Bijlage 1a - Bp II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum)
Tekst van het document
Vastgesteld bestemmingsplan
II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum)
november 2022
II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum)
Inhoudsopgave Toelichting
5
Hoofdstuk 1 Inleiding
7
1.1
Aanleiding
7
1.2
Ligging en plangrenzen
8
1.3
Voorgaande plannen
8
1.4
Leeswijzer
9
Hoofdstuk 2 Beschrijving plangebied
11
2.1
Gebiedsprofiel
11
2.2
Projectprofiel
12
Hoofdstuk 3 Uitgangspunten, randvoorwaarden en beleidskader
15
3.1
Inleiding
15
3.2
Rijksbeleid
15
3.3
Provinciaal beleid
16
3.4
Gemeentelijk beleid
19
3.5
Archeologische en cultuurhistorische waarden
20
3.6
Verkeer en parkeren
24
3.7
Groen
25
Hoofdstuk 4 Milieuparagraaf
31
4.1
Milieueffectrapportage
31
4.2
Bedrijven en milieuzonering
32
4.3
Natuur
33
4.4
Geluid
34
4.5
Luchtkwaliteit
36
4.6
Bodem
38
4.7
Externe veiligheid
40
4.8
Duurzaamheid
44
4.9
Kabels, leidingen en straalpaden
49
Hoofdstuk 5 Waterparagraaf
51
5.1
Inleiding
51
5.2
Beleid
51
5.3
Eindhovense klimaattoets
54
5.4
Beschrijving watersysteem plangebied
56
5.5
Toekomstige situatie van het watersysteem
58
Hoofdstuk 6 Juridische vormgeving
61
6.1
Algemeen
61
6.2
Planmethodiek
61
6.3
Verbeelding
61
6.4
Planregels
61
2
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 7 Handhaving
63
7.1
63
Handhavingsnota Leefomgeving 2018-2021
Hoofdstuk 8 Financiële aspecten
65
Hoofdstuk 9 Procedure en maatschappelijke uitvoerbaarheid
67
9.1
Bekendmaking ex artikel 1.3.1 Bro
67
9.2
Overleg ex artikel 3.1.1 Bro
67
9.3
Inspraak
67
9.4
Zienswijzen
67
Bijlagen bij de toelichting
69
Regels
71
Hoofdstuk 1 Inleidende regels
73
Artikel 1
Begrippen
73
Artikel 2
Wijze van meten
77
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels
79
Artikel 3
Maatschappelijk
79
Artikel 4
Waarde - Cultuurhistorie - 2
81
Hoofdstuk 3 Algemene regels
83
Artikel 5
Anti-dubbeltelregel
83
Artikel 6
Algemene aanduidingsregels
85
Artikel 7
Algemene afwijkingsregels
87
Artikel 8
Overige regels
89
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels
91
Artikel 9
Overgangsrecht
91
Artikel 10
Slotregel
93
Bijlagen bij de regels
95
Bijlage 1
96
Te slopen bouwwerken
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
3
4
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Toelichting
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
5
6
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 1
1.1
Inleiding
Aanleiding
Het initiatief betreft de nieuwbouw van middelbare school Lorentz Casimir Lyceum. De huidige en inmiddels gedateerde bebouwing uit 1962, 1968 en 1999 zal pas worden gesloopt nadat de nieuwbouw in gebruik genomen is. De nieuwbouw is voorzien op het sportveld ten zuiden van de huidige bebouwing. Het leerlingenaantal zal hierbij gelijk blijven. Het bouwplan past niet binnen het geldende bestemmingsplan 'Tongelre buiten de Ring 2019'. Het geldende bestemmingsplan biedt geen binnenplanse afwijkings- of wijzigingsbevoegdheid om de gewenste ontwikkeling mogelijk te maken. Daarom moet een nieuw bestemmingsplan worden opgesteld. Het nieuwe bestemmingsplan is genaamd 'II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum)'. Het bestemmingsplan "II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum)" bestaat uit een digitale en analoge verbeelding met de daarbij behorende regels. Bij het bestemmingsplan is een toelichting gevoegd. In de toelichting wordt aangegeven waarom het bestemmingsplan is opgesteld en welke afwegingen hebben plaatsgevonden in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Naast de digitale versie is er tevens een papieren versie van het bestemmingsplan beschikbaar. De digitale versie is juridisch bindend.
Topografische kaart (plangebied rood omlijnd)
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
7
1.2
Ligging en plangrenzen
Het plangebied is gelegen aan de Celebeslaan. Deze weg bevindt zich parallel ten zuiden van de Eisenhowerlaan, tussen de Insulindelaan (ring) en Koudenhovenseweg Zuid. Het betreft de locatie van reeds aanwezige middelbare school Lorentz Casimir Lyceum. Het plangebied is gelegen in stadsdeel Tongelre, in de wijk Oud-Tongelre en de buurt 't Hofke.
Luchtfoto met kadastrale ondergrond (plangebied blauw omlijnd)
1.3
Voorgaande plannen
Het plangebied is gelegen in het bestemmingsplan "Tongelre buiten de Ring 2019" en heeft de bestemming 'Maatschappelijk'. De voor `Maatschappelijk´ aangewezen gronden zijn bestemd voor maatschappelijke voorzieningen met daarbij behorende horecavoorzieningen, detailhandelsvoorzieningen en/of dienstverlenend bedrijf en/of dienstverlenende instelling voor zover ten dienste van de maatschappelijke voorziening. Tevens behoren daarbij tuinen, erven en terreinen, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, speelvoorzieningen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie en gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Ter plaatse van de huidige bebouwing is een bouwvlak opgenomen. Dit bouwvlak mag maximaal 70% worden bebouwd. Ook is aangegeven dat de maximum bouwhoogte 12 meter mag bedragen. De gronden zijn met de dubbelbestemming 'Waarde - Cultuurhistorie - 2' mede bestemd voor het behoud, het herstel en het bevorderen van de cultuurhistorische waarden en kenmerken van het aangewezen gebied en/of de aanwezige cultuurhistorisch waardevolle en kenmerkende (landschaps)elementen.
8
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Uitsnede verbeelding bestemmingsplan "Tongelre buiten de Ring 2019" Het planvoornemen past niet binnen de regels en verbeelding van het geldende bestemmingsplan, omdat de beoogde nieuwbouw niet is voorzien van een bouwvlak met de daaraan gekoppelde bouwregels. Daarnaast biedt dat bestemmingsplan geen afwijkings- of wijzigingsbevoegdheid om het plan te realiseren. Om de beoogde ontwikkeling te faciliteren is daarom een nieuw juridisch-planologisch kader nodig. Dit bestemmingsplan voorziet hierin.
1.4
Leeswijzer
Deze toelichting bestaat uit 9 hoofdstukken. Na deze inleiding volgt hoofdstuk 2. Hierin is een beschrijving van het plangebied gegeven. Hoofdstuk 3 bevat de uitgangspunten bij, de randvoorwaarden en de beleidskaders voor het opstellen van het bestemmingsplan. Hoofdstuk 4 geeft inzicht in en een verantwoording van alle relevante milieuaspecten. Hoofdstuk 5 bevat de waterparagraaf. In deze paragraaf is beschreven op welke wijze rekening wordt gehouden met de gevolgen van het bestemmingsplan voor de waterhuishouding. De juridische vormgeving van het bestemmingsplan is verwoord in hoofdstuk 6. In hoofdstuk 7 wordt ingegaan op de handhaving van het bestemmingsplan. De financiële uitvoerbaarheid is verantwoord in hoofdstuk 8. Hoofdstuk 9 gaat ten slotte in op de gevolgde procedure, inclusief een paragraaf over de maatschappelijke uitvoerbaarheid.
