CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Gemeenteraad 22 september 2021, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel met nadere toelichting en herzien ontwerp raadsbesluit Integraal Gebiedskader Stadhuisplein10.326 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

integraal gebiedskader stadhuisplein

|1

2 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

voorwoord Het Stadhuisplein is van oudsher één van de belangrijkste Eindhovense pleinen voor evenementen en manifes­taties. In de Verdichtingsvisie Binnenstad is het plein en het omliggende gebied aangewezen als een van de focusgebieden, waar we hoogbouw ruimte willen geven en het openbaar gebied meer kwaliteit. Het Stadhuisplein is onze centrale ontmoetingsplek voor mooie en droevige gebeurtenissen, voor feesten en protesten. Het is een plek waar iedere Eindhovenaar met enige regelmaat komt. Het is dus een plek van ons allemaal. We zien dat het Stadhuisplein toe is aan een nieuwe bladzijde in zijn geschiedenis. Van een plek van ­vooral werken naar een plek van wonen, werken en verblijven. Ook merken we dat het plein door de klimaat­ verandering een van de warmste plekken van de stad is en dat er verkoelingsoplossingen moeten komen. En dat het de plek is waar we veel (toekomstige) stadgenoten een woning kunnen bieden. We weten dat veel mensen in de binnenstad willen wonen. Deze potentie wordt ook gezien door de diverse eigenaren van de panden in het gebied. Zij hebben volop plannen voor onder meer woningbouw rondom het Stadhuisplein. Vanuit de gemeente geven we in dit gebiedskader aan waaraan de plannen moeten voldoen.

We hebben het opgesteld in samenspraak met iedereen die betrokken is bij het Stadhuisplein, zoals huidige en toekomstige bewoners, gebruikers van het plein en overige inwoners van Eindhoven, stedelijke belangenorganisaties, ondernemers uit de binnenstad, pandeigenaren en projectontwikkelaars. We hebben goed geluisterd naar de stad. Naar de vele uiteenlopende meningen, de aangedragen argumenten en de onderliggende belangen. We hebben goed gekeken naar de adviezen van experts. En we hebben een zorgvuldige afweging gemaakt in de dilemma’s die zich hierbij voordoen. Op basis daarvan hebben we een lijn gekozen waarmee we primair kiezen voor het realiseren van zoveel ­mogelijk (betaalbare) woningen en het verbeteren van de verblijfskwaliteit in de openbare ruimte, met name door vergroening. Hiermee voegen we een belangrijke functie en kwaliteit toe aan dit gebied, waarbij we rekening houden met de bestaande functies en belangen in het gebied. We kiezen dus uitdrukkelijk voor de verbinding. Samen bouwen we aan een Stadhuisplein dat een iconische plek gaat worden in onze stad. Yasin Torunoglu Wethouder wonen, wijken, werk en ruimtelijke ontwikkeling

|3

inhoudsopgave A Strategie

6

Inleiding 1. Wat is de aanleiding? 1.1 Context 1.2 Samenspraak 1.3 Begrenzing en ruimtelijke context 2 Ambities voor de toekomst 2.1 Stadhuisplein nu 2.2 Stadhuisplein anno 2040 3 Nieuwe ontwikkelingen 3.1 Ambitieroos 3.2 Concept

9 10 10 12 12 14 14 14 16 16 17

B Uitgangspunten

20

1 Stedelijke inpassing 1.1 Hoogte 1.2 Begane grond 1.3 Daken 1.4 Binnenhoven en fijnmazig netwerk 1.5 Positionering (hoogbouw)volumes op Eindhovense laag 2 Stedelijke uitstraling 2.1 Massa, vorm en samenhang 2.2 Materiaal en kleurgebruik

22 22 28 28 29 31 32 32 34

4 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

3 Cultuurhistorie 3.1 Erfgoed 3.2 Historisch stratenpatroon 4 Openbare ruimte en groen 4.1 Openbare ruimte 4.2 Groen en water 4.3 Kunst in de openbare ruimte 5 Duurzaamheid 6 Mobiliteit 7 Programma 7.1 Wonen 7.2 Plinten 7.3 Plein 8 Leefbaarheid en Veiligheid 8.1 Veiligheid 8.2 Zon en schaduw 8.3 Wind 8.4 Sport en bewegen

36 36 37 38 38 42 43 44 45 46 46 47 48 50 50 50 51 51

C Uitvoering

54

1 Ontwikkelstrategie 2 Businesscase / financiën 3 Ambitieroos 4 Werkwijze

56 57 58 59

|5

6 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

A Strategie

|7

8 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

inleiding Het Stadhuisplein heeft in de loop der tijd ingrijpende veranderingen ondergaan. Het is een historisch gelaag­ de plek die nu toe is aan de volgende transformatie. Met deze transformatie voegen we een nieuwe laag toe aan de geschiedenis van de plek die van groot belang is voor de huidige en toekomstige inwoners van Eind­ hoven. Onze kernwaarden technologie, design en kennis (TDK) geven daarbij richting aan de herontwikkeling op en rond het Stadhuisplein. Omdat hier sprake is van een ontwikkeling in het bestaande weefsel van de stad, is er bewust gekozen voor een kader, en geen plan. We hebben voor de doorontwikkeling van het Stadhuisplein veel verschillende par­ tijen nodig. Er is een grote behoefte aan nieuwe woningen en veel mensen willen in de binnenstad wonen. Er zijn diverse eigenaren en ontwikkelende partijen die graag aan de slag willen rondom het plein. Het integraal gebiedskader maakt inzichtelijk waar in het gebied ontwikkelpotentie zit en welke voorwaarden hierbij gel­ den. Op deze manier nodigen we uit tot nieuwe ontwikkelingen.

|9

1

Wat is de aanleiding? 1.1 Context Verdichtingsvisie In de Verdichtingsvisie Binnenstad (2020) is een aantal locaties aangewezen als focusgebied. Deze locaties zijn zorgvuldig geselecteerd op basis van een inschatting op welke plekken de toename van de verblijfskwaliteit en de beleefbaarheid van de stad het grootst kunnen zijn. De locaties zijn kansrijk omdat ze zich ruimtelijk uitermate goed lenen voor verdichting, vanwege de grootte van de kavels of de ligging aan een binnenhof of plein. Deze grotere locaties bieden kansen om met een samenhangende ontwikkeling een meerwaarde te creëren voor de stad. Om binnen een focusgebied de ontwikkelingen in samenhang te kunnen laten plaatsvinden, wordt hiervoor een gebiedsvisie of een stedenbouwkundig plan opgesteld. Of zoals in dit geval een ­integraal gebiedskader, waaraan alle bouwplannen getoetst kunnen worden. Verdichting is mogelijk volgens de principes van de Eindhovense laag - Brainport laag. De ­Eindhovense laag is de laag die je op ooghoogte ziet en ervaart als je door de Binnenstad loopt. Het verwijst naar de menselijke maat. Nota van Uitgangspunten Om inzichtelijk te maken welke aspecten er van belang zijn op en rondom het Stadhuisplein is er eerst een Nota van Uitgangspunten opgesteld. Deze geeft een overzicht van bestaand beleid, richtlijnen, uitgangspunten en ambities.

Denk hierbij aan de uitgangspunten uit het vastgesteld woonprogramma (2020), maar ook ambities voor vergroening van de Binnenstad. De vele ambities dwingen tot het maken van keuzes. Ruimtelijk Kader Er zijn meerdere invullingen denkbaar voor de toekomst van het Stadhuisplein. Om het gesprek over de ambities voor het plein goed te kunnen voeren, is na het opstellen van de Nota van ­Uitgangspunten een Ruimtelijk kader Stadhuisplein met drie varianten opgesteld. Hierbij is ook gebruik gemaakt van de concept-gebiedsvisie die in 2019 door MVRDV is opgesteld. De varianten laten drie oplossingsrichtingen zien die ieder een ander beeld oproepen. De varianten zijn geen uitgewerkte ontwerpen, maar ze laten vooral zien welke keuzes er gemaakt kunnen worden en wat de consequenties hiervan zijn. Deze varianten zijn besproken met de ­gemeenteraad. We willen de bestaande kwaliteiten behouden en versterken en hierbij gebruiken we de Historisch ruimtelijke analyse (Van Meijel c.s., 2021) als basis. Dit is een onderzoek dat door een onafhankelijk bureau is uitgevoerd naar de cultuurhistorische waarden.

