd en plannen) die van invloed kunnen zijn op de grondwaterkwaliteit, zoals nieuwe bodemenergiesystemen, tijdelijke en permanente onttrekkingen en ondergrondse bouwwerken. De evaluatierapporten op de ijkmomenten zullen aanvullend ook de volgende informatie bevatten: • Herijking van het grondwatermodel indien hier noodzaak voor is; • Vermelden bedreigingen en kansen voor het Gebiedsgericht grondwaterbeheer; • Aanpassen prioritering van de bemonsteringspunten; • Opstellen aangepast uitvoeringsplan monitoring voor de komende 5 jaar. De rapportages worden ter beschikking gesteld aan en besproken met betrokken instanties (Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant, Waterschap de Dommel en eventueel de provincie Noord Brabant).
Vanuit de Wet bodembescherming (en straks de Omgevingswet) zal instemming op het nieuwe Uitvoeringsplan worden gevraagd.
12 november 2020
MONITORING GGB EINDHOVEN CENTRUM
BH4687_T&P_RP_2011121158
40
Bijlage 1 Totaaloverzichten 1.1 1.2 1.3 1.3 1.4 1.5
Overzicht grenzen GGB en verontreinigingscontouren Totaaloverzicht monitoringspeilbuizen Totaaloverzicht monitoring oppervlaktewater Totaaloverzicht peilbuizen met signaal- en actiewaarden Totaaloverzicht peilbuizen met Prioriteit 1 Overzicht aanwezige WKO en onttrekkingssystemen
Bijlage 2 Detailtekeningen Omgevingsmonitoring 2.1 2.2 2.3 2.4
Deellocatie 12 Deellocatie 13 Deellocatie Tu/e Deellocatie Bovenstroomse zijde
±
T P E C N
CO
O M .1 2 .0 1O M .1 2 .0 2
O M .1 2 .0 4
O M .1 2 .0 3
1 2
O M .T U e .0 1
O M .T U e .0 2
1 1 L e g e n d a
Titel
Figuur
V o o rste l_ P B _ O M
Deellocatie 12_noord_OM
5
C o n tro led o e lg e b ie d sg re n s C o n tro led o e lg e b ie d sg re n s V e rifica tiera n dT U e V e rifica tiein stro m e n dg ro n d w a te r S tro o m b a a nd e k la a g6 -1 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a nd e k la a g1 8 -2 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a n1 eW V P2 7 -3 6m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Project BH4687-100-100 Gebiedsplan GGB Eindhoven Opdrachtgever Gemeente Eindhoven
S tro o m b a a n1 eW V P4 4 -5 3m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a n e nD e k la a g S tro o m b a n e n1 eW V P d o e lg e b ie d sg re n s b e h e e rsg re n s V e ro n tre in ig in g e n _ b in n e n _ G G B
Datum
Schaal
21-7-2020
1:5.000
Opgesteld door
Volgnummer
E. van Mil
1
Pad: D:\BH4687_Technical Data\GIS\Data_Eindhoven.aprx
E sriN e d e rla n d ,C o m m u n ityM a pC o n trib u to rs
±
T P E C N
CO
O M .1 3 .0 2 O M .1 3 .0 1
1 3
O M .A L G .1 1
L e g e n d a
Titel
Figuur
V o o rste l_ P B _ O M
Deellocatie 13_OM
5
C o n tro led o e lg e b ie d sg re n s C o n tro led o e lg e b ie d sg re n s V e rifica tiera n dT U e V e rifica tiein stro m e n dg ro n d w a te r S tro o m b a a nd e k la a g6 -1 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a nd e k la a g1 8 -2 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a n1 eW V P2 7 -3 6m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Project BH4687-100-100 Gebiedsplan GGB Eindhoven Opdrachtgever Gemeente Eindhoven
S tro o m b a a n1 eW V P4 4 -5 3m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a n e nD e k la a g S tro o m b a n e n1 eW V P d o e lg e b ie d sg re n s b e h e e rsg re n s V e ro n tre in ig in g e n _ b in n e n _ G G B
Datum
Schaal
21-7-2020
1:5.000
Opgesteld door
Volgnummer
E. van Mil
1
Pad: D:\BH4687_Technical Data\GIS\Data_Eindhoven.aprx
E sriN e d e rla n d ,C o m m u n ityM a pC o n trib u to rs
±
T P E C N
CO
1 2
O M .T U e .0 1
O M .T U e .0 2
1 1
O M .T U e .0 5
O M .T U e .0 4 O M .T U e .0 3
L e g e n d a
Titel
Figuur
V o o rste l_ P B _ O M
Deellocatie 12_west_OM
5
C o n tro led o e lg e b ie d sg re n s C o n tro led o e lg e b ie d sg re n s V e rifica tiera n dT U e V e rifica tiein stro m e n dg ro n d w a te r S tro o m b a a nd e k la a g6 -1 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a nd e k la a g1 8 -2 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a n1 eW V P2 7 -3 6m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Project BH4687-100-100 Gebiedsplan GGB Eindhoven Opdrachtgever Gemeente Eindhoven
S tro o m b a a n1 eW V P4 4 -5 3m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a n e nD e k la a g S tro o m b a n e n1 eW V P d o e lg e b ie d sg re n s b e h e e rsg re n s V e ro n tre in ig in g e n _ b in n e n _ G G B
Datum
Schaal
21-7-2020
1:5.000
Opgesteld door