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
9
10
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 2
2.1
Beschrijving plangebied
Gebiedsprofiel
De middelbare school is gelegen in stadsdeel Tongelre, in de wijk Oud-Tongelre en de buurt 't Hofke. Deze buurt is de oude kern van het dorp Tongelre en concentreerde zich rond de huidige buurt. Omstreeks 1900 bestond het plangebied deels uit bosgebied en deels uit heidegebied. Door de tijd heeft het gebied een metamorfose doorgemaakt tot de maatschappelijke invulling van heden ten dagen. In 1958 is gestart met de realisatie van het Lorentz Lyceum aan de Celebeslaan 20 dat in 1962 in gebruik genomen is. In 1968 volgde de Rommert Casimir Havo aan de Celebeslaan 10. Beide scholen zijn in 1996 gefuseerd tot het Lorentz Casimir Lyceum en in 1999 fysiek met elkaar verbonden door de 'oranje kubus'. Het gebied waarin de school zich bevindt kenmerkt zich door de aanwezigheid van veel groen. Zo is landgoed Wasven gelegen ten oosten van de school. Dit landgoed bestaat uit een mix van bosschages, ecologische akkerbouw, gras- en kruidenrijke velden en waterplassen. Ten noorden van de Celebeslaan is tevens veel groen aanwezig. De Celebeslaan is voor een groot gedeelte een fietsstraat (auto te gast).
Luchtfoto 2021 (beoogde nieuwbouw is rood omlijnd) In het plangebied is middelbare school Lorentz Casimir Lyceum gevestigd. Het betreft een gebouwensemble dat vanaf de jaren '60 tot stand is gekomen. De bebouwing bestaat uit meerdere gebouwvleugels, is onderling verbonden met loopbruggen en is voorzien van een plat dak. De bebouwing bestaat uit één tot drie verdiepingen. Aan de voorzijde bevinden zich parkeervoorzieningen (deels in een parkeerkoffer en deels langs de Celebeslaan), groenvoorzieningen en enkele inritten naar het schoolgebouw. Aan de achterzijde bevinden vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
11
zich op twee locaties parkeervoorzieningen voor fietsers, een tweetal verharde pleinen, een parkachtige omgeving en twee sportvelden. Op het oostelijke sportveld is een verharde 100-meterbaan aanwezig. Rondom zijn laanbomen gesitueerd.
2.2
Projectprofiel
Het project bestaat uit de realisatie van een nieuw schoolgebouw. De huidige bebouwing wordt hiertoe gesloopt. De nieuwbouw verreist ten zuiden van de huidige bebouwing. Nadat de nieuwbouw in gebruik wordt genomen zal de bestaande schoolbebouwing in het plangebied worden gesloopt. Wat betreft de juridisch-planologische werking van dit bestemmingsplan worden de bestaande bouwvlakken (12.782 m², waarvan 70% mag worden bebouwd) verwijderd en wordt één nieuw bouwvlak geprojecteerd (5.500 m²). Het ruimtebeslag van de bebouwing wordt daarmee fors verminderd.
Overzichtstekening ontwerpvolume 12
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Het nieuwe gebouw zal achter het bestaande gebouw worden gepositioneerd. Het door groen omzoomde kavel vormt een kamer waarbinnen het gebouw is geplaatst. Na sloop van het oude gebouw vormt het voorterrein de entree naar de nieuwe school, een verblijfsgebied voor leerlingen. Ook zal aan deze zijde de watercompensatie worden gerealiseerd en het auto- en fietsparkeren een plek krijgen. De bestaande terreintoegang vanaf de Celebeslaan zal in stand blijven. Centraal in de school ligt de hoofdentree die in het verlengde van de te handhaven terreintoegang ligt. Het nieuwe gebouw kent een sprongsgewijze massaopbouw. Zowel in de hoogte als in de diepte zijn in de massa verkenningen gemaakt waardoor er ingespeeld is op landschappelijke kwaliteiten en functionele wensen. De locatie maakte onderdeel uit van oude bebossing met landgoedkenmerken, behorende bij het landgoed Wasven. Door de lanen met bijbehorende laanbeplanting en de bospercelen is dit oude landschap nog duidelijk herkenbaar. Een herkenbaar historisch landschappelijke element is de watergang met opgaand groen. Dit vormt de westelijke 'wand' van de groene kamer. Het gedeelte ten westen van de waterloop blijft onbebouwd. Het huidige hockeyveld zal worden uitgebreid met meer natuurlijke sportvelden en -voorzieningen.
Aan de zuidzijde van het gebouw wordt aansluitend aan de aula een buitenruimte voor leerlingen gemaakt welke over gaat in ruig grasland zodat er een rustige overgang naar het achterliggende terrein ontstaat. De zuidzijde wordt met een groen en/of bosachtige inrichting verbonden met de noordzijde waardoor het gebouw een eenheid vormt met de omgeving. De beplanting welke toegepast wordt bij de terrein inrichting sluit aan bij de huidige situatie van het gebied zodat deze bijdraagt aan de ecologische versterking van het gebied en het behoud van de huidige soorten in het gebied.
3D weergave ontwerpvolume
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
13
14
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 3 beleidskader
3.1
Uitgangspunten, randvoorwaarden en
Inleiding
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de ruimtelijke beleidskaders op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Verantwoord wordt dat de voorgenomen ontwikkeling past in het (toekomstig) ruimtelijk beleid. Er wordt geen complete samenvatting gegeven van alle beleidsaspecten. Uitsluitend de relevante beleidskaders voor het plangebied zijn in dit hoofdstuk weergegeven en verantwoord.
3.2
Rijksbeleid
3.2.1
Nationale Omgevingsvisie
In Nederland staan we voor een aantal urgente opgaven, dat zowel lokaal, nationaal als wereldwijd speelt. Denk aan de opgaven op het gebied van klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Deze opgaven zullen Nederland flink veranderen. Door goed in te spelen op deze veranderingen kan Nederland vooroplopen en kansen verzilveren. Met de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. In de NOVI zijn deze maatschappelijke opgaven samengevat in vier prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie duurzaam economisch groeipotentieel sterke en gezonde steden en regio's toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Met de NOVI benoemt het Rijk nationale belangen, geeft het richting op de vier prioriteiten en helpt keuzes maken waar dat moet. Want niet alles kan overal. De NOVI is op 9 september 2020 vastgesteld op grond van de geldende regelgeving omdat de Omgevingswet nog niet in werking is. De NOVI voldoet tevens aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan een omgevingsvisie. Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze omgevingsvisie dan ook gelden als de Nationale Omgevingsvisie in de zin van deze wet. In dit bestemmingsplan zijn geen strijdigheden opgenomen met de uitgangspunten uit de Novi.
3.2.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
De ladder voor duurzame verstedelijking (hierna: de ladder) is een motiveringsvereiste voor ruimtelijke plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken. Het gaat bij de Ladder onder andere om het voorkomen van onnodig ruimtebeslag en het voorkomen van planoverschotten op de (regionale) woningmarkt. De ladder is opgenomen in artikel 3.1.6. lid 2 Bro en luidt: "De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
15
ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan voorzien." De volgende stappen dienen doorlopen te worden: 1. is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling; 2. afweging locatiekeuze: valt de ontwikkeling binnen of buiten bestaand stedelijk gebied; 3. beschrijving van de behoefte: voorziet de functie wonen die het plan mogelijk maakt in een behoefte. Ad. 1 Nieuwe stedelijke ontwikkeling In artikel 1.1.1 Bro is een stedelijke ontwikkeling als volgt gedefinieerd: "Ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen." Uit jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:2316) blijkt dat indien een functie wordt verplaatst die al is toegestaan binnen hetzelfde gebied, waarbij het bebouwd oppervlak niet toeneemt, er geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In dit geval is hiervan sprake, omdat de huidige bebouwing wordt gesloopt en op hetzelfde terrein (met de bestemming 'Maatschappelijk') nieuwbouw wordt gerealiseerd. Het bebouwde oppervlak zal fors afnemen ten opzichte van de huidige situatie, zoals ook in paragraaf 2.2 is toegelicht. Daarnaast blijft het aantal leerlingen en de personele bezetting gelijk.
