Bijlage 1 - Jaarstukken 2025
Tekst van het document
Inhoudsopgave Jaarverslag ....................................................................................................... 3 Leeswijzer......................................................................................................... 4 1. Hoofdlijn ....................................................................................................... 6 2. Programma's .............................................................................................. 13 1. Klimaat en weer ........................................................................................................... 13 2a. Ondernemende stad .................................................................................................. 28 2b. Onderwijs ................................................................................................................... 40 2c. Sociale stad ............................................................................................................... 47 3a. Woningbouw en fijne wijken ....................................................................................... 81 3b. Bereikbaarheid ........................................................................................................... 90 4. Veilige wijken ............................................................................................................... 99 5.
Levendige stad .......................................................................................................... 104 6. Organisatie ................................................................................................................ 119
3. Paragrafen ................................................................................................ 134 3a. Lokale heffingen....................................................................................................... 135 3b. Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................................................. 140 3c. Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................... 147 3d. Financiering ............................................................................................................. 152 3e. Bedrijfsvoering ......................................................................................................... 157 3f. Verbonden partijen.................................................................................................... 161 3g. Grondbeleid ............................................................................................................. 164 3h. Investeringen ........................................................................................................... 171 3i. Openbaarheidsparagraaf .......................................................................................... 174
Jaarrekening ................................................................................................ 176 4. Jaarrekening ............................................................................................ 177 4.1 Algemene grondslagen van waardering en resultaatbepaling .................................. 178 4.2 Balans en toelichting ................................................................................................ 185 4.3 Overzicht baten en lasten ........................................................................................ 233 4.4 Overzicht baten en lasten naar taakveld .................................................................. 255 4.5 Gebeurtenissen na balansdatum ............................................................................. 257 4.6 Rechtmatigheidsverantwoording .............................................................................. 258 4.7 SiSa ......................................................................................................................... 260 4.8 Subsidieregeling Bereikbaarheidsakkoord ............................................................... 261 4.9 Overige gegevens: Controleverklaring ..................................................................... 295
Bijlagen ......................................................................................................... 303 Bijlage 1. Samenstelling van bestuur ............................................................................. 304 Bijlage 2. Kerngegevens ................................................................................................ 308 Bijlage 3. Financieel overzicht ........................................................................................ 309 Bijlage 4. EMU saldo...................................................................................................... 314 Bijlage 5. Meerjarig verloop reserves ............................................................................. 315 Bijlage 6. Subsidies........................................................................................................ 317 Bijlage 7. Afkortingen ..................................................................................................... 319
2
Jaarverslag
3
Leeswijzer De jaarstukken 2025 zijn opgebouwd uit de volgende onderdelen. Hoofdlijn Ieder jaar legt het college via de jaarstukken verantwoording af over de behaalde resultaten van het afgelopen jaar. In de hoofdlijn is te zien wat we hebben bereikt en gedaan. Daarnaast wordt het resultaat over 2025 en de financiële positie gepresenteerd. Ook worden de grootste afwijkingen ten opzichte van de bijgestelde begroting kort toegelicht. Programma's We presenteren de volgende voorgeschreven (BBV) onderdelen in de programmaverantwoording: 1. De realisatie per programma, die inzicht geeft in de mate waarin de doelstellingen gerealiseerd zijn, wat we daarvoor gedaan hebben, welke verbonden partijen daarbij betrokken zijn en wat dit heeft gekost. 2. Het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen (programma 6: inleiding) 3. Het overzicht van de overheadkosten (programma 6: taakveld 0.4) 4. Een toelichting op het bedrag 'onvoorzien' (programma 6: taakveld 0.8) 5. Het bedrag voor de heffing van de vennootschapsbelasting (programma 6: taakveld 0.9) De raad heeft bij de kadernota 2024 een indeling van de programma’s vastgesteld die aansluit op onze opgaven. Ook de jaarrekening 2025 is opgesteld volgens deze indeling: elk programma bestaat uit één of meerdere thema’s met daarbinnen de taakvelden volgens het BBV. Programma 1. Klimaat en weer
Rapportageniveau hoofdlijn Klimaat en weer
2a. Ondernemende stad
Ondernemende stad
Thema (Taakveld) Groen (TV 5.7) Water (TV 7.2) Milieu (TV 7.3 t/m 7.5) Ondernemende stad (TV 3.1 t/m 3.4)
2b. Onderwijs 2c. Sociale stad
Onderwijs Sociale basis en wijkteams Werk en inkomen Wmo Jeugd
Onderwijs (TV 4.1 t/m 4.3) Sociale basis en wijkteams (TV 6.1, 6.2, 7.1) Werk en inkomen (TV 6.3 t/m 6.5) Wmo (TV 6.6, 6.71, 6.791, 6.81) Jeugd (TV 6.72 t/m 6.76, 6.792, 6.82, 6.92)
3a. Woningbouw en fijne wijken 3b. Bereikbaarheid
Woningbouw en fijne wijken Bereikbaarheid
Woningbouw en fijne wijken (TV 8.1 t/m 8.3) Bereikbaarheid (TV 2.1 t/m 2.5)
4. Veilige wijken 5. Levendige stad
Veilige wijken Levendige stad
6. Organisatie
Organisatie
Veilige wijken (TV 1.1, 1.2) Sport (TV 5.1, 5.2) Cultuur (TV 5.3 t/m 5.6) Bestuur en Dienstverlening (TV 0.1, 0.2) Bedrijfsvoering (TV 0.3 t/m 0.5, 0.7 t/m 0.11) Belastingen (TV 0.61 t/m 0.64)
De programma’s zijn als volgt uitgewerkt: Bestuurlijke samenvatting per programma: In de samenvatting staat per programma een toelichting op de thema’s, de doelen, de highlights uit het uitvoeringsprogramma bestuursakkoord, financiële kerngegevens, verplichte BBV-indicatoren (vergelijking met andere gemeenten in Nederland via www.waarstaatjegemeente.nl) en verbonden partijen (waarover extra informatie te vinden is in de paragraaf verbonden partijen). Per thema en taakveld: Vervolgens presenteren we per thema de taakvelden met een uitwerking van de 3-W-vragen:
4
Wat hebben we bereikt Hier staan de doelen (genummerd) met bijbehorende effectindicatoren. Wat hebben we daarvoor gedaan De prestaties staan onder 'Wat hebben we daarvoor gedaan' (nummer verwijst naar de doelen). Ook zijn hier de belangrijkste speerpunten van 2025 opgenomen. De te bereiken doelen en prestaties zijn meetbaar gemaakt met door de raad vastgestelde effectindicatoren. Bij de indicatoren wordt met een kleur aangegeven of de uitvoering conform de raming is verlopen. Streefwaarde is precies behaald of overtroffen De streefwaarde is (net) niet behaald maar de ontwikkeling lijkt mee te vallen De streefwaarde is (ruimschoots) niet behaald Gegeven is niet bekend In de digitale jaarstukken (https://eindhoven.jaarverslag-2025.nl/) is bij de doelen, prestaties en indicatoren achtergrondinformatie raadpleegbaar. Dit betreft een nadere inhoudelijke toelichting, de motivatie van de keuze voor deze indicator, de bron en bijbehorende beleidsdocumenten. Wat heeft het gekost Bij 'Wat heeft het gekost' lichten we de financiële resultaten in de exploitatie toe met een toelichting op de afwijkingen. De begrote en gerealiseerde lasten zijn positief gepresenteerd. De begrote en gerealiseerde baten negatief (-/-). Bij de afwijkingen geldt dat een -/- een nadeel en een + een voordeel is. We geven aan of de afwijking structureel is of niet.
