CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1a - Bestemmingsplan Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan)

Raadsvergadering 14 februari 2023, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan)30.832 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Vastgesteld bestemmingsplan

Tongelre binnen de Ring (TapuitstraatMeerkollaan)

Januari 2023

Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan)

Inhoudsopgave Toelichting

5

Hoofdstuk 1 Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Ligging en plangrenzen

7

1.3

Voorgaande plannen

8

1.4

Leeswijzer

9

Hoofdstuk 2 Beschrijving plangebied

11

2.1

Gebiedsprofiel

11

2.2

Projectprofiel

12

Hoofdstuk 3 Uitgangspunten, randvoorwaarden en beleidskader

15

3.1

Inleiding

15

3.2

Rijksbeleid

15

3.3

Provinciaal beleid

18

3.4

Gemeentelijk beleid

20

3.5

Volkshuisvesting

22

3.6

Archeologische en cultuurhistorische waarden

26

3.7

Verkeer en parkeren

29

3.8

Groen

33

3.9

Detailhandel

37

Hoofdstuk 4 Milieuparagraaf

41

4.1

Milieueffectrapportage

41

4.2

Bedrijven en milieuzonering

42

4.3

Natuur

44

4.4

Geluid

45

4.5

Luchtkwaliteit

49

4.6

Bodem

52

4.7

Externe veiligheid

53

4.8

Duurzaamheid

55

4.9

Bezonning

58

4.10

Kabels, leidingen en straalpaden

60

Hoofdstuk 5 Waterparagraaf

61

5.1

Inleiding

61

5.2

Beleid

61

5.3

Eindhovense klimaattoets

64

5.4

Beschrijving watersysteem plangebied

67

5.5

Toekomstige situatie van het watersysteem

68

Hoofdstuk 6 Juridische vormgeving

71

6.1

71

2

Algemeen

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

6.2

Planmethodiek

71

6.3

Verbeelding

71

6.4

Planregels

71

Hoofdstuk 7 Handhaving

73

7.1

73

Handhavingsnota Leefomgeving 2018-2021

Hoofdstuk 8 Financiële aspecten

75

Hoofdstuk 9 Procedure en maatschappelijke uitvoerbaarheid

77

9.1

Bekendmaking ex artikel 1.3.1 Bro

77

9.2

Overleg ex artikel 3.1.1 Bro

77

9.3

Samenspraak

77

9.4

Zienswijzen

78

Bijlagen bij de toelichting

81

Regels

83

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

85

Artikel 1

Begrippen

85

Artikel 2

Wijze van meten

93

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

95

Artikel 3

Gemengd

95

Artikel 4

Waarde - Archeologie - 4

97

Hoofdstuk 3 Algemene regels

99

Artikel 5

Anti-dubbeltelregel

99

Artikel 6

Algemene afwijkingsregels

101

Artikel 7

Overige regels

103

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

105

Artikel 8

Overgangsrecht

105

Artikel 9

Slotregel

107

Bijlagen bij de regels

109

Bijlage 1

Lijst van bedrijfsactiviteiten bij wonen

110

Bijlage 2

Besluit hogere waarden

112

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

3

4

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

Toelichting

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

5

6

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding

Initiatiefnemer is voornemens een supermarkt (Aldi) en 58 appartementen te realiseren ter plaatse van een voormalige sporthal (Haagdijk) aan de Meerkollaan 6 te Eindhoven. Het initiatief van Aldi betreft een verplaatsing van een bestaande supermarktvestiging. Deze supermarktvestiging was in het recente verleden aanwezig aan de Tongelresestraat 227. Het bouwplan past niet binnen het geldende bestemmingsplan 'Tongelre binnen de Ring 2007'. Het geldende bestemmingsplan biedt geen binnenplanse afwijkings- of wijzigingsbevoegdheid om de gewenste ontwikkeling mogelijk te maken. Daarom moet een nieuw bestemmingsplan worden opgesteld voor de locatie. Het nieuwe bestemmingsplan is genaamd 'Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan)'. Het bestemmingsplan "Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan)" bestaat uit een digitale en analoge verbeelding met de daarbij behorende regels. Bij het bestemmingsplan is een toelichting gevoegd. In de toelichting wordt aangegeven waarom het bestemmingsplan is opgesteld en welke afwegingen hebben plaatsgevonden in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Naast de digitale versie is er tevens een papieren versie van het bestemmingsplan beschikbaar. De digitale versie is juridisch bindend.

Topografische kaart (plangebied in rode cirkel)

1.2

Ligging en plangrenzen

Het plangebied is gelegen tussen de Meerkollaan, Tapuitstraat, Rietvinkstraat en Insulindelaan (Ring) in Eindhoven. Het betreft de locatie van de voormalige sporthal 'Haagdijk' met bijbehorende parkeervoorzieningen. Het plangebied is gelegen in stadsdeel Tongelre, in de wijk De Laak en de buurt Villapark. vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

7

Luchtfoto met kadastrale ondergrond (plangebied rood omlijnd)

1.3

Voorgaande plannen

Het plangebied is gelegen in het bestemmingsplan "Tongelre binnen de Ring 2007" en heeft de bestemming 'Maatschappelijk' en 'Verkeers- en verblijfsdoeleinden'.

Uitsnede verbeelding bestemmingsplan "Tongelre binnen de Ring 2007"

8

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

Uitsnede verbeelding bestemmingsplan "Tongelre buiten de Ring 2019" In de huidige situatie is er met het bestemmingsplan 'Tongelre binnen de Ring 2020' recentelijk een bestemmingsplan vastgesteld ter actualisatie van het bestemmingsplan 'Tongerle binnen de Ring 2007'. Dit actualisatie-bestemmingsplan heeft reeds rekening gehouden met dit bestemmingsplan, daar het plangebied niet is meegenomen in het actualisatie-bestemmingsplan. Het planvoornemen past niet binnen de regels van het geldende bestemmingsplan. Daarnaast biedt dat bestemmingsplan geen afwijkings- of wijzigingsbevoegdheid om het plan te realiseren. Om de beoogde ontwikkeling te faciliteren is daarom een nieuw juridisch-planologisch kader nodig. Dit bestemmingsplan voorziet hierin.

1.4

Leeswijzer

Deze toelichting bestaat uit 9 hoofdstukken. Na deze inleiding volgt hoofdstuk 2. Hierin is een beschrijving van het plangebied gegeven. Hoofdstuk 3 bevat de uitgangspunten bij, de randvoorwaarden en de beleidskaders voor het opstellen van het bestemmingsplan. Hoofdstuk 4 geeft inzicht in en een verantwoording van alle relevante milieuaspecten. Hoofdstuk 5 bevat de waterparagraaf. In deze paragraaf is beschreven op welke wijze rekening wordt gehouden met de gevolgen van het bestemmingsplan voor de waterhuishouding. De juridische vormgeving van het bestemmingsplan is verwoord in hoofdstuk 6. In hoofdstuk 7 wordt ingegaan op de handhaving van het bestemmingsplan. De financiële uitvoerbaarheid is verantwoord in hoofdstuk 8. Hoofdstuk 9 gaat ten slotte in op de gevolgde procedure, inclusief een paragraaf over de maatschappelijke uitvoerbaarheid.

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

9

10

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 2

2.1

Beschrijving plangebied

Gebiedsprofiel

Het plangebied is gelegen binnen de ring, ten oosten van het centrum van Eindhoven. Meer specifiek in stadsdeel Tongelre, de wijk De Laak en de buurt Villapark. Het Villapark is een parkachtige buurt met een mix van huur- en koopwoningen met bewoning door vooral gezinnen en tweepersoonshuishoudens. De meeste woningen zijn gebouwd voor 1945. Kenmerkend voor de buurt zijn de grote hoeveelheid monumentale panden en de prachtige privétuinen die naast het openbare groen de buurt een groene uitstraling geven. In het noordoosten van de buurt Villapark, tegen de Ring aan, bevinden zich nog een aantal niet-woonfuncties zoals een kerk en kantoorpanden. Bij de aansluiting van de Tongelresestraat op de Ring liggen een groot aantal winkels en supermarkten (winkelcentrum Haagdijk). Naast de grote hoeveelheid rijks- en gemeentelijke monumenten is een deel van de buurt aangewezen als beschermd stadsgezicht. Dit geldt niet voor het plangebied en de directe omgeving daarvan.