Dit betekent dat er geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling in de zin van het Bro en dat voor deze beoogde ontwikkeling geen beschrijving van de behoefte benodigd is.
3.2.3
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening
Landelijk is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), ook wel AMvB Ruimte genoemd, van toepassing. Het besluit bevat regels ter borging van een aantal nationale belangen. Het gaat onder meer over rijksbelangen zoals rijksvaarwegen, zones buisleidingen, zones van hoogspanningsleidingen en militaire objecten. Voor Eindhoven is de 380 Kv-hoogspanningsleiding van belang. Deze is gelegen in het noorden en deels oosten van Eindhoven. Verder is in het Barro opgenomen dat de provinciale begrenzing van Natuurnetwerk Nederland (NNN) direct doorwerkt naar het bestemmingsplan. De gebieden die de NNN vormen worden bij provinciale verordening aangewezen. Daarmee is de NNN een provinciaal belang geworden, namelijk Natuurnetwerk Brabant (NNB). Tot slot worden de belangen van luchthaven Eindhoven via het Barro geborgd. Het plangebied is niet gelegen nabij de hoogspanningsleiding of NNB (> 350 m). Het is dan ook niet noodzakelijk om op deze zaken afzonderlijk nader in te gaan. Dit geldt ook voor het luchtvaartterrein omdat het plangebied niet gelegen is in het obstakelbeheergebied.
3.3
Provinciaal beleid
3.3.1
Omgevingsvisie
De Brabantse Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Op 14 december 2018 is de omgevingsvisie vastgesteld. Daarna volgt een doorvertaling in een Omgevingsverordening en programma's. Tot die zijn vastgesteld blijven bestaande beleidsplannen voor natuur, ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer en milieu en water van kracht. Daarmee wil Brabant op tijd klaar zijn voor de Omgevingswet wanneer wordt ingevoerd. In de Omgevingswet staan waarden als veiligheid, gezondheid en duurzame 16
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
omgevingskwaliteit centraal. De Brabantse Omgevingsvisie voegt daar ambities aan toe voor vier hoofdopgaven: de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. Voor ieder van deze opgaven geeft de omgevingsvisie aan wat de ambities op lange termijn zijn: wat is er nodig om Brabant in 2050 een gezonde, veilige en prettige leefomgeving te laten zijn? Maar ook een concreet tussendoel: waar moeten we in 2030 op zijn minst staan om dat langetermijndoel te halen? De omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan.
3.3.2
Interim omgevingsverordening Noord-Brabant
De Interim omgevingsverordening is vastgesteld door Provinciale Staten op 25 oktober 2019 en vervangt een aantal provinciale verordeningen: provinciale milieuverordening; verordening natuurbescherming; verordening ontgrondingen; verordening ruimte; verordening water; verordening wegen. Om straks klaar te zijn als de Omgevingswet in werking treedt, heeft de provincie eerst een Interim omgevingsverordening vastgesteld. Het is een 'Interim' omgevingsverordening om zo te benadrukken dat dit een tussenstap is naar de 'definitieve' omgevingsverordening gebaseerd op de Omgevingswet. De Interim omgevingsverordening is gebaseerd op de huidige wetgeving en moet aan de wettelijke bepalingen van die wetgeving voldoen. Dat betekent dat nieuwe mogelijkheden uit de Omgevingswet nog niet zijn verwerkt. Er is wel zo veel als mogelijk aansluiting gezocht bij de Omgevingswet en de voorwaarden voor een omgevingsverordening (bijvoorbeeld bij de opbouw en de digitale vormgeving). Deze Interim omgevingsverordening voegt de bestaande regels over de fysieke leefomgeving zoveel mogelijk samen in één verordening en is beleidsneutraal. Alleen aanpassingen die nodig zijn vanwege de samenvoeging of vanwege al vastgesteld beleid, zoals de omgevingsvisie, worden meegenomen.
In de Interim omgevingsverordening staan regels voor: Burgers en bedrijven: dit zijn zogenaamde rechtstreeks werkende regels voor activiteiten. Deze regels bevatten voorwaarden om zo'n activiteit te verrichten en geven ook aan of je bijvoorbeeld eerst een melding moet doen voordat je mag beginnen. Bestuursorganen van de overheid: dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het bestemmingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. Rechtstreeks werkende regels voor burgers en bedrijven Het gaat hier om regels die naast een eventuele vergunningplicht gelden. Er zijn in de Interim Omgevingsverordening voor de volgende thema's rechtstreekse regels opgenomen: grondwaterbescherming, grondwateronttrekking, bodemsanering, stortplaatsen, ontgrondingen, varend ontgassen, stiltegebied, wegen, natuur en landbouw. De meeste van deze regels waren eerst opgenomen in de Provinciale milieuverordening, de Verordening wegen, de Verordening ontgrondingen en de Verordening natuurbescherming.
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
17
Uitsnede kaart 3 'stedelijke ontwikkeling'
Toepassing plangebied Het plangebied is gelegen in het 'Stedelijk gebied' volgens kaart 3 van de Interim omgevingsverordening. Hiervoor gelden de regels zoals vervat in artikel 3.42 (duurzame stedelijke ontwikkeling). Artikel 3.42 Duurzame stedelijke ontwikkeling Een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen ligt binnen Stedelijk gebied en bevat een onderbouwing dat de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken en het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. Een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen: a. bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; b. bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie en verouderde stedelijke gebieden; c. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; d. houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en voldoende ruimte voor de opvang van water; e. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; f. draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie. Van belang in dit kader is dat sprake is van een stedelijk project. De bestaande schoolbebouwing wordt gesloopt nadat de nieuwbouw in gebruik wordt genomen.
Dit is een goed voorbeeld van zorgvuldig ruimtegebruik, omdat geen onbebouwde gronden buiten stedelijk gebied worden verstedelijkt en omdat het ruimtebeslag op de locatie afneemt. In paragraaf 3.2.2 is reeds ingegaan op de ladder voor duurzame verstedelijking. Voor het overige is in deze toelichting gemotiveerd dat sprake is van een ontwikkeling die voldoet aan de voorwaarden voor een duurzame stedelijke ontwikkeling. In hoofdstuk 5 is ingegaan op de waterparagraaf en paragraaf 3.7 bevat de kaders over verkeer en parkeren. Concluderend kan worden voldaan aan de regels als vervat in artikel 3.42 van de Interim omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant.
18
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
3.4
Gemeentelijk beleid
Samen met de stad heeft de gemeente Eindhoven een omgevingsvisie opgesteld. Met ons hebben meegedacht: inwoners, ondernemers, belangenorganisaties, GGD, Veiligheidsregio, Omgevingsdienst, woningcorporaties, projectontwikkelaars, investeerders en andere overheden (buurgemeentes, provincie, rijk). Op 16 juni 2020 is de omgevingsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. De omgevingsvisie is een integraal verbindende visie voor de fysieke leefomgeving die focus aanbrengt bij het inrichten van onze stad en stimuleert om samen te werken aan de stedelijke opgaven. De omgevingsvisie is gebaseerd op bestaand beleid. Het hebben van een omgevingsvisie is onder de nieuwe Omgevingswet verplicht. Omdat een omgevingsvisie allesomvattend is, willen we die lerende wijs ontwikkelen. Dat betekent concreet dat we, eerder dan wettelijk verplicht, met een omgevingsvisie komen. Maar dan wel een 'light-variant', die we één of twee jaar later gaan aanvullen en verfijnen. Het document vervangt niet de bestaande beleidsdocumenten, maar is een aanvullend beleidsdocument. De interim structuurvisie blijft daarom nog steeds van kracht. Bij het opstellen van een omgevingsvisie 2.0 zal de interim structuurvisie wel worden ingetrokken. Brainportregio De Brainportregio is een technologische topregio en één van de belangrijkste pijlers van de Nederlandse economie. De sleutel tot dit succes is samenwerking.