Als uitgangspunt hanteren we dat afwijkingen groter dan € 500.000 en afwijkingen op een politiek gevoelig onderwerp apart worden toegelicht. In totaliteit nemen we in ogenschouw dat ongeveer 80% van de afwijkingen wordt toegelicht. Paragrafen In de paragrafen staat informatie over de financiële positie van de gemeente, de beheersmatige aspecten en de risico's. Er zijn 8 wettelijke voorgeschreven paragrafen (Lokale heffingen, Weerstandsvermogen en risicobeheersing, Onderhoud kapitaalgoederen, Financiering, Bedrijfsvoering, Verbonden partijen, Grondbeleid (art. 9 BBV) en Openbaarheidsparagraaf (art. 3.5. Wet Open Overheid)), daarnaast is een extra paragraaf aanwezig over de investeringen. Jaarrekening De jaarrekening geeft inzicht in het behaalde financiële resultaat. Ook wordt hier een toelichting op de incidentele baten en lasten gegeven. Inzicht hierin in belangrijk voor de structurele financiële houdbaarheid. De balans geeft de bezittingen en schulden van de gemeente weer per einde van het jaar ten opzichte van het begin van het jaar. De verschillende onderdelen zijn verder gespecificeerd in de toelichting per balanspost. Bijlagen In de bijlagen wordt overige verplichte of relevante informatie gegeven (samenstelling van bestuur, kerngegevens, financieel overzicht, EMU-saldo, meerjarig verloop reserves, begrotingssubsidies, afkortingen).
Afrondingsverschillen In de gepresenteerde tabellen kunnen afrondingsverschillen voorkomen. Dit komt doordat de gegevens in de jaarrekening, ter bevordering van de leesbaarheid, op duizendtallen gepresenteerd worden terwijl de automatisch vanuit de administratie ingelezen gegevens op centen nauwkeurig zijn.
5
1. Hoofdlijn Voor u ligt de jaarrekening 2025. Hierin geven we een overzicht van de financiële resultaten en de voortgang van de belangrijkste projecten en ambities die we in de begroting voor dit jaar hebben geformuleerd. In de begroting van 2025 richtten we ons op het realiseren van een sterke en evenwichtige ontwikkeling van Eindhoven en de regio. We namen ons voor in te zetten op groei en transformatie van de stad – verdichting, vergroening en internationalisering – en op het nemen van verantwoordelijkheid voor een brede welvaart en kwaliteit van leven. Eindhoven en de Brainportregio bruisten in 2025 van groei en ontwikkeling. Onze focus lag op uitvoering en het realiseren van tastbare resultaten. Naast de grote bewegingen, zoals stedelijke groei, langjarige investeringen in woningbouw en infrastructuur en een steeds internationaler wordende samenleving, hebben we bewust geïnvesteerd in zaken die voor inwoners dichtbij en voelbaar zijn. We hebben gewerkt aan een hoge kwaliteit van publieksdienstverlening, een goed bereikbare gemeente, een schone en groene openbare ruimte, ruimte voor voorzieningen, evenementen en ontmoeting, veiligheid op straat en een menselijk gezicht in onze dienstverlening. Samenwerking stond hierbij centraal, zoals verankerd in ons bestuursakkoord “Samen Morgen Mooier Maken”.
In deze jaarrekening blikken we terug op deze belangrijke ontwikkelingen en de financiële resultaten die daarmee samenhangen. Ontwikkelen van een toekomstbestendige en klimaatneutrale stad In 2025 hebben we het Klimaatplan 2026-2030 vastgesteld, waarin het pad naar het verminderen van uitstoot van broeikasgassen met 55% in 2030 per taakveld is aangescherpt. Er zijn aanvullende maatregelen vastgesteld die het gat overbruggen en ervoor moeten zorgen dat we onze klimaatdoelen halen. We gaan aan de slag met een lokaal waterstofnetwerk, onze inzet op het verduurzamen van bedrijven(terreinen) intensiveren en inwoners maximaal stimuleren en ondersteunen bij het verduurzamen van hun woning. Het Klimaatplan 2026-2030 is vertaald in het ClimateView dashboard (Eindhoven - Klimaatactieplan voor 2030), waar per sector en per transitie inzichtelijk is gemaakt wat de effecten van onze klimaatmaatregelen zijn. Een groot risico voor de groei van de stad en de verduurzamingsopgave is het tekort aan transportcapaciteit op het elektriciteitsnet. Daarom hebben we in 2025 fors ingezet op een regionale aanpak netcongestie die zich richt op het versnellen van aanleg van energie-infrastructuur en zorgvuldig gebruik van schaarse netcapaciteit. Onze inzet op gemeentelijk niveau focust op netbewust bouwen en ontwikkelen.
Bouwen met oog voor de mens In 2025 hebben we uitvoering gegeven aan de ambitie om gebiedsontwikkeling mensgericht vorm te geven. Grote ruimtelijke ontwikkelingen zoals Spoorzone, Internationale Knoop XL, VDMA, Kanaalzone-Zuid, Schellenskwartier en Brainport Industries Campus (BIC) zijn doorontwikkeld met aandacht voor leefkwaliteit, voorzieningen en sociale veiligheid. Daarnaast zijn in de wijken projecten als Stadshart Woensel, Kastelenplein en Evoluonpark verder gebracht, waarbij we nadrukkelijk inzetten op vergroening, ontmoeting en bereikbaarheid. We hebben de Wet voorkeursrecht gemeenten benut om meer regie te houden op gebiedsontwikkelingen en om ruimte voor maatschappelijke voorzieningen te borgen. Deze werkwijze sluit aan bij het Omgevingsprogramma Stedelijke en Maatschappelijke Voorzieningen (2025), dat richting geeft aan een optimale spreiding van basisvoorzieningen zoals kinderopvang, scholen, cultuur en sport. Ook is doorgewerkt aan klimaatadaptieve inrichting: straten zoals de Gerretsonlaan, Generaal Pattonlaan en Van Thienenlaan zijn vernieuwd, vergroend en onttegeld, waarmee wateroverlast wordt beperkt en hitte wordt tegengegaan. Daarbij werken we nadrukkelijk integraal.
Klimaatadaptatie is een vast onderdeel van gebiedsontwikkeling geworden, en binnen mobiliteit zijn het Verkeerscirculatieplan, het Verbeterplan Ring, en de invoering van 30 km/u binnen de Ring belangrijke stappen om buurten veiliger en leefbaarder te maken. Bovendien vormen deze stappen een belangrijke impuls om de bredere mobiliteitstransitie te versnellen. Het in 2025 vastgestelde programma gezonde leefomgeving integraal geeft richting aan de keuzes voor een integraal gezonde en leefbare ontwikkeling van de stad. Om de lucht in de stad schoner te maken hebben we subsidieregelingen opgetuigd voor de sloop van scooters en oude dieselauto’s, verwijderen van rookkanalen en is vanaf het najaar het houtstookverbod ingegaan. We hebben het integraal gebiedsgericht werken verder ontwikkeld. Per mei 2025 is de sector Gebieden en Wijken opgericht en zijn we gestart met het inrichten van zeven stadsdeelteams. Met een gebiedsgerichte aanpak leveren we maatwerk in alle wijken in de stad in plaats van alleen generiek beleid op stedelijk niveau.
6
Investeren in een fijne leefomgeving met goede voorzieningen We hebben in 2025 concrete stappen gezet om Eindhoven groener, gezonder en aantrekkelijker te maken. We hebben samen met partners Design Development Eindhoven (DDE) opgericht ter versterking van het design ecosysteem. Ook de start van de bouw van Museumpark VONK, de verkenning voor het Rijksmuseum Eindhoven de opening afgelopen september van landgoed De Wielewaal, het vastgestelde voorkeursalternatief voor de Multimodale Knoop en de doorontwikkeling van buurtgerichte voorzieningen zoals bibliotopen versterkt de maatschappelijke infrastructuur van de stad. In de openbare ruimte is het onderhoudsprogramma gericht geweest op kwaliteit, toegankelijkheid en duurzaamheid. Zo zijn 12 straten vergroend, is in diverse buurten straatverlichting vervangen door energiezuinige LEDverlichting, en zijn nieuwe (inclusieve) speel- sport- en ontmoetingsvoorzieningen aangelegd. In het kader van klimaatadaptatie zijn infiltratiemaatregelen, onttegeling en vergroening toegepast om hevige regenval beter op te vangen. Bestaand groen versterken we via versnelling herplant bomen en het vastgestelde strategisch groenbeheerplan. Binnen onderwijs is met de uitbreiding van de Rijke Schooldag (40 deelnemende scholen, 3.460 kinderen bereikt) stevig ingezet op kansrijk opgroeien.