Luchtfoto 2021 (beoogde nieuwbouw is rood omlijnd) Op de locatie was een sporthal aanwezig. Op dit moment ligt de locatie braak en is de braakliggende grond afgezet met bouwhekken. De sporthal is eind jaren '80 opgericht en in 2020 gesloopt. Rondom het braakliggend terrein zijn parkeerplaatsen aanwezig en andere verhardingen t.b.v. de openbare ruimte. Ook zijn er een enkele bomen aanwezig. Direct ten oosten van het plangebied is de Ring gelegen (Insulindelaan). Ten zuiden van het plangebied is o.a. winkelcentrum Haagdijk, een parkeerplein aanwezig en de lintbebouwde vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

11

Tongelresestraat met gemengde functies, zoals detailhandel en dienstverlenende bedrijven. Ten westen van het plangebied is een woonbuurt gelegen met grondgebonden woningen. Ten noorden van het plangebied zijn twee vrijstaande kantoorvilla's gesitueerd.

2.2

Projectprofiel

Het project bestaat uit de realisatie van een supermarkt (Aldi) en 58 appartementen. Het initiatief van Aldi betreft een verplaatsing van een bestaande supermarktvestiging. Deze supermarktvestiging was in het recente verleden aanwezig aan de Tongelresestraat 227. De wooneenheden betreffen middelgrote appartementen (tussen 60 m² en 120 m² b.v.o.). Er wordt naast bebouwing ook groen toegevoegd binnen en direct rondom het plangebied.

Massastudie bouwplan (supermarkt in paars, appartementen lichtgrijs en bebouwde omgeving donkergrijs) De supermarkt - met een bruto vloeroppervlakte van circa 1.417 m² - is voorzien op de begane grond in de zuidwestelijke hoek van het plangebied. Daarbij wordt aansluiting gezocht met het parkeerplein en de overige detailhandel aan de Haagdijk, zoals op voorgaande afbeelding is weergegeven. De verkoopvloeroppervlakte bedraagt circa 1.050 m². De parkeervoorzieningen voor de supermarkt bevinden zich op de begane grond in een overdekte parkeergarage. De parkeervoorzieningen voor de appartementen bevinden zich op een tussenverdieping en een parkeerdek. De parkeervoorzieningen voor de appartementen zijn met een hellingbaan te bereiken die aansluit op de Rietvinkstraat. De laad- en losruimte voor de supermarkt is eveneens aan de Rietvinkstraat gesitueerd. De appartementen worden in een U-vormige bouwstructuur vormgegeven in drie tot vier bouwlagen, boven de genoemde parkeervoorzieningen en supermarkt. Het hoogteaccent is 12

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

voorzien aan de Insulindelaan (ringweg) en de Meerkollaan, in aansluiting tot andere meerlaagse bebouwing aan de Ring in de omgeving. Rekenend met de begane grond is er aldus sprake van een gebouw met maximaal vijf bouwlagen. De westzijde is één bouwlaag minder hoog voor een geleidelijke overgang richting de westelijk gelegen woonbuurt. De ingang van de supermarkt steekt uit ten opzichte van het vierlaagse appartementengebouw om deze geleidelijke overgang te verbeteren en als herkenningspunt van de ingang. De bebouwing is voorzien van platte (groene) daken.

3D-sfeerbeeld vanuit parkeerplein (vanuit zuidwesten)

3D-sfeerbeeld vanuit Meerkollaan (vanuit noordwesten)

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

13

14

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 3 beleidskader

3.1

Uitgangspunten, randvoorwaarden en

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de ruimtelijke beleidskaders op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Verantwoord wordt dat de voorgenomen ontwikkeling past in het (toekomstig) ruimtelijk beleid. Er wordt geen complete samenvatting gegeven van alle beleidsaspecten. Uitsluitend de relevante beleidskaders voor het plangebied zijn in dit hoofdstuk weergegeven en verantwoord.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1

Nationale Omgevingsvisie

In Nederland staan we voor een aantal urgente opgaven, dat zowel lokaal, nationaal als wereldwijd speelt. Denk aan de opgaven op het gebied van klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Deze opgaven zullen Nederland flink veranderen. Door goed in te spelen op deze veranderingen kan Nederland vooroplopen en kansen verzilveren. Met de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. In de NOVI zijn deze maatschappelijke opgaven samengevat in vier prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie duurzaam economisch groeipotentieel sterke en gezonde steden en regio's toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Met de NOVI benoemt het Rijk nationale belangen, geeft het richting op de vier prioriteiten en helpt keuzes maken waar dat moet. Want niet alles kan overal. De NOVI is op 9 september 2020 vastgesteld op grond van de geldende regelgeving omdat de Omgevingswet nog niet in werking is. De NOVI voldoet tevens aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan een omgevingsvisie. Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze omgevingsvisie dan ook gelden als de Nationale Omgevingsvisie in de zin van deze wet. In dit bestemmingsplan zijn geen strijdigheden opgenomen met de uitgangspunten uit de Novi.

3.2.2

Ladder voor duurzame verstedelijking

De ladder voor duurzame verstedelijking (hierna: de ladder) is een motiveringsvereiste voor ruimtelijke plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken. Het gaat bij de Ladder onder andere om het voorkomen van onnodig ruimtebeslag en het voorkomen van planoverschotten op de (regionale) woningmarkt. De ladder is opgenomen in artikel 3.1.6. lid 2 Bro en luidt: "De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

15

ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan voorzien." De volgende stappen dienen doorlopen te worden: 1. is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling; 2. afweging locatiekeuze: valt de ontwikkeling binnen of buiten bestaand stedelijk gebied; 3. beschrijving van de behoefte: voorziet de functie wonen die het plan mogelijk maakt in een behoefte. Ad. 1 Nieuwe stedelijke ontwikkeling In artikel 1.1.1 Bro is een stedelijke ontwikkeling als volgt gedefinieerd: "Ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen." Voor een woningbouwlocatie volgt uit de jurisprudentie dat vanaf 12 woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling. De ladder is voorts alleen van toepassing op een plan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt. Deze ontwikkeling ziet op het realiseren van 58 appartementen en een supermarkt (1.050 m2 verkoopvloeroppervlakte). Dit betekent dat er sprake is van een stedelijke ontwikkeling in de zin van het Bro en dat voor deze beoogde ontwikkeling een beschrijving van de behoefte nodig is. Ad 2. Afweging locatiekeuze Voor ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied is vanuit de Ladder extra motivering vereist.

Daarom is van belang om te weten of het projectgebied binnen of buiten stedelijk gebied is gelegen. In artikel 1.1.1 Bro wordt het stedelijk gebied als volgt gedefinieerd: "Bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur." Dit projectgebied is gelegen binnen het bestaand stedelijk gebied van Eindhoven. Ad. 3 Beschrijving van de behoefte Dit bestemmingsplan maakt de realisatie van zowel woningen als een supermarkt mogelijk. In het navolgende wordt per onderwerp ingegaan op de behoefte. Wonen Kwantitatief Het ruimtelijk verzorgingsgebied voor de beoogde woningbouw op deze locatie betreft gemeente Eindhoven. Hierbij wordt opgemerkt dat in de gehele regio Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) de woningvraag groter is dan de totale harde plancapaciteit. De woningmarkt is per definitie - en zeker voor de middellange en langere termijn - omkleed met de nodige onzekerheden, samenhangend bijvoorbeeld met (veranderende) demografische, economische en sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen. Om hier goed op in te kunnen spelen is in 2019 door het SGE en de provincie een monitoringssysteem ingericht op basis waarvan jaarlijks afspraken worden gemaakt over de woningbouwplanning en -programmering in het SGE.