10 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

| 11

1.2 Samenspraak Om een goede afweging van belangen te kunnen maken, is een samenspraakproces doorlopen waaruit een brede betrokkenheid van de stad is gebleken. Omwonenden, toekomstige bewoners, gebruikers van het plein (skaters, evenementenorganisatoren, bezoekers stadhuis etc.) en overige inwoners van Eindhoven, stedelijke belangenorganisaties, ondernemers uit de binnenstad, pandeigenaren en projectontwikkelaars hebben via onder meer een online enquête, gesprekken en social media meegedacht over de toekomst van het Stadhuis­ plein en omgeving. De resultaten zijn te lezen in de rapportage ‘Op weg naar het Stadhuisplein van de toekomst’. Daarnaast is met klankbordgroepen van belangenorganisaties, bewoners en initiatiefnemers gesproken waarover in het verslag samenspraak Integraal Gebiedskader Stadhuisplein is gerapporteerd. De opbrengst van de samenspraak, de ruimtelijke analyse van Van Meijel, de concept-gebiedsvisie uit 2019 en de uitspraken van de raad over het ruimtelijke kader zijn als input gebruikt voor dit gebiedskader.

1.3 Begrenzing en ruimtelijke context Aan de zuidzijde is de Dommel als grens opgenomen. Aan de oostzijde Stratumseind en aan de noordzijde de Kerkstraat. Aan de westzijde loopt de begrenzing over Wal, Waagstraat en Paradijslaan tot aan de Dommel. Het Stadhuisplein is gepositioneerd aan de rand van het centrum en staat in directe verbinding met het ­Stratumseind, de binnenring rondom het centrum, de Dommel en met de Catharinakerk.

12 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

at

ra st rk

Ke

Str atu m

nh ne

gij Be

sei

nd

of

js di ra Pa n

g

a Wa

ht

l Wa

laa

t aa str

s

h

d Sta

tad eS

n

lei

p uis

ac gr

d

Ou

l Wa

Paradijslaan

Legenda Grens plangebied Bebouwing plangebied Bebouwing omgeving Stadhuis

Begrenzing plangebied

| 13

2

ambities voor de toekomst 2.1 Stadhuisplein nu Het Stadhuisplein is in zijn huidige opzet in de loop van de 20ste eeuw ontstaan. De wanden worden gekenmerkt door monolitische gebouwen met weinig uitnodigende gevels. Naast enkele monumentale panden zijn er weinig herkenbare of bijzondere, identiteitsbepalende architectonische kwaliteiten aan te wijzen. Toch vormt de bebouwing rondom het Stadhuis­ plein een ensemble. Daarnaast is het plein en de bebouwing eromheen op dit moment ook vrij ­monofunctioneel. Er is vooral ruimte om te werken in de gebouwen en ruimte voor evenementen en demon­ straties op het plein. Het Stadhuisplein is rijkelijk voorzien van beeldende kunst in de openbare ruimte, deels gemuteerd, deels verscholen. De urban sporters geven levendig­ heid aan het plein. Het autoverkeer rijdt over het plein richting de ingang van de openbare parkeer­garage, het Stadhuis en de Oude Stadsgracht en de Begijnenhof. Enkele panden aan de noordzijde van het plein zijn recent gesloopt. Het is één van de heetste plekken in de stad en het ontbreekt aan voldoende groen en ‘verblijfskwaliteit’.

2.2. Stadhuisplein anno 2040 In 2040 is het Stadhuisplein een unieke en aansprekende plek in de binnenstad van Eind­ hoven, waar veel Eindhovenaren met plezier wonen en waar bezoekers graag verblijven. Rondom het plein is nieuwe bebouwing toegevoegd die als ‘tribune’ rond het ‘toneel’ van stadhuis en plein staat. De gebouwen hebben een bijzondere architectonische uitstraling en vormen samen de wanden van het nieuw ingerichte Stadhuisplein. Er is veel ruimte ge­ creëerd om te wonen, voor alle doelgroepen en er wordt nog steeds gewerkt rondom het plein. Binnenhoven en slim ontworpen gebouwen nodigen uit tot ontmoeten en zorgen voor sociale cohesie. De daken zijn toegankelijk voor bewoners en bezoekers. Het is een bijzon­ dere plek om te wonen en te verblijven. Het Stadhuisplein is nog steeds het plein van de democratie. De plek voor ontvangsten, de­ monstraties, vieringen en evenementen. Het plein ligt in een groene omgeving en nodigt uit om te verblijven, te bewegen en te ontmoeten. Het is een visitekaartje voor de stad. Bomen, plantvakken, gevelgroen en open water zorgen ervoor dat het een prettige plek is om te zijn, (urban) sporters, terrasjes en maatschappelijke voorzieningen op de begane grond van de gebouwen (plinten) zorgen voor levendigheid.

14 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Anno 2040 staat het stadhuis nog steeds in de hoofdrol op het toneel en neemt het een centrale positie in tussen alle nieuwe ontwikkelingen. In de tuin op het dak staan mensen te genieten van het uitzicht. Het ­groene decor van de Dommel omzoomt het stadhuis en vormt één geheel met het plein. De Dommelzone is een rustige plek in de stad. De Wal is voorzien van bomen en ander groen. Fietsers en voetgangers bepalen het straatbeeld. Naast de (deel)auto kun je ook je fiets gemakkelijk parkeren. Voetgangers vinden via de groene binnenhoven routes naar omliggende straten. De Begijnenhof zorgt voor een prettige verbinding tussen het stadhuis en de rest van de binnenstad. Het is een aangenaam straatje tussen plein en kerk. Hier heeft de kunst in de openbare ruimte volop aandacht ge­ kregen in een groene setting. Ook de Oude Stadsgracht kleurt groen. Het stratennetwerk met het stoep-straat-stoep principe knoopt de doorgaande routes aan elkaar en omzoomt het plein. Anno 2040 is het Stadhuisplein de plek waar heel veel inwoners en bezoekers hun ­­­ ‘Groeten uit Eindhoven’-selfie maken, een fijne en iconische plek in het hart van de Brainport-regio.

| 15

3

nieuwe ontwikkelingen 3.1 Ambitieroos We bouwen verder aan de bestaande stad. Maar hoe gaan we dit sturen? Dat doen we aan de hand van de in de Verdichtingsvisie Binnenstad geïntroduceerde ambitieroos. Deze visualiseert onze ambities. Stedelijke inpassing

Veiligheid

Stedelijke inpa

Stedelijke uitstraling

Cultuurhistorie

Programma

Veiligheid

Programma

Groen

Mobiliteit

Duurzaamheid

Mobiliteit

Duurzaamhe

Ambitieroos voor het Stadhuisplein

Plan Stadhu Voldoende k

Voor het Stadhuisplein zien we veel kansen om te excelleren op programma, stedelijke uitstraling en groen. Door de royale afmetingen van het plein en de kavels eromheen is er veel ruimte om juist op deze locatie woningen toe te voegen. Daarbij streven we naar circa 1.000 nieuwe woningen. Door een goede invulling van de plint en programmering van het plein ontstaat er een beter verblijfsklimaat. Deze nieuwe ontwikkelingen kunnen daarmee invulling geven aan een nieuw eigentijds en herkenbaar ensemble rondom het plein. Het Stadhuisplein krijgt zo de uitstraling die het verdient. We zetten in op minder verharding en meer groen, ook aan en op gebouwen. We gaan rigoureus vergroenen voor een gezond verblijfsklimaat en een aantrekkelijk verblijfsgebied.

16 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

3.2 Concept Het Stadhuisplein is de plek in de stad voor grootschalige evenementen en manifestaties. Het Stadhuis is een bijzonder en belangrijk gebouw van de stad. Dat maakt het Stadhuisplein en de omgeving ook voor­ naam. Om het Stadhuis en zijn plein de uitstraling te geven die daarbij hoort, geven we ruimte aan nieuwe ­ontwikkelingen. Het Stadhuisplein kent in zijn huidige opzet twee karakters. Aan de ene kant staat het Stadhuis met voor­ uitgeschoven laagbouw en terug liggende toren als belangrijkste element óp het plein, tegen een groene achtergrond van de Dommel. De andere zijdes kennen juist meer een gesloten bebouwing met meer massa en uniformiteit. Dat onderscheid willen we meer versterken en als aanleiding gebruiken bij de doorontwikkeling van het Stadhuisplein en zijn omgeving.