Volgend op het in 2024 voor onderwijshuisvesting vastgestelde IHP Gestel, is begin 2025 het IHP 2025-2040 vastgesteld. In 2025 is gewerkt aan (de voorbereiding) van de uitvoering van deze IHP's, waarmee onderwijshuisvesting toekomstbestendig wordt gemaakt. Vanuit sport zijn voorbereidingen getroffen voor nieuwe kunstgrasvelden, zijn de eerste nieuwe velden gerealiseerd voor voetbal, cricket en handbal, zijn (street) sportvoorzieningen in de openbare ruimte aangelegd en is gewerkt aan het opwaarderen van kleedlokalen en sporthallen binnen het IHP Sport. De bouw van de Tongelreep heeft zijn eindfase bereikt, daarnaast is gestart met het onderzoek naar de uitbreidingsmogelijkheden van het ir. Ottenbad en de verduurzaming van het ijssportcentrum. Het Volwassenfonds heeft meer dan 1000 aanvragen goedgekeurd zodat inwoners met een laag inkomen de mogelijkheid hebben om te sporten. De sportregisseurs zetten zich in om iedereen aan het sporten en bewegen te krijgen en ondersteunen verenigingen zodat zij vitaal blijven. Daarnaast is stevig geïnvesteerd in het beheer en behoud van erfgoed, waaronder nieuwe monumentaanwijzingen, de doorontwikkeling van het Erfgoedhuis, en voorbereidingen voor een nieuw gezamenlijk depot.
Inzet op sociale cohesie en kansengelijkheid voor iedereen De uitvoering van de Koers Sociaal (2)040 heeft in 2025 een belangrijke mijlpaal bereikt met de vertaling naar een Transformatieprogramma met bijbehorend Transformatiefonds. Het nieuwe Transformatieprogramma ondersteunt een structurele verandering in het sociaal domein, we pakken zowel maatschappelijke vraagstukken als structurele tekorten in samenhang aan en investeren doelgericht in een andere manier van werken, zoals het Deltaplan Jeugd en de pilot Werk & Geld. Via het programma Inclusief Samenleven hebben we concrete stappen gezet in het bevorderen van gelijkwaardigheid, zoals een subsidieregeling voor fysieke toegankelijkheid, verdieping van kennis over discriminatie ervaringen en het versterken van interreligieuze en maatschappelijke netwerken. Het aandeel inwoners dat vrijwilligerswerk doet is gestegen van 36 naar 38 procent, onder andere dankzij de inzet van het uitvoeringsprogramma Vrijwillig voor Elkaar. Op het gebied van gezondheid is hard gewerkt aan Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) maatregelen, zoals Kansrijke Start, mentale gezondheid en valpreventie. Operationeel zijn onder meer preventieprojecten, welzijn op recept en één loket voor mantelzorgondersteuning.
Voor jeugd is 2025 het laatste jaar geweest van het Deltaplan, waarin onder andere Buurtgezinnen, Kindbehartigers, Kamers met Aandacht en Eindje Verder succesvol zijn opgeschaald via Preventie Plus. Ook zijn vervolgstappen gezet richting het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. Inwoners met een laag inkomen of geldzorgen hebben we zo goed en snel mogelijk ondersteund, met volop inzet om ons bereik te verhogen. Ook zijn de tijdelijke regelingen gestart zoals de witgoedomruilactie, een verruimde Meedoenbijdrage, extra inkomenstoeslag en de mondzorgregeling. Verder is ingezet op vereenvoudiging van aanvraagprocessen. Binnen werk & inkomen daalde het aantal bijstandsuitkeringen, in tegenstelling tot landelijke trends, dankzij samenwerking in het netwerk Werk & Geld en de pilot jeugdwerkloosheid. Ondernemerschap, innovatie, arbeidsmarkt We hebben in 2025 verder gebouwd aan een toekomstbestendig economisch ecosysteem. Voor start-ups en scale-ups is de samenwerking binnen The Gate versterkt, waar ruim 800 startende ondernemers ondersteuning kregen. Het jaarlijkse LevelUp event trok 1.500 deelnemers. Via pilotprojecten fungeert de gemeente steeds vaker als launching customer voor innovatieve bedrijven. Door de uitvoering van twee klantreizen en het vervolg op 'Snappen of schrappen' hebben we in 2025 onze ondernemersdienstverlening verder verbeterd.
In dat kader zijn in 2025 nog eens 23 regels onderzocht, wat heeft geleid tot het schrappen van 6 regels en het 7
aanpassen/versimpelen van nog eens 14 regels. Op basis van de in 2025 vastgestelde nieuwe detailhandelsvisie Van bezoek naar belevenis is verder ingezet op levendige, sterke winkelgebieden. Ook zijn twee nieuwe Bedrijfsinvesteringszones (BIZ) gestart (Kruisstraat/Woenselse Markt en Franz Leharplein), en zijn voorbereidingen getroffen voor BIZ-vorming op Strijp-S en het Trudoplein. De Uitvoeringsagenda Werklocaties en het nieuwe Toekomstfonds Bedrijventerreinen (bijna € 2 miljoen) dragen bij aan toekomstbestendige bedrijventerreinen en het oplossen van overlast. Binnen Brainport is door Brainport Development een diversificatieverkenning uitgevoerd die leidde tot acht nieuwe speerpuntprojecten, waaronder een programmatische aanpak van Medtech. Daarnaast groeien de private bijdragen aan het Brainport Partnerfonds snel, met inmiddels 50 aangesloten bedrijven. Er is een gestandaardiseerd informatiepakket voor internationals ontwikkeld waarmee internationals vroegtijdig worden geïnformeerd over ‘hoe zaken in Nederland werken (zorg, onderwijs, etc) werken. Ook hebben ongeveer 1032 internationals bij 66 verschillende werkgevers Nederlandse taallessen gevolgd via de werkgeversaanpak Taal.
In de arbeidsmarkt is grote vooruitgang geboekt: 2.086 inwoners zijn geholpen via het regionale Werkcentrum (voorheen Huis naar Werk), er is gestart met de inrichting van een Jongerenpunt, het Brabant zoekt Talent-festival is in 2025 wederom georganiseerd en verder gegroeid, de HCA Klimaatbanen is in uitvoering met werkgevers en Brainport Development, met Transvorm startte we met een oriëntatieprogramma zorg- en welzijn en er is gestart aanvalsplan Microchip Talent met onder meer de Brainport Academy voor technisch talent. De gecombineerde inzet versterkt zowel het ondernemersklimaat en (onderwijs)ontwikkeling, als de sociale en economische weerbaarheid van de stad. Investeren in uitvoeringskracht In 2025 hebben we stevig geïnvesteerd in het versterken van onze uitvoeringskracht, zoals eerder aangekondigd in het bestuursakkoord. De groei van de stad en de complexiteit van maatschappelijke opgaven vragen om een organisatie die meebeweegt in omvang, in professionaliteit en in wendbaarheid. Daarom is opnieuw ingezet op het terugdringen van externe inhuur en het omzetten ervan naar vaste formatie. Dit heeft geleid tot meer continuïteit, minder kosten en een betere borging van kennis. Dankzij gerichte wervingscampagnes en arbeidsmarktcommunicatie konden we 90-95% van alle vacatures via reguliere werving invullen, ondanks de krapte op de arbeidsmarkt.
We hebben verder gebouwd aan een moderne, efficiënte en lerende organisatie. Via Lean en Agile werkwijzen zijn binnen meerdere afdelingen processen verbeterd, wat heeft bijgedragen aan kortere doorlooptijden, hogere kwaliteit en transparantere werkwijzen. Binnen het leiderschapsprogramma Management Opvolg Programma zijn toekomstige leidinggevenden opgeleid; het programma vormt een kweekvijver voor strategisch en operationeel leiderschap, aansluitend op de kernwaarden samenwerken, eigenaarschap en vertrouwen. Ook is in 2025 voortgewerkt aan het uitvoeringsplan Diversiteit & Inclusie. De gemeente behield de hoogste trede (Trede 3) op de Prestatieladder Socialer Ondernemen en heeft ambities aangescherpt om medewerkers met een arbeidsuitdaging structureler een plek te geven. Daarnaast is gewerkt aan een inclusieve werkcultuur, onder andere door training, toegankelijke wervingstrajecten en het creëren van passende functies. De doorontwikkeling van onze dienstverlening was eveneens een belangrijk onderdeel van het versterken van de uitvoeringskracht. De eerste ondernemers- en inwonersklantreizen zijn afgerond en leiden tot meer samenhang, eenvoud en duidelijkheid in onze dienstverlening. Het nieuwe meldsysteem voor (woon)overlast zorgt voor een efficiëntere afhandeling van meldingen en beter inzicht in overlastpatronen.