De richtinggevende principes uit de Brabantse Agenda Wonen en de principes uit het Afsprakenkader Wonen 2017 zijn hierbij leidraad. Uitgangspunt is te voorzien in een realistisch, flexibel planaanbod op basis waarvan woningbouwlocaties versneld en vraaggericht worden ontwikkeld. Binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied is er een behoefte aan zo'n 27.000 woningen in de periode 2019 t/m 2023. Onderzoek toont aan dat de woningbehoefte in Eindhoven de komende vijf jaar ca. 15.000 woningen bedraagt. 16

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

Daarmee kan voor dit plan met maximaal 58 woningen ruimschoots in een (kwantitatieve) woningbehoefte voorzien. Kwalitatief De grootte van de woningen varieert tussen 60 m² b.v.o. tot 120 m² b.v.o. De toevoeging van deze woningen past tevens binnen de regionale kwalitatieve behoefte, aangezien de woningtypen en het woonmilieu aansluiten op het doel en de ambitie om de groeiende bevolkingsgroep met eenpersoons- en tweepersoonshuishoudens binnen Eindhoven te kunnen huisvesten in een dynamisch onderscheidend hoogstedelijk woonmilieu. Zowel uit het regionaal woningmarktonderzoek (2017) als wel het woningmarktonderzoek van Companen (2018) toegespitst op Eindhoven blijkt een grote behoefte aan binnenstedelijk wonen waaronder het centrumstedelijke woonmilieu. Dit plan voorziet hier in waardoor het plan tevens voorziet in een kwalitatieve behoefte. Daarmee kan voor dit plan met maximaal 58 woningen ruimschoots in een kwantitatieve en kwalitatieve woningbehoefte voorzien. In de uitgevoerde Laddertoets (bijlage 1 bij deze toelichting) is deze conclusie bevestigd. In paragraaf 3.5 wordt nader ingegaan op de lokale woningbehoefte. Supermarkt Ten behoeve van de supermarkt is een Laddertoets uitgevoerd. De rapportage hiervan is als bijlage 1 bij deze toelichting gevoegd. Het initiatief van Aldi betreft een verplaatsing van een bestaande supermarktvestiging.

Dit betekent dat omzeteffecten beperkter zijn dan bij nieuwvestiging van een supermarkt. Het initiatief vindt plaats binnen de gewenste winkelstructuur (winkelcentrum Haagdijk) van gemeente Eindhoven. Binnen het verzorgingsgebied is winkelcentrum Haagdijk de enige winkelconcentratie. De overige detailhandel (waaronder supermarkten) in het verzorgingsgebied ligt op verspreide/solitaire locaties. Voor winkelcentrum Haagdijk betekent het initiatief een versterking van de aantrekkingskracht en daarmee het toekomstperspectief voor andere (winkel)voorzieningen in het gebied. Het initiatief heeft daarmee een positief effect voor het winkelgebied en de detailhandel op deze locatie. Uit distributieplanologisch onderzoek blijkt dat gemiddeld genomen het economisch functioneren voor supermarkten op een gezond niveau blijft (ca. 2% onder gemiddeld) na verplaatsing van Aldi. Het initiatief draagt daarnaast bij aan het gemeentelijk beleidsstreven om winkelcentrum Haagdijk door te ontwikkelen tot groot wijkwinkelcentrum. Het initiatief past binnen de beleidskaders die gemeente Eindhoven stelt voor supermarktontwikkelingen. Geconcludeerd wordt het initiatief voldoet aan een actuele behoefte en de uitgangspunten die de Ladder voor Duurzame Verstedelijking stelt voor deze ontwikkeling. Conclusie Het planvoornemen voorziet in zowel de behoefte aan de woningen als een supermarkt.

3.2.3

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

Landelijk is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), ook wel AMvB Ruimte genoemd, van toepassing. Het besluit bevat regels ter borging van een aantal nationale belangen. Het gaat onder meer over rijksbelangen zoals rijksvaarwegen, zones buisleidingen, zones van hoogspanningsleidingen en militaire objecten. Voor Eindhoven is de 380 Kv-hoogspanningsleiding van belang. Deze is gelegen in het noorden en deels oosten van Eindhoven. Verder is in het Barro opgenomen dat de provinciale begrenzing van Natuurnetwerk Nederland (NNN) direct doorwerkt naar het bestemmingsplan. De gebieden die de NNN vormen worden bij provinciale verordening aangewezen. Daarmee is vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

17

de NNN een provinciaal belang geworden, namelijk Natuurnetwerk Brabant (NNB). Tot slot worden de belangen van luchthaven Eindhoven via het Barro geborgd. Het plangebied is niet gelegen nabij de hoogspanningsleiding of NNB (> 350 m). Het is dan ook niet noodzakelijk om op deze zaken afzonderlijk nader in te gaan. Dit geldt ook voor het luchtvaartterrein omdat het plangebied niet gelegen is in het obstakelbeheergebied.

3.3

Provinciaal beleid

3.3.1

Omgevingsvisie

De Brabantse Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Op 14 december 2018 is de omgevingsvisie vastgesteld. Daarna volgt een doorvertaling in een Omgevingsverordening en programma's. Tot die zijn vastgesteld blijven bestaande beleidsplannen voor natuur, ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer en milieu en water van kracht. Daarmee wil Brabant op tijd klaar zijn voor de Omgevingswet wanneer wordt ingevoerd. In de Omgevingswet staan waarden als veiligheid, gezondheid en duurzame omgevingskwaliteit centraal. De Brabantse Omgevingsvisie voegt daar ambities aan toe voor vier hoofdopgaven: de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. Voor ieder van deze opgaven geeft de omgevingsvisie aan wat de ambities op lange termijn zijn: wat is er nodig om Brabant in 2050 een gezonde, veilige en prettige leefomgeving te laten zijn? Maar ook een concreet tussendoel: waar moeten we in 2030 op zijn minst staan om dat langetermijndoel te halen? De omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan.

3.3.2

Interim omgevingsverordening Noord-Brabant

De Interim omgevingsverordening is vastgesteld door Provinciale Staten op 25 oktober 2019 en vervangt een aantal provinciale verordeningen: provinciale milieuverordening; verordening natuurbescherming; verordening ontgrondingen; verordening ruimte; verordening water; verordening wegen. Om straks klaar te zijn als de Omgevingswet in werking treedt, heeft de provincie eerst een Interim omgevingsverordening vastgesteld. Het is een 'Interim' omgevingsverordening om zo te benadrukken dat dit een tussenstap is naar de 'definitieve' omgevingsverordening gebaseerd op de Omgevingswet. De Interim omgevingsverordening is gebaseerd op de huidige wetgeving en moet aan de wettelijke bepalingen van die wetgeving voldoen. Dat betekent dat nieuwe mogelijkheden uit de Omgevingswet nog niet zijn verwerkt. Er is wel zo veel als mogelijk aansluiting gezocht bij de Omgevingswet en de voorwaarden voor een omgevingsverordening (bijvoorbeeld bij de opbouw en de digitale vormgeving). Deze Interim omgevingsverordening voegt de bestaande regels over de fysieke leefomgeving zoveel mogelijk samen in één verordening en is beleidsneutraal. Alleen aanpassingen die nodig zijn vanwege de samenvoeging of vanwege al vastgesteld beleid, zoals de omgevingsvisie, worden meegenomen. In de Interim omgevingsverordening staan regels voor: 18

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

Burgers en bedrijven: dit zijn zogenaamde rechtstreeks werkende regels voor activiteiten. Deze regels bevatten voorwaarden om zo'n activiteit te verrichten en geven ook aan of je bijvoorbeeld eerst een melding moet doen voordat je mag beginnen. Bestuursorganen van de overheid: dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het bestemmingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. Rechtstreeks werkende regels voor burgers en bedrijven Het gaat hier om regels die naast een eventuele vergunningplicht gelden. Er zijn in de Interim Omgevingsverordening voor de volgende thema's rechtstreekse regels opgenomen: grondwaterbescherming, grondwateronttrekking, bodemsanering, stortplaatsen, ontgrondingen, varend ontgassen, stiltegebied, wegen, natuur en landbouw. De meeste van deze regels waren eerst opgenomen in de Provinciale milieuverordening, de Verordening wegen, de Verordening ontgrondingen en de Verordening natuurbescherming.

