Bijlage 1a - Bestemmingsplan Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg)
Tekst van het document
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Figuur 24: Terreininrichting, principedoorsnede zuidelijke vijver Tijdelijke situatie Voordat de nieuwbouw- en renovatiewerkzaamheden zijn afgerond is er een periode waarbij nog niet volledig gebruik gemaakt kan worden van de uiteindelijke inrichting ten behoeve van de waterhuishouding, zoals de waterbergingscapaciteit, de aangepaste riolering en de noodoverstort-voorziening. Tijdens de testperiode zal er bijvoorbeeld inwerkwater ten behoeve van de filters moeten worden afgevoerd. In overleg met de gemeente en waterschap dient vastgesteld te worden hoe in deze tijdelijke situatie dient te worden omgegaan met de afvoer van de diverse vuilwater- en schoonwater. Vanuit het project zal richting bevoegd gezag inzichtelijk moeten worden gemaakt wat het totaal te verwachten afvoerdebiet is. Dit wordt in een later stadium uitgewerkt.
5.4.3
Oppervlaktewater
Binnen het plangebied zijn geen type A of B watergangen aanwezig. Omdat er geen voor het waterhuishoudkundig systeem significante wijzigingen zijn (de beperkte toename verhard oppervlak wordt binnen het plangebied gecompenseerd), zijn er geen effecten op de in de nabijheid gelegen oppervlaktewateren.
5.4.4
Waterkwaliteit
Doordat het hemelwater wordt afgekoppeld in de toekomstige situatie, ontstaat door de scheiding in vuil- en schoonwaterstromen een verbetering in de waterkwaliteit. Het schone hemelwater wordt afgevoerd via de waterpartij richting Tongelreep. Alle vuilwaterstromen worden afgevoerd op het vuilwaterriool met uitzondering van de noodoverstort vanaf de vuilspoelwaterkelder. Ten behoeve van deze afvoer wordt in het terrein een spoelwaterbuffer gerecreëerd naast de vijvers in het centrale deel. vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
75
5.4.5
Advies / overleg Waterschap
Deze waterparagraaf wordt, samen met nadere detaillering van het waterhuishoudkundig systeem, besproken met de gemeente Eindhoven en het waterschap De Dommel. In het kader van de watertoets zal het waterschap tevens adviseren over dit bestemmingsplan.
76
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 6
6.1
Juridische vormgeving
Algemeen
Het bestemmingsplan "Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg)" is te typeren als een gedetailleerd plan. De methodiek van het bestemmingsplan is gebaseerd op de SVBP2012. Waar dat noodzakelijk is wordt afgeweken van de standaard en is specifiek ingespeeld op de situatie binnen het onderhavige plangebied.
6.2
Planmethodiek
Er is, conform de Wro, gekozen voor een analoge en digitale verbeelding van het plan. Aan de bestemmingen zijn bouw- en gebruiksregels gekoppeld die direct inzichtelijk maken welke ontwikkelingen zijn toegestaan. Verbeelding en regels bieden een directe bouwtitel voor bebouwing en gebruik. Al dan niet in combinatie met een nadere - eisen - regeling.
6.3
Verbeelding
Op de analoge en digitale verbeelding hebben alle gronden binnen het plangebied een bestemming gekregen. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn aangegeven. Deze aanduidingen hebben slechts juridische betekenis indien en voor zover hier in de regels naar wordt verwezen. In verband met de leesbaarheid is het plan op een topografische ondergrond getekend. De bestemmingen en de aanduidingen zijn ingedeeld in hoofdgroepen volgens de SVBP2012 en zijn op de verbeelding opgenomen in het renvooi. Opgemerkt wordt dat de analoge en digitale verbeelding qua verschijning van elkaar verschillen. Dit heeft ermee te maken dat de manier van raadplegen anders is. De digitale verbeelding is juridisch bindend.