De vaststelling van het Omnichannelbeleid en de voorbereidingen op de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (WMEBV) zorgen ervoor dat inwoners vanaf 2026 digitale én persoonlijke dienstverlening krijgen die betrouwbaar, toegankelijk en goed vindbaar is. Tot slot hebben we actief ingezet op regionale samenwerking, cruciaal voor complexe opgaven rondom wonen, bereikbaarheid, energietransitie en voorzieningen. Als centrumstad hebben we binnen het Stedelijk Gebied Eindhoven, MRE en Brainport intensief samengewerkt aan thema’s zoals de Beethovendeal, netcongestie, infrastructuur en sociale voorzieningen. Via onze aanwezigheid in Den Haag en Brussel zijn bestuurlijke werkbezoeken georganiseerd om stedelijke en regionale belangen op de nationale en Europese agenda te houden. Met deze gecombineerde inzet op mensen, processen, leiderschap, dienstverlening en samenwerking hebben we de organisatie beter toegerust op de groei en ambities van Eindhoven en kunnen we inwoners, partners en ondernemers beter en sneller ondersteunen.
8
Resultaat 2025 Het resultaat over 2025 bedraagt € 36,2 miljoen positief. Dit betreft een afwijking van 2,3% van de begrote lasten. Zie onderstaande cirkeldiagrammen voor een overzicht van het soort inkomsten en uitgaven op hoofdlijnen. Per saldo zien we een voordelig resultaat voor mutaties in reserves van € 27,9 miljoen. Daarnaast heeft er, zoals in de tabel hieronder is te zien, per saldo een onttrekking aan de reserves plaatsgevonden van € 8,3 miljoen. Het resultaat voor mutaties in reserves en de dotatie aan de reserves resulteren in het voordelig resultaat van € 36,2 miljoen.
Totaal baten Totaal lasten Saldo lasten en baten Mutaties reserves Stortingen Onttrekkingen Totaal mutaties reserves Resultaat
9
2025 1.369,0 1.341,1 27,9 166,1 174,4 -8,3 36,2
Onderstaand een overzicht van het resultaat 2025 per programma gevolgd door een toelichting op de grote afwijkingen ten opzichte van de bijgestelde begroting 2025. De resultaten op de personele kostenverdeling en de kapitaallasten waren op een eerder moment in 2025 al in het resultaat verwerkt, vandaar dat de bijgestelde begroting al uitging van een voordelig resultaat van € 5,6 miljoen. Dit maakt de afwijking ten opzichte van de bijgestelde begroting € 30,6 miljoen.
(x € 1 miljoen) 1 Klimaat en weer
saldo begroting primair (nov '24) (1)
saldo begroting bijstelling na wijziging begroting (dec '25) (2) (3=1+2)
40,3
4,7
2A Ondernemende stad
6,3
0,7
2B Onderwijs
37,7
1,2
2C Sociale stad - Sociale basis en wijkteams
104,2
-3,3
2C Sociale stad - Werk en inkomen
90,1
2C Sociale stad - Wmo 2C Sociale stad - Jeugd
43,4
1,7 V
3,7%
7,0
6,3
0,7 V
9,8%
38,9
37,8
1,1 V
2,8%
100,9
95,5
5,4 V
5,3%
3,3
93,3
86,6
6,8 V
7,2%
120,0
2,8
122,8
123,5
0,7 N
-0,5%
90,3
15,5
105,8
108,7
2,8 N
-2,7%
3A Woningbouw en fijne wijken
34,9
-0,8
34,1
39,4
5,3 N
-15,6%
3B Bereikbaarheid
62,2
-0,3
62,0
59,7
2,2 V
3,6%
4 Veilige wijken
39,8
1,3
41,1
40,9
0,2 V
0,6%
5 Levendige stad
45,0
saldo realisatie afwijking incl. realisatie tov mutaties begroting reserves na wijziging % (4) (5=4-3)afwijking
77,5
2,5
80,0
78,2
1,8 V
2,2%
6 Organisatie
-703,3
-33,2
-736,5
-756,0
19,5 V
-2,6%
Resultaat
0,0
-5,6
-5,6
-36,2
30,5 V
Toelichting afwijkingen exploitatie 2025 op hoofdlijn De grootste afwijkingen in euro's zijn te zien op de programma's 2c, 3a, 3b en 6. In onderstaande tabel zijn de afwijkingen op deze programma's groter dan € 1 miljoen kort toegelicht. In hoofdstuk 2 Programma's worden de afwijkingen per taakveld toegelicht. In hoofdstuk 4.3 Overzicht baten en lasten zijn de resultaten per programma en taakveld in één overzicht weergegeven. Hier lichten we ook de algemene dekkingsmiddelen nader toe en zijn de incidentele resultaten toegelicht. Daarnaast is een analyse opgenomen van de begrotingsrechtmatigheid van de lasten en mutaties in reserves. Uit onderstaande tabel is af te leiden dat het merendeel van de afwijkingen bij Turap 2025 in beeld en gemeld is. Wel is duidelijk dat bij het opstellen van de Turap de hoogte van de afwijking nog niet altijd exact was in te schatten. Conform bestendige gedragslijn wordt de begroting tussentijds niet aangepast op basis van de prognoses, behalve waar de begrotingsrechtmatigheid in het geding is. (x € 1 miljoen)
Afwijking t.o.v. bijgestelde begroting 2025 Jaar (negatief = nadeel; positief = voordeel) Turap Toelichting jaarrekening rekening Programma 2c Sociale stad Voordelen op o.a. gemeentebrede subsidieverantwoording (€ 1,9 miljoen), personele lasten (€ 0,7 miljoen), uitvoeringskosten kinderopvangtoeslagenaffaire welke voormeerdere jaren bestemd zijn Sociale basis en wijkteams 3,4 5,4 (€ 0,6 miljoen), een verrekening met het COA over 2024 (€ 0,5 miljoen) en een positief resultaat van GGD i.v.m. een CAO gerelateerde indexcorrectie en een gedeeltelijke terugbetaling van het positieve jaarrekeningresultaat 2024 van de GGD (€ 0,5 miljoen). Voordeel door hoger definitief BUIG budget 2025 (€ 8,8 miljoen) en minder uitgaven en meer terugbetalingen op BBZ (€ 0,7 miljoen), Werk en inkomen 6,5 6,8 nadeel op participatiewet uitkeringen door gestegen gemiddelde uitkering (- € 3,1 miljoen). Op Jeugd is sprake is van een fors nadeel van € 14,8 miljoen, dat nu grotendeels gecompenseerd is door de nabetaling van € 11,8 miljoen Jeugd -1,1 -2,8 die vanuit de septembercirculaire 2025 is toegekend. Alsnog resteren nadelen op jeugdhulp ambulant (- € 1,3 miljoen) en verblijf (- € 3
10
(x € 1 miljoen)
Afwijking t.o.v. bijgestelde begroting 2025 Jaar (negatief = nadeel; positief = voordeel) Turap Toelichting jaarrekening rekening miljoen). Tevens een voordeel op de regionale middelen Samen voor Jeugd (€ 1,1 miljoen). Programma 3a Woningbouw en fijne wijken Nadeel grotendeels veroorzaakt door benodigde stortingen in de voorzieningen negatieve grondexploitaties (- € 5,4 miljoen), duurzame waardevermindering (- € 1,2 miljoen) op basis van een actuele berekening en een terugstorting van teveel genomen tussentijdse winst (- € 1,1 miljoen) en doordat minder projecturen zijn geschreven Woningbouw -2,6 -5,3 doordat minder is ingehuurd (- € 0,7 miljoen). Hiertegenover staan voordelen door hogere inkomsten op vergunningen van grote projecten (€ 1,6 miljoen) en doordat een deel van de subsidie woningbouwprojecten in 2025 aan de reserve is onttrokken maar in 2026 pas wordt betaald ( € 3,2 miljoen). Programma 3b Bereikbaarheid Voordeel wordt grotendeels veroorzaakt door onderschrijding op diverse onderhouds- en beheerbudgetten (€ 1,0 miljoen). Het in de Bereikbaarheid -2,8 2,2 turap genoemde nadeel door onvoorziene herstelwerkzaamheden aan parkeergarages en een fietsparkeervoorziening is tussentijds met een begrotingswijziging gedekt. Programma 6 Organisatie Actualisatie op basis van mei- september- en decembercirculaire (€ 18,0 miljoen).