Het is een regio van contrasten en dat maakt ons uniek: een hecht netwerk van steden, stedelijke buurgemeenten, dorpen en bewoond landelijk gebied. Je bent snel in de stad of juist in het groen, er is cultuur én natuur. We zijn sterk in high tech, design en innovaties en kennen een dynamische economie en een gastvrije bourgondische levensstijl. De strategie van de regio is gericht op het sterker maken van deze kwaliteiten door aan te haken op de eige kracht en identiteit van de deelgebieden. Ambitie Als centrumstad vervult Eindhoven een cruciale rol bij de versterking van Brainport Eindhoven als economische wereldspeler op het gebied van kennisintensieve maakindustrie en design. Om internationaal concurrerend te blijven, streeft Eindhoven samen met de regio naar een excellent woon- en werkklimaat. Eindhoven zet daarom in op gezonde en duurzame verstedelijking met behoud van stedelijke en dorpse kwaliteiten en met bijzondere aandacht voor sociale cohesie en inclusie. Eindhoven is in staat om zich snel aan te passen aan de steeds veranderende vraag naar geschikte en betaalbare ruimte om te wonen, werken, verblijven en recreëren. Deze ambitie vertaalt zich naar vier deelambities. Eindhoven als: economische wereldspeler gezonde en toekomstbestendige stad een sociale, inclusieve en gastvrije stad en een authentieke stad met sterke gebieden.
Van ambitie naar stedelijke opgaven Als we onze ambities leggen naast de huidige kwaliteiten en structuren van de stad en de actuele trends en ontwikkelingen, zien we een aantal stedelijke opgaven voor de stad. Brainport Eindhoven blijft groeien, mede door de sterke economische positie. De ambities en groei vragen om ruimte voor nieuwe woningen, bedrijven en voorzieningen. Ruimte die we bieden door te verdichten in het gebied binnen de Ring en door te verdichten nabij voorzieningen als HOV en winkelcentra. Met name binnen de Ring is voldoende ruimte om te verdichten, omdat er nog relatief weinig mensen wonen. Met de keuze voor verdichten binnen de Ring gaan we duurzaam om met de (groene) ruimte die de stad heeft. We behouden hiermee de kwaliteit van de groenstedelijke woonwijken, de landschapsparken en het buitengebied. vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
19
De keuze voor een compact stedelijke woonmilieu gaat gepaard met forse investeringen in o.a. bereikbaarheid, luchtkwaliteit, groen en voorzieningen. Eindhoven wil een leefbare en een inclusieve stad zijn waar iedereen kan profiteren van het succes van de Brainport. Dat vraagt om keuzes ten aanzien van het woning- en voorzieningenaanbod. Het verschil tussen de ambitie en de huidige stand van zaken in Eindhoven leidt tot zes concrete stedelijke opgaven: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Werken aan een gezonde groei van de stad Werken aan een aantrekkelijk en hoogstedelijk centrum Werken aan leefbare, sociale wijken met een sterke identiteit Werken aan een duurzame en concurrerende economie Werken aan de energietransitie van de stad Werken aan een goede stedelijke bereikbaarheid
Samen werken aan de stedelijke opgaven Dit zijn de opgaven waar we als gemeente de komende jaren samen met onze partners aan werken. Wij werken zelf aan deze opgaven, maar stimuleren ook andere partijen in de stad om dit te doen. We bepalen samen met de stad en regio wat kansrijke initiatieven en locaties zijn. We geven prioriteit aan initiatieven die bijdragen aan meerdere stedelijke opgaven tegelijkertijd en kwaliteit toevoegen aan de stad. Hiernaast zetten we in op het beschermen en versterken van de stedelijke en groene hoofdstructuur van de stad. De gemeente organiseert het werken aan de stedelijke opgaven met thematische en gebiedsprogramma's en stimuleert o.a. via regels en uitgangspunten zoals opgenomen in de omgevingsvisie dat ook andere initiatiefnemers bijdragen aan het realiseren van de opgaven. Het plangebied Deze ontwikkeling voorziet in een nieuw schoolgebouw. Hiertoe wordt de bestaande verouderde bebouwing gesloopt. Dit is een voorbeeld van het werken aan een aantrekkelijke stad en aan energietransitie. Met de nieuwbouw wordt ingezet op een kwalitatief hoogstaand gebouw dat voldoet aan de nieuwste duurzaamheidseisen. Het ruimtebeslag op de locatie neemt af omdat de nieuwbouw op een efficiënte manier alle benodigde functies onder één dak kan onderbrengen. Het plan geeft invulling aan de ambities in de Omgevingsvisie.
3.5
Archeologische en cultuurhistorische waarden
3.5.1
Archeologie
Wettelijk en beleidsmatig kader Nationaal beleid Het Verdrag van Valletta (Malta) verplicht de Europese overheden tot het beschermen van archeologisch erfgoed. Hierbij wordt als uitgangspunt gehanteerd dat archeologische waarden in situ bewaard moeten blijven. Dat wil zeggen, dat er naar gestreefd moet worden om de waarden op de locatie te behouden. Als dit niet mogelijk blijkt, bijvoorbeeld wanneer andere belangen zwaarder wegen, dan moeten de waarden worden opgegraven en daarmee ex situ worden behouden. Het Verdrag van Valletta is doorvertaald in de Monumentenwet 1988, zoals deze gewijzigd is in september 2007. Sinds deze wijziging van september 2007 is de gemeente het bevoegd gezag op het gebied van archeologie en cultuurhistorie. Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht. De uitgangspunten uit het Verdrag van Valletta (Malta) blijven in de Erfgoedwet de basis van de omgang met archeologie. Gemeenten houden een belangrijke rol in het archeologische stelsel. In bestemmingsplannen en het toekomstig omgevingsplan houden ze rekening met (te verwachten) archeologische waarden door het stellen van regels. Het al dan niet stellen van regels ten aanzien van archeologie dient te rusten op voldoende informatie over de archeologische situatie. Deze informatie kan worden verkregen door 20
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
gebiedsdekkende kaarten waarop de archeologische (te verwachten) waarden in de ondergrond zichtbaar zijn. Op basis hiervan kan archeologisch beleid worden ontwikkeld.
Gemeentelijk beleid De gemeente Eindhoven beschikt, als invulling van haar verantwoordelijkheid volgens de Erfgoedwet, over een eigen Archeologische verwachtingen- en waardenkaart. Met deze kaart wil de gemeente het ondergronds cultureel erfgoed van Eindhoven behouden door behoedzame ontwikkeling en beheer. De geactualiseerde Archeologische verwachtingen- en waardenkaart (vastgesteld op 21 juni 2022) wordt beschouwd als een bureauonderzoek op gemeentelijk schaalniveau en geldt vanaf het moment van vaststelling als onderlegger voor nieuwe bestemmingsplannen en - na inwerkingtreding van de Omgevingswet - het omgevingsplan. Op de archeologische verwachtingen- en waardenkaart zijn de archeologische waarden en verwachtingen binnen de gemeentegrenzen aangegeven door middel van categorieën (de categorieën 1 tot en met 8). Ter bescherming van de archeologische waarden worden deze (met uitzondering van categorie 8) op de verbeelding van dit bestemmingsplan opgenomen als dubbelbestemming Waarde - Archeologie. Hieraan zijn per categorie regels gekoppeld. Deze regels geven aan wanneer archeologisch onderzoek verplicht is. (Bouw)werkzaamheden die binnen de in de regels vermelde oppervlakten én diepte vallen worden vrijgesteld van archeologisch onderzoek.