6.4
Planregels
De planregels zijn ondergebracht in inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels en overgangs- en slotregels. De Inleidende regels bestaan uit begrippen en de wijze van meten. Dit is om te voorkomen dat er discussie ontstaat over de interpretatie van de regels. In "Artikel 1 Begrippen" wordt een omschrijving gegeven van de in de regels gehanteerde begrippen. Als in de regels begrippen voorkomen die niet in dit artikel zijn opgenomen, dan geldt hiervoor de uitleg/interpretatie conform het normale taalgebruik. In "Artikel 2 Wijze van meten" zijn de te gebruiken meetmethodes opgenomen. De regels bij de bestemmingen worden hierna afzonderlijk toegelicht. In geval meerdere dubbelbestemmingen en gebiedsaanduidingen gelijktijdig van toepassing zijn op een gebied of in het geval dat er meerdere bepalingen van toepassing zijn binnen één bouwperceel, geldt dat deze bepalingen qua rangorde gelijk zijn aan elkaar. Dit betekent dat aan alle voorwaarden uit de relevante bepalingen voldaan moet worden. Logischerwijs heeft dit tot gevolg dat de meest beperkende bepaling geldt. vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
77
De bestemming Bedrijf is toegekend aan de gronden en opstallen in het plangebied, tot ten hoogste categorie 3.2 als bedoeld in de bij deze regels behorende "Lijst van bedrijfsactiviteiten". Deze lijst is gebaseerd op de VNG-brochure " Bedrijven en milieuzonering " en aangepast voor de concrete activiteiten op het omgevingstype 'gemengd gebied'. Alleen activiteiten die onderdeel uitmaken van de activiteiten van Brabant Water zijn toegestaan. Er kan ook meegewerkt worden aan de vestiging van bedrijfsactiviteiten die niet voorkomen op de "Lijst van bedrijfsactiviteiten" maar die naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn met bedrijven die wel zijn genoemd. De bouwvlakken zijn dusdanig gesitueerd dat enige uitbreiding van de bebouwing mogelijk is. Naast de bedrijfsbestemming zijn enkele algemene regels opgenomen, onder meer een anti-dubbeltelregel en een regel inzake gebruik overeenkomstig de bestemming. Voorts zijn aanduidingen opgenomen voor waterwingebied, grondwaterbeschermingsgebied en boringsvrije zone; voor de gronden in kwestie zijn de desbetreffende bepalingen vanuit de Omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant van toepassing. Ook is een aanduiding opgenomen voor het invloedsgebied externe veiligheid vanwege de bij het zwembad aanwezige chlooropslag. Ook zijn binnenplanse afwijkingsregels opgenomen.
de gebieden en landschapselementen in het plangebied welke cultuurhistorisch waardevol zijn, hebben de dubbelbestemming Waarde - Cultuurhitorie-2 gekregen. De begrenzing van de gebieden en den landschapselementen zijn gebaseerd op het rapport van RAAP 3398 "Het landschap onder de stad" d.d. 13 november 2018 kaartbladen 1, 2 en 3. In de regeling is opgenomen dat advies wordt gegeven door de gemeentelijk cultuurhistorisch adviseur. Dit advies wordt uitgebracht op basis van genoemd onderzoek. In de Overgangs- en slotregels zijn het Overgangsrecht en de Slotregel opgenomen.
78
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 7
Handhaving
Handhavingsnota Leefomgeving 2018-2021 In Eindhoven streven we naar een aantrekkelijke stad waar inwoners en bezoekers zich welkom, thuis en veilig voelen. Voor het behoud van een prettige leefomgeving zijn regels nodig. Het voorkomen van overtredingen en de bereidheid om regels na te leven heeft een hoge prioriteit. Hoe dit wordt vormgegeven staat in de 'nota Handhaving Leefomgeving 2018-2021'. De nota is op 27 februari 2018 door het college vastgesteld. Het is een integraal beleidsplan waarin op hoofdlijnen de keuzes voor het handhaven van de fysieke leefomgeving staan beschreven. Op basis van de nota wordt jaarlijks een uitvoeringsplan opgesteld waarin de aanpak wordt geconcretiseerd. Uitgangspunten Bij de vertaling van dit beleidskader naar een concreet, jaarlijks uitvoeringsplan worden een aantal uitgangspunten in acht genomen. De belangrijkste uitgangspunten zijn: Informatie gestuurd De gemeente Eindhoven ziet informatie gestuurde handhaving als een belangrijke pijler. Er zijn ontwikkelingen op het gebied van ICT en data analyse. Door gemeentelijke en andere informatiebronnen te ontsluiten, te analyseren en te combineren kunnen we een problematiek eerder (of preventief) en gerichter aanpakken. Gebiedsgericht Om optimaal in te kunnen spelen op vraagstukken van inwoners zet de gemeente Eindhoven binnen het ruimtelijk domein al geruime tijd in op gebiedsgericht toezicht.