Het toneel en de tribunes Het concept van het toneel en de tribunes geeft ruimte om rondom het plein tot nieuwe ontwikkelingen te komen: ▪ We bouwen verder aan de bestaande stad. ▪ Het stadhuis blijft het belangrijkste gebouw. ▪ Het plein blijft het toneel van evenementen en manifestaties. ▪ Het groene decor van de Dommel kan worden versterkt. ▪ Er ontstaat een nieuw ensemble van gebouwen. ▪ Er is ruimte voor verschillende vormen van ontwikkeling: groot en kleinschalig. ▪ Er is ruimte voor grote diversiteit aan woningtypes. ▪D  e opzet van een tribune nodigt uit tot gezamenlijke voorzieningen, bijvoorbeeld ­gemeenschappelijke dakterrassen. ▪ Er is ruimte voor fasering.

Het Stadhuisplein is het toneel, dat zich in een groene omgeving bevindt. We kiezen voor een groene herin­ richting met een verhard plein erin voor de grote evenementen. Het nieuwe plein nodigt uit om te verblijven, te bewegen en te ontmoeten. In dit concept staat het Stadhuis als het ware op het toneel met een groen landschappelijk decor van de Dommelzone als achtergrond, terwijl de bebouwing aan de andere zijdes van het plein de tribune rondom dit toneel vormt. Aan de zijde van het Stadhuis vindt geen verdichting plaats. Het Stadhuis is en blijft dus de blikvanger op het plein waarbij de tribunes eromheen een ensemble vormen.

| 17

De tribunes kunnen vormgegeven worden doordat er vanuit de bestaande en nieuwe bebouwing in de Eind­ hovense laag een invulling gegeven wordt aan de Brainport laag (conform de Verdichtingsvisie Binnenstad). Door het toevoegen van meerdere of samengestelde volumes in de Brainport laag ontstaat er een nieuw en­ semble. Welke voorwaarden hieraan verbonden zijn, staat verderop in deel B van het integraal gebiedskader.

De tribune en het toneel (bron: Eindhoven Stadhuisplein: Historisch Ruimtelijke Analyse, Van Meijel, 2021)

Tribune rondom het Stadhuis

18 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

B

uitgangspunten

20 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

| 21

22 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Overzichtskaart Deze kaart geeft een overzicht van de belangrijkste uitgangspunten voor de herontwikkeling van het gebied rondom het Stadhuisplein. De verschillende thema’s wor­ den in de hierop volgende hoofdstukken verder toegelicht. Legenda Pleinvlak

Daken EHV laag vergroend

Pleinzoom

Zoekgebied groen binnenhof

Plek

Nieuwe verbindingen

Openbare ruimte vergroend

Stadhuis

Dommelzone

Zoekgebied Brainportlaag

Stedelijke ruimte

Overige kansen Brainportlaag

Kansrijke monumenten

| 23

1

stedelijke inpassing 1.1 Hoogte Het uitgangspunt voor nieuwe ontwikkelingen rondom het Stadhuisplein zijn de principes zoals opgenomen in de Verdichtingsvisie Binnenstad.

De Brainport laag Nieuwe herkenbare Brainport identiteit

DE BRAINPORT LAAG

Nieuwe herkenbare Brainport ide

PUB

L I E K PUB

LI

EK

De Eindhovense laag DE EINDHOVENSE LAAG Versterking van de

Versterking van de bestaande sta ­bestaande stad

Uitgangspunten Eindhovense laag en Brainport laag (Bron: Verdichtingsvisie Binnenstad, 2020)

24 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Eindhovense laag De Eindhovense laag heeft doorgaans een maximale hoogte van 17,5 meter. Rondom het Stadhuisplein geldt dat er al sprake is van hogere bestaande bebouwing. Daarom heeft de Eindhovense laag hier een m ­ aximale hoogte van 20 meter. Bestaande bebouwing mag worden opgehoogd tot 20 meter, of er kan nieuwbouw ­g­erealiseerd worden in de Eindhovense laag.

Legenda Structurerende lijn EHV laag Harde rooilijn Bouwvlak EHV laag Stadhuis

Indicatie bouwvlak Eindhovense laag

| 25

Brainport laag Het Stadhuisplein is groot en ruim van opzet. Daarom is juist hier ruimte om volume toe te voegen. Met name in de Brainport laag. Het concept van de tribune rondom het Stadhuis als belangrijkste gebouw op het plein geeft richting aan de invulling van de Brainport laag.

De tribune kan naar achteren hoger worden

Het Stadhuisplein ligt aan de Wal. De Wal maakt onderdeel uit van de binnenring rondom de Binnenstad en heeft al een lange geschiedenis van ontwikkelingen, die een schaalsprong betekenen ten opzichte van de dan bestaande maat: van de eerste Philipsfabriek naar de Witte Dame, van de Witte Dame naar de Regent en de Admirant. Het concept van een tribune geeft veel ruimte om volume toe te voegen. Een hoogte van 160m (XXL), zoals genoemd in de Verdichtingsvisie Binnenstad voor het focusgebied Stadhuisplein, past niet in dit concept, omdat dit om onderlinge afstemming vraagt en geen solistische gebouwen. Voor de binnenring geldt op basis van de Verdichtingsvisie Binnenstad een maximale bouwhoogte van 105 meter (XL). Die hoogte vinden we ook passend op het Stadhuisplein. Wel achten wij het denkbaar dat een heel goed plan hoger dan de gestelde maximale hoogte uit kan komen. Indien hiermee belangrijke extra kwaliteit toegevoegd kan worden (bijv. in de vorm van het realiseren van veel extra betaalbare woningen of een bijzondere architectuur), zou het college hieraan medewerking kunnen verlenen. Mede op basis van de diversiteit van meningen vinden we dat dit recht doet aan het debat, dat heeft plaatsgevonden in de stad. Per ontwikkeling wordt gekeken wat het juiste plan voor die locatie is.

Daarbij geldt het concept van de ­tribune als uitgangspunt, maar ook de bestaande bebouwing en structuur van de omgeving zijn hierin be­ palend. Deze aspecten bepalen samen de bebouwingsmogelijkheden in de Brainport laag. Het karakter en de uitstraling van de Begijnenhof worden bepaald door de Catharinakerk. Dat moet ook zo blijven. Hoogbouw dicht bij dit rijksmonument is niet acceptabel. De ruimtelijk verbinding tussen de Cathari­ nakerk en het Stadhuis moet ook voor de toekomst behouden blijven. Dit vraagt om een juiste invulling van de Brainport laag ter hoogte van deze zichtas. Daarnaast moet hoogbouw aan de noordzijde van het Stadhuis­ plein altijd zorgvuldig ingepast worden in afstemming met de Catharinakerk.

26 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Legenda Aansluiting bestaande bebouwing Zichtas Kerk - Stadhuistoren Binnenring Zoekgebied Brainportlaag Stadhuis

Uitgangspunten Brainport laag

Voor het pleintje aan de Oude Stadsgracht geldt dat deze ook een eigen karakter heeft. De bestaande ­(gemeentelijke) monumenten bepalen hier de uitstraling in combinatie met het vergroende maaiveld. Om te verdichten zijn er alleen aan de noordzijde van de Oude Stadsgracht mogelijkheden.

| 27

Tribunes door samengestelde volumes vanaf linksboven: Galaxy Tower van ArchitektenCie, Eureka van Mix Architectuur, Nacka Port van Kjellander Sjoberg1

Hoogbouw is mogelijk in de zoekgebieden die aangegeven zijn op de kaart uitgangspunten Brainport laag (zie pagina 25). Daarbuiten is alleen verdichting mogelijk conform de uitgangspunten van de Verdichtingsvisie Binnenstad, zoals het suikerklontjes principe (bijzondere kleinschalige verdichting boven op de Eindhovense laag). Dit principe wordt nader toegelicht in de Verdichtingsvisie Binnenstad. Voor een aantal locaties (met een ster aangeduid op onderstaande afbeelding) geldt dat deze bijzonder kans­ rijk zijn doordat zij een meerwaarde voor de stad kunnen vormen. Dat kan doordat de locatie vraagt om een verbetering, maar bijvoorbeeld ook omdat er ­programmatisch kansen liggen. Aspecten als bezonning, cultuurhistorie en de bestaande ruimtelijke structuur bepalen de maximale bouw­ hoogte per initiatief. Deze ontwikkelingen zijn altijd maatwerk.

1 | De getoonde referentiebeelden voldoen niet aan alle uitgangspunten in dit kader, maar dienen ter inspiratie.