Uitsnede kaart 3 'stedelijke ontwikkeling'

Toepassing plangebied Het plangebied is gelegen in het 'Stedelijk gebied' volgens kaart 3 van de Interim omgevingsverordening. Hiervoor gelden de regels zoals vervat in artikel 3.42 (duurzame stedelijke ontwikkeling). Artikel 3.42 Duurzame stedelijke ontwikkeling Een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen ligt binnen Stedelijk gebied en bevat een onderbouwing dat de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken en het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. Een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen: a. bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; b. bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie en verouderde stedelijke gebieden; c. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; d. houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

19

voldoende ruimte voor de opvang van water; e. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; f. draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie. Van belang in dit kader is dat sprake is van een stedelijk project. De bestaande bebouwing is gesloopt en daarvoor komt nieuwe bebouwing in de plaats. Dit is een goed voorbeeld van zorgvuldig ruimtegebruik, omdat geen onbebouwde gronden buiten stedelijk gebied worden verstedelijkt. In paragraaf 3.2.2 is reeds ingegaan op de ladder voor duurzame verstedelijking. In 3.5.1. wordt ingegaan op de regionale afspraken. Voor het overige is in deze toelichting gemotiveerd dat sprake is van een ontwikkeling die voldoet aan de voorwaarden voor een duurzame stedelijke ontwikkeling. In hoofdstuk 5 is ingegaan op de waterparagraaf en paragraaf 3.7 bevat de kaders over verkeer en parkeren. Concluderend wordt voldaan aan de regels als vervat in artikel 3.42 van de Interim omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant.

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Omgevingsvisie Eindhoven: Kloppend hart van Brainport

Samen met de stad heeft de gemeente Eindhoven een omgevingsvisie opgesteld. Met ons hebben meegedacht: inwoners, ondernemers, belangenorganisaties, GGD, Veiligheidsregio, Omgevingsdienst, woningcorporaties, projectontwikkelaars, investeerders en andere overheden (buurgemeentes, provincie, rijk). Op 16 juni 2020 is de omgevingsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. De omgevingsvisie is een integraal verbindende visie voor de fysieke leefomgeving die focus aanbrengt bij het inrichten van onze stad en stimuleert om samen te werken aan de stedelijke opgaven. De omgevingsvisie is gebaseerd op bestaand beleid. Het hebben van een omgevingsvisie is onder de nieuwe Omgevingswet verplicht. Omdat een omgevingsvisie allesomvattend is, willen we die lerende wijs ontwikkelen. Dat betekent concreet dat we, eerder dan wettelijk verplicht, met een omgevingsvisie komen. Maar dan wel een 'light-variant', die we één of twee jaar later gaan aanvullen en verfijnen. Het document vervangt niet de bestaande beleidsdocumenten, maar is een aanvullend beleidsdocument. De interim structuurvisie blijft daarom nog steeds van kracht. Bij het opstellen van een omgevingsvisie 2.0 zal de interim structuurvisie wel worden ingetrokken. Brainportregio De Brainportregio is een technologische topregio en één van de belangrijkste pijlers van de Nederlandse economie. De sleutel tot dit succes is samenwerking.

Het is een regio van contrasten en dat maakt ons uniek: een hecht netwerk van steden, stedelijke buurgemeenten, dorpen en bewoond landelijk gebied. Je bent snel in de stad of juist in het groen, er is cultuur én natuur. We zijn sterk in high tech, design en innovaties en kennen een dynamische economie en een gastvrije bourgondische levensstijl. De strategie van de regio is gericht op het sterker maken van deze kwaliteiten door aan te haken op de eige kracht en identiteit van de deelgebieden. Ambitie Als centrumstad vervult Eindhoven een cruciale rol bij de versterking van Brainport Eindhoven als economische wereldspeler op het gebied van kennisintensieve maakindustrie en design. Om internationaal concurrerend te blijven, streeft Eindhoven samen met de regio naar een excellent woon- en werkklimaat. Eindhoven zet daarom in op gezonde en duurzame verstedelijking met behoud van stedelijke en dorpse kwaliteiten en met bijzondere aandacht voor sociale cohesie en inclusie. Eindhoven is in staat om zich snel aan te passen aan de steeds veranderende vraag naar geschikte en betaalbare ruimte om te wonen, werken, 20

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

verblijven en recreëren. Deze ambitie vertaalt zich naar vier deelambities. Eindhoven als: economische wereldspeler gezonde en toekomstbestendige stad een sociale, inclusieve en gastvrije stad en een authentieke stad met sterke gebieden. Van ambitie naar stedelijke opgaven Als we onze ambities leggen naast de huidige kwaliteiten en structuren van de stad en de actuele trends en ontwikkelingen, zien we een aantal stedelijke opgaven voor de stad. Brainport Eindhoven blijft groeien, mede door de sterke economische positie. De ambities en groei vragen om ruimte voor nieuwe woningen, bedrijven en voorzieningen. Ruimte die we bieden door te verdichten in het gebied binnen de Ring en door te verdichten nabij voorzieningen als HOV en winkelcentra. Met name binnen de Ring is voldoende ruimte om te verdichten, omdat er nog relatief weinig mensen wonen. Met de keuze voor verdichten binnen de Ring gaan we duurzaam om met de (groene) ruimte die de stad heeft. We behouden hiermee de kwaliteit van de groenstedelijke woonwijken, de landschapsparken en het buitengebied. De keuze voor een compact stedelijke woonmilieu gaat gepaard met forse investeringen in o.a. bereikbaarheid, luchtkwaliteit, groen en voorzieningen. Eindhoven wil een leefbare en een inclusieve stad zijn waar iedereen kan profiteren van het succes van de Brainport.

Dat vraagt om keuzes ten aanzien van het woning- en voorzieningenaanbod. Het verschil tussen de ambitie en de huidige stand van zaken in Eindhoven leidt tot zes concrete stedelijke opgaven: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Werken aan een gezonde groei van de stad Werken aan een aantrekkelijk en hoogstedelijk centrum Werken aan leefbare, sociale wijken met een sterke identiteit Werken aan een duurzame en concurrerende economie Werken aan de energietransitie van de stad Werken aan een goede stedelijke bereikbaarheid

Samen werken aan de stedelijke opgaven Dit zijn de opgaven waar we als gemeente de komende jaren samen met onze partners aan werken. Wij werken zelf aan deze opgaven, maar stimuleren ook andere partijen in de stad om dit te doen. We bepalen samen met de stad en regio wat kansrijke initiatieven en locaties zijn. We geven prioriteit aan initiatieven die bijdragen aan meerdere stedelijke opgaven tegelijkertijd en kwaliteit toevoegen aan de stad. Hiernaast zetten we in op het beschermen en versterken van de stedelijke en groene hoofdstructuur van de stad. De gemeente organiseert het werken aan de stedelijke opgaven met thematische en gebiedsprogramma's en stimuleert o.a. via regels en uitgangspunten zoals opgenomen in de omgevingsvisie dat ook andere initiatiefnemers bijdragen aan het realiseren van de opgaven. Het plangebied Deze ontwikkeling voorziet in woningbouw en een supermarkt na sloop van een voormalige sporthal. Voor een gezonde groei van de stad zijn beide functies benodigd, zoals ook is gebleken uit paragraaf 3.2.2. Met de realisatie van de supermarkt wordt het wijkcentrum Haagdijk een meer aantrekkelijke plek. Daarnaast is in dit plan veel aandacht voor de openbare ruimte, groen en duurzaamheid. Hiermee geeft het invulling aan de ambities in de Omgevingsvisie.