Hierdoor kunnen bij ruimtelijke ordeningsprocedures sneller beslissingen worden genomen en kan de archeologie in een vroeg stadium in het proces worden meegenomen. Archeologisch kader Algemeen De van oorsprong hoger gelegen oude bouwlanden met een dik plaggendek, waaruit een groot deel van het gemeentelijk grondgebied bestond, blijken een goed geconserveerd bodemarchief te herbergen. Maar ook andere landschappelijke eenheden - zoals de nattere beekdalen en de flanken daarvan, de vennen of het 'restveen' - blijken vaak een waardevol archeologisch gegevensbestand te bevatten. Het gemeentelijk bodemarchief geeft blijk van een bewoningsgeschiedenis van duizenden jaren en herbergt archeologische resten daterend uit de (late) prehistorie, de Romeinse tijd, de vroege middeleeuwen, de late middeleeuwen en nieuwe tijd. Deze gegevens zijn van groot belang voor de reconstructie van het verleden, temeer omdat geschreven bronnen in Eindhoven nagenoeg ontbreken. Een bijzondere betekenis heeft de historische kern van Eindhoven, die als stad al in de loop van de late middeleeuwen een belangrijke regionale economische en bestuurlijke rol vervulde. Daarnaast kent de gemeente uit deze periode een aantal (verdwenen) hoeven, kasteeltjes, kerken, (water)molens en dergelijke die zowel archeologisch en cultuurlandschappelijk van hoge waarde zijn.
Archeologische waarnemingen binnen en ook buiten de van oorsprong laatmiddeleeuwse historische kernen bieden mogelijkheden om meer te weten te komen over de ontstaansgeschiedenis, ontwikkeling en bewoningsdynamiek tussen de plattelandsdorpen en de stad in wording en kunnen daarmee een verrijking vormen voor de lokale en regionale geschiedenis. Daarnaast zijn in de gemeente resten van ondergronds militair erfgoed te verwachten. In de Tweede Wereldoorlog lag hier bijvoorbeeld een militair vliegveld ('Fliegerhorst Eindhoven') en de gemeente maakte deel uit van het operatieterrein 'Market Garden' van het geallieerde bevrijdingsleger. Plangebied Het plangebied is gesitueerd in gebieden die zijn aangeduid als lage, middelhoge en hoge verwachting. De nieuwbouw is voorzien op terrein dat grotendeels is aangeduid als 'lage verwachting'. Bij lage verwachting geldt dat bij bodemingrepen groter dan 25.000 m² en dieper dan 30 cm een archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd. Het bouwvlak voor de vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
21
nieuwbouw heeft een oppervlakte van circa 5.500 m². Een archeologisch onderzoek is op basis van het archeologiebeleid niet noodzakelijk. Het noordwestelijke hoekje van het bouwvlak is gesitueerd binnen 'hoge verwachting', waarvoor een onderzoeksplicht geldt vanaf 250 m². Ook hier kan aan worden voldaan, omdat het slechts om enkele tientallen vierkante meters gaat. Volledigheidshalve heeft RAAP in februari en maart 2022 een archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek uitgevoerd voor het plangebied Celebeslaan te Eindhoven. Dit onderzoek is als bijlage bij het bestemmingsplan toegevoegd. Hierna volgen de resultaten en advies.
Uitsnede Archeologische verwachtingen- en waardenkaart 2022 (bouwvlak rood omlijnd)
Archeologisch (voor)onderzoek Resultaten Het plangebied ligt op een dekzandvlakte. Het booronderzoek heeft uitgewezen dat de oorspronkelijke podzolbodem helemaal is verstoord. In het plangebied zijn er geen archeologische vindplaatsen bekend. Ten oosten ervan bevinden zich een aantal vindplaatsen uit de periode late middeleeuwen-nieuwe tijd. Daarbij gaat het met name om bewoning bij het Hofke in het centrum van Tongelre. Er geldt een middelhoge verwachting voor vindplaatsen (kampementen) van jager -verzamelaars, alsook een middelhoge verwachting voor vindplaatsen (nederzettingen, huisplaatsen, landbouw en infrastructuur) van landbouwers. Conclusie Het booronderzoek wijst erop dat er in het plangebied oorspronkelijk een podzolbodem aanwezig was, die geheel is verstoord. Vanwege de diepe verstoringen (tot wel 150 cm en onder de gebouwen tot 9 m), alsmede de natte, voor bewoning ongeschikte ondergrond, worden er geen archeologische resten meer verwacht.
3.5.2
Cultuurhistorie
Op 18 maart 2008 is de cultuurhistorische waardenkaart van Eindhoven vastgesteld. De kaart dient als beleidskader om bij ruimtelijke ontwikkelingen in de stad rekening te kunnen houden met de cultuurhistorie van Eindhoven. De kaart geeft een overzicht van de historische structuur van wegen en waterlopen, historisch waardevolle stedenbouwkundige en landschappelijke- en groenstructuren, beschermde stads- en dorpsgezichten en monumentale bomen. 22
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Bij de samenstelling van de kaart is onder andere gebruik gemaakt van de gegevens van de provinciale cultuurhistorische waardenkaart.
Uitsnede Cultuurhistorische waardenkaart Eindhoven (plangebied rood omijnd)
Beoordeling plan Het plangebied is conform de Cultuurhistorische Waardenkaart gedeeltelijk aangeduid als 'Historisch landschap'. Deze aanduiding wijst op de aanwezigheid van het Landgoed Wasven en bestaat uit bosschages, ecologische akkervelden, gras- en kruidenvelden en enkele oppervlaktewateren. Dit geldt voor de voorzijde voor de strook 'Historisch landschap' langs de Celebeslaan. Op deze locatie is veel groen aanwezig en zal als zodanig worden gehandhaafd. De nieuwbouw is beoogd ter plaatse van het huidige sportveld en een gedeelte van het huidige fietsparkeren en speelplein. Het omliggende groen (rondom het sportveld) blijf gehandhaafd, waardoor geconcludeerd kan worden dat alle aanwezige groenstructuren blijven behouden en niet worden aangetast door dit planvoornemen. In de huidige schoolbebouwing zijn enkele cultuurhistorische objecten aanwezig. Zo zijn in de centrale hal van Celebeslaan 20 (Lorentzgebouw) een tweetal mozaïek kunstwerken aanwezig. De werken van Bouhuys (1961) en Wiegersma (1966-67) illustreren de wederopbouwperiode en zijn in deze verschijningsvorm zeldzaam in Eindhoven. De verschijningsvorm van deze kunst kent een toenemende zeldzaamheid door sloop elders in Nederland. Als derde is een portretplaquette van cultuurhistorische waarde, omdat dit een portret betreft van de naamgever van de school (Lorentz Casimir).
De drie beschreven werken blijven behouden en zullen in de nieuwbouw worden ondergebracht. Een meer gedetailleerde beschrijving van de werken is als bijlage in de toelichting gevoegd. Op deze wijze blijft een belangrijk aandeel van de wederopbouwkunst behouden. Voor het overige zijn er geen cultuurhistorische waarden aanwezig binnen of in de nabijheid van het plangebied. Hiermee kan geconcludeerd worden dat het planvoornemen geen onevenredige afbreuk doet aan de cultuurhistorische waarde van haar omgeving en worden belangrijke cultuurhistorische objecten behouden en van een duurzame toekomst voorzien.