28 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Legenda Aansluiting bestaande bebouwing Pleinruimtes Overige kansen Brainportlaag Kansrijke monumenten Stadhuisplein

Overige kansen in de Brainport laag

Uitgangspunten ▪ In de Brainport laag staan we hoogbouw of andere bijzondere manieren van verdichting toe. ▪ Het uitgangspunt van de tribunes heeft als logisch gevolg dat de invulling van de Brainport laag altijd op de tweede linie gebeurt. Naarmate de afstand tot het plein groter wordt, kan de bebouwing ook hoger zijn, met oog voor de impact op de Catharinakerk en op aansluitende bestaande bebouwing. ▪ Plannen die afwijken van de gestelde hoogte maar wel een belangrijke meerwaarde voor de stad op kunnen leveren, kunnen worden voorgelegd aan het college van B&W ter afweging.

| 29

1.2 Begane grond De begane grond van de Eindhovense laag moet bijdragen aan de aantrekkelijkheid van het gebouw en moet gericht zijn op de openbare ruimte en de gebruikers van het gebouw. De plint maakt het aantrekkelijk om in het gebouw te wonen, werken of te verblijven. Uitgangspunten ▪D  e plint heeft voldoende hoogte (min. 4,5m) en uitstraling om een divers programma te kunnen huisvesten. Ook voldoende draagkracht van de vloeren draagt bij aan een toekomstige programmatische flexibiliteit. ▪D  e plint direct rondom het Stadhuisplein heeft een aantrekkelijke en/of openbare invulling. Zie ook hoofd­ stuk 7 over programma. ▪ Veel ingangen en transparantie van de begane grond zorgen voor activiteit en veiligheid. Transparantie is essentieel voor het gevoel van levendigheid aan het plein. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om gevels af te sluiten of af te plakken. Afscherming door ‘groene’ toepassingen zijn in overleg wel mogelijk. ▪ Ondersteunende voorzieningen voor bergingen en (fietsen)stallingen, afval, nutsvoorzieningen worden ingepast binnen de architectuur van het gebouw.

1.3 Daken We willen daken in de binnenstad activeren. Een kaal of ongebruikt dak is ongewenst. Bestaande en nieuwe daken krijgen een groene en waterbergende functie, waar mogelijk in combinatie met aantrekkelijke en rele­ vante functies zoals bewegen, verblijven, ontmoeten of energie. Bij het onderzoeken van windhinder is hinder op de Eindhovense laag een aandachtspunt. Het activeren van daken geldt voor zowel de Eindhovense als de Brainport laag.

Activeren van daken van de Eindhovense laag

30 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Uitgangspunten ▪ Daken leveren extra gebruiksruimte op. ▪ Bij bestaande en nieuwe gebouwen krijgen daken van de Eindhovense laag een functie, voor groen en bio­ diversiteit, waterberging, sport en spel, indien mogelijk gecombineerd met energieproductie. Dat geldt ook voor de daken van monumenten mits zorgvuldig ingepast. De eerste verdieping van de Brainport laag kan ingevuld worden met een publieke functie. ▪ Een opbouw in de vorm van een paviljoen is toegestaan, als het bijdraagt aan de toegankelijkheid en de groene beleving van het dak. ▪ Terrassen en balkons worden groen ingericht en hebben zicht op publieke ruimten als straten, pleinen en parken. We streven naar veel gevelgroen. ▪ Technische zaken (zoals liftschachten, klimaat- en glazenwasinstallaties) zijn aan het zicht onttrokken of geïntegreerd in de architectuur. ▪ Dakranden zijn óf stevig groen zichtbaar vanuit de openbare ruimte óf architectonisch geïntegreerd in de gevel. ▪ Collectieve daken, daktuinen en publiekstrekkende functies op hoogte zijn vanuit de open­bare ruimte toe­ gankelijk via publieke trappen, liften of hellingbanen. Deze behoren tot het gebouw en vallen ­onder beheer van de pandeigenaar. (zie ook afbeelding onder 1.4) ▪ In de bovenste verdieping van de hoogbouw kan ook een publiek programma gerealiseerd worden.

1.4 Binnenhoven en fijnmazig netwerk We willen een binnenstad die bereikbaar en toegankelijk is. Dit betekent dat de doorwaadbaarheid van bouw­ blokken door bijvoorbeeld paden of straten gewaarborgd blijft. Een fijnmazig netwerk, met levendige plekken en ontmoetingsruimten draagt bij aan een sociaal veilige omgeving. Ook bij grote nieuwbouwvolumes moet het gebouw en zijn interne en externe openbare ruimte doorwaadbaar en toegankelijk blijven. Groene binnen­ hoven en pleinen zijn voor publiek toegankelijk, in overleg met de eigenaren.

Groene gevels en binnenhoven, Medina Eindhoven

| 31

Legenda Slowlane Fietsroute Looproute Nieuwe verbindingen Binnentuin indicatief Trappen indicatief Daken EHV laag vergroend Stadhuis

Fijnmazig netwerk met groene binnenhoven voor voetgangers

Toegankelijk maken van daken

Uitgangspunten ▪D  e straten sluiten aan bij het netwerk en de inrichtingsconcepten van de herinrichting van de binnenstad. Dit moet leiden tot een openbaar toegankelijk en fijnmazig voetgangersnetwerk. ▪B  ij blokken met een breedte > 70m dient een nieuwe doorgang gemaakt te worden. ▪N  ieuwe toegangen naar de binnenhoven dienen over de gehele hoogte van de Eindhovense laag gemaakt te worden met een minimale breedte van 5m. ▪ Vanuit sociale veiligheid zijn binnenhoven en openbare daken goed verlicht, vanaf meerdere hoeken ­zichtbaar en indien nodig ‘s avonds afsluitbaar te zijn.

32 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

1.5 Positionering (hoogbouw)volumes op Eindhovense laag Om ervoor te zorgen dat het onderscheid tussen de Eindhovense laag en de Brainport laag goed voelbaar is, is een zorgvuldige plaatsing van de volumes op de Eindhovense laag van groot belang. Door gebruik te maken van setbacks en/of verdraaiingen boven op de Eindhovense laag ontstaat er ruimte voor een geactiveerd dak op deze laag. Samengestelde volumes geven invulling aan het tribuneprincipe. De hoogbouw in de Brainport laag respecteert daarbij de aanwezige zichtlijnen in het historische straten­ patroon. De zichtlijn Catharinakerk - Stadhuis is daar een belangrijk voorbeeld van. Uitgangspunten ▪N  ieuwe volumes in de Brainport laag mogen niet in dezelfde rooilijn als de Eindhovense laag worden ­geplaatst. Deze nieuwe volumes liggen altijd op de tweede linie. ▪ Nieuwe volumes dienen altijd met een setback of verdraaiing op de Eindhovense laag geplaatst te worden. ▪ Overkragingen (overhangende bouwdelen) ten opzichte van de eronder staande Eindhovense laag zijn ­mogelijk, maar mogen aan de zijde van het Stadhuisplein niet overheersen. Aan deze zijde blijven ze beperkt tot een incident, bijvoorbeeld ten behoeve van de toegankelijkheid van een openbaar dak. ▪D  e Eindhovense laag kan ook lege delen/open ruimte hebben onder een nieuw volume in de Brainport laag.

▪D  e oriëntatie van de rooilijn van de Brainport laag kan afwijken van de rooilijn van de Eindhovense laag als dit leidt tot een kwalitatief beter plan. ▪ Toevoegingen in de zogenaamde suikerklontjes typologie dienen aan alle zijden voorzien te zijn van een setback. Er is sprake van een alzijdig ontworpen opbouw. De grootte van de setback is afhankelijk van de ligging en het karakter van de bebouwing in de Eindhovense laag.

| 33

2

stedelijke uitstraling 2.1 Massa, vorm en samenhang De Brainport laag geeft ruimte voor verdichting. Daarin is de balans tussen diversiteit in uit­ straling en het zoeken naar een nieuw ensemble de belangrijkste uitdaging. Er is ruimte voor diverse vormen van architectuur. Samen geeft de bebouwing invulling aan de tribune rondom het Stadhuis en het Stadhuis­ plein en vormt een ensemble dat een bijzondere toevoeging is aan de verdichtingsopgave in de binnenstad. Uitgangspunten ▪ Monolieten (grote eenvormige massa’s) zijn niet toegestaan. Zowel in de invulling van de Brainport laag als de Eindhovense laag. ▪ Zowel de bebouwing in de Eindhovense laag als hoogbouwvolumes zijn alzijdig ontworpen. ▪ Er is een architectonisch onderscheid tussen de Eindhovense laag en de Brainport laag. ▪ Een diverse collectie van vormen, gevels en materialen met diverse hoogtes geeft invulling aan de tribunes rondom het Stadhuisplein. ▪ De vorm en gevel van gebouwen mogen gevarieerd zijn. Samen vormen zij een ensemble. ▪ De sprong van groot naar klein wordt niet in een keer gemaakt, de overgangen zijn ­genuanceerd. Er is sprake van een gelaagde volumeopbouw. ▪ Nieuwbouw in de Eindhovense laag zoekt in maat en schaal aansluiting bij de bestaande stad. ▪ De architectuur is hoogwaardig naar het oordeel van de supervisor en de commissie ­ruimtelijke kwaliteit.