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

21

3.5

Volkshuisvesting

3.5.1

Regionaal beleid

Het bestemmingsplan maakt maximaal 190 woningen mogelijk. Het ruimtelijk verzorgingsgebied voor de beoogde woningbouw op deze locatie betreft de gemeente Eindhoven. Samen met de acht omringende gemeenten (Best, Geldrop-Mierlo, Helmond, Nuenen. Oirschot, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre) vormt Eindhoven het Stedelijk Gebied Eindhoven. In dit verband werken de gemeenten samen aan regionale opgaven op het gebied van wonen. Het SGE is een subregio van de Metropoolregio Eindhoven, die in totaal 21 gemeenten omvat. Afsprakenkader wonen 2017 Zowel in de gemeente Eindhoven als in de overige SGE-gemeenten is de woningbehoefte groter dan de totale harde plancapaciteit. De sterke economische groei in de Brainportregio stelt de gemeenten in het SGE voor de dubbele opgave om voldoende woningen toe te voegen om de groei van de bevolking te kunnen opvangen, zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit. Om dit te realiseren, besloten de negen gemeenten woningbouwafspraken te maken en de woningbouwproductie programmatisch af te stemmen vanuit een gezamenlijke visie op wonen. In het Afsprakenkader wonen 2017 hebben de SGE-gemeenten vastgelegd dat zij majeure en nieuwe projecten gefaseerd en gezamenlijk ontwikkelen, zodat deze elkaar versterken en niet beconcurreren. Ook is in het Afsprakenkader Wonen opgenomen dat hierbij bij voorkeur gekozen wordt voor inbreiding en transformatie.

Nieuwe uitbreidingslocaties worden in principe de komende jaren niet meer toegevoegd. Woondeal 2019-2023 Op 7 maart 2019 heeft Eindhoven, samen met de andere SGE-gemeenten en de provincie Noord-Brabant, een Woondeal gesloten met de minister van Binnenlandse Zaken (BZK). De Woondeal is gericht op het versnellen van de woningbouwproductie in het SGE. Deze versnelling moet in de periode tot 2024 zo'n 27.000 woningen opleveren. Voor Eindhoven komt dit neer op een productie van 15.000 woningen, gemiddeld 3.000 per jaar. Dit komt overeen met de in het onderzoek Marktmechanismen op de Eindhovense woningmarkt (2018) geraamde behoefte. In navolging van het Afsprakenkader Wonen SGE 2017, is in de Woondeal vastgelegd dat de ontwikkeling van groen-stedelijke woonmilieus zich zal concentreren op de negen prioritaire locaties: Aarle, Brandevoort, Blixembosch, Ekenrooi Zuid, Nuenen West, Meerhoven, Tongelrese Akkers, Waalre Noord en Zilverackers. Het zwaartepunt voor de realisatie van centrum-stedelijke woonmilieus ligt in Eindhoven binnen de Ring. Naast het Afsprakenkader is de Brabantse Agenda Wonen een belangrijke leidraad bij de uitvoering van de Woondeal. Visie op wonen stedelijk gebied Eindhoven 2019 In de Visie op wonen stedelijk gebied Eindhoven uit april 2019 geven de SGE-gemeenten een kwalitatieve invulling aan het Afsprakenkader 2017.

Hiervoor wordt gebruik gemaakt van twee conceptuele handvatten: de kwadrantenbenadering en de uitgewerkte Brainport Principes. De kwadrantenbenadering bevordert de diversiteit bij nieuwe woningbouwprojecten door in te zetten op de eigenheid en kwaliteiten van alle afzonderlijke plekken binnen het SGE. De Brainport Principes zijn algemene kwaliteitscriteria waaraan ieder woningbouwproject wordt getoetst. Zo houden de regiogemeenten zichzelf scherp in het maken van unieke woongebieden die van toegevoegde waarde zijn op het bestaande palet in de regio. Regionaal woningbehoefteonderzoek 2021 22

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

In 2020 hebben de gemeenten in het SGE gezamenlijk opdracht gegeven aan Stec Groep voor de uitvoering van een regionaal woningbehoefteonderzoek voor de periode tot 2040. Kwantitatieve opgave In het in mei 2021 gereedgekomen Regionaal woningbehoefteonderzoek voor het stedelijk gebied Eindhoven wordt onderbouwd dat het aantal huishoudens in het SGE tot 2040 naar verwachting met circa 48.700 zal toenemen. Daarnaast is er een opgave om het huidige woningtekort in te lopen. De totale woningbouwopgave voor het SGE komt daarmee uit op 53.900 woningen tot 2040. In de gemeente Eindhoven zouden volgens dit onderzoek tot 2040 ongeveer 35.280 extra woningen moeten worden gerealiseerd. De behoefte aan extra woningen is vooral fors in de periode 2020-2025. In de eerst komende 5 jaar is er regionaal een uitbreidingsbehoefte van circa 16.400 woningen, circa 30% van de woningbehoefte tot 2040. In de MIRT-afspraken met het Rijk is vastgelegd dat de gemeenten in het SGE tot 2040 de bouw van 62.000 woningen faciliteren. Kwalitatieve opgave Het Regionaal woningbehoefteonderzoek voor het stedelijk gebied Eindhoven geeft ook inzicht in de (ontwikkeling van) de kwalitatieve woningbehoefte. De verwachte groei van het aantal huishoudens is volgens dit onderzoek terug te zien in alle leeftijdsgroepen, maar vooral onder 65-plussers.

Waar gezinnen nu nog het merendeel van alle huishoudens in het SGE vormen, bestaat in 2040 het grootste gedeelte van de huishoudens uit alleenstaanden en stellen van 65 jaar of ouder. Afhankelijk van de mate van doorstroming in de woningmarkt gaat 41% tot 55% van de regionale woningvraag tot 2040 uit naar een appartement. De vraag naar appartementen is op lange termijn structureel hoog. Het overige deel van de vraag gaat uit naar grondgebonden woningen. Vooral in de eerst komende jaren is de vraag naar grondgebonden woningen groot. Op lange termijn neemt deze opgave naar verwachting wel af. Een opvallende bevinding van het onderzoek is dat woningzoekenden tot 35 jaar de voorkeur geven aan een (betaalbare) grondgebonden koopwoning, maar in de praktijk vaker (dan gewenst) verhuizen naar een huurappartement. Dit zien we zowel in de sociale als in de vrije huursector. Voor stedelijke doelgroepen geldt dit tot en met de hoge inkomens, voor suburbane en landelijke doelgroepen primair voor de middeninkomens. De woningbehoefte in Eindhoven is voornamelijk stedelijk georiënteerd. Het overgrote deel van de woningbehoefte gaat uit naar een grondgebonden woning in een stedelijk woonmilieu buiten het centrum. Opvallend is dat een klein deel van de behoefte aan grondgebonden koopwoningen in een centrum stedelijk milieu landt.