Dit doen we door - vanuit een actieve samenwerking met wijkteams - te kijken naar naleefgedrag, oorzaken en oplossingen gerelateerd aan geografische gebieden. Er zijn verschillende vragen, doelgroepen en belangen. Kennis wordt gedeeld en ervaringen van inwoners en bedrijven worden verzameld. Deze input is van invloed op de prioriteiten in het jaarlijkse uitvoeringsplan, waar mogelijk toegespitst op een specifieke wijk. Per wijk kunnen er dus op basis van gebiedsanalyses en bijvoorbeeld buurtcontracten verschillende bouwstenen zijn voor het uitvoeringsplan. Risico- en oplossingsgerichte benadering De gemeente Eindhoven benadert toezicht en handhaving risico- en oplossingsgericht. De prioriteiten worden in beginsel gebaseerd op een inschatting van de veiligheids- en gezondheidsrisico's voor inwoners. Ook aspecten als leefbaarheid, duurzaamheid en omgevingskwaliteit wegen in belangrijke mate mee. Daarnaast worden prioriteiten mede gebaseerd op wat inwoners en bedrijven belangrijk vinden. Eindhoven hecht eraan om vraagstukken waar mogelijk gezamenlijk op te lossen. Er zijn onderwerpen die in algemene zin aandacht vragen. Brandveilig gebruik van woongebouwen verdient (nog) meer aandacht, in de context van kwetsbare groepen die langer zelfstandig blijven wonen. Ook aanpak van jeugdoverlast, duurzaamheid en de bestaande bouw zijn voorbeelden.
Er wordt gezocht naar de beste oplossing die nodig is voor het versterken van de veiligheid in de leefomgeving van onze inwoners. Hiermee ontstaat een risicoanalyse op basis waarvan vervolgens de prioriteiten binnen het toezicht worden gesteld. Consequent en doelmatig Uitvoeringsplannen en jaarverslagen bevatten een overzicht van de inzet en capaciteit voor vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
79
handhaving. In het verlengde van informatie gestuurde en oplossingsgerichte handhaving vergt doelmatige handhaving een analyse van resultaten. Meetbare doelen om te beoordelen of de beschikbare capaciteit zo doelmatig mogelijk wordt ingezet. We beogen in de komende jaren een ontwikkeling door te maken in de vierslag capaciteit - prioriteit risicoanalyse - nalevingsniveau. Dit moet onder andere leiden tot meer inzicht in de relatie tussen handhavingsinspanningen en het nalevingsniveau (effect). Prioritering De gemeente Eindhoven maakt keuzes om ervoor te zorgen dat de beschikbare capaciteit zo adequaat mogelijk wordt ingezet. Om goede prioriteiten te stellen is inzicht noodzakelijk in mogelijke problemen, de risico's en negatieve effecten. Hierdoor kan beter ingespeeld worden op de grootste ergernissen en notoire overtreders en draagt handhaving bij aan een verhoogd gevoel van veiligheid. Met inachtneming van de uitgangspunten zijn in de nota prioriteiten gesteld. Aan de hand van deze prioriteiten, het budget uit de programmabegroting, incidentele bestuurlijke prioriteiten en het naleefgedrag van burgers en bedrijven, wordt jaarlijks het uitvoeringsplan voor toezicht en handhavingsprogramma opgesteld. Uitvoeringsplan In het uitvoeringsplan wordt op hoofdlijnen opgenomen waar de capaciteit dat jaar wordt ingezet.
Daarbij is een onderverdeling gemaakt in: Object en informatiegericht - Bouwen en Wonen - Openbare leefomgeving - Bedrijven Gebiedsgericht - Pilot Veiligheid en leefbaarheid - Actiegebieden Themagericht Bij ieder onderdeel worden jaarlijks een aantal belangrijke ontwikkelingen op het gebied van toezicht en handhaving opgenomen. Dat kan bijvoorbeeld gaan om woonoverlast bij de Activiteiten Bouwen & Wonen. Of duurzaamheid en energiebesparing bij de Activiteiten Bedrijven. Bovengenoemde onderverdeling komt in elk uitvoeringsplan terug. Per jaar wordt aangegeven welke prioriteit een onderdeel heeft en hoeveel capaciteit er wordt ingezet. Duidelijke regels Om overtredingen te voorkomen en goed te kunnen handhaven is het belangrijk dat regels duidelijk zijn. Het moet duidelijk zijn wat wel en niet mag. Regels dienen niet voor verschillende uitleg vatbaar te zijn. Bij het opstellen van bestemmingsplannen is daarom gekozen voor een zo helder mogelijke juridische methodiek. De regels zijn zo geschreven, dat deze in de praktijk goed toetsbaar zijn. De juridische toelichting op het bestemmingsplan en de begrippenlijst geven nadere uitleg over de regels en over de begrippen die gebruikt worden.