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
23
3.6
Verkeer en parkeren
Een onderdeel van een goede ruimtelijke ordening is het effect van een nieuw project op het verkeer en infrastructuur. Hierbij is het van belang of de ontwikkeling grote veranderingen ten aanzien van verkeer en infrastructuur teweeg brengt. 3.6.1
Verkeer
In de nota 'Eindhoven op Weg' (2013) zijn de Eisenhowerlaan en Insulindelaan (deze is deel van de Ring) aangewezen als gebiedsontsluitingsweg. De Koudenhovenseweg Zuid is aangewezen als wijk- en buurtontsluitingsweg. Doordat deze wegen het plangebied ontsluiten is het plangebied per auto goed bereikbaar. De Celebeslaan is onderdeel van het Eindhovense hoofd-fietsroutenetwerk. Deze laan is een belangrijke schakel in de doorfietsroute Helmond - Eindhoven. Om deze reden is deze weg ingericht als fietsstraat. De Eisenhowerlaan is een primaire fietsroute en voorzien van vrijliggende fietspaden. Met deze fietsstructuur is het plangebied ook voor fietsers goed bereikbaar. De nieuwbouw zorgt niet voor een hogere verkeersgeneratie ten opzichte van de huidige situatie. Het leerlingenaantal wijzigt namelijk niet. Dit betekent dat er vanwege het bouwplan geen veranderingen plaatsvinden als het gaat om de verkeersafwikkeling en weginrichting (zoals Kiss&Ride). Wel worden bij gelegenheid, in de toekomst (bijvoorbeeld wegonderhoud), de bestaande openbare parkeerplaatsen aan de Celebeslaan verwijderd. Met de nieuwbouw wordt de parkeerbehoefte ingevuld op eigen terrein.
3.6.2
Parkeren
De ruimte in de stad is beperkt en kostbaar. De gemeente moet dan ook de schaarse ruimte efficiënt gebruiken. Daarom worden bij een bouwplan eisen aan het aantal te realiseren parkeerplaatsen gesteld. De gemeentelijke Nota Parkeernormen 2016 was gericht op voldoende parkeergelegenheid, bij voorkeur op eigen terrein. De afgelopen jaren bleek dit uitgangspunt steeds meer problemen op te leveren. Gebiedsontwikkelingen in het centrum hebben reeds een hoge planexploitatie, waarbij de huidige parkeernormen op eigen terrein niet langer reëel zijn. Met de Actualisatie Nota Parkeernormen 2019 is het mogelijk om op een andere manier in de parkeerbehoefte te voorzien, waarbij tegelijkertijd duurzame vormen van mobiliteit in de stad worden gestimuleerd. De gemeente Eindhoven wil de vraag naar parkeergelegenheid faciliteren op een zodanige wijze dat de bereikbaarheid van de stad in zijn geheel als de verschillende delen daarvan (het centrum, de woonwijken, de bedrijventerreinen e.d.) kan worden gewaarborgd en de kwaliteit van de openbare ruimte behouden blijft of verbetert. Bovendien wil de gemeente zorgen voor voldoende flexibiliteit om initiatieven in de stad te faciliteren. Nieuwe woon- en werkvormen moeten mogelijk zijn en het bijbehorende parkeeraanbod dient daarmee in overeenstemming te worden gebracht.
Een tekort aan parkeercapaciteit kan een bron van overlast in een (centrum)gebied of (woon)buurt zijn. Een goede sturing en afweging van belangen is noodzakelijk bij het oplossen van het parkeervraagstuk. Parkeernormen zijn daarbij een hulpmiddel. Het doel van het toepassen van de gemeentelijke parkeernormen is ervoor te zorgen dat een (nieuwe of her)ontwikkeling op de beleidsmatig gewenste wijze voorziet in de parkeeropgave en daarmee niet leidt tot parkeeroverlast in de omgeving, waarbij de verkeersaantrekkende werking van de ontwikkeling zo veel mogelijk wordt beperkt. De nieuwbouw zorgt niet voor een hogere parkeervraag ten opzichte van de huidige situatie omdat met het beoogde plan niet beoogd is het leerlingenaantal verhogen. Het bouwplan ziet namelijk op nieuwbouw en sloop van de huidige bebouwing. Er worden conform de 24
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Actualisatie Nota Parkeernormen 2019 voldoende parkeervoorzieningen gerealiseerd voor zowel auto's als fietsen. Dit is in de regels van dit bestemmingsplan verankerd met een voorwaardelijke verplichting. Parkeeraantallen Bij 1.150 leerlingen en 135 personeelsleden zijn 38 autoparkeerplaatsen en 1.185 fietsparkeerplaatsen nodig, conform de parkeernota 2019. De berekeningen zijn als bijlage opgenomen. Aanleg parkeerplaatsen Omdat het nieuwbouw betreft op een herontwikkelingslocatie geschiedt de aanleg op eigen terrein. Van oudsher zijn parkeerplaatsen aanwezig aan de Celebeslaan voor gebruik door de school. De fietsstraat Celebeslaan echter is onderdeel van de doorfietsroute Helmond - Eindhoven. Doel van de fietsstraat is om de fietsers een vlotte, veilige en comfortabele route te bieden. Dit is ook ten gunste van de scholieren. De van oudsher aanwezige parkeerplaatsen aan de rijbaan Celebeslaan sluiten niet geheel aan bij de kenmerken veilig en comfortabel. Vanwege de aangewezen natuurwaarde van de Celebeslaan en ter verbetering van de natuurlijke afwatering, heeft (overdadige) verharding ook geen voorkeur. Om deze redenen worden bij gelegenheid, in de toekomst (bijvoorbeeld wegonderhoud), de bestaande openbare parkeerplaatsen aan de Celebeslaan verwijderd. Met de nieuwbouw wordt de parkeerbehoefte ingevuld op eigen terrein.
Perceelsontsluiting Het aantal en de breedte van de uitritten wordt beperkt tot wat noodzakelijk is. Rekening houdend met de groenstructuur en bomen. Indien bestaande uitritten niet stroken met het nieuwe inrichtingsplan, worden deze opgeheven en opgenomen in de groenstructuur.
3.7
Groen
3.7.1
Groenbeleidsplan
Eindhoven heeft de ambitie om een leefbare, gezonde en klimaatadaptieve stad te zijn als basis voor een sterk vestigingsklimaat in het hart van de Brainport. Een goede groenstructuur is een basisvoorwaarde hiervoor. De waarde van groen voor de stad is evident. Het gemeentelijk groenbeleid is gericht op het duurzaam veiligstellen en ontwikkelen van een kwalitatief hoogwaardige groenstructuur met daarin passende functies. De gemeente hecht grote waarde aan de kwaliteit van de stad die tot uiting komt in de waarde van het groen voor natuur, klimaat/milieu, water, productie, recreatie, identiteit. Dit zijn belangrijke waarden voor de stad om te beschermen en bevorderen. Het Groenbeleidsplan 2017 (vastgesteld door Raad d.d. 31 januari 2017) bevat een 'Procesafspraak groenplannen'. Die luidt als volgt: "Bij (her)ontwikkeling van gebouwen of gebieden moet de initiatiefnemer een groenplan opstellen. Dit bevat een toelichting van de groene inrichting in het plan. Hierin komt niet alleen de groene inrichting op maaiveld en evt. dak en gevel aan bod, maar is ook rekening gehouden met de beschikbare boven- en ondergrondse ruimte, vooral bij bomen. Uitgangspunt is steeds: kwalitatief en duurzaam groen en zo min mogelijk verharding. Het plan moet argumenten bevatten, waarom verharding wordt toegepast.