Naar aanleiding van de turap is een deel van het Gemeentefonds 14,2 11,4 verwachte voordeel op basis van de septembercirculaire ingezet ter dekking van verwachte tekorten op een aantal programma's (- € 8,2 miljoen). Meeropbrengst, met name parkeerbelasting (€ 2,5 miljoen), Belastingen 3,7 6,7 opbrengsten invordering (€ 0,9 miljoen) en OZB (€ 1,3 miljoen). Voordeel door lagere rentelasten door minder investeringen in de Rente 0,6 1,2 afgelopen jaren (€ 0,6 miljoen) en hoger dan begrote dividenduitkering van de deelnemingen (met name Eindhoven Airport) € 0,6 miljoen. Overige afwijkingen Overige afwijkingen < € 1 miljoen -7,9 4,9 Totale afwijking 14,0 30,6
Financiële positie en balansbeeld De financiële positie eind 2025 is gezond. De ontwikkeling van de kengetallen in 2025 laat zien dat de algemene financiële positie in 2025 nagenoeg ongewijzigd is ten opzichte van vorig jaar. De solvabiliteitsratio, de mate waarin de gemeente in staat is aan haar verplichtingen te blijven voldoen, neemt iets af vanwege de toename van langlopende leningen, maar ligt nog steeds boven het landelijk gemiddelde en de signaalwaarde die op 20% ligt. De structurele exploitatieruimte zien we licht dalen in 2025. Bij de structurele exploitatieruimte betekent een positief percentage dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Kengetal (realisatie)
2021
2022
2023
2024
2025
Rekeningresultaat in % van lasten (incl. mutatie reserves) Solvabiliteit Structurele exploitatieruimte
3,0% 39,4% 8,3%
4,0% 43,8% 11,3%
1,7% 43,0% 8,6%
1,5% 43,9% 5,3%
2,4% 36,6% 5,1%
Bedragen x € 1 miljoen
Balans Activa Vaste activa Immateriele vaste activa (1) Materiele vaste activa (1) Financiële vaste activa (2)
Vlottende activa Voorraden (3) Uitzettingen (< 1jr) Liquide middelen Overlopende Activa
TOTAAL
31-12-2024 1.047,2 260,1 763,1 24,0 201,3
31-12-2025 Balans Passiva 1.358,8 Vaste Passiva 259,8 Eigen vermogen (4) 854,0 Voorzieningen 245,0 Vaste schulden (> 1 jr) 213,2 Vlottende Passiva Netto vlottende
31-12-2024 894,1 548,0 39,5 306,5 354,5
31-12-2025 1.053,4 576,0 31,0 446,4 518,6
21,0
33,0 schulden (< 1jr) (2)
58,4
143,0
126,4 9,6 44,3 1.248,5
110,1 Overlopende passiva 1,1 69,0 1.572,0
296,1
375,6
1.248,5
1.572,0
11
(1) De investeringen zijn toegelicht in paragraaf 3h. Investeringen. Het onderhoud van onze kapitaalgoederen (activa) staat toegelicht in paragraaf 3c. Onderhoud kapitaalgoederen. De begrotingsrechtmatigheid van de investeringskredieten is toegelicht in de jaarrekening onder 4.3.4 Analyse begrotingsrechtmatigheid. We zien dat de vaste activa als gevolg van investeringen en de aankoop van BIC 1 zijn toegenomen, ook de vaste schulden zijn gestegen met name doordat in totaal € 161 miljoen aan nieuwe langlopende leningen is aangetrokken in Q4 2025. (2) In de paragraaf 3d. Financiering wordt meer toelichting gegeven op onze verstrekte en aangetrokken leningen, de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. (3) De voorraden betreft met name onze eigen bouwgronden in exploitaties. Daarover kunt u meer lezen in de paragraaf 3g. Grondbeleid. De voorraden bouwgrond zijn gestegen en daarmee neemt ook het risicobedrag toe, we zien ook dat de solvabiliteit iets is afgenomen ten opzichte van vorig jaar. (4) Het eigen vermogen vormt de beschikbare weerstandscapaciteit. In paragraaf 3b. Weerstandsvermogen en risicobeheersing gaan we nader in op de weerstandscapaciteit in relatie tot de optredende risico’s en zijn de wettelijk verplichte kengetallen opgenomen. De risico's omtrent grond zijn in paragraaf 3g. Grondbeleid nader uitgewerkt.
Het eigen vermogen is toegenomen door het toevoegen van het rekeningresultaat en door de toename van onze bestemmingsreserves. De vermogenstoename van onze bestemmingsreserves in de afgelopen jaren wordt onder andere verklaard doordat we zijn gaan sparen voor strategische investeringen, we meer incidentele middelen ontvangen vanuit het Rijk die we over jaargrenzen heen inzetten, de raad nieuwe reserves heeft ingesteld om de financiën te borgen en omdat door verschillende redenen een gedeelte van onze geplande opgaven doorschuift en we deze middelen reserveren om de opgaven later te kunnen uit te voeren. In de jaarrekening onder 4.2 Balans en toelichting zijn de balansposten nader uitgesplitst conform BBV en leest u meer over de mutaties per balanspost in 2025.
12
2. Programma's 1. Klimaat en weer
Klimaat & Energietransitie De opgave is groot en urgent Neerslagextremen, hittestress en periodes van extreme droogte zijn al lang geen incidenten meer. Sterker nog, we kijken er al bijna niet meer van op als er weer een temperatuurrecord sneuvelt. Wereldwijd is de gemiddelde temperatuur inmiddels al 1,5 °C hoger ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. De effecten van het broeikaseffect doen zich sneller en heviger voor dan lang werd gedacht. Eindhovense doelstelling Eindhoven neemt de verantwoordelijkheid om de stad klimaatbestendig in te richten en om de CO₂.-uitstoot flink terug te brengen. Dit doen we om klimaatverandering tegen te gaan en de negatieve effecten zoveel mogelijk te minimaliseren. Niet voor niets heeft Eindhoven in 2016 al stedelijke CO₂-doelen vastgelegd in een Klimaatverordening. Daarmee was Eindhoven de eerste en voor zover bekend enige stad die klimaatdoelen juridisch verankerde in regelgeving. In 2030 moet de uitstoot van broeikasgassen in Eindhoven ten opzichte van 1990 met minimaal 55% zijn teruggebracht. In 2050 moet deze zijn teruggebracht naar nul. Het huidige bestuur heeft de klimaataanpak als één van de belangrijkste opgaven in het bestuursakkoord gezet.
Aandachtspunten in 2025 waren onder andere het zoeken naar oplossingen voor netcongestie ten behoeve van de transitie naar duurzame energie, het uitbreiden en verder professionaliseren van de aanpak energiebesparing en het inrichten en operationeel krijgen van het publieke energiebedrijf Eindhoven Energie, zodat er een stabiele en goedgevulde projectenportfolio ontstaat. Er zijn op verschillende taakvelden diverse acties ondernomen om de CO2 uitstoot te reduceren; zie voor concrete uitwerking de afzonderlijke taakvelden. Een grote mijlpaal is het vaststellen van het Klimaatplan III (2026-2030) door de Raad en de implementatie van ClimateView in het voorjaar van 2025. De Brainportregio kampt met een vol elektriciteitsnet. Dit belemmert de ruimtelijk-economische ontwikkeling en de verduurzaming van Eindhoven. Onder meer woningbouwplannen, plannen voor voorzieningen, uitbreidingsplannen van het bedrijfsleven en de elektrificatie van warmte en (bedrijfs)processen worden geraakt door onzekerheid over een stroomaansluiting. De onzekerheid wordt verder versterkt door onduidelijkheid over nieuwe regels rondom de prioritering van ontwikkelingen, waarbij een grotere rol gaat liggen voor gemeenten in het aanvragen van stroomaansluitingen. De situatie blijft ondanks tal van investeringen door netbeheerders zeker tot 2033 zorgwekkend.