Ensemble Een ensemble is een verzameling van verschillende gebouwen die samen toch een groep vormen. De samenhang in het ensemble komt tot stand door vormentaal, hoogte, kleur, verhouding, materialen en/of architectuurstijlen. De gebouwen vormen samen een stedebouwkundige compositie.(PM bron)

34 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Hyde Park, Hoofddorp, Barcode architects

Naturalis, Leiden Neutlings Riedijk Architecten

Hyde Park, Hoofddorp, Barcode architects

Vander Park, Moskou, Architekten Cie

Vertical City, Jakarta, MVRDV

Wonderwoods, Utrecht, MVSA Architects

| 35 Waterlandplein, Amsterdam, Architecten Cie

2.2 Materiaal en kleurgebruik De Eindhovense laag heeft een samenhangend herkenbaar beeld van maaiveld tot dakrand. De kleuren en materialen van de volumes in de Brainport laag staan in contrast met het materiaal- en kleurgebruik van de Eindhovense laag. Beide lagen hebben een andere, eigen uitstraling. Uitgangspunten ▪ Verschillende gevelstructuren binnen een tribune zorgen voor afleesbaarheid van de verschillende volumes. Dat wil zeggen dat de volumes los van elkaar te onderscheiden zijn of herkenbaar als verschillende volumes. Daarbij is aandacht voor de balans tussen contrast en overeenkomst. ▪N  ieuwbouw heeft een eigentijdse materialisatie en onderscheidt zich van bestaande bebouwing. ▪ We maken gebruik van materialen die niet schadelijk zijn voor mens en milieu. Er is aandacht voor de oor­ sprong van de materialen en het toekomstig hergebruik. ▪ Om het contrast tussen de Eindhovense laag en de Brainport laag te versterken, kunnen verschillende kleu­ ren en materialen gebruikt worden. Ook het wel of niet vergroenen van delen van de bebouwing kan hier een bijdrage aan leveren. ▪ We zien groene gevels als een toegevoegde waarde. Ook is er aandacht voor natuur inclusief bouwen.

De verticale stad Het principe van de verticale stad geeft de kans om te verdichten in de binnenstad met de menselijke maat als uitgangspunt. Door het stapelen van buurten ontstaat er ruimte voor individualiteit én collec­ tiviteit. Een grote diversiteit aan typologieën geeft antwoord op individuele woonwensen binnen een structuur die uitnodigt om te ontmoeten. Daarnaast is er ruimte voor vergroening, ook op hoogte. De verticale stad kan groeien en veranderen gedurende de tijd.

36 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

| 37

3

Cultuurhistorie Voor het Stadhuisplein is een historisch ruimtelijke analyse opgesteld door Van Meijel. ­Diverse aanbevelingen uit dat rapport zijn verwerkt in specifieke uitgangspunten in dit ­kader. Naast in dit hoofdstuk, zijn ze ook verwerkt in hoofdstuk 1 en 2.

3.1 Erfgoed In de directe omgeving van het Stadhuisplein liggen enkele monumenten en cultuur­ historische panden. Het uitgangspunt is dat monumenten niet worden opgetopt. Als er spra­ ke is van een uitzonderlijk plan dat zorgt voor meerwaarde voor de stad en het monument, dan kan dit ter overweging voorgelegd worden aan het college van B&W. Uitgangspunten ▪ Mits zorgvuldig ingepast is het activeren van de daken van monumenten mogelijk, evenals vergroenen en toevoegingen voor duurzame energievoorzieningen. ▪ Bij ontwikkelingen bij monumenten of cultuurhistorische panden moet het pand altijd autonoom herkenbaar blijven. ▪ Het is bij monumenten en cultuurhistorisch waardevolle panden wenselijk om een kwalita­ tieve impuls te geven aan de gevels. Denk hierbij aan herstel van de historie, maar ook aan een goede aanlichting of informatievoorziening. ▪ Aan de oostflank staat een reeks architectonisch bijzondere gebouwen van de voormalige Nederlandse Bank tot het voormalig Kantongerecht. Deze bebouwing moet gekoesterd worden en begeleidt de zichtlijn van de Catharinakerk naar het Stadhuis. ▪ Het Stadhuis is een gemeentelijk monument en het belangrijkste gebouw aan het plein.

Kantongerecht (beeld Property Match)

38 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

3.2 Historisch stratenpatroon Het historisch stratenpatroon is een belangrijke drager van de cultuurhistorie van de Eindhovense binnen­ stad. De Wal maakt onderdeel uit van dit historisch stratenpatroon, als onderdeel van de binnenring. De bin­ nenring onderscheidt zich ten opzichte van andere historische straten in de binnenstad door een afwijkende ontwikkeling met een breder profiel en grotere bouwvolumes. Denk hierbij aan voorbeelden als de Lichttoren met de Witte Dame. Deze historie van de binnenring geeft aanleiding om anders met dit deel van het historisch stratenpatroon om te gaan. De hoogste bebouwing ligt daarom aan de Wal. Richting het Stratumseind neemt de hoogte af.

| 39

4

openbare ruimte en groen De gemeente pakt een actieve rol in het ontwerp en de inrichting van het Stadhuisplein en omliggende openbare ruimte. We starten met een masterplan openbare ruimte voor het ge­ bied, waarin de samenhang tussen plinten, binnenhoven, pleinen en straten wordt gelegd. Daarna volgt de uitwerking in inrichtingsplannen. Het groen, de functie van het plein en de invulling van de plinten zijn bepalend voor de aan­ trekkelijkheid van het gebied. Het verplaatsen van de entree van de parkeergarage naar de Wal moet nader onderzocht worden. Ieder richt haar eigendom in binnen de kaders van het masterplan, waarin onderstaande aspecten een plek krijgen.

4.1 Openbare ruimte Plein Het Stadhuisplein is één van de grote pleinen van het centrum en speelt een belangrijke rol in de beleving van de openbare ruimte, en daarmee van de stad. Waar straten vooral een doorstroomfunctie hebben, kan een plein ook een rustpunt, ontmoetingsplek of feestlocatie zijn. Het is de plek waar markten en evenementen plaatsvinden, waar het bruist en waar ge­ feest wordt, gerouwd en getrouwd. Maar waar het de volgende ochtend ook weer heel rustig kan zijn. De grote pleinen zijn ook vaak visitekaartjes van de stad. Het laat aan bezoekers zien waar de stad voor staat. Plekken met historie, maar zeker ook eigentijds en met ruimte voor de toekomst. Het Stadhuisplein wordt gebruikt bij evenementen, maar er is ook behoefte aan meer groen, ruimte om te bewegen, of juist rustig te zitten. Het gebruik zal dus veranderen in de tijd: per dag, per week of per seizoen. Dat vraagt om een stevige (ingetogen) basisinrichting, aange­ vuld met flexibele elementen. Vaste elementen vinden een plek in de randen van het plein, en afwisselend wordt het plein gevuld met andere elementen of functies. Het Stadhuisplein heeft veel gemeen met de andere grote pleinen in de stad, maar is ook duidelijk anders.

Waar we de Markt nog zouden kunnen typeren als bourgondisch gezellig en bijna ‘dorps’, en het 18 Septemberplein als een druk en dynamisch winkelplein, streven we bij het Stadhuisplein naar termen als representatief, hoogstedelijk, viering en (jong) ­monumentaal.