80
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 8
Financiële aspecten
Bij de vaststelling van een bestemmingsplan, waarin ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt, dient de gemeenteraad eveneens een exploitatieplan vast te stellen. Dit heeft te maken met de wettelijke verplichting om de kosten; die de gemeente moet maken om deze ontwikkeling mogelijk te maken, te verhalen op de eigenaar/ontwikkelaar. Van deze verplichting tot het vaststellen van een exploitatieplan kan worden afgezien indien het kostenverhaal op een andere manier is geregeld. Dit kan bijvoorbeeld door middel van gemeentelijke gronduitgifte of door het afsluiten van een overeenkomst. Ook kan er sprake zijn van zogenaamde "kruimelgevallen". Het komt er hierbij op neer dat de door de gemeente te maken kosten beperkt zijn en de kosten verhaald kunnen worden via de legesverordening. Voorwaarde hierbij is dat er geen sprake is van fasering, locatie-eisen of eisen aan woningbouwcategorieën. In onderhavig geval is er geen sprake van een bouwplan of bouwactiviteiten buiten het eigen terrein van Brabant Water. Gemeentelijke kosten blijven dan ook beperkt tot plankosten. In een anterieure overeenkomst hebben gemeente en Brabant Water afspraken gemaakt over het vergoeden van deze plankosten. Er is derhalve geen verplichting tot het opstellen van een exploitatieplan.
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
81
82
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 9 Procedure en maatschappelijke uitvoerbaarheid
9.1
Bekendmaking ex artikel 1.3.1 Bro
Op grond van artikel 1.3.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moet van het voornemen een bestemmingsplan voor te bereiden, kennis worden gegeven. De kennisgeving van de voorbereiding van onderhavig bestemmingsplan is geplaatst in Groot Eindhoven op 28 augustus 2020. De kennisgeving is tevens bij de officiële publicaties op de gemeentelijke website www.eindhoven.nl geplaatst. Er zijn geen stukken betreffende het voornemen ter inzage gelegd, noch de mogelijkheid open gesteld om zienswijzen tegen het voornemen in te dienen of instanties om advies te vragen.
9.2
Overleg ex artikel 3.1.1 Bro
Op grond van artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moeten burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In onderhavig geval is het conceptbestemmingsplan voor vooroverleg toegezonden aan de provincie Noord-Brabant en het waterschap De Dommel. Waterschap De Dommel Met het waterschap heeft op 16 november 2020 een vooroverlegreactie gestuurd. Het Waterschap kan op hoofdlijnen instemmen met het bestemmingsplan. Het plan heeft een positief effect op de waterhuishouding. Bij de nieuwbouw van de zuiveringsinstallatie richt Brabant Water het omliggende terrein voor een groot deel opnieuw in. In totaal koppelt Brabant Water meer dan 10.000 m² bebouwing en verharding af, hiervoor is een watervergunning nodig. Op basis van het bestemmingsplan zijn er voor het Waterschap namelijk nog enkele onduidelijkheden in de uitwerking van de regenwaterberging: Het is niet duidelijk hoeveel noodoverstortwater vanuit de reinwaterkelders naar de bergingsvoorzieningen zal stromen en hoe vaak er sprake van zijn van noodoverstort.
Ook bij een noodoverstort uit de reinwaterkelders moeten de voorzieningen voldoende bergingsruimte bevatten voor een bui van 60 mm. Brabant Water dient dit de vergunningaanvraag inzichtelijk te maken. In het bestemmingsplan is de dimensionering van de bergingsvoorzieningen niet in detail toegelicht. Daarom is het niet duidelijk of de bodem van de voorzieningen boven de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) ligt. Alleen het bergingsvolume boven de GHG telt mee als bergingsvoorziening. Bijlage 1 laat zien dat de GHG in het zuidelijke deel van het plangebied vlak onder maaiveld ligt. Bij de vergunningaanvraag moet de dimensionering en het bergingsvolume boven de GHG duidelijk zijn. De vooroverlegreactie van het Waterschap heeft geen gevolgen voor dit bestemmingsplan. De bovenstaande punten, ten aanzien van de uitwerking van de regenwaterberging, worden bij de aanvraag watervergunning inzichtelijk gemaakt.