Dat maakt dat de regio fors inzet op 1) waar mogelijk versnelling van de realisatie van energie infrastructuur en 2) het bewust omgaan met de schaarse transportcapaciteit op het elektriciteitsnet. Afspraken/projecten met hogere overheden, Brainport en netbeheerders TenneT en Enexis worden onder meer gemaakt via de Brainportaanpak netcongestie, het BO Brainport en het Nationaal Meerjarenprogramma 13
Infrastructuur Energie en Klimaat (NMIEK). Daarnaast maken we nu intern en in regionaal verband de gevolgen inzichtelijk van de nieuwe manier van prioriteren voor onze projecten in de stedelijke ontwikkeling. Op basis daarvan wordt een actieplan gemaakt. Emissiereductiepaden uit klimaatplan 2026-2030 verwerkt in de begroting In het Klimaatplan III (2026-2030) die in juni 2025 is vastgesteld is de uitstoot van referentiejaar 1990 opnieuw vastgesteld op 1.379kt CO₂e. Daarmee komt het totale uitstootplafond voor de gehele stad in 2030 uit op 620,6 kt CO₂e. Naast de vastgestelde reductiedoelen verplicht de Klimaatverordening het college om jaarlijks een klimaatbegroting/rapportage op te stellen. De klimaatrapportage (2026 meest recent) vermeldt enerzijds expliciet taakstellingen met betrekking tot de verschillende begrotingsprogramma's en anderzijds een beschouwing op de geboekte resultaten en de komende ontwikkelingen. In de begroting 2026 staan onder meerdere taakvelden CO₂ plafonds in de vorm van effectindicatoren, die per taakveld aangeven of we op koers zijn richting de doelstelling. Dit geldt voor de taakvelden milieubeheer (tv. 7.4), fysieke bedrijfsinfrastructuur (tv. 3.2), onderwijshuisvesting (tv. 4.2), wonen en bouwen (tv. 8.3), verkeer en vervoer (tv. 2.1), sportaccommodaties (tv. 5.2), cultuurpresentatie, productie en participatie (tv.
5.3) en beheer overige gebouwen en gronden (tv. 0.3). In het in juni vastgestelde Klimaatplan III zijn deze emissieplafonds per taakveld opnieuw vastgesteld. Daarbij is rekening gehouden met de verschillende snelheden tussen de taakvelden onderling, terwijl tegelijk het overkoepelende doel van 55% reductie in 2030 onaangetast blijft. Dat betekent dat in deze jaarrekening nog de oude emissieplafonds staan opgenomen.
Hoe staan we ervoor? Het jaar 2024 laat opnieuw een daling van uitstoot zien (dit zijn de meest recente uitstootcijfers, 886 kton in 2024 t.o.v. 934 kton in 2023). Vooral binnen de industrie en de woningen is de daling van het energieverbruik het best zichtbaar. De inzet op verduurzamingsmaatregelen zorgen naar verwachting voor een blijvende daling van uitstoot, al zal deze vanaf 2024 veel minder scherp zijn dan in 2022 en 2023. Dit komt omdat de effecten van de scherpe daling de afgelopen jaren (kleine winstmarge bedrijven en verwarming in woningen lager door hoge energieprijzen) eenmalig zijn en deels zullen wegebben. De voorlopige cijfers voor 2024 lijken dat te bevestigen. Zo is de uitstoot bij industrie en bedrijven verder gedaald van 289 kton in 2023 naar 267 kton in 2024. En is de uitstoot van woningen licht gestegen van 234,1 kton in 2023 naar 236,8 in 2024. Naast deze incidentele ontwikkelingen speelt een andere, langjarige trend mee die een grote invloed heeft op de uitstootontwikkeling. Vanaf 2015 neemt het opgesteld vermogen aan zonnepanelen en windmolens snel toe, met als gevolg een snel schoner wordende emissiefactor voor elektriciteit. Dit zal ook de komende jaren nog een positieve invloed op de uitstootontwikkeling hebben, al zal deze op termijn afvlakken. Momenteel is grofweg de helft van de elektriciteit al CO₂-vrij.
De emissiefactor van elektriciteit is inmiddels zelfs al ruim 60% lager dan in 1990.
14
Data en Monitoring De cijfers in de begroting en in klimaatrapportage (bijlage) komen uit de Regionale Klimaatmonitor van het Centraal Bureau voor de Statistiek, de emissieregistratie van het RIVM en het Nationale Energie VerkenningRekensysteem (NEV-RS). De gehanteerde cijfers zijn specifiek voor Eindhoven. De meest recente cijfers uit de klimaatmonitor komen uit 2023, waar het kan gebruiken we cijfers uit 2024. De uitstoot in 1990, en daarmee ook de doelstelling van 55% reductie ten opzichte van 1990, is vastgesteld met behulp van de emissieregistratie van het RIVM. Een aantal van de cijfers is nog voorlopig. Ook worden cijfers uit eerdere jaren soms aangepast naar aanleiding van nieuwe inzichten, waardoor deze soms kunnen afwijken van rapportages uit eerdere jaren. De Klimaatrapportage 2026 geeft een verdieping op de data rondom de energietransitie en CO₂-uitstoot. Daarnaast geeft de rapportage een samenvatting van de te verwachten ontwikkeling van de broeikasgasemissies en de effecten van lokale en inspanningen gericht op de energietransitie en circulariteit. De volledige klimaatrapportage is ook online te raadplegen: Klimaatrapportage 2026 In het dashboard van ClimateView modelleren we de verwachte uitstoot in 2030 als we onze doelstelling van 55% CO₂-reductie halen en wat we daarvoor moeten doen (Eindhoven - Klimaatactieplan voor 2030).
We kunnen met deze software beter inschatten of onze inspanningen voldoende zijn, waar knelpunten zijn en of we moeten intensiveren. In ClimateView maken we gebruik van dezelfde cijfers als de klimaatrapportage, aangevuld met berekende socio-economische parameters, waarmee een modelmatige toekomstschets van de uitstoot wordt gemaakt. De klimaatrapportage kijkt terug op gerealiseerde uitstoot.
Groen Het thema Groen en Recreatie draagt bij aan het verbeteren en versterken van de biodiversiteit, klimaatadaptatie, identiteit van de stad en de gezondheid van haar inwoners. Deze bijdrage is geleverd door (speel)gazons, kruidenrijke grasstroken, gevelgroen, plantsoenen, bomen, (stedelijk) bos, speelvoorzieningen, parken en natuurgebieden te ontwikkelen en te beheren. Bij de ontwikkeling van de stad trok het thema Groen samen op met thema's als Wonen, Economie, Verkeer, Milieu en Duurzaamheid om te komen tot een leefbare en toekomstbestendige groei van de stad. Bij groenbeheer is nauw samengewerkt met de taakvelden Openbare Ruimte en Water om te zorgen voor een gezonde en leefbare openbare ruimte.
Water Door de klimaatverandering zullen zeer zware regenbuien vaker en heftiger optreden. In alle KNMI-scenario’s nemen de buien toe. Het traditionele rioolstelsel is niet ontworpen om deze grote hoeveelheden neerslag te verwerken. De riolering is bedoeld om bij normale regen het water van wegen en daken af te voeren. Om bij grote hoosbuien schade te voorkomen, zijn aanvullende maatregelen nodig. Dat kan door infiltratie in de bodem, afvoer naar open water en kortdurende berging op straat of in de openbare ruimte. We moeten accepteren dat door toename van hevige buien vaker water op straat zal staan. In het algemeen is het niet acceptabel als water gebouwen in stroomt of doorgaande wegen blokkeert. Tegelijkertijd kennen we ook langere tijden van droogte waarvoor we water willen vasthouden. Per situatie moet de meest effectieve en doelmatige maatregel worden bepaald. Hierin heeft de gemeente een centrale rol. Zij zorgt voor alle regenwater voorzieningen, zowel het traditionele riool als de andere voorzieningen in het openbare gebied. De waterschappen voeren oppervlaktewater af en de verantwoordelijkheid voor het beschermen van hun eigendom tegen indringend water ligt bij de gebouw eigenaren. Schade is nooit helemaal te voorkomen.