Volgnummer
E. van Mil
1
Pad: D:\BH4687_Technical Data\GIS\Data_Eindhoven.aprx
E sriN e d e rla n d ,C o m m u n ityM a pC o n trib u to rs
Bijlage 3 Detailtekeningen Gebiedsgerichte monitoring 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9
Deellocatie Gender Deellocatie Dommel TU/e Deellocatie Dommel Vestdijk Deellocatie 1 en 2 Deellocatie 12 Deellocatie 13 Deellocatie 17 Deellocatie Onttrekkingen Neckerspoel Deellocatie WKO’s
±
T P E C N
7
CO
1 6 1 7
1 6
1 8
G M .D .0 2 G M .1 7 .0 1
1 5
1 4
G M .1 7 .0 2 G M .D .0 3
1 4
E sriN e d e rla n d ,C o m m u n ityM a pC o n trib u to rs
L e g e n d a V e rifica tiep lu im g e d ra g
Titel
Figuur
Deellocatie Dommel Vestdijk
5
V e rifica tieW K O V e rifica tiek w a lite ito p p e rv la k te w a te r S tro o m b a a nd e k la a g6 -1 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Project BH4687-100-100 Gebiedsplan GGB Eindhoven
S tro o m b a a nd e k la a g1 8 -2 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a n1 eW V P2 7 -3 6m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Opdrachtgever
S tro o m b a a n1 eW V P4 4 -5 3m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Gemeente Eindhoven
S tro o m b a n e nD e k la a g S tro o m b a n e n1 eW V P d o e lg e b ie d sg re n s b e h e e rsg re n s V e ro n tre in ig in g e n _ b in n e n _ G G B
Datum
Schaal
21-7-2020
1:5.000
Opgesteld door
Volgnummer
E. van Mil
1
Pad: D:\BH4687_Technical Data\GIS\Data_Eindhoven.aprx
V e rifica tieo n ttre k k in g e n
±
T P E C N
CO
G M .1 3 .8 0 2 /8 0 3 /8 0 4 G M .1 3 .8 0 6 /8 0 7
G M .1 3 .6 0 1
1 3
E sriN e d e rla n d ,C o m m u n ityM a pC o n trib u to rs
L e g e n d a V e rifica tiep lu im g e b d ra g
Titel
Figuur
Deellocatie 13_GM
5
V e rifica tieW K O S tro o m b a a nd e k la a g6 -1 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a nd e k la a g1 8 -2 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Project BH4687-100-100 Gebiedsplan GGB Eindhoven
S tro o m b a a n1 eW V P2 7 -3 6m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a n1 eW V P4 4 -5 3m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Opdrachtgever
S tro o m b a n e nD e k la a g
Gemeente Eindhoven
S tro o m b a n e n1 eW V P d o e lg e b ie d sg re n s b e h e e rsg re n s V e ro n tre in ig in g e n _ b in n e n _ G G B
Datum
Schaal
21-7-2020
1:5.000
Opgesteld door
Volgnummer
E. van Mil
1
Pad: D:\BH4687_Technical Data\GIS\Data_Eindhoven.aprx
V e rifica tieo n ttre k k in g e n
±
T P E C N
7
CO
1 6
G M .1 7 .0 4 G M .1 7 .0 3
1 7 1 8
1 6 G M .1 7 .0 1
1 5
1 4
G M .1 7 .0 2
1 4
E sriN e d e rla n d ,C o m m u n ityM a pC o n trib u to rs
L e g e n d a V e rifica tiep lu im g e b d ra g
Titel
Figuur
Deellocatie 17_GM
5
V e rifica tieW K O S tro o m b a a nd e k la a g6 -1 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a nd e k la a g1 8 -2 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Project BH4687-100-100 Gebiedsplan GGB Eindhoven
S tro o m b a a n1 eW V P2 7 -3 6m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a n1 eW V P4 4 -5 3m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Opdrachtgever
S tro o m b a n e nD e k la a g
Gemeente Eindhoven
S tro o m b a n e n1 eW V P d o e lg e b ie d sg re n s b e h e e rsg re n s V e ro n tre in ig in g e n _ b in n e n _ G G B
Datum
Schaal
21-7-2020
1:5.000
Opgesteld door
Volgnummer
E. van Mil
1
Pad: D:\BH4687_Technical Data\GIS\Data_Eindhoven.aprx
V e rifica tieo n ttre k k in g e n
±
T P E C N
CO
1 1
O N T .F N .1 a /1 b O N T .F N .K e ld e r
O N T .F N .2 a /2 b
O N T .F N .3 a /3 b
E sriN e d e rla n d ,C o m m u n ityM a pC o n trib u to rs
L e g e n d a V e rifica tiep lu im g e b d ra g
Titel
Figuur
Deellocatie Fellenoord
5
V e rifica tieW K O S tro o m b a a nd e k la a g6 -1 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a nd e k la a g1 8 -2 2m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Project BH4687-100-100 Gebiedsplan GGB Eindhoven
S tro o m b a a n1 eW V P2 7 -3 6m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc S tro o m b a a n1 eW V P4 4 -5 3m -m v ,ja a r1 ,3 ,5e tc
Opdrachtgever
S tro o m b a n e nD e k la a g
Gemeente Eindhoven
S tro o m b a n e n1 eW V P d o e lg e b ie d sg re n s b e h e e rsg re n s V e ro n tre in ig in g e n _ b in n e n _ G G B
Datum
Schaal
21-7-2020
1:850
Opgesteld door
Volgnummer
E. van Mil
1
Pad: D:\BH4687_Technical Data\GIS\Data_Eindhoven.aprx
V e rifica tieo n ttre k k in g e n