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
83
het Waterschap heeft (vervolgens) per brief van 18 januari 2021 laten weten in te stemmen met het (ontwerp)bestemmingsplan. Provincie Noord-Brabant Vanuit de provincie is een vooroverlegreactie gestuurd, waarin is aangegeven dat de provincie het bestemmingsplan heeft getoetst op de Brabantse Omgevingsvisie en de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. De provincie heeft aangegeven dat het provinciale beleid in het algemeen goed is vertaald in het bestemmingsplan, maar geeft enkele aandachtspunten mee. Navolgend zijn deze samengevat weergegeven, inclusief hoe deze zijn verwerkt in het voorliggende ontwerpbestemmingsplan (dit laatste is cursief weergegeven). De provincie verzoekt om ten aanzien van de aanduidingen 'waterwingebied', 'boringsvrije zone' en 'grondwaterbeschermingsgebied' indachtig de instructieregels vanuit de interim omgevingsverordening de regels specifiek aan te vullen. De regels voor deze aanduidingen zijn aangepast en opgenomen. De provincie vraagt om een nadere onderbouwing ten aanzien van parkeerplaatsen. In het conceptbestemmingsplan was een overzicht gegeven van huidige en toekomstig aantal parkeerplaatsen, waarbij in het concept bestemmingsplan was aangegeven dat er in de huidige situatie sprake is van een tekort en waarbij het toekomstige aantal toe neemt. Dit toekomstige aantal was indicatief aangegeven.
Feit is, dat de bestemming feitelijk niet wijzigt en de planologische bouw- en gebruiksmogelijkheden afnemen respectievelijk gelijk blijven. Vanuit planologisch opzicht is er derhalve geen sprake van wijziging van de parkeerbehoefte. De parkeervraag wordt ook in de toekomst op eigen terrein opgelost. Uiteraard zal wel kritisch worden gekeken naar de benodigde capaciteit, zodat zuinig met ruimte wordt omgesprongen en er niet onnodige verharding wordt aangelegd. Daarnaast wordt in de uitwerking gezocht naar optimale landschappelijk e inpassing van de feitelijke parkeerbehoefte. Hierin is een goede afweging gemaakt tussen groen en andere gebruiksfuncties. Per saldo is sprake van een vergroening van de locatie en worden de bouwvlakken van vorm veranderd en verkleind van 2,74 ha naar 2,23 ha. De bebouwing wordt flink beperkt tot 7.500 m2. Ondanks dat het noodzakelijk is verharding aan te leggen voor parkeerplaatsen kan gesteld kan worden dat een meerwaardecreatie wordt bewerkstelligd door de landschappelijke inrichting en de afname van bouwmogelijkheden.Tevens is bekeken of alternatieve parkeeroplossingen haalbaar zijn, al dan niet in gecombineerd gebruik met de in de omgeving aanwezige (grote) park eermogelijkheden. Weliswaar in de omgeving parkeerterreinen aanwezig zijn (zoals de Antoon Coolenlaan 5 Parking op ca. 220 meter) maar deze alternatieven worden niet wenselijk geacht.
Dit leidt namelijk tot een hogere parkeerdruk op deze openbare park eerplaatsen terwijl in het plangebied meer dan voldoende ruimte is om te voorzien in een park eeroplossing. Daarnaast is het in het kader van de veiligheid beter als bezoekers en werk nemers met hun voertuigen worden geregistreerd bij de entree van de locatie en parkeren op eigen terrein plaatsvindt. Buiten het bouwvlak mogen kleinschalige gebouwen buiten het bouwvlak worden gebouwd. Mede omdat hieraan geen maximum wordt gesteld, acht de provincie het wenselijk om deze binnen het bouwvlak te positioneren, zodat ook een mogelijke strijd met de landschappelijke inpassing wordt voorkomen. Het toestaan van de kleinschalige gebouwtjes buiten het bouwvlak is specifiek opgenomen om bestaande en eventueel toekomstige functionele kleine bouwwerken mogelijk te maken. Deze gebouwtjes zijn grotendeels al aanwezig, maar in het verleden nooit conserverend bestemd. De gebouwtjes zijn essentieel in het drinkwaterproductie- en -distributieproces. In de IOV is deze locatie ook primair en in zijn geheel aangewezen als 'Waterwingebied'. Bewust is echter gekozen om juist de omvang van de bouwvlakken te verkleinen en zodoende de 'reguliere' en grotere bouwmogelijkheden te beperken/daar te concentreren. Daarom is gekozen voor een specifiek bouwvlak dat niet over het gehele terrein ligt.