Milieu Het thema Milieu en Duurzaamheid draagt bij aan een gezonde leefomgeving. Dat hebben we gedaan door de milieurisico’s en -belasting te beperken en de CO₂-uitstoot stadsbreed te verminderen. Bij milieu betreft het de onderwerpen afval, bodem, geluid, lucht, geur, gevaarlijke stoffen en elektromagnetische straling. Het rijks- en provinciaal beleid maakt water en bodem sturend bij ruimtelijke ontwikkelingen. Met beleid, maatregelen en handhaving heeft Milieu bijgedragen aan de integrale gezonde en toekomstbestendige ontwikkeling van de stad. Het thema Milieu heeft daarmee ook directe raakvlakken met uitwerking van ruimtelijke projecten en is uitgewerkt in het omgevingsprogramma Gezonde Leefomgeving.
15
We hebben gewerkt aan het verminderen van huishoudelijk restafval door het toepassen van nascheiding. We hebben de bodem schoon gemaakt door diverse saneringen en benutten het potentieel van aardwarmte optimaal. Om de lucht in de stad schoner te maken hebben we subsidieregelingen opgetuigd voor de sloop van scooters en oude diesel auto's. Daarnaast is vanaf het najaar van 2025 het houtstookverbod ingegaan. De geluidsbelasting hebben we beperkt door uitvoering te geven aan (sanerings-)regelingen van het rijk voor wegen. We hebben bedrijven aan wettelijke emissie-eisen gehouden, door toepassing van onze bevoegdheden binnen vergunningen, toezicht, handhaving. We hebben de milieubelasting en -beleving in de stad aan de hand van rekenmodellen, meetsystemen, inwonersbeleving gemonitord op het gebied van geluid en luchtkwaliteit en rapporteren daarover. Dit gebruiken we in de keuzes die gemaakt worden in ruimtelijke besluitvorming en hebben we doorvertaald in het programma Gezonde Leefomgeving. Duurzaamheid gaat over de transitie van fossiele energie naar schone en hernieuwbare energie en het zuiniger en slimmer omgaan met grondstoffen, om zo de CO₂-uitstoot drastisch te verminderen. We stimuleren hergebruik van bruikbare materialen uit afvalstoffen, gebruik van circulaire materialen, grondstoffen en producten die gezond zijn voor mens en milieu.
Dat doen we door marktvraag te vergroten, (ruimtelijk) beleid te ontwikkelen en (keten)samenwerking te organiseren. Op strategische wijze werken we toe naar een betrouwbaar en toekomstbestendig energiesysteem, waarbij we steeds minder aardgas gebruiken en woningen laten aansluiten op warmtenetten of warmtepompen. Dit wordt concreet in de proeftuinen aardgasvrije wijken. We faciliteren middels het energiebesparings-programma concrete besparings- en isolatiemaatregelen, met name in de gebieden waar de woningen met de laagste energielabels zijn. We werken samen met de woningcoöperaties om dit alles te bewerkstelligen onder de noemer van het duurzaamheidspact. Op bedrijventerreinen werken we samen met onze bedrijven en ondernemers aan innovatieve oplossingen voor verduurzaming van bedrijfsprocessen en netcongestie. Via de programma’s Slim Verduurzamen Vastgoed en Slim Verduurzamen Gemeentelijke Gebouwen werken we aan de verduurzaming van ons eigen vastgoed. Doelen • Een kwalitatief hoogwaardige groenstructuur met de daarin passende gebruiks- en natuurfuncties . • Optimale riolering • Minimalisering wateroverlast en/of verstoring van de oppervlakte-waterkwaliteit . • Afval wordt goed aangeboden, gescheiden en verwerkt . • Cumulatief beheerste situatie fysieke leefomgeving • Totale CO₂-reductie gemeente Eindhoven . Highlights 2025 uitvoeringsprogramma bestuursakkoord 1.
Versterken van een leefbare, groene en biodiverse stad: het groenplancentrum (o.a. herinrichting Wilhelminaplein), vergroenen van straten (in de bestuursperiode in totaal 90 straten waarvan 41 straten in 2025), en pleintjes. Tevens is bestaand groen versterkt via versnelling herplant bomen en het opstellen van een strategisch groenbeheerplan. Het landgoed De Wielewaal is in september opengegaan voor het publiek. 2. Verbeteren van de gezonde fysieke leefomgeving, specifiek de luchtkwaliteit door uitvoering te geven aan de sloopregeling voor scooters en voor dieselauto’s/bestelbusjes en subsidieregeling rookkanalen. Daarnaast hebben we vanaf het najaar een houtstookverbod ingevoerd. 3. Energietransitie: verder verduurzaming van de gebouwde omgeving o.a. via isolatie, opzetting van (pre-) SMP, opstelling nieuw warmteplan. 4. Klimaat: opstellen Klimaatplan 2026-2030 gericht op reductie met ten minste 55% in 2030 en met ten minste 95% in 2050; en implementatie nieuw instrument voor monitoring en analyse (ClimateOS). 5. Realisatie gemeentelijk Energiebedrijf en vervolgstappen aardgasvrij maken wijken (o.a. Eindhoven NoordOost). 6. Intensiveren van het groenbeheer: extra middelen zijn ingezet voor een inhaalslag van het regulier groenbeheer. Ze zijn ingezet bij uitbreiding en het intensiever gebruik van groen. Tevens is het Beheerkader Groen vastgesteld door het college. 16
7. We planten voor elke nieuwe Eindhovenaar een nieuwe boom conform het bestuursakkoord. Het aantal inwoners is in 2025 met totaal 2.620 toegenomen. In 2025 zijn totaal 10.441 bomen geplant en op gemeentelijke gronden 1.905 bomen gekapt, per saldo een aanwas van 8.536 bomen Financiële kerngegevens Thema Taakveld Groen Openb. groen en (openlucht)recreatie
Lasten 26.854
Baten -1.947
Mut.res. 4.451
Saldo 29.359
Water
Riolering
23.806
-26.747
1.364
-1.577
Milieu
Afval Milieubeheer Begraafplaatsen en crematoria
32.413 25.500 1.582
-34.174 -14.636 -602
-15 5.502 0
-1.776 16.366 981
110.156
-78.105
11.302
43.353
Klimaat en weer
BBV-indicatoren Indicator
peiljaar
NL 100-300
> 300 Eindhoven
Omvang huishoudelijk restafval (kg per inwoner)
2024
148
150
250
208
Hernieuwbare elektriciteit
2022
32,5
18,7
13,9
12,3
Verbonden partijen Eindhoven Airport N.V. Samenwerkingsverband met de provincie Noord-Brabant en Schiphol Nederland BV voor de exploitatie van voorzieningen ten behoeve van de burgerluchtvaart op de militaire vliegbasis Eindhoven. Financiële bijdrage (x € 1.000): 556 Energiebedrijf Eindhoven Met een publiek energiebedrijf heeft de gemeente meer grip op het realiseren van een duurzame, betaalbare en betrouwbare energievoorziening voor inwoners en bedrijven. Het energiebedrijf heeft als opdracht de ontwikkeling, realisatie en exploitatie van energieprojecten en -activiteiten die de publieke belangen in de energievoorziening realiseren en borgen. Financiële bijdrage (x € 1.000): n.v.t. GR Centrum Uitvoering Reinigingstaken Eindhoven en omgeving (CURE) Cure is verantwoordelijk voor de uitvoering van en de samenwerking tussen Eindhoven, Geldrop-Mierlo en Valkenswaard op het gebied van de inzameling en het beheer van huishoudelijke afvalstoffen en daarmee samenhangende taken. Dit gebeurt conform de Wet milieubeheer en het door de gemeente vastgestelde afvalstoffenbeleid.