40 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Het plein en de pleinzoom Voor de herinrichting van de openbare ruimte zoeken we aansluiting bij de uitgangspunten die ook voor de rest van de binnenstad bepaald worden. Belangrijk daarbij is dat het plein als een bijzondere plek wordt gezien binnen het stratennetwerk. Onderstaande afbeelding toont het principe van het plein binnen het stratennetwerk. Basisprincipe is een plein tussen straten en stoepen. De straten en stoepen is de ruimte waar de functies in de plint en de openbare ruimte elkaar ontmoeten. Deze zo­ genaamde zoom van het plein kan ingezet worden voor allerlei elementen. Denk aan meubilair, kunst of groen. De zoom draagt bij aan de verblijfskwaliteit en biedt buitenruimte voor de publieke functies rondom het plein.

| 41

Het plein wordt via een nieuw aan te leggen stratennetwerk letterlijk verbonden met andere pleinen en ­plekken in het centrum. Binnenhoven en doorsteekjes in ontwikkelingen rondom het Stadhuisplein zorgen voor een fijnmazige aansluiting van het plein met de omgeving. Samen met de herinrichting van de Wal tot een autoluwe en groene stadsboulevard en het doortrekken van het Dommelpark rond het Stadhuis, ligt het Stadhuisplein sterker in het stedelijk weefsel van het centrum. We kiezen voor een groene omgeving met een gedeeltelijk verhard plein, waarmee we aangeven dat groen het vertrekpunt is in plaats van dat we op zoek gaan naar mogelijkheden om te vergroenen. Overige stedelijke pleinruimtes Er zijn nog drie pleinruimtes te onderscheiden binnen het plangebied. Het plein naast de Catharinakerk ont­ leent zijn identiteit vooral aan de Catharinakerk en de vele functionele elementen die hier een plek hebben. Deze pleinruimte verdient een upgrade. Het plein tussen het Stadhuis en Designhuis krijgt momenteel een nieuwe groene inrichting en in 2022 wordt het pleintje op Stratumseind heringericht.

Legenda

1. Stadhuisplein 2. Begijnenhof 3. Designhuis plantsoen 4. Pleintje Stratumseind

Opbouw van de stedelijke ruimtes

42 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Wal, Begijnenhof en Oude Stadsgracht Alle pleinen staan met elkaar in verbinding en binnen het plangebied bevindt zich naast het Stadhuisplein meer openbare ruimte. Denk hierbij aan de Wal, de Begijnenhof en de Oude Stadsgracht. Deze spelen een belangrijke rol als het gaat om de verankering van de omgeving in het binnenstedelijk weefsel. De inrich­ ting van deze verbindende ruimtes volgt het stoep-straat-stoep principe en geeft een tijdloos en modern straatbeeld, door de asfalt rijloper tussen een accentband van natuursteen en aan weerszijden de steen met ­Eindhovense signatuur. Met name de nieuwe inrichting van de Wal kan bepalend zijn. Voor die laatste geldt dat de inrichtings­principes zoals toegepast op de Vestdijk leidend zijn.

Vestdijk als referentiebeeld voor de Wal

Uitgangspunten openbare ruimte ▪ Ruimtelijke basis: verankering in het stedelijk netwerk. ▪ Groen en ook water als vertrekpunt voor de herinrichting. ▪ Uniek plein binnen de omlijsting van groen en stratennetwerk. ▪ Ruimte voor innovatieve ontwerpoplossingen. ▪ Aandacht voor aanhaking van binnenhoven, doorsteekjes en trappen naar daklandschap. ▪ Interactie met de plinten in de zoom. Naast groen is hier ook ruimte voor kunstwerken, banken, planten, intieme verlichting, voorzieningen. ▪ Auto’s (en zoveel mogelijk fietsers) van het pleinvlak af. ▪ Bij nieuwe ontwikkelingen wordt in een vroeg stadium een oplossing bedacht voor afvalinzameling, ­bevoorrading, laden en lossen, die de openbare ruimte niet mogen belasten. Noodzakelijke ruimte voor hulpdiensten wordt slim ingepast in het ontwerp.

| 43

Legenda Pleinvlak

Daken EHV laag vergroend

Pleinzoom

Zoekgebied groen binnenhof

Plek

Nieuwe verbindingen

Openbare ruimte vergroend

Stadhuis

Dommelzone

Uitgangspunten inrichting openbare ruimte

4.2 Groen en water Een toekomstbestendige stad is ook een klimaatadaptieve stad. Natuurinclusieve maatregelen zoals vergroe­ ning en watergerichte maatregelen dragen bij aan het klimaatadaptief maken van de binnenstad. Het Stad­ huisplein kenmerkt zich momenteel door een grijs en versteend uiterlijk. Terwijl groen juist een essentiële bijdrage levert aan een gezonde, leefbare en toekomstbestendige stad. Met klimaatadaptieve maatregelen (vergroenen en water management) wapenen we ons tegen de gevolgen van hittegolven, langere periodes van droogte en heviger regenbuien. Verharding houdt hitte vast, ook ’s nachts en door groen en waar mogelijk ook water toe te voegen is hitte te bestrijden. Ook de nabijheid van de Dommel biedt hier veel kansen. De Dommel in een groene setting levert de achtergrond waarvoor het Stadhuis staat.

44 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

Groen kan de historische structuren benadrukken of de historie kan inspiratiebron zijn voor het terugbrengen van groen en water. Het toegepaste groen heeft meerdere functies. Functioneel groen heeft naast recreatief gebruik een waarde voor schaduwwerking, verdamping, biodiversiteit, productie en/of waterberging.

Uitgangspunten ▪ Om onder andere de klimaatadaptatie te versterken wordt zoveel mogelijk groen en blauw toegevoegd. ▪ Groen is vertrekpunt. Er wordt gestreefd naar maximale vergroening van de openbare ruimte en gebouwen, denk aan gevels, balkons en daken. Groen is een belangrijk onderdeel van de randen rondom het plein. ▪ Verharde binnenhoven zijn niet acceptabel. Binnenhoven worden ingezet om door middel van een groene invulling het verblijfsklimaat te verbeteren. ▪ Groen, met name aan de oostflank, kan de verbinding richting de Catharinakerk begeleiden en tegelijkertijd ruimte bieden aan kunst. ▪ Rondom het Stadhuis wordt het groen verder versterkt. ▪ De Wal krijgt dezelfde groene uitstraling als de Vestdijk. ▪ Onderzoek naar toevoegen van nieuwe waterstructuren. ▪ Groene gevels zijn van toegevoegde waarde. Ook is er aandacht voor natuurinclusief bouwen.

4.3 Kunst in de openbare ruimte Op en rondom het Stadhuisplein is veel beeldende kunst in de openbare ruimte aanwezig. In de loop van de jaren is dit uitgegroeid tot een aanzienlijke collectie. In de huidige setting komen deze kunstuitingen niet altijd volledig tot zijn recht. De herinrichting van de locatie is bij uitstek het moment om deze kunstelementen op hun waarde in te schat­ ten en waar mogelijk opnieuw in te passen, al dan niet in een groene setting. De zoom rondom het plein biedt de mogelijkheden hiervoor. Het is van belang dat de plaatsing niet alleen in de context van het plein, maar in die van de hele binnenstad bekeken wordt.

| 45

5

duurzaamheid We streven naar een gezonde en toekomstbestendige binnenstad. Bebouwing wordt voorzien van duurzame energie, gezonde en circulaire materialen worden toegepast en de bebouwing speelt beter in op de gevolgen van klimaatverandering. Er wordt ingezet op een zo groot mogelijke bijdrage aan de beperking van de C02 emissie. Beschikbare duurzame bronnen worden zo efficiënt mogelijk benut. De potentie van de bodem wordt als eerste benut. De energievoorziening wordt gebiedsgericht georganiseerd door een Smart Thermal Grid (STG). Een warmtenetwerk met vooraf bepaalde bronposities waarmee optimaal gebruik gemaakt wordt van beschikbare WKO- en aanvullende bronnen. Met de verduurzaming van Stadhuis en Stadhuistoren is de start met het STG al gemaakt. Alle gebruikte materialen zijn vrij van stoffen die voorkomen op de Rode Lijst van LBC/TNS. Materiaalgebruik wordt geregistreerd zodat bekend is waar welk materiaal is toegepast en altijd duidelijk is welke grondstoffen hierdoor later geleverd kunnen worden en welke waarde dat vertegenwoordigt. Uitgangspunten ▪ Alle nieuwe ontwikkelingen sluiten aan op het warmtenetwerk. ▪ Er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van duurzame, gezonde, herbruikbare, circulaire materialen. Waar mogelijk wordt flexibel en demontabel gebouwd.