Buiten het bouwvlak mogen de voor de (als zodanig aangewezen) waterwinning kleinschalige (max. 30 m2 per gebouw). Deze gebouwtjes worden alleen gerealiseerd indien deze noodzakelijk 84
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
zijn voor het drinkwaterproductieproces - deze voorwaarde is dan ook opgenomen in de betreffende planregel. Daarnaast is opgenomen dat de gebouwen een gezamenlijk totaaloppervlakte van maximaal 500 m2 kennen. Het zal dan ook niet voor komen dat het gehele terrein wordt 'volgebouwd' met deze gebouwtjes. Tot slot zal er ook geen inbreuk ontstaan op de landschappelijke kwaliteiten die in de terreininrichting worden gerealiseerd, omdat de realisatie én instandhouding van deze landschappelijke kwaliteiten is geborgd in de regels. De uitvoering van de voorwaardelijke verplichtingen ten aanzien van slopen en landschappelijke terreininrichting is door de formulering onvoldoende geborgd. Tevens is geen verplichting opgenomen ten aanzien van te verwijderen verhardingen bij de te slopen gebouwen. De voorwaardelijke verplichtingen zijn geherformuleerd, waarbij de landschapsinrichting en de sloop gekoppeld is aan de ingebruikname van de nieuwe gebouwen. Tevens is in de bijlage t.a.v. sloopverplichting de bijbehorende te verwijderen oppervlakteverharding weergegeven. De binnenplanse afwijkingsregel om maximaal 10% af te mogen wijken van maten, afmetingen en percentages laat in theorie meer ontwikkel- en bouwmogelijkheden toe en dient daarom ook meegenomen te zijn in de kwaliteitsverbetering van het landschap.
Om te voorkomen dat discussie kan ontstaan over het gebruik van de 10%-regel, die bedoeld is om enige flexibiliteit te creëren op het moment dat een technisch ontwerp net niet inpasbaar is, is deze regel aangepast in die zin dat de 10% afwijking alleen maar kan gaan over de hoogte van gebouwen.
9.3
Inspraak
Per 1 oktober 2008 is de "Verordening Samenspraak en Inspraak gemeente Eindhoven 2008" in werking getreden. Het doel hiervan is het betrekken van burgers bij de besluitvorming. Het voorontwerp bestemmingsplan wordt ter inzage gelegd. In die periode heeft iedereen in de gelegenheid een reactie ten aanzien van het voorontwerp in te dienen. Tevens zal een informatiebijeenkomst georganiseerd worden. Resultaten uit de inspraak zullen te zijner tijd in deze paragraaf worden verwerkt. Informatieavond Op 1 september 2020 is een informatieavond georganiseerd door Brabant Water. Omwonenden en belanghebbenden zijn hiertoe uitgenodigd. Vier directe buren en een vertegenwoordiger van Trefpunt Groen Eindhoven zijn op de informatieavond aanwezig geweest. Vanuit de omgeving is aangegeven met belangstelling de plannen te bezien en waardeert men de communicatie en de inzet om tot een fraaie inrichting te komen. Er zijn geen inhoudelijke bezwaren geuit tijdens deze informatieavond. Trefpunt Groen Eindhoven Met Trefpunt Groen Eindhoven is in de planvoorbereiding reeds meerdere malen betrokken geweest, onder meer bij de aanvraag en beoordeling van de kapvergunning eind 2019 / begin 2020. Daarnaast is Trefpunt Groen Eindhoven aanwezig geweest op de informatieavond, waarbij is aangegeven dat Trefpunt Groen de planvoorbereiding en de aandacht voor compensatie als positief ervaart.