Als het groenplan niet voldoet, wordt in samenwerking met de afdeling Groen gezocht naar een passende oplossing, en/of is de Groencompensatieregeling van toepassing." Het Groenbeleidsplan 2017 blijft na vaststelling van kracht tot de gemeenteraad anders vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
25
beslist; het streven is een geldigheid van 10 jaar of langer. Het plan heeft in principe betrekking op al het groen van Eindhoven, dus niet alleen het groen in eigendom van de gemeente. Omdat niet al het groen bescherming krijgt door een specifieke groenbestemming en de gemeente enkel directe invloed heeft op haar eigen eigendommen, is niet al het groen automatisch beschermd. Het Groenbeleidsplan 2017 geeft in een kaart met zes ruimtelijke strategieën de kaders voor de ruimtelijke ontwikkeling in relatie tot groen.
Uitsnede 'Ruimtelijke Strategieënkaart' (plangebied rood omlijnd) Beoordeling plan Voor dit plangebied is volgens het Groenbeleidsplan 2017 de ruimtelijke strategie 'Stad, groen beeldbepalend' van toepassing. Dit zijn stedelijke gebieden met een uitgesproken groen karakter die bovendien aansluiten bij de hoofdgroenstructuur en deze daardoor ruimtelijk versterken. De verweving van rood en groen manifesteert zich in deze gebieden op allerlei manieren: kleinschalig en grootschalig, in privé- en openbare ruimtes. Het karakter is vaak afhankelijk van de aangrenzende groenstructuur en kan dus zowel landschappelijk als stedelijk zijn. Het beleid is gericht op het behouden en ontwikkelen van het bijzondere groene imago en de aansluiting op de groenstructuur. De groene beleving staan voorop. De specifieke kwaliteit en identiteit van een plek moet daarom worden beschermd en versterkt. Bouwen is in deze gebieden beperkt mogelijk mits het groene karakter centraal blijft staan. In de nader uit te werken ontwerprichtlijnen wordt beschreven wat dat in de praktijk betekent. Om het groene karakter te beschermen geldt in ieder geval een algehele kapvergunningsplicht, ook voor private percelen. Deze vergunningplicht is opgenomen en bestuurlijk vastgesteld in de Verordening Bomen en Nadere regels bomen. Groenplan Huidige situatie: Bebouwingsoppervlakte op maaiveld bedraagt 5.482 m².
Bestrating rond het gebouw, de fietsenstallingen en de pleinen heeft een oppervlakte van c.a. 7.200 m². Kunstgrasveld heeft een oppervlakte van 4.600 m². Groen 32.573 m². Nieuwe situatie: 26
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Bebouwingsoppervlakte op maaiveld bedraagt 4.690 m². Bestrating rond het gebouw, de fietsenstallingen en de pleinen heeft een oppervlakte van c.a. 5.680 m². Kunstgrasveld heeft een oppervlakte van 4.600 m². Groen 34.885 m². Groendak 1.393 m². In de nieuwe situatie wordt ook het hemelwater opgevangen in een wadi met een oppervlakte van 220 m². Totaal wordt er in het plangebied c.a. 3.705 m² groen toegevoegd. De detail uitwerking van het groenplan is gereed bij de aanvraag omgevingsvergunning en wordt dan getoetst. Het uitgangspunt voor de verdere uitwerking van het terrein inrichtingsplan is dat er een gebied ontstaat dat aansluit bij de huidige ecologische structuur en er aansluiting kan komen op de historische componenten. De functionele componenten zoals de fietsenstalling en de autoparkeerplaats zullen zodanig ingepast worden dat ze opgaan in de omgeving. Verder moet het een aantrekkelijk functioneel gebied worden waar leerlingen graag verblijven te midden van de aanwezige flora en fauna. Het terrein is en blijft eigendom van het Lorentz Casimir Lyceum en zij hebben één conciërge in dienst die verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud van het terrein van de school. Deze conciërge woont op het terrein en is nauw betrokken bij het Wasven.
3.7.2
Verordening bomen
Het gemeentelijk beleid ten aanzien van bomen is vastgelegd in de Verordening Bomen 2021. Deze is op 6 april 2021 door de gemeenteraad vastgesteld en de verordening met bijbehorende regels is op 23 april 2021 in werking getreden. De Verordening en (uitwerking daarvan in) nadere regels voor compensatie is van toepassing op bomen die niet vallen onder de regelgeving van de Wet natuurbescherming (Wnb). De Wet natuurbescherming is van toepassing op: bossen die buiten de 'bebouwde kom Wnb' liggen; alle beplantingen van bomen die groter zijn dan 10 are; bomen in een rijbeplanting, als de rij uit meer dan 20 bomen bestaat. Voor bomen geldt dus of de Wet natuurbescherming of de Verordening Bomen 2021. Voor het vellen van bomen dient, behoudens een aantal vrijstellingen, een melding te worden gedaan bij de Provincie Noord Brabant. Er is een herplantplicht van toepassing. Verordening Bomen 2021 In de Verordening Bomen 2021 is de bescherming van bomen geregeld, doordat voor het kappen van bomen een omgevingsvergunning nodig is. Daarbij kan ook nog worden gezorgd voor herplant van de te kappen bomen (compensatieplicht). De verordening bevat regels over hoe wordt omgegaan met overlast door bomen, de compensatieplicht bij kap, de indieningvereisten bij een vergunningaanvraag, de beoordeling (weigeringsgronden) van een kapaanvraag en het aanbrengen van verlichting in bomen.
Conform de verordening is een vergunning voor kappen van bomen nodig als: bomen vanaf 45 cm stamomtrek op gemeentegrond of op particuliere percelen groter dan 250 m²; een houtopstand die voor de eerste keer wordt teruggesnoeid tot op de hoofdtakken of stam; een houtopstand, ongeacht de stamomtrek, die is aangelegd op grond van een herplant-, compensatie en/of instandhoudingsplicht op grond van artikel 6 of een overeenkomst met vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
27
het college. voor het voorhanden of in voorraad hebben dan wel het vervoeren van een gekapte houtopstand of delen ervan met een plantenziekte is een omgevingsvergunning vereist, voor zover deze plantenziekte zich kan verspreiden is wel een vergunning nodig. Groene kaart Er is een groene kaart waarop ter informatie het volgende is aangegeven: Groenstructuur van de gemeente Eindhoven (groene wiggen, groene dooradering en hoofgroenstructuur); Groenarme gebieden; Centrumgebied; Bebouwde komgrens Wet natuurbescherming; (Particuliere) percelen groter dan 250 m². De informatie op de groene kaart is nodig om: Te duiden waar de waardevolle bomen staan; Te duiden waar de monumentale bomen staan; Inzicht te geven in de Bebouwde komgrens wet natuurbescherming; Inzicht te geven in de gebieden waar een compensatiefactor geldt in het geval financiële compensatie aan de orde is, het centrumgebied en de groenarme gebieden. Om de kaart actueel te houden wordt de informatie over de bomen op de kaart en de kadastrale situatie op de kaart, zeer frequent bijgewerkt. Zo blijft de kaart up-to-date en betrouwbaar voor zowel interne als externe gebruikers. Compensatieplicht bomen Door het kappen van bomen gaat groen verloren. Het weggevallen groen moet in beginsel worden gecompenseerd. Aan een omgevingsvergunning voor het kappen van een houtopstand (bomen) kunnen voorschriften worden verbonden.
Onder andere kan een compensatieplicht worden opgelegd. In de Nadere regels Verordening bomen 2021 is bepaald wanneer een compensatieplicht ontstaat en hoe die wordt bepaald. Nadere regels voor compensatie De Verordening is uitgewerkt in nadere regels voor compensatie. Deze zijn op 21 april 2021 vastgesteld door het college en op 23 april 2021 in werking getreden. Het college mag op basis van de Verordening bomen 2021 compensatie opleggen zoals uitgewerkt in de 'Nadere Regels voor compensatie'.