46 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

6

mobiliteit Voor het gehele centrum geldt dat dit vooral het domein is van voetgangers en fietsers. De auto is te gast. We zetten in op duurzame mobiliteit, minimalisering van en het zoveel ­mogelijk terugdringen van het gebruik van fossiele brandstoffen. Lopen, fietsen, deel­ mobiliteit en het gebruik van openbaar vervoer wordt bevorderd op en rond het Stadhuis­ plein. Ook een gezamenlijk inlever- en uitgiftepunt voor pakketdiensten draagt bij aan duurzame mobiliteitsoplossingen. Voor auto- , fietsparkeren en (deel)mobiliteit gelden de uitgangspunten volgens de dan ­geldende parkeernormennota. Omdat er al veel (ondergrondse) parkeervoorzieningen aan­ wezig zijn in deze omgeving, zijn nieuwe autoparkeervoorzieningen niet nodig. Uitbreiding op de bestaande parkeervoorzieningen is alleen toegestaan onder het plot aan de noord­ zijde van het plein. De resterende parkeerbehoefte van alle andere ontwikkelingen wordt geminimaliseerd door de inzet van duurzame mobiliteitsoplossingen (m.n. deelmobiliteit; ­mobiliteitsplan) en wordt binnen de ontwikkeling opgevangen. Daarnaast wordt in de openbare ruimte gereserveerd voor het stallen van deelmobiliteit (elektrische deelfietsen en deelscooters) zodat het herkenbaar, zichtbaar en aantrekkelijk is. Er is behoefte aan meer openbaar fietsparkeren.

Een voorziening voor 500 – 750 fietspar­ keerplekken moet worden geïntegreerd in een gebouw met ruimte voor 100 tweewielige deelvoertuigen/deelfietsen en uitstekend toegankelijk zijn en bij voorkeur op maaiveld. Oplossingen op -1 of +1 zijn ook mogelijk, mits goed en makkelijk toegankelijk. Recent zijn de kwaliteitseisen voor gebouwd fietsparkeren vastgesteld. Uitgangspunten ▪ Collectieve mobiliteitsoplossingen voor alle nieuwe ontwikkelingen samen. ▪ De parkeerbehoefte (auto) voor bezoek wordt opgevangen in de reeds beschikbare open­ bare parkeergarages in het centrum. Alleen voor deelmobiliteit geldt een uitzondering. ▪ Goede (collectieve) voorzieningen voor deelmobiliteit liggen op een aantrekkelijke, toe­ gankelijke en zichtbare locatie voor gebruikers. ▪ Een openbare fietsenstalling (al dan niet gecombineerd met de stalling voor de ­ontwikkelingen) maakt onderdeel uit van de ontwikkeling. ▪ Onderzoek naar verplaatsen entree parkeergarage naar de Wal.

| 47

7

programma Het Stadhuisplein vraagt om invulling van de bebouwing die bijdraagt aan het huiskamer­ gevoel in een stedelijke omgeving. Een mix van functies waaronder wonen, werken, horeca (beperkt), ontspanning en zorg dragen bij aan een omgeving waar op verschillende momen­ ten van de dag reuring is.

7.1 Wonen Kwantiteit In het Woonprogramma zijn uitgangspunten benoemd met het doel dat huidige en toe­ komstige inwoners van onze stad een passende woning kunnen vinden. Voor nieuwe ont­ wikkelingen gaat het anno 2021 om de percentages in de volgende tabel: Categorie

Huur Sociale huur Middenhuur Duur Koop Goedkoop Middelduur Duur

aandeel

Prijspeil 2021

20% 20% 5%

< € 752,33 € 752,33 - € 1.000 > € 1.000

30% 15% 10%

< 210.000 € 210.000 - € 360.000 > € 360.000

Voor de ontwikkelingen op het plot aan de noordzijde zijn eerder afspraken gemaakt ten aanzien van het programma. Deze ontwikkeling telt dan ook niet mee in de procentuele ­verdeling van het programma. Naar verhouding worden er momenteel te veel middeldure en dure huurwoningen toegevoegd en te weinig goedkope koopwoningen. Een uitdaging is om juist de categorie van goedkope koop – al dan niet in combinatie met een slimme financierings­constructie – een plaats te geven binnen het gebied Stadhuisplein. Kwaliteit Omdat de woonwensen mede door de Corona-pandemie zijn veranderd, zal het essentieel zijn om in de binnenstad innovatieve projecten te ontwikkelen van uitstekende (woon-) kwaliteit. Hierbij moet onder andere ingesprongen worden op de wens van mensen om meer ruimte te hebben voor het (thuis)werken en voor meer sociaal contact. De sleutel voor aan­ trekkelijke woonprojecten ligt hierdoor naast de kwaliteit van de woningen zelf, zeker ook bij een boeiende functiemix, bij extra (gedeelde) voorzieningen en bij een hoge kwaliteit van de (semi-) publieke ruimte. Voorbeelden zijn:

48 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

▪ Co-working ruimten: in plaats van één of twee extra werkkamers per appartement, kunnen er gezamen­ lijke (thuis)werkruimten in het gebouw worden ingericht, waar goede werkvoorzieningen zijn (koffiehoek, dataverbindingen, copyshop, vergaderlokalen) en waar ook kruisbestuiving tussen gebruikers wordt ­gefaciliteerd. ▪ Gedeelde ruimten, zowel binnen als buiten: bewoners en andere gebruikers moeten elkaar kunnen ontmoe­ ten, een feestje kunnen geven, of gewoon even buiten kunnen genieten van het zonnetje. Per appartement is de ruimte vaak te beperkt en zijn de kosten te hoog, maar voor het geheel kan dit wel worden gerealiseerd. Bewoners moeten zich ook in tijden van een pandemie veilig voelen in het gebouw. Hiervoor moeten de entree, gangen, liften, etc. ruimer worden dan vandaag. ▪ Gedeelde voorzieningen, bijvoorbeeld een ruimte om te sporten, waar de was kan worden gedaan, een ­werkatelier om te klussen, enzovoort. ▪ Bied plaats aan vernieuwende woonvormen, zoals woongemeenschappen, of aan intensieve mix van ­verschillende bewonersgroepen die elkaar willen ondersteunen. Uitgangspunten ▪W  oningbouwaanbod van de nieuwe ontwikkelingen (exclusief plot aan de noordzijde) tezamen conform het dan geldende Woonprogramma. ▪ Afwijken van het woonprogramma is mogelijk als daarmee voorzien wordt in een tekort aan een woningtype in de binnenstad.

▪G  rootschalige appartementsgebouwen kennen co-working ruimten, gedeelde ruimten en gedeelde ­voorzieningen.

7.2 Plinten De aantrekkingskracht van de omgeving wordt voor een belangrijk deel gevormd door de plinten, de begane grond. Het gaat hier vaak maar om 10% van een gebouw, maar zorgt voor 90% van de beleving van de stad. De plint vormt samen met de openbare ruimte de drager van het samenhangende geheel van de verblijfskwaliteit op straatniveau en is onontbeerlijk voor aantrekkelijke stedelijke woon-, werk- en verblijfsmilieus. Met de nieuwe ontwikkelingen komen er veel meters aan plintruimte bij die op een kwalitatieve manier geactiveerd moeten worden. Om de samenhang te waarborgen is een gezamenlijke, integrale plintenstrategie een belangrijke voorwaarde voor succes. De strategie bevat in ieder geval een duidelijke omschrijving van de gewenste positionering van het gebied, een inhoudelijke verdeling van de plint op functie en brancheniveau, de samenwerkingsvorm van de eigenaren en de manier waarop het curatorschap wordt uitgevoerd. De markt en haar aanbod is dynamisch, in de loop van de tijd zullen zich elke keer nieuwe kansen en knelpun­ ten openbaren. Dit vraagt om een flexibele aanpak van alle betrokkenen. Er is geen standaard aanpak. Ieder gebouw, iedere plint is door zijn ligging en volume uniek en de dynamiek van de markt vraagt steeds om het vermogen tot aanpassing en bijsturing.