Trefpunt Groen heeft geen reactie gegeven op het bestemmingsplan in het kader van het gemeentelijke vooroverleg. Henri van Abbe Stichting (en Stichting wederopbouw Eindhoven) vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
85
Per brief van 16 oktober is aangegeven dat er geen bezwaren zijn: "Het plan geeft naast goed en zuiver water de mogelijkheid om een ecologisch landschapsparkje aan te leggen met behoud van waardevolle bomen en krijgt hierdoor een flinke impuls t.a.v. biodiversiteit en groencompensatie. Wij hebben waardering voor het feit dat het hekwerk teruggelegd wordt waardoor de verblijfsfunctie van het gebied vergroot wordt. Ook constateren wij dat er maatregelen getroffen worden voor m.n. vleermuizen in dit gebied. De watertoren en de machinekamer worden als monument beschermd. Wellicht ten overvloede wijzen we op de oude woningen die destijds voor de beheerder en uitvoerder gebouwd zijn. Daar moet voorzichtig mee worden omgegaan en ze mogen wat ons betreft niet worden verwijderd of verbouwd."
9.4
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van donderdag10 december 2020 tot en met woensdag 20 januari 2021 op de gebruikelijke wijze ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn is iedereen in de gelegenheid gesteld om schriftelijk of mondeling een zienswijze ten aanzien van het ontwerpbestemmingsplan kenbaar te maken. Kennisgeving van de ter inzage legging en de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen is in de edities van de Staatscourant en het weekblad Groot Eindhoven van 9 december 2020 gepubliceerd. Ook is kennis gegeven van de mogelijkheid om de digitale versie van het ontwerpbestemmingsplan via de gemeentelijke website www.eindhoven.nl/bestemmingsplannen en de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl te raadplegen. Naar aanleiding van de tervisielegging zijn geen zienswijzen ontvangen.
86
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Bijlagen bij de toelichting
Bijlage 1
Kwaliteitsverbetering en landschapsinrichting
Bijlage 2
Aanmeldnotitie m.e.r.
Bijlage 3
Quickscan beschermde flora en fauna
Bijlage 4
Nader onderzoek vleermuizen
Bijlage 5
Nader onderzoek kleine marterachtigen
Bijlage 6
Mitigatieplan gewone dwergvleermuis
Bijlage 7
Onderzoek bodemkwaliteit
Bijlage 8
Notitie stikstofdepositieberekening
Bijlage 9
Notitie waterhuishouding
Deze bijlagen zijn te raadplegen op de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
87
88
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Regels
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
89
90
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 1
Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan
het bestemmingsplan Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) met identificatienummer NL.IMRO.0772.80358-0301 van de gemeente Eindhoven.
1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.
1.3
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
1.4
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.
1.5
actualisatie nota parkeernormen 2019
Parkeernomen gepubliceerd op 3 oktober 2019 en in werking getreden op 4 oktober 2019.
1.6
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.
1.7
bedrijfsgebouw
een gebouw dat dient voor de uitoefening van een bedrijf.
1.8
bedrijfsvloeroppervlak
de totale oppervlakte van de voor bedrijfsuitoefening benodigde bedrijfsruimte, inclusief de verkoopvloeroppervlakte, opslag- en administratieruimten en dergelijke.
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
91
1.9
bestaande situatie
bij bouwwerken: legale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van ter visie legging van het ontwerp van het bestemmingsplan, dan wel bouwwerken zoals die mogen worden gebouwd krachtens een vergunning; bij gebruik: legaal gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig tijdens de inwerkingtreding van het bestemmingsplan.
1.10
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak.
1.11
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.
1.12
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.
1.13
bouwgrens
de grens van een bouwvlak.
1.14
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
1.15
bouwperceelgrens
een grens van een bouwperceel.
1.16
bouwvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.
1.17
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.
92
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
1.18
cultuurhistorische waarden
de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of gebied. 1.19
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw.
1.20
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop), verkopen een leveren van goederen aan personen die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. Onder detailhandel wordt ook begrepen grootschalige detailhandel, volumineuze detailhandel, tuincentrum, internetwinkel, afhaalpunten en supermarkten.
1.21
dienstverlening
het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen.
1.22
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
1.23
gebruiken
het gebruiken, in gebruik geven of laten gebruiken.