Deze vraag kan worden opgevangen door het realiseren van een meer hybride woonvorm, zoals gezinsappartementen in het centrum van Eindhoven. Specifieke doelgroepen De toename van het aantal 65-plus huishoudens zorgt ook voor een groeiende behoefte aan woningen die geschikt zijn voor zelfstandig wonen met ondersteuning en zorg aan huis. In de periode tot 2040 wordt een sterke toename verwacht van het aantal inwoners met een indicatie voor langdurige zorg. Door het extramuraliseringbeleid van de rijksoverheid zal het aanbod van intramurale verzorgingsplaatsen naar verwachting niet evenredig meegroeien. Een specifieke woningvraag is verder te verwachten van studenten. In de gemeente Eindhoven wordt tot het collegejaar 2027-2028 een groei van 120 tot 660 uitwonende studenten verwacht. In de gemeente Helmond blijft het aantal uitwonende studenten tot het collegejaar 2027-2028 naar verwachting stabiel. Voor de andere gemeenten in het SGE is geen informatie beschikbaar over de woningbehoefte van studenten. vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

23

De vraag van kennismigranten (expats) maakt onderdeel uit van de totale woningvraag in het SGE. Deze groep woningzoekenden richt zich met name op de gemeente Eindhoven. Volgens onderzoek van het PON zijn in het Stedelijk Gebied Eindhoven daarnaast bijna 20.500 arbeidsmigranten werkzaam, die veelal productiewerk verrichten. In november 2020 stelden de SGE-gemeenten het Afsprakenkader Huisvesting Arbeidsmigranten Stedelijk Gebied Eindhoven vast. De regionale ambitie is om in de periode 2021 tot en met 2024 circa 4.000 humane huisvestingsplaatsen voor arbeidsmigranten te realiseren. Er zijn geen afspraken over specifieke aantallen per gemeente, maar iedere gemeente heeft passend bij de aard en omvang een eigen verantwoordelijkheid. In het afsprakenkader wordt onderscheid gemaakt tussen twee typen huisvesting: tijdelijke huisvesting (korter dan 2 tot 3 jaar) en permanente huisvesting (arbeidsmigranten die zich definitief vestigen in Nederland). Hierbij is bekend (op basis van ervaring) dat zo'n 80% van de arbeidsmigranten in de regio er op tijdelijke basis is en zo'n 20% zich definitief vestigt. De woningbehoefte van arbeidsmigranten die zich definitief in het SGE willen vestigen, maakt onderdeel uit van de totale regionale woningbehoefte.

Beoordeling plan Deze ontwikkeling voorziet in de realisatie van 58 woningen. Dit past binnen de kwantitatieve prognose voor Eindhoven. Bovendien is de locatie gelegen binnen het 'bestaand stedelijk gebied' zoals aangegeven in de provinciale Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. Daarmee past het binnen de regionale afspraken voor woningbouwontwikkelingen. Deze conclusie is bevestigd in de voor dit planvoornemen uitgevoerde Laddertoets (bijlage 1).

3.5.2

Lokaal beleid

Woonvisie De Woonvisie is op 15 december 2015 vastgesteld. In de woonvisie gaat de gemeente in op haar ambities op het gebied van bouwen en wonen. Daarmee maken we de richting waarin we ons willen ontwikkelen duidelijk aan de stad, haar bewoners en alle partijen die een rol spelen in de verdere ontwikkeling van de stad. Ambitieuze stad Eindhoven groeit en wil verder verstedelijken, in het bijzonder in het gebied binnen de Rondweg (Ring). Tot 2030 wil de gemeente minstens twee derde van de extra woningcapaciteit binnen dit gebied realiseren. Hierbij wordt gestreefd naar een gemengde en gevarieerde woonomgeving waar mensen wonen, werken en elkaar ontmoeten. En die tegelijkertijd ook groen en gemoedelijk blijft. Solidaire stad De gemeente wil dat Eindhoven een inclusieve en solidaire samenleving is. De meeste inwoners kunnen hierin zelf hun plek vinden. Minder zelfredzame inwoners worden hierbij ondersteund. Door de vergrijzing en de decentralisatie van de langdurige zorg, neemt de vraag naar passende huisvesting voor ouderen en bijzondere doelgroepen toe. Het is belangrijk dat er voor al deze mensen een plek blijft op de woningmarkt. Concentratie van bijzondere doelgroepen in bepaalde wijken is ongewenst. Innovatieve stad De gemeente Eindhoven daagt ontwikkelaars van nieuwe woningen uit om klantgeoriënteerd, sneller, goedkoper en duurzamer te produceren.

Ook in de aanpak van de bestaande woningvoorraad en in de transformatie van kantoren en zorgvastgoed is er een grote behoefte aan vernieuwing en aan creatieve, betaalbare oplossingen. Voor inwoners die behoefte hebben aan tijdelijke woonruimte, die snel beschikbaar en financieel bereikbaar is, worden in Eindhoven flexwoningen ontwikkeld. Dit biedt tevens kansen voor transformatie van leegstaand vastgoed. Verder wil de gemeente Eindhoven dat inwoners zoveel mogelijk invloed hebben op hun eigen woning en woonomgeving, bijvoorbeeld door (collectief) particulier 24

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

opdrachtgeverschap. Daarnaast wil de gemeente dat zelf bouwen niet alleen bereikbaar is voor huishoudens met een hoger inkomen.

Woonprogramma Eindhoven 2021-2025 Vanwege de hoge dynamiek op de woningmarkt heeft de gemeenteraad op 15 december 2020 het Woonprogramma 2021-2025 vastgesteld. Het Woonprogramma sluit aan bij eerder vastgesteld beleid voor wonen en de fysieke leefomgeving. De ambities uit de Woonvisie 2015 blijven cruciaal voor de ontwikkeling van de stad, maar komen door de snelle prijsstijgingen in de afgelopen jaren in een ander daglicht te staan. Met het oog daarop kiest de gemeente voor een accentverschuiving richting de volgende ambities: 1. forse groei van de woningvoorraad (binnen én buiten de ring) om de grote groei van woningen te kunnen opvangen; 2. een evenwichtig woningaanbod, zodat alle inwoners een betaalbare woning kunnen vinden; 3. voldoende geschikte woningen voor kwetsbare inwoners. Eindhoven streeft ernaar om jaarlijks minimaal 3.000 extra woningen aan de voorraad toe te voegen. Voor de stad als geheel is voor de periode 2020-2022 de onderstaande differentiatie leidend:

Deze percentages hoeven niet bij elk woningbouwproject gerealiseerd te worden. De exacte invulling op projectniveau is onder meer afhankelijk van het (beoogde) woonmilieu en de bestaande woningvoorraad in het betreffende gebied. Het streefpercentage van 20% sociale huur is opgenomen in het Collegeprogramma 2018-2022. Voor de periode daarna voorzien we een noodzakelijke groei naar 30%.

Beoordeling plan Met het planvoornemen wordt de realisatie van 58 wooneenheden mogelijk gemaakt. De grootte van de woningen varieert van circa 60 m² b.v.o. tot 120 m² b.v.o. Voor deze woningen vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

25

is grote behoefte in Eindhoven. Dit bouwplan sluit aan op deze vraag en op de drie voornoemde ambities van het woonprogramma.

3.5.3

Kamerverhuur en woningsplitsing

Op 24 mei 2022 heeft de gemeenteraad het paraplubestemmingsplan 'parkeren, kamerverhuur en woningsplitsing 2021' vastgesteld. In het verleden werd via de huisvestingsverordening voorkomen dat woningen zonder vergunning werden gesplitst, omgezet, onttrokken en samengevoegd. Hoewel kamerverhuur en woningsplitsing verschillend zijn en andere toetsingskaders kennen, hebben beiden wel een zelfde soort ruimtelijk effect op de omgeving en is het wenselijk om deze initiatieven soortgelijk te reguleren in bestemmingsplannen. Door de regeling in het paraplubestemmingsplan wordt kamerverhuur en woningsplitsing voortaan via één vergunning (omgevingsvergunning) geregeld. Deze regeling moet in opvolgende bestemmingsplannen zoals het onderhavige worden overgenomen om geldend te blijven voor het betreffende plangebied. Om die reden is de regeling uit dit paraplubestemmingsplan in dit bestemmingsplan overgenomen.