Cure realiseert dit door te opereren vanuit vier kernwaarden: het streven naar 100% hergebruik van huishoudelijke afvalstromen, het optimaliseren van het serviceniveau voor inwoners, het beheersen en continu verbeteren van de kosten, en het bevorderen van arbeidsparticipatie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Door deze benadering kan afval worden ontwikkeld tot nieuwe grondstoffen, wat bijdraagt aan het vergroten van de werkgelegenheid en het versterken van de circulaire regionale economie. Financiële bijdrage (x € 1.000): 25.346
17
GR Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) De ODZOB voert ten behoeve van de deelnemers taken uit op het gebied van het omgevingsrecht. Als uitvoeringsdienst van het lokaal en provinciaal bestuur levert de Odzob een bijdrage aan het realiseren en borgen van de door de verantwoordelijke overheden in de regio Zuidoost-Brabant aangegeven kwaliteit van de fysieke leefomgeving. De opdrachtportefeuille van de ODZOB is voor circa 60% landelijk opgelegd als verplichte basistaak. De rest van de taken zijn verzoektaken en door de deelnemers ingebrachte budgetten voor collectieve taken en intensivering van taken. Financiële bijdrage (x € 1.000): 2.074
Thema: Groen Openb. groen en (openlucht)recreatie (tv 5.7) Wat hebben we bereikt 1 Een kwalitatief hoogwaardige groenstructuur met de daarin passende gebruiks- en natuurfuncties Een gezonde en klimaatadaptieve stad met een robuuste groenstructuur, die zich van het buitengebied vertakt tot diep in de wijken. Dit groen draagt bij aan biodiversiteit, ontspanning, waterberging, frisse lucht en verkoeling van de hele stad. Effectindicatoren
Realisatie 2024
% inwoners tevreden over inrichting van het groen in de woonomgeving (1)
Begroting
Realisatie
2025
2025
71%
>75%
72%
66%
>75%
68%
+/-
kl: +/-
+/-
91%
≥ 90%
91%
De tevredenheid over de inrichting van het groen blijft stabiel, maar de doelstelling is helaas nog niet behaald. In 2026 doen we nader onderzoek waarover inwoners ontevreden zijn. % inwoners tevreden over onderhoud van het groen in de woonomgeving (1) Ruim twee derde (68%) van de inwoners is tevreden met het onderhoud van het groen. Echter is de realisatie onder de ambitie (75%). Toegezegd is om in 2026 nader onderzoek te doen waarover inwoners in 2025 ontevreden waren. Biodiversiteit soortgroepen (1) Monitoring geeft gemengd beeld: biodiversiteit van planten en insecten nemen af (vermoedelijk door weersextremen) en broedvogels nemen toe. Algeheel is de natuurwaarde licht gestegen, een positief effect door herstelmaatregelen en natuurlijker beheer % inwoners dat jaarlijks een van de grote stadsparken bezoekt (1) De streefwaarde is behaald. De realisatie is al jaren stabiel rond de 90%.
Wat hebben we daarvoor gedaan 1.1 Vergroening van de stad We richtten ons op de verdere vergroening van de stad. Dit gebeurde in de hele stad, onder meer bij onderhoudsprojecten en herinrichtingen. Daarnaast leverden we extra inzet op het vergroenen van het centrum en andere groenarme wijken, en pleintjes.
18
1.2 Vitaal houden beplanting Onderhoud is ingelopen door groenrenovatie en stedelijke bossen extra te onderhouden. Echter voldoet het groen nog niet aan de doelstelling (90% vitaal). Insteek met de intensivering vanaf 2026 is dat het groen eind 2029 aan de doelstelling voldoet. 1.3 Beperkt houden onkruid in groen We hebben onkruid uit het groen verwijderd (voornamelijk beeldkwaliteit basis). In de zomerpiek is de beeldkwaliteit basis niet overal behaald omdat groenaannemer niet overal tegelijk het onkruid kan verwijderen. In 2025 hebben we ons vooral gericht op: • Vergroenen Centrum: Groenplan centrum is voortgezet. Er is progressie in het vergroenen van het kernwinkelgebied, Wilhelminaplein en eerste aanzet van Victoriapark. Het onderhoud is geïntensiveerd vanwege verdichting en het intensievere gebruik van de openbare ruimte. • Vergroenen Wijken: We continueerden het vergroenen van groenarme wijken. Kruidenrijk gras is toegepast en waar mogelijk uitgebreid in alle wijken. Uitgesteld onderhoud is uitgevoerd. De aanpak voor vergroenen van pleintjes is in dec. 2025 vastgesteld door het college. • Versterken Groene Wiggen: We gaven gestalte aan het UP Genneper Parken met o.a. ontwikkeling van het museumpark VONK en omgeving Rijschool De Leeuw tot openbaar park. We continueerden de realisatie van het natuurnetwerk.
• Soortenmanagementplan: Het onderzoeksplan voor het Soortenmanagementplan is bepaald. We hebben de vervolgopdracht geformuleerd en de samenwerking met ecologische adviesbureaus voortgezet. • Realisatie van (inclusieve) speelvoorzieningen: We hebben het Uitvoeringsprogramma Spelen en Sporten in de openbare ruimte opgesteld. Er zijn op meerdere plekken in de stad inclusieve speelvoorzieningen gerealiseerd. Aan de Bolomeystraat werd de eerste rolstoelglijbaan van Nederland geopend. • Vasstellen Beheerkader Groen: Het Beheerkader Groen is vastgesteld door het college en heeft hierover op 11 december 2025 een raadsbrief verzonden. • Uitvoeren integraal onderhoudsprogramma: Met het jaarlijks integraal onderhoudsprogramma is het groen uitgebreid en zijn boomgroeiplaatsen verbeterd. Vanuit thema groen is bijgedragen aan het vergroenen van 41 straten door de thema’s openbare ruimte (12 straten) en water (29 straten). • Landgoed De Wielewaal: In sept. 2025 is landgoed de Wielewaal (deels) geopend tijdens de Lichtbos Vibes. Ter voorbereiding hierop zijn werkzaamheden uitgevoerd om het landgoed toegankelijk te maken. In 2025 is een inhaalslag in onderhoud en beheer uitgevoerd. • Herplant bomen: In plantseizoen 2024-2025 is de aanplant van bomen op locaties waar bomen zijn verwijderd versneld. Het doel was om 700 bomen te herplanten en er zijn 921 bomen herplant.
Wat heeft het gekost x € 1.000
Begr. prim.
Lasten
Begroting
Realisatie
Afwijking
2025
2025 1.205
2025
2025
(nov '24)
(dec '25)
26.177
28.059
26.854
Baten
-640
541
-1.947
2.488
Mutatie reserves
3.056
1.125
4.451
-3.326
Saldo
28.593
29.725
29.359
366
Lasten
Toelichting afwijking exploitatie (x € 1.000)
248
Onderhoud groen en bomen Voor de verwachte overschrijding ad € 600.000 is de begroting gewijzigd (Turap). Uiteindelijk is minder besteed, omdat extra water geven minder nodig was (minder droog weer) en er door een dispuut met een aannemer, minder bomen zijn gesnoeid.
19
Baten
Mutatie reserve
Afwijking I/S Afwijking turap 248 Inc
-600
Lasten
Baten
Mutatie reserve
116
958
-1.058
16 Inc
256
1.966
-2.251
-29 Inc
599
-
-
599 Inc
Overig
-8
-403
-17
-428
SALDO
1.211
2.521
-3.326
406
Toelichting afwijking exploitatie (x € 1.000) Bomencompensatie
Afwijking I/S Afwijking turap
Er is € 1,1 miljoen via de compensatieregeling bomen ontvangen en gestort in de reserve, ingesteld voor dit doel. Toekomstige bestedingen of teruggaven zijn afhankelijk van de in 2025 nog onbekende compensatie. Compensatie volgt vaak binnen enkele jaren. Projecten maatschappelijk nut Groen Groenprojecten waarbij het realisatiemoment afwijkt van de planning, waardoor afwijkingen met gelijke tegenhanger bij de reserve exploitatieprojecten in openbare ruimte met meerjarig karakter ontstaan, die niet leiden tot resultaten per einde van deze projecten. Het project met de grootste afwijking is Bod B5, hiervoor zijn externe bijdragen ontvangen, die nog niet in de begroting 2025 zijn geactualiseerd (+ € 2,0 miljoen, baten). Doorbelaste apparaatskosten Betreft een afwijking op doorbelaste apparaatskosten (voornamelijk personele lasten). Zie hiervoor paragraaf 3e Bedrijfsvoering onderdeel personeelskosten.