1.24
geluidzoneringsplichtige inrichting
een inrichting bij welke ingevolge de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een zone moet worden vastgesteld.
1.25
hoofdgebouw
een gebouw dat, op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen dan wel gelet op de bestemming, als het belangrijkste bouwwerk op een bouwperceel kan worden aangemerkt.
1.26
invloedsgebied
gebied waarin, volgens de Regeling externe veiligheid inrichtingen (Revi), personen worden meegeteld voor de berekening van het groepsrisico. De grens van het invloedsgebied is gelijk aan de 1% letaliteitsgrens, bepaald bij weertype F 1.5, tenzij in de bij het Revi behorende uitvoeringregeling voor een specifieke stof of activiteit een ander invloedsgebied is gedefinieerd.
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
93
1.27
kantoor
een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat dient voor het bestuurlijk/ambtelijk of bedrijfsmatig uitoefenen van juridische, financiële, administratieve en naar de aard daarmee gelijk te stellen werkzaamheden, zoals sociaal wetenschappelijke onderzoek of een architectenbureau.
1.28
kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten
het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, geheel of overwegend door middel van handwerk dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend (niet zijnde prostitutie).
1.29
kunstobject
een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of onderdelen van bouwwerken die worden aangemerkt als uitingen van één der beeldende kunsten.
1.30
kunstwerk
bouwwerk, geen gebouw zijnde ten behoeve van civieltechnische en/of infrastructurele doeleinden, zoals een brug, een dam, een duiker, een tunnel, een via- of aquaduct, een sluis, dan wel een daarmee gelijk te stellen voorziening.
1.31
lijst van bedrijfsactiviteiten
de bedrijvenlijst ontleend aan de brochure Bedrijven en Milieuzonering van de VNG zoals deze gold ten tijde van de tervisielegging van het ontwerp bestemmingsplan en opgenomen in Bijlage 1 Lijst van bedrijfsactiviteiten behorende bij deze regels.
1.32
nutsvoorzieningen
voorzieningen ten behoeve van algemeen nut in ruime zin zoals: voorzieningen / installaties ten behoeve van gas, water en elektriciteit, signaalverdeling, telecommunicatieverkeer, waterzuivering, waterbeheersing, waterhuishouding, vuil- en afvalverwerking, compostering, wijkverwarming, milieuvoorzieningen e.d.
1.33
parkeerbalans
met een parkeerbalans wordt de (on)balans berekend tussen parkeervraag en parkeeraanbod binnen een bepaald gebied. Vaak valt de parkeervraag van functies niet samen in de tijd. Gecombineerd gebruik van parkeerplaatsen is dan mogelijk (dubbelgebruik).
1.34
peil
0.30 m' boven de kruin van de weg.
1.35
verdieping
de bouwlaag respectievelijk bouwlagen die boven de begane grondbouwlaag gelegen is/zijn. 94
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
1.36
voorgevel
de naar de weg of aan het openbaar gebied gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft van meer dan één naar de weg of het openbaar gebied gekeerde gevel, de gevel die door zijn aard, functie, constructie dan wel gelet op uitstraling ervan als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt.
1.37
voorgevelrooilijn
De denkbeeldige lijn die strak langs de voorgevel wordt getrokken tot aan de zijdelingse perceelsgrenzen.
1.38
water
al het oppervlaktewater zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen.
1.39
waterberging
voorziening voor het tijdelijk vasthouden van regenwater dat afstroomt vanaf de oppervlakte van een bouwwerk.
1.40
waterhuishoudkundige voorzieningen
voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit (zoals duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten, sloten, greppels en vijvers, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen etc.).
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
95
96
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:
2.1
bebouwingspercentage
een aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van het bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd.
2.2
dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.
2.3
goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeiboord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
2.4
inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
2.5
bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, liftopbouwen, installatieruimten en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
2.6
oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
2.7
hoogte van een windturbine
vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine.
2.8
ondergeschikte bouwdelen
bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen wordt de overschrijding van de bouwgrens door ondergeschikte bouwdelen, zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, gevel- en kroonlijsten, gevelisolatie, ventilatiekanalen, reclameaanduidingen, luifels, erkers, balkons en overstekende daken e.d. buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van de bouwgrens niet meer dan 1 meter bedraagt.
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven
97
98
vastgesteld Buitengebied (Brabant Water Aalsterweg) Gemeente Eindhoven