Daarom kiezen we niet voor een vooraf ‘bedachte’ invulling per plint, maar vragen we om het belang van de kwaliteit van de plint verankerd te laten zijn in het denken en handelen van alle betrokkenen. | 49

Rond het Stadhuisplein streven we naar voorzieningen en activiteiten die iets toevoegen aan het bestaand programma in de stad en op een breed publiek gericht zijn. Er is een hoge mate van synergie tussen events, innovatie, cultuur, expositie en uitgaan. Er zijn diverse functies die kunnen landen rondom het plein. Denk aan (maatschappelijk) dienstverlening, sport, welzijn, zorg, onderwijs (lagere school, kinderopvang, buiten­ schoolse opvang), vrije beroepen, cultuur, horeca (beperkt en onder voorwaarden), kantoor (incl. trainings­ ruimten) creatieve industrie, maker-spaces, ateliers. Een hotel behoort wel tot de mogelijkheden, maar moet een aanvulling zijn op het huidige aanbod, vanwege de verzadiging van de zakelijk hotelmarkt. Ruimte boven het niveau van de plint wordt voornamelijk ingezet met de functie wonen. Daarnaast is er ­beperkt ruimte voor andere functies. Uitgangspunten ▪ Om de samenhang te waarborgen is een gezamenlijke, integrale plintenstrategie een belangrijke voorwaar­ de voor succes. ▪D  e plint niet direct aan het Stadhuisplein gelegen (aan de Oude Stadsgracht, Begijnenhof of aan een nieuw te creëren binnenhof) kan ook de functie van wonen krijgen. Gemeenschappelijke voorzieningen genoemd in 7.1 kunnen ook invulling geven aan de plinten.

▪H  et overige aanbod in de plint, niet zijnde woningen, bestaat uit: ▫ 40% van de totale plint: een mix van maker spaces en ateliers, co-working spaces, commerciële dienstverlening, vrije beroepen, horeca inclusief consumentgericht hotel (horeca beperkt en onder ­voorwaarden). ▫ 40% van de totale plint: een mix van zorg en welzijn, onderwijs, kinderopvang, speellandschap, sport, kunst en cultuur, oplossingen voor bewoners en bezoekers zoals gezamenlijke ruimtes voor ontmoeting/ verblijf en voorzieningen zoals (openbare) wasserettes en klus-/hobbyruimtes. ▫ 20% activatie van de ruimte door aanbod van groen en eventueel water. Oplossingen voor mobiliteits­ vraagstukken, zoals ingangen voor fiets en auto parkeren. ▪ Plinten dienen een multifunctionele invulling te krijgen waarbij de financiële opbrengst van ondergeschikt belang is.

7.3 Plein Het Stadhuisplein is en blijft een plein waar ruimte is voor kleine en grote evenementen. Het aantal evene­ menten wijzigt niet. Het huidige locatieprofiel blijft leidend. Dit betekent concreet dat grootschalige ­evenementen dus op Stadhuisplein plaats kunnen blijven vinden, evenals manifestaties. Bij actualisatie van het locatieprofiel is de kans groot dat het Stadhuisplein de functie van evenementen- en manifestatie­ plein behoudt. Er blijft ook plek voor urban sporters op het plein. Een veranderende inrichting kan gevolgen hebben voor het aantal en de aard van evenementen. Dat moet afgestemd worden met het dan geldende ­locatieprofielen. Uitgangspunten ▪ Het Stadhuisplein blijft de plek in de stad voor grootschalige evenementen en manifestaties. ▪ Een nieuwe inrichting wordt afgestemd op het dan geldende locatieprofiel. ▪ Groen geldt als vertrekpunt bij de herinrichting. ▪ Er blijft ruimte voor urban sporters.

50 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

| 51

8

veiligheid 8.1 Veiligheid Fysieke en sociale veiligheid zijn essentieel om rondom het Stadhuisplein prettig te kunnen wonen, werken en verblijven. We willen ontwikkelaars uitdagen om op innovatieve wijze de fysieke veiligheid in en om de gebouwen te borgen. Als vanzelfsprekend is er bij elke ontwik­ keling aandacht voor bereikbaarheid en opstelruimte voor hulpdiensten en is de handreiking ‘Brandveiligheid in hoge gebouwen’ (SBRCURnet, 2014) van toepassing bij hoogbouw. Sociale veiligheid is een belangrijk uitgangspunt voor een leefbare binnenstad. Nieuwe ­initiatieven gaan gepaard met een duidelijke visie over hoe ontmoeting en verbinding wor­ den gestimuleerd in en rondom het gebouw. Ook grote bouwmassa’s hebben voldoende menselijke maat en verliezen de sociale component niet uit het oog. Nieuwe ontwikkelingen voldoen aan het VN Verdrag voor gelijke rechten voor mensen met een beperking. Uitgangspunten ▪ Collectieve ruimten en ontmoetingsplekken zijn uitnodigend en van goede kwaliteit. Ze werken tegen anonimiteit en eenzaamheid en vergroten het wooncomfort. ▪ Stallingen, liften en trappenhuizen worden zo transparant mogelijk vormgegeven om ­anonieme ruimtes tegen te gaan.

8.2 Zon en schaduw In de Verdichtingsvisie Binnenstad is het Stadhuisplein aangewezen als één van de zoge­ naamde sunspots in de binnenstad. Dat wil zeggen dat we het Stadhuisplein zien als een plek waar altijd voldoende zon blijft voor een aangenaam verblijfsklimaat. Tegelijkertijd kan te veel zon ook nadelig zijn voor het verblijfsklimaat. Daarom is bij de gekozen principes voor de invulling van de Brainport laag rondom het plein rekening gehouden met de positie van de zon t.o.v. het Stadhuisplein. Zo ontstaat er wel schaduw, maar is er ook ruimte voor zon. Uitgangspunten zon ▪ Bij elk plan moet de initiatiefnemer een bezonningsonderzoek laten doen naar de effecten van het plan op de directe omgeving en de sunspot. ▪ Met name de bebouwing ten westen van de Wal heeft invloed op de bezonning van het Stadhuisplein en moet zorgvuldig ontworpen worden.

52 | Integraal Gebiedskader Stadhuisplein

8.3 Wind Daarnaast is aandacht voor wind en windhinder ook essentieel voor een prettig verblijfsklimaat. Samen met zon en schaduw speelt wind een belangrijke rol bij het microklimaat dat op en rondom het plein ontstaat. Door te kiezen voor een opzet van een Eindhovense laag met daarboven een Brainport laag, worden rechte gebouwen en de bijbehorende valwinden voorkomen. De verblijfskwaliteit is niet alleen op het Stadhuisplein van belang maar ook een aandachtspunt is in de omliggende omgeving, de nieuwe steegjes, binnenhoven en openbare daken. Uitgangspunten wind ▪B  ij elk plan moet de initiatiefnemer een windhinderonderzoek laten doen. Resultaten dienen afgestemd te worden met de gemeente. ▪ Zoals opgenomen in de Beleidsregel Windhinder Eindhoven moet windhinder en windgevaar conform NEN 8100:2006 in beeld worden gebracht. ▪ Uitgangspunt is dat er verblijfskwaliteit blijft bestaan voor de omliggende omgeving. Als uit onderzoek blijkt dat er sprake is van negatieve effecten moeten in overleg met de gemeente verbeteringen in het ontwerp worden gedaan.

8.4 Sport en bewegen Door sport en bewegen te faciliteren ontstaat de hele dag reuring en trek naar het Stadhuisplein. Aandacht voor sport en bewegen is heel eenvoudig te organiseren. Het gaat niet om grote investeringen maar vooral om integratie in het ontwerp. We onderscheiden twee hoofddoelgroepen voor sport en bewegen in dit gebied: bewoners van het Stadhuisplein en directe omgeving (inclusief werknemers kantoren/gemeente) en urban sporters. Bewoners Met een visueel afspreekpunt vanwaar mensen samen kunnen gaan hardlopen of fietsen krijgt het Stadhuis­ plein op eenvoudige wijze expliciet een sportfunctie en een gezonde uitstraling mee. Vanaf deze plek zijn ­­ ren- of fietsroutes richting Genneper Parken te volgen. Maar bijvoorbeeld ook in relatie tot ANWB-routes en het Rondje Eindhoven. Een door planten omgeven grasveldje voor bootcamps clubs, yoga en tai chi in de openbare ruimte is ge­ wenst. Dit hoeft niet groot te zijn, kan ook een strip zijn, wel liefst een rechthoek met groepjes van zit­ elementen. Het is belangrijk dat hier licht is tot laat op de avond.

| 53

Urban sporters Door banken aan weerzijden van een helling te plaatsen kunnen skateboarders, skaters en fietser er ­gebruik van maken. Daarnaast worden skaters en skateboarders maar ook freerunners heel blij van trappen en ­leuningen. De community denkt graag mee over geschikt meubilair. Ook gevels die niet haaks de straat raken maar doorlopen in het trottoir en als skateramp gebruikt kunnen worden, zouden uniek zijn in E ­ indhoven. Je zou ook nog kunnen denken aan een skate ’goot’. Deze kan ook dienen als waterberging bij ernstige ­regenbuien.

Referentiebeelden voorzieningen urban sporters

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11744271/1