3.6

Archeologische en cultuurhistorische waarden

3.6.1

Archeologie

Nationaal beleid Het Verdrag van Valletta (Malta) verplicht de Europese overheden tot het beschermen van archeologisch erfgoed. Hierbij wordt als uitgangspunt gehanteerd dat archeologische waarden in situ bewaard moeten blijven. Dat wil zeggen, dat er naar gestreefd moet worden om de waarden op de locatie te behouden. Als dit niet mogelijk blijkt, bijvoorbeeld bij bouwplannen, dan moeten de waarden worden opgegraven en ex situ worden bewaard. Het Verdrag van Valletta is vertaald in de Monumentenwet 1988, zoals deze gewijzigd is in september 2007. Sinds deze wijziging van september 2007 is de gemeente bevoegd gezag op het gebied van archeologie. Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht. De uitgangspunten uit het Verdrag van Valletta (Malta) blijven in de Erfgoedwet de basis van de omgang met archeologie. Gemeenten houden een belangrijke rol in het archeologische stelsel. In bestemmingsplannen houden ze rekening met (te verwachten) archeologische waarden. Dit wordt samen met de andere onderdelen rond de omgang met archeologie in de fysieke leefomgeving overgeheveld naar de toekomstige Omgevingswet.

Gemeentelijk beleid De gemeente Eindhoven heeft eigen archeologiebeleid, als uitwerking van het nationale en provinciale beleid. Dit beleid staat in het 'Beleidsplan archeologie Eindhoven en Helmond 2008-2012', dat de raad in september 2008 heeft vastgesteld. De gemeente neemt de verantwoordelijkheid voor het bodemarchief zelf ter hand door te investeren in kerntaken en opbouw van expertise. Omdat de huidige archeologische waardenkaart uit 2008 inmiddels sterk verouderd is, heeft de raad op 21 juni 2022 ingestemd met een geactualiseerde archeologische verwachtingen- en waardenkaart, als nadere uitwerking van onze erfgoeddoelen 2021-2022. De gemeente kent archeologische waarden daterend uit de prehistorie en de Romeinse tijd. Het gemeentelijk bodemarchief herbergt tevens fundamentele gegevens over de geschiedenis van stad en platteland gedurende en na de middeleeuwen. Deze gegevens zijn van groot belang voor de reconstructie van het verleden, temeer omdat archivalische bronnen in Eindhoven nagenoeg ontbreken. De archeologische gebieden binnen de gemeente Eindhoven staan aangegeven op de gemeentelijke Archeologische Waardenkaart, onderdeel van de erfgoeddoelen 2021-2022. Het 26

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

beleid is om bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening te houden met de archeologische waarden en verwachtingen in de ondergrond en daarbij uit te gaan van de gemeentelijke archeologische waardenkaart.

Uitsnede digitale gemeentelijke Archeolgische Waardenkaart (plangebied rood omlijnd)

Archeologisch onderzoek Toetsing aan de archeologische verwachtingen- en waardenkaart (er is sprake van een hoge verwachting voor het plangebied) heeft ertoe geleid dat een archeologisch vooronderzoek door middel van een bureauonderzoek is uitgevoerd, gevolgd door een archeologisch booronderzoek (inventariserend veldonderzoek) en proefsleuvenonderzoek. De rapportages van deze onderzoeken zijn als bijlage 2 en bijlage 3 bij deze toelichting gevoegd. Hierna volgen de resultaten en conclusies. Archeologisch bureauonderzoek De bekende archeologische gegevens geven voor het plangebied voldoende concrete aanwijzingen voor een lage verwachting voor het aantreffen van vondsten en sporen uit de periode vroege prehistorie, een lage archeologische verwachting voor de periode late prehistorie tot en met de Volle Middeleeuwen, een lage verwachting voor het aantreffen van resten van akkerindeling uit de Nieuwe Tijd en een hoge archeologische verwachtingswaarde voor het aantreffen van resten van het fabrieksterrein uit de 20ste eeuw. De kans op resten uit de tweede wereldoorlog, tenslotte, is als laag ingeschat. De activiteiten die hebben plaatsgevonden in het plangebied in de periode dat het plangebied in gebruik was als fabrieksterrein hebben geleid tot een bodemverontreining.

Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek heeft de gemeente Eindhoven besloten dat in het plangebied een verkennend booronderzoek moet worden uitgevoerd. Verkennend booronderzoek (inventariserend veldonderzoek) Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek zijn enkele kansrijke zones gedefinieerd waarin archeologische waarden aanwezig kunnen zijn. Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie adviseert om in advieszone 1 in het zuiden van het plangebied een maximale verstoringsdiepte van 50 cm-mv te hanteren en in advieszone 2 in het westen van het plangebied een maximale verstoringsdiepte van 135 cm-mv. Het overige deel van het vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

27

plangebied kan vrijgegeven worden voor de voorgenomen ingreep. Indien de mitigerende verstoringsdiepte wordt overschreden wordt geadviseerd een vervolgonderzoek in de vorm van een karterend booronderzoek uit te voeren. Om het onderzoeksproces te bespoedigen zou ook een combinatie van een karteren booronderzoek ter plekke van de paleosol bodemlaag met een proefsleuvenonderzoek ter plekke van de podzolbodem kunnen worden gecombineerd. Proefsleuvenonderzoek Uit het proefsleuvenonderzoek blijkt dat er geen directe aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van een archeologische vindplaats op de locatie Tapuitstraat. Toevalsvondsten Er geldt ten aanzien van archeologie een meldingsplicht voor archeologische toevalsvondsten. Mochten tijdens eventuele grondwerkzaamheden archeologische resten (vondsten, grondsporen et cetera) worden aangetroffen, dan dienen deze (op grond van de meldingsplicht ingevolge art. 5.10 Erfgoedwet 2016) direct gemeld te worden aan de Minister van OCW en bij de (afdeling Omgevingskwaliteit) gemeente Eindhoven. Vervolgens zal bepaald worden of, en zo ja welke, aanvullende maatregelen getroffen dienen te worden.

3.6.2

Cultuurhistorie

Op 18 maart 2008 is de cultuurhistorische waardenkaart van Eindhoven vastgesteld. De kaart dient als beleidskader om bij ruimtelijke ontwikkelingen in de stad rekening te kunnen houden met de cultuurhistorie van Eindhoven. De kaart geeft een overzicht van de historische structuur van wegen en waterlopen, historisch waardevolle stedenbouwkundige en landschappelijke- en groenstructuren, beschermde stads- en dorpsgezichten en monumentale bomen. Bij de samenstelling van de kaart is onder andere gebruik gemaakt van de gegevens van de provinciale cultuurhistorische waardenkaart.