3.7.3
Bomen Effect Analyse
Om in beeld te krijgen wat de invloed van de geplande werkzaamheden op de bomen binnen en in de directe omgeving van het plangebied is, is een Bomen Effect Analyse (BEA) uitgevoerd. De resultaten zijn gerapporteerd en als bijlage bij deze toelichting gehecht. Hierna volgen de conclusies en advies. Op basis van de onderzoeken wordt het volgende geconcludeerd dat: Realiseren nieuwe school: Het nieuwe schoolgebouw staat op basis van het ontwerp op 15 meter (oost en westzijde) en 10 meter (zuidzijde) van boom 157. Dit resulteert is een percentage wortelverlies van 0-5%. Dit percentage is acceptabel. Realiseren kabels en leidingen: 28
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
De situering van kabels en leidingen is in deze fase van het ontwerp nog niet bekend. Graafwerkzaamheden voor eventuele aanleg van kabels en leidingen onder de kroonprojectie van de zomereiken is onacceptabel. Kans op schade aan de stam, kroon en de bodem: Transport en opslag van materiaal of materieel onder de kroonprojectie van de bomen is ongewenst. De kans op schade aan de bomen en met name aan de bodem door verdichting is sterk verhoogd.
3.7.4
Compensatieplicht
In het Groenbeleidsplan 2017 zijn richtlijnen en procesafspraken opgenomen. De Beleidsregel Groencompensatie is een uitwerking van het Groenbeleidsplan die voortkomt uit deze afspraken. Voorwaarde bij ingrepen in het groen is dat de groene kwaliteiten tenminste worden gehandhaafd door de nieuwe ontwikkeling integraal te ontwerpen, inclusief groen. Als groen niet gehandhaafd kan blijven moet compensatie plaatsvinden van het groen dat verloren gaat. Daarnaast is een compensatieplicht opgenomen in de Verordening Bomen 2021. Dit houdt in dat een compensatieplicht geldt indien het om een 'rode reden' gaat. Voor dit plan worden te kappen bomen in het plangebied gecompenseerd. Vooralsnog wordt alleen boomnummer 164 gekapt. Boomnummers 156 en 160 worden vooralsnog nog niet gekapt (al is dit wel geadviseerd).
Te k appen bomen
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
29
30
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 4
Milieuparagraaf
4.1
Milieueffectrapportage
4.1.1
Toetsingskader
Een activiteit kan belangrijke nadelige gevolgen hebben voor het milieu, waardoor het opstellen van een milieueffectrapport (MER) of het verrichten van een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk is. In het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.) staat wanneer een m.e.r. of een m.e.r.- beoordeling aan de orde is. In de C- en D-lijst in de bijlage bij het Besluit m.e.r. staat of sprake is van een m.e.r.-plicht of een m.e.r.-beoordelingsplicht. In de C- en D-lijst is per categorie van activiteiten een drempelwaarde voor de omvang van de activiteit gegeven. Voor activiteiten boven de drempelwaarde in de C-lijst geldt een m.e.r.-plicht. Voor activiteiten onder de drempelwaarde in de C-lijst en boven de drempelwaarde in de D-lijst geldt een m.e.r.- beoordelingsplicht. Onder de drempelwaarde in de D-lijst geldt een vormvrije m.e.r.beoordeling. Bij een (vormvrije) m.e.r.-beoordeling moet worden beoordeeld of er sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen.
4.1.2
Beoordeling plan
Deze ontwikkeling zou kunnen worden gezien als een stedelijk ontwikkelingsproject zoals bedoeld in D11.2 van het Besluit milieueffectrapportage. Bij het beoordelen of een ruimtelijke ontwikkeling een stedelijke ontwikkeling volgt uit vaste jurisprudentie van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat gekeken dient te worden naar de aard, omvang en locatie van het plan (zie: ECLI:NL:RVS:2017:694 & ECLI:NL:RBAMS:2018:648). Er is een nieuw schoolgebouw voorzien voor de middelbare school. Hiertoe wordt de bestaande bebouwing gesloopt (na ingebruikname van de nieuwbouw). Het ruimtebeslag van de nieuwbouw is kleiner dan het huidige ruimtebeslag. In de nieuwe situatie is sprake van een bouwvlak van 5.500 m². De te verwijderen bouwvlakken hebben een oppervlakte van 12.782 m², waarvan 70% mag worden bebouwd (= 8.947 m²). Daarnaast is de locatie reeds in gebruik als middelbare school. De bestemming is en blijft 'Maatschappelijk'. Voorzieningen, zoals parkeerplaatsen voor auto's en fietsers, schoolpleinen en sportvelden zijn reeds aanwezig. Met het planvoornemen is niet beoogd het leerlingenaantal te verhogen. Hierdoor kan worden geconcludeerd dat wat betreft aard en omvang geen sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject in de zin van het Besluit milieueffectrapportage.
4.1.3
Conclusie
Het plan is geen stedelijk ontwikkelingsproject in het kader van het Besluit milieueffectrapportage. Het opstellen van een vormvrije m.e.r. aanmeldnotitie is niet noodzakelijk.
vastgesteld II Tongelre buiten de Ring 2019 (Lorentz Casimir Lyceum) Gemeente Eindhoven
31
4.2
Bedrijven en milieuzonering
4.2.1
VNG-brochure
Milieuzonering is het aanbrengen van een noodzakelijke ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende en milieugevoelige functies ter bescherming of vergroting van de kwaliteit van de leefomgeving. Voor een verantwoorde inpassing van bedrijvigheid in haar fysieke omgeving of van gevoelige functies nabij bedrijven wordt gebruik gemaakt van de publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' (VNG, uitgave 2009). De VNG-publicatie geeft richtafstanden, gebaseerd op de omgevingskwaliteit zoals die wordt nagestreefd in een rustige woonwijk. Daarnaast kent de publicatie het omgevingstype 'gemengd gebied'. Indien de aard van de omgeving dit rechtvaardigt kunnen gemotiveerd kleinere richtafstanden worden aangehouden bij het omgevingstype 'gemengd gebied', dat gezien de aanwezige functiemenging of ligging nabij drukke wegen een hogere milieubelasting kent. De reductie met één afstandstap leidt niet tot een lager beschermingsniveau voor gevaar.
4.2.2
Toepassing plangebied
In de VNG-brochure zijn middelbare scholen ondergebracht in milieucategorie 2. Hiervoor geldt een richtafstand van 30 meter in het kader van het hinderaspect geluid. Er zijn geen woningen of andere gevoelige bestemmingen aanwezig binnen 30 meter van de bestemming 'Maatschappelijk'. De dichtstbijzijnde woning bevindt zich op circa 140 meter ten westen van het plangebied. Aan de richtafstand kan worden voldaan. Dit bestemmingsplan voorziet in een nieuw schoolgebouw op een bestaande schoollocatie, waarbij de bestaande school zal worden gesloopt nadat de nieuwbouw in gebruik wordt genomen. De schoollocatie is ondergebracht in de bestemming 'Maatschappelijk' zoals ook in paragraaf 1.3 is toegelicht. De bestemming zal door dit planvoornemen niet wijzigen. De wijziging ziet op een andere locatie van het bouwvlak. Het bouwvlak is verder van de perceelsgrenzen geprojecteerd ten opzichte van de huidige projectie, waardoor de invloed van het gebouw op de omgeving afneemt.
Met inachtneming van het feit dat de bestemming niet wijzigt en dat het bouwvlak verder van de perceelsgrenzen wordt gesitueerd, in combinatie met het feit dat er geen woningen of andere gevoelige bestemmingen zijn gesitueerd binnen 30 meter (richt)afstand van de bestemming 'Maatschappelijk', kan worden geconcludeerd dat het planvoornemen geen negatieve invloed op de omgeving heeft in vergelijking met de huidige situatie en dat kan worden voldaan aan een goede ruimtelijke ordening.