Uitsnede Cultuurhistorische waardenkaart Eindhoven

Beoordeling plan Het plangebied heeft in de huidige situatie weinig tot geen cultuurhistorische waarde, 28

vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

aangezien er na de sloop van de sporthal sprake is van een braakliggend terrein. De oostelijke zijde van het plangebied is op de Cultuurhistorische waardenkaart aangeduid als 'aan de weg gerelateerde bebouwing'. De Ring (Insulindelaan) is ter plaatse namelijk opgenomen als 'historische wegenstructuur na 1900'. De Tongelresestraat is als 'historische wegenstructuur na 1900' aangewezen. De Tongelresestraat heeft karakteristiek door de perceelsgewijze opbouw, pand voor pand. De typologie van deze lintbebouwing is gevarieerd en kleinschalig, buiten de ring overwegend één laag met kap, incidenteel afgewisseld met hogere panden. De bebouwing aan de Insulindelaan kent als onderdeel van de Ring van Eindoven een andere ontstaansgeschiedenis en karakteristiek, namelijk bebouwing langs nieuwe radialen: met name aan de Karel de Grotelaan, en delen van de Montgomerylaan en de Kennedylaan hangt de structuur en de typologie van de bebouwing samen met de aanleg van de radiaal. Kenmerkend is de ruime opzet van de bouwblokken, passend bij de schaalgrootte van de radiaal, en de samenhang van de bebouwing. Flatgebouwen, omgeven door groene zones schermen de achterliggende woonwijken af. Met de realisatie van het 5-laagse accent aan de wegzijde wordt invulling gegeven aan een lege plek aan de ringweg.

Hiermee wordt de bebouwing als het ware 'hersteld' of 'opgevuld', omdat de lege plek wederom wordt bebouwd. Ook wordt hiermee het bebouwingslint versterkt door de toevoeging van deze stedelijke en meerlaagse bebouwing. Deze toevoeging past in het profiel van meerlaagse bebouwing aan de Ring, o.a. omdat ten zuiden van het plangebied ook meerlaagse bebouwing direct aan de Ring aanwezig is. Gezien het voorgaande doet dit planvoornemen geen onevenredige afbreuk aan de cultuurhistorische waarden. Het planvoornemen versterkt het stedenbouwkundig gebied door bebouwing toe te voegen aan de 'aan de weg gerelateerde bebouwing'.

3.7

Verkeer en parkeren

Een onderdeel van een goede ruimtelijke ordening is het effect van een nieuw project op het verkeer en infrastructuur. Hierbij is het van belang of de ontwikkeling grote veranderingen ten aanzien van verkeer en infrastructuur teweeg brengt. 3.7.1

Verkeer

De ring (Insulindelaan) is aangewezen als gebiedsontsluitingsweg. Daarnaast zijn Meerkollaan, Rietvinkstraat en Tapuitstraat de verbindingswegen tussen de ring en het achterliggend gebied. Omdat deze wegen het plangebied ontsluiten is het plangebied goed bereikbaar. Door de realisatie van een supermarkt en 58 appartementen ten koste van een maatschappelijke bestemming (voorheen een sporthal) zal het aantal verkeersbewegingen wijzigen. Conform de CROW publicatie 317 zijn er per functie verkeersgeneratiecijfers te onderscheiden om aannames te doen over de verkeersgeneratie. Het plangebied is gelegen in 'zeer sterk stedelijk gebied' in de schil van het centrum. Voor appartementen uit het middensegment wordt uitgegaan van een verkeersgeneratie tussen de 3,7 a 4,5 verkeersbewegingen per woning. Er worden echter voor de woningen slechts 46 parkeerplaatsen gerealiseerd. De verkeersgeneratie als gevolg van deze ontwikkeling is bepaald aan de hand van het aantal gerealiseerde parkeerplaatsen. Dit komt neer op 170 à 207 lichte verkeersbewegingen per etmaal. De verkeersgeneratie als gevolg van de supermarkt (1.417 m²) is ook bepaald aan de hand van CROW kengetallen. De Aldi valt als genoemd in het CROW onder discountsupermarkt. De Aldi zal zich vestigen in een zeer sterk stedelijk gebied in de schil van het centrum.

Dit betekent een maximale verkeersgeneratie van 52,5 à 88,3 verkeersbewegingen per 100 m² vastgesteld Tongelre binnen de Ring (Tapuitstraat-Meerkollaan) Gemeente Eindhoven

29

b.v.o. per etmaal. Dit komt neer op 744 à 1.251 lichte verkeersbewegingen per dag. Voor de bevoorrading is uitgegaan van twee zware vrachtbewegingen per dag. Een sporthal genereert tussen 6,3 en 8,1 motorvoertuigbewegingen per 100 m² b.v.o. De sporthal had een oppervlakte van circa 2.150 m² b.v.o., waardoor er sprake was van een verkeersgeneratie van 136 à 174 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Met aftrek van de verkeersgeneratie die de sporthal genereerde, leidt deze ontwikkeling tot een toename van het aantal verkeersbewegingen van 780 à 1.286 motorvoertuigen per etmaal. Dit zal niet lijden tot verkeerskundige problemen op het onderliggend wegennet. De ontwikkeling sluit immers direct aan op de Ring. Daarnaast is de grootste verkeersgeneratie (supermarkt) niet spits-gerelateerd. Tevens wordt de beoogde Aldi verplaatst van de voormalige locatie aan de Tongelresestraat 227 naar onderhavig plangebied.

3.7.2

Parkeren

De ruimte in de stad is beperkt en kostbaar. De gemeente moet dan ook de schaarse ruimte efficiënt gebruiken. Daarom worden bij een bouwplan eisen aan het aantal te realiseren parkeerplaatsen gesteld. De gemeente Eindhoven wil de vraag naar parkeergelegenheid faciliteren op een zodanige wijze dat de bereikbaarheid van de stad in zijn geheel als de verschillende delen daarvan (het centrum, de woonwijken, de bedrijventerreinen e.d.) kan worden gewaarborgd en de kwaliteit van de openbare ruimte behouden blijft of verbetert. Bovendien wil de gemeente zorgen voor voldoende flexibiliteit om initiatieven in de stad te faciliteren. Nieuwe woon- en werkvormen moeten mogelijk zijn en het bijbehorende parkeeraanbod dient daarmee in overeenstemming te worden gebracht. Een goede sturing en afweging van belangen is noodzakelijk bij het oplossen van het parkeervraagstuk. Parkeernormen zijn daarbij een hulpmiddel. Het doel van het toepassen van de gemeentelijke parkeernormen is ervoor te zorgen dat een (nieuwe of her)ontwikkeling op de beleidsmatig gewenste wijze voorziet in de parkeeropgave en daarmee niet leidt tot parkeeroverlast in de omgeving, waarbij de verkeersaantrekkende werking van de ontwikkeling zo veel mogelijk wordt beperkt. De gemeentelijke Nota Parkeernormen 2016 was gericht op voldoende parkeergelegenheid.

De afgelopen jaren bleek dit uitgangspunt steeds meer problemen op te leveren. Gebiedsontwikkelingen in het centrum hebben reeds een hoge planexploitatie, waarbij inzet van alternatieve vervoerswijzen wordt gestimuleerd om daarmee autobezit / -gebruik te beperken. Met de Actualisatie Nota Parkeernormen 2019 is het mogelijk om op een andere manier in de parkeerbehoefte te voorzien, waarbij tegelijkertijd duurzame vormen van mobiliteit in de stad worden gestimuleerd. Auto In de huidige situatie zijn er 68 openbare parkeerplaatsen aanwezig die door toedoen van dit project komen te vervallen. Ten behoeve van deze ontwikkeling is bij de kaderstelling van het project een parkeeronderzoek voor het gehele winkelcentrum uitgevoerd. In de openbare parkeergarage van de Crabethstraat was voldoende overcapaciteit. Dit heeft geresulteerd in de volgende uitgangspunten en randvoorwaarden: De bestaande parkeergarage aan de Crabethstraat heeft voldoende overcapaciteit om de bestaande parkeerbehoefte (25 parkeerplaatsen voor algemeen gebruik, niet zijnde voor de sporthal) op te vangen. De bestaande parkeerbehoefte voor algemeen gebruik (25 openbare parkeerplaatsen) blijven ten minste 15 jaar openbaar toegankelijk in het plan. In oktober 2021 is nogmaals de situatie in de parkeergarage aan de Crabethstraat bekeken. Er bleek nog steeds sprake van voldoende overcapaciteit. 30

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12356287/2